Home Blog Pagina 676

Laat het ‘schakelen’ maar aan Michel van der Harst over van VDL

Michel van der Harst is de gedreven jeugdvoorzitter van VDL die de waarden en normen van de club uitdraagt. “Een goede of minder goede voetballer, iedereen moet zich hier thuis voelen.”

‘Schakelen’ naar een nieuwe situatie is Van der Harst, vijftig jaar jong, wel toevertrouwd. Als manager van één van de grootste horecagroothandels van het land wordt hij dagelijks geconfronteerd met de impact die de coronamaatregelen hebben op de sector. “Het is zonder  corona al een markt die constant in beweging is”, zegt de Maassluizer. “De prijzen voor de grondstoffen zijn de afgelopen jaar omhooggeschoten. De prijs van een pakje boter is twee keer zo hoog geworden.”

ZZP_Timmerteam

Ook in zijn rol als jeugdvoorzitter moest hij de afgelopen twee jaar meer dan eens schakelen. “Het is niet leuk als er weer een pakket maatregelen op je wordt afgeschoten, maar wij hebben bij VDL een groep vrijwilligers dat niet zeurt en kijkt wat er nog wél mogelijk is. We doen er alles aan om onze jeugd binnen de grenzen van de maatregelen te laten voetballen. Ik ben er best trots op dat we in coronatijd zelfs gegroeid zijn. Blijkbaar hebben we het goed gedaan.”

Van der Harst voetbalde zelf bij MSV’71 in de jeugd. “We woonden met de familie in de wijk. Zo is onze zoon ook lid geworden van VDL, al heb ik bij deze en gene nog wel nagevraagd wat een leuke club is in Maassluis. We hebben immers drie clubs hier. Gemoedelijke, echte familieclub zeiden ze over VDL. Dat kan ik na tien jaar alleen maar beamen. Doordat ik geen type ben dat toekijkt, heb ik me, nadat die kleine is gaan voetballen – de kleine is inmiddels de grote en speelt in de JO17 – , snel aangemeld als vrijwilliger. Eerst als leider, later als trainer en coördinator. Een seizoen of drie geleden ben ik gevraagd als voorzitter van de jeugd. Er was toen nog geen jeugdbestuur, maar dat was wel nodig omdat we fors aan het groeien waren. We hebben de organisatie van bovenaf wat breder gemaakt. We hebben nu een jeugdbestuur van vijf leden, met daaronder de coördinatoren per leeftijdslijn en weer daardoor de trainers van de verschillende jeugdteams.”

Een brede organisatie is volgens Van der Harst geen overbodige luxe, nu de jeugdtak elk jaar met vijf procent groeit. “Ik heb net nog even gekeken wat de laatste ledenstand was. We hebben 388 leden. 245 jongens en 143 meisjes. Dat we zó gegroeid zijn hebben we vooral te danken aan de meisjes. De verhouding is inmiddels tweederde jongens en een derde meisjes.”

Dat VDL populair is bij de meisjes heeft ook te maken met het beleid van de club. “Een goede of mindere voetballer, iedereen moet zich hier thuis voelen”, zegt Van der Harst. “Ik ben daar zelf erg van. Mijn prioriteit is dat iedereen met plezier traint en speelt. De JO13-4 is mij even lief als de JO13-1. Alle jeugdteams trainen ook allemaal twee keer. Daar maken wij geen onderscheid in.”

“Natuurlijk hebben we onze sportieve ambities – we streven voor elke leeftijdscategorie de tweede klasse na – maar dat zal nooit ten koste gaan van het plezier. Dat betekent dat er talentvolle spelers vertrekken. Dat is helemaal niet erg. Die wensen we veel succes en zeggen daarbij dat de deur altijd open blijft staan voor VDL.”

Klik hier voor meer informatie over VDL
Lees hier meer artikelen over VDL

Stefano Gonsalves piekt met Zwaluwen

Zwaluwen Vlaardingen kende een meer dan uitstekende eerste competitiehelft. Volledig tegen de verwachtingen in stond de Vlaardingse hoofdklasser wekenlang op kop van het klassement en won de eerste periodetitel. “We zijn een echt team”, aldus Stefano Gonsalves.

ZZP_Timmerteam

De 34-jarige aanvoerder is de verpersoonlijking van het huidige Zwaluwen. Hard werken voor elkaar en altijd het teambelang voorop stellend. Als nummer zes dicht de Schiedammer de gaatjes op het middenveld en houdt de linies aaneen gesloten.

Dat Zwaluwen na dertien wedstrijden al 25 punten heeft, verbaast Gonsalves echter ook. “We zijn in de hoofdklasse misschien wel de club met het kleinste spelersbudget”, zegt de verdedigende middenvelder. “Dan verwacht je niet dat je lange tijd op kop van het klassement sta. Voor ons is het een geweldig compliment.”

Gonsalves was in de zomer van 2020 één van de vele nieuwkomers aan de Zwaluwenlaan. Achteraf gezien, zo denkt hij, kwam de lockdown niet zo slecht uit voor de Vlaardingse club. “Op drie spelers na was de selectie nieuw. Doordat de competitie vanwege corona al snel stil kwam te liggen, hebben we zonder tijdsdruk en in alle rust kunnen sleutelen aan het spelconcept. Dat we van 4-3-3 naar 5-2-3 zijn overgestapt heeft ons veel goed gedaan. Het heeft voor veel verdedigende zekerheden gezorgd. Niet dat we verdedigend spelen, maar we hebben nu wel meer controle dan dat we vorig seizoen hadden.”

Met zijn ervaring is Gonsalves goud waard voor Zwaluwen, dat hem in de zomer van 2020 oppikte bij Smitshoek. De zoon van een Portugese vader en Nederlandse moeder stond als twintigjarige voor de deur van het profvoetbal bij Excelsior. “Het laatste stapje heb ik niet kunnen nemen”, blikt hij terug. “Ik speelde in het tweede van Excelsior en speelde tegen MVV 2 en VVV 2. Minuten in het eerste elftal heb ik nooit gemaakt. Ik heb één keer op de bank gezeten bij een bekerwedstrijd.”

Op zijn 21ste koos hij bewust voor een ander pak. “Ik was bezig met mijn studie commerciële economie en sportmarketing. Ik had niet het idee dat het betaald voetbal iets zou worden. Ik kan me nog goed herinneren dat Marco van Lochem, hoofd jeugdopleidingen bij Excelsior, zei dat maar twee van iedere generatie het betaald voetbal zou gaan halen. Ik heb gekozen voor een maatschappelijke loopbaan en daarmee automatisch voor het amateurvoetbal.”

Hij diende mooie clubs als Noordwijk en droeg zelfs één seizoen het klassieke rood-wit van IJsselmeervogels. “Ze zijn in Spakenburg voetbalgek en ik vond het mooi om dat mee te maken. Jammer genoeg hadden we dat seizoen geen goed jaar. Ik heb wel twee derby’s gespeeld tegen Spakenburg. Dat was een gekkenhuis. We verloren een keer, maar wonnen ook een keer, met 3-0. Toen werd er tot laat doorgefeest in de sporthal.”

Zijn mooiste tijd beleefde hij bij Noordwijk. “Ik heb er twee periodes gespeeld. De eerste periode, vóór IJsselmeervogels, was de beste. De beleving van het voetbal in de Bollenstreek is enorm. In die jaren deden we mee in de top en was ik ook belangrijk. Mijn tweede periode was minder. We degradeerden in het eerste seizoen en misten daarna twee keer promotie. Omdat ik vader was geworden, ben ik terug naar de Rotterdamse regio gegaan. Ik heb twee seizoenen bij Spijkenisse gespeeld en één seizoen bij Smitshoek.”

Nu zorgt hij voor de balans in het elftal van Zwaluwen. “We hebben zeker niet de beste spelers in de hoofdklasse, maar als team zijn we lastig te kloppen. Binnen de club is iedereen altijd realistisch geweest: de koppositie was tijdelijk. Meedoen om het kampioenschap, dat zie ik niet gebeuren. Maar voorlopig staan we wel derde en dat is iets om heel trots op te zijn.”

Meer informatie over VV Zwaluwen? Klik hier.
Klik hier meer artikelen over VV Zwaluwen.

Ton Pattinama: Deltasport gaat in nieuwe jaar klimmen

Een twaalfde plaats in de competitie met tot nu toe slechts één overwinning. Maar trainer Ton Pattinama schiet niet in de stress over zijn Deltasport. “We gaan heus klimmen in het nieuwe jaar.”

Deltasport pakte in het eerste deel van de competitie zes punten uit acht duels. Pattinama zegt desondanks ‘gematigd’ tevreden te zijn. “Natuurlijk had ik gehoopt hoger te staan in het klassement, maar gezien de omstandigheden ben ik beslist niet ontevreden over hoe de ploeg zich manifesteert in wedstrijden. De resultaten vallen wat tegen, maar we doen vaak niet onder voor onze tegenstanders. Neem de wedstrijden tegen Hellevoetsluis en DCV, de huidige nummers één en twee van het klassement. Daarin waren we minimaal gelijkwaardig. Tegen Hellevoetsluis werd het 1-1, tegen DCV verloren we met 1-0.”

ZZP_Timmerteam

Pattinama kent ook het pijnpunt en de oorzaak dat zijn team in zijn ogen te laag staat in het klassement. De selectie mag dan op papier in omvang groot genoeg zijn, in de praktijd had de oefenmeester maar twaalf, dertien spelers tot zijn beschikking. “We hebben veel spelers die werken in de haven, in continu-diensten, die daardoor trainingen moeten missen. En dat heeft weer zijn weerslag op de fitheid. Als het om één of twee jongens gaat valt de impact daarvan nog mee, maar niet als het om veel meer spelers gaat. De oplossing: meer trainingsarbeid. Vandaar dat we in de winterstop vrijwel doortrainen. Als het met de fitheid beter is, ben ik ervan overtuigd dat we in het klassement gaan stijgen.”

Pattinama begint wel wat ongeduldig te worden als het gaat om het nieuwe clubgebouw. “Het is alweer drieënhalf jaar geleden dat de brand het clubgebouw verwoestte en er is nog niets tastbaars gebeurd. Ik zit zelf niet in de bouwcommissie, die overlegt met de gemeente, maar het wordt wel tijd dat er iets gaat gebeuren.”

De huidige accommodatie van de club is een kind van improvisatie. De bestuurskamer werd omgebouwd tot kantine. “De kantine loopt wonderwel nog heel goed”, zegt Pattinama. “We halen, als er geen coronamaatregelen zijn, dezelfde omzet als in de oude kantine. Grote probleem is dat we maar twee kleedkamers hebben. Daardoor hebben we een soort van ledenstop moeten invoeren. We hebben zeven elftallen en meer kan gewoon niet. We zitten te springen om een nieuwe toekomst.”

Klik hier voor meer informatie over Deltasport
Lees hier meer artikelen over Deltasport

Excelsior Maassluis en Dogan Corneille halen het beste in elkaar naar boven

Het kwam niet als een verrassing: de aankondiging van Excelsior Maassluis dat Dogan Corneille ook na dit seizoen trainer is aan de Lavendelstraat. De inwoner van Berkel en Rodenrijs kan zijn ei helemaal kwijt en club en spelers profiteren.

Het is alweer bijna twintig jaar geleden dat Corneille vanuit Venlo – de plaats waar hij opgroeide – verhuisde naar het westen van het land. “Ik ben helemaal gewend hier”, zegt hij. “Ik heb een mooie baan bij de gemeente Den Haag en train een geweldige club. Ik rij fluitend naar elke training en wedstrijd.”

ZZP_Timmerteam

De oud-prof van VVV Venlo  lijkt in Maassluis helemaal op zijn plaats. Zijn kwaliteiten om spelers beter te maken een team te ontwikkelen komen bij de tweededivisionist volledig tot hun recht. Voordat hij onlangs bijtekende, maakte Corneille er al geen geheim van dat hij graag bleef bij Excelsior. “De manier waarop bij deze club wordt gedacht over voetbal spreekt me aan. Het is dat, maar ook de wijze waarop het voetbal beleeft wordt. We werken samen aan iets waarvan je weet dat het dynamisch is en altijd doorgaat. Er gaan spelers, er komen spelers, maar de visie blijft hetzelfde.”

Corneille kan bogen op een ruime ervaring als trainer bij Feyenoord (jeugd), Willem II en in de top van het amateurvoetbal. “In voetbal regeert vaak de waan van de dag”, zegt Corneille. “Ik heb me daar nooit zo veel van aangetrokken. Ook niet bij IJsselmeervogels.”

Corneille werd in Spakenburg na drie wedstrijden ontslagen door de club. Hij kwam er alleen maar sterker uit, niet hij maar de betrokken ‘beleidsbepalers’ werden beschadigd. “Ik volgde mijn eigen koers en zou dan bij een volgende keer ook weer doen.”

Waar bij een club als IJsselmeervogels de prestaties onder een microscoop liggen, kenmerkt de omgeving van de Excelsior Maassluis zich door rust en tijd. “Het zijn twee uitersten”, stelt Corneille. “Excelsior is een vreemde eend in de bijt op het niveau van de tweede klasse. We zijn een buitenbeentje. Qua budget kunnen we niets eens concurreren met hoofdklassers Capelle en Sportclub Feyenoord. Maar de club bewijst dat budget niet alles is en dat visie veel belangrijker is.”

Vanaf de eerste dag dat hij de Lavendelstraat inliep, omarmde Corneille die visie. Hij werkt met een ervaren groep basiskrachten die Excelsior al jaren trouw is en een grote bulk aan jeugdig talent, dat aan zijn lippen hangt en zijn voetballessen gretig opslurpt. “Het is natuurlijk een heel verschil of je traint met gearriveerde spelers of met jongens die net komen kijken. Over die eerste groep hoef ik me geen zorgen te maken, want die hebben we niet. Wij denken niet na of we talenten voor de leeuwen gooien, nee we gooien ze. In acht, negen van de tien gevallen komt er uit wat er in zit. Wat wij bij Excelsior Maassluis doen komt voort uit een groot pakket samenwerking. Dat proces vindt plaats in de jeugdopleiding, de technische commissie, de scouting en bij ons in de selectie.”

Ook dit seizoen kan Corneille zich weer ‘verlekkeren’ aan de aanvoer van jeugdig talent. “Het verschil tussen de nummer één en nummer 24 in de selectie is nog niet zo klein geweest”, zegt Corneille, die bij zijn trainingssessies uitgaat van spelprincipes en niet van systemen. Die principes worden tot in de puntjes uit de doeken gedaan voor zijn spelers. “Als de centrale verdedigers de bal breed spelen, moet dat wel gebeuren met een reden: bijvoorbeeld de aanvaller. Van daaruit ontstaat een situatie waarbij één van die centrale verdedigers weer iets moet gaan doen. En dat zorgt ervoor dat andere spelers daar weer op moeten reageren.”

Een spelprincipe van Excelsior Maassluis is dat maar één speler bij de opbouw in de laatste 25 meter voor het doel van de tegenstander staat geposteerd. “Dat betekent meer ruimte en mogelijkheden om dynamisch te spelen”, aldus Corneille.

Klik hier voor meer informatie over Excelsior Maassluis.
Lees hier meer artikelen over Excelsior Maassluis.

Niels Redert waakt over Excelsior-waarden

Hij waakt sinds ruim drie jaar over de Excelsior Maassluis-cultuur. Niels Redert (36) is net als in zijn tijd als speler van de club een echte teamspeler als technisch directeur. “We moeten zuinig zijn op onze dna.”

ZZP_Timmerteam

Eens in de zoveel tijd hijst Redert zich in een voetbaltenue. Zijn prestaties, zo zegt hij zelf, zijn al lang niet meer te vergelijken met de tijd dat hij als verdediger voor de hoofdmacht van Excelsior Maassluis speelde en menig aanvaller een vervelende middag bezorgde. “De aftakeling gaat best snel”, lacht hij. “Zo lang geleden is het niet dat ik afscheid heb genomen: drie jaar. Het moment van mijn afscheid was overigens precies mooi. Tot mijn 31ste was ik zo fris als een hoentje en stond ik na elke training weer vrolijk en fruitig op. Dat veranderde de laatste seizoenen. Pijntje hier, pijntje daar. Dat was het signaal dat het afscheid naderbij kwam.”

Redert kan terugzien op een geweldige loopbaan bij Excelsior Maassluis, met wie hij in het seizoen 2016/2017 algeheel amateurkampioen werd. Dat mooie verleden heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een heden met een fulltime-baan bij Excelsior Rotterdam en een technisch directeur-functie bij Excelsior Maassluis. “Mijn dagen zijn aardig gevuld” zegt hij. “Ik zorg dat ze me thuis regelmatig zien hoor. Ik vind het ontzettend leuk wat ik doe. Het is druk, maar ik haal er veel voldoening uit.”

“Je merkt aan alles dat de tweede divisie het voorportaal van het betaalde voetbal is”, vervolgt hij. “Dagelijks zit mijn mailbox bij de club vol met mailtjes van zaakwaarnemers. Vaak gaat een bericht ook vergezeld van beelden.”

Heel zelden gaat Redert er op in. “Wij zijn geen IJsselmeervogels of Spakenburg. We hebben het geld niet en het is niet de manier waarop we te werk willen gaan.”

Vooral dat laatste onderscheidt Excelsior Maassluis in een competitie die de afgelopen jaren steeds sterker is geworden. De club zoekt het in jong en liefst eigen talent dat in de regio wordt opgepikt. Spelers ook, die volgens Redert willen investeren in zichzelf om beter te worden. “In dat geval bieden wij de faciliteiten. Bij ons kregen die talentvolle spelers eerder een kans dan bij een andere club in de tweede divisie.”

Redert waakt als technisch directeur over die cultuur. Niets is zo verleidelijk om bij het uitblijven van resultaten toch een noodgreep te doen. “Deze club is groot geworden doordat we werken op een andere manier. Eric Gudde heeft als trainer jaren geleden het voortouw genomen. Hoog voetballen met een eigen profiel. De concurrentiestrijd met de grote clubs kunnen we niet winnen op het financiële front, maar we bewijzen al jaren dat we door goed en slim te scouten de juiste spelers aan ons binden en die verder kunnen laten ontwikkelen.”

Om dat mogelijk te maken, maken Redert en Excelsior Maassluis gebruiken van een uitgebreid netwerk. “We zijn partner van Sparta, werken samen met Excelsior en hebben ook contacten met Feyenoord. Onze scouting bestaat uit zes, zeven mensen. Goed kunnen voetballen en het talent hebben om door te groeien is één, maar je moet ook bij onze club passen. Dat geldt ook voor een trainer.”

“Naast talenten zorgen we elk seizoen voor een basis van een aantal spelers. Vaste krachten, zoals nu Daan Blij, Vincent van Berg en Jean-Paul van Leeuwen. Jongens die al jaren voor ons spelen en waarmee het publiek zich kan identificeren en waarvan wij ook weten dat ze niet zo heel snel zullen verkassen naar elders.”

Een herkenbaar elftal – in naam en in voetbal – is belangrijk, maar dat geldt even goed voor de prestaties op het veld. “De ambitie om in de tweede divisie te blijven is groot bij de club. We bewijzen al jaren dat het op onze eigen manier kan, dus handhaven in de tweede divisie blijft ook in de toekomst het hoofddoel.”

Klik hier voor meer informatie over Excelsior Maassluis.
Lees hier meer artikelen over Excelsior Maassluis

Calvin Jongejan jaagt CION aan

Hij kwam niet aan de bak bij Victoria’04, maar een paar honderd meter verderop ontvingen ze hem met open armen. Calvin Jongejan speelt dit seizoen zijn wedstrijden voor tweedeklasser CION, maar een lange neus naar zijn oude club trekt hij niet. “Het loopt zoals het loopt.”

Er zijn minder populaire nummers om mee te spelen. Sinds Jongejan (22) voor CION uitkomt prijkt op de achterkant van zijn shirt het nummer veertien. Veel spelers spelen maar wat graag met het nummer dat verwijst naar Nederlands beste voetballer, Johan Cruyff. “Voor mij is 14 gewoon een nummer”, toont Jongejan zijn nuchtere blik. “Ik heb er niet om gevraagd, het shirt lag er gewoon en ik heb ‘m aan getrokken.”

ZZP_Timmerteam

Qua speelwijze lijkt Jongejan in zijn geheel ook niet op de vroegere ‘meester’. “Ik ben een hardwerkende middenvelder, die graag ballen afpakt, maar die ballen ook snel weer inlevert bij de betere spelers. Cruyff was een spelmaker.”

Jongejan voetbalde vrijwel zijn hele jeugd bij Victoria’04, waar hij telkens tot de beste spelers van zijn lichting behoorde. Eén seizoen speelde hij voor Zwaluwen. “Dat was in de B. We speelden in de hoofdklasse tegen mooie tegenstanders.” Jongejan keerde echter snel weer terug op het oude nest, waar hij als eerstejaars A al de overstap maakte naar de selectie en ervaring opdeed in het tweede elftal. Op zijn zeventiende maakte hij zijn debuut in de hoofdmacht. Daarna werd steeds vaker een beroep op hem gedaan door de trainer van het eerste elftal.

Een blessure dreef een wig tussen hem en zijn club. “Ik raakte geblesseerd aan mijn lies. Dat was twee seizoenen geleden. Het was een vervelende blessure waarmee ik lang heb getobd. Toen ik van de pijn verlost was, ben ik rustig fit gaan worden. Ik maakte mijn minuten in het tweede.”

Een vervolg bleef echter uit. De tweede coronalockdown legde de competitie opnieuw stil. “Toen we weer mochten trainen had ik wel verwacht dat ik bij de eerste selectie mocht meedoen. Die uitnodiging kwam echter niet. De trainer gaf me niet het idee dat hij mij nodig had.”

Eenmaal op een zijspoor beland was het voor Jongejan een stuk makkelijker om voor CION te kiezen. “Ik heb altijd al het idee gehad een keer voor CION te voetballen. Mijn opa is ook lid geweest van de club en nog een paar jaar grensrechter van het eerste elftal geweest.”

Sportief gezien maakte Jongejan dus een behoorlijke promotie, van vierdeklasser Victoria’04, waar hij geen uitzicht had op speeltijd, naar de tweede klasse. Hij voelt zich bij zijn club gewaardeerd. “De trainer heeft vertrouwen in mij, vertrouwen is voor elke speler belangrijk.” Maar vertrouwen is weinig waard als er geen prestaties tegenover staat. Jongejan is zich daarvan bewust. “Ik ben een echte teamspeler. Ik maak veel vuile meters. Ik ben op het middenveld de aanjager als er druk gezet moet worden. We hadden niet zo’n goede start, maar we hebben ons in de laatste weken van de competitie enigszins hersteld. Het is altijd lekker als je de derby tegen CWO wint.”

Klik hier voor meer informatie over CION.
Lees hier meer artikelen over CION.

 

Aaron van Engelen scoort derbygoal voor Haarsteeg

Misschien in de F-jeugd een keer, maar een goal in een serieuze wedstrijd had Aaron van Engelen nog nooit gemaakt. Tot eind november, toen de Haarsteeg-goalie in de wedstrijd tegen Vlijmense Boys de bal tegen de touwen schoot. “Dit ga ik echt nooit meer vergeten.”

mandemakers banner

HAARSTEEG – Van Engelen ging in de slotfase van de wedstrijd bij een 2-1 achterstand mee naar voren toe. Niet per se met het idee dat hij dan zou scoren, maar zo’n keeper in het strafschopgebied van de tegenstander zorgt altijd voor de nodige verwarring en onduidelijkheid. De bal kwam voor zijn voeten. “Ik wilde schieten met rechts, maar de bal viel meer voor links. Ik schoot hem heel knullig naast.”

Niet veel later stak Van Engelen nog een keer het hele veld over. Een nieuwe corner. En dit keer was het wel raak. “De bal werd doorgekopt en viel voor mijn voeten, ik schoot hem vervolgens binnen. Geweldig!”

Cristiano Ronaldo trekt na een goal een sprintje, springt omhoog en roept heel hard siiiiuuuu. Kylian Mbappe gaat staan met zijn armen over elkaar. Maar wat doet Van Engelen als hij scoort? “Je denkt er wel eens over na. Wat ga ik doen als ik een keer een doelpunt maak? Maar toen het gebeurde wist ik echt niet wat ik moest doen. Ik ben naar de dug-out gaan rennen en gleed daar op mijn knieën. Iedereen kwam naar me toe, dat was echt heel gaaf.”

Niet lang na die wedstrijd werd de competitie stilgelegd, maar tot dat moment ging het heel vaak over dat doelpunt van Van Engelen. “Het ging daar ook echt als een lopend vuurtje rond, de filmpjes van die goal zijn ook viraal gegaan. Iedereen had het er over, geweldig.” Het doelpunt was extra speciaal omdat het de gelijkmaker was tegen Vlijmense Boys, voor Haarsteeg dé derby. “Ja, dat is dé wedstrijd voor Haarsteeg, van oudsher. Dat is eigenlijk een droom, om juist tegen Vlijmen de gelijkmaker te maken.”

Het doelpunt van Van Engelen is een nieuwe mooie bladzijde in het voetbalboek dat hij tot nu toe heeft geschreven. De 23-jarige goalie begon bij Haarsteeg, maar heeft daarna meerdere clubs gehad. Hij speelde van zijn achtste tot zijn vijftiende in de jeugd van PSV. Na een korte terugkeer bij Haarsteeg was hij ook actief voor clubs als OJC Rosmalen en Nivo Sparta. “Ik heb het de afgelopen jaren wel hogerop gezocht, maar kreeg het ook erg druk met school en het plezier werd minder.”

Dus keerde hij weer terug naar Haarsteeg, om dat waar voetbal om draait weer terug te vinden. “Het bekende en vertrouwde plekje, terug bij Haarsteeg. Dat is goed te combineren, hier heb ik het plezier weer echt teruggevonden. Ik ben hier supertevreden. Soms kun je er voor kiezen om heel hoog te spelen en je vrienden niet meer te zien. Soms moet je kiezen om een stapje terug te doen en met heel veel plezier te voetballen met je vrienden. Dat laatste is denk ik wel meer waard!”

Klik hier voor meer informatie over Haarsteeg
Klik hier voor meer artikelen over Haarsteeg

Matthew van Dommelen pakt de eerste periode met Vlijmense Boys

Als je de woorden spits, RKC, doelman, Barcelona, tafeltennis en Vlijmen bij elkaar gooit en goed roert, dan komt uit de mix uiteindelijk de naam van Matthew van Dommelen tevoorschijn. De 27-jarige goalie van Vlijmense Boys pakte dit seizoen tot zijn eigen verrassing de eerste periode met zijn club. Het is de eerste stap naar een gedroomde promotie naar de tweede klasse, iets waar hij jaren geleden nooit aan gedacht zou hebben.

mandemakers banner

VLIJMEN – Het leest als een soort jongensboek, het verhaal van Van Dommelen. Hij begon op jonge leeftijd met voetballen bij Vlijmense Boys. Hij mocht stagetrainingen doen bij RKC, als voetballer. In een team met Ingo van Weert en Jordy de Wijs, spelers die nog altijd op hoog niveau spelen. Zelf mocht hij niet verder bij de Waalwijkse club. “Toen ben ik even gestopt met voetballen, ik had er niet zo heel veel zin meer in. Ik ben gaan tafeltennissen.”

Uiteindelijk keerde Van Dommelen terug bij Vlijmense Boys, maar niet meer als veldspeler. “Er kwam een heel nieuw elftal, de A1. Ze zochten nog een nieuwe keeper. Ik vond dat wel leuk en zei: ‘regel maar een paar handschoenen, dan ga ik wel keepen en zie ik wel wat er van komt.” Dat hij nog nooit gekeept had was voor hem geen issue. “Ik denk dat keepen te leren valt, je hoeft niet per se aanleg te hebben.” Zijn jaren als aanvaller komen Van Dommelen in zijn nieuwe rol bovendien goed van pas. “Ik heb altijd in de spits gestaan, ik weet wel een beetje wat ze voorin denken. Als ze met een actie bezig zijn, denk ik: dat zou ik zo doen.”

De volgende stop was Barcelona. Daar woonde hij een tijdje voor zijn werk, voor hij weer terugkeerde naar Vlijmen. In de voorbereiding op het nieuwe seizoen raakte eerste keeper Richard van der Hurk geblesseerd. “Toen werd ik meteen ingezet. Ik moest er ineens staan. Dat jaar kwam het wel een beetje door mij dat we zo laag geëindigd zijn. Gelukkig hebben we degradatie net kunnen ontlopen en nu staan we hier.”

Periodetitel
Hier is de winterstop van seizoen 2021/2022, met een periodetitel op zak. “Ik weet echt niet wanneer het voor het laatst gebeurd is bij Vlijmen. Natuurlijk werd er ieder seizoen gezegd dat je ambities moet hebben. Maar we zijn een kleine club. En de afgelopen jaren werd het ook wel geroepen dat we voor een periodetitel moesten gaan, maar toen gebeurde het niet. Nu gelijk de eerste periode, dat hadden we allemaal niet echt verwacht.”

Bij Vlijmense Boys weten ze dat ze ‘een leuke groep’ hebben. “Allemaal jongens uit Vlijmen, die hier al voetballen sinds ze klein zijn. De groep is al lang bij elkaar, nu komt het er allemaal uit”, zegt Van Dommelen. Ook trainer Erik van Esch had het niet verwacht. “Nee, nee, nee. Zeker niet. Heel eerlijk, dit hadden we echt niet aan zien komen. De echte Vlijmense mentaliteit is terug, ze vechten voor elke meter. En het zijn goede voetballers, anders blijf je niet negen wedstrijden ongeslagen. Het is de combi.”

Tweede klasse
Het is nog vroeg in het seizoen en Van Dommelen begint er niet zelf over, maar als hij gevraagd wordt naar spelen in een eventuele tweede klasse dan is hij duidelijk. “Dat wil ik heel graag. Ik denk dat het ons ook wel ligt. Wij voetballen altijd wel goed tegen voetballende ploegen. Vechtvoetbal kunnen we ook wel spelen als het moet, maar echt ‘voetbal’ ligt ons beter.”

Van Esch sluit zich daar bij aan. “Als we de groep bij elkaar houden, zou ik die tweede klasse zeker aandurven. Dan verwacht ik dat we in de middenmoot kunnen eindigen. We hebben een hoop jong grut, daar zit nog veel ontwikkeling in.” Naast dat jonge grut is er ook nog een ervaren man betrokken bij de selectie die een mooi feestje mocht vieren na het behalen van de periodetitel. Van Esch wijst naar Sjef van Engelen, een zeventigjarige clubman. “Nog zo kwiek als wat. Al die jongens heeft hij vanaf de jeugd begeleid, hij kent ze van haver tot gort. Nu komt dat tot uiting met de periodetitel. Hij traint ook nog steeds, dat doen we echt samen. De complimenten zijn ook zeker voor hem.”

Van Dommelen kijkt alweer vooruit. De periodetitel was mooi, ongeslagen zijn in de winterstop. Maar wat nu? “Voor het seizoen hebben we gezegd dat top vijf en een periode fantastisch zou zijn. Maar we zijn nog ongeslagen en hebben al een periode, terwijl we ook al tegen directe concurrenten hebben gespeeld. Ik durf wel te zeggen dat we voor de titel moeten gaan.”

Klik hier voor meer informatie over Vlijmense Boys
Klik hier voor meer artikelen over Vlijmense Boys

 “Allemaal jongens uit Kaatsheuvel, dat maakt het mooi om bij DESK te voetballen”

Vorig seizoen bleef DESK ongeslagen in de competitie. Twee overwinningen en twee gelijke spelen, daarna was het seizoen klaar. In het nieuwe seizoen begon het eerste elftal van de club uit Kaatsheuvel weer goed, zonder een punt te verspelen werd de eerste periode gewonnen. “Nu moeten we ook voor het kampioenschap gaan.”

KAATSHEUVEL – De doelstelling was om bovenin mee te doen. Niet dat we wilden zeggen dat we even om het kampioenschap mee konden doen, maar meedoen om een periode en bij de eerste drie eindigen was het doel”, zegt Timo van Kuijk. De 24-jarige verdediger kan het alleen maar beamen als je zegt dat de doelstellingen nu wel wat scherper gezet mogen worden. “Als je de eerste zeven wedstrijden wint en zes punten meer hebt dan de nummer twee, dan moet je nu gewoon voor het kampioenschap gaan.”
mandemakers banner
Het is niet dat Van Kuijk er nu makkelijk over denkt. “Maar die periode smaakt wel naar meer. Voor ons is het jammer dat de competitie eerder is stilgelegd. In januari moeten we er toch weer een beetje inkomen. Je ziet het in het buitenland. Als clubs doordeweeks winnen, willen ze het liefst zo snel mogelijk weer voetballen. Je zit in een bepaalde flow. Maar het is niet anders.”

Bij binnenkomst in de kleedkamer was het wel even feest. In de kantine werd het ook wel gevierd, maar niet zoals het kampioenschap van DESK een paar jaar geleden in de derde klasse. “Dan is de ontlading een stuk groter. Nu was er ook geen publiek toegestaan. Dat zijn kleine dingen, maar het is jammer dat het niet meezit.”

Toekomst
Sinds dat kampioenschap is er sowieso veel anders geworden bij DESK. Het vlaggenschip speelt niet meer op zondag, maar op zaterdag. En de tijd van bussen vol nieuwe spelers die van buitenaf kwamen is ook voorbij. “We zijn een eerste elftal gestart, met eigenlijk een soort vriendenteam. Dat wel op niveau wilde blijven spelen. De trainer is vanuit de zondag meegegaan. Het team valt echt samen. Allemaal jongens uit Kaatsheuvel, dat maakt het mooi om voor DESK te spelen.”

“Wat dat betreft dan maar een paar stapjes achteruit, om vanuit de eigen jeugd weer op te bouwen. Het is mooi om te zien dat we vorig jaar zijn gestart en dat er nu drie tot vier jongens vanuit de A-jeugd de overstap maken of aan het maken zijn. Het geeft de jeugd ook een boost, die zijn er meer bij betrokken”, zegt Van Kuijk, die wel ambitieus blijft. “Ik heb gezegd dat ik binnen vijf jaar in de tweede klasse wil spelen. Eén seizoen is vervallen. Maar als we dit jaar promoveren, zou het heel mooi zijn om binnen twee à drie jaar in de derde klasse ook weer te kunnen promoveren.”

Droomscenario
Over een vertrek bij DESK heeft Van Kuijk eigenlijk nooit nagedacht. Hij zit op zijn plek, zeker nu het hele team uit jongens uit Kaatsheuvel bestaat. Weg hoeft hij dan ook niet. De promotie staat wel hoog op het verlanglijstje, het liefst twee keer. Maar er is nog wel iets wat waar hij op hoopt. “Het zou mooi zijn als ik binnenkort samen met mijn neefje in het eerste elftal kan spelen.”

Van Kuijk doelt daarmee op Bart Huis in ’t Veld, een zeventienjarige aanvallende middenvelder. “Hij komt van Willem II af en speelt nu in DESK 3. Vorig jaar is de hele A1 doorgeschoven. Dat is het tweede elftal, maar heet DESK 3. We hebben één keer samen op het veld gestaan, in een oefenwedstrijd. Dat smaakt naar meer. Dat zou heel leuk zijn.”

Klik hier voor meer informatie over DESK
Klik hier voor meer artikelen over DESK

SC Elshout hoopt op meer na goede start

SC Elshout speelt al een paar jaar in de middenmoot mee. Dit seizoen begon het fantastisch, met vier overwinningen op rij. Even werd er gehoopt op een heel mooi seizoen, waarbij meedoen om een periodetitel – of eventueel de hoogste plekken in de competitie – dan realiteit zouden worden. Die bubbel werd al snel doorgeprikt. Inmiddels staat SC Elshout vierde, een plek waar Sam van den Besselaar wel mee kan leven.

mandemakers banner

ELSHOUT – Na die vier gewonnen wedstrijden denk je toch even: misschien zit het er dit jaar wel in. Maar na negen wedstrijden staan we vierde. Het is nu even anders dan aan het begin van het seizoen. We zijn nogal wisselvallig. We hebben hele goede wedstrijden, maar ook duels waarin niemand goed presteert en we allemaal verzaken.”

De 6-1 nederlaag tegen Buren is daar een goed voorbeeld voor, dat is de reden dat SC Elshout vierde staat met een negatief doelsaldo. “Dat is de slechtste wedstrijd die we hebben gespeeld. Toen was eigenlijk niemand goed. We konden elkaar aankijken, maar iedereen kon vooral zichzelf aankijken.” De buitenwacht kijkt echter meestal naar de keeper bij zo’n uitslag. “Ik kon mezelf er ook op aankijken hoor. Die wedstrijd heb ik een aantal fouten gemaakt. Maar ik heb het er ook met de trainer over gehad. Liever een paar fouten in één wedstrijd die je toch al achter staat, dan iedere week fouten en dat je daardoor punten verliest.”

Lang zit de 22-jarige goalie ook niet met een fout in zijn maag. “Nee, dat leg ik eigenlijk heel makkelijk naast me neer. De meeste in het team hebben dat, het is een heel gezellig team. Natuurlijk baal je ervan als je verliest. Maar na afloop wordt er in de kantine nog een keer om gelachen, er wordt een grapje over gemaakt. Daarna ben ik het ook wel vergeten.”

Van den Besselaar, die al sinds zijn zeventiende bij de selectie zit, zou het leuk vinden als hij een keer in de derde klasse zou kunnen voetballen met SC Elshout. Hij heeft er tegelijkertijd ook vraagtekens bij. “In de derde klasse zitten clubs als Nieuwkuijk, RKDVC, Baardwijk. Allemaal clubs uit de buurt. Heel veel derby’s, dat lijkt me wel mooi. De gasten van die andere clubs ken je ook wel een beetje. Maar als team hebben we daar nu niets te zoeken.”

Wat dat betreft is de goalie tevreden over de competitie waar Elshout nu in speelt, zeker in combinatie met de sfeer van de vereniging. “Het is hier supergezellig. Iedereen kent elkaar. Ik blijf zelf ook bij Elshout voetballen tot ik het niet meer kan, tot een blessure of het moment dat ik oud genoeg ben om te zeggen dat het mooi is geweest. Het is en blijft een hobby, daarom vind ik die gezelligheid ook zo belangrijk. En het is supermooi om dat bij de club uit je eigen dorp te kunnen doen.”

Klik hier voor meer informatie over SC Elshout

Klik hier voor meer artikelen over SC Elshout