Home Blog Pagina 381

GHVV’13 wil volle kracht vooruit met de jeugd

De jeugdafdeling moet binnen een paar jaar weer het paradepaardje worden in de stal van GHVV’13. Om de plannen kracht bij te zetten heeft de club inmiddels een nieuw jeugdbestuur geformeerd, dat per 1 januari is begonnen om meer structuur, maar vooral het plezier te benadrukken.

Tijdens de wedstrijd van de GHVV’13 onder zestien tegen de leeftijdsgenoten van Stellendam is de lol groot. De tussenstand van 3-0 geeft daar weliswaar alle reden toe, maar het plezier dat de junioren van de club uit Geervliet en Heenvliet uitstralen is vanaf de eerste minuut duidelijk waar te nemen. Langs de kant zorgen Wijnand Landman en Luuk Tromp, de twee trainers van het team, voor af en toe een aanwijzing. Wat opvalt is vooral de positieve coaching. ‘Goed zo’’ of ‘jammer, goede actie’ rollen regelmatig van de lippen bij de twee enthousiaste trainers, die zichtbaar ook plezier aan elkaar beleven.

Hun ploeg wint de wedstrijd uiteindelijk dik en Landman heeft het over een perfecte dag. Eerder die week heeft hij uitgebreid verteld over de plannen van zijn club om de jeugdtak van nieuw elan te voorzien. Plezier speelt daarbij een belangrijke rol. “En wij als GHVV moeten daar de voorwaarden voor creëren”, weet hij.

Diezelfde taal bezigt Tromp, die net als veel andere trainers in de club blij is dat GHVV heeft ingezien dat er een nieuwe weg moest worden bewandeld. “We laten nog veel potentieel onbenut. Bernisse en Geervliet zijn mini-dorpjes, maar er is meer uit te halen dan we de afgelopen jaren hebben gedaan.”

“Het ging zoals het ging”, zegt Landman over de jeugdafdeling de afgelopen jaren. Zijn broer Jan was naast een legertje trainers de enige die de kar van bovenaf trok. Geen gezonde situatie, erkent Landman, die zag dat veel werk en taken op de schouders kwamen te liggen bij zijn broer. “Jan wilde voor corona al stoppen, maar wilde de club niet inde steek laten. Hij is nog een paar jaar doorgegaan, met geen of nauwelijks ondersteuning.”

Landman omschrijft het GHVV van de afgelopen jaren bij de jeugd als ‘los zand’. “Dat klinkt hard, maar in de praktijk was dat ook zo. Er waren trainers, leiders, dat was geregeld. We konden combinatie spelen, maar structuur of enige samenhang was er niet. Dat kost tijd en tijd hadden we niet omdat er geen mankracht voor was.”

Landman is zelf al jarenlang jeugdtrainer bij de club en hij zag met de andere vaste trainers in dat er iets moest gebeuren. “Ik was al eerder gevraagd of ik Jan kon opvolgen. Daar heb ik goed over nagedacht. Zoals mijn broer het moest doen, dat wilde ik niet. Als ik het doe moet ik zorgen voor meer goede mensen om heen, heb ik gedacht. Ik ben op zoek gegaan naar mensen die hart voor GHVV hebben en geloofden in die samenwerking. Uiteindelijk hebben we nu vijf personen die samen het jeugdbestuur vormen. Dat jeugdbestuur is sowieso nieuw, want tot januari maakte een vertegenwoordiger deel uit van het hoofdbestuur.”

Sportpark Guldeland
Net als Tromp is Landman ervan overtuigd dat GHVV meer teams op de been kan brengen dan nu het geval is. “Er is na de fusie veel aandacht uitgegaan als club naar het nieuwe complex en dat is volkomen logisch”, vervolgt Landman. “Die accommodatie had een enorme impact op de vrijwilligers. Daardoor hebben we met zijn allen wat minder oog gehad voor de groei van de jeugd. Er was ook zoiets bij de club dat we automatisch zouden groeien als we het nieuwe complex in gebruik zouden nemen. Dat is achteraf een verkeerde gedachte geweest. Natuurlijk speelt een mooie accommodatie mee, maar je moet ook zorgen dat het voor de jeugd aantrekkelijk is om bij je club te spelen.”

Landman en co. hebben inmiddels een plan gepresenteerd waarmee het nieuwe elan op sportpark Guldeland moet worden aangewakkerd. “Ik heb dat plan in het hoofdbestuur gepresenteerd. Ze waren enthousiast en hebben gezegd ‘rol het maar uit’. In die fase zitten we nu. We hebben ontzettend veel ideeën, maar we kunnen niet alles tegelijk uitwerken.”

Eén van die ideeën is de betrokkenheid van e jeugdleden en ouders te vergroten. “Dat kan alleen op een goede manier als je ook luistert naar wat ze zelf willen. Wij kunnen als trainer en andere vrijwilligers van alles organiseren, maar doen dan wel vanuit een speciale bril. Daarom is het ook zo belangrijk dat de stem van de jeugd zelf wordt gehoord en meegenomen.”

Betrokkenheid vergroten
“We komen uit een situatie dat er niet veel was. Ja, de trainingen werden gedaan en wedstrijden georganiseerd. Een club is meer dan dat. We willen graag dat de club een ontmoetingsplaats wordt voor de jeugd, ook als er niet gevoetbald wordt. We staan open voor allerlei soorten activiteiten. Om de betrokkenheid te vergroten hebben we al zitten te denken aan een soort eigen ledenvergadering voor de jeugd, waarin je uitlegt wat er gebeurt in de vereniging, maar ook aanhoort wat de jeugd vindt dat er moet gebeuren.”

Net als Landman gebruikt Tromp steeds het woordje ‘plezier’. “Plezier is ons sleutelwoord”, zegt de vader van een voetballende zoon. “Er zijn tegenwoordig zo veel andere dingen te doen voor de jeugd, samen kan je een mooi en aantrekkelijk menu samenstellen.”

Landman: “We hebben ook allerlei plannen voor trainerscursussen, maar ook scheidsrechtersopleidingen. Een idee is om een cursus scheidsrechter te geven aan de JO19 en JO16. Als iedereen een keertje een wedstrijd fluit zorgt dat ook weer voor verbinding.”

Uiteraard hopen Landman en Tromp dat meer plezier ook leidt tot meer en vollere teams. “Dat we een kleine club zijn en blijven, dat gaan we niet veranderen. Maar er is wel een verschil of je acht of twaalf jeugdteams hebt. Het liefste hebben we elke leeftijdscategorie één of in de onderbouw meerdere teams. Daarmee zorg je ook voor een betere doorstroming in de bovenbouw. Dat puzzelen om teams op sterkte te krijgen, dat is het lot van een kleine club, maar het gepuzzel zou ook minder kunnen.”

Klik op GHVV’13 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op GHVV’13 voor meer informatie over de club.

Voor Suzanne Nieuwpoort zijn haar jongens van OHVV heilig

Suzanne Nieuwpoort is al jaren de grote en drijvende kracht achter de jeugdafdeling van OHVV. Ze traint de onder 10, onder 15 en de onder 19, die ze haar jongens noemt. “Ik doe alles voor ze.” Haar echtgenoot beaamt dat: “Kom niet aan haar jongens, want dan begint ze te grommen.”

Het is het weekeinde van het carnaval en het voetballeven staat stil, maar niet bij OHVV. Op het knusse complex van de Oudenhoornse club heeft Nieuwpoort (52) een onderlinge oefenwedstrijd geregeld voor de spelers van de JO19. “We spelen tien tegen tien, twee keer vijfenveertig minuten. Dat gaat niet op halve, maar op hele kracht”, verzekert ze. Als team blauw een wat lauwe warming-up doet, wijst ze de spelers op team geel, die een gelikte voorbereiding aan het doen is. “Hup jongens, even gas er bij.”

Van de kantjes eraf lopen, houdt Nieuwpoort niet. “Ze mogen bij mij alles, vooral lol hebben, maar eenmaal in het veld moet er gewerkt worden.” En dan vooral voor elkaar, want Nieuwpoort hamert op teamwork. “Samen bereik je veel meer dan één.”

Haar zoon is keeper van het elftal, dat al jaren samen voetbalt. “Ze kennen elkaar al jaren. Een aantal studeert, maar ook die jongens blijven plakken. Als ze vanwege studie niet kunnen trainen, stellen we ze op zaterdag gewoon op. Ik heb 25 jongens. Een paar spelers erbij en je kan er twee teams van maken, maar omdat dit één grote vriendengroep is, moet je dat juist niet doen.”

En uiteraard heeft ze regels die iedereen moet naleven. “Ze zitten op een leeftijd waar ze zelf natuurlijk ook een verantwoordelijkheid hebben. Op dat vlak zit ik er minder streng in, maar ik ben wel fanatiek in de goede omgang met elkaar. Er wordt met elkaar gelachen, een dolletje helemaal prima, maar er wordt niemand uitgelachen vanwege een slechte actie op de training of op het veld.”

Nieuwpoort vertelt dat ze al op jonge leeftijd gek was op voetbal. De aan de Beatrixstraat geboren Oudenhoornse wilde maar wat graag lid worden van OHVV. “Dat meisjes in die tijd voetbalden was niet iets gewoons en OHVV had ook geen meisjes”, zegt ze. Grinnikend: “Inmiddels heb ik al acht jaar een KNVB-lidmaatschapsnummer. Is het me toch gelukt om lid te worden van OHVV.”

Bij de kleine club uit Oudenhoorn is zij de drijvende kracht achter de jeugdafdeling. Ze legde de basis voor het huidige onder 10-elftal en traint dat elftal ook en kreeg daarbij hulp van voetbalmoeder Jantine Vaandeldrager. Ook de onder 15 heeft ze onder haar hoede. “We hebben dat team helaas dit seizoen niet kunnen inschrijven voor de competitie. We hadden er net genoeg toen in de zomer vier spelers naar andere clubs zijn vertrokken. Nu trainen we alleen. We hopen voor komend seizoen weer een compleet elftal samen te stellen.”

Zoals ze ook hoopt dat de nieuwe wijk Akkerlande de club nieuwe aanwas oplevert, want de vergrijzing van Oudenhoorn heeft ervoor gezorgd dat de vijver waar jeugd uit te vissen is behoorlijk leeg is. “Er worden flink wat nieuwe woningen gebouwd. Dat zorgt voor doorstroming en de komst van jonge gezinnen met kinderen. We hopen daar voor het komend seizoen al de vruchten van te plukken en een elftalletje voor de allerjongste jeugd bij elkaar te krijgen.”

Klik op OHVV voor de laatste artikelen over de club.
Klik op OHVV voor meer informatie over de club.

Zielsverwanten beginnen aan nieuw hoofdstuk bij vv Abbenbroek

Peter Hoek en Marco van Diën beginnen na de zomer aan een nieuw hoofdstuk als trainersduo. ‘Project’ Simonshaven wordt ingeruild voor dat van VV Abbenbroek.Simonshaven is een geweldige club en dat is VV Abbenbroek ook.”

Vooral voor Van Diën (56) neemt de terugkeer bij VV Abbenbroek enige emoties met zich mee. Hij noemt zichzelf een kind van de club. “Ik ben dit jaar vijftig jaar lid, ben dertien jaar coach van het tweede geweest en dertien seizoenen van het eerste elftal. ben veertig jaar jeugdbestuurder geweest, waarvan vijftien als voorzitter en clubscheidsrechter. heb 28 jaar in het hoofdbestuur gezeten, waarvan jarenlang als bestuurslid technische zaken. Je kan wel zeggen dat ik er een groot verleden heb.”

Van Diën, die op papier assistent-trainer is, werkte al eerder samen met Peter Hoek bij vv Abbenbroek, Dat was een samenwerking die tot promotie naar de derde klasse leidde. Toen Hoek vier jaar geleden bij Simonshaven aan de slag ging, kwam het tot een hereniging met Van Diën, die op dat moment zijn taken bij VV Abbenbroek had neergelegd.

“We kunnen lezen en schrijven met elkaar”, zegt Hoek (60). “We zijn echte zielsverwanten. Het komt regelmatig voor dat we elkaar op precies hetzelfde moment proberen te bellen, haha. En als we afzondering van elkaar een opstelling maken, zit er geen of hooguit op één plaats verschil in. We hebben dezelfde visie en kunnen blindelings op elkaar vertrouwen.”

Van Diën en Hoek slaagden er de afgelopen jaar in wat moois op te bouwen bij Simonshaven. Van een gemankeerd eerste elftal, met amper voldoende spelers, wisten zij een bruisende selectie te maken. “In ons tweede seizoen hebben we een enorme kwaliteitsinjectie gehad”, vertelt Hoek. “Maar spelers binnen halen is één, spelers behouden is veel lastiger.”

Het trainersduo werkte aan eenheid en discipline in het veld met spelers die passen in de cultuur bij Simonshaven. “Nette jongens”, aldus Hoek. “We waren deze winter op trainingskamp in Torremolinos. Toen de hoteleigenaren ons zagen aankomen, dachten ze: oh jee, weer een voetbalploeg die de brandblussers in de gang gaat leegspuiten. Maar deze gasten halen dat echt niet in hun hoofd. Misschien dat we daardoor in het veld soms dat brutale missen, maar dat is dan maar zo.”

Het koppel hoopt uiteraard met een prijs afscheid te nemen van Simonshaven in de vijfde klasse. Van Diën: “We zijn met SCO, Melissant en Pernis in de race voor het kampioenschap. We zullen zien wie het het langste volhoudt.”

Uit ervaring weten ze dat Simonshaven en vv Abbenbroek in veel opzichten op elkaar lijken. Het zijn kleine clubs die draaien op gezelligheid en een vaste groep vrijwilligers. “Simonshaven heeft een selectie met een eerste en tweede elftal, vv Abbenbroek heeft dat niet, maar is daarentegen voetballend weer verder”, laat Van Diën weten. “We hebben nog niet gesproken met de spelers. Dat komt later wel. Al onze aandacht gaat nu uit naar Simonshaven.”

Over één ding heeft Van Diën wel zijn zegje gedaan bij zijn nieuwe, oude club: de sokken van Robey. “Ik heb gezegd dat eigen Abbenbroek-sokken terug moeten. De Sparta-sokken, die geblokte. De sokken zijn nu rood met een wit randje.”

Hoek zal zich bij Abbenbroek niet alleen verdienstelijk maken als trainer, maar ook als striptekenaar. Bij Simonshaven produceert hij elke week een striptekening over een gebeurtenis. “Hopelijk wordt de laatste een kampioens- of promotiestrip van het elftal.”

Klik op vv Abbenbroek voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Abbenbroek voor meer informatie over de club.

VV Hellevoetsluis gaat voor vrouwelijk elan

h Ze geven zelf aan dat ze bruisen van de energie. Daniëlle Plat en Sylvia Koelink-Van Moorsel maken sinds oktober van het vorig jaar deel uit van het bestuur van VV Hellevoetsluis. “Onze kijk is net wat anders dan die de mannelijke bestuursleden hebben.”

Bestuurslid zijn heeft zo zijn voordelen. Toen de selectie van Hellevoetsluis half januari op ‘trainingskamp’ ging naar Valencia mochten ook Plat (41) en Koelink (42) mee. Waar Koelink moest passen vanwege een druk gezinsleven stapte Plat op het vliegtuig. “Ik heb echt vier dagen genoten. We waren met in totaal 46 mensen. Het was een feestje om mee te maken.”

Plat en Koelink behoren tot het gilde van ‘niet lullen, maar poetsen’. Toen hun kinderen gingen voetballen – Plat heeft twee zoons, Koelink één en een dochter  – meldden zij zich aan als vrijwilliger. “Voor ons was dat vanzelfsprekend”, zegt Koelink. “Een vereniging moet met elkaar worden gerund. De hele sfeer en cultuur bij Hellevoetsluis is fijn. Ik haal persoonlijk veel voldoening uit het vrijwilligerswerk.” Plat is als bestuurslid verantwoordelijk voor kantinezaken, Koelink heeft ‘activiteiten’ onder zich. “In praktijk overlappen onze taken en dat gaat prima”, zegt Plat. “We helpen elkaar, we pakken de zaken op waarvan wij denken dat ze nodig zijn om op te pakken. Met het voetbalinhoudelijke deel van de club houden we ons niet bezig.”

Alhoewel, Koelink is naast bestuurslid ook nog coördinator van de bovenbouw. “Dat zijn alle teams van de JO12 tot en met de JO19. Ik ben aanspreekpunt voor de trainers, spelers en ouders. Met de inhoud van de trainingen en de tactiek bemoei ik me niet, wel als er in een team een probleempje is. Dan ga ik met de betrokkenen het gesprek aan om te kijken of we het kunnen oplossen.”

Zelf traint ze ook een jeugdteam. “Ik had veel enthousiasme, maar weinig verstand van training geven in het begin. Toch heb ik mijn stoute schoenen aangetrokken en op hoofdtrainer Paul Bestebreur afgestapt met de vraag of hij wat tips kon geven. Ik was stiknerveus. Paul is daarna komen kijken en heeft ook wat trainingen gedaan.”

Het domein van Plat is vooral de kantine, waar ze een ploeg vrijwilligers aanstuurt die doordeweeks achter de bar staan en in het weekend dezelfde bar en keuken bemensen. “Omdat wij een echte familieclub zijn, kunnen we nog rekenen op voldoende vrijwilligers”, zegt ze. “Dat is zeker in deze tijd geen vanzelfsprekendheid als ik dat bij andere clubs zie en hoor. We hebben een vaste groep mensen, maar als we mensen op de club aanspreken met de vraag of ze een keertje een bardienst willen draaien, krijgen we vaker een ja dan een nee te horen.”

“Wij vinden het allebei leuk om dingen te organiseren”, haakt Koelink in. “Ik kan echt genieten van jeugdspelertjes die met zo’n smile hier rondlopen. We hebben in coronatijd ook van alles georganiseerd. Toernooitje hier, activiteit daar, dat werd erg gewaardeerd.” Ze zitten allebei vol frisse ideeën om Hellevoetsluis nog leuker te maken. “Ik ben zo’n type dat graag meteen aan de slag gaat als iemand met een leuk plan of idee komt”, zegt Koelink, die zichzelf overenthousiast noemt. “Af en toe moet ik afgeremd worden.” “Als vrouw kijk je toch met een andere blik naar de vereniging”, vervolgt Plat. “We hebben onlangs een EHBO-cursus georganiseerd voor de vrijwilligers. Dat vonden wij heel belangrijk.”

“De bar is vernieuwd en we hebben een nieuwe vloer in de kantine. Nu nog nieuwe toilettengroepen, maar dat moeten de financiën wel toestaan.”

Klik op vv Hellevoetsluis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Hellevoetsluis voor meer informatie over de club.

De jeugd is terug bij Simonshaven

Rondhuppelende jongetjes van zeven, acht, negen en tien jaar in het oranje en zwart op zaterdagmorgen. Lange tijd was dat beeld niet te zien bij Simonshaven, maar de dorpsclub heeft sinds de zomer van 2021 weer een jeugdtak.

Jeroen Nieland (39) is trainer van de JO11 en ook trainerscoördinator bij de jeugd van Simonshaven. Hij vindt dat zelf een groot woord, zeker voor een club met drie competitieteams. “We zijn met een enthousiaste groep vrijwilligers, allemaal vaders. We doen het echt met elkaar. Die saamhorigheid past ook bij een kleine club als Simonshaven.”

Simonshaven had jarenlang geen jeugdteams. “We hebben dat in het verleden wel gehad”, zegt Nieland, die als consulent werkzaam is in de energiesector. “We hebben ooit een periode zelfs een uitgebreide afdeling gehad met in iedere leeftijdsklasse een team. Dat is nu ook ons ideaalbeeld. We weten ook dat dat niet in één of twee jaar is gerealiseerd. Daar gaan misschien wel vijf of zes jaar overheen.”

Simonshaven moest helemaal op ‘nul’ beginnen met de jeugd, want de jeugd die de club had, voetbalde in het tweede, derde of vierde en waren zestien jaar of ouder. “We zijn heel voorzichtig begonnen met de voetbalschool. In het begin hadden we een paar kinderen. Langzaam hebben we dat uitgebouwd.”

De grootste klapper kwam in de zomer van 2021. Nederland zuchtte nog onder de coronapandemie, maar de enthousiaste vrijwilligers van Simonshaven staken de koppen bij elkaar met als doel het jeugdvoetbal bij de club nieuw leven in te blazen. “We hebben actief aan ledenwerving gedaan”, vertelt Nieland. “We hebben open dagen gehouden, vriendjesdagen en zijn gaan flyeren op de scholen in Spijkenisse. We hebben constant mensen aangesproken met de vraag of hun kinderen bij ons wilden voetballen.”

Die actieve houding leverde Simonshaven veel nieuwe leden op. “Zeker twee teams”, weet Nieland. “Met de kinderen die uit de voetbalschool doorstroomde, konden we vorig seizoen drie teams in de competitie inschrijven, een JO7, JO8 en JO9. Ook dit seizoen hebben we weer meer kinderen en hebben we een JO9, JO10 en JO11. Het aantal teams is niet toegenomen, maar omdat we van de 6 tegen 6-cpmpetitie naar de acht tegen acht zijn gegaan, is het aantal spelertjes weer gegroeid. Ook hebben we een groepje van acht kinderen bij de voetbalschool lopen.”

Nieland, die zelf ook bij Simonshaven speelde, maar een carrière in de selectie afgebroken zag door een loopbaan bij de Nederlandse defensie, traint en coacht zelf ook een team: de JO11. “Mijn zoontje speelt in dat team. Toen hij vier was, is hij begonnen bij Hekelingen. Hij is even gestopt geweest en bij Simonshaven weer gestart.”

Rustig achterover leunen en wachten op nieuwe jeugd kan Simonshaven niet, zegt Nieland. “We zullen ons best moeten doen om de club op de kaart te houden. Dat betekent leuke dingen blijven organiseren en blijven flyers op de scholen. Als de JO11 JO12 of J)13 zullen we ook meer spelers nodig hebben, want je komt dan elf tegen elf te spelen.”

Nieuwe jeugd binnenhalen is één, ze voor langere tijd binnenboord houden is twee. Nieland: “Die jongens moeten het hier naar hun zin hebben. Natuurlijk proberen we ze voetbalvaardigheden bij te brengen, maar plezier staat voorop.”

Klik op SV Simonshaven voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Simonshaven voor meer informatie over de club.

Ryanne Mol verafschuwt de lange bal bij VV Brielle

Ryanne Mol maakt al jaren als trainster deel uit van de jeugdopleiding van VV Brielle. “Ik haal er veel voldoening uit om jongens verder te helpen in hun ontwikkeling.”

“Uit elkaar. Links, vooruit.” De commando’s volgen elkaar in snel tempo op. Tijdens een wedstrijd van de JO13-1 van Brielle geeft Mol rustig, maar duidelijk aanwijzingen aan haar pupillen in het veld. Wat opvalt is dat haar team zorgvuldig opbouwt, geen linie overslaat en goed in formatie speelt.

Mol (35) is een aanhanger van de Hollandse school waarbij het systeem 4-3-3 heilig is. “Ik verafschuw de lange bal. Negen van de tien keer is ie net zo snel weer terug”, weet zij. Mol traint al jaren de hoogste teams, de afgelopen seizoenen had ze JO11, JO12 en nu dus voor het tweede jaar de JO13 onder haar hoede. “Ik ben al trainster vanaf het seizoen 2004/2005”, zegt Mol, die enkele jaren geleden haar UEFA C-oefenmeestersdiploma haalde.

Voetbal zit bij Mol, die in het dagelijkse leven werkt in een revalidatiecentrum, in de genen. Ze was negen jaar toen ze lid werd van Nieuwenhoorn. “Ik heb jarenlang tussen de jongens gespeeld. Ik begon in de E8, maar werd al snel overgeheveld naar de E3. Daarna heb ik alle selectieteams doorlopen tot en met de B1. Daarna ben ik overgestapt naar het vrouwenvoetbal.” Ze was jarenlang bij de vrouwen van Wit Rood Wit en na de fusie bij VV Brielle een toonaangevende speelsters binnen de lijnen. 

Nu voetbalt ze nog bij het dertig-plus team of beter gezegd voetbalde. Ze liep vorig jaar een zware knieblessure op. “Dat zou je net zien. Jarenlang heb ik niets gehad en nu, bij de 30-plus, zwaar geblesseerd.”

Mol baalt omdat ze daardoor beperkt is om oefenvormen voor te doen bij de training bij de JO13-1. Over ‘haar’ elftal is ze vooral lovend. “Het zijn talentvolle jongens die altijd zin hebben om te trainen. Dat komt goed uit, want ik hou niet van een speeltuin.”

Op de training, zo is de filosofie van Mol, moet gewerkt worden en het liefst flink. “Je bent niet voor niets het eerste elftal in de leeftijdsklasse. Uiteraard staat plezier voorop, maar dat kan prima gepaard gaan met veel inzet en motivatie.”

De JO13-1 komt in de voorjaarscompetitie uit in de eerste klasse. Tot teleurstelling van Mol en haar spelers, die in de laatste fase voor de winterstop beslag legde op het kampioenschap in diezelfde eerste klasse. “Ik en met mij de jongens ging er vanuit dat kampioen automatisch promotie betekent. Niet dus. Voor de ontwikkeling van de jongens zou het goed zijn geweest als we in de hoofdklasse waren ingedeeld.”

Komend seizoen wacht Mol een nieuwe uitdaging, want dan  wordt ze trainster van de JO15-1. “Veel jongens heb ik al onder mijn hoede gehad. Het lijkt me interessant en vooral leerzaam om weer een oudere leeftijdsgroep te trainen”, aldus Mol, die Brielle betitelt als een fijne club. “Je krijgt veel vrijheid en je wordt altijd in je waarde gelaten. We hebben een leuke groep selectietrainers die voornamelijk bestaat uit mannen en waar ik als vrouw als volwaardig wordt aangezien.”

Klik op vv Brielle voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Brielle voor mee informatie over de club.

Daan Langendoen heeft zin in nieuw avontuur bij VV Nieuwenhoorn

Daan Langendoen vervolgt na dit seizoen zijn carrière bij VV Nieuwenhoorn. De vierdedivisionist heeft een belangrijke rol in petto voor de huidig aanvoerder van Spijkenisse onder 23 jaar, die zelf klaar is voor zijn volgende stap. “Ik heb mijn gevoel gevolgd.”

De 21-jarige Langendoen is in het dagelijkse leven een bedrijvig baasje. Als hij geen voetbalschoenen aan heeft, speurt hij de omgeving rond naar interessante bedrijfsobjecten. “Ik heb mijn eigen bedrijfje”, zegt hij. “Ik koop en verhuur onroerend goed. Vooral opslagplaatsen en loodsen.”

Dat hij al zo jong voor zichzelf aan de slag is gegaan komt door zijn vader, die ook een eigen onderneming heeft. “Het is, denk ik, met de paplepel ingegoten.”

“Je merkt dat de markt wat anders wordt”, vervolgt hij. “Alles staat net wat langer te koop.” Nieuwenhoorn was er deze winter als de kippen bij om de talentvolle Langendoen in te lijven. De club pikt de inwoner van Oostvoorne op in het onder 23-elftal van Spijkenisse. “Nieuwenhoorn had een goed verhaal en mijn gevoel was meteen goed”, zegt hij over de interesse die de dorpsclub eind van vorig jaar toonde.

“Ze zien in mij een belangrijke pion voor de toekomst. Voor mij komt deze stap op het juiste moment. Bij Nieuwenhoorn kan ik mezelf doorontwikkelen in een goede, sportieve omgeving. De club is ambitieus en wil graag naar de derde divisie. Die ambitie heb ik ook.”

Bij Spijkenisse, de club waar hij jarenlang in de eerste jeugdteams speelde, maakte Langendoen anderhalf seizoen geleden zijn debuut voor de hoofdmacht.

In Spijkenisse onder 23, dat uitkomt in de tweede divisie, ontpopte Langendoen zich als de leider. Niet voor niets draagt hij dit seizoen de aanvoerdersband. “Het is anders dan in de jeugd toen we in de tweede divisie speelden tegen betaaldvoetbalorganisaties als MVV, VVV en Roda JC. Het is vooral het fysieke aspect. We zijn inmiddels begonnen aan het tweede deel van de competitie. In het eerste deel zijn we derde geëindigd. Hopelijk kunnen we in de voorjaarsreeks wel meedoen om het kampioenschap.”

Langendoen betitelt zichzelf als een ‘echte’ verdediger. “Ik ben sterk in de duels en draag zeker ook in opbouwend opzicht mijn steentje bij. Ik heb ook wel eens op het middenveld gespeeld, maar dan wel als een ‘zes’, met de punt naar achteren.”

Hij hoopt zich bij Nieuwenhoorn verder te ontwikkelen. “Nieuwenhoorn is een grote naam op Voorne-Putten. Het is altijd fijn als een club vertrouwen in je hebt. Ik heb vreselijk veel zin in dit nieuwe avontuur.”

Klik op VV Nieuwenhoorn voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Nieuwenhoorn voor meer informatie over de club.

Is de titel- en degradatie strijd in de Eredivisie al bepaald?

Met nog maar zeven wedstrijden te spelen komt het slot van de Eredivisie snel nabij en barst de strijd op veel fronten los. Feyenoord lijkt niet meer naast de titel te kunnen grijpen, maar onder in de competitie is er nog niets bepaald. Ook de strijd om het laatste Europese play off ticket ligt nog helemaal open.

Feyenoord
Door de overwinning van Feyenoord op Ajax werd het gat zes punten met de regerend landskampioen. Momenteel is het gat na de wedstrijd tegen Sparta alweer acht punten. In de historie van de Eredivisie kwam het twintig keer eerder voor dat de koploper na 26 competitiewedstrijden zes punten los stond. In alle twintig gevallen ging het landskampioenschap naar de betreffende club. Volgens het Opta League Prediction-model is de kans dat de schaal naar Feyenoord gaat inmiddels 98.6%.

Europese play-off ticket
In principe hebben de plekken vier tot en met zeven recht op de play-off tickets voor de Conference League. Echter als Ajax, Feyenoord of PSV de KNVB beker wint schuiven de tickets een plekje op waardoor de play-off tickets naar de plekken vijf tot en met acht gaan.

De strijd om die achtste plek, in tegenstelling tot plek vijf tot en met zeven, is nog volop bezig. SC Heerenveen lijkt de beste papieren te hebben, ondanks dat ze momenteel op plek negen staan. Volgens het Opta League Prediction-model heeft de ploeg 25,2% kans om op plek acht te eindigen. N.E.C. en RKC Waalwijk hopen uiteraard SC Heerenveen nog in te halen, het model geeft de clubs een ongeveer gelijke kans om op plek acht te eindigen. RKC maakt volgens het model 21,6% kans op plek acht. N.E.C. volgt met 20,9%.

Degradatiestrijd
Net als ieder jaar is het niet alleen maar vechten voor Europa in de Eredivisie. Onderin is het dringen geblazen om de bevrijdende vijftiende plaats. Volgens het model zijn Groningen en Cambuur de gedoodverfde degradanten van deze jaargang. De kans dat een van de ploegen er nog in blijft is minder dan tien procent.

De strijd om plek zestien lijkt te gaan tussen Emmen en Excelsior. Het model geeft beide teams 40% kans om op deze plaats te eindigen. Het lijken dus nog een paar spannende speelrondes te gaan worden.

Klik op Eredivisie voor meer artikelen over de Eredivisie.
Klik op Eredivisie voor meer informatie over de Eredivisie.

Bart Molenaar van VVGZ viel van de ene in de andere blessure, maar hoopt sterker terug te keren  

Bart Molenaar speelde tot zijn achttiende bij GSC/ODS, waarna een overstap maakte naar VVGZ. Hier speelde hij in het eerste totdat de coronapandemie uitbrak. Toen hij eindelijk weer kon spelen kreeg hij last van een “voetbalenkel” en later een ingescheurde en vervolgens volledig gescheurde kruisband. Inmiddels is Molenaar vier en halve maand bezig aan zijn herstel en hoopt hij na de zomer weer op het veld te staan.

“Voetbalenkel”
Toen er na de corona periode eindelijk weer gevoetbald mocht worden kreeg Bart Molenaar last van een “voetbalenkel”. Om hiervan te herstellen moest hij geopereerd worden. Na vier maanden was hij volledig hersteld en mocht hij dertig minuten invallen tegen ASWH.

Opnieuw geblesseerd na basis rentree
De tweede wedstrijd na zijn blessure tegen Wieldrecht mocht molenaar in de basis starten tegen. Dit verliep niet zoals gehoopt want na één minuut sprong zijn tegenstander op zijn knie, waarbij hij zijn kruisband inscheurde. “Ik ben toen bij het ziekenhuis geweest en daar gaven ze aan dat ik mijn knie nog kon optrainen. Dit heb ik drie maanden lang gedaan, waarna ik weer aansloot bij de groep. Echter had ik bij de eerste groepstraining wederom veel pech. Ik scheurde toen namelijk mijn kruisband volledig af, terwijl er niemand in de buurt was.”

Mentale tik
De blessures hebben veel impact gehad op het mentale aspect van Bart. Sociaal gezien is het erg lastig voor hem want hij verloor zijn teamgevoel. Echter probeert hij niet bij de pakken neer te gaan zitten. Molenaar weet namelijk 100% zeker dat hij weer op het veld wil staan en doet er dan ook alles aan om dit doel zo snel mogelijk te realiseren. Om dit doel te bereiken loopt hij drie keer per week bij NH-fysio. Verder gaat hij naar de sportschool om de rest van zijn lichaam zo fit mogelijk te houden. “Ik verwacht sterker terug te komen na mijn blessure, zeker qua fysiek en conditie.”

Hoop op een snelle terugkeer
Voor de blessure van Molenaar staat in principe twaalf maanden herstel. Dit betekend dat hij eind oktober weer wedstrijden zal kunnen spelen. Toch hoopt hij stiekem na de zomer alweer wedstrijden te kunnen spelen en heeft hij goede hoop dat hij sterker terug zal keren dan ooit!

Klik op VVGZ voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VVGZ voor meer informatie over de club.

 

Jurgen Voskuil denkt absoluut niet aan stoppen bij VVZ’49 na twee kruisband blessures achter elkaar

0

Vandaag gaan we in gesprek met Jurgen Voskuil van VVZ’49. Dit jaar liep Jurgen weer een kruisband blessure op nadat die net hersteld was van zijn kruisband blessure.

Carrière
‘’Al sinds mijn vierde ben ik te vinden bij VVZ. Ik weet nog erg goed dat ik vroeger altijd al met de bal aan het spelen was, dus ik was erg blij dat ik naar een voetbalclub mocht. Ik ben bij VVZ’49 begonnen bij de kabouters en ben vervolgens doorgestroomd naar de jeugd opleiding. In de jeugd heb ik altijd bij VVZ in de selectie gevoetbald. Ik ben vanaf de F1 naar de E1 gegaan, wat betekent dat je met een oudere generatie mee mag voetballen. Hierna ben ik weer bij mijn leeftijdgenootjes gaan voetballen, maar direct na dat jaar heb ik nogmaals een jaar overgeslagen. Ik heb altijd in de eerste klassen of hoofdklassen gespeeld in de jeugd. De laatste jaren van de jeugd was dit alleen maar hoofdklassen.’’

Tot die tijd had Jurgen nooit last van grote blessures. ‘’Ik heb op mijn 18e mijn debuut gemaakt bij het eerste elftal. Helaas heb ik bij mijn eerste basisplaats ook meteen mijn eerste grote blessure opgelopen. Dit was de derde wedstrijd voor mij bij het eerste…’’

Kruisband blessure
‘’Mijn kruisband was volledig afgescheurd. Hierna ben ik geopereerd en ben ik vol aan mijn herstel gaan werken. Na ongeveer 15 maanden kon ik weer voor het eerst minuten maken. Alles in mijn herstel ging goed, totdat het weer fout ging. Ik heb dit jaar voor een tweede keer een kruisband blessure opgelopen.’’

‘’De eerste keer dat ik aan mijn kruisband geblesseerd raakte gebeurde dit in een wedstrijd. We speelde tegen FC Hilversum op een dinsdagavond. Ik pakte de bal af van mijn directe tegenstander en speelde de bal hierna direct door. Nadat ik de bal had doorgespeeld kwam mijn directe tegenstander met een harde en vooral onnodige tackle op mijn knie. Op dat moment klapte mijn knie naar binnen waarna ik een knak voelde en veel pijn ervaarde. Op het moment dat ik op het veld lag had ik niet door dat deze blessure zo ernstig was. Ik dacht zelfs op dat moment nog dat ik zaterdag wel weer kon spelen.’’ Echter dacht de fysio hier anders over.

De tweede keer net nadat Jurgen hersteld was gebeurde op een training. ‘’Ik had een goede revalidatie gehad en had al twee keer minuten kunnen maken bij het tweede. Ik kwam beetje bij beetje terug bij mijn oude niveau. Totdat ik bij een doodnormale training een bal net iets achter me gespeeld kreeg. Ik wilde deze bal aannemen dus ik zette hiervoor een stap naar achter. Er stond helemaal niemand om me heen en toch ging het fout. Ik zette een stap naar achter en toen voelde ik dat ik mijn knie verstrekte en op slot sloeg. Hierna voelde en hoorde ik direct een knak waarna ik meteen wist hoe laat het was.’’

‘De weken na de operatie zijn het zwaarst’
‘’Mentaal omgaan met een blessure als deze is erg lastig. De eerste weken denk je nog van dit gaat wel goed komen. Totdat je de uitslag hoort van de MRI-scan en je er achter komt dat je minimaal een jaar niet kan spelen. Je kan niet alleen een jaar niet spelen, maar je kan ook een ontzettend lange tijd geen leuke activiteiten doen. De zes weken na de operatie zijn het zwaarst. In deze weken zit je veel thuis op de bank en dat is mentaal erg zwaar. Terwijl al je vrienden het goed doen bij de club en leuke dingen aan het doen zijn zit jij te wachten op de bank thuis. Het medeleven is op het begin erg hoog en daar haal je dan ook veel kracht uit. Maar hoe langer je in de revalidatie zit hoe eenzamer het wordt, je moet het echt zelf gaan doen. Het voelt ook oneerlijk dat jij zo hard moet werken om überhaupt op het veld te staan terwijl er andere zijn die daar niks voor hoeven te doen.’’

Het einde van de revalidatie is ook erg zwaar, omdat je dan geduldig moet zijn voor de minuten. Het fijne hiervan is wel weer dat je het sociale contact met je teamgenoten weer hebt. ‘’De onzekerheid of ik ooit nog op niveau kan voetballen valt erg zwaar. Veel mensen in mijn omgeving verklaren me ook voor gek dat ik dit voor een tweede keer ga proberen. Zelf zie ik dit als mijn laatste kans om nog op niveau te kunnen voetballen en hier zal ik ook alles voor geven.’’

Hoe nu verder?
‘’Omdat ik deze revalidatie voor een tweede keer doe en extra voorzichtig zal moeten zijn verwacht ik niet dat ik volgend seizoen fit gaat worden. Ik word in april geopereerd en vanaf hier is het herstel in principe 12 maanden. Ik ga mezelf alle tijd geven en mijn doel is om aan de start van seizoen 24/25 topfit te zijn. Volgend seizoen is voor mij een seizoen om keihard te werken aan mijn herstel. Na de operatie heb ik nergens garantie op dus het enige wat ik kan doen is keihard werken en alles geven voor de revalidatie.’’

Foto: Petra Alvarez

Klik hier voor meer artikelen over VVZ.
Klik hier voor meer informatie over VVZ.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.