Home Blog Pagina 490

Jordi Breestraat, van vv Zuidland, op zoek naar zijn top

Jordi Breestraat keerde deze zomer terug bij zijn oude jeugdliefde Zuidland. De rechtsbuiten annex rechtermiddenvelder wil bij zijn nieuwe club laten zien dat ook hij goed genoeg is voor de tweede klasse.

Breestraat gaat bij ‘Sland’ op zoek naar de bevestiging dat hij ook een hoger niveau aankan. Na PFC, de jeugd van Zuidland, de jeugd van Spijkenisse en vier seizoenen GHVV’13 is de terugkeer bij zijn oude liefde voor hem een logische vervolgstap in zijn carrière. “Ik ben nieuwsgierig waar mijn top als voetballer ligt. Bij GHVV heb ik het uitstekend naar mijn zin gehad, maar als voormalig speler van het hoogste jeugdelftal van Spijkenisse heb ik meer in mijn mars. Ik ben 23 jaar en als ik nog wat wil moest het nu gebeuren. Ik had mijn vertrek al bekend gemaakt voordat we met GHVV degradeerden.”

Zijn avontuur op sportpark Guldeland, waar hij regelmatig goed was voor een doelpunt of elf per seizoen, kende dus geen happy-end. “Aan het begin van de tweede competitiehelft stonden we nog derde. Daarna is het met resultaten snel bergafwaarts gegaan. Dat we degradeerden was een bittere pil. Het was niet het afscheid dat ik er van voorstelde.” Op vrijwel hetzelfde moment dat GHVV’13 een stapje terig moest doen, promoveerde Zuidland naar de tweede klasse. “Met VFC had Zuidland de beste ploeg in de derde klasse afgelopen. Dat merkte je ook al toen wij er tegen speelden. Er zat veel voetbal in, de derde man werd snel gevonden.”

Breestraat nam die manier van spelen mee in zijn keuze. “Het voordeel van Zuidland was ook dat ik er veel jongens ken van vroeger. Dat is toch anders binnenkomen dan dat je niemand kent en je moet voorstellen.” En Breestraat liet zich in de voorbereiding meteen zien. In de eerste drie wedstrijden scoorde hij vier keer. “Als nieuwkomer wil je je bewijzen”, zegt hij. “Mijn voordeel is dat ik tweebenig ben. Ik kan op veel posities uit de voeten, al heb ik wel een voorkeur voor de rechtsbuitenpositie.”

In de eerste maanden in Zuidlandse dienst werd Breestraat, die monteur is van tankcontainers, door trainer Tom Larsen gebruikt als rechtsbuiten, maar ook als rechtermiddenvelder. “We hebben in de voorbereiding geoefend met twee systemen: 4-3-3 en 4-4-2. In dat laatste systeem ben ik de buitenste middenvelder. In de tweede klasse kom je er niet met alleen 4-3-3.”

Die tweede klasse, met een grote Zeeuwse inbreng, wordt voor Breestraat en zijn ploeggenoten een ontdekking. “Veel clubs kende ik niet eens van naam”, bekent hij. “Hellevoetsluis is de enige ploeg uit de regio, voor de rest zijn het voor mij allemaal onbekende teams. Ik heb dan ook geen idee wat we kunnen verwachten.”

“We zijn nieuw in de tweede klasse, dus we gaan van handhaving uit. ”Zelf hoopt hij weer een stapje te kunnen zetten in zijn ontwikkeling. “Met Tom Larsen hebben we één van de beste trainers van de regio. Hij geeft je veel aandacht als speler. Met mij is hij vooral bezig geweest met de omschakeling van aanval naar verdediging. Dat was inderdaad een minder punt van mij, ik had nog wel eens last van een rouwmoment na een mislukte actie. Dat moet er dus uit.”

Klik op vv Zuidland voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Zuidland voor meer informatie over de club.

Passie Jaapjan Hoogerdijk is onbegrensd

Als Jaapjan Hoogerdijk begint te vertellen over voetballen, kan hij niet stoppen. Zijn passie voor het spelletje is ongekend, zijn enthousiasme bij Spijkenisse is wellicht nog groter. Vandaar dat zijn ‘dubbele’ baan is verklaard.

Hoogerdijk (42) is trainer van de JO16-2 en JO14-4 en dat zijn niet geheel toevallig de teams waar zoons Wessel (15) en Milan (13) furore in maken. “We zitten er als familie helemaal in”, zegt hij met een grote grijns op zijn gezicht. “Ik vind het fantastisch. Ik weet dat er een moment komt dat die jongens zeggen: pap, we willen een keer ook een andere trainer, maar vooralsnog heb ik dat niet gehoord. Ik heb ook nog een dochtertje. Ze is inmiddels zeven, maar toen ze klein was en mijn vrouw moest werken op zaterdag zat ze in de buggy bij de dug-out.”

Praten met Hoogerdijk is praten in anekdotes. Zo beschrijft hij de weg naar het voetbalveld toen zijn zoon Wessel zeven jaar was. “Ik ben een enorme Feyenoord-supporter en helemaal idolaat van voetbal. Ik was dan ook hartstikke blij dat ons eerste kind een jongen was. Ik zag het al helemaal voor me: papa met zoonlief naar het voetbalveld.”

Dat bleek echter minder vanzelfsprekend dan gedacht. “Wessel heeft tot zijn zevende eigenlijk geen buitensporige interesse getoond voor voetbal. Hij had er niet zo veel mee. Totdat hij terugkwam van school waar hij voetbalde met vriendjes. Hij liet zich ontvallen dat hij voetbal ook wel leuk vond. Dat heb ik mij geen tweede keer laten zeggen: ik heb nog dezelfde avond een mail gestuurd naar VV Spijkenisse, mijn oude club. Ik kreeg al snel een reactie en die was teleurstellend: we zitten vol. Maar de club ging wel kijken naar een team extra. In de vakantie kregen we bericht dat het toch gelukt was. Wessel blij, zijn vader nog blijer.”

Hij werd al snel trainer. “Door toedoen van andere ouders. Die jongens hadden een trainer maar die had een drukke baan. Die kwam daardoor vaak wat later op de training. Ik nam het dan over en zetten dan alvast wat pionnen klaar. Na een halve wedstrijd coachen hebben de ouders bij de club aangedrongen om mij trainer te maken.”

Tot de dag van vandaag doet hij dat op zijn manier: met passie, enthousiasme, fanatisme en veel vrolijkheid. “Ik heb snel een klik met die jongens. Vorig seizoen begonnen we in het team met Milan met een mengelmoesje. Er waren negen spelers van het ene team en zeven spelers van het andere team. Ik ben echt een teambuilder. Ik zeg ook altijd: we winnen, maar verliezen ook met elkaar. De keeper kan een fout maken en de spits kan drie kansen missen. Die formule van enthousiasme en hameren op teamspel werkt. Je ziet jongens echt groeien.”

Dat Hoogerdijk een geboren inspirator was, was ook Spijkenisse niet ontgaan. Hij werd benaderd om trainer te worden van een Pre-selectieteam. “Dat is een team tussen de academy en de breedtesport met jongens die potentie hebben. Dat ze mij benaderen vond ik een eer. Ik ben er trots op dat vijf jongens die wij onder onze hoede hebben gehad zijn doorgestroomd naar de academie. Eén jongen speelt zelfs bij PSV.”

Trainer zijn van twee elftallen is een drukke business. “Ik heb een paar jaar op maandag, dinsdag, woensdag en donderdag training gegeven”, zegt Hoogerdijk. “Maar de afgelopen drie, vier seizoenen heb ik twee trainingen op één dag. Ik ben om half zes op de club en ben half negen klaar. Dat is prima te doen. Ook al omdat ik bij beide elftallen een geweldige staf heb. Tinus Neuschwanger ken ik al van het begin. Op zaterdag is het soms racen, maar het past altijd wel. Maar het komt wel eens voor dat ik om half negen in Ouddorp moet zijn met het ene team, en om half één in Mijnsheerenland.”

Klik op VV Spijkenisse voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Spijkenisse voor meer informatie over de club.

SV Noordeloos Vrouwen 1: van nieuwe speelsters tot oude rotten

Vandaag zijn we in gesprek met de dames van SV Noordeloos Vrouwen 1. Sinds drie oktober dit jaar zijn ze als vrouwenafdeling van twee teams naar één team gegaan. De vrouwen zijn actief in de vierde klasse en vandaag krijgen we een inkijkje binnen dit team.

Voorstellen
SV Noordeloos Vrouwen 1 is een team wat bestaat uit 28 speelsters (waarvan een aantal geblesseerden). ‘’We bestaan uit speelsters die net zijn begonnen met voetballen en oude rotten in het vak. Een team waarbij iedereen welkom is en gezelligheid hoog in het vaandel
staat.’’

Divers team
We waren benieuwd wat dit team zo uniek maakt. ‘’We zijn een erg divers team van diverse niveaus. Toch kunnen we allemaal door één deur, waarin het leeftijdsverschil nauwelijks merkbaar is. Het team bestaat uit rasechte Noordelozers en wordt aangevuld door zeer waardevolle import uit bijvoorbeeld Meerkerk, Ameide en Hoornaar.’’

Hoogte- en dieptepunt
Het samenvoegen van de twee teams is tegelijkertijd het hoogte- en het dieptepunt voor dit team. ‘’Dit is het hoogte- en dieptepunt, omdat wij in eerste instantie allemaal behoorlijk baalde van het wekelijkse tekort aan speelsters. Op deze manier konden wij niet verder voetballen. Hierdoor waren we genoodzaakt om van twee teams, één team te maken. Dit was voor iedereen een grote verandering en vereiste best wat aanpassingsvermogen van alle speelsters en trainers. Echter nu deze stap genomen is, lijkt dit de beste keuze te zijn en speelt iedereen op haar eigen niveau. De combinatie van dames van VR1 en dames van VR2, maakt dat er opnieuw veel van elkaar geleerd kan worden.’’

De trainingen
Noordeloos Vrouwen 1 traint elke maandag en woensdag met een ontzettend grote groep. ‘’Hierin zijn wij, maar voornamelijk onze trainster, nog erg op zoek naar de meest functionele manier om te trainen. Een manier die voor iedereen leuk en uitdagend, maar ook haalbaar is. Aan de inzet van de speelsters en trainster zal het in ieder geval niet liggen.’’

Bijnamen
Het team bestaat uit alleen maar kleurrijke figuren. ‘’We zullen vandaag even alle bijnamen op een rijtje zetten.’’

  • Nicole → Nikoole
  • Amber → Gevaarlijk spel
  • Geerte→ Van Gaal
  • Helga→ Oma
  • Noortje → De chef
  • Roos→ Leen uitschuifbeen
  • Simone→ De slider
  • Anna→ de klever
  • Anne→ De rugzak
  • Annet→ Loopt te veel
  • Caren → Stef stuntpiloot
  • Ingrid → Voet op de bal
  • Janey → zakdoek in je sok
  • Joelle→ Pechvogel
  • Kim→ De linkspoot
  • Linda→ Nieuwe Slobber
  • Naomi → De moeder
  • Janneke → Blommie
  • Nienke Blom→ Blommie 2
  • Nieke van der Ham → Broekie 1
  • Nathalie → Naat aka Broekie 2
  • Roxanne → Tweebenig wonder
  • Sophie → Het beest op doel
  • Esmee → De ballerina
  • Desiree→ De Boombox
  • Chantal → De brommer
  • Yneke → De nieuwste aanwinst
  • Annemarie → De stille kracht
  • Anneliza → Altijd op de grond.
  • Anouk → Te lang geblesseerd 🙁

Weekendje weg
De dames van Noordeloos hebben elk jaar een weekend weg met het hele team, ook wel trainingskamp genoemd. ‘’Daarnaast hebben wij een uitjescommissie die zorgen voor het nodige vermaak. Natuurlijk staat Noordeloos ook bekend om de geweldige feesten in de kantine.’’

Ambities
Als laatste vroegen we nog naar de ambities van dit elftal. ‘’We hopen dit seizoen leuk mee te kunnen doen en onze draai te kunnen vinden in de vierde klasse. Daarnaast hopen we iedereen te kunnen behouden door het sportief en gezellig te houden. Verder hopen we dat meer dames uit de regio zich aansluiten bij dit gezellige team!

Wij wensen Noordeloos Vrouwen 1 veel succes dit seizoen!

Klik op SV Noordeloos voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Noordeloos voor meer informatie over de club.

‘Die meiden horen niet alleen, ze luisteren ook’

Als trainer van de dames bij Eindhoven 2, leerde Wil Kuijpers afgelopen seizoen die van DSE kennen. Toen bleek eens te meer: het wereldje is maar klein. Dus toen ze in Etten-Leur een nieuwe trainer zochten, wisten ze hem te vinden. “Die meiden horen niet alleen, ze luisteren ook.”

Wat hij daar precies mee bedoelt, is eigenlijk heel simpel. “Horen is alleen weten wat ik bedoel, luisteren is het ook echt uitvoeren.” Daar ligt volgens de 54-jarige Kuijpers dan ook meteen de grootste uitdaging als trainer in het vrouwenvoetbal. “Je moet heel goed communiceren en duidelijk uitspreken wat de bedoeling is. Ze komen echt terug als je wat hebt gezegd.” Bewust zijn van, dus. “Uitspraken moet je heel precies formuleren, ik bedoel eigenlijk dit. Consequent en integer zijn, mannen gaan daar veel makkelijker mee om.” Juist dat, maakt de omgang voor hem zo mooi. “Het is iets moeilijker, maar anders wordt het saai.”

Goed geregeld
Kuijpers kan het weten, want na bijna zeven jaar als trainer bij de jeugdacademie van PSV, weet hij het verschil. Al maakt dat eigenlijk maar weinig uit. “Ik weet niet zo goed wat het is, maar het is zo mooi om te doen.” Sinds 2014 in het vrouwenvoetbal. “Jarenlang heb ik een voetbalschool gehad, met heel veel goede meiden, dia ga je dan volgen. Zo kwam ik bij DIA terecht, daar hadden ze een trainer nodig.” Van het één, kwam het ander.

“Mijn zoontje speelde in die tijd bij PSV, dus in het weekend kon ik eigenlijk niet, maar het beviel zó goed. Toen heb ik maar iets geregeld, zodat ik er op zaterdag toch bij kon zijn.” Vervolgens kwam de Tilburger, die ook nog actief was bij JEKA, dus via Eindhoven, terecht bij het eerste van DSE. “Sinds het eind van de vorige competitie, dit wordt mijn eerste volledige seizoen. Het is een warme club, met een eigen DNA en alles is ontzettend goed geregeld. Wedstrijden met de bus, een vaste fysio, noem maar op. Het wordt echt breed gedragen.”

Samen voetballen
Niet alleen op het veld, ook in het dagelijks leven is Kuijpers omringd door het andere geslacht, zo vertelt hij. “Ik was leidinggevende, maar ben toen overgestapt naar een woonwinkel, met 22 vrouwen.” Waarom? “Ze zeiden dat het ‘moeilijk’ zou worden, dat wil ik dan nog wel eens zien.” Maar tot nu toe, gaat het hem prima af. “Vrouwen komen al hun afspraken na, wij mannen zijn daarin veel slordiger. Dat zie je ook op het veld. Als ze een opstelling moeten maken, duurt dat best even, jongens lopen gewoon naar een positie.”

Toch voelt Kuijpers zich, in dat wereldje, helemaal thuis. “In het meidenvoetbal is de weg naar Oranje of een BVO zo kort, dat is veel makkelijker te bereiken. Als je daar dan je kennis en ervaring in kunt delen, is dat iets moois.” En dat is maar goed ook, want met een kampioenschap en promotie naar de topklasse, wordt er dit seizoen veel gevraagd van DSE. “In die competitie lopen bij iedere ploeg vijf of zes goede speelsters, plus duidelijke patronen, dat moet er bij ons nog een beetje meer in komen.” Kuijpers vervolgt. “Meer samen voetballen. Zonder bal, zijn ze beter dan met bal.”

Pareltjes
Gezamenlijke inzet, schouders eronder en gaan. “Trappen, aannemen, wenden en keren, dat zit bij mij altijd in een training. Harder en zuiverder leren passen. Dan moet ook de handelingssnelheid omhoog.” Net als bij een simpele rondo. “Dan doen we verplicht twee keer raken, snel aannemen en passen. Als we die basis kunnen verfijnen, gaan we daar zeker weten voordeel uithalen. Onderbewust sta je straks dan veel makkelijker op het veld.”

Kuijpers ziet dat, behalve de populariteit, ook het niveau de laatste jaren enorm is gestegen. “Bij DSE hebben we 38 dames voor één en twee, dat is gigantisch. De kwaliteit gaat gewoon omhoog, je krijgt echt specialisten per positie.” Niet heel gek, dat hij daar dan ook op hamert. “Heel vaak vraag ik in gesprekken aan ze: wie ben je als speelster? Het is natuurlijk meer dan talent alleen.” Met die ontwikkeling, is de trainer vanzelfsprekend meer dan verheugd. “De jeugd die nu doorkomt. Daardoor komen steeds meer pareltjes tevoorschijn.”

Interactie
Ook buiten het veld geniet Kuijpers zichtbaar. “Er is meer betrokkenheid dan bij de heren. Dames helpen allemaal mee, die vinden het veel leuker om dingen met elkaar te delen. Daarin zie je dat het breder wordt gedragen.” Daar ligt volgens hem dan ook nog een belangrijke uitdaging, wat betreft ontwikkeling. “Als je op judo gaat, krijg je training van iemand in een judopak. Bij voetbal is het tot een jaar of tien dan toch nog vaak een welwillende ouder, terwijl kinderen juist in de onderbouw ontzettend veel te leren hebben. Dus als we het niveau nog verder omhoog willen, zullen de trainers ook beter moeten.” Daar doet hij zelf, voorlopig nog wel eventjes, in ieder geval alles aan. “Op het veld staan, is het leukste wat er is. De interactie met die speelsters, ik geniet er nog iedere dag van!”

Klik op DSE voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DSE voor meer informatie over de club.

Voor Sebregts en Unitas’30 is promotie één groot avontuur

Tijdens zijn eerste seizoen bij de club, viel Jeroen Sebregts meteen met zijn neus in de boter. De doelman maakte de overstap van VVC’68 naar Unitas’30, groeide uit tot eerste keeper en werd kampioen van de eerste klasse. “Het was een topseizoen, met een topselectie. Alles viel op zijn plek!”

Een mooie bekroning, of zoals de 26-jarige Sebregts het zelf met gevoel voor understatement weet te omschrijven: “Je kunt het slechter treffen.” En dat terwijl de keuze voor Unitas’30, nog geen gemakkelijke was. “Ik voetbalde met veel plezier met mijn vrienden bij vierdeklasser VVC’68, moet je dat dan opgeven? Maar het plaatje hier klopte. Als ik nog wat wilde, moest ik het gewoon doen.” Na een seizoen bij Halsteren zaterdag, miste de sluitpost vooral de gezelligheid die hij de drie seizoenen daarvoor bij Steenbergen wel had ervaren. De stap terug was een bewuste. “Verschillende spelers van Steenbergen gingen toen ook naar VVC’68, net als de trainer van destijds.” Toch bracht zijn ambitie Sebregts richting Etten-Leur. Een stap omhoog en in het begin even schakelen. “Je moet wennen aan het team, maar eigenlijk is het voor de rest vrij vlot verlopen. Na een wedstrijdje of drie, groei je mee met het niveau.”

Iets bijzonders
Maar dat dat meespelen zou zijn om promotie naar de vierde divisie, hadden ze ook bij Unitas’30 niet helemaal verwacht. “De doelstelling was in eerste instantie gewoon om zo snel mogelijk veilig te spelen en heel misschien meedoen om een prijsje. Dat liep even anders.” Toch had Sebregts al vrij snel een heel goed gevoel, over afgelopen seizoen. “Er zat vanaf het begin veel voetbal in, maar we waren wisselvallig. Toen we uit bij DHC verloren, dacht ik wel even: oei! Maar na de wedstrijd tegen SC ‘t Zand (gelijkspel), voelde je dat het wat bijzonders kon worden. Toen waren we veel beter.” Een goede reeks volgde. Mede dankzij het trainersduo Hendrikx en Van Vugt. “Joris is tactisch heel sterk, terwijl Eddie echt tussen de spelers staat. Dat is denk ik een goede combinatie.”

Slimmigheidjes
Maar ook binnen het veld, heeft Unitas’30 een mooie mix van spelers, vertelt Sebregts. “Jong en oud, kwaliteit en ervaring. De jeugd bonkt ook alweer op de deur.” Stiekem toch een beetje de sleutel tot succes, denkt hij. “De breedte van onze selectie. Als we vorig seizoen moesten wisselen, werd het er echt niet slechter van.” Dit jaar wordt dat een grotere uitdaging, verwacht de goalie. “Het grootste verschil nu, is toch wel de ervaring. Er zijn er een paar gestopt of vertrokken. Ik ben 26, maar de op twee na oudste.” En dat merk je, in de vierde divisie. “Bepaalde slimmigheidjes, die moeten wij nog leren. Met foutjes kom je nu ook niet meer weg, dat is een stukje volwassenheid.” Sebregts ziet het dan ook eigenlijk allemaal als één groot avontuur. “Niemand van ons heeft ooit op dit niveau gespeeld. We moeten ervoor zorgen dat we erin blijven, de rest is mooi meegenomen.” Maar wel met hun eigen speelwijze. “Taken uitvoeren, vanuit de discipline, is nu nog belangrijker. Als je een keertje dekt op twee meter, is het daarna vijf.”

Dromen mag
Ook als doelman merkt hij het verschil. “Spitsen ronden beter af, dus moet je nog beter positie kiezen.” Gelukkig is dat precies zijn specialiteit. “Ik ben sterk in de één tegen één, maar probeer het vooral ook coachend goed weg te zetten. En meevoetballend ben ik vrij rustig.” Dat laatste is overigens niet zo heel gek, blijkt. “In de jeugd heb ik, tot mijn vijftiende, altijd gevoetbald. Bij Rimboe.” Een bijzonder verhaal. “Op een keer kwam de keeperstrainer langs, of ik niet mee wilde doen. Dat was eigenlijk meteen heel leuk. Zo is het begonnen.” Maar dat Sebregts jaren later in de vierde divisie zou keepen, had hij toen zelf ook niet verwacht. “Bij Rimboe kregen we vaak bijna honderd goals per jaar tegen, dan heb je niet per se het idee dat je opvalt. Van een dorpje naar de derde klasse, vond ik toen al mooi. Nu speel ik hier.” Wie weet waar het eindigt, voor de inwoner van de Wouwse Plantage. “Misschien maak ik straks nog wel een stapje. Dromen mag toch?”

Klik op Unitas’30 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Unitas’30 voor meer informatie over de club.

‘Via Spanje naar Internos en de derde klasse’

Vijf seizoenen in de jeugd van RBC Roosendaal, voetballen in Spanje en bij zijn terugkeer kampioen worden met Internos. De afgelopen jaren waren voor Moreno Mertens allesbehalve saai. En de komende maanden wacht alweer een nieuwe uitdaging: de derde klasse.

De nu 28-jarige Mertens had toen, net als ongeveer ieder ander jongetje van zijn leeftijd, eigenlijk maar één droom: profvoetballer worden. Bij de stadionclub uit Roosendaal leek de verdediger goed op weg, maar een faillissement gooide vroegtijdig roet in het eten. “Als je in je hoofd, eindelijk die knop hebt omgezet van ‘het zit er niet meer in’, is het best moeilijk om door te gaan.” Helemaal toen dat moment voor de rechtsback kwam tijdens zijn eindexamenjaar op de middelbare school. “Ik wist niet goed wat ik wilde gaan studeren, ben toen naar Internos gegaan en kwam vervolgens in Spanje terecht.” Via een studiebeurs en taalschool, om het toch nog één keer te proberen. “Je wilt later ook geen spijt krijgen.”

Dubbel gevoel
Mertens speelde tijdens dat avontuur tegen een mooi rijtje Spaanse clubs, bleef hangen voor zijn studie en maakte de meest bijzondere dingen mee. “Het was echt een dorpsclub, ons complex en stadion bestond uit één veld.” Maar na een aantal fraaie herinneringen, kwam ook daar uiteindelijk een einde aan. “Ik was er wel een beetje klaar mee. Het boek van de voetbal gaat een keer dicht, dan moet je realistisch zijn.” Mertens keerde terug naar Nederland, maar niet op een voetbalveld. “Twee jaar lang heb ik niet gevoetbald, tot ik vier seizoenen geleden Rick van Oostende, een oud-teamgenoot, tegenkwam in de sportschool. Of ik het niet leuk vond om weer aan te sluiten.”

De overstap van Internos naar de zaterdag trok de verdediger uiteindelijk over de streep, toch blijft het soms nog even wennen. “Haha, ik mis het leven in Spanje wel hoor. Ik heb het hier en op dit niveau goed naar mijn zin, maar het gevoel is soms een beetje dubbel.” Net als bij het kampioenschap in de vierde klasse, van afgelopen seizoen. “Het verschil in kwaliteit was heel erg groot, steeds spelen tegen ploegen die inzakken of winnen met 10-0 is niet leuk. Eigenlijk waren er met MOC’17 en Steenbergen maar twee tegenstanders waar het echt om ging. Daar leefde je naartoe.”

Meer tegenstand
Toch zag Mertens, in het dagelijks leven werkzaam bij NOC*NSF, dat het tegen de twee grootste concurrenten niet vanzelf ging. “Precies op dat moment, gaven we niet thuis. Dat kwam hard aan. Gelukkig hebben we ons daarna, juist tegen hen, goed herpakt.” Extra knap, zo denkt de inwoner van Etten-Leur. “Mentaal speelde dat best wel een rol in het team. Weinig tegenstand, minder serieus, dan ga je toch sneller afmelden. Dat merk je aan kleine dingetjes.”

Maar uiteindelijk, was er volgens hem maar één ploeg die het kampioenschap het meest verdiende. “Tegen Vrederust gaven we het bijna nog weg, maar ik vond ons afgelopen jaar de beste.” En dus mag Internos zich dit seizoen, gaan bewijzen op een niveautje hoger. In de derde klasse. “Binnen de groep hebben sommige jongens het al over promotie, ik ben zelf wat terughoudender. Vooral heel benieuwd hoe we het gaan doen met meer tegenstand.” Een voorspelling, durft Mertens voorlopig nog niet aan. “Daarvoor ken ik de competitie niet goed genoeg, maar we hebben wel een ploeg met veel kwaliteit.”

Volle bak
Daar maakt hij zelf, als rechtsback, een belangrijk onderdeel van uit. “Een dienende speler, verdedigen is echt mijn ding. Afpakken en de bal naar de goede kleur spelen.” Al blijft hij, ook op dat vlak, zichzelf ontwikkelen en uitdagen. “Ik probeer steeds vaker aanvallend mijn steentje bij te dragen, dat lukt steeds meer, maar kan nog altijd beter.” Wonend op 200 meter van het sportpark, staat Mertens alvast te trappelen. “Echte wedstrijden en er iedere week moeten staan. De spanning om volle bak te moeten gaan!”

Klik op Internos voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Internos voor meer informatie over de club.

In gesprek met vv Bevelanders Vrouwen 1

Vandaag gaan we in gesprek met Luna Nouse van vv Bevelanders Vrouwen 1. De achttienjarige speelt als verdedigende middenvelder, spits en laatste vrouw. Momenteel studeert zij verpleegkunde en in haar vrije tijd is ze veel op het veld te vinden. Vandaag vertelt zij over haar elftal, Bevelanders Vrouwen 1.

Ten eerste wilden we weten hoe dit elftal is begonnen. ‘’Vrouwen 1 bestaat al heel lang en daarin is het een beetje komen en gaan van dames. In 2019 is de MO15 samengevoegd met de vrouwen 1 waardoor we ineens een heel groot leuk team hadden. Ik was toen slechts veertien jaar, dat is nog best jong om bij vrouwen te voetballen. In het begin vond ik dat nog lastig maar zodra ik merkte dat ik met mijn snelheid en trucs eigenlijk makkelijk mee kon. Werd het voor mij steeds leuker. Na twee á drie jaar was het team behoorlijk uitgedund omdat er dames gingen studeren, werken etc. Er ontstond toen best wel een behoefte aan een nieuwe lichting. De meiden uit gemengd JO15 mochten toen ook eindelijk aansluiten bij het team waardoor we nu een vrij jong vrouwenteam hebben.’’

Buiten het feit dat dit team dus nog vrij jong is, wilden we weten wat er nog meer uniek is aan dit damesteam. ‘’Dit team is uniek door de strijdlustigheid die er heerst om te winnen. Vooral het samen werken en samen winnen maakt ons uniek. Onderling is er een hele gezellige en vredige band waardoor er ook niet veel gemopperd wordt op elkaar en we elkaar in onze waarde laten. Als er iets is waar we het niet mee eens zijn of als we denken dit moet anders laten we dat ook gewoon weten en praten we erover met elkaar. Ondanks dat we nog een vrij jong team zijn heeft iedereen zijn plek. We weten goed wat we aan elkaar hebben, dat maakt ons een uniek team.’’

Vervolgens wilden we weten of er nog bepaalde hoogte- of dieptepunten zijn geweest die indruk hebben gemaakt op Luna. ‘’Het hoogtepunt van mijn tijd in dit team is toch al een aantal jaar geleden toen we nog de naam MO15 hadden. Een groot deel van de MO15 toen, zit nu ook in het vrouwenelftal. Met een beetje geluk, maar uiteraard door de strijdlustigheid en veel trainen kwamen we ineens tot de finale van het KNVB-beker toernooi. 10 juni 2017 hebben we toen een zinderende finale gespeeld in Halsteren tegen TSC Oosterhout en de beker mee naar huis genomen naar Kamperland. Het was een dag om nooit te vergeten met een volle supporters bus gingen we richting Brabant. De zenuwen gierden door onze lichamen en dat was in begin ook te merken aan het spel. Na het laatste fluitsignaal stond het 2-2 wat penalty’s betekende.

Gelukkig hadden we daarop geoefend met de trainer. De zenuwen van de eerste minuten waren weer helemaal terug. We scoorden de eerste vier penalty’s met gemak en onze keepster hield er maar liefst twee. Hierdoor gingen wij er met de overwinning vandoor.  Deze dag zullen we niet snel meer vergeten, de vreugde was zo groot.  Dit was ons nooit gelukt als we niet zo goed hadden samengewerkt en alles voor elkaar over hadden in de wedstrijden en trainingen. Gelukkig kennen we niet heel veel dieptepunten in ons team, maar het moment waarop heel veel meiden aangaven te stoppen en we ook op zoek moesten naar een nieuwe coach was wel lastig. Gelukkig is dat allemaal weer goed gekomen en zijn we er positief uitgekomen met dit mooie team.’’

We vroegen verder op de nieuwe trainer. We wilden onder andere weten hoe de trainingen er nu uitzien bij de dames. ‘’De trainingen met dit elftal zijn gezellig en soms mag het wat serieuzer. Er is altijd wel even tijd om bij te kletsen, maar soms moet de focus toch net iets meer bij de bal liggen. Als die focus er is dan ontstaan er vaak leuke wedstrijdjes en worden de oefeningen goed uitgevoerd. Dat geeft dan toch een goed gevoel voor de wedstrijd die op de planning staat.’’ Ook wilden we weten of er in de loop der tijd nog verschillende typetjes of kleurrijke figuren zijn ontstaan hierop reageerde Luna met: ‘’In de kleedkamer en op de trainingen is het vaak gezellig. Iedereen draagt daar wel zijn steentje aan bij. We hebben niet echt mensen die daarin op de voorgrond staan.’’

Tot slot wilden we het hebben over activiteiten die de meiden buiten het veld ondernemen en hun ambities. ‘’Activiteiten die we met dit team hebben ondernomen zijn onder andere een wipe-out baan wat hilarische beelden heeft opgeleverd. Daarnaast houden we ook zeker van een hapje eten met elkaar zoals een BBQ of uiteten gaan. We mogen ook zeker de feestjes op de club niet vergeten. Qua ambities, we willen wel graag nog een keer kampioen worden met dit team. Als we als team blijven samenwerken en er samen voor gaan denk ik dat we een eind moeten kunnen komen’’, sluiten Luna af.

Klik op Bevelanders voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Bevelanders voor meer informatie over de club.

Broers Van Dort geven middenveld OHVV gewicht

Thomas van Dort (18) debuteerde afgelopen seizoen in de hoofdmacht van OHVV. Hij viel met de neus in de boter. Aan de zijde van zijn oudere broer Gavin (22) promoveerde hij met de Oudenhoornse club naar de derde klasse.

Thomas is dit seizoen ook op een ander gebied in de voetsporen van zijn oudere broer getreden. Sinds het nieuwe schooljaar volgt hij aan de Rotterdamse hogeschool een studie. “Het is even wennen na de Havo”, zegt de jongste van OHVV-broers. “Het is vooral wennen aan het ritme.”

De broers beleefden een opvallend seizoen met OHVV in de vierde klasse. In de reguliere competitie werd de formatie van trainer Mark van Os duidelijk op punten geklopt door DVV’09 uit Dirksland. OHVV, dat net als de voorgaande twee seizoenen als grote favoriet was gestart, moest in een vroegtijdig stadium afhaken in de titelrace.

Des te knapper was het dat OHVV zich wist op te richten in de nacompetitie. In de finale van die nacompetitie werd BSC’68 geklopt, waarmee de derde klasse werd bereikt. “Eindelijk”, reageert Gavin van Dort (22), die met OHVV al enkele seizoenen zonder succes jacht maakte op promotie. “Wij hebben twee keer de pech gehad dat we door corona de competitie niet konden afmaken. Bij het tweede seizoen waren er nog maar vier wedstrijden gespeeld, bij het eerste seizoen was de eindstreep al min of meer in zicht. We hadden een behoorlijke voorsprong. Dat was een grote teleurstelling.”

De promotie van afgelopen seizoen maakte die teleurstelling goed en daarom mogen de broers samen de derde klasse in. Dat is zeker voor Thomas speciaal, want hij is nog tweedejaars A-junior. “Ik heb hem niet beïnvloed om ook naar OHVV te komen”, verzekert Gavin. “Dat is puur zijn eigen besluit geweest.”

“Ik speelde bij Spijkenisse, maar ik had het daar niet helemaal naar mijn zin” vertelt Thomas. “Ik heb gevraagd aan de trainer of ik een keer bij OHVV mocht meetrainen. Dat ging blijkbaar goed, want al snel vroeg hij of ik naar OHVV wilde komen.”

“Ik vind het wel leuk hoor om samen met mijn broertje te spelen”, reageert Gavin, die dezelfde weg als zijn jongere broertje bewandelde en vier seizoenen geleden Spijkenisse inruilde voor OHVV. Destijds werden in Oudenhoorn net de plannen gesmeed om op zaterdag successen te vieren. “Ik heb mijn draai aardig gevonden hier”, weet Gavin. Als linkermiddenvelder is hij in het 4-4-2 systeem van de dorpsclub een extra aanvaller. Hoe gevaarlijk hij kan zijn, bewees hij met veertien goals. “Ik ben erg doelgericht en krijg ik ook van de trainer de ruimte om mijn acties te maken. Ik erg alert op afvallende ballen rond het strafschopgebied. Ik heb vanaf die positie heel wat doelpunten gemaakt.”

Thomas vertolkt op het viermansmiddenveld vaak de rol van de meest rechtse middenvelder. Hij is technisch sterk en moeilijk van de bal te krijgen. “Als je mij vergelijkt met Gavin dan ben ik wat verdedigender ingesteld, al pik ik wel mijn goaltjes mee. Vorig seizoen had ik er vijf. Al met al ben ik niet ontevreden over mijn eerste seizoen in de senioren.”

In de vierde klasse behoorde OHVV tot de top, in de derde klasse ligt die rol niet voor de hand. “Als nieuwkomer is het zaak om ons te handhaven”, zegt Gavin. “Onze tegenstanders zijn een stuk beter dan in de vierde klasse, maar op een hoger niveau kunnen we ons als team ook weer beter ontwikkelen.”

Thomas: “In de vierde klasse had je er nog wel eens een wedstrijd bij die je makkelijk won. Dat gaat nu niet meer gebeuren.”

Klik op OHVV voor de laatste artikelen over de club.
Klik op OHVV voor meer informatie over de club.

Robin Verhorst speelt met vriendenteam voor promotie

Vandaag spreken wij met Robin Verhorst, de 39-jarige middenvelder van Alexandria’66 Zaterdag 2. Verhorst heel vele jaren gespeeld bij hoofdklasser Zwaluwen, maar is momenteel na een lange carrière te bewonderen op het oude nest in een vriendenteam. Dit seizoen wilt de middenvelder graag promoveren met zijn ploeg.

Robin Verhorst is 39 jaar en is werkzaam bij Pub Horeca (leverancier non food spullen aan horeca). “Mijn vriendin is Sherley Strik waar ik negen jaar samen mee ben en wij zijn trotse ouders van zoon Lev (zeven jaar) & dochter Jackie (twee jaar)! Momenteel speel ik bij Alexandria’66 2, samen met mijn broertje Marco Verhorst.”

Carrière
Verhorst begon met voetballen bij Alexandria’66. “Ik was toen zes jaar oud en begon bij de F’jes. Hier ben ik vervolgens 21 jaar gebleven om op mijn 27e de overstap te maken naar hoofdklasser Zwaluwen in Vlaardingen. Hier heb ik vijf seizoenen gespeeld. Hierna heb ik nog twee seizoen bij RV&AV Sparta gespeeld om vervolgens terug te keren op het oude nest waar ik nu bij mijn vrienden in het tweede van Alexandria’66 speel!”

“Als ik zo terugkijk op mijn voetbalcarrière, dan doe ik dat met genoeg voldoening”, vertelt Verhorst. Pas op latere leeftijd besloot Verhorst om Alexandria’66 te verlaten om op hoofdklasse niveau te spelen bij Zwaluwen. “Dit was voor mij het goede moment om eens te voetballen in een andere omgeving en nieuwe uitdagingen aan te gaan. Ik heb met Alexandria’66 de weg van vierde klasse naar hoofdklasse meegemaakt. Dat is best uniek, want er werd geen piek betaald! Gewoon een hechte groep met spelers als Angelos Kerasavopoulos, Kevin de Vries, Marco Verhorst en Sjoerd Hagemeijer waar ik heel lang mee samen heb gespeeld.”

Hoogte- en dieptepunten
Verhorst heeft in zijn carrière niet zoveel dieptepunten meegemaakt. “Als ik er toch eentje moet noemen, dan was het toch wel de nacompetitie finale tegen Gouda voor promotie naar de eerste klasse. We liepen met Alexandria’66 promotie mis door een doelpunt en deze viel in de 119e minuut van de verlenging. Die deed wel pijn ja!”

Als hoogtepunt heeft Verhorst met RV&AV Sparta op Het Kasteel gespeeld. “Zo, dat was toch wel een belevenis voor iemand die al heel z’n leven een seizoenkaart heeft van Sparta. Daarnaast had ik ook de winnende gemaakte in de nacompetitie finale tegen Ariston’80 waardoor we promoveerde naar de tweede klasse. Zeker ook een hoogtepunt!”

Alexandria’66 Zaterdag 2
Robin Verhorst staat, na een slechte start van de competitie (openingswedstrijd verloren), weer bijna bovenaan de ranglijst. “Op één punt na van de koploper! De trein is weer op volle toeren aan het rijden en dendert met vijf gewonnen wedstrijden op rij lekker door! De derde helft winnen we nu ook steeds glansrijk!”

“Als de A66 trein lekker door blijft rijden en we deze vorm aanhouden, dan maken we denk ik wel een goede kans op promotie! Iedereen moet dan wel heel blijven en geen blessures oplopen. Vorig jaar ben ik geëindigd met 23 doelpunten in competitieverband en dit seizoen heb ik als doel om weer de 20 te halen en dit in combinatie met promoveren met A66 2 naar de eerste klasse!”

Wij wensen Robin Verhorst veel succes dit seizoen!

Klik op vv Alexandria’66 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Alexandria’66 voor meer informatie over de club.

Bennie Blokland legt lat hoger met SC Botlek

Dankzij een ijzersterke eindsprint bleef SC Botlek vorig seizoen derdeklasser. Voor de komende jaargang legt aanvoerder Bennie Blokland de lat hoger met zijn team. “We moeten minimaal wegblijven uit de problemen.”

De voortekenen voor een seizoen zonder degradatiebesognes zijn volgens Blokland in ieder geval aanwezig. De krappe selectie van vorig seizoen is een stuk breder geworden en ook in kwalitatief opzicht is er in de ‘transferwindow’ een injectie geweest. Botlek kon een aantal nieuwe spelers verwelkomen op sportpark De Brug. “Er is meer concurrentie en dat is alleen maar goed”, zegt de gasmeetkundige bij een bedrijf op de Maasvlakte. “We hebben er een paar goede en ervaren spelers bijgekregen. Ook voorin met Rephendry Amsterdam. En persoonlijk verwacht ik ook veel van Mark Terlaak, die vorig seizoen voornamelijk in het tweede speelde. Hij komt eraan. Hij is een typische nummer negen.”

Met een piepjonge selectie begon het Botlek van trainer John Stougje aan het vorige seizoen. Na het vertrek van een aantal ervaren spelers werd Blokland gekozen als aanvoerder. “Ik heb eigenlijk nooit gevraagd waarom de trainer voor mij gekozen heeft”, reageert de centrale middenvelder. “Wellicht dat het te maken heeft met mijn positie, wellicht ook heeft hij gekeken naar mijn ervaringsjaren.”

Want Blokland mag dan pas 21 jaar zijn, hij is al sinds zijn zestiende jaar vaste naam in de basisopstelling van de club uit Spijkenisse. “Ik heb al op mijn vijftiende mijn debuut gemaakt. Vanaf dat moment heb ik er altijd bijgezeten. In het eerste seizoen veelal als invaller, maar het seizoen daarop steevast in de basis.”

Hij en Botlek plukken intussen de vruchten van die ervaring. “De scherpe kantjes zijn er af. Ik kon best wel emotioneel tekeer gaan in het veld. Misschien daardoor ook heeft de trainer mij die aanvoerdersband gegeven, om mij op mijn verantwoordelijkheid te wijzen. Als dat zijn bedoeling was, heeft het goed gewerkt. Ik ben rustiger geworden en probeer ook in mijn rol er voor mijn medespelers te zijn.”

Als voetballer is Blokland vooral een solide kracht in de halflinie. “Ik ben geen 8, maar ook geen 8. Ik ben een verbindingsspeler. Een 7? Ha, dat rugnummer draag ik wel. Ik denk dat ik een goed overzicht heb en een goede pass, maar ben geen speler die veel in de aanval komt en voor het doel. Een goalgetter ben ik nooit geweest en zal ik ook niet worden.”

Blokland roemt de ontwikkeling van het jonge Botlek het afgelopen seizoen. “Ondanks dat we diep in de problemen zaten hebben we ons gered. Dat is best knap met zoveel jonge jongens. In het begin van de competitie liep het nog erg stroef. Het besef moest nog komen dat we meer een team moesten zijn. Daar heeft het trainingskamp in de winterstop ook aan bijgedragen. We zijn langzaam maar zeker een team geworden en dat vertaalde zich ook in resultaten. Nadat we van OVV hadden gewonnen, wisten we dat we op de goede weg waren. Uiteindelijk hebben we de laatste vier wedstrijden nog gewonnen. Door die progressie mogen we de lat voor dit seizoen best wat hoger leggen, vind ik.”

Klik op SC Botlek voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SC Botlek voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.