Home Blog Pagina 290

‘Je moet blij zijn dat je voetballer mag zijn’

Hij was een tijdje niet op de velden te vinden als hoofdtrainer, vond daarna het plezier terug bij Wernhout en gaat dit seizoen aan de slag bij Internos. Want het voetbalbloed, kruipt ook Remco Broos waar het niet gaan kan. “Toen heb ik besloten om ergens weer voor mijn eigen kans te gaan!”

En die kans, kreeg de 48-jarige Broos dus bij derdeklasser Internos. “Ik ging op zoek naar een club die bij mij past, toen kwam dit op mijn pad. Ze willen die familiecultuur weer terugkrijgen.” Dat idee, sprak de onderwijsmanager wel aan. “Vooral om het samen te doen!” Maar wel op een fanatieke manier. “Een stukje ambitie. De faciliteiten zijn goed en er staat een gretige én leergierige selectie. Eén die graag een stapje omhoog wil, dat spreekt mij aan.” Heel lang nodig om na te denken, had de Roosendaler dan ook niet. “Ik kreeg gelijk een goed gevoel. Wat dat betreft ben ik ook wel een gevoelsmens. En als ik het doe, doe ik het voor de volle 120 procent.”

Schommelingen

Dat hebben ze, ook bij Internos, gemerkt tijdens zijn eerste weken. “Tot nu toe heb ik nog geen seconde spijt gehad. Ik ben goed opgevangen en het is eigenlijk wel een beetje zoals ik had verwacht. Een jonge groep, met een paar gasten die al langer meelopen.” Toch hebben ze in Etten-Leur wel een klein jasje uitgedaan, vertelt hij. “Het was vorig seizoen aan het einde al een wonder dat ze die nacompetitie nog hebben gehaald, met al die blessures, maar nu missen we wel wat ervaring. Of jongens die het verschil op dit niveau al hebben gemaakt.” De selectie werd vervolgens versterkt met nieuwe spelers. Waaronder een aantal bekende gezichten. “Dat was even schakelen én wennen. Al maakt dat het ook weer meteen een soort eenheid.” Bij een club die Broos stiekem al best een beetje kende. “Ik werk op een scholengemeenschap in Etten-Leur, dus ik ken de vereniging en wat mensen. Niet heel goed, want ik ben toch vooral de zondag gewend.” Meteen een bijkomend voordeel, lacht hij. “Heb ik dan nu mooi de tijd om andere dingen te doen!” Na een eerdere periode bij VVC’68, is Broos nu dus opnieuw actief op zaterdag. Een mooie uitdaging, vertelt de trainer. “Onze doelstelling is meedoen om de promotieplekken en groeien richting die tweede klasse. Die ambitie en mogelijkheden passen ook bij mij. Alleen, als je realistisch kijkt: ervaring kwijt en jeugd erbij, dat zorgt voor schommelingen. Dat is inherent aan een groep met minder ervaring.” Makkelijk, zal het dan ook zeker niet worden. “Het is een zware competitie, dus we zullen er echt wel voor moeten knokken. Er zitten geen simpele potjes meer tussen.”

Energiek

En de oefenmeester kan het weten. “Ik heb vorig seizoen al wedstrijden bezocht, avonden op de club gespendeerd en gesprekken met spelers gevoerd. Allemaal om het team precies zó te krijgen.” In de hoop dat ze toen al zouden promoveren. “Natuurlijk! Ik was verheugd dat ze de nacompetitie haalden, we willen met de club zo snel mogelijk omhoog.” Dat lukte uiteindelijk dus net niet, maar Broos heeft louter complimenten voor zijn voorganger. “Paul (van Dijk) verdient alle lof, die heeft er het maximale uitgehaald. Met dat aantal spelers, zo’n prestatie leveren, is echt knap.” Toch gaat hij het, logisch ook, wel iets anders aanpakken dan zijn collega eerder heeft gedaan. “De accenten gaan meer op de aanval, daar zijn we druk mee bezig. Energiek voetbal, in beweging zijn en de bal graag willen hebben. Ik wil een elftal zien, waar het publiek graag voor komt kijken.” Een attractieve speelwijze dus. “Ik was vroeger zelf aanvaller, dat zie je. Die drive moet er bij mij altijd in zitten.” Al gaat dat niet vanzelf, weet Broos. “Je moet er iets voor opofferen, om daar te kunnen komen. De trainingsinzet stemt mij tot nu toe meer dan tevreden, iedereen gaat volle bak.” En dat is nodig ook. “We moeten de bal snel weer terug hebben, dat is één van onze speerpunten. Bij vlagen zetten we hoger druk, maar we moeten als team kunnen schakelen. Ook in formaties.” Door hard te trainen. “Dingen terugzien, waar je samen op hebt getraind. Dat blijft het mooiste. Daar kan ik als trainer echt van genieten.”

Betrokkenheid

Sowieso is dat een belangrijk aspect, in zijn manier van werken. “De groep moet plezier hebben in wat ze doen. Dat is voor mij een graadmeter. Als dan ook het geloof er bij iedereen is, zullen de resultaten volgen.” Juist als het even minder gaat. “Op die momenten geef je net even iets meer aandacht. Je moet blij zijn dat je voetballer mag zijn. Op een hoofdveld, met mensen langs de lijn. Dat gevoel probeer ik er altijd wel in te houden. Anders wordt het plichtmatig en komt het nooit uit jezelf.” Wat dat betreft zit het bij Internos wel goed. “Davy Wouters, onze centrale verdediger, heeft vorig seizoen een zware knieblessure opgelopen, en is daardoor dit jaar bij mij aangesloten als assistent. Dat is toch wel tekenend voor de betrokkenheid en de wil om samen iets moois neer te zetten. Ook tijdens een lange blessureperiode.” Voorlopig is Broos dan ook in zijn nopjes. “Ik ben heel blij met de spelersgroep én met de samenwerking met het tweede. We gaan ons stinkende best doen voor promotie, maar met de kanttekening dat het niet makkelijk gaat worden!”

Klik op Internos voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Internos voor meer informatie over de club.

 

 

Bas de Visser speelt vooral voor zijn plezier met vrienden bij MZVC

0

Omdat het tweede elftal geen wedstrijd moest spelen, zag Bas de Visser (21) zich bij het eerste elftal terug in de basisopstelling. En hij liet zich zien, want tegen Kruiningen nam hij zelfs de openingstreffer voor zijn rekening. Toch zal hij niet de overstap maken maar vooral met zijn vrienden in het tweede blijven spelen.

“Dat is wel de bedoeling in elk geval. We hebben destijds met een aantal vrienden besloten om bij MZVC in een vriendenteam te gaan spelen. Dat werd het tweede elftal en daarmee willen we proberen om dit seizoen voor het kampioenschap mee te spelen. Dat lukte vorig seizoen net niet en nu willen we het weer opnieuw proberen. De wedstrijd tegen Kruiningen konden we met het eerste meedoen, omdat onze wedstrijd niet doorging. Samen met nog vier teamgenoten hebben we toen het eerste geholpen, want hun selectie is niet heel erg breed. Mocht het nodig zijn dan ben ik, en ook de ploeggenoten beschikbaar, maar in eerste instantie spelen we in het tweede.”

De Visser genoot overigens wel van het duel bij het eerste elftal en gaf hem ook wel het gevoel dat een hoger niveau er als voetballer wellicht ook inzit. “Niet alleen voor mij, maar ook voor een aantal teamgenoten uit het tweede misschien. Toch ligt onze prioriteit nu bij het eigen team.”

De aanvaller begon in de jeugd van MZVC met voetballen bij de F-pupillen. Daarna werd de jeugd samengevoegd met Zeelandia Middelburg en speelde hij tot en met de JO19 bij de derdeklasser. “Toen vroegen drie broers die bij MZVC een vriendenploeg wilden opstarten of ik het zag zitten om daar te komen voetballen. Zodoende heb ik de overstap gemaakt. Het is een kleine en gemoedelijke vereniging en dat bevalt tot op heden goed.”

Af en toe vraagt hij zich wel eens af ‘wat als’ hij bij Zeelandia Middelburg was gebleven. “Toch heb ik bewust de overstap gemaakt en voetbal nu vooral voor mijn plezier met een groep vrienden samen. Met elkaar proberen om de titel te pakken dat lijkt me leuk om mee te maken. Wat er daarna allemaal op mijn pad komt en waar dat is, dat zie ik later wel. Voor nu is het goed zo en ben ik prima op mijn plek. Het voetbal is naast mijn studie bedrijfskunde een heerlijke uitlaatklep en ik wil dit seizoen gewoon zoveel mogelijk wedstrijden spelen.”

Klik hier voor meer artikelen van MZVC
Klik hier voor meer informatie over MZVC

 

 

Unitas’30 heeft met eigen jeugd ‘goud in handen’

Opgegroeid op de Leur, nooit zelf gevoetbald, maar sinds een jaar of tien fanatiek bezig met de jeugdafdeling van de club. Abdel Ben Omar ziet de toekomst van Unitas’30 dan ook rooskleurig tegemoet. “Ik denk dat we de derde divisie kunnen halen, we hebben goud in handen.”

Goud waar hij als hoofdcoördinator jeugdselectie, samen met zijn collega’s, voor moet zorgen. “Per leeftijdscategorie hebben we in theorie één coördinator, plus de interne scouting. Dat valt onder mijn verantwoordelijkheid. In feite zijn we een afgeleide van de afdeling voetbalzaken. Mocht er iets zijn of spelen, pak ik het op.” Van begeleiden, tot selecteren en het vinden van trainers. “Uiteindelijk willen we spelers voor het eerste opleiden, dat is ons doel. Daar moeten wij, onder meer door middel van communicatie, de juiste kansen voor bieden.”

Beoordelingen

Ben Omar (48) vertolkte zelf een seizoen of vijf de rol van coördinator, vanaf 2018 is hij hoofdcoördinator. Vanaf dat moment ging, met Leon de Bruijn als collega-kartrekker, het balletje van een nieuw jeugdbeleid spreekwoordelijk rollen. “We werken nu sinds tien jaar met interne scouts. Die komen rond januari met een lijst van spelers, die opgevallen zijn tijdens wedstrijden. Als ze drie positieve beoordelingen krijgen, komen ze op die lijst. Trainers en leiders vragen we ook een beoordeling in te leveren.” Is onder aan de streep alles positief? “Dan krijgen ze rond februari of maart, de kans om periodiek mee te trainen bij de selectie. Want we selecteren uit de ‘recreatieve teams’.” Een flinke uitdaging, weet Ben Omar inmiddels. “Ouders worden steeds mondiger, dus proberen we zo duidelijk mogelijk te zijn. In selectieteams, selecteren we door. Dat vertellen we altijd tegen iedereen. Om onbegrip te voorkomen.” Zelf voetbalde de hoofdcoördinator daarentegen nooit in een selectieteam, lacht hij. “Ik ben niet zo’n voetballer van nature, ben ook nooit op die manier lid geweest.” Wel gaf Ben Omar training, volgde hij de trainerscursus en stond hij dus mede aan de basis van een nieuw jeugdbeleid. “Ondertussen loop ik er al 40 jaar rond. Nu soms vijf dagen per week. Vanaf mijn zestiende mijn broertjes training gegeven en later ook mijn zoontje.” Maar omdat een ouder/zoon-combinatie bij Unitas’30 vanaf de JO11-1 niet gewenst is, moest de vrijwilliger dus wat anders gaan doen. “Dat werd dit!”

Alle linies

Als opleider van de toekomst dus. “We willen verzorgd voetbal spelen, 4-3-3 en de Hollandse school. Opleiden is meer dan resultaat, toch zorgt winnen natuurlijk voor een boost. Dat stukje winnaarsmentaliteit, helpt ook bij ontwikkeling.” En dus moeten ook de jeugdtrainers, goed voorbereid zijn. Letterlijk en figuurlijk. “Op onze hoofdteams proberen we opgeleide trainers te krijgen. Daarnaast zitten onze coördinatoren geregeld met de trainers samen. Trainingen moet je voorbereiden, anders ontbreekt de structuur.” Toch is dat allesbehalve makkelijk, vertelt Ben Omar. “Ik geef ze vaak mee: ga gewoon het veld op en praat met ze. Iedereen heeft tegenwoordig maar beperkt tijd, dat wordt steeds moeilijker.” Tijd die ze bij Unitas’30, zo efficiënt mogelijk proberen te verdelen. “Het moet op alle linies gebeuren, daar gaat het om. Daarom kijken we juist ook veel naar de recreatieve teams, bieden we trainers daar cursussen aan en organiseren we clinics met NAC. Hoe breder onze opleiding is, hoe beter spelers worden. Daar heeft heel de club profijt van.” En dat is de laatste jaren, behoorlijk goed gelukt. “We spelen nu allemaal divisieniveau, onze O23 doet het goed en het eerste bestaat uit nagenoeg allemaal jeugdspelers. Ooit wilden we 85 procent, daar zitten we boven.” Dat niet alleen. “Het doel was een stabiele tweedeklasser worden, dat is redelijk achterhaald. Inmiddels spelen we vierde divisie.” Als het aan Ben Omar ligt, blijft het daar niet bij. “Ik denk dat we die derde divisie kunnen halen. We hebben echt goud in handen.” Blijkt ook wel uit de interesse in spelers. “Clubs uit de regio die komen shoppen, dat is voor ons een compliment. Al houden we ze natuurlijk liever zelf. Maar vaak, komen ze uiteindelijk ook weer terug.” Het maakt hem stiekem toch een beetje trots. “Het is heel fijn om te zien dat als je de jeugd een kans geeft, om op een zo hoog mogelijk niveau te voetballen, ze het dan ook waarmaken!”

Klik op Unitas’30 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Unitas’30 voor meer informatie over de club.

 

Joëlle van Keulen alleen nog op afroep beschikbaar voor dames SVOD’22

0

 Kampioen worden, als topscorer het seizoen eindigen én als kers op de taart verkozen worden tot ‘Speelster van het Jaar’ bij SVOD’22. Het overkwam aanvalster Joëlle van Keulen vorig seizoen allemaal. Toch besloot ze om diverse redenen ervoor te kiezen om te stoppen bij de SVOD’22-dames en dit seizoen is ze alleen bij hoge nood beschikbaar.

“Dat klopt inderdaad. Ik heb er zeker wel een tijdje over getwijfeld natuurlijk, maar er zijn voor mij nu andere prioriteiten dan voetbal. Ik mis het overigens wel hoor, maar toch heb ik besloten dat het voorlopig nu even beter is om de focus ergens anders op te richten.”

Van Keulen heeft een ander huis gekocht en bovendien vraagt ook haar werk op een zorgboerderij voor mensen met een beperking om de nodige inspanningen. “Ik heb een klushuis gekocht waar heel veel tijd en energie in gaat zitten en daarnaast werk ik ook een volledige week. Om dan ook nog te moeten trainen én wedstrijden spelen, dat zou toch echt te veel zijn op dit moment. Dan moet je bepaalde prioriteiten stellen en dat heb ik na lang wikken en wegen dan ook gedaan.”

De veelscorende aanvalster was drie seizoenen actief bij de fusieclub en had het erg overigens wel prima naar de zin. “Daar ligt het zeer zeker niet aan, want ik moet bekennen dat het teamgebeuren en ook de gezelligheid van het met een groep ergens naartoe werken dat mis is absoluut. Ik woon in Meliskerke en ben dus ook niet afkomstig uit Oostkapelle. Toch heb ik me altijd enorm welkom gevoeld en gewaardeerd. Nu ook nog overigens hoor, want ik ben nog wel altijd lid van de club en heb in de voorbereiding ook nog meegedaan. Dan kriebelt het wel, maar vooralsnog heb ik ook besloten om niet meer te trainen zodat ik ook een beetje kan ‘afkicken’ haha. Maar ik sluit niet uit dat ik in de toekomst toch af en toe wel weer eens een training zal meepakken.”

Momenteel doet ze op sportief vlak dus even niets of nauwelijks wat en dat is voor de 22-jarige Van Keulen best wennen. “Voordat ik bij SVOD’22 ging voetballen, speelde ik alleen samen met mijn broer , zijn vrienden en wat jongens uit de buurt op het trapveldje bij ons in het dorp. Dus ik ben met recht een echte laatbloeier in clubverband. Daarnaast vind ik ook volleybal, squash en tennis leuk om te doen, al haalt het dat niet meer bij het plezier wat ik uit het voetballen haalde. Maar omdat ik niet steeds wilde afmelden dat ik een training of wedstrijd vanwege andere bezigheden is het voorlopig even de beste oplossing. Ze kunnen me bellen wanneer ze niet voldoende meiden hebben en dan heb ik afgesproken om aan te geven wanneer ik wel beschikbaar ben.”

Of, waar en wanneer ze de voetbalschoenen weer definitief terug aantrekt, dat hangt van heel veel verschillende factoren af. “Het werk op de zorgboerderij heeft een arbeidsmatige insteek voor onze cliënten, dus dat is intensief qua begeleiding. Daarnaast moet eerst het huis volledig af zijn en daarna zie ik wel wat ik ga doen. Ik kan niet in de toekomst kijken hoe lang dat gaat duren, want ik heb immers geen glazen bol. In de seizoenen bij SVOD’22 heb ik het altijd enorm naar mijn zin gehad en was het mooi om die waardering te voelen. Ik heb nog altijd wel contact hoor en volg ze uiteraard ook met belangstelling, want het spelletje blijft gewoon superleuk maar op dit moment maak ik even pas op de plaats.”

Klik op SVOD’22 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SVOD’22 voor meer informatie over de club.

Jethro Meerman voelt zich erg gewaardeerd bij Nieuwland

0

 Het is alweer het derde seizoen dat Jethro Meerman actief is in het shirt van vierdeklasser Nieuwland. Hij kwam in 2021 over van RCS uit Souburg en voelt zich bij de kleine dorpsclub uitstekend op zijn plek.

“Het is een heel leuke, kleine club. En ook vooral een warme club met heel veel trouwe clubmensen die je waarderen om wat je doet. Bij RCS was ik destijds geblesseerd geraakt en trainde er het tweede elftal. Toen ik samen met mijn vriendin op een gegeven moment verhuisde naar Nieuw en Sint Joosland kreeg ik de vraag of ik niets voelde voor een overstap naar Nieuwland. Ik ben toen af en toe eens gaan meetrainen. Mijn knieblessure herstelde en ik heb toen de keus gemaakt om hier ook terug in het eerste gaan spelen. En tot op heden heb ik hier al heel mooie momenten beleefd.”

Na de coronaperiode bijvoorbeeld wist hij aanvaller Wesley de Smit, een oud-ploeggenoot bij RCS, over te halen naar Nieuwland te komen. “Wesley knalde er vorig jaar meer dan veertig binnen en had daardoor een groot aandeel in het geweldige seizoen wat we beleefden. We eindigden als tweede in de 4e Klasse A, maar redden het niet om via de nacompetitie te promoveren.”

Dit seizoen maakt De Smit zijn doelpunten niet meer voor Nieuwland, maar voor tweedeklasser SV Walcheren. “Dat is voor ons enorm zonde. Want we leveren enorm veel aanvallende klasse in. Het is nu zaak aan anderen om binnen de ploeg die rol over te nemen, maar dat is op dit moment ons manco. We spelen prima, krijgen kansen maar scoren nog te weinig. Als dat beter gaat, dan ben ik er van overtuigd dat we ook dit seizoen weer in de linkerrij moeten kunnen meestrijden.”

Meerman kreeg ook wel een aantal telefoontjes om een overstap te maken naar een club op een hoger niveau, maar hij bleef Nieuwland trouw. “Ik woon om de hoek en ben hier prima op mijn plek. We hebben een heel jonge groep en ik ben met mijn zevenentwintig jaar een van de oudere spelers. Daarin probeer ik qua coaching als aanvoerder dan ook jongens te sturen en de ploeg goed neer te zetten. Dat vind ik ook iets wat bij me past als laatste man en met de ervaring die ik toch heb.”

In de afgelopen drie seizoenen is de groep in mijn ogen wel enorm gegroeid en kunnen we het elke tegenstander enorm lastig maken. Als iedereen er vol voor gaat, dan denk ik ook dat we nog flinke stappen kunnen maken. We hebben met Rene de Nooijer een trainer die er kort opzit en ook enorm fanatiek is. Dat heeft deze groep ook wel nodig. We spelen in een enorm sterke klasse en hopelijk kunnen we snel de weg omhoog weer inzetten.”

Klik op Nieuwland voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Nieuwland voor meer informatie over de club.

Romeo Goelaman wil met RCS meestrijden voor de prijzen

0

Na een degradatie direct weer jezelf oprichten en op een niveau lager weer ‘meedoen’ in het nieuwe seizoen. Veel clubs willen het graag, maar het is zeer zeker niet vanzelfsprekend. Dat beseft ook Romeo Goelaman (29) zich heel goed, zéker omdat de 3e Klasse A van het zaterdagvoetbal misschien beter kan worden omschreven als een ‘2e klasse light’.

“Zo zou je het misschien wel kunnen betitelen. Als je goed kijkt naar alle teams die er nu in voetballen, dan zitten daar een hoop voormalig tweedeklassers bij. En het wordt voor iedereen een fikse klus om aan het eind van de rit een prijs in je bezit te hebben. Met RCS willen we heel graag zo lang mogelijk blijven meestrijden om die prijzen en eventuele promotie, want dát is wel het doel.”

En dan is het voor de ploegen die allemaal soortgelijke doelstellingen hebben uitgesproken of nastreven zaak om vanaf de competitiestart scherp te zijn en punten te pakken. In tegenstelling tot ploegen als Zeelandia Middelburg en FC Dauwendaele is RCS in de competitie goed uit de startblokken geschoten. “Als je de eerste wedstrijden punten pakt, dan heeft dat vaak ook impact op de rest van het seizoen. Dat is vaker gebeurd en dat wilden we als ploeg absoluut voorkomen. Dan is het wel prettig om de eerste wedstrijd met 4-2 te winnen en ook tegen promovendus Wolfaartsdijk er zeven in te prikken. Dat is goed voor het vertrouwen bij iedereen en dan haak je aan.”

De middenvelder is wel bewust van het feit dat hij met RCS elke wedstrijd honderd procent zal moeten geven nu er opnieuw enkele sterke teams in de derde klasse zijn bijgekomen. “Vorig seizoen hadden we vooral in de eerste serie wedstrijden het enorm moeilijk, maar op basis van de tweede seizoenshelft was uiteindelijk de degradatie in mijn ogen onnodig. Toen speelden we goed, hadden het wat anders neergezet en boekten resultaten. Als je het dan toch niet red is dat wel zuur.”

Goelaman begon met voetballen in de jeugd van RCS en nadat hij een seizoen tussen het eerste en tweede elftal in bungelde koos hij voor een vertrek naar Zeeland Sport. Daarna stapte de controlerende middenvelder over naar v.v. Veere. “Ik kende een aantal gasten die daar speelden en heb er ook paar mooie seizoenen gehad. Een kleine vereniging met een leuke sfeer onderling. Toch was ik op een gegeven moment toe aan een nieuwe uitdaging en ik kreeg de kans om bij RCS terug te keren. Dit is mijn tweede seizoen en het bevalt perfect. Ik speel veel en voel vertrouwen, dus dat is voor een voetballer altijd lekker om te proberen het maximale uit jezelf te halen.”

In zijn rol als controleur net voor de verdediging van de Souburgers voelt hij zich als een vis in het water. “Ik ben geen echte sloper maar meer een speler die de voetballende oplossing zoekt. We spelen nu in een 1:3:5:2 systeem en hebben op het middenveld heel veel positiewisselingen. Dat is een systeem waar ik me wel prettig bij voel. We zijn daarop overgestapt vorig seizoen in de winterstop en sindsdien zijn de resultaten steeds beter geworden. Het is dus een manier van voetballen die prima blijkt te passen bij onze selectie tot op heden.”

Naast het veldvoetbal is Goelaman ook in de zaal als speler actief bij Groene Ster uit Vlissingen. Daar maakte hij in 2021 op 27-jarige leeftijd zijn debuut in de eredivisie. “Het is heerlijk om op zo’n technische- en tactische manier op het hoogste niveau van Nederland te spelen. Daar leer ik enorm veel van en daar doe ik ook op het veld zeker mijn voordeel mee. We trainen ook daar enorm hard en zijn ongekend fit. Die combinatie van technische balbeheersing en het conditionele stuk dat merk ik heel goed. Ik voel me fitter en hoop zowel in de zaal en op het veld bij RCS zoveel mogelijk minuten te kunnen maken. En daarin dan ook een zo constant mogelijk niveau halen. Als dat lukt én wanneer we met RCS tot het eind toe kunnen meestrijden voor een periode of eventuele promotie, dan ben ik een tevreden mens.”

Klik op RCS voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RCS voor meer informatie over de club.

Voetbaldier van Hoeven is klaar voor de vierde klasse

Hij speelde in de jeugd onder meer tegen Ajax, Feyenoord en West Ham United, maar komt bij Hoeven inmiddels samen met vrienden uit op een ‘mooi niveau’. Al is dat niveau na de degradatie van vorig seizoen, nu toch net een beetje minder mooi, beseft Wouter van Oosterhout. “Of het terecht was? Ik denk van niet.”

Maar terecht of niet, Hoeven moet het dit seizoen toch echt in die vierde klasse gaan proberen. Hoe het zo ver heeft kunnen komen? De twintigjarige Van Oosterhout heeft wel een idee. “Geen geweldig voetbal gespeeld, maar we hebben ook wel wat pech gehad. Goals die dan net niet vallen. Dat soort dingen.” Helemaal als je kijkt, naar het jaar daarvoor, herinnert hij zich. “Toen zat ik zelf nog in de jeugd, maar eindigde het eerste gewoon in de middenmoot.” Inmiddels derdeklasser af, kijkt hij terug op een teleurstellend verloop van de competitie. Niet alleen voor de ploeg, maar ook voor hem persoonlijk. “Ik ben vooral veel geblesseerd geweest, in totaal heb ik maar zo’n zeven wedstrijden gespeeld. Enkelbanden, hamstring.”

Spannend

En dat terwijl de inwoner van het dorp, eigenlijk van kleins af aan niet beter weet. “Sinds mijn vijfde zit ik bij Hoeven, begonnen in de F5. Zo opgebouwd naar het eerste.” Al maakte hij onderweg, nog wel een uitstapje. Om extra te trainen dan welteverstaan. “Bij de Eerste Nederlandse Voetbalschool, zo heette dat echt. Op de zondag, dat was een goed niveau.” Sterker nog. “We werden zesde op een toernooi met Ajax, Feyenoord en West Ham United.” De tegenstanders heten nu dan misschien anders, aan zijn plezier is in al die jaren niks veranderd, vertelt Van Oosterhout. “Samen met vrienden, gewoon gezellig en lekker voetballen.” Toch lukte dat laatste, afgelopen seizoen eigenlijk maar niet. “Als je ergens onderaan staat, weet je dat het spannend gaat worden. Toen dat besef er was, kwam de ‘drive’ wel weer in de ploeg, maar we hadden het eerder kunnen voorkomen.” Al had hij daar zelf, vaak vanaf de zijlijn, dus maar weinig invloed op. “Je hoopt natuurlijk steeds dat we winnen, maar je hebt vooral het gevoel dat je mee wilt doen.” In zijn tweede seizoen bij het eerste, moet dat anders, vindt Van Oosterhout. “Qua slimmigheidjes is het in het begin echt wel even wennen. Ook tactisch. Voetballend vind ik het verschil met de jeugd meevallen.” Nu de teleurstelling van de degradatie is verwerkt, kan er weer vooruit worden gekeken. Ook door de middenvelder zelf. “Ik heb tot nu toe nergens last van én ben klaar om te spelen!” Tijd voor een voorspelling dus. “De vierde klasse is over het algemeen meer duels, denk ik. Hopelijk kunnen we bovenin meedoen en ons voetbal laten zien.”

Beter maken

Kampioen worden en zo snel mogelijk terugkeren, dat is eigenlijk het doel. Met Van Oosterhout als centrale man op het middenveld. “Ik speel het liefst als verdedigende middenvelder, als ‘zes of acht’. Een voetballend type, iemand die graag combineert. Veel de bal hebben, een man passeren en het spel maken.” In een vrij jong team, met genoeg potentie, heeft ook Van Oosterhout zijn eigen ambitie: “Zo hoog mogelijk spelen. Dat heb ik altijd geroepen. Als voetballer, moet je ook zo’n doel hebben. Dus als die kans komt, wil ik dat wel een keer proberen.” Al laat hij Hoeven ook weer niet zó makkelijk achter, vertelt de dorpeling snel. “Je moet er altijd goed over nadenken. Ik heb het hier ook heel erg naar mijn zin met mijn vrienden.” En niet alleen als voetballer. “Sinds vier jaar ben ik ook jeugdtrainer. Dit seizoen van de JO15. Hiervoor was ik assistent bij NAC JO16. Het is heel mooi om die kinderen beter te maken.” Uit liefde voor het spelletje. “Voetbal spreekt me gewoon aan. Ik kijk het ook veel op tv, vaak met vrienden. Barcelona of de Premier League. Eigenlijk volg ik alles wel.” Met zijn UEFA B op zak, liggen op dat gebied voldoende mogelijkheden. “Dat zou ik graag voort willen zetten, maar ik ben ook net begonnen met een HBO-studie. Dan is het lastig te combineren. Wie weet in de toekomst.” En dus komt hij voorlopig nog lekker op het fietsje naar sportpark Achter ‘t Hof. Maar de vraag is voor hoelang. “Op een hoger niveau voetballen én jeugdtrainer bij NAC… Dat zou mooi zijn!”

‘Het zorgt voor een nieuw soort enthousiasme’

0

Als assistent-trainer bleef Bas Liebregts de afgelopen jaren lekker in de luwte. Want eigenlijk was hij, zoals de trainer het zelf zegt, aan het afbouwen. Tot DSE aanklopte en zijn voetbalhart opnieuw sneller begon te kloppen. Maar, is hij wel meteen duidelijk: “Dit wordt echt mijn allerlaatste klus.”

Al zou die klus wel zomaar, een flinke tijd kunnen duren, lacht de inmiddels 39-jarige Liebregts. “Ik ben wel een trainer van de lange termijn. Dus het kan ook twee, drie of vier jaar worden. Dat zie ik zelf wel zitten!” Want zijn eerste weken bij de vereniging uit Etten-Leur, bevallen hem uitstekend. “Het is een leuke en warme club, waar de dingen goed geregeld zijn. Qua leden is het nu zelfs de tweede vereniging uit de buurt.” Wat dat betreft zit DSE dus in de lift. “Helaas zijn ze afgelopen seizoen gedegradeerd naar de vierde klasse. Het was een kleine groep, met veel blessures. Dus er moest weer wat gebeuren.”

Vertrouwen

En dus kwamen ze bij Liebregts uit. “Via-via raakten we in gesprek. Gevraagd worden is altijd leuk, dat streelt je.” Toch was het allesbehalve een uitgemaakte zaak. “Na zestien jaar als jeugdtrainer en zes seizoenen bij de senioren, was ik eigenlijk afbouwend…” De oud-trainer van onder meer JEKA, Baronie en SC Gastel, in verschillende functies, ging er open en nuchter in, vertelt hij. “Laten zien wat ik in huis had. Dat waren goede gesprekken. Er waren vier of vijf kandidaten, maar de volgende dag wilden ze meteen een vervolggesprek. Dat geeft natuurlijk vertrouwen.” Een jonge trainer, die midden in de groep staat, bleek wel bij DSE te passen. “Toen moest ik het alleen thuis nog even overleggen. Naast een baan van 40 uur, sta ik ook nog graag op de tennisbaan én speel ik padel.” Goedkeuring binnen, kon Liebregts begin augustus dan eindelijk aan de slag. “Het is echt een vriendengroep. Daar ligt ook wel meteen de uitdaging. Het is een jonge ploeg, waaruit acht tot tien spelers zijn vertrokken. We hebben doorgeselecteerd.” Een herhaling van zetten, voor de ervaren oefenmeester. “Bij JEKA kwam er toentertijd ook veel jeugd door. Het is leuk om te gaan doen én om te laten zien hoe het kan!”

Weer lekker

Dat begint met een goede klik. “Soms ga je ook met die jongens naar het café, dat hoort erbij. Gelukkig kan dat hier ook allemaal.” Bij een club, die in het hoofd van Liebregts op voorhand voor wat vraagtekens zorgde. “Ik kende DSE nog niet echt. De dames spelen natuurlijk hoog, dat zorgt voor wat bekendheid.” Maar, zo heeft hij gemerkt: “Alles is hier goed geregeld. Het bestuur, de TC.” Met zijn eigen ervaring op zak, hij was onder meer drie jaar hoofdtrainer bij JEKA, moet het wat dat betreft wel goed gaan komen. Toch moest Liebregts de afgelopen weken, na een periode als assistent-trainer, weer héél even wennen. “Vooral qua tijd. Als assistent werk je toch een beetje in de luwte, nu heb je opnieuw alles. Vooral organiseren vergt veel tijd.” Toch schrikt hem dat voorlopig zeker niet af. “Ik vind het eigenlijk wel weer lekker! Het zorgt voor een nieuw soort enthousiasme.” Enthousiasme wat hij, na de degradatie van vorig seizoen, meer dan prima kan gebruiken. “Dat varkentje heb ik al een keer gewassen. JEKA was toen ook een gedegradeerde club. Zoiets geeft juist kansen. En het is natuurlijk leuker om veel te winnen.”

Herkenbaar

Dat moet in die vierde klasse, nu dus gaan gebeuren. “We gooien een jonge groep voor de leeuwen, maar moeten meedoen voor promotie.” Al wordt dat nog niet zo makkelijk, als dat het misschien klinkt. “Het zijn heel veel onbekende tegenstanders, waar je nu nog moeilijk iets over kunt zeggen.” En dat ligt niet aan Liebregts zelf. “Sinds februari, heb ik geen wedstrijd meer gemist. Ik ben naar alles gaan kijken, ook uit. Daardoor wist ik op een gegeven moment heel veel van die tegenstanders uit de derde klasse, maar daar hebben we nu niks meer aan, haha!” Een frisse start, met een nieuwe trainer en dus nieuwe kansen. “Twee dingen vielen mij toen al wel op. Het verdedigend ingrijpen, alsof je leven ervan afhangt. Dat miste ik wel. Én, hoe zetten we druk?” Sommige dingen, zullen dus gaan veranderen, is Liebregts eerlijk. “De speelstijl is héél anders, maar daar ga ik niet al te veel over zeggen. Het belangrijkste is dat mijn manier van spelen herkenbaar moet zijn. Durven vooruit te stappen en druk te zetten. Als dat ons lukt, ben ik tevreden.” Een mooie uitdaging, zo vindt hij. “We hebben geen geboren leiders binnen onze ploeg. De oudste is 25. Daardoor mis je ook het stukje praten met elkaar.”

Veldtrainer

Gelukkig is Liebregts daar zelf, wél vrij bedreven in. “Een duidelijke en rustige trainer. Coaching doe ik vaak individueel.” Een mensenmens, zo meent de inwoner van Breda. “Ik probeer er altijd een hecht team van te maken. Dat werpt tijdens het seizoen zijn vruchten af.” Ook door in de breedste zin van het woord betrokken te zijn. “De jeugd én het tweede, moeten we er net zo goed bij betrekken. Bijvoorbeeld door ze een keer training te geven.” Trainingen die best pittig kunnen zijn, lacht Liebregts. “Dynamisch en alles met bal. Soms één tegen één op een groot veld, dan staan ze met hun handen op de knieën.” Conditioneel, maar ook creatief. “Een pass- en trapvorm zonder pionnetjes, dat spelers zelf na moeten denken.” Nadenken doet de UEFA B-trainer in ieder geval zelf meer dan genoeg. “Ik vind mezelf meer een veldtrainer, dan een tactische coach. Daarom liep het ook zo goed met Jurriaan (van Poelje) bij Baronie. Dat was als assistent echt een gaaf seizoen.”

Even niks

Een hoofdstuk waar Liebregts, werkzaam als vestigingsmanager, tijdens zijn laatste periode als hoofdtrainer graag nog een fraaie paragraaf aan toe zou willen voegen. “Ruim 23 jaar al die verplichtingen… Soms is het lekker om een avondje even niks te moeten. Een potje padel, tennis of op een bootje zitten. Dan is het fijn om wat meer vrije tijd te hebben. Maar ik wil eerst mooi afsluiten als trainer!”

Klik op DSE voor meer artikelen over de club.
Klik op DSE voor meer informatie over de club.

Dennis Kovacevic hoopt eindelijk op promotie met Zeelandia Middelburg

 Al een paar seizoenen is Zeelandia Middelburg één van de voornaamste titelkandidaten in de derde klasse zaterdag. Van een kampioenschap of promotie kwam het telkens niet. Ook dit seizoen kent de ploeg van clubman Dennis Kovacevic een valse start.

“Dat we niet zijn begonnen zoals we hadden gehoopt, dat is nog zwak uitgedrukt. We hebben een nieuwe trainer, kenden een behoorlijk goede voorbereiding en gingen met vertrouwen de competitie in. Daar hebben we nog niet gebracht wat we in ons vermogen hebben en dat is wel op zijn zachtst gezegd teleurstellend.”

De 27-jarige Kovacevic begon ooit bij SV Walcheren, maar speelt (op een seizoen bij VC Vlissingen en twee bij Serooskerke na) al jaren bij Zeelandia Middelburg. “Op de middelbare school heb ik destijds de overstap naar Middelburg gemaakt en daar ben ik nog altijd enorm blij mee. Het is echt mijn cluppie geworden door de jaren heen. Toen ik de kans kreeg om bij VC Vlissingen in de hoofdklasse te spelen, die kon ik niet laten lopen. Ik had er nooit een basisplaats omdat ik een Josimar Pattinama in topvorm voor me had. Toch heb ik veel geleerd en daar pluk ik nu nog altijd de vruchten van.”

Toch koos de ervaren aanvallende middenvelder na zijn hoofdklasse-avontuur nog een keer voor een tijdelijk vertrek uit Middelburg. Hij vertrok naar Serooskerke te gaan spelen. Ook dat werden, om niet sportieve redenen ook twee bijzondere seizoenen. “We kregen toentertijd te maken met de coronapandemie en die beide seizoenen werden daardoor voortijdig stilgelegd. Dat was jammer, want ik had het daar best naar goed mijn zin. Mooie en gezellige club, maar uiteindelijk ben ik toch teruggegaan naar Zeelandia Middelburg om te proberen daar de stap omhoog te maken. Tot op heden jammer genoeg nog niet met het gewenste resultaat.”

Twee seizoenen geleden lag hij met zijn ploeg op kampioenskoers, totdat op het eind de motor begon te sputteren en VCK verrassend de titel pakte. Vorig jaar bleek uitgerekend Serooskerke voor iedereen te sterk en strandde Zeelandia opnieuw in de nacompetitie. “Het is zonde dat we het telkens niet weten af te maken. We hebben een prima selectie en ook vanuit de jeugd komen er geregeld talenten door. Maar om écht kampioen te worden moet je een heel jaar lang constant zijn en dat is vooralsnog ons manco. Ook dit seizoen belonen we ons tot nu toe niet tijdens de wedstrijden.”

Vorig jaar scoorde Kovacevic als spits maar liefst vierentwintig goals en kreeg hij de waardering met de uitverkiezing als Speler van ’t Jaar. “Dat is een mooie waardering, net zoals ik bij afwezigheid van Niels Luteijn een seizoen lang aanvoerder was. Een eervolle taak, die ik met trots zo goed mogelijk heb geprobeerd te vervullen. Nu Niels terug is ben ik weer reserve-aanvoerder en dat is prima, want Niels is een geboren aanvoerder en leider binnen de groep.”

In de persoon van Daan Eikenhout staat er nu een nieuwe eindverantwoordelijke voor de selectie en Kovacevic is te spreken over de nieuwe wind die waait. “Iedereen is op nul begonnen en traint enorm scherp. Dat wordt ook geëist. Alles gaat er enorm competitief aan toe en Daan kijkt  met de opstelling gewoon per week welke elf het beste hebben getraind. Niemand krijgt privileges en dat zorgt ervoor dat iedereen er vol op klapt. Ik vind dat mooi en zorgt voor perfecte concurrentie. Dat het tot nu toe nog niet in wedstrijden tot het gewenste resultaat heeft geleid is jammer, maar ik ben er van overtuigd dat we dat snel gaan ombuigen. Want het doel is voor Zeelandia nog altijd om de tweede klasse te bereiken. Alleen zal dat ook dit seizoen weer geen eenvoudige opgave worden.”

Klik op Zeelandia Middelburg voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Zeelandia Middelburg voor meer informatie over de club.

 

Jayven Jansen heeft het naar zijn zin op Scheldemond College én bij JVOZ

0

VLISSINGEN – Hij is dit seizoen aan zijn derde jaar begonnen bij JVOZ waar hij speelt in de JO13. Jayven Jansen (12) maakte dit jaar wel een nieuwe stap naar een nieuwe school: het Scheldemond College. ‘Dat bevalt echt heel goed, het is een leuke school en ik krijg volop kansen om lekker te voetballen en daar ben ik heel blij mee.’

Voordat Jayven koos voor een stap naar JVOZ speelde hij in de jeugd van SV Walcheren, de club waar ook zijn vader Martijn voetbalde. “Ik train nu vier keer per week en speel daarnaast nog een wedstrijd. Mijn droom is om profvoetballer te worden en ik vind het gewoon leuk dat ik bij JVOZ zoveel mag leren en de kans krijg om als voetballer beter te worden. Maar ik weet ook dat school héél belangrijk is.”

En die school, dat is sinds begin van dit schooljaar dus het Scheldemond College. Een grote stap die de linkspoot tot nu toe in de eerste weken heel goed bevalt. “Ik leer er heel veel nieuwe mensen kennen en er wordt ook heel goed rekening gehouden met het voetballen. Dat vind ik fijn en is ook wel leuk. Alle jongens uit mijn team zitten op het Scheldemond en twee ervan zitten ook bij mij in de klas. Dat is wel leuk vind ik.”

Zijn vader Martijn ziet ook nog een mooi voordeel van de overstap naar het Scheldemond College. “De eerste twee jaar waren best pittig. Toen trainden ze later en moest hij vaak nog wat huiswerk maken toen hij thuis kwam na de training. Nu krijgen ze de mogelijkheid om huiswerk te maken op school en trainen ze direct nadat ze op school klaar zijn. Daardoor heeft Jayven na de trainingen ook even wat rust en dat is wel fijn. Het is minder hectisch en dat is voor iedereen wel prettig.”

De samenwerking tussen Scheldemond College en JVOZ is volgens zowel Jayven als zijn vader Martijn ook heel goed. “Alle ouders kregen vooraf een rondleiding en goede uitleg wat ze konden verwachten. De afstemming tussen school en JVOZ is goed en ze houden prima in de gaten hoe het gaat, zowel op school als met het voetballen. Als je dingen nodig hebt, dan kan je altijd bij iemand terecht met vragen.”

Jayven is blij met zijn nieuwe omgeving. “Het is een leuke school die me kansen geeft om zowel te studeren als te voetballen. Want ik weet goed dat niet iedereen profvoetballer kan worden, maar ik ga het wel proberen.”

Klik op JVOZ voor de laatste artikelen over de club.
Klik op JVOZ voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.