Home Blog Pagina 690

Wesley Zonneveld voelt zich thuis bij Rijnsburgse Boys

Hij was acht jaar lang doelman bij Telstar. Nu is Wesley Zonneveld begonnen aan zijn eerste volledige seizoen onder de lat bij Rijnsburgse Boys. De 29-jarige keeper wil in de Tweede Divisie gebruik maken van zijn ervaring. “Ik ben vooral altijd heel erg rustig, in elke situatie. Dat probeer ik uit te stralen op de groep.”

RIJNSBURG – Na acht jaar Telstar kwam er in 2019 een einde aan de profcarrière van Zonneveld. “Ik stond bij Telstar regelmatig in de basis, dus dan verwacht je ergens wel dat je een nieuwe profclub gaat vinden. Uiteindelijk blijft dat zo lang uit dat je een keuze moet maken. Scheveningen was er toen als eerste bij.” Na een jaar in de Tweede Divisie bij Scheveningen kreeg de doelman een kans om een stap te zetten: Rijnsburgse Boys klopte op de deur en hij hapte toe. “Toen ik naar Rijnsburgse Boys vertrok, had ik geen opties in het profvoetbal. Als ze er waren geweest, was ik ze waarschijnlijk niet aangegaan. Om voor een minimaal salaris je leven op de kop te gaan gooien, daar had ik niet zo’n zin in. Ik zou het voor één club nog overhebben en dat is Telstar.”

IT-Rijnsburg

Rustmomenten

De Tweede Divisie dus voor Zonneveld. Met acht jaar ervaring in de Eerste Divisie kan hij als geen ander de verschillen tussen de twee competities typeren. “De Tweede Divisie is veel fysieker. Dat is het grootste verschil. Het is alleen maar rennen, vliegen en beuken. Je hebt weinig rustmomenten in de wedstrijd. Maar qua niveau doen de clubs zeker niet onder voor de teams uit de Eerste Divisie. Wat ik wel lekker vind, is dat ik hier niet per se als topsporter hoef te leven. Bij Telstar had je elke week metingen bijvoorbeeld, dat hoeft hier niet.” Zijn jaren bij Telstar probeert Zonneveld in te zetten bij Rijnsburg. “Mijn ervaring probeer ik over te brengen op de groep. Ik ben vooral altijd heel erg rustig, in elke situatie. Dat probeer ik uit te stralen op de groep. Hoeveel chaos er ook is, ik blijf rustig. Dat is mijn sterke punt.”

Tijdens wedstrijden is Zonneveld continu aan het coachen. “Ik probeer zoveel mogelijk te roepen om iedereen scherp te houden. We hebben een sterke achterste linie die goed op elkaar ingespeeld is. Ik zet iedereen neer op zijn plek en houd ze scherp voor ieder duel. Als het goed is worden ze moe van me, dat betekent dat ze het goed hebben gehoord. In principe kan ik alles zien, dus wat ik zie probeer ik ook te benoemen. Als ze het goed doen, horen ze me ook luid en duidelijk. Ik probeer wel altijd positief te blijven.

Zware blessure

In zijn tijd bij Telstar raakte Zonneveld zwaar geblesseerd aan zijn knie. Wat volgde was anderhalf jaar revalideren. “Dat is niet altijd even leuk. Je ziet al je teamgenoten het veld opgaan. Zelf ga je dan weer de sportschool in. Je mag het veld niet op en dat is vreselijk. Het was niet extreem eenzaam, maar je traint wel altijd alleen. Ik ben sterker geworden van die periode, omdat het mentaal heel zwaar is. Terugkeren na zo’n blessure is onbeschrijflijk. Voorzichtig ben ik nooit geweest. Ik heb ooit een keer een hersenschudding opgelopen. Toen moest ik een week rust houden. Mijn eerste gedachte daarna was meteen volle bak met mijn hoofd overal induiken, voor het geval ik een beetje bang was. Zo stond ik er met mijn knie ook in. Dat zorgde er soms wel voor dat ik na één minuut trainen alweer naar binnen moest, omdat ik té enthousiast was.”

Werken naast het voetbal

Spelen in de Tweede Divisie betekende voor Zonneveld ook dat hij aan de slag moest buiten het veld. “In mijn tijd bij Telstar had ik geen baan, maar nu werk ik gewoon naast het voetballen. Er moet wel brood op de plank komen. Ik werk in de zorg, bij het brandwondencentrum in Beverwijk. Vroeger wilde ik altijd of voetballen of het leger in. Voetballen is enigszins gelukt, het leger helemaal niet. Dit kwam op mijn pad en ik heb het prima naar mijn zin. Andere mensen ondersteunen is iets dat ik goed kan. Zorgen dat andere mensen hun werk goed kunnen doen. Daar komt mijn kwaliteit om altijd rustig te blijven ook van pas. Vooral in de coronatijd was het nogal chaotisch. Ook daarin probeer ik rustig te blijven en over te brengen dat het uiteindelijk allemaal goedkomt.”

Liefde voor het keepen

Zonneveld is een echte liefhebber van zijn vak. “In principe is keepen gewoon vreselijk. Je kan er 26 uit de kruising tikken, maar als je één keer roept en je zit mis, hebben ze het alleen maar over die ene bal. Daarom is het dus eigenlijk niet zo’n prettig vak. Aan de andere kant maakt dat het voor mij juist leuk. Je kunt je geen fouten veroorloven en moet altijd scherp zijn. Die extra druk en spanning zorgen ervoor dat ik het leuk vind om te doen.” De liefde voor het keepen is duidelijk. “In mijn tijd bij Telstar was ik al keeperstrainer bij ADO’20. Toen ik bij Scheveningen voetbalde ben ik gestopt omdat ik er geen tijd meer voor had, maar mijn ambitie is zeker om als keeperstrainer door te gaan na mijn carrière. Het zou leuk zijn om dat in het profvoetbal te doen, maar de tijd zal het leren of dat gaat lukken.”

Telstar bleef hij acht jaar trouw. Als Zonneveld op zijn plek zit, vindt hij het niet nodig te vertrekken. “Als het lichaam blijft meewerken, wil ik nog wel even doorgaan hier. Nog vijf jaar bij Rijnsburgse Boys keepen en dan mijn carrière afsluiten lijkt me echt mooi. Als ik ergens op mijn plek zit, dan zie ik geen reden om te vertrekken. Ik heb het harstikke naar mijn zin hier, dus ik ga niet snel op zoek naar een andere club. Behalve als Telstar op de deur klopt. Dat is de enige club die me zou laten twijfelen.” (CG)

Voor meer informatie over Rijnsburgse Boys klik hier.
Meer artikelen van Rijnsburgse Boys klik hier.

Darren Maatsen houdt plezier in het voetbal bij Quick Boys

Na een mooie carrière als profvoetballer sloot Darren Maatsen begin dit seizoen aan bij Quick Boys. Het liefst wilde hij nog één jaar door als prof. Toen die optie uitbleef en Quick Boys aanklopte, hapte de vleugelspits toe. “De achterban is echt fantastisch. Zelfs bij uitwedstrijden gaan er veel supporters mee. Op amateurniveau is dit één van de clubs waar je een keer gespeeld moet hebben.”

KATWIJK – De jeugdopleiding van een betaald voetbalorganisatie maakte Maatsen nooit mee. Na een jaar in het eerste bij Excelsior Maassluis volgde de stap naar het profvoetbal; hij tekende in Rotterdam een contract bij Excelsior. “Lange tijd dacht ik dat ik nooit profvoetballer zou worden. De echte top heb ik uiteindelijk nooit gehaald, maar terugkijkend ben ik erg trots. Tijdens mijn carrière stond ik regelmatig stil bij het feit dat het niet vanzelfsprekend is om dit te bereiken. Ik heb er hard voor moeten werken, dus vind ik dat ik er trots op mag zijn.”

Trots en kritisch

Maatsen voetbalde tijdens zijn loopbaan bij verschillende clubs in binnen- en buitenland. Zijn eerste avontuur buiten de grens was in Schotland. “Na mijn periode bij Excelsior kwam ik terecht bij Ross County. Veel speelde ik niet, maar ik heb zeker geen spijt van mijn keuze. In Schotland heb ik vrienden gemaakt die ik nog steeds regelmatig spreek. Ik debuteerde uit tegen Celtic. De eerste wedstrijd van het seizoen. Zij werden voor de aftrap gehuldigd, omdat ze het jaar daarvoor kampioen waren geworden. Mijn debuut maken op Celtic Park was sowieso al gaaf. Het zat helemaal vol en de sfeer was echt intens. Na drie of vier minuten schoot ik de 0-1 binnen. Wat je dan voelt is echt onbeschrijflijk. Op dat doelpunt ben ik het meest trots.”

In 2018 belandde Maatsen bij RKC Waalwijk. Hij maakte tien goals in zijn eerste seizoen. De Brabanders promoveerden dankzij een historische 4-5 overwinning op Go Ahead Eagles in de finale van de play-offs. Stijn Spierings maakte in de 95e minuut de 4-4, waardoor RKC zeker was van promotie. “Zoiets maakte ik niet eerder mee. Voor die goal gebeurde er zoveel, dat is echt niet op te noemen. Tijdens de wedstrijd was ik een paar keer zeker dat we gingen promoveren, om een kwartier later te denken dat het niet meer ging lukken. Opgeven doe je niet, maar je hebt wel het gevoel dat het over is. Promoveren met RKC is, mede door die wedstrijd, het meest memorabele moment uit mijn carrière.”

Hij is erg tevreden met het lijstje clubs dat hij achter zijn naam heeft staan. Toch probeert de vleugelaanvaller ook kritisch te kijken naar zijn keuzes. “Ik dacht vaak aan de korte termijn in plaats van de lange termijn. Daardoor kwam ik, vooral in het buitenland, bij clubs terecht waar ik op de bank belandde. Dat kost je gewoon veel wedstrijden. Er is één gemiste kans waar ik veel spijt van heb. Op een gegeven moment kon ik naar Sydney FC in Australië. In die onderhandelingen vroeg ik teveel geld. Ik denk nog steeds dat ze daardoor een andere keuze maakten. Als ik lager had ingezet, had ik dat avontuur aan kunnen gaan. Het is jammer, maar zo gaan die dingen.”

Plezier in het spelletje

Afgelopen zomer streek Maatsen neer bij Quick Boys. Spelen op het hoogste amateurniveau van Nederland was niet iets waar hij dit jaar zijn zinnen op zette. “Ik hoopte om nog één jaar door te gaan in het profvoetbal. Er kwam geen interesse op gang, toen was het voor  mij duidelijk dat het klaar is. In het profvoetbal ga ik niks nieuws vinden wat ik nog niet gezien heb.” Toen Quick Boys interesse in hem toonde, raakte Maatsen overtuigd. “In de voorbereiding trainde ik mee bij mijn oude club Excelsior Maassluis. Toen kwam Quick Boys langs. Ik heb wel even getwijfeld, maar toch uiteindelijk de keuze gemaakt om hierheen te gaan. Voor Quick Boys heb ik altijd bewondering gevoeld. De achterban is echt fantastisch. Zelfs bij uitwedstrijden gaan veel supporters mee. Op amateurniveau is dit één van de clubs waar je een keer gespeeld moet hebben. De Bollenstreek staat bekend om de  vele leuke derby’s. Dat waren punten waardoor ik de keuze voor Quick Boys heb gemaakt.”

Tijd voor familie

Nu hij bij Quick Boys voetbalt, kan Maatsen meer energie in zijn gezin steken. “Ik ben minder dagen bezig met voetbal. Op dit moment werk ik ook niet buiten het voetbal. Overdag ben ik veel thuis. Ik breng de kinderen naar school en haal ze ook weer op. Iedere dag ben ik met ze bezig en daar geniet ik heel erg van. Als voetballer was ik vaak weg, ook naar het buitenland. Nu verdienen ze mijn aandacht. Het draaide vaak voor een groot deel om mij, dat gaan we omdraaien.”

Met zijn dertig jaar komt het einde van zijn loopbaan als voetballer in zicht. Maatsen is langzaam bezig met de volgende stap. “Ik neem nu tijd om me te oriënteren. Ik zoek iets voor de lange termijn. Een baan waarin ik plezier kan hebben en waarin ik kan doorgroeien. Het gaat waarschijnlijk buiten de voetballerij zijn. Van die wereld heb ik inmiddels genoeg gezien. Er zijn genoeg interessante dingen in de wereld, die zijn er altijd al geweest. Iets nieuws en verfrissends heeft nu mijn voorkeur.”

Dat hij na zijn actieve carrière klaar is met het voetbalwereldje, betekent zeker niet dat de versnelling omlaag is gegaan bij Quick Boys. “Ik ben nog net zo fanatiek als altijd. Elke wedstrijd is er iets voor ons te halen, dus daar geef ik alles voor. Je krijgt niets cadeau in deze competitie, maar we hoeven van niemand te verliezen. Elke club zegt dat, dus je moet elke week strijden voor de punten.” En voor zichzelf? “Meer dan tien goals maken dit seizoen zou lekker zijn, maar ik wil vooral plezier hebben. De stap naar Quick Boys maakte ik onder andere met dat doel voor ogen. Tot nu toe heb ik het zeker naar mijn zin. Hoe beter het gaat, hoe leuker het is natuurlijk. Ik hoop dat we veel winnen en dan blijf ik zeker positief.” (CG)

Meer informatie over, Quick Boys.
Klik hier voor meer artikelen over Quick Boys.

 

Denis Mahmudov: met een rugzak vol avonturen terug op de Nederlandse velden bij sv TEC

Dertien clubs en een aantal bijzondere buitenlandse avonturen verder is Denis Mahmudov (31) begonnen aan een nieuw avontuur in Nederland. Afgelopen zomer streek hij na een roerige periode in het buitenland neer in Tiel bij Tweede Divisionist sv TEC. “Of ik mezelf als een clubhopper zie? Nee, ik had gewoon veel pech in mijn carrière.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

TIEL – In zijn woning in Rotterdam kleurt de woonkamer groen door de voetbalwedstrijden die op dat moment te zien zijn op het grote televisiescherm. Tegen de muur staat een door hem gedragen shirt van FC Dordrecht in een lijst op de grond. “Ik moet mijn huisbaas nog even bellen om deze net zoals mijn shirt van Sparta in de gang op te laten hangen.” Ondanks dat Mahmudov zijn woning ruim drie jaar bezit, woonde hij er weinig.

Dit komt door zijn vele avonturen bij verschillende voetbalclubs in zowel Nederland als het buitenland. “Veel clubs houden er niet van wanneer je elk jaar van club wisselt, omdat ze je zien als een onstabiele speler. Bij mij liep het wel zo. Het liefst bleef ik langer bij sommige clubs, maar ik kon hier niet altijd iets aan doen.” Zo stond Mahmudov in 2014 onder contract bij Eredivisieclub PEC Zwolle en werd hij datzelfde seizoen verhuurd aan Sparta. “Toen ik terugkwam wilde PEC mijn contract niet verlengen, ondanks dat ik graag wilde blijven en veel doelpunten maakte in dienst van Sparta. De club haalde andere spelers waardoor ik voor een avontuur in het buitenland koos.”

Buitenland

Mahmudov trapte zijn buitenlandse avontuur in 2015 af bij het Bulgaarse Levski Sofia. “Levski is een grote club in Bulgarije. Je kunt het vergelijken met Ajax en PSV in Nederland. Financieel gezien was het echt een stap omhoog. Daardoor was de keuze voor mij snel gemaakt, maar als PEC had willen verlengen dan was ik sowieso gebleven.” Bij een grote club horen ook hoge verwachtingen. Hier kreeg de Nederlandse goaltjesdief mee te maken in het Oostblok. “Ik kwam aan als een grote spits en voelde best wat druk op mijn schouders. Ik moest erg wennen, maar merkte dat je daar in het buitenland geen tijd voor krijgt. Ik moest er direct staan en presteren.”

Ondanks dat Levski het Bulgaarse Ajax is zag Mahmudov grote verschillen tussen de voetbalwereld in Nederland en Bulgarije. “De fanatieke supporters van Levski zijn echt van een andere planeet en de wijze waarop wij als spelers onze premies ontvingen zag ik ook niet eerder. Na een wedstrijd kregen we ons geld soms in een plastic zak. Dat zijn dingen die je niet ziet in Nederland, maar wel mooi zijn om mee te maken.”

Na een jaar bij Levski ondervond Mahmudov de harde kanten van het Bulgaarse voetbal. De voetbalstijl lag hem niet en hij moest vertrekken van de club. Na een korte periode van drie maanden bij het Armeense Banants Jerevan (per 1 augustus 2019 hernoemd in FC Urartu, red.) kwam hij terug naar Nederland. “Ik was eraan toe om weer in Nederland te voetballen, omdat ik het plezier in het voetballen kwijt was. Ik verlangde ernaar om dit terug te vinden.”

Via Telstar en een doelpuntrijke periode bij FC Dordrecht keerde Mahmudov terug op het hoogste niveau in Nederland bij Excelsior. “Ik wilde na mijn buitenlandse periode laten zien dat ik nog steeds mee kon in de Eredivisie. Ik begon goed met veel minuten en pikte mijn goals mee, maar na een aantal wedstrijden stelde de trainer mij niet meer op. Dit vond ik apart en dat liet ik aan hem merken op de trainingen.” Na een seizoen bij Excelsior met degradatie naar de Keuken Kampioen Divisie vertrok Mahmudov opnieuw naar het buitenland. Een keuze waar hij achteraf spijt van heeft. “Het is een fout geweest om bij Excelsior weg te gaan. Op dat moment zag ik het niet zitten om in de Keuken Kampioen Divisie te gaan spelen, maar dat had wel mijn kansen vergroot om terug te komen op het hoogste niveau.”

Pech

De Nederlandse spits keerde terug in Armenië, maar ditmaal bij Pjoenik Jerevan. “Bij Pjoenik maakte ik mijn absolute hoogtepunt in mijn carrière mee: een Europa Leaguewedstrijd tegen een Premier Leagueclub. Tijdens de voorrondes speelden we tegen Wolverhampton Wanderers FC. Ik vergeet nooit meer hoe het is om in een vol stadion met Engelse fans te spelen.” Hoe rooskleurig alles er voor Mahmudov op dat moment uitzag verandert wanneer corona toeslaat. Zijn contractverlenging ging niet door en hij moest vertrekken. “Je kan gerust zeggen dat pech als een rode draad door mijn carrière loopt.”

Zelf refereert de 31-jarige spits aan de uitspraak ‘in de hoek zitten waar de klappen vallen’ als hij het over zijn periode in België heeft. “Wat ik meemaakte in België, dat maakt niemand mee. Ik tekende in 2020 bij KSV Roeselare een tweejarig contract. Alles zag er goed uit: ze beloofden me een woning, auto en een goed salaris, maar ik heb nooit een van die dingen gezien. Het enige waar ik geluk mee heb gehad is dat mijn contract echt bleek te zijn. Veel van mijn ploeggenoten kregen een nepcontract. Die contracten waren niet eens door iemand van het bestuur ondertekend.”

In de tijd dat hij samen met zijn ploeggenoten in een hotel verbleef voelde de goalgetter voor het eerst nattigheid. “Op een gegeven moment kwam de manager van de club naar ons toe om te zeggen dat we onze spullen moesten pakken en vertrekken. Het hotel werd niet betaald door de club en wij overigens ook niet. Telkens als we om ons salaris vroegen dan zou dit de volgende dag komen. Ik voetbalde eerder in het Oostblok en zélfs daar maakte ik dit soort dingen niet mee.”

Na zijn meest turbulente avontuur in het buitenland vertrok de voetbalnomade voor een korte periode naar Siena in Italië. Afgelopen zomer keerde Mahmudov terug in Nederland, dit keer in de Tweede Divisie bij sv TEC. “Via de trainer (Hans van de Haar, red.) kwam ik bij TEC terecht. Ik kende hem van mijn tijd bij AGOVV en we hadden een tijdje contact. Eenmaal in Tiel moest ik wennen aan het amateurvoetbal, het was even schakelen. Inmiddels voel ik me op mijn plek en hebben we een leuk team met goede spelers, een professionele trainer en onderling een goede band.”

Bij de eerste vijf eindigen is dit seizoen de doelstelling voor de Tielenaren. Mahmudov heeft hier vertrouwen in en voelt dat het klopt bij de club. “Of TEC mijn laatste club is? Ik denk dat de Eredivisie er op dit moment niet meer in zit. Ik heb het gevoel dat ik de Keuken Kampioen Divisie nog aan zou kunnen. Eerst maar eens aan spelen bij TEC toekomen en daarna zie ik wel of profvoetbal er nog in zit.” (AS)

Oud-Eredivisiespelers bij TEC:

Naast Denis Mahmudov kwam afgelopen zomer ook oud-Eredivisiespeler Gino Bosz (28) naar TEC. De zoon van Olympique Lyon-trainer Peter Bosz zat sinds januari zonder club nadat zijn avontuur bij het Griekse Doxa Drama vroegtijdig stopte. In 2014 maakte Bosz zijn debuut in het betaald voetbal. De verdediger speelde onder andere voor Vitesse, Heracles Almelo, SC Cambuur en Go Ahead Eagles. Bij laatstgenoemde club kwam hij 44 keer in actie en maakte hij een doelpunt.

Voor meer informatie over SV TEC klik hier.
Voor meer artikelen over SV TEC klik hier.

De tussenstand met Soufiane Erriani van Heerjansdam

Soufiane Erriani verkaste in 2020 na een avontuur bij SC Feyenoord naar Heerjansdam. De verdediger begon dit seizoen op de, voor hem nieuwe rechtsback-positie. Dit seizoen hoopt Soufiane na een sterke eerste periode op een plek in de top drie, de eerste klasse. Het team heeft de ambitie om in de tweede seizoenshelft de lijn door de te trekken en het liefst met een kampioenschap.

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020Soufiane begon pas op zijn negende bij G.L.Z. Delfshaven uit Rotterdam-West. “Vandaar ben ik voor één jaar naar SVVgegaan. Vervolgens heb via een trainer de stap naar SC Feyenoord gemaakt. Daar speelde ik drie jaar lang in het tweede, ook met een paar bekenden zoals Railey Martijn, Jarno Visser, Antonio Illic en Luke Homan. Sinds 2020 ben ik speler van Heerjansdam, waar ik dit jaar mijn officieuze debuut heb mogen maken.” De eerste seizoenshelft is voor de ploeg erg goed verlopen. “Onze eerste periode begon echt super goed. We speelden ook heel aantrekkelijk voetbal. Daarnaast straalden wij ook echt uit dat we hier kwamen om te voetballen en daar genoot zowel het publiek als wij (als spelers) zeker van.”

Helaas is Heerjansdam de periodetitel misgelopen. Het doel is voor de tweede seizoenshelft dan ook vooral het spelen voor een periodetitel. “Ik hoop stiekem toch om een periodetitel te pakken, want hoe wij die hebben misgelopen, wens je geen enkel team. Maar natuurlijk wil ik gewoon kampioen worden en denk ik ook dat wij een grote kans hebben om dat te worden. Ik hoop natuurlijk zo hoog mogelijk te eindigen, maar om realistisch te blijven, hoop ik op een plek in de top drie. ”

Dit seizoen begon Soufiane op een iets andere positie dan hij gewend was, desondanks pakte hij dit snel op. “Ik heb de eerste paar wedstrijden van de competitie mogen starten op linksback, wat niet echt mijn positie is, maar toch deed ik het. Naar mijn gevoel deed ik het prima en wonnen we ook onze wedstrijden en daar kijk ik het meest naar. Voor mij staat teamprestatie op de eerste plek.”

Meer informatie over Heerjansdam? Klik hier.
Klik hier voor meer artikelen over Heerjansdam.

Yaël Eisden laat bij ASWH zien dat hij een echt voetbaldier is

‘Hadden’ of ‘als’ telt niet in de voetballerij. Yaël Eisden (27) weet hier alles van. Drie zware knieblessures stelden hem mentaal op de proef en speelden een grote rol in zijn carrière als profvoetballer. Sinds dit seizoen speelt hij voor Tweede Divisionist ASWH. Hier vindt hij het plezier in het voetbal terug. “Ik hoop zo lang mogelijk te kunnen blijven voetballen. Het liefst tot mijn veertigste.”

HENDRIK-IDO-AMBACHT – De voetballer van zowel Nederlandse als Curaçaose afkomst is een ras-Rotterdammer en zette daarom zijn eerste voetbalstappen bij een Rotterdamse voetbalclub. “Ik groeide op in Hoogvliet en begon bij amateurclub Spartaan’20. Ondanks mijn Curaçaose afkomst ben ik geboren en getogen in Rotterdam. Mijn ouders en broer zijn wel op Curaçao geboren.” Op jonge leeftijd kwam Eisden, na een tussenstap bij Excelsior, in de jeugd van het grote Sparta Rotterdam terecht. “Alles was nieuw voor me. De stap van de amateurs naar Sparta was best wel groot. Op de club werd alles heel professioneel geregeld. Ik ging in die tijd nog naar school en ook dit regelden ze super strak.”

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020

De middenvelder ontwikkelde zich snel en dat zagen ze ook op Curaçao. “Het kwam als een verrassing dat ze me destijds benaderden. Ik wist niet eens dat ze een jeugdelftal voor jongens Onder 20 hadden. Ik vond het mooi om voor het land van mijn ouders uit te mogen komen en twijfelde geen seconde. Ze vroegen me om mee te doen aan een toernooi in Mexico. Het enige wat ik me er nog van kan herinneren is dat we tegen Mexico speelden.”

Debuut

Dat hij een mooie tijd bij Sparta meemaakte mag duidelijk zijn. In het seizoen 2015/’16 sloot hij aan bij de eerste selectie en niet lang daarna tekende hij zijn eerste contract. Maar het was niet altijd rozengeur en maneschijn. “Ik had in mijn periode bij Sparta drie keer een zware knieblessure. Na mijn tweede blessure begon ik weer fit te worden en speelde ik wedstrijden in het beloftenelftal. Al snel kreeg ik van technisch directeur Leo Beenhakker te horen dat ik het seizoen erop aan mocht sluiten bij het eerste elftal.”

Het mooiste wat Eisden meemaakte bij Sparta was zijn debuut. “Je voetbalt je hele leven voor dat moment. Het was van tevoren spannend en nieuw, omdat ik niet eerder bij de selectie zat. De wedstrijd, waarin ik mijn debuut maakte, was de eerste keer. Ik mocht gelijk beginnen. Vooraf was ik een beetje zenuwachtig, maar eenmaal in het veld dacht ik hier niet meer aan.”

Toen sloeg het noodlot voor de derde keer toe voor de Rotterdammer. Hij liep weer een knieblessure op en miste onder andere de wedstrijd waarin Sparta promoveerde naar de Eredivisie. “Het was heel vervelend, want je wilt het liefst spelen. Ik voelde me niet buitengesloten, maar het is natuurlijk wel anders. Ik kon mijn steentje niet bijdragen en had niet hetzelfde gevoel als wanneer ik op het veld zou staan.”

Zware periode

Mentaal een zware periode voor de middenvelder. “Toen ik voor de derde keer geblesseerd raakte, begon ik erg veel te eten. Ik deed verder bijna niets meer. Tijdens deze periode had ik een fysiotherapeut waar ik een hechte band mee kreeg. Soms had ik dagen dat ik niet vooruit te branden was en hielp hij me van de bank. Als je lang niet kunt voetballen door een blessure word je op een bepaald moment vergeten. Het voetballen gaat door, maar jouw leven staat stil.”

Zijn laatste knieblessure liep hij op in zijn eerste jaar bij de selectie. Na de promotie naar de Eredivisie werd zijn contract niet verlengd. “Het was geen hele grote verrassing. Ik kreeg het al te horen voordat de club het bekend maakte. Ergens dacht ik dat de club me misschien zou steunen, maar ik was in hun ogen een onzekere factor. Ze wisten niet of het wel goed zou komen met mijn knie. Dit vind ik heel jammer.”

Met gemengde gevoelens kijkt Eisden terug op zijn periode bij Sparta. “Als ik aan de mooie momenten denk, denk ik aan mijn debuut. Toch houd ik er een dubbel gevoel aan over, omdat het heel anders had kunnen lopen. Aan ‘hadden’ of ‘als’ heb je alleen niet zoveel in de voetballerij. Misschien speelde ik nu wel bij Barcelona”, grapt de middenvelder lachend.

Letland

Na teleurstellende periodes bij Helmond Sport en RKC Waalwijk verruilde Eisden Nederland voor een avontuur in Letland bij FK Jelgava. “In Nederland had ik het gevoel dat ze me afschreven op basis van mijn knieblessures. Ik kreeg continu te horen dat ik blessuregevoelig was of dat ze niet wisten of mijn knie goed genoeg was. Ik vond dit oneerlijk. In het buitenland keken ze hier niet naar en mocht ik lekker komen voetballen.”

Eisden vertelt eerlijk dat hij moest wennen aan de mensen en de voetbalcultuur in Letland, maar het gekste maakte hij mee met de nieuwe trainer. “In het tweede seizoen kwamen er twee andere Nederlandse jongens (Jeremy Fernandes en Janyro Purperhart, red.) bij. We kregen een nieuwe trainer die we echt knettergek vonden. Hij kwam uit Belarus. Ik kan me nog goed herinneren dat we op een training aan het afronden waren en een van de jongens de bal over het vangnet schoot.”

“Ik zei hier wat over tegen hem, waardoor hij moest lachen. Toen stuurde de trainer hem van het veld, omdat hij lachte dat hij de bal over het doel schoot. De trainer sprak geen Engels. We begrepen hem vaker niet dan wel. Hij sprak Russisch tegen ons waardoor wij elkaar aankeken en zeiden ‘wat zegt hij nou allemaal?’. Met de jongens ben ik vandaag de dag nog steeds goed bevriend. Toevallig stuurde Janyro recent nog foto’s van onze tijd in Letland door.”

Tweede Divisie

Na Letland vertrok Eisden naar Griekenland. Toen corona toesloeg verliet hij vroegtijdig zijn nieuwe club (Platanias, red.) en keerde hij terug naar Nederland. “Ik speelde met een team in Rotterdam een wedstrijd tegen ASWH. Tijdens die wedstrijd raakte ASWH gecharmeerd van me en nodigden ze me uit voor een gesprek. Dat verliep goed en zo kwam ik uiteindelijk in Hendrik-Ido-Ambacht terecht.”

Inmiddels is de ervaren middenvelder 27 jaar. Ondanks zijn leeftijd zit hij tot op de dag van vandaag nog vol ambitie. “Ik voel me 23 hoor, haha. Ik zou dit seizoen graag zo hoog mogelijk willen eindigen met ASWH. Op dit moment staan we redelijk onderaan, maar ik denk echt dat we mee kunnen doen om een plek in de middenmoot. Mijn persoonlijke doel is om zo lang mogelijk te blijven voetballen. Het liefst tot mijn veertigste. Ik vind het spelletje té leuk om ermee te stoppen.” (AS)

Zes nieuwe jeugdsponsors

‘De jeugd heeft de toekomst’ is een uitspraak waaraan ASWH veel waarde hecht. Een goede doorstroming van jeugdspelers is belangrijk voor de continuïteit van de club en het niveau waarop de seniorenteams zich kunnen blijven handhaven. Goed materiaal en goede begeleiding is essentieel bij het plezier in en de ontwikkeling van het voetballen. Om deze basisvoorwaarden te realiseren, is steun van het bedrijfsleven onontbeerlijk. ASWH wist afgelopen maand op dit vlak positief nieuws te melden. Met Limako (JO9-2), Kusters (JO11-6), Meyers Projectvloeren/AALease (JO11-2), Verbaas Dakbedekking/Letselschade.com (JO10-5), Tegelwerk & Timmerwerken/Bitcom (JO13-6) en Karwan Koerier (JO8-1) zijn zes nieuwe (shirt)sponsors binnen gehengeld.

Klik hier voor meer artikelen over ASWH.
Klik hier voor meer informatie over ASWH.

Kantinepraatjes met Jasper Hakkert trainer en leider van VV Tricht 5

Jasper Hakkert is voorheen altijd aanvoerder geweest en stond als laatste man in de as van het veld. Hij stond bekend om zijn Zuid-Amerikaanse slidings, totdat het een keer goed mis ging en zijn knie twee maal zo dik was als normaal. Echter als groot Carnaval fanaat besloot hij een week later toch los te gaan, maar dit heeft zijn voetbalcarrière niet goed gedaan, want een lange revalidatie volgde. Om toch onderdeel te blijven van het team werd hij omgeturnd van supporter tot trainer.

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

De oude rotten namen de jeugd bij de hand. ‘’Ik voetbalde zelf met wat vrienden in het derde elftal toen we te horen kregen dat er een jeugdteam in zijn geheel een senioren ging en omdat wij het niet naar ons zin hadden bij het derde, dachten we te gaan kijken naar deze toenmalige A2 spelers of wij onszelf daartussen zagen spelen. Wij waren nog geen vijf minuten aan het kijken of het liep al totaal uit de hand. Toch heeft het ons doen besluiten om als oude garde (welgeteld drie jaar ouder) dit jonge team mee op sleeptouw te nemen en de weg in te slaan naar succes.’’

Naast de gezelligheid is iedereen op zijn gemak. ‘’Je mag zijn wie je bent en wordt daarin geaccepteerd. Mopperen doen we echt wel binnen de lijnen, maar buiten de lijnen hebben we met zijn alle weer de grootste lol. Naast dat we elkaar veel op het sportcomplex zien, komen we elkaar daarbuiten ook geregeld tegen. Daarnaast is het een team waarvan de kern al vele jaren het zelfde is, waardoor we echte maten voor het leven zijn.’’ Verder hebben de mannen tikkie regels. ‘’De regels zijn bedoeld om de bierpot te spekken. Waar het begon met een boete betalen als je een eigen goal had gemaakt of te laat kwam, is het tegenwoordig uitgebreid met een heel regelement. Penalty veroorzaken, penalty missen, lat raken, bal in de sloot, spullen vergeten en een verkeerde ingooi zijn allemaal strafbare feiten die de bierpot doet vullen.’’

De wissels zitten ook niet stil. ‘’Voor de wissels is er ook elke wedstrijd een opdracht , voer je deze niet uit kost dit je evenals een tikkie. Zo komt het voor dat wissels met een koprol het veld inkomen of verlaten of dat ze als een stel fanatieke supporters het team aan staan te moedigen met echte kelderklasse kreten als ‘Ze weten het niet meer!’ Dit heeft dan vaak betrekking op eigen spelers die het soms in de wedstrijd even kwijt zijn.’’

Het klinkt allemaal wat soft. ‘’Maar elke zaterdag is weer een hoogtepunt. Weer lekker voetballen, ploeteren in de modder om vervolgens iedereen de schuld te geven als we weer eens verliezen. Echter zodra we weer in de kleedkamer komen gaat het muziekboxje aan en gaan we allemaal weer mee zingen op de Hollandse nummers. Het kratje wordt erbij gepakt en het lulletje van de wedstrijd wordt bekendgemaakt. De tikkies worden verdeeld en de mooiste acties worden besproken.’’

Dieptepunten hebben wij maar zelden. ‘’We spelen al reserve vijfde klasse zaterdag, waardoor we niet kunnen degraderen. Maar als we dan toch een dieptepunt moeten noemen is dat wel het vertrek van de oprichter van het team. Toen de jongens nog geen haar hadden op kin of andere plekken, toen de gele rakkers nog ranja waren, was Arinhoo al leider. Toen de deze jongetjes echte mannen werden besloot Arinhoo zijn andere liefde achterna te gaan en liet ons met een gebroken hart achter.’’

Het motto van onze oude trainer Gerhard was duidelijk. ‘’Trainen is voor talentloze. Met de mensen die wel komen opdagen wordt er een balletje getrapt, een partijspelletje gespeeld en latje trap gespeeld met onze veel te kleine keeper om daarna af te sluiten met een partijspel. Wie de partijvorm wint mag op de foto en wint aan het einde van het seizoen ook iets! Conditietraining is niet bepaald geliefd in dit team, ondanks dat wat meer conditie het wel goed zou doen voor de wedstrijden regent het afmeldingen wanneer er besloten wordt om op woensdagavond te werken aan de conditie.’’

V.V. Tricht 5 heeft twee koningen in de derde helft. ‘’Onze keeper Jerry en zijn maatje Barry die eigenlijk Thomas heet zijn eigenlijk Peppi en Kokki van de ploeg. Beide schilderen de hele week, zelfs voor de aanvang van de wedstrijd zijn ze nog bezig waardoor ze regelmatig nog onder de verf zitten tijdens de warming up. Om dan vervolgens in de derde helft weer al hun zuurverdiende centen op te maken aan de gele rakkers. Hoe meer gele rakkers, hoe onduidelijker de verhalen, maar hoe groter de lol. Ondanks hun geringe lengte kunnen ze het bier goed verteren. Wat vervolgens wel weer terug te zien is in andere ledematen.’’

De voorbereidingen voor het trainingskamp worden getroffen. ‘’Het team probeert zich altijd voor aanvang van het seizoen om zich zo goed mogelijk voor te bereiden op het trainingsweekend. Het is altijd een grote verrassing wat we gaan doen en waar we neerstrijken. Elke winter wordt er een activiteit georganiseerd, omdat we anders elkaar te lang moeten missen. Het doel hiervan is vaak om de ander zo belachelijk te maken (binnen de grenzen natuurlijk) om vervolgens lekker een pilsje te drinken. Andere activiteiten waar de mannen zich schuldig aan maken zijn de kantinefeestjes organiseren en playbackshows winnen. De enigste competitie waar we wel prijzen weten te pakken!’’

Zie link https://www.youtube.com/watch?v=1CGvxE0J5vc

Klik hier voor meer artikelen over Tricht.
Klik hier voor meer informatie over Tricht.

In gesprek met Ardi Luijendijk van FC ’s-Gravenzande

Ardi Luijendijk ging een half jaar eerder dan gepland op voetbal. Zijn dorpsclub VV Lyra kwam één fanatiek voetballertje tekort om een nieuw team in te schrijven. Sindsdien heeft de 25-jarige ook de velden van Sparta en FC ’s-Gravenzande bespeeld. Inmiddels is Ardi bezig aan zijn derde seizoen voor de Breeje Durpers, maar daar zitten uiteraard wat haken en ogen aan door alles wat er speelt.

ZWSports_251098

Op vijfjarige leeftijd hobbelde deze Westlander over de velden van VV Lyra. Dat hij een balletje kon trappen, bleef niet onopgemerkt. ‘’Na drie jaar in de jongste jeugd te hebben gevoetbald, werd ik met twee teamgenoten gescout door Sparta. Hier heb ik vijf jaar in de opleiding mogen voetballen, waarna zij besloten om niet met mij door te gaan. Ik ben toen teruggekeerd naar Lyra om daar met vrienden te voetballen. Hier hadden wij echt een goede ploeg, waardoor wij ons konden meten met hoog spelende teams. Dit waren mooie jaren met twee opeenvolgende kampioenschappen. De club stelde vervolgens voor om de overstap naar de senioren te vervroegen, waardoor ik onder Corné van Doorn wist te debuteren. Hier heb ik grotendeels in de tweede klasse gevoetbald. De laatste twee jaar kwamen wij uit in de derde klasse en ik had nog wel de ambitie om iets hogerop te voetballen, zonder de gezelligheid van het spelletje te verliezen. Ik ben uiteindelijk benaderd door FC ’s-Gravenzande om daar in de hoofdklasse te voetballen en dit was een ideale oplossing voor mij. Met alles wat er nu gebeurt, voelt het tot op heden nog niet aan alsof ik hier drie seizoenen speel.’’

Luijendijk sprak al over zijn eerdere ambities, maar voor de toekomst zijn die nét even wat anders. ‘’Ik wil natuurlijk zo lang mogelijk op een hoog niveau voetballen, maar dit is niet het allerbelangrijkste voor mij. Ik hoop zo lang mogelijk plezier te halen uit de trainingen, wedstrijden en alles eromheen. De gezelligheid is uiteindelijk hetgeen wat telt. Daarnaast hoop ik natuurlijk zoals elke voetballer om uit de buurt van blessures te blijven, waardoor ik zo lang als mogelijk kan voetballen.’’ Verder heeft hij ook nog een speciaal mijlpaal voor ogen. ‘’Ik vind het mooi als ik zie dat iemand heel veel wedstrijden voor één club heeft gespeeld. Ik heb voor Lyra de barrière van 100 wedstrijden weten te behalen en dit is bij FC ’s-Gravenzande ook mijn persoonlijke doel.’’

Het huidige seizoen kwam noodgedwongen tot een vervroegde winterstop voor de controlerende middenvelder c.q. centrale verdediger. Gelukkig werden er nog wel een aantal wedstrijden afgewerkt. ‘’Ik heb zelf de eerste vijf wedstrijden helaas moeten missen vanwege een hamstringblessure. Verder denk ik dat alleen de 5-1 winst op Rijnvogels onterecht was, maar de overige overwinningen waren wel verdiend in mijn ogen. Daarbuiten hebben wij juist een heel aantal punten onnodig laten liggen, waardoor wij onszelf nu terugvinden in de brede middenmoot. Met deze ploeg moeten wij toch echt wel bovenaan de middenmoot eindigen. Op een goede dag kunnen wij van iedereen winnen, daar ben ik van overtuigd. Jammer genoeg zitten wij nu weer in een lockdown, dus het is zaak om regelmatig hard te lopen en fit te blijven. Áls wij dan weer mogen ballen, hebben wij er alles aan gedaan om er gelijk vanaf minuut één te staan.’’

De voetbal neemt veel tijd in beslag, aldus Luijendijk. ‘’Heel veel tijd hou je niet echt over. De tijd díe ik nog voor mezelf heb, besteed ik wel graag aan andere sporten. Ik ben een echte sportliefhebber. Ik ga bijvoorbeeld graag padellen met vrienden of lekker wielrennen. Afgelopen zomer heb ik een berg in Spanje getrotseerd, dat is weer eens iets anders dan de Maeslantkering. Daar ben ik met Twan van Meerten enkele keren opgegaan als conditietraining.’’

Ardi gaf ons ook een kijkje in zijn verwachtingen voor de rest van het seizoen. ‘’Het is een gezellig team met de juiste samenstelling van ervaring en jonge honden. Waar aan de ene kant gezelligheid zich altijd laat gelden in de kantine en in het dorp, zie je aan de andere kant dat de ervaren spelers de jonkies op sleeptouw nemen. Als je kijkt hoe een jonge speler als Bram Sommerling zich ontwikkelt onder de vleugels van Dennis van Rijn, dan belooft dat nog wat voor de komende jaren. Ook dit seizoen zie je dat al een beetje terug. Echter zijn wij nog iets te wisselvallig om echt bovenin mee te draaien. Een aantal teams steken er kwalitatief gezien bovenuit, maar de middenmoot kent een groot scala teams die niet voor elkaar onder doen. Ik denk wel dat wij de spelersgroep hebben om aan de bovenkant van die groep te eindigen.’’

Foto: Pieter Vermeer

Voor meer artikelen over FC ‘s-Gravenzande, klik hier.
Voor meer informatie over FC ‘s-Granvenzande , klik hier.

AFC’er Oussama Siali heeft top van ladder nog niet bereikt

De ontwikkeling van zijn voetbalcarrière laat zich lezen als een ladder. Oussama Siali debuteerde in de Eerste Klasse. Na tussenstappen in de Hoofdklasse en daarna de Derde Divisie speelt Oussama Siali sinds de zomer van 2020 in de Tweede Divisie. Voor AFC. “Natuurlijk zou ik graag nog een volgende stap op de ladder zetten. Daar werk ik keihard voor.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

AMSTERDAM – Hij keek even op toen hij een van de beste spitsen van de wereld zag passeren. Op het trainingsveld van Paris Saint-Germain liep Kylian Mbappé voorbij. “Hij stopte niet bij ons veld. Hij ging kijken naar zijn broertje (Ethan, red.) die in de jeugdopleiding speelt. In een jonger team dan waarmee ik trainde.”

Oussama Siali lepelt de bijzondere anekdote uit oktober 2017 op verzoek op. De nu 25-jarige aanvaller speelt op dat moment voor Ter Leede in de Hoofdklasse en krijgt de kans om stage te lopen bij de Franse topclub. “Ik ben goed bevriend met Mohamed Attaibi, zaalvoetballer van FC Marlène en tevens Nederlands international. Hij is de jeugdvriend van Gregory van der Wiel en liet hem beelden van mij zien waar Gregory van gecharmeerd was. Hij regelde een stage. Ik mocht een week meetrainen met de Onder 21-ploeg. Frans sprak ik niet, maar gelukkig kon ik terugvallen op twee Belgische jongens uit de ploeg. Zij hielpen me met vertalen. Als de trainer een oefening had uitgelegd en ik die niet helemaal begreep, keek ik hen direct aan. Ze vertelden dan keurig wat we moesten doen.”

Fysiek

De Amsterdammer, geboren en getogen in Osdorp, steekt veel op in de Franse hoofdstad. “Ik merkte snel dat de duels pittig zijn. Niemand wordt gespaard. De partijvormen waren allemaal fysieker dan ik in Nederland was gewend. Ik was tevreden over mijn inbreng. Een begeleider, die mee was uit Nederland, hielp me buiten het veld.” Een contract leverde zijn stage niet op. “Ik mocht blijven op amateurbasis. Om daarvoor alles achter te laten in Nederland en zonder salaris te leven, vond ik een te groot risico. Ik heb daarna niets meer vernomen. De contacten zijn vervaagd.”

Teleurgesteld was Siali niet. “Zeker niet. Juist het tegenovergestelde. Nu ik met eigen ogen had gezien hoe het leven als profvoetballer is, gaf me dat nog meer motivatie om harder te werken. Om mijn leven nog meer in het teken van het voetbal te zetten. Om elke training te strijden. Ik wilde bij Ter Leede nog belangrijker worden. Aan het einde van het seizoen zou ik me door een stap hogerop verder kunnen ontwikkelen.”

De beloning volgde. “Toen ik bij Ter Leede liet weten niet verder te gaan, kon ik kiezen uit twee clubs. Katwijk en FC Lisse. Tweede of Derde Divisie? Ik koos bewust voor de laatste optie. In mijn carrière wilde ik stapje na stapje zetten. Bij Katwijk moest ik de concurrentie aan met Marciano Mengerink, de topscorer van de Tweede Divisie. Bij FC Lisse zou mijn kans op speeltijd groter zijn. Een spits (Hanne Hagary, red.) vertrok en na enkele wedstrijden werd Martin van Eeuwijk weggestuurd. Het eerste seizoen verliep voor mij persoonlijk goed, al vielen de prestaties tegen. In het tweede kregen we met Jeffrey Klijbroek en Jeffrey Pérez Stoof ervaring, maar botste ik met de technische staf. Ik kwam op de bank terecht. In mijn invalbeurten scoorde ik bijna elke wedstrijd en op de trainingen bleef ik keihard werken. Opgeven kwam niet bij me op.

Laatbloeier

In het voorjaar volgde een oefenwedstrijd tegen AFC. “Een jaar eerder was er reeds interesse. Nu scoorde ik, speelde ik erg goed en daarna kwam alles snel rond.” Voor Siali het sein dat hij opnieuw een trede mocht beklimmen. Na de jeugdopleiding van FC Chabab (twee jaar) en DWS (acht jaar) stapte hij in de A1 over naar Zeeburgia, waar hij debuteerde in de Eerste Klasse. “Het is mooi dat ik stappen kan blijven maken. Ik ben een laatbloeier. Met Ramiz Zerrouki (nu FC Twente, red.) won ik als tiener eens het Gregory van der Wiel-toernooi. Het talent is er altijd geweest. Ik wil graag afrekenen met mensen om me heen die me niet geloofden. Telkens zeiden dat ik het niveau niet aan zou kunnen. Vroeger was ik een bescheiden, teruggetrokken jongetje. Toen geloofde ik die meningen. Nu speel ik elke week met vertrouwen en stimuleert het juist om hun ongelijk aan te tonen.”

Al blijft hij kritisch. “Het vertrouwen van trainer Ulrich Landvreugd doet me goed. Als rechtsbuiten of rechts hangend op de rechterflank speel ik het liefst. Daar krijg ik de vrijheid. Kan ik ruimtes induiken, voorzetten geven of naar binnenkomen en dan schieten. Kan ik spelen zoals Hakim Ziyech. Ik scoorde dit seizoen nog niet, dat knaagt. Daarover spreek ik ook met mijn vader, die elke wedstrijd komt kijken. Ik speel goed, maar een aanvaller moet ook scoren. Ik spreek daarover ook met Thomas Verhaar, sinds dit jaar mijn ploeggenoot. Hij geeft me tips wanneer ik moet schieten of juist rustiger moet zijn voor de goal. Slimmigheden. Ik ben sowieso blij met de ervaring in de ploeg. Iemand als Robbert Schilder vertelt me als verdediger juist waar verdedigers een hekel aan hebben.”

En de volgende stap? “Elke jongen wil graag profvoetballer worden. Zich alleen maar met voetbal hoeven bezighouden. Het zou voor mij een droom betekenen als dat uitkomt.” Siali werkt overdag als begeleider in de buitenschoolse opvang in Utrecht. “Nu bijna anderhalf jaar. Elke dag komen 34 kinderen van vier tot en met tien jaar oud. Ik sta erom bekend dat ik vaak met ze ga voetballen. Maar ik ben ook in voor creatieve activiteiten. Tekenen, spelletjes als Stratego. De meeste kinderen zijn hoogbegaafd. Rond 18.15 uur ben ik klaar. Om 19.00 trainen we. Onderweg eet ik een prakkie in de auto of ik stop even bij een tankstation of winkel om een gezonde maaltijd mee te nemen. De kinderen vragen voor welke club ik speel. Als ik AFC zeg, zijn ze onder de indruk. Al denken ze vaak eerst aan Ajax. Ik kan mijn wedstrijden op YouTube laten zien en via ESPN zagen ze pas ons bekerduel met sc Heerenveen. Ik baal nog steeds dat we onze 1-0 voorsprong uit handen gaven. We verdienden de zege. Na afloop ontvingen we in het clubhuis vele complimenten. We hadden de club opnieuw goed vertegenwoordigd. De afgelopen jaren wonnen we met 5-0 van Telstar, met 1-0 van TOP Oss, we hadden weer kunnen stunten.”

Nu zijn alle pijlen gericht op de competitie. “We moeten als AFC meedoen om het kampioenschap. Katwijk staat als koploper los, maar het seizoen is nog steeds jong. We hebben veel ervaring en een brede selectie. De sfeer is goed, niemand valt elkaar af. Ik zie niet in waarom we ons doel moeten aanpassen.” (SB)

Klik hier voor meer artikelen over DWS
Klik hier voor meer informatie over DWS

In gesprek met Dennis Sleiffer van Pelikaan

Dit keer gaan wij in gesprek met Dennis Sleiffer van Z.V.V. Pelikaan. De keeper is bezig aan zijn eerste seizoen bij de club uit Zwijndrecht. De ploeg is ongeslagen de winterstop ingegaan en hoopt in de tweede seizoenshelft de lijn door te kunnen trekken. We spraken met Dennis over zijn carrièreverloop, zijn ambities en de vrijwilligers binnen Pelikaan.

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020Voor Dennis begon het keepen al na een paar wedstrijden in de F7 van Oranje-Wit en heeft de handschoenen daarna nooit meer uitgedaan. Vervolgens heeft de keeper alle jeugdelftallen bij de club uit Dordrecht doorlopen, tot hij in de senioren belandde. “Ik heb lang in het tweede van Oranje-Wit gespeeld waar we in de reserve Hoofdklasse speelden, daarna ben ik mijzelf heel erg gaan ontwikkelen.” De keeper wilde toch minuten maken in de hoofdmacht en verkaste naar stadsgenoot RCD. Daarna keepte Dennis ook voor vv ’s-Gravendeel, waarna hij terugkeerde naar Oranje-Wit. “Bij mijn terugkeer bij Oranje-Wit mocht het helaas niet gebeuren. Dit was pijnlijk en ik heb toen harde keuzes moeten maken.”

De keeper koos na de teleurstelling voor Drechtstreek waar hij weer helemaal opbloeide. “Bij Drechtstreek volgde ik training van Marvin Straver. Dat was voor mij een totale eye-opener op het gebied van keepen. Jammer genoeg kwam de pandemie om de hoek kijken en stopte het seizoen na vier wedstrijden. Hoewel Drechtstreek goed bij mij paste, was er ook belangstelling van Pelikaan. Dat was voor mij interessant genoeg om daar nu te keepen.” De keeper is momenteel eerste keeper en werkt hard om de plek onder de lat te behouden. “Ik probeer er alles aan te doen om een fundering te zijn voor het elftal. De jongens moeten me goed kunnen vertrouwen en dat gaat bij Pelikaan heel goed nu. Binnen en buiten de lijnen is het een hechte groep.”

Inmiddels denkt de sluitpost op 30-jarige leeftijd nog lang niet aan stoppen. “Ik zou zo hoog mogelijk willen voetballen zolang ik me voel als nu. Momenteel ben ik in vorm. Tuurlijk is het lastig met al die lockdowns tussendoor, maar aan stoppen denk ik nog lang niet.” De voorbereiding bij Pelikaan verliep helaas niet zoals Dennis van tevoren gehoopt had. “Ik begon met een liesbreuk. Ik had een belabberde voorbereiding, ondanks de trainingen die er goed uitzagen. Met collega keepers heb ik een geweldige band opgebouwd en keeperstrainer Jan-Willem doet er alles aan om alles eruit te halen wat er inzit.” De ploeg uit Zwijndrecht geniet nog altijd van een ongeslagen status. “We zijn de competitie goed begonnen en zijn ongeslagen tot op heden. De lockdown verpest het wel, maar daar doe je niks aan. Pelikaan heeft een fantastische groep spelers en staf.”

Ondanks dat de keeper pas bezig is aan zijn eerste seizoen op de club, laat hij zit wel lovend uit over verschillende personen binnen de organisatie. “Ik zie dat de vrijwilligers achter de bar en in de keuken veel waardering krijgen van de club, omdat ze meer doen dan alleen bier tappen. Feesten organiseren, even daar vlaggen en hier fluiten, noem het maar op. Deze mensen maken een club compleet.”

Fotograaf; Peter vd Waal

Klik hier voor meer artikelen over Pelikaan.
Klik hier voor meer informatie over Pelikaan.

Ambitieuze Lars Hutten is bij Kozakken Boys allesbehalve op retour

 

Met meer dan 250 wedstrijden in het betaald voetbal achter zijn naam streek afgelopen zomer een ervaren goalgetter in Werkendam neer. Routinier Lars Hutten (31) wil dit seizoen successen boeken met Kozakken Boys. “Aan het eerste gesprek met de trainer hield ik een heel warm gevoel over. We hebben dezelfde denkwijze en hadden direct een klik.”

werktalent-breda banner

WERKENDAM – Zijn nieuwe leven bij Tweede Divisionist Kozakken Boys bevalt Lars Hutten uitstekend. Na jarenlang profvoetbal met trainingen die overdag plaatsvinden heeft hij nu grote delen van de dag vrij. “Ik ben een echte familieman en vind het fijn om nu meer tijd met het gezin door te kunnen brengen. Vooral de weekenden staan in het teken van mijn kinderen.” Dat Hutten een echt familiemens en graag dichtbij huis is merkte hij al in de tijd dat hij verder van huis speelde in Nederland.

Naast tijd doorbrengen met zijn gezin begint de spits in november aan de opleiding makelaardij, waarbij hij ook wil leren voor taxateur. “Ik ben geen type voor een negen tot vijf baan achter een bureau, maar ben graag onder de mensen. Met deze opleiding krijg ik daar de kans voor. Of ik het spannend vind? Ik denk dat dit heel goed bij mij past en heb er vooral veel zin in!”

Rollercoaster

De voormalig spits van onder meer Willem II, Fortuna Sittard en Excelsior kijkt met gemengde gevoelens terug op zijn carrière in het betaald voetbal. “Ik zou mijn carrière als een rollercoaster omschrijven. Ik heb hele mooie stappen mogen maken, maar eigenlijk net niet het geluk gehad om nóg een stap omhoog te maken. Met een aantal trainers had ik geen klik of ik kende de pech dat een transfer niet doorging. Wat ik bedoel met een rollercoaster is dat het heel snel kan gaan in het wereldje van betaald voetbal. Het ene moment doe je het goed en sta je in de spotlights terwijl je het volgende moment niks kunt en omlaag valt. Je bent soms net een product.”

Op jonge leeftijd maakte Hutten de overstap van Willem II naar PSV. Hij doorliep de gehele jeugdopleiding in Eindhoven, maar ziet nu hij ouder is dat hij hier meer uit had kunnen halen. “Bij PSV gold ik als een groot talent en ging het me voor de wind. Ik heb er nooit hard voor hoeven werken. Totdat ik op een gegeven moment wel moest. Daarin was ik op jonge leeftijd gemakzuchtig en heb ik steken laten vallen.”

In zijn tijd bij PSV werkte hij veelvuldig samen met trainer Fred Rutten. “Hij wilde je echt klaarstomen voor het grote werk. Hij wilde me mentaal hard maken, zodat ik goed mee zou kunnen op het hoogste niveau. Hij had het beste met me voor en zag het in me zitten, maar op die leeftijd was ik nog niet in staat die hardheid te kweken. Ik was daar te zacht voor. Achteraf gezien redde ik het daardoor niet bij PSV.”

Geelgroen randje

Over zijn hoogtepunten in de Eredivisie hoeft hij niet lang na te denken. “De promoties die ik mee heb mogen maken met Excelsior in 2014 en Fortuna in 2018 blijven me echt bij. Natuurlijk zijn de wedstrijden tegen de traditionele top 3 ook mooi om mee te maken. Die wedstrijden pakken ze je nooit meer af.” Dat sommige clubs een speciale plek in het hart van de Brabander hebben blijkt tijdens het gesprek. “Ik heb altijd gezegd dat ik een Tilburger in hart en nieren ben, maar dat mijn hart een geelgroen randje heeft. Willem II staat bij mij op een, omdat het de club uit mijn stad is, maar Fortuna staat zeker op twee.”

Zijn speciale band met de club uit Limburg komt eens te meer naar voren wanneer hij zijn periode in Duitsland vroegtijdig beëindigt. “Mijn carrière kende een jojo-effect voordat ik naar Duitsland vertrok. Het ging met pieken en dalen. Duitsland is een mooi land met een prima voetbalcultuur waar ik dacht mijn carrière nieuw leven in te kunnen blazen, maar uiteindelijk was het niet de beste stap voor mij. Ik zat daar in mijn eentje en miste mijn gezin. Elke dag was hetzelfde en ik vroeg me af of het voetballen dat wel waard was. Uiteindelijk kwam ik er met Rödinghausen uit en keerde ik terug naar Nederland. Waarna ik op een bijzondere manier terugkeerde bij Fortuna.”

De aanvaller kreeg een telefoontje van de supportersvereniging van Fortuna met de vraag of hij terug wilde komen. “Ze wisten dat ik in Nederland was en na het telefoontje ging ik het gesprek aan met Fortuna. Het gesprek was goed en zodoende ging ik weer in Limburg voetballen. Fortuna is voor mij een tweede thuis. De waardering die ik daar kreeg was enorm. Ik ben van mezelf een nuchtere Brabander en dat klikte goed met de Limburgers. Ik wilde de club graag wat teruggegeven, omdat zij jaren alles voor mij hebben gegeven. Het gaf enorm veel voldoening toen dat inderdaad gebeurde, namelijk de promotie naar de Eredivisie.”

Doelstelling

Na twee seizoenen waarin Hutten weinig aan spelen toekwam bij TOP Oss dacht hij na wat hij nog wilde bereiken in de voetbalwereld. Door corona bleek het lastiger aan te kloppen bij clubs met de vraag of ze hem wilden hebben. Via Nikos Tabas kwam hij afgelopen zomer in Werkendam terecht. “Toen ik bij PSV speelde, speelde Nikos bij Feyenoord. We kennen elkaar al lang en hij is een goede vriend van de trainer (Rick Adjei, red.). In januari kwam ik op gesprek en daar hield ik direct een warm gevoel aan over. De trainer en ik hebben dezelfde denkwijze. Dat gaf direct een klik. Toen ik thuiskwam vertelde ik dat het goed ging en dat het tijd was om verder te kijken. Op deze manier kwam ik bij Kozakken Boys terecht.”

De doelstelling voor ‘De Boys’ is ieder seizoen hetzelfde: meedoen in de top vijf en proberen aanspraak te maken op de hoogste positie. “In deze competitie kan iedereen van iedereen winnen op het moment. Het is echt onvoorspelbaar. We hebben ervaren jongens in het team die weten hoe het werkt en rustig blijven. Daarom ben ik er zeker van dat het gaat lukken. Met Kozakken Boys wil ik dit seizoen succesboeken, want ik weet hoe hoger je speelt, hoe leuker de sfeer wordt. En dat ze hier sfeer kunnen maken kreeg ik al mee.”

Klik hier voor meer artikelen over Kozakken Boys.
Meer informatie over Kozakken Boys: Klik hier.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.