Home Blog Pagina 679

René Schenk over zijn carrière als scheidsrechter bij GPC Vlissingen

Fluiten als clubscheidsrechter bij GPC Vlissingen doet René Schenk (59) nog maar al te graag. Ondanks dat hij meerdere keren gevraagd is door de KNVB om voor hen te fluiten is hij toch bij de club gebleven. Zolang de gezondheid het toe laat is hij nog niet van plan te stoppen met fluiten.

René is op negenjarige leeftijd terecht gekomen in Oost-Souburg. Op zijn 17e heeft Schenk het ouderlijk huis verlaten en is gaan samenwonen. In die tijd studeerde hij Werktuigbouwkunde. Hierna heeft hij zijn dienstplicht vervuld in Seedorf te Duitsland bij de staf van het 42e Bataljon Limburgse Jagers. Na zijn dienstplicht is hij aan het werk gegaan bij de NV Haven van Vlissingen. Na diverse overnames is René nog steeds werkzaam in de oliewereld waarbij hij als Terminal Manager fungeert bij Haan Oil Storage B.V. te Dordrecht.

Binnen GPC heeft hij ook een aantal jaren in het bestuur gezeten waarbij hij verschillende functies heeft verricht zoals: jeugdbestuur en de technische commissie. “Momenteel ben ik ook al een aantal jaren voorzitter van de sponsorcommissie. Buiten dit om maak ik ook deel uit van de zogenaamde onderhoudsploeg waarbij we ons bezighouden met diverse projecten.”

0250985_onlinebanner_Klaverblad_VJGoeree

Carrièreverloop scheidsrechter

“Het zal ergens in 2004 zijn geweest dat ik begonnen ben met fluiten voor enkele jeugdelftallen.” Het meer serieuzere werk was toch wel vanaf de B1 destijds, die een redelijke partij konden spelen, dit elftal is later de A1 geworden die Schenk om de week wel floot. Hiervan zijn nog spelers doorgestroomd naar het eerste elftal. “Naarmate je toch op “hoger” niveau gaat fluiten wil je er ook meer vanaf weten.” Dit heeft er dan ook toe geleid dat Schenk in 2006 met Marin de Zwarte (GPC) de scheidsrechteropleiding is gaan volgen, onder leiding van Rien van Haaften. Schenk en De Zwarte hebben beide deze opleiding met een goed gevolg afgelegd. De Zwarte heeft er uiteindelijk voor gekozen om voor de KNVB te gaan fluiten, waarbij Schenk gekozen heeft om dit alleen bij GPC te doen. Dit heeft hij gedaan, omdat hij zelf ook nog graag wilde voetballen ondanks de meerdere verzoeken om voor de KNVB te gaan fluiten.

In competitieverband fluit hij alle elftallen, met name de senioren behalve het eerste elftal. Tijdens oefenwedstrijden komt dit overigens wel eens voor. “Helaas zijn er veel wedstrijden niet doorgegaan vanwege COVID, maar buitenom dat heb ik nog steeds veel plezier in het fluiten. Zolang de gezondheid het toelaat blijf ik dit graag doen, vertelt Schenk.”

Hoogte- en dieptepunten

Echte dieptepunten kan Schenk niet echt noemen. “De minder wedstrijden, die overigens niet vaak voorkomen, zijn die wedstrijden waarbij een team de hele wedstrijd door blijven zeuren om van alles en nog wat. Vaak zijn dit dan de teams die minder goed kunnen voetballen en denken middels hun mond dit te kunnen corrigeren.”

Voor Schenk zijn de hoogtepunten de wedstrijden waarbij de teams goed kunnen voetballen en op een faire manier strijd leveren. “Vaak maak je dan ook mee dat deze wedstrijden “makkelijker” te fluiten zijn.”

 

Hobby’s naast het voetbal

Schenk is begonnen met turnen op zijn tiende,  waarbij hij deel heeft uitgemaakt van de selectie. Voetbal is in die tijd ook voor hem van start gegaan tot ongeveer zijn 17e. Op die leeftijd  is hij ook gestart met Karate wat hij bijna 20 jaar gedaan heeft. Hierbij is hij in bezit gekomen van twee Nederlandse dannen en één Japanse dan. (dan = zwarte band)

Buiten het werk om gaat hij ook graag zeilen, maar dit komt de laatste tijd wat minder voor. “Zeilen naar Engeland blijft toch wel het mooiste”, zegt Schenk. Graag gaat hij ook op stap waarbij de Panta Rhei in Vlissingen met haar livemuziek hem en zijn vrouw heel erg aanspreekt.

Klik hier voor meer informatie over GPC Vlissingen.

Voor een ander artikel over GPC Vlissingen, klik hier

In gesprek met Mayco van Bergeijk trouwe vrijwilliger bij NOAD’32

Sinds zijn negende jaar is hij al te vinden bij NOAD’32, Mayco van Bergeijk (41) geeft een mooie kijk in zijn jaren bij de club. Als DIV (documentaire informatievoorziening) bij vereniging in Wijk en Aalburg vervult hij meerdere taken en blijft zijn voetbalhart kloppen voor het spel. 

Op mijn negende ben ik begonnen bij NOAD’32 en daar heb ik heel mijn carrière gespeeld. Ik maakte mijn debuut in het eerste toen ik 15 jaar was, na enkele jaren in de selectie gespeeld te hebben ging ik terug naar het tweede elftal. In verband met een knieblessure ben ik destijds gestopt met voetbal en toen verschillende andere dingen gaan doen binnen de club”, aldus Van Bergeijk. Over enige jaren actief bij betrokken zijn bij de club kan dus wel gesproken worden. Zo vertelt Mayco nog actiever betrokken te zijn bij NOAD’32; “Sinds mijn zoontjes voetballen ben ik altijd leider/trainer geweest bij één van de twee. Daarna ben ik actieve carrièreleider geworden bij het tweede elftal en de technische commissie ingegaan. Dit seizoen ook tijdelijk trainer van de jo19 en als het nodig is help ik bij de trainingen van de selectie.”

mandemakers banner

Manusje van alles

Het is wel duidelijk dat Mayco beschouwt kan worden als een manusje van alles. Over zijn ambities vertelt hij het volgende: “Zolang ik er plezier in blijf houden wil ik op dezelfde voet verder gaan. Ik ambieer geen baantje als hoofdtrainer ofzo, maar vind het simpelweg te leuk om met de jeugd te werken.” Ondanks dat is hij toch zeer betrokken bij de teams en de vooruitgang van de club. Zo vertelt hij over het huidige seizoen: “Dit seizoen gaat het niet zo best. Zowel het eerste als het tweede staan onderaan in de competitie. Gelukkig gaat het voetbal weer beginnen en kunnen we gaan proberen om daar verandering in te brengen.”

Trots

Iedere vereniging heeft een of meerdere vrijwilligers die meer dan één taak op zich nemen, zo ook Mayco. Zo beschrijft hij ook een aantal van zijn hoogtepunten in zijn tijd bij NOAD’32: “Als speler het behalen van de finale van de nacompetitie voor promotie, helaas was ik deze wedstrijd geschorst door te veel gele kaarten, maar de beleving was geweldig. Maar als leider het winnen van de nacompetitie met het tweede elftal waardoor we promoveerden naar de tweede klasse.” Het mooie aan meerdere rollen is ook meerdere hoogtepunten, waarvan het verenigingshart alleen maar harder van gaat kloppen.

Tegenslagen

Zoals van Bergeijk aangeeft is dit seizoen voor hem een van de zwaarste geweest. “De coronatijd is voor mij wel een dieptepunt, hierdoor konden we steeds het seizoen niet afmaken. Enige leuke is dat we als Technische Commissie iedere zaterdag in deze tijd wat hebben kunnen organiseren voor de jeugd.” Ondanks dat het een tegenslag is, benoemt hij toch het positieve over een lastige tijd. Zo geldt dat ook voor zijn eigen voetbalcarrière: “Helaas is mijn actieve carrière voorbij, maar kan ik mij op andere manieren nuttig maken voor de club.”

Toekomst

Naast dat hij zo positief is over NOAD’32 geeft hij aan ook erg lovend te zijn over collega’s. “Alle vrijwilligers die er nodig zijn om de club draaiende te houden”, aldus Van Bergeijk Iedere vrijwilliger draagt bij aan een betere toekomst voor de club. Met de vraag hoe de 41-jarige vader vooruitkijkt naar de toekomst vertelt hij: “Hoop dat er van de jeugd die ik train of getraind heb ooit wat spelers in het eerste elftal komen te spelen. Maar hopelijk gaan we het seizoen uitspelen en nog de nodige punten pakken zodat het eerste en tweede niet degraderen.”

Klik hier voor meer informatie over NOAD’32
Klik hier voor meer artikelen over NOAD’32

 

Reza Maipauw van VV Goes heeft het profvoetbal nog zeker niet uit zijn hoofd gezet

GOES – Hij was met achttien jaar de jongste basisspeler die bij derdedivisionist Goes in de afgelopen vier seizoenen aan de aftrap stond. Na zijn overstap van Kloetinge O23 wist Reza Maipauw zichzelf sneller dan verwacht in het keurkorps van trainer Kevin Hollander te spelen. ‘Het was een flinke stap omhoog qua niveau, maar het bevalt me ondanks dat we onderaan staan erg goed.’

De jonge verdediger uit Middelburg voelt zich prima thuis in de hekkensluiter in de Derde Divisie A en is trots dat hij al zoveel speelminuten en basisplaatsen dit seizoen achter de rug heeft. “Het was een bewuste keus om de overstap te maken naar Goes en me te proberen te meten op dit niveau. Ik heb er hard voor gewerkt en ben dan ook blij dat ik de trainer heb kunnen overtuigen. Want je kunt wel roepen dat je een basisplaats gaat bereiken, maar je moet het toch op het veld laten zien. Want spelen op dit niveau is natuurlijk wel even iets anders dan bij Kloetinge O23. Maar het is voor mijn wel prachtig dat ik me nu op dit niveau kan bewijzen.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

Ondanks zijn nog jonge leeftijd heeft Maipauw al een kleine ‘reis’ langs verschillende clubs achter de rug. De verdediger begon als vijfjarige in de jeugd bij VCK. Daarna stapte hij even over naar  Jong Ambon en vervolgens JVOZ. “Daar kon ik op stage bij Sparta Rotterdam waar ik drie seizoenen heb gespeeld. Uiteindelijk ben ik voor een jaar teruggegaan naar JVOZ en heb daarna de overstap gemaakt naar Kloetinge waar ik in de O23 heb gespeeld. Dus inderdaad kan je wel zeggen dat het al een kleine rondreis is geweest tot nu toe haha.”

Nu bij Goes heeft hij weer te maken met Kevin Hollander als trainer, die hij nog kent vanuit zijn tijd bij JVOZ. “Daar heb ik ook met Kevin gewerkt, dus hij kende mijn kwaliteiten en mijn manier van spelen. Dat was voor mij wel prettig natuurlijk, want ook mede daardoor was de stap voor mij naar Goes een stukje makkelijker. Al is dat zeker geen garantie dat je dan ook ‘eventjes’ een basisplaats krijgt ofzo. Want er is voldoende concurrentie bij ons in de selectie dus ik zal me toch op trainingen en in wedstrijden wekelijks moeten blijven bewijzen.”

Hoewel hij een aantal jaar geleden de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam verliet, heeft Maipauw de droom om profvoetballer te worden nog niet losgelaten alhoewel nu vooral zijn focus ligt op het behalen van zijn MBO-diploma. “Want ik heb wel geleerd dat een diploma halen toch wel verstandig is voor later. Maar ik ben nog erg jong en speel op een hoog amateurniveau en heb nog tijd. Ik ben er wel van overtuigd dat als ik mijn ding hier blijf doen bij Goes, dat er vast nog kansen komen. En als dat zo is moet ik hem pakken. Tot die tijd geef ik alles wat ik heb om met Goes handhaving te realiseren. Want dat is nu voor iedereen bij de club wel het belangrijkste doel. En wat er voor mij persoonlijk nog op mijn pad kom, dat zie ik later wel.”

Klik hier voor meer informatie over VV Goes
Lees hier meer artikelen over VV Goes

Ognjen Peric van Soccer Academy Breda over de ontwikkeling van Belgische talenten

Ognjen Peric startte in acht jaar tijd een succesvolle voetbalschool in Breda, genaamd Soccer Academy Breda. Binnen deze voetbalschool is er een ontwikkeling gaande, waarbij de aanwas van Belgische talenten fors toeneemt. Soccer Academy Breda is voor zowel Nederlandse als Belgische talenten dé perfecte omgeving om het maximale uit zichzelf te kunnen halen.

kootstra_new

Ogi, de oprichter van Soccer Academy Breda, ziet dat er een ontwikkeling gaande is binnen de voetbalschool waarin steeds meer Belgische talenten zich aandienen. “We hebben tientallen aanmeldingen binnengekregen van Belgische talenten die op het hoogste amateurniveau in België spelen. Hieruit selecteren we de ‘parels’ die net onder het eliteniveau hangen.” Binnen de voetbalschool is genoeg talent te vinden van onze zuiderburen. “We hebben momenteel 11 Belgische talenten binnen onze voetbalschool. Dit zijn de goede amateurs die bij ons keihard werken om een stap hogerop te kunnen maken. Wij bieden hen met de juiste begeleiding het juiste klimaat om het maximale uit zichzelf te kunnen halen.”

Steeds meer Belgische talenten zoeken hun heil in Nederland, terwijl dit andersom niet altijd het geval is. Dit komt volgens Ogi door een belangrijk verschil in het aandienen van talent. “In België loopt echt super veel talent rond, maar die jongens krijgen niet allemaal een podium, doordat het aantal plaatsen binnen de profclubs nog altijd beperkt is. In Nederland heb je nog meer clubs en is het voetbal groter, dus is er meer ruimte voor talent.”

Dat Soccer Academy Breda het podium voor Belgische talenten is, blijkt ook uit de stappen die deze talenten maken. “De afgelopen twee weken hebben drie Belgische talenten de stap naar een Belgische profclub kunnen maken. Zo maakten drie jongens de stap naar K.V. Mechelen (Hugo), Royal Antwerp (Ali) en Waasland Beveren (Elijah).” Dat de spelers de stap kunnen maken komt vooral door de wisselwerking tussen Soccer Academy Breda met het Belgische voetbal. “We hebben vooral in de afgelopen periode, waarin het lastig was om tegenstanders in Nederland te vinden, wedstrijden gespeeld tegen Belgische profclubs. Op die manier hebben we jongens fit kunnen houden. Hierin hebben de jongens zich kunnen laten zien in België en dat zorgt ervoor dat onze talenten de stap kunnen maken.”

mediplus banner

De oefenmeester ziet een duidelijk verschil in de ontwikkeling van de jonge Nederlandse en de Belgische spelers. Waar de Nederlandse verenigingen vooral gelden als opvang in de jeugdelftallen van de u5 t/m de u9, ligt de basis van trainingen in deze jeugdelftallen in België een stuk hoger. “De Belgische spelers zijn op jonge leeftijd vaak verder dan de Nederlandse jongens. Dit komt doordat in België vanaf kleins af aan de focus ligt op het bijbrengen van discipline. Ze weten vanuit de opvoeding hoe het is om in een topsport omgeving te werken en welke professionaliteit daarbij komt kijken. Daarnaast wordt er in België al vroeg getraind op techniek, de motorische ontwikkeling en een hoge omschakeling. De spelers hebben bepaalde kenmerken en dit zie je bij veel jeugdspelers terug.” Desondanks ziet Ogi op latere leeftijd een duidelijk verschil ontstaan. “Bij het Nederlandse voetbal wordt de focus gelegd op creativiteit en worden de spelers veel vrijer gelaten in hun doen en laten. Dit zorgt er uiteindelijk voor dat de top van Nederland op latere leeftijd hoger ligt, doordat de Nederlanders creatiever zijn en dat leidt dan uiteindelijk tot betere resultaten.”

De leermeester ziet een sterke ontwikkeling ontstaan in België. “Het eliteniveau in België maakt steeds meer stappen in de bovenbouw om te kijken hoe ze deze creativiteit toch kunnen ontwikkelen bij hun spelers. De spelers spelen ontzettend verzorgd voetbal en beschikken over een goede basistechniek.” Het opleidingsniveau in de bovenbouw in Nederland ligt nog altijd hoger. “Als de top van Nederland speelt tegen de top van België, dan winnen vaker de Nederlandse clubs. In de onderbouw is dit andersom: daar moeten de Nederlandse teams plaatsmaken voor de Belgen.”

Binnen de elftallen van Soccer Academy Breda is er een goede mix tussen Nederlandse en Belgische talenten, wat zorgt voor een goede wisselwerking. “We zien dat de Belgische spelers de structuur binnen het elftal brengen en de Nederlandse spelers brengen meer creativiteit. Hierdoor hebben we veelzijdige elftallen en kunnen de spelers van elkaar leren. Je ziet dat er een mooie balans in het elftal ontstaat. Soccer Academy Breda is de plaats waar Nederlands en Belgisch talent samenkomt.” Uiteindelijk brengt deze samenwerking alleen maar voordelen met zich mee voor beide partijen.”

Klik hier voor meer artikelen over Soccer Academy Breda.
Meer informatie over Soccer Academy Breda? Klik hier.

Richard Uiterhoeve hoopt met HKW’21 de opwaartse lijn te kunnen pakken

HOEDEKENSKERKE/KWADENDAMME – Het is dit seizoen voor het eerst echt officieel: de eerste schreden van HKW’21 als ‘echte’ fusieclub. Hoedekenskerke/Kwadendamme kwam wel al enkele jaren als samenwerkingsverband uit in de competitie, maar nu is de club van aanvoerder Richard Uiterhoeve (37) écht één.

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

“Ik moet zeggen dat het toch wel heel mooi is. De gehele club is in het nieuw gestoken. Nieuwe clubkleuren, nieuwe naam, nieuw logo. Dat is wel mooi en iedereen is daar tevreden over, behalve over het aantal punten van ons als eerste elftal. Dat valt vooralsnog best een beetje tegen’, zegt de routinier.

Maar naast het feit dat alleen het uiterlijk is veranderd, is het gevoel binnen de club volgens Uiterhoeve wel onveranderd gebleven. “De samenwerking verliep in mijn ogen al prima, maar het is natuurlijk nu wel zo dat je een veel mooiere, eigentijdse en eenduidigere uitstraling hebt gekregen. En voor mij persoonlijk is het gewoon nog altijd leuk om wekelijks op het veld te kunnen staan en van waarde te kunnen zijn voor het elftal. Al denk ik wel steeds vaker na of ik nóg een keer een jaar moet doorgaan. Het zou ook zomaar een mooi moment kunnen zijn om er aan het eind van dit seizoen een punt achter te zetten bij een eerste elftal en het stokje over te dragen aan een jongere generatie.”

De selectie is op een enkele ervaren krachten na en met Uiterhoeve als ‘nestor’ voorzien van een hoop jonge spelers en is bovendien niet erg ruim. “Dat zorgde ervoor dat we vaak moesten schuiven qua posities en spelers. Dat komt natuurlijk het spel ook niet direct ten goede. Maar die jonge gasten hebben zeker potentie en ook binnen de jeugd lopen nog wel aardige spelers rond. Maar die moeten allemaal vooral de komende tijd heel veel ervaring opdoen. En dan zijn wedstrijden zoals wij die spelen in deze fysiek zware vierde klasse mooie leermomenten.”

En ze merken nu ook, net als de aanvoerder zelf overigens, hoe het is om een seizoen te spelen waarin tijdens de eerste reeks wedstrijden bijna alles wat verkeerd kan vallen, ook echt verkeerd valt. “Het is écht extreem! Dat heb ik nog nooit meegemaakt. We spelen soms best goed, krijgen kansen maar belonen ons niet. Dan zie je dat het kwartje steeds de verkeerde kant opvalt en dat je te weinig punten hebt, gebaseerd op het vertoonde spel. Al moet je die uiteindelijk wel zelf pakken natuurlijk. Maar als je steeds net aan de verkeerde kant van de score zit, dan groeit soms wel de onzekerheid en dat zie je dan terug. Al zijn we in vrijwel geen enkele wedstrijd weggespeeld en waren de verliespartijen met vaak minimale cijfers. De laatste duels wonnen we wel, al is het dan zuur dat het daarna weer stil kwam te liggen.”

Het duurde dus tot eind november in de uitwedstrijd tegen Nieuwland (niet toevallig spelend in blauwwitte tenues waarin tot voor dit seizoen HKW ook speelde) voordat HKW’21 de eerste overwinning pakte. Zoals een echte aanvoerder betaamt kroonde Uiterhoeve zich met de 0-1 direct ook tot matchwinner. “Dat was wel een leuke bijkomstigheid natuurlijk, maar die overwinning was belangrijk. Ik ben nog altijd ambitieus en het zou gaaf zijn om dit jaar nog een periode te pakken. Dat is nu nog héél ver weg, maar je moet er wel voor blijven knokken. We moeten het per wedstrijd bekijken in het restant. Win je een paar keer doe je mee bovenin, verlies je dan sta je onderin. De middengroep is aan elkaar gewaagd. Het is aan ons om te zorgen dat we straks aan de goede kant van de score blijven. Als dat lukt en ik kan daar mijn bijdrage aan leveren, dan ben ik tevreden. En of dit mijn laatste seizoen wordt, dat ga ik over een paar maanden definitief beslissen.”

Voor meer artikelen over HKW’21, klik hier.
Voor meer informatie over HKW’21, klik hier.

Sigmar Martien van VV Borssele is vooral blij dat hij nog als voetballer actief kan zijn

BORSSELE – Het is al bijna tien seizoenen geleden dat v.v. Borssele wedstrijden speelde in het standaardvoetbal. Maar door spelersgebrek koos men destijds voor een stap terug richting de reserveklasse waar me nog altijd actief is. Het weerhield Sigmar Martien (31) er niet van om drie seizoenen geleden van VC Vlissingen de overstap te maken.

Met tien goals is Martien vooralsnog clubtopscorer, al stelt dat naar zijn eigen mening bij een kleine club met ‘slechts’ één elftal niet zoveel voor. “Je moet alles in verhouding zien natuurlijk. We spelen reserveklasse en dan is het toch allemaal net even anders. Ik heb altijd bij VC Vlissingen gespeeld, op behoorlijk niveau ook, en dan was het wel even schakelen. Maar het is gewoon een leuke kleine vereniging. Een echte vriendengroep ook die wekelijks probeert om het zo goed mogelijk te doen.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

Martien kreeg in zijn tijd bij Vlissingen te maken met een paar zware knieblessures. Die zorgden ervoor dat voetballen op hoger niveau er niet langer inzat. “Ik heb blessures gehad aan allebei mijn knieën. Aan meniscus en kruisbanden die waren afgescheurd. Daarna heb ik een tijdje niks gedaan, maar ook in een lager elftal gespeeld. Het plezier werd minder. Dus toen Richard Beenhakkers me vroeg of ik niet bij Borssele wilde komen voetballen ben ik eens gaan kijken en heb de overstap gemaakt. We trainen één keer per week en dus in het weekend een wedstrijd. Die belasting kan mijn knie gelukkig prima aan en dat bevalt goed.”

Toch was het wel wennen voor de Borsselse doelpuntenmaker. “Natuurlijk was het wennen. Want je hebt niet te maken met officiële KNVB-scheidsrechters maar met clubscheidrechters. Dus dan krijg je het af en toe wel eens zwaar te verduren qua tegenstand en overtredingen. Maar dat weet je van te voren als je voor dit niveau kiest. Inmiddels ben ik er al aan gewend en ga ik soms ook wel eens de duels uit de weg om een eventuele nieuwe blessure te vermijden. Het weerhoudt me er overigens niet van om toch wekelijks een potje te voetballen, want dat blijft toch het allerleukste wat er is.”

Voorlopig ziet het er volgens Martien niet naar uit dat Borssele weer de stap maakt naar het standaardvoetbal. “Op korte termijn zie ik dat nog niet gebeuren. Wat mij betreft ook niet echt een ramp, want zoals het nu gaat hebben we het op trainingen, tijdens en vooral ook ná de wedstrijden hier prima naar ons zin. Zelf hield ik na die zware knieblessures er rekening mee dat ik nooit meer zou kunnen voetballen. Dus dat ik hier nu wekelijks al drie jaar op het veld sta is voor mij al mooi genoeg.”

Klik hier voor meer informatie over SV Borssele
Lees hier meer artikelen over SV Borssele

 

Delano Loontjes wil met DWO’15 de negatieve flow graag ombuigen

OVEZANDE – Als vijftienjarige maakte Delano Loontjes (18) maakte hij zijn debuut bij DwO’15 in de 4e Klasse B. De ploeg pakte destijds een periodetitel maar bleef ook de seizoenen erna vierdeklasser. Daar wil ’t dit seizoen vooralsnog niet vlotten. Het pakte in de openingswedstrijd tegen Spui het enige punt en is hekkensluiter.

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

“Het wil dit seizoen nog niet lukken om te winnen. Alleen tegen Spui wisten we een punt te pakken en daarna was het klaar. We hebben al het gehele seizoen veel blessures en een kleine selectie. Dat wreekt zich dan wel natuurlijk, zeker als je tegen ploegen speelt die meer kwaliteit hebben.”

Loontjes schoof in 2018 vanuit de JO17 door richting de eerste selectie en wist er al snel een basisplaats te veroveren. De jeugdige aanvaller speelt veelal vanaf de zijkant, al wordt hij ook af en toe wel als diepste spits gebruikt. “Maar een rol aan de zijkant ligt me toch beter. Ik ben geen doelpuntenmaker. Helaas is dat juist hetgeen wat we als ploeg ook missen. We hebben geen afmaker in onze selectie jammer genoeg. Was dat wel zo geweest, dan denk ik absoluut dat we al een aantal punten meer hadden gehad.”

In de jeugd speelde de aanvaller altijd voor Volharding, waarmee hij in 2015 samensmolt met SVD tot het huidige DwO’15. En waar hij in het begin vol ging voor het voetbal, daar ligt op dit moment voor Loontjes de focus vooral in eerste plaats op zijn studie. “Ik studeer hotelmanagement in Antwerpen en daardoor lukt het me niet altijd om twee keer per week te trainen. Ik houd overigens mijn conditie wel op peil met hardlopen en in de sportschool. Daar probeer ik vooral ook fit te blijven, want ook ik ben, net als veel van mijn teamgenoten, dit seizoen er ook al even uit geweest vanwege een blessure. Gelukkig ben ik nu wel weer helemaal fit.”

En de jongens die te maken kregen met pijntjes en kwetsuren, dat bleken ook nog vaak de bepalende spelers te zijn. “En dat wreekt zich dan we tijdens wedstrijden. Ik probeer wel altijd zelf mijn eigen spel te spelen, maar het is soms wel frustrerend dat we een aanspeelpunt missen voorin om je bal kwijt te kunnen. Dan wordt het ook moeilijk om tot echte kansen én ook goals te komen. En als je die niet creëert of scoort dan is het lastig om te winnen natuurlijk.”

Hoewel het in de voorbereiding volgens de buitenspeler best behoorlijk draaide, daar stropt in de competitie de DwO-motor bijna volledig. “Je merkt dan wel dat de kopjes gaan hangen en je in een negatieve flow terechtkomt. Het is best moeilijk om dat om te buigen. Toch een apart fenomeen. Want de sfeer is gelukkig altijd wel goed, maar het zo toch nog allemaal een stukje gezelliger worden als je af en toe weer eens wat wedstrijden wint.”

Klik hier voor meer informatie over DwO’15
Klik hier voor meer artikelen over DwO’15

Volgens Thomas Weening moet Rillandia kunnen meedraaien in de subtop

RILLAND – Het eerste deel van het seizoen verliep voor vierdeklasser Rillandia meer dan behoorlijk. Ook middenvelder Thomas Weening (22) is zeer te spreken over hoe het tot op heden is gegaan. Hij denkt dat zijn club als ‘best of the rest’ moet kunnen meedraaien in de subtop.

“Dat denk ik inderdaad. We hebben het in de eerste serie wedstrijden goed gedaan. Alleen tegen de echte titelkandidaten moesten we het onderspit delven, maar verder denk ik dat de resultaten goed waren. Wanneer we de boel fit kunnen houden en we op dezelfde manier voor elkaar willen knokken en werken dan dat we tot nu toe doen, dan moet de subtop zeker realistisch zijn.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

Weening maakt alweer vier jaar deel uit van de hoofdmacht, nadat hij vanuit de JO19 doorstroomde naar het tweede elftal om vervolgens nóg een stapje omhoog te maken bij zijn club. “We gingen destijds vanuit de jeugd als een soort van vriendenteam van de JO19 door naar de senioren. Toen de nood aan de man kwam, kreeg ik de kans om door te schuiven en die heb ik met beide handen aangegrepen. Want ik wilde wel kijken of ik uiteindelijk mezelf in de basis kon spelen en dat is uiteindelijk wel gelukt.”

De middenvelder moet het vooral van zijn werklust hebben en van het vermogen om langs de flanken ‘meters te maken’. En hoewel hij in de jeugd ook wel in de spits speelde, ziet hij zichzelf nu veel meer een voorbereider dan en afmaker. “Ik ben niet iemand die de koelbloedigheid heb voor de goal, maar meer iemand die moet zorgen voor de assist. Als dat in wedstrijden lukt, dan kan ik daar wel tevreden mee zijn en van genieten ook.”

Waar hij overigens ook van geniet, dat is zijn passie voor wielrennen. Want in de voetballoze periode maakte de jonge middenvelder ook heel veel fietskilometer. “Daardoor moest ik in de voorbereiding ook omschakelen en had ik te maken met spierblessures. In het verleden daar heel veel last van gehad, dus voor mij is het doel om vooral zo lang mogelijk fit te blijven en zoveel mogelijk minuten te maken in het eerste.”

Momenteel loopt Weening als Hbo-student Commerciële Economie stage bij de Jumbo Visma Wieler- en Schaatsploeg. “Daardoor heb ik wel al eens wat trainingen gemist. Tot januari duurt mijn stage en om dat bij zo’n professionele organisatie te mogen doen, dat is geweldig. Ik ben mee geweest naar de Vuelta in Spanje, waar we onze kopman Primož Roglič zagen winnen. Een onvergetelijke ervaring natuurlijk die je meeneemt in de rugzak.”

In diezelfde rugzak hoopt hij overigens nog heel wat mooie Rillandia-momenten te kunnen toevoegen. “Als dat zou kunnen is dat zeker mooi. Ik sta nog maar aan het begin en kan op alle facetten nog stappen maken. Fit blijven is het vooral heel belangrijk en de goede resultaten straks weer oppakken. Wanneer dat lukt, dan is mijn seizoen zeker geslaagd.”

Klik hier voor meer informatie over Rillandia.
Klik hier voor meer artikelen over Rillandia.

Dylan de Kam wil zich als eerste keeper bij Patrijzen verder ontwikkelen

’S HEERENHOEK – Zijn gehele jeugd speelde Dylan de Kam (21) bij v.v. Kloetinge, maakte er uiteindelijk ook zijn debuut in het eerste elftal. Toch besloot de jonge doelman om andere oorden op te zoeken en vertrok naar derdeklasser Patrijzen uit ’s Heerenhoek. ‘Een bewuste keuze die ik met mijn verstand heb genomen.’

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

Want hoewel De Kam een mooie voetbaltoekomst werd voorspeld, besloot hij om niet langer bij de eersteklasser te blijven, maar te kiezen voor v.v. Patrijzen waar hij zichzelf als eerste keeper mag bewijzen. “Daar loop ik ook niet van weg. Het was zeker wel lastig om de knoop door te hakken en Kloetinge te verlaten. Want ik heb er een geweldige tijd gehad. Maar écht perspectief op speeltijd en een echte kans bij het eerste elftal, die had ik in mijn ogen niet. En omdat ik wel heel graag in een eerste elftal wilde keepen ben ik op gesprek gegaan bij Patrijzen. Dat beviel goed en ik kon me helemaal vinden in het plan dat ze hadden. Tot op heden moet ik zeggen dat de overstap me heel erg goed is bevallen.”

De 21-jarige De Kam debuteerde vorig seizoen, toen hij nog keepte bij de O23 van Kloetinge, als invaller bij de eersteklasser in de bekerwedstrijd tegen Baronie uit Breda. Daarna mocht hij ook zijn opwachting nog maken bij het eerste elftal. Toch bracht het hem niet op andere gedachten. “Nee, absoluut niet. Ik heb een prachtige tijd gehad bij Kloetinge, heb er veel geleerd en ben er gevormd tot de keeper die ik nu ben. Maar ik wilde de constante druk als eerste doelman voelen. En omdat ik die kans bij Kloetinge op korte termijn niet zag, heb ik ervoor gekozen om qua niveau een paar stapjes omlaag te doen. En wie weet kan ik er straks weer enkele omhoog zetten.”

Want de drive om op zoek te gaan naar zijn plafond als voetballer, die heeft de talentvolle doelman honderd procent. “Mijn doel is om er uiteindelijk als keeper het maximale uit te halen en om te proberen de top van Zeeland te halen. Daarom ben ik blij dat ik bij Patrijzen de kans krijg om mezelf in de picture te keepen. En ik probeer een aandeel te hebben in het najagen van onze doelstelling dit seizoen. We willen graag de top-vier halen en zien of er dan eventueel nog een periode te pakken valt. We hebben een goede groep en willen graag een gooi doen naar de promotieplekken. Dat wordt een fikse klus, maar uitdagingen moet je aangaan vind ik en er zeker niet voor weglopen.”

Klik hier voor meer artikelen over VV Patrijzen.
Klik hier voor meer informatie over VV Patrijzen.

 

Transfertalk met Martijn van Zuuren van NBSVV

De 34-jarige spits maakte dit seizoen de overstap van vierdeklasser Zinkwegse Boys naar NBSVV. Hier heeft hij zijn plekje gevonden, waar hij samen speelt met zijn neefje. Maar ook bij zijn nieuwe club barst de ervaren speler nog van ambities.

Selectie

Een echte liefhebber van het spelletje, zo kunnen we Martijn wel beschrijven. Vanaf zijn vijfde levensjaar begon hij met voetballen bij SHO, al was hij daar nooit een groot talent: ‘’Vaak speelde ik twee wedstrijden op een zaterdag en ging ik aansluitend bij het eerste elftal kijken, al had ik nooit de illusie dat ik dat ooit zou halen.’’ Na een opmars bij de senioren van SHO werd van Zuuren door de toenmalige hoofdtrainer, Vincent van Noord, gevraagd om voor het eerste van v.v. Zinkwegse Boys te spelen: ‘’Mij werd verteld dat het gezellige en familiaire karakter van de club wel bij me zou passen en dat is ook wel gebleken. In de 13 jaar bij de club ben ik me er echt thuis gaan voelen en heb er alleen maar mooie herinneringen aan over gehouden.’’

DeGeusSchilderwerken_voorjaar2021

Lager niveau

Door de komst van zijn tweede zoon en de verwachting van zijn derde, besloot de spits op een lager pitje te gaan spelen bij het derde elftal van Zinkweg. In dat team was Mark Smeding daar nog één van zijn teamgenoten, maar die vertrok snel om als hoofdtrainer bij NBSVV aan de slag te gaan: ‘’Alhoewel ik er conditioneel alles behalve bovenuit stak, vroeg Mark me al in de eerste zomer om hem te volgen naar Nieuw-Beijerland, waar mijn neefje Pieter Vogelaar ook al speelde. Op dat moment leek me dat nog niet de juiste beslissing.’’, aldus Martijn. Maar Smeding hield de contacten gedurende het seizoen warm met van Zuuren, waardoor hij steeds meer het gevoel kreeg om naar NBSVV te komen. Ook al zag de ervaren spits in eerste instantie geen reden om Zinkwegse Boys te moeten verlaten, ging het toch kriebelen: ‘’Nu ik al afgezwaaid was, zag ik het als een laatste kans om samen met mijn neefje te spelen. Ik vind het leuk voor mijn moeder, maar vooral ook voor mijn oom, die altijd onze wedstrijden kwam bekijken en ons meenam naar De Kuip.’’ Maar daarmee was het nog niet gedaan, zegt Martijn: ‘’Voor het zover kon komen, moest Mark echter eerst met mijn vrouw op één lijn komen. Inmiddels telde ons gezin vier kinderen en dus kon ik pas naar de training als het grut op bed ligt en kan ik af en toe een snipperdag opnemen als het een keer niet uitkomt.’’ Maar dit mocht geen probleem zijn voor trainer Mark Smeding: ‘’Mark was overal mee akkoord, dus kwam ik naar NBSVV.’’

TuinverzorgingDeBergden_voorjaar2021

Warme gevoelens

Desondanks zijn overstap, kijkt Martijn tevreden terug op zijn periode bij v.v. Zinkwegse Boys: ‘’Vanaf het begin dat ik er kwam heb ik het er goed naar mijn zin gehad en in 11 jaar dat ik er in de selectie heb gezeten, heb ik steeds met een kern van zeven à acht dezelfde spelers samen gespeeld. Ik denk dat dat ook wel wat zegt over de sfeer binnen dat elftal.’’ Maar ook voetballend heeft van Zuuren zijn ervaring opgedaan: ‘’Ik heb er sportief mooie jaren gehad, maar zeker ook mooie herinneringen opgedaan op de latere avonden of op de trainingskampen zonder bal.’’ Dit seizoen mag de getransfereerde speler zich opmaken voor een weerzien met zijn oude club: ‘’Ik kijk er naar uit om dit jaar tegen ze te spelen. Peter van Dam, bij wie ik op de kamer nooit een oog dicht deed, is er inmiddels hoofdtrainer en het doet me goed om te zien dat hij er met jeugdige en nieuwe jongens weer een goeie sfeer in heeft gekregen. Om hem en de andere jongens waar ik lang mee heb samen gespeeld weer te spreken na de wedstrijd, kijk ik erg naar uit’’

 

Gezelligheid

Bij zijn nieuwe club heeft Martijn ook nog ambities: ‘’Het is een beetje politiek correct, maar als team hebben we de doelstelling om er dit jaar in te blijven. Er degraderen dit jaar vier teams naar de nieuwe vijfde klasse en wij willen er daar geen van zijn.’’ Daar wil de 34-jarige spits zelf ook een rol in hebben, ook al was dat tot nu toe niet wat hij ervan verwachtte: ‘’Het is dus ook mijn doelstelling om daar persoonlijk nog een waardevolle bijdrage in te hebben. Als team liggen we op koers, al valt mijn persoonlijke inbreng nog wat tegen. Ik tob sinds het eind van de voorbereiding met een slepende enkelblessure, al heb ik dat nu met oefeningen van de fysio redelijk onder controle. Ik heb daarom goede hoop dat het na de winterstop beter zal gaan.’’ Maar, zo geeft hij zelf aan, is voor hem niet alleen het sportieve aspect meer belangrijk. Ook de gezelligheid na wedstrijden en trainingen is net zo belangrijk: ‘’Nog meer dan vroeger is voor mij de donderdag mijn avondje uit. En aangezien ik toch wat meer moet pieken op deze avond, werkt het toch een beetje op mijn zenuwen als er te lang een serieuze toon wordt aangeslagen.’’ Als laatst voegt hij toe: ‘’Ik hoop dat we dit jaar in de vierde klasse kunnen blijven en dat we dat tegen de tijd dat dat zover is nog eens mooi kunnen vieren.’’

Klik hier voor meer artikelen over NBSVV
Meer weten over NBSVV? Klik hier.