Home Blog Pagina 648

Doelman René de Ruiter praat niet over stoppen

In het begin van dit seizoen werd doelman René de Ruiter in het zonnetje gezet. Juist de superderby tegen de buren, Alblasserdam, was zijn 250ste wedstrijd voor De Alblas. Een ingelijst shirt en een mooie huldiging vielen hem ten deel.

0240516_veru_VJAlblasserwaard[3285]

 

OUD-ALBLAS – ,,Zelf zette ik vraagtekens bij het moment. Ik had het idee dat ik al wat verder was. Maar oké, het was prima zo. Ik was er een jaar of drie geleden al bijna aan toe. Die laatste tien wedstrijden hebben door corona en een paar rode kaarten wel erg lang geduurd.” Het feest na de derby heeft extra veel aandacht gekregen. Bij de selectie van De Alblas waren er de dagen daarna negen coronabesmettingen. ,,Kort geleden hadden wij opnieuw zeven besmettingen. Ook ik was de klos, maar ik had er nauwelijks last van.”

Om te vervolgen: ,,Wij hebben nu echt een goede groep. Een perfecte mix van prima talenten en wat ouderen van goed niveau.” De Ruiter, opgegroeid bij De Alblas, behoort bij ‘de oudjes’. ,,Normaal gesproken zou ik hier nooit weggaan, maar in 2017 was het toch bijna zover.”

0251113_uwverhuishulp_VJAlblasserwaard[3290]

Het nieuwe trainersduo Leo Dekker/Henk Stok nam een ‘eigen’ doelman mee. ,,Ik werd na negen jaar eerste elftal aan de kant gezet. Het werd voor mij als clubjongen een inktzwart seizoen. Ik stond bij De Alblas op mijn zeventiende al onder de lat, maar heb serieus overwogen om bij Nieuw-Lekkerland Edward de Groot te gaan vervangen.” Het is er niet van gekomen. Dekker vertrok en met de nieuwe trainer John den Dunnen was alles weer als vanouds. ,,Met Den Dunnen hadden wij het wel moeilijk, maar wij hebben het mede door de komst van corona gered. Ik ben nu 32 jaar en heb dus vijftien jaar over die 250 wedstrijden gedaan. Best wel lang als ik erover nadenk, maar ik was dat Dekker-jaar natuurlijk kwijt en bleef een keer langdurig met een knieblessure aan de kant. Wat rode kaarten hebben ook niet meegeholpen.”

 

Knollentuinen

Topjaren waren de seizoenen met Bart Toom als trainer. ,,Ik meen dat hij hier zes of zeven jaar heeft rondgelopen. Nu zitten wij weer eens in een flow. Het zou zomaar kunnen dat wij opnieuw de stap naar de tweede klasse gaan maken. Voor mij zal het de eerste keer zijn.” De Ruiter, in zijn werk de financieel verantwoordelijke man bij een staalkabelbedrijf in Dordrecht, loopt dus al vijftien jaar mee. Hij verbaast zich over de nieuwe regels binnen het voetbal. ,,Neem nu die laatste aanpassing, dat de bal vanaf een uittrap niet meer uit de zestien hoeft. Keepers brengen verdedigers echt in de problemen. Je ziet het al in het betaalde voetbal. Op ons niveau, met een aantal knollentuinen, is het nog veel gekker. Ik doe er niet graag niet aan mee. Ik geef de bal liever een peer naar voren.”

René de Ruiter heeft al eens aangegeven dat hij zijn keepershandschoenen aan de wilgen zou gaan hangen. ,,Nu doe ik daar geen uitspraak over. Als wij weer onbeperkt kunnen doorvoetballen ga ik nog niet stoppen. Hopelijk komt er op termijn een eigen jongen aan die het van mij kan overnemen.”

Klik op De Alblas voor het laatste artikel van de club.

 

Milati maakt de velden speelklaar bij Alblasserdam

De bal rolt sinds enkele weken weer nadrukkelijk over de velden. Dat betekent voor het Papendrechtse bedrijf Milati Grass Machines BV dat er drukke tijden zijn aangebroken. Het bedrijf, gespecialiseerd in de verkoop en verhuur van grasmaai- en belijningsmachines en onkruidverwijderaars, spant zich in om de velden van clubs op allerlei niveaus helemaal speelklaar te maken én te houden.

0251113_uwverhuishulp_VJAlblasserwaard[3290]

Eigenaar Arjen Spek van Milati Grass Machines BV is blij dat de situatie weer net zo is als aan het begin van dit seizoen in september. Voor het Alblasserwaardse bedrijf, dat ook internationaal actief is, is het verzorgen van verse belijning en optimaal geknipte grassprieten een specialisme. ,,We zijn blij dat de clubs van verschillende niveaus een beroep doen op ons. Niet alleen is het mogelijk om machines aan te schaffen, maar ook in te huren.’’

Innovatief denken staat daarbij hoog in het vaandel. De robotmaaier is de afgelopen jaren bijvoorbeeld bijzonder populair geworden. ,,Clubs kunnen, als zij aan de criteria voldoen, twintig of dertig procent van het aanschafbedrag terugvorderen met subsidies. Steeds vaker wordt een beroep gedaan op onze expertise, waarbij ook regelmatig onze machines worden verhuurd. Daarbij gaat het niet alleen om belijnen en het maaien, maar ook om het verwijderen van onkruid. Daarbij zal Milati zich op korte termijn ook op een ander gebied gaan manifesteren. ,,Binnen afzienbare tijd zullen we ons productenaanbod verder vergroten en kunnen we de voetbalclubs ook voorzien van doelen, netten en hoekvlaggen.’’

Op alle niveaus in de voetballerij is Milati actief. De betaald voetbalclubs FC Twente, SC Heerenveen, PEC Zwolle, RKC Waalwijk, NEC, ADO Den Haag en FC Dordrecht deden al een beroep op de maai- en belijningsspecialist. ,,Waarbij de clubs onderscheid maken in hun keuzes voor de klassieke grasmaaimachine op brandstof, maar ook die door accukracht worden voortgedreven’’’, geeft Arjen Spek aan. ,,Bij RKC hebben we vorig jaar drie elektrische stadionmaaiers van het merk Allett mogen afleveren. Bij FC Dordrecht hebben we een tweede machine afgeleverd.’’

Niet alleen op dat gebied is de steeds verder gaande ontwikkeling van de machines, die Milati ter beschikking heeft of stelt. ,,De nieuwe robotmaaier van Ambrogio voldoet prima op het terrein van atletiekvereniging AAA in Alblasserdam. Een maairobot die optimaal werkt door het stervormige mes dat in het apparaat zit en volledig autonoom werkt met randomkeuzemogelijkheden. Zo is het ook mogelijk om twee van deze robotmaaiers tegelijkertijd te laten werken. De ontwikkeling van de machines gaat steeds beter: we waren al vertrouwd met maaiers die op een app functioneerden, maar ook een uitrusting met een zonnepaneel is al mogelijk.’’ Milati Grass Machines BV, dat ook grasmaaiers, kooimaaiers, cirkelmaaiers,  kalkwagens, bladblazers, bosmaaiers, houtklovers, houtversnipperaars, transportkarren en kettingzagen kan leveren, blijft zo hét adres voor de passende machine.

0240516_veru_VJAlblasserwaard[3285]

Milati Grass Machines BV, Buitendijks 45-47, 3356 LX Papendrecht. Telefoon: 078-6415654. Website: www.milati.nl.

Klik op Alblasserdam voor het meest recente artikel van de club.

 

In gesprek met de mannen van Papendrecht 5

VV Papendrecht 5, ook wel het mediateam van de verenging, dit zijn ze omdat ze hun vogels geven wekelijkse updates op de Instagram van het team. Naast het influence zijn ze ook zelf spelers van het gezelligste team uit de regio Alblasserwaard, althans dat beweren de heren zelf.

0240516_veru_VJAlblasserwaard[3285]

Het vijfde van Papendrecht is drie jaar geleden ontstaan op een feestje. “Het idee is ontstaan om met zijn alle een vriendenteam te beginnen. Van alle verenigingen in de buurt zijn spelers aangetrokken om in dit team te mogen spelen.” Door corona was het een gaan en komen van spelers. “Uiteindelijk heeft dit geleidt tot de sterren die nu nog steeds elke zaterdag op het veld verschijnen”, aldus de heren van Papendrecht.

De heren beschrijven zichzelf als een zooitje ongeregeld. Als er dan toch één iemand aan moeten wijzen als de grootste lolbroek komen ze aan bij de keeper. “Als ik dan toch iemand zou moeten kiezen is dat toch wel de keeper. Zijn kwaliteiten zijn namelijk om te lachen”, vertellen ze lachend.

Vaak is de nul houden een mooi moment voor een elftal, zo ook voor de heren van Papendrecht 5: “Op 19 februari 2022 speelde we thuis tegen Pelikaan 11. Deze wedstrijd werd gewonnen met een keurige 3-0 op het bord. Dit is voor het eerst in drie seizoenen dat we de nul hebben gehouden en daarom ook ons hoogtepunt.” Daarentegen is het dieptepunt van de mannen ook in de Drechtsteden behaald. “Wij moesten voetballen tegen ASWH. Aangezien wij die wedstrijd, maar acht man bij elkaar konden sprokkelen gingen we er met dubbele cijfers af.”

0251113_uwverhuishulp_VJAlblasserwaard[3290]

Dit zijn vaak de vragen waar lang over nagedacht moet worden. De vraag klinkt dan ook wie de koning is van de derde helft. Daar over hoeven de mannen geen twee keer over na te denken. “Dit is Sven Snel, onze spits domineert elke derde helft. Niemand die kan toppen aan zijn niveau. Ieder weekend is hij te vinden in het altijd gezellige Tijdloos in Papendrecht, waar hij iedereen graag uit nodigt om een lekker glaasje Jenever te komen drinken”, zo vertelt het vriendenteam.

De sterren equipe begon pover aan het seizoen. Ze kampte met grote spelers tekorten. Waardoor de verwachtingen niet al te hoog waren. “Uiteindelijk wisten we snel genoeg het tij te keren en vonden wij de weg omhoog in de ranglijsten. We staan momenteel op een mooie vierde plek, maar ik zou liegen al zou ik niet zeggen dat wij aan het eind van het seizoen die felbegeerde prijs wel in ontvangst willen nemen!”

De heren hadden eind Februari een mooi weekend weg in Arcen. “Voor een sportief, maar vooral gezellig trainingskamp. Toevallig was dit ook nog is het weekend van carnaval en aangezien wij met zijn alle niet vies zijn van een biertje hebben wij hier dan ook met volle teugen van genoten! Dit weekend had alles. Van lekker eten, een bezoekje aan de mooie brouwerij van Hertog Jan en een party bus, tot aan brakke trainingen, uitkateren in het zwembad en voor sommige zelfs nog een bezoek aan de dierentuin. Al met al een mooi weekend waarbij we de sfeer in de ploeg nog beter is geworden!”, vertelt het Papendrechtse elftal.

Klik op VV Papendrecht voor het laatste artikel van de club.

Geboorte van dochtertje aanstaand hoogtepunt voor Dos Santos

Hij is bij SteDoCo bezig aan zijn vierde seizoen, de aanvallende middenvelder met de prachtig naam Guytano dos Santos. Kleurrijk, veelzijdig, overzicht en gezegend met een fantastische trap. Men gaat hem missen aan de Groeneweg. ‘Guy’ vertrekt bij de club.

0251113_uwverhuishulp_VJAlblasserwaard[3290]

Het is zijn eigen keuze. Onlangs werd hij 29 jaar en kon bijtekenen, maar is toe aan wat nieuws. Het mooiste moet immers nog komen. Eind maart/begin april verwachten zijn vrouw en hij een dochtertje. ,,Wij hebben al een naam voor haar, maar die wordt bekend zodra zij geboren is”, klinkt Dos Santos opgetogen. Hij heeft al contacten met een nieuwe club. Hij woont in Zwijndrecht en zoekt een mooie vereniging wat dichter bij huis. ,,Ik kies altijd voor een club waar ik het beste gevoel bij heb. Ik heb eerder bij RVVH in Ridderkerk gespeeld. Met de ex-voorzitter, Mario Papavoine, heb ik nog altijd goede contacten. Een terugkeer naar RVVH, dat mogelijk terugkeert naar de hoofdklasse, is zeker een optie. Die uitdaging wil ik nog wel eens aangaan.” Nu woont hij op fietsafstand van het in de tweede divisie uitkomende ASWH. Daar vertrekt vrijwel iedereen uit de selectie. ,,Uit die hoek heb ik niets gehoord, hoor”, laat Dos Santos weten.

De geboren Rotterdammer begon bij TOGR, de club waar Gorcumer Theo de Boon in de hoofdklasse ooit trainer was. Dos Santos maakte de stap naar de topopleiding aan de Oldegaarde bij Spartaan’20. ,,Daar ben ik wel gevormd. Er liepen goede trainers als Tony Pengel, die mij bij de jeugd echt beter heeft gemaakt.” Dos Santos werd door Sparta als eerstejaars A-junior naar Spangen gehaald. Hij had bijna voor een aanbod van PSV gekozen. Na het betaalde voetbal ging hij naar het RVVH van trainer Giovanni Franken. ,,Daar heb ik waarschijnlijk het meeste geleerd.”

Aandacht
Na RVVH kwam SteDoCo in beeld. Vanuit de drukke Randstad door de Alblasserwaard naar Hoornaar. ,,Het werd gezellig, want er was een periode dat wij met vijf spelers in een auto gingen carpoolen vanuit Rotterdam. Daar zijn nu alleen Etienne Mariana en Ibrahim Touré van over.” Dos Santos kreeg vorig jaar rond deze tijd landelijke bekendheid. Met SteDoCo nam hij deel aan de landelijke TOTO KNVB-bekercompetitie. Hij werd met vier treffers uiteindelijk topscorer. Aan het rijtje met onder anderen Klaas-Jan Huntelaar, Luis Suárez, Ruud van Nistelrooij, Roy Makaay en Jon Dahl Tomasson werd zijn naam toegevoegd. De aanvallende middenvelder mocht zich topscorer van het toernooi editie 2020-2021 noemen. ,,Dat was een leuke periode, hoewel ik er zelf helemaal niet mee bezig was. Ik kreeg het er druk mee. Jij belde als eerste. Later pikten veel kranten en bladen het op.”

0240516_veru_VJAlblasserwaard[3285]

Nog een aantal drukke maanden en dan zit het avontuur bij SteDoCo erop. ,,Wij hebben een vol programma en de kleine komt. Ik hoop dat ze mijn genen krijgt, want ik houd van goed slapen. Hier ga ik het heel netjes en op een goede manier afmaken en zoals het hoort door de voordeur vertrekken.”

Klik op SteDoCo voor het meest recente artikel van de club.

Zwackhalen blijft vol enthousiasme bij Herkingen

Als tegenstander was Wouter Zwackhalen altijd al onder de indruk van Herkingen’55. Dus toen de trainer afgelopen winter werd gebeld om trainer te worden bij de vierdeklasser, was hij aangenaam verrast. Inmiddels is de oefenmeester bezig aan zijn eerste seizoen, dat bevalt uitstekend en dus staat hij ook volgend jaar weer voor de groep.

bazen

Het enthousiasme spat er direct vanaf bij de 39-jarige trainer. “Ik heb het hier super naar mijn zin. De spelers zijn enthousiast en er heerst een ongekende saamhorigheid. Daarom heb ik niet getwijfeld om bij te tekenen.” Want Zwackhalen voelt zich helemaal thuis bij zijn nieuwe club. “Iedereen binnen de club heeft wat voor elkaar over en de spelers werken keihard.” Dat merkt hij ook aan de trainingsopkomst. “Het is altijd druk, meestal meer dan twintig jongens. Dat is leuk trainen.”

Keihard werken
Afgelopen week waren dat er een paar minder, omdat Herkingen sinds kort ook een O23-elftal heeft. “Veel jeugdspelers binnen de eerste selectie hebben de A-junioren overgeslagen en dat merk je. Door ze in die samenstelling wedstrijden te laten spelen, doen ze die ervaring alsnog op.” Dat Zwackhalen, oud-trainer van onder meer OFB en WIK’57, bij Herkingen terecht zou komen, had hij zelf ook niet durven dromen. “Ik heb heel wat keren tegen ze gespeeld, dan stond er altijd een goed team. Herkingen straalde altijd wat uit. Meespelen om de prijzen, dat zag ik wel zitten.” Hij werd gebeld en besloot na een uitstapje naar Zeeland terug te keren op Flakkee, een bewuste keuze. “Op mijn 31ste werd ik al trainer, dus dan kom je hier veel spelers tegen waar je ook mee hebt gevoetbald. Een nieuwe omgeving, weg van het eiland, was goed voor mij.” Zeeland is anders dan Flakkee, heeft hij gemerkt. “Kwalitatief is het daar een stukje minder, de onderste vier hier, spelen daar middenmoot.” In Herkingen herkent hij veel van zichzelf, vertelt de oud-speler van OFB en Piershil. “Ik stroomde niet echt over van het talent, moest er gewoon keihard voor werken. Als ik de avond daarvoor een paar biertjes op had, was het de volgende dag sowieso kansloos. Terwijl anderen na een krat bier nog steeds beter waren dan ik.” Zwackhalen vervolgt: “Vechtvoetbal past bij Herkingen en het voetbal op Flakkee. Het zijn bijna allemaal werkploegen.”

Onvolwassen
Met dat in het achterhoofd, kwam de onderbreking van het seizoen op een verkeerd moment. “Onze start is natuurlijk slecht, maar onze goede conditie kon later in het jaar punten op gaan leveren. Toen kwam het stil te liggen, daar ging onze voorsprong.” Veel leverde die voorsprong tot op heden dus nog niet op. “We kregen in de eerste acht wedstrijden zeven rode kaarten, vooral door onvolwassen gedrag. Dan heb je zoveel wisselingen in het elftal.” Maar dat niet alleen. “Trainer en spelers moesten ook aan elkaar wennen. De voorbereiding was goed, toen zijn we eigenlijk te aanvallend gaan spelen. Nu houden we het achterin wat meer dicht.” Die tactiek moet in de tweede seizoenshelft voor betere resultaten gaan zorgen, maar het kan alle kanten op, denkt Zwackhalen. “Er komen meteen belangrijke wedstrijden aan, als we die verliezen, wordt het heel lastig. Anders kunnen we ook zomaar achtste worden.” Want degraderen uit de vierde klasse staat niet op de planning. “Het bestuur zou dat niet het ergste vinden, maar ik natuurlijk wel. Mijn ‘CV’ is al niet zo goed, haha!” Het staat in schril contrast met de doelstelling van voor het seizoen. “Toen dachten we nog aan top vijf en een periode.” Ondanks de nederlagen, blijft Zwackhalen positief. “Iedereen moet het gewoon naar zijn zin hebben en mensen moeten lekker komen kijken. Als je ziet welke stappen die jongens zetten.” Ook als trainer probeert hij zichzelf te ontwikkelen, want ooit hoopt hij echt om de prijzen te mogen spelen. “Ik ben nu bezig met mijn UEFA B, dat is ontzettend leerzaam. Hopelijk kan ik als trainer een keertje promoveren. Waarom niet met Herkingen?”

Klik op Herkingen voor het meest recente artikel van de club.

Davy Schellevis wil nooit meer weg bij NTVV

Waar de wekenlange winterstop voor veel voetballers voelde als een hinderlijke onderbreking, kwam hij voor Davy Schellevis misschien helemaal niet zo verkeerd uit. De doelman van vierdeklasser NTVV kreeg opnieuw last van zijn schouder, pakte goed zijn rust en kijkt uit naar de tweede seizoenshelft. “Hopelijk hebben we nieuwe energie, want het moet wel beter.”

bazen

Een plek in de onderste regionen van de vierde klasse is dan ook niet iets waar ze op voorhand rekening mee hadden gehouden in Nieuwe-Tonge. “Vorig seizoen stonden we nog vierde. Al was dat dan wel weer echt boven verwachting. Nu gingen we voor een plek bij de eerste acht.” Die resultaten hebben zo zijn weerslag op de selectie, vertelt Schellevis. “Daardoor is de opkomst tijdens trainingen niet optimaal. Dat helpt natuurlijk niet mee.” Toch probeert de 23-jarige keeper positief te blijven. “Het kan eigenlijk niet veel slechter gaan…”

Pijnpunt
Inmiddels is Schellevis alweer bezig aan zijn vijfde seizoen bij NTVV, dat terwijl hij begon bij De Jonge Spartaan. “Daar heb ik eigenlijk in alle selecties gekeept, maar ik had geen uitzicht op een plek bij het eerste. Toen kwam ik ‘per toeval’ hier terecht.” Dat behoeft de nodige uitleg. “Mijn trainer bij de A1 kreeg een berichtje, of hij nog een keeper over had. Toen moest hij natuurlijk aan mij denken.” En daar is de jongeling nog altijd dankbaar voor. “Dit is echt een vereniging. Iedereen is close met elkaar, het is gezellig en na afloop doen we lekker een biertje.” Toch is niet alles hosanna, want Schellevis heeft last van een nogal hardnekkige schouderblessure. “Het kraakbeen in mijn schouder is afgescheurd, dus dat blijft een gevecht. Na een keeperstraining voel ik dat wel even, op zaterdag moet ik voor de wedstrijd altijd even gemasseerd worden.” Eerder lag hij er door die blessure al eens een half jaar uit, voor de rest van zijn keeperscarrière zal het een pijnpunt blijven. “Ik kan het laten opereren, maar dan verlies ik vijf tot tien procent van mijn schouderfunctie. Dat is voor een keeper ook niet heel lekker.” Desondanks deed de inwoner van Sommelsdijk er in de afgelopen maanden alles aan om zo fit mogelijk te blijven. “Een beetje hardlopen en naar de sportschool. Je probeert toch bezig te zijn.”

0250985_onlinebanner_Klaverblad_VJGoeree

Nieuwe energie
En dat is nodig, want zoals gezegd stromen de punten allesbehalve binnen. Al zag het er in het begin best positief uit. “Het begon met een overwinning nog rooskleurig, maar daarna ging het bergafwaarts.” Door de lockdown vervielen de wedstrijden waar mogelijkheden lagen, Schellevis hoopt dan ook dat de negatieve spiraal binnenkort kan worden doorbroken. “Als je daar eenmaal in zit, is het lastig om er weer uit te komen. We bleven in dat dal en eigenlijk zitten we er nog steeds een beetje in.” De onderbreking kan de ploeg goed doen, hoopt hij. “Weer op nul beginnen, met een schone lei. Dan zorgt die rust misschien voor nieuwe energie.” De doelstelling is in ieder geval al aangepast. “Voor het seizoen hadden we niet verwacht tegen degradatie te moeten spelen. Nu moeten we er alles aan doen om ons te handhaven.” Als meevoetballende keeper hoopt Schellevis daar zijn steentje aan bij te dragen. “Ik sta altijd ver voor mijn goal, het liefste zo ver mogelijk.” Van één doelman is hij al van kleins af aan fan. “Maarten Stekelenburg. Dat is altijd wel mijn voorbeeld geweest, ook omdat ik voor Ajax ben.” Een voetbalwedstrijd beleeft hij dan ook net even anders. “Ik kan echt genieten van een mooie redding, nog meer dan van een wereldgoal.” Schellevis, die al vanaf de F’jes tussen de palen staat, denkt in ieder geval niet aan een vertrek bij NTVV. “Het is hier zó leuk, hopelijk kan ik door tot mijn 36ste. Ik wil hier mooie dingen meemaken. Ooit eens een promotiewedstrijd met veel publiek, dat lijkt me wel wat!”

Klik de link voor een recent artikel over NTVV.

Van den Nieuwendijk stopt na 350 duels bij Flakkee

Na 350 wedstrijden voor het eerste en ruim vijftien jaar bij de selectie, was het voor Gerwin van den Nieuwendijk na afgelopen seizoen mooi geweest. De verdediger besloot de deur bij Flakkee achter zich dicht te trekken, maar kijkt terug op een mooie tijd. “Als klein jochie woonde ik bijna op ‘de Pallandt’.”

bazen

Of het nou zaterdag of zondag was, Van den Nieuwendijk was bij Flakkee te vinden. Zo ging het vanaf zijn vijfde jarenlang door, want de nu 34-jarige inwoner van Middelharnis voetbalde nooit ergens anders. “Echt een trouwe hond. In die tijd heb ik er natuurlijk wel veel zien vertrekken, maar voor mij is het overal hetzelfde. Waarom zou ik dan niet lekker hier blijven? Met al mijn vrienden.” Afgelopen zomer kreeg hij, na een bijzonder aantal wedstrijden, nog een verdiend afscheid. Al wist hij zelf ook niet dat het er zoveel waren. “Ze zeggen het, dus dan geloof ik het maar! Vanaf mijn zestiende ging ik al met de selectie mee en een jaar of vijftien speelde ik in het eerste, eigenlijk ben ik nooit geblesseerd geweest. Dan valt dat aantal misschien nog mee.”

Andere tijd
Al op jonge leeftijd trok hij het geel met blauwe shirt om zijn schouders. “Eerst moest ik mijn zwemdiploma halen, daarna mocht ik op voetbal. Lekker dichtbij, dat was makkelijk.” Ook in de daaropvolgende jaren dacht hij nooit aan een vertrek, al werd het hem nog even moeilijk gemaakt. “Een vaste groep vrienden, lekker een biertje doen en op het fietsje naar huis. Dat was ideaal. Toen Spartaan kwam, zijn mijn twee broers en vader daarheen gegaan en is mijn moeder daar bardienst gaan draaien. Ik bleef als enige van de familie bij Flakkee.” Waar hij zelf niet weg te slaan was van het sportpark, ziet Van den Nieuwendijk dat het in deze tijd net iets anders is. “Vroeger verzon je bijna een reden om wel te gaan, nu zoeken ze steeds vaker argumenten om niet te komen. Je durfde vroeger zelf echt niet de trainer te bellen om zomaar af te melden, nu zijn ze daar veel makkelijker in.” Mede daardoor vond hij het na al die jaren wel mooi geweest, al weet de oud-speler zelf ook niet precies waarom hij nou is gestopt. “Het was altijd maar hollen en vliegen. Ik heb nu twee kinderen, dan moest je weer oppas regelen en het kost gewoon veel tijd. Ik zit nog in de groepsapp, als ik dan dingen voorbij zie komen, ben ik wel blij dat ik me daar niet meer druk om hoef te maken.”

Stukje vastigheid
Bij zijn afscheid kondigde Van den Nieuwendijk aan nog wel bij het derde mee te gaan doen, maar dat is er tot op heden nog niet van gekomen. “Ik mis het voetbal eigenlijk ook gewoon niet. Als je na een dag werken thuiskomt, ben je ook wel blij dat je zit.” Heel veel hoogtepunten heeft hij niet, eentje springt er bovenuit. “Ik lag om half vier in bed, had zondagochtend bardienst en ‘s middags scoorde ik zeven keer.” Illustratief voor hem als voetballer. “Ik was er eigenlijk altijd, maar ik was niet bloedfanatiek. Ruzie maken over een potje voetbal was niks voor mij. Nu merk je wel dat de jeugd steeds brutaler wordt, vroeger kreeg je dan even een tikje en accepteerde je het meteen.” Toch hoopt Van den Nieuwendijk, die begon als middenvelder maar eindigde als laatste man, stiekem een voorbeeld te zijn voor de rest. “Als iedereen de 350 wedstrijden haalt, krijg je wel een stukje vastigheid. Ik wilde als voetballer altijd wel winnen, maar vond het ook belangrijk om het een ander naar zijn zin te maken. ‘Maak jij hem dan maar’.” Wie weet maakt hij in de komende tijd zijn rentree op het trainingsveld. “Een potje trainen en lekker in de kantine zitten. Al zou ik het vooral voor mijn gezondheid moeten doen!”

Klik op Flakkee voor het meest recente artikel van de club.

Frank Eger: talent in het hart van Stellendam

Bijna geruisloos maakte Frank Eger een seizoen of twee geleden de overstap van de jeugd naar de senioren. Inmiddels is de negentienjarige verdediger niet meer weg te denken uit het centrum van vierdeklasser Stellendam, maar helemaal vanzelf ging dat niet. Want vooral fysiek en conditioneel, moest er een stapje bij.

bazen

En dus ging de inwoner van Stellendam nog voordat hij debuteerde in de selectie al hard aan de slag. Op de loopband of buiten over straat. “Ik ging voor mezelf extra hardlopen, omdat ik wist dat het nodig was. Maar eigenlijk vindt geen één voetballer dat leuk.” Hij deed het dus toch, maar ook in de sportschool draaide Eger de nodige overuren. “Toen ik bij het eerste kwam, nam een teamgenoot me meteen mee. Sindsdien sporten we samen.” Want ondanks dat de linksbenige centrale verdediger al op jonge leeftijd bij de senioren kwam, was de stap vanuit de jeugd groot. “Dat was echt pittig. Fysiek en conditioneel was het aanpoten, ik lag in het begin veel op de grond. Bij de jeugd heb je dat veel minder.”

Een beetje gek
Zou daar meer aandacht voor moeten zijn? “Ik denk dat die stap sowieso wel groot blijft, omdat je simpelweg tegen oudere mannen gaat spelen. Maar meer conditiegericht trainen, zou misschien al helpen.” Die conditie kunnen Eger en zijn teamgenoten ook nu weer op gaan bouwen, na een lange onderbreking. “Het valt niet tegen. Tuurlijk mis je nog wel een beetje het balgevoel, dat is nog even wennen, maar qua fitheid mogen we niet klagen. Iedereen heeft het zó gemist.” Ook de student Bedrijfskunde moest even afstand doen van de club waar hij al van kinds af aan komt. “Als ‘kaboutertje’ en in de F’jes speelde ik nog bij Nieuwenhoorn, omdat mijn vader daar ook zat, maar vanaf mijn zesde heb ik altijd bij Stellendam gespeeld. Hier zaten al mijn vrienden, dus dat was eigenlijk heel leuk.” Inmiddels zijn bijna al die vrienden gestopt, maar toch voelt de club nog altijd als een warm bad, vertelt Eger. “Ik ben heel goed opgenomen in de groep. Ze zijn net als ik ‘een beetje gek’, eigenlijk zoals alle jongeren tussen de twintig en 25 zijn. Gezellig, maar serieus als het moet. Dat past wel bij mij.”

Groot talent
De afgelopen maanden moest hij dus ook die gezelligheid even missen, maar heel ongelegen kwam de extra lange winterstop niet. “We hadden hier en daar wel wat pijntjes, dus op het begin was het niet supererg. Zelf brak ik net voor de winterstop mijn neus, dat is inmiddels weer hersteld. Na een aantal weken gaat het wel weer kriebelen.” Eger bleef in de tussentijd sporten, zodat aan de goede start van het seizoen een vervolg kan worden gegeven. “We staan er zeker niet slecht voor. Het programma ziet er ook gunstig uit, maar ik denk dat het te moeilijk wordt om kampioen te worden. Het doel is om een periode te pakken en dan het liefste meteen deze.” Daar zal de jongeling vermoedelijk zelf een belangrijke rol in spelen, want trainer Elwin Buskop omschrijft hem als een groot talent. “Dat is altijd fijn om te horen, haha!” Hoe ziet hij dat zelf? “Vroeger speelde ik altijd op het middenveld, maar door mijn voetballende kwaliteiten kan ik van achteruit de opbouw verzorgen. Ik mis wat snelheid, maar gelukkig staat er naast mij iemand die dat wel heeft.” Zijn vader vergelijkt hem altijd met een bekende voetballer, vertelt hij. “Die zegt dat ik op Daley Blind lijk. Ook niet echt snel, maar aan de bal heel sterk. Alleen nog een terugtrekkende haarlijn, haha!” Ondanks al die loftuitingen, filosofeert Eger nog niet over een stapje hogerop. “Eigenlijk heb ik pas vijftien potjes in de basis gespeeld, dus ik kan nog genoeg leren. Met mijn vader heb ik het er weleens over, als die kans ooit komt, denk ik er zeker over na!”

Klik op Stellendam voor het meest recente artikel van de club.

Bart van Kampen heeft zijn laatste mol gevangen bij DBGC

Door je enkel gaan. Het is een gevoel dat bij veel voetballers zorgt voor kippenvel op de armen. Soms, natuurlijk niet altijd, ligt de schuld bij het veld. Helemaal als mollen onder de grasmat zorgen voor diepe kuilen. Jarenlang deed Bart van Kampen bij DBGC zijn rondje op zoek naar het knagende diertje, met succes, maar na honderden vangsten wordt het tijd voor iemand anders.

En dat Van Kampen inmiddels tot het meubilair van de club uit Oude-Tonge is gaan behoren, weet de goedlachse vrijwilliger ook wel. Maar hoelang komt hij nou ook alweer bij DBGC? “Ik kan het me niet meer herinneren, zó lang is het al. Eigenlijk heb ik alles en iedereen hier wel meegemaakt.” Gezien zijn leeftijd is dat niet heel gek. Want de mollenvanger van dienst is inmiddels 86 jaar, of zoals hij het zelf zegt: “68, maar dan omgedraaid.”

Gevaarlijk
Voetballen bij de tweedeklasser deed Van Kampen, in de tientallen jaren dat hij er al komt, niet. “Ik ben altijd vrijwilliger geweest. Het schoonmaken van de kleedkamers en de kantine, maar ook het veld onderhouden.” Hij memoreert aan de maandagochtenden die hij zo vaak heeft meegemaakt. “Rond een uur of acht op het fietsje naar de club, de kleedkamers doen, dan was je rond het middaguur klaar. Alles moet netjes schoon zijn.” Een jaar of twintig geleden begon Van Kampen met het vangen van mollen, nadat ook zijn oom al succesvol was geweest als mollenvanger. “Leuk was het niet, maar wel nodig. Ze maken heel dat veld kapot, met die hopen kun je een kruiwagen vullen!” Toch was dat niet het belangrijkste, vertelt hij. “Als ze net onder de grasmat zitten, kan je zo je enkel verstuiken. Dat is gewoon gevaarlijk.” En dus moest Van Kampen er regelmatig op uit, hij demonstreert hoe dat ging. “Ik ging altijd op pad met een schop en een klem. Als ik dan een hol tegenkwam, stak ik ze er vervolgens uit.” Op dat soort momenten moest de Dierenbescherming even wegkijken, lacht hij. “Dan moest je het natuurlijk niet doen!” Maar dat het een probleem was, dat mag duidelijk zijn. “Soms had ik er wel honderd op een jaar.”

bazen

Thuis op één
Ondanks dat hij het werk niet altijd even leuk vond, deed Van Kampen het met liefde voor DBGC. “Je kent mekaar, kan goed met elkaar overweg, dan ga je er vanzelf heen. Het is een dorp, hé?” Toch staat er achter dat hoofdstuk voor nu een punt, maar de club is hem meer dan dankbaar. Laten ze desgevraagd weten. “De mollen lijken Bart inmiddels wel te kennen en rukken in grote getalen op!” Zelf legt hij uit waarom het na al die jaren mooi is geweest. “Vorig jaar november heb ik dat al gezegd. Mijn vrouw zit in een rolstoel, dus daar moet ik voor zorgen. Thuis staat bij mij altijd op de eerste plaats.” Want als het met zijn vrouw wat beter had gegaan, had Van Kempen waarschijnlijk nog dagelijks het rondje naar de club gemaakt. Vooral dat gaat hij missen. “Alles wat je krijgt, mag je houden. Zo is het ook met gezondheid. Normaal ging ik bijna elke dag, nu kom ik er veel minder vaak.” Zijn opvolger krijgt het straks vanzelf weer druk, denkt hij. “Die krengetjes houd je toch niet tegen, die komen echt wel weer terug!”

Klik op DBGC voor het meest recente artikel van de club.

 

 

Den Bommel: ‘Dit is voor een klein dorpje toch wel heel bijzonder’

In een voetbalwereld waar het aantal fusies stijgt en clubs vaak moeite moeten doen om hun hoofd boven water te houden, is een jubileum meer dan ooit iets om trots op te zijn. Derdeklasser Den Bommel bestaat 75 jaar en dus pakt de club groots uit. “Dit is voor zo’n klein dorpje toch wel heel bijzonder.”

0250985_onlinebanner_Klaverblad_VJGoeree

En Marco Driesse kan het weten, want de inwoner van het dorp loopt inmiddels al meer dan 30 jaar rond bij zijn clubje. “Op mijn veertiende ben ik hier begonnen, nu hobbel ik nog steeds een beetje mee in het laagste elftal. De derde helft is eigenlijk belangrijker.” Sinds een aantal jaar vervult hij ook een rol als algemeen bestuurslid, nog veel langer is de 46-jarige Driesse onderdeel van de activiteitencommissie. “Daar begon ik mee, later werd ik een soort woordvoerder voor het bestuur, namens de commissie.”

Trots
En dus is hij ook verantwoordelijk voor het organiseren van de festiviteiten, want op 17 juni is het daadwerkelijk zo ver. De dag dat Den Bommel in 1947 werd opgericht. “In grote lijnen is het programma bekend, maar je merkt dat alles weer een beetje op gang moet komen. Het heeft allemaal natuurlijk een tijdje stilgelegen, dat maakte het best wel onzeker.” Voor de volledigheid loopt Driesse er toch maar alvast even doorheen. “Er is een middag voor de jeugd, een avond voor oud-leden, vrijwilligers en sponsoren, maar we hebben ook ‘De Alleskunner’.” Dat behoeft uitleg. “Verdeeld over een aantal dagen zullen deelnemers zich in een afvalstrijd moeten bewijzen. Na ieder spelletje valt er één iemand af, tot er uiteindelijk in de finale nog een paar kanshebbers over zijn die het slotspel zullen spelen.” Natuurlijk wordt er ook gevoetbald. “Op zaterdag zal de O23 het opnemen tegen een Flakkees team en de Bommelse 35-plussers gaan de strijd aan met Fios 35+. Ook het eerste zal een wedstrijd spelen tegen een elftal met spelers van ons mooie eiland.” De avond wordt afgesloten met een barbecue en een DJ in de kantine, want zo’n jubileum moet goed gevierd worden, vindt Driesse. “Voor zo’n klein dorpje, met toch weinig inwoners, is dit wel heel bijzonder. Het is altijd maar weer de vraag of je kunt blijven bestaan. Daar ben ik trots op.”

bazen

Eigen clubje
Die trots richt zich vooral op alle vrijwilligers, vertelt hij. “Een stukje saamhorigheid. Maar ook de gezelligheid is heel belangrijk. Met al die vrijwilligers, is dat toch wel de grootste drijfveer. We doen het samen.” Ondanks dat Driesse er zelf ook al een hele tijd rondloopt, heeft het bestuurslid maar weinig zien veranderen bij Den Bommel. “Je ziet dat er minder mensen van mijn leeftijd nog aan het voetballen zijn, maar ook dat er steeds meer interesses zijn. Vroeger ging je op gym of voetbal, nu heb je veel meer keuzes. Verder blijft Den Bommel toch altijd heel herkenbaar.” Ondanks zijn fanatisme schopte hij het niet echt tot het eerste elftal, maar met zijn inzet buiten de lijnen maakt hij dat meer dan goed. “De activiteitencommissie bestaat uit zes mannen en vrouwen, samen zijn we verantwoordelijk voor het jubileumprogramma. Ieder heeft zo zijn eigen ding, maar we proberen elkaar daarin te helpen.” Behalve een mooie feestweek halverwege juni, heeft hij ook een duidelijke wens voor de toekomst. “Persoonlijk hoop ik gewoon dat we blijven bestaan en blijven waar we nu zijn. Lekker ons eigen clubje, zonder fusie.” Want als het ledenaantal stabiel blijft, stapt Driesse nog heel wat jaren tevreden op het fietsje naar de club. “Dat is heerlijk!”

Klik voor het meest recente artikel van Den Bommel.