Home Blog Pagina 551

Gerbrand Vos van Wilhelmina’26 heeft vertrouwen in komend seizoen

Het werden uiteindelijk nog een aantal spannende weken voor Gerbrand Vos en zijn teamgenoten. Tweedeklasser Wilhelmina’26 moest uiteindelijk nog alle zeilen bijzetten om niet te degraderen, maar dat lukte. “Dan ga je toch met een iets lagere hartslag die laatste wedstrijd in.”

Dat ze zich zo aan het einde van de competitie nog druk moesten maken om degradatie naar de derde klasse, daar had niemand aan het begin rekening mee gehouden. Ook de 21-jarige Vos niet. “We hadden toch wel op het linkerrijtje gehoopt, dus dit valt wel een beetje tegen.” De verklaring? “Dat vind ik lastig om te zeggen. Het geluk zat niet altijd mee, maar we scoren ook te weinig. Het minste aantal doelpunten van iedereen, dan win je niet…”

Niveau omhoog
Maar ook het vertrek van de hoofdtrainer, halverwege het seizoen, hielp niet echt mee. “Dan krijg je nog voor een paar maanden iemand anders, dan veranderen er toch weer dingen, dat is niet altijd gemakkelijk.” En dat terwijl veel voor Vos toch vooral bekend terrein is, bij Wilhelmina. “Sinds mijn zesde voetbal ik hier al, begonnen bij de F’jes. Mijn vriendjes op school zaten er al, dan ga je zelf natuurlijk ook.” Dat bevalt, ook na al die jaren, nog altijd prima. “Het is een erg fijne club, een beetje dorps, en de sfeer is goed. Je kent iedereen en ze spreken je allemaal aan, zeker als je er al zo lang speelt.” Precies dat verleden zorgt voor het nodige vertrouwen. “Als we gewoon spelen zoals ik ons ken, dan horen we in die tweede klasse. Maar ik moet eerlijk toegeven, dat was de laatste weken van het seizoen wel een beetje twijfelachtig. Dus het niveau moet dan zeker wel omhoog.” Daar doet Vos, vanaf ongeveer elke positie in het veld, in ieder geval alles aan. “Ik denk dat ik ongeveer overal wel heb gespeeld. Vorige keer stond ik nog rechtsback.” Maar dat is hij dus niet. “Vroeger speelde ik vaak op ’10’, dat is ook wel mijn favoriete positie. De laatste tijd sta ik meestal rechts- of linksbuiten.”

Bewijzen
Heel veel maakt het hem ook eigenlijk niet uit, vertelt Vos. “Ik ben iemand met overzicht, die graag vooruit speelt, een actie maakt en snelheid heeft. Door al die blessures in het elftal is het soms lastig, dan speel je weleens ergens anders.” De inwoner van Wijk en Aalburg is een groot Messi-fan. “Voor mij is dat veruit de beste speler die ik ooit heb gezien.” Zelf speelt hij ook volgend seizoen in het geel met zwart. “Voorlopig ga ik nog niet naar een andere club, maar ooit zie ik dat misschien wel zitten.” Maar wanneer dat is? “Dat doe ik ook alleen als het echt een stap omhoog is. Ik zou Wilhelmina niet zomaar verruilen voor een ploeg op hetzelfde niveau. Die ambitie is er wel, maar dan moet ik nog wel beter worden en doorgroeien. Eerst maar eens bewijzen.” Met Ömer Kaya, zijn nieuwe trainer, sprak hij nog niet. Maar een doelstelling heeft hij alvast wel. “Dan gaan we echt voor het linkerrijtje!”

Klik op Wilhelmina’26 voor meer informatie over de club.
Klik op Wilhelmina’26 voor meer artikelen over de club.

Sparta’30 is voor Garstman de ideale combi

Na drie wedstrijden in acht dagen namen ze bij derdeklasser Sparta’30 eventjes wat gas terug. En dus heeft Thijs Garstman alle tijd om rustig terug te kijken op zijn eerste seizoen in het zwart met geel van de Andelse club. “Het bevalt heel goed, dus ik ga sowieso nog een jaar door!”

Verrassend is dat niet, want de 22-jarige Garstman had vanaf moment één al een goed gevoel bij zijn nieuwe club. “Met de trainer van BZC’14, mijn vorige club, klikte het niet meer zo goed en hier kreeg ik meteen het vertrouwen.” Na dat belletje en de eerste kennismaking was de linkspoot er eigenlijk al snel uit. “Het is een gezellige club, waar je lekker een biertje kan drinken, maar waar het ook serieus is. Voor mij de ideale combinatie.”

Niemand verwacht

Helemaal voor de winterstop ging het er serieus aan toe, vertelt Garstman. “Toen stonden we derde, terwijl we in eerste instantie gingen voor de middenmoot. Dus dat was heel goed. Eigenlijk alles viel goed, maar daarna was het precies andersom en ging het bergafwaarts.” Eerst werd er nog aan nacompetitie voor promotie naar de tweede klasse gedacht. “Daar waren we zelf ook wel verbaasd over, dat had niemand verwacht. We zijn veilig, dus volgend seizoen gaan we het opnieuw proberen.” In een relatief jonge ploeg is Garstman in ieder geval helemaal op zijn plek. “Het is een leuke groep. Ik speelde ieder jaar zelf tegen Sparta, dus veel jongens kende ik al van gezicht, maar nu heb ik ze natuurlijk pas echt leren kennen.” Net als zij hem. “Nu speel ik als linksbuiten, maar eigenlijk is mijn favoriete positie op ’10’. Ik ben vooral technisch, in de jeugd was ik supersnel, maar dat is wel een beetje verdwenen.” Qua goals en assists mag er nog wel wat bij, vindt hij. “Die houd ik niet echt bij, maar tot nu toe heb ik in de competitie nog maar één doelpunt. Dat is eigenlijk wel te weinig.”

werktalent-breda banner

Schop onder kont

Helemaal als je weet wie zijn favoriete speler is. “Haha, ik ben wel echt een Ronaldo-fan. Ik kijk sowieso heel veel voetbal op tv.” Maar juichen zoals de Portugese superster, dat ziet Garstman niet zitten. “Dat durf ik niet!” Of er volgend seizoen meer doelpunten in zijn linker zitten, zal moeten blijken, aan trainer Peter Burg ligt het in ieder geval niet. “Peter is een leuke trainer, ontzettend fanatiek en zegt altijd waar het op staat. Dat heb ik soms wel nodig, even een schop onder mijn kont.” Voorlopig blijft hij dus in dienst van Sparta, maar heel af en toe begint Garstman daar toch aan te twijfelen. “Ik kijk van seizoen tot seizoen, soms denk ik wel: ga ik niet liever met vrienden voetballen? Maar ik wil toch ook nog wel serieus blijven voetballen, dus dat is misschien nog te vroeg.” De doelstelling voor volgend jaar is wat betreft de inwoner van Brakel dan ook duidelijk: “Hopelijk echt het linkerrijtje!”

Klik hier voor het laatste artikel over Sparta’30.
Klik hier voor meer informatie over Sparta’30.

WCR eert zijn ‘helden’ bij toernooi

De toekomst lacht WCR weer toe, maar de club vergeet haar helden uit het verleden niet. Het Joost van Looyen-toernooi stond zaterdag 11 juni volledig in het teken van het eerbetoon van vrijwilligers die zich met ziel en zaligheid inzetten voor de club.

Dominos_voorjaar2021WCR, van 1946, had vorig jaar het 75-jarig jubileum te vieren, maar zoals veel clubs kwam daar weinig van terecht in een door corona beheerste maatschappij. Inmiddels is de club verjaard en staat de teller op 75 + 1. “De Vrienden van WCR zijn nog bezig met een jubileumboek, dat later dit jaar moet uitkomt. Dan hebben de leden nog een mooi aandenken”, reageert Jan de Groote, die al jaren bestuurslid is.

Er staan dan wel geen speciaal jubileumfeest op het programma, maar WCR heeft volgens De Groote met het Joost van Looyen-toernooi al een evenement dat moeiteloos de concurrentie aan kan met een clubfeest. En dat terwijl het toernooi nog niet eens zo oud is, want de editie van zaterdag 11 juni was pas de vijfde.

“Ook het toernooi heeft twee jaar stilgelegen”, legt De Groote uit. “Met twee jaar vertraging hebben eindelijk de vijfde editie kunnen organiseren.”

De Groot omschrijft het toernooi als een pareltje dat perfect past bij de club zoals WCR wil zijn. “Het is een zeven-tegen-zeven toernooi. We spelen in vier poules van zes teams, die ingedeeld zijn op basis van sterkte. De recreanten doen mee en ook de fanatiekelingen. Het belangrijkste is de gezelligheid, aansluitend is er een feest dat tot laat in de avond duurt.”

Het toernooi heeft ook een mooi karakter, want het is een vingerwijzing naar vrijwilligers die in het verleden ontzettend veel voor de van oorsprong rooms-katholieke club betekende. “Joost van Looyen was één van die topvrijwilligers die zoveel heeft gedaan voor de club dat het lastig is om alles te noemen. Hij was van alles. Van een soort veldwachter tot iemand die voor de ballen zorgde”, zegt De Groote. In lijn daarop zijn alle poules vernoemd naar clubiconen. “Zo hebben we een Paul van Niele-poule, een Cor Overbeek-poule, een Jan Huizer-poule en een Wil en Wim Geijtenbeek-poule, zodat deze vrijwilligers niet worden vergeten, maar ook benadrukken dat we zonder hen niet de club zouden zijn zoals wij nu zijn.”

Het warme eerbetoon past ook in de ontwikkeling die WCR de afgelopen zes, zeven jaar doormaakte. Een jaar of tien geleden stond WCR er een stuk slechter voor. De club had geen jeugd meer en leunde op vier seniorenelftallen. Daarna ging het roer echter om.  “We zijn ons meer gaan profileren als gezelligheids- en familievereniging”, stelt De Groote. “Bij ons voetbal je met je vrienden. Het is bij ons ook een vaste prik dat elk seniorenelftal na een thuiswedstrijd een kratje bier en andere drank krijgt. We willen ook graag dat er een derde helft wordt gespeeld.”

phonedirect
De jeugdtak werd door WCR van de grond af opgebouwd. De Groote kan met enige trots melden dat zijn club buiten zes seniorenelftallen op zaterdag en twee op zondag komend seizoen de dubbele cijfers heeft bereikt qua ingeschreven jeugdteams. “We zijn zesenhalf jaar geleden begonnen met de mini’s. Die gassies spelen inmiddels bij de onder dertien jaar. Dat is ook ons hoogste team. We groeien geleidelijk en daardoor is het ook goed te behappen in de organisatie. Vier, vijf teams in één keer erbij, dat is lastig. Maar elk jaar een team extra is prima te organiseren.”

Klik hier voor meer informatie over WCR
Klik hier voor meer artikelen over WCR

Theole geniet dubbel van Hulshoff en Peek

Ward Hulshoff en Jordy Peek vertolken een dubbelrol bij Theole. Ze spelen in het eerste elftal van de Tielse zondagtweedeklasser en zetten zich daarnaast in als bestuurslid. “Aan de zijlijn blijven staan past niet bij ons.”

Het studentenleven van Hulshoff (23) en Peek (25) loopt op zijn eind en dat vinden ze allebei niet erg. “Ik ben er klaar mee”, zegt Hulshoff, die aan de Utrechtse universiteit ondernemersrecht studeert. “Ik ben bezig met mijn scriptie. Door corona waren de laatste twee jaar niet de leukste tijd.”

Ook Peek, student planologie, is aan het slot van zijn studie aangekomen. Nog een jaartje en dan zit het er ook voor hem op.

Zo matig het studentenleven het afgelopen jaar het tweetal beviel, zo naar de zin hadden ze het in het shirt van Theole 1. Terwijl ze allebei zo hun bedenkingen hadden aan de vooravond van de nieuwe competitie. Theole had een verplichte verjongingskuur ondergaan. “Als je toen had gezegd dat we een periodetitel zouden gaan winnen, had ik waarschijnlijk gezegd dat je niet wijs zou zijn”, reageert Hulshoff. “Ik had echt grote twijfels.”

Ook bij Peek leefde onzekerheid. “Een team met veel jonge jongens, dat heeft tijd nodig om te vormen. Ik was ook niet meteen enthousiast over onze kansen.”

Al die puzzelstukjes tezamen, vielen echter dit seizoen in elkaar. Goede prestaties met een topsfeer in de kleedkamer. “Het was een topseizoen”, grijnst Peek, die aan het begin van het seizoen door zijn trainer ook nog eens naar achteren werd gezet, en van de 8-positie naar de 6 verhuisde. “Achteraf gezien een meesterzet”, zegt hij. “Toen dacht ik er anders over. Maar de trainer wilde meer zekerheid, meer ervaring aan de bal.”

Hulshoff zag een vriendenteam groeien. “Dat ontstaat, dan kun je volgens mij niet regisseren. Het is wel een belangrijke reden dat we ook een goed seizoen hebben gedraaid. Als je alles voor elkaar voor hebt, wordt een spel als voetbal een stuk makkelijker.”

Ook buiten het veld zoeken de spelers van Theole elkaar waar mogelijk veelvuldig op. De club profiteert ook van de goede sfeer die er heerst. “We doen allemaal wel wat voor de club, en als er een paar gasten achter de bar staan op zaterdagmiddag bij de jeugd zitten er vaak een groep medespelers bij”, vertelt Hulshoff.

Hij en Peek zijn al jaren betrokken leden van Theole en toen ze allebei werden gevraagd om zitting te nemen in het bestuur van de Tielse vereniging zeiden ze ja. “Het helpt natuurlijk wel dat ook Ward toetreedt”, zegt Peek. “De voorzitter wil graag nieuw jeugdig elan. Hij ziet ons als exponent van de nieuwe generatie. Een evenwichtig  bestuur bestaat ook uit een mix van jong en oudere ervaren bestuursleden. Als nieuwkomers kijken we weer anders aan tegen zaken.”

De twee jonge bestuursleden draaien niet om de hete brij heen. In het recente verleden was er bij hun club te weinig aandacht voor sfeer en gezelligheid. “Dat is iets waar we aan moeten werken, al is het seizoen al vele malen beter”, zegt Peek. De algemene bestuursleden wijzen ook op de accommodatie, die weliswaar in orde is, maar ook een beetje uit de tijd begint te raken. “We hebben al wel wat ideeën”, laat Hulshoff weten. “Als bestuur zullen we een prioriteitenlijstje maken wat als eerste aan de beurt is om aangepakt te worden.”

Klik hier voor het laatste artikel over Theole.
Klik hier voor meer informatie over Theole.

BZS krijgt toptalenten over de vloer

De BZS Trophy van de Beusichemse voetbalclub krijgt op zaterdag 21 en zondag 22 augustus een tweede editie. Dit keer niet met U13-talenten, maar met de U16. Ook het deelnemersveld heeft een upgrade gekregen.

“Vorig jaar was een light-versie”, zegt voorzitter Otto van Stijn, die samen met Bram Bosch de organisatie rond de BZS Trophy trekt. “We wilden kijken of het zou aanslaan en dat heeft het gedaan. Het waren twee geweldige dagen waarop we hebben besloten om het groter aan te pakken.”

Volgens Van Stijn is het toernooi een mooi uithangbord voor zijn club. “We willen BZS op de kaart zetten. Het past ook mooi met het ingezet beleid om ons meer te focussen op de jeugd. Zo’n internationaal toernooi is daarvoor niet noodzakelijk, maar je weet als club wel dat de schijnwerpers op je zijn gericht.”

Van Stijn geeft ook toe dat het toernooi ook min of meer toevallig op het pad van zijn club is gekomen. “De kleinzoon van Bram Bosch is bij ons komen voetballen en ik ben aan de praat geraakt met Bram. Hij heeft jarenlang internationale jeugdtoernooien georganiseerd bij Fortitudo en RKTVC. Een toernooi op zo’n korte termijn op poten krijgen, lukt alleen als je een goed netwerk hebt. Bram heeft dat.”

Vorig jaar werd de eerste editie gehouden met een bescheiden veld van clubs, met onder meer FC Volendam, Alemania Aachen en Sportclub Feyenoord. “Dat was prima voor de eerste keer”, aldus Van Stijn. “We hebben voor dit jaar bewust gekozen voor de hogere leeftijdscategorie, de U16. De reden is simpel. Voor de U13 is er veel concurrentie van andere toernooien, voor de U16 zijn er amper toernooien.”

In november ging het organisatiecomité voortvarend aan de slag voor de tweede BZS Trophy, niet gehinderd door enige coronabeperking. Van Stijn: “We hebben er op gespeculeerd dat er in de zomer gewoon gevoetbald kon worden, dus we hebben geen tijd verloren.”

Het resultaat mag er zijn, want op zaterdag 20 en zondag 21 augustus lopen aan de Wielstraat in Beusichem talenten op het veld van gerenommeerde en gevestigde clubs in Europa. Schalke 04 stuurt uit Duitsland zijn grootste talenten, uit België komt Racing Genk, dat één van de beste jeugdopleiding van het land heeft. AZ, FC Utrecht en Vitesse vertegenwoordigen Nederland. Het Turkse Altinordu, het Poolse ZagtebieSosnowiec en een regio-elftal uit Beusichem en omgeving completeren het veld. Van Stijn: “Die Turkse en Poolse clubs zijn onbekend in Nederland, maar staan in eigen land bekend vanwege hun jeugdopleiding.”

Op zaterdag worden de poulewedstrijden gespeeld, op zondag volgen de kruisfinales en plaatsingswedstrijden. Van Stijn hoopt voor de derde editie op nog grotere namen. “Schrijf met potlood alvast Barcelona op.”

Klik hier voor meer artikelen over BZS.
Klik hier voor meer informatie over BZS.

Hanneke Smit van goud waard voor Smitshoek

Hanneke Smit viert deze zomer veertig jaar en hoewel zij dat een ‘dingetje’ vindt, zal ze er niet minder hard voor Smitshoek voor gaan lopen. Als vrijwilligster heeft ze grote gelijkenissen met een inktvis met meerdere tentakels.

phonedirectTerwijl menigeen na een lang seizoen op de tuinstoel is neergeploft, uitrustend van alle inspanningen, wacht voor Smit en haar collega-vrijwilligers van de kantine nog een toetje: een jeugdtoernooi in de onderbouw met tientallen teams op maandag 6 juni. Ze ‘offert’ zonder enig probleem haar vrije Tweede Pinksterdag eraan op. “Mijn zoon moet voetballen, dus ik ben er toch”, haalt ze haar schouders op. “Ik ga de meiden lekker helpen.”

Smit is niet alleen een gouden, maar ook een multifunctionele kracht voor het fors gegroeide Smitshoek. Naast ‘kantinebaas’ is ze lid van de toernooicommissie, coacht ze de MO13-2 en begeleidt ze ook nog de stagiaires van het Albeda College die bij de club de nodige werkervaring opdoen. “Als ze weten dat je al iets doet vragen ze je sneller. Ik vind dat geen probleem hoor. Wij, mijn man en ik, komen allebei uit de voetbalwereld. Ik heb zelf ook jarenlang gevoetbald. Het hoort erbij dat je vrijwilligerswerk doet.”

Smit heeft beroepsmatig veel verstand van processen en dat is beslist handig om de kantine van een grote club als Smitshoek draaiende te houden. “Het is een bedrijf maar ook weer niet”, zegt ze. “We proberen het met elkaar zo goed mogelijk te organiseren, maar je bent wel afhankelijk van vrijwilligers. Ik denk dat veel mensen daar niet bij stilstaan. Ze denken dat we in dienst zijn van de club. Als een bestelling niet snel genoeg klaar is, zie ik mensen soms met een chagrijnig gezicht kijken. Dan denk ik: we staan hier ook in onze vrije tijd.”

Smit werd snel actief toen haar zoontje ging voetballen bij de jongste van Smitshoek. “Ik heb me aangemeld en het meest voor de hand liggende is dan de kantine. Begin jaar ben ik gevraagd als beheerder.”

“Ik regel de inkoop, doe de indeling van de bar en de keuken, eigenlijk alles wat er bij komt kijken. Maar bij alles heb ik goede hulp van andere vrijwilligers. Alleen is het niet te doen. Ze brengen hier ladingen vol aan eten en drinken elke week. De Sligro staat hier vaak met negen rolkarren.”

Smitshoek is de wet van de grote getallen. “Op een doordeweekse zaterdag zijn er bij de jeugd 35 thuiswedstrijden. Vaak zijn er nog veertien wedstrijden bij de senioren. Voorheen merkte je of het eerste thuisspeelde, maar daar zit nu nauwelijks verschil meer in. Het blijft een komen en gaan in de kantine. Echt rustmomenten kennen we niet. Daarom proberen we de shifts ook niet te lang te maken. Vier uur achter elkaar is dan erg lang. Vandaar dat we vrijwilligers twee uur indelen.”

Dominos_voorjaar2021Elke wedstrijddag is anders en dat maakt het lastig welke voorraad te moeten hebben. “Het is lastig te peilen wat goed gaat. Soms verkopen we driehonderd tosti’s op een dag, soms maar een paar. Datzelfde geldt voor kroketten.”

Op de menukaart staan voornamelijk ‘gerechten’ die volgens Smit passen bij een voetbalkantine. “Mensen hebben nou eenmaal liever een bal gehakt of patatje mayo dan een broodje gezond. We kijken wel naar gezondere alternatieven, maar de hoofdmoot zal altijd snacks blijven.”

Klik hier voor meer informatie over vv Smitshoek
Klik hier voor meer artikelen over vv Smitshoek

Bram Reemers heeft zijn missie als speler volbracht

Bram Reemers neemt na vijftien jaar afscheid als speler van de hoofdmacht van GVV. “Het voelt als klaar”, zegt de 34-jarige middenvelder, die echter niet verloren gaat voor de club en als penningmeester actief blijft.

Een kleine schok is het wel: GVV verliest deze zomer in één klap vijf routiniers, goed voor bij elkaar 170, 180 jaar GVV 1. “Het is tijd voor een wisseling van de wacht”, reageert Reemers. “We maken plaats voor jong talent. Er is jarenlang geen doorstroming geweest vanuit de jeugd, nu komt er een grote groep talentvolle spelers over. Het is aan de ene kant jammer dat het eerste elftal in één klap veel ervaring verliest, aan de andere kant geeft het de club ook de kans om te bouwen aan een nieuw elftal”, kijkt Reemers vooral nuchter naar de situatie.

Voor Reemers persoonlijk ‘voelt het klaar’. “Je kunt als speler niet eeuwig doorgaan. Er is ook een tijd om te stoppen. Ik heb mijn waarde gehad, maar moet ook zo eerlijk zijn dat die waarde met het ouder worden ook steeds minder werd. Ik hobbel nog mee als verdedigende middenvelder, maar ik heb niet meer die frisheid en fitheid van jaren geleden.”

Hij kan terugzien op een mooie en lange carrière in de hoofdmacht van de Geldermalsense club. “Ik heb bijna vijftien jaar onafgebroken in het eerste elftal gespeeld. Met één grote onderbreking vanwege die dubbele beenbreuk.”

Zeven jaar geleden brak Reemers in de wedstrijd tegen Drunen na een ongelukkige botsing met zijn keeper zijn kuit- en scheenbeen. “Ik was best wel snel op de been en trainde al snel weer mee, maar kreeg daarna toch een terugslag. Achteraf gezien heb ik daarna mijn oude niveau nooit meer gehaald.”

In de herfst van zijn carrière maakte hij de overstap van de zondag naar de zaterdag nog mee. “Ik ben een zondagman en daarom ga ik volgend seizoen ook weer voetballen in zondag 3. De zaterdag is voor het selectievoetbal de toekomst. Ook wij zagen bij GVV de behoefte om op zaterdag te gaan spelen toenemen. Uit een enquête die we onder de oudste jeugd en senioren hebben gehouden bleek dat er een grote meerderheid was voor de zaterdag.”

Reemers maakt ook alweer drie jaar deel uit van het bestuur. Als penningmeester let hij op de centjes. “Ik ben al jaren betrokken, maar heb een bestuursfunctie tot een paar geleden altijd afgehouden. Ik vond het niet te verenigen met mijn rol als selectiespeler. Het ene moment was je aan het trainen, even later zat je met de trainer om tafel om over zijn salaris te praten. Uiteindelijk ben ik toch penningmeester geworden. Het bestuur was op een gegeven moment gereduceerd tot een paar mensen, toen zijn we er met een aantal jongens ingestapt.”

Als penningmeester kan hij melden dat GVV ‘financieel gezond’ is. “We zijn als club de coronaperiode goed doorgekomen. We hebben al snel ingegrepen en hebben uitgaven stopgezet. Tegelijkertijd hebben we in die periode een verduurzaamheidsslag op ons sportpark kunnen maken. Door slim gebruik te maken van subsidies hebben we zonnepanelen en LED-verlichting gekregen. We hebben nog meer plannen, want de kantine kan ook nog een facelift gebruiken.”

Klik op GVV voor het laatste artikel over de club.
Klik op GVV voor meer informatie.

Businessclub onmisbare factor bij Smitshoek

Voor elke thuiswedstrijd van de hoofdmacht loopt de businessclub van Smitshoek op de eerste verdieping vol met leden. “Onze leden komen voor het voetbal én de gezelligheid en op derde plaats een beetje voor het netwerken”, zegt Margot Goud.

phonedirect

Goud, in het dagelijkse leven werkzaam als businessconsult, is al weer een paar jaar voorzitter van de Businessclub. “Ik doe het niet alleen hoor”, haast zij zich te zeggen. “We hebben een team van zeven dat van alles organiseert en regelt. In mijn eentje kom ik niet ver. Ik had helemaal niets met voetbal”, vervolgt Goud. “Mijn twee kinderen gingen hier voetballen en ik zag hoe vrijwilligers zich uit de naad werkten en dat zij de ruggengraat van de club vormen. Ik heb mezelf op een dag aangemeld als vrijwilliger en ben lid geworden van de sponsorcommissie. Om de club goed draaiende te houden, zijn sponsorinkomsten onontbeerlijk. Ik heb me in de periode van de renovatie van de nieuwe kantine ook bezig gehouden met de crowdfundingsactie.”

Na het stoppen van de vorige voorzitter werd Goud gevraagd om de businessclub te gaan leiden. “Ik heb dat eerst afgehouden, maar toen de club het bleef vragen heb ik ja gezegd. Ik ben erachter gekomen dat ik echt een verenigingsmens ben. Ik heb dan wel geen voetbalachtergrond, maar ik vind het fantastisch hoe mensen zich inzetten voor deze club. Des te jammer is het dat het altijd lastig is nieuwe vrijwilligers te vinden.” Goud (53) was amper voorzitter toen corona om de hoek kwam kijken. “De coronaperiode is voor alles en iedereen lastig geweest en dus ook voor ons. We hebben tussen de bedrijven door nog wel wat events kunnen doen, maar we hebben competitie gespeeld in verschillende settings. Dan zonder publiek, dan weer met anderhalve meter afstand en vaste zitplaatsen. Je wil niet weten hoe moeilijk dat laatste was, want in onze businessclub staan en lopen ze overal.”

Dat Smitshoek een trouw legioen aan businessclubleden heeft, blijkt wel uit het feit dat vrijwel niemand zijn lidmaatschap heeft opgezegd in coronatijd. “Dat zit ook in de soort leden. De gunfactor richting Smitshoek is hoog. We zijn ook meer een businessclub van de gezelligheid dan van het netwerken. Ik zou het persoonlijk wel mooi vinden als het netwerkdeel wat groter zou worden en we daardoor weer nieuwe bedrijven kunnen verwelkomen, maar zoiets kun je niet dwingen. De cultuur die er is, is prima.”

De businessclub organiseert per jaar zo’n vijf, zes events. “Daar zitten een paar vaste bij”, zegt Goud. “We beginnen het seizoen altijd met een presentatieavond van de selectie. Ook vaste kost is de Walking Dinner aan het havenhoofd hier in Barendrecht. Daarnaast plannen we altijd wat andere activiteiten, zoals bijvoorbeeld een footgolftoernooi of een bedrijfsbezoek. En als businessclub gaan we ook elk jaar mee op trainingskamp met de selectie. De afgelopen drie jaar waren we in Valencia. Met de selectie doen we een paar dingen gezamenlijk, we gaan naar een oefenwedstrijd, maar voor de rest hebben we een eigen programma. Meestal gaat er een mannetje of twintig mee.”

“Bij thuiswedstrijden ontvangen we de leden in het businesshome. De één gaat na afloop beneden in de kantine wat drinken, de ander blijft hier. We hebben ook altijd een speler van de maand-verkiezing. De leden kunnen elke week een formulier invullen welke speler zij de beste vonden. We hebben ook altijd een vast groepje businessclubleden die meegaan naar uitwedstrijden.” De inkomsten die Smitshoek uit de businessclub haalt worden verdeeld. “Vijftig procent gaat naar de selectie, een kwart gaat naar onze eigen evenementen. Ook de club zelf krijgt een kwart. Dan doen we meestal in de vorm van een bijdrage. Zo is ooit de pannakooi, die hier voor het clubgebouw staat, gefinancierd door ons. Bij de renovatie van de kantine hebben wij alle beeldschermen en apparatuur geschonken.”

Klik op Smitshoek voor meer informatie over de club.
Klik op Smitshoek voor het laatste artikel over de club.

Bij Rhelico heeft twijfel plaatsgemaakt voor trots

Met de verjongingskuur bij Rhelico kwam ook direct de twijfel over een voorspoedig seizoensverloop. Die twijfel werd versterkt door een start met drie nederlagen, maar daarna maakte de hoofdmacht van de club uit Rumpt een enorme groei door. Twee 25-jarigen, Kylian Heemskerk en Bas van Rijnsbergen, pakten daarbij hun rol.

Van Rijnsbergen en ook Heemskerk hadden aan het begin van het seizoen zo hun bedenkingen. De midden-twintigers behoorden bij de eerste training voor dit seizoen tot een select groepje van ervaren voetballers. Het merendeel van de selectie had zich net ontdaan van de jeugdpuistjes. “Er zijn heel veel jongens doorgestroomd vanuit het onder 23-elftal”, vertelt Heemskerk. “Dat ze talent hadden, was zichtbaar, maar ervaring op dit niveau hadden we nauwelijks. De Gelderlander heeft onlangs een onderzoekje gedaan naar de gemiddelde leeftijd van eerste elftallen in de regio. Daaruit bleek dat we veruit het jongste elftal van de afdeling hebben.”

Dat gebrek aan ervaring en de komst van de ‘groentjes’ zorgden ervoor dat Rhelico niet met hooggespannen verwachtingen aan het seizoen in de vierde klasse begon. “Ik had eigenlijk helemaal géén verwachting, ik wist totaal niet wat we konden verwachten.”

De start met veel nieuwe en jonge spelers was uiterst onwennig. De eerste drie wedstrijden van het seizoen leverde nul punten op en veel tegendoelpunten. Ook Heemskerk en Rijnsbergen krabden zich achter de oren. “Het enige wat je als ervaren speler kan is die jongens mee te nemen en je eigen ervaringen delen”, zegt Heemskerk. “We waren enorm zoekende, logisch uiteraard, want als je voor het eerst op dit niveau speelt én in een nieuw elftal moet je je plaats nog vinden”, verplaatst hij zich in de nieuwkomers in die periode.

“Je moet een goed voorbeeld stellen”, vult Van Rijnsbergen aan. “Onverzettelijkheid uitstralen hoort daar ook bij, het niet opgeven ook.”

Dat Van Rijnsbergen na een lang seizoen ook in de slotfase van de competitie die passie nog heeft, toonde hij tegen GVV. De ene sliding volgde de andere op. “Het zonnetje scheen en het veld lag er heerlijk bij”, lacht de gelegenheidsrechtsback, die duidelijk de kunst van het maken van een goede sliding verstaat. “Ik gooi ze er regelmatig uit. Ja, ook op kunstgras.”

Dat bezorgt hem af en toe een ‘goede’ brandplek, maar dat hindert hem niet. “Vaseline erop en het is zo weer over. Vaseline is een wondermiddel.”

Het goede voorbeeld van én Van Rijnsberg én Heemskerk deed snel volgen door de nieuwe ploeggenoten die na de winterstop hun volledige draai wisten te vinden. Daardoor werd een vooraf als moeilijk betitelde seizoen een seizoen waarin twijfel plaatsmaakte voor hoop. “Dit was best wel een rare competitie”, zegt verdedigende middenvelder en aanvoerder Heemskerk. “Bovenin had je De Braak en OSS, die waren een klasse apart. Onderin had je Drunen en OSC, maar daartussen lag een grote middenmoot van negen teams die nauwelijks voor elkaar onderdeden. Won je op een zaterdag dan steeg je zomaar twee, drie plaatsen, verloor je dan kon je twee, drie plaatsen zakken.”

Het seizoen smaakt volgens Van Rijnsbergen, die een kanoverhuurbedrijf heeft aan De Linge, naar meer. “Subtop volgend seizoen zou leuk zijn, mij hoor je nog niet zeggen dat we om het kampioenschap moeten gaan spelen.”

Klik op Rhelico voor het laatste artikel over de club.
Klik op Rhelico voor meer informatie.

‘De jeugd van Sparta’30 groeit en bloeit’

Hoe meer mensen betrokken bij de club, hoe beter. En dus steken ze bij de jeugdcommissie van Sparta’30 met alle liefde veel energie in het organiseren van activiteiten. Hans Groenenberg is één van die enthousiaste vrijwilligers, hij ziet hoe het bloeit en groeit. “Vooral bij de jongste categorie is enorm veel aanwas.”

werktalent-breda banner
En hij kan het weten. Want Groenenberg is weer helemaal terug bij de club waar het ooit begon. “Halverwege de jaren ’60, het sportpark was nog geen vijftig meter bij ons huis vandaan.” De inmiddels 66-jarige clubman voetbalde vervolgens jarenlang in het eerste, trainde de jeugd en werd hoofdtrainer. Na dertien clubs in dertig jaar, is hij weer op het oude nest. “Dan kom je niet meer zo vaak op je eigen sportpark… Mijn dochter, schoonzoon en kleinkinderen zitten bij Sparta’30, dan raak je weer betrokken.”

Genoeg animo

Zo traint Groenenberg nu de ‘kabouters’ en zit hij dus in het bestuur. Als lid van de jeugdcommissie. “Ik wilde eigenlijk niks meer doen met senioren, daar heb ik zelf al die jaren middenin gezeten. Nu coördineren we alles van de jeugd.” Ook tijdens corona. “Toen hebben we geprobeerd zoveel mogelijk activiteiten te organiseren. Het ledenaantal is stabiel gebleven, zelfs licht gegroeid.” Een jaar of drie concentreert Groenenberg zich nu op de jeugdactiviteiten, maar dat doet hij zeker niet alleen. “Inmiddels doen we dat met zijn vijven. Stiekem zit daar toch wel behoorlijk wat werk in.” Heel gek is dat overigens niet. “Iedere basisschoolvakantie proberen we iets op te zetten. Een spelletjesmiddag, een techniektraining of een meidendag.” Want dat laatste is hard nodig. “Eigenlijk missen we nog een meidenelftal. We hebben wel dames, maar geen jeugd, dan mis je toch de aanvulling. Die aanwas heb je nodig.” Gelukkig is er voldoende animo. “Daar hebben we al 50 aanmeldingen voor, dus dat gaat hartstikke goed!” Niet alleen belangrijk, maar ook nog eens heel leuk, vertelt Groenenberg. “Mijn kleinzoon zit bij de ‘kabouters’ en mijn dochter en schoonzoon zijn ook verschrikkelijk ‘voetbalminded’. En ik heb er de tijd voor.”

Het leeft

De waardering is dan ook groot, merkt hij. “Het is leuk om daar gezamenlijk iets in te kunnen doen. Samen wat op zetten en daar positieve reacties op krijgen, dat is hartstikke mooi.” En die aanpak werkt. “We richten ons vooral op basisscholen en de brugklas, die leeftijden. Meestal hebben we zo’n vijftig tot zestig kinderen.” Behalve blije gezichten, levert het ook nieuwe leden op. “Het groeit en bloeit, vooral in de jongste categorie. Daar zit voor ons de potentie.” Maar natuurlijk draait het niet alleen om extra leden. “Die activiteiten zijn ook gewoon heel erg belangrijk voor de sfeer op je club. Het zorgt voor beleving en je merkt dat het hier leeft.” Tot slot zorgt het ook nog voor vrijwilligers. “Al die aanmeldingen betekenen ook weer nieuwe papa’s en mama’s, die raken dan weer betrokken. Dat soort mensen zijn altijd welkom.” En dus loopt het allemaal prima, maar Groenenberg heeft nog wel een wensenlijstje. “We willen een mini-kooi gaan bouwen, een soort pannaveldje. Dat is een mooie volgende stap. En daarnaast hoop ik dat we een meisjesteam krijgen en het G-team in stand kunnen houden.” Dat gaat niet vanzelf, maar wel met heel veel liefde. “Ik doe het ook zeker niet alleen. Het is heel de club, met alle vrijwilligers en een hardwerkende jeugdcommissie. Die moeten zeker ook genoemd worden!”

Klik hier voor meer informatie over Sparta ’30
Klik hier voor meer artikelen over Sparta ’30

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.