Home Blog Pagina 5

Levy Pijl: talent tussen trouw en ambitie

Levy Pijl is 20 jaar, nummer tien van Drechtstreek, en bezig aan een seizoen waarin alles lijkt samen te vallen. Dertien doelpunten in vijftien wedstrijden. Topscorer van het team. En ineens rinkelt de telefoon: andere clubs zijn geïnteresseerd in Pijl.

Maar zijn verhaal begint niet bij aanbiedingen. Het begint op vijfjarige leeftijd, op hetzelfde sportpark waar hij nu nog altijd speelt. “Ik heb hier eigenlijk mijn hele leven gevoetbald,” zegt hij. De droom om prof te worden was er natuurlijk. Zoals bij zoveel jongens. “Maar dat is nu niet meer realistisch.” Wat hij wél weet: hij kan hoger spelen dan waar hij nu staat.

Zijn ontwikkeling verliep niet in één rechte lijn. Pijl begon als buitenspeler. Acties maken, snelheid, diep gaan. Later werd hij zelfs rechtsback. Uiteindelijk schoof hij door naar het middenveld.

Op tien voelt het nu logisch. “Daar kan ik het meeste kwijt,” zegt hij. Tussen de linies, met het spel voor zich. Hij scoort en is betrokken bij het aanvalsspel. Hij geeft toe dat niet al zijn treffers vanuit open spel komen. “Ik ben ook de penaltynemer, dus dan word je natuurlijk makkelijker topscorer.”

Tijdens dit seizoen was het nog zoeken. Nieuwe accenten, nieuwe trainer, nieuwe dynamiek binnen de ploeg. Maar gaandeweg kwam het vertrouwen. “Ik merk dat ik steeds beter in het seizoen kom.”

Aanbiedingen en twijfel

Goede prestaties blijven zelden onopgemerkt. Zo kreeg Pijl tot nu toe aanbiedingen van twee clubs. Voor het eerst wordt er concreet aan hem getrokken. “Ik wist niet zo goed wat ik ervan moest vinden,” zegt Pijl. “Ik hoorde wat ze allemaal wilden. Dat heb ik nog nooit meegemaakt. Ik ga maar gewoon het gesprek aan en bekijk hoe het is.”

En daar zit zijn tweestrijd. “Aan de ene kant ben ik ambitieus. Ik voel dat ik een stap hoger aankan, wil mezelf testen en kijken waar het plafond ligt. Aan de andere kant speel ik hier met mijn vrienden. Jongens met wie ik ben opgegroeid. Dicht bij huis. We hebben echt een leuke jonge groep.”

Jong team met potentie

Drechtstreek begon sterk aan het seizoen. Daarna werd het wisselvalliger. De trainer, Dennis Schoonewil, vertrok in het begin van het seizoen. “Het was jammer, ik had een goede band met hem. Met de nieuwe trainer (red. John den Dunnen) heb ik gelukkig ook een hele goede klik.”

Het team is jong, energiek, maar soms nog zoekende. “We moeten als doel hebben om een periode te pakken,” vindt Pijl.

Klik op VV Drechtstreek voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Drechtstreek voor meer informatie over de club.

Brent van der Hilst kiest voor speeltijd bij De Zwerver

Brent van der Hilst is 25 jaar en staat inmiddels wekelijks centraal achterin bij De Zwerver. Dat klinkt logisch, bijna vanzelfsprekend. Maar wie zijn route volgt, ziet vooral een speler die onderweg heeft moeten bijsturen. Niet uit gemak, maar om het voetbal weer te laten kloppen met het gevoel.

Hij kwam over van Papendrecht, waar Van der Hilst een seizoen speelde. De tweede seizoenshelft beviel uiteindelijk goed. Hij stond erin, was belangrijk, voelde zich nuttig. “Papendrecht is een club op een niveau waar ik zou kunnen spelen. Ik had daar ook kunnen blijven.” Toch vertrok hij. Niet omdat het slecht was, maar omdat het niet opnieuw zo mocht worden als in die eerste maanden. “Van augustus tot december speelde ik weinig. Dat deed iets met me.”

Die periode knaagde. Maar Van der Hilst is geen speler die tijdens het seizoen afhaakt. “In mijn ogen maak je in het begin van het seizoen met de hele groep een commitment dat je het komende seizoen samen zult spelen. Ook al sta je dan op de bank, je moet gewoon je best blijven doen. Maar toen ik in de eerste maanden van vorig seizoen op de bank werd gezet werd ik er geen leuker persoon van” lacht Van der Hilst. “Ik was chagrijnig. Elke week teleurgesteld. Uiteindelijk zit ik ook op voetbal om wedstrijden te spelen, dus het risico op zo’n periode wilde ik vermijden. Daarom ben ik een klasse lager bij De Zwerver gaan voetballen.“

Er waren gesprekken met twee clubs. NSVV, De Zwerver. Bij De Zwerver was het gevoel beter. “Je wil het hoogst mogelijke spelen. Papendrecht speelde eerste klasse, De Zwerver zat een niveau lager. Maar bij De Zwerver kwam ik binnen met een duidelijk plan. Centrale verdediger. Minuten maken. Geen minuut missen, dat was mijn persoonlijke doel.” Tot nu toe lukt dat. Hij speelt alles.

Gemeenschapsgevoel

“Van tevoren weet je nooit waar je terechtkomt, maar het gaat goed. Niet alleen sportief. Ook de groep bevalt. Het is een hechte groep, met een positieve instelling. Ze nemen je heel snel op.” Plezier buiten het veld is belangrijk, merkt hij. Iedereen heeft hier de overtuiging dat het om een gemeenschapsgevoel gaat. Dat is leuk om mee te maken.”

Die gemoedelijke saamhorigheid is iets wat hij ook bij Papendrecht ervaarde. Maar in zijn jeugd was dat minder het geval. “Ik heb de jeugd van Barendrecht doorlopen. Goede tijd hoor, alleen wel wat afstandelijker of gestructureerder dan kleinere clubs. Bij Barendrecht schopte ik het tot de Onder 23. De stap naar het eerste elftal was te groot. Toe ging ik naar VVGZ, waar ik veel speelde. Na een jaar vertrok ik naar Papendrecht. Dat bleek ook een goede match, vooral in die tweede seizoenshelft. Ik heb het er enorm naar m’n zin gehad en zou het zeker niet erg vinden om ooit nog terug te keren.”

“Zolang ik fit blijf en het leuk vind, wil ik zo lang mogelijk blijven voetballen. Op lange termijn zou het mooi zijn als De Zwerver een stabiele tweedeklasser wordt. Als er toevallig een periodetitel bij zit, is dat super. Maar dat is niet het doel.”

Voor zichzelf zou hij een stap hogerop wel zien zitten. “In principe wil ik zo hoog mogelijk spelen, dus bijvoorbeeld op divisie-niveau spelen lijkt me erg leuk.”

Klik op De Zwerver voor de laatste artikelen over de club.
Klik op De Zwerver voor meer informatie over de club.

Rafael de Jong (23) is een vaste waarde bij Nieuw-Lekkerland

Rafael de Jong (23) is een vaste waarde bij Nieuw-Lekkerland en iemand die zich zichtbaar thuis voelt bij zijn club. Hij geeft aan constant meer te willen en altijd op zoek is naar verbetering. Waar hij ooit begon als buitenspeler in het tweede elftal, speelt hij inmiddels als linksback in de eerste klasse. Wat hem vooral bindt aan de club is de sfeer langs de lijn. Met honderden supporters bij thuiswedstrijden en volle derby’s tegen De Zwerver voelt spelen in Nieuw-Lekkerland groter dan het niveau misschien doet vermoeden.

“Ik zit hier hartstikke goed en ik hou van de club en de mensen. Tegelijk heb ik zeker de ambitie om mij door te ontwikkelen en ooit een stap hogerop te maken. Nieuw-Lekkerland is al sinds jongs af aan zijn club. “Maar als de mogelijkheid er een keer is, dan kijk ik er zeker wel naar.” Hij sluit niets uit. Vierde divisie? ““De vierde divisie zou in de toekomst een mooie stap kunnen zijn als ik mij zo door blijf ontwikkelen. Maar dan moet het kloppen. Ik wil niet voor een club spelen waar twintig man langs de lijn staan.”

De ontwikkeling van De Jong is geen rechte lijn geweest. In het tweede elftal was hij nog buitenspeler. Snel, dreigend, één tegen één. Tot hij werd teruggezet naar linksback. Een andere rol, andere verantwoordelijkheden. “In het begin was het wennen. Maar het ging me eigenlijk best goed af. En het werd steeds beter.” Kracht werd belangrijker. Fysiek sterker worden, het duel niet schuwen.

Daarom traint hij anders dan vroeger. “Ik ga nu veel naar de sportschool. Ik train om mijn lichaam het voetbal makkelijker te laten maken. Ik heb er echt profijt van. Als verdediger moet je fysiek sterk zijn.”

Nieuw-Lekkerland speelt in de eerste klasse. Wisselvallig, noemt De Jong het. “Onze kracht is beleving. Teamwork. Met elkaar ervoor gaan.” Maar hij weet ook waar het mis kan gaan. “Het zit soms te snel in ons koppie.” Een vroege tegengoal kan doorschieten. “We stonden laatst 1-0 achter in de tweede minuut en vijftien minuten later 3-0. Dat is toch iets mentaals. Vooral met uitwedstrijden laten wij punten liggen. Dat heeft ook alles met ons mooie thuispubliek te maken.”

Toch maakt de linksback zich geen zorgen over degradatie. “Ik hoop dat we middenmoot kunnen spelen.” Ambitie is er wel. “Een periodetitel is nu nog iets voor de toekomst denk ik. Al hadden we er vorig jaar bijna eentje te pakken.”

Wat De Jong het meest bindt aan Nieuw-Lekkerland, is de sfeer. “Wij zijn een beetje De Kuip van de eerste klasse.” Hij lacht. “Ik ben zelf niet eens voor Feyenoord, maar voor Ajax. Maar dat wordt altijd gezegd toch? Dat De Kuip iets extra’s meebrengt?” Kuipvrees schijnt inderdaad een ding te zijn. Bij Nieuw-Lekkerland staan er volgens De Jong gemiddeld vierhonderd mensen langs de kant. Dat is voor dit niveau veel. “Bij de derby tegen De Zwerver stonden er vijftienhonderd denk ik. Kinderen die na afloop naar je toe komen. Supporters die meeleven. Het geeft een enorme energie. Dat is mooi. Daar doe je het ook voor.”

Klik op Nieuw Lekkerland voor meer artikelen over de club.
Klik op Nieuw Lekkerland voor meer informatie over de club.

‘Ze nemen alles op als een spons’

0

Begonnen bij de kabouters, zijn Stefan het Jonk en Vincent Tieleman als jeugdtrainers inmiddels aanbeland bij de JO12 van DVV’09. Een samenwerking, die er vroeg of laat een keer van moest komen. “We hebben altijd gezegd dat we ooit eens samen trainer wilden worden.”

Want hun vriendschap, gaat al jaren terug, vertelt Het Jonk (41). “We zijn bevriend sinds ons vijfde en hebben altijd samen gevoetbald.” En als de kinderen dan net zoveel passie voor het spelletje hebben als hun vaders, is het sommetje snel gemaakt. “Zo zijn we ooit begonnen bij de kabouters en zitten we nu bij de JO12.” Als trainer van hun zoontjes, dus. Hoe dat is? “Dat gaat steeds beter, haha! Je bent als vader toch altijd extra kritisch op je eigen zoon. Vaak wil je het thuis dan nog even nabespreken, maar ik probeer het nu minder mee naar huis te nemen. Daar heb ik wel mee om moeten leren gaan.”

Eigen mening

De passie, spat er bij Het Jonk dan ook vanaf. “Ik ben gewoon echt een voetballiefhebber, dus ik vind het ontzettend leuk om te doen.” Waar hij het meeste van geniet? “De ontwikkeling van die gasten. Ze zien groeien als voetballers én als mensjes. Dat blijft het mooiste. Naast het ongelooflijke teamgevoel.” Al is dat niet altijd even makkelijk, lacht de inwoner van Dirksland. “Het is een behoorlijk mondig ploegje, het zijn echt wel mannetjes.” Maar juist dat, maakt het voor Het Jonk zo leuk, legt hij uit. “Je ziet ze groeien in hoe ze met elkaar omgaan, en ze weten op voetbalgebied nu ook steeds meer wat er van ze verwacht wordt. Daardoor kunnen ze zelf gaan nadenken.” En een eigen mening vormen. “Ze zijn echt van schuchtere kleine mannetjes die achter een bal aan rennen, naar jongens die samen bij het eerste gaan kijken gegaan.” Een feest der herkenning, voor Het Jonk. “Ik ben zelf ooit begonnen met voetballen bij Dirksland en heb later bij DVV’09 in het eerste gespeeld.” Afsluiten, deed de voormalig aanvaller in het vijfde, een zogeheten vriendenteam. “Tot ik twee jaar geleden mijn achillespees afscheurde. Toen vond ik het mooi geweest. En je bent stiekem ook veel tijd kwijt aan het training geven.” Wat voor speler was hij? “Een echte spits, die makkelijk scoorde, maar niet iemand die even drie man uitspeelde.” Actief voetballer of niet, zijn band met de vereniging is er allesbehalve minder om geworden. “Ik ga nog steeds regelmatig kijken bij het eerste. DVV’09 is gewoon echt één club. Veel mensen zetten hun schouders eronder en iedereen kent elkaar. Er zijn eigenlijk geen verschillende groepjes.” Merkt hij ook als jeugdtrainer. “De jongens van het eerste, kennen ook gewoon mijn spelers van de JO12. En natuurlijk andersom.”

Graag willen

Iets te klagen heeft Het Jonk, samen met collega-trainers Vincent Tieleman en Luna Vletter, dan ook eigenlijk niet. “De faciliteiten zijn op orde en de velden zijn altijd goed. Wat wil je nog meer?” Weinig dus, in zijn geval. “Ik ben een heel fanatieke trainer en misschien ook wel een beetje autoritair. Afspraak is bij mij afspraak. Respect, zowel voor elkaar als de tegenstander, heb ik hoog in het vaandel staan.” Toch is hij in de afgelopen jaren wel veranderd als jeugdtrainer, merkt hij. “Eerst was ik tijdens wedstrijden meer van het vertellen wat ze moesten doen, nu geef ik alleen in de rust een paar aanwijzingen.” Hoe zou hij zichzelf verder omschrijven als trainer? “Veeleisend, observerend en positief.” Ook tijdens de trainingen, op maandag en woensdag. “Alles wat we doen, doen we onder druk. Zodat ze leren om snel na te denken en te handelen. Zeker ook in de omschakeling.” En met het oog op zaterdag. “Ik geef graag druk over het hele veld, dus moeten ze goed naar elkaar kijken. In hoe ze staan. Maar ook als we de bal hebben. Zodat we altijd driehoekjes kunnen maken.” De lat, ligt dus behoorlijk hoog. “Het is uniek dat we zo goed meedoen in de hoofdklasse. Het is een talentvol groepje, maar je moet ze wel blijven uitdagen. Anders worden ze vervelend.” Zoals ook Het Jonk, zichzelf blijft uitdagen. “Het is de bedoeling dat ik volgend seizoen de VC2-cursus van de KNVB ga doen!” Hoe ziet hij zijn toekomst als trainer? “Ik wil in ieder geval nog een tijdje bij deze ploeg blijven, tot ze het niet meer willen. Daarna ga ik kijken bij andere jeugdteams. Senioren, zie ik nog niet zo snel zitten.” Want jeugdvoetballers zien groeien, blijft voor hem toch het allerleukste. “Ze zijn zó nieuwsgierig en nemen alles op als een spons. Dat heb ik als trainer echt nodig. Spelers die graag willen.” Al is het maar, om op zaterdag een foto te kunnen maken. “Als we winnen, maken we een selfie!”

Klik op DVV’09 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DVV’09 voor meer informatie over de club.

Voetjebal krijgt gezicht door Kiki Zandwijk “Kleine voetjes, groot plezier”

Kiki Zandwijk is 23 en leidt tegenwoordig haar eigen franchise van Voetjebal in de Drechtsteden. Dat klinkt zakelijker dan het voor haar voelt. Want wat ze in essentie doet, is een kwestie van gevoel en niet veel anders dan wat ze altijd al belangrijk vond: jonge kinderen laten bewegen, laten lachen en laten ontdekken.

Haar eerste kennismaking met Voetjebal was in 2022. “In 2022 en 2023 heb ik met veel plezier trainingen gegeven bij Voetjebal Feyenoord. Daar ontdekte ik hoe waardevol het ouder- en kind concept van Voetjebal is.” Ze had op dat moment al een duidelijke richting gekozen: ze werkte als pedagogisch professional, in de kinderopvang en het speciaal basisonderwijs. “Ik vind het gewoon heel belangrijk dat kinderen zich kunnen ontwikkelen op een speelse manier. En dat ze aandacht krijgen. Die aandacht ontbreekt soms. Ouders zijn druk, veel op hun telefoon. Terwijl kinderen daar zó van opbloeien.”

Bij Voetjebal zag ze dat meteen terug. Kinderen die glimlachen, bewegen, zich uitleven. “Dat plezier is aanstekelijk,” zegt ze. Toch werkte ze daarna een tijd niet bij Voetjebal. “School ging voor, ik heb diploma’s gehaald en bleef actief in het basisonderwijs en de kinderopvang. En toen kwam dit op mijn pad.”

Voetjebal bood haar de kans om een franchise over te nemen. De Drechtsteden werden haar gebied. “Ik ben jong, maar ik voelde meteen: dit past bij mij.” Sindsdien is haar week gevuld met zaken waar ze een paar jaar geleden nog nooit over nadacht. Administratie. Contact met ouders. Marketing. Zalen zoeken. “Doordeweeks ben ik daar vooral mee bezig. Op dit moment heb ik één vaste zaal op zaterdag. Het begint ’s ochtends om negen uur. En dan zijn we tot twaalf uur bezig.” Haar plannen zijn groter dan één vaste zaal in Dordrecht. “We zijn altijd op zoek naar nieuwe leden, zijn in gesprekken met scholen en misschien ook activiteiten op zondag. Daarom heb ik sinds kort ook een trainer in dienst genomen. Ik wil uitbreiden. Binnenkort zijn we ook actief in een nieuwe zaal in Papendrecht.”

Wat haar het meest raakt, is wat ze op de vloer ziet gebeuren. “Het plezier dat kinderen met elkaar hebben. Hoe gekker jij doet, hoe gekker de ouders ook doen. En de kinderen? Die zijn lekker uitgeraasd. Voor sommige kinderen is het meer dan alleen bewegen. “Niet alle kindjes gaan naar een sportvereniging. Hier leren ze meedoen, samen met hun ouder. In een veilige omgeving. Dat is belangrijk voor het zelfvertrouwen. Fouten maken mag. Dat is misschien wel het belangrijkste. Prestatiedruk is er niet. Het gaat erom dat zoveel mogelijk kindjes plezier hebben. Kleine voetjes, groot plezier.”

Haar ambitie reikt verder dan alleen de zaterdag. Doordeweeks wil ze hetzelfde concept aanbieden bij BSO’s en kinderdagverblijven, in zalen door heel de Drechtsteden. “Dat sluit perfect aan bij mijn achtergrond. Ik ken die wereld.”

Kiki is jong, maar ze straalt rust uit als ze over haar werk praat. Alsof ze precies weet waar haar kracht ligt. “Als ik aan het einde van de dag zie dat kinderen moe maar blij zijn, dan weet ik waarvoor ik het doe.”

Voor haar is Voetjebal geen franchise op papier, maar een plek waar kinderen zichzelf mogen zijn. Het draait nog niet om het winnen of beter worden in voetbal, maar om iets wat veel eenvoudiger is: plezier hebben.

Grinwis gaat met WFB vol voor de nacompetitie

0

Geblesseerd geraakt op wintersport, is het nieuwe jaar voor Kris Grinwis allesbehalve lekker begonnen. Maar ondanks zijn schouderblessure, kijkt de middenvelder van vijfdeklasser WFB vol vertrouwen uit naar de rest van het seizoen. “We willen heel graag de nacompetitie halen.”

Al zullen ze dat voorlopig, dus zonder hem moeten zien te doen. “Tijdens het snowboarden ben ik op mijn linkerschouder gevallen, waardoor ik een tijdje in een brace heb moeten lopen.” Schade aan zijn sleutelbeen en verschillende pezen, hoopt de 21-jarige Grinwis dat het allemaal meevalt. “Als het meezit, kan ik volgende week zaterdag weer spelen.” Dat klinkt gezien zijn valpartij, logischer dan het daadwerkelijk is. “Het was een beetje ongelukkig. Ik moest remmen voor een klein kind, daardoor raakte mijn bord vast in een hoopje sneeuw en maakte ik een salto. Het was de eerste keer tijdens de vakantie dat ik viel…”

Leuke groep

Op het voetbalveld, loopt het voorlopig gelukkig een stuk soepeler. “We wilden graag meedoen voor promotie, maar ik had niet per se verwacht dat we bij de winterstop tweede zouden staan.” Inmiddels afgezakt naar de derde plaats, is Grinwis nog altijd overwegend positief. “De start was heel erg goed, de laatste paar wedstrijden vallen de resultaten misschien een beetje tegen. Daar hebben we een paar keer dure punten laten liggen. Wat dat betreft had er misschien nog wel meer ingezeten.” Iets wat de inwoner van Ouddorp op voorhand, niet helemaal aan had zien komen, is hij eerlijk. “We hebben een nieuwe trainer (Arjan Vuik) en ook een aantal nieuwe spelers. Dan is het toch altijd maar weer afwachten.” Spelers, die flinke versterkingen blijken te zijn, vertelt Grinwis. “Met Rowan (Breen) hebben we weer een echte doelpuntenmaker. Dat scheelt veel. Vorig seizoen, misten we echt doelpunten.” Verder dan een zesde plek, kwam WFB destijds daardoor niet. “Nu merk je dat ook de groepsdynamiek een stuk beter is. We hebben een leuke groep en zowel op, als buiten het veld, kunnen we goed met elkaar opschieten. Dat zie je aan de resultaten.” Resultaten, die de club uit Ouddorp uiteindelijk een deelname aan de nacompetitie op moeten leveren. “Het verschil met koploper Vlotbrug is veel te groot, dus we willen graag tweede worden. Dat zou het mooiste zijn. Al wordt dat best lastig.” Maar onmogelijk, is het volgens Grinwis niet. “Soms krijgen we nog wel eens te makkelijk een doelpunt tegen, dat moet eruit. Net als de persoonlijke fouten.”

Vervelend doen

Fouten die Grinwis zelf, als nummer zes, zo min mogelijk probeert te maken. “Ik ben niet de beste voetballer, meer een harde werker. Iemand die verdedigend sterk is en in duels 120 procent geeft om de bal te veroveren. Ook al ben ik niet de grootste.” Maar ondanks dat zijn kracht ligt in het helpen van de verdediging, probeert de middenvelder ook in de opbouw zijn steentje bij te dragen. “Dan wil ik graag de bal hebben.” Kwaliteiten, waar ze bij WFB al flink wat jaren van mogen genieten. “Ik ben hier begonnen in de F’jes en heb nooit ergens anders gespeeld.” Samen met zijn vrienden. “En ineens stond ik in het eerste, haha.” Iets waar hij al die tijd, stiekem toch wel een beetje van droomde, kan Grinwis zich herinneren. “Vroeger stonden we op zaterdag allemaal langs de lijn te kijken, dan keek je toch wel op tegen spelers van het eerste. Ooit hoopte je daar zelf te staan. Dat is gelukt!” Vooral wedstrijden tegen Stellendam, kan hij zich nog goed herinneren. “Dan stond je daar als een stelletje kleine rotkinderen, een beetje vervelend te doen.” Aan zijn liefde voor de club, is in al die jaren in ieder geval niks veranderd. “Al mijn vrienden zitten hier nog steeds, dus ik heb het stik naar mijn zin!” Vertrekken, zal Grinwis dan ook niet zo snel doen. “Ik denk ook niet dat ik hogerop kan.” Nu maar hopen, dat zijn schouders heel blijven. “Vlak voor de winterstop, thuis tegen Vlotbrug, raakte ik geblesseerd aan mijn andere schouder. Na een tackle, kwam ik verkeerd neer. Toen lag ik er twee maanden uit.” Eerst zijn rechterschouder en nu dus links. “Het zal lompigheid zijn, zeker?”

Klik hier voor meer artikelen over VV WFB
Klik hier voor meer informatie over VV WFB

Jeugdig Melissant moet zakelijker worden

Meedoen voor een plek in de nacompetitie voor promotie. Dat is wat ze bij vijfdeklasser Melissant dit seizoen graag zouden willen. En ondanks dat de ploeg voorlopig in de middenmoot bivakkeert, ziet spits Arnoud Both nog genoeg mogelijkheden. “Qua kwaliteit zit het in onze competitie heel dicht bij elkaar.”

En dus is het een kwestie van details, legt Both (32) uit. “Bijvoorbeeld laatst tegen NTVV. Zo’n wedstrijd kan dan echt allebei de kanten opvallen.” De voor Melissant de goede kant opvallen, deed het dit seizoen tot nu toe iets te weinig, vindt de inwoner van Sommelsdijk. “We hadden wel gehoopt om iets hoger te staan. Een paar jaar geleden speelden we echt mee voor de nacompetitie, dat willen we nu ook.” Al zit dat er nog steeds wel in, denkt hij. “Soms is het bij ons in de competitie ook een beetje de gelukkigste die wint. Maar we hebben het zelf ook een aantal keer laten liggen.”

Voetbalgogme

Aan de inzet of trainingsopkomst, ligt dat in ieder geval niet, vertelt Both. “We zijn echt gezegend met een heel leuke groep, vol kwaliteit.” Met het vertrouwen, is dan ook niks mis. “Onze trainer (Koen Kwakernaak) heeft een goed plan, dus als we in deze vorm door blijven trainen én spelen, denk ik dat we nog heel veel punten gaan pakken.” Zijn blik op de ranglijst, is dan ook naar boven gericht. “We zitten heel dicht tegen die derde en vierde plek aan.” Toch houdt Both voor de zekerheid, een slag om de arm. “Het is ons eerste seizoen met de nieuwe trainer, dus we zijn ook een beetje aan het bouwen. Daarom hebben we niet expliciet uitgesproken dat we voor de nacompetitie willen gaan, maar met deze fanatieke groep, zou dat wel heel mooi zijn. De wil is er!” Nu nog de doelpunten. “Dat kan beter. We scoren niet megaveel, maar staan organisatorisch wel heel goed.” Aan hem de taak om daar voorin, wat aan te doen. “Normaal speelde ik op het middenveld, sinds dit seizoen sta ik in de spits. Net als een paar jaar geleden.” Al moet ook zijn doelpuntenmachine, nog een beetje op gang komen. “Daar kunnen er nog wel een paar bij.” Waar ziet de routinier verder ruimte voor verbetering? “We hebben een vrij jonge groep, dus als team missen we nog wel eens wat voetbalgogme. Even een wedstrijd over de streep trekken en zakelijk uitspelen.” Ook daar ligt voor Both, met al zijn ervaring, een mooie uitdaging, weet hij. “Dat vind ik eigenlijk wel leuk. Vroeger kon ik zelf altijd leunen op anderen en was ik niet zo bezig met die leidersrol, maar nu probeer ik die jongens wel zoveel mogelijk te sturen in het veld.” Al is dat niet altijd even makkelijk, lacht de aanvalsleider. “Door mijn fanatisme, ben ik soms niet heel positief. Daarom ben ik blij dat Jacob (van der Spaan) ook weer terug is, zodat we samen een beetje de boel aan kunnen sturen.”

Fysieke duels

In zijn geval, dus vanuit de spits. “Dat was in het begin wel even wennen. Je hebt jezelf toch aangeleerd om bepaalde eigenschappen als middenvelder te gebruiken, zoals in de bal komen of terugzakken. Ik wil soms nog te veel meevoetballen, terwijl ik niet helemaal de bal op moet gaan halen.” Toch geniet Both tegelijkertijd juist, van zijn nieuwe rol. “In principe heb je als spits bijna altijd twee tegenstanders, dus kun je lekker fysieke duels spelen. Daar houd ik wel van. Lekker een beetje kloten. Ik denk dat ik voor een tegenstander, niet zo’n fijne speler ben.” Helemaal, als daar straks dus ook nog doelpunten bij gaan komen. “Het zou mooi zijn als ik rond de tien goals kan eindigen.” Voor de club, waar Both al bijna zijn hele leven komt. “Ik ben hier op mijn zesde begonnen en toen ik zeventien was, debuteerde ik in het eerste.” Desondanks maakte hij, vijf seizoenen geleden een uitstapje. Naar DWO. “Mijn spelplezier werd minder en ik verhuisde naar Zoetermeer. Daar heb ik twee jaar lang op recreatief niveau gespeeld.” Inmiddels voor het vierde seizoen terug op het oude nest, zit Both weer helemaal op zijn plek. “Ik ben natuurlijk opgegroeid met al die gasten hier. In al die jaren, heb ik nog nooit geen leuke en gezellige groep gehad.” De perfecte combinatie tussen fanatisme en betrokkenheid. “Dat maakt Melissant een mooie en gezellige club. Overal waar we komen, blijven we hangen.” En dragen ze hun steentje bij. “Ik geef zelf training aan de JO16 en zit in het jeugdbestuur, maar heel veel jongens doen wat voor de vereniging.” En als het aan Both ligt, blijft hij dat ook nog wel even doen. “Door mijn werk in een strandpaviljoen, is het soms lastig om altijd aanwezig te kunnen zijn. Zeker in de zomer. Soms moet ik op zaterdag, nog even doorracen na de wedstrijd.” Haasten of niet, aan stoppen denkt de voetballiefhebber nog lang niet. “Zolang mijn lichaam het volhoudt, wil ik minimaal tot mijn 35ste in het eerste blijven spelen.” En daarna? “Ga ik lekker met die jongens in het derde voetballen!”

Klik op Melissant voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Melissant voor meer informatie over de club.

Sportcentrum Dordrecht: al 46 jaar een vaste waarde voor voetballend Nederland

Wie in de Drechtsteden, Hoeksche- of de Alblasserwaard op voetbal zit, kent Sportcentrum Dordrecht. Voor veel spelers begint het seizoen niet op het trainingsveld, maar in de winkel. Het uitzoeken van nieuwe schoenen, een trainingspak of dat eerste complete tenue: het hoort bij de voorpret van een nieuw voetbaljaar. En al 46 jaar is er één adres waar generaties voetballers daarvoor binnenstappen.

Van voetbalschoen tot complete outfit

Waar vroeger vooral seniorenspelers binnenliepen voor een paar nieuwe voetbalschoenen, staan tegenwoordig complete gezinnen in de winkel. De jongste pupil voor zijn eerste training, de oudere broer voor nieuwe trainingskleding en ouders die zich oriënteren op wat er nodig is voor het komende seizoen.

Cees Jorissen, eigenaar van Sportcentrum Dordrecht, herinnert zich de start nog goed. “Toen ik begon zei iedereen dat ik het beter niet kon doen. Wie zit er nou op een sportzaak te wachten?” Inmiddels bestaat de zaak 46 jaar.

De winkel richt zich al lang niet meer alleen op schoenen. “Voetbalshirts, trainingspakken, tassen, scheenbeschermers en accessoires maken net zo goed onderdeel uit van de voorbereiding op een seizoen.” Voor veel jeugdspelers is dat een bijzonder moment. “Ze kijken er echt naar uit om hun eerste complete voetbaloutfit uit te zoeken. Vaak weten ze precies wat ze willen: een tenue van hun favoriete Champions League-club of van hun idool op televisie.”

Begeleiding in een veranderend voetbal

Juist bij die keuzes speelt begeleiding een belangrijke rol. Het voetbal is veranderd: het tempo ligt hoger, er wordt vaker op kunstgras gespeeld en materialen zijn technisch verder ontwikkeld. Toch worden artikelen nog vaak gekozen op uiterlijk of omdat een speler ‘altijd dat merk’ heeft gehad.

“In de praktijk is iedere speler anders,” zegt Jorissen. “Pasvorm, maatvoering en type product bepalen voor een groot deel het comfort én het vertrouwen tijdens het spelen en trainen.” Daarom neemt de winkel bewust de tijd voor advies. Spelers passen verschillende modellen, bewegen even, voelen het verschil. “Dat ervaren hoort erbij.”

Voor ouders is dat vaak verhelderend. Kinderen groeien snel en het is verleidelijk om iets groter te kiezen. Toch blijft een goede pasvorm belangrijk. “Als kleding en schoenen goed zitten, bewegen spelers vrijer en stappen ze met meer zekerheid het veld op.”

Lokale betrokkenheid, landelijke service

Naast jeugdspelers weten ook complete teams en seniorenspelers de weg naar de winkel te vinden voor trainingskleding, presentatiekleding en materialen. Dankzij korte lijnen en persoonlijke service bedient Sportcentrum Dordrecht niet alleen verenigingen in de regio, maar ook clubs elders in Nederland.

“We kennen veel verenigingen persoonlijk en zien spelers terugkomen,” zegt Jorissen. “Kinderen die hier hun eerste spullen kochten, staan jaren later opnieuw in de winkel – soms met hun eigen kinderen.” Juist dat persoonlijke contact onderscheidt de lokale sportwinkel. Geen haast, geen standaardadvies, maar begeleiding die aansluit bij wat iemand écht nodig heeft.

“Daar doen we het sinds 1979 voor: spelers met plezier en vertrouwen het veld op laten gaan.”

Voor meer informatie over Sportcentrum Dordrecht, klik hier.

Stellendam bestaat 80 jaar: ‘Mensen verbinden en laten genieten’

Een nieuw logo, een voetbalplaatjesactie en natuurlijk een groot feest. De viering van het 80-jarig jubileum laten ze bij Stellendam niet onopgemerkt voorbijgaan. En dus staat er de komende maanden, een hele hoop op de rol, vertelt bestuurslid Krijn Heerschap. “We willen als vereniging graag verbinden en mensen laten genieten.”

Dingen waar ze eigenlijk eind vorig jaar, al mee zijn begonnen, zo legt Heerschap (59) uit. “Toen hebben we een nieuw logo gekregen, hebben we een sinterklaasfeest georganiseerd voor de jeugd en in december, hielden we een kerstbuffet voor onze oudere leden. Naast natuurlijk de traditionele nieuwjaarsreceptie.” Met de komende tijd ook nog ergens tussendoor een vrijwilligersavond, is stilzitten er voorlopig niet bij. “Het zijn veel activiteiten die een hoop werk kosten.”

Voor het dorp

Want met het jubileum van de club in aantocht, is het voor Heerschap spitsuur. “In het kader van ons 80-jarig bestaan, hebben we met de supermarkt bij ons op het dorp, een voetbalplaatjesactie opgezet. Zodat alle leden zichzelf kunnen sparen.” Vanaf begin maart, te verkrijgen in de winkel. “We zijn allemaal op de foto gegaan en hebben straks gewoon een eigen boek, van Stellendam.” Maar geen jubileum, zonder feestavond, natuurlijk. “Die staat gepland voor zaterdag 11 april. In een grote tent, met livemuziek (van De Bijtels) en verschillende DJ’s.” Ook de jeugd, wordt uiteraard niet vergeten, vervolgt Heerschap zijn verhaal. “De jeugdcommissie gaat toernooien organiseren, en in plaats van de jaarlijkse familiedag, willen we een clinic houden. Hopelijk met een oud-prof. Gewoon wat extra aandacht en gezellig afsluiten met een BBQ.” Want uiteindelijk, draait het daar om, vindt de geboren en getogen Stellendammer. “We willen als vereniging graag verbinden en mensen laten genieten.” En als lid van het hoofdbestuur, draagt Heerschap daar met alle liefde een steentje aan bij. “Het kost soms best veel tijd, maar als ik mensen dan zie genieten, haal ik daar mijn energie uit.” Verantwoordelijk voor de PR, de socials en de activiteiten, zit hij dicht op het vuur. “Stellendam heeft gewoon echt een sociaal-maatschappelijke functie. We zijn een vereniging voor het dorp. Als je ook ziet hoeveel supporters er altijd mee gaan naar wedstrijden van het eerste.” Helemaal alleen, hoeft Heerschap het gelukkig dan ook allemaal niet te doen. “Er zijn veel mensen die helpen!”

Huizen bouwen

Hoe zit het met zijn eigen voetbalcarrière? “Ik heb tot mijn tiende bij Stellendam gevoetbald, en later, toen mijn zoon ging voetballen, ben ik trainer geworden.” Vervolgens werd hij voorzitter van de jeugdcommissie en 25 jaar later, is Heerschap er dus nog steeds. Is er veel veranderd in die tijd? “De mentaliteit is nu wel degelijk anders.” Extra trots, is hij dan ook op het aanstaande jubileum. “Het is niet zo vanzelfsprekend dat je 80 jaar bestaat. Dat beginnen we nu ook wel in te zien.” Want, zo vertelt hij. “Ik ben best wel een beetje bang voor de vergrijzing. Zeker als ze hier niet gaan bouwen, is het maar de vraag of je kunt blijven bestaan. Veel leden verlaten het dorp, omdat er geen woningen zijn.” Zorgen, maakt Heerschap zich echter nog niet direct. “Maar we houden het natuurlijk wel in de gaten.” En misschien is dat, ook wel de kracht van de club, denkt hij. “De verbondenheid in een kleine gemeenschap. Wat dat betreft zien we als voetbalclub echt onze functie.” De ogen, zijn dan ook al gericht op de toekomst. “Binnen het bestuur zorgen we, met een aantal nieuwe jonge mensen, echt voor vernieuwing. Daarnaast, willen we graag gaan starten met de verbouwing van onze kleedkamers. Naast een stukje verduurzamen.” Een goed voorbeeld, doet hopelijk volgen, lacht Heerschap. “Ik hoop dat ze hier op het dorp huizen gaan bouwen, zodat we als club verder kunnen groeien.” En samen nieuwe herinneringen kunnen maken. “De promotie van het eerste elftal naar de derde klasse, van drie jaar geleden, was wel een hoogtepunt. Zeker omdat mijn zoon Melvin aanvoerder is van het eerste. Maar ook het kampioenschap van Vrouwen 1, waar mijn dochter Anouk in speelt, was iets om van te genieten. Dat maakt je trots als club.” Net als een kampioenschap van een jeugdteam. “Dan besef je weer, waarvoor je een vereniging bent.” Of Heerschap ook de komende jaren bestuurslid is van die vereniging, weet hij nog niet helemaal zeker. “Ik doe het met heel veel plezier en wie weet, plak ik er nog wel een termijn aan vast. Hoe dan ook, zal ik altijd betrokken blijven bij deze mooie club!”

Klik op VV Stellendam voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Stellendam voor meer informatie over de club.

Verdiende revanche van FC ‘s-Gravenzande tegen Westlandia

0

Al vele malen speelden FC ’s-Gravenzande en Westlandia tegen elkaar, o.a. vriendschappelijk, in het Haaglanden Voetbal Toernooi in de Westland Accountancy Cup en de competitie. De uitwedstrijd leverde een 3-1 nederlaag voor de ’s-Gravenzanders op dankzij drie treffers van Ismail Afellah. Het spelbeeld was redelijk in verhouding, en dus had een gelijkspel zeker niet misstaan. Maar zo is het nu eenmaal in het voetbal, je krijgt niet altijd wat je verdient.

Het verschil vooraf op de ranglijst is tien punten. Westlandia op de elfde plaats met 26 punten en FC ’s-Gravenzande op de zesde plaats met 36 punten. Dat zegt natuurlijk helemaal niets, want derby’s zijn toch altijd weer anders dan anders. Het zal ongetwijfeld weer een spannende wedstrijd worden, de winnaar doet in elk geval goede zaken. FC ’s-Gravenzande wil graag revanche nemen voor de nederlaag in oktober vorig jaar, en Westlandia zal niet verder willen zakken en kan best nog wat puntjes gebruiken.

Spannende eerste helft

Derby’s zijn toch altijd weer anders dan gewone competitiewedstrijden. Het talrijk opgekomen publiek, naar schatting ruim 2000 mensen, zagen een niet al te beste eerste helft, waarbij het spel op en neer golfde. Nadat de rook was opgetrokken en de confetti stroken van het veld waren gehaal kon scheidsrechter Lizzy van der Helm het startsein geven. De eerste minuten waren voor Westlandia, maar konden in de ’s-Gravenzandse defensie geen opening vinden. Bij de eerste de beste poging van de thuisclub was het wel direct raak. In de achtste minuut kreeg Frank Broos de bal aangespeeld, kon vrij eenvoudig door de defensie van Westlandia lopen en bracht de 1-0 stand op het scorebord. Na ruim een kwartier spelen was er weer een mogelijkheid voor de thuisclub. Luca van Leeuwen werd door Sil van Ooijen in stelling gebracht, maar zijn inzet werd door doelman Bryan Janssen tot hoekschop verwerkt. Hierna was het voor Westlandia Ismail Afellah die tweemaal kansrijk was. Een vrije rap werd door doelman Paul van der Helm gepakt, en de tweede poging in de 24e minuut schoot hij naast. Hierna was het weer FC ’s-Gravenzande dat kansrijk was. Op aangeven van Ardi Luijendijk was het Bob Tamerus die voor het doel op dook, maar er geen goed vervolg aan kon geven. Kort voor rust was er nog een opstootje tussen de Westlandia doelman Bryan Janssen en Sil van Ooijen, maar dat werd weer snel gesust, beide kregen een gele kaart. Het laatste wapenfeit voor rust was voor Westlandia, maar Ismail Afellah zag zijn inzet gestopt door de ’s-Gravenzandse doelman.

Ruime overwinning

Direct na rust probeerde Westlandia het tij te keren, drong wat meer aan, maar echt gevaarlijk werd het nooit. De thuisploeg speelde heel geconcentreerd en gaf maar weinig weg en kreeg ook mogelijkheden om de score op te voeren. Een schot van Frank Broos werd door doelman Bryan Janssen gestopt en uit een vrije trap van Bram van Eijk was het Sil van Ooijen die de bal naast kopte. Ismail Afellah probeerde het voor Westlandia met een schot van afstand, maar de bal ging heel ver naast. De betere mogelijkheden waren voor de thuisploeg. Uit een verre ingooi van Timo Ploemen kon Frank Broos er net niet bij en een schot van invaller Irian Boeschoten was een makkelijke prooi voor de doelman. Met nog een kwartier op de klok kwam FC ’s-Gravenzande op een 2-0 voorsprong. Na een hakballetje van Frank Broos op Bram van Eijk bracht hij de bal voor het doel en stond invaller Zeger van Antwerpen, net in het veld gekomen voor Bob Tamerus, klaar om de bal, bijna op de doellijn binnen te tikken. Tim van Marrewijk kwam er met geel goed vanaf toen hij in de 91e minuut Roy van Beek onderuit haalde net voor de 16-meterlijn, maar die vrije trap leverde niets op. In de 95e minuut werd het toch nog 3-0 toen Roy van Beek de bal in de verre hoek achter Bryan Janssen schoot.

Een verdiende revanche voor de ’s-Gravenzanders voor de eerder geleden uitnederlaag.

Tot Man of the Match werd uitgeroepen Frank Broos.

Opstelling FC ’s-Gravenzande: Paul van der Helm, Ardi Luijendijk, Timo Ploemen, Pascal Broch (80. Tyler Mulder), Bram Sommeling, Twan van Meerten (62. Roy van Beek), Bob Tamerus (71. Zeger van Antwerpen), Frank Broos, Bram van Eijk, Sil van Ooijen (84. Daan van de Burg), Luca van Leeuwen, (62. Irian Boeschoten)

Opstelling Westlandia: Bryan Janssen, Kick Krom (74. Kai Chang), Tim van Marrewijk, Santiamo van der Graaff, Noah Quinten Abid, Stijn van Os (62. Guus van der Meer), Dave van Delft (74. Delano Kolmus), Desley Bransen, Hidde van der Arend (46. Dinand Kuhn), Romano van der Stoep (79. Sten Jansen), Ismail Afellah

Scheidsrechter: mw. Lizzy van der Helm uit Zoetermeer, assistenten: dhr. Jeremy Tuinenburg uit Spijkenisse en dhr. Mitchel Spaans uit Den Haag

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.