Home Blog Pagina 4

De motor achter de club: klusochtenden bij BRC!

Terwijl de meeste leden van BRC op zaterdagochtend nog rustig op gang komen, is er al een vaste groep vrijwilligers actief op het sportpark. Gewapend met koffie, gereedschap en vooral een flinke dosis inzet, zorgen zij ervoor dat de club er piekfijn bij ligt. Eén van de drijvende krachten achter deze klusochtenden is Ruud de Lang, die samen met anderen de techniek- en onderhoudsploeg vormt.

Ruud de Lang is al jarenlang betrokken bij het reilen en zeilen achter de schermen bij BRC. Samen met een vaste groep vrijwilligers zorgt hij ervoor dat zowel de accommodatie als het terrein in goede staat blijven. “Dat is een breed pakket,” vertelt hij. “Van het functioneel houden van een verouderd clubgebouw tot het onderhouden van velden, materialen en sponsorborden.”

Het ontstaan van de klusochtend

De inmiddels bekende klusochtenden zijn niet zomaar uit de lucht komen vallen. Rond 2015, in een periode waarin de club organisatorisch werd heringericht, ontstond de basis voor deze gezamenlijke aanpak. Vrijwilligers staken toen maandenlang de handen uit de mouwen om het complex op te knappen.

“Vanuit die periode is de klusochtend eigenlijk ontstaan,” legt Ruud uit. “We draaien nu al ruim tien jaar met veel plezier.” Een belangrijke rol hierin speelt André Kroeze, die volgens Ruud mensen weet te enthousiasmeren en te verbinden. “Hij krijgt het voor elkaar om iedereen erbij te betrekken, en dat in positieve zin.”

Strakke organisatie, warme sfeer

Een klusochtend begint al ruim van tevoren met een planning en werkvoorbereiding. De communicatie van Goof Dokman is daarin belangrijk. Via een appgroep worden vrijwilligers opgeroepen en wordt er een lijst met werkzaamheden opgesteld. Tegenwoordig krijgen deelnemers vooraf al te horen welke klus ze oppakken, wat zorgt voor duidelijkheid en efficiëntie.

Op de dag zelf start de ochtend om 7:30 uur met een kop koffie, waarna om 8:00 uur het werk begint. Rond 10:00 uur is er een welverdiende pauze met koffie en vaak een gesponsord saucijzenbroodje. “Dat hoort er echt bij,” zegt Ruud met een glimlach. “Het maakt het niet alleen productief, maar ook gezellig.”

De werkzaamheden zijn divers: van elektrische reparaties en timmerwerk tot het schoonmaken van sponsorborden, het knopen van doelnetten en het onderhouden van het groen. “Iedereen draagt bij met zijn eigen kennis en ervaring.”

Meer dan alleen onderhoud

Volgens Ruud zijn de klusochtenden van onschatbare waarde voor de club. “Het gaat niet alleen om het onderhoud, maar ook om de cultuur die je samen creëert.” Hij benadrukt dat een vereniging draait op vrijwilligers, van bestuur tot trainers en van scheidsrechters tot schoonmakers.

De betrokkenheid binnen BRC is groot en lijkt de laatste jaren zelfs gegroeid, zeker na de fusie. “Je ziet dat mensen zich echt verbonden voelen met de club. Dat merk je niet alleen op de klusochtend, maar ook op andere momenten, zoals de drukbezochte donderdagavonden in de kantine.”

Daar ontstaat een unieke mix van generaties. De zogeheten “half elf club” maakt plaats voor jongere teams die na de training aanschuiven voor een drankje en een bitterbal van Marius Hol. “Dat sociale aspect is minstens zo belangrijk als het werk zelf,” aldus Ruud

Trots en toekomst

Ruud kijkt met trots naar wat er samen bereikt wordt. Niet alleen naar tastbare resultaten zoals een opgeknapte accommodatie of een fris geschilderd clubgebouw, maar vooral naar de inzet van de mensen. “Het is bijzonder hoeveel tijd en energie vrijwilligers erin steken. Dat komt echt van alle kanten.”

Voor twijfelaars heeft hij een duidelijke boodschap: “Gewoon doen. Kijk wat bij je past en help je club. Je wordt vanzelf opgenomen in de groep.” Hij spreekt uit ervaring, want zelf kwam hij van de overkant uit Deil. “Voor je het weet hoor je erbij.”

TEC O23 als springplank: Franck Augustin bouwt aan talent

Bij TEC wordt er niet alleen gekeken naar prestaties op de korte termijn, maar vooral naar ontwikkeling richting het eerste elftal. Onder leiding van trainer Franck Augustin timmert het O23-team nadrukkelijk aan de weg. Met een vierde plek in de derde divisie en meerdere spelers die al de stap naar het eerste maken, groeit het team uit tot een belangrijke schakel binnen de club.

Voor Augustin is het zijn eerste seizoen als trainer van de O23, nadat hij eerder verschillende jeugdteams onder zijn hoede had. De 44-jarige oefenmeester brengt daarmee niet alleen ervaring mee, maar ook een duidelijke visie op opleiden. “Het doel is uiteindelijk altijd hetzelfde: spelers klaarstomen voor het eerste elftal,” vertelt hij.

Dat uitgangspunt is binnen TEC steeds belangrijker geworden. De samenwerking tussen O23 en het eerste elftal is dit seizoen intensiever dan ooit. Met korte lijntjes richting de staf van het eerste elftal, waaronder Eric Meijer en Mo el Makrini, wordt er actief gekeken naar doorstroming. En met succes: inmiddels hebben al drie spelers een jeugdcontract verdiend en zijn er zelfs al debuten gemaakt.

Sportief gezien draait TEC O23 een degelijk seizoen. De huidige vierde plek in de derde divisie geeft een eerlijk beeld, al had er volgens Augustin soms meer ingezeten. “We hebben wedstrijden gespeeld waarin we beter waren, maar geen punten pakten,” legt hij uit.

Daarbij speelt ook mee dat de selectie zelden compleet is. Door het doorschuiven van spelers naar het eerste elftal mist de ploeg regelmatig belangrijke krachten. “Dat hoort erbij,” zegt Augustin nuchter. “Het is uiteindelijk waar we het voor doen, maar het maakt het soms lastig om constant te presteren.”

Opvallend dit seizoen was het verschil tussen de eerste en tweede seizoenshelft. TEC begon in district West, waar vooral Utrechtse ploegen de tegenstand vormden. “Daar zat een andere mentaliteit,” merkt Augustin op. “Misschien iets minder niveau, maar wel brutaler en fysieker. Daar moesten we echt aan wennen.”

In de tweede helft van het seizoen, in district Oost, ligt de nadruk meer op voetbal. Clubs als GVVV en De Treffers werken, net als TEC, gericht aan de ontwikkeling richting hun eerste elftallen. “Dat sluit beter aan bij onze manier van spelen en opleiden,” aldus Augustin.

Die speelwijze is duidelijk herkenbaar. TEC O23 kiest bewust voor aanvallend voetbal, vaak vanuit een 1-4-3-3 of 1-3-4-3 formatie. “We willen dominant zijn op de helft van de tegenstander,” legt Augustin uit. “Met veel beweging, dynamiek en variatie.”

Die aanpak brengt risico’s met zich mee. Door hoog druk te zetten en veel mensen voor de bal te hebben, ligt er ruimte achter de verdediging. “Maar dat hoort bij onze filosofie,” zegt hij. “We willen spelers leren om initiatief te nemen en lef te tonen.”

Een van de meest ingrijpende momenten van het seizoen vond plaats tijdens een uitwedstrijd tegen Faja Lobi. Die wedstrijd liep volledig uit de hand en had grote impact op spelers en staf. Uiteindelijk werd de tegenstander zelfs uit de competitie gehaald.

“Dat was een nare ervaring,” blikt Augustin terug. “Voor iedereen binnen de groep.” Toch heeft het incident ook iets positiefs teweeggebracht. “We zijn dichter naar elkaar toegegroeid. Je merkt dat er sindsdien veel minder onderling gedoe is. De groep staat echt als een eenheid.”

Met een jonge, leergierige groep en een duidelijke visie lijkt TEC O23 klaar voor de volgende stap. De vierde plek is misschien niet het hoogst haalbare, maar zegt niet alles over de ontwikkeling die het team doormaakt.

“Als we compleet zijn, kunnen we met iedereen mee,” stelt Augustin. “Maar belangrijker nog: we leveren spelers af aan het eerste. Dat is waar het uiteindelijk om draait.”

En juist daarin ligt de kracht van dit O23-team. Niet alleen presteren, maar vooral bouwen aan de toekomst van TEC.