Home Blog Pagina 4

Mo Düzgün verlengt bij BRC: ‘Een geweldige positieve groep’

Mo Düzgün blijft ook komend seizoen actief als trainer van BRC uit Beesd. De coach, die dit jaar pas begon aan zijn avontuur bij de vierdeklasser, heeft het zichtbaar naar zijn zin en plakt er zonder veel omhaal een tweede jaar aan vast. “Als beide partijen tevreden zijn, dan is het gesprek ook zo klaar,” zegt hij nuchter. Die tevredenheid zit ’m niet alleen in de resultaten, maar vooral in het gevoel dat hij bij BRC aantrof: een warme club, een leergierige spelersgroep en een omgeving waarin zijn manier van werken wordt omarmd.

Düzgün is bepaald geen trainer die alleen op zaterdagmiddag leeft. Integendeel. Zijn week bestaat uit een combinatie van rollen die elkaar voortdurend raken. Hij is hoofdtrainer bij BRC, actief als scheidsrechter, werkzaam voor de KNVB én fulltime leerkracht. “Het valt allemaal wel mee hoor,” relativeert hij. Toch verraadt zijn opsomming een brede betrokkenheid bij het voetbal, vooral aan de beleidsmatige kant. Voor de KNVB is hij actief als verenigingsadviseur in regio 9 en 10, waar hij samen met collega’s honderden clubs ondersteunt. Van beleidsplannen en kaderontwikkeling tot het organiseren van themabijeenkomsten: Düzgün helpt verenigingen duurzamer en toekomstbestendiger te worden.

Op het trainingsveld vertaalt die achtergrond zich in een duidelijke visie. Düzgün begon al jong als trainer, noodgedwongen eerder dan gepland. Blessures – twee keer kruisband, enkelbandproblemen, acht knieoperaties en zelfs een schouder – dwongen hem rond zijn 29e definitief te stoppen als speler. Het trainersvak bood een nieuw perspectief. “Vanaf mijn zeventiende liep ik al als jeugdtrainer rond, op mijn 21e was ik speler-trainer. Zo is het balletje gaan rollen.” Sinds 2009 is hij onafgebroken actief als trainer, met inmiddels de nodige diploma’s op zak.

Bij BRC begon het seizoen allesbehalve soepel. De start was stroef, punten bleven uit en de ranglijst zag er in de eerste weken niet florissant uit. Toch voelde Düzgün nooit dat het zou gaan wringen. “Ook toen het minder ging, heb ik geen moment het gevoel gehad dat het niet lekker zat tussen mij en de groep.” Dat vertrouwen bleek terecht. Vanaf week vijf begon het te lopen, volgden de punten en inmiddels won BRC de laatste vier wedstrijden op rij. De ploeg staat nu zesde en kijkt voorzichtig omhoog.

Wat Düzgün aantrof in Beesd, beviel hem vanaf dag één. “Een hartstikke leuke spelersgroep, echt in de breedste betekenis van het woord. Positieve jongens, die openstaan voor mijn ideeën en mijn manier van werken.” Ook buiten het veld voelde het als een warm bad. Een grote technische commissie met ambitie, goede faciliteiten – inclusief kunstgras – en een betrokken teamleider die alles doet voor de groep. “Op dit niveau hebben we het echt luxe voor elkaar.”

Zijn trainersstijl laat zich het best omschrijven als open en communicatief. Düzgün gelooft sterk in gedeeld eigenaarschap. “Het proces is van iedereen. De spelersgroep en de complete staf zijn mede-eigenaar.” Hij stelt zich bewust kwetsbaar op, zoekt het gesprek en staat open voor kritiek. “Ik heb liever te veel gecommuniceerd dan te weinig.” Dat hij ook scheidsrechter is, helpt hem langs de lijn rustig te blijven. “Natuurlijk brul ik wel eens, maar intimideren of schreeuwen naar officials past niet bij mij.”

De keuze om te verlengen kwam dan ook niet uit de lucht vallen. Sterker nog: het zaadje werd al jaren geleden geplant. Toen Düzgün met zijn vorige club kampioen werd en tegen BRC speelde, werd hij door de Beesdenaren ‘helemaal kapot gespeeld’. “Toen dacht ik al: dit is een leuke spelersgroep. Een collectief dat echt als één geheel kan opereren.” Via oud-trainers en bekenden hoorde hij vervolgens alleen maar positieve verhalen. Toen de kans zich voordeed, viel alles op zijn plek.

Met het oog op de rest van het seizoen ziet Düzgün nog genoeg rek. Het gat naar de derde plek is te overzien, maar hij blijft realistisch. “De voorwaarde is dat we redelijk compleet blijven.” Blessures zorgden eerder voor veel geschuif en disbalans. Nu de selectie vrijwel volledig is, groeit de concurrentie en daarmee het niveau. “Als je op dit niveau een complete groep hebt, kom je een heel eind.”

Klik op BRC voor meer informatie over de club.                                                                Klik op BRC voor meer artikelen over de club.

Hans van Weerden de gangmaker bij Wadenoijen 45+

SV Wadenoijen staat bekend als een club waar voetbal en gezelligheid hand in hand gaan. Sinds enkele jaren is daar een nieuw hoofdstuk aan toegevoegd: een 45+ team, bedoeld voor mannen die het fanatisme van de zaterdag of zondag hebben ingeruild voor bewegen, plezier en sociale binding. Eén van de drijvende krachten achter die groep is Hans van Weerden (64), al decennialang een bekend gezicht op het sportpark. Zijn verhaal typeert niet alleen het 45+ team, maar eigenlijk de hele club.

Van Weerden is al ruim veertig jaar verbonden aan Wadenoijen. “Ik ben hier zo’n 42, 43 jaar geleden terechtgekomen,” vertelt hij. Daarvoor voetbalde hij elders, maar toen dat team ophield te bestaan en oud-collega’s van de glasfabriek De Maas hem overhaalden, was de stap snel gezet. Zoals bij veel voetballers bleef het spel trekken, ook al stopte hij tussendoor een paar keer. “Voetbal is een soort verslaving. Je komt er toch altijd weer bij terug.”

Dat gold ook nadat hij zelf moest afhaken als speler. Enkelproblemen maakten verder voetballen lastig, maar Van Weerden bleef actief voor de club. Hij vlagde, hielp als leider en nam zelfs jarenlang het wassen van de tenues op zich. “Van mijn vijftigste tot mijn zestigste heb ik dat gedaan. Als de leider er niet was, stond ik er ook.” Het typeert zijn betrokkenheid bij Wadenoijen: niet op de voorgrond, maar altijd bereid iets te doen.

Een jaar of vier, vijf geleden ontstond het 45+ team. Voor Van Weerden was dat het perfecte moment om weer voorzichtig een balletje te trappen. “Ik dacht: dat is wel wat voor mij. Gewoon weer een beetje bezig zijn.” Het team bestaat uit een bonte mix van oud-voetballers en mannen die nooit eerder op het veld stonden. “Er zitten een paar oude teamgenoten bij, maar ook jongens die nog nooit gevoetbald hebben.” Dat verschil in achtergrond is juist de kracht van de groep.

De trainingen zijn laagdrempelig en overzichtelijk. Woensdagavond is vaste prik. “We trainen van acht tot negen. Twee keer heen en weer rennen en daarna een partijtje.” Soms zijn ze met zes man, soms met twaalf. Het maakt weinig uit. Op vrijdagavond wordt er ook gespeeld, in toernooivorm. De resultaten zijn zelden indrukwekkend. “We winnen haast nooit wat,” lacht Van Weerden. “Die andere teams bestaan vaak uit oud-eerste elftalspelers die al dertig jaar samen spelen. Wij zijn meer bij elkaar geraapt.”

Toch ligt de focus nergens minder dan op winnen. Het sociale aspect voert de boventoon. “Na afloop drinken we twee of drie biertjes. Laatst was er Champions League, dan kijken we samen voetbal.” Van Weerden noemt zichzelf de oudste van de groep, maar ook een beetje de gangmaker. Plezier maken hoort erbij, op en naast het veld. “Dat is het allerbelangrijkste.”

Die sfeer past naadloos bij Wadenoijen als club, vindt hij. “Zeven jaar geleden hebben we met 69 vrijwilligers de hele kantine gebouwd. Helemaal gestript en opnieuw opgebouwd.” Waar andere clubs moeite hebben om tien man op de been te krijgen, draait Wadenoijen volgens Van Weerden op saamhorigheid. “Het is knus, gemoedelijk en altijd gezellig.”

Zelf staat hij tegenwoordig vaak in het doel. “Dan komen er twee of drie man op me af en heb ik de bal. Dan lach ik ze uit,” zegt hij met een glimlach. Meekomen lukt nog prima, al kost het opstarten wat meer tijd. “Ik ben een diesel. Na een half uur ben ik pas warm.” Zolang zijn lichaam het toelaat, denkt hij niet aan stoppen. “Als het aan mij ligt, ga ik nog wel even door.”

Jasper Wennekes blikt terug op historisch kampioenschap met BZS

BZS uit Beusichem kroonde zich na dertig jaar eindelijk weer tot kampioen. Voor het eerst in drie decennia mocht de club de handen in de lucht steken en het kampioenschap vieren. Jasper Wennekes was erbij, en beleefde het hoogtepunt van dichtbij. “Het was een prachtig moment,” vertelt hij. “We werden na een mooi seizoen beloond voor ons harde werk. Het kampioenschap stond begin van het seizoen al als doelstelling vast, dus het was extra heerlijk dat we de titel uiteindelijk ook pakten.”

BZS fier naar eerste titel in 30 jaar

Het seizoen van BZS was er één om door een ringetje te halen. De ploeg bleef ongeslagen en liet zien hoe stabiel en moeilijk te verslaan ze waren. Volgens Wennekes lag dat aan de samenstelling van het team. “Ons team was erg gebalanceerd,” legt hij uit. “We hadden een makkelijk scorende voorhoede met Gill van Beurden en Niek van Ewijk, een creatief middenveld met Cas Uijt de Haag, en een stabiele verdediging met ervaren krachten als Tom van de Neut en John Verweij. Dit gaf ook de trainers veel houvast bij het opstellen en begeleiden van het team.”

Die technische staf bleek goud waard. Hun aanpak combineerde serieus werken met humor en plezier, zowel binnen als buiten het veld. “De staf paste perfect bij ons team,” zegt Wennekes. “Er was een goede balans tussen hard werken en plezier maken. Dat zorgde voor een top sfeer, die zeker heeft bijgedragen aan ons succes.”

Wennekes benoemd tot aanvoerder

Na het kampioenschap kreeg Wennekes zelf een nieuwe uitdaging: aanvoerder van het eerste elftal worden. “Ik ben trots dat ik aanvoerder mag zijn van de club waar ik ben begonnen met het leukste spelletje dat er is,” vertelt hij. “Het is fijn om die extra verantwoordelijkheid te dragen en om jonge spelers te helpen zich te ontwikkelen en beter te worden.” Zijn rol als aanvoerder gaat verder dan alleen leiding geven op het veld; hij wil ook de sfeer binnen het team bewaken en ervoor zorgen dat iedereen zich betrokken voelt.

Zelf heeft Wennekes ook stappen gezet in zijn persoonlijke ontwikkeling. “Ik ben sterker geworden in het coachen en het communiceren op het veld,” zegt hij. “We merken dat zodra we goed communiceren, de organisatie op het veld het beste staat. Ook ben ik rustiger geworden. Vroeger had ik een kort lontje, maar dat lontje is inmiddels langer geworden. Dat helpt om kalm te blijven, ook in moeilijke situaties.”

‘Promotie had misschien eerder gemoeten’

Het kampioenschap en de promotie naar de vierde klasse hebben bovendien impact gehad op de club als geheel. “Het kampioenschap zelf was geweldig, maar de promotie naar de vierde klasse had misschien al eerder moeten komen,” aldus Wennekes. “BZS is een club die graag voetbalt met jonge spelers en een goede aansluiting van jeugdspelers naar het eerste elftal wil waarborgen. We horen niet thuis in de vijfde klasse.”

Voor het komende seizoen ligt er een nieuwe uitdaging voor Wennekes en zijn team. De vierde klasse belooft zwaarder te zijn, mede omdat de selectie niet zo breed is als vorig seizoen. Wennekes ziet zijn rol als aanvoerder dan ook breed: “Ik wil zowel prater als leider zijn. Samen met het team en de staf willen we ervoor zorgen dat we in de vierde klasse blijven. Ik wil dat de sfeer goed blijft, zowel op als buiten het veld. En ook bij nederlagen is het belangrijk dat we positief blijven en doorpakken naar de volgende horde.”

Met het kampioenschap van afgelopen jaar en zijn nieuwe rol als aanvoerder begint voor Jasper Wennekes en BZS een nieuw hoofdstuk. Het is een periode waarin leiderschap, plezier en doorzettingsvermogen samenkomen, en waarin de club laat zien dat ze klaar is voor hogere uitdagingen. Voor Beusichem en de spelers van BZS betekent dit dat het mooie moment van het kampioenschap niet alleen een herinnering blijft, maar ook het begin vormt van een ambitieus vervolg in de vierde klasse.

Gilberto Smit vertrekt via voordeur bij MVV’58

Gilberto Smit staat aan de vooravond van een bijzonder afscheid. De 49-jarige trainer is bezig aan zijn eerste én laatste seizoen als hoofdtrainer van MVV’58 uit Meteren. Niet omdat het tegenvalt, integendeel. Smit voelt zich thuis bij de club, maar kiest komende zomer toch voor een terugkeer naar GVV’63, de vereniging waar alles voor hem begon. “Soms komt er een kans voorbij waarvan je niet weet of die ooit nog terugkomt.”

Smit rolde niet via een uitgestippeld carrièreplan het trainersvak in. Zoals bij zovelen begon het langs de lijn. “Ik was zelf voetballer en toen we kinderen kregen, raakten zij ook besmet met het voetbalvirus,” vertelt hij. Eerst als ouder die meekijkt, later als trainer van jeugdteams. Toen hij op 37-jarige leeftijd stopte met voetballen, kwam het besefmoment. “Mijn vrienden gingen in lagere elftallen spelen, maar daar was ik nog te fanatiek voor. Toen ben ik een tweede elftal gaan trainen en eigenlijk is het balletje zo gaan rollen.”

Smit zeer ervaren

Via clubs als NIVO-Sparta, ASH en Vuren bouwde Smit langzaam maar zeker ervaring op. Bij GVV’63, zijn thuisclub in Gameren, was hij jarenlang actief als jeugdtrainer, trainer van het tweede en assistent bij het eerste. “Op een gegeven moment dacht ik: als ik hier echt iets mee wil, moet ik mijn diploma’s gaan halen.” Dat deed hij, met MVV’58 als voorlopig laatste halte in die route.

De kennismaking met MVV’58 kwam niet uit de lucht vallen. “Ik was al eens eerder op gesprek geweest, maar toen vonden we elkaar nog niet,” zegt Smit. Toen bekend werd dat hoofdtrainer Frans van Wijk zou vertrekken, werd opnieuw contact gelegd. “Dat eerdere gesprek voelde al goed en nu klopte het plaatje wel.” De ambitie van de club en de grote jeugdafdeling spraken hem aan. “MVV is een vereniging met veel potentie.”

Smit geniet van MVV’58

Wat hij aantrof in Meteren beviel hem. “Een grote, gezellige club met een goede accommodatie en veel betrokken mensen.” De kantine mag dan wat verouderd zijn, Smit ziet daar juist charme in. “Niet alles hoeft een modern voetbalpaleis te zijn. Een beetje nostalgie hoort ook bij voetbal.” De spelersgroep noemt hij uitgebalanceerd. “Jong, midden en wat ouder door elkaar. En de lijnen met het tweede en de JO19 zijn kort, dat werkt prettig.”

Als trainer staat Smit bekend als rustig en analyserend. Geen schreeuwer langs de lijn, maar iemand die observeert en bijstuurt. “Ik probeer te kijken of datgene wat we afspreken ook terugkomt op het veld.” Daarbij draait het niet alleen om tactiek. “De mensenkant is minstens zo belangrijk. Je werkt met amateurs, die komen hier voor hun plezier.”

Smit kreeg mooie kans voorgeschoteld

Dat maakt zijn besluit om na één seizoen te vertrekken extra beladen. “Dit is absoluut geen vlucht,” benadrukt hij. “Mijn intentie was om hier meerdere jaren te blijven.” Toch diende zich een kans aan die hij niet kon laten lopen: een terugkeer naar GVV’63. “Dat is de club waar ik ben opgegroeid, waar ik zelf heb gevoetbald en waar nog vele bekenden (in welke rol dan ook) aanwezig zijn. Als zo’n mogelijkheid voorbij komt, moet je jezelf afvragen: pak ik ’m nu, of is het straks te laat?”

Bij GVV’63 wordt Smit niet alleen trainer van het eerste elftal, maar ook coach van zijn eigen kinderen. Iets waar hij naar uitkijkt, al is hij zich bewust van de valkuilen. “Misschien ben je juist extra kritisch. Daar moet ik voor waken.” Zijn ervaring helpt daarbij. “Ik heb inmiddels genoeg meegemaakt om te weten hoe je met zulke situaties omgaat.”

Wat laat Smit achter?

Wat hij achterlaat in Meteren? Smit hoopt vooral op herkenning. “Dat mensen zeggen: we hebben gevarieerd getraind, met een duidelijke visie. En dat het gewoon prettig samenwerken was.” Zelf zal hij MVV’58 zeker blijven volgen. “Wie weet kom ik hier nog eens terug, al is het maar als tegenstander. Dit is een club die vooruit kan.”

Voor nu ligt de focus op het afmaken van zijn seizoen. Met respect, in goed overleg en zonder ruis. “Zo hoort het ook,” besluit Smit. “Voetbal draait om mensen. En daar begint en eindigt het voor mij.”

Klik op MVV’58 voor de laatste artikelen over de club
Klik op MVV’58 voor meer informatie over de club

Johan Verweij: de stille kracht achter TEC

In Tiel kennen ze hem allemaal, al zal hij zelden de spotlights opzoeken. Johan Verweij is een echte clubman, iemand die zijn hart volledig verpand heeft aan TEC. Van voorzitter tot bestuurslid commerciële zaken: Johan heeft de club door de jaren heen mee vormgegeven, altijd op de achtergrond, altijd gedreven door liefde voor het voetbal en de identiteit van de vereniging.

Zijn betrokkenheid bij TEC begon al bij zijn geboorte. “Mijn vader maakte mij lid, nog voordat ik kon lopen,” vertelt Johan met een glimlach. Voetbal zat er dus van jongs af aan in. Na een korte periode bij een andere club keerde hij uiteindelijk terug naar TEC, waar hij jarenlang actief was als speler en later als trainer. Toen zijn zoon ging voetballen, zette Johan zijn ervaring in als leider-trainer, maar de echte impact maakte hij achter de schermen.

Ruim tien jaar geleden begon Johan zich actief te richten op het commerciële aspect van de club. Hij haalde sponsors binnen, richtte een businessclub op en legde de basis voor een financieel gezond TEC. “We moesten zorgen dat er meer geld binnenkwam dan eruit ging,” zegt hij. Dankzij zijn netwerk konden grotere investeringen in het sportpark gerealiseerd worden: ledverlichting, een nieuw scorebord en uiteindelijk plannen voor een compleet vernieuwd clubhuis en velden. “Dat soort dingen kun je als kleine club gewoon niet zelf dragen.”

Zijn betrokkenheid kent weinig grenzen. Toen de toenmalige voorzitter en penningmeester stopten, nam Johan tijdelijk het stokje over. Uiteindelijk besloot hij het voorzitterschap over te dragen aan Bas, om zich te concentreren op wat hij het liefste doet: de club sturen en ontwikkelen. “Ik wilde op de achtergrond alles helpen regelen,” legt hij uit. En dat doet hij, tot in de kleinste details. Van sponsorwerving tot de uitbouw van de jeugdopleiding: Johan zit er bovenop.

Onder zijn leiding werd TEC niet alleen financieel stabieler, maar ook een opleidingsclub met ambitie. “Ruim 40 jongens die ooit bij TEC onder de 23 speelden, voetballen nu op hoger niveau, sommigen zelfs in het buitenland,” zegt hij trots. Maar Johan benadrukt dat het niet alleen om prestaties gaat. TEC moet een club blijven waar iedereen zich thuis voelt, waar vrijwilligers het hart vormen van de vereniging en waar lokaal talent kan groeien.

Die visie sluit aan bij zijn zorg voor de identiteit van de club. Johan ziet hoe veel jongere leden tegenwoordig minder binding hebben met verenigingen. “Vroeger speelde je bij TEC omdat je van TEC was. Nu kiest iedereen het elftal dat op dat moment het beste presteert,” zegt hij. Toch werkt hij aan een stabiele toekomst: een nieuw sportpark, moderne faciliteiten en een doorlopende jeugdopleiding. Alles om TEC gezond en zelfstandig te houden, ook als de oudere generatie vrijwilligers langzaam afhaakt.

Voor Johan is het vrijwilligerswerk een tweede natuur. “We hebben 250 actieve leden, maar 70 vrijwilligers die de club draaiende houden,” zegt hij. Zonder hen zou het onmogelijk zijn. Tegelijk beseft hij dat de toekomst van TEC afhangt van de volgende generatie: jonge ouders en lokale talenten die niet alleen spelen, maar ook bijdragen aan de vereniging.

Ondanks alle jaren en verantwoordelijkheden blijft Johan bescheiden. Hij wil geen eretitel, geen publiek eerbetoon. Zijn voldoening haalt hij uit het feit dat TEC floreert, dat de jeugd kansen krijgt, dat de club zijn identiteit bewaart. “Ik vind het veel leuker dat we een complex neerzetten waar de club in de toekomst op kan bouwen,” zegt hij.

Bij DSS’14 groeit de toekomst stap voor stap: ‘Spelplezier staat hier altijd voorop’

Wie op een trainingsavond rondloopt bij DSS’14 ziet precies waar de kracht van de dorpsclub uit Varik, Heesselt en Opijnen ligt. Veel lachende gezichten, trainers die op vrijwillige basis hun avonden opofferen en kinderen die vooral plezier maken met de bal. Achter de schermen wordt er ondertussen hard gewerkt om die basis ook voor de toekomst stevig neer te zetten.

DSS’14 is een club die ontstaan is uit samenwerking en daar nog altijd op drijft. “Door Samenwerking Sterk is niet voor niets onze naam,” zegt Jos Akkermans, die samen met Jeroen van Santen en Pascal Schimmel sinds afgelopen zomer actief is binnen de technische commissie. “Dit zijn kleine dorpen, maar samen vormen we één club. En die betrokkenheid voel je overal.”

Die betrokkenheid was ook de reden dat er werd gekeken naar een iets structurelere aanpak op technisch vlak. Niet vanuit ambitie om groter te worden dan de club aankan, maar juist om alles wat er al is beter te organiseren. “De afgelopen jaren werd er keihard gewerkt door mensen binnen het bestuur,” legt Akkermans uit. “Alleen was het vaak iets wat ‘erbij’ kwam. Dan merk je dat het op een gegeven moment te veel wordt.”

Een van de eerste zichtbare resultaten daarvan is te vinden bij de jeugd. DSS’14 slaagde er dit seizoen in om weer een eigen JO13 op de been te brengen én een zelfstandig meidenteam te starten. Geen vanzelfsprekendheid voor een club van deze omvang. “Voor grote verenigingen zijn dat misschien normale dingen, maar voor ons is dat echt iets om trots op te zijn,” aldus Akkermans. “Die JO13 speelt nu weer op een heel veld en dat voelt echt als investeren in de toekomst.”

Het meidenteam zorgt bovendien voor nieuwe dynamiek binnen de club. “Je merkt dat het enthousiasme losmaakt,” vertelt Akkermans. “Niet alleen bij die meiden zelf, maar ook bij anderen. Meiden zien dat het kan en dat werkt aanstekelijk.” Dat het team wordt begeleid door onder meer speelsters uit Dames 1 en de Dames 30+, versterkt dat gevoel alleen maar. “Dat zijn rolmodellen, en dat is heel waardevol.”

Belangrijker nog dan teams en indelingen is de sfeer binnen DSS’14. Die wordt door Akkermans omschreven als typisch dorps, maar met een open karakter. “Vrijwilligers zijn overal lastig te vinden, dat geldt hier ook. Maar ze zijn er wél. Mensen voelen zich echt verbonden met de club.” Spelplezier staat daarbij centraal. “Dat is wat wij het allerbelangrijkste vinden. Plezier eerst, en van daaruit proberen we iedereen zo goed mogelijk te laten voetballen.”

Op korte termijn ligt de focus op stabiliteit, zowel bij de jeugd als bij de senioren. Op de iets langere termijn wil DSS’14 voorzichtig werken aan meer eenheid in de opleiding. “Niet om alles vast te timmeren,” benadrukt Akkermans, “maar om een herkenbare lijn te creëren die past bij wie we zijn als club.”

Aanvoerder Delano Makantanis dik tevreden bij DSS’14

Ook vanuit de spelersgroep wordt dat beeld herkend. Aanvoerder Delano Makantanis is al jaren een vaste waarde binnen DSS’14 en ziet van dichtbij wat de club typeert. “DSS is gewoon een warme dorpsvereniging,” zegt hij. “Ik voetbal hier al vanaf het begin en speel inmiddels zo’n vijftien jaar in het eerste elftal. De sfeer is eigenlijk altijd goed geweest, ook in periodes waarin het sportief minder liep.”

Die verbondenheid bleek volgens Makantanis ook na de recente degradatie. Resultaten bleven uit, maar de betrokkenheid verdween geen moment. “Na die degradatie hebben we nauwelijks nog punten gepakt, maar als je dan ziet hoe druk het nog steeds is op donderdagavond en op zaterdag, zegt dat alles. Ik denk niet dat veel verenigingen dat ons nadoen.”

Voor de aanvoerder zit de kracht van DSS’14 vooral in alles wat zich buiten de lijnen afspeelt. “De energie die sponsors en vrijwilligers in de club steken, dwingt echt respect af,” benadrukt hij. “Dat maakt DSS tot een vereniging waar je graag onderdeel van bent. Ik loop hier nog altijd met ontzettend veel plezier rond, en dat zegt denk ik genoeg.”

Klik op DSS’14 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DSS’14 voor meer informatie over de club.

Mariska Verweij zet zich in voor vrouwenvoetbal bij MVV’58

Mariska Verweij gaat een nieuwe stap zetten binnen MVV’58. Samen met Wendy van Kuilenburg zal ze toetreden tot het bestuur van de club, waar ze zich in eerste instantie bezighoudt met de ledenadministratie. Maar daar blijft het niet bij. Verweij wil vooral iets betekenen voor het vrouwenvoetbal bij de club, een onderwerp dat volgens haar vaak een beetje een ‘vergeten kindje’ is binnen veel verenigingen.

“Ik zei tegen Wendy: eigenlijk wil ik wel een bestuur om iets meer te betekenen voor het damesvoetbal,” vertelt Verweij. “Daar blijft er bij elke vereniging wel een beetje een vergeten kindje. Dus toen dacht ik, weet je wat, als ik daarin iets meer kan betekenen, doe ik dat graag.”

De weg naar het bestuur begon afgelopen zomer, tijdens een toernooitje waar beide dames aanwezig waren. Wendy was eerder al benaderd voor een bestuursfunctie, en via haar kwamen de gesprekken op gang. Het klikte meteen. “Het is ook leuk dat er twee wat jongere leden bijkomen,” zegt Verweij, met een knipoog naar hun rol als frisse krachten binnen een bestuur dat grotendeels uit mannen bestaat. “We zijn ook niet meer de jongste, maar ook zeker niet heel oud.”

Voor Verweij is het duidelijk dat vrouwen in het voetbal vaak minder zichtbaar zijn dan mannen. Ze zit zelf bij Dames 1 en speelt daarnaast bij een 30-plussenteam. “Je merkt overal dat je soms echt moet smeken om een trainingspak of andere faciliteiten,” zegt ze. Gelukkig zijn er bij MVV’58 goede trainers en leiders die het vrouwelijke voetbal een warm hart toedragen, maar Verweij wil dat dit verder wordt uitgebreid. “Voetbal voor meisjes wordt gewoon vaak minder serieus genomen dan mannenvoetbal. Daar wil ik verandering in brengen.”

De plannen van Verweij zijn concreet. Ze wil niet alleen zorgen dat het damesvoetbal beter georganiseerd wordt, maar ook dat het sociale aspect aandacht krijgt. “Meer meidentoernooitjes, leuke activiteiten, dat soort dingen. Toen ik bij MVV begon, hadden we echt leuke toernooien. Die zakten later wat af door enthousiasme en andere omstandigheden, maar wij gaan nu met Dames 1 en 2 echt leuke dingen opzetten. In januari gaan we bijvoorbeeld naar Portugal voor een toernooi.”

Verweij zelf is al ruim 17 jaar actief bij MVV’58. Daarvoor voetbalde ze bij Tricht, maar vond ze het bij MVV’58 gezelliger en sportiever uitdagender. Die jarenlange ervaring ziet ze als een voordeel in haar nieuwe rol. “Ik weet hoe het er op het veld aan toegaat, maar ook hoe belangrijk het is dat er achter de schermen iets gebeurt. Dat helpt mij nu bij het bestuur.”

De aanwezigheid van vrouwen in het bestuur ziet Verweij ook als een belangrijke meerwaarde voor de club. “Het is goed voor de balans,” zegt ze. “Mannen en vrouwen kijken anders naar zaken, nemen andere perspectieven mee. Als je dat samenvoegt, ontstaat er een andere dynamiek, en dat is goed voor MVV’58.”

Over de club zelf is Verweij enthousiast. Ze omschrijft MVV’58 als een gezellige vereniging met veel activiteiten buiten het voetbal. Van darttoernooien tot andere sociale evenementen: er gebeurt weer van alles binnen de club, en dat wil ze graag verder stimuleren.

Met haar toetreding tot het bestuur hoopt Mariska Verweij niet alleen het vrouwenvoetbal een betere plek te geven, maar ook bij te dragen aan een club waar iedereen, man of vrouw, zich welkom voelt en waarin plezier en prestatie hand in hand gaan. “Het is leuk om iets te betekenen en echt een verschil te maken. Dat is mijn motivatie,” besluit ze.

Klik op MVV’58 voor de laatste artikelen over de club
Klik op MVV’58 voor meer informatie over de club

BRC focust zich na succesvolle fusie op nieuw complex

Drie jaar na de officiële fusie tussen Beesd en Rhelico staat BRC er beter voor dan ooit. De voetbalvereniging uit de Lingedorpen heeft de soms pijnlijke beginfase inmiddels ver achter zich gelaten en kijkt vooral vooruit. Met een stabiele organisatie, groeiende jeugdafdeling en een hechte clubcultuur ligt de focus nu op wat binnen de club wordt gezien als de ultieme bekroning: een nieuw sportcomplex.

Jeffrey van Oostrum was nauw betrokken bij het fusieproces en spreekt met trots over waar BRC nu staat. “De fusie is eigenlijk klaar. Het is gelukt, het werkt en het voelt als één vereniging. Dat is het belangrijkste. Nu willen we doorpakken.”

Een belangrijk uitgangspunt bij de fusie was de locatie. Uiteindelijk werd gekozen voor het terrein in Beesd, na een uitgebreid haalbaarheidsonderzoek. “Dat had te maken met ligging, veiligheid, uitbreidingsmogelijkheden en verkeer. Beesd ligt veiliger in de kern en biedt simpelweg meer perspectief voor de toekomst.”

Met een geslaagde fusie van drie jaar en nu is BRC druk aan het werken aan de kroon op het werk, door het realiseren van een nieuwe kantine en kleedkamers. De oude accommodatie van beide clubs zijn afgeschreven en voor het einde van het jaar zal de locatie Boutenstein teruggeven worden aan de gemeente. “Onze focus ligt nu maximaal op de realisatie van het plan voor al onze leden. De bouwcommissie is druk met het uitwerken van deze plannen, we bekijken andere clubs en hun aanpak, rekenen aan de benodigde capaciteit voor kleedkamers en natuurlijk vraagt de financiële kant van een dergelijk project ook de nodige aandacht. Alles moet tenslotte verantwoord blijven en ook voor de volgende generatie haalbaar zijn.”

Inmiddels is de integratie binnen BRC volledig voltooid. Bestuur, commissies, trainers en vrijwilligers komen uit alle dorpen en werken naadloos samen. “Zelfs oud-bestuursleden en voormalige voorzitters van beide clubs zitten nu samen in het bestuur. Dat had niemand vooraf kunnen bedenken, maar het werkt fantastisch.”

Ook op sportief vlak zijn de voordelen zichtbaar, met name bij de jeugd. “We kunnen teams beter indelen op leeftijd en niveau. Dat zorgt voor meer plezier en betere ontwikkeling. Het gaat ons niet om doorselecteren of presteren tegen elke prijs, maar om een club waar iedereen zich thuis voelt.”

Met ruim achthonderd leden – waarvan een groot deel spelend – is BRC inmiddels een stevige vereniging met een duidelijke sociale identiteit. “Het is een hele toegankelijke club. Gezellig, sociaal en van alle leeftijden. Van jeugd en vrouwen tot walking football en 45+.”

Toch is het project BRC nog niet af. De absolute prioriteit ligt nu bij nieuwbouw.  Beide accommodaties zijn afgeschreven en passen niet meer bij de ambities van de club. “De fusie heeft het mogelijk gemaakt om groter te denken. Financieel, organisatorisch en qua volume.”

De plannen zijn vergevorderd. Er liggen schetsen en tekeningen en momenteel bevindt BRC zich in de calculatiefase. “Wat gaat het kosten? Wat kunnen we zelf dragen? En waar hebben we nog steun nodig? Dat zijn nu de belangrijkste vragen.”

De ambitie is duidelijk: begin volgend jaar het startschot geven voor de bouw van een nieuw complex. “Dat zou echt de kroon op het werk zijn. Dan hebben we alles gedaan: samensmelting, organisatie op orde en een toekomstbestendig thuis voor de club.”

Van Oostrum kijkt met vertrouwen vooruit. “De fusie is geslaagd, daar hoeven we niet meer over te discussiëren. Nu bouwen we letterlijk en figuurlijk verder aan BRC. En dat voelt heel goed.”

Klik op BRC voor meer informatie over de club.                                                                Klik op BRC voor meer artikelen over de club.

Ralph van Gent en Scharendijke is prima combinatie

SCHARENDIJKE – Al acht jaar is Ralph van Gent inmiddels speler van ZSC’62 uit Scharendijke. In het verleden draaide voetbal bij hem om het resultaat maar sinds zijn verhuizing van Fijnaart naar Zeeland heeft hij als voetballer zijn prioriteiten wel verlegd. Plezier is nu het voornaamste en dat heeft hij na al die jaren nog altijd volop.

De verhuizing naar Zeeland was destijds omdat hij bij een horecazaak in Renesse ging werken. Via-via kwam hij toen in contact met ZSC’62, ging er meetrainen en besloot er lid te worden. Sindsdien was de oud-speler van De Fendert altijd basiskracht wanneer hij beschikbaar was. “Direct vanaf het begin voelde ik me er welkom en paste ik prima in de groep. Na al die jaren heeft de selectie wel een flinke metamorfose ondergaan want alleen Michiel Schipper is nog overgebleven van toen. Veel spelen in een lager elftal op de club, iets wat ik me uiteindelijk ook zie doen. Maar voor nu wil ik vooral proberen om met de ploeg het maximale eruit te halen.”

En tot nu toen draait de vijfdeklasser vrij behoorlijk. Waar het de afgelopen jaren sportief niet altijd overhield, daar haakt ZSC’62 aardig aan in de linkerrij. “We zijn dit seizoen kwalitatief aardig versterkt en dat komt het voetbal, de concurrentie en ook de intensiteit op trainingen absoluut ten goede. En dan is het logisch dat het ook in de wedstrijden nu de goede kant opvalt. Daarbij zijn we thuis een lastig te bespelen ploeg en daar hebben veel tegenstanders het lastig mee.”

Van Gent is met zijn eenendertig jaar wel een van de routiniers in het elftal en stuurt van achteruit de manschappen aan in het veld. “Ooit ben ik begonnen als rechtsback en speel nu voornamelijk centraal achterin of controlerend op het middenveld. Ik heb veel posities wel gehad, maar deze zijn toch wel de plekken die het beste bij mijn kwaliteiten passen.”

De Brabander werkt overigens niet meer in de horeca maar heeft een flinke switch gemaakt. “Ik werk nu bij SAMAN als servicemonteur van warmtepompen en Cv-ketels, maar het leven in Scharendijke bevalt mij en mijn vrouw dusdanig dat we er een huis hebben gekocht. De gemeenschap is hecht en gemoedelijk. Een omgeving waar we ons thuis voelen, net zoals ik me op mijn plek voel bij ZSC’62. Ik kan nu heerlijk op het fietsje naar de club voor trainingen en wedstrijden, echt ideaal.”

En dat zal hij voorlopig nog wel wat jaren blijven doen als het aan hem ligt. “Absoluut. Nu wil ik in het eerste proberen om nog wat mooie resultaten te boeken. Als we leuk voetbal en plezier kunnen koppelen met elkaar dit seizoen dan ben ik meer dan tevreden. Iedereen wil er voor gaan en dat is een mooie doelstelling. Wat er na het seizoen volgt zie ik wel. In het eerste of anders lekker in een lager team met vrienden. Sowieso bij ZSC’62 want daar voel ik me inmiddels echt thuis.”

Plezier en ontspanning allerbelangrijkste voor Jacco Dieleman

BORSSELE – Op vraag van zijn toenmalige collega Adriaan van Moolenhoek begonnen Jacco Dieleman en een aantal vrienden aan een ‘voetbalavontuur’ bij v.v. Borssele. Ze reden wekelijks vanuit Terneuzen door de tunnel naar de ‘overkant’ om er te trainen en voetballen. En dat doet Dieleman nog steeds, al is er wel een en ander veranderd.

 

“Dat is zeker zo want ik woon inmiddels al een jaartje of zeven in Middelburg met vrouw en twee kinderen. Ook het trainen en wedstrijden spelen doe ik niet meer wekelijks, mede ook omdat ik geregeld in het weekend andere dingen te doen heb. Want je tijd kan je helaas maar één keer indelen.”

 

De 33-jarige Dieleman is sinds hij op zijn achttiende bij Borssele begon tussendoor ook nog een aantal keer gestopt, maar toch telkens weer opnieuw begonnen. “Voor ik bij Borssele ging spelen was het even geleden dat ik wedstrijden had gevoetbald, dus ik genoot van alles wat ik meemaakte. Het was bovendien nooit zo intens gericht op prestaties wat je bij veel andere clubs wel ziet. Daarbij zie je ook dat het enorm laagdrempelig is allemaal en misschien ook wel wat kneuterig. Al hou ik daar wel echt van. De voorzitter zit er misschien al dertig jaar ofzo en diens vrouw was wekelijks de kleding terwijl ze samen de kantine runnen. Waar zie je dat nog? Zulke zaken vind ik prachtig en dat is wat voor mijn Borssele als club zo uniek maakt.”

 

Waar in het verleden de club een tijdlang twee teams in competitie had, daar is sinds dit seizoen nog slechts één team overgebleven. “Daarmee spelen we in de reserve 5e Klasse en dat is voor ons prima te doen. Wekelijks hebben we zo’n vijftien spelers al gebeurt het ook dat het er minder zijn. Daarnaast schieten de trainingen er geregeld bij in of staan we met weinig mensen. Dat is jammer, maar ook ik ben daar soms wel debet aan. Mensen hebben het vaak druk en dan schieten dat soort zaken er als eerste bij in. Toch is het in de weekenden als we samenzijn ook altijd erg gezellig. Het kleinschalige van deze vereniging is wat het voor mij speciaal maakt om er al zo lang onderdeel van uit te maken. Het gaat me puur om het plezier en om fysiek en conditioneel bezig te kunnen zijn. En wat mij betreft blijf ik dat nog wel een flink aantal jaartjes doen. ”

Klik op SV Borssele voor meer informatie over de club.
Klik op SV Borssele voor meer artikelen over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.