Home Blog Pagina 4

Gloednieuw kunstgrasveld komt voor VCK als geroepen

0

KOUDEKERKE – Nadat in mei 2025 het oude trainingsveld al was vervangen voor een nieuw duurzaam kunstgrasveld, heeft men nu bij VCK een gloednieuw hoofdveld. Ook daar ligt nu een duurzaam kunstgrasveld tot blijdschap van voorzitter Maurice Staugje.

 

Ons trainingsveld is op het moment dat er niet wordt getraind openbaar voor alle inwoners en daar is sinds de opening een jaar geleden ook massaal gebruik van gemaakt. Nu hebben we ook een prachtig nieuw hoofdveld en dat was ook echt noodzakelijk. Het vorige veld dateerde al van 2014 en was écht aan vervanging toe. Dat we nu het nieuwe seizoen kunnen starten is prachtig. We kunnen nu in elk geval weer een flink aantal jaar vooruit.”

 

Dat de club al een tijd in de lift zit als het gaat om een toename van leden is iets wat de voorzitter beaamt en ook blij mee is. “Nadat we het oude trainingsveld hadden vervangen door een half kunstgrasveld hebben we gezien dat het een aanzuigende werking had om kinderen die kwamen voetballen en daarvan zijn er ook zeker lid geworden van onze vereniging. Dat nu ons hoofdveld is vervangen staat daar echter los van. Dat stond immers al een tijd gebudgetteerd bij de Gemeente Veere.”

Noodzakelijk

De kunstgrasmat die op het hoofdveld lag is sinds de aanleg in 2014 zeer intensief gebruik en inspecties brachten aan de oppervlakte dat de kwaliteit achteruit ging. “Om het veld veilig en aantrekkelijk te houden voor alle gebruikers, was vervanging van de toplaag noodzakelijk en gelukkig is dat nu gebeurd. Om de afwatering te verbeteren werd ook de aanwezige drainage gecontroleerd. Die bleek gelukkig prima waardoor de renovatie sneller verliep en minder intensief was.”

 

De funderingslaag werd gefreesd en geprofileerd. Bovendien werden en shockpads aangelegd voordat uiteindelijk de nieuwe toplaag werd gelegd. “In tegenstelling tot het vorige hoofdveld is nu gebruik gemaakt van kurkkorrels en niet langer van rubber. Er is eind juni begonnen met de renovatie en eind juli waren alle werkzaamheden klaar. Na controles en keuringen is onze eerste selectie begin augustus daardoor op een gloednieuwe grasmat kunnen starten aan het nieuwe seizoen. In alle opzichten een prachtige stap vooruit.”

Kurkkorrels

De rubberkorrels en harde toplaag behoren nu tot het verleden, net zoals zwarte ballen als gevolg van het rubber. “Het kurk is een stuk milieuvriendelijker en stinkt ook veel minder bij warm weer. Daarbij hebben we ook nieuwe doelen met diepe netten gekregen. Ook een mooie upgrade. We kunnen weer zo’n tien jaar vooruit en dat is gezien de groei van vereniging en het aantal leden ook noodzaak. We gebruiken onze velden intensief en willen de leden op een goede en veilige manier hun sport laten beoefenen.”

 

Het eerste elftal is het seizoen begonnen op een fonkelnieuw veld en gaat weer proberen om mee te doen in de derde klasse. “We zijn afgelopen jaren een paar keer gepromoveerd en weer gedegradeerd. Deze competitie in 3e Klasse A is bijna een tweede klasse ‘light’ met veel sterke teams. Het wordt een uitdaging om bovenin mee te doen. Dat gaan we wel proberen. Aan het veld kan het zeker niet liggen, dat mag qua prestaties geen excuus meer zijn.”

Lennard Kerkhove wil graag zijn steentje bijdragen voor de club

0

WESTKAPELLE – Maar liefst tien seizoenen lang stond Lennard Kerkhove bij De Noormannen voor de groep bij het eerste elftal. De eerste twee jaar als assistent en daarna was hij acht seizoenen eindverantwoordelijk. Toen hij stopte bleef hij wel altijd achter de schermen actief in verschillende vrijwilligersrollen. ‘Ik wil graag mijn steentje bijdragen voor de club.’

 

De voormalig hoofdtrainer is bovenal ook gewoon supporter van De Noormannen, dat dit seizoen weer uitkomt in de vierde klasse zaterdag. “Het is een relatief kleine club en dan zijn alle beschikbare handjes welkom. In verschillende functies ben ik al jarenlang actief. Als technisch coördinator bij de jeugd, heb een jaar de O17 getraind en ben nu bestuurslid voetbalzaken. Het voetbalspelletje blijft leuk en als dan de club op deze manier kan helpen dan doe ik dat heel graag.”

 

Binnen het bestuur ontstond dus een tijdje geleden een vacature als bestuurslid voetbalzaken. “Binnen de vereniging stond men niet in de rij om de handschoen op te pakken. Aangezien ik al binnen de jeugd actief was wilde ik die rol er wel bij doen. Het is een beetje met een helikopterblik kijken naar alles wat binnen de club leeft op voetbalgebied. Met mijn ervaring wilde ik daarin wel een rol vervullen. We hebben een mooie groep vrijwilligers die zich inzetten om alles zo goed mogelijk te laten verlopen tijdens een seizoen.”

 

Zelf neem de clubman  daarin dus verschillende en uiteenlopende taken voor zijn rekening. “Het heeft overigens wel altijd puur met het voetballende stuk te maken. Dat is wat me ligt en wat me interesseert. Daarin werk ik nauw samen met de trainers, leiders en mensen van de technische commissie. En bezig zijn met voetbal, blijft voor mij toch een heerlijke vorm van ontspanning. ”

 

Een belangrijke taak van Kerkhove is de samenwerking binnen de jeugd met De Meeuwen uit Zoutelande. “Toen ik nog hoofdtrainer was zag je al dat het op termijn moeilijk zou worden om bij de club alle leeftijdscategorieën in competitie te houden. Dat is daarna alleen maar nijpender geworden. Bij de laagste teams in de onderbouw hebben we nog wel aanwas en eigen teams. Maar inmiddels hebben we in de midden- en bovenbouw allemaal samengestelde teams met De Meeuwen. Die samenwerking verloopt heel erg goed en daarin heb ik van De Noormannen een coördinerende- en verbindende rol.”

 

Het was in eerste instantie de bedoeling om vooral vanaf de O13 in te steken op samenwerking, maar de behoefte is inmiddels al bijgesteld naar jongere leeftijdsgroepen. “Zo hebben we nu drie teams in de O10 en twee in de O11. Het is leuk om daar mee bezig te zijn en om te proberen iedereen zoveel mogelijk op zijn of haar eigen niveau en leeftijd te laten voetballen. Zo ontwikkelen ze optimaal en levert op termijn hopelijk nieuw aanwas op voor de senioren.”

 

Als bestuurslid voetbalzaken heeft hij binnen De Noormannen een duidelijke taak. “Voor mij is het belangrijk om de rode draad te bewaken. Dat de poppetjes op de juiste plek worden ingezet, dat teams voldoende spelers en kader heeft en dat het contact ook met De Meeuwen zo optimaal mogelijk verloopt. Daarnaast val ik ook wel eens in als trainer. Bij het eerste, tweede of bij een jeugdteam. Erg leuk om te doen. In de luwte werken en een bijdrage leveren bevalt me perfect.”

Keepers Academie Zeeland wil keepers van alle niveaus laten groeien

0

OOSTKAPELLE – Nadat Bart van Wuyckhuyse trainer werd bij v.v. Serooskerke kregen zijn trainersambities de voorkeur en was dat niet meer te combineren met zijn keepersschool. Zodoende ging hij op zoek naar een opvolger en die vond hij in Mick Hofman, keeper bij v.v. Kloetinge en keeperstrainer bij onder meer JVOZ en HVV’24.

 

Op het complex van SVOD’22 in Oostkapelle wil hij met Keepers Academie Zeeland (jeugd)keepers van alle niveaus laten groeien in hun ontwikkeling. Het is een plek die hem vanuit zijn eigen jeugd overigens ook nog erg goed bekend is. “Zelf ben ik op mijn zesde begonnen met keepen bij HVV’24 in mijn woonplaats Hulst. Toen ik acht was heb ik ook zelf drie seizoenen lang nog getraind bij de Keepers Academie in Oostkapelle bij Bart. Dus dan is het nu wel leuk dat ik zelf de school heb overgenomen en nu verder kan vormgeven.”

 

Vanuit de jeugd bij HVV’24 maakte Hofman destijds op zijn 15e de stap naar JVOZ waar hij in totaal vier seizoenen keepte. Na JVOZ koos hij voor een overstap naar v.v. Kloetinge waar hij inmiddels derde keeper is en vaste doelman van de 021. “Nadat Bart me had benaderd zijn we in gesprek gegaan en kwamen we snel tot overeenstemming. Voor mij is dit een geweldige kans omdat ik graag verder wil in het keepersvak. Ik heb een afgeronde opleiding Topsport- en Talentcoach aan de Fontys in Eindhoven. Zodoende kwam ik voor stage terecht bij JVOZ, waar ik nu inmiddels vaste keeperstrainer ben binnen de opleiding.”

 

Maar daar houdt het voor de energieke Hulstenaar nog niet op want hij is bovendien bij zijn oude club HVV’24 verantwoordelijk voor alle jeugdkeepers als keeperstrainer. “Het is gewoon prachtig om dagelijks op het veld te kunnen staan en met keepers te kunnen en mogen werken. Bij de clubs maar zéker nu ook bij mijn eigen Keepers Academie Zeeland. Daar kunnen keepers van alle verschillende niveaus terecht voor onder meer bloktrainingen, individuele sessies en duo-trainingen. Dat doe ik natuurlijk niet alleen, maar met een mooie groep trainers gaan we alle keepers op technische, mentaal en tactisch vlak trainen en haar een hoger niveau tillen. Plezier in de trainingen staat voorop en maakt ze beter. Daar ben ik van overtuigd.”

 

De trainingen van Keepers Academie Zeeland begonnen op 28 augustus jl. en lopen in vier verschillende blokken het gehele seizoen door. “Dat is allemaal nog vanuit Oostkapelle maar ooit hoop ik ook nog in Zeeuws-Vlaanderen met de Academie trainingen te gaan aanbieden. Zover is het voorlopig nog niet. Met heel veel plezier en enthousiasme zet ik de filosofie van Bart hier voort. In totaal heeft Hofman nu wekelijks zo’n 60 jeugdkeepers van 7 t/m 18 jaar op de trainingsvelden staan. “Dat is en blijft een prachtige ervaring. Elke training opnieuw die gasten zien genieten en gaandeweg het seizoen beter zien worden. Dat is en blijft voor mij de grootste drijfveer!”

Borsele Sloepoort Cup al 40 jaar hét oefentoernooi van Zeeland

0

NIEUWDORP – Het was in 1987 dat profclub Helmond Sport de allereerste editie van de Borsele Sloepoort Cup won. Door de jaren heen is het toernooi in de voorbereiding op het nieuwe voetbalseizoen verworden tot hét oefentoernooi van Zeeland. Ook dit jaar weer waren ruim 50 clubs uit de provincie op het sportcomplex in Nieuwdorp actief.

 

Het toernooi begin dit jaar met een XXL versie, waarbij de twee Zeeuwse tweede divisionisten HSV Hoek en v.v. Kloetinge aantraden. In de weken erna was het de beurt aan Zeeuwse verenigingen die op de lagere niveaus uitkomen. Ze kwamen uit alle Zeeuwse regio’s en ook uit Zeeuws-Vlaanderen gaven teams als FC Axel en HVV’24 acte de préséance op de Borsele velden.

 

“Clubs komen graag naar hier omdat ze het toernooi zien als prima mogelijkheid om enkele oefenwedstrijden te spelen. We beschikken over twee prima speelvelden en het is voor heel veel clubs prima aan te rijden, ook vanuit Zeeuws-Vlaanderen. Door de jaren heen hebben al enorm veel clubs en van profs tot vijfdeklassers de weg naar ons toernooi weten te vinden. Dat is natuurlijk wel een enorm compliment voor alle vrijwilligers die zich met hart en ziel voor dit toernooi inzetten. Tijdens het toernooi hebben we meer dan honderd vrijwilligers die zich op allerlei verschillende vlakken verdienstelijk maken. Dat is voor ons als organisatie echt onbetaalbaar”, zegt medeorganisator Peter de Vos.

 

Waar in het verleden onder meer clubs als Vitesse, FC Groningen, RKC Waalwijk, het Engelse Swindon Town en het Spaanse Sporting Gijón naar de Nieuwdorpse Prinses Margrietstraat afreisden daar zijn het nu de lokale helden van onder andere GPC Vlissingen, DwO’15, Kruiningen, HVV’24, Yerseke, Nieuwland, De Noormannen, Apollo’69 en SSA Lebo/SVN die nu hun wedstrijden spelen op de strak gemaaide velden.

 

“Het is voor die verenigingen een prachtige gelegenheid om te sparren. Dit jaar hebben we uitgepakt met een XXL-versie als ‘aftrap’. Daarna was het tussen 11 en 22 augustus de beurt aan teams uit tweede klasse en lager. Gelukkig hebben we een enorm grote groep trouwe sponsoren die ons steunen. Want net als de vrijwilligers is de steun van het bedrijfsleven nodig om een toernooi als de BSC-Cup elk jaar opnieuw op te tuigen en te organiseren.”

 

Nu de divisieclubs al aan de competitie zijn begonnen is het straks de beurt aan de lagere klassen om voor de échte punten te gaan voetballen. De 2026-editie kende op 12 september nog een mooie afsluiter met het BSC G-voetbal Toernooi. “Ook dat is altijd een prachtige dag. Als je ziet hoeveel mensen tijdens de toernooiweken, de XXL en het G-Toernooi hier naartoe komen en ook hoeveel publieke belangstelling het altijd weer trekt… Dan blijkt deze formule prima te werken. We kijken nu al uit naar 2027.”

Molenschot terug in vierde klasse: ‘Eén grote vriendengroep’

0

Na een afwezigheid van twee jaar, keert Molenschot komend seizoen weer terug in de vierde klasse. Want nadat de ploeg eerder worstelde met blessures, was de groep nu veel vaker compleet. En precies dat, maakte het verschil, vertelt topscorer Nick van Oosterwijk. “Als iedereen fit is, kunnen we echt leuk voetballen.”

Het resultaat? “Een goed seizoen, met hier en daar wat ups en downs.” En dus promotie naar de vierde klasse. “Ons doel was om sowieso de nacompetitie te halen, en omdat we derde werden, hoefden we alleen de finale te spelen.” Een finale die, dankzij een treffer van de 27-jarige Van Oosterwijk, met 2-1 werd gewonnen van Netersel. “Drie seizoenen geleden zijn we natuurlijk gedegradeerd. Als je dan, na een jaar waarin het niet goed ging, nu weer promoveert, is dat heel mooi.”

Doelpunten

Maar behalve mooi, heeft Van Oosterwijk er ook een logische verklaring voor. “In het eerste seizoen terug in de vijfde klasse, werden we tiende. Puur omdat we te maken hadden met veel blessures. Nu was iedereen fit.” En stond er in de persoon van Martijn Malinka, een nieuwe trainer voor de groep. “Die frisse wind heeft ons goed gedaan!” Zowel op, als buiten het veld. “We zijn allemaal vrienden van elkaar. Maar daarnaast, kunnen we ook echt leuk voetballen. Dat is de belangrijkste reden dat we gepromoveerd zijn.” Al doet Van Oosterwijk daarmee zichzelf, als topscorer toch stiekem eigenlijk wel een beetje tekort. Want met twintig doelpunten, droeg de linksbuiten een aardig steentje bij aan het succes. “Als aanvaller moet je altijd doelpunten willen maken. Dus dat is wel iets waar ik veel mee bezig ben.” Aan zijn kwaliteiten, zal het in ieder geval niet liggen. “Ik ben snel, zoek graag mijn man op, heb een goed schot en een aardige techniek.” Of het genoeg is voor een stapje hogerop? De inwoner van Molenschot schat in van wel. “Ik denk zeker dat we leuk mee kunnen doen in de vierde klasse. Je speelt in ieder geval tegen leukere elftallen en veel dorpsclubjes.” Een voorspelling, durft Van Oosterwijk alvast wel te doen. “Onze eerste insteek moet handhaving zijn. Maar dat gaat lukken!”

Een feest

Al is het alleen maar, door de ongekende teamspirit, legt de goalgetter uit. “Eigenlijk is ons team één grote vriendengroep.” Vertrekken bij de club uit Molenschot, deed Van Oosterwijk dan ook nooit. “Ik speel nu tien jaar in het eerste, en heb daarvoor altijd in de jeugd gespeeld.” Nooit ergens anders gevoetbald, lieten geïnteresseerde clubs hem soms wel eens twijfelen. Is hij eerlijk. “Maar uiteindelijk dacht ik dan toch altijd: waarom zou ik daar gaan voetballen? Ik heb het hier naar mijn zin en het is iedere keer een feest om met die gasten te gaan trainen. Dan vind ik het leuker om hier te spelen en na afloop lekker wat met die mannen te drinken.” Zorgen, hoeven ze zich bij Molenschot dan ook niet te maken. Stelt Van Oosterwijk iedereen gerust. “Ik ga hier nooit meer weg!”

Sipkens hoofdtrainer van JEKA: ‘Was het doel’

0

Na veertien jaar als jeugdtrainer bij de club, staat Noël Sipkens vanaf dit seizoen als eindverantwoordelijke voor de groep bij tweedeklasser JEKA. Een stap waar de pas 31-jarige trainer maar wat blij mee is. “Ik voelde dat ik eraan toe was.”

Dus toen die kans op zijn pad kwam, had de inwoner van Teteringen niet al te lang nodig, om na te denken. “Ik voetbal sinds mijn vijfde bij JEKA, en vanaf het moment dat ik jeugdtrainer werd, was dit het einddoel. Om uiteindelijk hier, hoofdtrainer te worden van het eerste elftal.” In het bezit van zijn VC3, voelde Sipkens zich de afgelopen jaren dan ook niet of nauwelijks aangetrokken tot het trainen van de jeugd bij een BVO. “Wat dat betreft ben ik een echte clubman.”

Niet veel anders

En gezien zijn band met de club, is daar geen woord aan gelogen. “Ik ben hier nu in totaal veertien jaar lang jeugdtrainer geweest, dus ik heb zo’n beetje alle jeugdelftallen wel gehad en ken alle ins en outs van de vereniging.” De laatste twee jaar de O19 onder zijn hoede, voelde Sipkens dat hij er nu écht aan toe was. “Ik heb de afgelopen jaren hier en daar al wel vaker eens wat gesprekken gehad, maar dit was het ideale moment.” Want dat het vroeg of laat ging gebeuren, was voor de voormalig speler van JEKA en The Gunners, al wel duidelijk. “Dat was altijd het doel. Ik wist alleen niet wanneer.” Wat verwacht hij van zijn eerste klus als hoofdtrainer van een seniorenelftal? “Ik heb zelf natuurlijk bij verschillende clubs gespeeld, dus ik weet hoe het is. Tuurlijk zit er verschil tussen jeugd en senioren, maar daar zal ik de balans in moeten vinden.” Heel veel dingen anders, zal Sipkens dan ook niet gaan doen, verwacht hij. “Je komt nu jongens tegen van je eigen leeftijd, daar ga je anders mee om. Maar het plan blijft hetzelfde. Daar ga ik niet veel aan veranderen.” Wat zijn plan precies is? “Een herkenbaar spelsysteem, met aanvallend voetbal. Zoals we dat kennen binnen JEKA. Dat vind ik ook voor de doorstroming van de jeugd heel belangrijk.” En daarnaast, hoopt hij er echt een team van te maken. “Met durf, creativiteit, een hoge intensiteit op training en discipline.” Veel van zijn spelers, kent Sipkens al. “Een hoop jongens heb ik in de jeugd gehad, of heb ik zelfs nog mee samengespeeld. Dat is natuurlijk wel een voordeel, helemaal als je voor het eerst bij een eerste elftal start.”

Mooie momenten

Waar komt zijn passie voor het trainersvak vandaan? “Ik begon hier ooit samen met een vriend, met het trainen van de jongste jeugd. En later heb ik via het ROC in Tilburg mijn eerste trainersdiploma gehaald en uiteindelijk ben ik er zo in doorgerold.” Dusdanig, dat hij het inmiddels als een uit de hand gelopen hobby ziet. “In het dagelijks leven ben ik docent Lichamelijke Opvoeding op een middelbare school, dus ik vind het sowieso leuk om met mensen bezig te zijn. Op het veld staan, is het heerlijkste wat er is. Met het plezier van een groep, en alles wat daar omheen hangt. Als je dan samen iets weet te bereiken, zijn dat de mooie momenten in het voetbal.” Zoals ook het niveau, waarop hij actief was met de O19. “Daarmee speelden we in divisie 4, tegen profclubs. Dat is uniek voor een club als JEKA.” Waar ze de lat voor dit seizoen leggen, weet Sipkens nog niet. “Eind september gaan we samen met de groep kijken wat we willen bereiken. Maar ik weet wel, als onze groep compleet is, hebben we een geweldig elftal.” Stiekem, denkt hij dan ook al aan een mogelijke promotie naar de eerste klasse. “Ik denk dat we daar zeker de kwaliteiten voor hebben. En welke trainer zou dat nou niet willen?” Helemaal, in dienst van ‘zijn club’. “JEKA is gewoon een ontzettend warme club, met leuke medetrainers en veel vrijwilligers. De sfeer is altijd goed.” Vertrekken, ziet Sipkens zichzelf dan ook niet zo snel doen. “Ik vind het belangrijk om langer bij een club te zitten, en ik wil nu eerst wennen aan het seniorenvoetbal.” Om daarna, binnen enkele jaren zijn VC4 te behalen. “Zodat ik ooit op een hoger niveau zou mogen werken!”

‘Het belangrijkste is dat ze voetbal leuk vinden’

0

Van een rol in de jeugdopleiding van Ajax of Manchester City, naar jeugdtrainer bij Baronie. Voor Leonardo Mouwen maakt het eigenlijk geen verschil. De essentie van het spelletje, blijft voor hem namelijk precies hetzelfde. “Ik heb vooral heel veel plezier in wat ik doe.”

En plezier, dat hadden ze afgelopen seizoen bij de O12-2 van Baronie. “Ondanks dat alle spelers een jaar jonger waren, zijn we kampioen geworden in de hoofdklasse.” Niet alleen een knappe, maar vooral bijzondere prestatie, vindt Mouwen (41). “Kampioen worden is voor die jongens altijd een mooie afsluiting.” Al kan de voormalig jeugdspeler van NAC Breda er zelf, natuurlijk ook van genieten. “We proberen te streven naar het hoogst haalbare.”

Plezier hebben

Precies zoals hij als voormalig techniektrainer van onder meer Ajax en Manchester City, in het verleden ook deed. “Voetbal is en blijft voor mij één van de leukste dingen die er is.” Dus ondanks dat Mouwen een aantal jaar geleden koos voor zijn maatschappelijke carrière, als oprichter van Orange Veins en Pretim, kan hij eigenlijk niet zonder. “Zes jaar geleden ben ik jeugdtrainer geworden bij Baronie. Van het team van mijn zoontje.” Hoe dat is? “Heel erg leuk! Ik zie het iedere keer ook echt als quality time. Hij moet vooral heel veel plezier hebben.”

Afgelopen seizoen in de O12-2, dit jaar als O13-3. “Mij maakt het team eigenlijk niet uit. We moeten vooral gewoon een leuk seizoen draaien.” En natuurlijk een hoop leren. “We trainen heel veel vanuit de techniek. Dat blijft toch de basis. Daardoor spelen we heel technisch combinatievoetbal en proberen we altijd de voetballende oplossing te zoeken.” Winnen, is volgens Mouwen daarbij niet het allerbelangrijkste. “Onze keeper speelt bijna op de middenlijn.” Met twee trainers en een teammanager, zijn ook de randzaken uitstekend in orde. “Dat ze op deze manier presteren, is gewoon heel knap.”

Wat maakt het voor hem zo leuk om jeugdtrainer te zijn? “Ik vind het vooral mooi dat ik zoveel uren kan spenderen met mijn eigen kind. Dat heb ik zelf vroeger niet gehad, omdat mijn vader trainer was van een ander team. En daarnaast, vind ik het gewoon heerlijk om op het veld te staan.” Bij een club, waar Mouwen in eerste instantie geen connectie mee had. “Ik had qua voetbal geen band met Baronie, maar het is heel leuk om te zien wat voor team we hebben. Echt een gemêleerde groep. Dat helpt de ontwikkeling van die kinderen enorm. Iedere afkomst heeft zijn eigen normen en waarden. Die samensmelting, vind ik heel mooi.”

Blijven proberen

En komt dus tot uiting op het veld. “Vanuit mijn achtergrond als techniektrainer, probeer ik altijd van eigen kracht uit te gaan. Creativiteit en zoeken naar de voetballende oplossing. Ik wil vooral dat die kinderen plezier hebben.” Zes keer vallen en zeven keer opstaan. “Fouten maken mag, als ze er maar van leren. Niks is fout, zolang ze het blijven proberen.” Want, zo is de inwoner van Breda met al zijn ervaring van mening. “Het belangrijkste is dat ze voetbal leuk vinden. Van mij hoeven ze echt niet allemaal naar een BVO.” Al probeert hij ze, samen met collega-trainer Robbert van Oorschot, natuurlijk wel zoveel mogelijk te helpen bij hun ontwikkeling. “Ik ben heel blij met hem als mijn kompaan, omdat Robbert vroeger keeper is geweest, dus dat is heel fijn. Hij kan onze keepers heel veel bijleren. Wat dat betreft hebben onze jongens echt veel geluk met de trainers die er staan.”

Als het aan Mouwen ligt, blijft dat voorlopig nog wel even zo. “Ik heb geen ambitie meer om in het profvoetbal aan de slag te gaan. Ik heb met de beste spelers ter wereld gewerkt, maar die tijd heb ik gehad. Nu geniet ik van mijn gezin en mijn vrije tijd.” En van het doorgeven van al zijn ervaring. “Voetbal is gewoon heel erg leuk, en ik heb ontzettend veel plezier in wat ik doe!”

‘Die momenten samen maken het extra bijzonder’

0

Zelf gevoetbald bij het Zeeuws-Vlaamse Steen, kwam Christophe Geensen tijdens zijn studententijd in Breda terecht. En nadat hij zelf eenmaal was gestopt, maar zijn zoontje bij Groen Wit ging voetballen, begon het ook bij hem weer te kriebelen. “Het spelletje zelf blijft gewoon ontzettend leuk.”

En dus besloot Geensen (42) een jaar of zes geleden maar eens om de handschoen op te pakken. Als jeugdtrainer. “Er was op dat moment geen trainer, dus op die manier ben ik er ingerold. En daar heb ik geen seconde spijt van gehad.” Begonnen bij de Leeuwen en Leeuwinnen, is hij inmiddels bij de O12-1 aanbeland. Samen met zijn zoontje Lucas. “Die momenten met hem, voelen echt als quality time. Dat maakt het voor mij extra bijzonder.”

Meteen leuk

Naast het feit, dat Geensen dus nog altijd geniet van het spelletje. “Het blijft leuk om mee te doen, of om af en toe iets voor te doen.” Zijn liefde voor de bal, ontstond in Heikant, een Zeeuws-Vlaams dorpje in de buurt van Hulst. “Ik heb zelf altijd bij Steen gevoetbald, tot ik voor mijn studie Commerciele Economie naar Breda verhuisde.” Via JEKA, kwam Geensen vervolgens terecht bij Groen Wit, waar hij nu nog steeds actief is in de 35+. “Dat gaat een paar tandjes langzamer, maar is absoluut niet minder gezellig.”

Vooral dat eerste, komt de voormalig voorstopper of nummer zes niet al te slecht uit, vertelt hij. “Toen ik zelf nog voetbalde, heb ik mijn achillespees afgescheurd. Dat betekende einde carrière. Daar heb ik twee jaar lang van moeten revalideren.” Voetbal verdween daardoor iets meer naar de achtergrond, maar na vijf jaar niks te hebben gedaan, begonnen zijn kinderen met voetballen. “En dan is het toch weer meteen leuk!” Heel lang, duurde het vervolgens dan ook niet. “Ze zochten bij de 35+ nog iemand. Daar heb ik twintig keer voor bedankt, tot ik zei: ik kom wel een keertje kijken met mijn voetbaltas.”

Vijf minuten invallen, werd vervolgens al snel meedoen op regelmatige basis. “Het is gewoon super gezellig. Voor mij voelt het echt als een avondje weg.” Maar behalve zelf weer actief als voetballer, is Geensen sinds zes jaar dus ook jeugdtrainer van zijn eigen zoontje. Hoe dat is? “Hij vindt het heel leuk! Hij kan goed commentaar hebben en kan het ook goed scheiden. Op de voetbal ziet hij mij echt als trainer en niet als vader.” Toch is de inwoner van Princenhage iets strenger voor hem, dan voor zijn teamgenoten. “Je pakt hem onbewust misschien toch wat harder aan.”

Hun wereld

Al heeft Geensen daar de balans, meer dan aardig in gevonden. “De momenten samen, voelen voor mij echt als quality time. En daarnaast leer je ook meteen zijn vrienden kennen. Dus als die jongens hier over de vloer komen, is dat hartstikke leuk.” Het hoofdonderwerp thuis, laat zich dan ook wel raden. “We voetballen elke dag in de tuin. Hooghouden, nieuwe trucjes oefenen.” Ook neemt hij zijn zoontjes geregeld mee naar de voetbal. “Ik heb twee seizoenkaarten bij NAC, dus daar gaan we vaak naartoe.” Om de beurt, want zijn aandacht, moet Geensen nog wel eens verdelen. “Mijn andere zoontje is twee jaar jonger, dus die vraagt regelmatig: wanneer ga je mij trainen? Gelukkig kan ik soms bij zijn team bijspringen, maar dat blijft wel een spagaat. Wie weet komt het er ooit nog van.”

Want precies dat, blijft voor hem toch het leukste van jeugdtrainer zijn. “Het is fantastisch om die quality time te hebben met mijn kinderen. Dat vind ik heel bijzonder. Om dat stukje ontwikkeling op deze manier mee te maken.” Ook buiten het veld. “Als je die gasten naar school brengt en je komt spelers tegen, komen ze je altijd even begroeten. Wat dat betreft ben je echt onderdeel van hun wereldje.” Onder meer, tijdens de twee trainingen in de week. “Ik probeer zoveel mogelijk dingen te doen met bal. Dus passen, dribbelen, behendigheid en positiespel. Afgesloten met afwerken of een partij.”

Daarnaast is Geensen, samen met collega-trainer Remco Reuvers, vooral veel bezig met praten en communiceren. “Die gezelligheid probeer ik wel te bewaken. Er moet altijd ruimte zijn voor een dolletje of een grapje.” Maar ook discipline, staat bij hem hoog in het vaandel. “Ik verwacht wel dat ze gewoon luisteren, dus daar kan ik best streng in zijn. Ik sta er voor mijn plezier, dan heb ik geen zin om meestertje te spelen. Daar proberen we het evenwicht in te zoeken, maar dat weten ze.”

Mede ingegeven, door de pupillencursus, die hij een aantal jaar geleden volgde bij de KNVB. “Dan krijg je goede tips, dat vond ik toch wel heel interessant!” Ambitie om ook een volgende cursus te gaan doen, heeft Geensen verder niet. “Ik doe het echt voor mijn kinderen. Als die ooit stoppen, zie ik mezelf niet doorgaan bij een ander willekeurig team.” Maar voorlopig, is daar allesbehalve sprake van. “We spelen dit seizoen in de eerste klasse, dat is hartstikke mooi. Ik probeer gewoon zoveel mogelijk plezier te maken en het maximale uit die jongens te halen. Vooral door ze vertrouwen te geven, zodat ze durven te voetballen!”

Belgische nieuwkomer Jannes van Hecke: ‘Ik wil mijn truitje altijd nat maken voor NAC’

0

Vanuit Antwerpen naar Breda. Het is lang niet altijd een plezierige reis. Toch maakte nieuwe NAC-aanwinst Jannes van Hecke (24) deze reis op de ochtend van zijn presentatiedag met een lach op zijn gezicht. Met fonkelende ogen liep hij door het Rat Verlegh Stadion. Tijd voor een kennismakingsinterview met de Belg.

“NAC volgt mij al langere tijd en ik de club ook. De promotiefinale (6-2) tegen Excelsior Rotterdam heb ik ook vanaf de tribune gekeken”, vertelt de kersverse aanwinst. “Toen raakte ik al overtuigd. Na elke actie volgde er gejuich en geschreeuw. Die sfeer was niet normaal. Daar word je voetballer voor. Dat geeft je als speler een enorme boost. Sindsdien ben ik NAC vrij actief blijven volgen.”

Supporters

Van Hecke gedijt goed bij een fanatiek publiek. “Het is moeilijk te omschrijven, maar het geeft mij meer energie. Dat heb ik bij mijn vorige clubs ook al gehad. Als ik dan hoor dat er zoveel seizoenkaarten zijn verkocht… Dat is alleen maar positief. Ik leef ervoor om voor dat soort clubs te spelen. Eigenlijk heb ik altijd wel een goede band gehad met de supporters. Bij Zulte Waregem, KV Mechelen en ook bij SK Beveren.” Hoe omschrijft Van Hecke zichzelf als voetballer? “Ik ben een box-to-box-middenvelder die op verschillende posities op het middenveld kan spelen en probeer altijd de voetballende oplossing te zoeken. Ik ben iemand die zijn truitje altijd nat wil maken voor de club, ik ga er honderd procent in. Dat past bij het DNA van NAC denk ik. Gelukkig heb ik de afgelopen seizoenen al veel wedstrijden op het hoogste niveau van België mogen spelen. Ik reken mijzelf niet per se meer tot de jongere spelers”, zegt hij met een knipoog. Van Hecke woont in Antwerpen en groeide op in Oost-Vlaanderen. “Het is een feit dat ik nu voor het eerst in het buitenland ga spelen, maar zo voelt dat natuurlijk niet echt. Ik heb Breda al wel eens bezocht en ken de verhalen over de stad. De cultuur lijkt wel een beetje op de Vlaamse. Zundert en Breda zijn niet heel ver, hè.” En buiten het voetbal om? “Ik studeer naast het voetbal nog Marketing en Communicatie in Antwerpen. Uiteraard vind ik het belangrijk om ook buiten het voetbal een vak te leren. Ik ben graag met familie en vrienden en speel padel als ik de tijd heb.”

Bijzonder nummer

“Jan Van den Bergh en trainer Carl Hoefkens ken ik uiteraard vanuit het Belgische voetbal”, zegt Van Hecke. “En met Fredrik Oldrup Jensen heb ik nog even gespeeld bij Zulte Waregem. Dat was mijn eerste training bij de eerste ploeg. Ik weet niet of hij mij nog herinnert. Maar ik kijk ernaar uit om met alle mensen rondom de club kennis te maken en op het veld te staan. Ik wil samen met alles en iedereen NAC terugbrengen naar de Eredivisie. Dat is voor mij ook één van de redenen dat ik naar hier ben gekomen. Ik voel heel veel vertrouwen van beide kanten.” Van Hecke gaat bij NAC met rugnummer 78 spelen en dat heeft een bijzondere reden. “Mijn opa is op 78-jarige leeftijd overleden en hij was altijd mijn grootste supporter. Hij was bij iedere wedstrijd en vandaar dat ik hem wil eren met dit rugnummer. Ik vind het mooi dat NAC daaraan kan meewerken.” NAC haalde verder al keeper Michael Verrips, verdediger Jan Van den Bergh, middenvelder Mats Seuntjens en spits Paul Gladon naar Breda. De transfermarkt is nog tot begin september geopend.