Home Blog Pagina 6

Zakaria El Hattach ziet dit seizoen bij Groene Ster als mooi leerjaar

VLISSINGEN – Op het veld speelt Zakaria El Hattach bij de O19 van JVOZ, tegelijkertijd is hij ook actief in de zaal voor Groene Ster Vlissingen. Daar speelt de vijfvoudig jeugdinternational van Marokko inmiddels in het eerste team. Na de degradatie vorig seizoen krijgt hij nu volop kansen op speeltijd. ‘Dat is mooi en ik zie dit voor mij echt als een ideaal leerjaar.’

Zakaria is het jongere broertje van de ervaren Khalid waarmee hij momenteel ook samenspeelt in hetzelfde elftal. “Dat is soms wel een lastig omdat hij extra kritisch is op mij en mijn spel. Maar anderzijds vind ik het ook bijzonder om samen te voetballen en vooral om als voetballer heel veel van hem te kunnen leren.”

Met Groene Ster ligt de jongeling, die sinds zijn vijftiende deel uitmaakt van de zaalvoetbalclub uit zijn woonplaats Vlissingen, op koers voor eventuele promotie. “We willen als club heel graag terugkeren op het allerhoogste niveau. Dat is ook wel mijn eigen doelstelling, want dat is toch in Nederland het hoogste wat je kunt bereiken in de zaal.”

Vorig seizoen speelde hij nog vooral in het tweede elftal en één duel bij het eerste in de eredivisie. Het niveau is nu wel lager, maar ideaal voor El Hattach om te leren en te wennen aan het spelen in het eerste. “Er zijn bovendien ook veel nieuwe spelers bijgekomen en dat is altijd wennen aan elkaar. Toch doen we het prima en liggen we goed op koers.”

Zowel op het veld als in de zaal probeert hij er voor zichzelf het maximale uit te halen. “Het spelen voor Marokko was intens en heel bijzonder. Dat shirt, het volkslied. Het was voor mij een onvergetelijke ervaring en smaakt absoluut naar meer. Ik voetbal altijd met liefde voor het spelletje en met heel veel passie. Daarin hoop ik mezelf verder te kunnen ontwikkelen en door te groeien in mijn spel. Loopacties maken, zuiverdere passing en doorbewegen. Ik vind dat geweldig om te doen en leer elke training en wedstrijd weer bij. Op het veld zal ik na dit seizoen op zoek moeten naar een nieuwe club, want na de O19 stopt het bij JVOZ.  In de zaal niet, daar wil ik met Groene Ster richting de eredivisie, als dat lukt zou dat geweldig zijn.”

Klik op ZVV Groene Ster voor de laatste artikelen over de club.
Klik op ZVV Groene Ster voor meer informatie over de club.

Jazzy Adams (31) swingt nog steeds bij Zwaluwen

Jazzy Adams werd op 4 november 1994 geboren in Rotterdam en groeide op in Hoogvliet, waar hij zich nog altijd thuis voelt. Na vier jaar in Capelle te hebben gewoond, keerde hij onlangs met zijn gezin terug naar Hoogvliet. De cirkel is daarmee rond voor de 31-jarige spits, die inmiddels al zes seizoenen een vaste waarde is bij Zwaluwen. Zijn voornaam is geen toeval: Jazzy is afgeleid van jazzmuziek, swingend en ritmisch, eigenschappen die ook goed passen bij zijn spel.

Zijn voetbalavontuur begon op jonge leeftijd bij Rijnmond Hoogvliet Sport, waar hij rond zijn vijfde jaar instroomde en drie jaar speelde. Het plezier stond daar centraal, maar Adams wilde meer. Hij stak de brug over naar Spijkenisse, een club waar de jeugdteams op divisieniveau speelden. Dat gebeurde ergens in zijn C- of B-juniorentijd en betekende een duidelijke stap omhoog.

Opvallend is dat Adams pas relatief laat spits werd. Oorspronkelijk speelde hij als voorstopper, tot hij tijdens een toernooi in de A-junioren voorin werd gezet en prompt topscorer van het toernooi werd. Vanaf dat moment was de keuze snel gemaakt. Het spel werd voor hem aantrekkelijker door het maken van doelpunten en de beleving die daarbij hoort. Toch ging het scoren niet meteen vanzelf. Bij Spijkenisse lag de nadruk vooral op ontwikkeling en stond hij vaak achter ervaren aanvallers, waardoor zijn speeltijd beperkt bleef.

Net toen hij zijn ja-woord al had gegeven aan Brielle, kwam hij bij Spijkenisse ineens in de basis en begon hij te scoren. In de laatste seizoenshelft maakte hij een stuk of twaalf doelpunten. Ondanks die opleving maakte hij de overstap naar Brielle, een keuze die achteraf niet ideaal bleek. De klik met de trainer ontbrak en Adams kwam nauwelijks aan spelen toe. Na één seizoen keerde hij terug naar Spijkenisse, om later alsnog weer naar Brielle te gaan toen daar een nieuwe trainer aantrad.

Het echte keerpunt volgde toen hij werd benaderd met de vraag of Zwaluwen geen optie was. Adams hapte toe en vond daar een club die bij hem paste. Hoewel het in zijn eerste seizoen rommelig was door veel mutaties binnen de selectie en organisatie, stond er sportief wel een stabiele basis in de vierde divisie. Zwaluwen begon vaak sterk aan seizoenen, maar miste ervaring om dat niveau vast te houden, waardoor degradatiegevaar regelmatig op de loer lag.

Vorig seizoen viel alles op zijn plek en werd Zwaluwen kampioen. Een kroon op het werk van iedereen die bij het elftal betrokken was. De rol van trainer Luigi Bruins was daarbij belangrijk. Hij bouwde voort op het fundament dat eerder was gelegd door Henk de Zeeuw en wist met gerichte accenten en de juiste motivatie het maximale uit de groep te halen. Met een relatief bescheiden budget werd vooral gekeken naar spelers met de juiste mentaliteit.

Ook in de derde divisie heeft Zwaluwen zich inmiddels bewezen. De start was degelijk, al werden fouten die in de vierde divisie nog onbestraft bleven, nu wel afgestraft. Door kritisch naar wedstrijdbeelden te kijken en te blijven corrigeren, groeide het team. Een zesde plaats op de ranglijst is dan ook geen verrassing, zeker gezien het lot van veel andere promovendi die snel weer afzakten.

Adams zelf gaat altijd uit van zijn eigen kwaliteiten: snelheid, kracht en doelgerichtheid. Buiten het voetbal is hij vader van twee zoons, echtgenoot, en werkt hij als keyaccountmanager internationale verhuur bij Boels. Soms ontspant hij met een rondje golf. Hij tekende onlangs opnieuw voor een jaar bij Zwaluwen.

Klik op vv Zwaluwen voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Zwaluwen voor meer informatie over de club.

Tim Marteijn koestert het voetballen in het vriendenteam MZVC 3

0

MIDDELBURG – Zelf speelde hij ooit  als veldspeler nog in het eerste van MZVC, maar tot een vaste plek en doorbraak kwam het niet. Een paar jaar geleden sloot hij zich aan bij het derde elftal, een echt vriendenteam, waar hij nu als keeper het Middelburgse doel verdedigd.

“Dat was een prima beslissing. Dankzij de broers Abrahamse en hun vader hebben we een team weten samen te stellen waarin van verschillende verenigingen jongens met ervaring in eerste elftallen samenspelen. Zoals Tristan Sonke die bij FC Dauwendaele speelde, Casper de Kok die vanuit Zeelandia Middelburg overkwam en Daniël Jansen van Arnemuiden voor ons verruilde. Met z’n allen koppelen we elke week plezier en het streven naar goede prestaties nu samen en dat werkt voor iedereen in deze groep perfect.”

Marteijn keepte ooit in de jeugd van FC Dauwendaele en zelfs nog een seizoen bij JVOZ. Uiteindelijk ging hij voetballen bij Nieuwland en later weer Dauwendaele. “Via Niek Abrahamse werd ik enthousiast gemaakt voor een stap naar MZVC en daar zit ik nu nog altijd. We zijn een groep gasten die op het veld, maar ook daarbuiten veel dingen samen doen en geregeld ook samen op stap gaan. Ik typeer het als de ‘magie van MZVC 3’ Fanatiek op het veld, gezellig erbuiten, voor mij de ideale combinatie.”

De ploeg komt uit in de 3e Klasse Reserve en werd twee seizoenen geleden zelfs nog kampioen. ‘Vorig jaar werden we tweede maar dit seizoen vlot het nog niet echt. Logisch ook omdat we geregeld spelers voor ons tweede elftal moeten leveren. Dat gaat ten koste van onze vastigheid en ritme. Daardoor is een plek in de middenmoot niet onlogisch. Toch denk ik dat het logisch is gezien de kwaliteit die we hebben in de groep of we in de tweede klasse ook mee zouden kunnen.”

Omdat het team het jarenlang lastig had qua keepers heeft de verdediger weer de handschoen opgepakt en zijn plek onder de lat ingenomen. “Ik ben een meevoetballende keeper, gezien mijn verleden als speler. Ik probeer het vaak dan ook voetballend op te lossen en mijn waarde te hebben voor het elftal. Ik ben achtentwintig en denk af en toe wel eens na of ik het ook in een eerste elftal hier zou redden. Toch is die gedachte snel weg omdat ik het zo goed naar mijn zin heb dat ik dit plezier niet zomaar ga inruilen voor iets anders.”

Een top-drie klassering zou misschien het maximaal haalbare zijn schat de goalie in, maar dan moeten er nog wel de nodige punten worden gepakt. “Daar gaan we wel voor en willen we proberen om  zo hoog mogelijk eindigen. Na de zomer zullen er weer wat jongens bijkomen of terugkomen na een periode afwezigheid zoals Daniël Jansen. Die wordt met zijn kwaliteit en ervaring nu wel gemist. Dus voor nu proberen om in het restant nog wat plekken te klimmen op de ranglijst. Kampioen worden zit er niet meer in, maar dat moet voor ons dan volgend seizoen weer het doel zijn.”

Klik op MZVC voor meer artikelen over de club.
Klik op MZVC voor meer informatie over de club.

Delano a Cohen beleeft prachtig debuutseizoen bij VFC

Voor Delano a Cohen is het seizoen 2025/2026 er één van contrasten. Het is zijn eerste jaar als hoofdtrainer van het Vlaardingse VFC, én direct zijn laatste. Terwijl zijn ploeg volop meestrijdt om het kampioenschap in de tweede klasse, staat vast dat hij komende zomer vertrekt. De reden: zijn toelating tot de VC4-opleiding, het hoogste trainersdiploma binnen het amateurvoetbal, en een nieuwe uitdaging in de Derde Divisie bij Zwaluwen.

Wie de loopbaan van Delano a Cohen kent, weet dat voetbal altijd de rode draad is geweest. Geboren op een paar honderd meter van VFC begon hij bij HVO in Vlaardingen. Na een verhuizing naar Hellevoetsluis werd Nieuwenhoorn zijn club. Al snel viel zijn talent op. Eerst volgde een negenjarig verblijf bij Sparta, daarna vier seizoenen bij Excelsior en vervolgens Almere City FC.

Op negentienjarige leeftijd kwam het eerste kantelpunt. Met een afgeronde Vwo-opleiding en een lopende hbo-studie moest hij keuzes maken. De combinatie met het profbestaan bleek lastig. Hij keerde terug naar Nieuwenhoorn, later volgden Barendrecht en Zwaluwen onder Adri Poldervaart.

Bij Quick Boys beleefde hij zijn sportieve hoogtepunt. “Na één blik op het sportpark was ik verkocht,” blikt hij terug. Hij werd kampioen, speelde derby’s voor duizenden toeschouwers, maar zag zijn spelerscarrière abrupt afgeremd door een zware enkelbreuk en een ziekenhuisbacterie. Op 26-jarige leeftijd moest hij accepteren dat terugkeren op dat niveau niet realistisch was.

Tijdens de coronaperiode begon hij jeugd te trainen bij Nieuwenhoorn. Wat begon als een tijdelijke invulling groeide uit tot een serieuze trainersambitie. Hij promoveerde als speler met de club van de tweede klasse naar de Vierde Divisie en streed mee om een periodetitel. Op zijn 31e volgde een telefoontje van Quick Boys om assistent-trainer te worden onder Thomas Duivenvoorden. Dat bleek een schot in de roos: kampioen van de Tweede Divisie en een kwartfinaleplaats in de KNVB-beker. “We hebben daar alles bereikt wat mogelijk was.”

Toch koos hij bewust voor het amateurvoetbal. Naast zijn trainersloopbaan werkt Delano a Cohen al veertien jaar als kwaliteitsmanager bij Nemad, een technische groothandel. Stabiliteit buiten het veld is voor hem minstens zo belangrijk als succes binnen de lijnen.

Bij VFC begon hij afgelopen zomer aan zijn eerste klus als eindverantwoordelijke. Hij trof een hechte vriendengroep, maar ook een selectie waarin de scherpte wat was verdwenen. Zijn aanpak was helder: spelers van het eerste, tweede en Onder 23 vormden één groep. “De beste gaan spelen.” Daarmee zette hij de deur wagenwijd open voor talent uit eigen jeugd.

Die koers wierp zijn vruchten af. VFC staat momenteel tweede, op drie punten van koploper SVC’08, dat op 21 maart nog op bezoek komt in Vlaardingen. De cijfers spreken voor zich: zeven overwinningen en twee gelijke spelen in de laatste negen wedstrijden. De ploeg zit in een duidelijke flow.

De trainer houdt de focus intern. “Elf wekenlang volle bak. Als we dan geen kampioen worden, kunnen we onszelf niets verwijten. Halen we de nacompetitie, dan hebben we het ook geweldig gedaan.” Het typeert zijn rationele, procesgerichte benadering.

Zijn vertrek is geen impulsieve beslissing. Bij zijn aanstelling gaf hij al aan dat hij zich wilde inschrijven voor de VC4-opleiding. Toelating betekent meerdere dagen per week actief zijn bij een divisieclub, een belasting die niet te combineren is met VFC. “De jongens verdienen een trainer die er altijd is.” Toen de KNVB hem uiteindelijk toeliet, viel het besluit definitief.

Komend seizoen vormt hij samen met Marco Jalink het trainersduo bij Zwaluwen in de Derde Divisie. Het eerste jaar fungeert Jalink als hoofdtrainer, waarna a Cohen het stokje overneemt. De twee kennen elkaar al jaren en delen dezelfde voetbalvisie.

Voor VFC betekent het een afscheid van een ambitieuze en moderne trainer die in korte tijd nieuw elan bracht. Voor Delano is het een logische volgende stap in een carrière die zich steeds nadrukkelijker langs de zijlijn afspeelt. Maar eerst wacht nog een ontknoping in de titelstrijd. En die wil hij maar wat graag winnend afsluiten.

Klik op VFC Vlaardingen voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VFC Vlaardingen voor meer informatie over de club.

Edward Riedijk (68): Zeven dagen per week in touw voor Excelsior Maassluis

Als je doordeweeks rond acht uur ’s ochtends het sportpark van Excelsior Maassluis oploopt, is de kans groot dat Edward Riedijk er al is. En als je er ’s avonds laat nog rondhangt? Dan waarschijnlijk ook. De 68-jarige verenigingsmanager is al sinds 1980 betrokken bij de Tricolores en is inmiddels niet meer weg te denken uit Sportcomplex Dijkpolder.

Sinds drie jaar draagt hij officieel de titel verenigingsmanager, maar wie Edward een beetje kent, weet dat hij al decennia het manusje-van-alles van de club is. Speler, trainer, coördinator, leider, facilitair aanspreekpunt, hij heeft het allemaal gedaan. Niet voor niets is de geboren Rotterdammer benoemd tot lid van verdienste.

“Het is een fulltime taak, maar geen fulltime betaalde baan,” zegt hij nuchter. “Een deel krijg ik vergoed, maar de rest doe ik vrijwillig. De club is mijn sociale leven. Eigenlijk ben ik er 24 uur per dag mee bezig, zeven dagen per week. En sinds drie jaar ben ik met pensioen, dus ja… dan is dit mijn dagbesteding.”

Van Rotterdam naar Maassluis

Edward werd geboren in Overschie en groeide op in Rotterdam-West. Na zijn huwelijk verhuisde hij naar Rotterdam-Zuid, maar dat bleek geen match. Uiteindelijk streek het gezin neer in Maassluis. Zijn vrouw is inmiddels overleden, maar de club is altijd een constante factor in zijn leven gebleven.

In zijn Rotterdamse jaren voetbalde hij bij Unicum en Groen Wit. Na een korte stop pakte hij het spelletje weer op bij lagere elftallen van Excelsior Maassluis. Toen zijn zoon in 1980 werd geboren, rolde Edward vanzelf het vrijwilligerswerk in. Vanaf 1986 volgden de functies elkaar in rap tempo op: zaalvoetbalcoördinator, leider, trainer, facilitair ondersteuner, en nu dus verenigingsmanager.

Ook in zijn werkzame leven zat het facilitaire in zijn bloed. Eerst bij een bank, later bij een installatiebedrijf. De stap naar een allround rol op het sportpark was dan ook logisch.

Geen dag is hetzelfde

Een gemiddelde werkdag? Die bestaat eigenlijk niet. Edward start rond acht uur ’s ochtends. De schoonmaakploeg aansturen, checken of alles op het complex functioneert, leveranciers ontvangen, monteurs begeleiden, het hoort er allemaal bij. Rond het middaguur eet hij thuis een hapje, maar zijn telefoon blijft rinkelen.

In de namiddag gaan de kleedkamers open voor de trainingsteams en zorgt hij dat de kantine bemand is. “En als er niemand is, sta ik zelf achter de bar,” zegt hij schouderophalend. Gewoon, omdat het moet gebeuren.

Op zaterdag is het topdrukte op Dijkpolder. Zeker bij thuiswedstrijden van het eerste elftal is Edward vrijwel standaard in de commissiekamer te vinden. Mocht er een storing zijn, licht, water, techniek – dan is hij er als eerste bij. Problemen worden bij voorkeur direct opgelost.

Een club met een lange adem

Excelsior Maassluis is, als het om het eerste elftal gaat, soms een echte doorgangsclub. Spelers komen en gaan. Maar wat Edward het mooiste vindt? Dat ze terugkomen. Jaren later. Met hun eigen kinderen.

“Dan hoor ik: ‘Dat is mijn trainer geweest vroeger’, zeggen ze tegen hun zoon of dochter. Dat vind ik geweldig. Daar geniet ik echt van.”

Ook op zondag is hij meestal op het complex. Rustiger dan zaterdag, dat wel. Dan vult hij voorraden aan en regelt hij zaken die zijn blijven liggen. Er zijn trainingen van een voetbalschool, maar de kantine blijft dicht. Structuur moet er zijn.

Wie Edward zo hoort, weet één ding zeker: Excelsior Maassluis mag zich gelukkig prijzen met een verenigingsmanager die niet alleen het complex draaiende houdt, maar vooral het clubgevoel bewaakt. Zeven dagen per week. Zonder morren. Dat is clubliefde in zijn puurste vorm.

Klik op Excelsior Maassluis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Excelsior Maassluis voor meer informatie over de club.

Luuk Brand draait regelmatig ‘dubbel programma’ bij SVOD’22

0

OOSTKAPELLE – Het huidige seizoen begon Luuk Brand, net als het vorige overigens, bij de tweede selectie. Personele problemen deden Harro Hazelaar al vroeg besluiten om de middenvelder toe te voegen aan de selectie van het eerste. Sindsdien draait Brand regelmatig een dubbel programma op zaterdag bij zowel het tweede als het eerste.

“Dat is soms wel eens lastig qua planning en ook niet altijd ideaal omdat je al deels hebt gespeeld, dan op de bank zit en later wellicht weer moet invallen. Maar ik ben iemand die de club graag helpt en dan is dit een logisch gevolg als je tussen twee teams inzit.”

Brand is afkomstig van v.v. Domburg maar speelt al sinds zijn vijftiende voor de fusieclub. Daar krijgt hij dit seizoen dus regelmatig speelminuten bij de ambitieuze tweedeklasser. “Ik speel nog niet direct veel in de basis maar heb wel al in flink wat wedstrijden minuten gemaakt. Toch kies ik er zelf ook bewust voor om toch ook bij het tweede te spelen want ik ben uiteraard wel op voetbal gegaan om te spelen en niet om alleen op de bank te zitten en dan in te vallen. Realistisch ben ik overigens ook wel hoor, want de jongens die nu op mijn posities spelen zijn verder in hun ontwikkeling en ook beter.”

Niet alleen de stap van de jeugd naar het tweede bleek wennen voor Brand, maar ook het verschil tussen het tweede elftal en de hoofdmacht is best groot. “Ik train wel volledig met het eerste mee dus de gewenning neemt wel toe al was het in het begin zeker aanpoten. De handelingssnelheid ligt enorm hoog en ook de intensiteit is logischerwijs groter. Ik merk wel dat het me elke training en wedstrijd beter afgaat en dat ik stappen maak.”

Tot de JO19 speelde hij overigens altijd als centrumverdediger, maar sinds hij bij de senioren actief is ziet hij zichzelf altijd terug op het middenveld of als rechtsback. “Bij het eerste is dat het vaakst als middenvelder, wat denk ik ook wel het beste past bij mijn kwaliteiten als speler. In een controlerende rol de balans bewaken, gaten dichtlopen en zorgen voor de restverdediging.”

Zicht op een basisplaats heeft hij voor zijn gevoel nog niet direct, al hoopt hij er stiekem natuurlijk wel op. “Kansen zijn er altijd in een seizoen, het is aan mezelf om die momenten dat ik het kan laten zien ook doe. Je weet dan nooit hoe het loopt. Maar voorlopig geef ik mezelf nog de tijd om me te ontwikkelen. Voor mezelf is het daarom ook goed om dan eerst bij het tweede een deel van de wedstrijd te spelen zodat ik wel spelritme hou en dan daarna aansluit bij het eerste. Op termijn wil ik wel proberen om mezelf in het elftal te spelen want dat lijkt me toch het allermooiste. We hebben een prachtige groep waarbij iedereen goed omgaat met elkaar. Samen willen we streven naar het hoogste haalbare en daarin probeer ik de rol die ik krijg zo goed mogelijk in te vullen.”

Met het tweede elftal staat Brand momenteel bovenaan in de 2e Klasse Reserve, terwijl hij met het eerste nog volop meedoet voor de titel in de 2e Klasse van het zaterdagvoetbal. “Het zou toch helemaal fantastisch zijn om met beide teams te promoveren of misschien de titel te pakken. Niet één maar twee keer op die platte kar klimmen haha. Zover is het nog lang niet maar dat zou voor dit seizoen toch wel het ultieme zijn.”

Klik op SVOD’22 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SVOD’22 voor meer informatie over de club.

Sportveiligheid bij CWO vraagt meer dan vrijwilligerswerk

Binnen voetbalvereniging CWO is sportveiligheid uitgegroeid tot een dossier van formaat. Sinds november maakt Kevin Harkema deel uit van het bestuur, met sportveiligheid als expliciete portefeuille. Zijn opdracht is breed: zorgen voor een sportieve en gezellige clubcultuur, maar ook optreden bij wangedrag van spelers, ouders of bezoekers. Normen en waarden vormen daarbij het uitgangspunt.

Harkema ziet dat voetbalbreed incidenten blijven voorkomen. Ongeregeldheden, verbaal geweld en soms ook fysieke escalaties maken volgens hem duidelijk waarom een commissie sportveiligheid noodzakelijk is. Die commissie houdt zich niet alleen bezig met tuchtzaken, maar treedt ook op wanneer er sprake is van wanordelijkheden rondom wedstrijden of op het sportpark. Of het bij CWO vaker voorkomt dan elders is lastig te kwantificeren, maar het speelt wel degelijk.

De commissie bestaat uit vier personen. Harkema draagt als bestuurslid de eindverantwoordelijkheid; drie anderen voeren gesprekken met betrokkenen en pakken casussen op. Bij complexe of gevoelige kwesties sluit hij namens het bestuur aan. Die aanpak is bewust laagdrempelig: bij incidenten wordt altijd eerst het gesprek aangegaan met spelers, trainers of teammanagers. Daarbij wordt gekeken naar oorzaken, verbeterpunten en – indien nodig – sancties. Dat laatste doet de club ook zelfstandig, los van de KNVB.

Een belangrijk en groeiend onderdeel van het takenpakket is vandalisme. Vooral de kunstgrasvelden hebben te lijden onder schade. Barbecues, vuurwerk en het fietsen over de velden, onder meer met fatbikes, zorgen voor aanzienlijke herstelkosten. Hoewel de velden eigendom zijn van de gemeente Vlaardingen, raakt de schade direct de club. CWO onderhoudt daarom korte lijnen met gemeente, politie en handhaving. Er is zelfs een gezamenlijke groepsapp om snel te kunnen schakelen wanneer er iets misgaat, ook buiten de hekken van het sportpark.

De tijdsinvestering is aanzienlijk. Wat ooit in beleidsstukken werd ingeschat op enkele uren per maand, is inmiddels uitgegroeid tot een structurele belasting die tegen een fulltime inzet aan zit. Overleggen met instanties, het afhandelen van incidenten en preventieve maatregelen vergen steeds meer aandacht. Die ontwikkeling legt druk op vrijwilligers, zeker omdat sportveiligheid vaak bovenop andere functies komt.

Harkema zelf is geen oud-speler van CWO. Hij raakte betrokken via een vriendengroep die actief is in het zevende elftal, waar hij aanvankelijk als verzorger fungeerde. Door zijn bestuurlijke taken komt hij daar nauwelijks nog aan toe. Buiten de club werkt hij in de veiligheidsbranche in de haven, waar hij zich bezighoudt met het onderzoeken van veiligheidsincidenten en het opstellen van BHV-beleid. Die professionele achtergrond neemt hij mee naar zijn rol bij CWO.

Preventie krijgt steeds meer nadruk. Bij wedstrijden met een verhoogd risicoprofiel, zoals derby’s, zet de club extra middelen in. Zo was bij een duel tegen Victoria’04 beveiliging aanwezig. Niet vanuit de verwachting dat het mis zou gaan, maar om zichtbaar gastheerschap te tonen en escalatie te voorkomen. De club wil voorkomen dat de bond bestuurlijke maatregelen oplegt, zoals het tijdelijk stilleggen van een elftal na een rapportage van de scheidsrechter.

Volgens Harkema liggen de oorzaken van wangedrag deels in bredere maatschappelijke veranderingen. Hij ervaart dat de betrokkenheid bij clubs afneemt: spelers komen om te voetballen, maar voelen zich minder verantwoordelijk voor de vereniging en haar faciliteiten. Dat gebrek aan clubgevoel werkt respectloos gedrag in de hand, al erkent hij dat dit moeilijk hard te maken is.

Ondertussen zijn er wel individuele terreinverboden opgelegd. Daarnaast investeert CWO in toezicht. Op meerdere velden hangen camera’s van Field Touch, waarmee ongeoorloofd gebruik en vandalisme worden vastgelegd. Eerder plaatste de politie ook tijdelijk een camera bij de parkeerplaats.

Ondanks alles ziet Harkema positieve signalen. Teams worden voorafgaand aan wedstrijden actief benaderd, soms zelfs in de kleedkamer, met een positieve boodschap. Die benadering, gericht op verbinding, moet bijdragen aan wederzijds respect. Het uiteindelijke doel blijft helder: samen toewerken naar een veilig, plezierig en respectvol voetbalseizoen in Vlaardingen.

Klik op sv CWO voor de laatste artikelen over de club.
Klik op sv CWO voor meer informatie over de club.

Kinderkracht Hulverlening goud waard voor Zeelandia Middelburg

MIDDELBURG – Als speler is Niels Luteijn (32) al vele jaren succesvol met en van waarde voor zijn club Zeelandia Middelburg. Maar het blijft voor de aanvoerder niet bij twee avonden trainen en wedstrijden spelen voor de ambitieuze derdeklasser. Met zijn bedrijf Kinderkracht Hulpverlening biedt hij op de club dagbesteding aan jongeren met een beperking én is hij al jarenlang de drijvende kracht achter het G-voetbal bij de club.

“Momenteel bieden we drie dagen per week dagbestedingsactiviteiten aan, maar vanaf eind maart wordt dat dagelijks van maandag tot en met vrijdag. In totaal zijn er dan per dag zo’n zes á zeven op de club aan het werk. De werkzaamheden zijn afwisselend. Zo wassen we de trainingshesjes, maken we het complex en clubgebouw schoon, vullen we de koelkasten aan, maken we verse soep, fruitsalades en doen we het groenonderhoud. De gasten die hier werken zijn écht een onderdeel van de club en voelen zich enorm verantwoordelijk en verbonden met Zeelandia Middelburg. Deze samenwerking is voor zowel de jongeren, mijzelf en de club een win-win-win situatie op deze manier. Dat we van drie naar vijf dagen gaan zegt alles over hoe iedereen de samenwerking ervaart.”

Arbeidsgerichte dagbesteding, zo kunnen de werkzaamheden volgens de Luteijn die de jongeren uitvoeren het beste worden omschreven. “Eén van de gasten staat ook op zaterdag in de kiosk tijdens de wedstrijden, Hij helpt daar dan mee met de verkoop van koffie, thee en soep. Prachtig om te zien hoe hij ervan geniet en hoe de mensen het waarderen. Dat is schitterend om te zien en het zegt voor mij veel over hoe groot de maatschappelijke betrokkenheid van Zeelandia Middelburg is.”

Naast zijn werk als hulpverlener is de aanvoerder van het eerste elftal ook al jarenlang actief als trainer bij de G-voetballers van de club, een groep die door de jaren heel enorm is gegroeid. “Als ze er allemaal zijn dan hebben we zo’n vijftig spelers en speelsters op het veld staan. Een flink aantal. Gelukkig heb ik inmiddels een groep van zo’n tien trainers die allemaal paraat staan als het moet. Een mooi en leuk gezelschap met passie en bevlogenheid, heerlijk om mee te werken. Ondanks dat ik gemiddeld met trainen, training geven en mijn bedrijf in totaal zo’n vijftig uur op de club aanwezig ben voelt het totaal niet als werk. Het is mijn passie en de vriendschap, ontwikkeling én de liefde die je terugkrijgt van de jongeren maken elke dag opnieuw tot een feestje.”

PGB-begeleiding deed Luteijn al flink wat jaren, maar om er écht als onderneming in te springen dat ontstond een jaar of twee geleden. “Ik was met mijn vriendin op wereldreis en toen ontstond het idee. Dat heb ik toen uitgewerkt en ik ben enorm dankbaar dat de club, waar ik zelf ook al mijn hele leven als voetballer actief ben, me deze kansen heeft geboden. De support vanuit de club is groot en maakt het tot een succes. Met een pilot eerst één dag begonnen en straks zijn we hier alle weekdagen actief.”

En in het weekend staat hij ter ontspanning heerlijk zelf op het veld en probeert hij met Zeelandia Middelburg hun doel te bereiken. “We willen graag promoveren naar de tweede klasse. Dat wordt door een paar ‘slippertjes’ een ferme opgave. Toch gaan we er vol voor. Qua werk met Kinderkracht Hulpverlening en het G-voetbal gaat het crescendo tot nu toe. Hopelijk lukt het ook met het eerste elftal, het zou voor mij dit kalenderjaar nog wat extra glans geven.”

Klik op Zeelandia Middelburg voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Zeelandia Middelburg voor meer informatie over de club.

Altijd paraat voor MSV’71: Diana en Jeroen van Dun als stille krachten achter de club

Al bijna 25 jaar zijn Diana (58) en Jeroen (67) van Dun onlosmakelijk verbonden met MSV’71. Wat begon met drie voetballende zoons groeide uit tot een vrijwilligersrol die inmiddels een vast onderdeel van hun week is geworden. Zelf hebben ze nooit actief aan sport gedaan, maar via hun kinderen vonden ze hun plek binnen de club uit Maassluis.

Beiden zijn geboren en getogen in Maassluis. Jeroen werkte tot zijn pensioen in de verzekeringswereld bij AON. Diana werkt niet omdat zij te maken kreeg met fibromyalgie. Ze zijn al 40 jaar een stel en 37 jaar getrouwd.  Sport speelde in hun eigen jeugd geen rol. Jeroen groeide op in een gezin met tien kinderen. “Daar was geen geld voor sport,” vertelt hij nuchter. Toch stond hij in 1999 langs het veld toen hun oudste zoon begon met voetballen bij MSV’71. Niet veel later gaf hij zelf training aan diens team.

Voetbalervaring had hij niet, maar energie en enthousiasme des te meer. Via interne cursussen en oefenstof van internet leerde hij het vak in de praktijk. Rondo’s, partijtjes en vooral plezier stonden centraal. “Het belangrijkste was dat de kinderen werden vermaakt,” zegt Jeroen. Een club als MSV’71 kan het zich niet permitteren om voor elk team een betaalde trainer neer te zetten, dus vrijwilligers zijn onmisbaar. Als trainer van de F’jes beleefde hij een hoogtepunt met het winnen van de KNVB-beker. Dat betekende wedstrijden door het hele land, van Den Haag tot Lisse en Simonshaven.

Alle drie hun zoons waren keeper bij MSV’71. Inmiddels speelt alleen de middelste nog, in een vriendenteam bij MVV’27 in Maasland. De andere twee wonen nog in Maassluis; de jongste heeft onlangs een huis gekocht en gaat naar verwachting volgend jaar het ouderlijk huis verlaten. Ondertussen zijn Diana en Jeroen ook opa en oma geworden en passen ze geregeld op hun acht maanden oude kleinzoon.

Diana raakte later actief betrokken bij de club. Toen de jongste ging voetballen, kreeg zij meer ruimte om vrijwilligerswerk te doen. Ze organiseerde jarenlang de jeugdkampen en bedacht daarbij de spellen. Ook beheert ze de sleutels van het complex, herstelt ze kleding en springt ze bij achter de bar als dat nodig is. Sinds 2016 verzorgt ze de planning van de kleedkamers en velden. In 2020 werd ze wedstrijdsecretaris, een functie waarbij ook nieuwe inschrijvingen, het aanmelden van teams en het verplaatsen van wedstrijden horen. Eigenlijk is het teveel om op te noemen.

Jeroen stopte uiteindelijk als trainer, maar bleef actief. Hij verzorgt het onderhoud en de groenvoorziening op het complex, geeft en neemt op zaterdag trainingsmaterialen uit in de commissiekamer en was in het verleden grensrechter bij het eerste elftal en scheidsrechter bij jeugdwedstrijden. Tijdens het gesprek blijkt hoe vanzelfsprekend hun rol is: regelmatig worden ze aangesproken met vragen of gevraagd even bij te springen voor koffie of chocomel.

Samen maken ze de kantine schoon. Wat ooit een taak van Diana met anderen was, doen ze sinds Jeroens pensioen samen. In totaal besteden ze naar eigen inschatting twintig tot vijfentwintig uur per week aan de club. Ze zien het niet als verplichting, maar als ontspanning. Zelfs het schoonmaken beschouwen ze als een sport.

Tegelijkertijd zien ze dat het vrijwilligersklimaat verandert. “We betalen toch contributie? Dus moet alles gewoon gedaan worden,” hoort Diana regelmatig van ouders. Alleen tijdens de megaweek van MSV’71 melden zich massaal vrijwilligers. “Dat is leuk,” zegt Jeroen. Ondanks die ontwikkeling blijven zij zich inzetten. MSV’71 is volgens hen een gezellige club, met korte lijnen en zonder druk.

Dyllan Davidse ziet teveel wisselvalligheid bij derdeklasser RCS

0

OOST-SOUBURG – In de rechterrij van de 3e Klasse J, het is de positie waar RCS zich al het gehele seizoen tot nu toe bevindt. Het is volgens aanvoerder Dyllan Davidse niet de plek waar ze thuishoren, maar door wisselvalligheid in het spel de bittere realiteit. ‘We moeten er mee dealen en zorgen dat we uiteindelijk de weg omhoog gaan inzetten.’

Half oktober pakte RCS pas hun eerste punt in de competitie na een beroerde start. De eerste overwinning volgde pas op 22 november tegen WIK’57. Uiteindelijk wisten de Souburgers nog een aantal overwinningen en gelijke spelen te boeken, maar de centrale middenvelder is allerminst tevreden met de prestaties.

“Nee, het is niet waar we vooraf aan het seizoen op hadden gerekend. Het is echter over de gehele lijn ondermaats en veel te wisselvallig. Het is lastig te duiden waaraan het ligt dat we onszelf in deze situatie hebben gebracht. Teveel mindere fases en niet goed genoeg gespeeld in wedstrijden waar we kansen hadden op winst. Ondanks dat we een paar uitschieters hadden hikken we te vaak tegen een gemis aan doelpunten aan. Niet iedereen haalt zijn normale niveau en dan loop je achter de feiten aan.”

Davidse zag dat hij en zijn ploeggenoten tegen onder meer Dauwendaele en FC Axel een zekere overwinning uit handen gaven. “Kostbare punten die je niet pakt. Het is in deze klasse noodzakelijk om toch je punten te pakken want het zit dicht bij elkaar qua niveau bij verschillende teams. Normaal zijn wij een ploeg die zeker in de linkerrij thuishoort, maar dan moet je kansen die je krijgt wel verzilveren en dat hebben we te weinig gedaan.”

Het doel van RCS was volgens de captain helder. “Bovenin meedoen en minstens een periode pakken. Ik vind ook dat wij het als ploeg verplicht zijn met onze kwaliteiten dat we daarvoor moeten gaan, elk seizoen opnieuw. De trainer twijfelde in het begin van dit seizoen om door te gaan, maar nu heeft hij voor twee jaar verlengd. Een goede zaak, want daar ligt het niet aan. We moeten zelf als spelers in de spiegel kijken en zorgen dat we die wisselvalligheid uit ons spel krijgen. We hebben de kwaliteiten dus ik ben er van overtuigd dat we sowieso boven de streep zullen eindigen.”

Sinds zijn zesde speelt hij voor de Souburgers, met een uitstap van vier jaar bij JVOZ. Uiteindelijk keerde hij terug maar kreeg hij te maken met fysiek ongemak. “Dat was een klotetijd. Ik had een schouder die steeds uit de kom ging, ben meerdere keren geopereerd . Het koste me uiteindelijk ruim drie jaar, maar gelukkig ben ik weer helemaal fit en dat voelt geweldig. Net zoals ik het een eer vind om aanvoerder te zijn bij afwezigheid van onze vaste captain Vjeko Krezo. Die is gelukkig na een lange knieblessure op de weg terug en dat is voor ons heel belangrijk. Dan sta ik die band weer af, maar tot die tijd draag ik hem zeker elke wedstrijd met trots.”

In het restant van het seizoen gaan Davidse en RCS elke week vol overtuiging voor de punten en de aanvoerder voelt dat er persoonlijk nog veel meer inzit. “Ik zit nog niet op mijn oude niveau en speel daardoor nu nog in een controlerende rol op het middenveld. Qua conditie en fitheid kan ik nog wel wat procenten groeien. Ik hou van de duels waar op het middenveld ook mijn kracht ligt. Ik moet echter nog fitter worden en nog meer zorgen dat ik van extra waarde kan zijn voor de ploeg. We kunnen en moeten allemaal nog beter, daar is iedereen hier zich vol van bewust en dan gaan we echt nog wel plekken klimmen, zonder twijfel!”

Klik op RCS voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RCS voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.