Home Blog Pagina 1439

V.v. Groote Lindt kansloos in Kinderdijk

Op een zonovergoten en vol sportpark De Schans stond v.v. Groote Lindt tegenover De Zwerver. Het beloofde een lastige middag te worden voor Groote Lindt. Met de minste verliespunten staat De Zwerver dan ook aan kop in de 3e klasse C.

V.v. Groote Lindt startte afwezig, leek onder de indruk van het volle sportpark en de gedrevenheid van De Zwerver. Binnen de 5 minuten lag de bal al achter de Zwijndrechtse doelman; 1 – 0. Groote Lindt probeerde als collectief onder de druk van De Zwerver uit te voetballen en wist dan ook paar keer gevaarlijk te worden voor het Kinderdijkse goal. Na de ingelaste drinkpauze krijgt De Zwerver een aantal ongekende mogelijkheden om te scoren.

Het was echter balverlies van Groote Lindt wat aan de basis staat van de 2e goal. De Zwerver schakelde razend snel om en wist via een combinatie een speler alleen voor de keeper te zetten 2 – 0. Na rust een zelfde spelbeeld: een overtuigend en solide De Zwerver en een spartelend en slordig Groote Lindt. Typerend was een Zwijndrechtse vrije trap die hoog over het doel in de omliggende tuinen belandde. Het was dan ook wachten op het volgende doelpunt van De Zwerver. Met een mooie steekpass en een goede loopactie wist De Zwerver een buitenspel situatie te voorkomen en tekende daarmee de 3 – 0 aan.

Voor v.v. Groote Lindt worden het spannende weken. De ploeg staat nu op de 5e plaats echter er zitten maar 3 punten naar een nacompetitieplaats. Het is dus nu vooral naar beneden kijken op de ranglijst in plaats van naar boven. Met wedstijden tegen De Alblas (10 mei) en EBOH (19 mei) die voor het kampioenschap strijden en IFC (26 mei) wat nog lang niet veilig is staan er niet de gemakkelijkste tegenstanders op het programma. In de thuiswedstrijd tegen het reeds gedegradeerde Leerdam Sport (12 mei) moeten dan toch zeker de volle 3 punten worden behaald.

 

‘Bijzonder en erg fijn hoe twee clubs zijn samengesmolten tot één HHC’09’

Sjan Brouwer en Sjaak Cordes helpen heel graag HHC’09 met allerlei klusjes. Gemiddeld vier dagen per week is het gepensioneerde stel aanwezig om zich in te zetten voor de fusieclub, waar het volgens hen erg goed mee gaat.

OUDHEUSDEN – Al meer dan veertig jaar zet Sjan Brouwer zich in voor HHC’09. Althans: die club ontstond op 1 juli 2009 als gevolg van de fusie tussen VV Herptse Boys en SV Heusden. Daarvoor was Sjan altijd vrijwilligster bij laatstgenoemde club. Maar Brouwer zet zich net zo actief in voor de nieuwe club zoals ze dit deed bij SV Heusden, zoals iedereen eigenlijk volgens haar heel goed is omgegaan met de samensmelting van de twee voetbalclubs. “Vroeger was er rivaliteit tussen beide clubs, maar die is helemaal verdwenen. Heel mooi vind ik dat, bij veel andere clubs is er vaak gedoe rondom zo’n fusie. Ik ben blij dat het zo gegaan is.”

Samen met haar partner Sjaak Cordes is ze gemiddeld vier dagen per week te vinden op sportcomplex De Oosters. Als het eerste thuis speelt, zorgt Sjan dat de heren in de bestuurskamer op zondag niets te kort komen. Op donderdagavond draaien Sjaak en Sjan samen de bardienst in de kantine, op zaterdag zijn de twee ook vaak op de club te vinden en op maandagavond maken ze met een clubje vaak het hele terrein schoon. In de zomervakantie zaten ze ook niet stil.

“Ik ergerde me aan de muren in de bestuurskamer, dus we hebben de boel even een likje verf gegeven”, zegt Sjan. “We zijn allebei met pensioen en maken ons graag nuttig voor de club. Zo blijven we niet alleen in beweging, maar clubleden waarderen onze inspanningen ook gelukkig. Het is fijn dat er een redelijk vaste kern is met vrijwilligers die zich inzetten voor HHC’09.”

Bij HHC’09 is er een meisjesteam actief, verder heerst er een echte mannencultuur volgens Sjan. “Maar dat is niet erg”, zegt ze. “Ik voel me wel thuis in die cultuur hoor. Op het gebied van voetbal ben ik heel goed op de hoogte, ik volg alles. Feyenoord is mijn favoriete club naast HHC’09 natuurlijk. Ik vind het fijn en belangrijk dat ik met iedereen mee kan praten in de kantine, dat is toch wel gezelliger dan dat je geen idee hebt waarover iedereen praat?”, lacht ze.

 

CvdW: v.v. Hellevoetsluis – Voorbeschouwing komend weekend.

Deze editie was v.v. Hellevoetsluis de Club van de Week en komend weekend speelt het eerste elftal van de club thuis tegen CWO. De uitwedstrijd eerder dit seizoen, op 28 oktober 2017 eindigde in een 1-0 overwinning voor de club uit Vlaardingen.

Na de winterstop wist Hellevoetsluis de eerste wedstrijd van het nieuwe kalenderjaar niet te winnen. Er werd namelijk verloren van SSS Klaaswaal (2-1). De wedstrijd die hierop volgde, werd wel weer gewonnen. Hellevoetsluis was met 2-1 wederom te sterk voor Neptunus-Schiebroek.

Na deze wedstrijd wist v.v. Hellevoetsluis nog vier wedstrijden te winnen, namelijk Piershil uit (0-1), Sparta AV thuis (1-0), Alexandria’66 uit (3-4) en Rhoon thuis (4-0). Na de vier overwinningen werden de volgende drie wedstrijden verloren: Berkel uit (3-1), BVCB uit (4-1) en SSS Klaaswaal thuis (1-2). Tot slot werd er afgelopen weekend uit gelijk gespeeld tegen SVS (2-2).

Na de winterstop heeft CWO elf wedstrijden gespeeld, waaruit de club slechts 13 van de mogelijke 33 punten wist te bemachtigen. CWO begon na de winterstop met een thuiswedstrijd tegen Alexandria’66. Deze wedstrijd eindigde in een 1-2 overwinning voor de bezoekers. Een week later, de thuiswedstrijd tegen Zuidland, stond na negentig minuten exact dezelfde eindstand op het formulier. Zuidland wist namelijk met 1-2 te winnen van de club uit Vlaardingen.

Hierna zijn er nog negen wedstrijden gespeeld, waarvan er 4 gewonnen werden, 1 gelijk eindigde en 4 verloren werden. Gewonnen werd er van Strijen uit (1-3), VDL thuis (4-0), BVCB thuis (2-1) en Rhoon uit (2-5). Er werd gelijkgespeeld bij Alexandria’66 uit (1-1) en er werd verloren van Piershil uit (3-1), SVS thuis (0-3), SSS Klaaswaal uit (3-0) en Berkel thuis (0-2),

Deze week is er gesproken met Edwin Boogaard, Wim Verheij en Edwin de Koning over hun betrokkenheid, de club en hun rol binnen de club. Daarnaast is er aan de bovenstaande mensen ook gevraagd om een voorspelling te doen voor de wedstrijd v.v. Hellevoetsluis – CWO Vlaardingen.

Voorspellingen van de clubmensen
Wim Verheij: ”Hellevoetsluis is een team wat het moet hebben van teamspirit en willen werken voor elkaar. Wij zullen vol aan de bak moeten zaterdag. Wij hebben maar weinig wedstrijden makkelijk gewonnen, maar als je tot drie keer toe met 10 man een wedstrijd naar je toe weet te trekken, dan zit de teamprestatie en teamspirit wel goed.’’

Edwin de Koning: ‘’Het is een goede, stugge ploeg die goed staan. Daar gaan wij het heel moeilijk tegen krijgen. Als wij kampioen willen worden zijn dit wel de wedstrijden waarin je drie punten moet pakken. Met minder kunnen we geen genoegen nemen en haak je af voor het kampioenschap.’’

Edwin Boogaard: ‘’Het zal niet makkelijk gaan, want wij hebben dit seizoen nog geen wedstrijd fluitend gewonnen. Ook heeft CWO de punten hard nodig. CWO wist twee weken geleden nog te winnen van koploper BVCB en brachten zij ons de eerste nederlaag van het seizoen toe. Het zal geen makkelijke opgave worden, maar om in de race voor de titel te blijven is winst wel noodzakelijk.’’

Voorspellingen eindstand
Wim Verheij:           2-1 voor Hellevoetsluis.
Edwin de Koning:  2-0 voor Hellevoetsluis.
Edwin Boogaard:   3-2 voor Hellevoetsluis.

 

Het VoetbalJournaal bedankt v.v. Hellevoetsluis voor haar medewerking en wenst de club veel succes in de strijd om het kampioenschap!

 

Bert Koomen hervindt plezier bij FC Lisse

Zijn voetbalschoenen waren al bijna onder in een kast verdwenen, toen FC Lisse Bert Koomen overtuigde om toch een vervolg te geven aan zijn carrière. Nu maakt de 20-jarige Sassenheimer namens de tweededivisionist meters op het middenveld. “Ik voel me steeds sterker worden.”

Hij had bij Feyenoord, dat hem als F-je bij Ter Leede ontdekte en wegplukte, nog een contract van één seizoen. Op eigen verzoek werd dat contract ontbonden. “Ik was het plezier in voetbal helemaal kwijt”, zegt Koomen over die stap. “Ik heb in twee seizoenen tien wedstrijden gespeeld. Daar doe je het niet voor.”

Koomen doorliep op Varkenoord, het opleidingscentrum van de landskampioen, alle jeugdelftallen. Op zijn achttiende, na zijn juniorenleeftijd, tekende hij een tweejarig contract als speler van Jong Feyenoord. Een signaal dat de Rotterdammers het in hem zagen zitten. “Het was de bedoeling dat ik verhuurd zou worden om elders ervaring op te doen.” Tot een verhuur kwam in het, tenminste in het eerste seizoen, niet. Door een zware blessure was hij maandenlang uit de roulatie. “We speelden bij NEC uit”, kijkt hij terug op die gewraakte dag. “Ik scheurde mijn kruisband.”

De weg terug was zwaar en lang, toch raakte Koomen weer helemaal fit. FC Den Bosch huurde de speler, maar bij de eerstedivisionist kwam hij weinig aan spelen toe. In stadion De Vliert kwam hij maar tot zes optredens. “Dat was te weinig”, reageert Koomen zonder dat hij daarbij met een beschuldigende vinger naar anderen wijst. “Dat heeft geen zin.”

Nieuwe belangstelling van een eerstedivisieclub bleef vervolgens uit. Dat kan Koomen zelf wel begrijpen. “Een grote naam had ik nog niet, ik was een relatief onbekende speler die net kwam kijken. Dat ik maar tien wedstrijden in twee seizoenen had gespeeld, wekt ook niet meteen interesse op.”

Koomen was bovenal het plezier in voetbal verloren. “Ik had mijn contract bij Feyenoord kunnen uitdienen, maar zo zit ik niet in elkaar. Ik moet er volledig achter staan van wat ik doe. Ik heb nu mijn school weer opgepakt. Via mijn vader, die mensen kent bij de club, kwam FC Lisse in beeld.”

“Ik ging vroeger regelmatig kijken met mijn vader, ik kende de club dus al. FC Lisse is goed te combineren met school en speelt bovendien nog op een zeer aardig niveau. Heel veel minder is de Tweede Divisie niet dan de Jupiler League. Het enige verschil zit ‘m in het aantal trainingen per week. Daardoor zijn de spelers in de eerste divisie fysiek sterker.”

Bij Lisse moest hij knokken om in de basis te komen. “De trainer koos eerst voor de spelers waarmee FC Lisse vorig seizoen was gepromoveerd. Dat was logisch. Ik heb in het begin mijn minuten in het tweede gemaakt en kon van daaruit werken om beter te worden. Ik kwam er steeds dichter tegenaan.”

Als rechtshalf, terwijl Koomen in zijn Feyenoord-tijd vooral als centrumverdediger en rechtsback speelde. “Een mooie, dynamische positie”, zegt hij over zijn plek op het middenveld. “Het ligt me wel. Ik ben sterk en snel. Aanvallend kan ik mijn steentje bijdragen, verdedigend sta ik zeker ook mijn mannetje.”

De Tweede Divisie is voor hem ook op een ander gebied een uitvlucht. De kunstgrasvolle competitie van de eerste divisie blijft hem dit seizoen bespaard. “In de Tweede Divisie spelen veel clubs nog op natuurgras. Dat is veel fijner. Dat nieuwe kunstgras is ook al beter, maar die oude kunstgrasvelden zijn een ramp. Je speelt op een laag beton. Mijn kruisbandblessure, die ik bij NEC opliep, was op kunstgras.”

 

De wereld ziet er voor De Vlieger anders uit na prachtig seizoenslot bij GOES.

©Foto’s: René van der Vliet

Op vakantie op het Spaanse partyeiland Ibiza liet GOES-speler Remon de Vlieger (24) het afgelopen seizoen een paar keer de revue passeren. Niet alleen omdat hij zijn (ex-) teamgenoten Teun Rentmeester, Bart Deprez en Ray Kroon er tegenkwam, maar ook omdat het een krankzinnig seizoen was.

Hoewel Steve Schalkwijk de een na de andere goal scoorde was dé man van de nacompetitie toch wel Remon de Vlieger. Tijdens het seizoen veelvuldig gepasseerd door trainer John Karelse, maar tijdens het seizoenstoetje o zo belangrijk. ,,Het leek lange tijd een mislukt seizoen te worden”, begint De Vlieger. ,,In de voorbereiding kreeg ik last van m’n knie en heb ik alles gemist. Toen ik een paar weken fit was begon ik in de basis en scoorde ik, maar binnen vijftien minuten kneusde ik m’n teen. Vier weken later gebeurde dat weer.” Pas na de winterstop was de fijnbesnaarde linkspoot weer geheel blessurevrij. ,,Ik trainde hard en viel bijna iedere wedstrijd in. We wonnen alles dus begon ik telkens op de bank. Natuurlijk had ik weleens discussies met Karelse, maar aan de andere kant had ik ook wel weer begrip voor zijn keuzes.”

VC Vlissingen
Net voor de start van de nacompetitie profiteerde de Vlissinger van twee blessuregevallen. Hij pakte zijn kans, en hoe. In het seizoenslot was hij goed voor drie treffers, waarvan hij er twee scoorde in de finale tegen Boshuizen. Toen de selectie in de eigen kantine werd getrakteerd op pizza’s richtte Karelse zich in zijn afscheidswoord ook tot De Vlieger. ,,Hij gaf min of meer zijn fout toe dat hij mij te weinig had laten spelen. Dat vond ik heel netjes. John keek na de nacompetitie toch wel anders tegen mij aan, want nadien vroeg hij nog of ik interesse had om met hem mee naar VC Vlissingen te gaan. Maar ik had mijn jawoord al gegeven aan GOES.”

Flirt
Toch moet dat niet als teleurstelling worden opgevat. Hoewel De Vlieger ook flirtte met het Baronie van zijn voormalige trainer Jurriaan van Poelje is hij blij om onder de nieuwe oefenmeester Rogier Veenstra te kunnen werken. ,,Ik ga na die nacompetitie toch anders het nieuwe seizoen in. En hoe Rogier te werk gaat dat bevalt me wel. Zijn omgang met spelers, hoe hij zaken overbrengt en beargumenteerd. Dan kom je bij mij wel binnen…”

 

CvdW: v.v. Hellevoetsluis – Wim Verheij

Deze editie is v.v. Hellevoetsluis de Club van de Week en het VoetbalJournaal heeft gesproken met Wim Verheij over het jeugdvoorzitterschap, zijn spelerscarrière en de wedstrijd van aankomend weekend. Wim Verheij (48) is al 40 jaar lid van v.v. Hellevoetsluis en op het moment is hij, naast jeugdvoorzitter, ook nog actief als trainer van de JO17-1.

CvdW: v.v. Hellevoetsluis – Wim Verheij Na een lange carrière als speler, heeft Verheij drie jaar geleden besloten om te stoppen met voetballen. Maar spijt van deze beslissing heeft hij zeker niet. Verheij: ‘’Uiteraard is zelf voetballen het leukste wat er is, maar ik haal meer dan genoeg voldoening uit het trainen en wat er allemaal op de club gebeurt.’’

Verheij gaf aan dat hij heeft besloten om te stoppen als speler, omdat het lastig werd dit te combineren met zijn werk en het trainerschap. ‘’Op een gegeven moment kon ik zelf niet meer blijven voetballen. Ik werk zelf namelijk in de continudiensten en daarnaast ging het elftal dat ik train, naarmate zij ouder werden, steeds later spelen.’’

Verheij heeft alle jeugdteams doorlopen bij Hellevoetsluis. In de senioren heeft hij 15 jaar lang in het eerste elftal van de club gespeeld. Na zijn avontuur in het eerste, besloten hij en enkele andere spelers om een nieuw team samen te stellen. Zodoende werd het derde elftal opgericht. ‘’Na enkele jaren werd dit elftal omgezet naar een veteranenelftal. De spelers bleven nagenoeg hetzelfde, aangezien iedere speler ouder dan 35 jaar was.’’

Betrokkenheid bij de jeugd
Verheij is al 8 jaar lang betrokken bij de jeugd. Zo traint hij ieder jaar nog steeds een jeugdelftal. Sinds twee jaar is hij daarnaast ook actief als jeugdvoorzitter. Zijn voorganger besloot ermee te stoppen, omdat hij meer wilde gaan reizen. Toen zijn voorganger had aangegeven te willen stoppen als jeugdvoorzitter, vroeg hij aan Verheij of hij het over wilde nemen. Persoonlijk vindt Verheij het (nog steeds) het leukste om op het veld te staan en de jeugd te trainen.

Zo’n 8 á 9 jaar geleden is Verheij begonnen bij de jeugdafdeling om zodoende de jeugd nieuw leven in te blazen. ‘’Samen met een x aantal speler (toenmalig eerste elftalspelers) zijn wij opnieuw ingestapt om de jeugd weer omhoog te brengen, want dat zat eigenlijk een beetje op een dood spoor. Nu heb ik zelf zoiets van: het is nu wel tijd om het over te nemen en te zorgen dat ik een goede groep mensen om mij heen heb. Het blijft namelijk altijd moeilijk om die personen te vinden.’’

Trainerschap
Op het moment is Verheij de trainer van de JO17-1 en hierdoor is hij regelmatig (even) niet aanwezig op de club. ‘’Als ik niet aanwezig ben, dan is er altijd wel iemand anders aanwezig om de mensen op te vangen. Dat is iets wat wij als jeugdbestuur aardig goed voor elkaar hebben. Iedere zaterdag zijn er genoeg mensen om in de ochtend van alles klaar te zetten. Wij hebben op dit moment niet te klagen over het aantal vrijwilligers die actief zijn bij Hellevoetsluis.’’

Verheij gaf aan dat Hellevoetsluis de normen en waarden hoog in het vaandel staan. ‘’In mijn ogen moeten wij dat dan ook naleven. Als er iemand een misstap begaat en die persoon heeft al een waarschuwing gehad, dan moet je ook afscheid van iemand kunnen nemen, vind ik. Je kan niet blijven waarschuwen, dan verlies je namelijk ook je geloofwaardigheid naar de andere spelers/ leden. Uiteraard blijft het wel lastig hoor, maar ik vind dat je je op een club gewoon moet gedragen en binnen de lijnen moet blijven.’’

‘’Net als iedere andere club, streven wij er ook naar dat er bepaalde oefeningen bij meerdere teams worden uitgevoerd en geoefend. Zo willen wij dat als je bijvoorbeeld naar de JO11-1 kijkt en vervolgens bij de JO11-4, dat je dan dezelfde oefening ziet, alleen misschien in een wat moeilijkere of juist wat makkelijkere vorm.’’

Verwachting aankomend weekend
Als Verheij de mogelijkheid heeft, dan gaat hij altijd bij het eerste elftal kijken. ‘’Ik weet dat CWO de laatste weken zeer goed bezig is en wij gaan altijd voor de overwinning, aangezien wij voor het kampioenschap spelen. Maar het zal een zware wedstrijd worden, denk ik.’’

”Hellevoetsluis is een team wat het moet hebben van teamspirit en willen werken voor elkaar. Wij zullen vol aan de bak moeten zaterdag. Wij hebben maar weinig wedstrijden makkelijk gewonnen, maar als je tot drie keer toe met 10 man een wedstrijd naar je toe weet te trekken, dan zit de teamprestatie en teamspirit wel goed.’’

‘’Naast onze wedstrijd staat dit weekend ook de wedstrijd tussen BVCB en Berkel op het programma. Bij een misstap van BVCB en een overwinning voor ons, dan kan je misschien leuke zaken doen.’’

Verheij hoopt uiteraard dat v.v. Hellevoetsluis wint komend weekend. ‘’Anders ben je geen Hellevoeter natuurlijk, maar het zal best zwaar worden denk ik.’’ Hij voorspelt een 2-1 overwinning voor Hellevoetsluis.

CvdW: v.v. Hellevoetsluis – Wim Verheij

 

CvdW: v.v. Hellevoetsluis – Edwin de Koning

Hoofdtrainer Edwin de Koning van v.v. Hellevoetsluis is met veel plezier bezig aan zijn achtste seizoen als hoofdtrainer bij het eerste elftal. De 50-jarige coach steekt niet alleen veel energie in de selectie, maar doet dit voor de gehele vereniging. ‘’Ik vind het leuk om als trainer het maximale uit de groep te halen, maar vind het ook leuk om binnen een vereniging structuur aan te brengen wat uiteindelijk resulteert in een bepaalde community.’’

De Koning begon zijn actieve voetbalcarrière bij Rhoon in het jongste jeugdelftal en werd op 12-jarige leeftijd gescout door Excelsior. Bij de profclub uit Rotterdam doorliep de Koning de gehele jeugdopleiding en schopte het zelfs tot het eerste. ‘’Toen ik bij het eerste kwam was Rob Jacobs mijn trainer en die zei dat ik een leuke keeper was maar dat ik het niet ging redden op het hoogste niveau. Ik speelde drie wedstrijden, maar heb uiteindelijk toch gekozen om mijn carrière maatschappelijk voort te zetten en weer lekker te gaan voetballen bij Rhoon.’’ Het grootste deel van zijn loopbaan speelde hij bij de club en werd, na verschillende functies te hebben gehad binnen de club, uiteindelijk hoofdtrainer.

Na tien jaar hoofdtrainerschap vertrok de Koning naar v.v. Hellevoetsluis, maar komt nog steeds erg graag bij de Rhoon. ‘’Ik ben erelid bij de club en de supporterszijde heet ook de King-side, vernoemd naar mij. Dat heb ik als afscheid gekregen, wat een mooi compliment is voor de energie die ik erin heb gestopt.’’ Dit jaar spelen Rhoon en Hellevoetsluis in dezelfde competitie en de Koning wist, op voor hem bekend terrein, te winnen met zijn ploeg. ‘’Dat we op de King-side hebben gewonnen dit jaar doet me natuurlijk wel erg goed en de trainer van Rhoon is ook nog eens een goede vriend van me, dat maakt het nog mooier.’’

Deze week is de Koning druk bezig op het jaarlijkse jeugdkamp van Hellevoetsluis. Dit typeert zijn passie en manier van werken. ‘’Ik ben verantwoordelijk voor het eerste en tweede, maar ben betrokken bij de gehele vereniging. Helpen bij het jeugdkamp, jeugdtrainingen geven en af en toe een wedstrijdje fluiten vind ik horen bij mijn taken als trainer. Daarmee is niet iedere hoofdtrainer het eens, maar ik vind dat wel. Daardoor ben ik niet de beste, maar wel de leukste trainer denk ik.’’

De Koning roemt de organisatie en sfeer van de club. ‘’Wat ik belangrijk vind bij een club aan te treffen is de menselijke kant. Hellevoet is een no-nonsense club. Wanneer we winnen is iedereen blij en wanneer we verliezen is men heel even teleurgesteld, maar daarna komt de menselijke kant gewoon weer terug. Iedereen kan hier zichzelf zijn en dat vind ik belangrijk.’’ Over het bestuur is de Koning ook lovend. ‘’ Waar het bestuur van andere verenigingen nog wel eens lastige situaties creëert voor een trainer, is dat bij Hellevoet niet het geval. Ons bestuur is erg realistisch en staan voor de trainer, spelers en club. Zij zorgen voor rust en stabiliteit en dat kenmerkt de club.’’

Momenteel is Hellevoetsluis nog volop in de race voor het kampioenschap. De achterstand op koploper BVCB is twee punten. De Koning: ‘’Wij hebben een geweldige eerste seizoenshelft gehad waarbij we vaak aan de goede kant van de streep stonden. Toen maakte we in blessuretijd een goal of ging de bal er via de binnenkant van de paal in. Nu zitten we in de fase dat we hem in de laatste minuut tegen krijgen of dat de bal via de paal de goal uit gaat. Dat zit even tegen. Aan de andere kant zijn we realistisch. Ik zeg niet dat het seizoen al geslaagd is met de behaalde periodetitel, maar dat is een mooie bijkomstigheid. We hebben 21 van de 23 weken bovenaan gestaan en dan ga je geloven in een kampioenschap. Daar gaan wij alles aan doen de resterende vier wedstrijden.

Komende zaterdag komt CWO op bezoek in Hellevoetsluis. Uit werd er verloren met 1-0 en zo heeft de ploeg wat goed te maken. De Koning heeft de ploeg vorige week geanalyseerd toen ze tegen Rhoon speelde. ‘’Het is een goede, stugge ploeg die goed staan. Daar gaan wij het heel moeilijk tegen krijgen. Als wij kampioen willen worden zijn dit wel de wedstrijden waarin je drie punten moet pakken. Met minder kunnen we geen genoegen nemen en haak je af voor het kampioenschap.’’ De hoofdcoach verwacht én wil graag met 2-0 winnen. ‘’Op iedere andere manier 3 punten bijschrijven is ook prima, al wordt het 7-6 in ons voordeel. We gaan er alles aan doen om te winnen.’’

 

Unitas’30 en meisjesvoetbal: een goede combinatie.

Het meisjesvoetbal zit in de lift bij Unitas’30. De voetbalgigant uit Etten-Leur met ongeveer 1.600 leden blijkt een magneet voor jongedames uit de regio die allemaal op hun eigen niveau een balletje kunnen trappen. Bij de vereniging pakken ze het opleiden van talentvolle speelsters serieus aan, maar dit moet niet ten koste gaan van het voetbalplezier.

Een donderdag in Etten-Leur. Op deze frisse doordeweekse avond is er buiten weinig te beleven in de West-Brabantse plaats, totdat de felle lichtmasten van sportpark De Lage Banken opdoemen. Hier aan de Concordialaan is het een drukte van belang, want op de vijf velden wemelt het van de teams. Veel jonge knaapjes in geel-zwarte trainingspakken werken zich in het zweet op de kunstgrasvelden, maar het zijn niet alleen maar jongensteams die fanatiek staan te trainen.

Een groepje gedreven jongedames werkt namelijk een aantal pittige sprintoefeningen af, tot grote tevredenheid van de toekijkende Marcel de Bruijn en Richard Rockx. “Ze worden conditioneel flink onder handen genomen. Niet altijd even leuk, maar dat onderdeel hoort ook bij het voetbal als je beter wilt worden”, zegt De Bruijn.

Gelukkig voor Unitas’30 zijn er voldoende meisjes die lid worden bij de grootste club van Etten-Leur, om inderdaad een betere voetbalster te worden. “We hebben ongeveer 160 voetballende meisjes en dames bij Unitas’30”, vertelt De Bruijn even later in de hypermoderne kantine van de club. Als jeugdcoördinator werkt hij samen met onder meer Richard Rockx aan de professionalisering van de meisjes- en damestak bij Unitas’30.

De club schreef dit seizoen elf meisjesteams en twee damesteams in voor de competitie en is daar erg content mee. “Op het gebied van meisjesvoetbal zijn we veruit de grootste club in de omgeving en dat is erg leuk”, aldus De Bruijn. “Niet alleen meisjes uit Etten-Leur, maar vanuit andere dorpen krijgen we aanmeldingen van jongedames. Dat wil zeggen dat we hier goed bezig zijn met zijn allen. Dat is een compliment voor al onze vrijwilligers die zich inzetten voor deze tak binnen de club.”

Dat zijn er een hoop. Sinds het seizoen 2016-2017 besloot men bij Unitas’30 de schouders te zetten onder de professionalisering van het meisjes- en damesvoetbal. “Met ons eerste vrouwenteam willen we zo hoog mogelijk gaan spelen. Ook hopen we dat onze selectieteams bij de meisjes allemaal op een goed niveau gaan uitkomen”, vertelt Rockx over de ambitieuze plannen. De jeugdcoördinator prijst zich gelukkig met het feit dat Unitas’30 een behoorlijke vijver van talenten heeft om uit te vissen.

“Veel kleine clubs moeten meiden van allerlei verschillende leeftijden bij elkaar in het team zetten om aan genoeg speelsters te komen, maar daar is hier geen sprake van. Iedereen speelt hier zo veel mogelijk met meisjes van dezelfde leeftijd en dat vinden de speelsters fijn. Wat we wel van plan zijn: meisjes vaker laten meespelen bij jongensteams. Dit is namelijk erg goed voor hun ontwikkeling als voetbalster.”

Net als veel verenigingen kreeg het meisjesvoetbal bij Unitas’30 een flinke boost door de goede prestaties van de Oranje Leeuwinnen. Rockx en De Bruijn zijn beiden vaders van voetballende dochters (bij Unitas’30) en maakten van dichtbij mee hoe de sport bij meisjes steeds populairder is geworden. “Vooral de jongste meisjes gaan tegenwoordig eerder voetballen, dat merken we aan onze ledenaantallen per leeftijdscategorie”, zegt Rockx. “Vroeger gingen veel meisjes eerst sporten als hockey of turnen uitproberen, om later alsnog te switchen naar voetbal. Nu is dat anders en dat is positief. Hoe eerder meisjes gaan voetballen, hoe sneller ze zich ontwikkelen.”

Unitas’30 biedt elk team de gelegenheid om tweemaal in de week te trainen en dus staan de meisjes van de club als er een wedstrijd is vaak driemaal in de week op de velden van sportpark De Lage Banken. Aangestuurd door gediplomeerde trainers worden zij gemotiveerd om het beste uit zichzelf naar boven te halen. Maar dit mag volgens De Bruijn niet ten koste gaan van het spelplezier. “We zijn ambitieus, maar meisjes die puur voor het plezier spelen, zijn voor ons net zo belangrijk. We willen graag dat alle meisjes en dames het naar hun zin hebben bij Unitas’30, dan zijn wij als organisatie ook tevreden.”

 

 

Veteranenvoetbal springlevend bij IFC.

Dat het voetballeven niet ophoudt bij 40 jaar, wordt wekelijks bewezen door de vele duizenden veteranen die de Nederlandse voetbalvelden op zaterdagmiddag en zondagochtend onveilig maken. Dat het voetballeven na de veertig zelfs veel leuker kan zijn dan ervoor is minder bekend, maar wie de dwaze oude kerels van IFC’s zondag 10 (ook wel bekend als ‘jongens onder 60’) een tijdje volgt, kan toch moeilijk tot een andere conclusie komen.

H-I-AMBACHT – Met hun knalroze shirts zijn ze een opvallende verschijning op de voetbalvelden van Rotterdam en omgeving, de mannen van IFC 10. Leider Gerard Stolk, ook wel bekend als ‘De Generaal’ of ‘De Man met de Pet’ vertelt wat graag over ‘zijn’ jongens.

Hoe kom je aan die pet?
Gerard Stolk: ,,Daar is de ‘Anti-Loop’ in ons eerste jaar een keer mee aan komen zetten. Zijn vrouw had hem ergens op een rommelmarkt gekocht en had het Zondag 10-logo erop geplakt. Het schijnt een oude brandweercommandantspet uit Duitsland te zijn. Vanaf de eerste keer dat ik hem op heb, krijg ik er zoveel commentaar op dat de pet niet meer is weg te denken. Ik ben hem wel eens vergeten mee te nemen naar een uitwedstrijd en toen vroegen zelfs de tegenstanders waar mijn pet was.’’

Vanwaar die roze shirts, IFC speelt toch in het rood/zwart?
Gerard Stolk: ,,Klopt, maar toen onze oude shirts aan vervanging toe waren, speelden we in een competitie waarin meer dan de helft van de tegenstanders ook een rood shirt hadden. We moesten dus bijna elke thuiswedstrijd reserveshirts aan, en dat waren we op een gegeven moment knap zat. Daarom hebben we gekozen voor een shirt dat niemand heeft, en hoeven we nooit meer reserveshirts aan. Overigens komen de IFC-kleuren terug in een rood-zwarte diagonale baan, dus helemaal afwijkend zijn we niet. Het mooie is dat onze resultaten sinds we deze shirts hebben sterk verbeterd zijn.’’

Vertel eens over jullie resultaten
Gerard Stolk: ,,Nou, in de eerste jaren verloren we alles, en waren we al blij als het aantal tegendoelpunten onder de 100 bleef. Gelukkig heeft de sfeer er nooit onder geleden, want die is altijd top geweest en is dat nog steeds. Na de wedstrijd muziek en een biertje in de kleedkamer en elkaar flink plagen met de gemiste kansen en de onnodige tegendoelpunten, want dat kan tussen vrienden.

In de loop der jaren zijn er mindere voetballers afgevallen en betere en vooral jongere ingestroomd, zoals Verlosser, Abe, Blonde Pijl, Mels, Bunzing, John Beton en Engel. Daardoor eindigden we elk jaar weer een plekje hoger. De laatste twee jaar is die instroom met Patigol, Hapsnurker, Sheriff en Kikker nog versterkt, waardoor we tot onze eigen verbazing dit jaar ineens bovenaan staan. Dat hadden we zeven 7 jaar geleden niet kunnen bedenken.

En wat zijn jullie ambities?
Gerard Stolk: ,,Er is eigenlijk maar één echte ambitie: het moet vooral leuk blijven! Maar nu we op tweederde van de competitie bovenaan staan, willen we natuurlijk ook kampioen worden. Dat kun je wel begrijpen. Eerlijk gezegd verheug ik me nu al op het feest dat dan zal losbarsten. Hoe het dan volgend jaar gaat, in een hogere klasse, zien we dan wel weer.’’

 

 

HSSC’61-sterkhouders slaan vleugels uit.

De successen van HSSC’61 dit seizoen in het district West I en de individuele ontwikkeling van verschillende spelers blijft ook niet onopgemerkt bij andere verenigingen in de regio. Inmiddels is duidelijk dat drie sterkhouders de club uit Hei- en Boeicop zullen verlaten: Floris Kool, Arwin van Soest en Mark Steenbeek zullen na de zomervakantie niet meer in het oranje-zwarte tenue.

HEI- EN BOEICOP – Het is de schaduwzijde van het succes die HSSC’61 treft. De sterke prestaties ‘in den vreemde’, in het district West I, blijven niet onopgemerkt door andere verenigingen en dat betekent dat de spelers van de club uit Hei- en Boeicop met veel interesse worden bekeken. En dat leidt derhalve ook tot een vertrek van sommige basiswaarden naar elders, zo is momenteel al duidelijk geworden.

De status van Floris Kool in de regio is al enige tijd bekend. Scherpschutter, goaltjesdief, neusje voor het vijandelijke doel: Kool heeft zijn status waargemaakt en dat maakt hem buitengewoon interessant als speler. Het komend seizoen maakt Kool de overstap naar Heukelum, een stapje hogerop voor de doelpuntemachine die mag bewijzen dat hij ook in een andere omgeving makkelijk het net kan vinden.

Ook Arwin van Soest heeft de knoop eerder dit seizoen doorgehakt: zijn voetbaltoekomst ligt het komend seizoen in glasstad Leerdam, waar LRC Leerdam de club wordt waar hij zich zal gaan manifesteren. Aanvankelijk leek het er nog op dat aanvallende middenvelder Van Soest op Het Plein zou blijven, maar toch besloot hij de sprong te wagen.

Een derde sterkhouder keert terug naar de club waar hij al eens voor speelde. Mark Steenbeek (foto), de voetballer met de uitstraling van een onverschrokken Viking, keert terug naar Leerdam Sport’55, de club die hij verliet om bij HSSC’61 te gaan spelen. Steenbeek leek aanvankelijk te gaan stoppen vanwege zijn werkzaamheden, maar heeft er toch voor gekozen om zijn carrière voort te zetten bij Leerdam Sport’55 dat ambities heeft om weer omhoog te klauteren.

Het vertrek van de drie sterkhouders heeft in elk geval consequenties. Want waar HSSSC’61 ook zal spelen komend seizoen, het vervangen van het belangrijke trio zal tijd vergen voor trainer Gerrit Molenaar.

 

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.