Home Blog Pagina 1114

BSM heeft het juiste model gevonden

BSM is hard op weg om bij de jeugdopleiding het eigen succesmodel te bouwen. “We moeten onze sterke punten als kleine speler maximaal benutten”, zegt Xander Frencken, voorzitter van de jeugdcommissie van de Bennebroekse club.

BSM had maar wat graag langer in zee gegaan met Wim de Jong. De oud-speler van Noordwijk was vorig seizoen op sportpark ’t Rottegat werkzaam als technisch jeugdcoördinator. De Jong kreeg echter een mooie aanbieding van FC Rijnvogels, waar hij trainer van de vrouwen, die spelen in de topklasse, kon worden.

“Wim heeft ons verder richting gegeven”, zegt Frencken. “We zijn al een tijdje bezig om een goede structuur neer te zetten. Binnen ons eigen perspectief proberen we dat zo goed mogelijk te doen.”

De strijd aangaan met grootmachten in de buurt als Hoofddorp, HBS, HFC of Hillegom heeft volgens Frencken geen zin. “De schaalgrootte van die clubs is van een geheel andere orde. Wij zijn een dorpsclub. Wij hebben nu 250 jeugdleden en zijn de afgelopen jaren steeds een paar procent gegroeid. Maar Bennebroek blijft een dorp. Garantie dat we verder groeien is er niet. De vijver is hier niet oneindig groot. Als er een paar jaar minder kinderen zijn geboren, voelen wij dat meteen.”

BSM, zo zegt Frencken, heeft zijn eigen ambitie ontwikkeld. “Plezier is bij ons het allerbelangrijkste en het uitgangspunt. Daarbij willen we de kinderen ook nog wat proberen mee te geven op voetbalgebied. Maar wel binnen onze eigen grenzen. We hebben een voetbalvisie, maar wat is 4-33 waard als we bij de JO15 één team hebben van twaalf spelers waarvan er maar twee in de spits kunnen spelen? Dan heeft het geen zin om halsstarrig vast te houden aan die visie.”

BSM heeft de laatste jaren vooral ingezet op (bij)scholen van trainers, die bijna allemaal ook ouders zijn. “Dat doen we vanuit het idee dat we het samen moeten doen. We willen niet dat trainers het gevoel hebben van ‘ze laten het mij maar uitzoeken’. Eens in de zoveel tijd staan we met alle jeugdtrainers op het veld. De trainers van de JO14 bereiden dan bijvoorbeeld een training voor en de andere trainers geven daar feedback op. Door op die manier over voetbal te praten draag je kennis over. Dat willen we graag. Trainers leren van elkaar.”

Onder Wim de Jong is bij de onderbouw nog meer de aandacht te komen liggen op de techniek. Frencken: “Maar de factor plezier blijft essentieel. Wij kiezen altijd voor de bal en niet voor 36 rondjes langs het veld.”

Frencken weet ook wat de volgende stap van zijn club is: betaalde, gediplomeerde trainers. “Vooral in de bovenbouw is daar behoefte aan. Je moet denken aan de JO15, JO17 en JO19, waarbij het groepsproces dynamisch is en tactisch meer wordt gevraagd. Voor beginnende trainers zijn wij de ideale club. Hier verzuipen ze niet, maar krijgen ze alle aandacht.”

Wil je meer informatie over de club BSM? Klik hier.
Lees hier de krant van de Bollenstreek.

PCP heeft een speciaal plekje in Vermeeren zijn hart

PCP werd vorig seizoen glansrijk kampioen in de vijfde klasse, waardoor de club voor het eerst sinds acht jaar uitkomt op een hoger niveau. Middenvelder Mickey Vermeeren (27), die bezig is aan zijn tweede periode in het eerste, is ervan overtuigd dat de Bredanaars zich handhaven in de veel sterkere competitie.

Met overmacht greep PCP vorig seizoen de titel in de vijfde klasse. De amateurs van FC Dordrecht volgden op vier punten, maar verder kon geen enkel team de prestaties van de succesformatie uit Brabantpark bijbenen. “We hadden een ijzersterk elftal, dat de doelpunten aaneenreeg”, zo blikt Mickey Vermeeren terug. Opvallend: de ploeg van Peter Maaskant scoorde maar liefst 92 goals en op uitzondering van uitgerekend Vermeeren na was iedereen trefzeker in het elftal. “Zelfs onze keeper heeft uit een penalty raak geschoten, maar als linksback bleef ik helaas droog staan”, zegt hij met een glimlach. “Maar ik gaf wel veel assists en voerde verdedigend mijn taken uit”, voegt hij toe.

Vermeeren groeide op bij JEKA en doorliep bij die club alle jeugdelftallen. Na enkele jaren in het eerste maakte hij de overstap naar PCP, de club waar enkele vrienden van hem speelden. Dat was een hele overgang voor de Bredanaar. “JEKA is een enorme vereniging, waar alles tiptop geregeld is. PCP is de kleinste voetbalclub van de stad, maar dat heeft ook wel z’n charme. Iedereen kent elkaar en in het bestuur zitten echte clubmensen, die zielsveel van PCP houden.”

WARME GEVOELENS
Al snel kreeg ook Vermeeren warme gevoelens voor de club. Na drie seizoenen in PCP 1 vertrok hij voor een jaartje naar vv Bavel, maar vorig jaar keerde hij alweer terug op het oude nest. “Ik wilde bij Bavel in de derde klasse voor mijn kans gaan in het eerste, maar door blessures speelde ik voornamelijk in het tweede. Ik besloot daarom terug te keren naar PCP en die keuze heeft goed uitgepakt. De club heeft een speciaal plekje gekregen in mijn hart, ik was blij om terug te zijn. We hadden een heel multicultureel team en onderling klikte het perfect, waardoor we een topseizoen draaiden. Het was genieten om met al die gasten te spelen. We hadden onder meer Nederlanders, Mexicanen, Turken en Marokkanen in het team en dat ging prima. PCP had in de jaren daarvoor telkens net naast promotie gegrepen, deze titel verdiende de hele club.” Van het kampioensteam zijn er nu nog slechts een handvol spelers over die het vlaggenschip vertegenwoordigen op sportpark Lage Kant. Er vertrokken veel jongens bij PCP en omdat de club een kleine jeugdafdeling heeft, versterkte de inmiddels vertrokken trainer Peter Maaskant de selectie met veel nieuwe aanwinsten. “Het is jammer dat we de boel niet bij elkaar konden houden, maar ook nu hebben we een prima selectie. In de eerste seizoenshelft zijn we helaas niet zo best gestart, maar ik denk dat we na de winterstop wegkomen uit de degradatiezone. Ons team is dan op elkaar ingespeeld. We gaan we ons zeker handhaven in de vierde klasse.”

Wil je meer informatie over de club PCP? Klik hier.
Lees hier de krant van Breda.

De Weert wil minimaal de 250 duels voor RKVV Meto halen

HOOGERHEIDE – Een blessure van anderhalf jaar én en uitstapje van twee seizoenen RKVV Roosendaal. Die twee zaken hebben ervoor gezorgd, dat Donovan de Weert (28) nu pas rond de tweehonderd officiële duels staat voor RKVV Meto. Daar moeten er dus nog minstens vijftig bij.

“Dat is wel iets wat ik heel graag zou willen bereiken inderdaad. In de kantine hebben ze een ‘Wall of Fame’ waarop spelers van de club staan afgebeeld met foto’s, die allemaal minstens tweehonderdvijftig duels hebben gespeeld. Het lijkt me heel gaaf om daar uiteindelijk dan ook tussen de staan en een zichtbaar stukje te worden van de clubgeschiedenis”, zegt de centrale verdediger onomwonden.

En waar er bij overige clubs ook de bekerwedstrijden bijvoorbeeld worden meegenomen, daar tellen bij de club uit Hoogerheide ‘slechts’ competitie- en nacompetitieduels. “Ik heb dus in elk geval nog wel een aantal seizoenen te gaan voordat ik die mijlpaal ga bereiken, maar het is zeker het streven voor mezelf.”

Wat een andere doel is van de Meto-clubman, dat is een eventuele promotie met zijn ploeg naar de derde klasse van het zondagvoetbal. Momenteel lijkt dat nog een brug te ver, omdat De Weert met zijn club in de subtop van de vierde klasse B bivakkeert. Een paar duels met onnodig puntverlies heeft ervoor gezorgd dat de koppositie vooralsnog een bétje uit het vizier lijkt.

“Dat is jammer. In sommige wedstrijden hebben we er als ploeg te gemakzuchtig over gedacht. Kregen we op het laatst nog uit enkele standaardsituaties of door slecht gepositioneerd te staan goals tegen die ons punten hebben gekost. Hoe kostbaar die zijn, dat zal aan het eind van de rit pas duidelijk worden. Zaak is wel om ervoor te zorgen dat we bovenin blijven meedraaien en goed de winterstop ingaan. Maar nog belangrijker is, om in 2020 goed en alert van start te gaan. Want ik denk zonder meer, dat we met deze selectie in staat moeten zijn om tot het einde toe voor promotie te blijven meespelen.”

Vooralsnog spelen dus de jeugdige gemakzucht en wisselvalligheid het elftal danig parten. Net als vorig seizoen in de vierde klasse A tegen met name de Zeeuwse tegenstanders, leverde dat dus enkele onnodige zeperds op. “En daar moeten we beter mee omgaan. Een wedstrijd beter lezen en ook in het slot van de duels de punten over de streep trekken. Wanneer we dat gaan doen in het restant van de competitie, dan weet ik zeker dat we met deze groep heel erg dichtbij gaan komen. Het zou mooi zijn om dan alvast een van de doelstellingen die ik hier bij de club heb te bereiken. En die tweehonderdvijftig duels? Dat zal nog wel enkele seizoenen moeten wachten…”

Wil je meer informatie over de club RKVV Meto? Klik hier.
Lees hier de krant van Bergen op Zoom.

Handhaven is het voornaamste doel voor RKVV Grenswachters

PUTTE – Handhaving. Het is het woord dat bovenaan staat bij vierdeklasser RKVV Grenswachters uit Putte. Wegblijven uit de gevarenzone is volgens linksback Thom van Dongen is vooralsnog het enige wat telt.

“We zijn vorig seizoen op één doelpunt na niet gedegradeerd. Dat willen we nu koste wat het kost zien te voorkomen en daar doen we alles aan. Zo ver mogelijk van de gevaarlijke plekken weg zien te blijven is wat we ons als selectie ten doel hebben gesteld. Al denk ik wel, dat we gezien onze selectie toch wel wat meer moeten kunnen bereiken uiteindelijk.”

Van Dongen is tweeëntwintig en is al sinds zijn zevende bij de club uit de grensplaats actief. Via de eigen jeugd kwam de student aan de Universiteit van Tilburg, waar hij een pre-master strategic management volgt, terecht als linksachter in de Grenswachters-defensie. Daar beleefde hij vorig jaar een sportief rampjaar, met bijna een degradatie tot gevolg. “Vorig jaar was een seizoen om snel te vergeten. Naast dat de wil om te winnen ontbrak en ons spel slecht was, hadden we naar mijn mening ook gewoon veel pech. Meerdere tegenstanders hebben ons verteld, dat ze er niets van snapten dat wij zo laag stonden. Omdat we voetballend vaak aardig meededen maar uiteindelijk niet de punten pakten.”

Dit seizoen gaat het wat dat betreft met RKVV Grenswachters sportief gezien een heel stuk beter, als heeft de ploeg volgens Van Dongen ook nu weer onnodige punten laten liggen onderweg. “We hebben een nieuwe trainer, die als persoon ook goed bij ons team past. De tactiek is ten opzichte van voorgaande jaren niet heel verschillend, ook zijn er op het gebied spelersmateriaal geen gekke dingen gebeurd. Wanneer er vertrouwen heerst en de wil er om te winnen is, dan maken wij het elke ploeg lastig. Dat is denk ik het belangrijkste verschil ten opzichte van vorig jaar. Toch denk ik dat we ons meer hadden kunnen belonen tegen ploegen in de bovenste regionen. De wedstrijden tegen Meto, Odio en BSC had meer ingezeten. Je voetbalt lekker mee maar loopt uiteindelijk toch tegen onnodige goals en gemiste kansen aan. Wanneer we dat aspect na de winter kunnen omdraaien, dan kunnen we tegen elke ploeg in onze klasse punten pakken. ”

Het eerste doel is en blijft vooralsnog uit de degradatiezone blijven. Het scenario van vorig seizoen wil Van Dongen absoluut niet nog eens meemaken. “Op een doelpunt na niet degraderen, dan kruip je echt door het oog van de naald. We zijn op de goede weg in elk geval, daar heb ik in elk geval alle vertrouwen in”

Wil je meer informatie over de club RKVV Grenswachters? Klik hier.
Lees hier de krant van Bergen op Zoom.

In gesprek met Ricardo Ottevanger jeugdtrainer FC Dordrecht

Ricardo Ottevanger (21) is voetbaltrainer bij FC Dordrecht. De Ridderkerker doet dit al zeven jaar en zelf voetbalt hij ook sinds zijn vijfde. In zijn vrije tijd werkt hij bij een tussen schoolse opvang en werkt hij bij een organisatie waar ze FIFA en Fortnite toernooien organiseert, omdat hij dit makkelijk kan combineren met zijn voetbaltrainingen.

Ottevanger is al jong begonnen met training geven. ‘’Mijn vader was voetbaltrainer en ik had voetbal na zijn training, dus ik hielp vaak mee en zo ben ik erin gedoken.’’ Dit seizoen is Ottevanger trainer bij FC Dordrecht. ‘’Hiervoor ben ik twee jaar trainer geweest bij Sportclub Feyenoord en ik ben daarvoor begonnen bij RVVH waar ik ook vijftien jaar heb gevoetbald. Ik voetbal nu voor mijn derde seizoen bij SV Slikkerveer tweede klasse.’’

De jonge trainer heeft het erg naar zijn zin bij FC Dordrecht. ‘’Ik train JO-16. Ik vind het erg leuk om ze te trainen want ik vind het leuk om met kinderen bezig te zijn en te zorgen dat ze er alles uithalen wat er in zit. Het is een moeilijke leeftijd want ze gaan de pubertijd in en dan moeten ze keuzes gaan maken en het proberen te combineren met school, maar ik praat ook goed met ze daarover.’’

Afgelopen jaar heeft de trainer zijn UEFA C gehaald bij het Albeda Sport en Bewegen. ‘’Ik heb me nu ook ingeschreven voor mijn UEFA B dus die wil ik zo snel mogelijk gaan halen. Als ik die heb dan wil ik me UEFA A halen, maar daar moet je eerst zoveel jaren ervaring voor hebben, maar als ik die heb wil ik zo hoog mogelijk gaan komen en veel ervaring op gaan doen en dan zie ik wel waar het schip strand.’’

Ricardo is wel van plan om zijn hele leven op het veld te blijven staan. ‘’Mijn droom is tot mijn 30-35ste de jeugd te trainen en daarna het betaald voetbal in te komen als voetbaltrainer. Daar doe ik alles voor om dat te gaan halen.’’

Een moment wat Ottevanger nooit meer zal vergeten in de tijd dat die trainer is was een stageopdracht vanuit school. ‘’We hebben toen meegaan aan de Danone Nation Cup, daarbij hebben we de voorrondes gespeeld. Regionaal en nationaal met een straatteam. Bij het regionale team waren we derde, dus niet door maar toen werden we een week voor het nationale toernooi gebeld dat we toch door waren, omdat het eerste team fraude had gepleegd. Bij het nationaal toernooi zijn we eerste geworden tegen Zoetermeer. Toen moesten we Nederland gaan vertegenwoordigen in New York tegen 32 landen. Toen zaten we daar met kinderen van 10 tot 12 jaar in New York! En dat was dan een stageopdracht met een van mijn goede vrienden. We zijn toen 21ste geëindigd. Het was echt heel mooi. Daarnaast hadden wij de Fairplay Cup gewonnen.‘’

 

In gesprek met Ricardo Ottevanger jeugdtrainer FC Dordrecht

Ricardo Ottevanger (21) is voetbaltrainer bij FC Dordrecht. De Ridderkerker doet dit al zeven jaar en zelf voetbalt hij ook sinds zijn vijfde. In zijn vrije tijd werkt hij bij een tussen schoolse opvang en werkt hij bij een organisatie waar ze FIFA en Fortnite toernooien organiseert, omdat hij dit makkelijk kan combineren met zijn voetbaltrainingen.

Ottevanger is al jong begonnen met training geven. ‘’Mijn vader was voetbaltrainer en ik had voetbal na zijn training, dus ik hielp vaak mee en zo ben ik erin gedoken.’’ Dit seizoen is Ottevanger trainer bij FC Dordrecht. ‘’Hiervoor ben ik twee jaar trainer geweest bij Sportclub Feyenoord en ik ben daarvoor begonnen bij RVVH waar ik ook vijftien jaar heb gevoetbald. Ik voetbal nu voor mijn derde seizoen bij SV Slikkerveer tweede klasse.’’

De jonge trainer heeft het erg naar zijn zin bij FC Dordrecht. ‘’Ik train JO-16. Ik vind het erg leuk om ze te trainen want ik vind het leuk om met kinderen bezig te zijn en te zorgen dat ze er alles uithalen wat er in zit. Het is een moeilijke leeftijd want ze gaan de pubertijd in en dan moeten ze keuzes gaan maken en het proberen te combineren met school, maar ik praat ook goed met ze daarover.’’

Afgelopen jaar heeft de trainer zijn UEFA C gehaald bij het Albeda Sport en Bewegen. ‘’Ik heb me nu ook ingeschreven voor mijn UEFA B dus die wil ik zo snel mogelijk gaan halen. Als ik die heb dan wil ik me UEFA A halen, maar daar moet je eerst zoveel jaren ervaring voor hebben, maar als ik die heb wil ik zo hoog mogelijk gaan komen en veel ervaring op gaan doen en dan zie ik wel waar het schip strand.’’

Ricardo is wel van plan om zijn hele leven op het veld te blijven staan. ‘’Mijn droom is tot mijn 30-35ste de jeugd te trainen en daarna het betaald voetbal in te komen als voetbaltrainer. Daar doe ik alles voor om dat te gaan halen.’’

Een moment wat Ottevanger nooit meer zal vergeten in de tijd dat die trainer is was een stageopdracht vanuit school. ‘’We hebben toen meegaan aan de Danone Nation Cup, daarbij hebben we de voorrondes gespeeld. Regionaal en nationaal met een straatteam. Bij het regionale team waren we derde, dus niet door maar toen werden we een week voor het nationale toernooi gebeld dat we toch door waren, omdat het eerste team fraude had gepleegd. Bij het nationaal toernooi zijn we eerste geworden tegen Zoetermeer. Toen moesten we Nederland gaan vertegenwoordigen in New York tegen 32 landen. Toen zaten we daar met kinderen van 10 tot 12 jaar in New York! En dat was dan een stageopdracht met een van mijn goede vrienden. We zijn toen 21ste geëindigd. Het was echt heel mooi. Daarnaast hadden wij de Fairplay Cup gewonnen.‘’

 

Onderscheidingen op nieuwjaarsreceptie NIVO-Sparta

Foto van Links naar rechts: Jan van Wordragen, Ad Verwijs, Gustavo Enciso Garcia en Bronno Roemers van NIVO-Sparta.

Tijdens de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie is Bronno Roemers onderscheiden als erelid van N.I.V.O.-Sparta. Tevens waren er onderscheidingen voor Ad Verwijs, Jan van Wordragen en Gustavo Enciso Garcia. Zij allen kregen de ‘Lid van Verdienste’ speld uitgereikt.

Ook zijn de volgende jubilarissen gehuldigd;

25 jaar lid: Jan-Willem van Huët

40 jaar lid: Gustavo Enciso Garcia en Bronno Roemers

50 jaar lid: Lex van Loon, Henk Teelen, Henk de Laat en Henk van Zuydam

60 jaar lid: Cees Rike

Fotograaf: Marco Oomen

Meer informatie over NIVO-Sparta vindt u hier.
Of lees hier een ander artikel over NIVO-Sparta

In gesprek met Sjef Leenearts van RSV

Sjef Leenearts (38) – rechts boven – is leider van het team van zijn twee dochters bij RSV in Rucphen. Hij heeft de MO11-2 onder zijn hoede, maar doet dat niet alleen. Sjef zijn zoon speelt ook bij RSV, dit doet hij in de JO7.

Zelf heeft Sjef altijd gevoetbald bij Alliance in Roosendaal. “Ik had hier tot mijn achttiende ongeveer gevoetbald, maar toen ik moest doorschuiven naar de senioren brak ik helaas mijn enkel. Het was dat ik toen ook voor mijn eigen begon en daarnaast ook niet heel erg veel tijd had om daarnaast nog eens te voetballen.” Hij is zo zelf een interieur bouwbedrijf begonnen. “Ik verzorg voornamelijk keukens, kasten en tafels. Dit doe ik bij particuliere tot aan horecabedrijven en voetbalkantines.”

Sjef zijn oudste dochter begon vorig jaar met voetballen. “Ik stond toen al een beetje aan de zijlijn te coachen, daar is het dus een beetje begonnen. Het team schoof door en een vriend van mij was trainer van dat elftal. Hij besloot om te stoppen met zijn taak, waardoor ik het stokje over ben gaan nemen. We doen dit nu met z’n drieën. Er zit ook nog een vrouw bij wat voor die meiden handig is voor in de kleedkamer.”

Het is volgens Sjef leuk om zo bezig te zijn. “Het is leuk dat ik via deze manier toch weer betrokken ben geraakt bij het voetbal en dat maakt het alleen maar extra leuk dat je eigen dochters daar staan. Ik ben er dan ook zeer trots op.”

Onderling hebben de kinderen het ook hartstikke leuk. “Buiten het voetbal doen we ook hier en daar wat activiteiten. Je merkt ook aan de meiden dat ze dat hartstikke leuk vinden. Dat doet ons als ouders zijnde ook goed.”

Het is soms even puzzelen, maar als het kan verdeelt Sjef de tijd over zijn kinderen. “Mijn zoontje voetbalt natuurlijk ook. Vaak is het zo dat mijn vrouw mee op pad is met mijn zoontje en ik met de meiden. Als we allebei thuis moeten voetballen komen mijn kinderen dan ook bij elkaar kijken. We gaan dan eerder naar de club of we blijven iets langer.”

Naast het leiden van het team tennist Sjef in zijn vrije tijd. “Ik stond op het punt om in een kelderklasse team aan te sluiten, waar mijn vrouw mij voor was. Ze vroeg of ik mee wilde tennissen, wat mij ook erg leuk leek. Bovendien kunnen we dat ook samendoen, dat vond ik eigenlijk ook wel belangrijk.”

Een paar weken voor de winterstop was het moment dat de kinderen niet zo snel meer zullen vergeten. Het was de eerste wedstrijd die ze wonnen. Vaak verloren ze en soms met dubbele cijfers. Maar het zijn kinderen en het gaat erom dat ze plezier in het spelletje hebben. De kinderen waren zo blij, dat doet mij als leider ook goed.”

Er zit volgens Sjef dan ook wel echt een stijgende lijn in. “Steeds merk je dat ze meer en meer willen winnen, zo verliezen ze steeds maar met één doelpunt verschil. De stijgende lijn is wel degelijk zichtbaar in mijn ogen. Het niveau is dan ook snel omhooggegaan.”

Meer informatie over RSV ? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over RSV.

Le Feber en Van de Velde voelen zich thuis bij UVV’40

Jarenlang pendelden Dennis le Feber (26) en Nick van de Velde (23) drie keer in de week op en neer tussen hun woonplaats Breda en hun Zeeuwse cluppie FC Axel. Daar hadden ze genoeg van en dus ging het Zeeuwse duo op zoek naar een team in de buurt. Na een rondgang langs de velden kwamen ze uit bij UVV’40. Daar hebben de twee het prima naar hun zin.

Zoals zoveel Zeeuwen zijn Dennis le Feber en Nick van de Velde een aantal jaren geleden neergestreken in Breda. De uitspraak ‘uit het oog, uit het hart’ had geen betrekking op het tweetal, want de voetballers reisden trouw driemaal in de week naar Zeeuws-Vlaanderen. Daar speelden ze in het eerste team van FC Axel, dat al jarenlang uitkomt in de tweede klasse zaterdag. “Het is de club uit ons dorp en we konden de vereniging en het team moeilijk loslaten”, zegt Van de Velde. “Onze jeugdvrienden spelen er en je kent er sowieso iedereen. Maar we werden het reizen steeds meer beu. Een retourtje Breda-Axel kost je namelijk ruim twee uur. Bovendien werden de prestaties van FC Axel ook steeds minder. Afgelopen zomer was er ook eens een leegloop in het team en toen hebben we besloten om te vertrekken. We wilden in de buurt van Breda gaan voetballen.”

DERDE ZEEUW
Het was Marthijn van Ham die iemand kende bij UVV’40. Van Ham was de derde Zeeuwse ‘Bredanaar’ die net als Le Feber en Van de Velde besloot te vertrekken bij FC Axel. Hij regelde een proeftraining voor hem en zijn maatjes bij de club uit Ulvenhout. Het trio kreeg groen licht om aan te sluiten bij de selectie van de derdeklasser, maar voor aanvaller Van Ham was die pret maar van korte duur. Hij scheurde in de voorbereiding zijn kruisband af en stond dus direct buitenspel.

FYSIEK VOETBAL
Gelukkig gaat het aanvaller Le Feber en verdediger Van de Velde beter af in het team van Johan Gabriëls, al moesten ze wel wennen. “Het voetbal is veel fysieker dan in Zeeland. Elke ploeg gooit vol de beuk erin, maar dat ligt mij wel”, zegt Le Feber, die door werkverplichtingen en blessures in de eerste seizoenshelft niet elke wedstrijd speelde. Van de Velde stond vaker in de basis. “De overstap vond ik best spannend. Het is toch afwachten of je past in het team en bij de club”, zegt de verdediger. “Maar de nervositeit was al snel voorbij. Voetballend doen Dennis en ik niet onder voor de rest en de sfeer op de club vinden wij allebei uitstekend. We zijn goed opgevangen.” UVV’40 eindige vorig jaar als zevende. Dit seizoen bivakkeerde het team Gabriëls in de eerste seizoenshelft in de degradatiezone, tot frustratie van Le Feber. “We voetballen goed, maar we scoren helaas erg weinig. Ik als aanvaller hoop daar snel verandering in te brengen.” Zijn maatje Van de Velde stelt dat het spoedig beter zal gaan met UVV’40. “Na de winterstop gaan we klimmen op de ranglijst, daar ben ik van overtuigd.”

Wil je meer informatie over de club UVV’40? Klik hier.
Lees hier de krant van Breda.

Opleiding Curio Sport en Bewegen groeit en ontwikkelt

Een gerenoveerd schoolgebouw, goedgevulde leerjaren en een Talentencentrum dat naast de deur wordt gebouwd: het gaat goed met de mbo-opleiding sport en bewegen van onderwijsinstelling Curio. Het team heeft een volwaardige opleiding op poten gezet.

De in Breda gevestigde opleiding Curio sport en bewegen, het voormalige Vitalis college Sport & Bewegen, biedt de volledige niveau 2, 3 en 4 opleiding aan. Het kent daarin acht verschillende afstudeerprofielen, maar ook verschillende keuzedelen: keuzedelen waarmee studenten zich kunnen verdiepen in hun afstudeerprofiel, denk hierbij aan conditie- en hersteltrainer voor het profi el trainer/coach verenigingssporten, maar ook keuzedelen waarin ze zich verbreden.

Dat zijn bijvoorbeeld sneeuwsporten, persluchtduiken en voetbal. In het keuzedeel voetbal volgen de studenten de KNVB-cursus Pupillen- en Juniorentrainer.

De mbo-school vindt het belangrijk om een goede aansluiting te houden met het werkveld. Daarom worden ieder jaar gastsprekers uitgenodigd en bedrijven en sportverenigingen bezocht. Zo was een delegatie van de opleiding onlangs nog op de KNVB Campus in Zeist.

De studenten krijgen in het schooljaar de ruimte voor stages. De docenten gaan vier keer per jaar op bezoek bij de stageplaatsen, om zo goed contact te onderhouden met het werkveld en om een vinger aan de pols te houden bij de ontwikkeling van de student. Er is een goede samenwerking met het Sportleerbedrijf Breda. Zij “matchen” de studenten aan passende stageplaatsen. Aangezien dat Sportleerbedrijf in het schoolgebouw zit, kunnen de studenten er zo binnenlopen.

Over dat gebouw gesproken: het is compleet gerenoveerd, met spiksplinternieuwe sportruimtes en sportafbeeldingen op de muren. Het gebouw ademt sport. Als het Talentencentrum, dat naast de deur aan de Terheijdenseweg wordt gebouwd, af is, gaat de opleiding daar ook intensief gebruik van maken. De student zal uiteindelijk afstuderen als sportprofessional en gaan bijdragen aan een meer vitale samenleving. “We willen directe invloed hebben op de bewegingsactiviteiten van jong tot oud, op alle niveaus”, vertelt teamvoorzitter Mark Bruurs.

Wil je meer informatie over Curio Sport en Bewegen? Klik hier.
Lees hier de krant van Breda