Home Blog Pagina 1108

In gesprek met Linda Lips van VV Wolfaartsdijk

Linda Lips is inmiddels al 18 jaar in trouwe dienst als vrijwilliger voor VV Wolfaartsdijk. Ze is ooit begonnen achter de bar, maar houdt zich nu voornamelijk nog bezig met de schoonmaak en help bij bijzondere gelegenheden.

Het leven achter de bar was voor VV Wolfaartsdijk al een normale zaak voor Lips. ‘’Ik heb eigenlijk altijd al achter de bar gewerkt in het café in Goes, in Nationale onder andere. Toen heb ik in Vlissingen bij de voetbalvereniging nog geholpen, omdat mijn schoonouders daar de kantine beheerden. Toen kwam ik hier en ja.. Mijn man voetbalde hier, dan rol je er vanzelf in.’’

Iedere maandag probeert ze op de vereniging te zijn om de vereniging weer schoon achter te laten voor de rest van de week. ‘’Dan doe ik een grote schoonmaak. Vaak ben ik er dan toch wel een uur of drie mee bezig. Vanaf de bestuurskamer tot aan de wc’s moet ik stofzuigen en dweilen. Alleen de bar doen ze zelf.’’

Momenteel is haar man trainer van de JO11 en haar dochter speelt ook al vanaf haar 5e voor de vereniging, een echte voetbalfamilie dus. ‘’Vroeger heeft mijn man nog mijn dochter getraind, maar ze is nu op een leeftijd dat ze zo iets heeft van: ‘waarom zou ik nog luisteren?’. Verteld ze lachend. ‘’Ik probeer op de zaterdag altijd langs de lijn te staan, maar ik heb ook nog mijn eigen bedrijf. Daar moet ik de zaterdag soms ook voor weg.’’

De club is een echte dorpsvereniging. Iedereen kent elkaar en dat maakt het vrijwilliger zijn voor de club ook zo leuk. ‘’Het lekker onder de mensen zijn. Als je mekaar tegen komt is dat elke keer weer op een andere manier. Je moet is een keer op de zaterdag langskomen. Dan is het hartstikke gezellig.’’

Een activiteit die ieder jaar weer georganiseerd wordt is het Einde seizoenfeest. ‘’Dan proberen we alle clubs uit Wolfaartsdijk bij elkaar te brengen. Dan hebben we hier bijvoorbeeld stormbanen staan, penalty schieten. Gewoon allemaal dingen die met de voetbal te maken hebben.’’

Hoe gezellig het ook kan zijn op de club, het vrijwilligerswerk heeft niet alleen maar pluspunten. ‘’Ik kom nog wel eens binnen om schoon te maken, maar voordat ik kan beginnen moet ik eerst nog een half uur á drie kwartier dingen van mensen opruimen dat op de zaterdag al gedaan had moeten worden. Ja dan kan ik nog wel eens een beetje giftig.’’ Lacht ze.

Club van de week: VV ’s-Gravendeel met John Nobel

John Nobel is op dit moment al acht jaar de penningmeester van VV ’s-Gravendeel. Daarmee is Nobel verantwoordelijk voor het financiële huishouden van de club. Hij moet ervoor zorgen dat VV ’s-Gravendeel financieel gezond is en blijft.

Nobel heeft vroeger ook gevoetbald, maar nooit bij VV ’s-Gravendeel. “Ik begon bij RKSV Aeolus in Rotterdam, waar ik op dat moment nog woonde. Daarna ben ik vetrokken naar GOZ, waar ik het heb geschopt tot de JO17. Ik ben nooit een echte voetballer geweest, ik was altijd beter in het organiseren van dingen. Daarom stond ik dan ook maar net waar ze me nodig hadden. Toentertijd speelden we met selecties van 13 a 14 man. Drie wissels en dat was het.”

Na zijn avontuur bij GOZ verhuisde de penningmeester naar ’s-Gravendeel in Hoeksche Waard. “Bij GOZ ben ik nog penningmeester geweest voordat ik ben verhuisd. In ’s-Gravendeel wou mijn zoon graag gaan voetballen en zo ben ik terecht gekomen bij de club. Ik werd als leider gebombardeerd van het elftal van mijn zoon. Daarna werd ik in no time lid van de jeugdcommissie, bestuurslid jeugdzaken, secretaris en zelfs voorzitter en nu ben ik al acht jaar penningmeester. Mijn beiden zoons voetballen tegenwoordig niet meer, maar pa is gewoon blijven

De penningmeester van een vereniging houdt alle financiële inkomsten en uitgaven in de gaten. “Je moet denken aan contributies, kantineopbrengsten, de trainers moeten betaald worden, etc. Daarnaast moet je op de hoogte zijn van de wet en regelgeving, want een vereniging is net als een bedrijf. Het is een flinke klus, maar doe het al jaren met veel plezier. Creatief boek houden zit er dus niet in.” Reageert Nobel lachend.

In 2016 werd Nobel benoemd tot erelid vanwege zijn inzet voor VV s’-Gravendeel. “Ik had er totaal niet opgerekend en het was een leuke verassing. Ik vind het hartstikke fijn dat het gewaardeerd wordt, maar je doet het nooit alleen. We doen het met elkaar, want we zijn allemaal maar een klein radartje in het grote geheel. Ik vind ook dat als je kind gaat voetballen en je in een kern zoals ’s-Gravendeel woont je actief moet zijn voor de club, want je maakt met elkaar je omgeving beter, sterker en leefbaarder. Zonder vrijwilligers draait geen enkele vereniging.”

Het eerste elftal van VV s’-Gravendeel draait goed mee bij de bovenste vier en Nobel denkt dat de bovenste vier ploegen uitgaan maken wie er kampioen wordt. “In deze competitie kan iedereen van elkaar winnen. Daarom moeten we oppassen voor onderschatting. Vorig jaar een iets minder seizoen gedraaid, maar dit jaar zijn we weer op de goede weg naar boven. We willen nu in de top drie meedoen en misschien een periodetitel pakken en dan doorbouwen met dit jonge team. Ik hoop dat ze volgend jaar uitkomen in de tweede klasse.”

Bij VV s’-Gravendeel zijn er veel doorgroeimogelijkheden en dat zie je dit jaar ook terug bij het eerste elftal. “De meeste spelers zijn uit eigen jeugd en daarnaast is het een vrij jong elftal. Dit komt doordat de trainers van het eerste, tweede en de O19-1 uitstekend samen werken. Dat zie je ook terug in de resultaten, alle drie de teams, daarom hopen we aan het eind van het seizoen op een mooi kampioensfeest, maar wel met de platte kar.” Lacht Nobel.

Aankomend weekend speelt VV s’-Gravendeel tegen Dubbeldam. Nobel denkt aan een zware wedstrijd.  “Dubbeldam is een gevaarlijke ploeg, want de ene keer verliezen ze en de andere keer winnen ze. VV s’-Gravendeel gaat altijd voor de drie punten. Daarom voorspel ik een 1-3 overwinning.”

Lees hier ook het vorige artikel over Club van de Week met Gerrit de Regt

Club van de week: VV ’s-Gravendeel met John Nobel

John Nobel is op dit moment al acht jaar de penningmeester van VV ’s-Gravendeel. Daarmee is Nobel verantwoordelijk voor het financiële huishouden van de club. Hij moet ervoor zorgen dat VV ’s-Gravendeel financieel gezond is en blijft.

Nobel heeft vroeger ook gevoetbald, maar nooit bij VV ’s-Gravendeel. “Ik begon bij RKSV Aeolus in Rotterdam, waar ik op dat moment nog woonde. Daarna ben ik vetrokken naar GOZ, waar ik het heb geschopt tot de JO17. Ik ben nooit een echte voetballer geweest, ik was altijd beter in het organiseren van dingen. Daarom stond ik dan ook maar net waar ze me nodig hadden. Toentertijd speelden we met selecties van 13 a 14 man. Drie wissels en dat was het.”

Na zijn avontuur bij GOZ verhuisde de penningmeester naar ’s-Gravendeel in Hoeksche Waard. “Bij GOZ ben ik nog penningmeester geweest voordat ik ben verhuisd. In ’s-Gravendeel wou mijn zoon graag gaan voetballen en zo ben ik terecht gekomen bij de club. Ik werd als leider gebombardeerd van het elftal van mijn zoon. Daarna werd ik in no time lid van de jeugdcommissie, bestuurslid jeugdzaken, secretaris en zelfs voorzitter en nu ben ik al acht jaar penningmeester. Mijn beiden zoons voetballen tegenwoordig niet meer, maar pa is gewoon blijven

De penningmeester van een vereniging houdt alle financiële inkomsten en uitgaven in de gaten. “Je moet denken aan contributies, kantineopbrengsten, de trainers moeten betaald worden, etc. Daarnaast moet je op de hoogte zijn van de wet en regelgeving, want een vereniging is net als een bedrijf. Het is een flinke klus, maar doe het al jaren met veel plezier. Creatief boek houden zit er dus niet in.” Reageert Nobel lachend.

In 2016 werd Nobel benoemd tot erelid vanwege zijn inzet voor VV s’-Gravendeel. “Ik had er totaal niet opgerekend en het was een leuke verassing. Ik vind het hartstikke fijn dat het gewaardeerd wordt, maar je doet het nooit alleen. We doen het met elkaar, want we zijn allemaal maar een klein radartje in het grote geheel. Ik vind ook dat als je kind gaat voetballen en je in een kern zoals ’s-Gravendeel woont je actief moet zijn voor de club, want je maakt met elkaar je omgeving beter, sterker en leefbaarder. Zonder vrijwilligers draait geen enkele vereniging.”

Het eerste elftal van VV s’-Gravendeel draait goed mee bij de bovenste vier en Nobel denkt dat de bovenste vier ploegen uitgaan maken wie er kampioen wordt. “In deze competitie kan iedereen van elkaar winnen. Daarom moeten we oppassen voor onderschatting. Vorig jaar een iets minder seizoen gedraaid, maar dit jaar zijn we weer op de goede weg naar boven. We willen nu in de top drie meedoen en misschien een periodetitel pakken en dan doorbouwen met dit jonge team. Ik hoop dat ze volgend jaar uitkomen in de tweede klasse.”

Bij VV s’-Gravendeel zijn er veel doorgroeimogelijkheden en dat zie je dit jaar ook terug bij het eerste elftal. “De meeste spelers zijn uit eigen jeugd en daarnaast is het een vrij jong elftal. Dit komt doordat de trainers van het eerste, tweede en de O19-1 uitstekend samen werken. Dat zie je ook terug in de resultaten, alle drie de teams, daarom hopen we aan het eind van het seizoen op een mooi kampioensfeest, maar wel met de platte kar.” Lacht Nobel.

Aankomend weekend speelt VV s’-Gravendeel tegen Dubbeldam. Nobel denkt aan een zware wedstrijd.  “Dubbeldam is een gevaarlijke ploeg, want de ene keer verliezen ze en de andere keer winnen ze. VV s’-Gravendeel gaat altijd voor de drie punten. Daarom voorspel ik een 1-3 overwinning.”

Lees hier ook het vorige artikel over Club van de Week met Gerrit de Regt

VoetbalJournaal Altena, najaar 2019

Lees hier de krant</

Kruijthof maakt jacht op eigen erfenis

0

HOEKSCHE WAARD – Ook in het seizoen 2019-2020 dingen de topschutters in de Hoeksche Waard weer naar de hoogste eer in het Spiering Goaltjesdiefklassement van Omroep Hoeksche Waard, dat wekelijks op zatermiddag en op woensdag in het sportprogramma van de presentatoren Frank Dijkman en Dick Coppens aandacht krijgt. In het afgelopen seizoen was Marco Kruijthof van derdeklasser ’s-Gravendeel de meest trefzekere speler van het eiland, gevolgd door NSVV’er Lorenzo Pengel en Michael Mathilda van FC Binnenmaas. Uit handen van wethouder Paul Boogaard van de gemeente Hoeksche Waard kreeg het drietal de prijs voor de geleverde schutterskwaliteiten overhandigd. Kruijthof bemachtigde de Freek Schut-wisselbokaal, vernoemd naar de roemruchte voormalig voorzitter van het Numansdorpse NSVV die ook als presentator aan de omroep verbonden was.

Dit seizoen lijkt het of Kruijthof jacht maakt op zijn eigen erfenis, want ook dit seizoen is hij koploper in het klassement. Ook Lorenzo Pengel heeft zich wederom in de kopgroep gemeld, terwijl Niels de Visser van vierdeklasser GOZ in de voorlopige tussenstand op een derde plaats staat. De verschillen zijn echter na het begin van het seizoen nog zo marginaal, dat ook in dit klassement de komende maanden nog van alles mogelijk is.

Jacht op minimaal een periode

0

Oud-Beijerland maakte vorig seizoen vergeefs jacht op het tweedeklasserschap. OSV naderde de promotie tot op één duel, maar strandde uiteindelijk na strafschoppen tegen Rozenburg dat zich daardoor plaatste voor de finale. De Oud-Beijerlandse jacht gaat echter dit jaar verder.

OUD-BEIJERLAND – De pijn van de gemiste gang naar de tweede klasse is afgeschud. De eliminatie vanaf de strafschopstip door Rozenburg, dat uiteindelijk ten koste van Zuidland wel de stap naar de een hoger niveau kon maken, is vergeten. Wat nu nog telt is slechts het heden voor Oud-Beijerland dat onder de nieuwe trainer Ramon Hageraats een nieuwe poging doet om zich uit de derde klasse te manoeuvreren naar een hogere trede op de voetballadder.

De eerste poging daartoe strandde net. Oud-Beijerland moest de eerste periodetitel op doelsaldo aan Nieuwerkerk laten. Ook de Hoeksche Waardse gemeentegenoot SSS had het nakijken in de strijd om de eerste prijs van het seizoen 2019-2020. ,,We zijn Nieuwerkerk nog niet tegengekomen dit seizoen, maar het is inmiddels wel duidelijk dat daar een aardige ploeg staat met jongens die van de zondag op zaterdag zijn gaan voetballen’’, weet Loek Visser, één van de vaste krachten van Oud-Beijerland.

Vissers terugblik op de eerste periode van Oud-Beijerland is er één met gemengde gevoelens. Als je alleen kijkt naar de resultaten – acht wedstrijden negentien punten – dan doen we het zeker niet slecht tot nu toe. Alleen hebben we ons beste spel nog niet laten zien. We spelen meestal één helft goed, maar we kunnen dat nog niet 90 minuten lang volhouden. Dat geldt ook voor mezelf: het kan nog beter, want ik heb het niveau van vorig seizoen nog niet aangetikt.’’

Met Ramon Hageraats aan het roer staat er in Oud-Beijerland iemand voor de groep die in ieder geval een snaar heeft weten te raken binnen de spelersgroep, zo stelt Loek Visser. ,,Ramon Hageraats is een trainer die fanatiek is en er bovenop zit. Je merkt aan alles dat hij erg graag wil en daardoor scherp is. Hij heeft een brede groep bij OSV tot zijn beschikking en kan dus ook afwezigen vanwege vakanties of schorsingen makkelijk vervangen als het nodig is.’’

Oud-Beijerland startte het seizoen met een 3-1 nederlaag bij VVOR, maar zette vervolgens een ongeslagen reeks neer die met de late 2-2 bij ’s-Gravendeel voortduurde. ,,Maar dat bleek dus uiteindelijk niet genoeg voor de periodetitel’’, beseft Visser. ,,Al denk ik dat we met die 2-2 in ’s-Gravendeel goed weggekomen zijn. Bij VVOR hebben we ons laten verrassen op de eerste speeldag en dat heeft ons dus uiteindelijk opgebroken. Toch vind ik dat we minimaal voor een periodetitel moeten gaan.’’

Ook Marco van Daalen is die mening toegedaan. Het uitgangspunt bij Oud-Beijerland is opnieuw om de status van tweedeklasser proberen te veroveren. Van Daalen ontbrak echter in het eerste deel van het seizoen enkele weken. ,,Ik ben na de wedstrijd tegen De Zwervers zestien dagen op vakantie geweest, naar Aruba. En bij deze trainer betekent het dan dat je vervolgens op de bank beland en dat je daarna een invalbeurt krijgt’’, geeft hij aan.

Dat heeft ook alles te maken met de samenstelling van de selectie. ,,Ik denk dat we ten opzichte van het vorig seizoen wel sterke zijn. Er zijn wat jongens bijgekomen, zoals Kenzo Sanches en Edinho Piqué. We hebben daardoor ook een bredere selectie in vergelijking met vorige jaren. De komst van een andere trainer is voor mij persoonlijk ook wel fijn, dat zorgt toch weer voor iets nieuws. We trainen dit seizoen heel anders, dat vind ik een groot voordeel. Toch hebben we naar mijn mening in de wedstrijden nog niet helemaal laten zien waartoe we echt in staat zijn. Ik denk dat er genoeg voetbal in de ploeg zit maar dat dat er nog niet altijd uitkomt. Wel zijn we meer een team, met een hoop goede voetballers die op een hoger niveau hebben gespeeld en die met elkaar meer een eenheid vormen.’’

Dat moet de succesfactor worden voor Oud-Beijerland, dat in elk geval goed is begonnen aan de aanloop richting tweede klasse. De eerste prijs is weliswaar naar Nieuwerkerk gegaan, maar in Oud-Beijerland weten ze na vorig seizoen – in juni kwam de vorige jaargang pas ten einde – dat het seizoen nog heel lang duurt.

CWO als centraal middelpunt

0

“Groot hé”, zegt Pleun Onderdelinden als hij van de kantine naar de bestuurskamer loopt. Het lid van het managementteam van CWO spreekt van een ‘luxe-uitvoering’ clubgebouw. “Het is eigenlijk veel te groot voor ons.”

Daarom ging de club op zoek naar partijen die gebruik wilden maken van het gebouw. “Toen dit gebouw werd gebouwd hadden we met fusieclubs HSC, HVO en RKWIK nog zo’n achthonderd leden samen. Maar toen we onze intrek namen, hadden we dat aantal al lang niet meer. We hebben zelfs een paar jaar 450 leden gehad. Inmiddels zitten we weer in de lift, plukken we de vruchten van de nieuwe wijk hier voor de deur en tikken we de zevenhonderd leden aan.”

Maar het gebouw waar CWO is gehuisvest is nog altijd groot genoeg om multifunctioneel te gebruiken. “Het leent zich uitstekend om het huis van de buurt te zijn. Het park is ook open. Buurtbewoners kunnen gebruik maken van onze velden, waarom zouden de organisaties dan niet gebruik kunnen maken van het gebouw. Zo heeft iedereen er profijt van.”

CWO biedt inmiddels onderdak aan biljarters en bridgers en sinds tweeënhalf jaar aan Vlaardingen In Beweging (VIB). “Dat is een grote vis”, zegt Onderdelinden. De verzorger van sportbeweging in de stad huurt in het gebouw een ruimte waar drie medewerkers werken. “Het is ideaal hier”, zegt directeur Marvin Visser. “We kunnen gebruik maken van de algemene ruimten. Beneden hebben we een opslagruimte voor al onze materialen. Vanmorgen hadden we een vergadering met al onze medewerkers.”

Binnenkort krijgt CWO een nieuwe huurder: een buitenschoolse opvang. Onderdelinden: “Dat is geweldig toch?. Dit is voor die kids een perfecte locatie. Ze zetten één stap buiten de deur en ze staan op het voetbalveld.”

Het multifunctionele gebruik heeft volgens Onderdelinden nog een ander voordeel: “Er is meer sociale controle. Er is altijd iemand aanwezig op het complex.”

Visser beaamt dat. “Vorige week liepen hier wat jochies te schooieren. Ik heb een bal gepakt voor ze en gevraagd of ze wilden voetballen. Dat wilden ze wel. Die ventjes een leuke tijd, wij ons doel dat jeugd meer gaat bewegen bereikt.”

Segers is half verdediger en half aanvaller bij Dilettant

0

De competitiestart van Dilettant was niet bepaald om over naar huis te schrijven. “Dat moet anders”, vindt ook Robin Segers. De man van staal, die van een mooi gespierd lichaam houdt, is van het type ‘schouders eronder en met z’n allen gaan’.

Saai, zo verzekert de 21-jarige student, is het bij zijn club nooit. In de drie seizoenen dat hij nu deel uitmaakt van de selectie maakte hij van alles mee: promotie, nacompetitie en ook trainers die op non-actief werden gesteld en ‘tussenpausen’ die het overnamen.

“Een eerste elftal neemt altijd bepaalde emoties met zich mee. Ik vind dat wel mooi. Van heel dat gebeuren eromheen kan ik genieten.”

Genieten doet hij ook in zijn rol als linkerverdediger. De vrijheid die hij krijgt is hem op het lijf geschreven. Hij maakt regelmatig de run van verdediging naar aanval en weer terug. “Dit is helemaal mijn positie”, zegt hij. “Ik kan er veel energie in kwijt. Ik voel me half verdediger én half aanvaller. Gelukkig krijg ik van de trainers de ruimte om mijn acties te maken. Ik doe het wel gedoseerd, want uiteindelijk blijft het mijn belangrijkste taak om tegenstanders het scoren te beletten.”

Hij noemt zichzelf een ‘kind van de club’. Hij was amper zeventien jaar toen hij zijn debuut maakte onder trainer Richard Mank. “Mijn voordeel was dat er weinige linksbenige spelers in de selectie waren. Nu nog steeds overigens. Ik was achttien toen ik vast in de basis kwam. Dat is best jong, maar ik ben altijd fysiek sterk geweest. Deels heb ik dat van nature, deels is dat gevormd in de sportschool.”

Het is niet gek dat de Braziliaan Alex, de voormalige verdediger van PSV en later Chelsea, zijn voorbeeld is. “De meeste jongens letten op aanvallers, ik niet. Alex had een ijzersterk lichaam. Hij kon heel sober spelen. Een beest was het. Niemand kwam hem voorbij.”

Toeval of niet, het tenue waarin Segers, met één meter 88 bepaald geen kleine jongen, zich wekelijks hult, vertoont veel gelijkenissen met dat wat zijn held ooit droeg. Maar waar de Braziliaan de overstap maakte naar Londen, is de Krimpenaar vast van plan om ‘een contract voor het leven’ bij zijn club uit te dienen. “Ik hoef niet weg, hoor. Ik ben hier opgegroeid en speel met mijn vrienden.”

Het wil niet zeggen dat hij geen wensen heeft. “We willen graag naar de tweede klasse. Dat is, denk ik, een gezonde ambitie, maar tegelijkertijd schept het ook verplichtingen.” De matige competitiestart was in ieder geval niet in de lijn met de ambities en aspiraties aan de Tiendweg. “Qua voetbal zit het wel goed bij ons, maar soms worden er ook andere dingen van ons verwacht.”

Segers trainde vorig seizoen de MO13 en MO15 van de club. “Dat vond ik erg leuk om te doen. Het meisjesvoetbal zit bij ons in de lift. Dit seizoen heb ik gezegd: even niet. Ik ben bezig mijn studie Logistiek aan de Hogeschool in Rotterdam af te ronden. Als je ja zegt tegen weer een jaar trainen moet je er ook altijd zijn, vind ik.”

Wil je meer informatie over de club Dilettant? Klik hier.
Lees hier ook ‘Michael Fehl bewaakt het fort bij Dilettant’

DVO’32 zit ‘gebeiteld’ voor komende dertig jaar

“Kijk”, zegt voorzitter Kees Zeegers tijdens een rondleiding in het nieuwbouwgedeelte van het complex van DVO’32. “Alles werkt met sensoren. Licht, maar ook douches. En alles is natuurlijk in het zwart en wit, onze kleuren, uitgevoerd.”

Zeegers (69) glimt van oor tot oor. “We zijn hier als club enorm trots op. We hebben er ontzettend veel energie ingestopt. Bedenken hoe en het daadwerkelijk uitvoeren.”

DVO’32 stond twee jaar geleden op een kruispunt. De Vlaardingse club moest ‘iets’ met het verouderde complex, dat in 1968 nieuw werd neergezet. “Het was de boel sluiten en stoppen of investeren en een gokje nemen.”

Het werd dat laatste. De DVO-familie, toen 250 man en vrouw sterk, besloot te gaan voor nieuwbouw. Tien nieuwe kleedkamers en aanbehorende ruimtes. “Het kon niet meer”, zegt Zeegers over de oude deel van het complex, dat overigens nog gesloopt moet worden, maar nu nog dient als opslagplaatsen voor kleding. “Je schaamde je kapot voor je bezoekers. De banken waren gammel, er was niet eens in iedere kleedkamer een douche. Het was gewoon afgeschreven.”

De club hikte lange tijd aan tegen de enorme investering van nieuwbouw. “We moesten naar de bank voor de lening en daarnaast hebben bij de gemeente gevraagd om een tegemoetkoming in de kosten. Ook hebben we met succes een aanvraag gedaan bij het fonds Schiedam/Vlaardingen. Als we het doen, doen we het ook goed, hebben we gezegd. Dus ook meteen duurzaam. Op de kantine na zijn we nu van het gas af. We hebben een luchtwaterpomp en op het dak staan honderd zonnepanelen. Dat zorgt ervoor dat we op jaarbasis achtduizend euro besparen”, zegt Zeegers, terwijl hij in de technische ruimte wijst op de enorme waterboiler. “Wat een ding, hé. 750 liter water kan erin.”

De kleedkamers zien er stuk voor stuk netjes afgewerkt uit. Uiteraard heeft DVO goed aan de eigen selectie gedacht. Aan de grootste kleedkamer grenst een massage- en behandelruimte én de EHBO-ruimte. Ook de scheidsrechters hebben de ruimte. De aparte kleedkamer is fors. Zeegers: “Drie douches. De douche stopt automatisch, net als de kraan voor water. Er vloeit geen overbodig water weg.”

De bestuurskamer is eenvoudig. “Zoals dat bij onze club past.” De zetel van de voorzitter is bescheiden. De bestuurskamer wordt met glas gescheiden van de kantine. Er is geen muur. “Zo hou je contact met de leden.” Zeegers is geen type dat van ‘boven af regeert’. Bijna iedere dag is hij op de club als lid van de dagploeg die allerhande klusjes verricht. Hij is al lid van 1966. “Deze club is een deel van mij.”

Hij is blij dat de leden het gokje van de nieuwbouw hebben aangedurfd. “De uitstraling is totaal veranderd. Dat merken we ook aan de groei van ons ledenbestand. We hebben dit jaar een seniorenelftal erbij gekregen en bij de jeugd zitten we twee teams in de plus ten opzichte van vorig seizoen.” Inmiddels heeft DVO’32 350 leden. “De komende drie, vier jaar willen we groeien naar 450 leden. Twintig, vijfentwintig leden erbij per jaar is goed. Dan zitten we gebeiteld voor de toekomst.”

Helemaal als straks het laatste deel van de renovatie heeft plaatsgevonden. Er zijn plannen voor vloerverwarming in de kantine. “Ook de toiletten in de algemene ruimte willen we aanpakken. Bij fase twee hoort ook de ontmanteling van de oude kleedkamers.”

Hofman hoopt dat hij met STEEN weet te handhaven

SINT JANSTEEN – Promotie, het was een gegeven waar v.v. STEEN de afgelopen seizoenen regelmatig dichtbij was. Toch strandde het steeds in de nacompetitie en moest het genoegen nemen met een rol in de vierde klasse van het zondagvoetbal. Tot vorig seizoen, toen het kampioen werd en dus zelfs promoveerden zonder een serie extra duels.

Maar waar de ploeg uit het rattendorp vorig jaar flink wist te scoren en de overwinningen aaneen reeg, daar is het een niveau hoger toch een stuk lastiger. Het wacht nog altijd als enige club op de eerste overwinning en is het na verliespartijen tegen concurrenten als MOC’17 momenteel hekkensluiter. Tot ongenoegen van verdediger Sven Hofman. Sinds de mini’s als speler van de club, waar momenteel veel jongens uit eigen jeugd de kans krijgen.

“Ik speel nu onder de nieuwe trainer Marco van Vlierberghe linksback, wat voor mij wel even wennen was. Maar inmiddels begin ik me steeds meer op mijn gemak te voelen op deze positie. Ik ben sinds de start van de competitie basisspeler en hoop die lijn qua persoonlijke prestaties door te trekken.”

Wel hoopt de 21-jarige Hofman, wiens vader ook jarenlang vast waarde was als eerste-elftalspeler, dat hij met zijn ploeg snel meer punten gaat pakken. “We hebben in wedstrijden meer dan eens gewoon goed meegevoetbald en worden ook geen enkele keer echt weggespeeld. Het is balen, dat het nog veel te weinig tot resultaat heeft geleid en dat maakt dat we nu onderin staan. Toch heb ik de overtuiging dat we met deze groep ons moeten kunnen handhaven. Daar werken we in elk geval met z’n allen hard aan.”

De samenwerking met Marco bevalt prima, hij ligt goed in de groep en kan het met iedereen goed vinden. Toch zijn er wel zaken veranderd. “Doordat we nu derde klasse spelen, hebben we de tactiek veranderd. Iets wat soms nog even wennen is voor iedereen. We hadden ons zelf moeten belonen door een paar doelpunten meer te scoren, maar dat komt nog wel. Met een beetje geluk, hadden we een paar keer gewonnen en meer punten kunnen en moéten hebben.”

Voor de korte en lange termijn is hij duidelijk wat zijn doelen zijn: handhaven en zichzelf verder ontwikkelen. “We hebben veel en ook goede jeugd. Dus zou het mooi zijn als we ons weten te handhaven als derdeklasser. Daarbij wil ik mezelf nog verder ontwikkelen en hopelijk in de toekomst centraal op het middenveld komen te spelen. Want het is een geweldige vereniging om met vrienden te kunnen samenspelen. Hopelijk op een zo hoog mogelijk niveau, al zijn we daar uiteindelijk als team vooral zelf verantwoordelijk voor.”

Wil je meer informatie over de club VV STEEN? Klik hier.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.