Home Blog Pagina 796

Quinten Hunting mikt op basisplaats bij RKVV METO

Trainen zonder een direct doel, het is heel herkenbaar deze afgelopen coronaperiode voor alle voetballers die normaal gezien in competitie zijn. En iedereen kijkt reikhalzend uit naar het moment dat die wedstrijden weer op het programma staan. Ook Quinten Hunting (20) van RKVV METO, die bovendien mikt een op een basisplek als zijn sportieve doel.

“De laatste seizoenen was het een beetje pendelen, mede ook doordat ik vorig seizoen een hele reeks wedstrijden vanwege een hardnekkige blessure aan beide hamstrings heb moeten missen. Daarbij had de trainer ook heel veel keus op het middenveld en dus moest ik vaker dan me lief was vanaf de zijkant toekijken. Daarin hoop ik het nieuwe seizoen toch echt wel verandering te brengen en de trainer te kunnen overtuigen om mij wekelijks op te stellen, al besef ik me heel goed dat ik daar vooral ook zelf verantwoordelijk voor ben natuurlijk.”

In de jeugdteams van de Brabantse vierdeklasser werd Hunting veelal ingezet als centrale verdediger of links- en rechtsback. Vanuit de JO19 stroomde hij als achttienjarige door naar de hoofdselectie, maar een onbetwiste basisspeler is hij dus vooralsnog niet. “De trainer ziet in mij ook meer een middenvelder dan een verdediger, dus was het ook even wennen om me te richten op een andere positie. De trainer heeft een aantal jongens waaruit hij op zondag een keus kan maken. Ik ben daar een van en speel meestal aan de zijkant als linkermiddenvelder. Ondanks dat ik geen sterk linkerbeen heb vind ik het een lekkere plek. Je kunt met loopacties buitenom gaan of met de bal aan de voet naar binnenkomen. Het geeft je veel vrijheid en dat is wel iets waarbij ik me lekker voel. Alleen was het balen dat ik een verrekking opliep in allebei mijn hamstrings en dus vorig seizoen grotendeels heb gemist.”

En dit seizoen was Hunting blessurevrij en begon vol goede intenties aan het seizoen, had ook geregeld een basisplaats maar zag door corona zijn sportieve doelstelling halen abrupt worden gestremd. “Dat was natuurlijk wel zuur. Want het ging nu niet onaardig en dan ligt het ineens stil, al zagen we het met z’n allen uiteraard wel stiekem aankomen. En sindsdien hebben we alleen nog maar getraind, al is dat wel ‘killing’ voor de motivatie als het zicht op enig perspectief steeds wordt opgeschoven of verdwijnt. We hebben wel daar waar het kon en mocht doorgetraind en het is dan wel fijn om iets te kunnen doen, maar je traint toch om wedstrijden te spelen en punten te halen.”

Maar ook daarin liep het, mede ook door enkele coronaperikelen binnen de selectie, niet geheel volgens de vooraf vastgestelde doelen met slechts één overwinning, twee nederlagen en een gelijkspel. “Het geeft ook direct ons probleem aan. We hebben een heel jonge selectie en die is nog niet stabiel genoeg. Want de kwaliteit is zeker aanwezig, maar dat moeten we in wedstrijden er veel meer uit laten komen. Op trainingen lukt het wel, maar in de wedstrijden gaat het dan toch mis en dat is jammer. Want ik ben van mening dat een plek in de top-5 zeker realistisch is. We zijn een ploeg die graag wil voetballen en wat meer moeite heeft met het fysieke gevecht. En zodra tegenstanders zich fysiek laten gelden, dan zie we het lastig krijgen om daarmee om te gaan en dat kost ons dan vaak de wedstrijd. Als we dat aspect kunnen toevoegen aan ons spel en we daarop tijdens wedstrijden sneller kunnen anticiperen, dan zie ik een plek in de linkerrij zéker als realistisch. Want we groeien altijd in een seizoen, al is het nu zaak om er een keer vanaf de start direct te staan en de punten over de streep te gaan trekken.”

De sportieve ambitie voor Hunting blijft echter het veroveren van een basisplaats.  “Ik ben de gehele coronaperiode zoveel mogelijk gaan trainen om beter en ook fysiek sterker te worden en dat gaat goed. Ik wil de trainer overtuigen en die basisplek te afdwingen, dat is mijn hoofddoel zodra de voorbereiding op het nieuwe seizoen weer van start gaat.

Meer artikelen lezen over RKVV METO? Klik hier.
Klik hier voor meer informatie over RKVV METO.

René Zuurmond is tevreden in bijrol bij Schoonhoven

René Zuurmond kent de clubcultuur van Schoonhoven als geen ander. De 42-jarige assistent-trainer van de hoofdmacht debuteerde op jonge leeftijd voor de club en raakte ermee vergroeid.

Zuurmond zou zich niet per se de officieuze titel ‘cultuurbewaker’ willen opspelden, zegt hij aan het begin van het onderhoud. Hij draagt graag bij aan de sfeer bij Schoonhoven, de vriendelijke dorpsclub die al jaren aast op een gang naar de tweede klasse.

Als zesjarig hummeltje meldde Zuurmond zich op het complex van Schoonhoven, waar hij in de hoogste jeugdelftallen speelde en het tot het eerste elftal zou schoppen. Op het middenveld greep hij zijn techniek aan om vorm en kleur aan het spel van Schoonhoven te geven. “Op latere leeftijd ben ik centraal achterin gaan spelen”, vervolgt Zuurmond zijn verhaal. “Maar de meeste tijd heb ik als middenvelder gefungeerd. Schoonhoven had best aardige jeugdteams en ook met het eerste draaiden we goed mee in de vierde klasse en de derde klasse. Het zou geweldig zijn als we de tweede klasse eens zouden halen.”

Zuurmond typeert zichzelf als een assistent die zich goed ondergeschikt kan maken aan hoofdtrainer Raymond van der Kort. Niet dat hij nederig is, maar hij kent nu eenmaal zijn plaats. “Ik ben wel aanwezig, maar niet heel prominent. Sommige assistenten willen sterk hun eigen stempel drukken, maar zo ben ik niet. Ik help bij de training met oefeningen uitzetten en denk met de trainer mee over de opstelling. Maar het is Raymond die bepaalt wie er spelen. Zo werk ik al tien jaar en dat bevalt prima.”


In een eerder stadium, vertelt Zuurmond, werkte hij prettig samen met een ervaren trainer als Wim Eilander. Het betreft een man van de oude stempel met wie hij fijn over voetbal praten kon. Dat de huidige generatie voetballers minder de behoefte heeft om met een pot bier erbij van gedachten te wisselen over het spel, is Zuurmond niet ontgaan.

“De mentaliteit is anders dan twintig jaar geleden. Ik wil niet zeggen dat vroeger alles beter was, maar wij vonden het als gasten van twintig heerlijk om na afloop van de wedstrijd in de kantine over voetbal te lullen. Iedereen bleef hangen en later die avond gingen we met z’n allen naar de kroeg, of naar discotheek Babbels. Die bevlogenheid en saamhorigheid mis ik nu wel een beetje. Je moet er echt bij sommige jongens op aandringen dat ze nog even blijven. Vooral na de wedstrijd vind ik het belangrijk dat spelers in de kantine zijn om wat te drinken. Toeschouwers hebben namelijk de moeite genomen om naar het eerste te kijken en zij vinden het leuk als die mannen ook na afloop nog even hun gezicht laten zien. Het is een beetje een cliché, maar de X-Box en de Play Station nemen een stuk sociaal gevoel weg bij jongere jongens. Gelukkig zie je dat dat bijtrekt als ze wat ouder worden. Dan staan ze er meer voor open om te bespreken wat er goed en minder goed ging tijdens wedstrijden. Ik ben daar dan erg blij mee.”

Lachend besluit Zuurmond met de mededeling dat hij blij is dat hij de goeie ouwe tijd nog heeft meegemaakt. Bij Schoonhoven heeft hij  vriendschappen voor het leven opgedaan. “Meerdere vriendschappen”, besluit Zuurmond. “Martijn van Baaren bijvoorbeeld, is een heel goede vriend van me. Ik speelde met hem centraal achterin. Was echt een goede voetballer hoor.”

Voor meer informatie over over Schoonhoven, klik hier.
Meer artikelen lezen over Schoonhoven, klik hier.

Haaften verplaatst eeuwfeest naar volgend seizoen

Je zal maar 100 jaar worden en je verjaardag niet met je leden kunnen vieren. Het overkomt voetbalvereniging Haaften. Vier maanden geleden, op 15 maart 2021, ging toch wel de vlag uit. De festiviteiten zijn door de aanhoudende corona bij de derdeklasser voorlopig opgeschoven.

Dan moet het feestprogramma maar ergens in het volgende seizoen plaatshebben, weet het bestuur. In oktober 2019 begonnen elf enthousiaste commissieleden aan het bedenken en uitwerken van diverse activiteiten voor jong en oud rondom de jubileumdag. Op vrijdag 19 maart 2021 stond namelijk de receptie gepland, waarna een feestweek zou volgen met stratenvoetbal, playbackshow, jeugdactiviteiten en als afsluiting een échte feestavond voor iedereen. Gezien de huidige situatie omtrent corona en de daarbij behorende maatregelen, is de commissie in een lastige situatie terechtgekomen. Vooralsnog is er geen uitzicht op betere tijden waarin stilgestaan kan worden bij het bijzondere lustrum dat de vereniging viert. De commissie verplaatst de festiviteiten daarom naar het seizoen 2021-2022 en hoopt dan wel groots uit te kunnen pakken.

Toch heeft de eeuweling het eerste cadeau al te pakken. Een enthousiaste groep vrijwilligers heeft het afgelopen jaar hard gewerkt aan een prachtig cadeau voor alle sportvrienden van de vereniging. Zij hebben de wat gedateerde kantine helemaal opgeknapt en het resultaat is verbluffend. ,,Het bestuur bedankt hierbij alle vrijwilligers die aan dit prachtige cadeau hebben meegewerkt. Laten we ondanks dat corona veel op de rem zet, een toast uitbrengen op onze mooie vereniging en uitkijken naar seizoen 2021-2022. Een seizoen waarin het voetballen weer opgepakt wordt en er diverse activiteiten georganiseerd worden door onze Commissie 100 jaar vv Haaften”, reageert secretaris Heleen de Wit.

Historie
We maken een sprong terug naar 15 maart 1921. De bal ging in Haaften officieel voor het eerst rollen onder de naam NAS (Na Arbeid Sport) op de uiterwaarden langs de rivier de Waal op de ‘Kerkewaard’ en een terrein bij de steenfabriek in Haaften. Na op de ‘Kerkewaard’ en op ‘Den Bol’ te zijn begonnen verhuisde de club naar ‘De Crob’, waar zij jaren gastvrijheid heeft genoten bij de Koninklijke Steenfabriek van Lookeren Campagne NV.


De jongens Anton, Piet en Jan-Willem, zoons van de toenmalige PTT-directeur Van Rijswijk, wisten hun vader te bewegen een echte leren bal te kopen en toen was het hek van de dam. De drie jongens zouden allen een grote rol spelen in de voetbalvereniging Haaften en de afdeling Brabant van de KNVB. Na altijd op zondag te hebben gespeeld werd in 1962 begonnen met zaterdagvoetbal. Na één jaar ging met algemene stemmen ‘Haaften’ in zijn geheel naar ‘de zaterdag’. Daarmee werd het een echte algemene voetbalvereniging en ging in vijf jaar van circa 95 leden naar ongeveer 250 spelende en ondersteunende leden.

Elzenbos
Vanaf 1967 wordt er gevoetbald op het huidige sportcomplex Elzenbos. De kantine, kleedkamers en vervolgens de sporthal werden door ongeveer tweehonderd leden en bestuursleden gebouwd. Iets waar men tot op de dag van vandaag trots op is. De clubnaam was inmiddels veranderd in voetbalvereniging Haaften, sinds tientallen jaren bekend als de voetbalvereniging voor Haaften en Tuil. Het eerste kampioenschap werd behaald in 1951, gevolgd door kampioenschappen in 1963, 1970, 1981 en 1989. In 2016 werd na maar liefst 27 jaar zonder kampioenschap de kampioensvlag eindelijk weer gehesen. Sindsdien voetbalt het eerste elftal in de derde klasse van de KNVB district Zuid 1. Op dit moment heeft voetbalvereniging Haaften vijf seniorenelftallen, waarvan één vrouwenteam. De jeugdafdeling omvat tien teams, verdeeld over de verschillende leeftijdsklassen. Het totale ledenaantal is ongeveer 380.

Klik hier voor meer artikelen over VV Haaften.
Klik hier voor meer informatie over VV Haaften.

Lekvogels vindt in voormalig jeugdtrainer Martijn Verkerk opvolger voor Ton Delfgou

Voor de invulling van de trainersvacature voor het volgend seizoen zocht vierdeklasser Lekvogels het niet extern, maar keek de club uit Lexmond in eigen keuken. En zo kwamen de ‘Vogels’ op een opmerkelijke keuze uit, want als opvolger van Ton Delfgou is voormalig jeugdtrainer Martijn Verkerk aangesteld.


De voorbeelden zijn niet legio van trainers die eerst in de opleidingssfeer binnen een club hebben gewerkt om vervolgens door te schuiven naar de hoofdmacht. Bij Lekvogels was men er echter in dit voortijdig gestopte seizoen snel uit: voor de opvolging van Ton Delfgou, die bij de bekendmaking van zijn vertrek aangaf dat hij voor een sabbatical heeft gekozen, werd gekeken naar wat er in eigen gelederen op sportpark Het Bosch aan keuzemogelijkheden was.

En zo viel, minder verrassend dan het van de buitenkant misschien wel leek, het oog van de technisch verantwoordelijke mensen binnen Lekvogels het oog op Martijn Verkerk. De inwoner van Nieuwegein, met een trainersverleden bij HSSC’61 en Delta Sport’55, was immers al twee seizoenen lang werkzaam in de opleiding van Lekvogels waar hij JO19 onder zijn hoede had. ,,Martijn kent de club en weet welke jeugd er naar de selectie kan doorstromen’’, was de verklaring van voorzitter Jan de Jong, die onlangs de samenwerking op voetbaltechnisch gebied met eredivisionist FC Utrecht kon begroeten.

Cultuur
De aanstelling van Verkerk werd door Lekvogels dan ook bestempeld als een logische stap, omdat de oefenmeester in de tijdspanne dat hij binnen de club werkzaam is inmiddels een heel goed beeld heeft van het materiaal waarmee hij kan werken. ,,Martijn is met zijn visie en gedrevenheid voor het voetbal, zo denken wij, de goede keuze voor deze trainersfunctie. Bovendien heeft hij prima resultaten met JO19 gehaald en ook nog eens met voetbal dat wij graag willen zien’’, gaf De Jong namens het bestuur nog wat extra argumenten voor de gemaakte keuze.

Lintje voor Van Reeuwijk
In de recente lintjesregen was er ook een onderscheiding voor bestuurslid Jaap van Reeuwijk van Lekvogels. Burgemeester Sjors Fröhlich van de gemeente Vijfheerenlanden zette Van Reeuwijk in de spotlights vanwege zijn verdiensten voor de samenleving in Lexmond. Ook Lekvogels kan altijd op hem rekenen. Inmiddels is Jaap van Reeuwijk ruim veertig jaar lid van de vereniging, waar hij ooit een begenadigd voetballer van de hoofdmacht was. Daarnaast was hij consul en vicevoorzitter en momenteel als bestuurslid en verantwoordelijk voor de sponsorzaken. Ook het beheer van de velden en terrein valt onder zijn verantwoording. Daarnaast is Van Reeuwijk al jarenlang voorzitter van  supportersvereniging “de Vrienden van Lekvogels”. Zijn inbreng is daarom niet weg te denken binnen de club én het dorp, waar hij een hoveniersbedrijf runt.

Klik hier voor meer artikelen over Lekvogels.
Klik hier voor meer informatie over Lekvogels.

Ab Donga gepassioneerd beheerder bij LRC Leerdam

Beheerder Ab Donga van het fonkelnieuwe Glaspark is een groot deel van de dag op het sportcomplex van LRC Leerdam te vinden. Naast zijn officiële functie op het park keert hij vanaf augustus terug als teammanager van het eerste elftal.


Ab Donga – hij begon als voetballer bij Leerdam Sport – startte dertig jaar geleden als vrijwilliger bij LRC Leerdam op sportpark Bruinsdeel als leider van het elftal van zijn zoon Jan. ,,Al snel voelde ik mij betrokken bij de club. En toen ik werd gevraagd om iets meer voor de club te doen, kon ik eigenlijk nergens nee tegen zeggen.” Donga werd bestuurslid bij LRC Leerdam met in zijn portefeuille het aansturen van de groep die zich bezighield met het terrein en de opstallen. Op zaterdagmorgen bezette hij de commissiekamer. En hij werd secretaris van de Stichting Topsport LRC. Drie jaar geleden heeft hij zijn taken hiervoor na zeventien jaar overgedragen. ,,Ik blijf op de achtergrond wel klankbord voor de nieuwe commissie.”

Zes jaar lang was Donga teammanager van het eerste elftal. ,,Ik heb de keuze gemaakt daarmee te stoppen, maar ik miste het enorm. Anderen geef ik de ruimte mijn taken in te vullen.” Donga bleef wel lid van het bestuurlijk platform dat het nieuwe bestuur adviseert. ,,Ik stak op het hoogtepunt meer dan dertig uur per week in LRC. Een nadeel is dat ik ook van anderen verwacht dat ze iets voor de club doen.” Nu het nieuwe sportcomplex er fysiek staat, vindt Donga het logisch dat hij daar de supervisie over krijgt. Zijn wens ging in vervulling. Donga is door Stichting Glaspark aangesteld als beheerder. ,,Ik werk op het Glaspark samen met negen trotse mannen, vrijwilligers die het complex in topconditie houden. Ik ben er dagelijks om kwart over acht tot twaalf uur.”

Teammanager
De rol van teammanager wordt tegenwoordig anders ingevuld. ,,Vroeger was je de man van de spullen. Je gooide de tas in de kleedkamer zodat de spelers zich konden omkleden. Na de wedstrijd bracht je de vuile was naar de wasvrouw. Dat was het wel zo’n beetje.” Vanaf het seizoen 2021-2022 pakt hij zijn baantje als teammanager op 7 augustus weer op. ,,Ik doe dit onder de voorwaarde dat Louis Struijk ook terugkeert. Wij vormden zes jaar lang een fijn duo. Op de jaren met trainer Marcel van Steenis kijk ik met het meeste plezier terug. Wij draaiden altijd bovenin mee. In Friesland promoveerden wij naar de hoofdklasse. Met Marcel heb ik een vriendschap overgehouden.”

Het Glaspark is een totaalpark voor voetbal (LRC) en hockey (HCL). ,,Mogelijk dat er nog crossfit van onze voormalig LRC-speler Huub Visscher bijkomt.” Ook voor de Stichting Samen Doen is er mogelijkheid voor activiteiten. Voetbalclub Leerdam Sport en korfbalvereniging Ter Leede zouden ook deelnemen, maar haakten af. De school Heerenlandencollege komt met tweeduizend jongeren sporten.

Extra veld
Het Glaspark krijgt mogelijk uitbreiding met een vijfde veld. Daarvoor is al grond aangekocht door de gemeente. Voor de realisatie is het nog wachten op het moment dat het ledental ver genoeg is doorgegroeid. ,,Ik dacht dat er nog drie teams bij moeten komen.” Ab Donga – hij kreeg 22 mei officieel pensioen – zit eind april na een kniereconstructie thuis op de bank. ,,Ik heb met een regeling vorig jaar al uit kunnen treden na 35 dienstjaren bij de glasfabriek. De laatste periode was ik er kwaliteitscontroleur.” Via een app op zijn telefoon kan hij in de gaten houden wat zich op het Glaspark afspeelt. Hij kan op afstand ook veel functies, zoals de veldverlichting in drie standen, het scorebord en veel functies in het gebouw bedienen. ,,Het is zo jammer dat wij het nieuwe park pas drie keer officieel hebben kunnen gebruiken voordat corona in oktober opnieuw toesloeg. Een officieel openingsfeest moet nog plaatsvinden.”

Klik hier voor meer artikelen over LRC Leerdam.
Klik hier voor meer informatie over LRC Leerdam.

LRC Leerdam voelt voor Raymond van Driel als een warm bad

Raymond van Driel, eigenaar van de Flex-Groep, voelt zich thuis bij LRC Leerdam. Met zijn onderneming sponsort hij het liefst in de breedte. De jeugd heeft daarbij zijn voorkeur.

LRC Leerdam voelt voor Raymond van Driel als een warm bad. ,,Het zit bestuurlijk goed in elkaar. De contacten met de sponsorcommissie zijn uiterst correct. Ik vind het van groot belang dat alle jeugd onder goede omstandigheden en met goede trainers kan sporten.” De businessclub van LRC Leerdam ontwikkelt zich goed. De nieuwe accommodatie gaat de club uiteraard verder vooruithelpen.

Van oorsprong heeft Van Driel een rood-wit Leerdam Sport-hart, want hij is in ‘West’ opgegroeid, Achter de Pijp. ,,Toen mijn zoon Mels met zijn vriendjes bij LRC Leerdam ging voetballen, raakte ik aan deze club verslingerd. Mels is geen wondervoetballer, maar hij heeft er veel plezier in met zijn vrienden.”

Van Driel komt uit een doorsnee arbeidersgezin en door hard te werken heeft hij het nu wellicht wat beter dan een ander. ,,Ik vind dat kinderen altijd gelijke kansen moeten krijgen. Het mag niet zo zijn dat als je ouders er bijvoorbeeld een bende van hebben gemaakt, je als kind niet kan sporten. In de zomer van 2019 stelde ik vast dat sommige kinderen, omdat de ouders het niet konden betalen, niet in de bus mee op schoolreisje mochten. Ik vind dat schandalig. Ik heb dat ter plaatse geregeld. Die kinderen kunnen er toch niets aan doen.”

Schakelen
Raymond van Driel heeft zijn roots zoals veel Leerdammers, bij de Glasfabriek. Ruim 23 jaar werkte hij bij Leerdams trots. In ploegendienst, zes dagen op, vier dagen af. Op zijn vrije dagen stapte hij op de vrachtwagen en huurde al chauffeurs in. ,,Ik werkte op de Glasfabriek maar had toen ook al vijftien man personeel. In de toptijd had ik zeventig chauffeurs op de lijst. Feitelijk had ik een detacheringsbureau en zette de chauffeurs weg bij transportbedrijven. Later combineerde ik dat met mijn eigen transportbedrijf, dat nu als een stevige onderneming goed draait.”

Terug naar de tegenstelling in de maatschappij. ,,Als dat ook al bij het sporten begint, dan heb ik daar verschrikkelijk veel moeite mee. Alle kinderen moeten gelijke kansen krijgen. Dat is de reden dat ik mij via mijn bedrijf inzet voor het jeugdvoetbal bij LRC Leerdam. Waar mogelijk help ik ook de andere stadsclub, Leerdam Sport, waar mijn zoon is begonnen met voetballen. Nog beter zou zijn als van overheidswege geregeld wordt dat ieder kind kan sporten. En dan maakt het niet uit of ze een hoofddoek dragen, geel, groen of paars zijn. Iedereen moet aan dit groepsproces kunnen meedoen.”

Hij vervolgt: ,,Ik verwacht dat LRC Leerdam na de ingebruikname van het Glaspark met dat bijzonder fraaie clubgebouw, een nog duidelijker regiofunctie gaat krijgen. De uitstraling van een amateurclub als LRC Leerdam was door de resultaten uit het verleden al professioneel en dat wordt in de nieuwe situatie alleen maar versterkt.” Van Driel geniet met volle teugen van het fonkelnieuwe Glaspark. ,,Daar liggen ook zakelijk mogelijkheden. Ik kan een keer flink wat relaties meenemen naar een thuiswedstrijd. Altijd goed om elkaar eens in een andere omgeving te ontmoeten.”

Klik hier voor meer artikelen over LRC Leerdam.
Klik hier voor meer informatie over LRC Leerdam.

Voor Tomlin Smits is een vaste basisplek het sportieve doel bij WVV’67

Woonachtig in Hoogerheide, maar nooit droeg hij het shirt van v.v. METO. Tomlin Smits speelt al sinds zijn zesde voor WVV’67 uit het naastgelegen Woensdrecht. ‘En daar zie ik mezelf ook nooit weggaan’, aldus de 21-jarige verdediger.

Dat hij nooit, zoals zijn vader wel deed in het verleden, het tricoloreshirt van de lokale trots uit Hoogerheide heeft gedragen, dat heeft voor Smits een hele simpele reden. “Op de basisschool speelden al mijn vriendjes bij WVV’67 en dus was het voor mij heel logisch dat ik ook daar ging voetballen. En dat is dus inmiddels alweer vijftien seizoenen. Al is het jammer natuurlijk dat de laatste twee seizoenen voortijdig zijn afgebroken. En ik hoop dat er nog een hele hoop seizoenen in het groenzwart bijkomen.”

In de senioren begint de verdediger na de zomer aan zijn vierde seizoen bij de eerste selectie, al heeft hij voor zichzelf een heel heldere doelstelling voor ogen: een basisplaats. “Ik heb de afgelopen jaren wel al heel wat wedstrijden gespeeld en minuten gemaakt. Maar toch ben ik nog geen onbetwiste basisspeler. En dat is toch wel de sportieve ambitie die ik heb. Ik voetbal in een echte vriendengroep, maar ik ga er alles aan doen dat na de zomer de trainer niet meer om me heen kan en ik niet steeds heen en weer pendel tussen basis en bank. Het is tijd om constanter te worden in mijn spel en er daardoor voor te zorgen dat ik een vast waarde word.”

Want niet alleen het spel van de jonge verdediger is wisselvallig, de prestaties van de Woensdrechtse vierdeklasser is dat ook te noemen. Een periode goed, dan weer een aantal wedstrijden minder of zelfs tijdens een wedstrijd veldspel laten zien met twee gezichten. “Dat komt denk ik toch ook wel omdat we over een heel jonge selectie beschikken. Alleen onze doelman is zevenentwintig, de rest zit daar allemaal onder. En we zijn ook echt een vriendengroep, dus dat maakt het wel eens lastig om elkaar écht de waarheid te durven zeggen. Daarin moeten we nog stappen maken en dan ben ik er van overtuigd dat we de komende jaren een stuk stabieler worden.”


Al wil Smits wel aangegeven, dat door de komst van een aantal nieuwe gezichten én het gegeven dat er wat geschoven is met de veldbezetting, het elftal nu wel meer in balans is. Ook zijn eigen positie is in de tussentijd veranderd. “Dat klopt en dat was een idee van de trainer. Ik ben van origine een centrale middenvelder. Maar Gerard wilde me eens proberen als rechtsback en dat ging best goed in een reeks oefenwedstrijden. Sindsdien is dat vooral de plek waarop ik me moet richten. Voor mij geeft het wel een goed gevoel, want ik heb nu meer mogelijkheden om mezelf in de ploeg te kunnen spelen. We hebben allemaal één op één gesprek gehad met de trainer en daarin heb ik dat ook aangegeven. Hij gaf aan dat het nu soms te wisselvallig is. Ik heb heel vaak een zeven, maar nog te vaak een vijf of minder als je het in cijfers uitdrukt. Als het me lukt om altijd minimaal een zes te halen dan kan ik meer waarde hebben voor het elftal. Maar ik ben nog jong dus voldoende jaren om daaraan te werken.”

Ondanks de coronamaatregelen en alle beperkingen, heeft Smits bij WVV’67 wel altijd doorgetraind met de selectie. “In tweetallen, viertallen en nu dus ook weer in groep. Dat iedereen bij ons jonger is dan zevenentwintig is een groot voordeel. Wij kunnen met de gehele selectie nu trainen, al is het enorm jammer dat het échte doel in de zin van wedstrijden én het competitieve aspect ontbreken. We willen komend seizoen graag mikken op het linkerrijtje en daar hebben we ook de groep wel voor denk ik en die blijft ook helemaal intact gelukkig.”

En dan kloppen er nog een aantal jongens uit de JO19 op de deur, een elftal dat Smits bovendien ook erg goed kent. “Daar zitten een aantal spelers in die nu al geregeld meetrainen en die zeker potentie hebben. En ik zie ze ook vaak aan het werk want samen met Stijn Prop, die ook in het eerste speelt, train ik dat elftal. Dus ondanks dat we geen competitie spelen heb ik de gehele coronaperiode wel heel veel op het veld kunnen staan. Dat was toch heerlijk. Al kan ik niet wachten om weer een echt doel te hebben om voor te trainen. En om basisspeler te worden natuurlijk, maar daarvoor moeten we eerst wel weer wedstrijden mogen spelen…”

Klik hier voor meer informatie over WVV’67.
Klik hier voor meer artikels van WVV’67.

Raf Melsen is trots op aanvoerderschap bij ‘zijn’ ODIO

De club bestaat dit jaar 90 jaar, maar écht feestelijk kan het jaar sportief gezien vanwege de pandemie niet worden genoemd. Aanvoerder Raf Melsen (28) wil met ODIO graag bovenin meestrijden, maar de afgelopen twee seizoenen zagen ze in Ossendrecht die kansen in spreekwoordelijke coronarook opgaan.

“We waren in die twee afgebroken competities overigens ook veel te wisselvallig. Het is heel raar dat we soms in een wedstrijd twee gezichten laten zien of dat we een reeks goede wedstrijden afwisselen met een serie slechte. Want ik vind dat we zeker een ploeg hebben die kwaliteiten heeft maar dat we onze selectie veel te smal is om echt een rol van betekenis te kunnen spelen. Er zijn wel wat jongeren doorgekomen, maar je mag niet verwachten dat die direct het verschil gaan maken. Voor de echte hoofdprijs doen we niet mee, want daarvoor zijn een aantal teams die sterker zijn en daar meer aanspraak op maken. Meer dan een hoge subtop plaats zie ik voor ons realistisch kijkend niet weggelegd. Het primaire doel is elk seizoen om zo hoog mogelijk te eindigen, maar minstens zo belangrijk is het wel om de beste ploeg van de Zuidwesthoek te zijn. Maar dan mag je wedstrijden zoals tegen VIVOO bijvoorbeeld niet verliezen, dat doet dan even extra pijn.”

Waar de centrale middenvelder wel blij van wordt, dat is van zijn rol als aanvoerder, die hij nu voor het derde seizoen vervult bij de Ossendrechtse vierdeklasser. Een rol waarop hij bovendien ook trots is als ‘kind van de club’. “Ik speel hier al mijn hele leven en ben al een flink aantal seizoenen lid van de eerste selectie. Ik speel vrijwel wekelijks alles al jaren en laat me altijd wel horen in het veld. Wellicht dat de trainer daarom de keuze heeft gemaakt me tot aanvoerder te benoemen. Niet dat in het veld ik me nu anders gedraag, al geeft het je wel wat meer verantwoordelijkheid. Qua spel ben ik sowieso iemand die voorop gaat in de strijd en altijd mezelf kapot werk. Dat probeer ik ook over te laten stralen op de rest door het voortouw te nemen. Het is een manier van spelen die het beste bij me past.”

De jubilerende vereniging beschikt over een spelersgroep die al de nodige seizoenen bij elkaar speelt en ziet slechts mondjesmaat jeugdspelers doorstromen en nauwelijks spelers van buitenaf komen. “Hoe dat komt is me een raadsel, maar misschien is het omdat we zo’n hechte groep zijn dat spelers het gevoel hebben dat ze niet de stap willen maken. Gelukkig zien we nu dat er langzaam ook uit eigen jeugd wat jongens aansluiten zoals Timo de Hoogt die nu doorkomt. Dat het is voor ons ook noodzaak willen we de groep op peil houden en een stabiele vierdeklasser kunnen blijven. Het liefst zou ik nog een keer een kampioenschap willen vieren, maar of dat er nog ooit in gaat zitten dat durf ik niet te voorspellen.”


De sportieve ambitie die Melsen zelf als speler heeft, die leeft naar zijn zeggen niet direct binnen de club. “Dat denk ik niet, want de club is liever actief in een vierde klasse met een aantal aansprekende derby’s waarin we meespelen in het linkerrijtje dan onderin de derde klasse spelen. En daar valt nog wel wat voor te zeggen uiteraard want het is altijd een stuk gezelliger als er wordt gewonnen, al moet je als speler altijd proberen te streven naar het hoogste. We waren topfit in oktober en hadden een goed gevoel, maar toen was het ineens voorbij. In de winter hebben we even een paar maanden stilgelegen en hebben we voor onszelf getraind. Maar verder zijn we de gehele coronaperiode altijd bezig gebleven. Gelukkig mag er nu qua trainen wel weer wat meer en kunnen we straks hopelijk weer toewerken naar een compleet seizoen, want dat heb ik als aanvoerder nog maar een keer meegemaakt haha…”

Meer artikelen lezen over ODIO? Klik hier.
Klik hier meer informatie over ODIO.

Ralph Kalkman werkt aan nieuw Capelle

Met grote namen als Sander Fischer, Wesley Pollemans, Jeffrey Rijsdijk, doelman Marc van Splunter en Olaf van der Sande kocht vv Capelle voor komend seizoen goed in. “We hebben geïnvesteerd in kwaliteit, maar ook in spelers die bij ons type voetbal passen”, aldus trainer Ralph Kalkman.


In de presentatiegids die aan het begin van dit seizoen door de club werd uitgebracht staat Kalkman (42) breeduit lachend op de foto. Het is een alledaags verschijnsel, want als hij met de selectie deze dagen in de weer is loopt zijn grijns door, tijdens en na de training van oor tot oor. Kalkman straalt altijd plezier uit. “Voetbal is mijn hobby en passie tegelijk. Ik word als trainer weliswaar betaald, maar het blijft een liefhebberij. Met die jongens op het veld staan, daar geniet ik van.”

Kalkman wist waar hij aan begon toen hij vorig jaar zomer op sportpark ’t Slot neerstreek. Hij moet de aangeslagen bokser overeind helpen. “Ik ken natuurlijk ook de geschiedenis van de club. De laatste vier, vijf jaar is het allemaal niet fantastisch geweest. Capelle mist net de topklasse en degradeerde uit de derde divisie. Vanaf de jaren negentig heeft deze club altijd op het hoogste amateurniveau gespeeld. De realiteit is dat we nu in de hoofdklasse spelen. De club heeft ambities om te promoveren naar de derde divisie. Dat hebben echter meer clubs. Kampioen word je niet zomaar.”

Zijn eerste seizoen viel door corona voor een groot deel in het water, maar Kalkman wil niet van een verloren jaar spreken. Hij draaide een volledige voorbereiding met de groenzwarten, speelden twee wedstrijden voor de KNVB-beker en vier competitieduels. “Daardoor heb ik een goed beeld kunnen krijgen van de ploeg. Er waren nogal wat jongens die er lang uit waren geweest vanwege blessures.”

De handtekening van Kalkman was zichtbaar in de speelwijze. De oefenmeester stuurde zijn spelers met een aanvallende boodschap het veld in. “Ik vind dat je je publiek ook wat moet bieden”, zegt hij daarover. “Ik zal als trainer altijd voor de aanval kiezen. Ik ga liever met aanvallend voetbal met 4-3 op mijn gezicht, dan dat ik, met onze kont tegen het eigen strafschopgebied, met 1-0 verlies.”

Met die benadering werd de selectie voor het nieuwe seizoen onder de loep genomen. Er werd afscheid genomen van een aantal spelers. “We hebben gezocht naar aanvallers die goed zijn in de kleine ruimte, omdat we vaak op de helft van de tegenstander zullen gaan spelen, en diepgang hebben.” Spits Olaf van der Sanden keert komende zomer terug op ’t Slot en daarnaast werd de talentvolle Joshua Kassels van ARC overgenomen. Daarnaast trok de club ervaren spelers als Sander Fischer, die aan zijn laatste contractjaar bezig is bij Excelsior, oud-prof Wesley Pollemans, Kozakken Boys-speler Jeffrey Rijsdijk en doelman Marc van Splunter aan. “We hebben een goede analyse gemaakt van wat we nodig hadden. We kregen dit seizoen veel te makkelijk doelpunten tegen en lieten daarentegen veel kansen onbenut. We hebben ons daarom in de as versterkt.”

Tegelijkertijd werkte de club hard aan de organisatie. “Die is verder geoptimaliseerd. We hebben betere trainingsmogelijkheden gekregen en de begeleiding geprofessionaliseerd. We meten onze spelers ééns in de zoveel tijd op fitheid.”

Op voordracht van Kalkman werd de selectie, die bestond uit 25 man, teruggebracht naar achttien spelers. “Ik ben nooit een fan geweest van een grote selectie. Er kunnen er uiteindelijk maar elf spelen. We hebben echte versterkingen gehaald en de midden- en de onderste groep kleiner gemaakt en afgeroomd.”

In de selectie is ook plaats voor eigen talenten, zoals Marciano Pape en Enrico Elderhorst en Veron Knol, die dit seizoen.

Voor meer informatie over Capelle, klik hier.
Meer artikelen lezen over Capelle, klik hier.

Paolo Steverink wil samen iets moois neerzetten bij VV Schoonhoven

Paolo Steverink mag zich met recht een ervaren voetbalman noemen. Bij FC Utrecht lichtte hij de club in organisatorisch en financieel opzicht door, terwijl hij zich nu bij VV Schoonhoven als bestuurslid Technische Zaken verdienstelijk maakt.

Steverink groeide op in Raalte, een plaatsje in Overijssel waar hij uitkwam voor de gerenommeerde amateurclub Rohda Raalte. Na zijn studententijd in Groningen meerde hij aan in De Randstad en voetbalde hij lang bij het Utrechtse Hercules in de zaal. “In 1998 ben ik in Schoonhoven komen wonen en mijn kinderen gingen voor die club spelen”, vertelt Steverink. “Ik werkte bij Mammoet en had goed contact met Frans van Seumeren, de voorzitter van FC Utrecht. Hij heeft me in 2015 gevraagd of ik in financieel en organisatorisch opzicht orde op zaken wilde komen stellen. Ik ben op dat aanbod ingegaan en heb met heel veel plezier gewerkt bij de club.”

In een werkomgeving waarin heel veel voetballiefhebbers graag hun boterham zouden verdienen, maakte Severink tropendagen. “Ik kan wel zeggen dat ik vrijwel continu met FC Utrecht bezig was. Er ging geen dag voorbij of ik was aan het werk. Maar ik vond het heel leerzaam en ook ongelofelijk uitdagend natuurlijk. Het is niet niks, als je op operationeel en financieel gebied eindverantwoordelijk bent. Dan wordt er veel van je gevraagd. Ik moest constant stand-by staan als er dingen niet lekker liepen.”

Bij Schoonhoven zijn de dagen overzichtelijker voor Severink, die na zijn dienstverband bij FC Utrecht partner werd bij Greyt, een organisatie die bedrijven op organisatorisch gebied bijstaat. “Ik ben nu veel meer met voetbal bezig. Dat vind ik ook hartstikke leuk. Schoonhoven is natuurlijk geen profclub, maar ook voor een amateurvereniging is het belangrijk dat er degelijk beleid gevoerd wordt. Ik ontferm me over het technische beleid bij de senioren en heb ook veel contact met de jeugdopleiding. We willen een eerste elftal met eigen jongens opbouwen en dan is die wisselwerking heel belangrijk.”

Wat FC Utrecht en Schoonhoven gemeen hebben, is de binding die de leden met de club hebben. Waar bij de profclub zowel werknemers als fans hartstochtelijk meeleven met de ‘FC’, spannen vrijwilligers bij Schoonhoven zich elke week weer in om de zaterdag tot een feest te maken. “Heel mooi om te zien”, zegt Severink. “Met z’n allen kun je ver komen. De verstandhouding tussen de mensen is over het algemeen prima bij Schoonhoven en daar ben ik heel blij mee. Samen iets moois neerzetten, dat is toch wat we allemaal willen?”

Schoonhoven kan in de Krimpenerwaard een mooie regiofunctie vervullen, besluit Severink. Hij heeft nog geregeld contact met mensen van FC Utrecht. “Helaas heb ik door corona al heel lang geen wedstrijd meer kunnen bezoeken. Maar de verbondenheid met de club is wel gebleven. Of ik buiten de boot gevallen talenten van FC Utrecht tot een overgang naar Schoonhoven kan verleiden? Ha, formeel hebben we geen samenwerkingsverband. Maar een goede voetballer is altijd welkom natuurlijk.”

Klik hier voor meer informatie over VV Schoonhoven

Klik hier voor meer artikelen over VV Schoonhoven