Fatih Kamaci is bij VV Dongen helemaal op zijn plek
Fatih Kamaci speelde tussen 2009 en 2014 al in het shirt van VV Dongen. De club waar hij na een aantal mooie jaren als profvoetballer weer is teruggekeerd. In de eerste periode was hij ploeggenoot van Osman Erbas, die nu de hoofdtrainer is. Samen met Erbas hoopt Kamaci nog een paar mooie herinneringen te maken op een hoog niveau. Terwijl hij daarnaast ook werkt aan zijn maatschappelijke carrière
DONGEN – “Ons doel? We willen sowieso niet degraderen. Maar het liefst willen we bovenin de middenmoot meedraaien”, zegt Kamaci op het sportpark van de geelblauwen. “Kampioen gaan we niet worden in de Derde Divisie, maar het is belangrijk om zoveel mogelijk punten te verzamelen en lekker mee te doen. Wie weet kun je dan nog als verrassing aansluiten.”
De start was moeizaam, geeft de aanvallende middenvelder toe. “Met een paar nieuwe jongens was het even wennen aan elkaar. De laatste weken gaat het alweer iets beter, al is het nog niet het niveau waar we moeten zijn.” Vroeger zou hem dat slapeloze nachten kunnen bezorgen, nu niet meer. “Ik heb er minder moeite mee, het is anders geworden. Het is niet dat ik me er minder druk om maak, maar het voelt anders. Vroeger was ik alleen bezig met presteren, presteren, presteren. Nu probeer ik de mindere punten eruit te halen. Je nabeschouwing is anders. Ik denk bij mezelf wel eens: waarom deed je dat vroeger eigenlijk niet?”
Hoewel het anders is, heeft Kamaci nog altijd de drive die hem uiteindelijk een mooie en naar eigen zeggen aparte carrière heeft gebracht. Het liefst wil hij altijd belangrijk zijn voor Dongen. De eerste wedstrijden speelde ik linkshalf, meer controlerend. De positie waar ik in mijn eerste periode bij Dongen ook stond. Maar de laatste wedstrijden sta ik weer op tien, dat voelt toch vertrouwd. Lekker veel in de zestien van de tegenstander komen. Ik kan makkelijk doelpunten maken en kansen creëren. Dat is een sterk punt van mij en dat blijft toch ook zeker het mooiste om te doen.”
Bizar avontuur
Voor zijn terugkeer bij Dongen was Kamaci actief in Turkije, het waren daar twee mooie én bijzondere jaren. “Ik wist van betalingsproblemen en niet op tijd betalen. Toch dacht ik: ik moet het gewoon doen, kijken hoe het is. Ik heb hele leuke jaren gehad, veel meegemaakt”, kijkt Kamaci terug op de twee Turkse jaren. “Ik had het ook absoluut niet willen missen, ik ben blij dat ik het gedaan heb.”
Toen hij met Ali Gursun de eerste keer naar Turkije afreisde was dat eigenlijk voor niets. Eenmaal aangekomen bleek dat de club met interesse een transferverbod had. Gursun vertrok vervolgens naar Barcelona, om de transfer van Frenkie de Jong af te ronden. Kamaci bleef in Turkije. Op weg naar Istanbul om naar Nederland terug te keren meldde een nieuwe club zich: Karabükspor. Hij tekende een contract en ging meteen op trainingskamp, daar kwam hij oude bekende Ferhat Görgülü tegen. ‘Wat heb je gedaan?’, zei hij. “Wist je niet dat ze ook een transferverbod hebben. Ik heb een maand gehoopt dat het transferverbod weg zou gaan, maar dat is niet gelukt. Vervolgens ging Kamaci aan de slag bij Gümüşhanespor, om na een half jaartje nog anderhalf jaar voor Kahramanmaraşspor uit te komen. “Mijn ouders komen daar vandaan, dus dat was voor mij wel een speciale belevenis.”
Toekomst
Hoe lang Kamaci nog doorgaat met voetballen op niveau is de vraag. “Dat ligt een beetje aan de fysieke gesteldheid. Ik voel me nu nog topfit, dat gaat gewoon goed. Maar ik werk naast mijn voetbalschool ook nog voor Sportconsult Nederland, daar wordt het ook drukker. Op een gegeven moment kom je op een punt dat je keuzes moet maken. Ik hoop alleen dat ik dat moment zo lang mogelijk uit kan stellen. Maar soms heb je het niet altijd voor het kiezen, daarom geniet ik zolang het kan.”
Voor meer informatie over VV Dongen, klik hier.
Meer artikelen lezen over VV Dongen, klik hier.
Kantinepraatjes met Jelle Kesselaar van SV Apollo ’69 3
Jelle Kesselaar begon met voetballen op zijn tiende levensjaar en maakte op zijn zeventiende zijn debuut in het eerste van Apollo. Het jaar daarop zat hij vast bij de selectie alleen gooide een inwendige botkneuzing in zijn voet roet in het eten en moest hij in de winterstop afhaken. Het plezier raakte hij langzamerhand kwijt, maar met jongens uit de buurt is het balletje letterlijk weer gaan rollen.
Het elftal is pas begin van dit seizoen ontstaan. “Zelf was ik dus een tijdje gestopt, maar ik wilde graag toch weer gaan voetballen. Veel vrienden van mij speelden bij SV Nieuwdorp, maar waren woonachtig in ‘s-Gravenpolder. Met name vanwege de Coronacrisis borrelde de passie weer op en hebben we gezamenlijk met jongens van Nieuwdorp en Krabbendijke een team opgericht bij Apollo. We wilden graag bij elkaar in het team spelen. De club heeft ons geweldig opgevangen en bood ons de kans om het derde elftal te vormen.’’
De vriendschap binnen dit elftal is toch wel uniek. ‘’Het leuke van dit team is dat iedereen bevriend met elkaar is. Voorheen speelden een aantal jongens op niveau en de andere juist ergens in de vijfde klasse. Nu spelen we met zijn allen bij elkaar en dat maakt het juist enorm leuk. Iedereen is erg fanatiek en na afloopt blijft bijna iedereen hangen om een biertje te drinken. Buiten de voetbal om weten we elkaar ook goed te vinden en hebben we het bijna altijd erg gezellig!’’
De trainingen hebben qua opbouw vaak dezelfde vorm. ‘’Iedereen is het hier mee eens, aangezien er altijd een ruime opkomst is op de trainingen. We beginnen om acht uur met een warming up en spelen vervolgens een aantal positiespellen en sluiten af met een partijvorm. Na de training is het eerste kratje bier altijd al snel op tijdens het omkleden en douchen. Naderhand blijven de mannen vaak hangen om een biertje te drinken. Niet iedereen is altijd even fit op de vrijdagmorgen, haha.’’
De lat ligt hoog in de derde helft. ‘’Het is lastig om iemand aan te wijzen die de titel van koning van de derde helft verdient. De omzet stijgt altijd wanneer de mannen van het derde de kantine onveilig maken, dat zegt eigenlijk al genoeg. Wie er boven uitsteekt zullen we na de winterstop moeten ontdekken.’’ De planning lag er voor een avondje NAC. ‘’Een voetbalwedstrijdje bezoeken en daarna op stap gaan in Antwerpen, een beter voetbaluitje kan je bijna niet wensen. Helaas kan dit niet doorgaan door de ingrijpende maatregelen. Recent zijn we na een wedstrijd nog wel een middagje naar de Raayberg geweest, dit was zeker een aanrader!’’
Klik hier voor meer informatie over Apollo ’69
Lees hier meer artikelen over Apollo ’69
Het gaat niet om winnen, het gaat om het plezier bij het G-team van HRC ’14
In 2007 stond Antwan van Doorn aan de wieg van een G-team in de Bommelerwaard. Nu, veertien jaar later, is hij nog altijd trainer/leider van dat elftal. Het enige G-team in de regio. Dat is in zijn ogen te weinig, hij hoopt dat er meer teams komen. Tegelijkertijd geniet hij enorm van zijn huidige team en het plezier dat alle spelers hebben bij HRC ’14.
HURWENEN – Van Doorn speelde zelf in het eerste van Hurwenen. “Toen nam ik elke zondag een jongen met het downsyndroom mee. Daar heb ik een hele grote band mee gekregen, allerlei activiteiten mee gedaan. Toen in 2007 de vraag vanuit de KNVB kwam om een G-team te starten in de Bommelerwaard, heb ik dat gelijk gedaan.”
Sinds 2008 speelt het team competitie. Door het ontbreken van G-teams in de regio is dat soms wel ver weg. “We begonnen met wedstrijden in Bergen op Zoom, Roosendaal, Tilburg. Nu hebben we ook wedstrijden in Rosmalen en Drunen. Dat gaat nog redelijk. Maar soms zitten we anderhalf uur in de auto”, zegt Van Doorn, die ooit begon met negen spelers en sindsdien gemiddeld altijd rond de dertien à veertien spelers heeft.
Bij HRC ’14 is er een mooie mix aan spelers. “Je kunt 8 zijn of 36, leeftijd zegt niet veel. Ik heb spelers met alle soorten beperkingen, van het downsyndroom tot autisten. De hele mix, dat is wel heel leuk. Het vult elkaar aan. Er zitten spelers bij die er vanaf het begin af aan er al bij zitten. Dat zijn geen voetballers, maar jongens die er lekker bij zijn. Ze raken de bal misschien drie of vier keer aan in een wedstrijd, maar ze genieten van het feit dat ze erbij zijn. Het tenue, trainingspak, tasje. Allemaal van de club, daar zijn ze trots op.”
Van Doorn zegt het met passie in zijn stem. Dat doet hij het liefst op de achtergrond, genieten van de ploeg en het plezier dat iedereen heeft. “Dat is het belangrijkste. Heel eerlijk, we verliezen bijna alles. Soms kom je tegen teams die heel goed kunnen voetballen, die minder verschillende beperkingen hebben. Wij hebben ook jongens die een paar meter kunnen lopen en dan op zijn. Jongens die je continu moet sturen. Dat vind ik ook leuk. Het gaat ook niet om het winnen, het gaat om het plezier.”
De gedreven trainer kijkt uit naar de maandagavonden, dan traint het G-team van HRC ’14. Maar er zijn meer mooie dingen. “We hebben begin dit seizoen een toernooi gehad in het stadion van FC Den Bosch, dat was superleuk. Dat soort dingetjes tussendoor maken het ook leuk”, zegt Van Doorn, die in de wintermaanden niet op het veld staat. “Als het koud is, is het niet te doen. De spelers zijn vaak vatbaar voor verkoudheid. En we staan best veel stil, als het dan koud is dan is dat gevaarlijk.”
Maar als we trainen, is iedereen er ook bijna altijd bij. Het is slechts sporadisch dat iemand niet komt. Dat is ook leuk. Iedere maandag anderhalf uur trainen, met nog twee leiders erbij. Vol plezier!”
Voor meer informatie over HRC ’14 klik hier
Klik hier voor meer artikelen over HRC ’14
De tussenstand met Anthony Piqué van vv Brielle
Inmiddels is Anthony Piqué een echte routinier. De 32-jarige defensieve kracht is momenteel bezig aan zijn derde seizoen in de hoofdmacht van vv Brielle. Dit seizoen heeft de ploeg in de eerste seizoenhelft te maken gehad met veel blessureleed, maar in de tweede seizoenhelft verwacht de ploeg de draad weer op te kunnen pakken. We spraken met Anthony over de eerste seizoenshelft, de tweede seizoenshelft en de eindstand van de competitie.
Ooit begon het voor Anthony op 8-jarige leeftijd bij ZBC’97 in Zwijndrecht. “Na twee jaar werd ik ontdekt door Feyenoord Stichting, waar ik uiteindelijk twee jaar daar gespeeld.” Vervolgens koos Anthony voor Sparta Rotterdam, waar hij negen seizoenen heeft gespeeld. “Helaas heb ik bij Sparta Rotterdam nooit mijn officiële debuut kunnen maken, maar wel oefenwedstrijden gespeeld in het eerste elftal. Daarna nog één seizoen bij TOGR in Rotterdam in de Hoofdklasse wat toentertijd het hoogste amateur niveau was. Vervolgens speelde ik nog vier seizoenen bij Nieuwenhoorn, vier seizoenen DHC Delft wat allebei uitkwam in de Hoofdklasse zondag en één seizoen met vv Zwaluwen in de Hoofdklasse zaterdag.” Inmiddels is de Anthony bezig aan zijn derde seizoen bij vv Brielle.
Voor Brielle is het eerste seizoenshelft erg wisselvallig en rommelig gelopen. “Vanwege vele blessures en ziekmeldingen hebben we weinig wedstrijden met onze volledige selectie kunnen spelen. Hierdoor hadden we geen vastigheid. Als je daarna ook nog te maken krijgt met schorsingen dan is het eerste seizoenshelft tot nu toe niet best.” Persoonlijk wilt de middenvelder annex verdediger geen minuut missen. “Het liefst wil ik geen minuut missen en ook niet gewisseld worden. Helaas heb ik dit seizoen ook een blessure gehad en daardoor bij de wedstrijd tegen SHO ingevallen en de wedstrijd tegen Terneuzense Boys gemist. Qua prestatie heb ik naar mijn mening alle wedstrijden een (ruim) voldoende gespeeld, behalve de wedstrijd tegen XerxesDZB waar we als team een offday hadden.”
Het is lastig te zeggen waar de ploeg aan het einde van de streep eindigt. Desondanks heeft Anthony wel veel vertrouwen in een goede afloop. “Ik vind het moeilijk te bepalen door de nieuwe Coronamaatregen en omdat er zoveel blessures zijn. Normaal moet vv Brielle bovenin meedoen en ook eindigen. Als je het nu bekijkt met minder wedstrijden en tegenslagen staan we ergens onderin. Dit kan zomaar veranderen na twee à drie gewonnen wedstrijden.” In de tweede seizoenshelft hoopt de defensieve spelmaker vooral plezier te maken en te domineren op het veld. “Ik hoop dat we met een volledig fitte selectie als eerste weer echt lol kunnen hebben in het veld, keihard knokken met z’n allen en weer echt gaan domineren. Ik denk dat dat ons ook het beste ligt en iedereen zal 100% moeten geven tot aan de wissels en talenten vanuit het tweede elftal die erbij komen toe.”
Klik hier voor meer artikelen over Brielle.
Meer informatie over Brielle? Klik hier.
Trainer Nabil Bouchlal is op z’n plek bij VV Kerkwijk
Oud-profvoetballer Nabil Bouchlal gaat zijn derde jaar in als trainer van VV Kerkwijk. De voormalig speler van onder meer Willem II en Kozakken Boys beleeft veel plezier aan het trainen in de vierde klasse. “Ik kan als trainer genieten van de vooruitgang van spelers.”
KERKWIJK – Nee, de voorbereiding op het nieuwe seizoen is niet geheel vlot verlopen bij VV Kerkwijk, zo geeft trainer Nabil Bouchlal (47) toe. “Maar het is ook een illusie dat je een voorbereiding hebt met de gehele spelersgroep bij een amateurvereniging”, stelt hij. Bouchlal is wel wat gewend. “Je moet er gewoon mee omgaan als trainer op dit niveau. Eerst kon ik dat maar heel moeilijk, maar door de ervaring van de afgelopen jaren ga ik er steeds beter mee om.”
Natuurlijk had Bouchlal graag een voltallige groep tot zijn beschikking willen hebben. De trainer is dolblij dat hij weer drie keer per week op het veld kan staan met zijn spelers bij de vierdeklasser. Dit moet namelijk zijn eerste volledige seizoen worden bij Kerkwijk, en dat terwijl hij al zijn derde jaar ingaat bij de plaatselijke VV. Maar ook hier gooide corona tweemaal roet in het eten. Twee keer werd het seizoen abrupt afgebroken.
“Of dat mijn ontwikkeling als trainer heeft dwarsgezeten? Ja en nee”, zegt Bouchlal. “Enerzijds ja, omdat je natuurlijk zoveel mogelijk op het veld wilt staan, trainingen wilt geven, wedstrijden wilt coachen en ervaring op wilt doen. Dat heb je nu amper gehad. Maar aan de andere kant: ik heb die twee seizoenen niet stilgezeten, integendeel zelfs.”
Bouchlal geeft onder meer het voorbeeld dat de KNVB webinars -online cursussen- organiseerden voor alle trainers. ,,Daar steek je zeker wat van op. En als coach leer je elke dag als je het voetbal volgt. Alles wat je over voetbal leest of ziet, of het nou gaat over een discussie over een formatie of wat dan ook, daar leer je van als je er als trainer naar kijkt of luistert.”
Als voetballer speelde Bouchlal op hoger niveau dan waar hij nu traint. Hij doorliep de jeugdopleiding van Willem II en speelde jaren bij Helmond Sport, Kozakken Boys en Achilles Veen. Toch heeft hij zich als trainer niet echt hoeven aanpassen aan het kwaliteitsverschil.
“Op een hoger niveau kun je meer eisen van spelers, hier moet je daar iets anders mee omgaan”, zegt Bouchlal. “Maar ik ben bovenal een voetballiefhebber. Het spel is hier gewoon hetzelfde, het is elf tegen elf. Als coach kun je hier wel grotere stappen voorwaarts maken met spelers dan op een hoger niveau. Daar hoef je ze qua tactiek en techniek niet heel veel bij te brengen, terwijl je hier echt het verschil kan maken wat dat betreft. Ik kan ook als trainer echt genieten van de vooruitgang van spelers.”
Bouchlal ziet zichzelf ook nog wel een tijdje doorgaan als trainer van Kerkwijk. Hij heeft niet direct de ambitie om het na Kerkwijk ergens hogerop te proberen. “Ik doe niet aan carrièreplanning. Als het op mijn pad komt, dan ga ik er zeker over nadenken. Maar trainer zijn is mijn hobby, niet mijn beroep. Ik zit hier bij Kerkwijk nu vooral op mijn plek. Vanaf het begin heb ik hier al een goed gevoel en dat is heel belangrijk voor mij.”
Bouchlal benadrukt dat de club een gezonde sportieve ambitie heeft. Dit seizoen promoveren zou volgens de trainer niet realistisch zijn. “Je moet dan meer aan een meerjarenplan denken. Ik vind het lastig om een doelstelling te bepalen voor dit seizoen. We zitten namelijk in een compleet nieuwe competitie waardoor we de teams dus niet kennen. Pas halverwege kan ik een goede doelstelling uitspreken. Maar het doel moet altijd zijn om zo hoog mogelijk te eindigen en het maximale uit het team te halen, daar ligt voor mij een belangrijke taak natuurlijk.”
Klik hier voor meer artikelen over VV Kerkwijk
Klik hier voor meer informatie over VV Kerkwijk
Wat er dit seizoen telt voor supervrijwilliger Peter Venner van Nivo Sparta? De barbecue in zijn tuin
Zes jaar was hij toen hij lid werd van Nivo Sparta. Nu is hij niet alleen ruim vijftig jaar lid van de amateurclub uit Zaltbommel. Peter Venner (59) is ook al tientallen jaren door dag en dauw te bereiken voor vrijwilligerswerk.
ZALTBOMMEL – Elk weekend gaat hij fluitend naar sportpark De Watertoren. In welke functie hij die dag dan ook moge bekleden. Of hij nu penningmeester is, of leider. Gaat hij die vlaggen of moet hij noodgedwongen het scheidsrechterstenue uit zijn sporttas trekken? Het maakt Peter Venner niet uit. “Er is geen zaterdag zonder voetbal, zonder Nivo Sparta mogelijk.”
Venner, in het dagelijks leven boekhouder, speelde zelf jaren in het tweede (vijf seizoenen) en het derde van de club. Hij was vijftien jaar aanvoerder van het derde en liet daarmee al zien zich verantwoordelijk te voelen voor de gang van zaken binnen het team en de club.
Hij was 25 jaar toen zijn boekhoudkundige aanleg werd gezien door Nivo Sparta. “Ze trokken me zo’n beetje van het veld af om me te vragen als penningmeester. Nou dat heb ik gedaan. Net als de financiën van de club.”
Pas sinds kort heeft hij idie taken beëindigd. “Dat is mooi geweest. Ik heb het met alle liefde gedaan. Ben ook een paar keer gestopt, maar dan vroegen ze me opnieuw en deed ik het toch weer. Dat kostte me gemiddeld vijf tot tien uur per week. En als er jaarrekeningen gemaakt moesten worden meer. Maar dan kon ik op rustige momenten op werk even naar de cijfers van Nivo Sparta kijken”, lacht Venner.
Inmiddels heeft Venner het iets rustiger gekregen. Zijn passie voor de club kan hij desondanks nog goed kwijt. Dat is opnieuw bij ‘zijn derde’. “Ik heb vier kinderen, van wie er één voetbalt. In het derde dus, net als zijn vader. Ik ben al sinds hij begonnen is als kleintje betrokken bij zijn elftallen, als leider of coach. Trainingen geven, mee naar de wedstrijden. En ik ben er nog steeds elke zaterdag bij.”
Die zaterdagen is Venner meer dan een betrokken voetbalvader en leider van het elftal. “Nee ik vlag elke week met heel veel plezier. Dat doe ik ook al weer zo lang dat ze me bij de andere clubs ook goed kennen. En ik neem elke week mijn fluit ook mee, want als er geen scheidsrechter gevonden kan worden, doe ik het.”
Tot het niet meer kan, zal Venner zich actief blijven inzetten voor de club. En nu het ‘coronaboek’ bijna gesloten kan worden, kan hij in 2022 ook eindelijk weer zijn andere vrijwilligerstaak uitvoeren.
“Elk jaar houd ik een barbecue bij mij thuis. Dat is ook in de kleedkamers een dingetje. Want in principe nodigde ik de afgelopen jaren iedereen uit die minuten had gemaakt in de selectie van het tweede. Dus eerste elftalspelers bespraken dan al hoe ze een paar minuten een niveautje lager konden maken, zodat ze bij de barbecue konden zijn. Ik heb al weer zin in dat grote feest bij mij. Dat gaat zeker goedkomen.”
Klik hier voor meer artikelen over NIVO Sparta.
Meer informatie over NIVO Sparta? Klik hier.
Van nieuw kunstgrasveld tot de parkeerplaats, groeiend GVV ’63 pakt in paar jaar tijd hele complex aan
In een tijd waarin de voetbalvelden veelal leeg bleven, was er bij GVV ’63 wel veel activiteit op het sportpark. De club is qua leden flink gegroeid de afgelopen jaren. Met die groei werd het complex gelijktijdig aangepakt. Sportpark Maartens Hof is flink onder handen genomen. Van een nieuw kunstgrasveld tot de parkeerplaats. En het is nog niet klaar.
GAMEREN – “We zijn als GVV ’63 de laatste jaren heel erg aan het groeien. Vooral van onderuit, vanuit de jeugd”, zegt Björn van Gog. Daar zijn ze blij mee, maar het levert ook een probleem op. “We hebben al die jaren op dit complex 2,5 veld gehad. Twee wedstrijdvelden en een half veld voor de pupillen. We zijn blijven groeien, groeien, groeien. We groeiden uit ons vestje. En dat zorgde voor een probleem qua trainingscapaciteit. Met slecht weer hadden we velden tekort.”
Vanuit de vereniging was er de wens om een derde natuurgrasveld erbij te krijgen, daar ging GVV ’63 over in gesprek met de gemeente. “Naast onze voetbalvelden is er akkerbouw. Maar die boer kan of wil nog niet van zijn grond af. Dat is een langdurig traject. En de nood is zo groot, dat we een soort van gedwongen de keuze hebben gemaakt om kunstgras te nemen. Het is niet onze eerste keuze, maar echt een B-keus om in ieder geval de training- en wedstrijdcapaciteit te krijgen die we nodig hebben.”
“In juni van het afgelopen jaar ging de schop in de grond”, zegt Van Gog over het hoofdveld dat van natuurgras naar kunstgras werd omgebouwd. “Sinds half september hebben we nu het nieuwe kunstgrasveld.”
Los van het kunstgras gebeurde er echter nog veel meer op Sportpark Maartens Hof. “We zijn 2,5 jaar geleden begonnen met het bouwen van een compleet nieuw kleedkamercomplex. Het bestaande complex is er aan gekoppeld. De oude kleedkamers zijn ook allemaal vernieuwd. We hebben dubbele capaciteit aan kleedkamers gekregen.”
Er kwam een grote fietsparkeerplaats, de bestaande parkeerplaats werd helemaal opnieuw geasfalteerd en de bestrating rondom het complex werd vernieuwd. “Eigenlijk is het het hele complex in drie jaar tijd helemaal vernieuwd. Het is redelijk toekomstproof gemaakt. Al zijn er nog wel meer plannen qua verduurzaming. We zijn het straatje van LED-verlichting ingegaan, maar er bestaan ook ideeën voor zonnepanelen of combipanelen, om zo de energierekening naar beneden te krijgen.”
De wens van het derde veld blijft er overigens nog wel. “Die wens is er al jaren, het is de insteek dat er wordt doorgepakt op uitbreiding met een derde veld.” Dat is ook niet gek als je kijkt naar de groei van GVV ’63. “We hebben nu bijna 500 leden, een paar jaar geleden hadden we er ruim 300.”
En het is niet uitgesloten dat de groei nog niet voorbij is. “Een jaar of tien geleden is er een nieuwbouwwijk in Gameren gebouwd. En er komt nu weer een nieuwbouwwijk. Je merkt dat dat nieuwe leden oplevert. Het voordeel van een kunstgrasmat is dat je veel meer bespeelbare uren hebt in vergelijking met een natuurgrasmat. Zeker met slecht weer. Je tackelt dus de problematiek qua planning. Maar als we door blijven groeien zoals we nu doen, komen we gewoon een wedstrijdveld tekort. Vandaar dat we blijven insteken op uitbreiding.”
Klik hier voor meer artikelen over GVV’63
Klik hier voor meer informatie over GVV’63




