Home Blog Pagina 669

Jordi Dekker van Poortugaal zit alleen thuis nóg op de bank

Poortugaal kende een uitstekend eerste deel van de competitie in de hoofdklasse. Voor Jordi Dekker waren de eerste drie maanden een periode van uitersten. Hij kwam zelfs op de bank terecht, maar vocht zich, op een voor hem onbekende positie, terug in de basis.

phonedirect

Dekker voert zijn dagelijkse werkzaamheden ‘op hoogte’ uit. De speler van Poortugaal, die opgroeide bij VV Smitshoek, is van beroep kraanmachinist. “We zitten in de bulksector”, zegt hij over het bedrijf waar hij al weer een paar jaar werkt. “Voorheen werkte ik bij een groter bedrijf dat 24/7 draaide. Dat was niet ideaal in combinatie met voetballen, want ik moest ook regelmatig in de avonduren werken.”

“Wat kan een goede kraanmachinist? Inschatten, haha.”

Aan het begin van het seizoen verging de immer vrolijke Dekker het lachen bij Poortugaal hee eventjes. Trainer Peter Klomp zette hem op de bank na wat mindere prestaties. “Ik zocht naar mijn ritme, ik was zeker niet goed, maar dat gold eigenlijk voor de hele ploeg. De voorbereiding was heel matig. Zeker op dat moment vond ik het niet terecht dat ik op de bank werd gezet.”

Dominos_voorjaar2021

Het was een situatie waar Dekker moeilijk mee om kon gaan. “Ik geloof dat ik in die periode niet echt prettig was voor mijn omgeving. Ik werd er chagrijnig van. Op de bank zitten doe ik thuis al genoeg. Bij Poortugaal wil ik spelen en niet toekijken.”

De ‘verbanning’ duurde niet lang, want toen er een vacature in de spits ontstond greep Dekker zijn kans. Hoewel van origine geen aanvaller is, meldde hij zich bij zijn trainer dat hij open stond voor de vacante positie. “Er was even geen plaats voor mij op het middenveld, dus moest ik naar andere wegen zoeken”, verklaart hij. “Ik kón spelen. Dat was voor mij het belangrijkste.” Dekker vulde zijn taak vervolgens meer dan aardig in. Als aanspeelpunt werd hij al snel een belangrijke schakel in het Poortugaalse aanvalsspel. Hij gaf assists en pikte zijn goaltjes mee. Inmiddels doet zijn trainer ook regelmatig weer een beroep op ‘middenvelder’ Dekker. “In feite heb ik mijn kansen op speeltijd vergroot. Ik speel óf op het middenveld óf in de spits.” Zijn voorkeur: het middenveld. “In de spits is het leuk voetballen als we de partij zijn die in de aanval zijn. Zijn we de onderliggende ploeg, dan ben je snel geïsoleerd.”

Dat hij vrolijk door het leven stapt, heeft ook te maken met de uitstekende prestaties van Poortugaal, dat al negentien punten verzamelde en daarmee de nummer zeven op de ranglijst is. “We hebben vorig seizoen kort aan het niveau van de hoofdklasse kunnen ruiken. Hoewel maar kort was dat wel een belangrijke periode. We hebben ons als team ontwikkeld. We hebben niet alleen een plan A, maar ook een plan B en zelfs een plan C. Daar hebben onze tegenstanders het erg lastig mee. Ons geeft dat vertrouwen.”

Naast voetballen voor Poortugaal 1 is Dekker trainer van de JO14-1 van zijn club. “Ik ben al jaren jeugdtrainer, daar ben ik mee begonnen toen ik bij Smitshoek speelde. Ik vind het leuk om mijn kennis en visie over te dragen aan die jongens. De JO14 is een talentvolle lichting. Ze spelen tweede divisie. De kans is best groot dat ik over een paar jaar met één van die jongens samen speel in het eerste.”

Klik op Portugaal voor het laatste artikel van de club.

Julian Geelhoedt speelt al bijna tien jaar bij vv Altena

De Hankse Julian Geelhoedt (27) speelt alweer bijna tien jaar bij vv Altena. Als speler van het eerste en aanvoerder legt hij de lat het liefste hoog voor zichzelf. Hij vindt het, sinds zijn transfer naar de club in Nieuwendijk, belangrijk om samen met het team zo hoog mogelijk te spelen. 

“Bij Be-Ready ben ik begonnen met voetballen, ik speelde daar mijn hele jeugd. Vervolgens bracht Antoine Hoevenaren mij op zestienjarige leeftijd naar het eerste elftal van de club, die op dat moment nog vijfde klasse speelde”, vertelt Julian. Dit mocht echter niet al te lang duren bij Be-Ready: “In mijn laatste wedstrijd voor Be-Ready promoveerde we naar de vierde klasse. Na twee seizoenen in het eerste elftal kreeg ik de kans om naar op dat moment eersteklasser vv Altena te gaan, waarbij ik na lang twijfelen heb besloten de stap te maken.”

werktalent-breda banner

Verblijf

Dat het hem bevalt bij de club is wel duidelijk; “Door het fijne gevoel bij de club en de fijne selecties inclusief staf zit ik er nog steeds. Momenteel ben ik bezig aan het negende seizoen in Nieuwendijk waarvan het zesde seizoen als aanvoerder. Elk jaar, met uitzondering van corona-seizoenen, was er wel een degradatie, promotie of nacompetitie, maar dat houdt het ook wel weer spannend.” Als je een kleine tien jaar voor een club speelt, kan je ervan uitgaan dat het bevalt.

Bijblijven

Er zijn wel een paar momenten die Geelhoedt niet snel vergeet: “Ik heb een kampioenschap en twee promoties meegemaakt bij vv Altena.” Helaas brengen de jaren ook wat dieptepunten met zich mee. “De corona periode waarin we niet konden voetballen waardoor seizoenen niet werden afgemaakt. Met name seizoen 2019-2020 waarin we vijf punten los stonden en kampioen zouden worden, tijdens het jubileumjaar van de club. Helaas werd dat seizoen vroegtijdig beëindigd door de pandemie. Dat seizoen had dus eigenlijk bij de hoogtepunten moeten staan. Ik was graag met deze groep de eerste klasse ingegaan.”

mandemakers banner

Toekomstbeeld

Gelukkig brengt een tegenslag zoals die ook weer vastberadenheid voor het volgende seizoen. “We gaan onze ongeslagen status dit seizoen ongetwijfeld een keer verliezen, aan ons om dat moment zo lang mogelijk uit te stellen. We hebben veel blessuregevallen en een tijd niet gespeeld vanwege corona, dus ik ben benieuwd waar we nu staan. Verder zullen we het van wedstrijd tot wedstrijd bekijken om goede resultaten te halen. We kijken wel waar ons dat aan het eind van het seizoen brengt”, aldus Julian. “Voor de nabije toekomst is het voor vv Altena van belang dat de selectie op peil blijft, om zo volgend jaar met een nieuwe trainer verder te bouwen aan de basis die de afgelopen jaren is gelegd.”

 

Klik op de link voor een ander artikel van vv Altena

Aad de Sterke wil oude Bolnes-tijden laten herleven

SV Bolnes is volgens Aad de Sterke een club die ‘heel wat markante figuren’ in de gelederen heeft gehad. Het was lange tijd een vereniging die volop bruiste. Helaas zijn zowel de ambiance als het ledenaantal flink teruggelopen. Echte Bolnessers, van wie De Sterke er één is, willen oude tijden laten herleven.

phonedirect

Als jonge voetballer ervoer De Sterke in de jaren zeventig al dat de couleur locale bij SV Bolnes er eentje van warmte was. Later, als speler van de A-selectie, dronk hij naar hartenlust zijn pilsjes in de kantine, die na het beroemde Rotterdamse café Melief Bender als tweede locatie in Nederland een bierkelder bevatte. “Ik heb schitterende tijden bij Bolnes meegemaakt”, vervolgt De Sterke zijn verhaal. “Er liepen altijd zeer kleurrijke mensen bij de club rond, onder wie Krijn Legerstee, over wie ik een boek aan het schrijven ben. De laatste vijftien jaar heeft de club echter flink terrein verloren aan andere verenigingen binnen Ridderkerk. Het ledenaantal is enorm afgenomen en de echte Bolnes-cultuur van sfeer en gezelligheid heeft daaronder geleden.”

Zelfs gezinnen die hun huis hebben in het buurtschap Bolnes, kiezen er tegenwoordig voor om hun kinderen van Slikkerveer of RVVH lid te maken. Het is een ontwikkeling die De Sterke maar moeilijk verkroppen kan. “Samen met een paar echte Bolnessers van weleer hebben we de koppen bij elkaar gestoken om een revival te bewerkstelligen”, zegt de man die verschillende bedrijven runt, waaronder een administratiekantoor en een consultantsbureau op het gebied van financieel management. “We vinden het doodzonde dat de club zo is afgegleden. Er is een stichting ‘Vrienden van Bolnes’ in het leven geroepen die de club in financieel opzicht ondersteunt en speerpunten voor de toekomst heeft geformuleerd. Daarnaast hebben oud-spelers als Cor Bak en Koos van Weijen zitting genomen in de Technische Commissie.”

Dominos_voorjaar2021

Niveau

Pratend over de speerpunten, weet De Sterke dat drie zaken van cruciaal belang zijn. “Het niveau van het eerste en tweede elftal moet omhoog, waarbij de sfeer in de kantine verbeterd wordt. Daarnaast willen we het ledenaantal vergroten, dat is in de loop der jaren van bijna duizend naar iets meer dan tweehonderd gekrompen. Tenslotte heeft de accommodatie een stevige opfrisbeurt nodig. Ons complex is erg verouderd en is nodig aan vernieuwing toe.”

Bolnes is één van de weinige clubs die nog niet over kunstgras beschikt, weet De Sterke. Met de gemeente Ridderkerk hebben de ‘Vrienden van Bolnes’ en de vereniging in nauw overleg de afspraak kunnen maken dat ze met een goed plan kunnen komen om de club weer op niveau te brengen. “Dan zal de gemeente rustig bekijken hoe zij Bolnes kan helpen. We hebben goed contact met de gemeente en zijn daar erg blij mee. Omdat we tegen Rotterdam-Zuid aanliggen en veel leden uit de Beverwaard hebben, vielen we lange tijd een beetje tussen wal en schip. In Ridderkerk zei de gemeente: ‘je hebt veel Rotterdamse leden, dus ga maar naar de gemeente Rotterdam. Terwijl ze in Rotterdam juist zeiden: ‘je hoort bij Ridderkerk, dus je moet echt daar zijn.”

Hoe dan ook: De Sterke bespeurt al de nodige verbetering de afgelopen maanden. De Champions League Kids bijvoorbeeld, mag een groot succes genoemd worden. “We organiseren wedstrijddagen voor jonge kinderen die dan tegen elkaar spelen en een gerenommeerd team vertegenwoordigen. Paris Saint-Germain bijvoorbeeld, of AC Milan, of Bayern München. Omdat ‘De Vrienden’ zelf best over wat geld beschikken, hebben we mooie tenuetjes kunnen aanschaffen. Kinderen spelen bijvoorbeeld in het shirt van Paris Saint-Germain met de naam Messi op hun rug. De Champions League Kids wordt goed georganiseerd en is onderdeel van het nieuw geformuleerde jeugdbeleidsplan, dat onder regie van ex-Bolnes speler Arjan Otto en jeugdvoorzitter José Sparreboom verder wordt uitgerold binnen het buurtschap Bolnes en op de twee basisscholen. Dat is belangrijk als je jonge voetballers naar je club wilt krijgen. Het kán niet zo zijn dat echte Bolnes-gezinnen voor Slikkerveer of RVVH kiezen. Daarnaast bieden we clinics aan en leuke activiteiten voor jongeren. Uiteindelijk hopen we via mond-tot-mond-reclame weer een groeiende aanwas van leden te krijgen.”

klik op Bolnes voor het laatste artikel van de club.

Clemens Bastiaansen van Rijsoord aast op ontsnappingsroute

Clemens Bastiaansen staat dit seizoen met Rijsoord voor de loodzware opgave om handhaving in de hoofdklasse te bewerkstelligen. Dat moet hij doen met een elftal met veel onervaren spelers. Bastiaansen heeft in zijn eentje een rijkere voetbalgeschiedenis dan zijn selectie. “Deze jongens willen graag investeren in zichzelf.”

phonedirect

Zelf is hij blij om weer op het veld te staan. De afgelopen twee jaar was Bastiaansen actief als docent van de KNVB en trainde hij geen club. “Mijn laatste club was Achilles Veen in de hoofdklasse. Ik miste het trainen en daarom was ik blij dat ik van Rijsoord deze kans kreeg.”

Hij wist dat hij niet een gespreid bedje kwam en dat Rijsoord zich in de hoofdklasse staande zien moet te houden met minimale middelen. In de zomer arriveren aan de Vlasstraat geen dure aankopen, wel vooral talenten die in zichzelf willen investeren en die Rijsoord als uithangbord en springplank voor zichzelf zien. Het verwachtingspatroon ligt parallel daaraan. “Ik vind het juist een uitdaging om deze ploeg verder te brengen”, zegt Bastiaansen. “In de voorbereiding verloren we kansloos van ploegen uit de eerste klasse. Inmiddels hebben we flink wat stappen gezet. We zijn begonnen met 4-3-3 en na acht wedstrijden zijn we overgestapt naar 4-4-2. Dat past beter bij de kwaliteiten in onze selectie. Ons snelheid in de omschakeling komt daardoor wat beter tot zijn recht. Sinds we 4-4-2 zijn gaan spelen, zijn we ook punten gaan pakken.”

Dominos_voorjaar2021

Rijsoord blijft in de ogen van de volgers van de hoofdklasse degradatiekandidaat nummer één. Bastiaansen aast desondanks op een ontsnappingsroute: “De eerste stap is om rechtstreekse degradatie te ontlopen.”

Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig was het verzamelen van Panini-voetbalplaatjes van spelers uit de eredivisie en eerste divisie helemaal in. Als speler van Willem II had Bastiaansen, inmiddels 64 jaar, ook een eigen plaatje. “Dat was voetbal in een andere tijd”, zegt hij met een grijns. “Ik ging van Prinsenbeek, dat in de derde klasse speelde, naar het internaat van Willem II. Je ging intern, dat ging zo. Tegenwoordig worden de talentjes al op zesde, zevende weggeplukt door de bvo’s, maar toen sloot je op veel oudere leeftijd aan.”

In het seizoen 1977/1978 debuteerde Bastiaansen in het eerste elftal van de Tilburgers. “Meteen in mijn eerste seizoen promoveerden we, via de nacompetitie. Wij moesten op de laatste speeldag met 3-0 winnen van Telstar en FC Groningen, waar toen nog de jonge Erwin en Ronald Koeman speelden, moest gelijkspelen bij Fortuna Sittard. Dat gebeurde.”

Bastiaansen speelde daarna zes seizoenen in de eredivisie. “Ik was geen technicus, wel een harde werker en iemand met een groot loopvermogen.” Daarna speelde hij nog voor FC Eindhoven en RBC Roosendaal. Met die laatste club haalde hij de bekerfinale. “Dat was wat hoor, want we speelden in de eerste divisie. De finale was in het oude stadion van Ajax. Cruijff was trainer bij Ajax en Van Basten, De Wit en Spelbos speelden er. Bij rust was het 0-0. Uiteindelijk verloren we met 3-0.”

Op zijn éénendertigste trok Bastiaansen de grens over. Hij speelde nog jaren voor de Belgische clubs Turnhout en FC Hoogstraten. “Dat was het derde niveau. In België was het voetballend minder, maar er werd fysieker gespeeld dan in Nederland. Ik heb het nog tot mijn 38ste volgehouden. Daarna ben ik speler/trainer geworden van een club. In Nederland is dat ondenkbaar, maar in België ging het prima.”

Bastiaansen was nooit fullprof. “Ik heb altijd les gegeven als gymdocent. Nu werk ik als docent op de opleiding sport en bewegen.”

Klik op Rijsoord voor het laatste artikel van de club.

Arno Kooij van Barendrecht “We hebben de afgelopen jaren forse stappen gezet”

Barendrecht blijft zich met de jeugdopleiding doorontwikkelen. “We hebben de afgelopen jaren forse stappen gezet, maar er is altijd nog winst te behalen”, zegt Arno Kooij, hoofd jeugd opleiding van de club.

phonedirect

Ook bij BVV Barendrecht is het weer even improviseren. Met zo’n kleine honderd jeugdelftallen lukt het in normale tijd maar net om elk elftal aan de trainingsuren te laten komen, laat staan hoe dat is in een periode van een avondlockdown waarbij voetballers om vijf uur van de velden worden gejaagd. “Er zijn wat teams die overdag trainen, doordat de trainers beschikbaar zijn, maar het overgrote deel kan doordeweeks niet trainen”, zegt Kooij. “We kunnen ze gelukkig nog wel bezighouden op zaterdag, met wedstrijden of, als ze geen wedstrijden hebben, met trainingen.”

Kooij begon in de zomer van 2019 als hoofd jeugd opleiding op De Bongerd. Sindsdien lopen de coronamaatregelen als een rode draad door het Barendrechtse voetballeven. “Het maakt het allemaal wel een stuk lastiger. Sessies met trainers kan nu even niet vanwege de groepsgrootte. Maar we proberen wel zo veel mogelijk voortgang erin te houden. We willen niet dat het proces stilvalt.”

Dominos_voorjaar2021

Kooijs’ voornaamste opdracht was om meer samenhang te realiseren. “Er was hier al een behoorlijke basis”, zegt hij. “Bij TOGB, waar ik zeven seizoenen hoofd jeugd opleiding ben geweest, was dat er niet. Daar moest het echt vanaf nul worden opgebouwd. Bij Barendrecht was de kennis – goede trainers – al in huis. Alleen schortte het aan de samenwerking tussen trainers van diverse leeftijdsgroepen. Er werd goed training geven, maar er was nauwelijks van een rode draad in de manier van werken.”

Inmiddels is de samenwerking een stuk verbeterd. Dertien coördinatoren en de leden van de technische commissie zorgen er met Kooij voor dat er niet zomaar iets gedaan wordt, maar dat er gehandeld wordt naar een Barendrecht-‘handboek’. “We zijn hard bezig om een eigen smoelwerk te krijgen”, noemt Kooij (56) dat. “Onze werkwijze is gebaseerd op een breed draagvlak. Het werkt niet als Arno Kooij zou zeggen hoe het moet en dat dàt uitgevoerd moet worden.  Dan is het niet duurzaam. Hoe we opleiden moet van ons allemaal komen.”

Daarbij geldt de filosofie voor alle jeugdteams, of het nu om de JO15-1 gaat of de JO15-6. “We rollen onze visie verenigingsbreed uit. Onervaren trainers krijgen handvatten en kunnen altijd terugvallen op de kennis van de ervaren en gediplomeerde trainers.”

Het voetbal ontwikkelt zich dus en Barendrecht moet zich dus ook ontwikkelen. Vandaar dat de club de speelwijze onder het loep neemt. “We willen komen tot een herkenbare speelstijl die past bij de club. Met de trainers zijn we daarover in gesprek. Zij hebben daar een belangrijke stem in. Het is natuurlijk veel meer dan 5-3-2 of 4-3-3. Als je ergens voor kiest moet je dat ook trainbaar maken. Daar hebben ze ook hun ideeën bij.”

“We werken in de opleiding al veel met spelprincipes. Tot en met vijftien jaar speelden de teams in principe met 4-3-3. Daarna is het goed om kennis te maken met andere speelwijzen, zoals 5-3-2 of 4-4-2.”

Barendrecht kijkt niet alleen in de eigen keuken. Het maakt ook gebruik van expertise van organisaties als MNC Bright en partners als Feyenoord. Kooij: “In deze tijd is belastbaarheid van spelers een issue. We hebben daarom Feyenoord gevraagd of ze ons daar bij kunnen helpen. Om ons door te ontwikkelen zullen we  een lerende organisatie moeten blijven.”

klik op Barendrecht voor het laatste artikel van de club.

Bij VV Rhoon stond het bier al snel koud

Vanwege de coronapandemie vierde VV Rhoon (van mei 1946) het 75-jarig bestaan nog niet. De viering van het jubileum staat nu voor mei/juni gepland. Het zal vermoedelijk het laatste jubileum zijn dat de club op het huidige sportpark meemaakt.

phonedirect

De geschiedenis van Rhoon, dat als V.V.R. net na de Tweede Wereldoorlog werd opgericht, is op te knippen in twee delen. De periode vóór en na 1978 toen de club introk in het huidige complex aan de Omloopseweg.

Voor Rhoon begon het allemaal in 1946 met een veld aan de Molendijk. “Dat was gewoon een weiland”, vertelt Wim Ge Warnaar, de secretaris van de club, die zelf in 1974 in Rhoon kwam te wonen en de historie voor die tijd uit de ‘overlevering’ meekreeg. “Als er een wedstrijd werd gespeeld, moesten de koeien van het terrein worden gejaagd.”

Rhoon kreeg al snel de beschikking over een houten barak. Daar kwam later een tweede houten gebouw bij, met twee kleedkamers, een ‘hok’ voor de scheidsrechter van dienst en een toilet. Die twee gebouwen werden gescheiden door een greppel. En daar maakte de club dankbaar gebruik van volgens Warnaar. “Als het warm was, werden de kratten bier met een systeem in de sloot gehangen. Door het water bleef het bier lekker koel.”

Dominos_voorjaar2021

Uitvinding

Van drainage had men in 1946 nog nooit gehoord, maar begin vijftiger jaren kwam daar verandering in. Eén van de leden van de club, W. Schaberg, had een voor die tijd revolutionaire uitvinding gedaan.  Hij was in staat om drainagebuizen onder de grasmat te persen zonder deze in te hoeven graven. Door deze methode bleef de grasmat aan de Molendijk gespaard en kon er bijna altijd gevoetbald worden.

In 1972 moest het veld aan de Molendijk wijken. Het moest plaatsmaken voor de metro van en naar Rotterdam. Rhoon kreeg een nieuwe plek aangewezen door de gemeente en in 1973 begon de aanleg van sportpark De Omloop. Om de overgang te overbruggen huisde de club tijdelijk aan de Zwaluwenlaan. “Dat was destijds een parkje”, zegt Warnaar. “Aan de rand van het dorp, nu ligt het in het centrum van Rhoon.” De tijdelijke accommodatie had weinig om het lijf, volgens Warnaar. “Het was geïmproviseerd. Op een gegeven moment stond de Rotterdamse voetbalbond niet meer toe dat het eerste elftal er zijn thuiswedstrijden mocht spelen.”

In 1974 betrok Rhoon het huidige complex. Daar maakte het door de groei van Rhoon een bloeiperiode door. De club groeide naar achthonderd leden. “Daardoor is het aantal opstallen gaandeweg de jaren uitgebreid”, zegt Warnaar. “Er is een gebouw aan- en bijgebouwd, later zijn er portocabins gekomen. De accommodatie is niet meer van deze tijd. Het is verouderd, de drang ontbrak ook om goed onderhoud te doen, want er is jaren sprake van een verhuizing.”

Die verhuizing naar de andere kant van Omloopseweg moet binnen drie tot vijf jaar plaatsvinden. Nu moet Rhoon, en ook WCR, wijken voor woningbouw. Tegelijkertijd hoopt Rhoon te profiteren van uitbreiding van de wijk Essendaal. “We houden er rekening mee dat we in de toekomst weer gaan groeien.”

Voor de oudere leden zal een vertrek van het huidige complex even slikken zijn. “Ik heb dat zelf niet zo, maar ik kan me best voorstellen dat sommige het jammer vinden. Een nieuw huis betrekken heeft zo zijn voordelen, al hoop ik wel dat de gezelligheid en ambiance van de huidige kantine ook in het nieuwe complex behouden blijft. Veel kantines van nieuwe complexen hebben tegenwoordig veel weg van fabriekshallen, dat hoeft voor mij niet zo.”

Klik op VV Rhoon voor meer artikelen van deze club.

Papendrecht speelt gelijk tegen BVCB

Papendrecht heeft een punt overgehouden aan de thuiswedstrijd tegen BVCB. De eerste helft, waarin Papendrecht de beste mogelijkheden had, was van beide zijden matig. Het veld en de wind hielpen ook niet echt mee.

0240516_veru_VJAlblasserwaard[3285]

BVCB zakte veelvuldig in en speelde voornamelijk de lange bal. Papendrecht had het meeste balbezit en kon rustig van achteruit opbouwen. De spitsen werden echter nauwelijks bereikt en als de bal in de voorhoede was, werd er snel balverlies geleden. De grootste kans van de wedstrijd was voor Juninho van Ree. De fysieke sterke Cerezo Drenthe veroverde de bal diep op de helft van BVCB, waarna de bal voor de voeten sprong van Juninho van Ree die vervolgens langs BVCB-keeper Lennart van den Hengel snelde maar zijn schot ging voor een open doel naast. Vlak voor rust was het Jarden van Ek die het strafschopgebied binnen stormde. Ook zijn schot belandde naast het doel.

0251113_uwverhuishulp_VJAlblasserwaard[3290]

De tweede helft was een stuk leuker, zonder echt uitgespeelde kansen overigens. Beide ploegen gingen de strijd aan waardoor het een stuk aantrekkelijker werd. Papendrecht kreeg wel enkele mogelijkheden. Kopballen van Rick Resoort en Jarden van Ek, beide na een vrije bal, waren de beste. Sporadisch werden de gasten gevaarlijk in de omschakeling maar ook zij konden geen grote kansen creëren. Toch waren zij dicht bij de openingstreffer. Een vrije bal dwarrelde gedragen door de wind het doelgebied in. Roy Rijntjes kon de bal met behulp van de paal uit zijn doel houden. De op zich prima leidende scheidsrechter Arthur Ebink deelde ondertussen de nodige gele kaarten uit waarvan de meeste overigens terecht. Het was niet verrassend dat er op een gegeven moment een rode kaart zou vallen. De ongelukkige was BVCB-speler Martijn Stel die in de 80e minuut zijn tweede gele kaart pakte. De laatste tien minuten was het eenrichtingsverkeer naar het doel van BVCB. De bezoekers uit Bergschenhoek hielden stand waardoor de 0-0 op het scorebord bleef staan.

Opstelling: Rijntjes, Van Rooijen, Kamerling, Baars, Van der Werff, Resoort, Leenheer, Van Ek, Van Ree, Drenthe (Van Wijk), Saffignani, (Tomas de Brito).

Klik op VV Papendrecht voor het laatste artikel van de club.

Sponsoren van GHVV’13 Ziggurat, Marlog en Estron Groep: ‘Iedereen moet hier kunnen blijven voetballen’

Eigenlijk was het niet de vraag of, maar meer wanneer. Want dat Ziggurat, Marlog en Estron Group de hoofdsponsors zouden worden van GHVV’13, dat stond eigenlijk wel vast. Drie jaar geleden pakten ze samen de handschoen op, inmiddels een fusie en nieuw complex verder, blikken ze terug en kijken ze vooruit.

249967_CPI

Want Richard Ariëns (51) van Ziggurat kan eigenlijk niet zonder de club. “Ik heb zelf altijd bij HVV Bernisse gevoetbald, de voorloper van GHVV, en nu spelen mijn kinderen hier.” Nog voor de fusie was de inwoner van Heenvliet dan ook al sponsor. “Dat begint met een shirtje, dan een bord en vervolgens word je hoofdsponsor. Dat doen we nu drie jaar met zijn drieën.” Ook de 27-jarige Noordzij van Estron weet eigenlijk niet beter, vertelt hij. “Mijn vader begon met sponsoren, toen ik bij HVV Bernisse ging voetballen. Ik was een jaar of vijf, dus al ruim twintig jaar lang.” Bij Van der Linden (32), werkzaam bij Marlog CAR Holding, is het sponsoren er met de paplepel ingegoten. “Toen ik zes jaar was, werd mijn vader sponsor.” Dat stokje nam hij ruim twaalf jaar geleden over. “Nu zijn we ondertussen dus alweer 26 jaar sponsor.”

Band met de club

De reden is simpel. “Een voetbalhart, maar ook graag maatschappelijk een steentje bij willen dragen. Een plek waar mensen bij elkaar kunnen komen, daar is voetbal natuurlijk uitermate geschikt voor”, vertelt de jongste van het stel. Ook voor Ariëns is het belang meer dan duidelijk. “Zonder geld geen vereniging, maar ook voor het dorp. Er is een hoge mate van betrokkenheid, bijna alleen maar spelers van hier. Echt lokaal en ons-kent-ons. Dat wil je behouden.” Van der Linden onderschrijft dat gevoel. “Eigenlijk alles dat met Heenvliet te maken heeft, sponsoren wij. Van de tennis en het paardrijden, tot de kerstmarkt. We doen graag iets terug.” Want geboren en getogen in Heenvliet, is de band sterk. “Ik woon er nog steeds. Dus als het kan, ben ik wekelijks op de club te vinden.” De gezelligheid voorop. “Lekker potje voetballen, een pilsje en bij het eerste kijken. Dat blijft toch het mooiste.” Noordzij is nog minimaal net zo betrokken bij de club. “Ik heb een tijdje in de selectie gevoetbald en speel nu in een vriendenteam. Elke zaterdag ben ik er. Je kent iedereen, dat maakt het zo leuk.” Zelfs Ariëns kan het niet laten. “Ik speel bij de veteranen en als het eerste speelt, sta ik nog steeds met vrienden van vroeger langs de lijn.” Het prestatieve voetballen heeft Van der Linden al even gedag gezegd. “Ik zit nu in het zevende elftal. Niks moet en alles mag. Daarna lekker bij het eerste kijken en slap ouwehoeren, dat maakt het leuk en gezellig.”

Thuisbasis

Hoe mooi Van der Linden Heenvliet ook vindt, toch zit Marlog CAR Holding in Roosendaal, een bewuste keuze. “Een strategische ligging, tussen de havens van Rotterdam en Antwerpen in. Met veel klanten uit België, Frankrijk en Duitsland is dat wel handig.” Wat doen ze precies? “We zijn eigenlijk een logistieke dienstverlener. Vooral voor auto’s, motoren en boten. Gespecialiseerd in oldtimers. We halen ze deze kant op en regelen alles, van een boerderij in Texas tot aan je voordeur.” Ziggurat is daarentegen juist lokaal georiënteerd, vertelt Ariëns. “We zitten niet voor niks in Heenvliet. Met zes man werken we aan projecten voor woningen, hotels, kantoren of monumenten.” Heel veel levert de sponsoring hem zakelijk gezien niet op, maar daar doet Ariëns het dan ook niet voor. “Het is pure liefde! GHVV is een mooie vereniging, dat proberen we uit te dragen.” Estron, logistiek dienstverlener voor allerlei soorten goederen, past wat dat betreft wel een beetje bij de club, vindt Noordzij. “Wij zijn een familiebedrijf en bij GHVV krijg je ook dat familiegevoel. Daar voelen we ons prettig bij, het gaat echt om de gezelligheid.” En daar dragen ze dus maar wat graag aan bij. “Het is een veilige haven, waarin je kunt opgroeien en samen kan sporten.” Hij is er dan ook nog regelmatig te vinden. “Ik woon nu in Rotterdam, maar elke zaterdag ben ik gewoon op de club. Het is een thuisbasis waar je op terug kunt vallen.”

Toekomst

Ook onderling weten ze elkaar goed te vinden, vertellen ze.  “We spreken elkaar regelmatig, helemaal op de club.” Noordzij en Van der Linden voetbalden zelfs nog samen. “In de selectie, dus we doen nog regelmatig een biertje.” Ook Richard is zeker geen onbekende. “Die is eigenlijk altijd wel aan de bar te vinden, haha!” Met de fusie en een nieuw complex, is GHVV druk bezig met de toekomst, weet ook Ariëns. “We zitten nu op 500 leden en het is gewoon ontzettend gezellig. Na iedere wedstrijd is het een klein feestje, dat is voor mij toch wel het belangrijkste.”  Van der Linden merkt dat het een steeds warmere vereniging begint te worden. “Het is een waanzinnig sportpark geworden! Richard en alle betrokkenen hebben fantastisch werk geleverd.” Ook Noordzij heeft de complimenten voor Ziggurat. “Een pluimpje voor Richard! Het is modern, duurzaam en toekomstgericht.” Over één ding zijn ze het allemaal eens. “Door corona hebben we het eigenlijk nog niet echt goed kunnen vieren, dus de kantine moet nog wel eventjes getest worden.” De toekomst zien ze rooskleurig in, Van der Linden trapt af. “Het aantal senioren is aan het groeien en de jeugd voetbalt op een hoger niveau. Maar we hebben ook twee G-elftallen, dat vind ik een mooie ontwikkeling.” Noordzij vult aan. “Ik hoop dat ze het vooral met de eigen jeugd blijven doen. Volgens mij zijn ze daar druk mee bezig, ook om jeugdtrainers te ondersteunen.” En hoewel de gezelligheid voorop staat, ziet ook hij dat het niveau is gestegen. “Je zal echt aan de bak moeten, als je in de selectie wilt spelen.” Zijn oud-teamgenoot droomt al een beetje verder. “Misschien kunnen we de komende jaren wel doorgroeien naar de tweede klasse, dat zou mooi zijn!”

Klik op GHVV’13 voor het laatste artikel van de club.

vv SCO kiest voor het beste van twee werelden

Eind november kondigde Edwin Verheijen aan te willen stoppen als trainer in het amateurvoetbal. Daardoor moest vv SCO uit Oosterhout op zoek naar een nieuwe hoofdtrainer. In plaats van meteen een sollicitatie uit te schrijven is de club om tafel gegaan met de volledige trainersstaf en spelers en heeft het bestuur van de Oosterhoutse club het technisch beleid tegen het licht gehouden. De uitkomst is dat de eerste selectie volgend seizoen wordt geleid door Maikel Cohen en Stephan Baghus, ondersteund door… Edwin Verheijen.

Stephan Baghus en Maikel Cohen zijn rasechte Sco’ers. Behalve dat ze er zelf hebben gevoetbald, hebben ze samen al diverse elftallen getraind waaronder de O19 en de laatste vijf seizoenen het tweede elftal. De meeste selectiespelers kennen ze van haver tot gort. Die spelers zijn door hen begeleid in de laatste stap naar de selectie. Vanaf volgend seizoen krijgen die spelers het tweetal weer terug als trainers. Voor Sco een logische stap. Sco-voorzitter Robert de Vries is hier duidelijk over. ‘Doordat ze met de meeste spelers zijn meegegroeid is er een goede en natuurlijke klik tussen spelers en trainers. Daarnaast is het voor hen ook een logische stap om na zoveel jaar het tweede elftal te hebben gedaan, nu de stap te maken naar het eerste team.’

Nieuw technisch beleid
Sco heeft het gehele technische beleid tegen het licht gehouden en daar heldere keuzes in gemaakt. De Vries hierover: ‘Door het vele werk dat we binnen de club hebben verzet de laatste twee jaar en door corona heeft de selectie niet de aandacht gehad die het verdient. Daarom nu deze aanscherping. Om te zorgen dat het geen papieren tijger wordt, hebben we gezocht naar iemand met veel voetbalkennis die dit plan kan uitvoeren. Daar is Edwin Verheijen weer in beeld gekomen.’ De, volgend seizoen, oud-trainer gaat het beleid uitvoeren en zal de verbindende schakel vormen tussen de bovenbouw en selectie, tussen trainers en bestuur en tussen selecties onderling. Ook neemt hij de scouting op zich. Tenslotte zal hij ook de nieuwe trainersstaf met raad en daad bijstaan.

Gerichte versterkingen
Met de twee nieuwe trainers en de heldere keuzes die binnen de club zijn gemaakt, gaat Sco met vertrouwen richting het nieuwe seizoen. Inmiddels wordt met diverse potentiële nieuwe spelers gepraat om de selectie voor komende jaargang vorm te geven. Door heel gericht te versterken moet een plek in de derde klasse binnen bereik zijn. Om volgend seizoen een vliegende start te kunnen maken is de technische staf van de selectie inmiddels uitgebreid met twee extra trainers waaronder Birol Demirtas. De enige taak die Sco nog rest is het vinden van een of twee geschikte trainers voor het tweede elftal.

Kevin Cornet kiest altijd de aanval bij Barendecht

Het is voor tegenstanders geen pretje om tegen hem te spelen: voor Kevin Cornet bestaat een wedstrijd uit aanvallen en aanvallen. “Maar verdedigen blijft mijn hoofdtaak”, aldus de Werkendammer.

phonedirect

“Apart”, zegt Cornet over het terugzien van de bekerwedstrijd tussen Ajax en Barendrecht op jongstleden 15 december. Cornet was net als zijn ploeggenoten negentig minuten in volle glorie op ESPN te aanschouwen. “Het was sowieso een aparte belevenis. Je speelt in een groot, maar leeg stadion en dan ook nog eens tegen grote namen, spelers die je alleen van televisie kent.”

Een uitje was het voor Cornet, die Feyenoord-supporter is. “Voor de club is het doodzonde dat er geen publiek in het stadion bij mocht zijn. Zo vaak komt Barendrecht niet in het hoofdtoernooi van het bekertoernooi en nog minder vaak loot je een toptegenstander als Ajax.”

En dat gebeurde ook nog eens vijf dagen voor De Klassieker in de Kuip, tussen Feyenoord en Ajax. “Of ik eraan gedacht heb om een paar jongens een extra tikkie te geven? Nee joh. Doe normaal. Het is voetbal hoor. Al dat gedoe erom heen, met die bedreigingen en ander soort agressie, kan voor mij gestolen worden.”

Prettige bijkomstigheid van het bekerduel in de Amsterdam Arena was dat Cornet en zijn ploeggenoten bij Barendrecht uitgezonderd waren van de ‘avondlockdown’: trainingen konden ‘gewoon’ na vijf uur plaatsvinden. “Fijn om op die manier in conditie en in het ritme te blijven.”

Dominos_voorjaar2021

Niet dat het een probleem was voor Cornet om in de middag te trainen, hij is namelijk eigen baas. Vier jaar geleden begon hij met zijn moeder in zijn woonplaats Werkendam een cafetaria. “Het is hard doorwerken, maar ontzettend leuk om te doen. Een cafetaria is niet meer de patatzaak van vroeger, waar je een patatje haalde, een kroket en een frikadel. We hebben complete schotels en salades, onze menukaart is erg uitgebreid.”

Cornet leek voorbestemd om in de eerste elf van Kozakken Boys te komen. Na een aantal jaren in de jeugd van Willem II te hebben gespeeld, haakte hij al snel aan bij de selectie van de Werkendamse tweededivisionist. “Ik zat er tegenaan, maar mijn echte doorbraak kwam niet”, zegt hij. De ziekte van Pfeiffer – hij was negentien jaar – deed hem ook niet goed. Hij besloot over te stappen naar Unitas in Gorinchem. “Ik had daar door de ziekte van Pfeiffer een valse start, maar kon gaandeweg wel steeds meer van waarde worden. Ik heb daarna een goede periode gehad, maar was na drie seizoenen toe aan een nieuwe uitdaging. Barendrecht is een ambitieuze club, dat leek me wel wat. Ik heb geen moment spijt gehad van mijn overstap. We spelen aanvallend voetbal, waarin ik met mijn aanvallende spel als linksback goed tot mijn recht kwam. De prestaties vallen nog wel wat tegen, zeker gezien de kwaliteit van het elftal. De selectie is wat krap. Als dat beter wordt, kunnen op termijn de stap naar de tweede divisie maken. Voetballend vermogen hebben we genoeg.”

Klik op BVV Barendrecht voor het laatste artikel van de club.