Home Blog Pagina 419

Guus Verbeek geeft met gerust hart stokje over bij OVV’67

Guus Verbeek zwaait eerdaags af als voorzitter van OVV’67. Dat doet hij met een gerust hart, want de opvolging staat klaar. “OVV’67 moet vooral OVV’67 blijven, een vereniging waar prestatie belangrijk is, maar het sociale element nóg belangrijker.”

In januari van komend jaar is het precies acht jaar geleden dat de voormalige Poeldijker uit het Westland voorzitter werd van de club in Oosteind. “Ik was nieuw in het dorp en mijn vriendin en haar zoon speelden bij de club”, zegt Verbeek (59). “Ze kregen er lucht van dat ik ooit voorzitter was geweest bij een tennisvereniging. Die moeten we hebben, dachten ze waarschijnlijk, haha.”

Het was de bedoeling dat Verbeek ‘even een paar jaar’ voorzitter zou zijn, maar dat even werd dus bijna acht jaar. Mede door de coronaperiode en alle perikelen daaromheen bond Verbeek er nog een termijn aan vast. “Ik wilde de club niet verlaten in die lastige periode”, zegt hij. “Dat gold overigens voor nog twee andere bestuursleden. Een wisseling van de wacht is prima, maar op dat moment leek het ons beter om even te wachten.”

Toen hij in 2013 aantrad, had OVV’67 moeite om de financiële touwtjes aan elkaar te knopen. Er moest een wat steviger financieel beleid worden gevoerd, noemt hij dat. “De club schreef elk jaar rode cijfers. Het ging weliswaar niet om grote bedragen, maar we kregen de begroting niet sluitend. We zijn er wat steviger in gaan zitten en zijn met de hele club ook goed naar onze uitgaven gaan kijken. Wat is echt nodig en wat niet. We hebben ook geprobeerd om wat meer vat te krijgen op het bestellen van nieuwe spullen. Voorheen werden we als club daardoor wel eens verrast.”

Het nieuwe beleid heeft ervoor gezorgd dat OVV’67 een gezonde financiële huishouding heeft en een spaarpotje. En dat spaarpotje is volgens Verbeek altijd handig, zeker met wat OVV’67 nog te wachten staat. Al enkele jaren wordt gesproken over woningbouw in Oosteind en sportpark Uilendonck is aangewezen als één van de mogelijke locaties. “Het speelt, maar het heeft nog geen concrete vormen aangenomen”, zegt Verbeek over een mogelijke verplaatsing. “Het is afwachten wat er gaat gebeuren. Als club staan we niet onwelwillend tegenover een nieuw complex, mits dat aan het centrum van het dorp grenst.”

Woningbouw in Oosteind wordt door OVV’67 toegejuicht. Verbeek: “Het kan zorgen voor extra leden, vooral aan de onderkant. Die nieuwe aanwas kunnen wij gebruiken.”

Want OVV’67 is als club de afgelopen jaren wel een stukje ouder geworden, stelt Verbeek. “Toen ik voorzitter was hadden we jeugdspelers die nu spelen in de JO17 en MO17. Dat zijn onze jongste teams.”

Nog wel. “Toevallig hebben we onlangs een verzoek gehad van een opa die zijn kleinzoon graag wilde opgeven. Met één jeugdspeler kunnen we niet zo veel. Kom terug als jullie met meer zijn, hebben we gezegd. Dat is gebeurd. We hebben een stuk of negen spelertjes.”

Van de grote getallen heeft OVV’67 het nooit moeten hebben. Wél  van het sociale. Verbeek: “Het sociale is minstens zo belangrijk als het sportieve. Die waarden moeten we koesteren. Zoals ook het feit dat we een ‘echte’ voetbalkantine hebben. Gedateerd, maar wel supergezellig.”

De onzekere toekomst zorgt er ook voor dat OVV’67 goed kijkt naar investeringen op het sportpark. “We houden altijd in het achterhoofd dat we op den duur hier moeten vertrekken. Aan de andere kant leven we wel in het hier en nu. Je kunt niet alles gaan uitstellen. Vandaar dat we twee oude kleedkamers inmiddels hebben gerenoveerd. We hebben een tijdje geleden vier kleedkamerunits gekregen. Het dak daarvan ligt vol met zonnepanelen.”

Als hoogtepunten in zijn bijna achtjarige voorzitterschap noemt Verbeek de viering van het 50-jarig jubileum, maar ook de promotie van het eerste vrouwenelftal naar de eerste klasse. “Op verzoek van de spelersgroep hebben we dit seizoen bewust een stapje teruggedaan. De lange reistijden begonnen tegen te staan. Vandaar dat we nu spelen in de derde klasse.”

Klik op de link voor meer artikelen over OVV’67
Klik op de link voor meer informatie over OVV’67

Leo Klerks coacht al drie jaar met plezier het vrouwenelftal

Positief en rustig coachen én de nadruk leggen op wat allemaal goed gaat. Dat is de manier waarop Leo Klerks (34) het vrouwenteam van S.C. Elshout begeleidt. Dit doet de voetballiefhebber inmiddels drie jaar, samen met collega-coach Ilse van Delft en trainer Erol Gedik. “We hebben de rollen goed verdeeld.”

Toen hij zeven jaar was, zette Klerks zijn eerste stappen op het groene gras van S.C. Elshout. Hij bleef actief tot een hardnekkige knieblessure het onmogelijk maakte nog te voetballen. “Ik ben 27 jaar lid van de club en ik heb zeventien jaar gevoetbald. Met veel plezier, dus ik vond het echt jammer dat ik moest stoppen.”

De coach heeft volgens eigen zeggen overigens geen noemenswaardig voetbaltalent. “Ik heb altijd in het laagste elftal gespeeld, maar had altijd veel lol. Dat vind ik het belangrijkste.”

Lol ziet Klerks ook bij vrouwen 1. “Genieten van het voetballen is een van onze kwaliteiten. We hebben het heel gezellig met z’n allen. Als we verliezen, wordt niemand boos. We winnen liever hoor. Maar als de tegenstander beter is, is dat oké. We drinken dan een biertje en het is weer goed. Niemand wordt persoonlijk aangesproken, je weet het zelf wel als je niet goed gespeeld hebt.”

Stille Kracht

Klerks coacht positief en laat zich weinig horen langs de lijn. “Ik laat het team voetballen. Als er echt iets is, hoor je me wel hoor. Wat voor dingen ik dan roep? Dat ze wakker moeten worden bijvoorbeeld.”

De taakverdeling tussen Klerks en de andere begeleiders verloopt prima. “We bespreken veel en zitten op één lijn qua begeleiding. Ilse regelt het meeste, wie er vlagt en wast, Erol geeft training. Als een wedstijd verplaatst moet worden, zorg ik daarvoor. Ik onderhoud ook het contact met de club.”

Lief

De coach ziet weinig verschil tussen het coachen van mannen en vrouwen. “ Je moet natuurlijk netjes kloppen als je de kleedkamer binnenkomt” grinnikt hij. “En bij mannen is er meer agressie, vrouwen zijn liever voor elkaar, de tegenstander en de scheidsrechter. Of ze me weleens voor de gek houden? Dat is nog niet gelukt.

Maar ik binnenkort voor het eerst mee op teamweekend met 27 vrouwen en drie mannen. Ik ben benieuwd of het dan lukt. Ik heb geen idee.”

Grootste ambities heeft Klerks niet. “Als we bovenaan het rechterrijtje eindigen aan het einde van het seizoen, vind ik het prima. Ik denk niet dat we kampioen worden en dat is oké. Ik kan prima tegen mijn verlies, ik heb in mijn eigen voetbalcarrière vaak verloren, meer dan dat ik heb gewonnen”, klinkt het nuchter.

“Maar, ik houd van het spelletje. Als ik langs de lijn sta vind ik het tof om samenspel te zien. Ze maken er echt wat van, onze vrouwen.”

Klik op S.C. Elshout voor de laatste artikelen over de club.
Klik op S.C. Elshout voor meer informatie over de club.

Paul van der Donk Trainer hoofdmacht S.S.C. ’55

0

Er was een tijd dat het leven van Paul van der Donk (45) nauwelijks om voetbal draaide en hij de voorkeur gaf aan een andere sport: motorcross. Op zijn 21e trok hij zijn voetbalschoenen weer aan en sloot hij zich aan bij SV Capelle in Sprang-Capelle. En in die plaats is hij sinds afgelopen zomer trainer van de hoofdmacht van die andere dorpsclub: S.S.C. ’55. “Binnen twee tot drie jaar staat er een mooi elftal dat herkenbaar voetbal speelt.”

Van der Donk heeft het uitstekend naar zijn zin bij zijn huidige club. De overstap van RFC in Raamsdonksveer – waar hij in de coronajaren 2020 en 2021 trainer was – naar S.S.C. ’55, biedt voldoende uitdagingen om met een sterk verjongde selectie aan een nieuw succesteam te bouwen. “S.S.C. ’55 is doorgaans een derdeklasser, maar komt nu uit in de vierde klasse”, vertelt Van der Donk. “Een aantal oudere spelers is gestopt en met de komst van veel jonge spelers werken we aan iets leuks.”

Dat ‘leuks’ moet op termijn resulteren in promotie naar de derde klasse. “Maar we krijgen tijd”, benadrukt de ervaren trainer. “Zonder druk krijg ik ruimte om te bouwen aan mijn elftal. De spelers zijn ambitieus, maar doordat er veel nieuwkomers zijn – ook van andere clubs – is het nog wat zoeken naar de juiste mix. Straks komen de punten vanzelf en komt ook promotie op ons pad.”

Van der Donk vertelt dat hij geen vaste speelstijl heeft, maar zijn visie afstemt op de kwaliteit en de beschikbaarheid van zijn spelers. “Het is belangrijk dat we spelen in een systeem waarbij iedereen zich prettig voelt en kwaliteiten het beste tot hun recht komen. Op dit moment is dat 4-4-2. Omdat mijn team relatief jong is, is het prettig om nu wat meer mensen achter de bal te hebben.”

Motorcross
Van der Donk combineert zijn trainerscarrière met het ondernemerschap. In Schijndel geeft hij als directeur enthousiast leiding aan beveiligingsbedrijf PB&U. In zijn jeugd ging hij voetballen bij VV Heeswijk, waar hij tot zijn 15e op doel stond. “Ik was ook lid van de tennisclub en zat op motorcross. Op een gegeven moment koos ik voor de motor omdat ik op zaterdag liever ging crossen dan voetballen. Toen ik op zondag bij de senioren mocht crossen, kwam het voetbal weer in beeld.”

De keuze viel op SV Capelle, waar Van der Donk jarenlang op meerdere posities in het eerste elftal speelde; de keepershandschoenen bleven onaangeroerd. Na SV Capelle volgden nog enkele clubs, zoals Wilhelmina ’26 en Achilles Veen, waar een blessure hem noopte met voetbal te stoppen. “Ik ben mijn trainersdiploma’s gaan halen en als assistent aan de slag gegaan bij Achilles Veen”, blikt Van der Donk terug. “Daarna was ik succesvol bij Roda Boys en Almkerk. Met de tweede elftallen van beide clubs werd ik kampioen in de reserve eerste klasse.”

Blauw of Geel-Zwart
Eind 2021 werd Van der Donk benaderd door S.S.C. ’55 en koos hij voor de overstap. “Omdat ik vroeger bij SV Capelle speelde, hoorde ik wel eens dat het vreemd is als iemand met een blauw hart kiest voor geel-zwart. Maar ook S.S.C. ’55 is een mooie club en ik houd wel van gezonde rivaliteit. Samen zetten we bij S.S.C. ’55 een mooie stip aan de horizon. Dat onze accommodatie binnenkort wordt opgeknapt, gaat bijdragen aan een nóg betere sfeer binnen de vereniging.”

Klik op S.S.C. ’55 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op S.S.C. ’55 voor meer informatie over de club.

NSVV-preses Arie Kruithof bundelde zijn clubverhalen

0

Arie Kruithof is ruim vijftien jaar voorzitter van NSVV. Inmiddels is hij aan zijn zesde termijn begonnen. Hij besloot zijn hobby en werk als voorzitter in boekvorm samen te vatten. In het voorjaar verscheen daarom ‘Dat vertelden ze er niet bij – Kroniek van een clubvoorzitter’.

NUMANSDORP – ,,Je doet het uit liefde voor de club en natuurlijk is het een hobby, maar er lekt wel twintig uur in de week tijd door weg. En ik merk dat het voorzitterschap steeds ingewikkelder wordt.” Kruithof (63) ervaart gelukkig veel commitment van zijn acht medebestuursleden en de overige commissieleden. Om voeling met club te houden maakt Kruithof deel uit van de sponsorcommissie, de financiële commissie en de technische commissie. ,,Met name de laatste groep heeft mijn interesse. Hierdoor hou ik contact met spelers en trainers. Zelf was ik geen groot voetballer. Ik kwam niet verder dan een gezellig vriendenteam.”

Arie Kruithof werkte vanaf 2020 samen met journalist Jasper van Everdingen aan een boek dat zijn leven als voorzitter van NSVV beschrijft. ,,Jasper is een voormalig ploeggenoot bij NSVV.” Kruithof schreef vanaf zijn start als voorzitter columns. ,,Ik vond dit een communicatiemiddel met mijn leden. Ik schreef er tien tot elf paar jaar. Bij mijn 15-jarig jubileum had ik het idee om die bijdragen te bundelen. Jasper heeft mij bewogen om dit unieke materiaal in boekvorm uit te geven. Het is een leesbaar en herkenbaar boek geworden. Het geeft weer hoe zo’n grote club binnen de gemeenschap functioneert. Het voorzitterschap van NSVV is meer dan zaterdags even naar het voetbalveld en doordeweeks af en toe je gezicht laten zien. Als voorzitter van een club met duizend leden heb je een maatschappelijke taak binnen de gemeenschap.”

Vrijwilligers

Het boek, verschenen op 14 juni, is een feest der herkenning voor al die andere voorzitters, bestuursleden, vrijwilligers, actieve en rustende leden van al de duizenden andere amateur(voetbal)clubs in Nederland. De titel is geworden: ‘Dat vertelden ze er niet bij – Kroniek van een clubvoorzitter’. Het ligt in de Hoeksche Waardse boekwinkels voor 16,50 euro, is verkrijgbaar bij NSVV en te bestellen via bol.com. Het boek, ruim 300 pagina’s dik, is een kroniek over het leven van een clubvoorzitter en zoals gezegd gebaseerd op de columns (of passages daarvan) van Kruithof, aangevuld met verhalen, interviews en anekdotes. Zonder vrijwilligers geen club. Zij maken NSVV waarvan Arie Kruithof nog altijd de trotse voorzitter is. Bij het maken en uitzoeken van de foto’s heeft clubfotograaf Cindy Vos een grote bijdrage geleverd. Ook leuk om te vermelden is dat Bas Abresch, oud-speler van NSVV, als eindredacteur een belangrijke rol speelde. De verkoop gaat via de genoemde kanalen gestaag door. Kruithof: ,,Ik help zelf ook mensen aan dit boek. Deze week heb ik er nog dertien verkocht.”

Arie Kruithof, voormalig bankdirecteur in het Westland, werd op 47-jarige leeftijd voorzitter van NSVV. ,,Ik vond het een morele plicht omdat de club in die periode geen voorzitter kon vinden. Eigenlijk moeten er nu jonge mensen opstaan om de oudere bestuursleden van nu op te volgen. De praktijk is helaas anders. Men staat niet in de rij om een bestuursfunctie te aanvaarden, laat staan voorzitter van NSVV te worden. Ik zeg wel steeds op onze ledenvergadering dat mensen echt over opvolging moeten gaan nadenken. Wij hebben immers niet het eeuwige leven.”

Klik op NSVV voor de laatste artikelen over de club.
Klik op NSVV voor meer informatie over de club.

 

DVVC profiteert van vergroeningsslag

In een tijd dat sommige clubs het gas hebben uitgezet om torenhoge rekeningen te voorkomen, zit DVVC er warmpjes bij. De club uit Dongen, die in het voorjaar nog het 90-jarig bestaan vierde, maakte de afgelopen jaren een verduurzamingsslag.

Bang dat het bestuur de gaskraan dichtdraait en de douches verboden terrein worden zoals bij bijvoorbeeld TVC Breda, hoeven de leden van de club niet te zijn. Ja, DVVC heeft ook last van de hoge energietarieven, maar slechts in beperkte mate, laat voorzitter Carla van Delft weten. “Alleen onze kleedkamers zijn niet gasvrij”, zegt ze. “Daar zijn we een oplossing voor aan het zoeken. We hebben al het eerste gesprek achter de rug met een bedrijf voor een warmtepomp-constructie. De oplossing is wel wat ingewikkelder dan bij nieuwbouw. We hebben op het piekmoment op zondag 4500 liter warmtetapwater nodig. Om kwart over vier komen zes elftallen het veld af. Gemiddeld vijftien spelers die per douchebeurt vijftig liter warm water gebruiken. Het doel is dat we halverwege volgend seizoen ook in de kleedkamers van de gas af zijn. Dat hebben we onze leden ook beloofd.”

Van Delft (61) trad in 2017 aan als voorzitter en verzamelde in die periode een aantal gelijkgestemden in het bestuur van de club. “Het was duidelijk dat er iets moest gebeuren aan de accommodatie”, zegt ze. “Er was veel achterstallig onderhoud en aan duurzaamheid deden we niet.”

Van Delft schrok zich een hoedje toen ze maandelijkse afdracht van DVVC voor energie was. “1400 euro. Een absurd bedrag, terwijl we hooguit zes, zeven maanden echt gebruik maakten van het complex.”

Van Delft en haar medebestuursleden maakten een uitvoering plan om de accommodatie te verduurzamen. “We hebben alles simpelweg één voor één afgepeld. We zijn begonnen in de kantine. Daar hingen wel vijftig spotjes en die hadden allemaal geen energiezuinige verlichting. De frietkachel en de koelingen vraten energie. Die hebben we allemaal vervangen door energiezuinige apparatuur. In de kantine hebben we het aantal spotjes in aantal teruggebracht en LED-verlichting aangebracht. Vervolgens zijn we gaan isoleren. Isoleren, isoleren, isoleren. De resultaten waren verbluffend. Keerzijde is dat het in de kantine erg warm kan zijn, terwijl de verwarming niet aan staat. Daarom hebben we airco’s nodig om het te laten afkoelen. We speelden onlangs de derby tegen Olympia’60. Het was aardig druk en buiten was het bijna twintig graden.”

Met zonnepanelen op het dak en LED-verlichting in de lichtmasten werd een volgende stap gezet in de vergroeningsslag. “Flinke investeringen, maar investeringen die het dubbel en dwars waard maken”, zegt Van Delft. “Je hebt het in een kleine tien jaar terugverdiend. We hebben uitgerekend dat we op basis van de situatie van vorig jaar, dus voor de huidige energiecrisis zeg maar vijftig procent besparen. We waren op jaarbasis zestienduizend euro kwijt. Voordat de prijzen omhoog gingen, betaalden we zeshonderd euro per maand. We betalen nu weliswaar tweeduizend euro door de hoge energieprijzen, maar dat was een veelvoud geweest als we de duurzaamheidsslag niet hadden gemaakt.”

Dat DVVC in Dongen wordt bestempeld als de ‘groenste club van de gemeente’ doet Van Delft goed, zoals de preses ook met een voldaan gevoel terugkijkt op de viering van het 90-jarig jubileum eerder dit jaar. “Vanwege de coronamaatregelen konden we geen grote activiteiten van tevoren plannen. We hebben elk team de mogelijkheid gegeven om iets te organiseren. Dat mondde uit in zestien, zeventien feesten. Daar bovenop hebben we nog een officiële receptie en groot jubileumfeest georganiseerd. Het was een uniek door de leden zelf georganiseerd jubileum.”

Klik op de link voor meer artikelen over DVVC
Klik op de link voor meer informatie over DVVC

Haast met verduurzaming bij vv ‘s Gravendeel

’S-GRAVENDEEL – In een tijdbestek waarin de (energie)prijzen de pan uitrijzen, maakt voetbalvereniging ’s-Gravendeel haast met de verduurzaming van de accommodatie om zo een stuk (energie)zuiniger te kunnen zijn.

,,Hoewel goederen in deze periode moeilijker leverbaar zijn, hebben we toch een begin gemaakt met de verduurzaming’’, geeft penningmeester John Nobel aan. ,,We plaatsen ledverlichting op de twee trainingsvelden en we willen de douches in de kleedkamers vervangen zodat er minder water en gast wordt gebruikt. Douches zullen dan na een minuut automatisch uitgaan.’’

De Trekdamclub denkt verder na over andere maatregelen. ,,We denken nog na over zonnepanelen. De transitievergoeding gaat dadelijk naar beneden en we komen denk ik in een situatie dat we terug zullen moeten leveren omdat we minder verbruiken. Dat is een aspect waar we als club nog bij stil blijven staan.’’ De club is zich er echter van bewust dat het nemen van maatregelen de levensvatbaarheid alleen maar zal versterken.

,,Voor een dorp als ’s-Gravendeel zou het dramatisch zijn als een vereniging zou omvallen, want we hebben een sociale functie. We hebben corona overleefd, dus dat sterkt ons maar deze periode zal ook niet zonder slag of stoot voorbij gaan.’’

Klik op VV ’s-Gravendeel voor het laatste artikel van de club.
Meer informatie over VV ‘S-Gravendeel, klik hier.

Dennis Siemons zint op mooi slot bij vv ONI

Voor Dennis Siemons is het boek vv ONI 1 bijna uit. De 34-jarige routinier is dit seizoen bezig aan zijn laatste hoofdstuk als speler. “Gelukkig is het seizoen nog lang.”

Bij de club heeft hij inmiddels bekend gemaakt dat dit seizoen zijn laatste wordt in de hoofdmacht. “Als je in mijn voetbalhart kijkt, voetbal ik het liefst eeuwig door maar zo werkt het natuurlijk niet. Mijn vriendin en ik hebben een kleine van anderhalf jaar en nummer twee is op komst. Dat maakt dat selectievoetbal steeds lastiger in te passen wordt”, zegt Siemons, die in het dagelijkse leven salescontroller is.

Met dat nakende afscheid is Siemons op dit moment allesbehalve bezig. Het huidige seizoen lijkt op een doodnormaal seizoen met een bloedfanatieke Siemons binnen de lijnen die bovendien de aanvoerdersband terug heeft om zijn arm. Die band droeg hij de eerste acht jaar van zijn vv ONI-carrière ook al. “Ik heb ‘m overgenomen van Ferry van Kessel, die afgelopen zomer is gestopt. Ik voel me zeker niet anders door de band. Daar loop ik te lang voor mee. Het blijft natuurlijk wel een eer om de band van deze club te dragen.”

Als 21-jarige maakte Siemons de overstap van VV Dongen naar sportpark Het Wiel. In ’s-Gravenmoer kwam hij naar eigen zeggen terecht bij een ‘warme’ vereniging. “Die warmte voel ik tot de dag van vandaag. Hier lopen allemaal fijne mensen met een hart voor de club.”

De selectie van de derdeklasser is mede gebaseerd op die vriendschap. “De jongens die hier voetballen zijn allemaal gekomen omdat zij al iemand kenden. Dat zie je ook terug in het veld. Er is een groot kameraadschap. We kunnen een aardige pot voetballen maar ook een vechtmachine zijn.”

Het vlaggenschip werd ook deze zomer weer versterkt met een vijftal spelers van buiten de vereniging. “Daardoor zijn we weer wat sterker geworden”., stelt Siemons. vv ONI is anno 2022 een derdeklasser met ambities’. “We hebben met elkaar de doelstelling uitgesproken voor de top4, top5 te gaan.”

vv ONI was nog een bescheiden vierdeklasser toen Siemons zijn opwachting maakte. “Ik was destijds een kwaliteitsimpuls. Ik werd meteen aanvoerder en speelde op tien. Sindsdien zijn er veel goede voetballers bijgekomen. Mijn status is daardoor ook veranderd. Ik ben al weer jaren linksback, de positie waar ik ook bij Dongen in het tweede speelde.”

“We hebben een prima ploeg voor de derde klasse. Dat moet ook het doel zijn van vv ONI, vind ik: derde klasse spelen. De komende twee, drie jaren moet dat ‘heilig’ zijn. De vierde klasse wordt steeds sterker en met de inmenging van de zondagclubs is het geen vanzelfsprekendheid dat je even terug promoveert mocht je degraderen.”

Daarmee wijst hij op de hoge degradatiedruk waarmee ONI en de andere derdeklassers te maken hebben. De nummers dertien en twaalf degraderen rechtstreeks, de nummers elf, tien en  negen zijn voor handhaving veroordeeld tot de weg van de nacompetitie. Siemons: “Uiteraard kijken we liever alleen omhoog, maar je zult ook met een schuin oog naar beneden moeten kijken. Ik maak me geen zorgen hoor. We hebben een wat wisselvallige start gehad, maar dat kwam ook doordat we onregelmatig hadden gespeeld, al vroeg te maken hadden met een aantal zware blessures en nog wat beter ingespeeld moeten raken op elkaar.”

Klik op de link voor meer artikelen over vv Oni
Klik op de link voor meer informatie over vv Oni

Clubliefde in Baarn maar keeperstrainer in de Verenigde Staten

0

Duncan Vervat is in optima forma een jongen van v.v. TOV uit Baarn. Voor hem voelt de oranje-zwarte zijde van Sportpark Ter Eem als een familie. Afgelopen zomer gaf hij keeperstraining bij de Dutch Soccer School in Amerika. Daar beleefde hij een tijd die hij graag nog eens zou willen meemaken. In dit interview gaat Duncan daar uitgebreid op in.

Je bent een clubjongen van TOV. Ondertussen sta je daar een paar seizoenen in het 1e.
Wat maakt TOV jouw club?
”Zoals je zelf al aangeeft, ben ik een jongen van de club. Mijn vader staat bij de veteranen op doel; mijn zus is de centrale vrouw bij het tweede elftal van de dames en mijn moeder draagt, als vrijwilliger, ook haar steentje bij aan de vereniging. Het is dus ook wel begrijpelijk dat ik zo bij v.v. TOV binnen ben komen rollen op jonge leeftijd”.

Waar staat TOV in jouw ogen bekend om?
”TOV staat in mijn ogen bekend om de gezelligheid op en naast het veld. Na wedstrijden en trainingen kun je altijd even blijven hangen om een drankje te doen en een praatje te maken. Ook zijn er op zaterdagen geregeld feestjes waar man, vrouw, oud en jong welkom zijn. Het volume van de speakers gaat omhoog en de microfoon wordt uit de kast getoverd. Naast dit alles voelt TOV ook als een familie. Een groot deel van de week breng je met je teamgenoten en andere clubleden door. De onderwerpen die aan worden gekaart gaan dus ook niet alleen over koetjes en kalfjes. Het is fijn om te weten dat de mensen waar je zo vaak mee bent een luisterend oor bieden en andersom natuurlijk ook. Hier ben ik de vereniging en mijn teamgenoten ook erg dankbaar voor”.

Zoals het er voorstaat, altijd bij TOV blijven?
”Altijd is een groot woord en ik weet niet wat de toekomst mij zal brengen, maar op dit moment heb ik nog erg veel plezier in het spelletje en ben ik erg tevreden bij TOV”.

Afgelopen zomer heb je voor de Dutch Soccer School in Amerika gewerkt. Dat was als keeperstrainer. Hoe ben je daar terechtgekomen?
”Zo’n drie jaar geleden zag ik op het Instagram verhaal van Jelle de Groot voorbijkomen dat hij in Amerika training aan het geven was. “Heel erg leuk”, dacht ik bij mijzelf, maar daarna heb ik er eigenlijk weinig meer bij stilgestaan. Tot mijn moeder mij een online advertentie liet zien van dezelfde organisatie. Vanaf dat moment heb ik contact gezocht met Dutch Soccer School en is het gehele proces in werking gegaan. Helaas kon het door Covid-19 twee jaar achter elkaar niet doorgaan, maar afgelopen jaar was het dan toch eindelijk zo ver”.

Hoe was die tijd?
”Het was zo ongelooflijk gaaf daar! Je gaat, samen met andere Nederlandse coaches, die kant op en weet eigenlijk nog niet zo goed wat je te wachten staat. Je bent natuurlijk goed geïnformeerd door de organisatie en je hebt verschillende gesprekken gehad met coaches die al eens eerder zijn geweest, maar je weet pas echt hoe het is, als je het daadwerkelijk zelf meemaakt”. Dutch Soccer School regelt alles voor je. Een locatie om te overnachten, eten, vliegtickets, echt alles waar je aan kan denken. Vervolgens krijg je de keuze om te overnachten in een hotel, een college of een gastgezin. De voorkeur van de organisatie gaat uit naar het gastgezin en ik kan beamen dat dit ook het allerleukste is. Ik heb in totaal bij vijf verschillende gastgezinnen gezeten en ze waren stuk voor stuk geweldig. Ze zijn zo lief en gastvrij. Ook zijn de kinderen echt heel erg leuk. Ze hebben zo veel energie en willen allemaal nieuwe dingen leren en meemaken en nemen je dus ook overal mee naartoe. Overall heb ik zo’n ongelooflijk leuke tijd daar beleefd en ik heb zo veel lieve en leuke mensen mogen ontmoeten waar ik nu nog steeds contact mee heb. Als mensen de kans krijgen, zou ik het ze zeker aanraden, want het is een ‘once in a lifetime experience’”.

Mooiste ervaring, leermoment?
”Het is lastig om één specifiek moment uit te kiezen. In zes weken gebeurt er zo ontzettend veel, maar ik denk dat de mooiste en leukste ervaringen toch wel die momenten zijn dat je met de kinderen van het gastgezin laat op de avond nog een balletje gaat trappen of rond het kampvuur zit om s’mores te maken. Die kleine momentjes waar je dan even bij stilstaat en beseft dat je leven eigenlijk zo slecht nog niet is. Het grootste leermoment heeft vooral te maken met het cultuurverschil tussen de Amerikanen en de Europeanen. Voor mijn vertrek had ik natuurlijk een beeld van de ‘typical American person’, maar ik moet toegeven dat deze toch wel een beetje is veranderd sinds mijn terugkeer. Daarnaast ben ik ongelooflijk geïnteresseerd in de sportcultuur die de Amerikanen hanteren. In de tijd dat ik daar ben geweest, heb ik veel ervaringen opgedaan en ben ik een stuk wijzer geworden over hoe zij het daar aanpakken. Een mooi leermoment voor mij op professioneel gebied”.

Is het iets dat je vaker gaat doen?
”Als ik nogmaals de mogelijkheid krijg om dit te gaan doen, ben ik meteen van de partij! Zoals ik hierboven al heb aangegeven, heb ik daar zo’n toffe tijd beleefd, dat ik dit graag vaker mee zou willen maken. Daarnaast lijkt het me ook weer erg leuk om de kinderen en de ouders van de gastgezinnen te zien en weer bij te kletsen face to face”.

door Raymon Koops

Klik hier voor het laatste artikel over v.v. TOV
Klik hier voor het laatste artikel over v.v. TOV

 

Eric Meijers geeft TEC een zetje

0

TEC voegde eind vorig jaar Eric Meijers toe aan de technische staf van het eerste elftal. De ervaren trainer, in het verleden werkzaam bij Achilles’29, VVSB en Spakenburg, moet met zijn kennis en motivatie een bijdrage leveren in handhaving van de Tielse club in de tweede divisie.

“Ik ben blij dat ik weer op het veld sta”., reageert Meijers (59), wiens contract bij Spakenburg vorig seizoen niet werd verlengd. “Er zijn van de zomer wel clubs voorbij gekomen, maar niks concreets. Als je zo lang in het trainersvak zit als ik weet je dat dat opeens kan veranderen.”

De Tielse club stond op dat moment akelig dicht tegen de laatste plaats in de tweede divisie en trainer Hans van der Haar vond dat zijn elftal wel een impuls kon gebruiken. “Bij het gesprek dat Hans en ik met elkaar hadden, klikte het meteen. We zaten op dezelfde lijn over welke weg te bewandelen.”

Een paar dagen later al zat Meijers naast Van der Haar in de dug-out in de thuiswedstrijd tegen Spakenburg, uitgerekend de oude club van Meijers. “Ik heb in de volle overtuiging ja gezegd tegen TEC, omdat ik geloof in de samenwerking met Hans en de kansen van TEC”, zegt Meijers. “Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik niet per se de eerste viool hoef te spelen. Ik heb genoeg in de schijnwerpers gestaan”, doelt hij ook op de periode bij Achilles’29, waarbij hij door een documentaire landelijke bekendheid kreeg. “Ik vind het prima een beetje in de luwte te werken en een bijdrage te leveren aan betere resultaten van TEC. Ik weet uit ervaring hoe moeilijk het is om trainer te zijn van een club in de  tweede divisie. Het is een complexe functie waarin je van alles moet managen. Nu komt die taak op twee schouders terecht, ik neem werk weg bij Hans. We werken samen op basis van gelijkwaardigheid, maar Hans is wel de eindverantwoordelijke”, schetst hij de rolverdeling.

Meijers is door TEC toegevoegd aan de technische staf vanwege zijn kennis en zijn kwaliteit om een team extra te motiveren. “We weten allemaal dat TEC niet het hoogste spelersbudget heeft. Om dan goed te presteren heb je een volledig fitte groep nodig. Door blessures was dat niet zo en als je dan ook nog vaak gelijk speelt, kom je in de tweede divisie heel snel in de onderste regionen terecht. Maar ik ben positief verrast over de kwaliteit die de ploeg heeft. Ik had me wel een beeld gevormd van buitenaf, maar de selectie is echt zeer behoorlijk. Dat blijkt wel dat we na het verlies tegen Spakenburg wonnen van Jong FC Volendam, Noordwijk en TEC.”

Meijers zegt ook dat de club nog enkele stappen moet zetten om nog betere voorwaarden te creëren voor het spelen in de tweede divisie. “Er is op de club bijvoorbeeld geen fitnesshonk, dat is wel een gemis, vind ik. Dat is natuurlijk niet van de ene op de andere dag gerealiseerd, maar ik merk dat de club open staat om te doen wat nodig is. Voor de korte termijn geldt dat we ons zo snel mogelijk in veiligheid moeten spelen.”

Klik op sv TEC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op sv TEC voor meer informatie over de club.

Wim van Kessel van RKDVC doet een stapje terug

0

Maar liefst vijftien jaar zette Wim van Kessel (59) zich in als voorzitter van de sponsorcommissie en lid van het hoofdbestuur van RKDVC. Nu doet hij een stapje terug en geeft het stokje over aan de andere tien leden. “Het is tijd een nieuw netwerk aan te boren.”

“De taak van de sponsorcommissie is te zorgen dat sponsors tevreden zijn met de bijdrage die ze leveren aan de vereniging. We luisteren dan goed naar hen om te achterhalen wat hun wensen zijn,” begint Van Kessel.

Dat de commissie haar taak serieus neemt, blijkt uit de enquête die zij uitzette voor de leden van de businessclub “Wij vinden de feedback van onze leden heel belangrijk en gaan een aantal aanpassingen doen. Welke? Een aantal leden vond dat we teveel evenementen organiseren. We gaan daarom minderen en de huidige evenementen wat grootser aanpakken.” De leden zijn overigens wel tevreden met de inzet van Van Kessel en de andere commissieleden. “We kregen het cijfer 7,8.

Netwerk

De businessclub bestaat nu een aantal jaren en heeft als doelstelling sponsors te betrekken bij de club. “Ik informeer hen graag over wat leeft en speelt binnen RKDVC. Zo voelen lokale ondernemers zich betrokken. Bijkomend voordeel van de businessclub is dat ondernemers kunnen netwerken. En er komen nog steeds leden bij.”

Hij vervolgt: “Wij staan als sponsorcommissie klaar voor onze leden en wanneer wij hen ergens voor nodig hebben, geldt het omgekeerde ook. Ik durf wel te stellen dat we een goed huwelijk hebben.”

Succes

Van Kessel ziet dat het succes van de club gekopieerd wordt. “Steeds meer verenigingen hebben een businessclub. Sommige ondernemers sponsoren meerdere clubs. Ondernemer Willy Naessens is een goed voorbeeld. Samen met V.V. Haarsteeg, Vlijmense Boys en Nieuwkuijk speelt ons eerste team in de derde klasse. Dankzij Willy Naessen hebben we een aparte onderlinge competitie voor deze vier clubs. De club met het beste onderlinge resultaat, wint het grootste sponsorbedrag. Zo mogen de teams het zelf uitvechten op de grasmat.”

Van Kessel heeft veel sponsors binnen weten te halen in de vijftien jaar dat hij de rol van voorzitter van de commissie had. Maar hij begon zijn vrijwilligerscarrière zoals veel ouders: als leider en trainer. “Dat is 22 jaar geleden toen mijn oudste zoon ging voetballen. Toen de jongste ook lid werd, wisselende ik tussen de twee kinderen en toen ik stopte als trainer werd ik gevraagd voor de sponsorcommissie.”

En daarmee stopt Van Kessel na vijftien jaar. “Er zijn veel jonge ondernemers en onze commissie heeft ook veel jonge leden. Ieder heeft zijn eigen kwaliteiten en mijn taken worden verdeeld. Maar als de commissie me nodig heeft, ben ik altijd bereid te helpen. We zijn een mooie, actieve familievereniging waar ik graag kom.

Klik op RKDVC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RKDVC voor meer informatie over de club.

 

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.