Home Blog Pagina 306

‘Bijzonder om te zien waar we na 90 jaar staan bij SC Gastel’

Een boek, een jubileumweekend en een roemruchte geschiedenis. Bij SC Gastel zijn ze er eigenlijk al helemaal klaar voor. Toch laat de viering van het 90-jarig jubileum nog even op zich wachten, maar samen met ons blikken Jan Peeters en Davey Forster alvast verwachtingsvol vooruit. En stiekem kijken ze ook nog even terug.

Want als iemand het gevoel van SC Gastel kent, dan is het Peeters wel. Als lid van de club én directeur van TaLente, de brede bassischool waar de voetbalclub samen mee gevestigd is, maakte hij veel van die jaren van heel dichtbij mee. En dus lieten ze hem samen met Adrie Doomen, Patrick van Doormaal, Sebastian Frik, Kees van der Heijden en Michiel Moerland, het jubileumboek maken. “In oktober moet het klaar zijn, dus we zijn er nog altijd flink mee bezig. Vooral foto’s zoeken, veel van de teksten zijn klaar.” Maar, zoals met ongeveer alles: “Het is meer werk gebleken, dan ik dacht. We zijn in december 2020 al gestart…”

Saamhorigheid
Onder het mom ‘het moet wel echt een boek worden’, vertelt de 55-jarige Peeters. “We waren, en zijn, heel ambitieus. Nou, dat hebben we geweten!” Een bijzonder naslagwerk, geschreven door Eddy Janssen, dat voor iedereen leesbaar zou moeten zijn. Dat laatste is gelukt, weet de basisschooldirecteur, die zelf al een klein stukje heeft mogen lezen. “Het leest heel makkelijk weg. Ik ben hier lid sinds mijn achtste, het is heel leuk om dat dan nu terug te lezen. Hoe heb ik dat toen ervaren?” Hoofdstukken over vrijwilligers, jeugdvoetbal of B-elftallen, alles komt voorbij. “Het is juist ook mooi, om dat dan te lezen.” Maar zoals gezegd, kwam dat alles niet vanzelf tot stand. “Om de vijf of zes weken, kwamen we bij elkaar. Liepen we teksten langs of gingen we op zoek naar foto’s. We wilden echt een compleet beeld schetsen.” Want het mooie van SC Gastel, moest wel echt in het boek gevangen worden. “Dat is de hoge saamhorigheid.” Merkte hij opnieuw, hoe pijnlijk ook, de afgelopen weken op de club. Na het plotselinge overlijden van secretaris Stefan Wezenbeek. “De steun die je dan hebt aan elkaar, dat is en blijft bijzonder. Juist in die tijden.”

Basisschool
Peeters, die zelf vooral actief is en was in de lagere elftallen, maakte ondanks dat, een aantal bijzondere momenten mee. “Ik heb ooit nog eens vijf nacompetitiewedstrijden en twee beslissingswedstrijden in het eerste gespeeld. Vooral die tegen Zwaluw VFC, zullen veel mensen uit Gastel zich zeker nog kunnen herinneren.” Nog altijd gek van het spelletje, hoopt hij het in ieder geval dan ook nog een paar jaar te kunnen blijven doen. “Vanaf mijn 30ste in een lager team, tegenwoordig het zevende. Het voetbalspelletje blijft mooi.” Maar natuurlijk, is de club veel meer dan dat. “Het voelt als familie, dat zie je nu ook weer bij Stefan.” En dus, moet je dat ook vieren, vindt Peeters. “Eerst wilden we bij de 100 echt uit gaan pakken, maar iedere tien is toch mooi? Daar mogen we trots op zijn!” Ook als directeur van de basisschool. “Omdat we op hetzelfde complex zitten, zit voetbal er bij ons echt in verweven. Dat vind ik best wel bijzonder. Dat is natuurlijk ook niet iedereen zomaar gegeven. Zoiets is wel echt uniek.” Sterker nog. “We zitten in één gebouw, dus je komt elkaar dagelijks tegen!” 

Om belangenverstrengeling te voorkomen, vervult Peeters daarom geen officiële functie bij de club, maar supporter is hij natuurlijk wel. En dus somt hij zo zonder moeite, de sportieve hoogtepunten op. “De periode waarin Gastel in de eerste klasse speelde, zo rond de jaren ’70. En ook een jaar of dertig geleden, op hetzelfde niveau.” Tegenwoordig doet het vlaggenschip mee in de tweede klasse, al gingen daar een aantal belangrijke veranderingen aan vooraf. “Vooral een omslag in het bestuur, om het serieus op te pakken. Maar ook de ombouw van het sportpark, dat gaf een enorme boost voor de omgeving én heel de club.”

Veel volk
En nog steeds, ziet Peeters dagelijks. “De accommodatie is nu prima en slechts vijf of zes jaar oud. Menig vereniging is hier, denk ik, jaloers op.” Het zorgt er mede voor, dat leden nu langer blijven hangen, denkt hij. “Er is een tijd geweest, dat spelers als ze van de jeugd naar de senioren moesten, stopten. Tegenwoordig blijven ze wel behouden. Dat heeft te maken met de zaterdagafdeling, de mogelijkheid om lager te gaan spelen, maar ook de sfeer die er hangt in de kantine.” Want, zo weet Peeters als geen ander. “Op zondagmiddag is er veel volk hier op Gastel, de derde helft is een belangrijk gegeven.” Kortom, de beleving die er nu is, samen zien te behouden. “Positieve ontwikkelingen in het bestuur en alle randvoorwaarden zijn prima, dat straalt ook wat uit. De kinderen zitten hier in hetzelfde gebouw, dus de drempel om te gaan voetballen, is heel laag. Maar we moeten wel reëel zijn, je blijft een dorpsclub.” Wel één, die stiekem op weg is naar het 100-jarig jubileum. “Als we dan nog steeds tweede klasse spelen, met eigen jongens, doen we het gewoon hartstikke goed!”

Museum
Een ander hoofdstuk, van de viering van het 90-jarig bestaan, is het jubileumweekend. Davey Forster is niet alleen speler van het eerste, maar daarnaast ook lid van de jubileumcommissie. En dus, zet hij zich, samen met de activiteitencommissie in, om er in het weekend van 29 september een spetterend feest van te maken. “We organiseren onder meer een zeskamp, een disco voor de jeugd, zeven tegen zeven en natuurlijk een feestavond. Dat is op vrijdag en zaterdag.” Zondag is het tijd, voor de receptie. “Plus een wedstrijd van twee kampioensteams en een soort museum, met onze complete geschiedenis.” In grote lijnen, is alles al geregeld, vertelt Forster. “Het is vooral veel verschillende instanties benaderen, zoals bijvoorbeeld de gemeente. Voor oude plattegronden, tekeningen of artikelen.”

Want met zijn 27 jaar, is veel van voor zijn tijd. “Ik ben een echte dorpsjongen, sinds mijn zesde bij de club. Ieder weekend stond ik bij het eerste te kijken langs de lijn.” Nu speelt hij er dus sinds een seizoen of zeven zelf, maar daar is de voetballer eigenlijk niet het meeste trots op. “Het is toch wel bijzonder, om te zien waar we nu na 90 jaar staan. Het is niet alleen een mooie mijlpaal, maar we zijn ook nog eens een enorm gezonde club. Dat kunnen er niet veel zeggen.” En één, met een rijke historie. “Als ik dan zie, wat voor spelers hier een jaar of 40 geleden hebben gespeeld… Die hebben gewoon het betaald voetbal gehaald. Dat is voor zo’n dorp, toch wel gaaf.”

Steentje bijdragen
Minder gaaf, is zijn huidige blessure. “In november vorig jaar ben ik geopereerd, aan een gescheurde kruisband. Volgend seizoen hoop ik er weer echt bij te zijn.” Het geeft hem, hoe ongelukkig ook, nu wel meer dan genoeg tijd om op andere dingen te focussen. Zoals het jubileum. “Ik zit in de activiteitencommissie en ben vijftien jaar lang jeugdtrainer geweest. Het is belangrijk om ook als vrijwilliger je steentje bij te dragen. Anders haal je die 90 jaar ook niet.” Gelukkig zit dat bij SC Gastel wel goed. “Het is een heel hechte club, dat merk je bij de impact die het overlijden van Stefan heeft op de vereniging. We zetten samen verdriet om in kracht. Tijdens onze laatste wedstrijd, met al die mensen voor hem langs de kant…”

De overgang van de oude kantine naar de nieuwe of de aanleg van een kunstgrasveld. De club heeft de afgelopen jaren flink wat stappen gezet, ziet ook Forster. “We waren eerst de op drie na grootste van de gemeente, nu zijn we de grootste. De vereniging is echt in trek, nieuwe spelertjes komen sneller bij Gastel kijken voor een proeftraining.” Om later misschien wel door te breken, bij het eerste…

Klik op SC Gastel voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SC Gastel voor meer informatie over de club.

Lintjes voor echtpaar De Jong, vrijwilligers bij Sv Meerkerk

Burgemeester Sjors Fröhlich van de gemeente Vijfheerenlanden had tijdens de lintjesregen vlak voor Koningsdag een grote verrassing in petto voor twee echtelieden. Niet alleen Wim de Jong, vrijwilliger bij SV Meerkerk, maar ook zijn vrouw Gerdi kreeg een lintje en werd benoemd tor Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

MEERKERK – Eigenlijk waren Wim en Gerdi de Jong op 26 april in de veronderstelling dat zij een gezellige brunch in het Van der Valk-hotel in Vianen tegemoet zouden gaan. Wat zij echter niet wisten was dat dochter Jolyn, die zogenaamd de brunch geregeld had, in het complot zat en hen naar de door burgemeester Sjors Fröhlich geleide lintjesregen van de gemeente Vijfheerenlanden had geleid.

Pas nadat zij het hotel betraden door een zee van rood-wit-blauwe ballonnen begon er bij het echtpaar wat te dagen en begrepen zij dat ze tot de gedecoreerden in hun gemeente gingen behoren. In zijn speech roemde burgemeester Fröhlich de inzet van het stel. Wim de Jong is lid van de technische commissie bij SV Meerkerk en een bekend gezicht op sportpark De Burcht. Samen met zijn vrouw zet hij zich sinds 1991 in voor de Ichtuskerk, waarbij Wim de functies van preekvoorziener en jeugdouderling heeft ingevuld en samen met zijn vrouw als koster fungeerde. Daarnaast was hij actief als marktmeester van de plaatselijke jaarmarkt en nog steeds voorzitter van de buurtvereniging Julianastraat. Op haar beurt is Gerdi de Jong penningmeester van de buurtvereniging en ook betrokken bij het bestuur van het koor Pro Deo. 

Over hun inzet op vele terreinen zijn de beide zeventigers heel duidelijk: van huis uit kregen zij mee om een steentje bij te dragen aan de maatschappij. De koninklijke onderscheidingen zijn dan ook zeker nog geen eindpunt na alle vrijwillige inzet, maar juist een aanmoediging om samen op vele vlakken nog door te gaan.

klik op SV Meerkerk voor de laatste artikelen over de club.
klik op SV Meerkerk voor meer informatie over de club.

Volgens Jordin van Hekke had er meer ingezeten voor Yerseke

Een zesde plek in de tweede klasse en slechts vijf punten boven de veilige nacompetitiestreep. Dat was volgens Jordin van Hekke (23) niet wat men vooraf had verwacht en gehoopt bij Yerseke. ‘We hebben teveel achter de feiten aan moeten lopen en dat kostte extra energie. Maar er had zonder twijfel meer in kunnen én moeten zitten.’

Marco Groeneveld nam als trainer het stokje over van Alexander van Keulen die bij competitiegenoot Arnemuiden aan de slag ging en daar een periodetitel pakte maar strandde in de halve finale uiteindelijk tegen Nivo Sparta. Bij Yerseke moest Groeneveld weer opnieuw gaan bouwen aan een ploeg, waarin Van Hekke basisspeler is. “We hebben een vrij nieuwe selectie en daar zijn ook weer jongens bij aangesloten die vorig seizoen nog actief waren in het tweede, waaronder ikzelf. Zoiets kost logischerwijs ook tijd en dat gaat gepaard met wisselende resultaten. Ik denk dat we dit seizoen zeventien wedstrijden op achterstand kwamen en dus in de achtervolging moesten. Daar ligt niet onze kracht, maar om een of andere redenen waren we vaak niet vanaf minuut één scherp en dan maak je het jezelf onnodig lastig.”

Dat er dit seizoen ook wat spelers op reis gingen en de ploeg te maken kreeg met veel blessures, zorgde dat ook voor veel wisselende samenstellingen. “Dat maakt het ook moeilijker om vaste patronen erin te slijpen en voor een nieuwe trainer om de sterkst mogelijke elf op te stellen. Maar in dat kader denk ik dat we met name na de winterstop steeds meer progressie maakten. Dus wat dat betreft biedt dat wel heel veel vertrouwen richting volgend seizoen, want er zit nog heel veel ruimte in voor verbetering.”

Over zijn eigen rol en inbreng is de middenvelder wel tevreden. “In tegenstelling tot vorig seizoen heb ik nu vrijwel alles wel gespeeld in een controlerende rol op het middenveld. Van nature ben ik een luie voetballer die te weinig liep en te weinig energie in wedstrijden legde. Maar ik merkte dat de nieuwe trainer met me aan de slag ging en ik voelde veel vertrouwen. Daarop ben ik vol voor mijn kansen gegaan en ik heb daardoor alle duels gespeeld, ook op verschillende posities. Soms best gedurfd, maar ik heb er wel veel van geleerd om op andere plekken te moeten spelen. En hoe meer ik speelde hoe beter ik me voelde. Het is nu eenmaal zo dat een speler wedstrijdminuten nodig heeft om vertrouwen te doen groeien en ritme op te doen. Dat heb ik afgelopen seizoen gemerkt.”

Sinds zijn vierde draagt Van Hekke al het roodzwart en dat ziet hij ook niet snel veranderen als jongen van het dorp. “Het zou me geweldig lijken om met Yerseke eerste klasse te spelen ooit. Vorig seizoen zaten ze er heel dicht bij, maar toen waren we er zeker nog niet klaar voor. Nu zijn we ook nog altijd een ploeg in opbouw maar wel met een veel bredere selectie. Het gat met het tweede elftal is ook kleiner geworden en die spelen na hun kampioenschap straks ook weer op een hoger niveau. Dus dat is voor de doorstroming alleen maar goed. Daarnaast zit er ook in de jeugd een heel goed lichting aan te komen, waarvan er al een aantal meetrainen met ons. Dus op dat vlak kunnen we alleen maar beter worden.”

Hij kijkt zelf sportief gezien terug op een mooi seizoen, met veel speelminuten. “Dat maakt het voor mij alleen al bijzonder. Want ik had niet direct verwacht dat ik zóveel zou spelen, al ben ik er zeker wel blij mee. Ik hoop dat dit zou blijft, al weet ik heel goed dat daar maar één iemand verantwoordelijk voor is en dat ben ik zelf.”

Klik op vv Yerseke voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Yerseke voor meer informatie over de club.

Noordwijk knalt het seizoen uit

Met vijfhonderd mensen aan de barbecue. VV Noordwijk sloot op zaterdag 3 juni het voetbaljaar af met een groot slotfeest. Met voetbal, afscheid, kilo’s kip saté en bakken vol salades. “Een geweldige dag”, aldus jeugdvoorzitter Rob Hogenhuis.

De slotdag werd ooit door de club in het leven geroepen om het voetbalseizoen niet als een nachtkaars uit te laten gaan. “Nou, dat is dit jaar optimaal gelukt”, zegt Hogenhuis. “We hadden natuurlijk ook het geluk met het weer. Als het regent krijgt zo’n dag meteen een andere aanblik. Alle activiteiten waren druk bezet. De barbecue was de uitschieter. Er waren meer dan vijfhonderd man. Ik had dat nog nooit meegemaakt, met vijfhonderd andere mensen barbecueën.”

Het past bij wat Noordwijk graag wil zijn: een familieclub waar iedereen zich welkom moet voelen. Of je nu een getalenteerd voetballer bent of een speler die puur voor de gezelligheid zijn wedstrijdjes speelt. “We mogen dan met ons eerste elftal tweede divisie spelen, maar we zijn vooral ook een echte vereniging. Een vereniging ook die niet zonder haar vrijwilligers kan. En net als andere verenigingen is het niet altijd even makkelijk om voldoende vrijwilligers te vinden. De slotdag helpt wel om dat makkelijker te maken. De saamhorigheid is groot en we zijn dan nog meer familie van elkaar dan we al zijn. En ja, het is ook een mooie kans om in gesprek te raken met mensen die je anders vluchtig ziet. Ik ga zelf uiteraard voor de gezelligheid, maar ik hou mijn ogen wel open voor mensen die laten merken dat ze open staan om coördinator of trainer te willen worden.”

Hogenhuis schuift alle lof voor de organisatie toe naar de evenementencommissie. “De dag zelf was perfect georganiseerd, maar ook vooraf is er enorme goede pr en marketing gedaan. Anders heb je geen barbecue met vijfhonderd man.”

Voordat er massaal kon worden begonnen aan de kip, hamburger en salade stond een uitgebreid voetbalprogramma op de rol. Met een jeugdtoernooi voor de JO8 tot en met JO16, een senioren mix 7 tegen 7-toernooi en aan het eind van de middag de kwalificaties voor de NK Shoot outs. Op het mixtoernooi werd ook deelgenomen door de spelers van de selectie. Naast de huldiging van de kampioensteams (Hogenhuis: ‘We hadden er acht’), werd afscheid genomen van spelers uit de selectie en van de jonge spelers die de Superliga – de kweekvijver van Noordwijk – gaan inruilen voor de reguliere competitie.

“Het is goed dat we nu even als club rust nemen”, zegt Hogenhuis. “Deze maand trainen een aantal selectieteams nog en daarna gaat het hek echt op slot.”

Klik op VV Noordwijk voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Noordwijk voor meer informatie over de club.

Blessure hield clubman Dijl dit seizoen langdurig aan de kant bij Waarde

Stefan Dijl hoopte op een plek in het linkerrijtje met SC Waarde. Echter beleefde hij een seizoen vol tegenslag. De ploeg eindigde onderin de rechterrij van de 4e Klasse A, wat erg teleurstellend was. Daarnaast kampte Bijl  een groot deel van het seizoen met een blessure.

“Dat is nog zacht uitgedrukt. Ik ben altijd wel meegegaan, maar dan vooral als ondersteuning van de trainersstaf. Proberen om de jonge spelers wat te helpen, ze soms even één op één te pakken en te sturen voor en na de wedstrijden. Maar verder ben je machteloos en daar had ik best wel de nodige moeite mee. Ik ben geen stilzitter en wil daar waar ik kan mijn club helpen. Als dat niet op het veld kan, dan voelt het toch vreemd en niet compleet.”

Zijn club helpen, dat doet Dijl (26) niet alleen als aanvoerder en verlengstuk van de trainers, maar ook buiten het veld en binnen de jeugdafdeling. “Het is al van kind af aan mijn club en dat zal zo blijven ook. Ik speel hier alweer tien seizoenen in het eerste elftal en ben daarnaast ook penningmeester in het hoofdbestuur. Ook bij de jeugd ben ik actief als trainer bij de JO12. Daarmee zijn we kampioen geworden, maar na vijf jaar ga ik daar nu wel mee stoppen.”

Stoppen bij het eerste met voetballen, dat is voorlopig nog zeker niet aan de orde. “Zeker niet! We hebben vorig jaar afscheid genomen van een aantal Vlaamse spelers en kregen daar dit seizoen een aantal prima jongens vanuit Yerseke voor terug. Het betekende wel weer opnieuw bouwen aan een team en als dan een paar ervaren spelers, waaronder ook ik als aanvoerder, geblesseerd raken dan valt dat niet mee. We misten ook scorend vermogen, want kansen kregen we zeker maar je moet ze ook verzilveren wil je wedstrijden winnen.”

Sinds de derby in december tegen Krabbendijke heeft de aanvoerder, die dit seizoen vooral in de spits speelde, niet meer gevoetbald vanwege een ontstoken pees. “Dat gaf een drukkende pijn en is een heel vervelende en langdurige kwetsuur. Net toen ik wat begon te wennen aan die nieuwe rol als aanspeelpunt, ging het niet meer en sta ik aan de kant. Gelukkig komen er weer een aantal nieuwe jongens bij richting het nieuwe seizoen en zelf hoop ik dan ook weer fit te zijn als de voorbereiding start. Aan de kant staan dat heb ik nu wel zo’n beetje gezien haha.”

Waar de hoop was gevestigd om onderin de linkerrij te kunnen spelen, werd het dus een competitieverloop met een tiende plek aan de finish. Alleen Schoondijke, Cadzand en Jong Ambon wisten de geelhemden onder zich te houden. “Het doel in het nieuwe seizoen is onveranderd en dus opnieuw ambitieus. Dat wordt nog een fikse kluif omdat er flink wat nieuwe clubs bijkomen. Het is aan ons om verder te bouwen aan vastigheden en aan een systeem waarmee we het tegenstanders lastig kunnen maken. De jonge gasten hebben nu wel al een jaar ervaring opgedaan en meer speelminuten gemaakt dan vooraf was gedacht. Wie weet kunnen we daar ons voordeel mee doe en dan zien we wel waar we eindigen.”

Klik op Waarde voor meer artikelen over de club.
Klik op Waarde voor meer informatie over de club.

Tatum Haverhoek verruilt MOC’17 voor MO16 van Feyenoord Rotterdam

Ze begon op haar vijfde met trainen bij MOC’17 in haar geboortestad, iets wat ze eigenlijk al een jaar eerder wilde. Ze sloot een jaar later aan bij de F16 en van daaruit ging haar ontwikkeling als jeugdspeler ook als een spreekwoordelijke F16 omhoog. Zodanig zelfs, dat ze komend seizoen een prachtige stap maar naar de Academy van Feyenoord Rotterdam, waar ze bij de MO16 gaat spelen.

“Een prachtige stap waar ze al die jaren van heeft gedroomd en ook met overtuiging steeds vol voor is gegaan. Ze vertelde al heel jong dat ze de droom had om profvoetbalster te worden en dat ze nu deze stap kan zetten, daar kijkt ze heel erg naar uit”, zegt een trotse vader Freek Haverhoek.

De 13-jarige Tatum begon bij MOC17 te trainen bij de smurfen op de zaterdagochtend. “Dat vond ze op een gegeven moment saai worden, want ze wilde ook wedstrijden spelen. Daarom maakte ze de stap naar de F16 waar ze Roland Hermans en Bob Stroop als trainers kreeg. Daarna heeft ze in de jeugd altijd wel tussen de jongens voetbalt en dat doet ze nu nog steeds in de JO14 dat uitkomt in de hoofdklasse. Volgend seizoen wordt het de eerste keer dat ze écht in een meisjesteam gaat spelen bij Feyenoord, dus dat wordt ook weer nieuw.”

Tegen haar verlies kan ze niet en ze heeft volgens haar vader een enorme drive om beter te worden en haar droom na te jagen. “We hebben haar op een gegeven moment ook extra laten trainen bij de voetbalschool van ex-prof Ulrich van Gobbel in Bergen op Zoom. Hij zag na een paar keer de potentie die Tatum in zijn ogen had en tipte Feyenoord. Daar mocht ze tijdens de coronaperiode gaan meetrainen. Uiteindelijk bleef ze over in een groep van zestien talentvolle meiden die sindsdien één keer per week in Rotterdam bleven trainen. Dat deed ze bovenop de trainingen en wedstrijden bij MOC. Daarnaast was ze ook actief bij de KNVB. Eerst in de regio Zeeland-West-Brabant en inmiddels bij de landelijke selectie MO14. De weken en weekenden zijn dus meer dan goed gevuld met voetbal.”

Dat ze nu de stap gaat maken richting Feyenoord heeft wel de nodige consequenties. Niet alleen qua voetbal, maar zeker ook op andere vlakken. “Ze zal ook in Rotterdam naar school gaan, dus wordt het heel veel reizen. Vijf dagen per week met de trein naar Rotterdam toe. Naast de school dus ook vier dagen per week trainingen volgen én in de regio Rotterdam met de MO16 elke zaterdag een wedstrijd. Ze heeft het er graag voor over en kijkt enorm uit naar deze sportieve uitdaging. Ze roept al sinds ze op voetbal zit dat ze graag prof wil worden. Dat is maar voor weinigen weggelegd, maar we willen haar als ouders wel alle kansen bieden om haar droom na te jagen.”

Dit wordt dus na acht jaar MOC’17 weer een nieuw hoofdstuk en daar steunen beide ouder haar ten volle in. “Of ze het ook daadwerkelijk gaat halen dat is van heel veel factoren afhankelijk, maar de wil en de drive heeft ze zeker! Ook MOC’17 heeft zonder meer een bijdrage geleverd in de stap die ze nu maakt. Ze heeft acht mooie, leuk en leerzame jaren gehad en daarvoor willen we iedereen bij de club enorm bedanken.”

Klik hier voor meer artikelen over MOC ’17
Klik hier voor meer informatie over MOC ’17

‘Gouden Ui’ voor Bram Ros van Rijnsburgse Boys

Bram Ros is bij Rijnsburgse Boys gekozen tot speler van het jaar. De zilveren ‘Ui’ ging naar Delano Asante, de bronzen ‘Ui’ naar Furhgill Zeldenrust.

“Ik had het niet verwacht”, zei Ros die de Gouden Ui na de laatste competitiewedstrijd tegen Noordwijk kreeg. Voor Ros is het de tweede keer dat hij door de supporters van de club is gekozen tot speler van het jaar. “Ik heb nu drie keer meegedaan. Twee keer eerste en een keer tweede, ik doe het goed volgens de supporters.”

“De eerste keer dat ik ‘m won hadden we een moeizaam seizoen. Dit is een heel ander seizoen. Mijn rol is ook anders. Deze is misschien nog iets mooier omdat het zo’n mooi seizoen was.”

“Natuurlijk had ik liever met die kampioenschapsschaal gestaan, maar al snel is het besef gekomen dat we heel trots mogen zijn op dit seizoen. De teleurstelling was groot na de nederlaag in Volendam, maar je moet ook realiseren dat we geen enkele keer op kop hebben gestaan.”

Klik op Rijnsburgse Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rijnsburgse Boys voor meer informatie over de club.

Frans de Bruyn zit goed bij Lekvogels

Lekvogels is kerngezond. De dorpsclub uit Lexmond heeft het op alle gebied goed voor elkaar. Slechts de ontwikkeling van het eerste elftal stagneert. Met de ervaren bestuurder Frans de Bruyn kijken wij rond binnen de club.

LEXMOND – Frans de Bruyn (65) groeide op in Acquoy en voetbalde bij Asperen. Daar voetbalde hij samen met Karel Bel, maar ook met Jenno van Ekeren. ,,Jenno is met zijn makelaardij en verzekeringen in de sponsoring zeker zo gek als ik. Net als wij sponsort hij ook vijftien clubs. Ik zit nu goed bij Lekvogels. Een prima club met een mooi sportcomplex.” De enige club ook met een duplotribune, die op twee velden is gericht.

In 1982 begon De Bruyn in Lexmond een winkel in ijzerwaren, met name gericht op wat hij noemt ‘het boerengerief’. Het was ook het moment dat hij als sponsor bij Lekvogels terechtkwam. Later schoof zijn handel op richting de bouwwereld en installateurs. In 2008 ging hij zich focussen op Steenplaza, een onderneming gericht op de aanleg van de tuin. In 2019 deed hij een stapje terug en verkocht zijn kindje langs de Rijksweg in Lexmond.

Toen zijn nu 19-jarige zoon Tom bij Lekvogels ging voetballen, raakte De Bruyn betrokken bij de club. Tom bleek geen supertalent en schopt nu zijn balletje bij het tweede team van de ‘vogels’. ,,Ik zag Tom lang niet altijd voetballen, want de zaterdag was een belangrijke dag voor mijn bedrijf. De laatste jaren kreeg ik meer tijd en ben ik begeleider geweest van de teams waarin hij speelde. Lekvogels beschikt over een goed JO19-team, dat al jaren in de hoofdklasse uitkomt.” 

 

Plafond

De Bruyn trad zelfs toe tot het bestuur. Hij had de portefeuille algemene zaken en houdt zich nu bezig met technische zaken en stelt voor de thuiswedstrijden de scheidsrechters aan. Ook laat De Bruyn zich zien bij regioclubs als SteDoCo, SC Everstein, LRC Leerdam en SV Meerkerk. ,,Maar ik kan niet alle clubs bezoeken die Steenplaza sponsort.”

Ondanks het goede jeugdteam wil het bij het eerste elftal van Lekvogels maar niet vlotten. ,,Wij moeten oppassen dat wij na volgend seizoen niet naar de nieuwe vijfde klasse degraderen. De hoop is dat ons goede jeugdteam er een keer honderd procent voor gaat. Mogelijk willen zij eens zien waar hun plafond bij het eerste elftal ligt. Wat ze missen is een leider, liefst een ervaren speler in elke linie.”

Frans de Bruyn sluit zich niet af voor de politiek. ,,In kleine kernen als Lexmond wordt niet ontwikkeld. De focus ligt vooral op Vianen en Leerdam. Geen nieuwbouw in ons dorp en dat is slecht voor het verenigingsleven, de kerken en de winkels. Gelukkig zijn de voorzieningen er nu nog, maar voor hoelang.” De voetbalclub heeft volop bestaansrecht. ,,Wij kunnen er bij Lekvogels nog wel wat meiden bij hebben. In dit dorp is er een keuze tussen voetbal, korfbal en nog acht verenigingen. LKV Het Bosch (korfbal) heeft ruim 200 leden en dat is prima. De meiden hebben natuurlijk keus uit meerdere sporten.”

Klik hier voor meer informatie over Lekvogels
Klik hier voor meer artikelen over Lekvogels

Danny Weber gaat door bij Krabbendijke zolang hij er lol aan beleeft

Degraderen en direct weer kampioen worden. Het is niet veel ploegen gegeven. Naast Serooskerke in de derde klasse, wist een niveau lager ook v.v. Krabbendijke het kunststukje te realiseren. Tot grote tevredenheid van routinier en aanvoerder Danny Weber.

“We hadden te maken met een aantal jongens die hadden besloten ermee te stoppen en begonnen met een relatief jonge selectie aan het seizoen. Dus het was afwachten hoe we de boel op de rit zouden krijgen, maar dat is boven verwachting goed gelukt. Als je team intact blijft is het veel meer vanzelfsprekend om na een degradatie de rug te rechten en vol voor de titel of promotie te gaan het seizoen erna. Nu niet, dus maakt dat de prestatie misschien wel extra knap.”

Inmiddels heeft de 38-jarige Weber er al tweeëntwintig seizoenen in de hoofdmacht van de Bevelandse dorpsclub opzitten en daar komen er als het aan hem ligt nog een aantal bij. “Ik heb als zestienjarige mijn debuut gemaakt en sindsdien ben ik altijd wel bij de selectie gebleven. In die periode heb ik al van alles meegemaakt, tweede, derde én vierde klasse gespeeld,  trainers zien komen en gaan en een hoop spelers zien passeren. Ik heb echter nog altijd enorm veel plezier in het spelletje en ben competitief ingesteld, dus zolang ik er lol aan beleef én zolang ik fit blijf dan ga ik zeker door hier.”

Voor het woordje ‘hier’ is veelzeggend, want Weber is op zijn plek bij de club waar hij als kind ooit begon aan de Nieuwlandsestraat. Kansen om hogerop te gaan spelen kwamen geregeld voorbij, maar nooit hapte hij toe. “Heb het wel eens overwogen, maar toch besloot ik altijd om te blijven. Hier wist ik wat ik had, speelde ik ook altijd en had vooral heel veel plezier. De gezelligheid die er heerst en ook de diversiteit qua leeftijden in onze huidige selectie daar geniet ik van. Leuke gesprekken en op zijn tijd eens een dolletje maken. Het houdt me ook jong en dat is leuk.”

Weber begon aanvankelijk als spits, maar kwam al snel achter de aanvallers te spelen als spelverdeler. Met vierentwintig treffers was hij goed voor een kwart van de doelpuntenproductie. “Ik ben een liefhebber en wil belangrijk zijn. Dat is dit seizoen nog vrij behoorlijk gelukt haha.. Lekker voetballen, veel aan de bal zijn en met assists, coaching en met goals waarde hebben. Het is jammer dat het seizoen erop zit en kan niet wachten tot het weer begint. De derde klasse met deze relatief jonge groep wordt een mooie uitdaging. En voor mezelf ook om te zien of ik het fysiek kan bijbenen. We gaan voor handhaving, dat wordt nog een fikse klus al heb ik er zeker vertrouwen in.”

Klik op vv Krabbendijke voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Krabbendijke voor meer informatie over de club.

Quick Boys stelt hét talent centraal

0

De stap van de jeugd naar het eerste elftal is bij Quick Boys een reuzestap. Maar als er een talent zich laat zien op sportpark Nieuw Zuid, zoals onlangs Sem Verduijn deed, is de vreugde des te groter. Zo ook bij hoofd jeugdopleidingen Jerry Ubink. “Ook al halen weinigen het eerste elftal ons doel is wel het opleiden van eerste elftal-spelers.”

Op een mooie zaterdag in april bouwt de JO14-1 van Quick Boys zorgvuldig op in de thuiswedstrijd tegen Sparta (AV). Geen lange ballen, maar verzorgd positiespel tekent het spel van de Katwijkse ‘blauwen’.

“We hebben in de midden- en bovenbouw zeven selectie-elftallen”, vertelt Ubink. “Drie seizoenen geleden zijn we overgegaan van vier naar zeven. We hadden eerst de onder 13, onder 15, onder 17 en onder 19. Die structuur hebben we op de schop gegooid, waarbij we geen onder negentien meer hebben. Daarvoor in de plaats is de onder 21 gekomen.”

Ubink is als hoofd opleidingen verantwoordelijk voor alle selectie-teams van de JO8 tot en met de JO21. “We beginnen met de JO8 met 24 spelertjes. We hebben in de midden- en bovenbouw nu in iedere leeftijdsjaar een team. De onder twaalf, onder veertien, onder zestien en onder achttien zijn er bijgekomen. We zijn dus van vier naar zeven selectieteams gegaan. Dat zijn drie teams meer en we hebben ingecalculeerd dat het een paar jaar duurt voordat we in al die teams voldoende kwaliteit hebben. We scouten immers niet extern, als goede spelertjes bij ons willen voetballen zijn ze welkom, al kijken we wel naar welke route zo’n jongen heeft gelopen. De belangrijkste voorwaarde is dat hij heel graag voor Quick Boys wil voetballen.”

Ubink vertolkt zijn huidige functie inmiddels alweer vijf jaar. De Noordwijker was al eerder actief bij Quick Boys, waar hij jeugdtrainer was en ook trainer van de vrouwenselectie. “De club heeft gekozen voor continuïteit”, zegt Ubink. “We proberen ons als opleiding te ontwikkelen. We zijn sinds een aantal jaar gecertificeerd als RJO, regionaal jeugdopleidingsinstituut. Die periode is nu voorbij en we zijn nu aan het kijken wat er nodig is om de certificatie te behouden. De eisen worden wel steeds strenger, waarbij het meer en meer de kant van een bvo opgaat. Als Quick Boys zijn we nog altijd een amateurclub. De scan die door een onafhankelijk bureau wordt gedaan maakt wel duidelijk op welke punten we goed bezig zijn en aan welke punten we meer aandacht moeten besteden.”

Het hebben van die RJO-status is volgens Ubink echter geen doel op zich. “Het is een middel om de opleiding van spelers te optimaliseren. Bij ons staat het individu centraal. We staren ons niet blind op het niveau waarop onze teams spelen. Je kunt wel op een hoog niveau spelen, maar als van die lichting niemand de A-selectie haalt schiet het zijn doel voorbij. Alles bij ons is gericht op individuele ontwikkeling. Het helpt daarin natuurlijk mee dat er op een hoger niveau wordt gespeeld, maar onze keuzes zijn altijd gericht om de individuele speler nog beter te ontwikkelen. Dat betekent dat we talentvolle spelers vervroegd doorschuiven. Dat hebben we dit seizoen ook gedaan met een speler van de onder zestien. Hij was de topscorer en versneld toe aan de volgende stap. Het teambelang is daaraan ondergeschikt.”

De onder 21 is het eindstation van de opleiding. “Daar moeten de spelers aantonen dat ze rijp zijn voor een plek in de A-selectie. Het is onze kweekvijver voor ons eerste elftal. Ons doel is om spelers op te leiden voor het eerste elftal. Er zullen meer jongens het niet halen, maar dat is ook inherent aan het niveau van de tweede divisie. We willen ons beste jeugdspelers de best mogelijke opleiding bieden.”

Klik op Quick Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Quick Boys voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.