Home Blog Pagina 1292

JO17 RVVH blijft Kees van der Weide boeien

“Mooie leeftijd om mee te werken”, antwoordt Kees van der Weide als hem wordt gevraagd wat er zo aantrekkelijk is aan het trainen van de JO17 van RVVH. “Ik zie in zichzelf kerende en zwijgende jongens komen en zie ze twee jaar later zelfverzekerd naar de JO19 vertrekken. Als voetballer én als mens.”

Als ongepolijste, diamanten komen ze bij hem binnen, spelers van vijftien jaar die midden in de puberteit zitten. “Ik doe deze leeftijdscategorie al voor het vierde opeenvolgende seizoen, maar het blijft me boeien. Die ontwikkeling die die jongens meemaken is enorm. De stap van de JO15 naar de JO17 is sowieso gigantisch. Op voetbalgebied worden er opeens veel meer dingen van een speler gevraagd. Samenspel in plaats van individueel vermogen. Dat proces in goede banen begeleiden vind ik echt een uitdaging.”

De sportinstructeur in een penitentiaire inrichting zag zijn eigen carrière door blessures in de dop geknakt worden. Die carrière begon veelbelovend, want als verdediger speelde hij een aantal wedstrijden voor Emmen, dat destijds net zijn intrede in het betaalde voetbal had gedaan.

“Ik speelde in het C-team van Emmen, dat was zeg maar het tweede team. In die tijd waren de selecties nog niet zo groot dan dat ze nu zijn. Vandaar dat je bij blessures als jeugdspeler snel werd ingezet in het eerste. Ik heb in 1989 een wedstrijd of zeven, acht in de eerste divisie gespeeld.”

“Ben Hendriks was toen trainer van Emmen en ik kan me nog herinneren dat we tegen Vitesse speelden. Dat werd met tal van coryfeeën, onder wie Jurrie Koolhof, kampioen. Het befaamde ‘Avondje NAC’ heb ik ook meegemaakt.”

Toen zijn zoon lid werd van RVVH volgde Van der Weide als trainer. “Ik heb op de CIOS mijn oefenmeester 3 gehaald. Ik heb nooit de ambitie gehad om een eerste elftal te trainen. Geef mij maar de jeugd. Ik vind het geweldig om met die gasten bezig te zijn.”

RVVH vroeg hem na enkele jaren terug als trainer. “Intussen is dit alweer mijn tiende seizoen. De eerste zes jaar heb ik de A1, nu de JO19-1, gedaan, dit is mijn vierde seizoen bij de JO17-1. Dat bevalt me prima. Dit is een leeftijd waarop je spelers nog heel erg kunt beïnvloeden.”

Als het seizoen start wordt Van der Weide altijd geconfronteerd met hetzelfde fenomeen: een doodstille kleedkamer vol spelers die naar de grond kijken. “Alsof er iemand overleden is. Die verlegenheid past bij de leeftijd van de jongens. Langzaam maar zeker in het seizoen zie je ze ontdooien. Als trainer ben je op zoek naar de interactie, het weerwoord. Dat komt er op een gegeven moment ook. De ene groep heeft alleen wat meer sturing nodig dan de ander.”

En de ene lichting heeft meer talent dan de andere. Van der Weide: “Dat is inherent aan de filosofie van RVVH. De club scout geen spelers bij andere clubs en dan ben je dus afhankelijk van eigen opgeleide spelers. Daar is natuurlijk niks mis mee, maar het zorgt wel voor schommelingen in niveau.

In mijn eerste seizoen zijn we gepromoveerd naar de hoofdklasse. De afgelopen twee seizoenen zijn we daarin in de middenmoot geëindigd. Daar streven we weer naar, maar het is wel een puzzel waarvan de stukjes moeten passen. Hoe dat zich ontwikkelt, weet je pas aan het einde van het seizoen.”

Cerezo Fung-a-Wing in nadagen terug in oude rol

Hij was al jeugdtrainer van Slikkerveer, maar sinds dit seizoen draagt Cerezo Fung-a-Wing ook het shirt als voetballer van de Ridderkerkse hoofdmacht. De 35-jarige oud-prof doet dat als aanvallende middenvelder, de positie waar hij bij FC Volendam doorbrak in het betaalde voetbal.

Ze vragen me wel eens of mijn bed ook op Slikkerveer staat”, lacht de in Rotterdam woonachtige Fung-a-Wing. Hij schat dat hij, buiten zelf trainen en spelen, zo’n dertig uur per week bezig is met de jeugd van de club. Het rijtje teams dat hij training geeft is in ieder geval indrukwekkend: de JO13, JO15, JO19 en de jongste aanwas, de kabouters. “Ik doe het graag”, zegt hij. “Ik heb inmiddels mijn TC3 en TC2 gehaald. Ik hoop bij Slikkerveer verder door te groeien. De club kent mijn wens dat ik ooit hoofdtrainer wil worden.”

Hij speelde afgelopen seizoen bij Alliance in Roosendaal. “Dat was op zondag, maar de club besloot naar de zaterdag over te stappen. Dat was voor mij niet handig, want die dag ben ik met de jeugd van Slikkerveer bezig. Ik wilde niet stoppen omdat ik zelf voetballen ook nog leuk vind. Het heeft zeker meegeholpen dat André Stafl eu trainer is geworden, hij is van de oude stempel. Ik hou van trainers die zeggen waar het op staat. Dat doet André ook. Hij is recht voor zijn raap.”

Hij groeide op in het harde metier van het profvoetbal. Als jeugd speler van Ajax verdiende hij een contract bij FC Volendam. “Een koelkastcontract”, weet hij nog. “Op de dag dat ik zestien jaar werd, tekende ik voor twee jaar.” Hij debuteerde ruim een jaar later, als 17-jarige, in de bekerwedstrijd van FC Volendam en Jong Ajax. Hij was in totaal vier en een half seizoen in dienst van de ‘wijdbroeken’, voordat Erwin Koeman hem naar RKC Waalwijk haalde. “Dat was een grote promotie”, kijkt Fung-a-Wing terug op die transfer. “RKC was in die periode een gerespecteerd team in de Eredivisie. Patrick van Diemen speelde er, Marc van Hintum, Serginho Greene.” Hij speelde tweeëneneenhalf jaar in Waalwijk. In zijn derde seizoen vocht hij met de Brabanders tegen degradatie. “We degradeerden via de nacompetitie”, aldus Fung-a-Wing, die echter terecht kon bij De Graafschap, dat juist naar de Eredivisie was gepromoveerd.

In Doetinchem speelde hij drie seizoenen. “In het tweede jaar promoveerden we weer naar de Eredivisie.”

Er was voor hem belangstelling vanuit de eerste divisie, maar hij koos voor IJsselmeervogels, dat destijds speelde op het hoogste amateurniveau, de Topklasse. “Ze deden een betere aanbieding dan de clubs uit de eerste divisie.” Na twee seizoenen verkaste hij naar de amateurs van Ajax. “Daar ben ik op een gegeven moment gestopt. Ik heb puur voor het plezier gekozen.”

Als prof stond Fung-a-Wing vaak als (linker)verdediger geposteerd. Bij Slikkerveer bekleedt hij de rol van aanvallende middenvelder. “Ik kan me op deze positie bemoeien met de aanval, lekker hoor”, reageert hij. “Veel mensen weten niet dat ik van origine een aanvaller ben. Mijn trainers in Eredivisie en eerste divisie kozen er altijd voor om mij als verdediger in te zetten.

Dat hij actief is in de kelder van het Nederlandse clubvoetbal deert hem niet. “Daar moet je je op instellen. Het niveau neem ik echt voor lief. Ik heb veel plezier en probeer als een soort leermeester mijn jonge medespelers beter te maken.”

O16 lichting waar Corn Boys hopelijk nog veel plezier aan gaat beleven

Waar het eerste elftal van vijfdeklasser Corn Boys uit Sas van Gent al een paar seizoenen in de onderste regionen bivakkeert, daar heeft de club uit Sas van Gent in de JO16 een lichting voetballers waaraan de club wellicht nog veel plezier gaat beleven.

Trainer van het elftal jeugdvrienden is Bas Bevelander, de 20-jarige eerste doelman van de Sassenaren. Hij begon ooit met het trainen van de keepers, maar heeft inmiddels de jeugdige selectie al sinds de D-pupillen onder zijn hoede. “En dat bevalt uitstekend. We zijn vanuit de vierde klasse inmiddels actief in de tweede klasse en ook daarin doen wel volop bovenin mee. De jongens zijn allemaal leergierig en heel erg gretig. Ze willen allemaal heel erg graag en dat is heerlijk om mee te mogen werken.”

De groep speelt in twee lichtingen al sinds de F’jes bij elkaar en de laatste jaren dus onder de vleugels van de zelf nog jonge doelman. Daar waar nodig krijgt Bevelander ondersteuning van John Moes, hoofdtrainer bij Corn Boys, terwijl ook Johan Neve in de begeleiding van de JO16 actief is. “We hebben in het begin heel erg gewerkt aan de basistechniek en zijn van daaruit verder gegaan. Daarin hebben de spelers gigantische stappen gemaakt. De pass- en traptechniek is in mijn ogen de basis van alles. Als je dat goed beheerst en uitvoert, dan komt het goede voetbal uiteindelijk vanzelf. En dat is dit seizoen ook zo. We hadden gehoopt om in de tweede klasse lekker mee te draaien en in de middenmoot ergens te spelen. Maar zo tegen de winterstop doen we gewoon voor de bovenste plaatsen mee. Dat geeft ook de progressie aan van de jongens en dat is mooi om te ervaren.”

Want waar op zondagen Bas Bevelander samen met zijn ploeggenoten vaak de onderliggende partij is en moeite heeft om de punten bijeen te voetballen, daar beleeft hij als trainer van de JO16 een sportief leuker seizoen. Bevelander ziet de toekomst bij zijn club dankzij de lichting nieuwe talenten dan ook zeker met vertrouwen tegemoet.

“Ik ben nu een seizoen of vijf hun trainer en wil dat graag nog een seizoen of drie blijven. We zijn gericht bezig om ze uiteindelijk klaar te stomen voor de senioren en om ze in te laten stromen richting het eerste elftal. Er zitten zeker een aantal jongens bij die op termijn voor de continuïteit moeten zorgen. We hopen dan ook dat deze jongens zo lang mogelijk samen blijven voetballen en elkaar naar een hoger niveau tillen. Want het is ons doel om als club uiteindelijk weer de weg omhoog in te zetten. En ik hoop dat we aan deze groep jongens nog veel plezier zullen beleven en ik over een aantal seizoenen met een groot deel van hen kan samenspelen in ons eerste elftal. Dat zal het allermooiste zijn.”

‘Nee’ staat niet in woordenboek van Stijn Hendriks

Bij VV Rhoon weten ze het, ze hoeven maar de telefoon te pakken om naar Stijn Hendriks te bellen of te app’en en de tiener (19) is er om als noodverband te fungeren. Voorzitter Mart van Ginkel ziet hem als voorbeeld van zijn generatie: “Een supervrijwilliger.” Voor Hendriks zelf is het de gewoonste zaak van de wereld om zijn club de helpende hand toe te streken. “Ik vind het niet bijzonder wat ik doe.”

Een moment om op een wedstrijddag een foto af te spreken met de tweedejaars scholier Sport en Bewegen blijkt een heel lastige klus. Om tien uur speelt hij met de JO10-1, twee uur later zit hij op de bank bij de JO15-1, waar hij als assistent-trainer fungeert.

Het is kenmerkend dat hij de tegenstanders van de door hem getrainde teams meteen oprakelt, terwijl hij het antwoord schuldig moet blijven tegen wie hij zelf als speler van Rhoon 5 speelt. “Dat hoor ik wel van die jongens als ik in de kleedkamer zit. Of ik zie het buiten aan de kleuren van de shirts.

Op zijn veertiende was Hendriks al scheidsrechter. “De club zocht scheidsrechters en ik heb me opgegeven voor de cursus. Ik ben begonnen bij de F- en E-tjes, maar daar had ik niet de echte uitdaging. Vandaar dat ik doorgeschoven ben naar de junioren.” Het fluiten doet hij nu nog wel, maar op ‘back-up’ basis. “Ik train twee en coach twee teams. Dat programma is lastig te combineren met het fluiten. Bij één team zou dat nog wel gaan, met twee teams is het vrijwel onmogelijk. Doordeweeks wil ik nog wel eens een wedstrijdje meepakken.”

Druk programma of niet, het kan zomaar gebeuren dat toeschouwers Hendriks bij Rhoon 1 als assistent grensrechter in actie zien. “Dat gebeurt inderdaad wel eens”, zegt hij. “Als de grensrechter er niet is en het past in programma doe ik dat ook graag. In de voorbereiding op dit seizoen heb ik nog gevlagd. Ik ben sowieso niet zo goed om nee te zeggen als ik ergens voor word gevraagd.”

Het training geven vindt hij het allerleukste. “Ik ben er drie jaar geleden mee begonnen. Ik geef in de week twee trainingen aan de JO10- 1 en JO15-1. Ze trainen op verschillende dagen. Ik ben er op maandag, dinsdag, woensdag en donderdag. Het leuke van twee teams vind ik dat het twee verschillende leeftijdsgroepen zijn. Bij de JO10-1 train je heel anders dan bij de JO15-1.”

Met de JO10-1 speelt hij in de hoofdklasse. “Dat is een enorm getalenteerde groep. Normaal ben je op die leeftijd met andere dingen bezig, maar die jongens hebben een heel goed gevoel voor het positiespel.”

Voor school moeten we stage lopen en dat kan nu via Rhoon”, beschrijft hij een voordeel voor zijn vele Rhoon uren. Aan carrièreplanning doet hij niet. “Nee hoor. Ik heb nog geen idee wat ik wil bereiken als trainer. Daar denk ik niet over na, maar ik zie mezelf niet bij een andere club training geven, daarvoor ben ik te veel een Rhoon-man.

Stilzitten is geen optie voor Marjan van der Tholen

“We hebben helaas de stormbaan moeten afblazen”, zegt Marjan van der Tholen tijdens de jaarlijkse Herfstdag voor de jeugd van BVV Barendrecht. “Is het weken mooi weer, regent het uitgerekend vanmorgen.”

Van het veld, waar het 4-tegen-4 toernooi wordt afgewerkt, beent ze zich naar de kantine. “De kinderen moeten zo gaan eten”, biedt ze haar excuses aan voor haar haast. Van der Tholen (49) is samen met Sandra de Jong de drijvende kracht achter de Herfstdag.

Het is één van de activiteiten die zij namens de activiteitencommissie organiseren. “Bingo en Sinterklaas organiseren we ook”, vertelt ze. “En vorig jaar hebben we een FIFA toernooi gehouden. Dat was een daverend succes.” Eén keer in de twee jaar organiseert Van der Tholen en een team vrijwilligers de E-Experience, een kamp voor E-pupillen. “Twee dagen duurt dat met één nacht slapen op de club. Dat is het voor die kinderen natuurlijk helemaal. We huren altijd van die grote tenten.” Organiseren zit Van der Tholen in het bloed en dat had de club jaren geleden goed in de gaten. Want behalve vooraanstaand en actief lid van de activiteitencommissie is de Barendrechtse ook de vrouw achter de toernooien van Barendrecht. Ze coördineert zowel thuis- als uittoernooien. “Mijn activiteiten voor die toernooien smeer ik over het hele jaar uit”, zegt de moeder van drie zoons, van wie er nog twee voetballen. “Vergis je niet, ik ben nu al druk bezig met de toernooien van volgend jaar na de competitie. Ik moet wel, anders ben ik te laat.” Ze bezoekt regelmatig zogenaamde toernooibeursen bij clubs in de regio. “Dat is een mooi fenomeen. Op zo’n dag komen ook andere clubs die toernooien organiseren en onderling wisselen we teams uit. Dat is echt een uitkomst.”

Barendrecht heeft een grote jeugdafdeling en daarom is het onmogelijk om voor alle teams een eigen thuistoernooi te organiseren. “Daar hebben we de ruimte op de agenda niet voor en ook hebben geen velden genoeg”, legt Van der Tholen uit. “Ik probeer het zo goed mogelijk te verdelen. Dat een team dat vorig seizoen geen thuistoernooi heeft gespeeld, dit seizoen er wel één heeft.”

POULES
Zo staat tijdens Pasen een toernooi op het programma voor de JO15 en JO17. “Op 8 juni is er een toernooi voor alle teams van de JO8, zes zijn dat er, en de JO12, dat zeven teams heeft. Om alle poules vol te krijgen heb je veel teams nodig. Daar helpen die ruilbeurzen zeker bij. Het hele jaar door mail ik veel met an- dere toernooicoördinatoren.” Een aansprekend thuistoernooi is die van de Girls Cup (MO17 en MO19), die vorig jaar voor het eerst werd georganiseerd. “Dat is eigenlijk een soort invitatietoernooi. Normaal gesproken kan ieder team zich voor een toernooi inschrijven en ook spelen als ze er op tijd bij zijn. Maar bij de Girls Cup verlangen we dat een team minimaal in de hoofdklasse speelt.

Dit seizoen wordt het toernooi op zaterdag 22 juni gehouden.” Van der Tholen regelt ook uittoernooien voor de Barendrechtse jeugdteams. “Ieder team speelt er minimaal één, maar dat mogen er ook meer zijn. Er zijn teams die graag drie of zelfs vier toernooien spelen. Voor mij is dat geen probleem, ik heb er alleen een broertje dood aan als ze op het laatste moment afbellen omdat er niet genoeg spelers zijn. Ik weet zelf als toernooiorganisator hoe vervelend dat is.”

Legendarische spits is goud waard voor VV Renswoude

Iedereen die in de afgelopen 53 jaar sportpark De Hokhorst van VV Renswoude betreden heeft is hem vast wel eens tegen het lijf gelopen. Legendarische spits Cees Overeem (65) zich beschikbaar voor de plaatselijke trots. De legendarische spits behoort daar tot het vrijwilligerscorps.

Teleurstelling

Cees Overeem valt bij de start van het gesprek meteen maar met de deur in huis en rakelt een teleurstelling uit het verleden op. ,,We waren behoorlijk ver in de bekercompetitie gekomen en de thuiswedstrijd tegen Go Ahead Kampen stond op het programma. Ik werkte als timmerman in de bouw en zakte de dinsdag ervoor door een steiger. Voetballen was onmogelijk. Er kwamen 1700 toeschouwers op af. In de krant stond: de man met het vliegende schot stond langs de lijn.’’ De spits kan er nu gematigd om lachen en laat een foto zien waarop hij samen met een andere clubicoon, Henk van Essen, staat. Maar of de toen nog jeugdige Van Essen ooit het record van 350 treffers zal verbeteren moet nog blijken.

Dodelijk schot

Dertien jaar in het vlaggenschip en maar liefst achttien trainers heeft Overeem meegemaakt bij VV Renswoude. De naam van Gert van Weerthof valt. ,,Ja, dat was de beste trainer. Hij was tactisch erg sterk en zette de poppetjes op de goede plaats. Snel en een dodelijk schot, zowel links als rechts”. Zo beschrijft hij zichzelf: ,,Ik ben er trots op dat ik nog nooit een gele of rode kaart heb gehad. Zelfs geen waarschuwing. De voetbalbond kan mijn naam waarschijnlijk niet eens schrijven.’’ Over die zelfde bond is hij niet enthousiast: ,,In 1977 verongelukten Frans van de Broek en Hans van Foort na de met 3-1 gewonnen bekerwedstrijd tegen Bennekom.

Een week later moesten we van de bond gewoon spelen omdat die jongens niet meer ‘boven de grond’ stonden’’ Overeem is vaste volger van het vlaggenschip. Uit en thuis. ,,Ik ben overal kind aan huis. Het is een goede groep dit jaar met Jan van den Heuvel als trainer. Die laat ze hun gang gaan, maar zit er wel bovenop. Er is altijd een goede derde helft. Of er nou verloren of gewonnen wordt.’’

Druk baasje

In 2015 had Overeem de eer om vrijwilliger van het jaar te worden. Hij is daar trots op: ,,De leukste taak is het ontvangen van de scheidsrechters, want je leert in de loop van de jaren al die mensen kennen. Verder doe ik bouwklusjes, helpen met toernooien, kaartmarathons, besturen ontvangen en soms achter de bar.’’ Als het mooi weer is neemt hij zijn vrouw mee om naar zijn kleindochter Luna te gaan kijken, die in de meiden O-15 voetbalt. Hij heeft het af en toe wel moeilijk met de mentaliteit van de voetballer van nu. ,,Tegenwoordig bellen ze af omdat ze moeten werken. Ik moest vroeger ook werken, maar begon dan gewoon een paar uur eerder om toch te kunnen voetballen. Voorlopig kan VV Renswoude nog op de diensten van Overeem rekenen. ,,Ik heb thuis ook een hoop werk, want mijn vrouw zit in een rolstoel, maar ze kan een hoop zelf. Zo lang het gaat ga ik door. De zaterdag is mij heilig.’’

Jesse van Bezooijen wil afrekenen met blessureleed

Het verhaal van SteDoCo-nieuwkomer Jesse van Bezooijen is een opsomming van een hele rits zware blessures. Hij oogt op dit moment fit en hopelijk kan hij voor SteDoCo zijn minuten gaan maken.

Jesse van Bezooijen komt uit het nabij Breda gelegen Bavel. Daar voetbalde hij tot zijn twaalfde jaar en liep in de tussentijd al eens stage bij Willem II. Daarna koos hij voor NAC. Als A-junior onderging hij zijn eerste knieoperatie omdat zijn meniscus stuk was. ,,Vervolgens ontstond er een probleem met het kraakbeen waardoor ik er een jaar uitlag.” Na zijn herstel sloot hij meteen aan bij de hoofdmacht van NAC en vanaf eind oktober 2014 speelde hij vijf wedstrijden, voor de beker tegen Fortuna Sittard en in de eredivisie. ,,In de wedstrijd tegen FC Utrecht scheurde ik een spiertje in de hamstring. Bij de nieuwe trainer, Robert Maaskant, kwam ik niet in de plannen voor. Met de komst van Marinus Dijkhuizen kwam ik weer in beeld, maar scheurde in de eerste wedstrijd mijn achillespees af en was weer een jaar klaar.”

Vervolgens werd Stijn Vreven aangesteld als trainer. Van Bezooijen was een paar maanden fit maar een nieuwe knieoperatie maakte een einde aan het leven van de profvoetballer. Hij wilde zelf de regie in handen houden, nam in zijn hoofd definitief afscheid van ‘het wereldje’ en ging aan zijn maatschappelijke carrière werken. Daarbij gesteund door jobcoach Arjan Ebbinge van de spelersvakorganisatie VVCS. Vorig seizoen sloot Van Bezooijen aan bij Zwarte Leeuw in het Belgische grensdorp Rijkevorsel waar ook Benjamin van Wanrooij, nu eveneens spelend voor SteDoCo, actief was.

,,Daar heb ik geen enkel probleem meer gehad. Het moet puur aan de belastbaarheid hebben gelegen. Bij NAC trainden wij negen keer per week. Die paar dagen extra rust die ik nu heb maakt kennelijk net het verschil.”

Andere wereld
De overstap van het Belgische Zwarte Leeuw naar het Zuid-Hollandse SteDoCo bracht de 24-jarige Van Bezooijen in een andere wereld. ,,De Belgen zijn wat timide en behoudender. Zij spreken zich niet zo direct uit. Bij SteDoCo worden in de kleedkamer weer die echte voetbalgrappen gemaakt. Dat is een wereld van verschil.” Van Bezooijen sloot bij SteDoCo na een vakantie van drie maanden aan. ,,Dat was voor mij ook nieuw. Zo’n lange periode vrijaf heb ik in de voetballerij nog nooit meegemaakt. Het kwam ook omdat in België de competitie vroeg afgelopen is.” Op het moment dat wij Jesse van Bezooijen spraken was hij nog niet hersteld van een knieblessure die hij opliep in het bekerduel tegen Westlandia. Inmiddels heeft hij zijn eerste minuten voor SteDoCo alweer gemaakt. Het wordt voor hem zoeken naar een plaats in het team. ,,Dat is ongetwijfeld zo. Ik ben natuurlijk pas weer in november aangesloten. Ik zie dat mijn collega’s in het centrum een hoog niveau hebben. Ik zal moeten strijden voor mijn plekje. Dat is nog niet een, twee, drie voor elkaar. Bij NAC was ik dat gewend hoewel ik daar door mijn blessures bijna niet speelde. Bij Zwarte Leeuw speelde ik alles, maar bij SteDoCo ligt het niveau toch wat hoger. Bovendien wordt er bij SteDoCo echt gevoetbald. In België ramde je de bal naar voren en werd er daarna pas gevoetbald.”

Een voetbalveld van lava bij DVV’09

DVV’09 loopt vooraan in de innovatie. De club uit Dirksland heeft een innovatief veld van het zogenoemde O2-natuurgrasconcept aan laten leggen op het sportpark. Er ligt nu een grasmat met een toplaag van onder meer lava aan de Hondsgalgweg.

De keuze voor een veld is de laatste jaren steeds pittiger geworden voor voetbalclubs. Een natuurgrasmat heeft beperkingen qua speeluren en het onderhoud ervan is specialistenwerk, maar een kunstveld kost dan weer veel meer geld, roept vraagtekens op qua gezondheid én speelt volgens de meerderheid niet zo lekker. DVV’09 heeft al jaren vijf natuurgrasvelden liggen, maar die matten kunnen maar beperkt gebruikt worden, zeker in de extreem natte en droge perioden van het jaar. De club wilde graag een kunstgrasveld hebben, maar kreeg van de gemeente het alternatief aangeboden om mee te doen aan een pilot. Daar had de club wel oren naar.

En zo is er een nieuw veld aangelegd volgens een innovatief initiatief: het O2-natuurgrasconcept. Het is een natuurproduct, goedkoper dan kunstgras en regelt de afvoer van het water beter dan de natuurgrasvelden. De velden kunnen 400 uur bespeeld worden en de grasbezetting, vlakheid en waterafvoer worden gegarandeerd voor 10 jaar. Het geheim zit hem in de lava die gebruikt wordt in plaats van het zand. 400 ton lava wordt gemengd met de bestaande toplaag, waarmee het een natuurlijk product blijft. De beregening én afvoer van het water worden allebei geregeld, geen overbodige luxe in de Nederlandse natte winters en de af en toe zo droge zomers. “Het water kan makkelijk weg in de winter, waardoor het langer goed bespeelbaar blijft”, vertelt Rien Bakx van de firma Bras Fijnaart, dat het veld heeft aangelegd. “Daarnaast zit er een automatisch beregeningssysteem in.”

Afgelopen zomer is de mat aangelegd, vervolgens moest het gras gaan groeien en sinds eind oktober heeft DVV’09 het volop in gebruik. Momenteel nog louter voor de trainingen, vertelt penningmeester Wim Groenendijk. “De ervaringen op het veld zijn tot nu toe heel positief, het bevalt erg goed. Je kunt eigenlijk pas een goed oordeel vellen in mei, als er een heel seizoen op is gespeeld, maar het voelt tot nu toe prettig.”

Het is een raar idee, voetballen op een toplaag gemengd met lava, maar dit voelt eigenlijk heel normaal volgens Groenendijk. “Het is gewoon gras, zo voelt het ook. Het speelt echt uitstekend. Zodra we alle materialen hebben om het in te richten als wedstrijdveld, willen we er ook echt wedstrijden op gaan spelen. Het liefst na de winterstop.” En een blik geworpen op het veld onderschrijft de mening van de penningmeester: dit veld is niet te onderscheiden van het reguliere natuurgras.

DVV’09 is overigens niet de enige club op Goeree-Overflakkee met zo’n soort veld, bij voetbalvereniging Stellendam ligt eenzelfde mat. Het is duidelijk dat de club uit Dirksland tot nu toe zeer content is. Groenendijk: “Als het zo uitpakt, is het erg fijn om een proeftuin te zijn. Wij zijn de gemeente erg dankbaar voor deze mogelijkheid.”

Excelsior Maassluis wint ook lastige uitwedstrijd bij GVVV

Excelsior Maassluis heeft zaterdagmiddag de traditioneel lastige uitwedstrijd tegen GVVV met 0-1 gewonnen. Een benutte strafschop, welke werd gescoord door Daan Blij, bleek genoeg voor de overwinning. In de tweede helft verzuimde Excelsior Maassluis de marge te vergroten en bleef het tot de laatste minuut spannend. De overwinning kwam echter niet meer in gevaar.

In week waarin Koning Winter zijn intreden had gedaan en de velden bedekt bleven onder een sneeuwlaag kon er zaterdag gewoon gevoetbald worden op het kunstgrasveld van GVVV. Trainer Dogan Corneille kon niet beschikken over Kevin Dercks vanwege privé omstandigheden. In zijn plaats verscheen Sekou Sylla aan de aftrap.

De traditioneel lastige uitwedstrijd tegen de ploeg uit Veenendaal begon niet goed voor de Tricolores. Al in de derde minuut van de wedstrijd kreeg de thuisploeg een grote kans toen Jeremy de Graaf vrij voor Jean-Paul van Leeuwen verscheen. De doelman wist met zijn de voeten het schot van De Graaf te keren en zo zijn ploeg voor een vroege achterstand te behoeden. Halverwege de eerste helft viel de eerste echte kans voor Excelsior Maassluis te noteren. Een vrije trap vanaf de linkerkant, genomen door Stephan Kruithof, werd door Vincent van den Berg met het hoofd verlengd. De bal leek in de bovenhoek te verdwijnen, waren het niet dat doelman Johan Jansen de bal nog net uit het doel kon tikken. Vlak voor de thee viel het openingsdoelpunt alsnog voor Excelsior Maassluis. Milan van Ewijk werd aan de zijkant van het strafschopgebied gevloerd en scheidsrechter Luuk Timmer wees gedecideerd naar de penaltystip. Waar heel GVVV het niet eens was met deze beslissing, faalde Daan Blij niet vanaf elf meter (0-1).

Direct in de tweede helft had Excelsior Maassluis de marge al kunnen verdubbelen. Via een goede counter werd Marouane Afaker door Vincent van den Berg vanaf eigen helft weggestuurd. Na een hele lange sprint wilde de aanvaller de bal over doelman Jansen lobben, maar deed dit helaas net niet hoog genoeg. Maar Excelsior M bleef gevaarlijk voor het doel van de blauwhemden. Giovanni da Fonseca (bal in het zijnet), Vincent van den Berg (kopbal op de paal en schot op de voeten van doelman Jansen) en Marouane Afaker (bal net over het doel) kregen ideale kansen om de wedstrijd te beslissen. Het doelpunt bleef echter uit waardoor ook de thuisploeg nog zijn kansen rook. Gevaarlijk werd de ploeg van trainer Niek Oosterlee echter nooit omdat met name keeper Jean-Paul van Leeuwen in de lucht heerste en alle gevaarlijke voorzetten kon onderscheppen. Toen in de blessuretijd uitblinker Giovanni da Fonseca alsnog de 0-2 op zijn schoen had, maar zijn inzet van de doellijn gered zag worden door een GVVV-verdediger floot scheidsrechter Timmer voor het einde van de wedstrijd.

Zo kon Excelsior M wederom drie punten bijschrijven aan haar totaal. Komende zaterdag staat de thuiswedstrijd tegen Rijnsburgse Boys op het programma. De wedstrijd begint om 14.30 uur op Sportpark Dijkpolder.

Smitshoek oefent tegen Heerjansdam

Smitshoek oefende afgelopen zaterdag op eigen veld tegen Heerjansdam, omdat de competitie wedstrijd tegen s’-Gravenzande werd afgelast.

In 2 wedstrijden van beide 1 uur waarin 2 verschillende teams in actie kwamen eindigde de totaalstand in 4-4.

De 1e “helft” van 1 uur, waarin overwegend wisselspelers en 2e elftal spelers van beide teams in actie kwamen eindigde in 2-1 voor Smitshoek door doelpunten van Luc Delmee en Erwin Bravenboer voor de thuisclub en Justin Snijders voor de gasten.

De 2e “helft”, waarin de vaste basis spelers in het veld kwamen, eindigde in 2-3 voor Heerjansdam, met doelpunten voor Smitshoek van Lorenzo Braaf en Alex Rekondie voor Smitshoek, en Paul Scheurwater, Jeroen de Vries en Rob Plezier van Heerjansdam.

Hopelijk gaat het volgende week weer om de punten, met weer een pittige klus voor de mannen van Richard Middelkoop, die zijn contract deze week met nog 1 jaar verlengde. Dan komt oud trainer Raymond Frehe met zij SC Feyenoord op bezoek. Aanvang zoals altijd aan de Smitshoeksebaan om 14.30.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.