Home Blog Pagina 1265

Liefde voor Verburch is groot bij Barendse en Van Dinten

De één trapte in competitieverband nooit tegen een bal, de ander ging met de bal zo’n beetje naar bed. Cees Barendse (68) en Herman van Dinten (67) werken allebei op hun eigen manier aan Verburch. “Volgens mijn vrouw ben ik te veel bij Verburch. Daar kan ze wel eens gelijk in hebben.”

Nee, ze waren er niet bij toen Verburch zeventig jaar geleden werd opgericht, maar voor Barendse en Van Dinten speelt de Poeldijkse club een belangrijke rol in hun leven. Beiden maken deel uit van het bestuur. Barendse als manusje van alles (‘ik ben best handig’), Van Dinten als de man die het ‘technische beleid’ bewaakt. Ze doen het allebei met een enorme portie liefde voor de club.

“Ik ben vaak bij Verburch”, zegt Barendse. “Volgens mijn vrouw te vaak.” Om er aan toe te voegen dat hij ‘vreest’ dat het aantal uurtjes bij de club in de nabije toekomst gaat toenemen. “Ik ben officieel al met pensioen, maar werk nog halve dagen. Daar ga ik binnenkort mee stoppen.

”Barendse voetbalde zelf nooit, hij vond het vroeger interessanter om met zijn ‘brommer’ in de weer te zijn. Maar toen zijn zoons gingen voetballen rolde de kwaliteitsmanager van plantenzaad er ‘automatisch’ in. Zijn werkzaamheden zijn divers, van het keuren van de velden zaterdagochtend vroeg tot het vervangen van de doucheknop. “Ik pak alles aan.”

Hij moet lachen want een paar dagen daarvoor kwam hij in natte toestand thuis, terwijl buiten het zonnetje scheen. “Ik kreeg een melding dat een toilet doorliep maar kreeg het niet meteen voor elkaar. Ik rommelen, rommelen en rommelen. persoonlijk rust ik niet voordat ik het voor elkaar heb. Totdat het water alle kanten, en vooral mijn kant, opspoot. Ik was zeiknat.”

Het bestuurslid accommodatiezaken is zuinig op het fraaie complex van Verburch. “Er staat wat, hé! Maar het wordt wel steeds onderhoudsgevoeliger. Het is veertien, vijftien jaar oud, de eerste gebreken zijn zichtbaar.” Van Dinten is in het bestuur van de 70-jarige club de voetbalman. “Ze hadden me al een paar keer benaderd voor deze functie. De tijd was er op een gegeven moment rijp voor”, zegt hij.

Van Dinten speelde zelf van 1969 tot 1982 in de hoofdmacht van Verburch. “Ik weet niet hoeveel wedstrijden ik heb gespeeld, maar het zou me niets verbazen als het er meer dan vijfhonderd zijn. In die tijd speelde je altijd. Als je niet voor de competitie speelde, hadden we een oefenwedstrijd. Ik weet nog dat we een seizoen hadden waarin we 53 wedstrijden speelden. Overbelasting? Daar deden ze toen niet aan.”

Wat dat betreft heeft Verburch de zaakjes goed op orde. “Wouter de Kok zit als fysiotherapeut in ons complex. Hij zorgt voor een perfecte medische begeleiding, tot hersteltraining aan toe. Hij meet ook de fitheid van spelers.”

Van Dinten was jarenlang trainer in de regio en zelf ook twee seizoenen hoofdtrainer van Verburch toen het nog in de tweede klasse van het zondagvoetbal acteerde. “Dat was het team met onder andere Wim Grootscholten en John Zuiderwijk. Dat was een elftal dat gas kon geven.” Hij is tevreden over de technische ontwikkeling van Verburch nu. “In Pieter Batenburg hebben we een hoofd jeugdopleidingen die zorgt voor het operationele deel. Als bestuurslid zet ik de grote lijnen uit, het is aan hem om daar precieze invulling aan te geven.”

Geduld Kevin Bogaards wordt op de proef gesteld

Hij moet het dit seizoen doen met af en toe een invalbeurt. Kevin Bogaards (23) wacht bij FC ’s-Gravenzande nog op zijn grote doorbraak. “Ik kan niet meer dan mijn best doen”, zegt de buitenspeler, die in 2016 van Westlandia overstapte naar de ’s-Gravenzandse fusieclub.

Grote doel van die overstap was om op termijn een basisplaats te veroveren in de hoofdmacht van de zaterdaghoofdklasser. Intussen is Bogaards wel in beeld bij ‘één’, maar speelt hij voornamelijk een rol op het tweede plan. “Mijn status nu? Ik hang een beetje tussen het eerste en het tweede in. Ik zit soms op de bank bij het eerste en val ook regelmatig in. Maar uiteindelijk wil je als voetballer maar één ding: die basisplek.” Vooralsnog is de rechtsbenige vleugelflitser daar ver van verwijderd. “Ik kan of rechts- of linksbuiten spelen”, zegt Bogaards. “De concurrentie voor die twee posities is echter loodzwaar. Ik heb Frank Broos en Patrick Triep voor me. Die hebben het de laatste jaren goed gedaan. De trainer heeft geen reden om ze eruit te halen. Ook de resultaten roepen niet om veranderingen. Die zijn de laatste jaren heel goed geweest. Ik kom in beeld als er blessures of schorsingen zijn.” Dus moet Bogaards, die van zijn achtste tot en met zijn dertiende jaar in de jeugd van ADO Den Haag speelde, het vooral doen met minuten in het tweede elftal. “Dat is geen slecht niveau, maar het is altijd mijn ambitie geweest om het eerste elftal te halen. Als voetballer wil je toch in de picture staan.” Met het tweede elftal, dat uitkomt in de reserve-hoofdklasse, heeft hij een grillige prestatiecurve. “We begonnen het seizoen uitstekend”, zegt Bogaards. “Tot de laatste wedstrijd van de eerste periode aanbrak. We speelden tegen Quick Boys. Wij stonden op dat moment eerste, Quick Boys tweede. Het werd gelijk en Excelsior Maassluis, dat derde stond, pakte alsnog de periodetitel. Waar twee honden vechten om een been gaat de derde er mee heen. Sindsdien is het met onze prestaties bergafwaarts gegaan.”

Bogaards is werkzaam bij BICT Groep, de ICT-oplosser uit Naaldwijk die sinds vorig seizoen naamgever is van het hoofdveld van FC ’s-Gravenzande: het BICT Groep Stadion. “Bij die overeenkomst heb ik geen rol gespeeld”, bezweert de lachende Bogaards, die bij BICT verantwoordelijk is voor de marketing. “Onze directeur Bas Voermans heeft vroeger bij de Sport gespeeld. Hij vindt de uitstraling van de club goed passen bij het bedrijf. Samenwerking is daarbij de rode draad. We hadden er ook voor kunnen kiezen om shirt- of bordsponsor te worden, maar we wilden als bedrijf iets afwijkends. Weg van de traditionele sponsoring. Vandaar dat we naamgever van het hoofdveld geworden zijn.”

Lovende kritieken voor jongens van Verburch

Bij Verburch valt er dit seizoen weinig te klagen. De hoofdmacht mag dan door het vertrek van een groot aantal spelbepalende spelers een renovatie hebben ondergaan, de Poeldijkers staan in de derde klasse wel ‘mooi’ in de subtop.

Volgens de vaste volgers van Verburch spelen Dave Zwinkels (23) en Sander Rens (25) een belangrijke rol in dat succes. Lovende kritieken voor het tweetal zijn er niet alleen van de supporters, maar ook van trainer John Zuiderwijk.

“Dave is een echte winnaar”, zegt de trainer, die onlangs zijn contract met een seizoen verlengde, over Zwinkels. “Hij gaat altijd voorop in de strijd. Hij heeft een gigantische drive. Soms denk ik wel eens: Dave, iets rustiger mag ook.
“Dat herken ik wel”, lacht de middenvelder. “Dat fanatieke heeft altijd in mijn spel opgesloten gezeten. Ik ga voor elke bal. Ik kan het ook niet anders dan honderd procent. Ik kan me wel voorstellen dat John soms gek van me wordt. Ik weet dat hij vindt dat ik onnodig gele kaarten pak.”

Zwinkels heeft het dit seizoen helemaal naar zijn zin. “Het draait lekker en mijn broer speelt voor me.” Jordi Zwinkels is tegenwoordig in de Poeldijkse spits geposteerd. “Hij heeft zijn kans gegrepen toen Melvin van der Zijden is gestopt. Hij werkt hard en dat moet een spits ook doen. Het geeft wel een goed gevoel dat we als broers samen in het eerste kunnen spelen.”

Speltechnisch kan Zwinkels, die werkzaam is op de veiling in Naaldwijk, zijn ei kwijt. “Vorig seizoen speelden we wat anders: 4-3-3. Nu spelen we een soort 3-1-3-2. Aangezien ik aan de zijkanten speel, betekent dat dat ik wat meer vrijheid heb. Daar maak ik dankbaar gebruik van.”

Dat Verburch het verrassend goed doet is volgens Zwinkels te verklaren aan de frisheid die door de nieuwe spelers aan het elftal is toegevoegd. “De veranderingen zijn goed geweest. Er is nieuw elan in de ploeg. Nieuwe spelers, nieuwe trainer.” “John is altijd bloedfanatiek”, zegt Sander Rens over zijn trainer. “Toen we onlangs een oefenwedstrijd speelden zei hij: ‘het is wel Monster, hé. Dat kan nooit een oefenwedstrijd zijn’. Dat fanatisme heeft hij overgebracht op de spelers.”

Rens speelde de laatste jaren onder Zuiderwijk in het tweede. Hij was bij het eerste min of meer uit beeld geraakt. “In het eerste jaar van trainer Dennis van der Steen mocht ik nog wel eens spelen of invallen, maar dat werd steeds minder. Dennis maakte andere keuzes, dat was zijn goed recht.

Hij had ook andere spelers tot zijn beschikking dan John nu.” “Ik ben altijd al wild van Sander geweest”, verklapt John. “Ik vind hem een klassieke nummer tien. Goed inzicht, goed overzicht, uitstekende techniek Hij draait altijd naar de goede kant.” “Ik ben eigenlijk heel snel geacclimatiseerd in de derde klasse”, reageert de financieel-controller bij een groot bouwbedrijf. Hij beschouwt zichzelf wel meer als een aangever dan als een afmaker.

“Ik schep er net zo veel genoegen in om een beslissende pass te geven dan zelf te scoren. Ik geil absoluut niet op doelpunten. Dat zal wel met mijn karakter te maken hebben. Ik ben een sociale jongen en dat zie je terug op het veld.”

Sander Koeleman wil meester zijn over de bal

Sander Koeleman verbond onlangs zijn nabije toekomst aan die van FC ’s-Gravenzande. De stylist uit Delft, linkermiddenvelder op sportpark Juliana, verlengde zijn contract tot en met de zomer van 2021. “Het is geen straf om hier oud te worden.”

Voordat hij zijn handtekening zette onder de nieuwe verbintenis dacht Koeleman nog eens goed en diep na. “Ik ben nu achtentwintig en in de kracht van mijn leven. Als ik nog een stapje hoger had gewild, had het komende zomer moeten gebeuren. Daar was ik me zeer bewust van. Ik heb alle plussen en minnen tegenover elkaar gezet en kwam al snel tot de conclusie dat ik het bij FC ’s-Gravenzande goed heb. Er staat een geweldig complex, als voetballer heb je de beschikking over fantastische faciliteiten. De club wil zich steeds ontwikkelen. De visie die daarbij wordt gehanteerd spreekt me aan. De mensen zijn hier altijd goed voor me geweest. De supporters, ze hebben me altijd gesteund. Ik speel in een leuk elftal. Ik denk niet dat ik dat bij een andere club ook allemaal krijg.”

Koeleman, opgegroeid en nog altijd woonachtig in Delft, kwam zes seizoenen geleden in het kielzog van trainer Robin Knoester mee naar ’s-Gravenzande. “De club was bezig een switch te maken. In plaats van spelers van naam werd gekozen om wat jongere spelers aan te trekken. Ik speelde bij Robin bij Vitesse Delft. Scheveningen had ook interesse, maar dat speelde in de Topklasse. Ik zou daar meer voor de breedte gehaald worden. Ik zou me daar een plek naar de basis moeten vechten, ik dacht dat mijn kansen bij FC ’s-Gravenzande om snel bij de eerste elf te komen groter waren. Wat ook meespeelde, was de mogelijkheid die bij ’s-Gravenzande werd geboden om extra techniektraining te volgen. Dat paste precies in mijn straatje.

Chris Kronshorst
De technicus pur sang groeide namelijk op met de lessen en oefeningen van Chris Kronshorst. De Delftse techniektrainer ontfermde zich al over de 12-jarige Koeleman. “Hij heeft mij geleerd om meester te worden over de bal”, zegt de sales- en marketingmedewerker van een groothandel in koeltechnische producten in Barendrecht. “Chris leerde je geen trucjes. Ik zie wel eens bij sommige voetbalschoten een driedubbele schaar, maar wat heb je daar aan? Hij bracht je functionele techniek bij, de bal aannemen waardoor hij meteen goed ligt voor een vervolgactie. Voor mij zijn die trainingen heel belangrijk geweest. Het heeft mij gevormd als voetballer. De essentie in mijn spel is op techniek gebaseerd.”

Hij kan zich voorstellen dat de supporters van FC ’s-Gravenzande wel eens ‘gek’ van hem worden. “Ik ben zeker niet het type ‘mouwen opstropen en bal veroveren’” En gniffelend: “Negen van de tien wedstrijden blijft mijn broekje helemaal schoon. Het is heel lang geleden dat ik een sliding heb gemaakt.”

Dat past ook helemaal niet bij mij. Het was mijn eerste of tweede seizoen, dat weet ik niet meer, maar ik zat niet lekker in de wedstrijd. Om dat te compenseren ben ik de raarste capriolen gaan uithalen. Slidings maken, echt buffelen. Het was zo erg dat Robin Knoester in de rust naar me toe kwam en vroeg ik alsjeblieft weer normaal kon gaan doen, haha.”

Sindsdien blijft Koeleman dicht bij zichzelf als voetballer. “Ik doe heus mijn verdedigende taken, maar ik moet zorgen voor het verzorgde voetbal.”

Hij geniet van de successen van FC ’s-Gravenzande dit seizoen in de hoofdklasse. “Er wordt altijd gezegd dat het tweede seizoen altijd moeilijker is, maar we draaien knap bovenin mee. We stonden nog een tijdje tweede. Jammer genoeg zijn we na die slechte reeks voor de winterstop, met vier nederlagen, wat afgezakt. Al met al zijn we bezig aan een goed seizoen. Het elftal is goed in balans. Het is een voordeel dat we al een paar jaar in nagenoeg dezelfde samenstelling spelen. Als er versterkingen komen zijn dat gerichte versterkingen. De trainer past ook perfect bij de ploeg. Hij voelt de oudere, maar ook de jongere spelers goed aan.” Continuïteit is volgens Koeleman het toverwoord voor de ontwikkeling van FC ’s-Gravenzande. “Dat een groot deel van de spelers voor langere tijd is vastgelegd, geeft wel aan dat de leiding verder kijkt dan dit seizoen. In die visie past ook de keuze voor Wilfred Elzinga als trainer. Hij was weliswaar profvoetballer geweest, maar had nog niet een grote naam als trainer in de amateurwereld. De clubleiding zag echter zijn capaciteiten en durfde het ook aan om hem aan te stellen.

V.V. Nieuwenhoorn breidt selectie verder uit

Met betrekking tot het aantrekken van nieuwe spelers voor het komende seizoen, heeft V.V. Nieuwenhoorn zich tot doel gesteld om zich zoveel als mogelijk te versterken met spelers met een Nieuwenhoorn verleden. En dit is bijzonder goed gelukt.

Zo komt Merijn Wolters terug van Barendrecht en trekt ook Tom Sleeuwenhoek zijn vertrouwde zwart-witte tenue weer aan. Dit geldt ook voor Ayrton Verlaan, die nu nog uitkomt voor Zuidland. Tot slot keert ook Wouter Bloothoofd terug na een uitstap bij Rozenburg.

Inmiddels hebben ook Christian van Wijngen, Danique Wolters en Brandon Nooitmeer aangegeven ook volgend seizoen weer deel uit te willen maken van het eerste elftal van V.V. Nieuwenhoorn.

Jeffrey van Veen zal komend seizoen voor het eerst de kleuren van Nieuwenhoorn dragen, daar waar hij nu nog uit komt voor SV Poortugaal. De 22-jarige aanvaller heeft in het verleden gevoetbald bij v.v. Spijkenisse, Jong Dordrecht en SHO.

Met deze nieuwe aanwinsten, in combinatie met de stevige basis aan spelers die blijven, spreekt Nieuwenhoorn het vertrouwen uit dat hiermee een team is ontstaan die ook in het volgende seizoen weer competitief zal kunnen zijn. De gesprekken met spelers zijn nog niet afgerond, meer nieuws volgt spoedig.

Jesse Vermeer is weer terug op zijn oude nest…

Vijf jaar lang mocht hij spelen als controleur op het middenveld van RBC Roosendaal, het voetballende verlengstuk in een dynamisch middenveld was het compliment dat Jesse Vermeer wel eens ontving. Wedstrijden tegen Feyenoord en PSV, in een stadion met de capaciteit voor 4,500 mensen. ‘’Het was eigenlijk wel echt een mooie tijd he’’
Menig lezer zal zich nu verbazen, want Vermeer staat tegenwoordig wekelijks te zwoegen en te vechten op de meest modderige velden in de vierde klasse, voor één club,
zijn club, S.V. Sprundel.

Vermeer was zes jaar oud toen hij begon met voetballen, ‘’Ik woonde in Sprundel en ging al vaak voetballen op de velden van S.V. Sprundel’’. Echt lang gissen was het dus niet waar zijn voetbalcarrière zou starten:
S.V. Sprundel.
‘’Ik was op jonge leeftijd al redelijk vaak belangrijk voor mijn team, ik was rustig aan de bal en zocht altijd de voetballende oplossing.’’ Zijn goede spel bleef ook bij scouts niet onopgemerkt, wat zelfs leidde tot een proeftijd bij NAC Breda. Toen dit uiteindelijk toch niet door kon gaan, kwam er interesse vanuit RBC Roosendaal.  ‘’Hier heb ik vijf jaar lang gespeeld zonder enige spijt, maar ben nu toch weer terug bij S.V. Sprundel en geloof me dat bevalt prima!’’

Het is iets waar ik me als schrijver erg over verbaas, het naar mijn mening groot contrast tussen de jeugdteams van RBC Roosendaal en S.V. Sprundel. Als ik naar dit contrast vraag, antwoord Vermeer ijskoud: “Ik vind het wel meevallen hoor, oké ik moet zeggen het voetbal is heel anders en veel fysieker. Daar moet ik nu gewoon aan wennen, maar ook van leren! Vermeer vervolgd: qua kwaliteit van spelers is het verschil niet zo mega groot tussen de twee clubs. In de huidige selectie van S.V. Sprundel 1 hebben we ook echt erg goede voetballers!’’

Van de vijf jaar bij RBC Roosendaal heeft Vermeer nog een hoop bijzondere momenten in zijn geheugen gegrift staan. ‘’Ik vergeet bijvoorbeeld nooit meer dat ik tegen de momenteel opkomende ster van PSV: Mohammed Ihattaren moest voetballen. Als ik daar nu naar kijk, vind ik dat best speciaal’’ Vermeer gooit nooit de deuren dicht voor een terugkeer naar RBC, maar bekent dat hij in zijn laatste seizoen voor de Roosendaalse club, het plezier in snel tempo verloor.

De nog 18 jarige Vermeer is dit seizoen vooral actief bij de A-junioren onder trainer Jens Wirix (speler Baronie’1). ‘’Jens is echt een goede trainer en tevens een geweldige voetballer, als ik kijk naar zijn voetbalcarrière kan ik nog veel van hem leren.  Verder is S.V. Sprundel O19-1 een team vol vrienden, we hebben plezier samen en werken keihard voor elke meter. Het voetbal is soms wel wat minder en heel rommelig, misschien moeten we op vrijdag allemaal toch maar wat eerder naar bed.’’ Vertelt Vermeer lachend.

Vermeer concludeert over zijn overstap: ‘’Ik ben echt blij dat ik naar S.V. Sprundel ben gegaan. Mijn plezier in het voetbal is helemaal terug, en het biertje na de wedstrijd had ik wel gemist hoor!’’

S.V. Sprundel zondag 1 speelt momenteel in de 4e klasse. Waar ze naar 16 wedstrijden op een verdienstelijke vijfde plek staan. De meningen over de prestaties van S.V. Sprundel zijn wisselend, maar over het algemeen kritisch. Vermeer geeft toe: “Ik snap er ook niks van, we hebben een mega hechte groep met veel talent. Ik denk dat we zelfs voetballend de beste uit de competitie moeten/kunnen zijn.
S.V. Sprundel 1 wil komende jaren vol gaan voor promotie(s), ik kijk er echt naar uit om te mogen aansluiten bij deze jonge, sterke en hechte groep.”

Over zijn eigen toekomst wil Vermeer nog niet teveel zeggen. “Tuurlijk wil ik zo hoog mogelijk voetballen, maar vaste waarde worden bij S.V. Sprundel 1 is voor mij tot nu toe de enigste relevante prioriteit!’’

Tobias Kleijweg sterker terug bij Excelsior Maassluis

Tobias Kleijweg is na een lange periode van afwezigheid op de weg terug bij Excelsior Maassluis. De 20-jarige verdediger heeft de hoop op een BVO nog niet opgegeven.

Kleijweg raakte in januari 2018 zwaar geblesseerd aan zijn kruisband, die volledig afscheurde. Ook was er schade aan zijn meniscus waarneembaar, vertelt de centrale verdediger die aan zijn vierde seizoen bij Tweede Divisionist Excelsior Maassluis bezig is.

Ik raakte geblesseerd in een oefenwedstrijdje tegen Ter Leede”, blikt Kleijweg terug. “Normaal gesproken staat er minstens negen maanden om te herstellen van een kruisbandblessure en voor mij werd dat nog wat langer omdat ook de meniscus beschadigd was. We zijn nu ruim een jaar verder en ik kan pas sinds korte tijd weer een beetje lekker voetballen. Ik speel momenteel in het tweede, dat geeft mij mooi de gelegenheid te herstellen van mijn blessure.

De in Den Hoorn opgegroeide Kleijweg maakte als junior deel uit van de jeugdopleiding van ADO Den Haag. Tijdens zijn vijfjarige periode bij de club maakte hij al kennis met zijn eigen blessuregevoeligheid. “Het heeft er mede voor gezorgd dat ik niet ben doorgebroken bij ADO”, aldus de student bedrijfskunde. “Ik ben in Maassluis terechtgekomen en heb het bij mijn club heel goed naar mijn zin. Ik heb echter nog hoop dat ik in het betaalde voetbal terecht ga komen. Vorig seizoen, in de eerste seizoenshelft, waren Sparta Rotterdam en Excelsior Rotterdam ook in mij geïnteresseerd.”

De twee meter lange en honderd kilo wegende Kleijweg stelt met enige spijt vast dat zijn blessure een gang naar het profvoetbal krachtig verhinderde. Al teveel zicht op een avontuur in de eredivisie dan wel Keuken Kampioen Divisie heeft hij momenteel niet. “Ik moet eerst mijn plaats in het eerste team van Excelsior Maassluis weer veroveren”, zegt Kleijweg. “Pas als ik weer basisspeler ben hier, kan ik gaan denken aan een stap hogerop.”

Als revaliderende prof werkte Kleijweg stevig aan zijn fysieke gesteldheid. Hij heeft wel wat weg van een uitsmijter, met al die extra kilo’s van de sportschool. “Puur kracht”, zegt de centrumverdediger lachend. “Ik ben echt wel sterker geworden het afgelopen jaar. Voor mijn technische en tactische ontwikkeling was de blessure slecht, maar fysiek ben ik zeker beter geworden. Ook in mentaal opzicht ben ik gegroeid want herstellen van een zware blessure vraagt veel doorzettingsvermogen en concentratie.”

Het kan voor een centrale verdediger niet veel kwaad om een sterk lijf te hebben, besluit Kleijweg. Neem nu eens Virgil van Dijk, de man van Liverpool naar wie hij met bewondering kijkt. “Van Dijk is heel sterk en daarnaast erg technisch”, aldus Kleijweg die bij het tweede elftal samenspeelt met jongens die hij als jeugdtrainer bij Excelsior Maassluis onder zijn hoede had. “Hij behoort echt tot de beste verdedigers van de wereld. Vroeger was ik altijd fan van Toby Alderweireld, die voor Ajax speelde. Ook hij was heel sterk en had bovendien een prima pass. Je moet wel wendbaar blijven natuurlijk, maar een sterk lichaam is een groot voordeel. Ik heb het betaalde voetbal daarom echt nog niet uitgesloten.”

Siebren Hoekstra is bezig aan zijn jongensboek

Drieëntwintig jaar oud en in de bloei van zijn leven: Siebren Hoekstra maakt de meest memorabele dingen mee. Momenteel is hij voetballend bij Jong Holland (Curaçao) en de ambitieuze Hoekstra gaat mogelijk binnenkort zijn geluk beproeven in voetballend Canada. Hoe de jeugdspeler van FC Dordrecht terecht komt bij de regerend landskampioen van Curaçao? ‘’Ik was gewoon op vakantie en ik mocht meetrainen, het beviel me wel goed op het eiland!’’

Menig lezer kan het zich wel voorstellen, een jonge jongen met een droom als profvoetballer. Bij Siebren Hoekstra is het een tikkeltje anders gelopen. Naast zijn droom als voetballer, heeft hij al twee cum laude afgeronde universitaire studies op zak. “Daarnaast ben ik al twee jaar zelfstandig ondernemer, mijn maatschappelijke carrière heb ik altijd belangrijker gevonden dan het voetbal.’’

Hij heeft heel zijn jeugd bij FC Dordrecht gevoetbald, maar kwam al snel tot de conclusie: “Ik ben niet de nieuwe Messi, anders speelde ik niet bij FC Dordrecht. Daarom heb ik mijn opleidingen ook altijd de hoogste prioriteit gegeven.’’ Hoekstra kreeg in de voorbereiding van het seizoen 2015/2016 – waarin FC Dordrecht actief was in de Eredivisie – wel wat speeltijd, maar kon geen plek in de selectie afdwingen. ‘’De promotie van FC Dordrecht naar de Eredivisie kwam voor mij gewoon op een slecht moment. Er werden veel nieuwe spelers aangetrokken en ik kreeg jammer genoeg niet mijn kans in de eredivisie.’’

Hoekstra kwam tot de conclusie dat zijn voetbalcarrière op hoog niveau hem te veel tijd kostte, om te combineren met een loodzware studie. Maar om het voetbal niet te missen besloot Hoekstra zich aan te sluiten bij VV Rijsoord. ‘’Het amateurvoetbal moest ik erg aan wennen, ik ben er soms te fanatiek voor.’’

Siebren was al altijd erg gefascineerd over een voetbalavontuur in het buitenland. ‘’Ik had mijn studies afgerond en een aantal jaar al goed verdiend, ik dacht: Waarom ga ik me niet weer focussen op voetbal. Maar dan deze keer in het buitenland.’’ De bedoeling was om voor het volgende voetbalseizoen een club te vinden in Canada. ‘’Ik ging tussentijds eerst op vakantie naar Curaçao en kwam daar een oude bekende tegen. Hij vroeg mij om een keer mee te trainen bij de regerend kampioen van Curaçao, CRKSV Jong Holland. Toen bleek dat er een groot toernooi aanstaande was, de CONCACAF cup. Dit is een toernooi met alle kampioenen van de Caribische eilanden. Ik mocht van de trainer aansluiten bij de selectie. Gelukkig kon mijn inburgering snel geregeld worden, doordat het eiland klein is. Nu mag ik hoogstwaarschijnlijk meedoen om de cup, heel gaaf!’’

Wel heeft hij nog steeds contact met clubs uit Canada, en verwacht hier misschien later toch nog een overstap naartoe te mogen maken. “Eigenlijk is mijn uiteindelijke doel om speelminuten in de MLS (Amerikaanse competitie) te maken. Maar dit zal de tijd zich uit moeten wijzen. Ik blijf gewoon hard werken, dan komt uiteindelijk alles goed.’’

Siebren Hoekstra is bezig aan zijn jongensboek

0

Drieëntwintig jaar oud en in de bloei van zijn leven: Siebren Hoekstra maakt de meest memorabele dingen mee. Momenteel is hij voetballend bij Jong Holland (Curaçao) en de ambitieuze Hoekstra gaat mogelijk binnenkort zijn geluk beproeven in voetballend Canada. Hoe de jeugdspeler van FC Dordrecht terecht komt bij de regerend landskampioen van Curaçao? ‘’Ik was gewoon op vakantie en ik mocht meetrainen, het beviel me wel goed op het eiland!’’

Menig lezer kan het zich wel voorstellen, een jonge jongen met een droom als profvoetballer. Bij Siebren Hoekstra is het een tikkeltje anders gelopen. Naast zijn droom als voetballer, heeft hij al twee cum laude afgeronde universitaire studies op zak. “Daarnaast ben ik al twee jaar zelfstandig ondernemer, mijn maatschappelijke carrière heb ik altijd belangrijker gevonden dan het voetbal.’’

Hij heeft heel zijn jeugd bij FC Dordrecht gevoetbald, maar kwam al snel tot de conclusie: “Ik ben niet de nieuwe Messi, anders speelde ik niet bij FC Dordrecht. Daarom heb ik mijn opleidingen ook altijd de hoogste prioriteit gegeven.’’ Hoekstra kreeg in de voorbereiding van het seizoen 2015/2016 – waarin FC Dordrecht actief was in de Eredivisie – wel wat speeltijd, maar kon geen plek in de selectie afdwingen. ‘’De promotie van FC Dordrecht naar de Eredivisie kwam voor mij gewoon op een slecht moment. Er werden veel nieuwe spelers aangetrokken en ik kreeg jammer genoeg niet mijn kans in de eredivisie.’’

Hoekstra kwam tot de conclusie dat zijn voetbalcarrière op hoog niveau hem te veel tijd kostte, om te combineren met een loodzware studie. Maar om het voetbal niet te missen besloot Hoekstra zich aan te sluiten bij VV Rijsoord. ‘’Het amateurvoetbal moest ik erg aan wennen, ik ben er soms te fanatiek voor.’’

Siebren was al altijd erg gefascineerd over een voetbalavontuur in het buitenland. ‘’Ik had mijn studies afgerond en een aantal jaar al goed verdiend, ik dacht: Waarom ga ik me niet weer focussen op voetbal. Maar dan deze keer in het buitenland.’’ De bedoeling was om voor het volgende voetbalseizoen een club te vinden in Canada. ‘’Ik ging tussentijds eerst op vakantie naar Curaçao en kwam daar een oude bekende tegen. Hij vroeg mij om een keer mee te trainen bij de regerend kampioen van Curaçao, CRKSV Jong Holland. Toen bleek dat er een groot toernooi aanstaande was, de CONCACAF cup. Dit is een toernooi met alle kampioenen van de Caribische eilanden. Ik mocht van de trainer aansluiten bij de selectie. Gelukkig kon mijn inburgering snel geregeld worden, doordat het eiland klein is. Nu mag ik hoogstwaarschijnlijk meedoen om de cup, heel gaaf!’’

Wel heeft hij nog steeds contact met clubs uit Canada, en verwacht hier misschien later toch nog een overstap naartoe te mogen maken. “Eigenlijk is mijn uiteindelijke doel om speelminuten in de MLS (Amerikaanse competitie) te maken. Maar dit zal de tijd zich uit moeten wijzen. Ik blijf gewoon hard werken, dan komt uiteindelijk alles goed.’’

Hellevoetsluis bouwt rustig verder

Nadat Hellevoetsluis vorig seizoen 21 van de 26 weken lang de koploper was in de 2klasse D gaat het dit jaar iets minder met een 5plek op de ranglijst. Desondanks voldoet de ploeg van Edwin de Koning aan de vooraf gestelde verwachtingen, is er rust en bouwt Hellevoetsluis rustig verder aan zijn status als stabiele 2klasser.

Langzaam worden jeugdspelers ingepast en wordt duidelijk dat er een stabiele basis is waarvan uit verder ontwikkeld kan worden.  Zo blijft de staf voor het seizoen 2019-2020 ongewijzigd en zullen Johan Wouters (2groep) en Edwin de Koning geassisteerd worden door Johan Engel, Maurice Schaap en Michael Snel als assistent-trainers en assistent-scheidsrechter.

Ook is duidelijk dat het grootste gedeelte van de spelersgroep vertrouwen in de vereniging en de staf heeft en graag ook volgend seizoen uitkomt voor de 100-jarige vereniging. Zo zullen Danijel Ribaric, Vincent Mast, Öner Sang-A-Jong, Onur Furuncu, Tijs van de Heuvel, Patrick Struijk, Ken Luyendijk, Jeffrey de Koning, Frenk van Gelderen, Brian Poelman, Serkan Yavuzyigitoglu, Sander van Reijn en Gaultier Obiango volgend seizoen ook in de kleuren van vv Hellevoetsluis te bewonderen zijn. Luuk Engels, die in december al zijn officiële debuut maakte, zal o.a. als één van de 12 A-junioren die senior worden doorstromen naar de selectie.

Gesprekken met Remon Haze, Victor Hartog, Davy Mierop, Tommie van Schaik en Ti-Jey Bins worden momenteel gevoerd en zullen binnenkort worden afgerond.

Sander van Pelt, Tom Sleeuwenhoek, Jarno Huijsman en Joey Salij zullen volgend jaar niet meer spelen voor Hellevoetsluis. Joey Salij is recent geopereerd en voetballen op niveau is voor hem helaas niet meer mogelijk door de blessure. Sander van Pelt (2 goals) ervaart de reisafstand tussen huis (Nesselande) en Hellevoetsluis als tijdrovend en stopt voorlopig helemaal met voetballen. Tom Sleeuwenhoek (4 goals) gaat na 1 jaar terug naar Nieuwenhoorn en zal daar de concurrentie aangaan met de huidige spelersgroep en o.a. de nieuwkomers Ayrton Verlaan en Jeffrey van Veen voor de spitspositie. Jarno Huijsman (eveneens 4 goals) gaat, eveneens na 1 seizoen, terug naar het in de 4klasse zaterdag startende OHVV.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.