Home Blog Pagina 1263

Van den Bemt met hart en ziel voor Internos

Elke zin die Wim van den Bemt (72) uitspreekt, klinkt vol liefde. Liefde voor Internos, voor het blauw-geel en voor het voetbal. In magere en vette jaren, Van den Bemt staat ook op zijn 72ste altijd klaar voor de club van Etten.

Het is uitgestorven op het complex van Internos, alleen Wim van den Bemt drentelt wat door het gebouw. Hij is haast iedere dag bij de club. “Toen mijn vrouw overleed, had ik thuis depressief kunnen worden, maar ik heb mijn volledige ziel en zaligheid in de club gestopt.”

De club lijkt de weg naar boven te hebben gevonden, sinds de winterstop. Het was even wennen, voetballen in de kelderklasse op zaterdag. “Ik hoop dat we hier met een bloedgang uit weg komen, dit voetbal is soms niet om aan te zien”, is Van den Bemt duidelijk. “Maar we moeten dat wel stap voor stap doen, niet te snel willen gaan.

Goede resultaten zijn belangrijk voor de gemoedstoestand van de Internosser in hart en nieren. “Ik zit nu een stuk beter in mijn vel dan wanneer we veel verliezen. Ik herinner me de nederlaag bij DVO’60 nog goed, vlak voor de winterstop. Daar baalde ik verschrikkelijk van.”

Huwelijk
De club is zijn leven, hij begon als 12-jarige met voetballen bij Internos en ging nooit meer weg. “Ik heb hier zo veel meegemaakt, daar kan ik een boek over schrijven. Je krijgt vanzelf een soort binding, vergelijkbaar met het huwelijk. Je gaat er alleen niet mee naar bed. Of ja, toch wel: met de zorgen.”

En de afgelopen jaren kende Internos veel zorgen. Het ging niet goed, de club viel uiteen en van een duidelijke structuur was geen sprake. Inmiddels is alles anders, oordeelt Van den Bemt. “Een groepje is erachter gaan staan en heeft alles weer op de rit gekregen: alle teams hebben leiders en trainers, kunnen twee keer per week trainen, we hebben pupillentrainingen op woensdagmiddag en genoeg vrijwilligers. Het is weer gestructureerd bij Internos, iedereen weet waar hij of zij moet zijn.”

Van den Bemt heeft zelf nooit gedacht aan opstappen, ook niet toen het minder ging. “Je moet je club nooit verlaten, iedere vereniging heeft vette én magere jaren.” Hij was voorzitter in de tijd dat Internos zijn vetste jaren beleefde, toen de club verhuisde van de Lage Banken naar de Olympiade én de Hoofdklasse haalde. “Het is altijd fijn als je eerste hoog speelt, daar plukt je hele vereniging de vruchten van.”

Stopperspil
Hij speelde zelf één wedstrijd in het eerste, verder kwam hij niet vanwege een drukke baan. Hij stond achterin, was laatste man, wat in die tijd nog stopperspil genoemd werd. Van den Bemt kwam bij Internos toen hij 12 jaar oud was. “We speelden achter café De Brouwer aan de Bisschopsmolenstraat. We hadden twee kleedruimtes met ieder één douche, de rest kon zich afspoelen met een panneke water. Die douches waren al best een luxe, veel mensen hadden dat thuis in die tijd niet eens.” Vanaf hun zestiende gingen de voetballers na iedere wedstrijd het café in.

Het zijn dit soort herinneringen waardoor Van den Bemt zich zo verbonden voelt aan de club. In iedere zin klinkt de trots voor Internos door, zijn liefde voor het blauw met geel. Tegenwoordig heeft hij geen officiële titel meer, maar als manusje-van-alles wordt hij door iedereen binnen de club gewaardeerd.

Hij assisteert bij de trainingen waar nodig, helpt de onderhoudsploeg zo nu en dan een handje en is op zaterdag de hele dag bij de club. Het zijn dit soort mensen die een vereniging draaiende houden.

En zo is Internos ook onmisbaar voor Van den Bemt. Hij is ervan overtuigd dat het vlaggenschip de juiste richting op vaart en benadrukt hoe belangrijk dat is voor de rest van de vereniging. Want als het vlaggenschip de juiste koers vindt en de wind in de zeilen krijgt, vaart de rest van de vloot in het kielzog gretig mee.

‘Deze jongens hebben voetballiefde en -lef’

Dat hoort erbij”, antwoordt Guido Eskimasi als hem wordt gevraagd of hij het niet jammer vindt dat hij de talentvolle JO12-1 van vorig jaar, intussen de JO13-1, niet meer traint. De jeugdtrainer van Westlandia kende met zijn pupillen een superseizoen. De triple, met een kampioenschap, KNVB-beker en de Haaglanden Cup, als stille getuige.

Eind januari was hij met zijn ‘oude’ jeugdteam genomineerd voor de Sportploeg van het Jaar-titel in Westland. “Een geweldig compliment zeker als je ziet wie nog meer genomineerd was.

We moesten opboksen tegen de handbalsters van Quintus en de voetballers van Honselersdijk 1. Zo’n sportverkiezing is altijd appels met peren vergelijken, maar dat we erbij mochten zijn is al heel mooi en tegelijkertijd een erkenning voor onze prestaties.”

Met de JO12-1 werd Eskimasi – die een ‘nieuwe’ JO12-1 klaarstoomt – vorig seizoen kampioen van de Hoofdklasse, het hoogste niveau in die leeftijdsklasse. “Het was heel spannend. We eindigden in punten gelijk met Jodan Boys uit Gouda, doelsaldo was beslissend.”

De oefenmeester, die de samenwerking met zijn collega-trainer Revy Verbeek roemt, betitelt het team dat hij vorig seizoen onder zijn hoede had als ‘zeer’ talentvol. “Stuk voor stuk jongens met een enorm voetbalhart. Jongens die, dat moet ook, nog dromen van een carrière als profvoetballer. Ze hebben lef in het veld en hebben, en dat maakt dit team zó uniek, oog voor elkaar. Het team zit boordevol talent en allemaal staan ze open om te leren.”

De meeste jongens zijn doorgestroomd naar de JO13-1. Het zegt genoeg dat dat team intussen bovenaan staat in de derde divisie. Eén jongen is naar ADO Den Haag, een andere traint momenteel mee bij Ajax.”

Voor altijd zwart en wit voor Thiemo Fidder

0

Bij leven en welzijn speelt Thiemo Fidder één dezer weken zijn 250ste wedstrijd voor KMD. “Ik zou liegen als ik zeg dat het me niks zou doen. Deze club ligt me nauw aan het hart.”

Op weg naar zijn jubileumwedstrijd speelde Fidder half januari met KMD in Maasland tegen MVV’27. De 27-jarige voorman van orchideekwekerij SION uit De Lier speelt een wedstrijd zoals hij er zo vaak speelt. Hij sleurt, maakt veel vuile meters, helpt in de verdediging en steunt de aanval. Mede door de inbreng van Fidder wint KMD met 3-1.

“We draaien lekker”, zegt Fidder. “De aanpassingen die onze trainer Martin de Mooij heeft gedaan in ons spel, hebben ons goed gedaan. Het is wat minder aanvallend, maar we kunnen nu beter gebruik maken van onze kwaliteiten om de ruimte voorin te benutten.” Hij speelt niet alleen met rugnummer acht, maar is ook een ‘acht’. Achter aanvoerder Jesse de Waard geeft hij vorm aan het Wateringse spel. “Op die plek speel ik al weer een jaar of drie, vier. Daarvoor speelde ik op tien, maar toen Jesse terugkwam was het logisch dat hij op die positie ging spelen.”

Hij maakte negen seizoenen geleden zijn debuut in KMD 1. “Dat was in een bekerwedstrijd, ik kan het me nog goed herinneren. Ik was negentien jaar. Roy Wasmus was trainer. We speelden tegen Laakkwartier, dat in de eerste klasse speelden. We verloren met 9-1. Ik maakte de 1-8.”

Hij had een half jaar nodig om te wennen aan het seniorenvoetbal. Daarna kreeg hij onder Wasmus een basisplaats. “Ik heb in die eerste jaren het hele elftal rondgezworven. Vaak stond ik aan de buitenkant. Ik had toen meer snelheid dan nu, maar daar staat tegenover dat ik volwassener ben geworden. Ik sta niet voor niets al weer een paar jaar in de as.”

Hij vindt het niet erg om het vuile werk voor anderen op te knappen. “Nee hoor, helemaal niet. Ik ken mijn kwaliteiten. Ik ben een harde werker die het van inzet en passie moet hebben.”

Dat hij reserve-aanvoerder is van KMD voelt Fidder als een eer. “Ik ben best trots op die rol, maar ik vind het best dat Jesse de aanvoerdersband draagt. Ik ben niet het type dat voor de wedstrijd handjes schudt en zo. Dat hoeft voor mij niet.”

Dat hij binnenkort behoort tot een illuster rijstje KMD’ers met 250 wedstrijden of meer voelt goed. “Dit is mijn eerste en laatste club”, zegt hij met zekerheid. “Ik kan nog wel even mee, voorlopig ben ik niet van plan te stoppen, maar een doel om de vierhonderd te halen heb ik niet.”

Hekelingen moet genoegen nemen met gelijkspel

Hekelingen is er zaterdag op sportpark ‘t Spui niet in geslaagd om de winst te pakken tegen Goudswaardse Boys. Het werd 1-1 (0-1).

De enige treffer van de middag kwam voor Hekelingen van Jim van Riet. ‘Het was een hele spannende pot. Een hele goede pot ook van twee kanten. Ik vond ons de eerste helft niet gedreven. De tweede helft waren wij een stuk beter. Wij krijgen geen strafschop, maar we komen ook op het einde goed weg met een hele grote kans voor hen. De verhoudingen waren met 1-1 dus juist‘, meent trainer Guy Duijm.

Hekelingen staat op dit moment zevende en haalt volgende week in. Ook dan is Goudswaardse Boys, dat op de derde plaats staat de tegenstander. Ook in de periode doet de ploeg van Guy Duijm het goed en staat het tweede.

Eric Doelgani masseert pijntjes weg bij Quintus

Trots laat hij zijn eigen ruimte zien bij Quintus. “Dat is wel een luxe, hoor”, zegt Eric Doelgani (63). “Een afgescheiden behandelruimte voor de verzorging. Bij veel clubs zit zo’n ruimte aan de kleedkamer vast. Ik kan hier lekker rustig werken.”

Echt rustig is het niet, want spelers lopen in en uit. Het is anderhalf uur voor de wedstrijd tegen Warnica Star, dat even later in de pan wordt gehakt door de Heulenaren (13-0). “De één wil worden gemasseerd, de ander worden ingetaped”, zegt Doelgani. “Sommige jongens doen het liever zelf, het intappen. Ook goed.” Hij hoeft vandaag weinig pijntjes weg te masseren. “Het is de start van de tweede competitie helft . Iedereen is weer fit.

We hebben sowieso een kleine blessurelijst dit seizoen. Bas de Zwart heeft er een tijdje uitgelegen met een knieblessure. Met hem heb ik heel het revalidatieproject doorlopen, want ik doe bij Quintus ook de hersteltraining.”

“Voetballers zijn overal hetzelfde. Na blessures moet je ze afremmen. Dat geldt ook voor Bas. Die wilde meteen vol aan de bak. Maar dat is niet verstandig. Je moet weer weerstand opbouwen, wedstrijdweerstand. Ze horen dan niet graag dat een half uur het maximum is.”

“Dit is een fijne groep jongens,” vervolgt Doelgani. “Nette jongens. Ik voel me gewaardeerd. Het is geen betaald voetbal, maar dat is ook niet alles hoor”, weet hij uit ervaring. Jarenlang behoorde hij tot de vaste medische staf van ADO Den Haag. Eerst van de jeugd, later van het tweede en eerste. “Het was in de periode van Ferrie Bodde, Rick Hoogendorp. ADO speelde toen met veel eigen jeugd. Ik heb de promotie naar de Eredivisie nog meegemaakt. Ik was iedere dag op de club. Ik had ook nog een andere baan. Met mijn baas had ik geregeld dat ik atv-dagen kon gebruiken om ’s middags bij ADO te zijn.” Hij kwam per toeval bij ADO terecht.

“Ik was helemaal niet van plan sportverzorger geworden. Ik speelde bij DSO in Zoetermeer op een bescheiden niveau. Via Loek Weimar ben ik bij het tweede begonnen. Die hadden geen verzorger. Ik ben begonnen met intappen en later masseren. Op een gegeven moment ben ik de cursus sportverzorging gaan doen en ben ik me steeds meer in het vak gaan verdiepen.” “Frans de Kat heeft me gevraagd voor ADO. Daar heb ik tot 2014 gezeten, toen ben ik ook met vervroegd pensioen gegaan. Ik heb nog wel eens de kans gehad om naar FC Groningen te gaan. Ik had daar wat contacten.

Die stap heb ik niet gemaakt, omdat ik weet dat het betaald voetbal ook heel hard kan zijn. Ze zetten je zo bij het oude vuil buiten. Het gaat om commercie en geld. Individuele belangen zijn daaraan ondergeschikt.”

In plaats van naar het hoge noorden ging Doelgani naar Kwintsheul. “Peter Eikelboom is een goede vriend van mij en hij was trainer van Quintus geworden. Hij had me al een paar keer gevraagd. Hij zei dat Quintus een leuke en fijne club was. Hij had niet gelogen. Alle jongens die in het eerste spelen zijn hier ook ooit begonnen. Het niveau is dan wel niet zo hoog, de inzet is altijd honderd procent.”

Abbenbroek pakt de punten in duel met zwak DVV’09

Zaterdag heeft Abbenbroek op Abenello ervoor gezorgd dat de drie punten in eigen huis bleven. De formatie van trainer Jaco Verhoev won met 2-0 (1-0) van DVV’09, dat wordt getraind door John Kleijn uit Hekelingen.

Voor de thee wist Abbenbroek snel uit de startblokken te komen. Het was Roy Verwijs die goed de hoek kon uitzoeken en daarmee Abbenbroek op voorsprong wist te brengen. Na rust wist de ploeg uit Dirksland ook niet veel neer te leggen en dus kon Abbenbroek op jacht naar een tweede treffer. Topscoorder Jordi de Looze wist uiteindelijk de 2-0 op het scorebord te brengen.

Goede pot
We hebben een goede pot gespeeld‘, zegt Marco van der Lely. ‘We misten Niels Vedder nog steeds. Dan kun je wat moeilijker opbouwen. Dat merk je wel. Voor de rest vond ik ons eigenlijk wel aardig spelen. We waren de betere ploeg’, laat de assistent trainer van Abbenbroek weten nadat de punten binnen waren. ‘We waren volledig afwezig en hebben niet gebracht wat we moesten brengen. De overwinning van Abbenbroek is terecht‘, gaf trainer John Kleijn van DVV’09 na afloop toe.

 

Abbenbroek pakt de punten in duel met zwak DVV’09

Zaterdag heeft Abbenbroek op Abenello ervoor gezorgd dat de drie punten in eigen huis bleven. De formatie van trainer Jaco Verhoev won met 2-0 (1-0) van DVV’09, dat wordt getraind door John Kleijn uit Hekelingen.

Voor de thee wist Abbenbroek snel uit de startblokken te komen. Het was Roy Verwijs die goed de hoek kon uitzoeken en daarmee Abbenbroek op voorsprong wist te brengen. Na rust wist de ploeg uit Dirksland ook niet veel neer te leggen en dus kon Abbenbroek op jacht naar een tweede treffer. Topscoorder Jordi de Looze wist uiteindelijk de 2-0 op het scorebord te brengen.

Goede pot
We hebben een goede pot gespeeld‘, zegt Marco van der Lely. ‘We misten Niels Vedder nog steeds. Dan kun je wat moeilijker opbouwen. Dat merk je wel. Voor de rest vond ik ons eigenlijk wel aardig spelen. We waren de betere ploeg’, laat de assistent trainer van Abbenbroek weten nadat de punten binnen waren. ‘We waren volledig afwezig en hebben niet gebracht wat we moesten brengen. De overwinning van Abbenbroek is terecht‘, gaf trainer John Kleijn van DVV’09 na afloop toe.

 

SVV staat voor een nieuw tijdperk

Met de verhuizing naar het nieuwe complex op sportpark Harga voor de deur luidt SVV een nieuw tijdperk in. “Het verenigingsleven van nu is niet meer te vergelijken met dat van de jaren tachtig van de vorige eeuw”, zegt voorzitter Edwin Suttorp.

Suttorp (53) kreeg in november van de ledenvergadering de opdracht om de Schiedamse traditieclub door een moeilijke fase te loodsen. “Er speelde van alles bij de club en organisatorisch en bestuurlijk waren er problemen. Ik heb zelf in het verleden gespeeld bij Schiedamse Boys, Martinit en Schiedam maar ken wel wat mensen van SVV. Toevallig noemden twee van hen mijn naam toen er behoefte was aan hulp van buiten.

Suttorp ging aanvankelijk aan de slag als adviseur. “Later kwam de functie van voorzitter in beeld. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik SVV als een grote uitdaging zie”, zegt Suttorp, die werkzaam is als directeur van de Regio Zuid-West van Breman Woningbeheer. “In mijn dagelijkse werk geef ik leiding aan een organisatie van professionals, bij SVV moeten we het rooien met alleen maar vrijwilligers. Dat spreekt mij enorm aan.”

Bij SVV stond veel te gebeuren. Met de verhuizing in zicht was de voormalig profclub in tijdnood gekomen. “We hebben eerst het bestuur op poten gezet en van daaruit de commissies ingericht. Dat is een enorm levendig proces. Je merkt dat het fundament staat. In het begin keken veel mensen de kat uit de boom, maar inmiddels neemt het aantal leden dat actief wil meewerken om deze mooie club er bovenop te helpen weer toe.

Volgens Suttorp snakt zijn club naar het nieuwe complex. “Eerst is ons stadion gesloopt. De impact daarvan was enorm. Je moet het zo zien: we hebben een jaar in een bouwput geleefd. De uitstraling was nul, onze ledenaantal is afgenomen en de kantineopbrengsten ook. We hebben een pittige tijd achter de rug, maar gelukkig kunnen we nu weer met een positief gevoel vooruit kijken.”

De inkt van de ondertekening van het contract met de stichting die het nieuwe park, met naast SVV HBSS en Hermes DVS als bewoners, beheert, is nog maar net droog. Suttorp is enthousiast. “Voor ons is deze stap er eentje in de toekomst. We delen onze verenigingsruimte met HBBS. Hermes DVS heeft een eigen gebouw. In totaal hebben we acht velden. Iedere club heeft zijn eigen hoofdveld, de andere velden worden ingericht naar speelbehoeften.

We hebben een eigen clubruimte voor de drank, een professionele catering verzorgt het eetgedeelte. Ik ben heel enthousiast over het model. In mijn ogen vormt dit de toekomst. Het verenigingsleven is compleet veranderd. Twintig, dertig jaar geleden werd een club volledig gerund door vrijwilligers. Die staken daar uren tijd in. Dat is niet meer. Mensen willen wel gebruikmaken van een activiteit, maar hebben niet meer de tijd voor al dat werk.”

Als SVV straks haar intrek heeft genomen op het nieuwe complex wacht meteen het 115-jarig jubileum. “115 jaar is op zich geen bijzonder jubileum”, zegt Suttorp. “Wel is het zeventig jaar geleden dat SVV landskampioen werd. Daar staan we graag bij stil.” Dat wil de club vieren met een ‘replay’ tegen de tegenstander van destijds in de Kuip, Heerenveen. “Dat gaat gebeuren in de voorbereiding op het nieuwe seizoen, op 25 augustus. De amateurs van Heerenveen spelen in de eerste klasse. Dat wordt een mooie clash. Twee spelers uit ons kampioensteam leven nog. Voor hen zal er die dag zeker een rol zijn.

Bij Excelsior Maassluis krijgt iedere O8 en O9-speler de luxe-behandeling

Excelsior Maassluis voert komend seizoen als een van de eerste clubs in Nederland het Gelijke Kansen Project van de KNVB in. Het doel van dit project is om meer kinderen betere ontwikkelkansen te geven en vroegtijdige uitsluiting tegen te gaan. Het project wordt bij de Maassluise Tweede Divisionist in het seizoen 2019-2020 ingevoerd voor alle O8 en O9 jeugd.

De laatste tijd worden steeds vaker vraagtekens gezet bij het selectiebeleid van veel sportclubs in Nederland”, zegt Jorrit de Koeijer, die Excelsior Maassluis hoofdtrainer van de JO8, JO9 en JO10. “De ‘beste’ kinderen worden in de hoogste teams geplaatst en krijgen van de clubs de beste behandeling. Deze kinderen krijgen betere trainers, trainingen en faciliteiten dan hun leeftijdsgenoten. Ook bij Excelsior Maassluis is dat lang zo geweest. De aandacht in de media voor dit onderwerp heeft ons aan het denken gezet.”

Excelsior Maassluis is overtuigd van het nut om jeugdvoetballers over een langere periode meer gelijke kansen te geven om zich optimaal te ontwikkelen. “Door vroeg te selecteren gaat er, denken wij, talent verloren. En ook bij ons zijn er voorbeelden van spelers die toen ze jong waren inde F7 speelden, maar vervolgens wel het eerste team en zelfs een bvo haalden”, legt De Koeijer uit.

De jeugdafdeling van Excelsior Maassluis staat bekend als een van de beste amateuropleidingen van Nederland. Niet voor niets werd Excelsior Maassluis in 2017 uitgeroepen tot de Beste Jeugdopleiding van Nederland. Toch draaide het hier veelal om de situatie van de prestatieve ‘selectieteams’.

Excelsior Maassluis wil een club voor iedereen zijn”, vertelt voorzitter Gert-Jan Bunt. De invoering van het Gelijke Kansen Project past daarom precies bij de visie van de club. “De afgelopen twee seizoen is er door de jeugdcommissie veel tijd en energie geïnvesteerd in de breedte van de jeugdopleiding.

Er zijn allerlei leuke activiteiten georganiseerd die voor iedereen toegankelijk zijn. Hierdoor is er meer aandacht voor alle kinderen en is het verenigingsgevoel sterk vergroot. In het huidige seizoen hebben we ook binnen de lijnen stappen gemaakt door te investeren in een gecertificeerde trainer voor alle jeugdelftallen. Volgend seizoen gaan we bij de jongste jeugd nog een stapje verder door alle kinderen in één groep dezelfde behandeling te geven. De traditionele ‘selectie’ is hiermee verleden tijd. Alle kinderen zitten nu eigenlijk in de ‘selectie’.”

Ook Hoofd Jeugdopleiding en eerste elftal speler Daan Smith ziet de positieve kanten van het Gelijke Kansen Project van de KNVB. “Het is eigenlijk best lastig om op zo’n jonge leeftijd spelers te selecteren. Een speler die in januari geboren is lijkt al snel beter dan een speler uit december van datzelfde geboortejaar. Stel je voor dat het kind uit december uiteindelijk toch meer potentie blijkt te hebben. Dan is het eigenlijk oneerlijk dat dit kind een andere behandeling krijgt dan het kind uit januari. Door iedereen wél de ‘luxere’ behandeling te geven, worden voor meer kinderen de opleidingskansen vergroot. Misschien halen hierdoor wel meer eigen jeugdspelers ons eerste elftal. Dat zou geweldig zijn.”

Bristol (Roosendaal) wint KNVB Beker zaalvoetbal

De dames hebben een historische zegen behaald in het dames zaalvoetbal. Als Roosendaalse vereniging zijn de meiden de eerste die de KNVB district zuid 1 beker weten te winnen.

Bristol moest het opnemen tegen de nummer drie van de ranglijst zuid 1. Het werd als snel duidelijk dat Brabantia een geduchte tegenstander was. Zeker in het begin was het aftasten van beiden kanten, maar Bristol was aanvallend wel sterker. Het duurde 7 minuten voordat Gritthe Vaissaire de 1-0 snoeihard te touwen in joeg. Het vertrouwen was bij coach Lauwen groot want de jonkies werden al vrij snel ingebracht. Fleur de kinderen dacht dat haar inzet werd gekeerd maar de keepster anticipeerde de bal verkeerd en met veel blijdschap kwam de teller op 2-0.

In de laatste 25 minuten zat het venijn. Brabantia kwam tot de aansluitingstreffer, maat kort daarna zag Lesley Heuser zag haar lange bal verkeerd beoordeeld door de keepster 3-1. Opnieuw Vaissaire zorgde zelfs voor de 4-1. Tocht werd het 8 minuten voor tijd super spannend. Brabantia kwam nog terug tot 4-3, en Ashley de Bie moest zelfs een bal van de lijn halen. De ontlading was super na het laatste fluitsignaal.

Opportunisme en emotie
“Dit is heel mooi voor de ploeg, maar nog veel mooier voor de vereniging, zie uitblinker Griffth Vaisaire na afloop. “Onze supporters waren geweldig aanwezig. Het is ongelooflijk dat we dit voor elkaar hebben gekregen. Winnen van Brabantia in bijna hun eigen woonplaats dat is het mooiste dat er is.” Griffth vond de triomf niet onverdiend. “In de eerste helft hadden we problemen in de opbouw. Na de rust speelden we met meer opportunisme en emotie en dat heeft geholpen. Heel even kwamen we in de problemen. Maar uiteindelijke pakken we die belangrijker beker. Dit voelt echt heel lekker.”

Met het winnen van deze beker gaan de dames volgens seizoen meestrijden met de landelijke KNVB beker.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.