Home Blog Pagina 1243

CvdW: SV Velo – Frits Rijsemus

Frits Rijsemus is 32 jaar lang betrokken geweest bij de club VELO uit Wateringen. Sinds dit jaar is hij gestopt om zich te focussen op andere dingen. Toch wilde VoetbalJournaal en VELO hem nog even in het zonnetje zetten voor zijn jarenlange inzet voor de club. In dit interview lees je meer over zijn liefde en toewijding aan de club.

32 jaar is hoelang Frits bij Velo werkzaam is geweest. Wat hij allemaal voor de club heeft gedaan, is dan ook erg veel. “Ik ben leider geweest van de lagere C-jeugd en van de A1, ook heb ik een aantal jaar de A2 getraind. Daarnaast heb ik een aantal jaar in de technische commissie gezeten van de jeugd en ben ik 9 jaar lang leider geweest van de zondag VELO 2.”

Hoe Frits bij de club terecht is gekomen is eigenlijk zoals veel mensen die werkzaam zijn bij een voetbalclub. “Mijn zoon zat op de voetbal bij VELO en van het een komt natuurlijk het ander. Op een gegeven moment vragen ze je of je dit wil doen en of je dat wil doen, en zo ben ik daar eigenlijk ingerold.” Het antwoord op de vraag waarom hij zolang bij de club is gebleven en nooit naar een andere club is gegaan was eigenlijk heel simpel. “Ten eerste omdat mijn kinderen hier natuurlijk voetballen en ten tweede omdat ik VELO een hele leuke club vind. Het sprak me aan omdat er veel vrijwilligers zijn en er voetballen veel mensen uit het dorp. De hele omgang was prettig en ik voelde me daar op mijn plek.”

Hechte club
Je ziet dat de clubs een aan het veranderen zijn deze tijd. Voetbalclubs worden steeds groter en er komen steeds meer leden bij. “Wat deze club dan zo mooi maakt is dat VELO met zoveel mogelijk eigen jongens blijft voetballen. Het is hier eigenlijk een grote familie. Iedereen kent elkaar,” aldus Frits. “Ik heb jongens getraind in de jeugd waarvan de kinderen nu ook hier spelen. Dat is mooi om te zien.” Volgens Frits wordt het wat minder omdat er veel woningen bij zijn gebouwd, wat betekent dat er steeds meer mensen van buitenaf bij de vereniging komen. “De kern is en blijft altijd Wateringen en VELO.”

Wat ik belangrijk vind is dat spelers respect moeten hebben voor niet alleen hun medespelers en de leiding, maar ook naar de scheidsrechters toe.” Bij VELO wordt er dan ook flink op toegezien dat dit gebeurd.

Toen Frits zelf nog in de technische commissie zat deden ze het op een andere manier dan ze het bij de KNVB doen. “Als iemand geen respect toonde, hadden wij een gesprek met die persoon. Los van wat de KNVB deed, stelde wij als club voor om sancties uit te oefenen. Bijvoorbeeld dat iemand een paar weken niet mee mocht voetballen en maar eens moest nadenken over het gedrag, want dat kan gewoon niet. Als ze dan toch doorgaan wordt het misschien tijd om naar een andere club te kijken.” Vertelt Frits.

Einde bij VELO
Als je wat ouder wordt, worden sommige dingen op een gegeven moment teveel. Dit was ook het geval bij Frits. “Ik was 4 avonden per week weg en in de weekenden was ik ook op de voetbal te vinden. 1 dag in de week was ik dan in de avond thuis. Ik ben nu bijna 70 en zit ook nog in andere besturen, dan ga je nadenken. Het was een goed moment om te stoppen en een jaartje helemaal niks doen. Daarna zie ik vanzelf wel wat er op mijn pad komt. Voetbal is mijn leven.” Vertelt hij vol trots.

Wat ik nog even wil zeggen is dat ik als vrijwilliger bij VELO een hele leuke tijd heb gehad. Wat wel eens onderschat wordt is dat de beheerders bij VELO bijna niet weg te denken zijn. Er zijn een aantal mensen en die doen zoveel en goed werk. Ze vangen alle scheidsrechters op, ze regelen alles in de weekenden en ik vind het heel erg belangrijk.

Er zijn heel veel ouders die de lagere elftallen trainen, die mensen krijgen zo weinig aandacht en ik vind dat het best een keer benoemd mag worden. Deze mensen zijn ook heel belangrijk voor de vereniging, dat zij ook in het zonnetje gezet mogen worden.”

‘Cluzona moet een nog aantrekkelijkere club worden’

Gijs van der Bom leidde vorig seizoen een halfjaar de trainingen van Cluzona 1. Die korte samenwerking smaakte naar meer, want ondanks zijn drukke baan bij Willem II bleef Van der Bom verbonden aan de club. Een dag in de week begeleidt hij als technisch coördinator trainers van de club uit Wouw.

Voormalig Cluzona-coach John Taks brak vorig seizoen in januari zijn enkel, waardoor het vlaggenschip van de tweedeklasser een probleem had. Gijs van der Bom kreeg daarom een telefoontje met de vraag of hij de trainingen wilde overnemen.

De voormalig jeugdtrainer van RBC Roosendaal en NAC Breda had daar wel oren naar: jongens als Ruben Maas, Daniël Dekker en Ruard Roks kende hij via zijn vorige clubs. “John zei me dat het maar voor even zou zijn, maar ik wist wel beter”, zo lacht de fysiotherapeut van Willem II. “De rest van het seizoen gaf ik de trainingen en op zondag was John de baas. Mijn werk bij Willem II stond namelijk op één.”

Coördinator
Cluzona eindigde vorig seizoen op een knappe vijfde plaats en plaatste zich bovendien voor het hoofdtoernooi van de KNVBbeker. De club en Van der Bom besloten na het seizoen om hun samenwerking te verlengen. Als technisch coördinator is Van der Bom één avond in de week op sportpark De Doelen, om te werken aan het technisch beleid van de dorpsclub. “Ik analyseer trainingen, voer gesprekken met trainers en bemoei me met de indeling van teams”, zo legt de bevlogen voetballiefhebber uit.

Cluzona leeft enorm, er lopen hier supervrijwilligers rond en de faciliteiten zijn in orde. Maar Cluzona moet een nog aantrekkelijkere club worden. Dat kan met een beter technisch beleid.”

Technisch plan
Van der Bom wil iets opbouwen bij de dorpsclub in Wouw. Hij geeft sturing aan trainers en wil de club een stukje visie bijbrengen. “Ik wil vrijwilligers graag helpen om betere trainers te worden”, zegt hij. “Trainers moeten cursussen volgen, de effectiviteit van de oefensessies kan omhoog en op tactisch gebied kunnen jeugdteams ook veel stappen maken.”

Van der Bom merkt dat zijn adviezen worden opgepikt door clubmensen en heeft nu al veel zin in het volgende seizoen. “Ik heb al een technisch plan op papier gezet voor Cluzona, we zijn in gesprek met huidige en nieuwe trainers en bezig met de teamindeling. Ook heb ik al bedacht dat de selectieteams zes weken voor aanvang van de competitie gaan starten met trainen: daar hebben ze in de loop van het seizoen profijt van.”

Van der Bom werkt zes dagen in de week bij Willem II. Hij staat midden in de selectie van de Tricolores, zit tijdens alle wedstrijden op de bank en reist ook mee naar trainingskampen. Zijn passie voor het trainerschap is niet te combineren met zijn baan.

Ik vind trainen super, maar ik ben zes dagen in de week in de weer voor Willem II. Ik vind het leuk dat ik één dag in de week Cluzona kan helpen, meer zit er niet in. Maar ik volg de prestaties van het eerste en van de jeugdteams uiteraard op de voet.”

Faye van Bergen: motivator van het meidenvoetbal bij Cluzona

Wie iets wil weten over meiden- en damesvoetbal bij Cluzona, moet zich melden bij Faye van Bergen. De 22-jarige is trainer/coach van twee meidenteams van de vereniging en is druk bezig met de terugkeer van een damesteam bij de club uit Wouw, waar ze zelf ook in gaat spelen.

Het regelen van zaken lijkt in de genen te zitten van Faye van Bergen. Toen ze nog op de basisschool zat, organiseerde de spontane Wouwse al dat er een meisjesteam werd opgericht waar ze in kon spelen bij Cluzona. Bij die club loopt ze sowieso al een hele poos rond, net als meerdere familieleden van haar. Ruben Maas, de veelscorende spits van Cluzona 1, is een neef van Van Bergen, haar vader Jean-Pierre is assistent-trainer van dat team, zusje Lynn speelt bij de club en dan heeft Faye ook nog eens verkering met Nick Lodiers, de keeper van Cluzona 1. “We hebben een hele leuke club, iedereen kent elkaar en de sfeer is hier altijd goed”, zo vertelt Van Bergen deze zaterdagmorgen in de oude bestuurskamer van de club. “Cluzona speelt een belangrijke rol in mijn leven.”

Meidenvoetbal
Van Bergen startte bij Cluzona in een jongensteam, regelde toen dat er een meidenteam kwam en dit elftal groeide door de jaren heen uit tot een seniorenteam. Drie jaar geleden viel dat team uit elkaar, waarna Van Bergen bij DVO’60 ging spelen. Maar na de zomer keert het vrouwenvoetbal terug bij Cluzona, tot grote vreugde van Van Bergen. “Het was leuk bij DVO’60, maar Cluzona is echt mijn club, ik ben blij dat ik hier weer zelf kan gaan spelen”, zo zegt de aanvallend ingestelde middenvelder.

Nieuwe seizoen
Daarnaast is Van Bergen al sinds 2012 coach bij Cluzona, momenteel van de MO19-1 en de MO15-1. “De speelsters van de MO19 train ik al jaren, het is een gezellig vriendinnenteam. Volgend jaar schuift iedereen door naar de senioren, waardoor het vrouwenteam genoeg speelsters heeft. Ik heb enorm veel zin in het nieuwe seizoen. We kunnen goed voetballen en de derde helft is altijd één groot feest”, zo grinnikt ze. “Momenteel ben ikzelf geblesseerd en voetbal dit seizoen niet, maar na de zomer ben ik dus speelster van het team.” Ook het coachen van de MO15 vindt Van Bergen fantastisch. “Die meiden zijn wat jonger en leergieriger en dat is heel leuk. Ik krijg waardering van de speelsters, dat geeft me veel energie”, zo glundert ze. “Het is soms moeilijk om op zaterdag mijn beide teams te coachen, maar gelukkig doe ik het niet in m’n eentje.”

Motivator
Steeds meer jonge meiden melden zich aan bij Cluzona, tot grote tevredenheid van Van Bergen. Wouw is een klein dorp en de jonge speelsters kwamen niet zomaar aanwaaien op sportpark Den Doelen. Van Bergen organiseerde afgelopen jaren verschillende clinics voor meiden, regelde zogeheten vriendinnentrainingen en ging met de speelsters van de MO19 scholen in de omgeving van Roosendaal af om meiden te motiveren om bij Cluzona te komen spelen. “Deze acties hebben gelukkig geholpen en de club werkt ook goed mee”, zegt de trotse Van Bergen. “Hopelijk kunnen we ervoor zorgen dat de meidenafdeling flink gaat groeien.”

Brielle bewaart rust in thriller bij Heinenoord: 3-4

Brielle slaagde erin om de rust te bewaren in een thriller bij Heinenoord waarin zeven treffers vielen: 3-4. Michael van Dommelen was eindelijk eens ouderwets op toeren en scoorde drie keer.

Twee van de treffers van de naar Spijkenisse terugkerende spits kwamen vanaf de stip, want de strafschoppen tierden welig in het doelpuntrijke duel. Ook Heinenoord mocht er eentje nemen, waaruit de 1-2 viel.

Invallers
‘Heinenoord kreeg die penalty op slag van rust,’ aldus Brielle-trainer Stanley Rieborn. ‘Die pingel hielp Heinenoord terug in de wedstrijd. Ze kwamen na rust met twee invallers terug en het duurde even voordat wij daarna weer greep op het spel kregen. Toen het 3-3 werd, kon het echt alle kanten op, maar wij kregen in de slotfase een tweede strafschop, die door Mike van Dommelen opnieuw werd verzilverd.’

Minuten
Rieborn liet Julian de Geus, Bob Legierse en Richard Zeebregts die de bank van Brielle, waar Jeffrey Duijnstee nog geblesseerd was en Victor de Blok een schorsing uitzat, bij aanvang bezetten alle drie minuten maken. ‘Het waren goede invalbeurten, die daadwerkelijk bijdroegen aan onze overwinning,’ aldus Rieborn.

Brielle bewaart rust in thriller bij Heinenoord: 3-4

Brielle slaagde erin om de rust te bewaren in een thriller bij Heinenoord waarin zeven treffers vielen: 3-4. Michael van Dommelen was eindelijk eens ouderwets op toeren en scoorde drie keer.

Twee van de treffers van de naar Spijkenisse terugkerende spits kwamen vanaf de stip, want de strafschoppen tierden welig in het doelpuntrijke duel. Ook Heinenoord mocht er eentje nemen, waaruit de 1-2 viel.

Invallers
‘Heinenoord kreeg die penalty op slag van rust,’ aldus Brielle-trainer Stanley Rieborn. ‘Die pingel hielp Heinenoord terug in de wedstrijd. Ze kwamen na rust met twee invallers terug en het duurde even voordat wij daarna weer greep op het spel kregen. Toen het 3-3 werd, kon het echt alle kanten op, maar wij kregen in de slotfase een tweede strafschop, die door Mike van Dommelen opnieuw werd verzilverd.’

Minuten
Rieborn liet Julian de Geus, Bob Legierse en Richard Zeebregts die de bank van Brielle, waar Jeffrey Duijnstee nog geblesseerd was en Victor de Blok een schorsing uitzat, bij aanvang bezetten alle drie minuten maken. ‘Het waren goede invalbeurten, die daadwerkelijk bijdroegen aan onze overwinning,’ aldus Rieborn.

Trainerswissel bij sv CWO

CWO-trainers Rafael Andrade en Dennis van der Waal maken plaats voor duo Jeff Stans en Dimitri Metgod.

De laatste competitiewedstrijden verliepen voor de Vlaardingse 2de klasser niet goed. Zodat CWO nog steeds niet veilig is voor eventuele nacompetitie. Na het forse verlies tegen Nieuwenhoorn (7-0) jl. zaterdag is het besluit genomen om voortijdig afscheid te nemen van de trainers.

Met nog drie cruciale competitiewedstrijden voor de boeg. Zijn Jeff Stans en Dimitri Metgod als trainers aangesteld om het seizoen bij CWO af te maken.

Het bestuur van CWO vindt het vervelend dat zij dit besluit hebben moeten nemen. Echter zag ook de noodzaak om meer rust en motivatie bij de spelersgroep te krijgen.

Richard van Cappellen en Spirit hebben goed huwelijk

Spirit en trainer Richard van Cappellen bezegelden onlangs met een nieuw contract dat zij nog lang niet op elkaar zijn uitgekeken. De 38-jarige Ouderkerker is nu tot en met de zomer van 2021 verbonden aan de ‘kanaries’.

Richard komt uit onze eigen gelederen voort en wat hij doet stemt ons zeer tevreden”, zegt voorzitter Henk Lammertse. “Met een contract voor twee seizoenen kijken we naar de langere termijn.”

Van Cappellen nam in april 2016 op stel en sprong de functie van de ontslagen hoofdtrainer Warry van Wattum over. Hij, gymdocent van het Wartburg College in Rotterdam-Zevenkamp, was toen trainer van Jong Spirit, de JO19-1. Hij kon niet verhinderen dat de kanaries uit de tweede klasse vlogen, maar in zijn eerste volledige seizoen promoveerde hij met Spirit 1 weer ‘terug’. “Uit deze contractverlenging spreekt vertrouwen van de club en zo ken ik Spirit ook. Alles is hier perfect geregeld. Soms is het té gezellig.” Die laatste opmerking behoeft uitleg. “Bij Spirit is het fijn en leuk, zijn de douches zijn altijd heet en de koffie warm. Maar voor mijn gevoel mag het af en toe best wat prestatiegerichter.

Dat heeft volgens hem met de clubcultuur te maken, niet zozeer met de huidige generatie Spirit-spelers. “Mijn leeftijdsgenoten, oud-spelers, hebben er een handje van om tijden van vroeger te vergelijken met die van nu. De huidige generatie is net zo liefhebber, alleen heeft die te maken met veel meer afleidingen. Ik betwijfel of wij vroeger zo bewust bezig waren met ons lichaam en conditie dan de meeste jongens nu. Het is tegenwoordig heel normaal om naast de training in de sportschool te trainen.”

Die jongens krijgen bij ons geen cent betaald, maar houden wel veertig zaterdagen in hun agenda vrij. Dat mag ook gewaardeerd worden en wordt trouwens ook gewaardeerd bij de club. De faciliteiten zijn om u tegen te zeggen. Nog niet zo lang geleden is er een nieuwe verzorgingsruimte gekomen met televisie erin.”

We willen écht voetbal spelen”, zegt Van Cappellen als de speelwijze van zijn ploeg ter sprake komt. “Verzorgd spel, de voetballende oplossing zoeken. Maar dat is ook meteen de valkuil in ons spel. Een verdediger die de bal de sloot inschiet, die hebben we niet. Soms mag die kleun naar voren best. Het oogt daarom soms wat naïef. Aan de andere kant past dat ook bij de lage gemiddelde leeftijd van het elftal. Het gemiddelde is 21 jaar.”

De rek die Van Cappellen ziet in de huidige groep was ook de reden om twee jaar bij te tekenen aan de Sportlaan, ook al weet hij dat hij deze zomer met Eric Jansen en Lars van de Wijngaard twee steunpilaren (naar Capelle) verliest. “Ik gun die jongens de stap”, reageert de trainer. “Zij volgen hun ambitie en dat is alleen maar te prijzen. Natuurlijk hebben we geprobeerd om ze te behouden, maar ik snap wel waarom ze voor Capelle kiezen.”

Van Cappellen wil zijn spelers vormen in het veld, maar ook een ‘beetje opvoeding’ meegeven daarbuiten. Als Spirit in augustus voor een vijfdaags trainingskamp afreist naar Polen staat er ook een bezoek op het programma aan concentratiekamp Auschwitz. “Geen alledaags bezoek”, bevestigt hij. “Het is goed dat die jongens met eigen ogen kunnen zien wat daar in de oorlog is gebeurd.”

Spirit ziet strijd voor gelijkheid terug in plan

De harmonisatie van de gemeentelijke bijdrage aan de tien voetbalclubs in de Krimpenerwaard houdt de gemoederen al een tijdje bezig. Met het voorstel dat er nu ligt, kan Spirit goed leven. “Het trekt de scheve verhoudingen die er zijn recht”, aldus voorzitter Henk Lammertse.

Vorig jaar nog ging de gemeenteraad akkoord met een voorstel voor de bouw van nieuwe en noodzakelijke kleedkamers van Dilettant. De gemeente trok 268.000 euro uit. Even daarvoor had Spirit zelf vijf extra kleedkamers laten bouwen. De kosten ervan, bijna drie ton, kwamen voor eigen rekening.

Het valt niet mee om de ene sportvereniging uit te leggen waarom in het andere geval gemeentelijk geld wordt vrijgemaakt, terwijl de andere club zelf de investering moet bekostigen”, stelde Marco Oudshoorn (VVD) in de commissie ‘Samenleving’ van de gemeente Krimpenerwaard.

Sinds de fusie van de vijf gemeenten (per 1 januari 2015) worstelt Krimpenerwaard met het gelijktrekken van de situaties omtrent de voetbalparken. “Het is ook niet makkelijk”, reageert Lammertse.

Iedere gemeente had individuele afspraken met een club. De eigendomssituatie is overal verschillend.” Zo is Spirit eigenaar van de opstallen. Andere clubs hebben alleen de kantine in bezit en huren de kleedkamers van de gemeente. Daarnaast speelt nog de huur van velden. Bij sommige clubs is dat een symbolisch bedrag (1 euro), terwijl Spirit jaarlijks twintigduizend euro overmaakt aan de gemeente. “Buiten dat bedrag om moeten we nog ieder jaar verplicht vijftienduizend euro reserveren voor het vervangen van de kunststoflaag als het kunstgrasveld aan vervanging toe is. Alles bij elkaar betalen we nu dus jaarlijks vijfendertigduizend euro.”

Lammertse heeft zich, sinds dit dossier speelt, sterk gemaakt voor een situatie die overal gelijk is. “Ik gun iedere club het beste, maar op dit moment betalen wij het maximale. Andere clubs hebben nieuwbouw cadeau gekregen. Buiten de recente nieuwbouw hebben we een paar jaar geleden ons hoofdgebouw en kleedkamers verbouwd. Dat was ook al tweeënhalve ton. Sinds ik voorzitter ben geworden, zes, zeven jaar geleden, hebben we voor zeven ton vertimmerd en verspijkerd.”

Een oplossing is dat de gemeente de opstallen van Spirit koopt en de club deze huurt, zoals andere clubs dat op ‘hun’ complex doen. “Wij hoeven niet per se eigenaar te zijn van die opstallen. Doorverkopen zullen we het niet als we winst kunnen maken.”

“Ik heb de gemeente voorgesteld het te kopen, maar dat gaan ze niet doen.” Wel ligt er sinds kort een ‘omgekeerd’ harmonisatieplan, waarbij alle clubs worden verplicht de opstallen te kopen. “Ik neem aan tegen de reële marktwaarde.” Ook voor de veldenhuur ligt een ontwerp-besluit klaar, dat eveneens op de goedkeuring van de Spirit-voorzitter kan rekenen. “Er komen vaste tarieven die voor alle clubs hetzelfde worden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen kunstgras- en natuurgrasvelden. In die tarieven zit meteen het onderhoud en de vervanging.”

Voor Spirit betekent dat, heeft Lammertse al berekend, een verhoging van ongeveer vijfduizend euro. “Maar van die vijftienduizend euro die we moeten reserveren zijn we af.”

Er wordt door de andere clubs met enige jaloezie naar Spirit gekeken. “Er wordt mij tijdens overleggen wel een verweten dat wij als Spirit makkelijk praten hebben. Jullie groeien, wordt er dan gezegd. Maar die groei, 25 procent in vier jaar, komt wel ergens vandaan. We hebben snoeihard gewerkt aan de inkomstenkant, waarbij de sponsorbijdrage substantieel is verhoogd. Mede daardoor hebben we investeringen kunnen doen om ons complex op niveau te houden. Dat heeft bijgedragen aan de uitstraling die we hebben. Het ziet allemaal netjes uit.” Daarom denkt Lammertse alweer aan een nieuw project: het middenplein. “Dat dat wordt aangepakt is hard nodig. Het vormt de centrale plek, waar alle velden op uitkomen. We willen het ophogen, maar ook opnieuw indelen en opleuken. De plannen lagen er al een tijdje, maar stonden in afwachting van het eindresultaat van de harmonisatie in de ijskast.”

Brian Zalmijn werkt aan de basis bij Capelle-jeugd

Een goede balaanname, zuivere passing en het opengedraaid staan. Het zijn volgens Brian Zalmijn drie belangrijke elementen waar tijdens de vroege opleiding van de Capelle-jeugd aandacht aan besteed moet worden.

De 39-jarige Rotterdammer, oudspeler van de Sparta jeugd, Barendrecht, Nieuwenhoorn en Excelsior Maassluis heeft vanaf begin van dit jaar de verantwoordelijkheid gekregen over de jeugdopleiding van de club. Als Hoofd Jeugd Opleidingen moet Zalmijn Capelle een impuls geven. “Er is veel talent”, zegt Zalmijn. “Maar ik heb sinds ik hier loop doordat ik mijn zoontje train en coach ook gezien dat niet alles even gestroomlijnd gaat. Het ontbreekt aan een goede structuur, een houvast voor trainers en daar zijn we hard mee aan het werk om die neer te zetten.”

De afgelopen jaren vonden jeugdspelers een plekje in de selectie in Capelle. Ook dat moet volgens Zalmijn een structureel karakter hebben. “Dus geen toevalstreffers of uitzondering, maar dat het structureel wordt dat eigen jeugd doorstroomd naar de hoogste teams.”

Om dat te bereiken heeft Capelle nog een lange weg te gaan, beseft Zalmijn. “We willen het van onderaf ontwikkelen. De plannen liggen er. Eind vorig jaar is er een soort startdocument gemaakt en dat zijn we nu aan het fine-tunen.”

Dit eerste halve jaar staat voor Zalmijn in het teken van inventarisatie en observatie. Daarnaast houdt hij veel gesprekken met trainers, coördinatoren en leiders. “Waar we ook een stap in kunnen zetten is positieve communicatie.”

Zalmijn kan daar zijn ervaring goed voor gebruiken, want hij is al jaren werkzaam als coach in de muziekwereld. Die baan, die hem vaak tot reizen dwong, zorgde er ook voor dat Zalmijn na zijn actieve voetbalcarrière vijf jaar geen voetbalveld meer zag. “Toen mijn zoontje Jordan is gaan voetballen ben ik ook weer betrokken geraakt.” Vorig seizoen was hij trainer van het elftalletje van zijn zoon én assistent-trainer van Excelsior Maassluis 2. “Dat was logistiek gezien niet meer te doen.”

Doordat hij is gestopt bij een zanginstituut in Valencia, waar hij wekelijks naartoe vloog, kwam er tijd vrij in zijn agenda. “Ik train nu nog de JO9-2 maar na dit seizoen stop ik daarmee. Ik wil mijn handen helemaal vrij hebben om al mijn aan dacht te besteden aan coaching van de trainers. De opvatting en ideeën van de club moet ik delen en overbrengen.”

De kwaliteitsimpuls moet er jeugdbreed komen, benadrukt Zalmijn. “Volop aandacht voor de F1, maar ook de F5, om maar eens een voorbeeld te geven. De KNVB vindt dat er meer aandacht moet komen voor een brede opleiding in de onderbouw. Daar ben ik het helemaal mee eens. Wij willen daarom dat alle teams dezelfde oefenstof- en faciliteiten krijgen aangeboden. Op die manier krijgt ieder kind de kans zijn of haar talent volop te ontwikkelen. Bovendien zal het plezier toenemen. En daar gaat het in mijn ogen om: plezier hebben en maken.”

Kleedkamers helpen Zwervers uit de stress

Met de aanstaande oplevering van vier nieuwe kleedkamers neemt CVV Zwervers afscheid van een ‘stuk gedoe’. “Het geeft ons weer wat ruimte om tot een fatsoenlijke kleedkamerindeling te komen”, zegt voorzitter Ger Jacobs. “De stress van de zaterdag en doordeweekse trainingsavonden kunnen we missen als kiespijn.”

Toen Zwervers introk in het nieuwe complex ging het van twaalf naar tien kleedkamers. “Dat had te maken met bezuinigingen bij de gemeente.” Jacobs moest echter al snel aankloppen bij de gemeente Capelle. “We hebben in de kleedkamers een lockersysteem, waardoor je meerdere teams kan onderbrengen, maar eigenlijk gaat dat alleen op voor teams tot de JO11. Voor alles daarboven is dat niet te doen. Dan wordt het chaos.”

De praktijk van een doordeweekse trainingsavond en de zaterdag waren kleedkamers die overbezet waren. “We waren de hele tijd bezig om de ene ploeg eruit te jagen om plaats te maken voor de ander. Dat is gewoon niet fijn.”

Het gebrek aan kleedkamerruimte dwong Zwervers er ook toe een rem te zetten op de ledengroei. “Nu we de ruimte straks wel hebben is er ook weer plaats voor spelertjes die op de wachtlijst staan.”

Omdat ook Capelle en SVS kampen met ruimtegebrek besloten de drie Capelse clubs de politiek in Capelle gezamenlijk te benaderen. “Daarin hebben we ook de vervanging van de kunstgrasvelden meegenomen.” Volgens Jacobs heeft die aanpak zeker geholpen bij de realisatie van de extra kleedkamers. De club is ook blij dat de kleedkamers nog voor de U13-Cup gereed zijn. “We huurden de afgelopen jaren steeds mobiele kleedkamers. Dat was altijd een hele operatie en kostte ons 3500 euro.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.