Home Blog Pagina 1237

Michael Dankers is prima op zijn plek bij RKVV Grenswachters

PUTTE – Hoe onvoorspelbaar voetbal kan zijn, daar kan RKVV Grenswachters meer dan een hartig woordje over meepraten. Twee jaar geleden nog derdeklasser, vorig seizoen door allerlei perikelen uiteindelijk géén kampioenschap en dit jaar knokkend voor lijfsbehoud. Toch is Michael Denkers er prima op zijn plek.

“Ik voetbal hier inmiddels voor het vijfde seizoen en heb het prima naar de zin. Het is een hechte club, bijna een soort familie. Eens je erbij komt, dan sluiten de supporters je in de armen. Iedereen kent elkaar. Ook spelers van buiten het dorp kunnen beamen dat bij Grenswachters sfeer en gezelligheid voorop staat.”

Sfeer en gezelligheid zijn vaak echter nóg groter als er ook positieve resultaten te noteren vallen. En juist dat laatste is waar het soms bij de grensclub dit jaar aan heeft ontbroken. Het heeft geresulteerd in een tegenvallend seizoen bivakkerend in de onderste regionen van de 4e Klasse B, mijlenver verwijderd van een topklassering. “Meedoen om de prijzen was de doelstelling, zeker na vorig seizoen. We hadden graag bovenin meegespeeld. We hadden meer moeten winnen, veel wedstrijden die twee kanten op konden trokken we dit seizoen niet over de streep in tegenstelling tot vorig jaar. Dat heeft ons veel punten gekost.”

Het maakt dat Grenswachters het zichzelf onnodig moeilijk heeft gemaakt in de strijd om het vierdeklasserschap. Zeker als je tegen directe concurrenten zoals Gesta niet de volle buik weet te pakken. Over zijn eigen rol dit huidige seizoen is Dankers op sportief vlak eveneens verre van tevreden. “Nee dat klopt. Ik niet zoveel gespeeld als ik zou willen. Dus ik ben zeker niet tevreden, als mijn prestaties beter hadden geweest had dit misschien wel het geval geweest. Vooral in de opbouw zou het nog beter moeten om aanvallend ook wat meer te kunnen brengen. Want hoewel het nu niet zo lijkt, vind ik dat we zéker in de vierde klasse thuishoren. Voor de vijfde klasse zijn we als selectie in mijn ogen gewoon te goed.”

Waar vorig jaar in een competitie tussen een zevental Zeeuws-Vlaamse tegenstanders ternauwernood het kampioenschap werd verspeeld ziet de 26-jarige verdediger, dat Grenswachters het in tegen de Brabantse opponenten een stuk lastiger heeft. “De reeks waar we nu in zitten is een stuk onvoorspelbaarder. Iedereen kan van iedereen winnen en alles staat dichter op elkaar. We hebben dit seizoen veel pech gehad, in de afronding maar ook verdedigend. Vaak viel het net verkeerd, waar vorig seizoen net wel alles goed viel. Ik denk dat het niveau niet veel verschilt maar dat we het spelen tegen Zeeuwse ploegen ons beter ligt.”

Als proces operator bij Evonik werkt Dankers in ploegendienst. Het maakt dat hij niet de ambitie kent om nog op een hoger niveau zijn kunsten te willen vertonen, of het moet hij Grenswachters zijn. “Eerlijk gezegd denk ik dat ik dat ook niet aankan. Voordat ik hier kwam spelen was ik actief bij Putte S.K., maar Ik zit goed hier. Zolang ik plezier blijf houden, wat ik sowieso het allerbelangrijkste vind als het om een hobby gaat, dan blijf ik hier zeker voetballen.”

Onverstoorbaar blijven is Groot-Ammers gelukt

Dat er potentie zat in de selectie, had trainer Ferry van Dijk goed gezien. Maar om met Groot-Ammers mee te doen om de prijzen, was in de tweede helft van de competitie wel een inhaalrace nodig. In de winterstop immers keek men op sportpark Gelkenes nog aan tegen een achterstand van tien punten op toenmalig koploper Brakel.

GROOT-AMMERS – Uiteindelijk verspeelde Groot-Ammers de titelkansen in de voorlaatste speelronde, maar een beloning in de vorm van nacompetitieduels volgde wel. Het seizoen was nog maar vroeg onderweg toen Ferry van Dijk al mijmerde over een promotie. Derby’s spelen tegen de in de derde klasse alom aanwezige streekgenoten. Leuk voor de spelers, goed voor de club. Maar dat stapje omhoog maken vanuit de vierde klasse is geen sinecure. Dat wist Groot-Ammers al, maar ontdekte de club dit seizoen opnieuw. In de winterstop was het gat met de bovenste plek simpelweg groot. Pas na de onderbreking volgde loon naar werken. ,,Ons doel was om onverstoorbaar te blijven. Dat doen we nu al wekenlang. Je moet er alles voor over hebben om iets te bereiken. Het hele seizoen ben je bezig met het leggen van een basis, waarop je voort kunt bouwen. Dat we uiteindelijk terugkwamen en ons serieus konden mengen in de titelstrijd, is de verdienste van de selectie, de staf en alle mensen eromheen’’, vertelt Van Dijk.

,,Die ontwikkeling was mooi om te zien. Het hele seizoen was er een hoge trainingsopkomst en dat helpt ook mee. Als verdedigers beter gaan verdedigen, worden aanvallers op de training vanzelf beter omdat ze toch willen scoren. En als aanvallers beter worden, gaan die verdedigers ook weer vooruit. Zo wordt je als ploeg beter.’’ Een promotie zou volgens Van Dijk een goede volgende stap in de ontwikkeling zijn. ,,Los van alle clubs uit de regio die je dan tegenkomt, zal ons niveau dan ook weer verder omhoog gaan. Dat moet ook. Er zit naar mijn idee best een gat tussen de derde en vierde klasse. We hebben dit seizoen regelmatig geoefend tegen derdeklassers en deden dan goed mee, maar dat blijven toch oefenwedstrijden.’’

Nog voor de winterstop ondertekende Van Dijk bij Groot-Ammers al een verlengde verbintenis. De oud-trainer van Streefkerk en Hardinxveld was en is vol lof over de faciliteiten in het Ooievaarsdorp. ,,Alle faciliteiten zijn aanwezig’’, verzekert hij. En de spelersgroep waar hij al de nodige potentie in zag, wordt vanuit de jeugd gevoed met meer talentvolle spelers. ,,Dit seizoen heeft Abel van Es al defi nitief de overstap gemaakt naar het eerste elftal. Halverwege het seizoen is hij aangesloten. Abel is een goed voorbeeld van een speler die coachbaar is. Met die spelers is het prettig werken.’’

Van Dijk hoopt met een promotie naar de derde klasse de selectie bij Groot-Ammers bijeen te houden. ,,Blijf je i de vierde klasse, dan gaan spelers misschien in de omgeving kijken naar clubs die in de derde of tweede klasse actief zijn. Omdat ze graag eens dat stapje hogerop willen maken. Promoveren we zelf, dan hoeven ze daarvoor niet weg. Het is natuurlijk anders wanneer ze de kans krijgen bij een hoofdklasser of hoger, maar liefst houd ik iedereen hier en bouwen we lekker door met elkaar. Wij hoeven echt niet het lelijke eendje te zijn in de derde klasse.’’

We hebben op beslissende momenten niet de resultaten gepakt dit seizoen’

OSSENDRECHT – Een goede start van dit seizoen kon door ODIO echter worden volgehouden om mee te strijden voor de topposities in de 4e Klasse A van het zondagvoetbal. Te vaak bleek de ploeg van middenvelder Thomas Jansen niet thuis te geven als het moest.

“Aan het begin van het seizoen wilden we graag in de top-drie eindigen, na een goede start hoopten we zelfs op meer. Maar na die goede start hebben we veel wedstrijden verloren van teams die hoger geklasseerd stonden. Na de winterstop wilden we de draad weer oppakken, toen gooiden blessures en schorsingen roet in het eten waardoor we nu voor de top vijf gaan.

De 22-jarige Jansen, doorgaans rechtshalf, zag een duidelijke rode draad ten aanzien van het lopende seizoen van de Ossendrechters. “De wedstrijden waarin het er echt om ging waren we niet scherp genoeg. De wedstrijd met de vele rode kaarten tegen Meto heeft er flink ingehakt, gelukkig is dit een week of drie later door de KNVB rechtgezet en zijn de lange schorsingen geseponeerd. Het net niet over de streep kunnen trekken van lastige wedstrijden en het weggeven van wedstrijden nadat we op voorsprong gekomen waren, zijn de rode draad door dit seizoen heen geworden.”

VERSCHIL
Sinds zijn zesde speelt hij op Sportpark De Heiloop en het ziet er dit seizoen naar uit, dat Jansen met Odio de beste Brabantse ploeg gaat worden achter vier Zeeuws-Vlaamse opponenten. “De Zeeuws-Vlaamse teams zijn vaak taaie tegenstander waar je niet zomaar overheen walst. Er worden er veel plaatselijke derby’s gespeeld en daardoor zijn de uitslagen zeer onvoorspelbaar. De bovenste teams uit de competitie liggen qua voetbalvermogen redelijk dichtbij elkaar waardoor een winnaarsmentaliteit, beleving en de wil om te winnen belangrijke aspecten zijn. Dat is het grootste verschil naar mijn mening met de 4e Klasse B waarin we voorheen uitkwamen.”

Met een positie in de top-vijf en een geweldig gerenoveerd sportcomplex kijkt Jansen met goed gevoel terug en vooruit. Ondanks dat er qua jeugd voorlopig weinig doorstroming valt te verwachten. “De nieuwe kunstgrasvelden zijn fantastisch, het nieuwe veld voelt goed aan en lijkt veel op echt gras, alleen dan zonder de hobbels en polletjes. Het aantal jeugdspelers is helaas wel aan het slinken bij ODIO. Zo hebben we na volgend jaar geen JO19, dus valt er qua jeugd weinig vers bloed te verwachten. De huidige selectie is nog relatief jong, dus kan zeker nog vier tot vijf jaar redelijk in stand worden gehouden, met af en toe hopelijk een talent dat doorkomt.”

VASTE WAARDE
“Mede door een aantal blessures van een aantal vaste basisspelers, heb ik steeds vaker de kans gekregen om te mogen starten. Na een wat stroef begin omdat ik het vertrouwen miste, gaat het de laatste weken wel lekker, ook omdat ik nu kans krijg op mijn favoriete positie. Dus ik zie het zeker wel positief in hier. Het bevalt uitstekend in elk geval. Ik wil in elk geval de komende jaren een vaste waarde worden en mijn bijdrage leveren om zo goed mogelijk voor de dag te komen.”

Gerrit van der Meer vindt het welletjes en hangt verzorgingstas aan de wilgen

HOOGERHEIDE – Hij heeft al heel wat spieren gemasseerd, enkels ingetaped en kilometers met de waterzak heen en weer gerend. Maar nu houdt Gerrit van der Meer het voor gezien. Hij hangt zijn verzorgingstas aan de wilgen.

“Aan het eind van het seizoen slinger in mijn fles massageolie de boom in, het is mooi geweest zo. Ik heb het hier bij RKVV Meto zeventien jaar gedaan en ook daarvoor nog twaalf seizoenen bij Cluzona. Het is prima zo, ik ga ‘vakantie’ vieren”, zegt de 73-jarige Van der Meer die in 1988 vanuit het oosten van Nederland neerstreek in Hoogerheide.

Het kantelpunt voor de Meto-verzorger kwam toen hij in januari van dit jaar een knieoperatie moest ondergaan en een nieuwe knie kreeg. Tijdens zijn herstelperiode kreeg hij te maken met hartklachten, waarna een zware open hartoperatie volgde. “Toen dacht ik toch wel eventjes van ‘poeh’, ik ben dat ik er nog ben. Nu wordt het tijd om toch ‘een bietje van de kleinkinders en samen met moeders nog wat te genieten’. Vandaar dat ik de knoop heb doorgehakt er het voor gezien houd. Hoe jammer ik dat ook vind hoor, want het onderdeel zijn van een team en dollen met die mannen dat vind ik geweldig.”

De fysieke ongemakken zorgden ervoor, dat Van der Meer de laatste weken weinig voor zijn cluppie heeft kunnen betekenen. Af en toe kwam hij er even kijken, en tegen het eind van de competitie stond hij weer in aan de massagetafel. “Ik ben heel blij dat ik er überhaupt nog ben. Mijn vrouw heeft me overigens niet gezegd te moeten stoppen, die beslissing heb ik wel zelf genomen. Ik ben nu ook eigenlijk wel op een leeftijd dat het welletjes geweest is. Al is er nog altijd geen opvolger gevonden, maar dat zullen ze wel weten te regelen denk ik.”

Toen Van der Meer jaren geleden in Duitsland woonde ging hij er een cursus sportmassage volgen, waarna hij bij diverse verenigingen actief als verzorger aan de slag ging. Bij METO had men qua verzorging dit seizoen overigens de handen meer dan vol. De ziekenboeg telde enkele langdurig geblesseerden zoals de spelverdeler en de trefzekere spits. “Dat merk je ook in de resultaten. De groep is jeugdig en dan merk je snel wanneer bepalende jongens wegvallen. Dat zie je in de resultaten dan ook terug he. Maar ze doen het hier als club vrij aardig hoor. Het is een mooie groep gasten bij elkaar, dat ga ik zeker missen. Dat potje bier na afloop en de gezelligheid.”

Hoe Van der Meer zijn dagen en vrije tijd gaat invullen, daar heeft hij wel een idee van. “Ik golfde ook een paar keer per week, maar door de gezondheidsklachten is dat nog even niet aan de orde. Maar wellicht straks wel. En dan natuurlijk wandelen, fietsen en af en toe een vakantie boeken. En toch ook wedstrijdjes blijven kijken, want supporter van METO dat zal ik zeker blijven natuurlijk.. Ze gaan me zeker nog langs de lijn kunnen zien.”

Papendrecht klaar voor jubileum

Voetbalvereniging Papendrecht bestaat op 1 augustus 2020 exact honderd jaar. De club laat zich zeker niet verrassen door het jubileumjaar, want al twee jaar wordt er druk nagedacht en gehandeld om er een memorabel jaar van te maken op sportpark Slobbengors.

PAPENDRECHT – ,,Ik ben enorm trots dat ik volgend jaar de voorzitter ben van de club als we honderd jaar bestaan. Ja, dat vind ik echt bijzonder,” vertelt Hans Jonker, die in 2017 het stokje overnam van Bram Blom. ,,Het is heel mooi dat we honderd jaar bestaan zonder fusies. Er zijn niet veel clubs die dat halen. In de eerste jaren heette de club nog PVV, maar al snel ging dat over in VV Papendrecht. Ik ben een man van tradities, waarschijnlijk ook door mijn militaire achtergrond, dus ik hecht veel waarde aan zo’n jubileumjaar. Bij mijn aanstelling in 2017 ben ik daar met een groepje mensen eigenlijk direct over gaan nadenken en daar zijn hele mooie plannen uit voortgekomen. We smeren alle activiteiten en festiviteiten over het hele jaar 2020 uit. We betrekken de hele club daarin, van de jongste leden tot mensen die hier tientallen jaren geleden al rondliepen. We zijn dan ook bezig met een mooi jubileumboek. Die verhalen verzamelen gaat vaak nog wel, maar de foto’s en alle namen achterhalen is vaak het lastigste. Gelukkig hebben we hier in de schatkist in onze bestuurskamer een rijk archief waar we uit kunnen putten. Daarin kwam ik onlangs ook nog wat artikelen tegen die mijn vader vroeger heeft geschreven als jeugdvoetballer hier, over het wel en wee van VV Papendrecht. Ik vind dat prachtig om te zien.”

Papendrecht heeft het speciale jubileumlogo al gepresenteerd, maar zal volgend seizoen ook in een nieuw tenue spelen. ,,Dat moet een mooi klassiek tenue worden. De afgelopen jaren is de rode V op ons shirt heel diep, maar ik wil die graag weer iets hoger op de borst zien. Dat straalt wat mij betreft meer klasse uit. Daar gaan we met onze nieuwe kledingsponsor nog eens goed over nadenken.”

Verder is er een jubileumnacht, waarbij leden in de nacht van 31 juli op 1 augustus 2020 op Sportpark Slobbengors kunnen overnachten. ,,Er zijn ontzettend veel plannen. Het is mooi om te zien hoe iedereen meedenkt en wil helpen om alles zo goed mogelijk te laten verlopen. Veel dingen staan al op onze website, andere dingen houden we nog even geheim. Het wordt hoe dan ook een groot feest.”

Youri van der Meulen zorgt voor balans op het middenrif bij WVV’67

WOENSDRECHT – De beste ploeg worden uit de Zuidwesthoek in de 4e Klasse A, dat was wat WVV’67 wilde realiseren dit seizoen. Door de nederlaag tegen buurman ODIO drie speelrondes voor het einde kon er een dikke streep door dat streven. “Zonde, want dat was niet nodig geweest.”

Het zijn de woorden van Youri van der Meulen, naar eigen zeggen ‘balafpakker’ van dienst op het Woensdrechtse middenveld. “Het is mijn kracht dat ik vooral zorg voor de balans door middel van mijn duelkracht. Daarnaast moet ik groeien in de communicatie op het veld, zodat het voor mijn medespelers ook makkelijker wordt. Het is alleen jammer, dat ik te wisselvallig daarin ben geweest dit seizoen. Net als ons gehele team eigenlijk, dat heeft ons toch de nodige punten gekost.”

REALISTISCHE POSITIE
De 22-jarige Van der Meulen is een echte WVV’er die vanuit de jeugd is doorgestroomd richting het eerste elftal. Met een plek in de middenmoot handhaaft het elftal van trainer Gerard Lazarom (die ook volgend seizoen overigens voor de groep staat) moeiteloos als vierdeklasser. “Op dit moment denk ik dat wij op een realistische positie op de ranglijst staan. Als club is het nooit eerder voorgekomen dat wij de beste van de Zuidwesthoek zijn geworden, dus het is jammer dat we de kans daarop hebben laten lopen. Maar dat geeft dan wel direct weer een doel voor het aankomende seizoen… Ik hoop dat de gehele Zuidwesthoek, met dus ook Vivoo en Grenswachters, weer in dezelfde competitie kan spelen. Om dan opnieuw te proberen de titel ‘Beste club van de Zuidwesthoek’ wél te realiseren.”

Gedurende de competitie weet Van der Meulen wel waar de schoen heeft gewrongen als het gaat om de resultaten. “We hebben vooral veel punten laten liggen in de wedstrijden tegen de ploegen onderin. Daarnaast hebben we een paar keer onnodig een voorsprong weggegeven. bijvoorbeeld Hulsterloo thuis, waar we comfortabel met 3-0 voor staan en uiteindelijk 3-3 spelen. Onze kracht ligt in de basis van het voetbal, namelijk strijd leveren en spelen vanuit een goede organisatie. Als dat in orde is kan er gevoetbald worden en zie je ook dat we goeie resultaten halen en wedstrijden winnen.”

BLOEIENDE CLUB
“Nu is het voetbal echter nog veel te wisselvallig geweest. Een facet wat beter kan en zeker ook moet. Daarin moeten we ons als team verder doorontwikkelen. Daar wil ik zelf heel graag op een positieve manier mijn bijdrage aan blijven leveren. De sfeer is goed en er is een vaste kern van vrijwilligers die het beste met de club voorhebben. Als klein dorp in de gemeente Woensdrecht kunnen we zeggen dat we een bloeiende club zijn met een mooi aantal leden. Hogerop spelen zou ik wel willen, maar wel met mijn eigen cluppie, want ik zie mezelf niet zo heel snel in een ander shirt voetballen.”

G-Voetbal binnen MOC’17 staat al bijna kwart eeuw als een huis

BERGEN OP ZOOM – Voetballen voor mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking, oftewel G-Voetbal, is iets wat steeds meer behoefte vraagt. Ze maken steeds vaker deel uit van de voetbalsport. Bij voetbalvereniging MOC’17 doen ze dat echter al héél erg lang. Dit jaar maar liefst 24 seizoenen! En nog altijd genieten spelers én begeleiding daar met volle teugen van.

“Absoluut! Het is gewoon elke keer weer een feestje met die gasten. Dollen, gek doen, lekker partijtje trainen of voetballen en vooral onderling het heel gezellig hebben met elkaar”, zegt Diana Moerland, sinds vijf seizoen één van de bevlogen begeleiders van het senioren G-team van de Bergenaren.

Toen haar zoon in de jeugd speelde bij MOC’17 kwam er de vraag dat men begeleiders zocht voor elftallen, ook voor het G-elftal. “Zelf werkte ik in de kinderopvang dus had wel affiniteit met het begeleiden en ik heb een passie voor voetbal. Ik heb toen gezegd dat ik wel het G-team wilde gaan ondersteunen en daar heb ik nog geen moment spijt van gehad! Het is prachtig om te zien, dat de jongens en meisjes elkaar allemaal respecteren. Ongeacht het verschil in niveau, er is een hoop onderling respect. Daar kunnen nog veel voetballers een voorbeeld aan nemen vandaag de dag, want dat respect voor elkaar is soms wel eens ver te zoeken helaas.”

Binnen MOC’17 werd in 1995 gestart met G-voetbal en had men veertien leden die wekelijks trainden en voetbalden. Momenteel heeft de seniorenafdeling vierentwintig leden, waarvan er drie alleen maar trainen. Een aantal jaren geleden is er een team voor junioren (6 – 16 jaar) bijgekomen. Zij trainen wekelijks op de woensdagmiddag en spelen op zaterdag competitievoetbal. Daarnaast werd in 2011 een team voetballers met een beperking uit het Belgische Kapellen ‘geadopteerd door MOC’17. Zij trainen gewoon in hun woonplaats, maar spelen hun thuiswedstrijden bij M.O.C. ’17.

“Het is mooi om te zien hoe de spelers opgaan in het spelletje. Ze genieten als ze op het veld staan en alles aan hen in ‘puur’. Dat maakt het ook bijzonder en geeft veel energie, zeker ook voor mij. Ik doe de begeleiding samen met Anita Prudon, een vriendin van mij. De trainingen worden verzorgd door Ed Linders en Alkan Gül, wat ze al jaren met ongekend geduld en heel veel passie doen. Dat is schitterend om te zien.”

Waar de seniorenafdeling inmiddels wel een mooi aantal heeft, daar kunnen er bij de jeugd zeker nog wel wat spelers bij. “Die trainen op woensdag van 17.00 – 18.00 uur en al vanaf zes jaar zijn ze welkom om het G-voetbalspelletje te ervaren. Want het is ook zo, dat er binnen MOC’17 veel wordt gedaan voor onze spelers. Zoals een traditioneel oefenpotje in de winterstop tegen het eerste elftal, maar ook deelname aan een toernooi 4×4 op het hoofdveld van NAC Breda. Dat zijn prachtige evenementen en voor onze spelers elke keer opnieuw weer een belevenis.”

Diana Moerland spreekt vol passie over de G-Voetballers en voetbalsters, die binnen MOC’17 helemaal geïntegreerd en geaccepteerd zijn. “En dat merk je ook aan bedrijven die hun naam eraan willen verbinden als sponsors. Zo hebben we enkele shirtssponsors, een nieuwe sponsor van de trainingspakken én is er een taxibedrijf dat gratis voor ons busjes beschikbaar stelt om naar de uitwedstrijden te gaan. Prachtig toch dat het zo wordt omarmd? En dat verdienen ze ook. Nogmaals: je krijgt er zoveel voor terug, dat is onbetaalbaar. Die glimlach als je ze trots op het veld ziet lopen in dat MOC-tenue…. Dan maakt mijn hart altijd weer een sprongetje.”

MEER WETEN OVER G-VOETBAL BIJ MOC’17?
Kijk op de site www.moc17.nl of informeer bij coördinator Ed Linders (06 – 572 218 05)

Peter Marcel Nauta brengt Rozenburg in rustig vaarwater

0

“Rozenburg een gok?” “Nee, hoor”, reageert Peter Marcel Nauta gedecideerd. Hij begrijpt wel waar de vraag vandaan komt. Rozenburg was de afgelopen jaren nou niet bepaald het toonbeeld van stabiliteit. Menig trainer (Dennis Zaal, Mark van Os) sneuvelde er, de spelersgroep zou ‘moeilijk’ en ‘onhandelbaar’ zijn.

“Ik had die verhalen ook gehoord”, zegt Nauta (50). “Rozenburg is inderdaad een kerkhof geweest voor trainers. Toen ik in beeld kwam bij Rozenburg hebben diverse mensen gezegd: ‘moet je dat wel doen?’. Ik heb me daardoor niet laten afschrikken. Ik kan alleen afgaan op mijn eigen ervaringen. En die zijn dat dit een prima club en een prima spelersgroep zijn.”

Hij kwam relatief laat binnen. “Het eerste gesprek met Rozenburg had ik pas ergens in juni. Na De Jonge Spartaan waren er wel clubs voorbij gekomen, maar die waren voor mij niet interessant genoeg. Als ik een club ga doen, moet de potentie er wel zijn. Met de JO19, een tweede elftal. Afi jn, de juiste club zat er dus niet tussen en ik had me min of meer verzoend met een verplichte sabbatical, totdat Rozenburg belde.”

Rozenburg had dus de stempel dat het een moeilijke spelersgroep zou hebben, maar daar merkte Nauta eigenlijk niks van. “Ja, deze groep is anders dan die van De Jonge Spartaan, maar dat komt vooral door de omgeving. De Jonge Spartaan is dorps, spelers volgzamer. Rozenburg heeft een wat stadser mentaliteit, spelers hebben eerder een weerwoord. Is dat lastig? Nee, ik vind van niet. Bovendien: die paar boefjes in mijn elftal heb ik graag. Ik hoef geen elf schoothondjes.”

Volgens Nauta draait het om respect. “Als je fatsoenlijk met elkaar omgaat, is niks een probleem”, is hij stellig. “Belangrijk daarbij is dat je duidelijk bent naar elkaar. Leg realistische doelen neer. Ga niet roepen wat je team niet kan waarmaken.”

Hij merkte dat de clubleiding hem geen vaste opdrachten wilde meegeven. “Dat was, vermoed ik, mede ingegeven door de teleurstellingen van de afgelopen tijd. Het bestuur was voorzichtig. Ik heb zelf met de spelersgroep om tafel gezeten: wat willen jullie? Daar kwam uit dat men wilde spelen voor een periodetitel. Prima, voor dat doel zijn we gegaan.”

Hij begrijpt dat er nog supporters zijn die vinden dat Rozenburg snel hogerop moet. “Maar het Rozenburg van destijds is niet meer. Dat is verleden tijd. We leven in het hier en nu. En daar passen realistische doelen bij. De eerste klasse is op dit moment gewoon niet realistisch. De tweede klasse is een ander verhaal. Op termijn zie ik ons wel doorgroeien naar een stabiele tweedeklasser.”

Hij zegt blij te zijn met de steun van ervaren spelers in het veld. “Die geven je als trainer een handvat”, zegt hij over Bryan van der Laan, Regilio van Buuren en Nick de Bil. “Bryan is dan wel ervaren, maar nog maar 25 jaar. In balbezit heeft hij zoveel kwaliteit. Hij heeft ook zijn verbeterpunten, zoals zijn verdedigende taken.

Daar hebben we het samen zo nu en dan ook over. Regilio is begonnen als centrale verdediger, maar ik heb hem al snel op het middenveld geposteerd voor de balans. Nick doet het voorin geweldig. Hij scoort veel, maar geeft ook veel assists. Hij is een perfect aanspeelpunt. De ervaren jongens zijn belangrijk, maar ook de jeugd doet het goed. Sander Kraaijeveld is nog maar achttien maar heeft wel standaard als rechtsback gespeeld.”

‘We krijgen het altijd weer voor elkaar bij FIOS’

Met zijn 24 jaar is Stefan Baan jonger dan de gemiddelde bestuurder van een vereniging. Het voetballende bestuurslid van FIOS geniet van de gemoedelijke sfeer binnen de kleine club in Achthuizen, maar maakt zich ook een beetje zorgen over de toekomst van het voetbal op het eiland.

Tot 2015 speelden de seniorenteams van FIOS allemaal op zondag en om die reden maakte Stefan Baan zes jaar geleden vanuit de A-jeugd de overstap van DBGC naar de vereniging in Achthuizen. “Destijds werkte ik op zaterdag en FIOS was zowat de enige club op het eiland die op zondag speelde, dat was ideaal voor mij.” Kort daarna switchte de vereniging ook naar de eerste dag van het weekend als vaste speeldag, maar de werksituatie van Baan was ook veranderd. “Maar dat was geen reden voor mij om terug te gaan naar mijn oude club. Ik had het vanaf de eerste dag uitstekend naar mijn zin bij FIOS en tot op de dag vandaag ben ik blij dat ik betrokken ben bij de club. De sfeer is hier uitstekend en ik speel met veel plezier in het tweede, een hecht vriendenteam.”

VOETBAL OP BEIDE DAGEN
Baan zet zich sinds zijn overstap naar FIOS ook buiten de lijnen in voor de club. Hij zat in het jeugd bestuur, fluit af een toe een jeugdwedstrijdje en zit nu in het hoofdbestuur. Fier In Ons Streven kan altijd rekenen op een trouw groepje dat klaarstaat als er iets moet gebeuren bij de club. Op de velden aan de Kloosterstraat spelen twee heren seniorenteams, een dameselftal (allemaal op zaterdag) en de club telt nog altijd één zondagelftal. “Voor zo’n klein dorpje is het uniek dat we een vrouwenelftal hebben”, zegt Baan. “En nog steeds komen er spelers naar FIOS omdat we ook op zondag spelen”, zegt hij. “Verder is het heel goed dat onze jeugd samen met voetbalclub Den Bommel samenspeelt onder de naam SJO DBF. De twee clubs zijn veel te klein voor een eigen jeugdafdeling en het fusieplan op dit gebied heeft goed uitgepakt.”

KLEINE KERNEN Bij FIOS
vallen er soms hier en daar wat spelers weg, maar de club heeft aantrekkingskracht in de regio. Baan is daar het levende bewijs van. “Het is een mooie club en elk jaar zijn onze teams weer gevuld. We krijgen het altijd weer voor mekaar bij FIOS”, grinnikt hij. Op de korte termijn is er niks aan de hand, maar toch maakt Baan zich een beetje zorgen over de toekomst van FIOS én die van het gehele amateurvoetbal op Goeree-Overflakkee. “De meeste clubs komen uit kleine kernen en hebben moeite om de teams op de been te houden. Dit seizoen regende het afgelastingen omdat tegenstanders te weinig spelers bijeen konden brengen. De laatste jaren wordt deze ontwikkeling op het eiland erger. Ik hoop dat het goed blijft gaan met FIOS.”

Achthuizen heeft niet letterlijk maar acht huizen, maar het is wel de kleinste plaats van het eiland. Het dorp heeft geen supermarkt en geen bakker, maar wel een voetbalvereniging. De kantine is ook het buurthuis van de plaats. “FIOS is zeer belangrijk voor Achthuizen. Ik hoop dat iedereen beseft dat we er met z’n allen voor moeten zorgen dat deze prachtige club ook een mooie toekomst heeft.”

Petry Hoofdman wil met Melissant vruchten plukken na een goed leerjaar

Petry Hoofdman (45) genoot met volle teugen van zijn eerste seizoen als hoofdtrainer van het eerste elftal van vv Melissant. Hij stond als kapitein op het dek van het vlaggenschip van Melissant en zag een zonnige toekomst voor zich opdoemen. Na een leerzaam seizoen, hoopt hij komend jaar de vruchten te plukken.

De gemiddelde leeftijd van de selectie vertelt het verhaal van Melissant. De vierdeklasser is ongelofelijk talentvol, maar moet nog groeien. Het is in ieder geval overduidelijk dat Melissant veel potentie heeft, waar de club in de komende jaren van kan profi teren. Het afgelopen seizoen was leerzaam voor trainer Petry Hoofdman en zijn spelers. De elfde plek op de eindklassering past eigenlijk niet bij de kwaliteiten van Melissant, maar zijn wel het gevolg van een leerjaar. “Ze speelden bij Melissant 4-4-2, ik heb dat omgezet naar 4-3-3. Ik wil altijd aanvallend voetballen binnen de mogelijkheden die er zijn. We hebben dit seizoen aan elkaar en aan de andere manier van spelen moeten wennen, volgend jaar gaan we daar de vruchten van plukken.”

DEBUUT
Hoofdman voetbalde jarenlang bij SNS en De Jonge Spartaan, waar hij de afgelopen tien jaar trainer van de jeugd en het tweede team was. Toen hij het aanbod kreeg om hoofdtrainer bij Melissant te worden, hoefde hij niet lang na te denken. “Een hele mooie kans om bij een eerste elftal aan de slag te gaan.” Hij noemt zijn debuutjaar ‘supergaaf’. “Er zit meer in dan de ranglijst doet geloven, met het oog op de toekomst zit het wel goed. De trainingsopkomst is optimaal, ik heb wat jongens kunnen laten debuten. Ik vond het echt fantastisch.”

De trainer is niet het type dat louter naar de eerste elf kijkt, ook de jongens daarachter zijn voor hem van belang. “Als je ook die groep kan motiveren, doe je het goed.”

HOBBELS
Hij hoopt volgend jaar stappen te zetten. “Als we een goede voorbereiding draaien, kunnen we met vertrouwen en frisse moed aan het nieuwe seizoen beginnen. Ik ben er van overtuigd dat we hoger kunnen eindigen. Maar het is aan het team en aan mij om dat te laten zien. Als je wint, groeit het vertrouwen in eigen kunnen ook en dat is precies wat wij nodig hebben.”

Hoofdman hoopt een constanter Melissant te zien in 2019-2020. “Ajax is ook wat hobbels tegengekomen voor ze bereikten wat ze dit seizoen hebben bereikt.” De vierdeklasser is dan niet zo groot, maar heeft volgens de trainer meer te bieden dan de buitenwacht denkt.

Het bestuur creëert de optimale omstandigheden en biedt alle mogelijkheden die nodig zijn om te kunnen trainen en presteren. Met de sfeer zit het ook wel goed, zo klinkt het door in de woorden van de 45-jarige oefenmeester. “Maar dat pilsje na de wedstrijd smaakt toch wel lekkerder met drie punten in de pocket.”