Home Blog Pagina 1237

Zaterdag 8 juni 2019 Hielke Brugts Bedrijventoernooi

0

Zaterdag 8 juni 2019 vindt op ons sportcomplex wederom het Hielke Brugts bedrijventoernooi plaats. Elk jaar is het toernooi een sportief evenement waarbij plezier en gezelligheid de boventoon voeren.

Het bedrijventoernooi wordt gespeeld met teams van 7 spelers op een half veld. Uiteraard bent u met uw bedrijf van harte welkom om mee te spelen!

Eerbetoon aan Hielke Brugts
Dit jaar staat de 4eeditie van Hielke Brugts Bedrijventoernooi op het programma. Het toernooi is een eerbetoon aan Hielke, die ontzettend veel heeft gedaan binnen v.v. Strijen. Voetbal en sponsoring voerden daarbij de boventoon en die elementen komen samen bij het bedrijventoernooi.

Tijdens het toernooi wordt gespeeld om de Hielke Brugts Wisselbokaal. Wordt uw bedrijf de volgende winnaar?

Aanmelden
Om uw bedrijf aan te melden, kunt u gebruik maken van maken van het inschrijfformulier .Deelname is gratis voor onze Hoofdsponsor, Subsponsoren, Cosponsoren en Business Club Leden. Voor overige bedrijven is het inschrijfgeld €50,- ex. BTW per bedrijf. Graag ontvangen wij uw aanmeldingsformulier voor 25 mei 2019 via sponsoring@vvstrijen.nl.

Sporters zijn in goede handen bij Massagepraktijk ROKS

Een sportmassage is goed voor zowel het lichaam en de geest. In zijn vestiging aan de Meirstraat 3 in Oud-Gastel helpt Bas Roks, eigenaar van Massageprakrijk ROKS, met alle liefde sporters van spierblessures af. Daarnaast is hij vanaf volgend seizoen de vaste verzorger van SC Gastel.

Bij Massagepraktijk ROKS kunnen mensen terecht voor sportmassages, een wellness/ontspanningsmassage, klassieke taping of medical taping. “Een massage geeft heerlijke ontspanning. Maar het is ook heel gezond voor je lichaam. Daarom is het verstandig om je lichaam structureel te laten behandelen”, zegt Bas Roks, eigenaar van de praktijk in het centrum van Oud-Gastel. De praktijk heeft sinds een paar maanden de deuren geopend en Bas heeft in de hele regio al een aardige klantenkring opgebouwd. “Ik heb vele jaren achter een bureau gezeten, maar kreeg de behoefte om iets te gaan doen met mijn opleiding sportmassage. Het voelt goed om mensen te helpen die klachten hebben en ik voel vooral een goede connectie met sporters. Gelukkig weten die de weg te vinden naar mijn praktijk.

Bas is daarnaast verzorger van DHV, vanaf volgend seizoen vervult hij die rol bij SC Gastel, de club waar hij vroeger speelde. “SC Gastel is een leuke club, het voelt goed om daar terug te keren. Ik hanteer daar dezelfde werkwijze als bij DHV. Elke dinsdag en donderdag ben ik bij de club en in het weekend zit ik op de bank bij wedstrijden. Massage verhelpt spierpijn bij spelers, de doorbloeding van spieren wordt gestimuleerd waardoor de afvalstoffen beter afgevoerd worden.”

Op www.massageprakrijkroks.nl kunnen geïnteresseerden alles lezen over de praktijk van Bas. De ambitieuze sportmasseur nodigt iedereen met spierklachten uit om eens een bezoek te brengen aan zijn mooi ingerichte praktijk.

De massagepraktijk is een nette, hygiënische ruimte waarover ik al veel complimenten heb mogen ontvangen. Ik stel mensen op hun gemak en leg het accent op gevoelige spieren.” Op bovengenoemde site kunnen belangstellenden alles lezen over de mogelijkheden bij Massagepraktijk ROKS. Afspraken maken kan via die website en mensen mogen ook bellen met Bas Roks via 06-21633054.

Sjoerd van den Eijnden: ‘Ik lig wakker van een gemiste kans’

Al 4,5 jaar is Sjoerd van den Eijnden (22) een vaste waarde in het eerste elftal van SC Gastel. De aanvaller geniet met volle teugen van de wedstrijden die hij speelt met het vriendenteam, maar stapt niet altijd tevreden van het veld. “Ik leg de lat hoog voor mezelf.”

Drie kwartier voordat zijn training begint, zit Sjoerd van den Eijnden zijn bezoek op te wachten in de moderne kantine van SC Gastel. Vanuit het hooggelegen clubgebouw heb je een prachtig overzicht over het kunstgrasveld van sportpark Blankershove, waar de spits eenmaal per twee weken zijn wedstrijden speelt. “We hebben de zaken hier goed voor elkaar”, zegt Van den Eijnden. “De kantine heeft een gezellige uitstraling en regelmatig vinden hier leuke feestjes plaats. Maar persoonlijk sta ik liever beneden op het veld. Ik wil eerst een goede wedstrijd spelen, daarna is er pas tijd voor gezelligheid”, zegt hij stellig.

Van den Eijnden debuteerde als A-junior in het eerste onder leiding van Eric Hellemons, in de tijden dat het team op een haar na promotie misliep naar de derde klasse. “Het was gaaf om in de nacompetitie als jeugdspeler mijn opwachting te maken in het team”, zegt de aanvaller. “Als jonge speler leerde ik hier veel van, waaronder de omgang met spanning. Het jaar erna sloot ik vast aan in het eerste en in 2016 promoveerden we naar de derde klasse, dat was super. Nu spelen we voor het derde jaar op een rij op dat niveau.”

Scoringsdrift
De aanvaller, die beschikt over veel loopvermogen en een goede dribbel, vindt het erg leuk om te spelen in het jonge vriendenteam. Maar hij is niet snel tevreden. “Ik leg de lat erg hoog voor mezelf”, zegt Van den Eijnden. “Ik ben nogal een ‘denkertje’, kan soms echt wakker liggen van een gemiste kans. Als we met 4-0 winnen en ik mis twee grote kansen, dan spoken die momenten ’s nachts af en toe door mijn hoofd.” De student aan Breda University benadrukt wel dat hij zich tegenwoordig minder snel uit het veld laat slaan door een baalmoment. “Vroeger liet ik mijn kop snel hangen, nu kan ik de knop makkelijker omzetten. Ik heb dit seizoen pas drie keer gescoord, dat is niet veel. Maar gelukkig ben ik als aanspeelpunt belangrijk voor het team en ik maak tijdens wedstrijden erg veel meters. Maar scoren is en blijft het mooiste dat er is. En als spits word ik afgerekend op het maken van goals. Ik moet meer scoren”, zegt hij gretig.

Vriendenteam
SC Gastel bleef ik in de aanval spelen. “In de D1 maakte ik geloof ik wel 30 goals in een seizoen en sommige jongens van dat team zijn nu nog ploeggenoten van me. Het is heel leuk om in een vriendenteam te spelen. Iedereen accepteert kritiek van elkaar en bovendien zet je voor je maten een stapje extra in het veld. De derde helft is ook altijd zeer goed bij winst. We houden hier wel van een feestje.”

SC Gastel eindigde vorig seizoen als tweede in de derde klasse, maar ging in de nacompetitie kopje onder tegen TSC uit Oosterhout.

De ploeg van trainer Johan van Batenburg mikt dit jaar wederom op een plekje bij de bovenste teams in de competitie, maar heeft een behoorlijke achterstand op de topploegen in 3A.

Het behalen van een periodetitel is altijd de doelstelling”, zegt Van den Eijnden. “We begonnen goed, maar kwamen daarna in een mindere fase terecht. Ik vind dat SC Gastel een stabiele derdeklasser moet blijven, maar wie weet kunnen we beter, zeker als we als team bij elkaar blijven.”

Van den Eijnden wil met SC Gastel dolgraag hoger gaan spelen. Mocht dat er op korte termijn niet inzitten, zou de aanvaller dan met een andere club willen uitkomen op een hoger niveau? “Ik heb geen reden om weg te gaan, maar ik zou graag op een zo hoog mogelijk niveau willen voetballen”, geeft de spits toe.

“Maar dan moet een goede club zich wel bij je melden en dat kan alleen als je ook presteert. Aan mij dus de taak om beter te spelen en meer te scoren, dan zie ik wel hoe mijn carrière gaat lopen.”

Gezellige en druk bezochte PenaltyChallenge

0

De avond vóór Koningsdag is traditiegetrouw gereserveerd voor de PenaltyChallenge. Wederom een gezellige en druk bezochte èn zonnige editie dit keer!

Het is al jaren dé Koningsdagactiviteit van Souburgh: Penalty’s schieten bij VVA. Ook dit jaar was het weer een gezellige drukte op de club! Wie aanwezig was op de PenaltyChallenge had een goed begin van het Koningsweekend! Ruim 120 kinderen stonden enthousiast te trappelen om onze keepers op de proef te stellen.

Plezier stond voorop en dat hebben we zeker kunnen zien. Iedereen ging met een mooie medaille naar huis en de groepswinnaars zelfs een prachtige beker. We danken alle vrijwiilligers die er weer voor gezorgd hebben dat ook dit evenement weer prima verlopen is! Ook voor de inwendige mens werd gezorgd. Op het terras werden er heerlijke broodjes burger en portie’s Kipsate verkocht. Met dank aan T Raedhuijs die de kipfilet geheel sponsorde!

VoetbalJournaal Tiel-Geldermalsen , Voorjaar 2019

Lees hier de krant</

Janus v/d Heuvel heeft dikke huid langs de lijn

Hij heeft duizenden meters langs de Stolwijkse zijlijn liggen. Janus van den Heuvel is bezig aan zijn 26ste seizoen als grensrechter van Stolwijk 1. “Zolang ze me niet uitlachen, ga ik vrolijk door.”

Een interviewaanvraag op 1 april zorgt bij Van den Heuvel (72) voor waakzaam- en alertheid. Vooral voorzitter Edo Burger heeft er volgens de voormalig uitvoerder van bouwbedrijf Van Erk uit Bergambacht een handje van om mensen in de maling te nemen en dan ligt een 1 april-grap altijd op de loer. “Edo is net zijn vader, die probeerde ook iedereen in het ootje te nemen.”

Van den Heuvel was al grensrechter toen de huidig preses zelf in de spits liep in de hoofdmacht. “Ik heb spelers zien komen en zien gaan. Ik loop al met de vlag toen sommige spelers van het huidige eerste niet eens geboren waren.”

In 1993 werd hij door de club gevraagd om grensrechter te worden. Het was in het begin van de gouden tijd. “We waren net gepromoveerd naar de derde klasse. Mijn eerste wedstrijd was een vriendschappelijke wedstrijd tegen DCV uit. Het was een soort proefwedstrijd.” Van den Heuvel slaagde met verve voor zijn ‘examen’ en zag van dichtbij hoe Stolwijk in zijn eerste seizoen promoveerde naar de tweede klasse. “We hadden een geweldige lichting, met Remko Ankel, Jan de Vrij en Jan Molendijk. Het leefde enorm in het dorp. Naar uitwedstrijden ging vaak een supportersbus mee. Bij een uitwedstrijd tegen Olympia in Gouda stond het rijen dik met onze supporters.”

“Jan van den Heuvel was trainer, later kwamen Hans Hazebroek en Jack Harmsen. Ik weet nog dat we in 1997 vlak voor de start van de competitie een oefenwedstrijd speelden tegen FC Twente. Stampvol was het hier op het sportpark. Dat was een unieke tijd. Dat komt niet meer terug.” Hij zegt dat zonder een weemoedig gevoel. “De beleving is anders, maar het maakt het niet minder leuk. Ik doe het graag en voel me als ik tussen de jongens in de kleedkamer zit jong.” Hij zou het ‘logisch’ vinden als Stolwijk besluit om naar de zaterdag te gaan. “Natuurlijk, we zijn een zondagclub, maar je moet de zaken wel nuchter blijven bekijken. De toekomst op zondag is dat je ver moet gaan reizen en speelt tegen niet-aansprekende tegenstanders.” Stolwijk heeft intussen een werkcommissie ingesteld die alle scenario’s, met alle voor- en nadelen, in kaart gaat brengen. “Dat doet de club goed.” Dat hij als grensrechter soms het mikpunt is van tegenstanders en toeschouwers, dat hoort er volgens hem bij. “Ik heb me zelden ongemakkelijk gevoeld. Hooguit één keer, bij HION in Rotterdam. Daar riepen ze achter me dat ze me na afloop wel wisten te vinden en waar mijn auto stond. Dat was niet fijn. Voor de rest heb ik altijd een dikke huid gehad. Ik doe net alsof ik niks hoor, ik negeer het gewoon.” Hij is zoals alle grensrechters. “Bij twijfel over buitenspel gaat die vlag omhoog.”

Jarenlang haalde hij voor Stolwijk oud-papier op. “Dat heb ik dertig jaar gedaan, in de periode dat je voor een kilo nog achttien cent kreeg. Dat tikte nog aan.”

Daarnaast maakt hij deel uit van de gewaardeerde werkploeg. Zijn timmermanshanden komen bij een verbouwing goed van pas. Daarnaast trekt hij de witte lijnen op het tweede natuurgrasveld. “Blijkbaar zijn ze recht, want ik mag het nog steeds doen”, lacht hij.

Cees Kraijenbrink laat graag zijn handen wapperen op de club

“Op 1 september moet het spulletje achter de rug zijn”, zegt Cees Kraijenbrink als hij voor de bouwtekening staat van de te renoveren kleedkamers bij Stolwijk. Naast hem op de tafel ligt een groot vel waar de planning van alle werkzaamheden op staat. Het gaat om wel zestig punten.

Er zijn mensen die bij het zien van die lijst in de stress schieten van paniek, Kraijenbrink niet. “We doen dit niet voor het eerst, hé. Sommigen hebben nog geholpen bij de bouw van de kantine, ik weet niet hoeveel jaar geleden.”

Twee jaar geleden bouwde Stolwijk een stuk aan. Daarmee kreeg de club de beschikking over drie kleedkamers. “Nu pakken we het oude deel van de kleedkamers aan. Er komt een aparte toiletgroep. Als het klaar is, kunnen we weer jaren vooruit.”

Er wordt sowieso flink getimmerd in Stolwijk, want de hoofdstraat, de Populierenlaan, ligt op de schop. “Het is goed dat ze wat gaan doen met die entree, zeker als we straks met Stolwijk 1 in de tweede klasse spelen”, ‘dolt’ de 66-jarige Stolwijker, die sinds drie jaar geniet van zijn pre-pensioen. “Mijn vrouw is tegelijkertijd gestopt met mij. Niet werken geeft een stuk minder stress.”

Niet dat hun dagen en agenda’s ‘leeg’ zijn. “Mijn vrouw doet veel vrijwilligerswerk bij Gemiva en Oud-Stolwijk en past op onze twee kleinkinderen, ik loop veel bij de club. Zeker nu, nu we onze handen vol hebben aan de verbouwing.”

Als er een club een voorbeeld is van zelfwerkzaamheid is het Stolwijk wel. “Op zaterdag lijkt het hier net een bouwplaats. Dan lopen er vijftien tot twintig mensen te helpen. Jong én oud. Spelers van het eerste en de JO19 die metselaar of tegelzetter zijn, en in hun vrije tijd komen helpen.”

“Op die manier kan de club de kosten drukken. De bouwcommissie heeft een plan gemaakt en duidelijk gecommuniceerd wat er moet gebeuren. Iedereen weet ook dat als hij zijn handen laat wapperen, dat gunstig is voor de club.”

“Er is een aannemer, die iedere morgen even komt kijken, maar we doen zo veel mogelijk zelf. Het voordeel van een dorp is dat iedereen elkaar kent. Op 1 april zijn we begonnen met het sloopwerk. Als je een hakhamer moet huren ben je een aardig bedrag kwijt, hier krijg je die gewoon te leen.” Ook als er niet gebouwd wordt, ligt er volgens Kraijenbrink genoeg werk voor de ‘werkploeg’. “Zelfs in het stille seizoen zijn we hier soms drie dagen in de week. Dan knappen we de kleedkamers op, maken we de reclameborden schoon en verrichten het reguliere onderhoud aan de velden. We zijn nooit klaar.”

Op donderdagavond, als de selectie heeft getraind, verzamelt de ‘vijfde colonne’ zich in de kantine. “In slap ouwehoeren zijn we goed”, verzekert hij. “Zeker ik, want ik had een leidinggevende functie in de scheepvaart. Ik zeg altijd: ik heb met kletsen mijn geld verdiend.”

Op zondag staat hij langs de lijn bij het eerste elftal. “Bij uitwedstrijden proppen we ons als oudjes in een autootje. We gaan altijd mee. Als iemand op vakantie is, krijgt-ie meteen na het laatste fluitsignaal een appje hoeveel het geworden is.”

Over de huidige competitiestructuur in de derde klasse van het zondagvoetbal is hij niet erg enthousiast. “Ik ben een zondagman, maar ik kan me heel goed voorstellen dat ze bij de club nu onderzoeken of het verstandiger is om naar de zaterdag over te stappen. De reistijden worden steeds langer. Zonder Tomtom komen wij in ons autootje niet meer bij de tegenstander.”

Voetbalvereniging Bergambacht geeft ongeschoolde trainers houvast

Veertien trainers en leiders van Bergambacht ontvangen één dezer dagen een certificaat voor het kadercoachtraject die zij onder leiding van een KNVB-docent hebben gevolgd. Met het aanbieden van de cursus wil de club zijn niet-geschoolde trainers gereedschap geven om hun rol als trainer en coach zo goed mogelijk te vervullen.

Jan-Willem Ooms staat volop in de schijnwerpers. De assistent-trainer en leider van de JO9-1, vader van spelertje Chris, doet voor een wedstrijd tegen een mixteam een wedstrijdbespreking met zijn ‘jongens’. Tijdens de wedstrijd staan de andere dertien trainers en leiders met docent Eric Treling Ooms op de vingers te kijken. In de korte rust en na afloop bespreekt Treling de bevindingen met zijn ‘klas’. “Alles is erop gericht om te leren van elkaar”, zegt hij. “Het geven van feedback is daarin heel belangrijk.”

We willen onze onervaren en niet-geschoolde trainers handvatten geven waardoor ze een betere basis hebben om training te geven en te coachen tijdens wedstrijden”, legt Willem-Jan Barendregt, sinds dit seizoen voorzitter van de technische commissie uit. “We merkten dat daar veel behoefte aan is. De meeste van onze jeugdtrainers zijn ouders. Sommige hebben veel voetbalervaring, sommige helemaal niet. En ook voor ouders met veel ervaring is deze cursus heel erg nuttig. Het geeft inzicht hoe je een training structuur kan geven, maar geeft ook antwoord hoe je moet omgaan met kinderen van een bepaalde leeftijd. Een training is veel meer dan een oefenvorm aanreiken. Een voetballer die op hoog heeft gespeeld, is niet per se een goede jeugdtrainer. Het gaat er ook om dat hij de vertaalslag kan maken naar de jongens en meisjes die hij traint.”

Tijdens één van de vijf bijeenkomsten kwam ook de gebruikte voetbaltaal aan bod. “Voor de doorgewinterde voetballer is dat gesneden koek, maar voor een jongetje dat net is gaat voetballen niet begrijpelijke taal. Als je als trainer tijdens de wedstrijd zegt: ‘kom eruit’ moet je niet gek staan te kijken dat er spelers zijn die zich aan de zijlijn melden voor een wissel, terwijl de voetbalbetekenis uit de verdediging gaan is.

Bergambacht beschouwt het kadercoachtraject als een middel om meer handen en voeten te geven aan de jeugdopleiding. “We zijn bezig, met behulp van de KNVB, een nieuw beleidsplan schrijven. Daarin nemen we alle elementen mee”, zegt Barendregt. “Twee studenten zijn voor hun opleiding onderzoek aan het doen naar het werven en behouden van vrijwilligers. Dat wordt ook onderdeel van het plan. Er moet straks ook een trainersplan komen voor iedere leeftijdscategorie.”

Het doel van Bergambacht om zijn kader breed op te leiden is meerledig. “We willen toe als club naar een situatie waarbij de JO9-3 dezelfde trainingsstof wordt aangereikt als de JO9-1. Er moet geen verschil meer zijn. We willen dat ieder kind, ongeacht of hij talent of weinig talent heeft, met plezier naar de club komt.”

Daarnaast voelen de goedwillende ouders die training geven zich geruggesteund door de club als ze weten dat er aandacht voor hen is. Barendregt: “Je vergroot de betrokkenheid en de band. Vroeger kregen opgetrommelde ouders een net met vijf ballen en vijf pionnen en werden ze naar het veld gestuurd waar ze konden trainen. Nu wordt het iets van ons allemaal.”

Daarom houdt het voor Bergambacht niet op met de kadercoachcursus. “We hopen uiteraard dat er in deze groep trainers zijn die zeggen: ik ga mijn diploma pupillentrainer of TC3 halen. Een deel van onze selectietrainers komt van buitenaf, maar het is het mooiste als je als club zelf in je trainers kan voorzien. Dat is echter nog een weg die lang is.”

Jordi Potuyt, trainer van de JO13-1 en zelf in het bezit van het TC3-diploma, is enthousiast. “Ik denk dat het belangrijk is onervaren trainers tools te geven, maar een goed vervolg is nóg belangrijker. Als hoofdtrainer van de JO13 moet ik de andere trainers in de leeftijdscategorie goed begeleiden en steunen.”

‘Vrienden’ maken Lekkerkerk nóg leukere club

Hij was drie jaar voorzitter van Lekkerkerk. “Een mooie periode”, schetst Henk Paaij. Maar het haalt niet bij de functie die hij nu bekleedt. Als voorzitter van de ‘Vrienden van Lekkerkerk’ zorgt hij voor de ‘leuke extraatjes’ voor de club. “Dat geld weggeven, als een soort weldoener, ligt me wel”, zegt hij met een lach.

Paaij (61) haast zich te zeggen dat hij die uitgaven namens honderddertig ‘Vrienden’ doet. Het is een aantal waarop hij en zijn drie medebestuursleden ‘enorm’ trots op zijn. “In de kantine hangt een groot bord waarop alle naambordjes van de Vrienden hangen. Als je dat zo ziet hangen, is dat best indrukwekkend. Honderddertig is veel zeker als je dat in relatie ziet met het bescheiden aantal leden van Lekkerkerk.”

Als voormalig actief lid en voorzitter wist Paaij dat zijn voetbalclub uit het Lekdorp op een trouwe achterban kon rekenen. Vrijwilligers en supporters die hun club steunen, in goede en slechte tijden. “Ik liep al een tijdje met een idee om een Club van Vijftig op te richten, want dat zijn we eigenlijk. Ieder lid betaalt jaarlijks vijftig euro. ‘Vrienden van Lekkerkerk’ vind ik als naam de lading beter dekken. Het is een sympathiekere naam.”

Toen ik voorzitter was heb ik geroepen dat ik, als ik zou stoppen, voorzitter van de Club van Vijftig zou gaan worden. Ik zag regelmatig bij andere clubs het succes ervan. Een vriend heeft mij meegenomen naar een feestavond van de Vrienden van PFC in Geervliet. Dat heeft mij lekker gemaakt.” Dat was in het seizoen 2010/2011. “Met vier andere coryfeeën van de club hebben we toen de schouders eronder gezet. Piet Mak onder andere en huidig voorzitter Siebe Burggraaf.”

Het enthousiasme bij de achterban was groot. “Het is ook een mooie, laagdrempelige manier om de club te ondersteunen. Bij sponsoring gaat het toch om andere bedragen. Samen maken heel veel biljetjes van vijftig euro een behoorlijk smak geld.”

Geld dat bijna voor honderd procent terugvloeit naar goede doelen van de club. “Eén of twee keer per jaar geven voor de Vrienden een groot feest. Of we dat één of twee keer doen, hangt af van de omvang. We proberen er altijd voor te zorgen dat het feest ook gesponsord wordt, waardoor uitgaven niet ten koste gaan van de totale bijdrage.”

“Iedereen in de club mag ideeën aandragen. We hebben daar een ideeënbus voor staan. Voorwaarde is wel dat het de gehele club ten goede komt. Zie het als de leuke extraatjes. We hebben wel eens het verzoek gehad om het feestje van een kampioensteam financieel te ondersteunen. Dat doen we dus niet.”

Wij sponsoren dingen waar de vereniging even geen geld voor heeft liggen. Het pannaveldje hebben we betaald, maar ook de zes statafels op het buitenterras. De jeugdcommissie houdt ieder jaar een tentenkamp en daar hebben we zes tenten voor gekocht. Die werden altijd gehuurd, maar door ons heeft de club die zelf kunnen aanschaffen.”

De nieuwe verlichting in de kantine hebben wij gefinancierd en wij hebben ieder team ballentrolleys cadeau gedaan. Wij hebben ook de lichtreclame met onze naam op de kantine mogelijk gemaakt.” Een idee voor een nieuwe bestemming van de aanstaande uitgave heeft Paaij al. “Het buitenterras moet eigenlijk opgepimpt worden.”

Lekkerkerk start peutervoetbal: ‘Jordy is niet te houden’

0

“Geloof me, ze willen niets liever dan rennen”’, reageert Macy Mak (24) op de vraag of er een ‘markt’ is voor voetbal voor kinderen van twee, drie en vier jaar. Sinds Lekkerkerk vorige maand bekend maakte te gaan starten met voetbal voor peuters stromen de aanmeldingen van ouders binnen. “Blijkbaar was er een enorme vraag naar.”

Het peutervoetbal bij Lekkerkerk beleeft op 30 april haar vuurdoop. Die dag hebben rond de twintig peuters hun eerste training op het programma staan. “We hebben voorlopig drie groepen van maximaal tien kinderen. De eerste groep start dinsdagochtend om half tien, de tweede groep om elf uur en de derde groep dinsdagmiddag om half drie. Als er nog meer belangstelling is hebben we de mogelijkheid om nog een extra groep in de middag te maken”, zegt Mak, zelf speelster van vrouwen 1 en trainster van de meisjes onder dertien jaar.

“Iedere training duurt een uur. De nadruk ligt op het plezier maken. We spelen veel spelletjes en alles is gericht op de bal. Dribbelen met de bal, trappen van de bal. Eigenlijk is het ‘het kind met de bal’.”

Het idee komt uit de koker van mede-initiatiefneemster Tiffany van Berg. “Zij is mijn medespeelster in het vrouwenteam en heeft een zoontje van bijna drie, Jordy, die niets liever wil dan voetballen. Toen zij ging rond kijken van wat er in de buurt is, kwam ze tot de ontdekking dat er op het gebied van peutervoetbal vrijwel niets is. Ja, er is een organisatie, Voetjebal, ergens in Vlaardingen, maar dat is een zaaltje en best prijzig. Voor een jaar is dat driehonderd euro.”

“We hebben tegen elkaar gezegd: waarom proberen we dat bij Lekkerkerk niet op te starten? Hier in het dorp biedt alleen de gym sport en beweging voor peuters aan.”

Het bestuur toonde zich meteen enthousiast. “Lekkerkerk heeft al mini-voetbal, maar dat is vanaf een jaar of vijf. Dit sluit daar perfect op aan. De club hoopt natuurlijk dat de peuters doorgroeien naar het reguliere jeugdvoetbal.”

Voorlopig gaat het om een ‘pilot’. “We beschouwen deze periode, van 30 april tot begin juli als een proef. We hadden geen idee wat je ouders moet laten betalen voor het peutervoetbal, want het is geen normaal lidmaatschap. De club heeft gezegd dat het in eerste instantie gratis is. Na de pilot gaan we evalueren.”

Mak wordt één van de trainers van de peuters. “Ik kijk er nu al naar uit om ze te trainen. Dat jonge grut, dat nog volledig onschuldig in het leven staat. Heel anders in ieder geval dan de meisjes. Dat zijn pubers. Ook leuk, maar op een andere manier.”

Dat het aantal aanmeldingen binnenstormde, verbaasde Mak wel. “We hebben wel veel reclame gemaakt. Via Facebook en de clubwebsite. We hebben mensen gevraagd om onze berichten zo veel mogelijk te liken en te delen. Daarnaast hebben we een eigen website met allerlei informatie. Op de website van de club staat een linkje waar ouders zich kunnen aanmelden.”

Jordy kan niet wachten tot de training. “Hij is niet te houden.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.