Home Blog Pagina 1198

In gesprek met Hans Schepers

Terwijl de meeste mensen uitgeteld zijn na hun werk draait Hans Schepers uit Portland na zijn vaste baan bijna iedere dag met passie nog een shift bij zijn club: V.V. Rhoon. Hij is op de club jeugdvoorzitter en barkeeper.

Hans Schepers is al elf jaar vrijwilliger op de club, wat hij met liefde en plezier doet. “We zijn vaak hier te vinden, behalve op de zondag, want dan zijn we dicht. Het begint er zelfs op te lijken dat ik twee banen heb.” Ik ben hier terecht gekomen, omdat mijn zoon hier begon te voetballen.” Zelf heeft Hans in het vijfde team gekeept en gespeeld in het vijfendertig-plus team.

“Ik vind het belangrijkste dat de kinderen plezier hebben in het spelletje, met het team en op de club zelf. Ik ben erg trots op al onze jeugdelftallen van V.V. Rhoon die eerste klasse spelen.”

Als jeugdvoorzitter is Hans zuinig en trots op zijn jeugd. “Pas zijn er twee meiden weggehaald door Feyenoord, die keepen nu bij Feyenoord MO15-1. Tuurlijk is het jammer, maar ik gun het ze van harte en dat geeft mij een trots gevoel.” Het jammere vindt Hans wel als er spelers weggaan naar de omgevende verenigingen.

“Ik heb na mijn ‘baan’ als vrijwilliger niet of nauwelijks tijd voor andere dingen, niet dat ik het erg vind, want ik doe het met liefde en plezier. Ik zou het zelf ook fijn vinden als ik bij een club zat en dat er genoeg mensen waren die zich vrijwillig zouden inzetten voor de club.”

Hans zijn vrouw merkte dat er wel heel veel tijd in werd gestoken door Hans zelf. “Je kan als vrouw van een vrijwilliger als ik, iedere week tegen hem zeiken of je denkt: ik zorg dat ik samen met mijn man dat doe.” Hans zijn vrouw plant het barpersoneel en maakt de lijstjes van de bestellingen en Hans voert de bestellingen in. De zoon van Hans is zelf ook actief op de club. Zo speelt hij zelf in de JO19-1 en traint hij voor zijn opleiding aan het Albeda College de JO12-1. “Het is wat je kan noemen een echte voetbalfamilie, behalve mijn dochter die speelt hockey al wilt ze wel graag op voetbal.”

Hans gaf aan dat V.V. Rhoon opzoek is naar vrijwilligers, met name naar trainers voor de jeugdelftallen, verdere vrijwilligers zijn altijd welkom. Als je geïnteresseerd bent, kan je een mailtje sturen naar: kantine@vvrhoon.nl. “We moeten het toch met z’n allen doen.”

Kane Looyschelder

Asperen klaart pittige jeugdklus

Frans van Ooijen is voorzitter van de jeugdafdeling van Asperen. Jeugdspelers beginnen straks ook weer aan de competities. De teams zijn in concept al vanaf maart/april samengesteld en de wijzigingen, zoals de komst van nieuwe leden, zijn in overleg met alle betrokkenen inmiddels doorgevoerd.

ASPEREN – Het feest kan dus beginnen. Trainers, leiders en begeleiding zijn weer gevonden. ,,Dat is altijd weer een pittige klus. Na inventarisatie is duidelijk wie blijft en wie stopt. Bij Asperen slagen wij er altijd wel weer in, hoewel wij half augustus nog twee vacatures hadden staan. Hiervoor gaan wij met een groep ouders praten, want het moet natuurlijk wel opgelost worden.” Met zijn jeugdbestuur is Van Ooijen vooral op zoek naar capabele trainers. ,,Het liefst zien wij oud-spelers van ons eerste elftal met de jeugd aan de slag gaan. Dat zijn gasten die het al snappen en het spelletje aan de jeugd kunnen overbrengen.

Het zou mooi zijn als eigen leden dat kunnen oppakken. Vooral bij de oudere groepen is het belangrijk dat daar goede mensen mee werken. Wij moeten voorzichtig met de financiën omgaan, dus kunnen wij niet overal betaalde trainers op zetten. Een goed voorbeeld is vorig seizoen de groep JO17-3. Daarvoor was aanvankelijk geen begeleiding zodat die jongens elke week iemand anders met zich meekregen. Op een bepaald moment is dat opgelost. Die gasten zijn gaan trainen en er kwam continuïteit waardoor dat team zelfs kampioen is geworden.”

Succesvol debuut voor de vrouwen van Bristol 2

De vrouwen van Bristol 2 heeft een ruime overwinning weten te behalen. Tijdens hun debuut wedstrijd in west 2 werd DVV Delft met harde cijfers op de feiten gedrukt. De thuisploeg had in geen 5 jaar een dergelijk 2-12 nederlaag geleden.

De eerste minuten waren wat onwennig, zoekend naar elkaar. Maar na 10 minuten wisten ze elkaar prima te vinden en kwamen ze los. Naast de mooie combinaties en goaltjes, ook zeker leerpunten gezien de volgende wedstrijd.
Maar tijdens de eerste minuten in de KNVB competitie hebben de dames laten zien niet zomaar deelnemen.

Terechte blijdschap!

Tekst & Foto: Bristolteam

Peter de Lange gaat niet geforceerd de leider uithangen

Na omzwervingen bij tal van clubs is Peter de Lange dit seizoen weer neergestreken bij Barendrecht. De spits moet helpen de gedegradeerde tweededivisionist weer wat kleur op de wangen te bezorgen. “We moeten als elftal meer gaan uitstralen naar ons publiek.

Verwacht van de 31-jarige goalgetter geen uitspraak dat Barendrecht ‘terug moet’ naar de tweede divisie. “Met deze ploeg zitten we nog volop in de opbouwfase en dan is het niet realistisch om van kampioenschap of promotie te spreken. Laten we eerst maar eens goed gaan voetballen”, zegt de evenementencoördinator van de RET.

De Lange bouwde de afgelopen tien jaar bij diverse clubs een enorme staat van dienst op. “Ik heb geen klagen gehad en heb in de top van het amateurvoetbal mogen spelen. Bij Spakenburg heb ik de derby’s tegen IJsselmeervogels meegemaakt. Het voetbal in Spakenburg leefde enorm. Dat dorp ademde voetbal, ongekend. Als liefhebber was dat geweldig om mee te maken. Die druk van het presteren heb ik altijd als iets moois beschouwd.”

De Lange heeft zichzelf altijd gezien als liefhebber, ook al werd hij betaald voor zijn diensten. “Bij mij is voetbal altijd gepaard gegaan met gezelligheid en sfeer. Ik hou van een drankje na afl oop, na de training en de wedstrijd. Dat teamgebeuren staat bij mij op één.” Daarom juicht hij het toe dat spelers bij Barendrecht na afl oop blijven hangen. “Het creëert ook een band met de supporters en sponsors. Zo kweek je meer saamhorigheid.” Hij moest met lede ogen toezien hoe Barendrecht in de tweede competitiehelft van het afgelopen seizoen de weg kwijtraakte en kansloos degradeerde. “Je kunt het ook anders benaderen: de club heeft het met bescheiden middelen jarenlang fantastisch gedaan. Maar als je twee seizoenen geleden nog derde wordt, is degradatie naar de derde divisie natuurlijk een hard gelach.”

Hij vertrok als 23-jarige, nu behoort hij tot de spelers met veruit de meeste ervaring. Zichzelf opdringen als leider zal hij niet doen. “Oh nee. Ik ga niet geforceerd de leider uithangen. Ik heb genoeg voorbeeld gezien waarbij dat niet werkte. Het moet in je zitten, iets natuurlijks zijn. Ik ben tijdens een wedstrijd bezig met mijn eigen spel en voel me niet geroepen om andere spelers tot de orde te roepen.” Zoals hij zich ook niet druk maakt over een doelpuntje meer of minder.

“Dat zal ook wel met mijn leeftijd te maken hebben. Ik vind het nu veel belangrijker dat we winnen dan dat ik als doelpuntenmaker op het wedstrijdformulier sta.” Hij was wel even benieuwd hoe het met zijn neusje voor doelpunten was, omdat hij door zijn vroegtijdige vertrek bij Spijkenisse lange tijd niet speelde. “Ik miste wedstrijdritme en daarom was het wel lekker dat ik in de bekerwedstrijd tegen Wittenhorst meteen drie keer scoorde. Dat was een bevestiging die ik even nodig had.” De kans is groot dat Barendrecht zijn laatste club wordt. “Helemaal plannen kan je dat natuurlijk nooit, maar ik zou hier graag mijn carrière willen afsluiten. Mijn roots liggen bij Barendrecht, hier eindigen zou het afmaken. Voorlopig denk ik echter niet aan stoppen.”

Sleutelen aan vrouwenmodel

Barendrecht is hard bezig om een goede organisatie en structuur neer te zetten voor vrouwen- en meisjesafdeling. “We blijven sleutelen tot we het perfecte model hebben”, zegt Manon da Thesta.

Da Thesta (47 jaar) heeft samen met Massimo Gennari de coördinatie van Barendrecht in handen. “Ik ben drie jaar geleden door Piet van Ree gevraagd voor deze functie. Aanleiding was de samenwerking die Barendrecht was aangegaan met Excelsior bij de start van een vrouweneredivisieteam. Daardoor ontstond een nieuw soort dynamiek met kansen, maar óók met allerlei valkuilen op de weg.” Volgens Da Thesta, die jaren geleden hoofdtrainer was van vrouwen 1 van Barendrecht, was de organisatie niet ingericht op die complexiteit. “Op papier zag het er leuk uit. Barendrecht 1 is gaan fungeren als het beloftenteam. De hoge omwisseltijd van speelsters zorgden echter voor de nodige onrust. Daarom hebben we besloten om te gaan werken met vaste selecties. Voor Barendrecht 1 hebben we twaalf vaste speelsters, die aangevuld worden met vier speelsters die niet in actie komen bij het eredivisieteam. Dat geeft duidelijkheid en rust, ook naar het tweede elftal toe.”

“We hebben duidelijk stappen gezet, maar we zijn er nog niet”, vervolgt Da Thesta. “Graag zouden we nog een derde team willen hebben. Een recreantenteam, waardoor we plaatsbieden aan ambitieuze meisjes en speelsters die puur voor de lol willen spelen.” Volgens Da Thesta is de basis bij Barendrecht uitstekend. “We hebben dit seizoen twee onder 17-teams en zelfs drie onder 15-teams. De MO7-1 speelt op het hoogste niveau, net als de MO19-1. De MO15-1 speelt in de eerste klasse. Het gaat erom die opleiding door te trekken naar de senioren. Vandaar dat we van plan zijn om tweedejaars A-speelsters vervroegd door te schuiven. Het zou zonde zijn als we de aansluiting met Excelsior/Barendrecht niet realiseren. We willen graag als opleidingsclub worden gezien. Bij ons kan je als talentvol en ambitieus meisje de stap naar de eredivisie maken.”

Da Thesta weet ook dat andere clubs steeds meer energie leggen in de opleiding. “Feyenoord is gestart met de Girls Academy, Sparta is bezig. Daarnaast zitten hier in een straal van twintig kilometer de nodige amateurclubs op niveau. Dat maakt het lastig om iets op te bouwen. De verleiding om voor een andere club te kiezen, als het even niet naar de zin loopt, is groot. Wij moeten ervoor zorgen dat er geen aanleiding meer voor is. Dat lukt alleen als er een goede en duidelijke structuur en organisatie is.”

CentrumFIT trots op kampioenen DSE en Unitas’30

DSE en Unitas’30 zijn kampioen en Tim Coremans greep zijn kans onder de lat bij Sparta Rotterdam. Toeval of niet, al deze namen zijn verbonden aan centrumFIT in Etten-Leur. Paul Wijdeven, Eline de Lange en Robert de Ruiter doen de verzorging en fysiotherapie bij de twee Etten-Leurse voetbalclubs én begeleiden Coremans om zo fi t mogelijk te blijven. Fit blijven en snel revalideren voor de breedtesport en topsport, dat is centrumFIT.

De overeenkomst met DSE gaat inmiddels al haar vijfde seizoen in en met Unitas’30 het tweede jaar. CentrumFIT is een gevestigde naam in de Etten-Leurse sport. “Het zijn duurzame samenwerkingen, we doen niet alleen de verzorging en fysiotherapie bij DSE, maar helpen ook in advisering. Denk dan aan preventieve maatregelen of een trainingsschema voor in de zomer”, vertelt Paul Wijdeven, die zelf een achtergrond in de voetballerij heeft. “Ze kunnen meteen bij ons binnenlopen als er iets is, we zijn er op dinsdag- en donderdagavond en iedere zondag. Daarnaast kunnen de spelers snel bij onze locatie aan de Couperuslaan 22 terecht.” In samenspraak met de club heeft centrumFIT een professionele verzorgingsruimte in kunnen richten bij DSE. De samenwerking met de trainers is belangrijk. “Die moeten je vertrouwen. Als wij zeggen dat een speler niet kan spelen, dan kan dat ook echt niet. Dat gaat bij zowel DSE als Unitas’30 heel goed.”

CentrumFIT is er niet alleen voor topsporters en selectieteams, maar vindt de breedtesport juist zo belangrijk. “Iemand uit een vijfde team of een golfer van 70 jaar oud die graag achttien holes wil lopen zonder rugpijn is net zo belangrijk als een speler uit de selectie. We hebben de kennis, opleiding en ervaring die tot de topsport reikt, maar zijn er voor iedereen.” Die kennis is heel breed, maar tegelijkertijd hebben de medewerkers allemaal hun eigen specialisme. Zo weet Wijdeven alles van onder meer peesproblematiek en is De Lange gespecialiseerd in sporten als tennis en handbal, de zogenoemde bovenhandse sporten.

Ieder mens is anders, zo geldt dat ook voor je fysiek. Iedereen die bij centrumFIT aanklopt, krijgt dan ook maatwerk. Zo ook Tim Coremans, de Sparta-doelman uit Etten-Leur die zijn conditie en fitheid al sinds 2011 op peil houdt bij centrumFIT. Het is bij centrumFIT in de moderne sportruimte aan de Couperuslaan 22 ook mogelijk om lekker onder begeleiding te sporten, met een abonnement.

Dat DSE én Unitas’30 vorig seizoen kampioen zijn geworden, doet de fysiotherapeuten goed. “Je leeft heel erg mee, wordt echt onderdeel van het team. Ik weet zeker dat DSE in de derde en Unitas’30 in de eerste klasse goed mee kan doen.” En dat met een fitte selectie, dankzij centrumFIT. www.centrumfit.nl

Terug- én vooruitblik met Jordy Bollaart: ‘Waanzinnig seizoen’

Jordy Bollaart staat voor zijn tiende seizoen bij Unitas’30. De keuze voor het geel-zwart was de beste uit zijn carrière, met het kampioenschap van afgelopen mei als absoluut hoogtepunt. Hij kan niet wachten om de eerste klasse in te gaan met Unitas’30, het niveau waarop de club volgens velen hoort te acteren.

“Ik heb er zo veel zin in, laat die eerste klasse maar komen”, begint Jordy Bollaart. Het enthousiasme van de 30-jarige aanvoerder is duidelijk. Hij maakte al veel mee in zijn carrière, maar de eerste klasse is nieuw. “Als vereniging van 1600 leden, met het mooiste complex van Breda en omgeving en zo’n goede jeugdafdeling horen wij hier thuis.”

Bollaart is in tien jaar tijd uitgegroeid tot hét gezicht van Unitas’30, velen zullen niet eens weten dat hij toch echt van een andere vereniging komt. Hij stapte in 2010 over van Zwaluwe naar Etten-Leur, in een moeilijke periode. “Unitas’30 was toen net gedegradeerd naar de tweede klasse en in dat eerste seizoen zakten we gelijk weg naar de derde klasse. Als nieuweling is het dan extra lastig, zeker in die tijd. Elk jaar kwamen er toen tien tot vijftien nieuwe spelers, dat is na die tweede degradatie veranderd.”

ROODGLOEIEND
Unitas’30 zette in op de eigen jeugd en klom stapje voor stapje omhoog. Na jarenlang knokken voor promotie, lukte het in 2017 om een uitnodiging voor de tweede klasse te bemachtigen. Het eerste seizoen op dat niveau was moeilijk, maar vorig jaar kwam de beloning met een onverwachts kampioenschap. “Niemand had verwacht dat wij überhaupt mee zouden doen om de titel, wij hadden ook als doelstelling behoud zonder nacompetitie. Alles viel precies goed, waar we een jaar eerder veel pech hadden. We hadden daarnaast allemaal een jaar ervaring opgedaan in de tweede klasse en hebben de speelstijl in de slotfase van de competitie wat aangepast, zijn verdedigend gaan voetballen. Het is een waanzinnig seizoen geworden, het mooiste uit mijn carrière.”

Bollaart heeft de spelersgroep steeds beter zien worden, stapje voor stapje. En dat met eigen jongens, uit de grote en goede jeugdopleiding van de club. “Dat is de visie en die heeft zijn waarde bewezen in de afgelopen jaren. De telefoons van onze trainers stonden na het kampioenschap roodgloeiend. Iedereen wilde bij Unitas’30 komen voetballen, maar ze hebben allemaal hetzelfde gehoord: je begint in het tweede elftal, daar moet je je laten zien. Het huidige eerste elftal heeft krediet opgebouwd en de jeugd krijgt altijd een kans bij Unitas’30.”

VIJFTIG MAN
Het tweede team kon ook wel een impuls gebruiken, het gebeurde afgelopen jaren regelmatig dat Bollaart daar slechts zes of zeven man op het trainingsveld zag staan. Zij speelden in de reserve tweede klasse, een niveau dat niet aansluit bij een eersteklasser. “Nu trainen we met de A-jeugd, het tweede en eerste samen en dan hebben we in totaal zo’n vijftig man op het veld lopen. Die zijn allemaal netjes gekleed in nieuwe trainingspakken en -tenues. Iedereen krijgt hier een kans, dat zorgt voor eenheid.”

Voor de 30-jarige, die inmiddels vader is van een zoon en dochter, was 2018-2019 om nog een reden bijzonder: hij verhuisde van de aanval naar de defensie. In plaats van doelpunten maken, moest hij tegenstanders van het scoren afhouden. “Ik vind het leuk om op het hoogste niveau te voetballen en op deze positie kan ik langer mee dan in de punt van de aanval. Daarnaast ben ik meer van waarde achterin dan voorin, we hebben namelijk al een goede spits met Roman Witting.” Afgelopen seizoen stond Bollaart naast Ferdy Barendse. Wie zijn kompaan in de verdediging nu gaat worden, is de vraag: Barendse scheurde zijn kruisband af tijdens een bedrijventoernooi en komt dit seizoen waarschijnlijk niet in actie.

Bollaart verwacht een lastig seizoen, maar denkt dat Unitas’30 genoeg kwaliteiten heeft om zich te handhaven. Zeker gezien de versterkingen, die de spelersgroep breder maken. “Op dit niveau wordt echt gevoetbald, spelen ploegen geen werkvoetbal. Dat past bij ons, wij hebben er de groep voor om verzorgd en aanvallend te spelen.”

TRAINER
Daarnaast krijgt Unitas’30 een nieuw trainersduo, met Eddie van Vugt en Joris Hendrikx. Althans, nieuw… Hendrikx was vorig jaar de assistent van Kees de Rooij bij het eerste elftal en Van Vugt trainde de JO19-1. “Veel gasten kennen hen dus al, volgens mij is dit een goede zet geweest van de club.” Wellicht vindt Bollaart zichzelf na zijn carrière ook wel terug op het trainersstoeltje. “Ik heb de opleiding UEFA-C gehaald toen ik trainer was van de JO15-1, een leuk team op divisieniveau. Daar heb ik heel erg van genoten, maar nu heb ik het te druk met mijn gezin naast mijn eigen voetbalcarrière. Maar ik hou heel veel van het spelletje, dus wie weet komt het er ooit van.”

SVW heeft weer volwaardig meidenteam

SVW richt zich steeds meer op. Met de komst van het duo Tutu N’dona en Johnny Wijnbelt als technisch verantwoordelijken bij het eerste elftal, lijkt dat team zich verder te ontwikkelen. Ook het beleid bij de jeugd krijgt steeds meer vorm. Wij belichten het team met meiden onder dertien jaar.

GORINCHEM – Rean van der Schoot is jeugdtrainer bij SVW. Samen met een groep enthousiaste trainers is in 2015 een jeugdbeleidsplan uitgerold, gevolgd door het volgen van een trainerscursus door een aantal trainers. ,,Wij werken volgens het model positief coachen en hebben een spelersvolgsysteem opgesteld. Omdat wij dat nu een aantal jaren volhouden, groeit SVW vooral met de jeugd enorm in aantallen maar ook qua niveau. Een voorbeeld: er is een enorme instroom van zesjarigen. Daar lopen onze trainers nu met ruim twintig van die kids. Geweldig om te zien. Ons succes wordt van mond-tot-mond doorgegeven zodat uit de hele stad leden zich aanmelden. Wij doen kennelijk iets goed.”

MEIDEN ONDER DERTIEN
Toen wij in het voorjaar aan de gang gingen met het samenstellen van de nieuwe teams werd duidelijk dat wij opeens over veel meiden van dertien jaar en net iets jonger beschikken. Besloten is hen samen te voegen in één team en zo heeft SVW voor het eerst in 25 jaar weer eens een volwaardig meidenteam in competitie. Het gaat op dit moment over elf meisjes die in een competitie van acht-tegen-acht gaan uitkomen. Deze lijn gaan wij hopelijk doortrekken en wie weet wat zich nog meer aandient. Het voordeel is dat de groep die wij nu hebben samengesteld, nog jaren met elkaar door kan. De KNVB gaat met meidenteams overigens wat soepeler om wat betreft afwijkende dispensatieregels. De meiden gaan twee keer per week trainen. Er komt een goede begeleiding op. Joe Bos (ex-GJS, red.) zit daar als leidster bovenop. De intentie is elkaar beter te maken waarbij de sfeer en het plezier heel belangrijk zijn.” De meiden gaan straks naar een heel veld en ook daar moeten zij op voorbereid worden. ,,Het voetballen met elf meiden in een team, volgend seizoen, vereist weer andere vaardigheden.” SVW heeft met name achter dit team een grote sponsorgroep zitten. Het ontbreekt de meiden aan niets. Kleding, tassen en trainers, alles is geregeld. Straks begint de bekercompetitie en kunnen zij er tegenaan met tegenstanders als SteDoCo, GJS en Unitas.

Bij SVW weet men dat het meiden- en vrouwenvoetbal een boost krijgt. Via Facebook deed de club een oproep aan meiden om zich te melden en meteen was de interesse aanwezig. Inmiddels is aan de onderkant, bij de 7-jarigen, ook al een meidenteam samengesteld. Van der Schoot: ,,Ik weet echt niet waar dit gaat eindigen. Het zou zomaar kunnen dat de komende weken zich weer een aantal meiden meldt. Zij zijn net als alle voetballers en voetbalsters hartstikke welkom bij SVW. Nadat wij vier jaar geleden aan de hand van een nieuw jeugdplan zijn gaan werken, maakten wij seizoenen mee dat er zomaar twintig tot dertig kinderen zich bij de club meldden.”

Vader en zoon Coenraads koesteren GJS

Het opleiden van de allerjongste jeugdspelers gebeurt vaak door vaders. Bij de familie Coenraads, lid van GJS, is het niet anders. Toen de kleine Danny vijf jaar was, mocht hij bij de mini’s beginnen. Vader Mark sprong al snel bij om tijdens de trainingen te assisteren.

GORINCHEM – Danny – hij heeft zijn positie als rechtsback gevonden – is inmiddels al een stuk verder. Hij maakt nu de stap naar JO13. Een grote stap, want dat wordt voetballen op een heel veld. In de laatste week van augustus begint voor hem de training. Het nieuwe team JO13 is samengevoegd uit drie teams. Zij zullen nog even tijd nodig hebben om aan elkaar te wennen. De trainingen zijn op dinsdag en donderdag. ,,Wij kunnen er direct tegenaan want op 31 augustus is meteen de eerste bekerwedstrijd. Wij komen in het bekertoernooi uit tegen SVS’65, Herovina en Theole”, weet Mark Coenraads. ,,Op donderdag gaat Danny mountainbiken bij Jan van Arckel. Dat is over een paar weken afgelopen. Op woensdag is hij in de Lingewijk bezig met cardioboxen.” Danny: ,,Ik denk dat ik mountainbiken ga combineren met voetballen.”

Mark Coenraads loopt al even mee bij GJS. ,,Ik ben nu acht jaar actief bij de club. Vijf jaar was ik voorzitter van de jeugdafdeling. Ik was deels verantwoordelijk voor sponsoring ten behoeve van GJS. Samen met Walter Gremmen hield ik mij bezig met de totstandkoming van het pannaveld. Op dit moment staat alles in het teken van GJS Facilitair. Dit betekent dat ik voor GJS alle kleding, ballen en andere zaken zoals trainingskleding, hesjes, dopjes, pionnen en waterzakken, eigenlijk alles dat wat rond de club een rol speelt, binnenhaal en verdeel. GJS is net overgegaan op een nieuwe kledinglijn via 100% Football. Op 17 augustus is alles uitgereikt aan de teams.”

Om te vervolgen: ,,Momenteel zijn wij hard aan het werk aan een nieuw ballenhok. Wij hebben 59 teams in competitie en die beschikken allemaal over veertien ballen. Dan hebben wij het over ruim achthonderd ballen. Er zijn qua gewicht zes soorten ballen. Van 240 gram bij de mini’s tot 400 gram voor de senioren. Ballen voor de vrouwen zijn weer net afwijkend. Er is een primeur, want vanaf dit seizoen heeft elk team een eigen locker met ballen.”

Mark Coenraads weet niet hoelang GJS het in dit tempo nog volhoudt. ,,De club blijft maar groeien. Leden blijven zich aanmelden, maar wij lopen op een moment vast met de huidige zes velden waarover wij beschikken. Achter de schermen wordt gesproken over de komst van een tweede kunstgrasveld. Dat zou wat lucht kunnen geven.”

Coenraads is druk. De meeste tijd besteedt hij aan zijn bedrijf Coenraads Stofferingen, gevestigd in Arkel. Omdat hij zijn eigen tijd kan indelen is hij regelmatig bij GJS. Dat begint op maandagmorgen als hij even een kijkje neemt bij de onderhoudsploeg. De senioren zijn er drie ochtenden in de week. Op dinsdag en donderdag verzorgt hij de training bij JO13. ,,Op dinsdagavond train ik ook met mijn eigen team, de veteranen. Op zaterdagmorgen ben ik op de club. Er zijn altijd vragen. Ik ga mee met het team van Danny en op zaterdagmiddag voetbal ik zelf.”

Arno Kooij is wegwijzer bij talentontwikkeling

Met het binnenhalen van Arno Kooij (54) als hoofd jeugdopleiding wil Barendrecht de talentontwikkeling verder stroomlijnen. “Het moet voor iedereen duidelijk zijn welke weg een talent moet bewandelen richting de top van de club”, aldus Kooij.

De inwoner van Berkel en Rodenrijs vult op sportpark De Bongerd de vacature in die al een tijdje open stond na het vertrek van de vorige hjo, Roel Verwaaijen. Volgens de club was het hard nodig dat er een ervaren man kwam die de visie van de club uitdraagt en de kwaliteit van de jeugdopleiding bewaakt.

“Ik heb gemerkt dat de samenhang tussen de verschillende geledingen op sommige plekken wat ontbrak”, zegt Kooij. “Ik zal mij vooral in het begin richten op de verbetering daarvan. Er moet een goede opleidingsstructuur komen die voor iedereen duidelijk en begrijpelijk is. Er is een tijdje geen toezicht geweest van bovenaf en dat zie je terug. Dan wordt er niet één koers, maar worden er meerdere koersen gevaren.” Kwaliteit, zo geeft de voormalig hoofd jeugdopleiding van SHO, TOGB en Zwaluwen Vlaardingen, is er meer dan voldoende.

“Aan talent ontbreekt het niet. Barendrecht is altijd een bolwerk geweest en zal, met het grote aantal spelers, altijd talent voortbrengen. Kwaliteit in vorm van trainers is er ook meer dan voldoende.” Kooij was zeven jaar werkzaam bij TOGB in Berkel. In die periode legde hij een stevig fundament voor de jeugdopleiding van de Berkelse club. “De situatie van TOGB is niet te vergelijken met die van Barendrecht. Bij TOGB waren ze, toen ik begon, niet of nauwelijks gewend met prestatiegericht voetbal, bij Barendrecht is het diepgeworteld. Hier zijn ze veel verder.”

Het begint volgens Kooij altijd met een visie. “Barendrecht weet als club duidelijk wat het wil. Het is aan mij om die visie te vertalen richting het veld. Zonder goede trainers bereik je niks. Het derde aspect is de samenhang. Als die ontbreekt wordt het ook lastig om de geformuleerde doelstellingen te bereiken.”Kooij fungeert daarbij voor alle opleiders in de club als wegwijzer. “Ik weet zeker dat ik heilige huisjes omver ga trappen. Ik ga dingen doen die sommige mensen niet leuk vinden, maar ik dien het belang van de club, niet die van een individu.”“Eén van mijn stokpaardjes is dat kwaliteit op het gras moet staan. Daarom zul je je trainers moeten helpen bij het verder ontwikkelen. Er zal bij de opleiding van trainers nog meer aandacht moeten komen voor het mentale en fysieke aspect. De verbreding van de opleiding vormt een belangrijk deel van mijn taken.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.