Home Blog Pagina 1119

Admiraal al meer dan 25 jaar een gewaardeerde kracht binnen Kozakken Boys

Kozakken Boys heeft iemand op de vereniging rondlopen die ervoor zorgt dat alles tip top geregeld is. Chris Admiraal (61) is inmiddels al meer dan 25 jaar vrijwilliger voor de club en al 18 jaar ‘de baas’ op ‘De Zwaaier’. Admiraal is namelijk sportparkbeheerder en is door de jaren heen uitgegroeid tot een zeer gewaardeerde kracht binnen Kozakken Boys.

Voor zijn tijd als vrijwilliger was Admiraal zelf ook nog op de velden te vinden. Het selectie niveau was echter niet voor hem weggelegd, maar dat maakte hem dan ook niet uit. ‘’Ik voetbalde in de lagere elftallen, maar de derde helft vond ik toch het leukste, haha.’’

Na een operatie heeft Admiraal een vorm van dystrofie opgelopen waardoor hij gedwongen moest stoppen met het voetballen. Een domper, maar dit heeft hem er zeker niet van weerhouden om op te geven. Met hetgeen dat hij doet voor Kozakken Boys kan hij afleiding vinden en voelt zich dan ook prettig wanneer hij voor de club zijn werkzaamheden kan verrichten.

Als beheerder van het sportpark is Admiraal verantwoordelijk voor een tal van zaken. ‘’Ik doe eigenlijk alles wat met materiaal regelen te maken heeft. Ik bestel alles wat de teams nodig hebben. Vanaf de jongere elftallen tot aan het eerste toe en daarnaast zorg ik ervoor dat de ruimtes waarover de vereniging beschikt schoon blijven.’’

De mensen binnen de club waarderen zijn inzet. Dit krijgt Admiraal dan ook vaak te horen. Hier haalt hij zijn voldoening uit en motiveert het Admiraal om door te gaan. ‘’Ik krijg van alle mensen de complimenten dat ik het maar weer mooi gedaan heb, dat doet me goed. Ik heb t gewoon enorm naar mijn zin hier, anders had ik het natuurlijk ook niet blijven doen.’’

Kozakken Boys is uitgegroeid tot een prachtige vereniging. Er is echter altijd nog plek voor verbetering. Gelukkig zijn er al een tal van plannen gemaakt die de club naar een hoger niveau moeten tillen. ‘’Er komt binnenkort nog een uitbreiding van de nieuwe tribune. Verder komt er nog een verbeterd krachthonk en ballenruimte. Voor mijzelf een materiaalruimte, omdat het nu nog in twee containers zit. Daar is nu al voor geheid en in 2020 gaat dit allemaal van start. Er komt dus nog een grote uitbreiding aan waar ik binnen vermogen zeker mijn steentje aan bij zal dragen.’’

Hoe groot de inzet van Admiraal ook is hij kan het niet alleen. Hij heeft echter een fi jne ploeg om zich heen kunnen vormen die hem helpen alles in goede banen te leiden. ‘’Regelmatig heb ik stagelopers die ik de ruimte geef om mee te doen. Wanneer zij eenmaal zien wat er allemaal bij komt kijken zijn ze vaak nog verbaast van de hoeveelheid werk die erin gaat. Ik zou nog graag een bedankje willen doen naar alle vrijwilligers bij Kozakken Boys voor hun inzet door de jaren heen en voor de jaren die nog komen gaan, bij deze bedankt!’’

Wil je meer informatie over de club Kozakken Boys? Klik hier.
Lees hier de krant van Altena.

Vrouwen NSVV timmeren aan de weg

0

Vrouwenvoetbal groeit snel bij NSVV. De selectie van trainers Leon Leeuwenburgh en Ronald van den Boogert groeide afgelopen zomer van vijftien naar 25 speelsters. In de vijfde klasse behoort de debutant tot de middenmoot, maar de trainers verwachten hun ploeg aan het einde van de rit bovenin het linkerrijtje.

NUMANSDORP – Bijna anderhalf jaar zijn Leeuwenburgh en Van den Boogert bezig met de vrouwenselectie van NSVV. In de zomer van 2018 werden zij aangesteld voor het eerste vrouwenselectieteam binnen de club. Het trainersduo is al zo’n veertig jaar lid en was tot hun overstap naar de vrouwen actief als keeperstrainer en leider bij de jeugd. ,,We kennen elkaar al zeker dertig jaar. Toen ik werd gevraagd om de vrouwen te gaan trainen, besloot ik Ronald te vragen om mij te helpen’’, vertelt Leeuwenburgh over de totstandkoming van hun samenwerking. Zelf was hij voor zijn overgang naar de vrouwen trainer van de B1. ,,Ooit ben ik begonnen bij de D5, het team van mijn neefje dat toen zonder trainer zat. Ronald was altijd leider van de teams waarin zijn zoontje speelde. Tijdens onze actieve loopbaan wisselden we elkaar een beetje af bij de selectie en in het zevende elftal, een vriendenteam. Zelf voetbal ik nog wel, maar het lichaam wil niet echt meer en het wordt tijd om te stoppen. Blijf ik iets fitter voor die meiden.’’

In het eerste seizoen speelden de NSVV-vrouwen in een 7×7-competitie. ,,We hadden vijftien speelsters en omdat er door werk nog weleens iemand ontbrak, was de selectie nog niet breed genoeg voor een reguliere competitie’’, aldus Leeuwenburgh. Het eerste seizoen leverde direct een prijs op, want NSVV greep het kampioenschap. In de zomer meldden zich tien nieuwe speelsters aan, waardoor de selectie groeide naar 25 speelsters waarvan er 22 speelgerechtigd zijn. Speelsters genoeg in elk geval voor een overstap naar een competitie waar ‘gewoon’ elf tegen elf wordt gespeeld.

,,Het is een hele fanatieke groep, de speelsters zijn erg leergierig’’, aldus Leeuwenburgh. De gedrevenheid van zijn selectie valt niet alleen op het veld op, maar ook daarbuiten. ,,Vorig seizoen zijn we op trainingskamp geweest naar Albufeira en dit seizoen gaan we naar Marbella. Die meiden zijn druk met het regelen van sponsoren, ze hebben een pepernotenactie en een rad van avontuur opgezet om geld in te zamelen, zodat iedereen maar een kleine eigen bijdrage hoeft te betalen.’’

Het trainersduo merkt dat NSVV nog moet wennen aan een volwaardige vrouwenselectie. ,,Maar de steun vanuit de club is groeiende. Dit is het derde jaar dat die meiden bezig zijn. Vorig seizoen speelden we natuurlijk zeven tegen zeven, dat neemt nog niet zoveel ruimte in. Maar nu we groeien, hebben we ook wat meer ruimte nodig. Misschien helpen onze prestaties wel mee om meer aandacht binnen de club te krijgen. Vorig seizoen werden we natuurlijk direct kampioen, dit seizoen verwachten we in de top vijf van de vijfde klasse te kunnen meedoen. Die prestaties vallen natuurlijk wel op. Bovendien kregen we afgelopen zomer in een keer tien aanmeldingen van speelsters, misschien volgen er volgend jaar zomer nog wel wat nieuwkomers. Dat is voor de club natuurlijk ook heel interessant.’’

Wessel van den Boom grijpt zijn kans bij NOAD’32

NOAD’32 heeft na de degradatie uit de tweede klasse de weg omhoog weer ingezet. De club uit Wijk en Aalburg kende een niveau lager een prima seizoenstart. Bovendien is trainer Rob van Loon blij met een clubjongen als Wessel van den Boom (17), die een stormachtige ontwikkeling doormaakt.

Qua resultaten was het geen goed moment om in te stappen, maar toch vond Wessel van den Boom het leuk dat hij vorig seizoen vanaf de winterstop vast aansloot bij het eerste van NOAD’32. “Het team draaide niet zo lekker in die fase en we kregen veel tegengoals, dat was niet leuk als centrale verdediger. Maar toch vond ik het gaaf om in het eerste te spelen. Ik heb in die fase veel geleerd. Ik profiteer nu van de opgedane ervaringen, nu ik sinds de start van het seizoen in het eerste speel”, legt hij uit. “En ondanks de matige voorbereiding, kenden we dit jaar een goede start van het seizoen. Overigens debuteerde ik al op mijn zestiende in het eerste, het jaar waarin het eerste kampioen werd in de derde klasse, dus deze competitie is niet helemaal nieuw voor me.”

Van den Boom speelt als zijn hele voetballeven bij NOAD’32. Hij doorliep alle selectieteams van de rood-witten en al zolang als hij zich kan herinneringen is hij centrale verdediger. In de jeugdteams meldde hij zich ook regelmatig in vijandelijk doelgebied tijdens aanvallen, maar tegenwoordig steekt hij alleen de middenlijn over bij corners en vrije trappen vlak buiten de zestien. “De verdediging is echt mijn plekkie. Ik vind het leuk om aanvallers uit te schakelen en bovendien heb je achterin overzicht, dat vind ik fijn. Op het middenveld of in de aanval kom ik niet uit de verf, al scoor ik wel regelmatig bij standaardsituaties. Dan kan ik voor gevaar zorgen.”

VERVROEGDE OVERSTAP
Eigenlijk mag Van den Boom nog uitkomen in de JO19-1 van NOAD’32, het elftal waarin veel van zijn vrienden spelen. “De jongens vinden het enerzijds jammer dat ik vroegtijdig ben overgegaan naar de senioren, maar ze snappen mijn keuze. Ze gunnen me deze kans.” Van den Boom volgt de prestaties van de JO19-1 op de voet en bovendien staat hij nog regelmatig met de spelers op het trainingsveld. “De selectie traint op dinsdag en donderdag en de JO19-1 op maandag en woensdag. Als ik tijd heb, doe ik soms ook gezellig met de JO19-1 mee.”

Het fanatisme van Van den Boom heeft men ook al opgemerkt in de selectie van NOAD’32. “Ik ben altijd aanwezig op de trainingen en wil snel beter worden. Spitsen van de tegenstander zijn vaak fysiek sterk en slim, daar moet ik me zo goed mogelijk tegen wapenen.” Met NOAD’32 hoopt Van den Boom een periodetitel in de wacht te slepen. Ook wil hij zijn basisplaats het hele seizoen behouden. “Ik vind het erg leuk om in het eerste te spelen. Het is een warme vereniging waar plezier en prestaties in balans zijn. De zaterdagavonden na de wedstrijden zijn altijd vermakelijk. Half december word ik achttien, dus wellicht drink ik na mijn verjaardag ook een biertje mee met mijn teamgenoten.”

Wil je meer informatie over de club NOAD’32? Klik hier.
Lees hier de krant van Altena.

Mari van der Sterren wil stappen zetten met NOAD’32

Met de aanstelling van Mari van der Sterren als nieuwe voorzitter van de technische commissie heeft NOAD’32 afgelopen zomer heel wat voetbalkennis in huis gehaald. De 64-jarige voormalige trainer is zodoende voor de tweede keer in zijn lange loopbaan in dienst van de club uit Wijk en Aalburg.

Zowel doordeweeks als op zaterdag is Mari van der Sterren sinds dit seizoen vaak te vinden op de mooie velden van sportpark Korenzand. De doorgewinterde voetballiefhebber analyseert op trainingsavonden de oefensessies van jeugdteams en geniet op zaterdagen van de wedstrijden van zowel pupillenteams als het vlaggenschip van NOAD’32. “Ik ben verslaafd aan het spelletje en vind het leuk om de rol binnen de technische commissie te bekleden”, zegt de man uit Haarsteeg. “Ik geniet van de spelvreugde van de jongste talenten, maar kijk ook graag naar tieners die op het punt van doorbreken staan in het seniorenvoetbal. Hopelijk kan ik een bijdrage leveren aan de opleiding van talentjes die later schitteren in ons eerste team.”

STEVIG FUNDAMENT
Naar eigen zeggen is Van der Sterren bij NOAD’32 afgelopen zomer in een gespreid bedje terechtgekomen. Zijn voorganger Wim van de Goor, die het na zeven jaar welletjes vond, heeft voor het stevig fundament gezorgd waarop de club kan bouwen. “De accommodatie ligt er goed bij, de organisatie is goed gestructureerd en we hebben behoorlijk wat jeugdteams waarin ik veel talent bespeur. Bijna alle elftallen hebben voldoende begeleiding, we hebben een trouw groepje scheidsrechters en ik vind het ook leuk dat onze dames- en meidenteams goed presteren”, aldus Van der Sterren. “Aan mij de taak om te observeren waar we binnen onze club dingen kunnen verbeteren. Ik kijk naar de oefeningen die de jeugdteams krijgen aangeboden, maar ook naar de sfeer en de omgang met spelers.”

Van der Sterren is absoluut geen onbekende bij NOAD’32. Het voetbaldier is trainer geweest bij onder meer GDC, VV Haarsteeg en RKDVC en in de seizoenen 1994/1995 en 1995/1996 was hij hoofdtrainer van NOAD’32. Hij liet onder meer gerespecteerde clubmannen als John van Bergeijk, die hem aanstelde als voorzitter van de technische commissie, en Jerry Bouman debuteren in het vlaggenschip van de rood-witten. Wat herinnert Van der Sterren zich 25 jaar later nog van die periode? “Het voetbal ging een paar tempo’tjes langzamer dan nu, maar de sfeer was destijds al heel goed. Ik herinner me NOAD’32 als een warme, gezellige club waar men graag komt. Behoorlijk wat mensen kennen me nog van mijn periode als trainer, dat is leuk.”

Het eerste van NOAD’32 degradeerde afgelopen seizoen na één jaar alweer uit de tweede klasse, maar een niveautje lager had het team van Rob van Loon de ‘winning mood’ al snel weer te pakken. “De club heeft de ambitie om met zo veel mogelijk eigen jongens een middenmoter in de tweede klasse te worden”, zegt Van der Sterren. “Dat is een zware, maarmooie uitdaging. Ik zie een heleboel mooie dingen gebeuren bij de club en ik probeer mijn steentje bij te dragen aan een hopelijk rooskleurige toekomst van NOAD’32.”

Wil je meer informatie over de club NOAD’32? Klik hier.
Lees hier de krant van Altena

Zolang hij geen klachten hoort gaat Youri van Oosten door

0

Hij heeft een contract voor het leven bij het eerste en enige vrouwenelftal van CION, Youri van Oosten. “Blijkbaar zijn ze mij na al die jaren nog steeds niet zat”, zegt hij lachend. “Volgens mij nemen ze mij ook met een korreltje zout. Ik sta regelmatig in de dug-out te schreeuwen, maar of de boodschap aankomt… ik betwijfel het.”

Van Oosten (36) houdt wel van een beetje (zelf)spot. “Als je dat bij CION niet hebt, hoor je hier ook niet thuis.” Dat CION de gekste en leukste club is van Vlaardingen, dat had hij twintig jaar geleden ook gehoord. “Op dat moment denk je: het zal wel. Maar het is echt waar. De jaren verstrijken, maar die unieke eenheid blijft.”

“Ik ging met wat vrienden van HVO eens een keertje kijken bij CION. We kwamen in de kantine terecht, destijds aan de Marathonweg. We zijn nooit weggegaan.”

Hij speelde de laatste jaren bij het vijfde elftal, dat later het vierde werd. Hij moest echter afhaken vanwege een blessure. “Een achillespeesblessure die maar niet over ging. Op een gegeven moment was ik er klaar mee. Het enige wat veranderde was dat ik niet meer voetbalde. Voor de rest was ik er altijd bij. In de kleedkamer, in de dug-out en uiteraard tijdens de derde helft.” Sinds een jaar of tien (‘het kunnen er ook twaalf zijn’) traint en begeleidt hij de vrouwen van de Vlaardingse club. “In het begin hadden we een elftal van voornamelijk beginners. Gaandeweg zijn daar speelsters van andere clubs met ervaring bijgekomen. Toen zijn we ook langzaam maar zeker beter gaan presteren. We zijn twee keer in de vijfde klasse tweede geworden. Eén keer leverde dat promotie naar de vierde klasse op. Hoewel dat best aardig ging, zijn we toch dat seizoen daarop weer gedegradeerd.”

“Dit seizoen draaien we goed bovenin mee. We staan vierde en hebben uitzicht op meer. Ik geloof niet dat die meiden per se kampioen willen worden. Eigenlijk moet ik het anders zeggen. Dat feestje bij een kampioenschap willen ze graag. Typisch CION. De promotie kan ze gestolen worden, maar ik denk niet dat ze zitten te wachten op de vierde klasse.”

Hij is zo’n beetje getrouwd met het team. Zijn contract wordt ieder jaar stilzwijgend verlengd. “Zolang ik geen klachten hoor gaan we op dezelfde basis door.” Dat is niet ingewikkeld, benadrukt hij. “Gewoon gezellig maken met elkaar.”

Toen CION handige handjes nodig had om het nieuw onderkomen voetbalproof te maken, stond hij als één van de eerste vrijwilligers klaar met hamer, zaag en spijkers. De timmerman van beroep vindt dat niet meer dan normaal. “Er is niets mis mee om je handjes te laten wapperen. Ik vind het ook leuk. Wandje hier, wandje daar. Barretje erin. Ik heb zelf ook plezier van mijn werk.”

 

Deltasport in volle vaart naar de toekomst

Een kale betonvlakte, omringd door ijzeren hekken. Dat is de enige tastbare herinnering van Deltasport aan het karakteristieke clubgebouw dat eind maart door een brand volledig werd verwoest. De club heeft intussen de wonden gelikt en huisvesting gevonden in de ruimten onder de tribune op sportpark Broekpolder.

“We moeten verder en volgens mij zijn we dat met zijn allen in volle vaart aan het doen”, zegt trainer en bestuurslid Ton Pattinama. “Natuurlijk was die brand een enorme klap voor iedereen. De eerste dagen heb ik ook als verdoofd rondgelopen. Maar op een gegeven moment is het rouwen voorbij en het wordt tijd voor actie.”

Bij Deltasport werden de mouwen door de hele club opgestroopt. “Ik ken geen lid die niet meegeholpen heeft om alles gereed te maken voor het nieuwe seizoen.”

De bestuurskamer cq businessruimte moest worden omgebouwd tot een nieuwe kantine. “Er is ontzettend veel werk verzet. Een club kan niet zonder kantine. Als je geen kantineopbrengsten hebt, wordt het heel lastig.”

Pattinama zelf stond voor een dubbele opdracht, want de nodige spelers van het uit het eerste klasse gedegradeerde eerste elftal waren of gestopt of vertrokken. De oud-prof moest op zoek naar adequate vervangers. “We hebben eigenlijk noodgedwongen een heel jonge groep moeten samenstellen”, vertelt hij. “Een groep die bestaat uit stuk voor stuk talentvolle jongens, maar wel die weinig of geen ervaring hebben op het niveau van de tweede klasse. Het plan is altijd geweest om ze rustig te brengen. Door de omstandigheden hebben we ze echter voor de leeuwen moeten gooien. Dat is een proces van ups en downs.”

De prestaties zijn nog niet om over naar huis te schrijven, maar Pattinama stelt dat de nasleep van de brand daar niets mee te maken heeft. “Dat speelt absoluut geen rol meer. Dat speelde het wel toen het net was gebeurd. Toen was de impact op de club, logisch uiteraard, heel groot. In principe is alles nu weer normaal. De club doet zijn best om ervoor te zorgen dat wij als technische staf en de ploeg zich maar met één ding hoeft bezig te houden: voetballen.”

Volgens Pattinama hoeven de supporters van Deltasport niet bang te zijn dat de club verder afglijdt. “Degradatievoetbal is niet aan de orde”, is hij stellig. “Er zit enorm veel potentie in deze groep. De oudere spelers hebben daarin een belangrijke rol. Zij moeten de jongere spelers op dit niveau wegwijs maken. Ik zie het spel met stappen vooruit gaan.”

Probleem is wel de krappe selectie. Mede door de nasleep van de wedstrijd tegen HMSH werd de groep behoorlijk uitgedund. Drie spelers kregen een langdurige schorsing. Pattinama: “Dat zijn wel drie basisspelers.”

Pattinama is ervan overtuigd dat Deltasport er snel weer bovenop is. “Het is wachten op een nieuwe accommodatie. Er lopen gesprekken met de gemeente. Door die brand hebben we tegen drie nieuwe teams nee moeten zeggen. In ons tijdelijk onderkomen is niet genoeg ruimte.”

Grote plus van de huidige selectie is de saamhorigheid. “Bij deze groep leeft heel erg het idee van samen winnen en samen verliezen. Vorig seizoen werden nogal makkelijk verwijten gemaakt naar elkaar. Dat is dit seizoen heel anders. Dat geeft mij het gevoel dat we met deze groep ver kunnen komen. We investeren graag in deze groep, want we willen liever niet na elk seizoen weer op zoek nieuwe spelers.”

 

Faas staat al 25 jaar met de vlag in zijn hand bij Sluis

Het vrijwilligersleven zit bij hem in de genen, dat kan niet anders. Angelo Faas (43) zet zich in Sluis in op allerlei gebieden. Net als zijn vader dat vroeger deed.

Er zijn clubs die vrijwel ieder seizoen wel weer moeten uitkijken naar een nieuwe vlagger. Bij zondag-vierdeklasser SV Sluis kennen ze dat probleem helemaal niet. Oké, Faas was even twee jaar ergens anders te bewonderen, maar is al vanaf zijn achttiende assistent-scheidsrechter van het eerste elftal. Hij debuteerde dus al 25 jaar geleden!

Vrijwel al die tijd combineerde Faas zijn assistent-werkzaamheden met het voetballen bij het tweede elftal. Waar broer Stefan altijd het doel verdedigde (ook nog in het eerste), daar was Faas de voetballer. Eentje die al vanaf zijn vijfde het rood-witte tenue droeg. ,,Totdat ik drie jaar geleden dus m’n enkelband scheurde”, vertelt Faas nog altijd met enige weemoed in zijn stem.

PAPLEPEL
Samen met vader Jaap maakte hij nog een tweejarig uitstapje naar Cadzand. Hij als vlagger, vader als verzorger. ,,We waren het destijds niet helemaal eens met het beleid bij Sluis, omdat er veel Belgische spelers kwamen. Zelf was m’n vader vroeger ook assistent-scheidsrechter, en was hij zelfs actief voor de KNVB. Hij deed echt van alles; verzorger, vlagger, en hij was zelfs nog voorzitter van SV Sluis. Ook was hij enorm betrokken bij de EHBO. Zeven jaar geleden is hij overleden.”

Het vrijwilligersleven werd bij Faas dus met de paplepel ingegoten. Buiten het voetbal om is hij al sinds zijn 21ste actief bij de vrijwillige brandweer. En ook de jeugd krijgt zijn aandacht. ,,Af en toe fl uit ik die op zaterdag, en ook bij toernooien ben ik vaak van de partij. Ze weten m’n telefoonnummer…”

,,Weet je”, sluit Faas af. ,,Het vlaggen is gewoon een hobby en ik help de vereniging ermee. Zoals ik ook af en toe met de ophaal van het oud papier help, en vroeger met het onderhoud van de velden. Zoiets doe je gewoon voor je clubje.”

Wil je meer informatie over de club Sluis? Klik hier
Lees hier de krant van Zeeuws-Vlaanderen

JVOZ-talent van de Kerkhove houdt van voetbal op hoog niveau

KLOOSTERZANDE/ VLISSINGEN – Hij zit inmiddels voor het tweede jaar in een topsportklas van het Vlissingse Scheldemond College. Pepe van de Kerkhove (13) uit Kloosterzande geniet met volle teugen van de combinatie school en voetbal. Want het jeugdige voetbaltalent zit alweer drie seizoenen in de opleiding van JVOZ.

De keus voor het Scheldemond College was voor de middenvelder van de JO14 echter geen moeilijke. Het is wel elke dag vroeg uit bed, want om 6:45 uur stapt hij op de bus richting Vlissingen. “Dan is het school tot kwart over twee en sta ik om half drie op het voetbalveld om te trainen. En dat dus vier dagen per week. Alleen op woensdag trainen we niet en hebben we langer school. Ik heb het er heel graag voor over en geniet volop van de kansen die ik krijg. Ik wil proberen om er als voetballer het maximale uit te halen en daar is dan JVOZ een mooie kans voor bij ons in Zeeland.”

Maar het talent van de tiener is ook buiten de provinciegrenzen al meer dan bekend. Zo werkte hij in dit jaar al een meerdaagse stage af bij PSV Eindhoven. Ook enkele trainingen bij JVOZ-opleidingspartner Sparta Rotterdam heeft hij achter de rug. Een blessure vorig seizoen, gooide een prachtige kans echter nog in duigen. “Ik kreeg vorig jaar een uitnodiging om een meerdaagse stage te gaan doen bij AFC Ajax. Maar door mijn blessure aan de knie ging die jammer genoeg niet door”, zegt de huidige aanvoerder van de JVOZ JO14, die tot zijn tiende speelde in de jeugd van v.v. Hontenisse.

Toch heeft hij dit seizoen de draad van presteren weer opgepakt, terwijl het ook op school prima gaat. “Elke dag maak ik netjes mijn huiswerk en haal goede cijfers. Mijn ouders stimuleren me daarin ook en geven me alle kansen. Ook bij Scheldemond worden die kansen me gegeven. Daar probeer ik optimaal gebruik van te maken. En dan zie ik wel waar ik uiteindelijk terecht kom. Ik hoop natuurlijk ooit bij een profclub te komen, daar train ik hard voor in elk geval.”

Binnenkort volgt er al een nieuwe kans, wanneer hij op stage gaat bij de jeugd van Belgisch kampioen Club Brugge. Maar ook PSV en AFC Ajax hebben hem zeker nog op de radar, terwijl ook andere profclubs hem volgen. Wat het uiteindelijk wordt maakt Pepe niet uit, al heeft hij wel een stiekeme voorkeur. “Maar dat ga ik niet zeggen. Eerst maar mijn best doen en blijven presteren. Op het veld én op school. Want als het een niet mocht lukken, dan is een diploma later ook erg belangrijk.”

Wil je meer informatie over de club JVOZ? Klik hier.
Lees hier de krant van Zeeuws-Vlaanderen.

In gesprek met Esad Besic trainer van de jeugd bij Baronie en IFC

Esad Besic (32) is op dit moment trainer bij Baronie en IFC. Besic komt oorspronkelijk uit Bosnië Herzegovina en woont nu 26 jaar in Nederland. Op zijn zesde is hij begonnen met voetballen op Terschelling en daarna is hij naar Rotterdam verhuist waar hij echt begon met voetballen bij SV Bolnes.

Helaas moest de toenmalige aanvaller stoppen met voetballen door een knieblessure. Besic is daarna trainer geworden op 17-jarige leeftijd.“Vanwege blessures kon ik niet meer doorvoetballen, maar ik vond het spelletje te leuk om er helemaal mee te stoppen. Daarom ben ik bij Bolnes begonnen als trainer.”

De trainerscarrière van Besic begon bij het elftal van zijn broertje. ‘’Ik heb toen een cursus gevolgd voor pupillentrainer en daarna ben ik trainer geworden van de JO9, JO11 en de JO13. Nadat ik bijna alle teams had gezien ben ik naar Slikkerveer gegaan, om training te geven aan de JO16 en JO17. Daar heb ik veel geleerd, omdat het toch meer een stap is richting de senioren.“

Nadat Besic zijn trainersdiploma’s mocht ontvangen is hij ook nog trainer geweest bij ASWH en Sparta Rotterdam. “Bij ASWH  heb ik verschillende jeugdelftallen begeleid zoals JO17 en JO13. Na mijn avontuur bij Sparta kwam ik bij IFC terecht, hier heb ik echt stappen gemaakt en heb ik jeugdelftallen als JO10 t/m JO19 getraind. Naast het zijn van hoofdtrainer bij verschillende jeugdelftallen bij IFC ben ik twee jaar lang assistent-trainer geweest van Virgil Breetveld bij de Zondag 1.”

Als assistent van Virgil Breetveld heeft Besic ontzettend veel geleerd. “Dit heeft heel veel voor mijn ontwikkeling betekend. Je leert in die twee jaar zoveel dat je zelf stormachtig ontwikkeld. Je leert bijvoorbeeld dat er verschillende manieren zijn van trainen en ook leer je omgaan met sommige spelers die toch op Eredivisie of eerste divisie niveau hebben gespeeld. Ik heb ontzettend genoten om met Virgil samen te werken, hij heeft 15 jaar betaald voetbal gespeeld en is trainer geweest bij FC Dordrecht en bij SteDoCo die toen destijds op het hoogste amateurniveau speelde.”

Besic heeft veel te danken aan de flexibiliteit van zijn werkgever. “Bijna elke dag op het trainingsveld staan kostte veel tijd en energie, maar ik was gelukkig werkzaam bij Justkar Sealing Company en nu bij VDL RPI Metaal die daar vrij flexibel in waren. Ik ben er dan ook dankbaar voor dat ik in die tijd de vrijheid kreeg van mijn werk om die elftallen te kunnen trainen.”

Besic bezit op dit moment zijn UEFA B YOUTH en UEFA C YOUTH diploma en wilt nog verder leren. Op dit moment traint hij IFC JO13-1 en ook de JO19-1 van Baronie. ‘’Met Baronie hebben we een leuk en goed elftal. Het is wel een elftal dat nog veel moet leren. Mijn ambitie voor Baronie is handhaven, we zitten nu in een best wel moeilijke competitie met sportclub Feyenoord, Barendrecht, Quick en Forum Sport. Bij IFC train ik JO13-1 en dat is best wel een talenvol groepje. Het zijn allemaal eerstejaars, maar ze zijn heel leergierig en er komen zelfs verschillende soorten scouts langs van Ajax of PSV. Wat mij ook wel een gevoel van waardering geeft als trainer zijnde.’’

Besic vindt de prestatie minder belangrijk dan het toepassen van verschillende tactieken. “Ik ben nu dan bijvoorbeeld bezig met de opbouw. Hoe gaan we staan tijdens de opbouw? Hoe moeten we de middenvelders met hun gezicht richting doel van de tegenstander bereiken? In drie fases, verdediging, middenveld en aanval. Dan laat ik het zien tijdens de training en probeer ik ze de ervaring mee te geven hoe het is als je bepaalde keuzes maakt. Ik vind het ook leuker om ze te ontwikkelen en dat ze de tactieken dan toepassen in plaats van de prestaties. Ik merk dat ik daar veel meer voldoening uithaal dan het resultaat.”
Tijden veranderen binnen de voetbalwereld en dat merkt Besic ook. “Tegenwoordig ligt de motivatie elders. Dan is het de kunst om de jongens te blijven motiveren. Ik heb veel gesprekken met andere trainers van andere clubs of andere teams, om te kijken hoe zij dat doen. Ik ben heel leergierig daarin en ik vind het ook belangrijk om in gesprek te gaan. Soms is mijn enthousiasme ook mijn valkuil, want ik wil dan één training geven waarin zoveel zit, dat de meeste trainers dit over de gehele week trekken.”

Besic past zijn trainingen aan op basis van de leeftijd. “Zo ben ik bij de JO13-1 bezig met het automatiseren van bepaalde looplijnen, bewegingen, acties, positie kiezen etc. Ik probeer dit dan te verwerken in een spelvorm, zodat de motivatie wel hoog blijft. Bij de JO19-1 pas ik mijn training aan op de volgende wedstrijd of juist op wat er fout ging tijdens de afgelopen wedstrijd. Je bent dus continue bezig met het motiveren van de spelers. Maar ik vind het mooi wanneer ik zie dat ze leren en zich ontwikkelen en daarnaast punten weten te pakken. Want als we geen punten pakken is de motivatie ook niet hoog.”

De trainer van Baronie en IFC is nu ongeveer zeven jaar actief op prestatieniveau, maar heeft nog grote ambities. “Ik wil graag mijn UEFA A halen en daarna bij de top van amateurs of bij de BVO werkzaam zijn. Ik ben er bijna vier tot vijf dagen mee bezig en het lijkt mij leuk om hierin ook echt werkzaam te worden. Mijn ambitie ligt op dit moment bij de jeugd, maar misschien als ik wat ouder ben wil ik misschien toch de stap maken richting de senioren, maar op dit moment vind ik jeugdelftallen veel te leuk om te trainen.”

Meer informatie over Baronie vindt u hier.
Meer informatie over IFC vindt u hier.
Of lees hier een ander artikel over de Club van de Week.

In gesprek met Esad Besic trainer van de jeugd bij Baronie en IFC

Esad Besic (32) is op dit moment trainer bij Baronie en IFC. Besic komt oorspronkelijk uit Bosnië Herzegovina en woont nu 26 jaar in Nederland. Op zijn zesde is hij begonnen met voetballen op Terschelling en daarna is hij naar Rotterdam verhuist waar hij echt begon met voetballen bij SV Bolnes.

Helaas moest de toenmalige aanvaller stoppen met voetballen door een knieblessure. Besic is daarna trainer geworden op 17-jarige leeftijd.“Vanwege blessures kon ik niet meer doorvoetballen, maar ik vond het spelletje te leuk om er helemaal mee te stoppen. Daarom ben ik bij Bolnes begonnen als trainer.”

De trainerscarrière van Besic begon bij het elftal van zijn broertje. ‘’Ik heb toen een cursus gevolgd voor pupillentrainer en daarna ben ik trainer geworden van de JO9, JO11 en de JO13. Nadat ik bijna alle teams had gezien ben ik naar Slikkerveer gegaan, om training te geven aan de JO16 en JO17. Daar heb ik veel geleerd, omdat het toch meer een stap is richting de senioren.“

Nadat Besic zijn trainersdiploma’s mocht ontvangen is hij ook nog trainer geweest bij ASWH en Sparta Rotterdam. “Bij ASWH  heb ik verschillende jeugdelftallen begeleid zoals JO17 en JO13. Na mijn avontuur bij Sparta kwam ik bij IFC terecht, hier heb ik echt stappen gemaakt en heb ik jeugdelftallen als JO10 t/m JO19 getraind. Naast het zijn van hoofdtrainer bij verschillende jeugdelftallen bij IFC ben ik twee jaar lang assistent-trainer geweest van Virgil Breetveld bij de Zondag 1.”

Als assistent van Virgil Breetveld heeft Besic ontzettend veel geleerd. “Dit heeft heel veel voor mijn ontwikkeling betekend. Je leert in die twee jaar zoveel dat je zelf stormachtig ontwikkeld. Je leert bijvoorbeeld dat er verschillende manieren zijn van trainen en ook leer je omgaan met sommige spelers die toch op Eredivisie of eerste divisie niveau hebben gespeeld. Ik heb ontzettend genoten om met Virgil samen te werken, hij heeft 15 jaar betaald voetbal gespeeld en is trainer geweest bij FC Dordrecht en bij SteDoCo die toen destijds op het hoogste amateurniveau speelde.”

Besic heeft veel te danken aan de flexibiliteit van zijn werkgever. “Bijna elke dag op het trainingsveld staan kostte veel tijd en energie, maar ik was gelukkig werkzaam bij Justkar Sealing Company en nu bij VDL RPI Metaal die daar vrij flexibel in waren. Ik ben er dan ook dankbaar voor dat ik in die tijd de vrijheid kreeg van mijn werk om die elftallen te kunnen trainen.”

Besic bezit op dit moment zijn UEFA B YOUTH en UEFA C YOUTH diploma en wilt nog verder leren. Op dit moment traint hij IFC JO13-1 en ook de JO19-1 van Baronie. ‘’Met Baronie hebben we een leuk en goed elftal. Het is wel een elftal dat nog veel moet leren. Mijn ambitie voor Baronie is handhaven, we zitten nu in een best wel moeilijke competitie met sportclub Feyenoord, Barendrecht, Quick en Forum Sport. Bij IFC train ik JO13-1 en dat is best wel een talenvol groepje. Het zijn allemaal eerstejaars, maar ze zijn heel leergierig en er komen zelfs verschillende soorten scouts langs van Ajax of PSV. Wat mij ook wel een gevoel van waardering geeft als trainer zijnde.’’

Besic vindt de prestatie minder belangrijk dan het toepassen van verschillende tactieken. “Ik ben nu dan bijvoorbeeld bezig met de opbouw. Hoe gaan we staan tijdens de opbouw? Hoe moeten we de middenvelders met hun gezicht richting doel van de tegenstander bereiken? In drie fases, verdediging, middenveld en aanval. Dan laat ik het zien tijdens de training en probeer ik ze de ervaring mee te geven hoe het is als je bepaalde keuzes maakt. Ik vind het ook leuker om ze te ontwikkelen en dat ze de tactieken dan toepassen in plaats van de prestaties. Ik merk dat ik daar veel meer voldoening uithaal dan het resultaat.”
Tijden veranderen binnen de voetbalwereld en dat merkt Besic ook. “Tegenwoordig ligt de motivatie elders. Dan is het de kunst om de jongens te blijven motiveren. Ik heb veel gesprekken met andere trainers van andere clubs of andere teams, om te kijken hoe zij dat doen. Ik ben heel leergierig daarin en ik vind het ook belangrijk om in gesprek te gaan. Soms is mijn enthousiasme ook mijn valkuil, want ik wil dan één training geven waarin zoveel zit, dat de meeste trainers dit over de gehele week trekken.”

Besic past zijn trainingen aan op basis van de leeftijd. “Zo ben ik bij de JO13-1 bezig met het automatiseren van bepaalde looplijnen, bewegingen, acties, positie kiezen etc. Ik probeer dit dan te verwerken in een spelvorm, zodat de motivatie wel hoog blijft. Bij de JO19-1 pas ik mijn training aan op de volgende wedstrijd of juist op wat er fout ging tijdens de afgelopen wedstrijd. Je bent dus continue bezig met het motiveren van de spelers. Maar ik vind het mooi wanneer ik zie dat ze leren en zich ontwikkelen en daarnaast punten weten te pakken. Want als we geen punten pakken is de motivatie ook niet hoog.”

De trainer van Baronie en IFC is nu ongeveer zeven jaar actief op prestatieniveau, maar heeft nog grote ambities. “Ik wil graag mijn UEFA A halen en daarna bij de top van amateurs of bij de BVO werkzaam zijn. Ik ben er bijna vier tot vijf dagen mee bezig en het lijkt mij leuk om hierin ook echt werkzaam te worden. Mijn ambitie ligt op dit moment bij de jeugd, maar misschien als ik wat ouder ben wil ik misschien toch de stap maken richting de senioren, maar op dit moment vind ik jeugdelftallen veel te leuk om te trainen.”

Meer informatie over Baronie vindt u hier.
Meer informatie over IFC vindt u hier.
Of lees hier een ander artikel over de Club van de Week.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.