Home Blog Pagina 1102

Kozakken Boys leeft echt in Werkendam

Leon Bot is bezig aan zijn tiende seizoen bij Kozakken Boys. De 30-jarige middenvelder geniet enorm van het spelen in de top van het amateurvoetbal. Aan een vertrek heeft hij nooit gedacht, het Werkendamse sportpark De Zwaaier voelt als thuis.

Leon Bot is inmiddels wel gewend aan het samenspelen met oud-profvoetballers. Maar met een voormalige Galáctico op het veld staan, dat is wel even andere koek. “Ik krijg de afgelopen maanden vaak de vraag hoe dat nou is, voetballen met Royston Drenthe. In het begin denk je soms wel: zo, daar loopt iemand die bij Real Madrid heeft gespeeld. Maar nu is dat er wel af, het is gewoon een superleuke gozer die heel goed binnen onze spelersgroep past.”

DECENNIUM
Bot is zelf bezig aan een jubileumjaar in Werkendamse dienst: zijn tiende. Hij maakte geweldige hoogtepunten mee bij de tweededivisionist. “Het algeheel amateurvoetbalkampioenschap in 2015 was het allermooist. We hadden zo’n goed team in die tijd, dat was echt geweldig. We waren voor niemand in het amateurvoetbal bang, ook qua mentaliteit zat het bij ons goed. Op dat moment ben je daar niet zo mee bezig, maar nu kijk ik vol trots terug op die tijd.” Dit seizoen zou Bot tekenen voor een plek in de top vijf met Kozakken Boys, dat steevast hoort tot de beste amateurploegen van het land.

Het is inmiddels alweer ruim negen jaar geleden dat de 30-jarige middenvelder voor het eerst door de poort van sportpark De Zwaaier liep. Hij is een Zuid-Hollander, komt uit Sliedrecht. Bij de lokale en gelijknamige voetbalclub begon hij ook met voetballen, hij debuteerde daar op zijn zeventiende in het eerste. “Ik heb ook nog een paar jaar in de jeugd van FC Dordrecht gespeeld.” Een jaar voor zijn vertrek naar Werkendam, maakte Bot de overstap van Sliedrecht naar LRC in Leerdam. “Michel Langerak was daar toen trainer, vervolgens ben ik samen met hem naar Kozakken Boys vertrokken.”

LEEFT
Vanaf het eerste moment voelde Bot zich thuis in Brabant, de afstand vanaf woonplaats Sliedrecht is met 20 minuten ook prima te overbruggen. “Het is een geweldige club. Kozakken Boys leeft echt in Werkendam, vergelijkbaar met een Spakenburg of Katwijk. De aanhang is fanatiek, ik ken alle mensen binnen de club en geniet enorm van de sfeer. Als het laatste fluitsignaal heeft geklonken, kijk ik al uit naar de derde helft in de kantine. Daar begint mijn weekend.” Hij heeft dan ook geen moment aan een vertrek gedacht. “Waarom zou ik ook? Ik speel bij een van de beste amateurvoetbalclubs van Nederland en ben realistisch genoeg om in te zien dat ik het niet ga redden in het profvoetbal. Hier kan ik mijn maatschappelijke carrière ook nog eens prima met de sport combineren. En ik ben vrijwel altijd basisspeler geweest.”

Nu hij de 30 is gepasseerd, denkt Bot weleens na over zijn toekomst. “Hoe lang ik nog doorga? Dat is een lastige vraag. Het zou kunnen dat ik er over twee jaar klaar mee ben, maar misschien duurt dat nog wel vier seizoenen. Ik ben een clubman geworden en wil zo lang mogelijk doorgaan bij Kozakken Boys.”

Foto: Marcel van Dorst

Wil je meer informatie over de club Kozakken Boys? Klik hier.|
Lees hier de krant van Altena.

Meidenteam van GRC’14 in actie voor Villa Pardoes

Sinds dit seizoen prijkt de naam van Villa Pardoes op de shirts van alle jeugdteams van GRC’14.

Om de maatschappelijk partner te bedanken voor de samenwerking zet de club benefi etacties op touw. De meiden van de MO11 verzorgen de aftrap met de verkoop van kerstkransjes.

Op zaterdagmorgen gaan de fanatieke meiden van de MO11 van GRC’14 altijd samen voor de winst en ook buiten het veld vormen ze een goed team. De club benaderde de elftalleiders met de vraag of zij de eerste benefi etactie wilden opzetten voor de kersverse maatschappelijk partner Villa Pardoes en die klus werd serieus aangepakt. De MO11 had het plan bedacht om kerstkransen van chocolade te verkopen en twee weken later had het team al honderden euro’s opgehaald. “Opa’s en oma’s, clubleden en directe buren kopen graag de lekkere chocolade voor het goede doel. En de meiden gaan zelfs langs de deuren om de chocolade te verkopen”, zegt Pedro Wijnbelt, de trotse jeugdvoorzitter van GRC’14.

GRC’14 draagt Vila Pardoes een warm hart toe. Daarom haalt de club graag geld op voor het vakantiepark nabij De Efteling, waar ernstig zieke kinderen door schenkingen een week lang gratis vakantie mogen vieren. “Als vereniging hebben we een maatschappelijke functie en daarom steunen we goede doelen”, legt Wijnbelt uit. “Onze sponsoren doen jaarlijks donaties in ons jeugdfonds en een deel van dat bedrag gaat rechtsreeks naar Villa Pardoes. Het contact met het vakantiepark is goed en de eerste benefi etactie gaat als een speer. De meiden van de MO11 hebben in de herfstvakantie een rondleiding gehad bij Villa Pardoes en dat heeft diepe indruk op ze gemaakt. Ze zijn erg gemotiveerd om zo veel mogelijk chocolade te verkopen.”

Na het bezoek aan Kaatsheuvel is er binnenkort hoog bezoek bij GRC’14. Vrijwilligers van Villa Pardoes komen dan langs bij een wedstrijd van de MO11. Het bedrag op de cheque wordt dan ook bekendgemaakt. De defi nitieve datum wordt vermeld op de website van GRC’14.

Wil je meer informatie over de club GRC’14? Klik hier.
Lees hier de krant van Altena.

Appels en broodjes gezond vliegen over de toonbank bij GRC’14

De finale van de allereerste Altena Cup in augustus werd verloren, maar gastheer GRC’14 won wel een andere prijs. Tijdens het toernooi kreeg de club het stempel ‘gezonde kantine’ en een aandenken van die benoeming hangt nu pontificaal boven de bar in het clubgebouw op sportpark Almbos.

De Altena Cup draaide niet alleen maar om voetbal. De organisatie wilde voorafgaand aan het toernooi de deelnemende clubs uitdagen om het eten en drinken in de kantines gezonder te maken. De clubs kregen een aantal maanden voor het toernooi een kantinescan aangeboden door Irene Walk van Team:Fit, die met tips kwam om het assortiment aan te passen. Bij GRC’14 nam Sjanie Bolink deze klus uiterst serieus. “Ik zorgde ervoor dat de worstenbroodjes niet meer zichtbaar zijn, de AA-drankjes boordenvol suiker staan niet meer massaal uitgestald op de toonbank en we serveren volkorenbroodtosti’s”, zegt de kantinebeheerder. “Ook kan iedereen hier gratis appels krijgen.”

Gezonde kantine
De reeks van maatregelen was succesvol: tijdens de finaledag van de Altena Cup kreeg GRC’14 het stempel ‘gezonde kantine’. Bolink is trots op het vaantje, dat prominent boven de bar hangt waarachter ze elke zaterdag werkt. Maar belangrijker nog vindt ze dat ze de mentaliteit van haar clubleden langzaam ziet veranderen. “De broodjes gezond vliegen over de toonbank en we hebben ook pindakaasrepen en zakjes autodrop (die niet ongezond zijn). En omdat de worstenbroodjes niet meer prominent in de keuken liggen, worden ze ook minder besteld”, zegt Bolink.

Bolink staat al meer dan tien jaar achter de bar in de kantine, eerst bij Rijswijkse Boys en nu dus bij fusieclub GRC’14. Ze weet precies waar voetballers van houden. “Velen willen op zaterdag een broodje frikandel of kroket eten met een biertje erbij. En dat moet ook kunnen: iedereen kan hier bestellen wat hij of zij wil. Maar we bieden onze gasten graag de mogelijkheid om gezonder te eten en te drinken en die aanpak werkt.”

R.W.B.-1 en 2 beide Winterkampioen

Zondag 15 december was voor Voetbalvereniging een dag om met plezier aan terug te denken. Voorafgaand aan de laatste competitiewedstrijd van R.W.B.-1 tegen Blauw Wit’81 speelde R.W.B.-2 een inhaalwedstrijd thuis tegen HHC’09-2. Winst zou betekenen dat RWB-2 met een beter doeldaldo gelijk met Sarto-3 zou komen en zich Herbstmeister zou mogen noemen. Met 4-0 werd gewonnen van hekkesluiter HHC’09 waarna het feest kon beginnen.

R.W.B.-1 was al zeker van de titel Winterkampioen, oftewel op zijn Duits Hebstmeister. In de wedstrijd tegen Blauw Wit was RWB de betere ploeg en had de tegenstander zich daar goed op voorbereid. 

Blauw Wit liet zich vanaf het begin terugzakken op eigen helft en kon in de eerste helft zo af en toe nog iets terug doen middels een counter. Heel RWB dacht overigens dat het na 5 minuten spelen al 1-0 was, het goed uitgespeelde doelpunt werd echter door vermeend buitenspel afgekeurd. In de tweede helft kwam Blauw Wit nog maar weinig over de middenlijn en beperkte zich tot tegenhouden. RWB kreeg de ene na de andere kans maar de bal wilde er maar niet in. Ook de lat bracht zo nu en dan redding voor Blauw Wit. Toen de klok van het scorebord op 90 minuten stond kreeg RWB nog de grootste kans van de middag, keeper Brian Mateijsen kon echter zijn vingertoppen nog achter de bal krijgen waardoor deze inzet net naast ging.

Man of the Match werd jeugdspeler Bas van Helvoirt, nadat bekend werd dat Pjotr ten Berge ziek op bed lag kreef hij te horen dat hij in de basis zou starten. Zijn taak volbracht hij met verve en gaf als rechtsback menig goede voorzet, een doelpunt zat er deze middag voor R.W.B. echter niet in. Pluspunt voor RWB is dat het in deze wedstrijd wederom de nul hield en nog steeds de ongeslagen status mag koesteren. Tien van de twaalf wedstrijden wist R.W.B. winnend af te sluiten en speelde er twee gelijk, hierdoor staat R.W.B. met het ingaan van de winterstop 7 punten voor op nummer 2 Waspik. De eerste wedstrijd die R.W.B. in 2010 meteen na de winterstop speelt is 26 januari uit tegen Waspik, dat wordt voor RWB dan meteen weer een belangrijk potje. Na de wedstrijd startte de geplande Derde Helft waar naast R.W.B.-2 ook R.W.B.-1 wat te vieren hadden.

Bron: R.W.B. 

Het zit Heinenoord en Hiele nog niet mee

0

Joop Hiele is bij Heinenoord weer actief als hoofdtrainer na een sabbatical. ,,Lekker om weer bezig te zijn met datgene wat je leuk vindt’’, zegt de voormalig doelman over zijn nieuwe job. Alleen de resultaten houden nog niet over. ,,We willen een andere aanpak dan de club voorheen gewend was. Bij vlagen gaat dat goed, maar de resultaten stelden vaak teleur.’’

HEINENOORD – Bij Heinenoord kreeg Hiele te maken met een behoorlijk gewijzigde selectie. Op De Tienvoet was niet alleen hijzelf nieuw, maar ook Larbi el Harouchi (SHO), Davy Kaptein (lager elftal), Dogukan Kulup (Barendrecht), Noël Goossens (IFC), Arto Dielhof (Oranje Wit), Tobi Fasanya (CWO), Leshawn Lisse (XerxesDZB) en Gulba Jr. Vasconcelos Delgado (Barendrecht) maakten als nieuwkomers hun opwachting in de hoofdmacht van de eersteklasser. ,,Ten opzichte van de afgelopen jaren is de aanpak een beetje veranderd. Die jongens pakken dat hartstikke goed op en bij vlagen gaat dat ook in wedstrijden heel goed. Alleen de resultaten zijn teleurstellend, vooral vanwege de manier waarop we soms doelpunten tegen krijgen’’, aldus de oefenmeester. ,,Dan gaat het om puur verdedigende fouten. Dat heeft niets te maken met de nieuwe aanpak, want verdedigend heb ik niets veranderd. Dat is niets anders dan het je tegenstander moeilijk maken en die bal, op z’n Rotterdams, wegrossen als het nodig is.’’

Het zat Heinenoord, zo analyseert Hiele, ook niet altijd mee. ,,Zo viel een bal er onderkant lat in, nadat een jongen die vanaf randje zestien met een halve omhaal weer voor het doel probeerde te krijgen. Probeert-ie het nog tien keer, dan mislukt het tien keer. Maar nu was het raak. Er zaten ook behoorlijk wat standaardsituaties bij waar tegengoals uit ontstonden en drie rake penalty’s, waarvan er twee ook op de beelden achteraf discutabel uitzagen. Maar ja, je komt wel in een situatie waarin de scheidsrechter ‘m kan geven. Als je dan zoiets tegen krijgt bij een 1-0 voorsprong of 0-0-stand, gaat dat uiteindelijk natuurlijk wel doorwerken in de hoofden van de spelers.’’ Toch is Hiele optimistisch. ,,Want voetballend pakken ze het hartstikke goed op. Bij vlagen gaat het zelfs heel erg goed. Dat is de andere kant en daar heb ik heel erg trots op.’’

Plezier terug in vertrouwde omgeving

0

Langzaam maar zeker krijgt Davy Kaptein weer plezier in het voetballen. Anderhalf jaar geleden keerde hij na periodes in de jeugd van Feyenoord en Sparta Rotterdam terug bij de club waar het voor hem allemaal begon, maar vanwege een te late overschrijving mocht hij niet uitkomen in de hoofdmacht. Dit seizoen wel en de jongeling geniet volop bij Heinenoord.

HEINENOOD – ,,Het verschil was nogal groot. Eerst speelde ik tegen bijvoorbeeld Ajax onder 19 en plotseling nam ik het met Heinenoord 2 op tegen teams als BVCB 3’’, blikt Davy Kaptein terug op zijn periode in het tweede elftal van Heinenoord. Tijdens de trainingen en oefenwedstrijden sloot hij aan bij de hoofdmacht, maar in officiële duels moest hij genoegen nemen met de reserves. ,,Ook het niveauverschil was groot. Daar werd ik op gegeven moment ook wel een beetje nonchalant van, je gaat mee in het niveau.’’

Op 13-jarige leeftijd verkaste Kaptein van Heinenoord naar SC Feyenoord. Na drie seizoenen verruilde hij de amateurtak voor de opleiding van de proftak. Echter moest hij na drie seizoenen weer afscheid nemen van de club uit Rotterdam-Zuid. Hij vond onderdak bij Sparta Rotterdam, maar daar was zijn verblijf van korte duur. ,,Mijn vetpercentage was te hoog. Weliswaar maar één procent, maar dat betekende wel dat ik geen wedstrijden mocht spelen en apart van de groep moest trainen. Terwijl ik aan de zijkant van het veld sprintoefeningen deed of binnen krachttraining, zag ik de rest van de groep partijvormen doen. Ik volgde voedingsschema’s en trainde gewoon vijf keer per week, maar dat percentage ging bijna niet omlaag. Soms 0,2 procentpunt, maar een week later was dat er dan weer bij. Dat was mentaal wel zwaar’’, vertelt Kaptein. Bovendien kreeg hij ook op privévlak een stevige dreun te verwerken. ,,Mijn moeder werd ziek, waardoor ik ook graag thuis wilde zijn. Het reizen naar Rotterdam begon mij tegen te staan. Daarom heb ik uiteindelijk besloten om te stoppen bij Sparta en terug te gaan naar Heinenoord. Voor mij een rustige en vertrouwde omgeving.’’

Opleiding
Terugblikkend op die beslissing heeft de jongeling geen spijt. Hij kijkt er nuchter op terug. ,,Alles is weer goed gekomen. Nu zie ik weleens oud-ploeggenoten doorbreken en dan denk ik wel na over wat er voor mij mogelijk was geweest. Maar aan de andere kant: ik had geen contract. Dus ik weet niet wat de toekomst had gebracht’’, aldus Kaptein. ,,Door het vele trainen bij Sparta ging het ook op school niet zo goed. Twee keer ben ik met een opleiding begonnen, maar ik kwam steeds niet verder dan het eerste jaar.’’ Inmiddels doet Kaptein een opleiding in de vorm van werken-leren in de richting financieel administratief medewerker. ,,Hopelijk kan ik deze opleiding snel afronden, zodat ik in elk geval klaar ben met school.’’

In het voetbal heeft Kaptein het plezier inmiddels weer hervonden. Sinds afgelopen zomer is hij speelgerechtigd voor de hoofdmacht van Heinenoord. Hoewel de competitiestart moeizaam was, ziet hij voldoende kwaliteit om zich heen om niet de rest van het seizoen onderin de eerste klasse te bivakkeren. ,,We maakten aanvankelijk de kansen niet af en tegenstanders scoorden soms doelpunten die ze misschien maar één keer in hun leven maken. De verschillen in de competitie zijn nog klein, dus met twee overwinningen kunnen we al snel goede zaken doen. Als we het dan ook nog eens goed kunnen doen in een periodetitel, komt het wel goed.’’

Voor Aat Stellenaar is het tijd om af te blazen

0

Nog een paar wedstrijdjes en dan zit het er voor Aat Stellenaar (79) op. Na een carrière van bijna veertig jaar stopt hij als scheidsrechter bij Victoria’04. “Ik wil het moment voor zijn dat ze vragen of het niet beter is voor mij is om te stoppen. Ik merk dat ik foutjes begin te maken.”

Bij de elftallen die hij bij de Vlaardingse fusieclub fluit, zijn ze er nog niet van overtuigd dat zijn scheidsrechterskloffie in de zak met oude kleding gaat. “Ze willen dat ik in ieder geval nog het seizoen afmaak, maar ik ben gedecideerd. Ik heb besloten om te stoppen en stop ook. Ik ben gaan nadenken toen ik onlangs werd gehuldigd voor het 70-jarig lidmaatschap van de KNVB.”

Zijn vrouw Lenie ‘zweert’ dat zij geen invloed heeft uitgeoefend op zijn besluit te stoppen. Wel informeerde ze de afgelopen jaren regelmatig bij leiders en spelers of ‘hij het allemaal nog aankon’. “Hij is geen twintig meer.”

“Pas geleden floot hij twee wedstrijden op een dag. Dat is eigenlijk op zijn leeftijd van de gekke. En er zat maar een kwartier tussen.”

Als zijn vrouw de was ophangt, zegt Stellenaar dat hij wel eens vaker twee wedstrijden pakt. “Laat Lenie dat maar niet horen.”

De gepensioneerde installatie-monteur ging op zijn negende voetballen bij TSB. “Mijn vader werkte bij Shell in Pernis. In die tijd mochten alleen werknemers van Shell en familie voetballen. Ik kan me nog herinneren dat ik in het begin wel trainde, maar geen wedstrijden speelde. Een georganiseerde jeugdcompetitie was er niet.”

Hij groeide uit tot een robuuste verdediger. “Ik kon hard spelen, maar was niet gemeen. Ploeggenoten zeiden wel eens: Aat, jij legt ze lachend neer. Nou, voor een goed resultaat ging die spits naar de grond. TSB had toen veel aanzien, zeker na de verhuizing naar het sportpark. Daar keek men jaloers naar. Mijn zoon en dochter zijn ook gaan sporten bij verenigingen van Shell. Mijn zoon is gaan voetballen, mijn dochter badmintonnen. We waren de hele zaterdag op pad. Ik ben jaren trainer en leider geweest. Ook zat ik in de activiteitencommissie en organiseerde ik de illegale lotto. Drie van de vijftien heette dat. De helft van de opbrengst ging naar de jeugd, de andere helft werd uitgekeerd.”

“In die periode ben ik ook scheidsrechter geworden. Eerst van de jeugd, maar al snel van de senioren. Ik speelde zelf ook.”

Lenie: “Dat was zo’n gezellige tijd. Als om half negen de kantine dicht ging, zaten wij als één van de laatsten aan de bar.”

Hoewel hij verknocht was aan TSB heeft hij de fusie met Fortuna altijd gesteund. “In het voortraject heb ik me er nog flink mee bemoeit. Wij moesten weg van het sportpark, Fortuna had het moeilijk. De clubs pasten goed bij elkaar. We hebben een prachtig complex. Andere oudjes hebben het nog wel eens over TSB en Fortuna. Dan zeg ik altijd: hou eens op, we zijn Victoria. De herinneringen aan vroeger zijn mooi, maar dit is de toekomst.”

Hij houdt als scheidsrechter niet van gele kaarten. “Ik probeer altijd alles met praten op te lossen. Een vaste afspraak die ik wel altijd maak is dat alleen ik en de aanvoerders praten. En wie over de schreef gaat, stuur ik even tien minuten naar de kant met een gele kaart.”

Hij was twee jaar scheidsrechter voor de Rotterdamse Voetbalbond. “Ik was echter een halve dag onderweg. Bovendien hoorde je nergens bij. Toen ben ik alleen bij mijn cluppie gaan fluiten. Ik ben al jarenlang vaste scheidsrechter van het vierde. Als ze ‘uít’ spelen fluit ik de JO19-2, JO19-3 of het achtste. Dat zijn jonge jongens, maar ze benaderen me altijd met respect. Ik heb nooit gedonder.”

Hij oogt in het veld nog bewonderenswaardig fit. “Ik doe drie keer in de week cardio-training in de sportschool”, verklapt hij dat geheim. “Mijn conditie is wel minder geworden, zeker nadat ik elf jaar geleden flink ziek was.”

Hij is niet bang dat hij, als hij is gestopt, in een zwart gat valt. “Oh jee. Ik heb zoveel hobby’s. Ik ben lid van een Shantykoor en daarnaast hebben we drie achterkleinkinderen. Eentje is net begonnen met voetballen. Dat is heerlijk om te zien. Bij thuiswedstrijden van het eerste blijf ik altijd komen.”

Bij Paramedisch Centrum Maassluis zit alles onder één dak

0

Hij haalde naar eigen zeggen ‘heel wat overhoop’, maar Dennis Hofstra bracht met het Paramedisch Centrum Maassluis een ‘mooi kindje’ voort. “Wij hebben het niet meer over patiënten, maar over zorgconsumenten.”

“We willen graag dat mensen zich op hun gemak voelen”, zegt Hofstra (32) als hij een rondleiding geeft in het pand aan de Elektraweg 2 in Maassluis. “Daar hebben we dan ook bij de inrichting rekening meegehouden.”

De entree en ontvangsthal ogen relaxt. Er staat een heuse koffiebar in. “We zijn ruim zeven maanden geleden open gegaan”, vertelt Hofstra. “Dat was in maart. In mei hebben we onze officiële opening gehouden. Wethouder Sjoerd Kuiper, een vriend van mij, heeft het pand officieel geopend. Mensen konden overal een kijkje nemen en we hadden een rolstoelhandbaldemonstratie van Quintus. Daar hadden we bewust voor gekozen om te laten zien dat je ook kunt bewegen wanneer er een beperking is in de benen.”

Hofstra spreekt van een missie. Hij wil mensen bewust maken van een gezonde leefstijl en wat dat doet met een lichaam. “Je hebt maar één lichaam, wees daar zuinig op”, is de boodschap van de fysiotherapeut.

Hofstra nam acht jaar geleden een praktijk over elders in Maassluis. “Die praktijk zat in een sportschool.” De visie van zijn bedrijf (Hofstra Fysiotheraptie) vroeg om een ander pand. Zijn oog viel op het oude Xenos-pand aan de Elektraweg, waar de sportzaal en dan met name de groene loper cq mat een eye-catcher is. “Er is niet veel meer over van het origineel”, zegt hij. “Wel hebben we op diverse plekken materiaal gebruikt uit andere gebouwen. De glazen scheiding tussen sportzaal en entree komt uit de staatsbank in Amsterdam. De vloer is gemaakt van versnipperd pvc-materiaal. Het is een heel duurzaam gebouw.”

Dat was een bewuste keuze. “Onze visie is ook gericht op een duurzaam mens. We willen onze klanten beter maken. We stoppen niet nadat een voetballer is gerevalideerd van een voorste kruisbandblessure. We willen hem tools meegeven waardoor hij zijn oefeningen blijft doen. Hij gaat, wat ons betreft, pas de deur uit als hij volledig is uitbehandeld.”

Hij zag zelf, vroeg in zijn carrière, ook hoe het niet moest. “Er werd maar één soort zorg geboden. Veel blessures hebben te maken met leefstijl. Daar heb je specialisten voor nodig om dat te veranderen. Hoe makkelijk is dan om die onder één dak te vinden.”

Het Paramedisch Centrum Maassluis biedt dan ook onderdak aan fysiotherapie (manuele, sport- en specialistische met daarbij nog echografie en dry-needling), diëtetiek, yoga, podotherapie en medisch pedicure. “We hebben allerlei programma’s, van beweegprogramma’s voor mensen met diabetes en mensen met hartfalen. Onze doelgroep is heel breed. We begeleiden ook voetballers bij hun training in de sportzaal.”

Een aanrader volgens Hofstra is de yoga-training. “Yoga wordt geassocieerd met zweverig, maar is dat totaal niet. Het leert je juist bewust te maken van je lichaam en daarmee hoe je je lichaam het beste kan gebruiken. Eigenlijk zouden alle voetballers dat moeten doen.”

Daarnaast fungeert Hofstra Fysiotherapie als vraagbaak voor sportverenigingen. “We geven graag kennis en informatie door aan de clubs. Heel veel blessures ontstaan door onwetendheid. Vaak heeft dat te maken met de opbouw van de trainingen. Deze week geven we bijvoorbeeld voorlichting aan handbalvereniging Ventura in Schiedam. In onze praktijk in Schiedam kregen we veel handballers met zware knieblessures, viel ons op. We komen graag langs bij de clubs om te praten over preventie, trainingsopbouw en het herkennen van blessures.”

Van Aalst is Achilles Veen-man in hart en nieren

Het is de vraag die immer rijst bij het zien van een mascotte: wie zit er toch in dat pak? Bij Achilles Veen weet iedereen dat wel: Thijs van Aalst (55) loopt op zaterdagmiddag een uur voor de aftrap van het eerste rond in het hanenpak. Hij is inmiddels bezig aan zijn zesde seizoen als Haantje de voorste.

Eens in de twee weken verandert Thijs van Aalst rond 13.30 uur in Haantje de voorste. In het seizoen 2013-2014 verhuisde Achilles Veen van sportpark De Heuye naar het gloednieuwe complex De Hanen Weide. Bij het nieuwe clubgebouw hoorde een mascotte, zo vonden Van Aalst en een andere clubman, Simon van de Pol. Logisch bij de naam van het nieuwe sportpark was dat een haan de nieuwe vriend van de club moest worden. “Maar wie gaat daar dan in, was de vervolgvraag. Ik wilde dat best doen. Ik heb een hanenpak besteld en een heel groot voetbalshirt met ons logo voorop en de naam ‘Haantje de voorste’ achterop. Inmiddels ben ik aan mijn zesde seizoen bezig.”

TROTSE HAAN
Hij geniet enorm van zijn rol als mascotte. “Ik loop met de pupil van de week het veld op, ga naar de kant en zwaai en klap richting het publiek. Ik krijg veel leuke reacties, zelfs fans van de tegenstander willen met me op de foto.” Van Aalst merkt dat zijn karakter verandert als hij het hanenpak aantrekt. “Je doet toch wat vrolijker, zwaait naar het volk en geeft iedereen een handje.”

Het is niet altijd een pretje om mascotte te zijn, vooral in de zomer is het hard werken voor Van Aalst. “Dan wordt het bloedheet in dat pak en probeer ik hem zo snel mogelijk weer uit te trekken. Ik spring dan onder de douche, trek mijn korte broek en T-shirt aan en loop weer terug naar buiten.” Maar hij doet het met veel liefde voor zijn club. “Ik ben Achilles-man in hart en nieren.”

HART
De 55-jarige doet nog zo veel meer voor de club van het groen en wit. Hij loopt al vanaf zijn tiende bij Achilles Veen rond. “Ik begon met voetballen in de jeugd en speelde later in de lagere seniorenelftallen, tot ik een blessure aan mijn enkel kreeg. Toen ben ik gestopt, jeugdleider geworden en de velden gaan bijhouden. Op een gegeven moment zochten ze een materiaalman en benaderden ze mij, dat doe ik nu al 27 jaar.” Vele uren steekt hij wekelijks in de club. “Het is een hobby, ik doe het met veel plezier. Mijn hart ligt hier.” Hij heeft de club fl ink zien veranderen. Achilles Veen speelt tegenwoordig zijn thuiswedstrijden op een modern complex, met nieuwe velden, kleedkamers, een nieuwe kantine, sponsorhome en vrijwilligersruimte. “Het is er een stuk beter op geworden, ook qua voetbalniveau.” Hij hoopt dat het eerste elftal dit seizoen om de prijzen mee kan doen. “Misschien in de districtsbeker en anders een periodetitel, dat zou mooi zijn.”

Wil je meer informatie over de club Achilles Veen? Klik hier.
Lees hier de krant van Altena

Groote Lindt positief de winterstop in

Ondanks de veelvuldige regenval kon er op het redelijk bespeelbare hoofdveld worden afgetrapt voor de competitiewedstrijd van Groote Lindt tegen Zwarte Pijl.

Op sportpark Bakestein kwamen beide teams prima uit de startblokken in een evenwichtige openingsfase. Het was  Zwarte Pijl dat via de snelle en handige aanvallers regelmatig voor het Zwijndrechtse doel verschenen en de eerste grote mogelijkheid tot een doelpunt kreeg. Vlak daarna lukte het Groote Lindt topscorer Michael Slingerland wel om het net te vinden. Na een prima voorzet kwam Michael achter de Rotterdamse verdediging en omspeelde rustig de keeper: 1-0. Een uitstekend genomen vrije trap kwam op de kruising van het Zwijndrechtse doel zodat Zwarte Pijl niet direct iets terug kon doen. Nog voor rust maakte Groote Lindt eigenlijk al het verschil door Michael Slingerland wederom op de Rotterdamse keeper af te sturen: 2-0.

Na rust probeerde Zwarte Pijl de aansluitingstreffer te maken maar de Lindtse verdediging stond goed en wist elke aanval ongedaan te maken. Man of the match Petti Joao speelde een prima wedstrijd door vooral de balans op het Zwijndrechtse middenveld te bewaken. In de laatste minuten van de wedstrijd leek een Rotterdamse goal in de lucht te hangen maar Groote Lindt keeper Raymond Klootwijk was van groot belang voor zijn team door onder winterse weersomstandigheden toch een schot over het doel te tikken. Nadat ook verdediger Jasper de Heer een bal van de doelijn had gehaald viel de goal aan de andere kant van het veld. Het was Nasir el Arboui die van dicht de 3-0 kon intikken. Door deze overwinning gaat Groot Lindt met een positief gevoel de winterstop in. De eerste seizoenshelft heeft Groote Lindt niet gebracht wat er voor aanvang van de competitie van werd verwacht.

De komende weken kunnen de geblesseerde spelers herstellen, kan de trainersstaf naar de eerste competitiewedstrijd toe werken (25 januari 2020 s’Gravendeel uit) en gaat de gehele Groote Lindt selectie (GL 1 en GL2) op trainingskamp in de Limburgse heuvels.

Bron: Groote Lindt

Foto’s van: Wilma van Strien

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.