Home Blog Pagina 1091

Van Seventer moedigt aanvalslust Rozenburg aan

0

Rozenburg maakt in de tweede klasse als promovendus een sterke indruk. “Vorig seizoen heeft ons een hoop vertrouwen gegeven”, zegt Elroy van Seventer. De 28-jarige verdediger is al tien jaar lang een stabiele factor in de verdediging van de Rozenburgers.

Een minpuntje dit seizoen? “Zeker en vast het aantal tegengoals”, hoeft Van Seventer niet lang na te denken. “Dat mag wel wat minder.” En met een lach: “Toen we onlangs voor de eerste keer tegen CWO de nul hielden, ging bijkans de vlag uit.”

Heel erg druk om het aantal tegentreffers maakt Van Seventer zich niet. Het hoort volgens hem bij de aanvallende speelwijze die Rozenburg hanteert. “Ik vind het alleen maar goed dat de trainer ook in de tweede klasse vasthoudt aan zijn fi losofi e. Ook ik ben ervan overtuigd dat ons elftal meer actief dan reactief kan spelen. Die aanvalslust is prima zo. En ja, dat we dan wat meer doelpunten moeten slikken moet je dan op de koop toenemen. Je komt nou eenmaal vijf, zes keer per wedstrijd in een ondertalsituatie terecht als je zelf het initiatief hebt en de tegenstander een uitval heeft. Je geeft altijd ruimte weg als je aanvalt. Het is bijkomende schade. Zolang we meer doelpunten maken dan we tegen krijgen zal ik niet zeuren. Bovendien levert aanvallen veel meer plezier op dan verdedigen.”

Met zijn één meter 93 en 85 kilo is Van Seventer het prototype van een centrale verdediger. “Ook ik speel het liefst tegen statische spitsen. Ik schuw het duel niet. Die bewegelijke aanvallers liggen mij minder. Gelukkig ben ik die nog niet heel veel tegengekomen.”

De beste? “Die spits van Alexandria’66, Deekman, was wel heel slim. Die deed nauwelijks mee aan het spel, maar aan het einde van de rit had hij er wel mooi drie inliggen. Dat was minder.” Hij vindt dit seizoen meestal Michael den Ouden aan zijn zijde. “Michael is terug van een blessure. Ik sta meestal rechts in het centrum, maar dat kan nog wel eens verschillen. We spelen met twee rechtspoten. Dat gaat overigens prima.”

Handhaving was de logische doelstelling van Rozenburg aan het begin van het seizoen. Inmiddels is deze veranderd. “Veilig zijn we al, of we moeten alles gaan verliezen. Dat lijkt mij niet waarschijnlijk. We moeten kijken wat er nog meer te halen valt.”

Van Seventer komt uit een echte Rozenburg-familie. Zus Tara (24) speelt in het eerste vrouwenelftal, vader John is al tien jaar scheidsrechter bij thuiswedstrijden van dat team. Daarnaast is hij ook sponsor. “Ik ga wel eens kijken. Hij kan het nog prima bijbenen, Tara doet het niet onaardig. Ik heb nog een tweelingzus, Milon. Die voetbalt niet, maar volleybalt. Bij Volley Zuid in Rotterdam.”

Wil je meer informatie over de club Rozenburg? Klik hier.
Lees hier de krant van Voorne-Putten.

G-Toppers TSC debuteren met kampioenschap

In het debuutjaar gelijk het kampioenschap winnen: de G-Toppers van voetbalvereniging TSC flikten het. Zij grepen afgelopen seizoenshelft de titel, terwijl ze nog nooit competitie hadden gespeeld. Oprichter Hans den Exter is verguld van trots.

Hans den Exter kijkt met veel plezier terug op het eerste kampioensfeestje dat de G-Toppers van TSC mochten vieren, eind november. “De week voor het kampioenschap zaten sommigen al redelijk in de stress.

‘Stel dat we winnen, dan zijn we kampioen. Hoe moet dat dan?’, vroegen zij zich af. De een was stiknerveus, de ander dacht: ik schiet er wel vier in. Uiteindelijk wonnen we met 6-0”, vertelt de oprichter van het G-team van de Oosterhoutse voetbalclub trots. “Het feestje op het veld en daarna in de kantine was fantastisch.”

23 G-TOPPERS
Eind 2014 kreeg Den Exter een telefoontje van een bevriende trainer bij JEKA: kunnen wij met ons G-team eens tegen dat van jullie voetballen? ‘Als we er een zouden hebben wel’, was het onbevredigende antwoord dat de clubman zijn kennis moest geven. “Ik ben toen naar het bestuur van TSC gegaan en die zeiden dat het oprichten van een G-team al lang op de agenda stond. Ik heb affi niteit met deze doelgroep vanuit mijn werk en ben ermee gestart.” Eén oproepje op sociale media was genoeg om vijf jongens enthousiast te maken. “Daarmee begonnen we in een hoek van een van de velden te voetballen. We hebben een half seizoen lekker getraind.” Aan het begin van het daaropvolgende seizoen zag Den Exter al 23 G-Toppers op het voetbalveld verschijnen. “Die waren via anderen bij ons gekomen, kenden bijvoorbeeld jongens die al bij ons voetbalden.”

Competitie spelen was toen nog wat te vroeg, maar afgelopen mei werd besloten het team alsnog in te schrijven. Met succes en de eerste trofee in de prijzenkast als resultaat. “Bij ons is iedereen met een beperking welkom. We hebben een leuk en enthousiast team, met zo’n vijftien jongens en mannen van tussen de 10 en 32 jaar oud.” De competitie telde acht ploegen, waarvan de G-Toppers uit Oosterhout dus de besten bleken.

TRAINERS
Aangezien Hans den Exter vanwege zijn werk, hij is ambulant begeleider en coach van mensen met een licht verstandelijke beperking, niet altijd bij de trainingen kan zijn, heeft hij andere trainers gezocht. Die vond hij, in de vorm van twee ouders en een derde enthousiasteling. Jurgen, Richard en Bram vormen nu de driekoppige trainersstaf van de G-Toppers. “Ik ben er heel trots op dat we dit ooit hebben opgericht en het nu zo goed gaat. Het is ook leuk om het enthousiasme van de mensen binnen de club en de sponsoren te zien. Het G-voetbal bij TSC slaat echt aan.” Met een mooi kampioensfeest als eerste tastbare resultaat.

Wil je meer informatie over de club TSC? Klik hier.
Lees hier de krant van Oosterhout.

Foto: HermannOttoIsrael

TSC Dames weer een kampioenschap?

De dames van TSC hebben een geweldige eerste seizoenshelft beleefd in de vierde klasse. In het tweede jaar na hun promotie beleggen ze de koppositie. Een tweede kampioenschap in drie seizoenen tijd lonkt.

Het is alweer drie jaar geleden dat de trainerscarrière van Rob van Hooff (40) uit het niets begon. Op verzoek van zijn vriendin Avelon hielp Van Hooff, zelf als spits actief in Nederland en België, het damesteam van VV Oosterhout door de laatste periode van het seizoen te trainen en coachen. Hij kon jammer genoeg niet voorkomen dat de resterende drie wedstrijden verloren gingen. Het trainerschap beviel hem echter wel en hij besloot zich daarom in het daaropvolgende seizoen ook aan dit team te verbinden.

VECHTMACHINE
In de rumoerige zomer die volgde besloten de dames de gevoelige overstap te maken naar TSC. Daar werd het team warm ontvangen en kon het een nieuwe start maken. Het begin van het eerste seizoen bij TSC verliep erg moeizaam. Twijfel sloeg toe bij de nieuwbakken trainer, want Van Hooff wist niet of hij wel de juiste persoon was om dit team te begeleiden. Hij besloot om zich nog verder te verdiepen in het trainersvak, bekeek online vele trainingsoefeningen en stelde een trainingsprogramma op voor zijn vrouwen.

Het vertrouwen bij trainer en speelsters groeide. Van Hooff ontwikkelde zich en onder hem groeide het team uit tot een echte vechtmachine. De resultaten waren er ook naar: alles werd gewonnen, met het behaalde kampioenschap als de kroon op dit mooie seizoen.

In het tweede seizoen bij TSC sloot vriend Dirk-Jan van Gerwen aan als assistent om de hoofdtrainer werk uit handen te nemen. Zo kwam er meer tijd vrij om spelers persoonlijk te begeleiden en beter te maken. Aan het begin van het tweede seizoen is er veel arbeid geleverd door trainers en speelsters en de vruchten daarvan werden bij de start van het nieuwe voetbaljaar geplukt: de eerste zes wedstrijden werden allemaal gewonnen. In de daaropvolgende duels ging het echter niet zo makkelijk en kwam het team in een dipje terecht. Door hard werken en goed trainen hebben ze aan het einde van het voetbaljaar weer behoorlijk kunnen presteren, met een vierde plaats als resultaat.

FIER
Van Hooffs doelstelling voor het huidige seizoen was een plaats in de top drie van de vierde klasse. Rob, Dirk-Jan en de dames van TSC Vrouwen 1 zijn ervan overtuigd dat dit ook behaald gaat worden en gezien de stand op dit moment zijn ze goed op weg. Het team gaat fier aan kop door de 25 behaalde punten uit 9 wedstrijden. Ze scoren er lustig op los en hebben inmiddels al meer dan veertig doelpunten gemaakt. Het is natuurlijk nog veel te vroeg om over een kampioenschap te praten, maar staf en speelsters zitten in een goede flow en werken hard om elke week weer het beste uit zichzelf te halen.

Wil je meer informatie over de club TSC? Klik hier.
Lees hier de krant van Oosterhout.

Foto: HermannOttoIsrael

Halsteren en RBC onderzoeken mogelijke samenwerking

HALSTEREN, 11 januari – De voetbalverenigingen RBC Roosendaal en RKSV Halsteren starten een onderzoek naar de mogelijkheden tot samenwerking. In de komende weken zullen er oriënterende gesprekken worden gevoerd tussen vertegenwoordigers van beide verenigingen om te onderzoeken in hoeverre samenwerking voordelen oplevert. De besturen van beide verenigingen zien voldoende aanknopingspunten voor dit verdere onderzoek. De uitkomsten van dit onderzoek zullen worden voorgelegd aan de leden.

Voorzover dit de voortgang niet belemmert zullen de leden van beide verenigingen tussentijds op de hoogte worden gehouden over de voortgang. “Het is een gevoelig en belangrijk proces, waarbij een grote mate van zorgvuldigheid in acht moet worden genomen,” aldus voorzitter Jan van Elzakker van RKSV Halsteren.

Meer informatie over Halsteren? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over  Halsteren.

Floris van der Linden doelpuntenmachine van HFC

Op twintigjarige leeftijd maakte Floris van der Linden de stap van de Derde Klasse naar de Eerste Divisie. Zijn profavontuur bij Telstar brak de boomlange centrumspits in de zomer van 2018 af. Vanaf dat moment gaat hij met succes op doelpuntenjacht voor Koninklijke HFC. “Mijn productie onverwacht? Daarmee zou ik mijn zelfvertrouwen tekort doen.”

HAARLEM – Vorig seizoen bleef zijn teller in de Tweede Divisie steken op zes. Nu had hij daar zeven wedstrijden voor nodig en loopt hij op een haar na één-op-één. Het zorgde ervoor dat Koninklijke HFC begin november zelfs op de tweede plaats van de Tweede Divisie belandde. “Op basis van onze begroting zouden we een degradatiekandidaat moeten zijn, maar vorig seizoen eindigden we al als vierde. We pakten toen vier punten van AFC, de latere kampioen. We kennen onze kwaliteiten en de sfeer is goed. Als we met zijn allen keihard werken en de discipline goed is, zijn we tot veel in staat.”

Van der Linden draagt daaraan bij met zijn doelpuntenproductie. “Vorig seizoen scoorde ik te weinig. Ik had een jaar bijna niet gespeeld. Het ontbrak aan wedstrijdritme. Aanpikken bij het niveau van de Tweede Divisie is niet gemakkelijk. Kijk maar eens naar het aantal oud-profs. Vorig seizoen beschikten we ook over vier aanvallers die elkaar probleemloos konden vervangen. Robin Eindhoven is vertrokken en Tim van Soest missen we voorlopig door een blessure. Maar ik moet ook nu vol gas blijven geven om mijn plek te behouden.”

De blonde spits doet zijn verhaal in Café Kosta, in Amsterdam Oud-West. De wijk waar hij sinds medio september met drie vrienden een woning heeft betrokken. “Vincent Volkert woont bij me om de hoek. Met hem rijd ik nu vier keer in de week naar Haarlem. We pikken ook nog Louk Dekkers op.” Van der Linden is geboren en getogen in Ouderkerk aan de Amstel. “Als ik voor mijn ouderlijk huis sta, zie ik de Johan Cruijff ArenA liggen. Ik studeer daar om de hoek. Daarvoor moet ik nu iets verder reizen.”

AFSTUDEREN
In februari hoopt hij het praktijkgedeelte van zijn studie Bedrijfseconomie aan de Hogeschool van Amsterdam af te ronden. “Daarna moet ik nog een halfjaar afstuderen. Ik ben op zoek naar een geschikte plek. Mijn vorige stage liep ik op kantoor bij brouwerij Het IJ hier in Amsterdam.” Zijn studie zette hij in de winter van 2017 stil. “Een halfjaar eerder maakte ik de stap naar Telstar. Op sommige dagen trainden we twee keer. School en voetbal was niet meer te combineren. Na een pauze van anderhalf jaar nam ik weer contact op met mijn studiecoach en kon ik weer instromen.”

Op voetbalvlak kan de exact twee meter lange spits (‘dat zit in de familie, mijn vader is 1,97 meter’) met recht een laatbloeier worden genoemd. “Ik speelde in de jeugd van SV Ouderkerk. Toen was ik altijd al de langste. We deden het goed, werden regelmatig kampioen, maar dan maakten we de stap van de Eerste Klasse naar de Hoofdklasse.
Ik heb in mijn jeugdjaren nooit op divisieniveau gespeeld. Ik weet dat AZ me heeft bekeken. sc Heerenveen toonde eens interesse, maar zij wilden me eerst een jaar stallen bij AFC. Daar moest ik in de A2 beginnen. Zij speelden slechts een klasse hoger dan SV Ouderkerk. Dan bleef ik liever met mijn vrienden voetballen.”

Bij SV Ouderkerk werd hij een jaar vervroegd doorgeschoven naar het eerste elftal. “In de Vierde Klasse. Ik maakte dat seizoen 35 goals en we promoveerden. Clubs uit de Eerste en Tweede Klasse toonden interesse, maar ik wilde graag dat seizoen in de Derde Klasse meemaken. In de beker speelden we tegen EDO, destijds Hoofdklasser. Zeventig minuten en de volledige verlenging moesten we met tien man doorkomen na een rode kaart voor onze keeper, maar we wonnen na strafschoppen. Scout Herman Kroes tipte Telstar-scout Cees Glas, waarna hij en trainer Michel Vonk enkele wedstrijden bekeken. Ik trainde een week mee en speelde mee in een oefenwedstrijd. Na de winterstop mocht ik opnieuw op stage.”

AJAX
Van der Linden maakte deel uit van het team dat op bezoek ging bij Ajax, voor een oefenwedstrijd op De Toekomst. “Ik zag mijn naam op het schema. Ik checkte of ik echt mee mocht. Het duel viel in een interlandweek, waardoor Ajax zonder internationals aantrad. Al stonden jongens als Nick Viergever en Amin Younes in het veld. Ik startte op de bank en twintig minuten voor tijd riep trainer Michel Vonk ‘warm maken’. Enkele minuten later riep hij me opnieuw: maak je klaar. Terwijl ik snel mijn wedstrijdshirt aantrok, zei onze geblesseerde keeper Cor Varkevisser plotseling: de wedstrijd wordt gestaakt. Ik dacht dat hij een grapje maakte, maar het bleek echt zo.”

Op De Toekomst kwam juist het nieuwsbericht binnen dat Johan Cruijff was overleden. “Dat zorgde voor een enorme impact. Ik zag Edwin van der Sar huilen, Dennis Bergkamp liep met tranen in de ogen. Terwijl we in de kleedkamer zaten, arriveerden de eerste cameraploegen. Gelukkig kreeg ik een herkansing in een oefenwedstrijd en daarin scoorde ik. In het nieuwe seizoen sloot ik aan bij Telstar. Op amateurbasis mocht ik me bewijzen.” Daarin slaagde hij. “Ik moest telkens mijn doelen bijstellen. Mijn debuut maakte ik direct op de eerste speeldag tegen RKC Waalwijk. Toen werd het vijf wedstrijden spelen. Daarna mijn eerste doelpunt. Die maakte ik tegen FC Oss.” Het resulteerde in een tweejarig profcontract. De situatie veranderde met de aanstelling van Mike Snoei medio 2017. “Ik speelde plotseling nauwelijks. Vijf invalbeurten dat seizoen. Telstar draaide een superjaar. Snoei had weinig redenen om te wisselen. Daarna brak ik op de training ook nog eens een middenvoetsbeentje. Vorig seizoen werd mijn situatie niet rooskleuriger. Toen de voorbereiding was afgelopen, zette ik alles op een rijtje. Ik wilde weer graag spelen. Verhuren was een optie, maar dat zou dan een club uit de Tweede of misschien Derde Divisie zijn. Daar zaten nancieel weer haken en ogen aan. Ontbinden van het contract was de beste oplossing. Nadat het nieuws bekend werd, kreeg ik diverse aanbiedingen. Het plezier terugvinden, stond voorop in mijn keuze. De omstandigheden daarvoor leken me bij Koninklijke HFC het beste.”

Van der Linden, die volgend seizoen naar Spakenburg vertrekt, kreeg geen ongelijk. “De club heeft als doelstelling uitgesproken om niet te degraderen. Als selectie vinden we dat wel erg voorzichtig. We hebben een ambitieuzer doel geformuleerd. Welk? Dat houden we voor onszelf.” Als persoonlijke doelstelling noemde de centrumspits tien goals. “Dat moet ik nu ook bijstellen. Het lijkt me het verstandigst om geen aantal te noemen. Laat me maar belangrijk zijn voor het team als aanspeelpunt en afmaker. Dan maakt het aantal doelpunten niets uit.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over Koninklijke HFC? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over
Koninklijke HFC.

FC Lisse krijgt steeds meer vrouwen

De vrouwen van FC Lisse stapten wat onwennig het veld op. De vlaggenparade, de opkomsttune uit de geluidsinstallatie, een heuse pupil van de week en de presentatie voor het publiek. Maar toen de wedstrijd tegen FC Rijnvogels eenmaal was begonnen, gingen de vrouwen van FC Lisse 1 helemaal los: 5-1.

FC Lisse hield zaterdag 7 december voor de tweede keer in 2019 een Ladies Day op Ter Specke. Alle schijnwerpers stonden die dag gericht op de vrouwen- en meisjestak van de club. “Je zou het kunnen zien als een soort erkenning dat we goed bezig zijn”, zegt Frank Kuijper, die sinds dit seizoen de coördinator is van de meisjes- en vrouwentak. “We hebben inmiddels een aardig beweging. Normaal gesproken speelt vrouwen 1 op een ander veld, dat ze nu mogen spelen op het hoofdveld maakt het leuk. De aandacht erom heen is ook belangrijk.” Het bleef niet alleen beperkt tot een feestje van de vrouwen. “We hebben voor de hele meisjes- en vrouwenafdeling voor een hapje en een drankje gezorgd na afloop.”

De meisjes- en vrouwenafdeling is de laatste jaren behoorlijk gegroeid. Vooral aan de onderkant is de aanwas van nieuwe leden fors. “Het is dan ook belangrijk een goede structuur neer te zetten”, zegt Kuijper. “Marco Elderbroek, mijn voorganger, heeft daarin veel werk verzet. We beschikken inmiddels over een brede groep aan vrijwilligers. We kunnen natuurlijk altijd meer handjes gebruiken en je wilt altijd meer en beter, maar in grote lijnen staat het.”

“We zijn dit seizoen begonnen met negen teams. Tien als je de vrouwen van de zeven-tegen-zeven competitie meetelt. We willen graag verder groeien. Ideaal is dat je in iedere leeftijdscategorie twee teams hebt. Dan kun je iedereen op haar eigen niveau laten spelen.”

Het blijft echter lastig om in te schatten wanneer en waar de groei doorzet. “We hadden verwacht dat er een grote toeloop in juli en augustus zou zijn door het WK in Frankrijk. Dat viel echter wat tegen. Op basis van die verwachtingen hadden we al bijna een extra team ingeschreven. Dat ging dus niet door. De groei kwam wel, maar pas vanaf september. Vandaar dat we na de winterstop wel met een extra team in de competitie gaan meedoen: de MO11-3.”

Met Cor Bouckaert – hij geeft alle meiden- en vrouwenteams techniektraining – en Patrick Paardekooper, die de trainers ondersteunt met onder andere het aanbieden van gevarieerde oefenstof, werkt Kuijper ook aan de sportieve groei. “Kwantiteit is ook kwaliteit”, zegt hij. “Maar het komt niet vanzelf. Het is niet vandaag of morgen geregeld dat we tweedeklasser bij de vrouwen zijn. We zien het niveau wel stijgen. De MO11-1, MO13-1 en MO17 spelen alle drie in de eerste klasse. Daar begint het mee.

Wil je meer informatie over de club FC Lisse? Klik hier.
Lees hier de krant van de Bollenstreek.

Filosofie VVSB houdt ook in de derde klasse stand

Als Jan van den Berg aan het einde van dit seizoen afzwaait bij VVSB, doet hij dat met een goed gemoed. De grondlegger van de zaterdagtak heeft zijn kindje in tweeënhalf jaar tijd groot zien worden. “Er staat een stevige basis”, aldus Van den Berg.

VVSB staat in de derde klasse op de achtste plaats. Met de nacompetitieplaats van vorig seizoen in het achterhoofd zou je dat een tegenvaller kunnen noemen. Van den Berg relativeert de prestaties. “De stand is een weergave van hoe sterk je bent op dat moment. Hoe belangrijk het is hoe hoog we spelen? Ik denk dat het niets uitmaakt of we in de tweede of derde klasse spelen. Onze fi losofi e zal er niet door veranderen.”

Die fi losofi e was ooit het startpunt voor de tweede loot aan de VVSBstam. Het team moest voorzien in een behoefte. “Een landingsplaats voor spelers uit onze eigen club die prestatief willen blijven voetballen”, vat Van den Berg het in één zin samen. Hij benadrukt dat het opstarten van de zaterdag nooit bedoeld was om als tussenstation te fungeren tussen jeugd en de nu in de derde divisie spelende zondag 1. “Het is leuk als het gebeurt, maar als het voor spelers is weggelegd, dan is dat voor een enkeling.”

“Ik liep al een tijdje met het idee”, zegt Van den Berg. “Dat is in een stroomversnelling gekomen toen het steeds moeilijker werd om een tweede selectieteam te formeren op zondag.” Met de opdracht die de initiatiefnemers zichzelf hadden gegeven, was het aanvankelijk moeilijk om spelers warm te krijgen voor het project. “Spelers keken eerst de kat uit de boom”, blikt Van den Berg terug. “We hebben spelers benaderd met een VVSB-verleden. Het duurde heel lang voordat de eerste ja zei, maar toen dat was gebeurd, volgde de rest vrij spoedig.”

Meteen in het eerste seizoen werd het kampioenschap behaald. “We hadden negentien spelers en één team. We hadden afgesproken dat we iedereen evenveel speeltijd wilden geven. Dat maakt het kampioenschap extra mooi.”

Joost Bierhuizen (20) kwam er vorig seizoen bij. Hij speelde nog in de jeugd toen VVSB-zaterdag het levenslicht zag. “Precies op tijd, want ik wilde nog niet, zoals veel ex-ploeggenoten inmiddels wel doen, in een vriendenelftal spelen. De stap naar de zondag is te groot en dit is eigenlijk perfect.” Sinds vorig seizoen is er ook een tweede selectie-elftal op zaterdag. Dat blijft een uitdaging om te vullen. Van den Berg: “De stelregel is dat we alleen jongens met een VVSB-verleden bijkomen. Dat maakt de keuze beperkt. We moeten het dan vooral hebben van de eigen jeugd dat doorstroomt.”

Bierhuizen heeft de stap naar de zondag nog niet helemaal uit zijn hoofd gezet. “Ik ben wel reëel. De kans dat ik het niet haal is vele malen groter dan dat ik wel haal. Ik ben er niet dagelijks mee bezig. Voorlopig moet ik eerst uitgroeien tot een belangrijke speler op de zaterdag.” De student bestuurskunde ziet voor zichzelf nog wel wat verbeterpunten. “Ik ben nog volop aan het leren.” Onlangs kreeg hij tegen Lugdunum in negen minuten tijd twee gele kaarten. “Als invaller, ja. Daar worden nu de grappen over gemaakt.”

Minder grappig vindt hij de lage klassering van VVSB dit seizoen. “We hebben een hoop pech met blessures. In de punt van de aanval missen we Stefan Immerzeel. Op hem is ons spel gebaseerd. Lange bal en aansluiten.”

Wil je meer informatie over de club VVSB? Klik hier.
Lees hier de krant van de Bollenstreek.

Giovanni da Fonseca werkt keihard om beter te worden

0

Als B-junior dacht Giovanni da Fonseca serieus aan stoppen. Na een etsongeval moest de nu twintigjarige middenvelder maanden revalideren. Een overstap naar Excelsior Maassluis bleek zijn redding. Op Dijkpolder vond hij zijn plezier terug en stroomde hij vorig seizoen naar het eerste elftal. “We moeten dit jaar opnieuw bij de bovenste vijf kunnen eindigen.”

MAASSLUIS – Hij wijst op het zwarte vlekje boven zijn rechteroog. “Een paar millimeter lager en ik was wellicht mijn oog kwijtgeraakt. Ik landde nu met het ooglid vol op de ijzeren rand.” De verkleuring zal Da Fonseca zijn levenlang meedragen. Het gevolg van een etsongeval dat hij op vijftienjarige leeftijd meemaakte. “Ik ging de Erasmusbrug over. Halverwege schoot plotseling het voorwiel uit mijn ets. Ik viel voorover en kwam hard neer. Ik herinner me weinig. Slechts enkele momenten uit de ambulance.”

Giovanni da Fonseca lag er drie maanden uit. “Ik kon nog enkele wedstrijden bij mijn club Spartaan’20 meespelen, maar dat was in de B3. Ik had er geen zin meer in. Toen liep ik opnieuw een ongelukje op. Tijdens het spelen viel ik van een bankje.” Hij stroopt zijn linkerbroekspijp op. Een flink litteken op het scheenbeen verschijnt. “Die lag helemaal open. Ik voelde het niet eens. Ik liep naar binnen en zag plotseling dat mijn witte sokken rood waren. Ik trok mijn broekspijp omhoog en toen voelde ik ook de pijn pas.”

De bekende druppel voor de Rotterdammer, geboren en getogen in de wijk Katendrecht, om het lidmaatschap van Spartaan’20 op te zeggen. “Mohamed Ouhammou haalde me over om naar Excelsior Maassluis te komen. Ik ken hem al vanaf mijn derde jaar op de middelbare school. Tot ons eindexamen zaten we in dezelfde klas van het vwo-gymnasium. Als hij niet was gekomen, was ik misschien naar Alexandria’66 gegaan. Daar kende ik ook jongens. Maar de kans was groter dat ik nooit meer in competitieverband had gevoetbald. Bij Excelsior Maassluis trainde ik op proef mee en van trainer Ron Carli mocht ik na een week blijven. Via de A1 stroomde ik vorig seizoen door naar de selectie.”

DAAN BLIJ
Fysiek, maar ook mentaal een grote stap. “Ik deed het voor mijn gevoel hartstikke goed op de training, maar moest op zaterdag toch met Jong Excelsior Maassluis mee. Ik vond het super om te zien dat iemand als Daan Blij, die jaren betaald voetbal heeft gespeeld, zich opwierp als een soort mentor. Bij vragen kon ik altijd bij hem terecht en als ik niet werd geselecteerd voor het eerste elftal, belde hij me vaak diezelfde dag. Hij stond me bij waar hij kan. Nog steeds. Daan is een prachtige kerel.”

In de uitwedstrijd tegen Katwijk kreeg Da Fonseca vorig jaar zijn eerste basisplaats. Een kans die hij met beide handen greep. “Na enkele wedstrijden belandde ik toch weer op de bank terwijl ik goed speelde. Van diverse kanten kreeg ik steun. Dat is tekenend voor de sfeer binnen de club.”

Dit seizoen kan de aanvallende middenvelder (‘op acht of tien, laat mij maar meters maken en de diepte zoeken’) vanaf de eerste wedstrijd op een basisplaats rekenen. “Ik heb daar keihard voor gewerkt. In de zomer trainde ik bij de voetbalschool van Toni Varela (ex-prof van Sparta, RKC Waalwijk en Excelsior, red.) op de velden van LMO dichtbij De Kuip. Ik was niet tevreden over mijn doelpuntenproductie het afgelopen seizoen (drie goals, red.). Ook wilde ik conditioneel top t zijn. Ik heb daar veel geleerd. Een jaar eerder was ik ontevreden over mijn balaannamen. Gaf ik dat aan bij Toni en heeft hij daarop getraind. Nu train ik wekelijks een keer mee. Ik wil me blijven verbeteren. Daarom ga ik in Maassluis bijna voor elke training met Jeremy Moreno naar de sportschool. Alvast een uurtje heerlijk bewegen.”

KAAPVERDIË
Varela speelde 28 interlands voor de nationale ploeg van Kaapverdië. Giovanni da Fonseca hoopt straks in zijn voetsporen te treden. “Mijn ouders zijn daar allebei geboren. Mijn vader kwam op zijn vijfde naar Nederland, mijn moeder op haar achttiende. Ik ben enkele keren teruggeweest. Een prachtig land. Twee jaar geleden werd ik gevraagd voor de nationale ploeg Onder 20 jaar. Met pijn in mijn hart moest ik afzeggen, omdat ik juist die periode een tentamenweek had. Ik hoop op een nieuwe kans. De nationale taal van het eiland is Creools, dat spreken we ook thuis. Portugees is de voertaal. Dat spreek ik mondjesmaat.”

Da Fonseca studeert aan de Universiteit in Rotterdam. Derdejaars Bedrijfskunde om precies te zijn. “Nadat ik mijn diploma haalde, wist ik niet wat ik wilde gaan doen. Mohamed (Ouhammou, red.) ging Bedrijfskunde volgen. Hij vroeg of ik meeging. Tot nu toe heb ik geen spijt. Ik kan veel studie-uren zelfstandig indelen en straks vele kanten op. Volgend jaar moet ik mijn Master lopen. Ik twijfel nog in welke richting. Ik denk nu aan Vastgoed.” Zijn ouders komen altijd kijken. “Mijn vader heeft ook gevoetbald. Hij is altijd kritisch. Op de terugweg krijg ik vaak al te horen wat ik beter had moeten doen. Hij heeft een goede kijk. Ik heb drie oudere broers, die ook allemaal hebben gevoetbald. Mijn neef Garry Mendes Rodrigues, zijn moeder is de zus van mijn moeder, speelt bij Fenerbahçe. Toen hij twee seizoenen geleden voor Galatasaray uitkwam, maakte ik de kraker tegen Besiktas op zijn uitnodiging mee. Prachtig om mee te maken.” Zelf droomt hij van zo’n kans. “Natuurlijk. Het zou super zijn om mijn horizon te verbreden. Je weet maar nooit.” Nu staat Excelsior Maassluis voorop. “We willen meestrijden om de plekken bovenin. Ik weet van elke speler hoe goed hij is. Een eindklassering bij de bovenste vijf mogen we best als doel uitspreken.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over Excelsior Maassluis? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over Excelsior Maassluis.

Clarence Bijl van ASWH timmert aan de weg

Passie Voor Voetbal. Zo heet de voetbalschool van Clarence Bijl die hij sinds afgelopen zomer met vader Henri runt. Daarbij put de 21-jarige rechtsback volop uit eigen ervaring, opgedaan door onder meer tien jaar als jeugdspeler van Feyenoord. Sinds de zomer van 2018 is hij te zien in het shirt van ASWH.

HENDRIK-IDO-AMBACHT – Elke zondag rond de klok van 8.45 uur verschijnt een glimlach op zijn gezicht als de eerste jeugdspelers het veld van NSVV in Numansdorp betreden. “Als ik zie met hoeveel plezier die jongens en meisjes arriveren, doet me dat erg goed.” Een halfuur eerder is Clarence Bijl met vader Henri al aanwezig om de trainingsvormen uit te zetten. “We begonnen in juli met drie jeugdspelers. Nu zijn er al drie groepen van elk acht spelers, die om tien en elf uur trainen. We overwegen zelfs een vierde blok toe te voegen. We houden de groepen bewust klein om iedereen veel aandacht te kunnen geven. Kwaliteit boven kwantiteit.”

Het doet Clarence Bijl goed. Vorig jaar verrichte hij met een compagnon dezelfde activiteit bij FC Binnenmaas, de fusieclub die onder meer bestaat uit VV Maasdam waar Bijl zijn eerste bal trapte. Na een minder prettige ervaring besloot hij zijn eigen voetbalschool op te zetten voor jongens en meisjes van acht tot ongeveer twaalf jaar. “Doordeweeks krijgen zij bij hun eigen club pass- en trapvormen en partijtjes. Wij geven juist andere trainingen. Speci eke loop- en techniektrainingen, bagage waardoor die jongens en meisjes zich verder kunnen ontwikkelen. Plezier blijft altijd voorop staan. Daarbij denk ik aan de periode dat ik als jongetje zelf aan clinics of voetbalweken deelnam, zoals die van Ben Wijnstekers.”

Vader Henri, die hem in het seizoen 2006/07 in zijn laatste jaar bij FC Binnenmaas samen met opa Cees Schouten trainde, helpt. “Toen ik hem vroeg, zei hij direct ‘ja’. In het verleden heeft hij getraind. Nu is het een stukje ontspanning naast zijn drukke baan als eigenaar van een assurantiekantoor. We rijden zondagochtend samen naar het sportpark, zetten alles samen uit en geven de training samen. Hij bezoekt ook elke wedstrijd van me. In mijn periode bij Feyenoord heeft hij alleen een toernooi in Azerbeidzjan gemist, omdat ouders vanwege veiligheidsredenen werd afgeraden af te reizen. Bij ASWH is hij trouw aanwezig, net zoals mijn opa en vaak mijn zusje Celeste. Zij voetbalt ook,” aldus Clarence Bijl, die sinds 2 december bij het assurantiekantoor van zijn vader werkt.

FEYENOORD
Tien jaar maakte hij deel uit van de jeugdopleiding van Feyenoord. “Mijn hele periode daar beschouw ik als een hoogtepunt. Net als mijn jeugdinterlands. Die staat toch op je CV. Het was een prachtige tijd. Vele kinderen dromen ervan om bij Feyenoord te voetballen. Ik al helemaal, Feyenoord is mijn club. Toen de brief op de deurmat viel met de uitnodiging dat ik stage mocht komen lopen… je moest eens weten hoe blij ik was.” Hij doorliep alle jeugdteams tot en met de Onder 19. “Toen kreeg ik na een gesprek met hoofd jeugdopleiding Richard Grootscholten en trainer Damien Hertog te horen dat er geen plek voor mij was. De stap naar het eerste elftal was te groot. Feyenoord kent geen tweede team dat uitkomt in de voetbalpiramide, waardoor jaarlijks haast het volledige beloftenelftal moest vertrekken. Zonde. Als Jong Feyenoord toen in de Eerste Divisie had gespeeld, was ik nu de rechtsback van het eerste elftal. Daarvan ben ik overtuigd.”

Hij koos mede door privéomstandigheden voor FC Dordrecht als volgende stap. “Dat was dichtbij en in de Eerste Divisie kon ik me prima ontwikkelen.” Bijl, die net na zijn komst zijn achttiende verjaardag vierde, draaide een goede voorbereiding. “Op de tweede speeldag maakte ik mijn debuut tegen Jong FC Utrecht, maar daar bleef het bij. Ik was op amateurbasis aangetrokken en de club moest na mijn vijfde wedstrijd een opleidingsvergoeding betalen. Die konden ze niet ophoesten, kreeg ik te horen. In oktober, november werd gemeld dat ik volgend seizoen niet meer terug hoefde te komen. Moest ik het vanaf dat moment doen met wedstrijden op de maandagavond met Jong FC Dordrecht. Dat deed me pijn. Ik heb nooit de kans gekregen om te laten zien wat ik kan.”

KLIK
Bijl raapte zijn moed bij elkaar. “Ik ben elke training geweest en deed altijd mijn best. Ik wilde top t zijn in het geval een nieuwe club zich meldde. Gelukkig kwam ASWH, toen nog Derde Divisie. In ons eerste gesprek ontstond direct een klik. Ik had me nooit serieus verdiept in de Tweede of Derde Divisie. Ik ben blij met de kans die de club me bood.” Zijn debuutjaar sloot Bijl af met promotie naar de Tweede Divisie. “Dat had niemand verwacht. Vooral niet, omdat we halverwege het seizoen nog twaalfde of dertiende stonden.”

In de Tweede Divisie zit Bijl uitstekend op zijn plek. “Veel clubs zouden probleemloos meedraaien in de Eerste Divisie. Het grote verschil met vorig seizoen is dat we nu elke week een goede tegenstander treffen. Geef je niet de volle honderd procent, word je overlopen. Er moet telkens een tandje bij. Ik nam me afgelopen zomer voor om alle 34 wedstrijden te spelen. Ik vertelde aan de trainer (Rogier Veenstra, red.): laat mij aan het einde van het seizoen maar de rechtsback in het Team van het Jaar van de Tweede Divisie worden. Mijn kracht is bekend. Ik blijf negentig minuten gaan. Mijn aanvallende krachten wil ik zo optimaal mogelijk benutten zonder mijn verdedigende taken te verwaarlozen. De Tweede Divisie is een prima niveau, mijn ambitie is om minimaal hierop te blijven voetballen. Als het kan met ASWH.”

Naast de drie trainingen bij ASWH, de wedstrijd op zaterdag en zijn voetbalschool, traint Bijl op vrijdagavond de jeugdselectieteams van IFC, de buurclub van ASWH. Door zijn nieuwe baan wil hij ook nog een studie oppakken om zich op assurantiegebied te ontwikkelen. “Veel vrije tijd heb ik niet, maar het zijn allemaal activiteiten waarin ik plezier heb. Dat vind ik van alles het belangrijkst.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over ASWH? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over ASWH.

In gesprek met Arjan van der Kaay eigenaar keepersschool

0

Arjan van der Kaay (37) is eigenaar van een keepersschool. Zelf is hij dan ook keeper geweest en had besloten om zijn kennis te delen met andere. Bij Feyenoord is hij ook keeperstrainer, dit voor de onderbouw/middenbouw in de jeugdopleiding.

Arjan is begonnen met het doel verdedigen bij V.V. Lyra. Hij speelde hier vier jaar, waarna hij vertrok naar Sparta Rotterdam. “Bij Sparta vond ik het lastig om me aan te passen, waardoor ik terugkeerde naar De Lier. Ik vond het leuker om met mijn vriendjes te voetballen. Op 17-jarige leeftijd, zag ik steeds meer jongens die doorstroomde of een klein contract kregen en daar zat ik ook nog gewoon bij. Ik zou het ook zonde hebben gevonden als ik niet wist hoe ver ik zou zijn gekomen.” Hij vertrok naar Schiedam, waar hij ging spelen bij SVVSMC. Bij deze ploeg speelde hij landelijke competitie. Vanuit daar ben was Arjan naar ADO Den Haag vertrokken en mocht hij voor één keer zijn opwachting maken in de hoofmacht. Hij vertrok na twee jaar ADO waar hij voornamelijk in Jong-ADO zijn wedstrijden heeft gespeeld. “Mijn droom viel voor mij een beetje in elkaar. Ik vertrok dan ook naar Westlandia, hier heb ik nog drie jaar gespeeld.”

In de tijd bij Westlandia was Arjan naar eigen zeggen te oud om nog een stap te maken of dé stap te maken. “Ik was toen een jaar of zesentwintig, toen was je te oud. Tegenwoordig heb je een tweede en divisie. In mijn tijd had je dat niet. Tevens maken veel spelers ook een stap naar het buitenland. Dat was toen der tijd ook nog niet hot.” Hij besloot er mee te stoppen, maar heeft niet lang stilgezeten. “Ik werd gevraagd door een oud-trainer om te komen voetballen bij MSV’71.”

Zijn hele carrière, gaf hij keeperstrainingen. Dit besloot hij om na zijn carrière dan ook echt op te pakken. “Ik dacht voor mezelf, dit is het moment om iets te doen met mijn trainingen. Het lag dan ook eigenlijk best dichtbij me en vandaar dat ik een keepersschool oprichtte. Het liep aardig, maar door mijn werk kon ik niet meer aannemen, dan dat ik eigenlijk zou willen. Naar omstandigheden verliet ik het bedrijf waar ik werkte en ging het gewoon proberen. Ik wilde kijken binnen een jaar of ik er op de lange termijn van zou kunnen leven en nu doe ik dit al zes jaar.”

De keepersschool biedt diverse cursussen aan, deze vinden plaats op vrijdag en zondag. “De mensen die ik in dienst heb, zijn trainers waar ik mee heb gewerkt of jonge talentvolle keepers of keepsters die ik zelf heb getraind. Naast zijn eigen keepersschool is hij ook keeperstrainer bij Feyenoord. Bij FC s’-Gravenzande geef ik op dinsdagavond zo ook training aan het eerste en de jeugd van de club. Toen ik net was begonnen met de keeperschool deed ik iedere avond een andere club en nog eens de keepersschool.

Zijn ambities met zijn keepersschool zijn stapje voor stapje, groter en groter te worden. “Wellicht om er in de toekomst andere dingen om heen te bedenken, maar dat is voor de toekomst. Ik ben nu bezig met de huidige situatie, maar het zou leuk zijn. Ik moet nu dan ook geen vijftig keepers erbij krijgen, dit omdat het ten koste zou gaan van de kwaliteit.”

Bij de keepersschool trainen keepers en keepsters van alle leeftijden tot aan de senioren. “Het is voor de kinderen belangrijk om in kleine groepjes te met ieder groepje een eigen trainer. De kinderen verdienen hun aandacht.” Hij probeert de keepers dan ook te belonen voor de keeper die zich in twaalf weken het meest heeft ontwikkeld, die krijgt een prijs. “Ik hoop zo dat ze daarom zo goed mogelijk willen presteren en daardoor beter willen worden.”

Via Khalid Benlahsen is hij terecht gekomen bij de jeugdopleidingen van Feyenoord. “Khalid benaderde mij om scout te worden. Ik kreeg zo af en toe de vraag om een keeper te bekijken, maar via de keepersschool zag ik natuurlijk ook heel veel keepers. Dit heb ik uiteindelijk ruim twee jaar gedaan. Toen Khalid doorstroomde naar het eerste elftal en Oscar Moens keeperscoördinator was geworden van de Academy, mocht ik op gesprek komen. Sindsdien ben ik daarnaast ook keeperstrainer bij de jeugd van Feyenoord, met name de onderbouw/middenbouw.”

Voor meer informatie over de keepersschool. Klik hier.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.