Home Blog Pagina 911

In gesprek met Berry en Nick Teeuwen van VV Stolwijk

Hij slaat geen wedstrijd van zijn zoon over: Berry Teeuwen maakte in de jaren negentig deel uit van het ‘gouden’ Stolwijk, dat het tot de tweede klasse schopte. Met zoon Nick, negentien lentes jong, hoopt Stolwijk op een nieuw bloeiperiode.

“Het gaat tegenwoordig een stuk sneller”, zegt Berry (52) als het verschil tussen het Stolwijk van toen en nu ter sprake komt. “Kunstgras heeft het spel veranderd. De handelingssnelheid bij spelers moet veel hoger zijn. Ik durf gerust te beweren dat wij nu hooguit een derdeklasser in de middenmoot waren geweest. Onze manier van spelen paste heel goed bij natuurgras. We hadden zeker wel goede voetballers in het team, maar we moesten het allemaal vooral van het harde werken hebben.”

Zoon Nick is een typisch product uit de kunstgrasschool: hij is technisch sterk, combineert snel denkwerk met goed voetenwerk en is bovenal snel. “Hij mag alleen nog wel wat brutaler zijn”, zegt zijn vader (52). “Hij is een lieve jongen. Dat heeft hij van zijn moeder. Gemeen hoeft hij niet te worden, maar door wat meer van zich af te bijten kan hij nog belangrijker worden voor het team.”

Junior, die in Den Bosch integrale veiligheidskunde studeert (‘ik woon nog gewoon thuis hoor’), maakt onderdeel uit van wat in Stolwijk te boek staat als een zeer getalenteerde lichting. “We zijn vorig seizoen in één keer van de junioren in het eerste gezet. Dat was wel even aanpoten.”

“Er zit veel talent in”, weet zijn vader. Hij maakte ruim tien jaar deel uit van het gouden Stolwijk. Jan Noorlander, Jan de Vrij, Jan Boer en Remko Anker zijn illustere namen uit die periode. “Ik was zelf drie jaar jonger en kwam er als jong broekie bij. Dat was mijn grote voordeel. Ik had jongens waaraan ik mij kon optrekken. Dat hebben Nick en de andere jeugd nu veel minder. Ja, Joost van Niekerk, maar het gros in jong. Dat zie je overigens bij heel veel teams. De balans in de leeftijdsopbouw is scheef.”

“De trainer vindt dat we voor een top5-plaats moeten gaan”, zegt Nick. “En dat we een aanval kunnen doen op de top4. Ik denk dat we er de potentie voor hebben. De grote nederlaag op de eerste speeldag tegen Cabauw was een vergissing.”

Zijn vader stopte op zijn 31ste in de hoofdmacht. “Ik kon destijds het bedrijf van mijn ouders overnemen”, zegt de eigenaar van Teeuwen Infra. “Dat was heel lastig te combineren met het trainen. Ik kon in het veld een heel vervelend ventje zijn. Ik herinner mij nog een wedstrijd bij Bergambacht. Dat liep helemaal uit de hand. Zo erg dat ik als aanvoerder zei: we gaan naar binnen. Voor mijn business is zoiets niet goed, want ik ben voor mijn werk afhankelijk van de regio.”

Het voetbal liet hem echter niet los. Hij werd jeugdtrainer van zoon Nick en koos later voor een carrière als scheidsrechter. “Ik zag het helemaal voor me: mooie derby’s fluiten in de regio. Ik promoveerde echter maar niet. Het bleef bij wedstrijden van tweede elftallen. Ik was al te oud, volgens de KNVB. De jonge scheidsrechters hadden de toekomst. Na een jaar of zes ben ik gestopt. Gedesillusioneerd. Ik vind niet dat de KNVB dat goed oppakt. Ze mogen best wat zuiniger omgaan met de scheidsrechters.”

 

Klik hier voor meer artikelen over VV Stolwijk.
Klik hier voor meer informatie over VV Stolwijk.

In gesprek met Raoel Noijen van RKVSC

Het is een opvallende naam dit seizoen in het shirt van RKVSC: Raoel Noijen (24). Hij liep twaalf jaar rond in eerst de jeugdopleiding van Willem II en later FC Den Bosch, speelde voor Jong Oranje in de zaal en voetbalde de afgelopen jaren voor vijf verschillende veldvoetbalclubs in Den Bosch en omgeving. Hij neemt nu wat gas terug om in de vijfde klasse te gaan voetballen met broer Joeri en neef Peter.

HappyPoint_desinfectie

Raoel Noijen is een makkelijke prater. Hij vertelt zijn verhaal in geuren en kleuren, aan iedereen die een luisterend oor biedt. Over hoe hij als broekie bij Maliskamp de keus kreeg tussen Willem II, FC Den Bosch en RKC. “Ik ging voor Willem II, die club had toen de beste opleiding van Nederland.” Twee jaar later keerde hij toch weer terug naar ‘zijn’ Den Bosch, om voor de plaatselijke FC te gaan spelen. “Een stuk dichterbij, ook fijn voor mijn vader die dagelijks met mij naar Tilburg moest rijden.” Tien jaar lang speelde hij voor de Bossche profclub, tot in de toenmalige A1, tegenwoordig de JO19-1. Toen moest hij weg. “Ik klikte niet met de trainer, vervolgens heb ik het zelf af laten weten qua mentaliteit.” Pijnlijk. “Je hebt alles gegeven voor je voetbaldroom, maar krijgt dan toch de deksel op je neus.”

OJC
Via zijn netwerk kwam hij in de A1 van OJC Rosmalen terecht. “Edwin Smulders was de trainer en belde me op, ik kende hem nog van FC Den Bosch. Ik wilde vooral het plezier terugvinden en dat lukte onder hem. Ik merkte hoe belangrijk een trainer voor mij kan zijn. We speelden ook nog op een aardig niveau, in de Tweede of Derde Divisie.” Na dat seizoen moest hij over naar de senioren. Bij OJC was het gebruikelijk om een tussenstap te zetten in een beloftenteam. Noijen voelde zich echter klaar voor een eerste elftal. Roda Boys benaderde hem en de aanvaller vertrok naar Aalst.

Zaal
Hij verruilde die club al snel voor CHC, later speelde hij nog voor TGG en Wilhelmina. Noijen is een gevoelsmens: als hij zich niet prettig voelt bij een club, vertrekt hij. In de tussentijd lag zijn prioriteit echter vooral in de zaal, daar waar hij bij FCK De Hommel op eredivisieniveau speelde. Hij haalde Jong Oranje, maar het werd uiteindelijk allemaal net wat te druk in combinatie met zijn werk en privéleven. “Voetbal is en blijft een hobby.” Toch vindt hij zaalvoetbal eigenlijk het leukste. “Het is veel tactischer dan veldvoetbal.” Hij staat nu nog als reserve op de lijst bij ZVG/Cagemax, op het tweede niveau van Nederland.

RKVSC
Hoe groot is het contrast met RKVSC, de Velddrielse club die op het allerlaagste niveau van het zondagvoetbal speelt. “Maar ik hoef hier niet te trainen, dat was een vereiste voor mij. Anders kan ik het niet combineren met mijn werk. Daarnaast is het een keigezellige club, met heel leuke mensen. Ik vind het fijn dat ik hier met Joeri, Peter en wat vrienden kan spelen.” Voetballend houdt het nog niet over bij RKVSC, dat zware jaren achter de rug heeft. “Maar we kunnen echt nog veel stappen zetten. Ik merk dat de jongens hier allemaal heel graag willen, dat vind ik belangrijk. Hard werken wordt uiteindelijk echt wel beloond.”

 

Klik hier voor meer artikelen over RKVSC.
Klik hier voor meer informatie over RKVSC.

In gesprek met Fred Wessels van VV Altena

Fred Wessels (56) is een vrijwilliger die meerdere taken op zich neemt bij VV Altena. Hij is jeugdcoördinator, zit in de technische commissie en is coach van het succesvolle derde team. De fanatieke voetballiefhebber is trots op de club uit Nieuwendijk.

HappyPoint_desinfectie
Hoe leer je als Amsterdammer die naar Nieuwendijk is verhuisd zo snel mogelijk nieuwe mensen kennen in het dorp? Juist, dan meld je je aan bij VV Altena. Fred van Wessels was ruim twaalf jaar geleden voor het eerst op het sportcomplex van de club en werd binnen een mum van tijd bestuurslid en oprichter van de technische commissie. “Met een paar enthousiaste mensen zijn we aan de slag gegaan met het opzetten van een duidelijk voetbalplan voor de jeugd”, zegt hij. “Ik zag direct dat Altena een fijne club was met goede vrijwilligers en was blij dat ik voor wat extra structuur kon zorgen. Bovendien kende ik binnen de kortste keren iedereen bij de club, dat was erg prettig voor mijn integratie in Nieuwendijk.”

Grote glimlach
De inspanningen van Wessels en co hadden succes, want inmiddels staat de jeugdafdeling stevig op poten. De jeugd tot en met 17 jaar speelt als de ST Altena/Almkerk combinatie en per leeftijdscategorie zijn er twee coördinatoren. “We hebben veel commissies en vrijwilligers die zich met de jeugdafdeling bezighouden. Ik loop elke zaterdagochtend met een grote glimlach over ons complex en geniet van alles wat er gebeurt. Vroeger moest ik zelf heel veel regelen en was ik vijf dagen per week op de club, maar tegenwoordig kan ik gelukkig vooral delegeren. Ik bekijk af en toe jeugdtrainingen en natuurlijk veel wedstrijdjes. De laatste weken voor de start van het seizoen waren wel wat drukker, want we waren toen bezig met het afronden van de teamindelingen en trainingsschema’s.”

Altena 3
Wessels is daarnaast trainer van het zeer succesvolle vriendenteam VV Altena 3, dat de successen aaneenrijgt. Het team pakte in de zomer van 2019 de titel en was ook vorig seizoen op weg naar een kampioenschap toen de competitie door de KNVB werd beëindigd. Op het moment dat het VoetbalJournaal met Wessels spreekt, dateert de laatste nederlaag van het elftal van november 2018, zo weet de coach te vertellen. “Het is leuk dat mijn stiefzoon Michel de Kuijper in dat elftal speelt, net als maar liefst vier neefjes van hem. Dat is vrij bijzonder”, zegt hij grinnikend. “Ook dit seizoen gaan we uiteraard voor de titel.”

De jeugdcoördinator baalde er flink van dat het jubileumfeest ter ere van 75 jaar Altena vorig seizoen geen doorgang kon vinden. “Niet alleen het derde, maar ook het tweede én het eerste waren op weg naar het kampioenschap, dat was natuurlijk schitterend geweest in combinatie met het feest. Maar goed, we hebben nu een mooie week in het vooruitzicht in 2021. Bovendien ben ik blij dat het seizoen weer begonnen is. Tijdens de lockdown hunkerde iedereen naar VV Altena. De club is van onschatbare waarde voor het dorp en daar ben ik trots op.”

Klik hier voor meer informatie over VV Altena
Klik hier voor meer artikelen over VV Altena

 

 

In gesprek met Frank Kaufmann van DSC Kerkdriel

DSC Kerkdriel is waarschijnlijk de enige derdeklasser met een Zwitser in het eerste elftal. En dan ook nog eens een die zich inmiddels jongen van de club voelt en mag noemen. Frank Kaufmann is rechtsback van het eerste en trainer van de JO13-1.

HappyPoint_desinfectie

Tot zijn vijftiende woonde Frank Kaufmann in Zwitserland. “Daar voetbalde ik ook, maar niet echt op een hoog niveau. Op de training speelden we alleen partijtjes en dan was het meer over het veld rennen dan voetballen.” Hij kwam naar Nederland om te gaan studeren, op het mbo. “Ik wilde in een ander land naar school en mijn moeder komt uit Nederland. Ik sprak de taal al een beetje en ben bij mijn oom en tante gaan wonen.”

Opgevangen
Kaufmann werd gelijk lid bij DSC, om vrienden te maken. “Iedereen was direct vriendelijk. Ik werd fijn opgevangen. Ik merkte gelijk dat het niveau hier hoger lag. Ik leerde echt dingen op de trainingen.” Hij doorliep alle jeugdelftallen, om vervolgens door te schuiven naar het eerste. Daar werd de nu 23-jarige speler omgeturnd van aanvaller tot rechtsback. “We hadden bij de selectie een hele hoop aanvallers. Ik ben naar de trainer gegaan en heb gezegd: ‘Ik wil niet op de bank zitten, dus stel me maar op waar je me nodig hebt.’ Dat werd rechtsback, die positie beviel me wel.”

Kaufmann is snel, heeft een goede techniek en zijn inzicht in orde. Zijn concentratie en omschakeling kunnen nog beter. Hij heeft inmiddels al vele hoogtepunten meegemaakt bij DSC, met het kampioenschap van seizoen 2018-2019 als mooiste. “Dat was een prachtig jaar, we verloren maar één wedstrijd. Het verschil met het seizoen daarvoor was dat we nu met alleen maar eigen jongens speelden. Het was een heel gezellige groep.”

Prijsje
DSC gooide afgelopen seizoen hoge ogen in de derde klasse, met een derde plaats als beloning. “Het was even wennen, maar daarna kwamen we er beter in. De derde plek was boven verwachting, we wilden vooral niet degraderen. Ik denk dat we nog beter kunnen, als we gefocust blijven en de wisselvalligheid eruit gaat.” Hij hoopt stiekem op een prijsje. “Het doel is de middenmoot of net daar boven, maar een periodetitel zou een mooie extra zijn.”

Waar Kaufmann misschien nog wel enthousiaster over spreekt, is ‘zijn’ jeugdteam. Hij traint sinds zijn vijftiende al elftallen in de jeugdafdeling van DSC. Sinds vier jaar heeft hij een eigen team, de JO13-1. “Dat is echt een heel getalenteerde groep. Ik vind niks mooier dan spelers individueel beter maken. Daar gaat het me vooral om, dan wordt het team vanzelf ook beter. Ze spelen nu in de hoofdklasse.” Wie weet worden die jongens over een jaar of zes Kaufmanns teamgenoten in DSC 1.

 

Klik hier voor meer artikelen over DSC.
Klik hier voor meer informatie over DSC.

Jonger Oranje Talentendag bij VV Oosterhout

Donderdag 18 februari, in de voorjaarsvakantie, is VV Oosterhout voor het eerst gastheer van een Jonger Oranje Talentendag. Alle jongens en meisjes van 5 t/m 12 jaar kunnen deelnemen aan deze geweldige voetbaldag. Om het extra leuk te maken zijn er ook scouts van de Eindhovense topclub bij!

Tijdens de Jonger Oranje Talentendag wordt een groot 4 tegen 4-toernooi gespeeld. Iedereen speelt lekker veel korte partijtjes, ontmoet nieuwe voetbalvriendjes en maakt natuurlijk heel veel plezier. Tijdens het voetballen worden alle deelnemers bekeken en beoordeeld door scouts van de topclub uit Eindhoven. Elke deelnemer krijgt de kans om zijn of haar voetbaldroom waar te maken: gescout worden door de Eindhovenaren en/of een plek verdienen in de Jonger Oranje Regioselectie.

De scouts selecteren tijdens de Jonger Oranje Talentendag de beste spelers voor de drie Jonger Oranje Regioselecties ‘West-Brabant’ in de leeftijdscategorieën Onder 9, Onder 11 en Onder 13. Zij plaatsen zich voor de Jonger Oranje Finals. Daar worden de drie officiële Jonger Oranje teams geselecteerd door scouts van alle partnerclubs van Jonger Oranje. Deze talententeams spelen in het seizoen daarna tegen profclubs uit het binnen- en buitenland. Zo speelde Jonger Oranje in het verleden oefenwedstrijden tegen o.a. AZ, Liverpool en Borussia Dortmund.

De Jonger Oranje Talentendag duurt van 9:45 tot 15:00 uur en is voor spelers uit de geboortejaren 2009 t/m 2015. Ook niet-leden van VV Oosterhout mogen meedoen. Deelname kost slechts €26,95, inclusief persoonlijk certificaat en PANNA! magazine.

Meer informatie en aanmelden: www.jongeroranje.nl

Hoe blijf ik fit met Devin Bazen van Z.V.V. Pelikaan

Devin Bazen is een 23 jarige trainer van de jo15-1 van Z.V.V. Pelikaan. Hij speelt zelf in Pelikaan 7, een vriendenteam waar gezelligheid voorop staat. Op zijn vierde is hij al begonnen bij de club waar zijn ouders ook op vroege leeftijd actief waren.

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020

Devin is klaargestoomd om zelf aan de slag te gaan als trainer bij een jeugdteam.Als trainer ben ik begonnen bij de jongste jeugd en na een aantal jaren heb ik de kans gekregen om als assistent aan de slag te gaan bij de JO19-1 van Pelikaan. Dit zorgde ervoor dat ik mijn eigen voetbalteam, Pelikaan 7, op een lager pitje moest zetten, omdat het regelmatig voorkwam dat beide teams ongeveer op dezelfde tijd moesten voetballen. Afgelopen jaar heb ik daar Melvin Spruit, die dit jaar trainer van Brielle 2 is, geassisteerd. Dat was een leerzaam jaar met in het vooruitzicht dat ik dit jaar de TC3 kon gaan volgen. Aan de hand van Melvin ben ik klaargestoomd om het dit jaar zelf te doen en dat is gelukt. Het huidige seizoen ben ik hoofdtrainer van de JO15-1 uitkomend in de 1e klasse”.

Het stilleggen van de competities is voor elke voetballiefhebber een grote teleurstelling. “Dat het amateurvoetbal stilgelegd is door de overheid, is begrijpelijk. Jammer, maar het is niet anders. De oplopende besmettingen in de maand oktober gingen zo hard dat het niet meer tegen te houden was. Toch ben ik van mening dat er weinig kans op besmettingen is in de buitenlucht, dus ook op een sportpark. Het zit hem meer in het reizen en samenzijn in kleedkamers, bij besprekingen en samenscholing na de wedstrijden. Pelikaan heeft al snel besloten om de kleedkamers te sluiten voor alle elftallen, maar je zag bij verschillende verenigingen dat ze daar wel allemaal bij elkaar in één ruimte mochten. Misschien had de KNVB één lijn moeten trekken voor alle verenigingen. Vanuit andere verenigingen was er regelmatig kritiek op het protocol van Pelikaan, maar het heeft er wel toe geleid dat er niet of nauwelijks besmettingen waren. Toch blijft het stilleggen van het amateurvoetbal een grote teleurstelling voor iedereen die voetballiefhebber is. Wat betreft de JO15-1 is er op dit moment niet heel veel veranderd. We trainen door op de manier, waarop we zijn begonnen en op zaterdag spelen we alleen wedstrijden tegen andere Pelikaan elftallen. Het grootste gemis vind ik toch wel de invulling van de zaterdagen die altijd in het teken stonden van Pelikaan. De ochtend begon met een wedstrijd van de 15-1 en daarna ging ik meestal gelijk door naar mijn eigen wedstrijd bij Pelikaan 7. Na de wedstrijden dronken we met elkaar dan een biertje op het terras om daar een tijdje te blijven hangen. En uiteindelijk eindig je de zaterdagavond ergens in een kroeg of bij iemand thuis met vrienden. Vaak ergens waar je in de ochtend nog niet aan had gedacht. Die gezelligheid, man wat missen we dat zeg”.

Sinds het stilleggen van de competitie traint Pelikaan gewoon door, zo kunnen ze zichzelf blijven ontwikkelen. “We begonnen het seizoen met een vernieuwde spelersgroep. Veel spelers kwamen uit verschillende jeugdelftallen en dat zorgde ervoor dat we behoorlijke niveau verschillen hebben. Daardoor zijn we toch weer bij de basis begonnen. De eerste bekerwedstrijden verloren we met ruime cijfers, maar aan de bal maakten we grote stappen. Een aantal spelprincipes waar we op hebben getraind, worden duidelijk zichtbaar. Na een aantal competitiewedstrijden boekten wij onze eerste overwinning tegen IFC. En dat ook nog eens met goed voetbal. Al sinds het stilleggen van de competitie trainen we gewoon door. We hebben nu alle tijd om onszelf als team en individueel te ontwikkelen en daar ook meer aandacht aan te schenken. Op de zaterdagen spelen wij onderlinge wedstrijden tegen andere teams van Pelikaan. Ik ben blij om te zien dat er nog steeds heel veel enthousiasme en gedrevenheid is bij de spelersgroep, ondanks dat we geen competitiewedstrijden kunnen spelen. We trainen altijd met grote aantallen en dat zorgt ervoor dat we de trainingen optimaal kunnen benutten”.

Fit blijven in de corona tijd is moeilijker dan ooit. “Zo nu en dan probeer ik een aantal dagen per week te gaan hardlopen. De laatste weken heb ik daar, ondanks het stilleggen van het amateurvoetbal, echter weinig tijd voor. Ik ben op dit moment bezig om mijn Minor voor bewegingsonderwijs op de Hogeschool af te ronden. Voor deze Minor moeten we zelf 2 dagen sporten en 2 dagen gymles geven op een basisschool. Verder voetbal ik op vrije dagen en in de vakanties met vrienden. In elk team heb je wel 1 á 2 spelers die niet moe te krijgen zijn. Zo heb ik die de afgelopen jaren ook gezien. Bij de JO19-1 hadden we spelers als Yazz Popeliers, Erwin van Wolferen en Jelmer Baars. Dat zijn spelers die, bij wijze van spreken, 6 keer zoveel longinhoud hebben als anderen en maar blijven gaan. Als trainer kun je altijd op dat soort gasten rekenen. Het zijn spelers die altijd fit zijn en daar ook weinig voor hoeven te doen. Na de zomerstop verschijnen ze fit op de training, terwijl ik weet dat ze in de vakantie niets aan hun conditie hebben gedaan. Ook dit seizoen bij de JO15-1 zie je weer een aantal spelers die altijd fit zijn. Op trainingen en wedstrijden geven zij alles en klagen zelden of nooit over vermoeidheid en pijntjes. Ik kan daar als voetballer jaloers op zijn, want ik moet zelf altijd wel serieus stappen ondernemen om fit aan het seizoen te beginnen. Gelukkig spelen wij met Pelikaan 7 in de Kelderklasse, waar je met een mindere conditie niet zo opvalt. Nu het amateurvoetbal stil ligt, moeten we er alles aan doen om een beetje fit te blijven. Ik raad anderen aan om vooral te blijven bewegen. Denk aan een sportschool, hardlopen of eventueel een balletje trappen in de buurt of bij een vereniging, wel op 1,5 meter uiteraard”.

Jens Toornstra is een voorbeeld van speler met een enorme conditie. “Dirk Kuyt, Zlatan Ibrahimovic en in mindere mate Jens Toornsta zijn mijn ultieme voorbeelden op het gebied van fitheid en hard werken. Zlatan presteert op 39-jarige leeftijd nog zo fenomenaal bij AC Milan in de Serie A en is op dit moment zelfs topscorer. Niet alleen zijn doelpunten zijn belangrijk, maar zijn drive en mentaliteit brengt hij ook over op de rest van zijn team. Dat zag je ook terug bij Dirk Kuyt. Mede door zijn aanwezigheid werd Feyenoord na 18 jaar weer kampioen. Jens Toornstra is zo’n speler die als voetballer voor veel discussie zorgt. Je ziet regelmatig dat hij door trainers in de eerste instantie wordt geslachtofferd, maar hij komt altijd terug. Hij werkt zo hard dat een trainer niet om hem heen kan en het is bovendien een stabiele speler waar je van op aan kunt”.

Devin werkt keihard met Pelikaan om stappen te zetten als team. “Mijn verwachting is dat wij met JO15-1 in februari weer competitiewedstrijden gaan spelen en dat wij in die wedstrijden kunnen laten zien wat voor progressie wij als elftal hebben geboekt. Vooral in balbezit hebben we grote stappen gemaakt. In het begin verloren wij veel wedstrijden door verkeerde loopacties en foute passes in de opbouw. De laatste weken hebben wij alle tijd gehad om hier keihard op te trainen. Hoe wij als ploeg gaan presteren, is lastig te zeggen. Resultaat is in de jeugd niet het belangrijkste. Het ontwikkelen van alle individuele spelers staat voorop. Het team en het resultaat zijn korte termijn doelstellingen en daaraan ondergeschikt. Ik kijk echter met veel vertrouwen uit naar het vervolg van het seizoen”.

Meer informatie over ZVV Pelikaan? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over ZVV Pelikaan.

Al 90 jaar Andels voetbaltrots

Sparta’30 zou in juni een spetterend feest vieren. De club uit Andel bestond op 21 april namelijk alweer 90 jaar. Helaas gooide corona ook hier roet in het eten. Met potlood staat nu in de agenda een 90+1-jarig feest gepland voor 2021.

HappyPoint_desinfectie
Sparta’30 bestond in april 90 jaar, maar zou in juni een groot feest vieren. Anders zouden ze namelijk dubbelen met de 100-jarige verjaardag van de Andelse Oranjevereniging. Corona verpestte beide feestjes, waardoor de club van geel en zwart nu volgend jaar juni met potlood vier dagen heeft genoteerd in de agenda. “We zijn heel blij met de sponsors van het jubileum, die hebben tot nu toe allemaal toegezegd dat we hun bijdrage voor een jaar later mogen gebruiken. Zonder sponsors geen feest”, vertelt Jacky Sonneveld, die onder meer lid is van de jubileumcommissie. “We hebben alles, van artiesten tot de tent, een jaar kunnen verzetten. Het draaiboek ligt er, alleen is het wachten hoe corona zich ontwikkelt en of we een feest mogen organiseren volgend jaar.”

21 april zou Sparta’30 nog wel een receptie hebben. Het programma bestond verder onder meer uit een freestyle voetbalclinic voor de onderbouw van de jeugd, een darttoernooi in de tent, een wedstrijd van Sparta’30 tegen een samengesteld team van de gemeente Altena, Altena United, een Hollandse avond met vier Nederlandstalige topartiesten waaronder Django Wagner, dj’s en een afsluitende dag met spelletjes, een onderling voetbaltoernooi, een barbecue en het Spartaanse carnaval inclusief hofkapel en special guest. Dat is vooralsnog in zijn totaliteit een jaar doorgeschoven. “Het is allemaal heel erg onzeker, dus we hebben het met potlood opgeschreven.”

Echte dorpsclub
We kunnen gelukkig al wel terugkijken op 90 jaar Sparta’30. Wat zegt dat Sonneveld en zijn aangeschoven collega-bestuurslid en tevens clubman Jaap de Vente? “We zijn een echte dorpsclub, dat vind ik heel mooi. Je ziet dat steeds minder, ook hier in de buurt zijn er al wat fusieclubs ontstaan.” Sparta’30 schommelt continu tussen de 400 en 430 leden. “Welke dorpsclub kan nu zeggen dat het al meer dan 25 jaar een G-team heeft?”, vraagt Sonneveld zich hardop af. “We doen hier alles met vrijwilligers.” Ook iets wat een echte dorpsclub typeert: een eerste vol eigen jongens. “We willen echt een eerste elftal met eigen jeugd, daarmee spelen we al jarenlang in de derde klasse. Het gaat met horten en stoten. Een aantal jaar geleden zijn heel wat oude jongens gestopt, waardoor we opnieuw moesten gaan bouwen. We hebben net een JO19-1 doorgeschoven naar de selectie, dat is echt een heel goede lichting. We hebben een jongen in het eerste lopen die 17 jaar oud is. De gemiddelde leeftijd is 20 of 21.” Ook de hele technische staf van het eerste, inclusief hoofdtrainer Mark van Noorloos, komt uit Andel.

Sparta’30 betaalt de spelers geen cent, in tegenstelling tot sommige clubs uit de regio. “Je moet een beetje creatief zijn. We proberen onze spelers extra te motiveren door bijvoorbeeld de kleding, van polo’s tot presentatiejassen, helemaal in orde te hebben en we spelen ook met de Eredivisiebal. Daar zijn ze toch gevoelig voor, net als zo’n presentatiegids. Daarnaast hebben we een geweldig mooie accommodatie, die piekfijn in orde is. Het hoofdveld ligt er fantastisch bij en de kantine is heel gezellig. Niks is toch mooier dan vanaf je clubgebouw zo op je hoofdveld te kijken? Dat zie je bijna nergens.” De Vente: “Die jongens kennen elkaar ook allemaal al zo lang en vinden het gewoon gezellig om samen te voetballen. Daarom gaan ze niet zo snel naar een andere club, ook al krijgen ze daar geld aangeboden.”

Andels trots
90 jaar geleden werd de club dus opgericht. De eerste wedstrijden werden gespeeld bij de sluis, nota bene aan de Gelderse kant. De plek die bekendstaat als ‘De Plaot’. Zonder licht en waar de koeien vrij spel hadden. Een kuil diende als kleedkamer, de Maas als wastobbe. In 1965 verhuisde Sparta’30 naar de Rietdijk, waar ze zowaar een kantine en kleedlokalen kregen. Een lichtinstallatie zorgde er zelfs voor dat in de avonden getraind kon worden. Dertien jaar later was er de verhuizing naar het huidige complex, het Jan Claessenhof. Daar werden toen in eigen beheer een sportkantine, zes kleedlokalen en een grote bestuurskamer gerealiseerd. Inmiddels is het een prachtig complex, met twee mooie natuurgrasmatten en een nuttig kunstgrasveld. Het hoofdveld ligt er piekfijn bij, met dank aan vrijwilliger Bert Pellikaan. Het Jan Claessenhof en Sparta’30 zijn een club en plek om trots op te zijn. Niet alleen voor voetbalminnend Andel, maar voor heel Andel.

Klik hier voor meer informatie over Sparta’30
Klik hier voor meer artikelen over Sparta’30

VoetbalJournaal Etten-Leur, najaar 2020

Lees hier de krant</

Hoe blijf ik fit met Amaar Nuur van Unitas’30

Amaar Nuur (22) speelt vanaf de f jeugd bij unitas’30 hij heeft eerst in de wat lagere jeugd teams gespeeld en is vanaf de c1 in de selectie teams terecht gekomen. Op 17 jarige leeftijd heeft hij zijn debuut gemaakt bij het eerste van Unitas’30. Hij speelt nu 5 jaar in de selectie van Unitas’30.

verfhuys-breda

Amaar Nuur vind het stilleggen van de competities dubbel. “Aan de ene kant is het goed dat er wat gedaan wordt en dat we de kwetsbare groepen beschermen maar aan de andere kant als je kijkt in winkels vind ik wel als je maatregelen neemt moet je het ook goed doen.”

De selectie van  Unitas’30 was niet goed begonnen aan het seizoen voordat het stilgelegd werd. “we hebben in vergelijking met vorig jaar een hele nieuwe aanval en daarbij zijn we gewoon niet scherp begonnen.”

Momenteel is de selectie van Unitas’30 weer bezig met trainen. Ze trainen 2 a 3 keer per week en de trainingen zijn zeer intensief. Daarnaast voetbalt Amaar Nuur 1 keer in de week met zijn vrienden bij het Cruijf veldje in Etten-Leur. Ook doet Amaar Nuur thuis oefeningen om goed fit te blijven.

Ook heeft Amaar Nuur een aantal tips om zelf thuis goed fit te blijven tijdens de corona stop. “Zorg dat je in beweging blijft en minstens 2 keer in de week hardloopt en als je gaat trainen geef dan 100 % alleen zo wordt je fitter.”

Wij vroegen aan Amaar Nuur wie voor hem een voorbeeld voetballer was. “Ja dat kan er bijna maar 1 zijn. Cristiano Ronaldo is wel echt een voorbeeld van hard werken en fitheid. Hoe fit hij nog is op zijn leeftijd is wel echt bizar maar je hebt natuurlijk ook spelers als Leon Goretzka en Lewandowski die ook super fit zijn.”

Amaar Nuur denkt dat alles omtrent de corona uiteindelijk goed gaat komen. Hij denkt de selectie van Unitas’30 zo blijft trainen en er vol voor gaat dat ze super fit terug gaan komen. “Voetballend zit het wel goed bij ons team we moeten gewoon goed blijven trainen.”

 

klik hier voor meer artikelen over Unitas’30
Klik hier voor meer informatie over Unitas’30

Will van Meel legt de lat hoog voor selectiekeepers van Kozakken Boys

De selectiekeepers van 11 tot en met 23 jaar oud van Kozakken Boys worden sinds dit seizoen getraind door Will van Meel. De ervaren oefenmeester is vereerd met zijn nieuwe rol bij de trots van Werkendam en kijkt zijn ogen uit op sportpark De Zwaaier. “Ik wilde altijd al eens werken bij deze club.”

HappyPoint_desinfectie
Bij een grootmacht als Kozakken Boys hoort een kundige keeperstrainer en daarom strikte de clubleiding voor dit seizoen Will van Meel als de nieuwe doelmancoach van de jeugdopleiding. Hij werkte in het verleden bij RKC Waalwijk, Willem II en FC Antwerp en neemt nu de selectiekeepers van 11 tot en met 23 jaar van de roodwitten onder zijn hoede. De man uit Raamsdonksveer is vereerd met deze functie. “Ik heb de laatste jaren twee periodes bij FC Antwerp gewerkt. Dat was gaaf, maar ik werd het vele reizen beu en trainde daarom de laatste jaren onder meer de jeugd bij clubs als Haarsteeg en Emplina. Deze nieuwe kans bij Kozakken Boys is ideaal voor me. Ik train nu op hoog niveau met talentvolle keepers en dat bij een club op minder dan twintig minuten van mijn woonplaats.”

Hoek naar hoek
Op twee doordeweekse dagen traint Van Meel de selectiekeepers en op zaterdagen probeert hij op sportpark De Zwaaier duels van zijn talenten mee te pikken. “Er zitten jongens bij die zijn afgevallen bij bvo’s en dus veel basistechniek hebben. Anderen hebben meer sturing nodig, dat maakt mijn rol als trainer leuk”, zegt hij. Tijdens keeperstrainingen zie je doelmannen vaak in razend tempo van hoek naar hoek zweven en dat is bij Kozakken Boys niet anders. “De jongens moeten aan de bak, conditioneel gezien zijn het pittige uurtjes. Maar gelukkig werk ik met allemaal gemotiveerde jongens, die beseffen dat deze trainingsarbeid nodig is om een betere doelman te worden.”

Cruciale positie
Van Meel is een doelman in hart en nieren en vindt het tof om zijn passie voor het keepen over te brengen op jonge gasten. Hij keepte zelf vele jaren voor Veerse Boys 1 en genoot met volle teugen van zijn carrière. “Het geeft een kick om belangrijke reddingen te verrichten voor je team. Je hebt een cruciale positie in een elftal en het is tof om het verschil te maken. Ik wil de jonge gasten motiveren om het beste uit zichzelf te halen en dat lukt tot nu goed. Ik wilde altijd al eens voor Kozakken Boys werken en ben onder de indruk van de club. Ik ben vereerd met mijn functie.”

Kozakken Boys hoopt dat meer keepers in de toekomst de overstap kunnen maken naar het eerste van de rood-witten. Aan Van Meel de taak om zijn steentje bij te dragen aan dit proces. “Niels den Hartog heb ik vroeger opgeleid bij RKC Waalwijk en staat nu bij Kozakken Boys 1 onder de lat. Hopelijk herhaalt de geschiedenis zich en kan ik hier weer keepers opleiden die het gaan maken.”

Klik hier voor meer informatie over Kozakken Boys
Klik hier voor meer artikelen over Kozakken Boys