Home Blog Pagina 704

In gesprek met Patrick Boute van VV Vogelwaarde

Dit keer gaan wij in gesprek met Patrick Boute. Patrick is op tien jarige leeftijd begonnen met voetballen bij VKC Maldegem. Op zestienjarige leeftijd maakte Patrick al zijn debuut in het eerste elftal van VKC Maldegem, waar hij uiteindelijk tot aan zijn 35ste  onafgebroken in heeft gespeeld.

van-acker

Patrick begint over hoe zijn carrière is verlopen gedurende de jaren. “Ik ben begonnen als trainer van het tweede elftal bij AVC Aardenburg. Toen ik aan mijn tweede seizoen bezig was, stopte de trainer van het eerste elftal vanwege persoonlijke redenen en vroeg de vereniging of ik tot het einde van het seizoen het eerste elftal onder mijn hoede wilde nemen. Toen ik het elftal in de winterstop overnam stonden ze aan de leiding en aan het einde van het seizoen waren we kampioen in de vierde klasse.”

Na een seizoen te hebben kunnen handhaven in de derde klasse verliet Patrick de club. “Het seizoen erna ging ik naar VV Biervliet waar ik vier seizoenen ben gebleven. We haalden het eerste seizoen in de vijfde klasse direct het kampioenschap binnen. Het eerste seizoen in de vierde klasse konden we ons handhaven, maar het seizoen daarop speelden we voor promotie dat we net niet haalden in de eindronde. In mijn vierde seizoen speelden we mooi in de middenmoot. Daarna ging ik voor één seizoen naar Sluiskil dat ook in de vierde klasse speelde en met beperkte middelen konden we ons toch mooi handhaven.”

mzc

Na twee jaar SV Oostburg had Patrick de weg terug gevonden naar zijn oude vertrouwde Aardenburg. Daar bleef Patrick drie seizoenen, waarna hij vertrok naar VV Vogelwaarde. “In het eerste seizoen speelden we mee voor het kampioenschap, maar werd de competitie vroegtijdig afgebroken door Coronapandemie. Desondanks mochten we toch promoveren vanwege onze rangschikking. Het seizoen daarna duurde maar vier wedstrijden om dezelfde reden en nu is de competitie opnieuw afgebroken.”

We vroegen de trainer ook hoe het huidige seizoen verloopt. “Het seizoen verloopt volgens mijn verwachtingen. We hebben een elftal dat van iedereen kan winnen, maar ook verliezen. We hebben punten gepakt van op papier betere tegenstanders, maar ook punten verloren van tegenstanders die we normaliter wel moeten aankunnen.”

Als Patrick het heeft over zijn hoogtepunten kan hij er wel een paar opnoemen, maar eentje schiet er bij hem er toch wel bovenuit. “Drie promoties is natuurlijk mooi, maar de mooiste promotie was wel bij Biervliet omdat niemand het verwachtte. Twee wedstrijden voor het einde pakten we de koppositie en bekroonden we onszelf als kampioen met een groot feest tot gevolg.”

Boute probeert altijd wat achter te laten bij een club wanneer hij vertrekt. “Mijn doel is altijd dat als ik vertrek bij mijn club iets positief achterlaat, zowel binnen de organisatie van een elftal, als spelers beter maken en indien mogelijk verjonging van een elftal door eigen jeugd.’’ Het spelletje is voor Patrick altijd al belangrijks geweest. ”De onvoorspelbaarheid, de geur van de kleedkamer, het plezier bij de spelers dat we als trainer toch proberen mee te geven. Om dan maar over het sociale aspect niet te praten. Wat het binnen een dorp dat voetbal toch allemaal teweegbrengt.”

Voor meer artikelen over VV Vogelwaarde, klik hier.

Voor meer informatie over VV Vogelwaarde, klik hier.

In gesprek met Jeffrey de Koning van VV Hellevoetsluis

Jeffrey de Koning is inmiddels uitgegroeid tot een routinier. De kopsterke centrale verdediger verkaste vijf seizoenen geleden naar Hellevoetsluis. Binnen het elftal de Jeffrey een belangrijke kracht met al zijn ervaring, wat hij probeert over te brengen op de jonge jongens binnen de groep. Dit seizoen is Hellevoetsluis sterk begonnen en is momenteel koploper in de tweede klasse.

249967_CPI

Op zijn vijfde begon Jeffrey op de Charloisse Lagendijk bij TOGR. Zijn vader keepte bij de club, dus de keuze was al snel gemaakt. Bij TOGR heeft Jeffrey alle jeugdelftallen doorlopen tot hij op 18-jarige leeftijd zijn debuut maakte in het eerste elftal. Dit deed hij onder trainer Theo de Boon, die hem direct in het diepe gooide. “Dat seizoen degradeerden wij met TOGR naar de eerste klasse, om vervolgens het jaar erna direct weer te promoveren naar de Hoofdklasse. Ik heb daar een generatie meegemaakt, waar ik zo veel van heb geleerd als jonge jongen. Daar pluk ik nu nog de vruchten van en die rol probeer ik nu ook te zijn voor de huidige jonge jongens.”

Na vier jaar TOGR leek de club failliet te gaan, wat uiteindelijk ook gebeurde. Jeffrey koos eieren voor zijn geld en maakte samen met zijn goede vriend Anthony Piqué de stap naar vv Nieuwenhoorn. De ploeg speelde destijds in de Hoofdklasse Zondag. “Het eerste jaar begon goed, maar mede door een enkelblessure verliep dat seizoen niet zoals ik had gehoopt. Trainer Martin Klomp vertrok en dat kwam mij goed uit. Zijn opvolger Wim Schaap en ik hadden vrijwel direct een klik. Ik voelde het vertrouwen en werd weer de Jeffrey zoals ik in mijn TOGR tijd was.” Het was een goed team bestaande uit jongens als Delano Cohen, Melvin Winterberg, Melvin Zaalman en Anthony Piqué. Helaas werd stopte in zijn laatste seizoen de zondagtak, waardoor Jeffrey een nieuwe stap wilde maken om op niveau te blijven spelen.

Toen kwam het RVVH van Giovanni Franken langs en dat deed de verdediger niet lang twijfelen. “RVVH kon ik van mijn TOGR tijd, een mooie club met veel ambitie maar keihard. Ik kwam met een goed gevoel en volledig fit bij de eerste training. Helaas haakte ik niet aan bij de groep. Stuk voor stuk top gasten, alleen miste ik iets. Het was heel zakelijk, heel gefocust op het presteren.” Jeffrey heeft zich helaas nooit kunnen aarden. “Dan ga je je irriteren aan alles wat er gebeurd, was mijn klik met Giovanni Franken (ondanks ik het een geweldige trainer vind, waarvan ik ook heel veel geleerd heb) niet optimaal en mijn seizoen eindigde in mineur. We besloten te stoppen en ik hield mijn laatste maanden mijn conditie op peil bij OVV.”

Nieuwenhoorn was toen een nieuwe weg in geslagen. Weliswaar in de derde klasse, maar met een team dat makkelijk in de eerste klasse stand kon houden. “Jongens als Danny Kraaijema, Steven Pieternella en Jan Tuitel werden gehaald. We draaiden ontzettend goed en stonden in mum van tijd stijf bovenaan. Ik speelde alles en er was geen vuiltje aan de lucht. Tot ik net na de winterstop verkeerd terecht kwam en mijn achterste kruisband scheurde.” Zijn seizoen was voorbij en miste zo het slot waarin het team kampioen werd en de beker wist te winnen. Na een lange revalidatie, samen met Adrie Poldervaart, wist Jeffrey net na de voorbereiding van het volgende seizoen aan te sluiten bij de selectie. “Bang, onwennig en niet op niveau kwam ik te kort. De spreekwoordelijke trein was gaan rijden en ik kon niet meer aanhaken. Ik besloot aan het einde van dat seizoen samen met mijn goede vriend Wouter Besters naar Hellevoetsluis te vertrekken.”

Voor de kopsterkte verdediger bleek dit echter een schot in de roos te zijn. “Trainer Edwin de Koning had mij al meermaals benaderd, maar het kwam er steeds niet van. Dit keer voelde het als hét moment en daar ben ik Edwin nog steeds altijd dankbaar voor. We hadden een goede klik, voelden elkaar aan en hebben nog steeds contact met elkaar. Pracht mens en een echt voetbaldier. Achteraf zei ik tegen hem: ‘Was ik maar drie jaar eerder gekomen’.”

Het eerste jaar kwam Jeffrey samen met Daniel Ribaric als één van de ervaren jongens binnen. “Riba en ik spraken in ons gesprek met de club direct over het kampioenschap. We hadden een top seizoen en alles klikte en viel goed. Helaas misten we het kampioenschap op acht doelpunten en werd BVCB kampioen op doelsaldo.” De jaren erna waren de verwachtingen erg hoog, helaas kwamen ze er niet meer uit. Edwin de Koning vertrok naar Smitshoek en Paul Bestebreur kwam. “Paul zette alles direct naar zijn hand, maar helaas werden twee seizoenen vanwege Corona niet uitgespeeld. Mijn persoonlijke band met Paul is uitstekend en het is duidelijk hoe we als ploeg willen spelen. Ik hoop nog één keer samen met het elftal dat kunstje te flikken, kampioen worden.”

Na zijn carrière denkt de routinier nog altijd actief te blijven binnen de voetballerij. “Misschien ga ik mijn papiertje halen en word ik (assistent-)trainer of ambieer ik meer een functie in het technische hart. Helemaal stoppen in de voetballerij zie ik niet voor mij, aangezien voetbal een groot deel van mijn leven is en denk ik altijd zal blijven. De verwachting is dat als ik dit zal oppakken, dit bij Hellevoetsluis te doen. Deze vereniging straalt zoveel warmte uit, heeft ambitie en heeft ontzettend mooie mensen in hun ledenbestand, daar zou ik nog wel wat terug voor willen doen.”

Dit seizoen verloopt hoe de ploeg het van tevoren had gehoopt en verwacht. Het elftal is een sterke mix dat bestaat uit oudere jongens en jonge talenten. “Ik begon persoonlijk minder aan het seizoen, door een liesblessure. Deze hield mij, na een top voorbereiding waarin ik alles speelde en trainde, vier wedstrijden aan de kant. Gelukkig speelde ik daarna alles en kon belangrijk zijn voor het elftal. Het team pakte de punten en we kregen snel het besef dat we tot heel veel in staat zijn.” Momenteel staat de ploeg met goed voetbal bovenaan in de tweede klasse. “We spelen door Paul Bestebreur aanvallend en energiek voetbal. Tegenstanders proberen we onder druk te krijgen zodat we snel de bal veroveren om daarna dominant te kunnen zijn.”

Uiteindelijk is kampioen worden ook het doel van de ervaren kracht. “We staan er dit seizoen goed voor. Niet alleen op de ranglijst, maar ook qua teamspirit. De mix in leeftijd is perfect, de ervaring, het talent, de snelheid, de kracht maar vooral de mentaliteit. Ik zou het doodzonde vinden als we achteraf terugkijken en zeggen dat we niet het maximale eruit hebben gehaald. Dat is ook wat ik samen met de oudere jongens steeds herhaal. Kampioen wordt je niet vaak, het is vrij bijzonder en went dan ook nooit. Als die kans er is, moet je er met zijn allen vol voor gaan. Ik denk dat die kans er dit jaar is. Nu hopen dat Corona geen roet in het eten gooit.”

Klik hier voor meer artikelen over VV Hellevoetsluis.
Klik hier voor meer informatie over VV Hellevoetsluis.

Ricardo Ippel: nieuwe leider van De Treffers

Een strijder, een krijger, gedreven, iemand met een enorme winnaarsmentaliteit die door muren loopt. Bij De Treffers zijn ze maar wat blij met de komst van Ricardo Ippel. De 31-jarige middenvelder kreeg direct de aanvoerdersband om op Sportpark Zuid. “Ik ben van nature een leider. Een band verandert daar niets aan.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

GROESBEEK – Precies op het afgesproken tijdstip zit hij klaar in de grote moderne kantine van de Groesbeekse Tweede Divisionist. Het trainingstenue met het nummer 6 aan. “Ik ben altijd op tijd. Ik ben groot gebracht met discipline. Liep al op mijn negende rond in de jeugdopleiding van Willem II. Dan zijn punten als ‘op tijd komen’ al belangrijk. Ik ben om 17.00 uur klaar op mijn werk in Wijchen en rijd drie keer in de week rechtstreeks door naar het sportpark. Dan warm ik hier mijn eten op, dat is allemaal goed geregeld. Op woensdagavond blijf ik met een aantal jongens over in Hotel De Oude Molen. Dat heeft De Treffers allemaal goed geregeld. Ik ben hier in een fijne omgeving beland.”

Zestien jaar speelde Ippel voor Willem II, vier jaar stond hij onder contract bij MVV Maastricht waar hij ook als captain fungeerde. Gevolgd door een avontuur bij het Belgische Lommel. 217 competitiewedstrijden staan er achter zijn naam. “Dit seizoen is alles anders. In augustus verhuisde ik met mijn gezin naar Schiedam. Nadat mijn vriendin me tien jaar vanwege het voetbal heeft gevolgd en we in Maastricht en het Belgische Mol woonden, koos ik voor mijn gezin. Ik vind het prettig dat Angela nu dichtbij haar familie woont.”

Nieuwe fase

Na zijn afscheid bij Lommel in september 2020 hoopte Ippel in het betaald voetbal actief te blijven. “Maar ik raakte net op het verkeerde moment clubloos. Vanwege corona zijn de financiën in het voetbal achteruit gehold. Ik trainde drie à vier weken mee bij De Graafschap en kreeg daarna te horen dat er budgettair helaas toch niets mogelijk was. Ik ontving een aanbieding vanuit Indonesië, maar dat was niet aantrekkelijk genoeg om met mijn vriendin en onze twee kinderen naar de andere kant van de wereld te trekken.”

“Ik besloot te wachten tot januari, maar ook toen bleef de situatie lastig. Ik kon terecht bij clubs in de Keuken Kampioen Divisie als Helmond Sport of FC Den Bosch, maar ik moet van mijn salaris wel maandelijks mijn huur betalen. Heb ik voor mezelf de knoop doorgehakt en gekozen voor een maatschappelijke carrière. Ik gaf mijn zaakwaarnemer opdracht om rond te kijken in de Tweede Divisie. De Treffers toonde snel interesse. De club zocht een leider op het middenveld. Iemand die de boel regelt. Een rol die me op het lijf is geschreven. Ook Kozakken Boys was geïnteresseerd, maar wilde nog even wachten. In maart tekende ik bij De Treffers. Ik houd van zekerheid. Via de club kreeg ik een baan aangeboden bij Centralpoint in Wijchen, dat is gespecialiseerd in IT-oplossingen. Ik wil graag iets om handen hebben, ben niet het type dat thuis zit en wacht tot de training begint. Ik zit drie keer in de week om half zeven ‘s ochtends in de auto. Dinsdags ben ik vrij. Of vrij? Sinds april volg ik een opleiding tot Personal Trainer via de VVCS. Online. Voor een training bij De Treffers studeer ik ook vaak een half uur tot drie kwartier. Ik vind het leuk om individuele trainingsschema’s te maken, voedingsadviezen te geven. Daar hield ik me tijdens mijn profloopbaan al vaak mee bezig. Straks moet ik ook kleine praktijkopdrachten gaan vervullen. Komend voorjaar hoop ik mijn diploma op zak te hebben en in deze sector een baan te vinden.”

De deur voor een terugkeer naar het profvoetbal houdt hij op een kier. “Een mogelijke aanbieding wijs ik niet bij voorbaat af, maar ik besef dat het nu erg lastig is. Ik heb vrede met mijn huidige leven. Ik geniet ervan als ik onze zoons Daley (6 jaar, red.) en Jace (4 jaar, red.) in een shirtje van De Treffers aan de kant zie staan bij een wedstrijd. Ze zitten nog niet bij een club, maar dat zal niet meer lang duren. Daley lijkt totaal niet op me. Hij is technisch en in zijn houding wat meer teruggetrokken. Jace niet. Die loopt net als ik door muren heen.” Hij wijst op een van de vele tattoos op zijn armen. Daar staat de datum 13 juli. “Ze zijn allebei op die dag jarig.” Er staan meerdere data op zijn gespierde rechterarm. “Deze arm staat vol met persoonlijke herinneringen. Mijn linkerarm is een verzameling met van alles en nog wat, haha.”

Op 11 september 2010 debuteerde Ippel in de Eredivisie in het shirt van Willem II. “Ajax-uit. Een prachtige omgeving om daar je eerste minuten te maken. Vooraf was ik zenuwachtig. Toen ik het veld inkwam niet meer. Ook al kwam ik al vrij snel Luis Suárez tegen. Ik naaide Urby Emanuelson nog een gele kaart door een Schwalbe.” In 2015 liet hij Willem II na zestien jaar achter. “Ik kreeg een driejarige aanbieding van MVV. Ik dacht via een stapje terug er straks weer een of twee vooruit te zetten. Achteraf tekende ik voor een jaar te lang. Ook in mijn tweede seizoen speelde ik alles. We misten de promotie naar de Eredivisie nipt door een nederlaag in de Play-Offs tegen Roda JC. Als ik dan transfervrij was geweest, kon ik waarschijnlijk kiezen uit clubs. Nu raakte ik uitgerekend tijdens mijn derde seizoen geblesseerd waarna ik blij was dat ik voor nog een jaar kon bijtekenen.”

In de zomer van 2019 vertrok hij naar SK Lommel, dat uitkomt in de Belgische 1e Klasse B, het tweede niveau. “Ik was nieuwsgierig naar het buitenland. Ik hoorde verhalen over België, over strijd, fysiek voetbal, dat wilde ik eens ervaren. Lommel beschikt over een groot complex in de bossen, twaalf velden, maar het stadion en de faciliteiten waren flink verouderd. We bereikten de Play-Offs voor promotie, dat was lange tijd niet meer gebeurd. Toen brak corona uit. De club belandde in financiële problemen en twee maanden ontving ik geen salaris. We hoorden dat er een nieuwe eigenaar kwam. Bleek dat de City Football Group, dat ook eigenaar is van bijvoorbeeld Manchester City. We kregen direct onze achterstallige salarissen en premies voor de Play-Offs uitbetaald, maar beseften ook dat er een karrenvracht aan talenten van buitenaf zou komen. Dat gebeurde. Ik maakte de voorbereiding van het seizoen 2020/21 mee, speelde de eerste twee duels als basisspeler, maar begreep toen dat er geen toekomst voor mij lag. Ik liet mijn contract ontbinden. Uiteindelijk het begin van mijn nieuwe leven.” Hij kijkt rond. “Ik heb een goede keuze gemaakt. Dat ik direct aanvoerder werd, voelt als een eer. Maar ik heb die band niet nodig om als leider op te treden. Dat zit in me. Ik kan hier zijn wie ik ben. Alles is hier uitstekend geregeld. Niet voor niets heb ik mijn contract tot medio 2024 verlengd. Ik heb het naar mijn zin.”

Voor meer artikelen over De Treffers, klik hier.

Voor meer informatie over De Treffers, klik hier.

Introductie Club van de Week – Excelsior Maassluis

De aankomende dagen is Excelsior Maassluis de ‘Club van de Week’. Deze week worden de Maassluizers in het zonnetje gezet door het VoetbalJournaal. Gedurende de week zullen er interviews geplaatst worden met een bestuurslid, speler en trainer van deze vereniging. Wil je dit nou niet missen? Houdt dan onze website en Facebookpagina goed in de gaten!

Excelsior Maassluis is deels opgericht door het ontstaan van VDL. Zij gingen echter op zondag spelen, maar Jaap Cats vond dat er ook op zaterdag gevoetbald moest worden. Daarom richtte hij op 1 juni 1918 voetbalvereniging Excelsior op. Jaap, slechts 17 jaar oud, werd tegelijk voorzitter én penningmeester.

Door de jaren heen wisselden de hoogtepunten en dieptepunten elkaar regelmatig af. Zo werd er in augustus 1988 tegen het Benfica van sterspeler Eusébio gespeeld. Deze wedstrijd eindigde knap in een 0-0 brilscore. Een aantal jaar later weet de club op het hoogste amateurniveau uit te komen. Supportersvereniging ‘Tricolore’ wordt opgericht en alle ingrediënten zijn aanwezig voor een mooie toekomst. In 2016 kwamen al deze ingrediënten samen, waardoor Excelsior Maassluis het Landskampioenschap wist te winnen.

Ook het sportpark is door de jaren heen veranderd. In 1957 werd het knusse complex op ’t Stort ingeruild voor een nieuw complex aan de Lavendelstraat. Sindsdien zijn er continue aanpassingen aan het complex, maar één ding veranderd nooit: de liefde voor voetbal. Vandaag de dag beschikt Sportpark Dijkpolder over twee grasvelden en twee kunstgrasvelden. Ook is er een klein kunstgrasveld waar enkel zes tegen zes of vier tegen vier gespeeld kan worden.

Bron: Excelsior Maassluis
Foto: Excelsior Maassluis

Klik hier voor meer informatie over Excelsior Maassluis.
Lees hier meer artikelen over Excelsior Maassluis.

ASWH-trainer Rogier Veenstra: meer een peoplemanager dan inhoudelijke trainer

Hij genoot een korte profcarrière bij NAC Breda, Excelsior en Haarlem. Nadat een blessure roet in het eten gooide, koos Rogier Veenstra voor een trainerscarrière. De 34-jarige Duivenaar werkte zich op tot trainer van Tweede Divisionist ASWH uit Henrik-Ido-Ambacht. De club die hij aan het einde van het seizoen gaat verlaten. Veenstra hecht veel waarde aan de inhoud van voetbal, maar gezien de situatie is hij vooral een peoplemanager. “Je had mij ook voor een klas kunnen zetten. Ik denk dat dat mij ligt.”

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020

HENRIK-IDO-AMBACHT – Gepassioneerd, gedreven en pedagogisch. Dat zijn woorden waarmee je trainer Rogier Veenstra zou kunnen omschrijven. Op sportpark Schildman traint hij nu al voor het derde seizoen Tweede Divisionist ASWH. Zijn eerste seizoen was een soort leerschool die hem heeft gebracht tot waar hij nu staat. “Ik kwam bij de club in juli 2019, terwijl de club half juni was gepromoveerd. Door mijn late komst had ik niet alles in de hand. Misschien had ik daarin meer initiatief moeten nemen. Of in ieder geval op een andere manier. Ik kwam bij de club en ik dacht: prachtige club, veel gewonnen, rijke historie. Ik voelde dat ik het als veldtrainer ging maken. Als een verdediger niet goed omschakelde, dacht ik ‘ach, komt goed. Na een paar trainingen schakelt hij met speels gemak om’. Dat was naïef van mij. Het was allemaal niet zo makkelijk. Een harde, maar goede les.”

Ondanks het moeilijke eerste jaar van Veenstra, waarin hij met ASWH op de laatste plaats stond tijdens de annulering van het seizoen door COVID-19, kreeg hij het vertrouwen van de club om in het daaropvolgende seizoen op zijn manier een betere prestatie te leveren. Het seizoen verliep uitstekend voor Veenstra en zijn spelers, maar toen was daar de tweede coronagolf. De Tweede Divisie werd wederom stilgelegd. Opvallend genoeg was dit voor Veenstra geen reden voor chagrijn: “Misschien klinkt het gek, maar deze club wordt niet snel geraakt. In het seizoen 2020/21 stonden we er goed voor toen de competitie weer werd geannuleerd, maar wij lagen daar echt niet wakker van. Wij zijn een positieve groep. We namen het mee en bouwden gewoon verder.”

De positieve sfeer bij ASWH heeft ook te maken met de omgang van Veenstra met zijn spelers. Met zijn eigen jeugdigheid sluit hij goed aan op het niveau van de selectie. Hij ziet zichzelf niet boven de groep staan en beseft ook dat zijn spelers door hem niet beter of slechter spelen. Bovendien hanteert hij een aantal pedagogische trucjes waarmee hij het groepsgevoel hooghoudt. Zo hield hij er bij de creatie van zijn selectie rekening mee dat er jongens bij moeten zitten die in moeilijke tijden de moraal hoog kunnen houden. “Een Henrico Drost of een Jesper van den Bosch. Dat zijn jongens die niet bij de pakken neerzitten, die positief blijven en die de andere jongens weer kunnen opzwepen. Dat soort jongens heb je nodig.”

Volgens Veenstra moet je jezelf als trainer niet al te serieus nemen, maar wel proberen een gevoel over te brengen. Volgens hem werkt dat beter dan de best uitgedachte tactieken. “Ik ben zelfs een voorstander van een keer een clicheetje erdoorheen. Een ‘kom op jongens’ of een ‘win een keer die tweede bal’. Dat soort termen brengt in ieder geval een gevoel over. Een aantal jaren geleden praatte ik alleen maar over de speelwijze en de ontwikkeling daarvan. Nu is er een beter evenwicht tussen de inhoud en het managen van een team, denk ik.”

De weg naar een nieuwe voetbalcarrière

De weg die Veenstra aflegde naar ASWH was er een met hoogte– en dieptepunten. Zo maakte hij bij NAC Breda mooie jaren mee. Hij werd onder andere derde in de Eredivisie met de club uit Breda. In de voorbereiding van het seizoen 2009/10 ging het echter mis. Een rugblessure zorgde ervoor dat hij onder het mes moest. Tijdens de operatie werden er zenuwen in zijn benen geraakt, waardoor voetbal voorgoed uit zijn leven dreigde te verdwijnen. “Dat waren een paar ellendige jaren. Maar uiteindelijk raapte ik mezelf op. Ik wilde weer gelukkig zijn en daar wilde ik alles aan doen.”

Hij oriënteerde zich in de laatste fase van zijn revalidatie op een journalistieke carrière. Hij liep mee met de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC) en was actief als clubjournalist bij zijn oude liefde, NAC Breda. Toch knaagde er iets. “Die journalistieke periode was echt allemaal heel mooi en leuk om te doen hoor. Ik mocht spelers van NAC interviewen, het clubboekje maken, dat soort werk. Maar ergens zat iets me niet lekker. Ik bleef in mijn hoofd altijd met voetbal bezig.”

Veenstra revalideerde door hard te werken. Wonder boven wonder kreeg hij de kans om weer te voetballen bij VV Hoek. Toen hij merkte dat er weinig toekomst zat op voetbalgebied, besloot hij op advies van zijn ouders voor een trainerscarrière te gaan. Hij begon bij de Onder 17 van VV Kloetinge. Hij werd daarna assistent van trainer Daan Eikenhout bij Zeelandia Middelburg en combineerde dat met het trainerschap bij de Zeeuwse jeugdopleiding JVOZ. Hij voelde zich thuis, stroomde in Middelburg door naar de functie hoofdcoach en zette een volgende stap bij VV GOES. Hij promoveerde van de Hoofdklasse naar de Derde Divisie. Voor Veenstra het moment om zijn comfortzone te verlaten; hij verliet Zeeland en vertrok naar Henrik-Ido-Ambacht.

Ambities

Qua ambities houdt Veenstra een open vizier. Hij heeft aangegeven de deur bij ASWH aan het einde van het seizoen te sluiten maar wil niet ten koste van alles trainer van een betaald voetbalclub worden, ondanks dat hij hier voor open zou staan. “Dan wel in een functie die daadwerkelijk iets toevoegt.” Hij wil belangrijk zijn voor een club. “Een functie bij een betaald voetbalclub is natuurlijk prachtig. Maar wat nou als ik daar de persoon word die de pionnen op de training neerzet en verder alleen maar ja knik? Dat wil ik niet. Het zou mooi zijn om bijvoorbeeld eerst ergens assistent te worden. Om daar al een bepaalde verantwoordelijkheid te kunnen dragen die ik kan gebruiken in een verdere carrière. Ik wil dat mijn mening gehoord wordt. Ik sluit daarom een club uit de Tweede of Derde Divisie ook niet uit. Het gaat mij om het gevoel dat ik krijg bij een club, niet om de status.” (JS)

Willem II

Veenstra kreeg eind september de kans om zijn carrière als trainer een nieuw impuls te geven. Willem Weijs vertrok als trainer van Jong Willem II naar Anderlecht om daar als assistent van Vincent Kompany aan de slag te gaan. Veenstra werd gepolst als mogelijke opvolger, maar moest de club uit Tilburg teleurstellen. Ondanks dat mensen om hem heen Veenstra aanspoorde om de stap te maken, koos hij toch voor een langer verblijf bij ASWH.

Klik hier voor meer artikelen over ASWH.
Klik hier voor meer informatie over ASWH.

Wesley Zonneveld voelt zich thuis bij Rijnsburgse Boys

Hij was acht jaar lang doelman bij Telstar. Nu is Wesley Zonneveld begonnen aan zijn eerste volledige seizoen onder de lat bij Rijnsburgse Boys. De 29-jarige keeper wil in de Tweede Divisie gebruik maken van zijn ervaring. “Ik ben vooral altijd heel erg rustig, in elke situatie. Dat probeer ik uit te stralen op de groep.”

RIJNSBURG – Na acht jaar Telstar kwam er in 2019 een einde aan de profcarrière van Zonneveld. “Ik stond bij Telstar regelmatig in de basis, dus dan verwacht je ergens wel dat je een nieuwe profclub gaat vinden. Uiteindelijk blijft dat zo lang uit dat je een keuze moet maken. Scheveningen was er toen als eerste bij.” Na een jaar in de Tweede Divisie bij Scheveningen kreeg de doelman een kans om een stap te zetten: Rijnsburgse Boys klopte op de deur en hij hapte toe. “Toen ik naar Rijnsburgse Boys vertrok, had ik geen opties in het profvoetbal. Als ze er waren geweest, was ik ze waarschijnlijk niet aangegaan. Om voor een minimaal salaris je leven op de kop te gaan gooien, daar had ik niet zo’n zin in. Ik zou het voor één club nog overhebben en dat is Telstar.”

IT-Rijnsburg

Rustmomenten

De Tweede Divisie dus voor Zonneveld. Met acht jaar ervaring in de Eerste Divisie kan hij als geen ander de verschillen tussen de twee competities typeren. “De Tweede Divisie is veel fysieker. Dat is het grootste verschil. Het is alleen maar rennen, vliegen en beuken. Je hebt weinig rustmomenten in de wedstrijd. Maar qua niveau doen de clubs zeker niet onder voor de teams uit de Eerste Divisie. Wat ik wel lekker vind, is dat ik hier niet per se als topsporter hoef te leven. Bij Telstar had je elke week metingen bijvoorbeeld, dat hoeft hier niet.” Zijn jaren bij Telstar probeert Zonneveld in te zetten bij Rijnsburg. “Mijn ervaring probeer ik over te brengen op de groep. Ik ben vooral altijd heel erg rustig, in elke situatie. Dat probeer ik uit te stralen op de groep. Hoeveel chaos er ook is, ik blijf rustig. Dat is mijn sterke punt.”

Tijdens wedstrijden is Zonneveld continu aan het coachen. “Ik probeer zoveel mogelijk te roepen om iedereen scherp te houden. We hebben een sterke achterste linie die goed op elkaar ingespeeld is. Ik zet iedereen neer op zijn plek en houd ze scherp voor ieder duel. Als het goed is worden ze moe van me, dat betekent dat ze het goed hebben gehoord. In principe kan ik alles zien, dus wat ik zie probeer ik ook te benoemen. Als ze het goed doen, horen ze me ook luid en duidelijk. Ik probeer wel altijd positief te blijven.

Zware blessure

In zijn tijd bij Telstar raakte Zonneveld zwaar geblesseerd aan zijn knie. Wat volgde was anderhalf jaar revalideren. “Dat is niet altijd even leuk. Je ziet al je teamgenoten het veld opgaan. Zelf ga je dan weer de sportschool in. Je mag het veld niet op en dat is vreselijk. Het was niet extreem eenzaam, maar je traint wel altijd alleen. Ik ben sterker geworden van die periode, omdat het mentaal heel zwaar is. Terugkeren na zo’n blessure is onbeschrijflijk. Voorzichtig ben ik nooit geweest. Ik heb ooit een keer een hersenschudding opgelopen. Toen moest ik een week rust houden. Mijn eerste gedachte daarna was meteen volle bak met mijn hoofd overal induiken, voor het geval ik een beetje bang was. Zo stond ik er met mijn knie ook in. Dat zorgde er soms wel voor dat ik na één minuut trainen alweer naar binnen moest, omdat ik té enthousiast was.”

Werken naast het voetbal

Spelen in de Tweede Divisie betekende voor Zonneveld ook dat hij aan de slag moest buiten het veld. “In mijn tijd bij Telstar had ik geen baan, maar nu werk ik gewoon naast het voetballen. Er moet wel brood op de plank komen. Ik werk in de zorg, bij het brandwondencentrum in Beverwijk. Vroeger wilde ik altijd of voetballen of het leger in. Voetballen is enigszins gelukt, het leger helemaal niet. Dit kwam op mijn pad en ik heb het prima naar mijn zin. Andere mensen ondersteunen is iets dat ik goed kan. Zorgen dat andere mensen hun werk goed kunnen doen. Daar komt mijn kwaliteit om altijd rustig te blijven ook van pas. Vooral in de coronatijd was het nogal chaotisch. Ook daarin probeer ik rustig te blijven en over te brengen dat het uiteindelijk allemaal goedkomt.”

Liefde voor het keepen

Zonneveld is een echte liefhebber van zijn vak. “In principe is keepen gewoon vreselijk. Je kan er 26 uit de kruising tikken, maar als je één keer roept en je zit mis, hebben ze het alleen maar over die ene bal. Daarom is het dus eigenlijk niet zo’n prettig vak. Aan de andere kant maakt dat het voor mij juist leuk. Je kunt je geen fouten veroorloven en moet altijd scherp zijn. Die extra druk en spanning zorgen ervoor dat ik het leuk vind om te doen.” De liefde voor het keepen is duidelijk. “In mijn tijd bij Telstar was ik al keeperstrainer bij ADO’20. Toen ik bij Scheveningen voetbalde ben ik gestopt omdat ik er geen tijd meer voor had, maar mijn ambitie is zeker om als keeperstrainer door te gaan na mijn carrière. Het zou leuk zijn om dat in het profvoetbal te doen, maar de tijd zal het leren of dat gaat lukken.”

Telstar bleef hij acht jaar trouw. Als Zonneveld op zijn plek zit, vindt hij het niet nodig te vertrekken. “Als het lichaam blijft meewerken, wil ik nog wel even doorgaan hier. Nog vijf jaar bij Rijnsburgse Boys keepen en dan mijn carrière afsluiten lijkt me echt mooi. Als ik ergens op mijn plek zit, dan zie ik geen reden om te vertrekken. Ik heb het harstikke naar mijn zin hier, dus ik ga niet snel op zoek naar een andere club. Behalve als Telstar op de deur klopt. Dat is de enige club die me zou laten twijfelen.” (CG)

Voor meer informatie over Rijnsburgse Boys klik hier.
Meer artikelen van Rijnsburgse Boys klik hier.

Darren Maatsen houdt plezier in het voetbal bij Quick Boys

Na een mooie carrière als profvoetballer sloot Darren Maatsen begin dit seizoen aan bij Quick Boys. Het liefst wilde hij nog één jaar door als prof. Toen die optie uitbleef en Quick Boys aanklopte, hapte de vleugelspits toe. “De achterban is echt fantastisch. Zelfs bij uitwedstrijden gaan er veel supporters mee. Op amateurniveau is dit één van de clubs waar je een keer gespeeld moet hebben.”

KATWIJK – De jeugdopleiding van een betaald voetbalorganisatie maakte Maatsen nooit mee. Na een jaar in het eerste bij Excelsior Maassluis volgde de stap naar het profvoetbal; hij tekende in Rotterdam een contract bij Excelsior. “Lange tijd dacht ik dat ik nooit profvoetballer zou worden. De echte top heb ik uiteindelijk nooit gehaald, maar terugkijkend ben ik erg trots. Tijdens mijn carrière stond ik regelmatig stil bij het feit dat het niet vanzelfsprekend is om dit te bereiken. Ik heb er hard voor moeten werken, dus vind ik dat ik er trots op mag zijn.”

Trots en kritisch

Maatsen voetbalde tijdens zijn loopbaan bij verschillende clubs in binnen- en buitenland. Zijn eerste avontuur buiten de grens was in Schotland. “Na mijn periode bij Excelsior kwam ik terecht bij Ross County. Veel speelde ik niet, maar ik heb zeker geen spijt van mijn keuze. In Schotland heb ik vrienden gemaakt die ik nog steeds regelmatig spreek. Ik debuteerde uit tegen Celtic. De eerste wedstrijd van het seizoen. Zij werden voor de aftrap gehuldigd, omdat ze het jaar daarvoor kampioen waren geworden. Mijn debuut maken op Celtic Park was sowieso al gaaf. Het zat helemaal vol en de sfeer was echt intens. Na drie of vier minuten schoot ik de 0-1 binnen. Wat je dan voelt is echt onbeschrijflijk. Op dat doelpunt ben ik het meest trots.”

In 2018 belandde Maatsen bij RKC Waalwijk. Hij maakte tien goals in zijn eerste seizoen. De Brabanders promoveerden dankzij een historische 4-5 overwinning op Go Ahead Eagles in de finale van de play-offs. Stijn Spierings maakte in de 95e minuut de 4-4, waardoor RKC zeker was van promotie. “Zoiets maakte ik niet eerder mee. Voor die goal gebeurde er zoveel, dat is echt niet op te noemen. Tijdens de wedstrijd was ik een paar keer zeker dat we gingen promoveren, om een kwartier later te denken dat het niet meer ging lukken. Opgeven doe je niet, maar je hebt wel het gevoel dat het over is. Promoveren met RKC is, mede door die wedstrijd, het meest memorabele moment uit mijn carrière.”

Hij is erg tevreden met het lijstje clubs dat hij achter zijn naam heeft staan. Toch probeert de vleugelaanvaller ook kritisch te kijken naar zijn keuzes. “Ik dacht vaak aan de korte termijn in plaats van de lange termijn. Daardoor kwam ik, vooral in het buitenland, bij clubs terecht waar ik op de bank belandde. Dat kost je gewoon veel wedstrijden. Er is één gemiste kans waar ik veel spijt van heb. Op een gegeven moment kon ik naar Sydney FC in Australië. In die onderhandelingen vroeg ik teveel geld. Ik denk nog steeds dat ze daardoor een andere keuze maakten. Als ik lager had ingezet, had ik dat avontuur aan kunnen gaan. Het is jammer, maar zo gaan die dingen.”

Plezier in het spelletje

Afgelopen zomer streek Maatsen neer bij Quick Boys. Spelen op het hoogste amateurniveau van Nederland was niet iets waar hij dit jaar zijn zinnen op zette. “Ik hoopte om nog één jaar door te gaan in het profvoetbal. Er kwam geen interesse op gang, toen was het voor  mij duidelijk dat het klaar is. In het profvoetbal ga ik niks nieuws vinden wat ik nog niet gezien heb.” Toen Quick Boys interesse in hem toonde, raakte Maatsen overtuigd. “In de voorbereiding trainde ik mee bij mijn oude club Excelsior Maassluis. Toen kwam Quick Boys langs. Ik heb wel even getwijfeld, maar toch uiteindelijk de keuze gemaakt om hierheen te gaan. Voor Quick Boys heb ik altijd bewondering gevoeld. De achterban is echt fantastisch. Zelfs bij uitwedstrijden gaan veel supporters mee. Op amateurniveau is dit één van de clubs waar je een keer gespeeld moet hebben. De Bollenstreek staat bekend om de  vele leuke derby’s. Dat waren punten waardoor ik de keuze voor Quick Boys heb gemaakt.”

Tijd voor familie

Nu hij bij Quick Boys voetbalt, kan Maatsen meer energie in zijn gezin steken. “Ik ben minder dagen bezig met voetbal. Op dit moment werk ik ook niet buiten het voetbal. Overdag ben ik veel thuis. Ik breng de kinderen naar school en haal ze ook weer op. Iedere dag ben ik met ze bezig en daar geniet ik heel erg van. Als voetballer was ik vaak weg, ook naar het buitenland. Nu verdienen ze mijn aandacht. Het draaide vaak voor een groot deel om mij, dat gaan we omdraaien.”

Met zijn dertig jaar komt het einde van zijn loopbaan als voetballer in zicht. Maatsen is langzaam bezig met de volgende stap. “Ik neem nu tijd om me te oriënteren. Ik zoek iets voor de lange termijn. Een baan waarin ik plezier kan hebben en waarin ik kan doorgroeien. Het gaat waarschijnlijk buiten de voetballerij zijn. Van die wereld heb ik inmiddels genoeg gezien. Er zijn genoeg interessante dingen in de wereld, die zijn er altijd al geweest. Iets nieuws en verfrissends heeft nu mijn voorkeur.”

Dat hij na zijn actieve carrière klaar is met het voetbalwereldje, betekent zeker niet dat de versnelling omlaag is gegaan bij Quick Boys. “Ik ben nog net zo fanatiek als altijd. Elke wedstrijd is er iets voor ons te halen, dus daar geef ik alles voor. Je krijgt niets cadeau in deze competitie, maar we hoeven van niemand te verliezen. Elke club zegt dat, dus je moet elke week strijden voor de punten.” En voor zichzelf? “Meer dan tien goals maken dit seizoen zou lekker zijn, maar ik wil vooral plezier hebben. De stap naar Quick Boys maakte ik onder andere met dat doel voor ogen. Tot nu toe heb ik het zeker naar mijn zin. Hoe beter het gaat, hoe leuker het is natuurlijk. Ik hoop dat we veel winnen en dan blijf ik zeker positief.” (CG)

Meer informatie over, Quick Boys.
Klik hier voor meer artikelen over Quick Boys.

 

Denis Mahmudov: met een rugzak vol avonturen terug op de Nederlandse velden bij sv TEC

Dertien clubs en een aantal bijzondere buitenlandse avonturen verder is Denis Mahmudov (31) begonnen aan een nieuw avontuur in Nederland. Afgelopen zomer streek hij na een roerige periode in het buitenland neer in Tiel bij Tweede Divisionist sv TEC. “Of ik mezelf als een clubhopper zie? Nee, ik had gewoon veel pech in mijn carrière.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

TIEL – In zijn woning in Rotterdam kleurt de woonkamer groen door de voetbalwedstrijden die op dat moment te zien zijn op het grote televisiescherm. Tegen de muur staat een door hem gedragen shirt van FC Dordrecht in een lijst op de grond. “Ik moet mijn huisbaas nog even bellen om deze net zoals mijn shirt van Sparta in de gang op te laten hangen.” Ondanks dat Mahmudov zijn woning ruim drie jaar bezit, woonde hij er weinig.

Dit komt door zijn vele avonturen bij verschillende voetbalclubs in zowel Nederland als het buitenland. “Veel clubs houden er niet van wanneer je elk jaar van club wisselt, omdat ze je zien als een onstabiele speler. Bij mij liep het wel zo. Het liefst bleef ik langer bij sommige clubs, maar ik kon hier niet altijd iets aan doen.” Zo stond Mahmudov in 2014 onder contract bij Eredivisieclub PEC Zwolle en werd hij datzelfde seizoen verhuurd aan Sparta. “Toen ik terugkwam wilde PEC mijn contract niet verlengen, ondanks dat ik graag wilde blijven en veel doelpunten maakte in dienst van Sparta. De club haalde andere spelers waardoor ik voor een avontuur in het buitenland koos.”

Buitenland

Mahmudov trapte zijn buitenlandse avontuur in 2015 af bij het Bulgaarse Levski Sofia. “Levski is een grote club in Bulgarije. Je kunt het vergelijken met Ajax en PSV in Nederland. Financieel gezien was het echt een stap omhoog. Daardoor was de keuze voor mij snel gemaakt, maar als PEC had willen verlengen dan was ik sowieso gebleven.” Bij een grote club horen ook hoge verwachtingen. Hier kreeg de Nederlandse goaltjesdief mee te maken in het Oostblok. “Ik kwam aan als een grote spits en voelde best wat druk op mijn schouders. Ik moest erg wennen, maar merkte dat je daar in het buitenland geen tijd voor krijgt. Ik moest er direct staan en presteren.”

Ondanks dat Levski het Bulgaarse Ajax is zag Mahmudov grote verschillen tussen de voetbalwereld in Nederland en Bulgarije. “De fanatieke supporters van Levski zijn echt van een andere planeet en de wijze waarop wij als spelers onze premies ontvingen zag ik ook niet eerder. Na een wedstrijd kregen we ons geld soms in een plastic zak. Dat zijn dingen die je niet ziet in Nederland, maar wel mooi zijn om mee te maken.”

Na een jaar bij Levski ondervond Mahmudov de harde kanten van het Bulgaarse voetbal. De voetbalstijl lag hem niet en hij moest vertrekken van de club. Na een korte periode van drie maanden bij het Armeense Banants Jerevan (per 1 augustus 2019 hernoemd in FC Urartu, red.) kwam hij terug naar Nederland. “Ik was eraan toe om weer in Nederland te voetballen, omdat ik het plezier in het voetballen kwijt was. Ik verlangde ernaar om dit terug te vinden.”

Via Telstar en een doelpuntrijke periode bij FC Dordrecht keerde Mahmudov terug op het hoogste niveau in Nederland bij Excelsior. “Ik wilde na mijn buitenlandse periode laten zien dat ik nog steeds mee kon in de Eredivisie. Ik begon goed met veel minuten en pikte mijn goals mee, maar na een aantal wedstrijden stelde de trainer mij niet meer op. Dit vond ik apart en dat liet ik aan hem merken op de trainingen.” Na een seizoen bij Excelsior met degradatie naar de Keuken Kampioen Divisie vertrok Mahmudov opnieuw naar het buitenland. Een keuze waar hij achteraf spijt van heeft. “Het is een fout geweest om bij Excelsior weg te gaan. Op dat moment zag ik het niet zitten om in de Keuken Kampioen Divisie te gaan spelen, maar dat had wel mijn kansen vergroot om terug te komen op het hoogste niveau.”

Pech

De Nederlandse spits keerde terug in Armenië, maar ditmaal bij Pjoenik Jerevan. “Bij Pjoenik maakte ik mijn absolute hoogtepunt in mijn carrière mee: een Europa Leaguewedstrijd tegen een Premier Leagueclub. Tijdens de voorrondes speelden we tegen Wolverhampton Wanderers FC. Ik vergeet nooit meer hoe het is om in een vol stadion met Engelse fans te spelen.” Hoe rooskleurig alles er voor Mahmudov op dat moment uitzag verandert wanneer corona toeslaat. Zijn contractverlenging ging niet door en hij moest vertrekken. “Je kan gerust zeggen dat pech als een rode draad door mijn carrière loopt.”

Zelf refereert de 31-jarige spits aan de uitspraak ‘in de hoek zitten waar de klappen vallen’ als hij het over zijn periode in België heeft. “Wat ik meemaakte in België, dat maakt niemand mee. Ik tekende in 2020 bij KSV Roeselare een tweejarig contract. Alles zag er goed uit: ze beloofden me een woning, auto en een goed salaris, maar ik heb nooit een van die dingen gezien. Het enige waar ik geluk mee heb gehad is dat mijn contract echt bleek te zijn. Veel van mijn ploeggenoten kregen een nepcontract. Die contracten waren niet eens door iemand van het bestuur ondertekend.”

In de tijd dat hij samen met zijn ploeggenoten in een hotel verbleef voelde de goalgetter voor het eerst nattigheid. “Op een gegeven moment kwam de manager van de club naar ons toe om te zeggen dat we onze spullen moesten pakken en vertrekken. Het hotel werd niet betaald door de club en wij overigens ook niet. Telkens als we om ons salaris vroegen dan zou dit de volgende dag komen. Ik voetbalde eerder in het Oostblok en zélfs daar maakte ik dit soort dingen niet mee.”

Na zijn meest turbulente avontuur in het buitenland vertrok de voetbalnomade voor een korte periode naar Siena in Italië. Afgelopen zomer keerde Mahmudov terug in Nederland, dit keer in de Tweede Divisie bij sv TEC. “Via de trainer (Hans van de Haar, red.) kwam ik bij TEC terecht. Ik kende hem van mijn tijd bij AGOVV en we hadden een tijdje contact. Eenmaal in Tiel moest ik wennen aan het amateurvoetbal, het was even schakelen. Inmiddels voel ik me op mijn plek en hebben we een leuk team met goede spelers, een professionele trainer en onderling een goede band.”

Bij de eerste vijf eindigen is dit seizoen de doelstelling voor de Tielenaren. Mahmudov heeft hier vertrouwen in en voelt dat het klopt bij de club. “Of TEC mijn laatste club is? Ik denk dat de Eredivisie er op dit moment niet meer in zit. Ik heb het gevoel dat ik de Keuken Kampioen Divisie nog aan zou kunnen. Eerst maar eens aan spelen bij TEC toekomen en daarna zie ik wel of profvoetbal er nog in zit.” (AS)

Oud-Eredivisiespelers bij TEC:

Naast Denis Mahmudov kwam afgelopen zomer ook oud-Eredivisiespeler Gino Bosz (28) naar TEC. De zoon van Olympique Lyon-trainer Peter Bosz zat sinds januari zonder club nadat zijn avontuur bij het Griekse Doxa Drama vroegtijdig stopte. In 2014 maakte Bosz zijn debuut in het betaald voetbal. De verdediger speelde onder andere voor Vitesse, Heracles Almelo, SC Cambuur en Go Ahead Eagles. Bij laatstgenoemde club kwam hij 44 keer in actie en maakte hij een doelpunt.

Voor meer informatie over SV TEC klik hier.
Voor meer artikelen over SV TEC klik hier.

De tussenstand met Soufiane Erriani van Heerjansdam

Soufiane Erriani verkaste in 2020 na een avontuur bij SC Feyenoord naar Heerjansdam. De verdediger begon dit seizoen op de, voor hem nieuwe rechtsback-positie. Dit seizoen hoopt Soufiane na een sterke eerste periode op een plek in de top drie, de eerste klasse. Het team heeft de ambitie om in de tweede seizoenshelft de lijn door de te trekken en het liefst met een kampioenschap.

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020Soufiane begon pas op zijn negende bij G.L.Z. Delfshaven uit Rotterdam-West. “Vandaar ben ik voor één jaar naar SVVgegaan. Vervolgens heb via een trainer de stap naar SC Feyenoord gemaakt. Daar speelde ik drie jaar lang in het tweede, ook met een paar bekenden zoals Railey Martijn, Jarno Visser, Antonio Illic en Luke Homan. Sinds 2020 ben ik speler van Heerjansdam, waar ik dit jaar mijn officieuze debuut heb mogen maken.” De eerste seizoenshelft is voor de ploeg erg goed verlopen. “Onze eerste periode begon echt super goed. We speelden ook heel aantrekkelijk voetbal. Daarnaast straalden wij ook echt uit dat we hier kwamen om te voetballen en daar genoot zowel het publiek als wij (als spelers) zeker van.”

Helaas is Heerjansdam de periodetitel misgelopen. Het doel is voor de tweede seizoenshelft dan ook vooral het spelen voor een periodetitel. “Ik hoop stiekem toch om een periodetitel te pakken, want hoe wij die hebben misgelopen, wens je geen enkel team. Maar natuurlijk wil ik gewoon kampioen worden en denk ik ook dat wij een grote kans hebben om dat te worden. Ik hoop natuurlijk zo hoog mogelijk te eindigen, maar om realistisch te blijven, hoop ik op een plek in de top drie. ”

Dit seizoen begon Soufiane op een iets andere positie dan hij gewend was, desondanks pakte hij dit snel op. “Ik heb de eerste paar wedstrijden van de competitie mogen starten op linksback, wat niet echt mijn positie is, maar toch deed ik het. Naar mijn gevoel deed ik het prima en wonnen we ook onze wedstrijden en daar kijk ik het meest naar. Voor mij staat teamprestatie op de eerste plek.”

Meer informatie over Heerjansdam? Klik hier.
Klik hier voor meer artikelen over Heerjansdam.

Yaël Eisden laat bij ASWH zien dat hij een echt voetbaldier is

‘Hadden’ of ‘als’ telt niet in de voetballerij. Yaël Eisden (27) weet hier alles van. Drie zware knieblessures stelden hem mentaal op de proef en speelden een grote rol in zijn carrière als profvoetballer. Sinds dit seizoen speelt hij voor Tweede Divisionist ASWH. Hier vindt hij het plezier in het voetbal terug. “Ik hoop zo lang mogelijk te kunnen blijven voetballen. Het liefst tot mijn veertigste.”

HENDRIK-IDO-AMBACHT – De voetballer van zowel Nederlandse als Curaçaose afkomst is een ras-Rotterdammer en zette daarom zijn eerste voetbalstappen bij een Rotterdamse voetbalclub. “Ik groeide op in Hoogvliet en begon bij amateurclub Spartaan’20. Ondanks mijn Curaçaose afkomst ben ik geboren en getogen in Rotterdam. Mijn ouders en broer zijn wel op Curaçao geboren.” Op jonge leeftijd kwam Eisden, na een tussenstap bij Excelsior, in de jeugd van het grote Sparta Rotterdam terecht. “Alles was nieuw voor me. De stap van de amateurs naar Sparta was best wel groot. Op de club werd alles heel professioneel geregeld. Ik ging in die tijd nog naar school en ook dit regelden ze super strak.”

Sport-centrum-dordrecht_internetbalk_2020

De middenvelder ontwikkelde zich snel en dat zagen ze ook op Curaçao. “Het kwam als een verrassing dat ze me destijds benaderden. Ik wist niet eens dat ze een jeugdelftal voor jongens Onder 20 hadden. Ik vond het mooi om voor het land van mijn ouders uit te mogen komen en twijfelde geen seconde. Ze vroegen me om mee te doen aan een toernooi in Mexico. Het enige wat ik me er nog van kan herinneren is dat we tegen Mexico speelden.”

Debuut

Dat hij een mooie tijd bij Sparta meemaakte mag duidelijk zijn. In het seizoen 2015/’16 sloot hij aan bij de eerste selectie en niet lang daarna tekende hij zijn eerste contract. Maar het was niet altijd rozengeur en maneschijn. “Ik had in mijn periode bij Sparta drie keer een zware knieblessure. Na mijn tweede blessure begon ik weer fit te worden en speelde ik wedstrijden in het beloftenelftal. Al snel kreeg ik van technisch directeur Leo Beenhakker te horen dat ik het seizoen erop aan mocht sluiten bij het eerste elftal.”

Het mooiste wat Eisden meemaakte bij Sparta was zijn debuut. “Je voetbalt je hele leven voor dat moment. Het was van tevoren spannend en nieuw, omdat ik niet eerder bij de selectie zat. De wedstrijd, waarin ik mijn debuut maakte, was de eerste keer. Ik mocht gelijk beginnen. Vooraf was ik een beetje zenuwachtig, maar eenmaal in het veld dacht ik hier niet meer aan.”

Toen sloeg het noodlot voor de derde keer toe voor de Rotterdammer. Hij liep weer een knieblessure op en miste onder andere de wedstrijd waarin Sparta promoveerde naar de Eredivisie. “Het was heel vervelend, want je wilt het liefst spelen. Ik voelde me niet buitengesloten, maar het is natuurlijk wel anders. Ik kon mijn steentje niet bijdragen en had niet hetzelfde gevoel als wanneer ik op het veld zou staan.”

Zware periode

Mentaal een zware periode voor de middenvelder. “Toen ik voor de derde keer geblesseerd raakte, begon ik erg veel te eten. Ik deed verder bijna niets meer. Tijdens deze periode had ik een fysiotherapeut waar ik een hechte band mee kreeg. Soms had ik dagen dat ik niet vooruit te branden was en hielp hij me van de bank. Als je lang niet kunt voetballen door een blessure word je op een bepaald moment vergeten. Het voetballen gaat door, maar jouw leven staat stil.”

Zijn laatste knieblessure liep hij op in zijn eerste jaar bij de selectie. Na de promotie naar de Eredivisie werd zijn contract niet verlengd. “Het was geen hele grote verrassing. Ik kreeg het al te horen voordat de club het bekend maakte. Ergens dacht ik dat de club me misschien zou steunen, maar ik was in hun ogen een onzekere factor. Ze wisten niet of het wel goed zou komen met mijn knie. Dit vind ik heel jammer.”

Met gemengde gevoelens kijkt Eisden terug op zijn periode bij Sparta. “Als ik aan de mooie momenten denk, denk ik aan mijn debuut. Toch houd ik er een dubbel gevoel aan over, omdat het heel anders had kunnen lopen. Aan ‘hadden’ of ‘als’ heb je alleen niet zoveel in de voetballerij. Misschien speelde ik nu wel bij Barcelona”, grapt de middenvelder lachend.

Letland

Na teleurstellende periodes bij Helmond Sport en RKC Waalwijk verruilde Eisden Nederland voor een avontuur in Letland bij FK Jelgava. “In Nederland had ik het gevoel dat ze me afschreven op basis van mijn knieblessures. Ik kreeg continu te horen dat ik blessuregevoelig was of dat ze niet wisten of mijn knie goed genoeg was. Ik vond dit oneerlijk. In het buitenland keken ze hier niet naar en mocht ik lekker komen voetballen.”

Eisden vertelt eerlijk dat hij moest wennen aan de mensen en de voetbalcultuur in Letland, maar het gekste maakte hij mee met de nieuwe trainer. “In het tweede seizoen kwamen er twee andere Nederlandse jongens (Jeremy Fernandes en Janyro Purperhart, red.) bij. We kregen een nieuwe trainer die we echt knettergek vonden. Hij kwam uit Belarus. Ik kan me nog goed herinneren dat we op een training aan het afronden waren en een van de jongens de bal over het vangnet schoot.”

“Ik zei hier wat over tegen hem, waardoor hij moest lachen. Toen stuurde de trainer hem van het veld, omdat hij lachte dat hij de bal over het doel schoot. De trainer sprak geen Engels. We begrepen hem vaker niet dan wel. Hij sprak Russisch tegen ons waardoor wij elkaar aankeken en zeiden ‘wat zegt hij nou allemaal?’. Met de jongens ben ik vandaag de dag nog steeds goed bevriend. Toevallig stuurde Janyro recent nog foto’s van onze tijd in Letland door.”

Tweede Divisie

Na Letland vertrok Eisden naar Griekenland. Toen corona toesloeg verliet hij vroegtijdig zijn nieuwe club (Platanias, red.) en keerde hij terug naar Nederland. “Ik speelde met een team in Rotterdam een wedstrijd tegen ASWH. Tijdens die wedstrijd raakte ASWH gecharmeerd van me en nodigden ze me uit voor een gesprek. Dat verliep goed en zo kwam ik uiteindelijk in Hendrik-Ido-Ambacht terecht.”

Inmiddels is de ervaren middenvelder 27 jaar. Ondanks zijn leeftijd zit hij tot op de dag van vandaag nog vol ambitie. “Ik voel me 23 hoor, haha. Ik zou dit seizoen graag zo hoog mogelijk willen eindigen met ASWH. Op dit moment staan we redelijk onderaan, maar ik denk echt dat we mee kunnen doen om een plek in de middenmoot. Mijn persoonlijke doel is om zo lang mogelijk te blijven voetballen. Het liefst tot mijn veertigste. Ik vind het spelletje té leuk om ermee te stoppen.” (AS)

Zes nieuwe jeugdsponsors

‘De jeugd heeft de toekomst’ is een uitspraak waaraan ASWH veel waarde hecht. Een goede doorstroming van jeugdspelers is belangrijk voor de continuïteit van de club en het niveau waarop de seniorenteams zich kunnen blijven handhaven. Goed materiaal en goede begeleiding is essentieel bij het plezier in en de ontwikkeling van het voetballen. Om deze basisvoorwaarden te realiseren, is steun van het bedrijfsleven onontbeerlijk. ASWH wist afgelopen maand op dit vlak positief nieuws te melden. Met Limako (JO9-2), Kusters (JO11-6), Meyers Projectvloeren/AALease (JO11-2), Verbaas Dakbedekking/Letselschade.com (JO10-5), Tegelwerk & Timmerwerken/Bitcom (JO13-6) en Karwan Koerier (JO8-1) zijn zes nieuwe (shirt)sponsors binnen gehengeld.

Klik hier voor meer artikelen over ASWH.
Klik hier voor meer informatie over ASWH.