Home Blog Pagina 684

Tim Goovers wil nu voor veel leren en toegroeien naar basisplaats

HEINKENSZAND – Hoewel hij nog geen vaste basiskracht is, heeft Tim Goovers tot nu toe al de nodige minuten gemaakt bij Luctor Heinkenszand. De boomlange centrumverdediger heeft daarmee dus ook een absolute bijdrage geleverd aan de nog steeds ongeslagen status van koploper in de 3e Klasse A.

“Mede door een blessure van Jaap Esser, die wegviel met een hamstringblessure, heb ik nu al een reeks wedstrijden in de basis gestaan. Dat is natuurlijk mooi, want op deze manier kan ik ervaring opdoen en vooral veel leren. De oudere spelers in de selectie die helpen me daarbij en ook tijdens trainingen leer ik enorm veel. Ook de trainer heeft veel ervaring omdat hij als speler ook centrale verdediger was. Daar probeer ik uiteraard mijn voordeel mee te doen en alle tips en aanwijzingen in mij op te nemen.”

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

De 20-jarige verdediger heeft ook een tijdje ‘op zes’ gespeeld, maar richt zich nu toch vooral op de positie centraal achterin. Een prettige plek waar hij naar eigen zeggen gezien zijn kwaliteiten ook wel toch zijn recht komt. “Ik heb mijn lengte mee en ben de afgelopen jaren mede door krachttraining en extra trainingen in de sportschool zeker tien kilo in spiermassa gegroeid. Dat neem je wel mee in de duels en die ga ik dan ook zonder enige terughoudendheid wel aan inmiddels. Al ben ik wel heel realistisch dat de ervaren spelers die ik nu voor me heb nog beter zijn. De concurrentie is groot en die ga ik ook niet uit de weg. Scherp trainen en wachten op kansen die komen. Daar wordt iedereen beter van.”

Goovers woont al sinds zijn derde in Heinkenszand en ging een jaar later bij SV Heinkenszand voor het eerst op voetbal. Inmiddels is hij alweer bezig aan zijn vierde seizoen in de eerste selectie van de derdeklasser, waar hij op zijn zestiende debuteerde. “In de jeugd speelde ik altijd als controlerende middenvelder en op die plek maakte ik als ‘mager lang ventje’ ook mijn debuut. Dat fysieke aspect was zeker wel een aandachtspunt en daar ben ik dus mee aan de slag gegaan. Nu is dat geen issue meer gelukkig. Al heb ik natuurlijk nog wel heel veel facetten van het voetbal die ik moet verbeteren. Gelukkig krijg ik die kansen en ik hou ook wel van de directe feedback die ik op mijn spel krijg. Daar kan ik alleen maar van leren. We hebben een heel sterke selectie en het niveau op trainingen is enorm hoog. Daar groei je dan zelf in mee en dat vind ik geweldig.”

De student Communication en Multimedia Design hoopt echter wel, dat hij zijn aantal speelminuten én het aantal basisplaatsen kan doen groeien. “De ambitie van de club is groot, alles is goed geregeld en iedereen heeft dezelfde focus. Het doel voor ons als team is dit jaar zonder enige twijfel om te promoveren. Ik denk ook dat we daar de groep voor hebben. En mocht dat uiteindelijk rechtstreeks kunnen met een kampioenschap, dan zou dat helemaal te gek zijn. Maar promotie is waarvoor we gaan, want ik denk zeker dat we de stap omhoog zeker moeten aankunnen. Na de winterstop is het aan mij om daar een actieve rol in te gaan vervullen en het de trainer zo moeilijk mogelijk te maken. Want nu ik de laatste wedstrijden in de basis heb gestaan wil ik er alles aan doen om die plek zo lang mogelijk vast te houden. Dat wordt niet eenvoudig, maar het is wel mijn sportieve ambitie. En als het dit seizoen nog niet mocht lukken, dan toch zeker volgend seizoen.”

Klik hier voor meer artikelen over Luctor Heinkenszand.
Klik hier voor meer informatie over Luctor Heinkenszand.

Damesvoetbal bij ASV Brouwershaven groeit nog steeds

BROUWERSHAVEN – Op een spontane wijze ontstaan vaak de leukste initiatieven. Zo ook bij ASV Brouwershaven, waar in eerste instantie een aantal meiden wedstrijden kwamen kijken van hun vriendjes die in het eerste en tweede team speelden. Langs de lijn ontstond het idee dat het wel leuk zou zijn om zélf in teamverband te gaan voetballen. Het was de start van het damesvoetbal bij ‘Brouw’ zoals de club in de volksmond wordt genoemd.

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

 

Annemieke van Oosterhout is namens de club op organisatorisch en bestuurlijk vlak verantwoordelijk voor het dames- en meidenvoetbal binnen de club en is maar wat trots op het feit dat het animo nog altijd groeit. “Het is best knap als je ziet hoe het idee zo is ontstaan en als je nu kijkt dat er wekelijks een elftal competitiewedstrijden speelt. We hebben een groep van twintig dames die vol enthousiasme wekelijks trainen en wedstrijden spelen. Onlangs hebben ze ook hun eerste overwinning geboekt, wat ook een flinke opsteker was voor die enthousiaste groep speelsters.”

 

Van Oosterhout was zo’n veertien jaar verantwoordelijk bestuurslid jeugdzaken, maar groeide er een beetje uit. Het damesvoetbal opzetten kwam dus op het juiste moment en gaf nieuwe energie. “Absoluut. We zijn vol positiviteit ermee aan de slag gegaan en nog steeds. Er zijn vijf spelers van ons eerste- en tweede team die in duo’s de trainingen verzorgen en ook de wedstrijden begeleiden. Ook zelf ben ik er regelmatig wel bij. En als je dan ziet hoe die meiden zijn verbeterd ten opzichte van de start. Dat is heel gaaf om te zien. Maar ook gewoon de positieve impact die het heeft op de club, dat is ook prachtig om mee te maken. De dynamiek is overigens wel compleet anders. Meiden en vrouwen hebben toch een andere kijk op dingen. En we hebben die elementen wel toegevoegd aan het geheel. Zo hebben we prachtige tenues in zwartwit, maar wél met roze rug- en broeknummers. Die details vind ik dan te gek.”

 

Sponsors zoeken bleek geen enkel probleem, de reacties op het initiatief ruim een jaar geleden waren louter posities. “Dat geeft veel energie om vol de schouders eronder te zetten en er een succes van te maken. Ik heb er in elk geval heel veel plezier in. We begonnen met verliespartijen in de vijfde klasse van 14-0, maar inmiddels hebben ze dus onlangs met 6-3 gewonnen…. Dat was me een feest, dat wil je niet weten. We zoeken overigens nog wel extra dames die het leuk vinden om op een ongedwongen manier samen sportief bezig te zijn. In deze lastige coronatijden ook een gezonde activiteit. We hebben meiden uit heel Schouwen Duiveland in de selectie, dus dat mag ook geen belemmering zijn. Daarom zijn we ook een samenwerkende Stichting Brouwershaven/ WIK/ ZSC. We roepen dan ook iedereen op die het leuk lijkt vrijblijvend eens te komen kijken en mee te trainen. Gezelligheid staat voorop bij een leuke kleine vereniging. Wat wil je nog meer? Dus lijkt het was voor jou, kom voetballen bij de Brouw!”

Klik hier voor meer informatie over ASV Brouwershaven
Lees hier meer artikelen over ASV Brouwershaven

Wilco van Oord wil nog altijd het maximale eruit halen bij Sparta’30

Met zijn 37 jaar is Wilco van Oord een ware routinier te noemen. Maar zijn leeftijd weerhoudt hem er niet van om nog altijd even fanatiek te zijn. Ook bij Sparta’30 wil hij het hoogst mogelijke bereiken.

ANDEL – Van Oord kent inmiddels een druk schema. Hij traint en coacht het team van zijn zoontje, traint twee keer in de week zelf en staat elke zaterdagmiddag als laatste man bij Sparta’30 op het veld. De verdediger geniet er enorm van.

werktalent-breda banner

“Ik heb nog zoveel plezier in het spelletje. Je weet dat met mijn leeftijd het einde in een eerste elftal steeds dichterbij komt. Daarom ga je nog meer genieten. Ik geniet op dit moment meer dan tien jaar geleden.”

De routinier van Sparta’30 probeert dan ook geen enkele training te missen. En alsof zijn schema nog niet druk genoeg is tennist hij ook nog in zijn vrije tijd. “Ik ben nog altijd heel fit en daar ben ik trots op. Ik ben ook niet extra moe nu ik wat ouder ben. Het is gewoon een kwestie van goed op je lichaam passen.”

Inmiddels zijn er wel wat dingen veranderd. Waar hij in de jeugd nog als aanvaller of middenvelder speelde, is hij bij Sparta’30 laatste man. “Je gaat anders voetballen naarmate je ouder wordt. Vroeger was ik wel iets sneller, maar nu kan ik beter positioneren omdat ik precies weet waar een bal gaat komen. Daarnaast ben ik ook rustiger aan de bal geworden.”

mandemakers banner

Van Oord heeft veel plezier in het spelletje, maar hij is ook nog altijd enorm gedreven. “Ik ben nog steeds net zo fanatiek als vroeger. Ik wil gewoon laten zien dat ik één van de beste voetballers kan zijn op dit niveau. Dat houdt mij nog scherp. Ik wil alles eruit halen wat erin zit.”

En dus wil de verdediger bij Sparta’30 ook presteren. “Als wij nog meer naar elkaar groeien kunnen wij heel ver komen. Ik wil minimaal in het linkerrijtje eindigen. En stiekem hoop ik op een periodetitel.”

Het zijn ambities die passen bij Van Oord. Die ook ziet dat de concurrentie bij zijn teamgenoten groeit. “We hebben wat jongens erbij gekregen. Je hebt nu op elke positie wat verschillende smaken. Als de trainer het dan goed wegzet kunnen we ver komen. Het valt de laatste weken al meer onze kant op.”

En als het aan de routinier ligt is dit niet zijn laatste seizoen. “Ik bekijk het van seizoen tot seizoen. In het begin dacht ik dat dit waarschijnlijk mijn laatste jaar zou zijn. Maar als ik nog zo fit blijf kan er nog wel een seizoen aan vastgeplakt worden. We hebben daar nog niet over gesproken, maar dat komt nog wel. Ik zou het wel mooi vinden als ik nog een jaar langer in het eerste elftal kan voetballen.”

Klik hier voor meer informatie over Sparta’30
Klik hier voor meer artikelen over Sparta’30

‘Mister GRC’14’ Kees Bouman hoopt nog jaren door te gaan

Hij wordt door leden van de club betiteld als ‘Mister GRC’14’, maar Kees Bouman zou zichzelf nooit zo noemen. “Dat mogen anderen doen hoor. Ik doe wat ik kan voor de club omdat ik het leuk vind. De waardering in de vorm van zo’n titel is alleen maar mooi.” 

GIESSEN – Een aantal weken geleden werd Bouman nog in het zonnetje gezet. De 76-jarige vice-voorzitter van GRC’14 heeft de Gouden Speld gekregen namens de KNVB. “Ik zie het als een soort diploma. Tja, als je het op school niet kunt halen, kun je het dus altijd nog halen door je verdiensten in het amateurvoetbal”, grapt Bouman.

werktalent-breda banner

Hij maakt er wel even een dolletje van, maar Bouman is hartstikke trots op de KNVB-onderscheiding. “Natuurlijk, het streelt je ego. Ik voel de waardering, ben er blij mee en heel trots op. Maar ik snap niet heel goed waarom ik die onderscheiding krijg, want er zijn zat mensen die zo’n onderscheiding net zo goed als ik zouden mogen krijgen. Kijk alleen al naar al de vrijwilligers bij de amateurclubs. Zonder hen geen voetbal en zo is het echt.”

De nu 76-jarige Bouman fungeert als vice-voorzitter bij GRC’14 onder meer als hoofd technische zaken. Daarmee is Bouman nog altijd (mede)verantwoordelijk voor het aantrekken van spelers. “Ik heb natuurlijk al de nodige jaren ervaring in het amateurvoetbal en door de jaren heen leer je veel mensen kennen. Dat helpt met het vinden van spelers. Mensen tippen me wel eens dat ik een bepaalde speler in de gaten moet houden, zo gaat dan dan. Is hartstikke leuk om te doen.”

mandemakers banner

Een leven lang loopt de Brabander al rond in het amateurvoetbal. Eerst bij Sparta’30, maar al snel kwam Bouman bij Rijswijkse Boys terecht. Na jaren fuseerde de club uit Rijswijk met buurman VV Giessen. Bouman was 69 toen de fusie in 2014 rondkwam en GRC’14 geboren werd.

Het duurde vervolgens niet lang voor de voormalig voorzitter van Rijswijkse Boys de nieuwe club had omarmd. “Ik had er weinig moeite mee eigenlijk”, zegt hij. “Waarom? Omdat de fusie beter was voor beide clubs. Als ik naar Rijswijkse Boys kijk toen, we hadden amper jeugdelftallen. Dat is juist de toekomst van de club en dat ontbrak. Uiteindelijk hebben we nu redelijk wat elftallen, een gloednieuw sportpark en we zijn van plan om het niveau van de jeugd omhoog te halen door middel van een hoofd jeugdopleiding. Ambitie genoeg.”

Bouman heeft er tijdens de fusie geen moment aan gedacht om te stoppen. “Het zou op zich niet gek zijn geweest, want ik was bijna 70. Maar ik zag wel dat het iets moois kon gaan worden.” De liefde voor het voetbal zorgt er voor dat Bouman nu nog altijd in het bestuur zit van de eersteklasser. “Het gaat nog allemaal goed. Ben nog wel van plan om even door te gaan. Belangrijk is dat je bezig blijft, blijft praten met al die gasten en bovenal: een biertje drinkt in de kantine. Ik maak me niet te druk en dan kun je zo nog wel even doorgaan. Als ik me zo voel, duurt het nog wel even voor ik stop. Daarna zou het mooi zijn als een echte jongen van de club mijn plek kan innemen. Maar dat zien we dan wel weer.”

Klik hier voor meer artikelen over GRC’14
Klik hier voor meer informatie over GRC’14

Monique van Kerkwijk geeft extra betekenis aan de naam “vrijwilliger” bij LRC Leerdam

Verenigingen kampen afgelopen jaren steeds meer met een tekort aan vrijwilligers, dat maakt de inzet van Monique van Kerkwijk nog betekenisvoller bij LRC Leerdam. Naast het zijn van de secretaris is ze al jaren supporter en is ook het opzetten van nieuwe initiatieven iets wat haar energie geeft. Door “tweede ronde voetbalschoenen” is voor ieder kind een nieuw paar schoenen toegankelijk.

Monique zit diep verweven in het verenigingsleven van amateurvoetbal. Als secretaresse bij VoetbalAssist, die software aan verenigingen leveren, is ze in nauw contact met andere verenigingen. De verbinding met LRC en haar bestaat echter al veel langer, zo was ze als kind ook al bekend met de club toen haar broertje er nog voetbalde. Een aantal jaren later zijn twee van haar zoons begonnen met voetballen wat ervoor zorgt dat ze ook nog eens vaker aanwezig is. Nu ze sinds drie jaar nog actiever is als vrijwilliger, neemt de aanwezigheid op de club niet af. Op de vraag: wat doe je allemaal op de club? Antwoordt ze: “Afgelopen jaar heb ik met een groep enthousiaste ouders de Konings- en Zomerspelen voor de jongste jeugd georganiseerd.”

werktalent-breda banner

Vrijwilligerstekort?

Wanneer we het over Monique hebben is er bijna geen sprake van. Naast de veelzijdige functie “secretaris” zet ze zich ook in voor de jeugd- en sponsorcommissie. Een belangrijk orgaan binnen een vereniging, aangezien beide commissies  bouwen aan een toekomst. Daarbij zet ze zich ook in voor de duurzaamheid bij de club. “Tweede ronde voetbalschoenen” is in het leven geroepen samen met een andere vrijwilliger. “Oude, maar nog goede voetbalschoenen kunnen ingeleverd worden en wie ze nodig heeft, kan een ander paar meenemen”, aldus Monique. Hoe zijn zoveel taken dan vol te houden? “Mijn valkuil is dat ik alles leuk vind, maar zo lang je er energie van krijgt, kost het weinig moeite”, vertelt Van Kerkwijk.

“Ons kent ons”

De omschrijving van de club duidt de sfeer goed aan, Monique zei hierover het volgende: “met de ingebruikname van onze nieuwe kantine (Glaspark) heeft de vereniging een nog professionelere uitstraling gekregen, terwijl het tegelijkertijd nog altijd die ‘ons kent ons’ club is, waar de kinderen na de training een snoepje mogen halen bij de huismeesters.” Het enthousiasme straalt ervan af met die uitspraak, het geeft haar duidelijk energie. Dat is ook wel nodig met het takenpakket dat ze op zich neemt. Uiteraard is dit afgelopen tijd wat anders geweest, hoe gaat het dit huidige seizoen met de club? “Helaas hebben we ook dit seizoen dankzij corona weer met flink wat beperkende maatregelen te maken gehad en is het dus wederom geen representatief seizoen, maar zijn we dankzij de inzet van velen nog steeds een gezonde club en zijn er tal van activiteiten georganiseerd om toch te kunnen blijven voetballen.”

mandemakers banner

Plezier voorop

Plezier is voor jong en oud in de sport van groot belang.  Zo geeft ook Monique aan wat zij belangrijk vindt: “voor mij staat het voetbalplezier van de jeugd voorop en als we dit met alle vrijwilligers en sponsoren kunnen blijven bewerkstelligen, doen we het geweldig toch?”  Op de vraag: wat hoop jij nog bij te dragen aan de club? Antwoordt ze: “ik hoop dat we als club gewoon lekker blijven doorgroeien, ons blijven ontwikkelen op het gebied van jeugdopleiding en onze mooie kantine een plek blijft waar jong en oud elkaar ontmoeten!”

 

Klik hier voor meer artikelen over LRC Leerdam.
Klik hier voor meer informatie over LRC Leerdam.

Jongeling Hugo van Hemert op zijn plek bij GDC

Hugo van Hemert zette zijn eerste stappen bij het eerste elftal van GDC als verdedigende middenvelder. Tijdens het huidige seizoen is hij een linie gezakt. Dat zie je vaker in het voetbal, dat ervaren spelers met de jaren van de voorhoede naar het middenveld gaan of van het middenveld naar de achterhoede. Van Hemert is echter geen ervaren speler, hij is zelfs de jongste speler van het vlaggenschip van GDC.

EETHEN – “Mijn allereerste wedstrijd bij het eerste elftal was toen ik zestien was, ik speelde toen zelf bij de Onder 19. Ik mocht een keer meedoen, invallen. Vanaf mijn zeventiende zat ik er vast bij”, kijkt de jonge voetballer terug op zijn debuut.

werktalent-breda banner

“Vorig seizoen kwam een nieuwe trainer, toen ben ik begonnen als verdedigende middenvelder. Altijd in de basis. Dit seizoen in het begin ook. Daarna ben ik naar achteren geschoven, nu ben ik echt centrale verdediger”, geeft de negentienjarige Van Hemert aan. Die nieuwe rol is even wennen. “Het middenveld is eigenlijk ook wel leuker, beetje stofzuigen en de duels aangaan. Aan de andere kant: achterin heb je het spel voor je. Ik ben niet zo heel groot, maar op zich wel sterk. Verdedigen is wel echt mijn ding, maar opbouw ook. En dat is ook de opzet, ik sta meer achterin voor de opbouw. Voor meer voetbal van achteruit.”

Met Van Hemert achterin heeft GDC in vier duels slechts één keer niet de nul gehouden. “Wat dat betreft gaat het best prima. En op zich vind ik het ook wel leuk. Het is rustiger, op het middenveld sta je in balbezit gelijk onder druk. Maar toch, in de toekomst hoop ik wel weer een stapje hogerop te zetten op het veld.”

mandemakers banner

Een stapje hogerop op het veld is de toekomst, een stapje hogerop qua club is niet iets waar Van Hemert aan denkt. Van jongs af aan speelt hij al in het geel en blauw van GDC. En de kans is groot dat hij dat altijd blijft doen. “Ik ben niet iemand die van nieuwe plekken houdt. Ik ben heel rustig. Ik zie het niet gebeuren dat ik naar een andere club ga. Ik ben hier lekker op mijn plek, dit is het beste voor mij.” GDC is de club waar hij graag komt. “Voetbal is wel echt mijn ding, mijn hobby. Het is niet dat ik hou van voetbal kijken, ik wil het vooral zelf doen. En de club is ook echt mijn ding. Mijn vader is hoofdsponsor van de jeugd. Hij staat ook altijd langs de lijn, met goede vrienden van hem. Dat vind ik ook altijd mooi. Mensen die langs het veld staan en je aanmoedigen. Daar moet ik het ook echt wel van hebben. Als je een goede bal speelt, bij een goede actie, dat ze je oppeppen.”

Hopelijk met publiek langs de lijn hoopt Van Hemert in de toekomst op succes met het eerste. De afgelopen twee jaar werd de competitie afgebroken, terwijl GDC bovenaan stond. Nu draait het ook weer mee in de top. “Dat eerste jaar was echt klote. Het is heel lang geleden dat GDC kampioen geworden is. Het is iets waar je van jongs af aan van droomt: bij het eerste zitten, kampioen worden. Dat zou wel heel mooi zijn als dat ooit mag lukken.”

Klik hier voor meer informatie over GDC
Klik hier voor meer artikelen over GDC

Melle Mandemakers is de enige Veense jongen in de selectie Achilles Veen

De trouwe supporters van Achilles Veen kennen hem allemaal. Hij is hun trots. Een uitzondering kunnen we Melle Mandemakers ook wel noemen. Mandemakers is een geboren en getogen Veense jongen en is de enige speler ‘van eigen bodem’ in het eerste van Achilles Veen.

VEEN – Is dat nou wel zo opvallend? Ja, dat is het. “Het is best bijzonder, ja. Voor mij is het een eer”, zegt Mandemakers (23) er zelf over. Veel amateurclubs in de hogere klasses zijn er niet vies van om spelers van buiten hun dorp of stad aan te trekken, maar nagenoeg alle clubs willen de binding met de supporters houden door middel van eigen jeugd in te passen. Achilles Veen wil dat ook, maar merkt dat de stap van de jeugd naar de top van de Hoofdklasse een grote is.

werktalent-breda banner

Mandemakers maakte die stap wel, zo’n vier jaar geleden. Als negentienjarig broekie stroomde hij door van het tweede seniorenelftal, naar het eerste: het uithangbord van Achilles Veen. “Ik voetbalde met mijn vrienden in het tweede, natuurlijk was het daardoor een moeilijke keuze toen ik gevraagd werd voor het eerste, maar aan de andere kant: je laat de kans om als Veense jongen in het eerste te kunnen spelen niet zomaar lopen. Al m’n vrienden gunden me deze stap ook.”

Vier jaar later kan geconcludeerd worden dat de stap naar het eerste absoluut een grote bleek te zijn. Het is Mandemakers nog niet gelukt om een vaste basisplek te veroveren. Hij moet het doen met wat invalbeurten en af en toe start hij vanaf het eerste fluitsignaal.

Dat de stap groot is, heeft Mandemakers aan de lijve ondervonden. “Je moet je voorstellen: in het eerste van Achilles Veen spelen alleen maar jongens die hun opleiding hebben gehad bij bvo’s (betaald voetbal organisaties, red.). Zij hebben hun hele jeugd nagenoeg iedere dag op hoog niveau getraind. Ik heb, op een klein en kort uitstapje na bij FC Den Bosch, heel mijn jeugd tweemaal per week getraind en een wedstrijd op zaterdag gespeeld bij Achilles Veen. Dat is nogal een verschil. Het is dus echt aanpoten.”

mandemakers banner

Veel speeltijd of niet: de trouwe fans van Achilles Veen zijn maar wat trots op ‘hun’ Veense jongen. “Ja, dat merk ik zelf ook wel. Als ik inval, hoor je ze ook nét wat harder klappen of juichen. Laatst maakte ik een belangrijke gelijkmaker, mijn vrienden in het tweede speelden op dat moment op het veld achter ons. Zij vertelden na afloop dat ze aan het gejuich konden horen dat ik had gescoord, haha. De dagen erna word ik in het dorp ook aangesproken over mijn goal, dat zijn wel heel leuke dingen.”

Het doel van Mandemakers was en is om die vaste plek bij de beste elf op te eisen, maar ook dit seizoen moet hij het hebben van invalbeurten. “Of dat niet frustrerend is? Ja, zo kan je het wel zeggen. Af en toe dan. Ik weet natuurlijk ook heel goed dat de club omhoog wil en daar heb je gewoon kwaliteit voor nodig. Maar als er dan weer een speler komt, denk je wel eens: is er weer eentje. Dat was vooral zo in mijn eerste twee jaar, nu ben ik er wel aan gewend.”

Mandemakers blijft hoe dan ook strijdbaar. “Ik bekijk alles per jaar. Als ik echt weinig kansen meer zie, kan het best zijn dat ik in het tweede bij mijn vrienden ga spelen. Maar ik vecht nu voor mijn kansen en wil de trainer laten zien waarom ik in de basis hoor. De supporters hier zijn al trots, maar ik zou ze maar wat graag nog trotser maken door een vaste basisspeler te worden bij Achilles Veen en om de club verder omhoog te helpen.”

Klik hier voor meer informatie over Achilles Veen.
Klik hier voor meer artikelen over Achilles Veen.

Stichting KozakkenBoys4All “We zijn echt een voetbalclub, maar we kunnen veel meer dan dat”

Més que un club! Het is het motto dat FC Barcelona al lange tijd draagt. Meer dan een club. Bij de Spaanse grootmacht heeft dat onder meer te maken met de culturele achtergrond, met de drang naar Catalaanse vrijheid. Het motto kun je nu ook op Kozakken Boys plakken. Niet omdat die club nu hoopt op een vrije rol in de gemeente Altena of dat het Werkendam als vrijstaat wil uitroepen. Eerder het tegenovergestelde. Met de Stichting KozakkenBoys4All neemt het maatschappelijke verantwoordelijkheid.

werktalent-breda banner

WERKENDAM – “De stichting is ontstaan omdat ik zelf al langer met het idee rondliep dat we op sociaal gebied als club de maatschappelijke verantwoordelijkheid nog concreter zouden kunnen invullen”, geeft Vincent Wijmans aan. Hij is voorzitter van de stichting. “We doen natuurlijk veel op het gebied van sport en voetbal. Maar we zijn zo’n grote club, met zoveel kennis aan boord en met zo’n groot bedrijvennetwerk, dat we meer kunnen.”

De stichting richt zich daarbij op mensen in de gemeente Altena. “Mensen die het moeilijker hebben, kwetsbaar zijn, afstand hebben tot de arbeidsmarkt of om een andere reden buiten de boot vallen. Ik zag het hier bij Kozakken Boys ook gebeuren met jongens die van voetbal af gingen. Ze raken uit zicht. Later hoor je dat het niet goed gaat. Dat ze van school af zijn, geïsoleerd zijn geraakt. Geen opleiding, geen werk.”

De club heeft de handschoen opgepakt om er echt mee aan de slag te gaan. Met de kennis van profclub Excelsior– dat een foundation heeft- zijn de eerste stappen gezet. “Net voor de zomer hebben we stichting opgericht, met als doel om de inwoners een helpende hand te bieden. Mensen die op het gebied van participatie, gezondheid of bijvoorbeeld welzijn in de knel komen. Wij willen een uitkomst bieden. De stichting is heel sociaal ingestoken. We zijn gelieerd aan Kozakken Boys, maar staan wel los van de vereniging. Al het geld dat naar de stichting gaat, via subsidie of sponsoring, wordt gestoken in de maatschappelijke projecten”, zegt Wijmans enthousiast.

Studie op het sportpark
Eén van de projecten die nu loopt is dat er op vrijdag een entreeopleiding is op het sportcomplex van Kozakken Boys. Dat is in combinatie met het Da Vinci College. “Het is een MBO-opleiding voor volwassenen. Het grote voordeel is dat ze zich in een schoolsetting niet op hun gemak voelen. Nu krijgen ze op ons complex onderwijs. Voordeel daarbij is dat wij als Kozakken Boys ook heel eenvoudig stageplaatsen kunnen regelen. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten.”

Er wordt les gegeven in het sponsorhome, dat op die vrijdagmiddag anders toch leeg staat. “Dat is een prima leslokaal. Ze kunnen ook nog eens sporten bij ons, want de velden zijn overdag ook vrij.”

“Het is een hartstikke mooie ontwikkeling”, gaat Wijmans verder. “Het straalt bovendien ook uit naar twee kanten. Naar de club, vanuit het sociale aspect. Maar ook naar het eerste elftal bijvoorbeeld. Spelers van het eerste zien wat er gebeurd, die voelen zich betrokken. Het geeft verbondenheid binnen de club. We doen het met z’n allen. Barcelona zegt altijd: meer dan een club. In het Werkendamse doen wij dat. Natuurlijk staat voetbal op één. We zijn echt een voetbalclub. Maar we kunnen veel meer dan dat. Ik loop al wat langer bij de club rond. Als je ziet hoe belangrijk Kozakken Boys is voor mensen, daar sta je echt van te kijken. Ook voor mensen die niet voetballen. Mensen die komen op zaterdag een kopje koffie drinken bijvoorbeeld. Het gaat om het sociale aspect. En dat hebben wij nu nog breder getrokken.”

Wijmans is betrokken, dat merk je aan alles. Verbaasd soms ook. “Het is bijna niet voor te stellen dat jongeren in zo’n situatie komen. Dat besef je niet als je het niet ziet of hoort. Van statushouders is dat makkelijker te begrijpen. Die spreken de taal slecht, raken geïsoleerd. Maar Nederlandse jongeren, twintigers, dat snap je niet.” Ook voor die groepen loopt er een project. “Ze kennen helemaal niemand, hebben geen contacten. Hier op de club bloeien ze helemaal op. Ze worden gewaardeerd. In het project zijn een paar uur ingeruimd voor vrijwilligerswerk voor Kozakken Boys. Dat varieert van een stukje hovenierswerk, klusjes in de kleedkamer en schoonmaken tot het rondbrengen van presentatiegidsen naar bedrijven. Ze pakken allerlei klusjes op. Zo doen ze ritme en werkervaring op.”

Toekomst
Het team van KozakkenBoys4ALL is inmiddels al aardig groot. En divers. Met Sven van Ingen en Gwaeron Stout heeft het twee spelers uit het huidige eerste elftal. Quentin Jakoba speelde in het verleden voor Kozakken Boys, waar hij nu hersteltrainer is. Terwijl naast Wijmans ook Jeannine van Ekeren (jobcoach), Sanne Tamerus (Sport & Lifestyle Coach) en Irma Weeda (materiaalverzorgster bij het eerste en verantwoordelijk voor de social media van Kozakken Boys) betrokken zijn.

mandemakers banner

In mei 2021 ging de stichting daadwerkelijk van start. De grote vraag is nu: waar verwacht Wijmans over een paar jaar te staan? “In ruim een half jaar tijd hebben we vier projecten afgerond. We hebben de ambitie om het verder uit te bouwen. We hebben nu een aantal stakeholders gesproken die geïnteresseerd zijn, vanuit het bedrijfsleven. We hebben ook contacten met de gemeente, met wethouder Shah Sheikkariem zitten we om tafel om te kijken wat we nog meer kunnen betekenen. We kunnen wel heel veel dingen verzinnen, maar het is het belangrijkste dat er vanuit de gemeenschap zelf wordt aangegeven waar behoefte aan is. Als een bepaalde doelgroep in de knel zit, kunnen we kijken hoe wij een bijdrage kunnen leveren in de oplossing.”

Wijmans komt meteen met een voorbeeld. “Je hoort vaak dat vrouwen, specifiek met jonge kinderen, een afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Nooit gewerkt, jong moeder geworden en vaak alleenstaand. Die willen gaan werken, maar hoe doe je dat? Ze zijn vaak rond de dertig, geen opleiding en nooit gewerkt. En ze hebben kinderen. Daar kunnen we misschien iets voor betekenen. Maar je ziet ook steeds meer ouderen, van 60+, met de ziel onder de arm lopen. Misschien kunnen we daar activiteiten voor organiseren op onze club. De mogelijkheden zijn oneindig. We moeten alleen keuzes maken. Het is mijn ambitie om het goed te doen. Het hoeft niet per se heel groot, maar wat je doet moet je goed doen. Het moet resultaat opleveren voor de mensen waar je het voor doet. Hoe groot het dan uiteindelijk wordt, dat moet de toekomst uitwijzen.”

Klik hier voor meer artikelen over Kozakken Boys.
Meer informatie over Kozakken Boys: Klik hier.

Drie keer was scheepsrecht voor Ruben Kwetters en NOAD ’32

Na vier seizoenen in het tweede elftal van Achilles Veen maakte Ruben Kwetters afgelopen zomer de overstap naar NOAD ’32, nadat de club hem voor de derde keer vroeg over te stappen. Bij die club mag hij zich nu eerste elftal-speler noemen. Het is iets waar hij al een tijdje naar uitkeek. Het bevalt hem goed. En dat komt mede door de club waar hij is neergestreken. “Dit is een club waar je je snel thuis voelt.”

WIJK EN AALBURG – Op driejarige leeftijd begon Kwetters met voetballen bij Achilles Veen. Daar schopte hij het tot het tweede elftal. “Maar voor mijn gevoel bleef ik hangen bij het tweede. Het eerste zat er niet in. Dat was iets te hoog gegrepen, spelen in de Hoofdklasse. Maar ik wilde graag in een eerste elftal spelen. Dit was het derde jaar op rij dat NOAD mij vroeg. Ik dacht: ik ga het proberen.”

werktalent-breda banner

De overstap is Kwetters tot nu toe goed bevallen. “Al zijn de resultaten iets minder. Maar we hebben een leuke groep, het is gezellig onder elkaar. Het is wel een jonge groep”, zegt de 21-jarige middenvelder. “Eigenlijk wilde ik met NOAD gewoon bovenin meedraaien. Maar doordat een paar belangrijke spelers weg zijn gegaan is het een iets minder elftal. Dat merken we nu ook zeker, vooral de spelers die er nu al wat langer zitten. We moeten gewoon weer lekker gaan voetballen en punten gaan pakken. Natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan, het is heel moeilijk zelfs. Maar we moeten positief blijven. Goed blijven trainen en wedstrijden scherp beginnen. En dan hopen dat we op die manier punten pakken.”

Na acht gespeelde wedstrijden bezet NOAD ’32 de laatste plaats in de derde klasse. Het is niet dat Kwetters daardoor meteen weer denkt aan een vertrek, juist niet. “Mochten we onverhoopt degraderen, dan is niet zo dat ik meteen zeg dat ik weg ga. Ik hoop dat we dan met z’n allen bij elkaar blijven en knokken om weer te promoveren.”

De jonge middenvelder heeft al een goed gevoel bij de rood-witten. “Het is een hele leuke club, waar je je al snel thuis voelt. Op het begin was het natuurlijk wel even wennen, na zoveel jaren bij Achilles Veen. Maar dit is een hele leuke en warme groep die mij snel heeft opgenomen. Ik kende er ook al een paar. Maar de hele club is leuk. Iedereen maakt een praatje, het is gezellig. En dat is heel belangrijk.”

Hoe de rest van het seizoen er uit gaat zien op het gebied van wedstrijden spelen en als het mag, met of zonder publiek, is nog een groot vraagteken. Kwetters heeft al geproefd aan leuke derby’s met veel mensen langs de kant. Het liefst speelt hij elke week op die manier. “Je merkt dat er meer supporters bij een eerste elftal komen kijken. Dat geeft een ander gevoel. Door corona is het niet, dan is het eigenlijk een stuk minder leuk. Voor wie voetbal je dan? Ik vind het ook altijd lekker om reacties van supporters te krijgen, dat maakt het veel leuker.”

Wat dat betreft gaat eigenlijk alles goed, is het alleen wachten op de punten om het plaatje perfect te maken. “Dat moet nog op gang komen.”

Klik hier voor meer informatie over NOAD’32
Klik hier voor meer artikelen over NOAD’32

Kantinejuffrouw Riëtte geniet bij Sparta ’30: “Ik doe lekker mijn ding”

Riëtte Groenenberg is al meer dan vijf jaar een begrip in de kantine van Sparta’30. De kantinejuffrouw geniet van elke bardienst en is vooral blij dat ze weer onder de mensen kan komen.

ANDEL – Zo’n vijf jaar geleden werd Riëtte gevraagd terug te keren als vrijwilligster in de kantine. Waarom ze een daarvoor gestopt was? “Dat kwam omdat een collega ook stopte, maar dan heb ik het ook over vijftien jaar geleden hoor.”

werktalent-breda banner

De goed gehumeurde gastvrouw doet het wekelijks met plezier en ook de leden zijn heel blij met haar. “Ik werk niet meer”, vertelt Riëtte. “Dus mij maakt het niet uit hoe laat het wordt. Ik kan de volgende dag toch wel uitslapen.”

Riëtte is bij Sparta’30 terecht gekomen door haar inmiddels overleden man. “Mijn overleden man woonde zo ongeveer daar. Hij maakte de kleedkamers schoon, maaide het gras, en heeft zelfs geholpen bij de bouw van de kantine. In die tijd heb ik al drie tot vier jaar achter de bar gestaan.”

Inmiddels heeft Riëtte een nieuwe vriend en die vindt het alleen maar prima dat ze haar vrije tijd besteed bij Sparta’30. “Die vindt het alleen maar leuk. Hij zegt ook altijd, ik doe biljarten en jij de bardiensten.”

mandemakers banner

Nu ze alweer vijf jaar terug is achter de bar, is ze een begrip bij de club. Ze kent iedereen wel, alleen de namen onthouden is een dingetje. “Ik ken eigenlijk iedereen wel van gezicht. Alleen ben ik heel slecht in namen. Vraag mij ook niet bij welk team ze horen, want alles staat hier toch door elkaar.”

De leden weten Riëtte te vinden en hebben soms zelfs speciale verzoeken. “Dan vragen ze of de kantine open mag zodat ze kunnen darten of pokeren.”

“Gezellig is het altijd. Er zijn ook altijd wel leuke feestjes. Dan gaat er een microfoon rond en wordt er door een aantal flink gezongen. De laatste tijd is dat wat minder natuurlijk, vanwege de maatregelen. Maar dat maakt het niet minder gezellig in ieder geval.”

Het leukste vindt Riëtte het als de teams voetbal op TV kijken. “Ik heb zelf geen verstand van voetbal. Maar als dan een team scoort, zijn de reacties altijd leuk om te zien. Die euforie of teleurstelling is mooi om te aanschouwen.”

Daarnaast heeft ze op zaterdag een hele fijne collega om mee samen te werken. “We voelen elkaar goed aan en dat maakt het extra prettig om te werken. We maken samen alles mee. Ook heb ik altijd de steun van de jongelui die de kratten dragen. Dat mag ik niet van ze doen. Wel verzorg ik nog altijd de hapjes op donderdag.”

Riëtte vertelt de verhalen in geuren en kleuren. Het typeert een doorsnee clubvrouw. En als het aan haar ligt gaat ze nog wel even door. Ze geniet van alle momenten en is blij dat ze zo onder de mensen is. “Ik ben er altijd als er iets op de club te doen is. Mensen weten mij ook te vinden. Dat is een prettig gegeven. Ik geniet van de dingen bij de club. Ik doe lekker mijn ding.”

Klik hier voor meer informatie over Sparta’30
Klik hier voor meer artikelen over Sparta’30