Home Blog Pagina 672

Sven van Zwam van Internos is niet gekomen om af te bouwen

Hij voetbalde in de jeugd van RBC Roosendaal en NAC Breda, vertrok jaren later naar Dosko en via omzwervingen bij Rood Wit en Halsteren keerde Sven van Zwam afgelopen zomer bij Internos terug op de plek waar het voor hem allemaal begon. En dat doet hij in de vierde klasse zeker niet om af te bouwen. “Ik ben pas 25, binnen drie jaar moeten we twee keer promoveren!”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

De aanvaller met een gouden linkerbeen zag, ondanks zijn nog jonge leeftijd, dus al een hoop van het Brabantse voetbalwereldje. Toch keert hij nu dus alweer terug, hij legt uit waarom. “Zeker bij Halsteren was het echt investeren om basisspeler te worden. Mede door corona heb ik daar de afgelopen twee jaar nauwelijks gespeeld, dat zag ik niet nog een seizoen zitten. Uiteindelijk ben je als klein jongetje op voetbal gegaan om lekker plezier te hebben.”

Mooiste tijd

En waar kun je dat beter vinden, dan de club waar je bent opgegroeid? “Dat maakte het voor mij ook niet echt een moeilijke keuze. Veel vrienden voetballen hier en het plan om terug te komen in die tweede klasse, sprak mij wel aan.” Want nadat Internos de stap van de zondag naar de zaterdag maakte, moest het weer onderaan beginnen. Een verschil met zijn vorige clubs. “Bij Dosko speelde ik in de hoofdklasse en heb ik, ondanks dat we degradeerden, wel een leuk jaar gehad. Rood Wit was mijn mooiste tijd, in de eerste klasse.” Bij Halsteren ging hij in de hoofdklasse vervolgens op zoek naar zijn plafond. “Ik weet zeker dat ik dat niveau aankan, maar uiteindelijk heb ik door omstandigheden weinig kansen gehad. Dat maakt het wel jammer.” Vooral op zijn tijd in Sint Willebrord kijkt hij dus met een grote glimlach terug. “We promoveerden toen bijna naar de hoofdklasse, dat had niemand verwacht.” En ondanks dat hij nooit met tegenzin naar de trainingen ging, heeft hij nu bij Internos het echte plezier weer terug. “Ik wilde niet nog een seizoen hebben waarin het net wel of net niet spelen zou zijn. Na ongeveer anderhalf jaar amper voetballen, had ik het gevoel dat ik dit moest doen.” De uitdaging sprak Van Zwam aan. “Ons sportief omhoog werken. Het niveau op de trainingen is hoger dan in de competitie, dat zie je ook wel aan de uitslagen, maar we gaan niet zomaar kampioen worden.”

imcoda

‘Hallertje’

Sinds zijn vertrek vijf jaar geleden is er het nodige veranderd, zo vertelt hij. “Het is een minder grote club geworden. Ze zijn ook niet voor niks van zondag naar zaterdag gegaan, anders waren de problemen nog groter geweest. Unitas is nu de grootste club van Etten-Leur, aan ons om Internos weer op de kaart te zetten.” En dat de aanvaller, die voorheen ook regelmatig centraal achterin speelde, niet is gekomen om uit te voetballen, dat mag duidelijk zijn. “We zijn verplicht om te promoveren. Het liefste speel ik hier weer gewoon op hoger niveau. Daarom heb ik gezegd: binnen drie jaar moeten we weer in die tweede klasse zitten, gelukkig waren ze dat met mij eens.” De grote uitslagen geven niet altijd evenveel voldoening, maar als spits probeert hij er natuurlijk zoveel mogelijk te maken. “Ik zak veel in, de ’10’ vind ik eigenlijk de leukste positie, dus daar kom ik zo best vaak uit.” Bij Dosko was dat heel anders, weet hij nog. “Die zagen in mij de ideale ‘cv’, maar zelf speel ik liever wat dichter bij de goal.” Inmiddels staat de teller op zes treffers, Van Zwam mikt op de twintig. Al is de inwoner van Etten-Leur vooral blij dat hij weer mag voetballen, want dat was nog maar even de vraag. “Ze hadden mij niet goed aangemeld, daardoor mocht ik de eerste vier officiële wedstrijden niet meedoen. Een ‘Hallertje’…” Hij voelt zich tot slot weer als een vis in het water. “Het is zo heerlijk om weer op het veld te staan, lekker met je vrienden. We zijn allemaal nog best jong, dus als we bij elkaar blijven, kunnen we straks een leuke rol spelen in die tweede klasse!”

Klik hier voor meer informatie over Internos
Lees hier meer artikelen over Internos

Tim van de Dool ‘SVC zit in ons bloed, het is een familiedingetje’

Onverwachte overwinningen, veel doelpunten en een mooie plek in de tussenstand. Voor de 21-jarige Tim van den Dool had het seizoen met SVC niet beter kunnen beginnen. Het kind van de club, zoals hij zichzelf noemt, had deze start om eerlijk te zijn dan ook niet zien aankomen. “Dit had niemand verwacht, maar is wel lekker natuurlijk!”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Een kind van de club is, als je het verhaal kent, eigenlijk heel logisch. “Van kleins af aan zit ik al bij SVC, vanaf dat ik vijf jaar was. Mijn zus en vader hebben hier ook gevoetbald, dus het is een familiedingetje. Het zit in ons bloed.” Al vanaf jonge leeftijd maakte Van den Dool, spits van beroep, kennis met het vlaggenschip van de club. “Op mijn vijftiende trainde ik al mee, toen ik zeventien was zat ik vast in het eerste. Dat was best zwaar, als ik er zo over nadenk.” Dat legt hij graag even uit. “Qua duelkracht is het echt heel anders. In de jeugd maak je even makkelijk een actie, nu niet meer, die omschakeling is wel even wennen. Daar heb ik wel een jaar of twee voor nodig gehad.”

Dromen

Inmiddels heeft hij die knop wel omgezet, getuigen ook de positieve woorden van trainer Joost Hulshof. “Tim is onze aanvalsleider, gaat voorop in de strijd en heeft een neusje voor de goal. Ik verwacht dat hij binnen een niet al te lange tijd zowel op, als buiten het veld, de echte leider van ons team zal zijn.” Zelf twijfelt hij daar nog aan. “Dat weet ik niet hoor. Ik ben de jongste van het team, dan is dat toch lastig.” Aan zijn inzet zal het in ieder geval niet liggen. “Ik ben een hardwerkende en meevoetballende spits. Binnen het veld ben ik vrij rustig en stil, maar daarbuiten ben ik iets meer aanwezig, haha. Dan hebben we het veel over voetbal”, voegt hij snel nog toe. Ondanks de goede start, zet Van den Dool niet al te hoog in wat betreft een eindrangschikking. “Onze doelstelling is eigenlijk gewoon om in die vierde klasse te blijven, alles daarboven is meegenomen. Maar we moeten nu ook niet al te vroeg gaan juichen.” Juichen doet hij overigens zelf regelmatig, na zes wedstrijden staat de teller al op achter treffers. Hoeveel gaat hij er dit seizoen maken? “Aan het begin van het seizoen zei ik dat ik er minimaal vijftien wilde maken, laten we nu twintig zeggen.” Hoewel handhaven dus het voornaamste is, droomt de jongeling af en toe stiekem even weg. “Meedoen voor de eerste periode? Dat zou heel mooi zijn!”

Klik hier voor meer informatie over SVC
Lees hier meer artikelen over SVC

Juup Sonnemans en Estienne Kerstens hebben samen één droom bij VV Hoeven

De één maakte vorig seizoen al de overstap naar het vlaggenschip van Hoeven, de ander deed dat aan het begin van dit seizoen. Toch zien Juup Sonnemans en Estienne Kerstens het allebei als een leerjaar, op weg naar het uiteindelijke doel: basisspeler worden.

Door hun leeftijdsverschil, Kerstens is achttien en Sonnemans twintig, speelden ze een groot deel van hun tijd bij de jeugd niet samen. Toch is de manier waarop ze, op vijfjarige leeftijd, bij de club terechtkwamen, nagenoeg identiek. De jongste van de twee begint. “Mijn vader voetbalde zelf altijd bij DSE, dus het zat al in de familie.” Sonnemans vult aan. “Die van mij zat bij Hoeven, net als veel vrienden. Dus echt een keuze was het niet.” Pas in de B’tjes kwamen de twee elkaar tegen in hetzelfde team. “Toen eindigden we in de middenmoot, in de A1 ging het een stuk slechter. Stonden we laatste, tot de competitie door corona werd onderbroken.” De weg van Kerstens naar het eerste elftal was er een met hobbels. “Ik heb nog in de C3 gespeeld. Als je een slecht jaar had gehad en niet mee mocht doen aan de selectietrainingen, kwam je daar terecht.”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Tempo

Uiteindelijk kwam dat dus goed, nu spelen ze samen bij de senioren. Best even wennen, vertelt Sonnemans. “Het voelt voor mij, omdat vorig seizoen maar kort was, ook als het eerste seizoen. Het gaat sneller, je moet net weer een beetje slimmer zijn. Dit jaar gebruik ik gewoon om daaraan te wennen.” Zijn ploeggenoot knikt instemmend. “Meer fysieke duels, er wordt harder gespeeld. Daardoor ligt het tempo ook wat hoger.” Dat tempo ligt bij Kerstens, als rechtsbuiten, overigens ook niet laag. “Ik gebruik graag mijn snelheid, om daarna een voorzet te kunnen geven. Meer assists dan goals.” Sonnemans moet de doelpunten juist voorkomen. “Het liefste speel ik als verdedigende middenvelder, stevige duels aangaan. Lekker tackles maken.” Over elkaar zijn ze louter positief. “Juup is een technische middenvelder, met een goed inzicht en een steekpass in zijn benen.” Kerstens heeft volgens zijn collega alles wat een buitenspeler nodig heeft. “Snel, goed schot en een individuele actie.” Al blijft die nuchter. “Haha, je moet het nog wel allemaal uitvoeren!”

imcoda

Eén droom

Met Gijs Smulders staat er sinds begin vorig seizoen een nieuw gezicht voor de groep, van beide kanten nog een beetje wennen, vertelt het tweetal. “Zijn trainingen zijn anders, een stukje feller en serieuzer. Dat moet nog een beetje landen.” Maar voor de twee jongelingen biedt zijn komst perspectief, meent Sonnemans. “Hij geeft jonge jongens wel de kans, dus dat is voor ons ideaal natuurlijk.” Die kans hopen ze allebei met beide handen aan te pakken. “Het belangrijkste is wel dat je blijft voetballen, dus dat mag ook in het tweede zijn. Gewoon zoveel mogelijk minuten maken, zodat je in dat ritme blijft”, vertelt Kerstens. Aan de sfeer bij de club zal het in ieder geval niet liggen. “Het is gewoon Hoeven, dat is ons-kent-ons. Altijd veel publiek, feestje in de kantine. Je wordt met open armen ontvangen.” Voorlopig zitten ze dan ook prima op hun plek, samen hebben ze één droom. “Vaste basisspeler worden bij 1 en veel wedstrijden winnen!” Waar ze dat dit seizoen gaat brengen in de derde klasse, vinden ze lastig te zeggen. “Als we ons handhaven, hebben we een mooi seizoen. Alles daarboven is meegenomen, een periode en nacompetitie spelen zou wel heel leuk zijn.”

Klik hier voor meer artikelen over VV Hoeven.
Klik hier voor meer informatie over VV Hoeven.

 

Gijs Mol pakt zijn kans bij RSV

Met een vader, een zus en een broertje die bij RSV voetbalden, was het voor de zeventienjarige Gijs Mol niet echt moeilijk om op zijn vierde een club uit te kiezen. Inmiddels is hij doorgeschoven naar de eerste selectie en dus komt hij iedere week met veel plezier op het fietsje naar sportpark De Molenberg.

Nooit voetbalde de linkspoot in die dertien jaar ergens anders, al had het zomaar gekund, vertelt hij. “Er zijn wel clubs geweest die vroegen of ik daar kwam voetballen, Alliance was heel serieus. Bij Roosendaal mocht ik meetrainen, maar dat heb ik niet gedaan. Ik had het hier te veel naar mijn zin, dit voelt toch als thuis.” Al op jonge leeftijd begon Mol bij RSV, hij moest wel, lacht hij. “Anders had ik thuis een probleem, haha!” Hij memoreert nog maar eens aan die tijd. “Ik ging altijd bij mijn vader en zus kijken, dan vroegen ze natuurlijk: Wil Gijs niet een keertje meedoen?”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Vrolijke prater

Hij deed een keertje mee en met succes. Dit seizoen werd de JO19 doorgeschoven naar de senioren, met een duidelijke reden. “Zodat we twee selectieteams hebben en altijd genoeg spelers.” Tijdens de oefenwedstrijden in de voorbereiding kreeg iedereen zijn kans, Mol pakte die met beide handen aan. “Sindsdien sta ik eigenlijk altijd in de basis. Mede door blessures, dat gun je niemand natuurlijk. Maar dat heeft voor mij wel goed uitgepakt.” De eerstejaars-A had eerlijk gezegd zelf ook niet verwacht dat hij zo makkelijk zou aanhaken. “Ik had het er met vrienden best al vaak over gehad: hoe zou dat gaan? Zou ik het überhaupt wel aankunnen? Dat valt niet tegen!” De praatgrage jongeling maakt het vergelijk met de jeugd. “Voetballend is het voor mijn gevoel niet veel hoger, er zit alleen meer tempo in en het is heel fysiek. Sommige tegenstanders zijn soms twee keer zo oud als ik, die zijn een stuk slimmer. Eventjes vasthouden of een tikje uitdelen, ze proberen die jonge gasten altijd wel te bespelen, heb ik gemerkt.”

Leergierig

Ondanks dat hij dus zelf meer dan tevreden kan zijn over zijn start bij de senioren, geldt dat voor de resultaten van zijn ploeg een stukje minder. RSV kent namelijk een nogal moeizaam begin van het seizoen in de vierde klasse. “Gelukkig pakken we nu wat punten, maar het was niet best.” Hij deelde zelf mee in de malaise, in de wedstrijd tegen METO. “Ik haalde er een gevaarlijke aanval uit, met een ‘Ekkelenkampje’, kijk omhoog en krijg ineens rood van die scheids. Dat was echt onterecht, maar ik heb nog twee wedstrijden schorsing gekregen ook. We zijn in beroep gegaan.” Toch heeft Mol wel een verklaring voor het beperkte aantal punten. “Er stond altijd wel een vaste groep, maar nu hebben we veel nieuwe jongens en natuurlijk een andere trainer. Dat was wel even wennen.” Die andere trainer, Jaimy van Wortel, is enthousiast over zijn pupil. “Gijs heeft veel potentie, een mooi linkerbeen en schuwt de duels niet. Hij ziet het spelletje. Nu moet hij wat slimmer in de duels worden en voetballend stappen maken, maar hij staat zijn mannetje en is heel leergierig.” Andersom is Mol ook te spreken over zijn trainer. “Hij stelt mij op, dus dat is goed, haha! Jaimy steekt er heel veel tijd in en weet altijd alles van de tegenstander. Zijn trainingen zijn goed en nooit hetzelfde.”

imcoda

Slimmer worden

Met het vertrouwen zit het bij de inwoner van Rucphen wel goed. “We moeten ons zeker kunnen handhaven, dat gaat lukken. Het gaat nu steeds beter, dus de punten moeten gaan komen.” Op welke positie hij daarvoor moet gaan zorgen, is nog even de vraag. “Het liefste speel ik als linkshalf, omdat je dan het meest betrokken bent bij het spel. Maar ondertussen heb ik al linksback, op ‘6’ en als centrale verdediger gespeeld.” In de nieuwe 532 formatie zal het aan zijn werklust niet liggen. “Ik werk graag hard, zoek best wel het randje op. Daarnaast probeer ik ook voetballend iets toe te voegen.” Hij weet precies wat er nog beter moet. “Slimmer worden. Net zoals die rode kaart, eigenlijk mag je niet in die situatie komen. En ook af en toe wat meer de rust behouden.” Dan hoopt hij ook volgend seizoen weer ‘gewoon’ vierde klasse te spelen, aan een vertrek denkt hij sowieso nog niet. “Eerst hier maar eens bewijzen. Het is de club waar ik sinds klein kom, het voelt als een tweede thuis, dat ruil je niet zomaar in. Ik ben ook geen Messi of Ronaldo, hé?!”

Klik hier voor meer informatie over JVOZ
Voor meer artikelen van JVOZ klik hier

Mo Amin Chaali wil de mensen laten genieten

Hij speelde in de eredivisie van het zaalvoetbal voor Feyenoord en TPP Rotterdam, woont nog altijd in de havenstad, maar is dit seizoen voor het tweede jaar op rij te bewonderen in het shirt van Kogelvangers. En na een opnieuw afgebroken seizoen, is Mo Amin Chaali klaar om de mensen te laten genieten. “Ik kan leuke dingen met een bal, dat gaan ze hopelijk zien.”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Eerlijk als hij is, moet de 26-jarige balkunstenaar toegeven dat hij voor zijn komst naar Willemstad nog nooit van Kogelvangers had gehoord. Maar toen Brian Roquas, die hij nog kende van Spartaan’20, hem een jaar geleden vroeg er toch eens over na te denken, was hij om. “Dat was twee weken voor de overschrijving. Brian kende ik goed, door hem zit ik hier.” En dat bevalt Amin Chaali, die hiervoor bij Coal speelde, prima. “Het klikte meteen, ik ben fantastisch opgevangen door die jongens.”

Warme club

Ook over het niveau bij de derdeklasser heeft de aanvallende middenvelder weinig klagen. “Dat heeft mij positief verrast. Ik weet natuurlijk hoe Brian graag speelt, aanvallend en attractief, dat past bij mij.” Toch waren zijn eerste stappen in een nieuwe omgeving best spannend, moet hij bekennen. “Ik heb altijd in Rotterdam gespeeld, dus dit is wel uit mijn comfortzone. Het zijn vooral Nederlandse jongens, de humor is een beetje anders, maar kleedkamerhumor snapt iedereen. En voetbal blijft voetbal.” Buiten het veld heeft de Rotterdammer het ook uitstekend naar zijn zin. “Het is meer dan voetbal. Ik had niet verwacht dat het zo’n warme club zou zijn.” Nadat het afgelopen seizoen vroegtijdig werd onderbroken, hoopt hij de mensen bij Kogelvangers dit jaar echt te kunnen laten genieten van zijn spel. “Zo wilde ik de club niet verlaten, dus ik heb ondanks interesse van hoger spelende clubs, besloten om te blijven. Eigenlijk heb ik nog niks laten zien.”

imcoda

Volle bak

Zijn trainer speelde daarbij een belangrijke rol. “Hij geeft mij vertrouwen en vrijheid. Ik moet niet te veel nadenken als ik voetbal, gewoon lekker op gevoel.” Tot twee jaar geleden deed hij dat ook in de zaal, op het hoogste niveau, nu kiest hij bewust voor het veld. “Dat was best pittig om te combineren. De zaal is wat intensiever en iedere fout is een tegengoal. Je merkt dan toch dat je op zaterdag iets minder scherp bent. Nu kan ik elke training en wedstrijd gewoon volle bak gaan.” En dan kunnen de mensen mooie dingen verwachten van de creatieve middenvelder. “Door de zaal heb ik een goede techniek, neem de bal op kunstgras vaak onder mijn voet aan. Als het kan zet ik graag een mannetje vrij voor de goal.” Waar ze dit seizoen gaan eindigen, vindt hij lastig te zeggen. “De tegenstanders ken ik eigenlijk nauwelijks, dus dat is lastig in te schatten. Top vijf en een periodetitel? Ik hoop gewoon betrokken te zijn, met goals en assists.”

Klik hier voor meer informatie over VV Kogelvangers
Lees hier meer artikelen over VV Kogelvangers

Kevin van Andel is eindelijk weer fit bij Klundert

Het had niet veel gescheeld of Kevin van Andel stond dit seizoen helemaal niet meer op een voetbalveld. Want nadat hij vorig seizoen opnieuw geblesseerd raakte en ook corona weer roet in het eten gooide, zakte bij de aanvaller van Klundert wel een beetje de moed in de schoenen. Maar nu is hij terug en klaar om het nog één keer te laten zien.

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Zijn terugkeer bij de club waar hij op zijn tiende begon, had Van Andel zich ongetwijfeld anders voorgesteld. Een snelle blessure deed hem twijfelen. “Het begin was drama, daardoor was de motivatie om door te gaan ook wel een beetje weg.” Heel gek was dat overigens niet, want eigenlijk dacht de 29-jarige doelpuntenmaker al eerder aan stoppen. “Na die twee seizoenen bij MOC’17, vond ik het wel mooi geweest. Maar vrienden vroegen of ik terugkwam naar Klundert, toen heb ik het maar gedaan.”

Rechtsback

De inwoner van Roosendaal verruilde Klundert, een jaar of vijf geleden, voor RBC. Daar had hij het drie seizoenen op zich prima naar zijn zin. “Ik won de Zilveren Schoen en spelen in een stadion was mooi. Toch miste ik daar de gezelligheid, die derde helft vind ik ook heel belangrijk.” Vervolgens kwam hij bij MOC terecht. “Daar had je die sfeer wel, maar als buitenstaander merkte je wel dat het een andere cultuur is.” Niet alleen de cultuur was anders, ook zijn positie in het veld. “Als aanvaller was ik het plezier kwijt, altijd maar die trappen tegen je poten. Laatste man vond ik altijd leuk, dus kwam ik in de verdediging.” Door zijn ‘drive’ naar voren, werd Van Andel rechtsback, een soort Denzel Dumfries, lacht hij. “Dat beviel goed eigenlijk. Als buitenspeler wist ik natuurlijk wat het was, daar kon ik voor mezelf veel uithalen. Aanvallers vonden het denk ik niet leuk tegen mij.” Inmiddels is hij weer terug op zijn vertrouwde plek voorin. “Ik had tegen de trainer gezegd dat ik het liefste achterin wilde spelen, maar hij wil mijn snelheid in de aanval gebruiken, dat snap ik ook wel weer.” Dat Van Andel die snelheid weer kan gebruiken, klinkt logischer dan het in werkelijkheid is. “WHS, 3 oktober vorig jaar, was mijn laatste wedstrijd. Daarna heb ik niet meer gevoetbald. Ik had een zware verrekking in mijn bovenbeen en dat kwam steeds weer terug. Toen de competitie werd gestopt, had ik weinig motivatie meer om terug te komen. Het was wachten op een nieuw seizoen.”

imcoda

Mentaal zwaar

Dat kwam er en dus ging hij hard aan de slag. “Met fysio’s ben ik bezig geweest om weer fit te worden, de laatste weken gaat dat goed.” Mentaal was het zwaar. “Je vraagt je bijna iedere week af: heeft het nog wel zin? Als je iedere keer weer opnieuw moet beginnen. Als ik nu weer last krijg, is het wel einde verhaal.” Vanaf dag één in de voorbereiding was Van Andel erbij, in zijn achterhoofd klinkt nog altijd dat stemmetje. “Bij elk pijntje, ben je bang dat het weer die blessure is. Je bent er continu mee bezig. Wanneer gebeurt er wat?” De koude winterdagen zijn voor een explosieve speler als hij extra gevaarlijk, toch geniet hij van zijn terugkeer. “Er heerst een bepaalde sfeer bij Klundert en je kent iedereen. Ik sta nu met ‘jonge gappies’ op het veld, die ik vroeger nog training heb gegeven.” Top vijf is de doelstelling, maar een promotie ziet hij niet gebeuren. “We hebben echt nog een jonge groep, dan leg je het soms af tegen dat ‘beukvoetbal’. Als iedereen fit blijft, moet dat wel lukken.” Van Andel maakte zelf de eerste klasse nog mee bij Klundert. “Dan zag je de envelopjes bij tegenstanders gewoon over de tafel vliegen, wij zijn een dorpsclub, zonder dat geld.” Hij hoopt zelf vooral fit te blijven, lekker te voetballen en het team te helpen. Is dit dan zijn laatste seizoen? “Misschien plak ik er nog wel een jaartje aan vast, als ik in een flow zit. Als ik weer geblesseerd raak, is het: hier heb je mijn schoenen, zoek het maar uit!”

Klik hier voor meer informatie over VV Klundert.
Lees hier meer artikelen over VV Klundert.

Jan Bos is weer thuis bij Unitas’30

Na vier jaar in de jeugdopleiding van Willem II en een avontuur in België, keerde Jan Bos aan het begin van dit seizoen weer terug op het oude nest. De negentienjarige aanvaller moest de eerste training weer even wennen, maar inmiddels voelt Unitas’30 weer helemaal als thuiskomen. “Alsof ik nooit weg ben geweest.”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Op veertienjarige leeftijd ging Bos zijn grote droom achterna, zoals die voor elke jonge voetballer geldt: profvoetballer worden. In Tilburg had de vlugge aanvaller het goed naar zijn zin, maar de laatste seizoenen werd hij geteisterd door blessures. “Ik heb een blessure gehad aan mijn meniscus en ik heb twee keer heel lang last gehad van enkelblessures. Van de laatste twee jaar, ben ik denk ik maar de helft fit geweest.” En omdat die problemen steeds weer terugkwamen, besloot hij de overstap naar Hoogstraten te wagen. “Dat was vlakbij, het niveau sprak mij aan en het voelde goed. Uiteindelijk, mede door corona, is dat geen succes geworden. Toen wist ik dat ik terug wilde.”

Eén doel

Een keuze vanuit zijn hart, legt hij uit. “Uiteindelijk wil je gewoon voetballen, daar doe je het voor. Dat lukte in België niet en de combinatie met mijn studie was ook lastig, hier voel ik mij het prettigste.” Maar ondanks dat hij zijn jongensdroom bij Willem II geen werkelijkheid zag worden, heeft Bos genoten van zijn periode in Tilburg. “Daar heb ik absoluut geen spijt van. Het is een heel andere wereld, de volle focus op één doel. Iedereen daar wil zo ver mogelijk komen, daar doen ze alles voor. Dat is een heel andere mentaliteit, je bent er iedere dag mee bezig.” Zijn vertrek kwam, ondanks dat hij het aan zag komen, toch als een teleurstelling. “Het is heel jammer, omdat ik het wel heel goed naar mijn zin had. Maar ik had wel door dat ik geen profvoetballer ging worden, vooral omdat ik die belasting gewoon niet aan kon. Vijf keer in de week trainen en een wedstrijd, was te veel voor mijn knie.” Toch heeft hij de hoop nog niet helemaal opgegeven. “Misschien is er in de toekomst wel weer meer mogelijk? Ik train nu de spieren rondom mijn knie, zodat die de boel op kunnen vangen.”

Familie

Na vier seizoenen in de profwereld en eentje in België, speelt Bos nu dus weer amateurvoetbal in Brabant. Best even wennen, moet hij toegeven. “Sowieso de overstap van het jeugdvoetbal naar de senioren, dat is veel meer fysiek. Daarnaast is de beleving natuurlijk ook heel anders. Bij een profclub is iedereen heel individualistisch ingesteld, iedereen zit daar puur voor zichzelf. Nu doe je het veel meer als team, je doet het echt samen. Je wilt het ook gewoon leuk hebben met elkaar.” Bij dat leuk hebben, hoort zo nu en dan ook een biertje. Daar doet Bos maar al te graag aan mee. “Ik vind dat ‘krat bier’ juist leuk, dat hoort er ook gewoon bij. Dat heb ik bij Willem II niet gemist, omdat je er dan niet mee bezig bent.” Begonnen als jeugdspeler, nu terug als speler van het eerste elftal. Weer onderdeel van de familie die Unitas’30 heet. “Dat is iedereen wel een beetje van elkaar, je kent ze allemaal. Maar daarnaast is het ook gewoon een serieuze club, met ambities.” Dat bevalt hem prima. “De manier van voetballen past bij mij, gewoon initiatief nemen.” Ondanks dat het voelt als thuiskomen, was de eerste training toch een beetje gek. “Het was natuurlijk lang geleden dat ik hier echt was geweest, maar al snel voelde het weer heel normaal.” Dat geldt overigens niet alleen voor hem, voegt hij toe. “Mijn zus speelt hier nu ook weer, dus wat dat betreft is de familie echt weer compleet.”

imcoda

Op kracht

Voor volgers van Unitas zal Bos ongetwijfeld een bekend gezicht zijn, voor de mensen die hem iets minder kennen, geeft hij een introductie. “Ik ben een aanvaller, wel echt een doelpuntenmaker. Het liefste wil ik in die ’16’ zijn, zodat ik daar gevaarlijk kan zijn. Maar ik heb ook wel diepgang en ben niet vies om hard te werken.” Het aantal doelpunten waar hij dit seizoen op mikt durft hij nog niet te noemen, dat is vooral afhankelijk van zijn positie, zo denkt hij. “In de voorbereiding heb ik vooral als rechtsbuiten gespeeld, dan scoor je natuurlijk minder dan als spits. Heel de jeugd heb ik centraal gestaan, dus dat is wel mijn favoriete positie. Daarnaast moet ik natuurlijk ook wel in de basis staan, om te kunnen scoren.” Als hij straks het net weer weet te vinden op sportpark De Lage Banken, moeten de hoge ambities in de eerste klasse worden waargemaakt. “We willen graag een periode pakken, maar vooral het maximale eruit halen. Dan kunnen we mooie dingen laten zien.” Dat zal voor hem anders worden dan tussen leeftijdsgenoten in het jeugdvoetbal. “Jeugd en senioren zijn bijna niet met elkaar te vergelijken. De jeugd was veel sneller en technischer, vooral het baltempo lag hoger. In de senioren is het een stuk harder, dat merk je in de duels. Alles gaat op kracht. Er wordt sneller gelopen, harder geschoten.”

Glimlach

Ondanks dat zijn profdroom voorlopig uiteengespat is, heeft Bos zich er nog lang niet bij neergelegd. “Ik wil nog steeds zo ver mogelijk komen en zoveel mogelijk scoren. Hier te beginnen, het liefste groei ik door met Unitas.” Het profbestaan heeft hij voorlopig eventjes ergens achterin zijn hoofd weggestopt. “Dat is fysiek nu lastig, maar je weet nooit hoe het loopt. Vooral die knie moet dan beter worden.” Want dat is voorlopig het grootste euvel. “Daar blijf je mee lopen. Het gaat nog wel, denk je dan. Maar je legt je er ook bij neer, dat het voorlopig nog wel zo zou blijven.” Toch staat hij weer met een grote glimlach op het veld. “Als ik gewoon kan voetballen, ben ik blij. Daarvoor ben ik teruggekomen.” En dat blijft hij voorlopig gewoon lekker doen bij de club waar het jaren geleden allemaal begon. “Op het fietsje, je bent er zo!”

Klik hier voor meer artikelen over Unitas’30.
Klik hier voor meer informatie over Unitas’30.

Peter Sweres ziet potentie in DSE

Na een jaar zonder club stond Peter Sweres te trappelen om weer ergens aan de slag te gaan. De 57-jarige hoofdtrainer was al bijna rond met een andere club, tot DSE aan de telefoon hing. Vanaf dat moment ging het balletje snel rollen en had hij uiteindelijk maar weinig tijd nodig om de knoop door te hakken. “Mijn gevoel zei dat ik hiervoor moest kiezen.”

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Want dat gevoel was eigenlijk vanaf het eerste moment meteen goed, vertelt de inwoner van Etten-Leur. “De selectie heeft de potentie om op een hoger niveau te spelen, daar wil ik als trainer deel van uitmaken. Daarnaast is het gewoon een heel gezellige vereniging.” En Sweres kan het weten. “Het is voor mij vlakbij, dus ik ken de spelers en club vrij goed. Afgelopen seizoen heb ik ze een paar keer zien spelen, dat gaf ook een positief beeld.”

Geen onbekende

En dus staat de oud-trainer van onder meer Unitas’30, Dosko en Roosendaal na één jaar langs de zijlijn, dit seizoen weer gewoon op het veld. “Ik heb wel gesprekken gehad, maar uiteindelijk zat de juiste club daar niet tussen. Dan maar een jaartje niks.” Toch was dat best even wennen, memoreert hij. “Normaal ga je op vakantie alvast het nieuwe seizoen voorbereiden, nu viel er niks voor te bereiden. Dat was wel vreemd.” Door corona pakte die keuze achteraf niet verkeerd uit. “Het heeft zo moeten zijn. Anders had je toch nog trainingen in elkaar moeten flansen om bezig te blijven, nu was dat niet nodig. Ik ben weer helemaal fris.” Sweres geniet er dan ook weer van om samen met zijn ploeg aan de slag te zijn. “Het is een gretige en leergierige groep, met genoeg voetballend vermogen. Samen willen we die stap naar de top van de derde klasse zetten.” Maar ook de club zelf bevalt hem prima. “Er heerst een groot saamhorigheidsgevoel binnen de vereniging, heel gemoedelijk.” Iets dat hij al wist, voordat hij er aan het begin van dit seizoen begon met werken. “In het verleden heb ik hier mijn dochter getraind, dus ik kende al heel wat mensen. Daarnaast heb ik jarenlang bij Unitas gezeten, dan leer je DSE ook wel kennen. Ik was geen onbekende toen ik binnenkwam.”

imcoda

Leveren

Hij kent de Brabantse voetbalwereld dan ook goed. “Roosendaal is op het gebied van jeugdvoetbal een stukje verder dan DSE. Ze zijn hier echt aan de weg aan het timmeren, dat zie je ook aan de jonge jongens binnen de selectie.” Het belangrijkste is dat zijn spelers geloven in dat ene doel, want die is vrij duidelijk. “We willen promoveren, het liefste in één jaar. Deze jongens hebben geen volledig seizoen in de derde klasse gespeeld, dus die ervaring hebben ze nog niet.” Aan hem de taak ze klaar te stomen voor een hoger niveau. “De grootste uitdaging zit hem in het feit dat we er ieder weekend moeten staan. Het zit in ze, maar nu moeten ze iedere week leveren. Die jeugdigheid moet eruit, zodat het standvastiger wordt.” De start van het seizoen is goed, toch ziet Sweres voldoende ruimte voor verbetering. “We moeten beter worden in het bespelen van de ruimtes, zodat je uiteindelijk tot het uitspelen van kansen kunt komen. Alleen de bal hebben is niet genoeg.” Zou hij ook tevreden zijn als ze niet promoveren? “Als we er dan alles uit hebben gehaald of veel geleerd hebben, is dat niet erg. Het liefste maken we dit jaar die stap, maar anders volgend jaar.” Dan hoopt hij er zelf in ieder geval ook weer bij te zijn. “Dat is wel het streven. Ik werk altijd vrij lang bij een club, zodat je echt iets op kunt bouwen, dat wil ik hier ook doen!”

klik hier voor meer artikelen over VV DSE.
Klik hier voor meer informatie over VV DSE.

Daan Baas is de ‘Frenkie’ van Victoria

Toen ze hem vroegen mee te trainen met het eerste, had hij maar weinig bedenktijd nodig. Maar dat Daan Baas nu al een onbetwiste basisspeler zou zijn bij derdeklasser Victoria’03, had de zeventienjarige middenvelder na zijn terugkeer van RBC Roosendaal zelf ook niet verwacht.

Bouwbedrijf-Jos-Vrolijk

Drie seizoenen lang, vanaf zijn veertiende, speelde Baas in de jeugdopleiding van RBC. Het eerste was top, daarna werd het eigenlijk alleen maar minder, vertelt hij. “Ik kon het niet zo goed vinden met de trainer, dat wilde ik niet nog een jaar. In mijn eerste seizoen heb ik veel geleerd, daarna werden de trainers steeds minder goed.” Toch was het een leerzame periode, erkent de jongeling. “Daar heb ik wel het spelletje ‘voetbal’ geleerd. Echt goed leren voetballen.” Maar het plezier was weg, de pijp leeg. “Eigenlijk ging ik terug naar Victoria om met mijn vrienden te gaan voetballen, in een vriendenteam. Toen vroeg Danny (Mathijssen), trainer van het eerste, mij.”

Klein jongetje

Hij deed voordat het seizoen echt begon al een training mee, dat ging nog niet helemaal van harte. “Voor mijn gevoel kwam ik toen nog wel tekort, dat was echt anders dan jeugdvoetbal. Maar heel lang had ik niet nodig om na te denken, ik houd van echt voetbal, dat zie je toch meer bij een eerste elftal.” Want, zo moet Baas toegeven, voor het eerst bij de senioren was toch best spannend. “Al die mannen, zo fysiek. Ik moet het van het voetballen hebben. Daar moet ik ook meer mee bezig zijn, gewoon mijn ding doen, gewoon voetballen! Niet bezig zijn met hoe fysiek ze zijn.” En dat lukt best aardig, want zoals gezegd heeft de middenvelder direct een plekje veroverd op het middenveld, tot zijn eigen verbazing. “Uit het niets stond ik in de basis, dat had ik niet verwacht, maar voelde heel goed.” Wat iets minder goed voelt, zijn de schoppen die hij regelmatig te verduren krijgt, vertelt hij. “Als ik de bal te lang aan mijn voet houd, krijg ik een flinke trap. Dan weet ik meteen weer: dat moet ik niet doen, zo snel mogelijk doorspelen.” Gelukkig voor Baas kende hij al een aantal teamgenoten vanuit het dorp, hij weet nog goed hoe hij zelf als klein jongetje langs de lijn stond te kijken bij het eerste. “Dan hoopte je hier uiteindelijk ooit zelf ook te staan, ik ben best blij dat het nu echt zo is.”

imcoda

Bescheiden

En dus heeft ‘Frenkie’, zoals ze hem binnen de club gekscherend weleens noemen, het uitstekend naar zijn zin. “Als dat gezegd wordt, zie ik dat maar als compliment! Ik ben voor Ajax, dus het mag. Misschien speel ik wel een beetje als hem, ook op ‘6’. Ik kom graag de bal halen, zodat ik kan opbouwen en het spel kan verdelen.” Enthousiast als hij is, denkt Baas dit seizoen hoge ogen te kunnen gooien met zijn Victoria. “We willen allemaal promoveren, maar ik hoop echt dat we kampioen kunnen worden.” Ook zijn eigen lat legt hij graag hoger. “Het zou heel mooi zijn om bijvoorbeeld in de hoofdklasse te spelen, maar dat is nu nog wel te gek hoor. Nu ben ik gewoon nog lekker hier bezig.” Toch houdt hij het allemaal goed in de gaten. “Bij Baronie en Halsteren lopen echt allemaal heel goede voetballers, zo ver ben ik nog niet.” Het tekent de bescheidenheid van Baas. “Je moet nooit naast je schoenen gaan lopen, daar houd ik niet van.” Want hoe goed het nu ook gaat, er is altijd ruimte voor verbetering. “Fysiek moet ik natuurlijk beter worden, maar ook verdedigend en in de omschakeling. Eigenlijk zonder bal dus, haha. Voetballend zit het wel goed, aan de bal blijf ik gewoon lekker mijn ding doen!”

Klik hier voor meer informatie over Victoria ’03
Lees hier meer artikelen over Victoria ’03

In gesprek met Colinda van den Maagdenberg van Excellent Parket

Excellent Parket is een speciaalzaak in parket en houten vloeren. Dat zijn niet de enige vloeren die je kan vinden bij Excellent Parket. Excellent Parket legt namelijk ook PVC- en laminaatvloeren, om een totaalaanbod te kunnen bieden aan de klant.

Maar naast het leggen van vloeren zijn ze in de weekenden ook regelmatig te vinden bij de plaatselijke voetbalclub ‘’Wij zijn gevestigd in Bavel. Wij vinden het leuk om een locale club te steunen via sponsoring, vooral als het om VV Bavel gaat, de voetbalclub van onze zoon.” Het begon bij een sponsorbord, in de loop der tijd is deze sponsoring uitgebreid naar het sponsoren van tenues en trainingspakken.’’

Het echtpaar Ruud en Colinda is een sterk team. Colinda verzorgt alles in de showroom. Ruud regelt alles daarbuiten. Dan moet je denken aan het inmeten van de vloeren, vloerinspecties, het leggen van de vloeren en ook voor huisadviezen kan je ons bellen. ‘’Het is 100 procent de moeite waard om gewoon eens een keer bij ons in de showroom binnen te lopen als je je aan het oriënteren bent voor een nieuwe vloer. Op onze website kan je ook niks bestellen, want wij leveren echt maatwerk. Je moet het materiaal gewoon voelen en zien bij ons.”

Wij vroegen naar een unique selling point van Excellent Parket. ‘’Dat is dat we alles in eigen beheer doen. Dus zelf advies geven, zelf meten en zelf de vloeren bij de klant leggen, zodat de klant maar één aanspreekpunt heeft. Anderzijds leveren wij gewoon echt kwaliteit aan de klant. Wij willen dat het verhaal van A tot Z klopt. We hebben namelijk onze naam hoog te houden. Dat kan je alleen doen als je het ook echt waarmaakt naar de klant. Wij zijn pas tevreden als de klant dat ook is.’’

Dat je bij Ruud en Colinda goed zit blijkt uit verschillende dingen. Een voorbeeld hiervan is het advies dat je van Colinda in de showroom krijgt. “Het is belangrijk dat je op je gemak geadviseerd kan worden over de mogelijkheden. Hierbij moet je denken aan het type ondervloer. Ligt er vloerverwarming ja of nee? Je moet gewoon op alle scenario’s bedacht zijn.”

Het slotwoord is aan Colinda: Als je Excellent Parket in één zin zou moeten omschrijven, hoe zou die zin luiden? “Voor een goed advies, goede kwaliteit en goed vakmanschap moet je bij Excellent Parket zijn.”

Voor meer informatie over Excellent Parket, klik hier.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.