Home Blog Pagina 642

Roy Brinkman laat SVS in z’n kracht

De samenwerking tussen SVS en trainer Roy Brinkman werpt dit seizoen zijn vruchten af. Halverwege de competitie staan de Capellenaren in de tweede klasse D in de subtop, met uitzicht op meer. “We doen waar we goed in zijn.”

_NEW_Fysiotherapie Rozenburcht_250097

Brinkman is met zijn 32 jaar nog een broekie in trainersland, zeker als men bedenkt dat de in Rotterdam-Ommoord woonachtige trainer bij SVS pas voor het eerst op eigen benen staat. “Ik ben blij dat SVS mij deze kans gegeven heeft”, zegt de manager in de beveiligings- en bewakingsdienst.  “Ze hadden net zo goed kunnen kiezen voor een ervaren hoofdtrainer. Het zegt wel iets over de visie van de club dat ze juist mij een kans hebben gegeven. Samen kunnen we werken aan de verdere ontwikkeling.”

SVS speelde jarenlang een bescheiden rol in de regio. Pas onder Wout Ooms kwam SVS tot wasdom en wist knap promotie naar de tweede klasse te bewerkstelligen. Ooms, die in de zomer van 2020 overstapte naar DCV in Krimpen aan den IJssel, stond maar liefst zeven seizoenen aan het roer, hem opvolgen was op voorhand niet de meest eenvoudige taak.

Dominos_voorjaar2021

Brinkman liep echter niet voor die uitdaging weg. “Ik ben al veertien jaar trainer en in die periode heb ik de nodige ervaring opgedaan. Bij Capelle heb ik in de jeugd training gegeven, als assistent-trainer bij het eerste elftal betrokken in de periode dat Theo de Boon en Ton van Bremen hoofdtrainer waren, en ben ik twee seizoenen verantwoordelijk geweest voor het tweede elftal, waarmee we in het tweede seizoen kampioen werden in de reserve eerste klasse, Daarnaast heb ik de C1 van FC Dordrecht getraind. Dat deed ik vier keer in de week. En voordat ik naar SVS kwam, heb ik een seizoen de JO19 van Excelsior Maassluis, dat in de tweede divisie uitkwam, onder mijn hoede gehad. Daarmee heb ik bagage opgebouwd waarmee ik van mezelf vond dat ik klaar was om hoofdtrainer te worden.”

Dat SVS zijn eerste club als hoofdcoach werd, was niet geheel toevallig. “Ik ken de club goed, omdat ik oorspronkelijk uit Capelle kom. Twee spelers speelden er die ik kende van mijn Capelle-tijd. Daarnaast leek het mij een club die zich graag wil ontwikkelen.”

Dan doelt Brinkman vooral op de randvoorwaarden. “We zijn in januari voor de eerste keer in de geschiedenis op trainingskamp geweest naar het buitenland. Naar Spanje. Voor veel andere verenigingen wellicht de normaalste zaak van de wereld, maar voor SVS niet. Daarnaast hebben we de staf rondom het eerste elftal uitgebreid, op technisch en medisch vlak, maar ook in de begeleiding met drie assistent-grensrechters.”

SVS heeft met Brinkman een trainer binnengehaald die goed kijkt naar de kwaliteit in zijn selectie. “Het gros van de spelers speelt al jaren samen. Wie ben ik om de speelwijze, die al jaren met succes wordt gehanteerd, overhoop te gooien. Natuurlijk hoopt iedere trainer er meer voetbal in te krijgen, maar dat kan ook door middel van het leggen van bepaalde accenten.”

Hij stelt dat SVS in zijn beginperiode zoekende is geweest. “Opbouwen is niet ons sterkste kant. Onze verdedigers willen snel de voorwaartsen bereiken en die in een kansrijke positie brengen. Heel wat tegenstanders hebben het daar lastig mee.”

Zijn eerste seizoen in Capelse dienst viel door corona grotendeels in het water. Verder dan vier competitiewedstrijd kwam Brinkman in zijn eerste volledige jaar niet. “We hebben het hele pakket meegemaakt. Van in groepjes trainen tot compleet. Het voordeel van vorig seizoen is dat ik de spelers goed heb leren kennen en zij mij. Ik denk dat we daarvan zeker het profijt trekken.”

Klik op SVS voor het laatste artikel van de club.

De dames zondag 1 van Blauw Wit’81

Met een team van 13 moeten de dames zondag 1 van Blauw-Wit’81 het doen. Een kleine groep die toch alweer jaren met elkaar voetbalt. In een oproep laten ze weten dat er ruimte is voor nieuwe rekruten om aan te sluiten in het gezelligste vrouwenteam van Brabant. 

De dames zijn competitief ingesteld. Zowel op als van het veld zetten zij zich honderdprocent in om met elke competitie te winnen, tenminste, als de derde helft een competitie zou kunnen. “Ons team is uniek, sterker nog, dat wordt bevestigd op Omroep Brabant! Wij beschikken over de beste materiaalman van Brabant. Al meer dan vijftien jaar trouw aan één team, waarvan de harde kern ook al meer dan vijftien jaar samen voetbalt”, vertelt Sanne Berende. De tweeëntwintiger is ook wel de woordvoerster van het team te noemen. Zonder pardon had ze een hele waslijst van interessante weetjes met betrekking tot het team.

Dominos_voorjaar2021

Hoogtepunten

Voor de dames is het ultieme hoogtepunt nog altijd de derde helft. Ieder weekend is er dan weer een reden om het goed te vieren en er een leuk feestje van te maken. Ook was de aanwinst van de nieuwe trainer een genoemd hoogtepunt, maar ze traden niet al te ver in detail. Toch is er ieder jaar één moment waar de dames echt naar uit kijken. In het kader van teamspirit organiseren ze ieder seizoen een weekendje weg. Gelukkig zijn er voldoende momenten voor de dames om deze hoogstandjes te vermenigvuldigen. “Het feestweekend van Moers Pinksterweekend is toch altijd wel een mooi moment om nieuwe sappige verhalen te maken. Met Hemelvaart participeren we altijd in het gezelligste toernooi van Brabant en uiteraard helpen de gouden feestjes bij de club die menigmaal in het seizoen plaatsvinden.”

StreetCars_voorjaar2021 (1)

Zoektocht

De dames houden wel van een gezellige ambiance, maar daar hoort een kleine prestatie bij. Ze omschrijven het team eigenlijk in één zin: “Een schepje sportief, een schepje fanatiek met een vleugje gezelligheid.” Het recept voor een gezellige boel. Presteren kan je leren, dat geldt voor de eerste, tweede en derde helft. De gezelligheid doet lijken alsof het goed is zoals het is, toch is er nog ruimte: “Hoe meer zielen hoe meer vreugd. ” Er is ruimte zat voor fun, daar draait het eigenlijk ook om. Door het tekort aan dames kunnen ze goed een nieuwe aanwas gebruiken. Niet alleen voor het presteren op het veld; “Ze zijn ook van harte welkom bij de derde helft.”

Laatste weetjes

“Wist je dat we het leukste team van Brabant zijn! We zoeken nieuwe collega’s voor de derde, met voorwaarde dat je de eerste en tweede helft ook meedoet, natuurlijk ben je welkom als je niet van de derde helft houdt, iedereen is welkom vanaf vijftien jaar tot aan de rollatorclub. Je zou wel kunnen zeggen dat we de ultieme vriendinnengroep zijn”, sluiten ze af.

Ben jij nou opzoek naar een nieuwe sport, een leuk team en/of een leuke dagbesteding? Dan ben je van harte welkom om aan te sluiten bij de dames van Blauw Wit’81. Sterker nog, er is een mogelijkheid je aan te melden voor een proeftraining!

Klik de link voor een recent artikel over Blauw-Wit’81

Jens Dees doet bij Spui stapje terug voor meer speelminuten

Voor veel jonge spelers is het bereiken van een eerste selectie iets wat ze tot doel hebben als voetballer. Jens Dees (18) was selectielid bij v.v. Spui, maar deed zelf een stap terug naar het tweede, omdat hij in zijn ogen te weinig aan spelen toekwam. ‘Voor mijn ontwikkeling moet ik op mijn leeftijd zoveel mogelijk spelen. En als dat voorlopig niet bij het eerste kan, dan maar bij het tweede.’

In de voorbereiding van dit seizoen was de jonge middenvelder elke training aanwezig en kreeg zijn kansen en speelminuten tijdens wedstrijden. Toch vond hij zichzelf ook vaak terug langs de zijlijn, te vaak in zijn ogen. “Ik vind het vooral leuk om te voetballen, daar train ik ook doordeweeks voor. En niet om dan op zaterdag slechts vijf of tien minuten in te vallen. Ons tweede elftal heeft ook een leuke spelersgroep en kan spelers goed gebruiken. Dus heb ik aangegeven dat ik liever daar ging voetballen. Dat mocht gelukkig ook en sindsdien train ik ook mee bij het tweede.”

Bij de ploeg van trainer Martijn van Lent speelt Dees op ‘tien’ en probeert hij belangrijk te zijn voor het elftal. “Bij het tweede krijg ik ook de kans om te spelen op mijn eigen positie en dat voelt toch net even fijner. Daar kan ik mijn ei kwijt en kom ik het beste tot mijn recht. Bij het eerste elftal had ik spelers voor me met meer ervaring en die ook op dit moment beter zijn. Zo eerlijk moet ik ook zijn. Dus kwam ik altijd op voor mij onwennige posities in de ploeg. Dat voelde minder en kon ik niet laten zien wat ik zou willen. Als je dat gevoel hebt dan kan je wel bij de groep blijven, maar voelt dat niet optimaal. En dan moet je ook keuzes durven maken. Dat heb ik gedaan en nu speel ik met heel veel plezier in het tweede.”

Dees woont nog op het dorp en heeft er ook altijd gevoetbald en zal dat blijven doen. “Ik heb van vrienden uit Terneuzen wel eens de vraag gekregen om bijvoorbeeld bij Terneuzense Boys te komen spelen, maar dat wil ik niet. Zolang ik met plezier hier op het dorp naar de club ga, dan zal ik hier blijven spelen. Op termijn hoop ik wel weer de kans te krijgen bij het eerste elftal, maar voorlopig geniet ik ervan om wekelijks wedstrijden bij het tweede team te spelen. Ik heb de overtuiging dat mijn kans bij het eerste wel weer komt, als er spelers gestopt zijn en wanneer ik meer ervaring heb bij het voetballen in het seniorenvoetbal. Want ik moet natuurlijk alles nog leren en ervaren. Want bij de senioren gaat het sneller en is het ook fysiek aanpoten. Maar dat vind ik juist de uitdaging die ik aanga.”

Doelen heeft hij op dit moment niet echt, al zegt hij stiekem wel eens te hopen op een kampioenschap als speler. “Dat is iets wat me geweldig lijkt om mee te maken. Een promotie of een kampioenschap. Of dat ooit gaat gebeuren dat weet ik niet, maar gaaf zou ik het wel vinden. Zoals ik het ook ooit wel weer wil proberen om op mijn eigen positie een basisspeler te worden bij het eerste team. Wanneer dat gaat zijn weet ik niet en ben ik nu niet mee bezig. Ik geniet vooral van het spelletje en voorlopig is het prima zo.”

Klik op Spui voor meer artikelen van de club.

In gesprek met Kalle Wierckx van SV Dosko

Kalle Wierckx is zijn gehele leven al actief bij SV Dosko. Op zesjarige leeftijd is Wierckx begonnen met voetballen. Desondanks zijn 42-jarige leeftijd kan je Kalle nog steeds vinden op de velden van SV Dosko.

dakraam_251134

Wierckx is niet alleen voetballer van het zesde van Dosko. Hij doet daarbuiten nog veel meer bij zijn vereniging. “Momenteel ben ik trainer en begeleider van de Dosko JO 11-1. Hierin speelt mijn jongste zoon Sem, hij is keeper. Het is geweldig om die kleine mannen wat bij te brengen en samen plezier te beleven op het veld. In het verleden ben ik begeleider geweest van de mini’s, leider en vlagger van Dosko JO17-1, heb ik in de sponsorcommissie gezeten, begeleider op zaterdag thuiswedstrijden en nu ben ik al enige tijd lid van het jeugdbestuur”, aldus Kalle.

Een voetbalvereniging is vaak meer dan alleen de club zelf. Het is een groot gedeelte van je sociale leven en vaak ook een tweede thuis. Dit is voor Kalle Wierckx niet anders. “Ze zeggen wel eens, een Doskoaan heeft een roodgeel hart, dat heb ik denk ik wel. Ik kom hier van jongs af aan, ken de hele club en het is altijd fijn om er te zijn. Dosko is een groot deel van mijn leven, het is geweldig om er te zijn, te trainen en een kop koffie te drinken en de derde helft een lekker biertje. De club heeft zoveel mensen, die er al zolang zitten. Supporters, sponsoren, leden, trainers, leiders, kantinemedewerkers, dat verdient echt een enorm compliment.”

Zoals u misschien merkt is Wierckx een trots lid van zijn verenging SV Dosko. De 42-jarige vrijwilliger, speler gaat er nog wat dieper op in wat deze club nou zo bijzonder maakt: “De gezelligheid, de sfeer, de supporters, het kader, de mentaliteit, de vrijwilligers, de kantine, te veel om op te noemen. Dosko is en zal altijd een zeer bijzondere club blijven. Daarnaast is onze club bijzonder om de prestaties die we met de jeugd leveren. Voor een relatief kleine club spelen de jongste elftallen allemaal hoofklasse en staan er regelmatig scouts van Feyenoord en PSV langs de kant. Iedereen kent elkaar en we doen het samen, met zijn allen, mooi om mee te maken.”, aldus Wierckx.

Op de vraag waar Kalle zich hard maakt voor Dosko, is het antwoord meer dan duidelijk. “Omdat Dosko voelt als thuiskomen, is dit niet zo moeilijk te beantwoorden. Deze club verdient vrijwilligers, ik voel mij geroepen hieraan bij te dragen. Ik ben trots op de club en wil dat graag uitstralen! Het zou mooi zijn dat Dosko weer gaat groeien, oude leden weer terug gaan komen met hun kinderen en zo weer onderdeel uitmaken van de Dosko familie”

Klik op SV Dosko voor het laatste artikel van de club.

Onderhoudsploeg goud waard voor SV Oostburg

Vrijwilligers zijn voor veel organisaties en verenigingen van onschatbare waarde. Bij SV Oostburg zijn ze zichzelf daar terdege van bewust. Neem bijvoorbeeld de fanatieke onderhoudsploeg, die elke maandagmorgen door weer en wind paraat is op het sportcomplex om allerlei hand en spandiensten voor hun rekening te nemen. Alleen al de vele manuren die de groep van zo’n tien vrijwilligers voor hun rekening nemen zijn ‘onbetaalbaar’. ‘Die mannen zijn voor ons goud waard’, zegt Wolfert Schwartz, bestuurslid bij de zondag vierdeklasser.

“Het is prachtig om te zien hoe die mannen hier elke maandagmorgen samenkomen en dan op en rondom het complex de boel onderhouden. Snoeien, vuil weghalen of tal van andere onderhoudsklusjes. Groot en klein, die mannen draaien er hun handen niet voor om. Ik ga meestal wel even kijken hoe het gaat en een bakje koffie drinken”, geeft Schwartz aan. Bij Oostburg is hij bestuurslid met velden en gebouwen in zijn takenpakket.

De mannen zijn met de schop of met bezems in de weer en hebben de beschikking over een eigen onderhoudshok. “Ooit is Jaap Verplanke een jaar of vijfentwintig geleden in zijn eentje begonnen met het onderhoud op de maandag. Hij was oud-speler en deed het kantinebeheer en kleine klusjes. Later zijn er steeds meer mannen bijgekomen. Helaas is Jaap onlangs overleden, voor ons uiteraard een groot gemis gezien de verdiensten die hij voor de club heeft gehad.”

De onderhoudsploeg ontstond na de nieuwbouw van de bestuurskamer in 2009 en het naastgelegen werkhok. In de ploeg zitten allemaal mannen die in het verleden in verschillende hoedanigheden bij Oostburg betrokken zijn geweest óf op dit moment nog altijd zijn. Het is een verzameling van oud-spelers, een oud-voorzitter en (oud)jeugdtrainers, maar bovenal zijn ze allemaal supporter van de club. “Het is gewoon mooi om op deze manier iets voor de club te kunnen terugdoen. Het is overal moeilijk om vrijwilligers te vinden, maar dit is iets wat we leuk vinden. We zijn altijd met onze vaste groep en het is ook altijd gezellig. Napraten over de wedstrijden van het weekend en over wat er in de wereld zowat gebeurd is. Het is nooit saai en ook nooit stil”, zegt Willy de Wever namens de rest van de groep.

Lijnen trekken, ballenvangers repareren, scorebord en reclameborden schoonmaken en tenues wassen. Het zijn zomaar een aantal klussen die regelmatig terugkeren. Sinds de onderhoudsploeg in Maar in de coronaperiode hebben ze ook wat grotere klussen gerealiseerd. “We hebben in die tijd het gehele kantinegebouw aan de buitenkant in de clubkleuren geschilderd. Zo ziet het er weer mooi uit en kunnen we er weer een tijdje tegen.”

“Het is voor ons als vereniging geweldig om over zo’n grote groep onderhoudsmensen te beschikken, allemaal met een groot roodzwart Oostburg-hart. Als je hun werk in uren moet berekenen, dan is de rekensom snel gemaakt. Elke maandagochtend zijn ze een uurtje of vijf in de weer. Met gemiddeld een mannetje of negen is dat bij elkaar zo’n vijfenveertig uur per week. Dat is niet in geld uit te drukken, maar wel in waardering. Die mannen zijn hun gewicht in goud waard voor ons. En we zijn maar wat trots op het werk dat zij, week in week uit, allemaal belangeloos uit hun mouwen schudden”, aldus Schwartz.

Klik op SV Oostburg voor het laatste artikel van de club.

Tom van Dijke wil vooral ‘voetballen’ bij Hontenisse

Voetballen. Dat is wat Tom van Dijke (21) vooral wil doen. Hij speelt al sinds zijn jeugd voor Hontenisse en maakt sinds twee seizoenen vast deel uit van de eerste selectie. Vorig seizoen was hij écht basisspeler bij vierdeklasser. Dit seizoen meestal ook wel, maar is hij niet onomstreden. ‘Ik hoop natuurlijk elke week in de basis te staan, maar ik wil vooral voetballen. Het is aan de trainer om daarin de keuze te maken.’

mzc

 In het begin van het seizoen in de voorbereiding was de technische staf zoekende naar de juiste formatie en dat had voor mij ook gevolgen. De ene wedstrijd startte ik wel, dan weer niet. De laatste reeks wedstrijden was ik echter weer basisspeler en dat hoop ik nu zo lang mogelijk te blijven. Want het draait goed en we boeken mooie resultaten. Dan is het leuk om daar ook in sportieve zin een aandeel in te hebben.”

Bij Hontenisse speelt Van Dijke overigens samen met zijn jongere broer Jules, terwijl zijn vader sinds 2021 deel uitmaakt van de Technische Commissie bij de ambitieuze Oost-Zeeuws-Vlamingen. “Samenspelen met Jules is mooi. Thuis gaat het dan ook in het weekend vrijwel continue over voetbal en Hontenisse. Want ook mijn moeder is voetballiefhebber en als supporter altijd bij de wedstrijden aanwezig. Omdat ik doordeweeks in Breda zit voor studie is het in het weekend dan natuurlijk extra leuk om als gezin veel bij elkaar te zijn en is voetbal een mooie gemeenschappelijke hobby.”

In Breda is de middenvelder begonnen met het afronden van zijn studie Chemische Technologie én alvast bezig met een studie Werktuigbouwkunde. Daarbij traint hij, samen met ploeggenoten Raimy van den Abeele en Stijn de Kock elke dinsdag bij JEKA in Breda en pendelen ze in de weekenden naar Kloosterzande om te trainen en te voetballen. “Mijn weken en weekenden zijn meer dan goed gevuld inderdaad, maar wel allemaal met dingen die ik leuk vind om te doen. Het is fijn om in het voetballen mijn energie kwijt te kunnen. Wanneer je dan op de bank zit, dan is dat toch minder. En in vrije weekenden probeer ik altijd wel met het tweede mee te doen als dat past. Want het gaat mij er vooral om dat ik speel. Liefst bij het eerste en anders bij het tweede elftal.”

Waar het een paar seizoenen geleden even onrustig was bij de club, daar is de rust, balans en vooral de eenheid we teruggekeerd. “De twee teams zijn weer één groep geworden en dat is prettig om onderdeel van uit te maken. We hebben bij Hontenisse maar één doel: kampioen worden! Dat willen we als selectie heel graag en we zijn prima op weg. De technische staf en de spelersgroep hebben een prima klik en gaan ook komend seizoen met elkaar door. De samenwerking tussen eerste en tweede loopt perfect en dat is ook nodig wil je op zondag allemaal goede resultaten kunnen boeken.”

van-acker

Alleen tegen RIA W. liep Hontenisse tot nu toe tegen een nederlaag aan. “Toen waren we beter en verloren we, terwijl tegen Breskens we een off-day hadden maar wel wonnen. Uiteindelijk gaat het erom waar je staat op het eind van de rit en hopelijk staan we dan bovenaan. We willen graag naar die derde klasse toe en daar doen we alles aan. Zelf hoop ik daar zoveel mogelijk mijn bijdrage aan te kunnen leveren. Want kampioen worden of promoveren als basisspeler, dat maakt het feestje dan toch nét even leuker. Al is het nog lang en zullen we elke week alles uit de kast moeten halen, want je krijgt het zonder meer niet cadeau.”

Klik op Hontenisse voor het meest recente artikel van de club.

Spirit-virus heeft Ferry en Brigitte Govers besmet

In de steeds groter wordende Spirit-familie hebben Ferry en Brigitte Govers al jaren geleden hun plekje gevonden. Niets is voor het getrouwde stel te veel. “Spirit is een heel warme club.”

Dominos_voorjaar2021

Ferry Govers (52) weet nog goed toen hij voor de eerste keer met zijn oudste zoon Mitch binnenstapte op het complex aan de Ouderkerkse Sportlaan. “Het voelde als een warm bad. Het was liefde op het eerste gezicht.”

Mitch ging voetballen bij de F-jes en Spirit kreeg oud-DCV-voetballer Ferry erbij als leider en trainer en Brigitte (50) als fanatiek toeschouwer. Dat hun jongste zoon Dean ook ging voetballen bij de kanaries was ‘logisch’. “Ik ben altijd trainer en leider geweest van het team van mijn jongens”, zegt Ferry. “Dat doe ik nog steeds. Ik ben trainer van Dean die in de JO19-2 speelt. Mitch speelt alweer een paar jaar in de senioren. In Spirit 10. Die hebben heel veel lol met elkaar. Ze noemen zichzelf Spirit 1.0. Op zaterdagavond doen ze altijd het licht uit in de kantine.”

Ferry begon nog ‘rustig’ als trainer en leider, maar ontfermde zich in de loop der jaren over steeds meer zaken. “Ik heb van alles gedaan, van coördinator tot lid van het jeugdbestuur. Ik ben nog steeds coördinator van de bovenbouwteams. Ik vind het prachtig om te doen. Ik krijg vaak te horen dat ik altijd zo positief ben. Zo zit ik ook in elkaar. Ik vind het belangrijk dat iedereen het naar zijn zin heeft op de club. Het maakt mij echt niet uit of iemand in een selectie-elftal speelt of in het vierde team. Ik maak geen onderscheid.”

Was Brigitte in de eerste jaren nog vooral als groot fan van haar jongens te zien – ‘Ik zeg altijd dat mijn drie mannen met een bal geboren zijn’ – op een gegeven moment raakte ook zij in de ban van Spirit. “Ferry helpt ook altijd mee met de toernooien. Ik ben daar ook ingerold. Het voetbalgedeelte laat ik aan anderen over, maar er blijft genoeg over om te regelen.”

_NEW_Fysiotherapie Rozenburcht_250097

Met Kevin en Rowlinka Kriek organiseren Ferry en Brigitte al enige jaren het voetbalkamp van Spirit. “Gelukkig kunnen we dat nu weer houden”, zegt Brigitte. “Van 2 tot en met 6 mei, in Hengelo in Overijssel”, zit de datum in haar hoofd gepind.

Ferry: “We gaan met een groep van maar liefst 55 kinderen in de leeftijd van tien tot en met vijftien jaar.”

“Die jongens zijn altijd meegeweest”, vult Brigitte aan. “Ze zijn nu te oud, maar ze gaan wel mee, in de begeleiding.”

De rolverdeling op het kamp is ook duidelijk. Brigitte: “Ferry en Kevin zorgen voor de voetbalspelletjes, wij, Rowlinka en ik, voor de inwendige mens.”

Ferry:  “Het is elke keer een geweldige happening. Na die week zijn we helemaal kapot, maar dat hebben we er graag voor over.”

“Er gaan dit jaar achttien meisjes mee”, vult Brigitte aan. “De club heeft heel veel meisjes erbij gekregen en dat zie je ook terug in het kamp. Een paar jaar geleden gingen er nog maar twee meisjes mee, dat zijn er nu al achttien.”

Brigitte ontfermt zich op toerbeurt op wedstrijddagen als het eerste elftal thuis speelt ook over de pupil van de week. “Ik ontvang de pupil in de bestuurskamer en daar krijgt hij of zij een tenuetje en een bal. Voor de wedstrijd gaan we ook nog even de kleedkamer in en zetten alle spelers hun handtekening op de bal. De eerste helft zit de pupil in de dug-out, daarna gaan we richting kantine voor een patatje of broodje frikandel.”

Klik op VV Spirit voor het laatste artikel van de club.

Andreas Becker hoopt zichzelf op te werken tot vaste basisspeler bij HVV’24

Voor de winterstop bleef HVV’24 uit Hulst ongeslagen in de 3e Klasse A van het zondagvoetbal en was koploper. Na de winterstop bleken de Hulstenaren toch niet onklopbaar. Nederlagen tegen Terneuzen én buurman Clinge hakten erin. Ook bij de jonge verdediger Andreas Becker, die momenteel even zijn basisplek lijkt kwijt te zijn.

van-acker

“We zijn verre van goed uit de winterstop gekomen inderdaad. Waar dat precies aan ligt, dat is voor iedereen wel een raadsel. Ook ons veldspel was niet goed de laatste wedstrijden en dat is toch normaal gezien wel een van onze kwaliteiten. Zelf bracht ik ook niet voldoende en na koos de trainer voor iemand anders op mijn positie. Teleurstellend natuurlijk, maar ik kan alleen maar hard blijven werken en dan weer het ongelijk van de trainer bewijzen.”

De 19-jarige Becker begon bij HVV’24 in de jongste jeugd, maar maakte in de D-pupillen de overstap naar het Belgische Sint-Niklaas. Daar speelde hij een aantal seizoenen tot hij in de JO19 terugkeerde naar HVV’24. “Vorig seizoen mocht ik al meetrainen met het eerste en vanaf dit jaar zit ik vast bij de selectie. Het is voor mij zaak om vooral op dit niveau minuten te kunnen maken. Je wilt altijd spelen, maar ik ben ook realistisch. Als je negentien bent dan is elke wedstrijd die je in de basis begint er eentje in bonus. Maar het is ook zo, dat zo’n basisplaats wel naar meer smaakt. Ik heb in de voorbereiding goed gepresteerd en dat gaf voor de trainer de doorslag om me ook in de competitie op te stellen. Dat ik nu even een pas op de plaats moet maken is jammer, maar hoort ook bij ontwikkelen en beter worden als voetballer.”

Het beste vindt Becker zichzelf tot zijn recht komen in het hart van de defensie, maar daar staan momenteel Dion Weemaes en Ties Kerckhaert, beiden volgens Becker onomstreden en ‘verder’ dan hemzelf. “Dus meestal speel ik nu als rechtsback en dat vind ik ook een mooie positie om te spelen, zeker als je zoals wij vaak in balbezit zijn. Het geeft me de kans om mee op te komen en dan ook in aanvallende zin mijn steentje bij te dragen. Al moet ik het vaak van mijn voetballend vermogen en mijn inspeelpass hebben. En dat komt in mijn ogen beter tot zijn recht als ik in de as kan spelen. Door de afwezigheid van Ties heb ik daar ook al wat wedstrijden gespeeld overigens.”

Tegen Terneuzen had Becker, net zoals de rest van zijn team, een heel zware middag en werd HVV’24 in eigen huis volledig overklast. Het zag daardoor ook de periodetitel aan de neus voorbij gaan want die was een prooi voor de Terneuzenaren. “Dat is zonde natuurlijk, want wij willen met HVV’24 graag meedoen voor promotie of een eventuele titel. Maar dan zullen we weer heel snel de vorm van voor de winter moeten hervinden.”

mzc

Ook Becker zal zichzelf weer moeten bewijzen en terug zien te knokken naar de vorm die hij in de voorbereiding aan de dag legde. “Ik had vooraf aan het seizoen weinig verwachtingen. Had me ook ingesteld om in eerste instantie mee te trainen en wedstrijden te spelen bij het tweede. Dat liep al anders. Nu is het even een tegenvaller dat ik vanaf de bank moet toekijken. Dat zegt veel over mijn ambitie. Ik spreek ook veel met de oudere spelers en met de trainer. Daarvan probeer ik te leren en beter te worden. Ik hoop dat ik in het restant van dit seizoen, waar nog wedstrijden voldoende aankomen, mezelf terug te knokken. Het liefst wil ik in de toekomst mijn kwaliteiten tonen als centrumverdediger, maar tot die tijd speel ik waar de trainer me opstelt. Hoe vaak dat is, ligt echter volledig aan mezelf. Daarvan ben ik me goed bewust.”

Klik op HVV’24 voor het laatste artikel van de club.

Karen Bordewijk is het manusje van alles bij s.v. TEC

44-jarige Karen Bordewijk is op s.v. TEC overal te vinden. In 2014 kwam ze in aanraking met de club maar is ondertussen niet meer weg te denken. Van leidster van JO17-2 tot ondersteuning PR, ze doet het zo goed als allemaal.

Veel clubs klappen in hun handen voor vrijwilligers zoals Karen. Het uitvoeren van meerdere taken is voor haar geen probleem, ze doet het immers met plezier. “Toen mijn kinderen bij TEC gingen voetballen, was mijn voornemen om alleen maar voetbalmoeder te zijn en niets meer, gezien mijn wat minder prettige ervaring bij de eerste club waar we lid waren. Het alleen voetbalmoeder zijn, is niet helemaal gelukt. Ik woon, recht tegenover TEC. Daar ben ik momenteel actief als leidster van de JO17-2, ondersteuning van de PR/ fotograaf en als EHBO’er tijdens de wedstrijden van TEC 1”, vertelt ze.

Verloop

Ze is sterk betrokken bij het team van haar zoons, iets wat eigenlijk op een nogal grappige manier is verlopen. “In het team van mijn zoons was de communicatie tussen de trainer en de ouders niet altijd optimaal, dus dat heb ik toen opgepakt, groepsapp aangemaakt en netjes op tijd de ouders voorzien van alle informatie. Dit mondde uit in de titel leidster. Daar kon ik mee leven, dus dat is alle daaropvolgende jaren zo gebleven”, vertelt de voetbalmoeder. Vanuit daar is alles eigenlijk vrij vlot gegaan. “Mijn betrokkenheid bij de club is in de loop van de jaren ontstaan. Ik heb steeds meer mensen leren kennen bij de wedstrijden van de JO17-1. De wedstrijden zijn erg leuk om te kijken, vooral als er veel ouders langs de lijn staan. Dat is gewoon gezellig, hier zijn in de loop van de jaren ook vriendschappen uit ontstaan. Zowel bij de ouders als bij de spelers en hetzelfde geldt voor de wedstrijden van TEC 1, ik (her)ken steeds meer mensen, maak hier en daar een praatje en een lolletje, dat maakt het leuk”, aldus Bordewijk.

Webbanner VoetbalJournaal Robey-sportswear-teamkleding-teamwear

Vrijwillig

Op iedere club is er wel één vrijwilliger die er echt tussenuit springt. Zo ook voor Karen. Het specifiek benoemen was niet makkelijk, maar het is haar gelukt: “Er lopen veel mensen rond bij de club, van bestuur en trainers tot vrijwilligers. Ik denk dat zij allen een pluim verdienen voor wat zij doen. Ieder is op zijn of haar manier goed bezig en belangrijk voor de club. Maar als er voor mij iemand uit zou springen dan zou dat Menno Agema zijn. Hij loopt met zijn 82 jaar nog dagelijks bij TEC om klusjes te doen en rijdt in het weekend zelfs naar de uitwedstrijden van de jeugd om te gaan kijken, daar heb ik echt respect voor.”

Voetbal is belangrijk

Iedereen heeft een eigen reden waarom ze zich zo inzetten op de club. “Voor mij is het betrokken zijn bij de vereniging vooral belangrijk uit sociaal oogpunt, de contacten met iedereen met eenzelfde interesse is leuk en het spel is daarbij ook nog eens leuk en vaak spannend om naar te kijken”, vertelt Bordewijk. Ondanks dat ze voorheen weinig met het spel had, is ze er toch steeds meer van gaan houden. Het kan dan ook zijn dat haar hoogtepunt op de club hier een rol in heeft gespeeld. “Het hoogtepunt voor mij was als leidster van de toenmalige JO13-2 in 2019 op het moment dat zij kampioen werden. Dit was zo’n geweldig moment voor de spelers maar ook voor ons als staf. Een groot feest”, vertelt ze enthousiast.

Voldoening

Volgens Karen geeft het een gevoel van voldoening om vrijwilliger te zijn op jouw vereniging. “Het is gewoon erg leuk is om betrokken te zijn bij de club. Ik ben lekker buiten bezig, heb veel sociale contacten, zowel bij de jeugd als de senioren. Men moet wel in het achterhoofd houden dat anderen ook wel op je rekenen. Je hoort daarom ook vaak, wel vrijwillig, maar niet vrijblijvend”, sluit ze af.

Klik de link voor een recent artikel over TEC

Capelle krijgt bijzondere spits én mens

Adair Vega Lopes (39) is een gevestigde naam in het Rotterdamse amateurvoetbal. Hij kwam vijftien jaar terug naar Nederland en verruilt komende zomer Zwaluwen nu voor Capelle. De Kaapverdiaan houdt het voorlopig nog wel even vol.

Het geheim van de schier onbegrensde fitheid van de goedlachse Vega Lopes? “Goed slapen, goed eten en veel bidden”, zegt de goalgetter die eind vorig kalenderjaar zijn honderdste doelpunt in het amateurvoetbal liet noteren. “Ik heb standaard een Bijbel naast mijn bed. Daar lees ik heel veel in. Ik ben Katholiek en wil graag met het woord van God leven. Zonder God voel ik mij heel klein.”

Toen Vega Lopes de Kaapverdiaanse hoofdstad Santiago verliet om zich bij zijn moeder in Rotterdam te voegen, had hij op het hoogste niveau ervaring. Vanaf het seizoen 2011/12 speelde hij voor respectievelijk Rijsoord, Zwaluwen, RVVH, Excelsior Maassluis, SC Feyenoord, nogmaals Zwaluwen en over een half jaar lonkt dus Capelle. “Ik heb geen fijn gevoel meer bij de trainer (Henk de Zeeuw, red) van Zwaluwen”, zo verklaart hij zijn overstap. “Ik heb best wat gepresteerd in het Rotterdamse amateurvoetbal, maar hij behandelt me alsof ik een jochie van zeventien ben. Vertrouwen voel ik niet, plezier in de trainingen en wedstrijden heb ik niet meer. Ik kijk ernaar uit om mijn geluk elders te beproeven.”

_NEW_Fysiotherapie Rozenburcht_250097Vega Lopes, hij legde in Santiago een universitaire studie economie af, had een aanmerkelijk betere relatie met Adrie Poldervaart. De man die momenteel assistent-trainer bij FC Groningen is, ontfermde zich bij Zwaluwen als een vader over de voetballer. “Adrie heeft mij een veel betere speler gemaakt”, zegt de linksbuiten met veel warmte. “Hij begreep goed dat ik uit het buitenland kwam en moest wennen aan de Nederlandse voetbaltactiek. Ik heb zóveel te danken aan Adrie, daar heb ik bijna geen woorden voor. We hebben alles maar dan ook alles getraind wat een aanvaller nodig heeft: aannemen, kaatsen, wegdraaien en schieten. Adrie is een heel goede trainer en ook een heel fijn mens. Ik ken geen voetballer die een hekel aan Poldervaart had.”

Dominos_voorjaar2021Snelheid en techniek zijn nog altijd de meest prominente wapens van Lopes Vega, die de kunst beheert om te versnellen en een tegenstander in de kleine ruimte uit te spelen. Toen hij zijn honderdste doelpunt maakte, besteedde het Algemeen Dagblad uitgebreid aandacht aan die mijlpaal.  “Daar was ik erg trots op. Ik vind het leuk om in de krant te staan. Ik hoop ook dat ik bij Capelle weer aan mijn doelpunten zal komen. Ik ben zoals gezegd niet meer de jongste, maar ga het avontuur met vertrouwen aan.”

“Ook het dansen houdt me trouwens fit en soepel”, besluit Vega Lopes lachend aan het einde van het interview. “Kaapverdianen zijn geboren dansers en zijn heel trots op de nationale dans, de funaná. Als ik dans, voel ik me blij en kom ik helemaal tot leven. Lekker wiegen met die heupen; dat is bijna net zo mooi als scoren.”

Klik hier voor het meest recente artikel van Capelle