Home Blog Pagina 590

Jeugd Rockanje ‘knalt’ voor Support Casper

De jeugd van VV Rockanje voetbalt op zaterdag 18 juni voor het goede doel. Op die dag houdt de club op sportpark De Drenkeling het Support Casper toernooi. Doel is zo veel mogelijk geld in te zamelen voor de stichting van de bekende arts Casper van Eijk.
249967_CPI
Van Eijk, die in het verleden ook clubarts was van Feyenoord, verricht met zijn stichting baanbrekend onderzoek naar alvleesklierkanker. Wie de diagnose alvleesklierkanker krijgt, heeft over het algemeen een korte levensverwachting. Met het onderzoek wil Van Eijk en zijn onderzoeksteam daar verandering in brengen.

“Een prachtig doel om ons voor in te zetten”, zegt Patrick Warbout, de trainer van de JO9-1. “Daarom gaan we ook knallen.”

Het idee om een speciaal toernooi te organiseren ontstond spontaan, vertelt Warbout. “We zochten voor ons team een kleding- en shirtsponsor. Die vonden we, maar de sponsor liet weten dat hij liever zag dat we met een goed doel op de borst zouden spelen dan met de naam van zijn eigen bedrijf. Dat werd dus de stichting Support Casper. Dat vonden wij wel een mooie gedachte. Vandaar dat we ook iets wilden terugdoen en een bijdrage wilden leveren om geld in te zamelen voor Support Casper.”

Met Anton van Vliet, Fabian Scholten en andere vrijwilligers organiseerde Warbout, die docent is op een middelbare school in Hellevoetsluis, voor begin januari een zaalvoetbaltoernooi dat volledig in het teken zou staan van het gekozen goede doel. “Alleen kwam corona er toen doorheen fietsen. Eind november werd de nieuwe lockdown van kracht, waardoor we het helaas moesten afblazen.”

Maar van afstel kwam geen uitstel, want toen de coronamaatregelen eenmaal van tafel waren besloot de organisatie het werkterrein van de zaal naar het veld te verplaatsen. Zaterdag 18 juni is de hele dag bestemd voor een toernooi voor de jeugd. “Alle jeugdteams van onder acht tot en met onder dertien spelen”, zegt Warbout. “We zijn druk bezig om de poules compleet te maken. Er wordt gespeeld in dagdelen, waarbij ons team in de middag in actie komt.”

“We zijn hard bezig om allerlei activiteiten te organiseren op de dag zelf, maar één van de eerste dingen die we gedaan hebben is een speciale rekening openen die te bereiken is via een link op de clubwebsite. Daarop kunnen mensen giften en donaties doen. Inmiddels staat er al een aardig bedrag op de rekening van meer dan 2500 euro. We hopen uit te komen op minimaal vijfduizend euro”, zegt Warbout, die ziet dat het goede doel ook leeft bij de jonge spelertjes in zijn team. “Die jongens worden bewust om maatschappelijk actief te zijn. Dat vind ik persoonlijk ook belangrijk.”

Warbout was enige tijd geleden ook één van de initiatiefnemers van een petitie waarbij de gemeente werd opgeroepen om de toegangsweg naar het sportpark van Rockanje verkeersveiliger te maken. “De weg wordt door vrijwel alle jeugdspelertjes gebruikt. Zoals de weginrichting was, nodigde de weg uit om stevig door te rijden. De gemeente heeft de weginrichting daarop aangepast. We hopen dat het ook nog overgaat tot het plaatsen van verkeersdrempels.”

Klik op Rockanje voor het laatste artikel over de club.

Duane Tjen-A-Kwoei van Spijkenisse heeft geen vrije zomer

Als zijn ploeggenoten na de competitie de zonnige stranden opzoeken, staat Duane Tje-A-Kwoei voor een nieuwe uitdaging in zijn carrière. De verdediger van Spijkenisse hoopt zijn debuut te maken als international van Sint Maarten.
249967_CPI
Het Nederlandse deel van het eiland, onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, speelt in juni een aantal wedstrijden voor de Nations League in de CONCACAF. “De loting is in april maar we spelen tegen de US Virgin Islands, the British Virgin Islands en Puerto Rico, dat soort landen”, zegt de 23-jarige inwoner van Rotterdam. “Ik kijk er enorm naar uit. Het is een heel avontuur, want voor een speler van een hoofdklasser, het vijfde niveau van Nederland, is dat niet vaak weggelegd.”

De roots van Tjen-A-kwoei liggen op Curaçao. Hij bracht er zijn eerste zestien jaar van zijn leven door, tot hij zeven jaar geleden verhuisde naar Nederland. “Ik heb in Willemstad gespeeld bij VV Willemstad en bij Atletiko Salina. Bij die club speelde ook Tahith Chong, voordat hij naar Feyenoord ging. We waren in de jeugd altijd elkaars voornaamste concurrenten, hij was de beste speler bij Atletiko Selina en ik bij VV Willemstad. Toen hij vertrok bij Atletiko Salina heb ik de overstap naar die club gemaakt. Die club was net opgericht en ik hou wel van een uitdaging.”

In Nederland moest Tjen-A-Kwoei zich als voetballer helemaal opnieuw waarmaken. “Hier is het voetbal heel anders, qua tactiek, maar ook qua techniek. Ik ging wonen bij een oudere zus in Groningen. Ik ben als speler begonnen bij een kleine club, NEC in Delftzijl. Van daaruit heb ik de overstap gemaakt naar GVAV Rapiditas in Groningen, een gerenommeerde club qua opleiding. Daar heb ik ook mijn debuut gemaakt als speler van het eerste elftal. Walter Waalderbos, die trainer werd van Flevo Boys, heeft me gevraagd om met hem mee te gaan. Daar heb ik twee seizoenen gespeeld, maar ik wilde graag naar Rotterdam, omdat daar veel vrienden en familie wonen. Ik heb Spijkenisse gewoon gebeld. Laat maar zien wat je kan zeiden ze. Dat is inmiddels alweer bijna twee seizoenen geleden. Ik heb in de twee seizoenen dat ik hier nu speel, vrijwel alles in de basis gespeeld. Ik heb geen schorsingen gehad en geen blessures.”

Aan een interlandcarrière dacht hij lange tijd. “Het niveau van de nationale ploeg van Curaçao is best hoog en zeker de laatste jaren fors omhoog gegaan”, zegt hij. “Daar komen alleen spelers voor in aanmerking die in Nederland in de eredivisie- en eerste divisie spelen. Een vriend van mij maakte mij echter attent op Sint Maarten. Mijn oma komt uit Sint Maarten. Ik heb mij beschikbaar gesteld en al snel werd ik gekozen in de selectie.

Voor Kwel-A-Tjoei is spelen voor Sint Maarten een bijzonder iets. “Ik zie het als een eerbetoon aan mijn oma die twee jaar geleden is overleden. Ik ben in mijn jeugd vaak op Sint Maarten geweest. Onze familie heeft er nog een huis. Ik ben er trots op dat ik de eer van het eiland mag verdedigen.”

De nationale ploeg bestaat uit spelers die overal in de wereld spelen. “Met de Nederlandse jongens bereiden we ons hier voor. We hebben een coach, Piet de Jong, die ons volgt en ook oefenwedstrijden organiseert. De eerste oefenwedstrijd moest ik echter missen. Uitgerekend op die dag speelden we met Spijkenisse de inhaalwedstrijd tegen Scherpenzeel. Mijn uitverkiezing mag niet ten koste gaan van Spijkenisse.”

Daarom is Tjen-A-Kwoei als de dood dat Spijkenisse straks nog tot de nacompetitie wordt veroordeeld om het klassebehoud veilig te stellen. “Die nacompetitie vindt op hetzelfde moment plaats als de interlands met Sint Maarten voor de Nations League.  Ik wil Spijkenisse niet in de steek laten als ze mij het hardst nodig hebben. Als ze het niet redden, en ik ben er niet, zal ik me dat misschien mezelf nooit vergeten. Vandaar dat ik hoop dat we tegen die tijd al op een veilige plaats in de competitie staan.”

Na een moeizame seizoenstart heeft Spijkenisse in ieder geval weer het juiste spoor gevonden. “Ik heb er vertrouwen in dat we het gaan redden. Conditioneel en fysiek staan we er veel beter op dan onder trainer Marco van Rijn. De nieuwe trainer Peter Wubben constateerde dat we een conditionele achterstand hadden. Dat voelden we zelf ook. De achterstand is weggewerkt, waardoor we nu ook punten in de slotfase winnen in plaats van verliezen.”

Klik op Spijkenisse voor het laatste artikel over de club.

Robin Dijkman met OVV in de vechtstand

OVV kijkt in de derde klasse C het degradatiespook in de ogen, maar Robin Dijkman heeft de handdoek nog niet in de ring gegooid. De centrale verdediger staat in de vechtstand. “We moeten er alles aan doen om erin te blijven.”

249967_CPI

Voor OVV wordt het nog een hele klus om degradatie te ontlopen. Voor de Oostvoorners is het zaak om de vrije val waarin zij gekomen zijn, te stoppen. “Het is niet vijf, maar één voor twaalf”, is Dijkman bewust van het gevaar dat op de loer ligt. “We zijn het seizoen nog wel aardig begonnen, maar na de winterstop is het mis gegaan. Goed mis gegaan. Ik denk dat niemand dat van tevoren heeft zien aankomen.”

Een oorzaak is volgens Dijkman (30) wel aan te wijzen. OVV kwam niet bepaald goed uit de winterstop en kampte met veel afwezigen en blessures. “Andere clubs hebben daar ook last van gehad, maar op één of andere manier is bij ons de impact groter. Het is ook niet dat we veel aan kwaliteit hebben ingeboet. We hebben juist een mix van oudere spelers, zoals Pascal van Hulst, Youri Bak, Roland Wagner en ik, en jonge gasten. We hebben genoeg kwaliteit om minimaal in de middenmoot mee te draaien.”

De cijfers spreken echter andere taal. In de eerste vijftien wedstrijden won OVV er maar één, terwijl het gemiddeld maar net meer dan één goal per wedstrijd maakte. “Onze doelpuntenproductie is een groot probleem, zeker als je zelf de goals weggeeft. Een deel is ook pech, Ze zeggen wel eens dat als je bovenaan staat geluk hebt en onderin pech. Dat laatste ondervinden wij zelf nu ook. We verliezen wedstrijden die we normaal hadden gewonnen.”

“Een voorbeeld was de wedstrijd tegen FC Vlotbrug. Bij 2-1 voor schoten we tegen de paal en tegen de lat. En je raadt het al, in plaats van 3-1 werd het 2-2. Tot overmaat kregen we ook nog eens de 2-3 te slikken. Dus geen drie punten, maar helemaal niks.”

Zich bij de situatie neerleggen doet Dijkman niet. Hij weet dat OVV hem nu hard nodig heeft. “Ik loop al een tijdje met een scheurtje in mijn enkelband. Ik wil toch spelen. Ik laat mijn enkel voor elke wedstrijd goed intapen. Ik neem het risico dat de blessure verergerd, maar dat risico vind ik voor OVV wel waard. De dag na de wedstrijd loop ik een beetje mank, maar een dag later heb ik geen last meer. Ik heb dat wel over voor het goede doel.”

Hij ziet ook bij zijn medespelers het besef ontstaan dat het nu het menens is en dat het derdeklasserschap op het spel staat. “Niemand van ons wil degraderen. Degradatievoetbal spelen is ook wennen, want de afgelopen jaren hebben we daar nooit mee te maken gehad. Het vergt een hele andere mindset. Resultaat is nu boven alles verheven.”

Klik op OVV voor het laatste artikel over de club.

Abbenbroek kampioen van derde helft

Abbenello wordt het sportcomplex van VV Abbenbroek liefkozend genoemd. Uit die naam spreekt warmte en gezelligheid en dat is ook wat er is als de plaatselijke elftallen hun thuiswedstrijden afwerken voor eigen publiek. “De thuiswedstrijden in Abbenbroek zijn berucht en wereldberoemd. Met gezelligheid winnen we altijd.”

249967_CPI

Voetballen doen ze zelf niet, maar Maxime Veenstra (21) en Ashley Snel (25) hebben Abbenbroek, en vooral de mensen op de kleine club, in hun harten gesloten. “We zijn kampioen van de derde helft, als het om gezelligheid aankomt”, geeft Veenstra aan. “Voor mij is Abbenbroek in de afgelopen jaren mijn tweede thuis geworden. Mijn vriend speelt in het vierde. Ik voel mij er helemaal thuis. Als ik naar Abbenbroek ga, ga ik naar vrienden. Zo voelt dat.”

Ook de vriend van Snel komt uit in het vierde elftal van de club. “Alle seniorenelftallen spelen hun wedstrijden op dezelfde dag thuis. Het is de ene week uit, de andere week”, zegt zij. “Dan maken wij er een echte clubdag van, met dagvullen programma.”

Snel, die in het dagelijkse leven als advocaat werkzaam is, en Veenstra steken dan ook als vrijwilligers de handen uit de mouwen. “We staan regelmatig achter de bar”, vertelt Veenstra. “Ik ben er ook regelmatig op donderdag, dat is de clubavond. Ook dan kan het beregezellig worden.”

“Het is geen grote club en misschien daardoor bestaat er een grote hechtheid”, zegt Snel. “Iedereen kent elkaar. Ik kan me voorstellen dat dat bij grotere clubs anders is. We hebben veel vrijwilligers, omdat je weet dat je op elkaar aangewezen bent.”

Veenstra is zelf afkomstig van Abbenbroek. “We zijn een klein dorp en veel is er niet te beleven”, zegt ze. “De tennisclub is er nog, maar daar is niet zo veel van over. Wij als voetbalvereniging zijn het centrum van activiteiten.”

Snel zit ook in de evenementencommissie van de club. “Wij organiseren elk jaar een groot aantal activiteiten, dan moet je denken aan een vier tegen vier-toernooi, een feestavond of een dartavond. We hebben onlangs weer een darttoernooi gehouden. Dan zit de hele kantine vol, met voetballers, maar ook mensen van buiten de club, uit Abbenbroek. Die zoeken allemaal de gezelligheid op.”

Die activiteiten konden lang niet worden gehouden vanwege corona en de daaraan gekoppelde maatregelen. In Abbenbroek werden die extra’s node gemist,. Snel: “Gelukkig zijn er geen beperkingen meer. Je merkt dat iedereen er weer zin in heeft. We worden als evenementencommissie regelmatig gevraagd naar de evenementen.”

Veenstra: “We zijn meer dan een voetbalvereniging, eerder een gezelligheidsclub. Als het zonnetje schijnt en het eerste speelt thuis staat iedereen op het buitenterras. Dat is ook mijn lievelingsplek, als ik achter de buitenbar sta.”

“Bier drinken ze hier graag”, voegt Veenstra eraan toe. “We hebben Heineken en Hertog Jan. Die lopen allebei goed. Spa Blauw? Dat verkoopt minder.”

Klik op Abbenbroek voor het laatste artikel van de club.

Arie Bravenboer met OHVV in achtervolging

In een wereld zonder corona had OHVV met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid al derdeklasser geweest, maar met twee onafgebroken en niet meetellende seizoenen maakt de ploeg uit Oudenhoorn nog steeds jacht op promotie. “Achterom kijken heeft geen zin, dat is geweest”, stelt aanvaller Arie Bravenboer nuchter vast. “We zullen promotie op eigen kracht moeten bewerkstelligen.”
249967_CPI
En OHVV krijgt in die promotiestrijd meer dan fikse concurrentie vanuit Goeree, waar DVV’09 zich als belangrijkste titelkandidaat heeft opgeworpen. Na tweederde van de competitie moeten Bravenboer en OHVV in de achtervolging. “We hebben een matige periode achter de rug”, zegt de dertigjarige inwoner van Rockanje. “We hebben onnodige punten verloren , maar ook soms ook slecht gespeeld. Abbenbroek bijvoorbeeld. Die wedstrijd verloren we met 1-0.”

Omdat ook de topper begin deze maand tegen DVV’09 verloren ging (2-0), is de achterstand ondertussen opgelopen tot acht punten. Dat is een flink gaatje, erkent ook Bravenboer. “Die wedstrijd bij DVV was een zespuntenwedstrijd. We hadden op twee punten kunnen komen en daarmee DVV onder druk kunnen zetten.”

Nu moet OHVV hopen op enkele misstappen van de club uit Dirksland. “Het is ook duidelijk dat wij niets meer mogen”, zegt Bravenboer. “Het belangrijkste is dat we onze goede vorm weer terug gaan krijgen. Als we uiteindelijk via de nacompetitie de derde klasse halen, heb ik er ook geen moeite mee.”

OHVV had eigenlijk al lang en breed in die derde klasse gevoetbald als de Covid-19 niet zijn intrede had gedaan en het voetballeven verstierde. In het eerste seizoen lag de formatie van Mark van Os op kampioenskoers, toen begin maart de competitie werd stilgelegd. Ook vorig seizoen leek OHVV goede papieren hebben, maar klonk het eindsignaal al na een gewonnen wedstrijd van vier.

“Het klopt dat corona ons niet heeft geholpen, maar we moet niet in het verleden blijven leven”, is Bravenboer duidelijk. “Het is een nieuw seizoen met nieuwe kansen.”

Bravenboer heeft alle reden om niet als een zuurpruim door het leven te lopen. Hij werd een kleine half jaar geleden voor het eerst vader. “Zo’n klein hummeltje verandert je kijk op het leven”, zegt hij. “Het is een wondertje. We genieten er volop van.”

De aanwezigheid van Bravenboer junior in huis heeft de honger van de kersverse vader naar doelpunten niet gestild. “Ik ga ook dit seizoen weer voor twintig goals en twintig assists”, laat hij monter weten. Dat hij vanwege continue-diensten wel eens een training in Oudenhoorn mist, lijkt zijn scherpte niet aan te tasten. Als erkend goalgetter is hij zich inmiddels een echte OHVV’er gaan voelen. “De gemoedelijkheid spreekt me aan. Er is geen poeha, geen grootpraat. Ik heb er geen spijt van dat ik destijds voor OHVV heeft gekozen. Dat was toen een keuze omdat OHVV op zondag voetbalde en ik zaterdag veelal werkte. We hebben een leuke groep. De vierde klasse is leuk, maar die van de derde klasse net iets leuker. Derby’s met GHVV’13, Zuidland, OVV. Ik zou dat wel gaaf vinden.”

Klik op OHVV voor het laatste artikel over de club.

Solita Vauda leidt toekomstige sterretjes op bij Hellevoetsluis

“Goed zo, Finn!”, klinkt het vanaf de zijlijn. Het JO7-team van Hellevoetsluis speelt onder het genot van een heerlijk voorjaarszonnetje tegen de leeftijdsgenoten van Rozenburg.
249967_CPI
De ene keer wordt de bal lukraak weggeschoten, de andere keer volgt iets wat op een combinatie lijkt. En als de bal in het doel van Rozenburg verdwijnt springen de spelertjes van Hellevoet elkaar om de nek. “Winnen is niet belangrijk”, zegt Solita Vauda, de coördinator van de ministars van Hellevoetsluis, die nadrukkelijk aanwezig is langs de lijn om haar pupillen van instructies te voorzien. “Samen spelen is best lastig op deze leeftijd, vandaar dat een goede aanwijzing wel nodig is.”

Vauda heeft zich sinds twee jaar ontfermd over de ministars van de club. De ‘kleine sterretjes’ zijn er al vanaf vier jaar. “De oudste kinderen spelen in de JO7, in een eilandcompetitie. Dat doen we om ze en ook de ouders te laten wennen aan competitievoetbal. De KNVB heeft voor die leeftijdsgroep nog geen competitie, vandaar dat we dat als clubs onderling doen. Rozenburg doet mee, maar ook OVV en Spijkenisse.”

Vauda (32), en moeder van een bij de JO8 voetballende zoon, voetbalde vroeger in haar jongere jaren zelf bij Hellevoetsluis. “De laatste wedstrijd voor dames 1 zal al zeker tien jaar geleden geweest zijn. Ik ben hier echter nooit echt weggeweest. In mijn tijd heb ik altijd één of andere vrijwilligersfunctie bekleed. Ik ben ook een paar jaar jeugdcoördinator geweest. Mijn broer speelt nog in het eerste elftal. Ik blijf vaak bij hem kijken.”

De ministars zijn intussen een begrip bij de club. “Het is onze kweekvijver”, zegt Vauda. “Het is vooral bedoeld om kennis te maken met voetbal en om de eerste beginselen bij te brengen. Het doel is niet om een team van tikka-takka voetballers voort te brengen, haha. Het gaat om spel en plezier. We doen oefeningen voor het passen, dribbelen en aannemen van de bal. Dat is al goed zat. Uiteraard sluiten we af met een partijvorm, want hoe jong ze ook zijn, dat vinden jongens en meisjes het allerleukste.”

Er wordt getraind op woensdagmiddag van drie tot vier uur. “Ze kunnen aardig druk zijn”, zegt Vauda. “Het is maar een uurtje, maar je kan behoorlijk versleten thuis komen. Ik vind het geweldig om met dat gespuis bezig te zijn, maar ze hebben wel veel aandacht nodig. Gelukkig hebben we genoeg ouders die ook af en toe een handje toesteken. Dan is het altijd handig als vader of moeder ook zelf gevoetbald hebben.”

Klik op Hellevoetsluis voor het laatste artikel over de club.

SV Simonshaven maakt werk van de jeugd

SV Simonshaven is inmiddels de 51 jaar als club gepasseerd, maar zet de komende periode in op de jeugd. De start van de voetbalschool heeft inmiddels twee teams opgeleverd die competitie spelen.
249967_CPI
Maar de club hoopt dat het niet bij dat aantal blijft. “We willen proberen om geleidelijk te gaan groeien”, zegt secretaris Mark Huizinga. “Elk jaar een team erbij zou mooi zijn, met een doorlopende leeftijdslijn.”

Huizinga spreekt van een mooie en hoopvolle herstart. “We zijn trots dat we weer een onder acht- en een onder negen-team in de competitie hebben. We willen graag weer iets opbouwen.” Simonshaven heeft een periode achter de rug waarin de club ‘leefde’ op de seniorenelftallen. “De aanwas van jeugd is op een gegeven moment opgedroogd en we hebben in die periode steeds minder jeugdleden gekregen. Ons hoogtepunt was dat we in elke leeftijdscategorie minimaal één of twee teams hadden. Wij moeten het voor de aanwas voornamelijk van Spijkenisse hebben en toen het aanbod van daaruit opdroogde, zijn we elk jaar teams gaan inleveren.”

“Een jaar of vier geleden verkeerden we in de situatie dat we net wel of net niet een onder elf op de been konden krijgen. Het werd dus net niet. Als bestuur hebben we toen besloten dat we de jeugd van onderaf gaan opbouwen en we zijn een voetbalschool begonnen. Uit die school zijn de huidige onder acht en negen voortgekomen. Het enthousiasme is groot, mede doordat er goede trainers opstaan”, zegt Huizinga. “De charme van een kleine club is dat iedereen elkaar kent. De persoonlijke benadering spreekt in ons voordeel.”

Een stevige basis heeft Simonshaven al staan bij de senioren. “We zijn dit seizoen begonnen met vijf elftallen, één daarvan hebben we helaas moeten terugtrekken”, licht Huizinga (35), die leider is van het vijfde elftal, toe. “Het is een ruime selectie van tussen de veertig en vijfenveertig spelers. We beschikken over een groep enthousiaste vrijwilligers en niet te vergeten een fanatieke werkploeg die bestaat uit gepensioneerden. Die houden ons complex netjes schoon en bij. Ze hebben er hun levenswerk van gemaakt. Ze vechten erom wie er op de tractor mag zitten.”

“We zijn bezig om een duurzaamheidsprogramma uit te rollen, met zonnepanelen en LED-verlichting op veld 1 en 2. Op den duur willen we ook de cv-installatie vervangen door een warmtepomp. Met die hoge gasrekening van nu geen overbodige luxe.”

Simonshaven werd begin vorig jaar officieel vijftig jaar. Net als bij andere verenigingen zat de coronapandemie een grootse viering in de weg. “Jammer”, zegt Huizinga, “maar we hebben het in september nog wel gevierd met een grote feestavond.”

Op die feestavond kregen bestuursleden Jan Huizinga, Johan Belder en Michel Smits en Joop van Dongen, die inmiddels bestuurslid af is, een koninklijke onderscheiding uitgereikt. “Met Johan van Essen, die de sponsoring doet, zijn dat de kernleden van onze vereniging. Mannen waarop de club al jaren draait.”

Klik op Simonshaven voor het laatste artikel over de club.

Van Eijck hoopt op 11-tegen-11 competitie voor NTVV Vrouwen

Chérie van Eijck is de 24-jarige laatste vrouw van NTVV. De verdedigster draait met haar zevental een prima seizoen en weet goed waar de focus op moet liggen; volgend seizoen het liefst een 11-tegen-11 competitie spelen.

bazen

Chérie voetbalt al sinds haar zevende levensjaar. Daar begon ze in de JO7 bij NTVV, maar in het jongensteam was ze al snel uitgekeken. Ze maakte de overstap naar het MO13 team van DVV, waar ze doorstroomde naar de MO15-1 en Vrouwen 2. Diep in haar hart miste ze het oude nest wel, dus toen NTVV een damesafdeling opzette was Van Eijck er als de kippen bij. Inmiddels voetbalt ze bij het vlaggenschip van de club uit de Hoeksche Waard.

Bloemetjes plukken
“Ik ben Chérie en op het veld kan je mij vinden op de plek van laatste vrouw. Ik omschrijf mezelf als een coachende speler die de focus legt op positiviteit”, introduceert ze haarzelf verder. “Ik kom graag in contact met mijn team, zowel in het veld als daarbuiten. In mijn dagelijks leven ben ik docent en ga ik graag de natuur in”, vervolgt de voetbalster. Na een wervingsactie van NTVV zag de voetbalster het wel zitten om zich aan te sluiten bij de club. “Mijn positie was op dat moment voornamelijk bloemetjes plukken op het gras met mijn vriendjes, maar toen het seizoen vorderde wisten wij toch wel een bal te raken”, legt ze uit. Haar vader werd voorzitter en coach van de club, waardoor ze erg betrokken raakte. “Toen de jongens mijn telefoonnummer wilde hebben in plaats van tegen me te voetballen vond ik het wel welletjes en ben ik overgestapt naar DVV. Hier heb ik het jaren naar mijn zin gehad, maar ik was ontzettend blij toen NTVV een damesteam kreeg”, aldus Van Eijck.

Ontwikkelen
De ambitie van de centrale verdedigster is om uiteindelijk 11-tegen-11 te kunnen voetballen. “We spelen nu met zeventallen en de hoop is toch wel om uit te breiden. Het lijkt mij fijn om net zoals vroeger het overzicht en de rust te bewaren als echte laatste vrouw in het veld”, zegt ze. Ondanks het 7-tegen-7 voetbal draait de ploeg prima mee in de middenmoot. “Ik merk zelf dat mijn overzicht weer aardig terug is en mijn teamgenoten zich ook blijven ontwikkelen. Er is altijd ruimte voor ontwikkeling en daar streven wij als team naar”, vertelt Chérie. Daarnaast blijft de kick en adrenaline van een bal van de lijn halen ontzettend vet voor haar. Dat ze een half jaar moest stoppen met voetbal vanwege school vond de verdedigster dan ook verschrikkelijk. “Wat was ik blij dat ik daarna weer gestart ben, zeg”, voegt ze daaraan toe.

0250985_onlinebanner_Klaverblad_VJGoeree

Spil van de vereniging
Persoonlijk weet Chérie precies waar ze op moet en wilt verbeteren. “Ik denk dat veel spelers dit als doel hebben, maar ik wil mijn conditie verbeteren. Vaker en sneller kunnen sprinten is een doel dat ik wil behalen”, licht ze toe. Haar voorbeeldvoetballer is Nicolas Tagliafico: “Hij is altijd aanwezig op het veld en stapt vrijwel altijd goed en zonder twijfel in, hij gaat geen duel uit de weg. Daarnaast werkt hij ook nog eens hard.” Voor de wedstrijdvoorbereiding neemt Van Eijck altijd een pre-workout shake, zodat ze optimaal kan presteren. Daarnaast is ze ontzettend lovend over haar vader. “Hij is, zoals ik al aangaf, voorzitter en coach en daarbuiten nog bij vele dingen betrokken. Hij is voor mij de spil in de vereniging en mijn grote voorbeeld”, zegt ze trots.

Verwachtingen
Dat Chérie een echte teamspeelster is valt aan alles te merken, maar ze weet het zelf het beste te verwoorden. “Het samenzijn. Samen naar een doel werken en er alles aan doen om die te behalen. Samen vallen en samen opstaan, zeg ik altijd.” Volgend seizoen beloofd veelbelovend te worden voor de dames. “Ik verwacht wat nieuwe aanwinsten voor ons team en wellicht, als ik zo brutaal mag zijn, een stiekeme blik op een elftal”, sluit ze af.

Klik de link voor een recent artikel over NTVV.

De voetballer is nooit uit John Lopes Cruz van Nieuwenhoorn verdwenen

Het liefste had hij nog ‘gewoon’ tussen die jongens gelopen. Als assistent-trainer is John Lopes Cruz (55) even fanatiek als toen hij als speler van Nieuwenhoorn het middenveld regisseerde. “Als trainer mag je best beleving uitstralen.”

“Ik heb mijn maatje wel gevonden”, zegt Lopes Cruz over de samenwerking met Oscar Biesheuvel. “Ik kende Oscar alleen van jaren geleden toen hij speler was van Hermes-DVS. Maar het klikt tussen ons. Oscar is een voetbaldier, ik ben het. We werken fijn en met respect met elkaar. Als dat niet zo was geweest had ik niet nog een jaar bijgetekend.”
249967_CPINieuwenhoorn is in een spannende kampioensrace verwikkeld in de eerste klasse. “Het kan nog alle kanten op”, zegt Lopes Cruz. “Alle topteams gaan nog punten verspelen. Kloetinge en RVVH ook. Tegenstanders geven het ons ook niet cadeau. Ze zakken in en loeren op de counter. Het is een spannende competitie. Het wordt ook steeds weer wat drukker langs de lijn. Dat is ook leuk om te zien.”

Als voetballer speelde hij maar liefst tien seizoenen voor Nieuwenhoorn en in die periode maakte hij faam als centrale middenvelder die altijd voor het resultaat ging en met het gif in zijn donder speelde. Inmiddels is hij als trainer een mooie tweede periode bij de club aan het opbouwen.

“Dit is alweer mijn vijfde jaar”, zegt Lopes Cruz, die destijds als ‘tussenpaus’ fungeerde toen Nieuwenhoorn Steef Buijs ontsloeg. “Marco Jalink heeft dat seizoen toen afgemaakt, maar ik ben gebleven.”

Zo ging dat destijds ook als speler. Toen hij bij Nieuwenhoorn aanmeerde, had Lopes Cruz al een indrukwekkend lijstje clubs achter zijn naam: Germinal, Xerxes, Zwart-Wit’28, Tonegido. “Toevallig clubs die nu niet meer bestaan of zijn opgegaan in een fusie”, constateert met enige ironie. “Toen ik bij Nieuwenhoorn kwam was ik 29 jaar. Ik viel met mijn neus in de boter. Nieuwenhoorn zat midden in de gloriedagen. Promotie naar de hoofdklasse, waar we fantastische wedstrijden speelden. Bij iedere thuiswedstrijd waren er vijftienhonderd mensen. Het hele eiland kwam bij ons kijken.”

Lopes Cruz werd ouder, maar weigerde plaats te maken voor de jonge garde. “Toen ik eenmaal 35 was, werd er gezegd dat het wel mijn laatste seizoen zou zijn. Maar ik had zoiets van: als je betere hebt… Op mijn 39ste ben ik zelfs nog naar Spijkenisse gegaan en daar heb ik nog drie seizoenen in de eerste klasse gevoetbald. Vervolgens heb ik nog een tijd gespeeld bij Botlek in de vijfde klasse. Ik was 48 toen ik stopte. Zelfs toen twijfelde ik nog, maar ik kreeg een mooie kans om bij de jeugd van Spijkenisse trainer geworden. Later ben ik assistent geworden bij Botlek bij Arjan Vuik, voordat Nieuwenhoorn belde.”

“Als speler had ik het geluk dat ik zelden geblesseerd was. Ik heb één keer een middenvoetsbeentje gebroken, maar daar kwamen ze pas weken later achter. Al die tijd had ik gewoon gespeeld. Zelf voetballen is het mooiste wat er is. Dat zeg ik ook regelmatig tegen de jongens. Als ik dan hoor dat er spelers zijn die op hun dertigste, eenendertigste stoppen… Toen ik zo oud was, had ik nog een carrière van zeventien jaar voor de boeg, haha.”

De rol die hij nu speelt als assistent-trainer is hem op het lijf geschreven, zegt hij. “Ik ben een man van de praktijk. Niet van de theorie. Ik ben jaren geleden begonnen aan TC3. Het was al heel lastig te combineren met mijn gezin, voetballen en het eigen bedrijf dat ik toen had. Die werkstukken waren ook niks voor mij. Ik vind het prima zo, werken in de luwte. Bij Nieuwenhoorn weten ze mijn waarde op de juiste manier te beoordelen.”

Klik op Nieuwenhoorn op het laatste artikel over de club.

Rozenburg verliest twee iconen

Op 7 maart overleed René van Driest, oud-spits van Rozenburg. Een slag voor de club, die aan het begin van het seizoen al gedwongen afscheid moest nemen van een ander icoon, Cor van Seters.

Van Seters overleed op 19 augustus op 71-jarige leeftijd. Hij wordt gezien als één van de beste spelers die ooit op de velden van sportpark West rondliep. Hij was 63 jaar lid van ‘zijn’ Rozenburg.

Van Seters, die opgroeide in een gezin met drie broers, maakte op zijn zeventiende zijn debuut in Rozenburg 1. Daarvoor was hij als junior als geselecteerd voor het eilandelftal. Bij zijn debuut, op 11 februari 1967 tegen RSM, maakte hij meteen het winnende doelpunt.

Met zijn spel wekte hij de interesse van andere amateurclubs en ook het betaalde voetbal kreeg hem in het vizier. De technisch begaafde Rozenburger wimpelde alle aanbiedingen om principiële redenen af, vanwege zijn geloofsovertuiging was voetballen op zondag er niet bij.

Van Seters speelde tussen 1967 en 1983 maar liefst zeventien seizoenen voor Rozenburg 1. Zijn laatste wedstrijd voor de hoofdmacht was op 23 april 1987 tegen TOGR. Aansluitend speelde hij nog voor het tweede elftal, maar blessureleed zorgde ervoor dat hij al snel zijn loopbaan moest beëindigen. Van Seters speelde als basisspeler 341 competitie- en bekerwedstrijden waarin hij 96 keer voor Rozenburg scoorde. Met zijn club werd hij tweemaal kampioen.

‘Witte Cor’, zoals hij genoemd werd, was een voorbeeldig speler, want nooit in zijn lange carrière kreeg hij één waarschuwing. In Rozenburg wordt hij betiteld als iemand met een hart van goud.

René van Driest werd op een veel te jonge leeftijd, 59 jaar, weggenomen uit het leven. Rozenburg omschrijft Van Driest als bevlogen en nauw verbonden met zijn Rozenburg. “Een robuuste spits die mooie jaren bij Rozenburg meemaakt.” Met zijn debuut in de derde klasse beleefde hij de opmars naar de eerste klasse.

Van Driest startte bij de senioren in het tweede elftal, maar werd al snel naar het eerste elftal gehaald.  Onder leiding van trainer Aat Lagrand debuteerde hij op 2 oktober 1982 in de thuiswedstrijd tegen Hoogvliet. Hij speelde met Rozenburg vier seizoenen in de tweede klasse. Het kampioenschap in mei 1987 bij Arnemuiden met promotie naar de eerste klasse, het hoogste in het zaterdagvoetbal.

249967_CPI

Van Driest maakte zeven seizoenen deel uit van het eerste elftal. Daarna speelde hij in het tweede en derde elftal. Ook die teams kwamen destijds uit op het hoogste niveau. In 64 officiële wedstrijden voor Rozenburg was hij goed voor negentien doelpunten. In het eerste seizoen van Rozenburg in de eerste klasse was hij topscorer met acht doelpunten.

Van Driest was ook jarenlang jeugdtrainer. In 2009 werd hij met de A1 ongeslagen kampioen. Hij bracht vele uren op sportpark West door. Altijd bereid om bij te springen, brandjes te blussen en vooral individueel met jeugdspelers bezig zijn om ze beter te maken.

Klik op Rozenburg voor het laatste artikel van de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.