Home Blog Pagina 487

Kevin Koek op ontdekkingsreis bij GHVV’13

“Er gaat een nieuwe wereld voor mij open”, zegt Kevin Koek. De middenvelder annex verdediger streek afgelopen zomer neer op sportpark Guldeland bij GHVV’13 en doet dat in een omgeving die tot voor kort voor hem onbekend was.

“Het bevalt me goed hoor”, zegt Koek, die inmiddels een paar maanden in Heenvliet woont. “Ik voel me al aardig thuis en hier voetballen helpt daar ook in mee. Je wordt sneller onderdeel van de gemeenschap.”

De liefde bracht Koek van Voorschoten naar Heenvliet. “Ik woon samen met de dochter van trainer Rob Vuik”, reageert hij enigszins schamper. “Ja, de jongens maken daar wel eens grapjes over in de kleedkamer of op de training. Je weet hoe dat gaat: als schoonzoon van de trainer ben ik volgens mijn medespelers wel verzekerd van een basisplaats”, gniffelt Koek.

Gezien zijn voetbalgeschiedenis is Koek voor GHVV’13 een welkome versterking. Bij Voorschoten’97 speelde hij zelfs een periode in het eerste elftal in de tweede klasse. Het laatste optreden in de Voorschotense hoofdmacht dateert echter alweer van een paar seizoenen geleden. Een chronische enkelblessure speelde hem lang parten. “Ik heb er tweeënhalf jaar last van gehad. Ik ben geblesseerd geraakt, teruggekomen, weer geblesseerd geraakt. Het was om gek van te worden. Bij het minste of geringste schoot die enkel op slot. Uiteindelijk zijn ze er in het ziekenhuis achter gekomen wat de boosdoener was: littekenweefsel tussen mijn enkelgewrichten. Sinds ik daaraan geopereerd ben, heb ik geen last meer. Vorig seizoen heb ik gespeeld in het tweede van Voorschoten’97, dat was prima om weer terug te komen. Het is natuurlijk leuker om in een eerste elftal te spelen vanwege de aandacht.”

Koek heeft zich in de eerste maanden op sportpark Guldeland onderscheiden als speler met een goed overzicht. “Ik ben een verdedigende middenvelder. Ik ben zeker niet supersnel, maar heb een aardig loopvermogen.” Op het zes kernen-toernooi in Simonshaven was Koek door ‘schoonvader’ Rob Vuik geposteerd als centrale verdediger.

“We hebben een goede groep, maar ik heb geen idee wat ik komend seizoen kan verwachten. De tegenstanders ken ik van naam en tegen Abbenbroek hebben we geoefend, maar voor de rest wordt het een ontdekking voor me. Ik kan dan ook geen zinnig woord zeggen over onze kansen in deze competitie.”

Koek had zich al aangemeld bij GHVV’13 toen zijn nieuwe club degradeerde uit de derde klasse. “Dat was natuurlijk een grote tik voor iedereen. Ik heb een paar wedstrijden gekeken. Wat ik ervan begreep is dat de onderlinge krachtsverschillen, op de nummers één en twee na – VFC en Zuidland – heel klein waren. GHVV’13 is jammer genoeg het kind van de rekening geworden, maar ik heb niet het idee dat die teleurstelling nog steeds naijlt. Volgens mij is iedereen met een positieve houding aan het nieuwe seizoen begonnen. Of we een kunnen meedoen om het kampioenschap in de vierde klasse zal de tijd moeten leren.”

Klik op GHVV’13 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op GHVV’13 voor meer informatie over de club.

Ronan van Weelden van EBOH JO19-1 wil vast bij het eerste voetballen

0

Vandaag gaan we in gesprek met de zeventienjarige Ronan van Weelden. Hij speelt bij EBOH JO19-1 en traint de JO9-1. Op driejarige leeftijd is Ronan begonnen bij de kabouters en heeft alle jeugdteams afgelopen. Hij zit vast bij de JO19-1 selectie en maar mag af en toe mee met het eerste. Vandaag gaan we in gesprek over zijn carrière.

Ronan is woonachtig in Dordrecht en heeft maar liefst drie broers en een zus. Hij doet een opleiding Maatschappelijke Zorg. ‘’Ik zit nu in mijn eerste jaar op het Da Vinci College. Verder ben ik op driejarige leeftijd begonnen met voetballen bij de kabouters. Vorig jaar heb ik mijn debuut mogen maken bij het eerste. Ik wist toen te scoren door een penalty te maken met dank aan Noël Goossens die mij de penalty liet nemen. Ik ben onwijs blij dat ik toen van trainer Jeffrey Monster de kans kreeg bij de selectie en in de bespreking zei die ook nog: ‘je staat basis’. Mijn geluk kon toen niet meer op toen ik de penalty mocht nemen. We wonnen die wedstrijd uiteindelijk 4-1.’’

Naast dit mooie debuut op zestienjarige leeftijd wilden we ook vooral weten hoe dit seizoen gaat. ‘’Dit seizoen ben ik gewoon nog vaste speler van JO19-1 waar het tot nu toe erg goed gaat. We hebben een sterk team en wisten tot nu toe alles te winnen op één wedstrijd na, die we gelijk speelden. Ook heb ik al drie keer mee mogen doen met het eerste. Ik mocht één keer invallen in de beker. Ik mocht in de allerlaatste minuut invallen door een blessure van Robin Matena. Het leek in 0-0 te eindigen. Leroy gaf een voorzet op Noël die hem goed terug kopte waardoor ik er alleen tegenaan hoefde te lopen en de 1-0 binnen kopte in de laatste minuut. Dit seizoen gaat heel goed voor mij. Voor de JO19-1 wist ik al binnen
vier wedstrijden, tien keer te scoren. Ik vind het fijn dat ik belangrijk kan zijn voor het team, maar zonder mijn teamgenoten kan ik dit natuurlijk niet bewerkstelligen.’’

Als we meer vooruit kijken op het seizoen is Van Weelden positief. ‘’Op dit moment gaat alles heel goed. Ik maak veel doelpunten bij mijn eigen team en ben belangrijk voor mijn team. Ik hoop dat ik dit vast kan houden, want we hebben met zijn allen één einddoel en dat is kampioen worden uiteraard. Verder hoop ik dat ik nog veel minuten kan maken bij het eerste.’’

We horen veel positieve dingen in het gesprek met Ronan. Daarom vroegen we ons af of er nog verschillende hoogte- en dieptepunten zijn waar Ronan iets over kan vertellen. ‘’Mijn hoogtepunt was dus echt tegen Tricht 1 waar ik , zoals eerder verteld, in de allerlaatste minuut moest invallen en de winnende goal maakte door een goede voorzet van Leroy Verkerk en Noël die de bal heerlijk terug kopte. Een dieptepunt dat ik tijdens een toernooi in Denemarken, last van mijn lies kreeg. Gelukkig is dat sinds een paar weken weer weg.’’

Verder wilden we het hebben over de persoonlijke doelen en ambities van Van Weelden. ‘’Ik wil mezelf goed blijven ontwikkelen en het beste uit mezelf halen om een vaste speler bij EBOH 1 te worden. Verder zie ik de rest wel tegemoet komen. Ik vind het gewoon belangrijk dat ik tijdens het voetballen mijn emoties kwijt kan en even nergens meer aan hoef te denken.’’

Tot slot wil Ronan nog iemand in het zonnetje zetten. ‘’Ik wil graag een oud-trainer van mij bedanken, Jan Witman. Ik heb hem lange tijd als trainer gehad en heb veel van hem geleerd. Zowel op het veld, maar ook tactisch hoe je moet staan. Op zondag deed hij ook voor de jongens die wilden, een kracht en techniek training. Hierdoor leer je echt veel van hem. Hij heeft veel voor mij betekent op het veld, maar ook buiten het veld’’, sluit Ronan van Weelden af.

Klik op EBOH voor de laatste artikelen over de club.
Klik op EBOH voor meer informatie over de club.

NSVV stuurt MZC’11 met zevenklapper terug naar Zierikzee

NSVV verloor vorig seizoen thuis kansloos tegen MZC’11. Nu bracht NSVV een geweldige zeven tegen nul uitslag op het scorebord. Anders dan de uitslag doet vermoeden is MZC’11 weer gewoon een goede tegenstander. Deze keer swingde het Numansdorpse team tot de laatste minuut, waardoor MZC’11 kansloos was.

In de eerste helft kwam MZC’11 nog wel op voorsprong, maar de goed leidende scheidrechter Rini Laros was de handsbal niet ontgaan. Na een kwartier viel centrale verdediger Jessy Fortes geblesseerd uit en moesten de trainers van NSVV wat omzettingen doen. Jeroen Voshart werd van het middenveld naar de achterhoede gehaald om daar het spel te gaan verdelen. Het feest werd na twintig minuten geopend door Sjoerd Hofstede. Hij kreeg de bal van Simon van Rheeden op het linkerhoekje van het zestienmeter gebied en krulde met rechts de bal mooi over de keeper in de rechter kruising. Daarna waren er nog wel twee slippertjes in de NSVV-defensie. De eerste keer mocht MZC’11 spits Sander van Vossen de bal van grote afstand op het lege doel schieten en vond hij de lat. Een tweede keer gooide Michael Ouwens zich ervoor en voorkwam zo een tegendoelpunt. Breekpunt was het tweede doelpunt. Simon van Rheeden was aan het kappen en draaien net buiten de zestien en zijn tegenstander viel op de grond en hield met zijn hand de bal tegen. Achter de vrije trap gingen drie scherpschutters staan. De eerste twee liepen over de bal heen en Simon als laatste van het trio bleek de afgesproken scherpste schutter te zijn. Hij krulde de bal rechts om de muur en liet MZC’11 keeper verbouwereerd achter. Na dit tweede doelpunt ging NSVV echt goed voetballen en kwamen er verschillende kansen voor NSVV. Net voor rust was er een aanval over veel schijven. Simon van Rheeden behield het overzicht en legde de bal terug op de inlopende Peter Jan Cazander. Peter Jan heeft een sloopkogel schot in de benen, maar behield het overzicht en schoof de bal beheerst in het hoekje van het net. Met een drie tegen nul voorsprong stroomde de kantine in de rust vol met tevreden Numansdorpse supporters.

In de tweede helft was er geen verslapping bij NSVV te zien. Geen seconde kreeg MZC’11 hierdoor het gevoel dat er op een of andere manier nog eer te behalen was aan deze wedstrijd. Als snel bediende Jasper Huisman spits Simon van Rheeden op maat en weer wist Simon het net te vinden. Vervolgens moest er een speler van MZC’11 met rood naar de kleedkamer. De samenwerking tussen Jasper en Simon was beide heren goed bevallen, want Simon tikte zijn derde van de middag binnen na weer een goede voorzet van Jasper Huisman. Aanvoerder Mitchel Louwerens wilde ook graag een duit in het zakje doen. Dwars door het hart van de MZC’11 defensie combineerde hij met Simon van Rheeden en de bal eenmaal terugontvangen knalde Mitchel de bal lekker in de hoek van het doel. Veel ploegen hadden het prima gevonden bij een zes tegen nul voorsprong, maar niet dit gulzige team uit Numansdorp. Typerend voor deze goede spirit was Sjoerd Hofstede die in de tachtigste minuut nog even een volle sprint aanging en de diepte zocht. Aanval afgeslagen, geen probleem Sjoerd sprintte terug om zijn mannetje verdedigend weer op te pakken. De diepgang van Sjoerd werd ook opgemerkt door spelverdeler Peter Jan Cazander. Vijf minuten later gaf Peter Jan een schitterend boogballetje precies tussen de laatste man en de keeper van MZC’11. Sjoerd was er als de kippen bij en tikte de bal langs de keeper in het doel. Het publiek had genoten en ging proberen de overvolle kantine binnen te komen voor het volgende feest, de jaarlijkse WIR WAR bij NSVV.

Alle topploegen wonnen hun wedstrijd. Volgende week staat de laatste wedstrijd van de eerste periode op het programma. NSVV staat bovenaan, in punten gelijk met Zuidland. NSVV heeft in deze competitie de meeste doelpunten gemaakt en de minste tegen gekregen en hierdoor heeft NSVV een 4 doelpunten beter doelsaldo dan Zuidland. De teller voor NSVV staat na 7 wedstrijden op maar liefst 29 doelpunten voor en 8 tegen. Vooral de derde wedstrijd op rij met 0 tegendoelpunten is een belangrijke ontwikkeling. Volgende week staat een mooie uitwedstrijd op het programma tegen Hellevoetsluis. Samen met DBGC staat Hellevoetsluis 2 punten achter NSVV en Zuidland. Kortom volgende week gaan deze vier ploegen vol voor de eerste prijs van dit seizoen strijden en NSVV heeft er zin in.

Opstelling NSVV:
Jarmo Hartgers, Jessy Fortes (17e Jack van Eijmeren), Michael Ouwens (81e Boyd van Andel), Kjetil Mol (69e Fabian Korbijn), Jerzy van Bergen, Jeroen Voshart, Peter Jan Cazander, Sjoerd Hofstede, Jasper Huisman, Simon van Rheeden (69e Wessel Schouwink), Mitchel Louwerens

Ruststand: 3-0
Eindstand: 7-0

Scoreverloop:
21e min.           1 – 0    Sjoerd Hofstede
30e min.           2 – 0    Simon van Rheeden
44e min.           3 – 0    Peter Jan Cazander
51e min.           4 – 0    Simon van Rheeden
59e min.           5 – 0    Simon van Rheeden
67e min.           6 – 0    Mitchel Louwerens
86e min.           7 – 0    Sjoerd Hofstede

Geschreven door: Bas Snijders
Foto gemaakt door: Cindy Vos

Klik op NSVV voor de laatste artikelen over de club.
Klik op NSVV voor meer informatie over de club.

Moeizame overwinning Papendrecht

Papendrecht heeft de uitwedstrijd tegen Streefkerk met 0-1 winnend afgesloten. Makkelijk ging het echter niet. Weliswaar had Papendrecht het meeste balbezit maar tot gevaarlijke situaties voor het Streefkerk-doel kwam het maar sporadisch.

De beide vleugelspelers Jay Luciano en Jarden van Ek toonden wel weer de gebruikelijke snelheid maar de eindpass kwam er dit keer niet uit. Ook het centrum was het moeilijk door te komen tegen een stug verdedigend Streefkerk. Toen ook de afstandsschoten de goede richting misten, werd het duidelijk dat het wel eens een moeilijk middagje zou kunnen worden. De beste kans in de eerste helft kwam pas in de 40e minuut. Uit een hoekschop kopte Lorenzo van Wijk de bal richting de bovenhoek. Streefkerk-doelman Jurian Vet redde echter fraai.

De tweede helft begon goed. Een afstandsschot van Djerrel Saffignani werd door Vet tot hoekschop verwerkt. Uit deze hoekschop kopte Lorenzo van Wijk nu wel raak. Streefkerk bleef daarna aanvankelijk dezelfde verdedigende tactiek handhaven en loerende op een counter. De Papendrechtse verdediging bleef echter attent. Het duurde tot de 73e minuut voordat Papendrecht-keeper Roy Rijntjes het eerste serieuze werk kreeg. Een schot van Olaf Wols tikte hij bekwaam uit de rechter benedenhoek. Kort daarvoor had Papendrecht zomaar op 0-2 kunnen komen toen Luciano de bal keurig breed legde op Van Wijk waardoor deze alleen op de keeper af kon gaan maar hij stuitte op de Streefkerk-goalie. Bovendien raakte hij hierbij geblesseerd en moest zich laten vervangen door Sem Meulstee. Het laatste kwartier begreep Streefkerk dat er wellicht meer in zat en zocht, luid aangemoedigd door een schare supporters achter het Papendrecht-doel, de aanval op. Maar ook Papendrecht liet zien goed te kunnen verdedigen en als er een bal doorkwam, stond daar altijd nog de betrouwbare Rijntjes. Zo eindigde het duel in 0-1.

Omdat EBOH in de slotfase nog de overwinning greep, moet Papendrecht nog een week wachten om de periodetitel binnen te halen. Thuis tegen Alblasserdam is waarschijnlijk een gelijkspel genoeg, gezien het grote verschil in doelsaldo. Maar winnen is natuurlijk altijd beter. We rekenen op een spannende derby en veel steun voor Papendrecht.

Papendrecht: Rijntjes, Van Rooijen, Baars, Ruiz, Van der Werff, Leenheer, Nieveld, Saffignani (Stellingwerf), Luciano, Van Wijk (Meulstee), Van Ek.

Klik op VV Papendrecht voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Papendrecht voor meer informatie over de club.

Jordi Breestraat, van vv Zuidland, op zoek naar zijn top

Jordi Breestraat keerde deze zomer terug bij zijn oude jeugdliefde Zuidland. De rechtsbuiten annex rechtermiddenvelder wil bij zijn nieuwe club laten zien dat ook hij goed genoeg is voor de tweede klasse.

Breestraat gaat bij ‘Sland’ op zoek naar de bevestiging dat hij ook een hoger niveau aankan. Na PFC, de jeugd van Zuidland, de jeugd van Spijkenisse en vier seizoenen GHVV’13 is de terugkeer bij zijn oude liefde voor hem een logische vervolgstap in zijn carrière. “Ik ben nieuwsgierig waar mijn top als voetballer ligt. Bij GHVV heb ik het uitstekend naar mijn zin gehad, maar als voormalig speler van het hoogste jeugdelftal van Spijkenisse heb ik meer in mijn mars. Ik ben 23 jaar en als ik nog wat wil moest het nu gebeuren. Ik had mijn vertrek al bekend gemaakt voordat we met GHVV degradeerden.”

Zijn avontuur op sportpark Guldeland, waar hij regelmatig goed was voor een doelpunt of elf per seizoen, kende dus geen happy-end. “Aan het begin van de tweede competitiehelft stonden we nog derde. Daarna is het met resultaten snel bergafwaarts gegaan. Dat we degradeerden was een bittere pil. Het was niet het afscheid dat ik er van voorstelde.” Op vrijwel hetzelfde moment dat GHVV’13 een stapje terig moest doen, promoveerde Zuidland naar de tweede klasse. “Met VFC had Zuidland de beste ploeg in de derde klasse afgelopen. Dat merkte je ook al toen wij er tegen speelden. Er zat veel voetbal in, de derde man werd snel gevonden.”

Breestraat nam die manier van spelen mee in zijn keuze. “Het voordeel van Zuidland was ook dat ik er veel jongens ken van vroeger. Dat is toch anders binnenkomen dan dat je niemand kent en je moet voorstellen.” En Breestraat liet zich in de voorbereiding meteen zien. In de eerste drie wedstrijden scoorde hij vier keer. “Als nieuwkomer wil je je bewijzen”, zegt hij. “Mijn voordeel is dat ik tweebenig ben. Ik kan op veel posities uit de voeten, al heb ik wel een voorkeur voor de rechtsbuitenpositie.”

In de eerste maanden in Zuidlandse dienst werd Breestraat, die monteur is van tankcontainers, door trainer Tom Larsen gebruikt als rechtsbuiten, maar ook als rechtermiddenvelder. “We hebben in de voorbereiding geoefend met twee systemen: 4-3-3 en 4-4-2. In dat laatste systeem ben ik de buitenste middenvelder. In de tweede klasse kom je er niet met alleen 4-3-3.”

Die tweede klasse, met een grote Zeeuwse inbreng, wordt voor Breestraat en zijn ploeggenoten een ontdekking. “Veel clubs kende ik niet eens van naam”, bekent hij. “Hellevoetsluis is de enige ploeg uit de regio, voor de rest zijn het voor mij allemaal onbekende teams. Ik heb dan ook geen idee wat we kunnen verwachten.”

“We zijn nieuw in de tweede klasse, dus we gaan van handhaving uit. ”Zelf hoopt hij weer een stapje te kunnen zetten in zijn ontwikkeling. “Met Tom Larsen hebben we één van de beste trainers van de regio. Hij geeft je veel aandacht als speler. Met mij is hij vooral bezig geweest met de omschakeling van aanval naar verdediging. Dat was inderdaad een minder punt van mij, ik had nog wel eens last van een rouwmoment na een mislukte actie. Dat moet er dus uit.”

Klik op vv Zuidland voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Zuidland voor meer informatie over de club.

Passie Jaapjan Hoogerdijk is onbegrensd

Als Jaapjan Hoogerdijk begint te vertellen over voetballen, kan hij niet stoppen. Zijn passie voor het spelletje is ongekend, zijn enthousiasme bij Spijkenisse is wellicht nog groter. Vandaar dat zijn ‘dubbele’ baan is verklaard.

Hoogerdijk (42) is trainer van de JO16-2 en JO14-4 en dat zijn niet geheel toevallig de teams waar zoons Wessel (15) en Milan (13) furore in maken. “We zitten er als familie helemaal in”, zegt hij met een grote grijns op zijn gezicht. “Ik vind het fantastisch. Ik weet dat er een moment komt dat die jongens zeggen: pap, we willen een keer ook een andere trainer, maar vooralsnog heb ik dat niet gehoord. Ik heb ook nog een dochtertje. Ze is inmiddels zeven, maar toen ze klein was en mijn vrouw moest werken op zaterdag zat ze in de buggy bij de dug-out.”

Praten met Hoogerdijk is praten in anekdotes. Zo beschrijft hij de weg naar het voetbalveld toen zijn zoon Wessel zeven jaar was. “Ik ben een enorme Feyenoord-supporter en helemaal idolaat van voetbal. Ik was dan ook hartstikke blij dat ons eerste kind een jongen was. Ik zag het al helemaal voor me: papa met zoonlief naar het voetbalveld.”

Dat bleek echter minder vanzelfsprekend dan gedacht. “Wessel heeft tot zijn zevende eigenlijk geen buitensporige interesse getoond voor voetbal. Hij had er niet zo veel mee. Totdat hij terugkwam van school waar hij voetbalde met vriendjes. Hij liet zich ontvallen dat hij voetbal ook wel leuk vond. Dat heb ik mij geen tweede keer laten zeggen: ik heb nog dezelfde avond een mail gestuurd naar VV Spijkenisse, mijn oude club. Ik kreeg al snel een reactie en die was teleurstellend: we zitten vol. Maar de club ging wel kijken naar een team extra. In de vakantie kregen we bericht dat het toch gelukt was. Wessel blij, zijn vader nog blijer.”

Hij werd al snel trainer. “Door toedoen van andere ouders. Die jongens hadden een trainer maar die had een drukke baan. Die kwam daardoor vaak wat later op de training. Ik nam het dan over en zetten dan alvast wat pionnen klaar. Na een halve wedstrijd coachen hebben de ouders bij de club aangedrongen om mij trainer te maken.”

Tot de dag van vandaag doet hij dat op zijn manier: met passie, enthousiasme, fanatisme en veel vrolijkheid. “Ik heb snel een klik met die jongens. Vorig seizoen begonnen we in het team met Milan met een mengelmoesje. Er waren negen spelers van het ene team en zeven spelers van het andere team. Ik ben echt een teambuilder. Ik zeg ook altijd: we winnen, maar verliezen ook met elkaar. De keeper kan een fout maken en de spits kan drie kansen missen. Die formule van enthousiasme en hameren op teamspel werkt. Je ziet jongens echt groeien.”

Dat Hoogerdijk een geboren inspirator was, was ook Spijkenisse niet ontgaan. Hij werd benaderd om trainer te worden van een Pre-selectieteam. “Dat is een team tussen de academy en de breedtesport met jongens die potentie hebben. Dat ze mij benaderen vond ik een eer. Ik ben er trots op dat vijf jongens die wij onder onze hoede hebben gehad zijn doorgestroomd naar de academie. Eén jongen speelt zelfs bij PSV.”

Trainer zijn van twee elftallen is een drukke business. “Ik heb een paar jaar op maandag, dinsdag, woensdag en donderdag training gegeven”, zegt Hoogerdijk. “Maar de afgelopen drie, vier seizoenen heb ik twee trainingen op één dag. Ik ben om half zes op de club en ben half negen klaar. Dat is prima te doen. Ook al omdat ik bij beide elftallen een geweldige staf heb. Tinus Neuschwanger ken ik al van het begin. Op zaterdag is het soms racen, maar het past altijd wel. Maar het komt wel eens voor dat ik om half negen in Ouddorp moet zijn met het ene team, en om half één in Mijnsheerenland.”

Klik op VV Spijkenisse voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Spijkenisse voor meer informatie over de club.

SV Noordeloos Vrouwen 1: van nieuwe speelsters tot oude rotten

Vandaag zijn we in gesprek met de dames van SV Noordeloos Vrouwen 1. Sinds drie oktober dit jaar zijn ze als vrouwenafdeling van twee teams naar één team gegaan. De vrouwen zijn actief in de vierde klasse en vandaag krijgen we een inkijkje binnen dit team.

Voorstellen
SV Noordeloos Vrouwen 1 is een team wat bestaat uit 28 speelsters (waarvan een aantal geblesseerden). ‘’We bestaan uit speelsters die net zijn begonnen met voetballen en oude rotten in het vak. Een team waarbij iedereen welkom is en gezelligheid hoog in het vaandel
staat.’’

Divers team
We waren benieuwd wat dit team zo uniek maakt. ‘’We zijn een erg divers team van diverse niveaus. Toch kunnen we allemaal door één deur, waarin het leeftijdsverschil nauwelijks merkbaar is. Het team bestaat uit rasechte Noordelozers en wordt aangevuld door zeer waardevolle import uit bijvoorbeeld Meerkerk, Ameide en Hoornaar.’’

Hoogte- en dieptepunt
Het samenvoegen van de twee teams is tegelijkertijd het hoogte- en het dieptepunt voor dit team. ‘’Dit is het hoogte- en dieptepunt, omdat wij in eerste instantie allemaal behoorlijk baalde van het wekelijkse tekort aan speelsters. Op deze manier konden wij niet verder voetballen. Hierdoor waren we genoodzaakt om van twee teams, één team te maken. Dit was voor iedereen een grote verandering en vereiste best wat aanpassingsvermogen van alle speelsters en trainers. Echter nu deze stap genomen is, lijkt dit de beste keuze te zijn en speelt iedereen op haar eigen niveau. De combinatie van dames van VR1 en dames van VR2, maakt dat er opnieuw veel van elkaar geleerd kan worden.’’

De trainingen
Noordeloos Vrouwen 1 traint elke maandag en woensdag met een ontzettend grote groep. ‘’Hierin zijn wij, maar voornamelijk onze trainster, nog erg op zoek naar de meest functionele manier om te trainen. Een manier die voor iedereen leuk en uitdagend, maar ook haalbaar is. Aan de inzet van de speelsters en trainster zal het in ieder geval niet liggen.’’

Bijnamen
Het team bestaat uit alleen maar kleurrijke figuren. ‘’We zullen vandaag even alle bijnamen op een rijtje zetten.’’

  • Nicole → Nikoole
  • Amber → Gevaarlijk spel
  • Geerte→ Van Gaal
  • Helga→ Oma
  • Noortje → De chef
  • Roos→ Leen uitschuifbeen
  • Simone→ De slider
  • Anna→ de klever
  • Anne→ De rugzak
  • Annet→ Loopt te veel
  • Caren → Stef stuntpiloot
  • Ingrid → Voet op de bal
  • Janey → zakdoek in je sok
  • Joelle→ Pechvogel
  • Kim→ De linkspoot
  • Linda→ Nieuwe Slobber
  • Naomi → De moeder
  • Janneke → Blommie
  • Nienke Blom→ Blommie 2
  • Nieke van der Ham → Broekie 1
  • Nathalie → Naat aka Broekie 2
  • Roxanne → Tweebenig wonder
  • Sophie → Het beest op doel
  • Esmee → De ballerina
  • Desiree→ De Boombox
  • Chantal → De brommer
  • Yneke → De nieuwste aanwinst
  • Annemarie → De stille kracht
  • Anneliza → Altijd op de grond.
  • Anouk → Te lang geblesseerd 🙁

Weekendje weg
De dames van Noordeloos hebben elk jaar een weekend weg met het hele team, ook wel trainingskamp genoemd. ‘’Daarnaast hebben wij een uitjescommissie die zorgen voor het nodige vermaak. Natuurlijk staat Noordeloos ook bekend om de geweldige feesten in de kantine.’’

Ambities
Als laatste vroegen we nog naar de ambities van dit elftal. ‘’We hopen dit seizoen leuk mee te kunnen doen en onze draai te kunnen vinden in de vierde klasse. Daarnaast hopen we iedereen te kunnen behouden door het sportief en gezellig te houden. Verder hopen we dat meer dames uit de regio zich aansluiten bij dit gezellige team!

Wij wensen Noordeloos Vrouwen 1 veel succes dit seizoen!

Klik op SV Noordeloos voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Noordeloos voor meer informatie over de club.

‘Die meiden horen niet alleen, ze luisteren ook’

Als trainer van de dames bij Eindhoven 2, leerde Wil Kuijpers afgelopen seizoen die van DSE kennen. Toen bleek eens te meer: het wereldje is maar klein. Dus toen ze in Etten-Leur een nieuwe trainer zochten, wisten ze hem te vinden. “Die meiden horen niet alleen, ze luisteren ook.”

Wat hij daar precies mee bedoelt, is eigenlijk heel simpel. “Horen is alleen weten wat ik bedoel, luisteren is het ook echt uitvoeren.” Daar ligt volgens de 54-jarige Kuijpers dan ook meteen de grootste uitdaging als trainer in het vrouwenvoetbal. “Je moet heel goed communiceren en duidelijk uitspreken wat de bedoeling is. Ze komen echt terug als je wat hebt gezegd.” Bewust zijn van, dus. “Uitspraken moet je heel precies formuleren, ik bedoel eigenlijk dit. Consequent en integer zijn, mannen gaan daar veel makkelijker mee om.” Juist dat, maakt de omgang voor hem zo mooi. “Het is iets moeilijker, maar anders wordt het saai.”

Goed geregeld
Kuijpers kan het weten, want na bijna zeven jaar als trainer bij de jeugdacademie van PSV, weet hij het verschil. Al maakt dat eigenlijk maar weinig uit. “Ik weet niet zo goed wat het is, maar het is zo mooi om te doen.” Sinds 2014 in het vrouwenvoetbal. “Jarenlang heb ik een voetbalschool gehad, met heel veel goede meiden, dia ga je dan volgen. Zo kwam ik bij DIA terecht, daar hadden ze een trainer nodig.” Van het één, kwam het ander.

“Mijn zoontje speelde in die tijd bij PSV, dus in het weekend kon ik eigenlijk niet, maar het beviel zó goed. Toen heb ik maar iets geregeld, zodat ik er op zaterdag toch bij kon zijn.” Vervolgens kwam de Tilburger, die ook nog actief was bij JEKA, dus via Eindhoven, terecht bij het eerste van DSE. “Sinds het eind van de vorige competitie, dit wordt mijn eerste volledige seizoen. Het is een warme club, met een eigen DNA en alles is ontzettend goed geregeld. Wedstrijden met de bus, een vaste fysio, noem maar op. Het wordt echt breed gedragen.”

Samen voetballen
Niet alleen op het veld, ook in het dagelijks leven is Kuijpers omringd door het andere geslacht, zo vertelt hij. “Ik was leidinggevende, maar ben toen overgestapt naar een woonwinkel, met 22 vrouwen.” Waarom? “Ze zeiden dat het ‘moeilijk’ zou worden, dat wil ik dan nog wel eens zien.” Maar tot nu toe, gaat het hem prima af. “Vrouwen komen al hun afspraken na, wij mannen zijn daarin veel slordiger. Dat zie je ook op het veld. Als ze een opstelling moeten maken, duurt dat best even, jongens lopen gewoon naar een positie.”

Toch voelt Kuijpers zich, in dat wereldje, helemaal thuis. “In het meidenvoetbal is de weg naar Oranje of een BVO zo kort, dat is veel makkelijker te bereiken. Als je daar dan je kennis en ervaring in kunt delen, is dat iets moois.” En dat is maar goed ook, want met een kampioenschap en promotie naar de topklasse, wordt er dit seizoen veel gevraagd van DSE. “In die competitie lopen bij iedere ploeg vijf of zes goede speelsters, plus duidelijke patronen, dat moet er bij ons nog een beetje meer in komen.” Kuijpers vervolgt. “Meer samen voetballen. Zonder bal, zijn ze beter dan met bal.”

Pareltjes
Gezamenlijke inzet, schouders eronder en gaan. “Trappen, aannemen, wenden en keren, dat zit bij mij altijd in een training. Harder en zuiverder leren passen. Dan moet ook de handelingssnelheid omhoog.” Net als bij een simpele rondo. “Dan doen we verplicht twee keer raken, snel aannemen en passen. Als we die basis kunnen verfijnen, gaan we daar zeker weten voordeel uithalen. Onderbewust sta je straks dan veel makkelijker op het veld.”

Kuijpers ziet dat, behalve de populariteit, ook het niveau de laatste jaren enorm is gestegen. “Bij DSE hebben we 38 dames voor één en twee, dat is gigantisch. De kwaliteit gaat gewoon omhoog, je krijgt echt specialisten per positie.” Niet heel gek, dat hij daar dan ook op hamert. “Heel vaak vraag ik in gesprekken aan ze: wie ben je als speelster? Het is natuurlijk meer dan talent alleen.” Met die ontwikkeling, is de trainer vanzelfsprekend meer dan verheugd. “De jeugd die nu doorkomt. Daardoor komen steeds meer pareltjes tevoorschijn.”

Interactie
Ook buiten het veld geniet Kuijpers zichtbaar. “Er is meer betrokkenheid dan bij de heren. Dames helpen allemaal mee, die vinden het veel leuker om dingen met elkaar te delen. Daarin zie je dat het breder wordt gedragen.” Daar ligt volgens hem dan ook nog een belangrijke uitdaging, wat betreft ontwikkeling. “Als je op judo gaat, krijg je training van iemand in een judopak. Bij voetbal is het tot een jaar of tien dan toch nog vaak een welwillende ouder, terwijl kinderen juist in de onderbouw ontzettend veel te leren hebben. Dus als we het niveau nog verder omhoog willen, zullen de trainers ook beter moeten.” Daar doet hij zelf, voorlopig nog wel eventjes, in ieder geval alles aan. “Op het veld staan, is het leukste wat er is. De interactie met die speelsters, ik geniet er nog iedere dag van!”

Klik op DSE voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DSE voor meer informatie over de club.

Voor Sebregts en Unitas’30 is promotie één groot avontuur

Tijdens zijn eerste seizoen bij de club, viel Jeroen Sebregts meteen met zijn neus in de boter. De doelman maakte de overstap van VVC’68 naar Unitas’30, groeide uit tot eerste keeper en werd kampioen van de eerste klasse. “Het was een topseizoen, met een topselectie. Alles viel op zijn plek!”

Een mooie bekroning, of zoals de 26-jarige Sebregts het zelf met gevoel voor understatement weet te omschrijven: “Je kunt het slechter treffen.” En dat terwijl de keuze voor Unitas’30, nog geen gemakkelijke was. “Ik voetbalde met veel plezier met mijn vrienden bij vierdeklasser VVC’68, moet je dat dan opgeven? Maar het plaatje hier klopte. Als ik nog wat wilde, moest ik het gewoon doen.” Na een seizoen bij Halsteren zaterdag, miste de sluitpost vooral de gezelligheid die hij de drie seizoenen daarvoor bij Steenbergen wel had ervaren. De stap terug was een bewuste. “Verschillende spelers van Steenbergen gingen toen ook naar VVC’68, net als de trainer van destijds.” Toch bracht zijn ambitie Sebregts richting Etten-Leur. Een stap omhoog en in het begin even schakelen. “Je moet wennen aan het team, maar eigenlijk is het voor de rest vrij vlot verlopen. Na een wedstrijdje of drie, groei je mee met het niveau.”

Iets bijzonders
Maar dat dat meespelen zou zijn om promotie naar de vierde divisie, hadden ze ook bij Unitas’30 niet helemaal verwacht. “De doelstelling was in eerste instantie gewoon om zo snel mogelijk veilig te spelen en heel misschien meedoen om een prijsje. Dat liep even anders.” Toch had Sebregts al vrij snel een heel goed gevoel, over afgelopen seizoen. “Er zat vanaf het begin veel voetbal in, maar we waren wisselvallig. Toen we uit bij DHC verloren, dacht ik wel even: oei! Maar na de wedstrijd tegen SC ‘t Zand (gelijkspel), voelde je dat het wat bijzonders kon worden. Toen waren we veel beter.” Een goede reeks volgde. Mede dankzij het trainersduo Hendrikx en Van Vugt. “Joris is tactisch heel sterk, terwijl Eddie echt tussen de spelers staat. Dat is denk ik een goede combinatie.”

Slimmigheidjes
Maar ook binnen het veld, heeft Unitas’30 een mooie mix van spelers, vertelt Sebregts. “Jong en oud, kwaliteit en ervaring. De jeugd bonkt ook alweer op de deur.” Stiekem toch een beetje de sleutel tot succes, denkt hij. “De breedte van onze selectie. Als we vorig seizoen moesten wisselen, werd het er echt niet slechter van.” Dit jaar wordt dat een grotere uitdaging, verwacht de goalie. “Het grootste verschil nu, is toch wel de ervaring. Er zijn er een paar gestopt of vertrokken. Ik ben 26, maar de op twee na oudste.” En dat merk je, in de vierde divisie. “Bepaalde slimmigheidjes, die moeten wij nog leren. Met foutjes kom je nu ook niet meer weg, dat is een stukje volwassenheid.” Sebregts ziet het dan ook eigenlijk allemaal als één groot avontuur. “Niemand van ons heeft ooit op dit niveau gespeeld. We moeten ervoor zorgen dat we erin blijven, de rest is mooi meegenomen.” Maar wel met hun eigen speelwijze. “Taken uitvoeren, vanuit de discipline, is nu nog belangrijker. Als je een keertje dekt op twee meter, is het daarna vijf.”

Dromen mag
Ook als doelman merkt hij het verschil. “Spitsen ronden beter af, dus moet je nog beter positie kiezen.” Gelukkig is dat precies zijn specialiteit. “Ik ben sterk in de één tegen één, maar probeer het vooral ook coachend goed weg te zetten. En meevoetballend ben ik vrij rustig.” Dat laatste is overigens niet zo heel gek, blijkt. “In de jeugd heb ik, tot mijn vijftiende, altijd gevoetbald. Bij Rimboe.” Een bijzonder verhaal. “Op een keer kwam de keeperstrainer langs, of ik niet mee wilde doen. Dat was eigenlijk meteen heel leuk. Zo is het begonnen.” Maar dat Sebregts jaren later in de vierde divisie zou keepen, had hij toen zelf ook niet verwacht. “Bij Rimboe kregen we vaak bijna honderd goals per jaar tegen, dan heb je niet per se het idee dat je opvalt. Van een dorpje naar de derde klasse, vond ik toen al mooi. Nu speel ik hier.” Wie weet waar het eindigt, voor de inwoner van de Wouwse Plantage. “Misschien maak ik straks nog wel een stapje. Dromen mag toch?”

Klik op Unitas’30 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Unitas’30 voor meer informatie over de club.

‘Via Spanje naar Internos en de derde klasse’

Vijf seizoenen in de jeugd van RBC Roosendaal, voetballen in Spanje en bij zijn terugkeer kampioen worden met Internos. De afgelopen jaren waren voor Moreno Mertens allesbehalve saai. En de komende maanden wacht alweer een nieuwe uitdaging: de derde klasse.

De nu 28-jarige Mertens had toen, net als ongeveer ieder ander jongetje van zijn leeftijd, eigenlijk maar één droom: profvoetballer worden. Bij de stadionclub uit Roosendaal leek de verdediger goed op weg, maar een faillissement gooide vroegtijdig roet in het eten. “Als je in je hoofd, eindelijk die knop hebt omgezet van ‘het zit er niet meer in’, is het best moeilijk om door te gaan.” Helemaal toen dat moment voor de rechtsback kwam tijdens zijn eindexamenjaar op de middelbare school. “Ik wist niet goed wat ik wilde gaan studeren, ben toen naar Internos gegaan en kwam vervolgens in Spanje terecht.” Via een studiebeurs en taalschool, om het toch nog één keer te proberen. “Je wilt later ook geen spijt krijgen.”

Dubbel gevoel
Mertens speelde tijdens dat avontuur tegen een mooi rijtje Spaanse clubs, bleef hangen voor zijn studie en maakte de meest bijzondere dingen mee. “Het was echt een dorpsclub, ons complex en stadion bestond uit één veld.” Maar na een aantal fraaie herinneringen, kwam ook daar uiteindelijk een einde aan. “Ik was er wel een beetje klaar mee. Het boek van de voetbal gaat een keer dicht, dan moet je realistisch zijn.” Mertens keerde terug naar Nederland, maar niet op een voetbalveld. “Twee jaar lang heb ik niet gevoetbald, tot ik vier seizoenen geleden Rick van Oostende, een oud-teamgenoot, tegenkwam in de sportschool. Of ik het niet leuk vond om weer aan te sluiten.”

De overstap van Internos naar de zaterdag trok de verdediger uiteindelijk over de streep, toch blijft het soms nog even wennen. “Haha, ik mis het leven in Spanje wel hoor. Ik heb het hier en op dit niveau goed naar mijn zin, maar het gevoel is soms een beetje dubbel.” Net als bij het kampioenschap in de vierde klasse, van afgelopen seizoen. “Het verschil in kwaliteit was heel erg groot, steeds spelen tegen ploegen die inzakken of winnen met 10-0 is niet leuk. Eigenlijk waren er met MOC’17 en Steenbergen maar twee tegenstanders waar het echt om ging. Daar leefde je naartoe.”

Meer tegenstand
Toch zag Mertens, in het dagelijks leven werkzaam bij NOC*NSF, dat het tegen de twee grootste concurrenten niet vanzelf ging. “Precies op dat moment, gaven we niet thuis. Dat kwam hard aan. Gelukkig hebben we ons daarna, juist tegen hen, goed herpakt.” Extra knap, zo denkt de inwoner van Etten-Leur. “Mentaal speelde dat best wel een rol in het team. Weinig tegenstand, minder serieus, dan ga je toch sneller afmelden. Dat merk je aan kleine dingetjes.”

Maar uiteindelijk, was er volgens hem maar één ploeg die het kampioenschap het meest verdiende. “Tegen Vrederust gaven we het bijna nog weg, maar ik vond ons afgelopen jaar de beste.” En dus mag Internos zich dit seizoen, gaan bewijzen op een niveautje hoger. In de derde klasse. “Binnen de groep hebben sommige jongens het al over promotie, ik ben zelf wat terughoudender. Vooral heel benieuwd hoe we het gaan doen met meer tegenstand.” Een voorspelling, durft Mertens voorlopig nog niet aan. “Daarvoor ken ik de competitie niet goed genoeg, maar we hebben wel een ploeg met veel kwaliteit.”

Volle bak
Daar maakt hij zelf, als rechtsback, een belangrijk onderdeel van uit. “Een dienende speler, verdedigen is echt mijn ding. Afpakken en de bal naar de goede kleur spelen.” Al blijft hij, ook op dat vlak, zichzelf ontwikkelen en uitdagen. “Ik probeer steeds vaker aanvallend mijn steentje bij te dragen, dat lukt steeds meer, maar kan nog altijd beter.” Wonend op 200 meter van het sportpark, staat Mertens alvast te trappelen. “Echte wedstrijden en er iedere week moeten staan. De spanning om volle bak te moeten gaan!”

Klik op Internos voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Internos voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.