Home Blog Pagina 454

Goede start, maar Hermes-DVS voelt zich geen topfavoriet

Hermes-DVS is uit de startblokken geflitst in de vierde klasse E. Behalve vier overwinningen vallen ook de indrukwekkende cijfers van de Schiedamse club op: Hermes-DVS maakte maar liefst 23 goals, waarvan er acht tegen BZC/Zuiderpark en zes tegen De Egelantier Boys.

Trainer Gokhan Cayir wil desondanks niet van een favorietenrol voor zijn pupillen weten. “We hebben geluk met het programma. We hebben zeker niet de sterkste teams van de afdeling gehad. Er is dit seizoen sowieso geen topfavoriet. Vorig seizoen was dat er één, Victoria’04, dat ook kampioen is geworden. Wij kwamen net tekort. Dit seizoen zijn er meerdere favorieten”, wijst de oefenmeester naar MSV’71, Rotterdam United, Maasdijk en PPSC. “Het niveau van de vierde klasse is veel hoger dan dat van vorig seizoen. Vorig seizoen kon je je als team nog veroorloven om tegen de zwakkere ploegen niet aan te staan, maar nu zitten er geen makkies meer bij. Het zegt genoeg dat uit derde klasse gedegradeerde clubs het moeilijk hebben.”

Cayir heeft bij Hermes-DVS het voordeel dat hij nauwelijks hoefde te sleutelen aan zijn elftal. “We hebben alleen maar Hermes-jongens, die gaan niet zo snel ergens anders voetballen.” Daarnaast verwelkomde de trainer een oude bekende: Kick Kerklaan (24) keerde terug op het oude nest. “Een sterke middenvelder met winnaarsmentaliteit”, toont Cayir zich zeer blij met zijn aanwinst. De belangrijkste verandering zit hem dit seizoen echter in de tactiek. Die is volgens Cayir aanvallender geworden. “Je moet die jongens blijven uitdagen”, zegt Cayir. “Vorig seizoen speelden we meer op de counter, nu nemen we meer het initiatief.”

Dat heeft al tot 23 goals voor geleid. “Maar ook acht tegen. Dat is het risico, dat je ruimte weggeeft. Maar we gaan er wel gewoon mee door. Onze doelstelling is een periodetitel pakken.”

Klik op Hermes DVS voor de laatste artikelen voer de club.
Klik op Hermes DVS voor meer informatie over de club.

Maurice van Veldhooven: Fysiotherapie en Sportbegeleiding bij o.a vv Maasdijk

AdFysio uit De Lier en heeft met bijna elke voetbalclub uit de regio Westland wel een samenwerking of anders begeleid het individueel spelers om weer terug te komen op hun oude niveau. Maurice van Veldhooven is de Medisch Coördinator van VV Lyra, ODIS, VALTO en VV Maasdijk en SV Den Hoorn. ,,Gezond eten en drinken is ook belangrijk om een topvoetballer te worden.’’

Maurice van Veldhooven (45) heeft als oud atleet en ex-voetballer van Westlandia veel ervaring in gerichte ondersteunende training op fysiek gebied. Sinds 2012 is Van Veldhooven mede-eigenaar van AdFysio gevestigd aan de Hoofdstraat in De Lier. Als sportfysiotherapeut bij AdFysio kan hij als specialist op het gebied van bewegend functioneren een toegevoegde waarde zijn voor de sporter. Bij VV Lyra, ODIS, VALTO , VV Maasdijk en SV Den Hoorn hebben we afspraken over medische verzorging.

Op de avonden dat de selectie elftallen trainen is er verzorging aanwezig. De locatie aan de Hoofdstraat in De Lier is en blijft de basis waar alle specialistische behandelingen plaats vinden. ”Bij AdFysio hebben we speciale spreekuren gericht op voetbalblessures, alle voetballers van welke club ook zijn welkom bij ons. Omdat elke geblesseerde sporter een uniek geval is wordt er een individueel revalidatieplan opgesteld. Een dergelijk herstelplan richt zich niet alleen op de lichamelijke oorzaken en gevolgen van letsel, maar kan ook de psychische aspecten omvatten. Sportrevalidatie wordt ingezet om na een opgelopen blessure of letsel het lichaam weer op het oude niveau te laten functioneren. Daarnaast werken we binnen deze specialisatie aan het verhogen van het belastbaarheidsniveau van sporters, om te voorkomen dat ontstane problemen opnieuw optreden.

Ben je weer helemaal hersteld of niet topfit? Dan kun je bij ons ook altijd binnenlopen om te fitnessen onder begeleiding. Ook wanneer je als voetballer op zoek bent naar inlegzooltjes ben je bij AdFysio op de juiste adres. Een inlegzool zorgt voor de nodige schokdemping door een zachte hiel. Ook geven zooltjes optimale ondersteuning aan midden- en achtervoet. Behalve talent, training en rust, mentale kracht en materiaal speelt voeding ook een belangrijke rol bij het leveren van een topprestatie. Gezond eten en drinken is ook belangrijk om een topvoetballer te worden. Waarom is voeding dan belangrijk voor een voetballer? Wat is gezonde voeding eigenlijk? En wat heeft je lichaam nodig bij een training of wedstrijd? Ook daar begeleiden we bij AdFysio graag bij.

Onze sportdiëtist maakt een individueel voedingsplan: een voedingsplan dat is aangepast is aan jouw leefstijl, doel en voorkeuren. We kijken naar de verdeling van de hoeveelheid voedingsstoffen in de voeding zoals koolhydraten, eiwitten en vetten maar ook naar vitamines en mineralen. Hoe veel heb je nodig en hoe kun je dat bereiken? Daarbij wordt gekeken naar de timing van de maaltijden, je trainingsschema, de duur en de intensiteit van de trainingen en de tijden waarop getraind wordt. AdFysio is ook voor het bedrijfsleven een aantrekkelijke partner. We bieden ook arbeid gerelateerde fysiotherapie aan, waarbij een werknemer direct terecht kan. Een spoedig herstel van de medewerker is iets waar zowel werkgever als werknemer bij gebaat is.

Bij AdFysio worden oude waardes als ‘ons kent ons’ en ‘doe maar gewoon’ nog steeds gekoesterd. Al vele jaren ligt het accent op toegankelijkheid en een persoonlijke benadering. Heeft men vragen of wil men snel advies dan kan dit door korte communicatielijnen. We achterhalen de oorzaak van de klacht om herhaling te voorkomen. Ook vinden we het belangrijk om voor het juiste behandeltraject te kiezen. Dit kunnen we doen door ons in te leven in de situatie van de patiënt. We houden hem of haar een spiegel voor, waardoor men zelf ontdekt waardoor bepaalde klachten kunnen optreden.”

Klik op VV Maasdijk voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Maasdijk voor meer informatie over de club.

Guus Feijns moet bij DIOZ zorgen voor het voetbal

Bij vierdeklasser DIOZ zagen ze afgelopen zomer vijf, toch wel belangrijke spelers, stoppen en afscheid nemen van het eerste. Die exodus is opgevangen met jongens uit de eigen jeugd en dus moet Guus Feijns met zijn 26 jaar de boel, vooral voetballend, op sleeptouw nemen. “Het is even doorbijten en blij zijn met ieder puntje.”

Een flinke verandering ten opzichte van vorig seizoen, toen DIOZ nog op een achtste plaats eindigde. “Meedoen om een plek bij de eerste vijf zat er toen echt wel in, helaas hebben we dat in de laatste vijf potjes weggegeven. Dat zou voor ons als club een wereldprestatie zijn geweest.” Maar tijden veranderen dus, zo blijkt. “Het vertrek van zoveel spelers, is voor een dorpsclub lastig op te vangen. Laatst speelden we met drie jongens van zeventien, dat is soms best lastig.” Zoiets kost tijd en dus ligt de lat voor dit seizoen een stukje lager. “Als we ons handhaven, hebben we het goed gedaan!”

Blessures

Daar hoopt Feijns, die als vijfjarig jochie begon bij DIOZ en debuteerde op zijn vijftiende, een belangrijke bedrage aan te leveren. Al gaat dat nog niet altijd even makkelijk, moet hij toegeven. “Ik heb last van veel blessures, vooral in mijn hamstrings. Twee jaar geleden is het er zes keer in één seizoen ingeschoten…” Ook deze voetbaljaargang, tijdens een bekerwedstrijd, was het weer raak. “Dat blijft gewoon een zwaktepunt. Je wilt heel graag, voelt geen pijn, maar dan schiet het er toch weer in. Krachtoefeningen zouden moeten helpen.” Niet alleen fysiek voelt Feijns de pijn van zijn blessuregevoeligheid. “Het is heel jammer en vervelend dat je die jongens dan niet kunt helpen.
We missen je, zeggen ze dan. Op zich is dat een compliment, maar eigenlijk wil je dat natuurlijk niet horen.” Want DIOZ, is voor de aanvallende middenvelder meer dan zomaar een voetbalclub. “Ik zou nooit ergens anders willen voetballen. We hebben een leuk elftal, vol met vrienden, allemaal van het dorp. Het is echt een persoonlijke dorpsclub, met een fijn familiegevoel.” Maar hoe meer je wint, hoe gezelliger het is. Wat dat betreft stond vorig seizoen bol van de gezelligheid. “De eerste drie wedstrijden verloren we nog ruim, daarna ging het lopen. Schouders eronder en weer gaan voetballen, met een vast team. Dat werkte.”

Extra stimulans

Handhaving is voor dit seizoen het doel. Toch is dat allesbehalve een deprimerende gedachte, volgens de ‘echte nummer 10’. “Jonge jongens krijgen veel speelminuten, dat is voor de toekomst hartstikke goed. Daar gaan we straks profijt van hebben.” Mede daardoor is zijn rol binnen de ploeg, wel een beetje veranderd. “Je moet die jongens nu meer meenemen en proberen te helpen. Met looplijnen of bepaalde situaties.” Dat niet alleen. “Sinds vorig seizoen speel ik samen met mijn broertje Jorrit. Hij is zeven jaar jonger, maar mij in de lengte en breedte al voorbij. Een extra stimulans om op zondag voor de drie punten te strijden.” Vooral aan de bal, moet Feijns zijn steentje daaraan bijdragen. “Ik geef graag een steekbal, om iemand één-op-één te zetten of het spelletje te verleggen.
En natuurlijk is het leuk om te scoren of een assist te geven.” Kortom, de technicus moet voor voetbal gaan zorgen. “Dennis Slooters is gestopt, dat was onze beste middenvelder. Daardoor is mijn verlengstuk in het veld een beetje weg en moet ik de bal sneller gaan halen.” Dat allemaal onder de bezielende leiding van trainer John van Aert. “John is echt een DIOZ-trainer, met veel strijd in de wedstrijd de punten proberen te pakken. Als we verloren hebben, is het even zuur, maar daarna komt er een bak bier op tafel en is het weer gezellig. Hij past hier perfect.” Een beetje zoals Feijns dat zelf ook al jaren en voorlopig nog wel even doet. “Ik zei het toevallig van de week nog tegen Roland (van Hooff), die is 45, dan moet ik nog twintig jaar door. Dat ga ik niet redden, met mijn lichaam!”

Klik op vv DIOZ voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv DIOZ voor meer informatie over de club.

‘Gezelligheid en plezier, in combinatie met prestatie’ bij BSC Roosendaal dames

Een mooi seizoen, met een ietwat hectisch einde. Want waren ze bij de dames van BSC Roosendaal nou wel of niet gepromoveerd? Dat laatste bleek het geval en dus vierde Eva Priem samen met haar teamgenoten toch nog een feestje. “Het is een heel andere ontlading.”

Want niet gewoon op het voetbalveld, maar thuis op de bank kregen de speelsters het goede nieuws te horen. “Er kwam toch een extra plekje vrij. Onze trainer (Mark van Gils) was druk bezig met belletjes, halverwege de week hoorden we het pas. Dat was wel balen.” Desondanks was de promotie naar de eerste klasse een mooie beloning voor het afgelopen seizoen. “Zeker na corona, was het heerlijk om weer een hele competitie te kunnen spelen. We hebben blij vlagen echt goed gevoetbald!”

Durven voetballen

En dat laatste is geen toeval, vertelt de 21-jarige Priem. “Er is een goede balans tussen prestatie en plezier. We willen onszelf graag ontwikkelen, maar het moet wel gezellig blijven.” De middenvelder, die op haar zeventiende begon met voetballen bij BSC, ziet dat dat lukt. “Vanuit de club is alles goed geregeld, met bijvoorbeeld een uitgebreide staf.” Die staf kunnen ze dit jaar na de promotie hard gebruiken, want Priem merkt een flink verschil. “Dit seizoen wordt een uitdaging. Er is een groot niveauverschil tussen de eerste zes en de onderste zes. Voor ons is het vooral belangrijk om de speelwijze te ontwikkelen.”
En dat zal nodig zijn ook. “Het gaat allemaal een stukje sneller en duels moet je echt winnen, anders loop je achter de feiten aan. Dus ook daarin moet je feller en scherper zijn.” Wat stellen ze daar zelf tegenover? “We zijn een voetballend team, dus proberen alles op een voetballende manier op te lossen. Opbouwen van achteruit.” Tegen betere tegenstanders, een nieuwe test. “Al zijn ze beter, we moeten toch durven voetballen. Soms lukt dat wel, soms ook niet.”

Groeiende

Toch zit het met het vertrouwen wel goed bij de Thoolse speelster. “Ik heb wel het gevoel dat we er gewoon in kunnen blijven. Als we dat voor elkaar krijgen, kunnen we volgend seizoen weer mooie stappen zetten.” Met een groep waar, wat haar betreft, nog genoeg rek in zit. “Qua leeftijden hebben we van alles wat. Zeven meiden van rond de dertig en de helft is een beetje van mijn leeftijd of iets ouder.” Die samenstelling zorgt voor voldoende gezelligheid. “Veel winnen helpt natuurlijk ook. In die valkuil moeten we dit seizoen niet trappen. Als we vaker gaan verliezen, moet je nog steeds plezier hebben.”
Aan de aandacht van het bestuur, zal het in ieder geval niet liggen. “Er wordt heel goed voor ons gezorgd. Voor verre uitwedstrijden krijgen we een bus, we hebben een fysio en krijgen trainingspakken. Het is eigenlijk bizar hoeveel we hebben.” Het damesvoetbal is bij BSC dan ook ‘groeiende’, vindt Priem. Met een mooi jubileum tot gevolg. “Onze meidenafdeling bestaat nu vijf jaar. In die tijd zijn we van één meidenteam, naar tien teams gegaan. Daaraan zie je hoe populair het is.”

Aanvoerder

Ook zelf komen ze er op zondag altijd wel weer uit. “Onze kracht is wel dat we ook met twaalf meiden een goede wedstrijd kunnen spelen. Het niveau is hoog genoeg en veel speelsters zijn veelzijdig, die kan je overal zetten!” Kortom, positieve ontwikkelingen dus. “Na corona hadden we een heel duidelijk doel, dat was promoveren. Uiteindelijk is dat gelukt, maar daar heb je natuurlijk wel het bestuur en de vereniging voor nodig.” Die steun voelt Priem, ook als captain van het team. “Het is natuurlijk super leuk om aanvoerder te zijn. Er zijn maar twee meiden jonger dan ik, maar daar merk je eigenlijk niks van.
Ik denk dat die rol wel bij me past.” Taken uitvoeren, coachen en de visie van de trainer overbrengen. Voor de verdedigende middenvelder loopt het soepeltjes. “Het team staat ook gewoon, dus iedereen komt de afspraken na. Dan is het makkelijk om aanvoerder te zijn.”

Komt samen

Vanaf ‘6’ probeert ze ook voetballend haar steentje bij te dragen. “Ik ben vooral tactisch en technisch sterk, in de opbouw.” Een soort Jackie Groenen dus. “Haha, die is hartstikke goed, maar ik kijk toch meer naar Frenkie!” Een goed voorbeeld, doet volgen, zou je zeggen. “We zijn nu natuurlijk nieuw in deze klasse, maar de komende jaren is wel het doel om bij de eerste zes te komen. Mocht dat lukken, kunnen we ons daarna weer verder ontwikkelen. Bovenin of misschien nog wel een niveautje hoger, waarom niet?” Toch blijft één ding, in welke competitie ze ook spelen, het allerbelangrijkste. “Gezelligheid en plezier, in combinatie met prestatie. Dat komt bij BSC allemaal samen!”

Klik op BSC Roosendaal voor de laatste artikelen over de club.
Klik op BSC Roosendaal voor meer informatie over de club.

Jordi van den Boom voetbalt nu vooral zonder het échte ‘moeten’

Het was eind vorig seizoen uit nood geboren én op verzoek van de club, dat Jordi van den Boom (35) nog twee duels meespeelde in het eerste van SV Dosko. ‘Samen met Tim Cornel kreeg ik de vraag om de ploeg te helpen en dat hebben we gedaan. Maar normaal voetballen we in het tweede elftal. Zonder het echte ‘moeten’, maar wel op een mooi niveau.’

Van den Boom speelde zijn gehele voetballeven bij FC Bergen. Vanaf de jongste jeugd tot het moment dat de club besloot voor het zaterdagvoetbal te kiezen, nu vijf seizoenen geleden. “Wij wilden graag met een groep vrienden op zondag blijven spelen. Roy Niemantsverdriet vroeg of we dan geen zin hadden om bij SV Dosko in het tweede elftal te gaan spelen. Zo is het balletje gaan rollen en dat doe ik nu alweer voor het vijfde jaar met heel veel plezier.”

Het is volgens de verdediger een prima manier om werk, privéleven en kinderen te combineren met de hobby die ze het liefste uitvoeren. “Dat was de beweegreden ook om voor Dosko te kiezen. Want we wilden allemaal niet in een negende ergens op zondagochtend een beetje aanrommelen. Alles respect overigens, maar we wilden wel zonder druk toch op een behoorlijk niveau blijven voetballen. Die kans kregen we hier en dat gaat best aardig.”

Toch kwam vorig jaar de vraag vanuit de club om tijdelijk het eerste elftal te helpen. Een verzoek waaraan Van den Boom en ook Tim Cornel gehoor gaven. “Je bent wel lid van een vereniging en als je dan in een tweede speelt, dan weet je dat je soms het eerste moet helpen. Omdat ze personele problemen hadden én ze in de strijd voor lijfsbehoud ervaring nodig hadden, kregen we de vraag van toenmalig trainer Mart van Bree. Tim en ik hebben twee duels meegedaan en op die manier toch ons steentje bijgedragen aan lijfsbehoud.”

”Voor de club enorm belangrijk, zeker ook met het oog op de toekomst en de ontwikkeling van jonge gasten in de selectie. Als je dan een paar wedstrijden jezelf moet wegcijferen dan doe ik dat met alle plezier. Maar zeker niet met de ambitie om structureel door te schuiven, die tijd heb ik gehad. Dat is aan de jongere garde, waarvan er ook een aantal bij ons in het tweede spelen. Die ontwikkelen zich prima en daar probeer ik mijn rol in te pakken.”

Ook de nieuwe trainer John Karelse weet inmiddels wel, dat hij op de ervaren krachten van het tweede kan terugvallen als de nood daar is. “Maar als het niet hoeft, dan moeten ze die jonge gasten de kans geven te groeien en te wennen aan het niveau. Zij vormen de toekomst van de club. Laat ons dan maar lekker wat jaartjes nog in het tweede spelen en proberen om daar zo goed mogelijk te presteren.”

”Als ik nu een keertje niet kan trainen, dan is dat makkelijker af te zeggen dan wanneer je in een eerste speelt. Dan vind ik dat je er altijd moet staan. Nu niet meer. Wat niet wegneemt, dat we wel elke zondag willen winnen. Ik denk ook dat we een mix hebben die prima bovenin moet kunnen meedoen en voor niemand bang moet zijn. Dan ben ik benieuwd hoe ver we met het tweede dit seizoen nog kunnen komen. Voor mij gaat het erom dat ik fit blijf en op een mooi niveau elke week kan trainen en spelen. Dat heb ik gevonden bij Dosko en hoop dat nog een paar jaartjes vol te houden.”

Klik op SV Dosko voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Dosko voor meer informatie over de club.

HBSS zoekt verbinding met het onderwijs

HBSS is vorige maand begonnen met het project De Taaltuin. Hoofdjeugdtrainer Tony Lentin geeft op de openbare school voetballes. De club hoopt zo de verbinding te maken met het onderwijs.

“We willen graag onze maatschappelijke rol vervullen”, zegt Friso Sterk die namens HBSS projectleider is van de ‘pilot’. “Onze voorzitter Patrick Oudhuis heeft eerder jaar een presentatie gegeven waarin hij HBSS ziet als een pedagogische club. Dit project met De Taaltuin past in die visie.”

OBS De Taaltuin is een vooruitstrevende school midden in de Schiedamse wijk Nieuwland. Iedere leerling is gelijkwaardig en kansrijk door het brede aanbod op het gebied van cultuur en sport. “We richten ons op kinderen die om wat voor redenen wat minder makkelijk hebben. Vanwege thuis, maar ook omdat ze het moeilijker vinden een plaatsje te vinden in een groep”, vertelt Sterk. “We willen de drempel voor deze groep tot sport verlagen.”

Hoofd Jeugdopleidingen Tony Lentin geeft op school trainingen aan kinderen uit de groepen vijf en zes. Dat gebeurt in de gymzaal van De Taaltuin. De trainingen zijn leerzaam op motorisch, sociaal sportief gebied. “We zetten als HBSS in voor een pedagogisch sportklimaat.”

Klik op HBSS voor de laatste artikelen over de club.
Klik op HBSS voor meer informatie over de club.

Sjacco van ’t Leven begonnen aan tweede termijn

In de technische staf bij de hoofdmacht van ASWH veranderde, net als in de selectie, het nodige. Toch was er ook sprake van een terugkeer van een bekend gezicht: Sjacco van ’t Leven heeft de functie van teammanager van Marco van Vugt overgenomen. Een taak, die Van ’t Leven niet vreemd is want hij fungeerde in het verleden al als leider. Met 2005, het jaar van de landstitel na een spannende strijd met Argon, als absoluut hoogtepunt in die eerste ‘termijn’.

Nadat Van Vugt zijn voornemen had uitgesproken om te stoppen, was Van ’t Leven een van de eerste gegadigden om de functie over te nemen. Maar hoe zeer nieuwe trainer Sjoerd van der Waal ook maar op hem inpraatte, de gewezen elftalleider bleef voet bij stuk houden en meldde dat hij niet zou doen. Toch ging hij uiteindelijk overstag: Van Vugt bleef hem maar onder de neus wrijven dat Van ’t Leven zijn gedroomde opvolger was. ,,Ik heb meteen aangegeven dat ik niet alle avonden aanwezig kon zijn, maar dat was geen enkel probleem. We hebben met elkaar een oplossing gevonden en dat draait goed. Het is wel heel anders dan mijn eerste periode: het contact gaat tegenwoordig bijna allemaal via social media en spelers spreken me aan  in de u-vorm.’’

Klik op ASWH voor de laatste artikelen over de club.
Klik op ASWH voor meer informatie over de club.

IJsselmeervogels voelt weer als vertrouwd voor Jordy Ruizendaal

Zijn beslissing ging niet over één nacht ijs. Na vier jaar NEC twijfelde Jordy Ruizendaal. Terug naar de Rooien of met vrienden samen bij de Blauwen? Hij hakte de knoop door en draagt dit seizoen weer het shirt van IJsselmeervogels. “Het voelde direct als thuiskomen. Ik zit weer helemaal op mijn plek.”

Het voelde als een opluchting toen hij medio december 2021 zijn besluit openbaar kon maken. Jordy Ruizendaal keerde terug naar IJsselmeervogels, naar de club waar hij van 2006 tot 2018 ook al speelde en hij reeds was doorgeschoven naar de A-selectie. “De rust keerde terug. Clubs hoefden niet meer te bellen en ik hoefde geen gesprekken meer te voeren. Mijn besluit stond vast. Al was het niet gemakkelijk.”

Ook de buren van De Westmaat wilden zich graag versterken met de 21-jarige middenvelder, geboren en getogen in het dorp. “Ik wilde het liefst in Bunschoten-Spakenburg blijven. Eén, misschien twee minuten fietsen en ik ben op het sportpark. Heerlijk. Daar keek ik naar uit. Andere clubs, die informeerden, vielen daardoor af. Hero van Lopik, Jan van Diermen en Youri Koelewijn spelen allemaal bij Spakenburg en zijn vrienden. Net als enkele jongens uit het tweede elftal. Ze probeerden me over te halen, vertelden over het leuke team en de gezamenlijke uitjes die ze ondernemen. Ik ben op gesprek geweest. Er lag een leuk plan, maar ik heb uiteindelijk geluisterd naar de mensen die nauw om me heen staan. Zo kom ik uit een IJsselmeervogels-familie en die band wil ik niet doorbreken.”

“Het gesprek met de technische commissie verliep uitstekend. Ze waren blij dat een jongen uit het dorp terugkeerde. Het voelt voor mij als vertrouwd. Toen ik het sportpark opliep, was er gelijk weer liefde. En die uitjes, die ondernemen ze ook hier.” Al kende Ruizendaal een lastige start. “In het begin moest ik enorm wennen. Ik speelde niet goed en stond er terecht naast. De trainer zei eerlijk tegen me. ‘Ik wil je ontzettend graag in het team. Maar als je zo blijft spelen, kom je er niet in’. Ik was te aanvallend ingericht. Rende en speelde te snel naar voren. Ik ben nu iets terughoudender en balvaster in mijn spel, maar ik wil risico’s in mijn spel behouden. Dat zorgt voor verrassing.”

Flow
Tegen Excelsior Maassluis kreeg hij zijn eerste basisplaats en vanaf dat moment verloor IJsselmeervogels niet meer als de kleinzoon van wijlen bekerheld Evert de Graaf aan de aftrap verscheen. “Mijn eigen rol wil ik niet te groot maken. We zijn met het elftal in een flow beland en daarin willen we zo lang mogelijk blijven. Als we aan het einde van het seizoen in het linkerrijtje staan, ben ik diktevreden. En natuurlijk als we twee keer de derby winnen! Dan is het seizoen helemaal geslaagd.”

Hij zag zijn ontwikkeling gewaardeerd met een nieuw driejarig contract dat hij medio oktober signeerde. In het persbericht werden zijn ‘duelkracht, loopvermogen, spelinzicht en splijtende passing’ geroemd. “Ik dacht dat de technische commissie wilde praten over het huidige seizoen. Misschien over volgend seizoen. Maar dit nieuwe contract tot 2026 betekende een mooie verrassing. Al zou ik naar een betaald voetbalclub kunnen overstappen als er belangstelling ontstaat, maar daar houd ik me nu helemaal niet mee bezig.”

Vier jaar maakte hij het profwereldje mee bij NEC. “Ik was net zeventien toen ik werd benaderd om op stage te komen. Ik dacht dat het bij één keer meetrainen zou blijven. Ik verwachtte dat de club enkele jongens had uitgenodigd, maar er stonden 32 spelers op het veld. Ik kwam telkens een ronde verder. Die trainingen waren op donderdag. Ik had IJsselmeervogels niets verteld, omdat ik net een klein contract had getekend en bij het eerste elftal was aangesloten. Maar ik kon het niet langer verbergen. Gelukkig dacht de club mee en zijn ze er met NEC uitgekomen.”

In Nijmegen betrok hij een huis in de wijk Neerbosch. “In de Henk van Tienhovenstraat. Ik woonde daar met twee andere spelers. De volledige vier jaar met Cas Odenthal. De andere jongen wisselde. Het laatste jaar met doelman Norbert Alblas, het seizoen daarvoor met Nino Noordanus die nu bij Excelsior Maassluis speelt. Afspraken? Dat ging vanzelf. De een kookte, de ander ruimde de tafel af of deed boodschappen. Naast het voetbal volgde ik de opleiding Marketing op het ROC. Via de Young Talent Academy, dat was helemaal afgestemd op het voetbal.”

Concurrentie
“In de Onder 19 en later ook Onder 21 wonnen we opvallend genoeg vaak van de topclubs. Ons geheim? Lekker verdedigen en loeren op de counter. Altijd viel er wel eentje binnen. Ik kende de pech dat ik met Dirk Proper en Syb van Ottele twee grote talenten voor me had.” Tegen De Treffers maakte hij zijn officieuze debuut in het eerste elftal. Een officieel optreden bleef uit. “Ik kon dit seizoen bij NEC blijven, maar dat zou opnieuw zonder contract zijn. Vooruitzicht op een reële kans in het eerste elftal was er nauwelijks. Dan ga ik liever terug naar een bekende omgeving en speel ik wekelijks mooie wedstrijden.”

Sinds de zomer gaat elke doordeweekse ochtend om vijf uur de wekker. “Ik werk nu in het visbedrijf van mijn ouders. Elke dag ga ik met de kar op pad in Nederland. Ik ben nu net terug uit Purmerend”, vertelt Ruizendaal deze dinsdag aan het einde van de middag. “Morgen sta ik in Eindhoven en de overige dagen in Rotterdam en omgeving. Ook als we woensdagavond laat voetballen, stap ik om vijf uur uit mijn bed. Al hoef ik gelukkig niet te rijden.” Zijn ouders reizen naar andere plaatsen. “Mijn moeder is op zaterdag vaak om drie uur, half vier terug en gaat direct door naar het sportpark. Mijn vader is de hele zaterdag op pad. Mijn schoonouders zijn eigenaar van visbedrijf Koelewijn. Hen vind je ook door het hele land.” Het toekomstbeeld is dat Ruizendaal het bedrijf van zijn ouders overneemt. “Dat is de bedoeling in ieder geval.” De komende jaren neemt voetbal nog een prominente plek in. “De combinatie is pittig, maar te doen.” (SB)

Klik op vv IJsselmeervogels voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv IJsselmeervogels voor meer informatie over de club.

Pieter Langedijk is weer thuis bij Excelsior Maassluis

Sparta Rotterdam, RKC Waalwijk, Go Ahead Eagles en het Tsjechische FK Pardubice. Het is een kleine greep uit de clubs waar Pieter Langedijk (28) voor gespeeld heeft. Na achttien jaar is hij terug bij Excelsior Maassluis. De plek waar het allemaal begon. “Je weet wat ze zeggen. Oost west, thuis best.”

Aan de hand van zijn vader betrad Pieter Langedijk vroeger Het Kasteel in Spangen. Samen liepen ze naar hun stoeltje op de Bok de Korver-tribuneen aanschouwden ze gezamenlijk de wedstrijden van Sparta. “Omdat ik in de jeugd speelde, kregen we een seizoenkaart. In principe gingen we elke thuiswedstrijd kijken.” Enkele jaren later zat zijn hele familie op de volle tribune. Maar ditmaal zonder de aanvaller in hun gezelschap. “Een dag eerder hoorde ik van de trainer dat ik mijn basisdebuut zou gaan maken. Ik stond gewoon tussen die 21 andere spelers op het veld.” Terwijl hij terugdenkt aan 17 augustus 2013, de thuisontmoeting met VVV-Venlo, verschijnt er een glinstering in zijn ogen. “De weg naar die koele zomeravond zat vol hobbels”, voegt hij toe.

Tijd rijp
Jaren eerder verdedigde hij de clubkleuren van Excelsior Maassluis in zijn eigen stad. “We speelden op een hoog niveau en troffen zo al jeugdteams van BVO’s uit de regio.” Nadat scouts van die ploegen Langedijk aan het werk zagen, vielen al gauw de eerste brieven van Feyenoord en Sparta Rotterdam op de deurmat. “Ik besloot om nog even te blijven bij Excelsior.” Rond zijn tiende stapte de jongeling over naar een groot veld en was de tijd rijp. De aanvaller liep een halfjaar stage in het verre zuiden bij PSV, maar bleef uiteindelijk in de buurt. “Het Rotterdamse Excelsior in Kralingen was een goede mogelijkheid, alleen zou ik dan in een gastgezin terechtkomen en dat wilde ik niet. Daarom werd het Sparta.” Vanaf de eerste stapjes bij zijn nieuwe club voelde de speler zich thuis. Met een gezond portie Rotterdamse felheid durfde hij zich te mengen in gesprekken en discussies. “Dat is belangrijk, want de voetbalwereld is hard en je komt in een soort regime terecht. Elk jaar is het strijden om erbij te blijven. Op een gegeven moment bestond mijn leven uit eten, trainen en slapen.”

Telkens overleefde Langedijk de schiftingen en hij speelde samen met Jetro Willems, die later bij PSV furore maakte, en Mimoun Mahi (FC Utrecht). “Ik mocht ook mijn debuut bij Nederland Onder 15 maken. Dat was een fantastische ervaring.” Wel moest de aanvaller één belangrijk iets veranderen van zijn jeugdtrainers: hij moest meer rendement gaan leveren. “Ik vond het vroeger leuker om iemand door de benen te spelen, dan om zelf te scoren. In de A’tjes draait het echter om winnen. Mijn coach, oud-Feyenoorder Peter van den Berg, hamerde daar constant op.” Gelijk zette hij de knop om en hij ging zich vol richten op het verzorgen van goals en assists. Op trainingen oefende hij ellenlang om de bal met binnenkant voet af te werken. De ballen vlogen in het doel. “Eigenlijk ben ik direct doelpunten gaan maken.” Zijn rendement schoot net zo hard omhoog als een vuurpijl.

Jeugdopleiding uitgespeeld
In de voorbereiding op het seizoen 2013/14 mocht Langedijk zich topscorer van het eerste elftal noemen. “De beloning was mijn basisdebuut. Ik heb de jeugdopleiding gewoon uitgespeeld. Dat maakt me erg trots. Helaas was het verder een moeilijk seizoen. We hadden pech in de afwerking en kwamen in een negatieve spiraal terecht.” Januari 2016 vertrok de voetballer naar RKC Waalwijk waar hij een beter moyenne behaalde. Hij scoorde anderhalf jaar lang de ene na de andere goal en liep bijna één op twee. Het leverde hem een transfer naar Go Ahead Eagles op. “Mijn tweede seizoen begon mooi, maar eindigde dramatisch.” In de finale van de nacompetitie tegen zijn oude ploeg leek hij zijn ploeg naar de Eredivisie te schieten. “Het is één van de meest bijzondere wedstrijden ooit in Nederland. Uit eindigde het 0-0 en thuis kwamen we snel met 0-2 achter. We draaiden het om in een 3-2 voorsprong, maar zij maakten weer gelijk. In negentigste minuut scoor ik de 4-3 en promotie leek in de zak. We missen de 5-3 in blessuretijd en opeens scoren zij nog twee keer. Een scenario dat zelfs de beste regisseurs nooit zouden bedenken.”

Vervolgens trok Langedijk via TOP Oss midden in coronatijd naar Tsjechië. Zijn avontuur bij FK Pardubice betekende een uitdaging. Samen met zijn vriendin kwam hij in een stad waar ze vrijwel nergens Engels spraken. “Red je dan maar in de supermarkt”, lacht hij. Zijn nieuwe ploeg was tweemaal gepromoveerd en nieuw op het hoogste niveau. “Ondanks een strenge lockdown konden we gewoon trainen en de club had een mooi plan met me.” Voor kerst debuteerde hij tegen Sparta Praag en na de feestdagen zou hij meer mogen spelen in het eerste elftal. Tot die tijd moest de speler fit worden en wandelde hij veel in de mooie omgeving. De toekomst leek rooskleurig. Tot na kerst. Toen moest hij opeens weg. “Ik weet nog steeds niet waarom. Wellicht had de club het financieel zwaar door de coronatijd. Ik weet het niet, maar raar en onverwacht was het wel.”

Naar huis
Langedijk keerde terug naar Nederland en hij kocht samen met zijn vriendin een huis in hun geliefde Maassluis, de plek waar ze beiden geboren en getogen zijn. Ze stripten het huis volledig en zelfs nu zijn ze nog bezig. “Ik ging voetballen bij IJsselmeervogels.” Meerdere malen per week reed hij meer dan één uur heen en weer naar Bunschoten. “Ik kwam niet in de beste tijd. Sportief ging het niet helemaal voor de wind en we kwamen in een verkeerde spiraal.” Excelsior Maassluis benaderde zijn verloren zoon en de spits hoefde niet lang na te denken. “Ik heb altijd contact gehouden met de mensen hier. Ze vroegen zelfs bij RKC nog gekscherend of ik terug wilde komen.” Bij zijn terugkomst op Dijkpolder viel één ding op: alles was hetzelfde. De mensen, het gebouw en de geur. “Het veld was bijvoorbeeld wel nieuw. Maar de sfeer niet, dat gaf meteen een gevoel van thuiskomen.” Dat was ook terug te zien op het veld. De aanvaller was een tijdje topscorer van de Tweede Divisie en heeft er nu al veel meer in het netje liggen dan vorig seizoen. “Ik ben misschien iets vroeger terug dan dat ik had gehoopt. Maar er is niks beters dan thuis zijn.” (TVS)

Klik op Excelsior Maassluis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Excelsior Maassluis voor meer informatie over de club.

VV Neerlandia’31 neemt afscheid van Richard Van Hooydonk

Richard van Hooydonk vertrekt aan het einde van het seizoen bij vv Neerlandia’31 uit Dorst. In goed overleg is besloten om voor het seizoen 23-24 een andere trainer voor de groep te zetten en zo komt na één jaar al een einde aan de samenwerking in Dorst.

“Hoewel we de trainingen en betrokkenheid van Richard zeer waarderen, zijn we jammer genoeg samen tot de conclusie gekomen dat de groep momenteel een andere aanpak nodig heeft om de volgende stap te maken” , aldus Wesley Konings bestuurslid technische zaken. Ondanks het aangekondigde afscheid is er zowel vanuit het bestuur als spelersgroep het volste vertrouwen om de handhaving in de vierde klasse dit seizoen samen met Van Hooydonk te realiseren en zo te komen tot een mooi afscheid. Vv Neerlandia’31 wenst Richard succes in zijn verdere carrière en gaat op zoek naar aan nieuwe trainer voor het volgend seizoen.

Klik op vv Neerlandia’31 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Neerlandia’31 voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.