Home Blog Pagina 331

Monaim Elbousaksaki maakt de overstap van vv Vrederust naar MOC’17 J019-1

Vandaag gaan we in gesprek met Monaim Elbousaksaki, een ervaren trainer die onlangs de overstap heeft gemaakt van v.v. Vrederust naar MOC’17 Jo19-1. Monaim deelt zijn gedachten over zijn carrièreverloop en zijn ambities bij zijn nieuwe club.

Monaim begon zijn voetbalcarrière op jonge leeftijd bij Nieuw Borgvliet en maakte zijn debuut in het eerste elftal op slechts 16-jarige leeftijd. Vervolgens verhuisde hij naar s.v. Dosko A1, waar hij op een hoger niveau kon spelen en ook zijn debuut maakte in het eerste elftal. Na drie seizoenen besloot Monaim om samen met zijn vrienden te gaan voetballen bij het Zeeuwse Oud Vosmeer, waar hij twee seizoenen doorbracht voordat hij de overstap maakte naar v.v. Vrederust. Bij Vrederust speelde hij maar liefst 7 seizoenen in het eerste elftal, twee seizoenen in het tweede elftal en was hij ook twee seizoenen trainer van het tweede elftal. Na 11 jaar bij Vrederust is het nu tijd voor een nieuwe uitdaging als hoofdtrainer bij MOC’17 Jo19-1, waar hij komend seizoen aan de slag gaat.

Gevraagd naar de belangrijkste reden voor zijn overstap, legt Monaim uit dat hij zichzelf wil blijven ontwikkelen als trainer en de ambitie heeft om op hoog niveau in de bovenbouw van het jeugdvoetbal te coachen. MOC’17 bood hem de mogelijkheid om deze ambities waar te maken, en hij greep deze mooie kans met beide handen aan.

Terugkijkend op zijn periode bij v.v. Vrederust, koestert Monaim warme herinneringen aan de 11 mooie jaren die hij daar heeft doorgebracht. Hij beschrijft de club als fantastisch en warm, waar iedereen elkaar kent en het als een grote familie aanvoelt. Monaim voelt zich vanaf dag één welkom en gewaardeerd bij Vrederust en spreekt alleen maar positief over de club. Het afscheid nemen zal dan ook emotioneel zijn voor hem.

Bij zijn nieuwe club, MOC’17 Jo19-1, heeft Monaim als doel om zowel zichzelf als het team naar een hoger niveau te tillen. Hij wil zich verder ontwikkelen als trainer, een netwerk opbouwen en spelers helpen bij hun overgang naar het seniorenvoetbal. MOC’17 heeft de ambitie om zoveel mogelijk zelf opgeleide spelers in het eerste elftal te hebben, en Monaim is vastberaden om zijn ervaring en kennis met hen te delen en bij te dragen aan deze visie.

Vooruitkijkend naar het volgende seizoen hoopt Monaim op een goede voorbereiding met MOC’17 Jo19-1 en een succesvolle prestatie op divisieniveau. Hij zal er alles aan doen om een sterke selectie te vormen en de ambitie en visie van de club te behouden en te bevorderen.

Gevraagd naar wat hij het meest zal missen bij v.v. Vrederust, antwoordt Monaim vol emotie: “Pfff, ik ga alles missen, maar dan ook echt alles. Van de clubmannen Jan Quist, Gebroeders Suijkerbuijk, Jeroen Keizer en Marco Vriens tot alle spelers die ik heb mogen trainen en waarmee ik heb gevoetbald. Vrederust heeft voor altijd een plek in mijn hart en ik wens de club veel succes in de komende jaren. De Groene Hel zal ik nooit vergeten!”

Met zijn enthousiasme, ervaring en passie voor het spel is Monaim vastbesloten om bij MOC’17 Jo19-1 een positieve impact te maken en zijn spelers te helpen groeien. We wensen hem veel succes en kijken uit naar zijn prestaties in het nieuwe seizoen.

Klik hier voor meer artikelen over MOC ’17
Klik hier voor meer informatie over MOC ’17

In gesprek met Jilphano van der Eerden, keeper bij RFC 6

Vandaag gaan we in gesprek met Jilphano van der Eerden, een getalenteerde keeper bij RFC uit Raamsdonksveer. Jilphano, 21 jaar oud, deelt zijn ervaringen en ambities binnen het voetbal.

Jilphano begon zijn voetbalcarrière op jonge leeftijd bij Good Luck. Daarna speelde hij enkele jaren bij Veerse Boys voordat hij de overstap maakte naar SCO in Oosterhout. Bij SCO beleefde hij mooie momenten, waaronder het kampioenschap met de C2. Na een periode waarin het plezier in het keepen verminderde, besloot Jilphano terug te keren naar zijn thuisclub RFC, waar hij nu speelt in het 6e elftal en meetraint met de selectie. Hij heeft ook een aantal wedstrijden gespeeld bij het 2e elftal en is regelmatig te vinden bij het zondag 3 team van RFC.

Vooruitkijkend naar de toekomst, heeft Jilphano de ambitie om volgend seizoen weer deel uit te maken van de selectie om zijn niveau verder te verbeteren. Hij vindt het belangrijk om op een hoog niveau te kunnen blijven keepen.

Dit seizoen was voor Jilphano in het begin even wennen, omdat hij nu in een lagere klasse speelt dan hij gewend was. Echter, het team heeft het verrassend goed gedaan en Jilphano heeft het plezier in het keepen weer teruggevonden na een moeilijke periode.

Een hoogtepunt in zijn voetbalcarrière was het kampioenschap met de C2 van SCO. Een dieptepunt was het moment waarop hij geen plezier meer had in het keepen. Gelukkig heeft hij dit weten te overwinnen en zichzelf nieuwe doelen gesteld.

Jilphano heeft geen specifieke rituelen om optimaal te kunnen presteren, maar geniet van zijn hobby’s buiten het voetbal. Hij is een fanatiek gamer en brengt graag tijd door met zijn vrienden, onder het genot van een biertje in het weekend. Daarnaast is hij een trouwe supporter van NAC Breda en bezoekt hij iedere thuiswedstrijd met zijn seizoenskaart.

William Kanters, de trainer van het 6e elftal bij RFC, verdient volgens Jilphano lof. Ondanks zijn drukke schema zet William zich elke week in om trainingen te geven en de wedstrijden voor te bereiden.

Voor Jilphano is voetbal belangrijk omdat het hem de mogelijkheid geeft om zijn energie kwijt te kunnen. Hij is al van jongs af aan fan van deze sport, zowel om te beoefenen als om naar te kijken.

Terugkijkend op het seizoen heeft Jilphano een geweldige tijd gehad met het 6e elftal. Ze hebben nog een paar wedstrijden te gaan en hopen daar nog punten te pakken om hoger op de ranglijst te eindigen. Voor volgend seizoen hoopt Jilphano een plek te veroveren in de selectie van RFC, waar hij zijn talenten verder kan ontwikkelen.

Klik op RFC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RFC voor meer informatie over de club.

Fabian Wilson wil met goed gevoel afscheid nemen van het zondagvoetbal met SV Oostburg

OOSTBURG – Dat SV Oostburg oversteekt naar het zaterdagvoetbal, die kogel was onlangs al door de kerk. Het is echter trainer Fabian Wilson de eer te na om het restant van het seizoen te laten lopen, want hij wil als ‘best of the rest’ en dus met een goed gevoel afscheid nemen van het zondagvoetbal.

“Zonder twijfel! Die ambitie hebben we met elkaar ook uitgesproken. Nu duidelijk is dat we als vereniging de overstap maken naar de 4e Klasse van het zaterdagvoetbal, dan willen we dat ook op een zo positief mogelijke manier doen. Er zijn een paar ploegen die er bovenuit steken, maar daaronder zijn we met een brede groep clubs die allemaal dicht bijeen liggen. Daarvan willen wij de beste worden en dan moeten we dus mikken op plek vier als eindklassering.”

De jonge trainer, die ook komend seizoen voor de groep staat, vindt dat zijn ploeg over heel veel kwaliteit beschikt. “Maar we zijn nog niet constant genoeg en daardoor loop je af en toe nog wel eens tegen een uitglijder aan. Dat maakt ook dat we niet bij de topploegen in de buurt komen, maar we hebben ook te maken met een overwegend nog heel jonge selectie. Daarin zit nog veel potentie en rek. Jongens maken nu vlieguren en krijgen soms te maken met flinke tegenstand. Daar moet je van leren en elke training en wedstrijd de motivatie hebben om het beste uit jezelf te halen.”

Waar de bovenste drie plekken al vergeven zijn, daar ligt plek vier nog open. Die klassering geeft als het goed is normaal gezien nog recht op nacompetitie. Ik ben hier vorig seizoen tijdens de winterstop ingestapt en zag direct dat deze jonge spelersgroep veel in zijn mars had. Het kwam er alleen nog niet voldoende uit. Samen zijn we hard aan de slag gegaan en maken we wekelijks stappen. Mocht je vierde worden en nacompetitie halen, dan zijn dat voor deze gasten ook weer geweldige leermomenten en prachtige ervaringen om door te groeien. Voor mij is Oostburg de eerste klus als hoofdtrainer en het werken met een groep bevalt perfect. Zelf train ik nog wat bij Zaamslag, nadat ik noodgedwongen bij HSV Hoek ben moeten stoppen. Ik wilde er ook gaan spelen, maar de KNVB gaf geen toestemming helaas. Daarom train ik alleen en dat is prima te combineren met de klus bij Oostburg. Hoe dat komend seizoen ingekleurd gaat worden, daar moet ik nog naar kijken.”

Wilson stond bij derdedivisionist Hoek als speler altijd bekend om zijn tomeloze inzet en ongekende drive tijdens wedstrijden. “Ik ben altijd iemand die heel veel heeft gelaten voor het voetbal. Nu als trainer verlang ik ook het nodige van de spelers. Al ben ik wel realistischer en kan me toch ook wel aanpassen aan het niveau. Dat is helemaal anders dan ik als speler gewend was. Maar inzet blijft de basis van alles, ongeacht de klasse waarin je speelt. Als dat er niet is, dan wordt het niks. Fouten maken is menselijk en daar heb ik begrip voor, áls je er maar van leert. Sommige spelers die ik soms zie hebben misschien wel meer talent dan ik als speler had, maar missen andere facetten om een hoger niveau te bereiken. Dat vind ik dan zonde.”

“Er zijn voor mij voldoende uitdagingen nog hier bij Oostburg als trainer, want ook daarin heb ik ambitie. Maar het is zaak om geleidelijk de weg te bewandelen. Zowel persoonlijk als trainer, maar ook met het team. Gelukkig heb ik dan hier onder andere Jeroen Hertog, mijn assistent- en keeperstrainer. Die doet heel veel en is een perfect klankbord. En waar nodig daar trap hij even op de rem.. Dat heb ik ook wel nodig, want ook ik zit in een ontwikkelingstraject. Maar het is een prachtige rol om te mogen vervullen.”

Klik op SV Oostburg voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SV Oostburg voor meer informatie over de club.

‘Voor mijn gevoel ben ik nog niet klaar’, aldus Richard Langeveld van Quintus

Nog een paar wedstrijden, en dan komt er een einde aan het huwelijk tussen Richard Langeveld en vierdeklasser Quintus. Want na vier jaar, vindt de club het tijd voor een frisse wind. Maar als het aan de trainer had gelegen, waren ze nog wel even samen doorgegaan. “Voor mijn gevoel ben ik nog niet klaar.”

Toch is dat straks, eind mei, de harde realiteit. “Dat voelde als een teleurstelling, ik vind het echt jammer. Aan de andere kant, begrijp ik het ook wel na vier jaar met dezelfde groep…” Inmiddels bekomen van de ‘schrik’, relativeert Langeveld (60) de boel. “Het is een heerlijke club, waar ik altijd met veel plezier heb gewerkt. Een groep vol leuke gasten en één met veel potentie. Dan ga je als trainer graag nog even door. Ik heb het maximale er nog niet uitgehaald, denk ik.” Met een plaats vlak boven de nacompetitieplekken van de vierde klasse, vallen de resultaten in Kwintsheul dan ook wat tegen, weet ook de trainer. “Het is wat dat betreft ook niet echt een geluksseizoen. Iemand met een gescheurde kruisband, een kapotte meniscus en nog wat blessures. Het geluk hangt wat dat betreft nog niet echt aan ons. Maar dat dwing je ook af hè, zeggen ze.” 

Geen spijt
Pech, verliezen in de laatste minuut en zelf een penalty missen. De ploeg kan wat dat betreft wel wat positieve energie gebruiken. “We moeten gewoon keihard blijven werken, niks komt aanwaaien. Daar zijn we ons bij Quintus wel bewust van. Op basis van alleen kwaliteit, gaan we niet zomaar even wedstrijden winnen.” Toch zullen ze dat, om plek negen te behalen én vast te houden, wel degelijk moeten gaan doen. “Dat blijft ons doel, dan ontlopen we de nacompetitie.” Hoe dat moet gaan lukken? Langeveld heeft wel een idee. “Scorend vermogen, daar schort het aan. De verdediging en het middenveld staan wel, maar we moeten doelpunten maken!” Want hoewel de inwoner van Rijswijk er eigenlijk nog niet aan wil denken, komt zijn afscheid toch met rasse schreden dichterbij. En dus, wordt het stiekem tijd om terug te kijken. “Qua resultaten, ben ik teleurgesteld. We hadden graag die derde klasse willen halen. Hopelijk lukt dat wél met de volgende trainer.” Maar, zo verdedigt hij zichzelf. “Het zat ook niet echt mee. Twee seizoenen last van corona…” Desondanks, heeft Langeveld geen seconde spijt van zijn beslissing zo’n vier jaar geleden. “Wie wil er nou niet in het Westland werken? Met goede gasten, die allemaal bereid zijn om er vol voor te gaan.” 

Stinkende best
Quintus heeft dan ook een speciaal plekje in zijn hart, vertelt hij. “Een klein cluppie, lekker normaal en iedereen zegt waar het op staat. Ik heb het hier nog altijd fantastisch naar mijn zin.” Maar bij een mooie tijd, hoort natuurlijk ook een passend einde. Langeveld ziet het al voor zich. “Niet degraderen met die mannen, zo wil je niet afsluiten. Via de voordeur naar buiten en handhaven in de vierde klasse.” Op de vraag wat hij het meeste gaat missen, volgt dan ook een logisch antwoord. “Die gasten! Ik heb echt genoten van de gemoedelijkheid en het onderlinge contact.” Een omgeving die goed bij hem past, zo denkt Langeveld. “Ik ben een sociale trainer, iemand die niet echt keihard is. Dat wordt me soms nog wel eens verweten. Een dolletje, een geintje en alles in goede harmonie. Het blijft een hobby. Je moet veel plezier hebben, maar tijdens oefeningen gaat het serieus.” En dus legt de oefenmeester de lat, ook na vijftien jaar als hoofdtrainer, nog altijd hoog. “Een eerste is het vlaggenschip van de club, iedereen kijkt naar je. Dan moet je gewoon je stinkende best doen.” Iets dat hij zelf in al die jaren, in ieder geval vol passie heeft gedaan. “Het mooiste van trainer zijn? Tussen die gasten staan. Lekker op het veld, dan blijf je scherp en jong.” Toch is dat straks, verleden tijd. Alhoewel. “Ik word assistent bij SC Monster. In de schaduw, even een stapje terug, eens kijken hoe dat bevalt.” Maar voor het zover is, met handhaving door de voordeur weg bij Quintus. “Ik wil niets liever!”

Klik op vv Quintus voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Quintus voor meer informatie over de club.

Dames HVV’24 pakken kampioenschap en promoveren naar vierde Klasse

HULST – Van enige tegenstand was in de kampioenwedstrijd in Nispen tegen NSV weinig sprake. Met een overtuigende 0-10 overwinning kroonde het damesteam van HVV’24 zich begin april tot kampioen in de 5e Klasse. Een mooi succes voor het trainersduo Dave de Booij en Tamara van Bunderen.

De Booij, die twee van zijn dochters ook in het elftal heeft spelen, is alweer voor het vierde seizoen trainer bij het damesteam en dat bevalt hem goed. “Het begon ooit min of meer als geintje. Toen ik ergens na een wedstrijd een keer iemand van HVV’24 tegenkwam in de kantine. Dat werd gezellig en uiteindelijk had ik op een bierviltje een ‘krabbel’ gezet. Onder de tekst dat ik trainer zou worden van de dames. Dus dat was eigenlijk een vrij ludiek begin van mijn rol als trainer hier bij de dames haha.”

Inmiddels heeft hij dus maar mooi een kampioenschap op zijn ‘palmares’ als trainer staan, waar hij in de begeleiding sinds eind vorig seizoen wordt bijgestaan door Tamara van Bunderen. Zij is zelf oud-speelster van HVV’24 en keepte daarna nog jarenlang bij MHC Rapide. Haar dochter Giulia ging echter voetballen in Hulst, dus bijna als vanzelfsprekend raakte zij ook langzaamaan meer en meer betrokken bij de ploeg.

“Net voor het eind van vorig seizoen heb ik een de training overgenomen en dat vond ik wel leuk. In september werd Dave aan een nekhernia geopereerd. Toen mocht hij zes weken lang niets doen en heb ik de trainingen verzorgd Dat was zo goed bevallen, zowel bij mezelf als bij de dames, dat ik ben ‘blijven hangen’ bij het team. Soms ben ik op dinsdag nu alleen om de training te geven en op de vrijdagen doen we het nu meestal samen. Dat is wel makkelijk, zeker als je met een grotere groep speelsters werkt of wat moeilijkere oefenvormen wilt trainen. Maar het is ook gewoon wel prettig om iemand te hebben om mee te sparren.”

Het trainersduo is wel trots op de resultaten die de dames in het huidige seizoen aan de dag hebben gelegd. Want er werd tot aan het kampioenschap slechts één duel verloren en één keer gelijk gespeeld. “Dus als je het zo bekijkt en ziet dat je meer dan tien punten voorsprong hebt op de nummer twee, dan ben je wel de terechte kampioen. Want in mijn ogen lijkt het me sowieso ook leuker om écht te worden uitgedaagd en voor de punten moet knokken. Nu waren er te vaak wedstrijden bij met grote uitslagen en dat is voor beide teams dan soms niet leuk. Maar als je zoals wij dan bovenaan staat, dan heb je daar natuurlijk maling aan.”

De laatste keer dat de dames nog eens een kampioenschap konden vieren, dat was in het seizoen 2016 – 2017 . In de beslissende thuiswedstrijd werd destijds SSV’65 aan de zegekar gebonden. Nu moesten de dames van NSV in Nispen er aan geloven. Er waren nog wat auto’s met supporters naar Brabant afgereisd. Met blauwgeel vuurwerk tijdens én na de gewonnen kampioenswedstrijd zorgden ze voor de ondersteuning. Voor komend seizoen zullen de dames nu gaan uitkomen in de 4e Klasse op zondag.

“Ook dan zullen we weer vaak naar Brabant moeten, waar we dan teams treffen die het ons een stuk lastiger gaan maken. Hopelijk kunnen we de huidige spelersgroep nog wat uitbreiden met nieuwe meiden, terwijl er misschien ook vanuit jeugd nog wat versterking doorkomt. We hebben de beschikking over een spelersgroep die ook buiten het veld hecht is en veel met elkaar onderneemt. Dat is mooi en zie je terug op het veld ook. Dit is echt een collectieve prestatie en daar mogen we trots op zijn en van genieten”, aldus het succesvolle trainersduo.

Klik op HVV’24 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op HVV’24 voor meer informatie over de club.

Kethel Spaland-jeugd beleeft glorieuze bekercampagne

Kethel Spaland jeugd onder achttien mag nog altijd hopen op de dubbel: het kampioenschap in de hoofdklasse en het winnen van de Abel Cup. “Dit is een goede groep spelers”, meent trainer Danny Fellinger.

De kleedkamer van Kethel Spaland barstte onlangs uit zijn voegen. Dolenthousiaste spelers beklommen de banken en elkaar om zo uiting te geven aan hun vreugde na de verrassende bekerwinst op Excelsior Maassluis. Hoewel de Maassluizer jeugd in de competitie een paar klassen hoger speelt, wist de talenten van de Schiedamse club ten koste van de Tricolores de finale te bereiken.

Nadat het na de reguliere speeltijd 2-2 stond nam Kethel Spaland de strafschoppen beter dan de opponent. “We hadden het eigenlijk al in de wedstrijd moeten beslissen”, vond trainer Danny Fellinger. “We hebben de kansen er voor gehad, want we stonden twee keer voor de keeper.”

Fellinger geniet van het succes van zijn jongens. “We zijn in de beker een soort reuzendoder, want in de kwartfinale schakelden we Sportclub Feyenoord uit.” Hij weet echter ook dat resultaten uit het verleden geen garantie bieden voor de toekomst. Op zaterdag 18 mei spelen Fellinger en zijn mannen de finale bij Smitshoek en dat is volgens de trainer een wedstrijd die ‘gewoon weer op 0-0 begint’.

Voor Fellinger is het het debuutseizoen als trainer. De 37-jarige Schiedammer, die werkzaam is als tegelzetter, kan bogen op een lange voetbalcarrière die hem bracht bij onder andere Sparta, Deltasport, HBSS en Kethel Spaland. “Ik was een omgeturnde linksback. Een no-nonsense speler, die altijd hard werkte en dat ook van zijn medespelers verlangde.”

Die no-nonsenses mentaliteit is ook terug te zien in zijn aanpak bij de onder achttien van Kethel Spaland. “Ik hou van discipline. Als je niet traint, sta je ernaast, als je te laat bent voor een training en daar geen goede reden voor heb, ga je maar weer terug naar de kleedkamer. Dit is natuurlijk wel een leeftijd dat je regels moet stellen. Ze hebben tegenwoordig allemaal hun woordje bij zich.”

Het jongste broertje van Fellinger, Jan (17), maakt ook deel uit van het team. “We schelen twintig jaar, maar ik zie in hem veel van mezelf terug. Hij is net als ik ook linksback.” Stellig: “Maar ook voor Jan gelden de regels. Ook hij heeft geen privileges.”

De kracht van het elftal is volgens Fellinger vooral de aanval. “Onze spits, buitenspeler, nummer tien en centrale middenvelder, dat is het hart van ons team. We scoren niet voor niets altijd makkelijk. Achterin hebben we door blessures en schorsingen behoorlijk moeten schuiven dit seizoen, maar dat staat ook redelijk.”

Het kampioenschap van de hoofdklasse ,lijkt een kwestie van tijd, al wil Fellinger pas de huid verkopen als de beer geschoten is. “We hebben onlangs tegen PPSC gespeeld. Dat werd een moeizame 3-2. We zijn er nog niet.”

Klik op vv Kethel Spaland voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Kethel Spaland voor meer informatie over de club.

Vrijwilliger Ruud Martens steekt zijn handen al jaren uit de mouwen voor TSC

De werkploeg van TSC verricht iedere week weer volop werk achter de schermen, zodat de leden in het weekend weer van een schoon terrein gebruik kunnen maken. Vrijwilliger Ruud Martens (67) steekt zijn handen al jaren uit de mouwen voor zijn geliefde club. “De werkploeg zit in mijn hart.”

“Een unieke groep mensen”, zo omschrijft Martens de werkploeg van TSC. “We zijn met zijn elven, het is een gezellige groep mensen op leeftijd. De meesten zijn de grens van 70 jaar gepasseerd, maar werken zich nog iedere week belangeloos in het zweet. Vergeleken met hen ben ik nog een snotneus, haha. Het is heel fijn dat we ons nuttig kunnen maken voor de club. Ik denk dat andere verenigingen jaloers zijn op zo’n grote groep vrijwilligers.”

Martens en zijn collega’s komen iedere maandag naar de club om alles schoon te maken na het weekend. Martens zelf is op woensdagen ook steevast aanwezig om de bestellingen voor de horeca te doen. Op vrijdagen wordt alles weer gereed gemaakt voor het weekend. “Dan verzamelen we om 7 uur en beginnen we om 8 uur aan onze werkzaamheden op het complex, zodat de zaterdagen en zondagen weer goed kunnen draaien. Je kunt het zo gek niet bedenken of wij doen het. Ik denk dat er maar weinig mensen zijn die weten wat wij achter de schermen allemaal doen.”

Martens begon er zo’n zeven jaar geleden mee. “Mijn zoon voetbalde hier en ik ben altijd al dol geweest op vrijwilligerswerk”, vertelt hij. Enkele jaren terug verkocht Martens zijn bedrijf vanwege gezondheidsredenen. Martens ging naar de dokter vanwege druk op de borst en werd al snel doorverwezen naar de hartspecialisten in Breda. Al snel bleek Martens een lichte hartaanval te hebben gehad. “Dat was natuurlijk even schrikken. Het ziekenhuis zei dat ik twee dingen kon doen: terug naar de zaak of gas terugnemen. Dat eerste leek onverstandig. Daarom heb ik mijn bedrijf verkocht.”

Bij de werkploeg vond hij al snel een nieuwe passie. “Ik heb vanaf mijn zeventiende gewerkt, zat iedere dag van 6 uur in de ochtend tot 7 uur in de avond op kantoor. Maar in een zwart gat ben ik na mijn pensioen niet gevallen. Het is juist prettig dat ik nu niets meer moet en alleen maar dingen kan doen die ik leuk vind”, zegt Martens, die in zijn vrije tijd ook zwerfafval opruimt in de regio.

Maar Martens heeft meerdere hobby’s gevonden. Zoals zijn vrijwilligerswerk voor TSC bijvoorbeeld. “Enkele jaren terug werd ik benaderd of ik hand- en spandiensten wilde doen voor de club. Daar hoefde ik niet lang over na te denken. TSC is mijn cluppie, daar doe ik echt alles voor. Met de vrijwilligers onderling is het geweldig, het is af en toe lachen gieren brullen. Als ze me niet hadden benaderd, had ik mezelf waarschijnlijk aangeboden. Dat gevoel is echt heel goed, dit blijf ik denk ik nog wel wat jaren doen. De club kan ook niet zonder ons, haha. De werkploeg zit in mijn hart.”

Klik op TSC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op TSC voor meer informatie over de club.

Nog meer oog op opleiding jeugdspelers bij Excelsior Maassluis

Excelsior Maassluis zet een nieuwe stap in de verdere ontwikkeling van de jeugdopleiding. De club werkt komend seizoen met drie extra hoofdopleidingen om zo alle jeugdspelertjes en hun trainers nog meer aandacht te geven.

“We zijn heel blij dat we deze stap kunnen maken”, zegt bestuurslid jeugd- en breedtezaken Peter van Velzen. “Als club vinden wij het belangrijk dat ieder voetballertje, ongeacht hij of zij getalenteerd is, de kans krijgt zich zo optimaal mogelijk te ontwikkelen. Door deze stap kunnen we daaraan nog beter voldoen.”

Marco Bravenboer is al een tijdje werkzaam als hoofd jeugdopleiding bij Excelsior Maassluis. Hij  kwam echter tijd en ogen tekort om alle trainers en teams de noodzakelijke aandacht te geven. “Met de nieuwe leeftijdsteams is het niet meer te managen”, zegt Van Velzen. “Tegenwoordig hebben we selectieteams in elke leeftijdsjaar. Voorheen waren de teams om de twee jaar. Dat waren niet alleen bij elkaar opgeteld minder teams, maar ieder team per leeftijdsjaar heeft ook zijn eigen specifieke behoeften. Voor één iemand alleen was dat, met al die teams van de onder 7 naar de onder 21 niet meer te doen.”

In de nieuwe organisatie blijft Marco Bravenboer de algemene hoofd jeugdopleiding. Hij krijgt echter drie andere hoofd opleidingen onder zich, eentje voor de onderbouw, eentje voor de middenbouw en eentje voor de breedtesport. Zelf blijft hij zich verder bezig houden met de bovenbouw.

Van Velzen is vooral ook enthousiast dat de breedtesport een eigen hoofd opleidingen krijgt. “Daarmee dekken we ook een belangrijke doelgroep af. Deze groep heeft aandacht nodig. Vaak staan er goedwillende ouders als trainer langs de kant. De één heeft meer voetbalervaring en -kennis dan de ander. Het is daarom belangrijk dat er iemand komt die zich specifiek op deze groep gaat richten.”

De overgang naar een organisatie met vier jeugd opleidingen past volgens Van Velzen bij de ontwikkeling die Excelsior een paar jaar geleden heeft geleden. De club koos toen bewust voor een andere manier van opleiden, mét gelijke kansen voor elk voetballertje. “We zijn daar intussen een paar jaar mee bezig en hebben daar veel positieve ervaringen mee opgedaan. Natuurlijk zijn er altijd dingen die verbeterd kunnen worden, maar deze koers houden we aan”, stelt Van Velzen.

De visie achter de nieuwe opzet staat volgens hem nog fier overeind. “We hebben er destijds bewust voor gekozen omdat je ziet dat de ontwikkeling van een talent grillig is. Zeker in de onderbouw is die ontwikkeling lastig te voorspellen. Het tweede aspect is dat we een vereniging zijn en bij een vereniging heeft iedereen evenveel waarde. Iedere jeugdspeler heeft recht op een goede opleiding.”

Daarom ook zet Excelsior ook bij de meisjes de eerste stappen op dit gebied komend seizoen. “We hebben voor dat team bewust gekozen voor een vaste trainer”, zegt Van Velzen. “Als vereniging willen we dat iedereen bij ons leert voetballen. De één op tweede divisie-niveau, de ander voor de tweede klasse. Die ondersteuning krijgen ook meisjes die bij ons voetballen. In de teams bij de jongens waar meisjes spelen, maar ook in de MO17 waarmee we gaan proberen de stap van de B- naar de A-categorie te maken.”

Klik op Excelsior Maassluis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Excelsior Maassluis voor meer informatie over de club.

Onderhoudsploeg Excelsior’20 met een buizerd en stagiaire 

Ze houden de boel schoon en netjes. De onderhoudsploeg van Excelsior’20 is echter veel meer dan dat. De acht man sterke formatie is vooral kleurrijk. “We hebben hier een buizerd en een stagiaire.”

Omdat hij aan de koffietafel bij de eerste schermutselingen het hoogste woord heeft, moet Bert Halkes de leider van de troepen zijn. Er volgt echter een snelle ontkenning. “Ik ben thuis al de sous-chef.” En na een korte stilte. “Mijn vrouw is daar de chef.”

De mannen van de onderhoudsploeg van de Schiedamse traditievereniging zijn deze morgen in vorm. Ze wijzen vol trots naar het plafond waar infrarode platen zorgen voor de verwarming van het clubgebouw. “De club heeft een hele verduurzaming gedaan”, zegt Teun van Aken. “Overal is infrarode verwarming gekomen. In het clubgebouw, maar ook in de kleedkamers.”

Het dak ligt inmiddels ook vol met zonnepanelen. “Jan Wegman, onze penningmeester, is de architect achter het plan. Hij heeft overal subsidies losgepeuterd.”

“Het voordeel is”, vult Halkes aan, “dat als je een plukje mensen hebt zitten aan de bar dan niet de hele verwarming aan moet. Het is slimme techniek.”

De installatie van de nieuwe warmtebron heeft de onderhoudsploeg overgelaten aan erkende specialisten. Er is echter weinig waar de leden hun hand voor omdraaien. Het ene projectje volgt het andere snel op, of het nu om een kapotte deurknop gaat of om het schilderen van de kantine.

En dan zijn er nog de dagelijkse onderhoudswerkzaamheden. Na een weekend vol voetbal en straks weer cricket wordt de jacht geopend op zwerfvuil op het complex. De kleedkamers worden schoongemaakt, de velden gemaaid en belijnd. Dat laatste is een klusje voor Van Aken, die zijn eigen werk bagatelliseert: “Iedereen kan een lijn trekken.”

Het werk is soms niet zonder risico, want af en toe duikt er op het sportpark een roofvogel op. Volgens Mario Schnieder gaat het om een buizerd. “Hij heeft hier ergens een nest in een boom. Ik was op een gegeven moment aan het werk op een veld toen ik hem zag komen aanvliegen. Het is best een indrukwekkend beest, met die poten. Toen heb ik me maar even snel uit de voeten gemaakt.”

Excelsior’20 mag dan een eigen buizerd hebben, vroege vogels zijn de leden van de onderhoudsploeg niet. Om half tien wordt eerst begonnen met koffie, een half uur later gaat de werktijd in. “Meestal blijven we tot half één”, zegt Halkes, die er twee keer per week is. Teun van Aken is elke dag aanwezig op het complex.

Schnieder voelt zich niet alleen doelwit van de lokale roofvogel, hij zit naar eigen zeggen ook nog in zijn proefperiode. “Ik loop stage”, laat hij triomfantelijk van onder zijn petje weten. Dat hij in zijn stageperiode zit, heeft volgens de andere leden van de ploeg te maken met zijn achtergrond. Schnieder werkte een leven lang in de verzekeringen en is niet gewend om met zijn handen te werken. Zelf doet hij geen moeite om het te ontkennen. “Ik had twee linkerhanden. Ik loop vaak met Jos van Deventer mee. We doen dan de sponsorborden. Ik steek daar veel van op.”

Klik op rksv Excelsior’20 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op rksv Excelsior’20 voor meer informatie over de club.

Schoonhoven laat hart Fred Meijer harder kloppen

Fred Meijer veranderde in zijn voetballeven nog wel eens van kleur. Van spits werd hij KNVB-scheidsrechter om vervolgens op zijn zestigste zich toe te leggen op het verzorgingsvak. “De medische wetenschap heeft me altijd geïnteresseerd.”

Met Baaij Ooms vormt Meijer (71) bij de club uit de Zilverstad een mooi koppel. Samen nemen zij de verzorging en de hersteltraining voor hun rekening bij de selectie van de zaterdagderdeklasser. “Een luxe voor dit niveau”, erkent ook Meijer.

Het domein van Ooms en Meijer op sportpark Het Hofland mag er zijn. In de verzorgingsruimte is plaats voor twee behandeltafels, kasten vol medisch materiaal en zelfs voor fitnessapparaten. Aan de muur hangen vrijwel enkel posters van de  anatomie van het menselijk lichaam.

“We doen alles met zijn tweeën”, zegt Meijer. “Als de één wat voelt bij een speler voelt de ander ook even. De hersteltraining doen we ook.”

Een loopbaan als kok stond een imposante spelerscarrière van Meijer als voetballer in de weg. Doordat er van trainen weinig terecht kwam door zijn werk in de avonduren, was een basisplaats bij zijn club Unitas in Gorinchem onhaalbaar. Trainen deed hij dan ook nauwelijks, scoren ging hem desondanks goed af. “Ik heb afwisselend in het tweede en derde gespeeld. Op mijn 34ste ben ik verkast naar VV Asperen. Daar scoorde ik aan de lopende band, zo’n 25 goals per seizoen. Als ik een wedstrijd had, ging ik ’s ochtends werken, ’s middags voetballen en daarna weer werken.”

Na zijn actieve carrière werd Meijer KNVB-scheidsrechter. “Dat heb ik bij elkaar zo’n twintig jaar gedaan. Ik floot op een gegeven moment tweede klasse, dat was een leuk niveau.”

Hoewel hij gestopt is als KNVB-scheidsrechter fluit hij bij Schoonhoven nog regelmatig een wedstrijd. “Mijn twee kleinzoons – ze zijn achttien en vijftien jaar – spelen in de jeugd. Ik fluit ze regelmatig. Meestal pak ik één wedstrijd op zaterdag. Een vroege, want ik moet op tijd paraat staan voor de verzorging van Schoonhoven 1.”

Meijers heeft zijn passie gevonden in het verzorgingsvak. “Ik ben er op mijn zestigste mee begonnen. Waarom? Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in de medische wetenschap. Ik ben verzorger geweest bij VV Asperen en ook bij LFC Leerdam. Vijf jaar geleden zijn we verhuisd naar Schoonhoven. Ik was al eerder door de club vastgelegd dan dat we hier woonden, haha.”

Bij de blauwwitte club is Meijer, benadrukt hij, er voor alle voetballers. “Of ze nu in het vierde spelen of in de JO17-2, als er klachten zijn kijken we ernaar. Ik ben doordeweeks drie avonden op de club, op maandag, dinsdag en donderdag. En zaterdag ben ik uiteraard bij de wedstrijden. Dat blijft het mooiste. Het omgaan met de jongens en de wedstrijdspanning. Het is nu vrijdag, maar mijn hart klopt nu al harder omdat er morgen een wedstrijd is.”

Meijer leeft dan ook volop mee met ‘zijn’ jongens. “We draaien lekker en hopelijk kunnen dat volhouden tot het einde van de competitie. Wie weet zit er wel nacompetitie in. Dat zou een mooie bekroning zijn voor het goede seizoen.”

Klik op VV Schoonhoven voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Schoonhoven voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.