Home Blog Pagina 1466

Transfernieuws: Oussama Siali naar FC Lisse

Oussama Siali maakt vanaf de zomer van 2018 deel uit van de selectie van FC Lisse. De 21-jarige Amsterdammer is momenteel bezig aan zijn tweede seizoen bij Ter Leede. Oussama is een multifunctionele speler. Hij kan uit de voeten op zowel het middenveld als in de aanval.

Oussama verruilde als 19-jarige in 2016 de Amsterdamse zondag eersteklasser Zeeburgia voor hoofdklasser Ter Leede. Aanvankelijk leek Oussama voor het tweede van de Sassenheimers te komen en werd hij voorgesteld als verdediger. In zijn jeugd had Oussama echter reeds gespeeld als aanvallende middenvelder. Oussama wist zich meteen in de kijker te spelen van de Amsterdamse trainer van Ter Leede: Henk Wisman. Voor Oussama bleek de overstap naar de hoofdklasse zaterdag de juiste te zijn. Op dit niveau is naast het hogere tempo ook taktiek van groot belang. Oussama had snel een basisplaats bij Ter Leede. Ter Leede liep op het laatste moment promotie mis naar de derde divisie.

Bij Ter Leede neemt Oussama de 9 positie in. Voor Oussama was de herfst van 2017 een bijzondere periode. Hij mocht stage lopen bij de Franse topclub Paris Saint-Germain. Het kwam niet tot een contract in de Franse hoofdstad. Oussama besloot het seizoen af te maken bij Ter Leede.

Diverse clubs, waaronder FC Lisse, toonden belangstelling voor Oussama. Oussama heeft uiteindelijk gekozen voor FC Lisse. FC Lisse-trainer Robbert de Ruiter heeft graag multifunctionele spelers. In de tweede divisie moet je als team meerdere spelsystemen kunnen spelen. Oussama kan op de flanken uit de voeten, maar ook als aanvallende middenvelder.

Oussama welkom bij FC Lisse. Vanaf de zomer van 2018 zien wij jou terug in het prachtige geel-blauwe shirt van FC Lisse.

 

VELO spint garen bij nieuw vrijwilligersbeleid

Net als bij andere verenigingen voelde ook VELO het teruglopend aantal vrijwilligers. De Wateringse club, ruim dertienhonderd leden, besloot het vrijwilligersbeleid dit jaar rigoureus om te gooien. “Wie niets wil doen, is bij ons niet welkom.”

“De afgelopen jaren is de druk op ons vrijwilligersbestand steeds groter geworden”, vertelt Piet de Cloo, voorzitter van de vrijwilligerscommissie. “Er kwamen minder vrijwilligers, bestaande vrijwilligers kregen steeds meer last op hun schouders, waardoor ongezonde situaties ontstonden. Van onze leden komt dertig, veertig procent buiten Wateringen en het is algemeen bekend dat de gemeenschapszin in een grote stad minder is.”

VELO deed eerst uitgebreid onderzoek en keek ook bij andere omniverenigingen in de buurt (Quick). “Veel clubs kiezen voor een systeem om hun taken af te kopen. Dat wilden wij per se niet”, zegt De Cloo. “Dat lost het probleem niet op en bovendien ga je ongelijkheid creëren. Het ene gezin heeft nou eenmaal een beter gevulde portemonnee dan de ander. Wij willen juist een beroep doen op de gemeenschapszin van de leden.”

Voor het nieuwe seizoen kreeg elk nieuw lid met ouders een intake-gesprek. “Daarin hebben we duidelijk gemaakt wat we van een lid of ouders verwachten, welke taken er zijn, maar ook wat mensen goed kunnen en graag willen doen.”

De Cloo en zijn team hadden gerekend op negatieve reacties maar daar was amper sprake van. “We hebben zeventig, tachtig gesprekken gevoerd. In één geval wilden ouders geen vrijwilligerstaken doen. Dat lid hebben we geweigerd. Voor de rest: geen boze mailtjes, sms’jes of app’jes. De mensen vinden het eigenlijk heel gewoon. Onze ervaring is ook dat ouders zo’n gesprek als zeer prettig ervaren. Vaak weten ze ook niet hier wat er allemaal moet gebeuren. Ze zijn er onbekend mee hoe een vereniging functioneert.”

“We zadelen ze heus niet meteen op met uren vrijwilligerswerk”, verduidelijkt De Cloo. “We hebben wel een basis gesteld: jaarlijks moeten ze drie keer een bardienst draaien. Andere taken uitvoeren mag uiteraard ook. Graag zelfs.”

VELO spint nu al garen bij het vrijwilligersbeleid. De Cloo: “Vorig jaar zochten we in augustus nog naar leiders en coaches. Nu hebben we de boel veel eerder compleet. Pas geleden kwamen we er in een gesprek achter dat een vader zijn TC3-trainersdiploma heeft. Die traint nu een elftal. Vroeger hadden we dat gemist.”

Dit seizoen gaan VELO ook met bestaande leden en ouders om de tafel.

Er staat (nog) geen sanctie op, als leden/ouders hun verplichtingen niet nakomen. Bewust, volgens De Cloo. “Ons doel is het aanwakkeren van de gemeenschapszin.”

 

 

Johan Lamens schopte bij SV Lopik met succes tegen heilige huisjes aan

Ruim dertien jaar was Johan Lamens dag en nacht in touw voor voetbalvereniging SV Lopik. Met een team enthousiaste mensen bracht hij structuur in de opleiding, was jeugdvoorzitter en bestuurslid voetbaltechnische zaken en moest soms tegen heilige huisjes schoppen. Dat riep weerstand op, maar Lamens nam onlangs met gepaste trots afstand van zijn vrijwilligersfunctie. Nu heeft hij eindelijk tijd om bij zijn vier zoons te kijken, die allemaal bij SV Lopik voetballen.

Johan Lamens moet lachen om de vraag. De voormalig bestuurder van voetbalvereniging Lopik praat zo enthousiast over de club en het beleid, dat het gerechtvaardigd is om te vragen waarom hij eigenlijk is gestopt. De passie druipt er nog vanaf bij de 55-jarige key accountmanager. ,,Het is gewoon too much”, geeft Lamens aan. ,,Ik heb een heel drukke baan en bij Lopik had ik er een baan naast. Het koste mij twintig uur per week. Daarnaast heb ik mijn gezin. Ik heb vier zoons die allemaal bij Lopik spelen, maar zie ze eigenlijk te weinig voetballen.”

Hij bedoelt het niet eens als klacht, eerder als constatering. Lamens stopte sinds 2003 zijn ziel en zaligheid in de vereniging. Toen zijn zoontje dat jaar op 6-jarige leeftijd ging voetballen, was Lamens senior erbij. Langzaam rolde hij in de vereniging. Eerst als jeugdcoördinator van de F-pupillen, later kreeg hij de E’tjes en D’tjes er ook bij en werd hij algeheel jeugdcoördinator. Als jeugdvoorzitter nam hij zitting in het bestuur en schoof daarna door naar de functie van bestuurslid voetbaltechnische zaken.

In de jaren dat hij zich met een groep enthousiaste mensen om zich heen inzette voor SV Lopik zag Lamens veel ten goede veranderen bij de club. ,,In het begin zag ik goedwillende trainers en ouders, maar was er te weinig kader om structuur aan te brengen. Mijn buurman die verderop in de straat woont, vroeg of ik iets voor de club wil betekenen. Zo rolde ik er langzaam in. SV Lopik stond in de omgeving toch bekend als de club die de lange bal speelt en veel strijdlust toont, niet altijd in de goede zin van het woord. Trainers en ouders waren vooral bezig met het creëren van hun eigen team. Vanaf de D tot en met de A mocht er niet meer aan die teams worden gezeten. In de vereniging zat iedereen op zijn eiland en dacht niemand in het clubbelang.”

De ommezwaai betekende wel dat Lamens tegen heilige huisjes moest schoppen. Dat levert weerstand op, in het bijzonder van mensen die de club al lang dienen. ,,In 2009 schreven we ons eerste beleidsplan. We hebben een visie uiteengezet hoe we de jeugd willen opleiden op voetbalgebied en formuleerden per leeftijdscategorie aan aantal doelstellingen. Dat was niet ingewikkeld, want in de TC 3-opleiding stonden die uitgangspunten al. Daar zijn we mee begonnen door trainers in de onderbouw oefenstof te geven van mijnvoetbaltrainer.nl. In de bovenbouw ligt de nadruk meer op de teamfunctie en wordt er meer wedstrijdgericht getraind. Uiteindelijk moeten alle teams aanvallend en verzorgd voetbal spelen.”

Lamens en zijn team kwamen ook tot de conclusie dat de Lopik-trainers begeleiding moeten krijgen. Daarvoor stelde de club per leeftijdscategorie een technisch coördinator aan. In de praktijk is dat de eerste trainer van die categorie. ,,Die is verantwoordelijk voor die trainers. Dat ging met vallen en opstaan. Later hebben we onze hoofdtrainer – Bertus van Schaik – uitbreiding van zijn uren gegeven. Hij is als technisch manager verantwoordelijk voor de technische coördinatoren per leeftijdscategorie.”

Lopik kwam ook in contact met All Sports Academy van René van der Kooij. ,,Wij hadden nog geen uitgewerkte visie op de speelwijze. Daarom is er in overleg met All Sports Academy een technisch plan samengesteld waarmee we de praktijk in konden. We willen in alle facetten 1-4-3-3 spelen. De technische coördinatoren en selectietrainers komen eens in de zes weken bij elkaar om de oefenstof voor de komende zes weken door te spreken. Dat wordt allemaal begeleid door Bertus van Schaik en Mitch Maas, trainer van All Sports Academy. Dat is allemaal voor de selectieteams. Voor de basisteams komen de trainers ook één keer in de zes weken bij elkaar. Zij krijgen dan vooral oefenstof op basis van techniek.”

Bij SV Lopik beginnen ze de vruchten te plukken van het beleid. De C1, B1 en A1 hebben goede lichtingen die kunnen doorgroeien naar de eerste klasse. Toch ziet Lamens ook nog voldoende uitdagingen voor Lopik. ,,Ik hoop dat het huidige beleid wordt doorgezet. Daarnaast is de komst van een kunstgrasveld noodzakelijk, al wil de gemeente geen cent bijdragen. Waar ik ook trots op de ben, is de continue aandacht voor sportiviteit en respect. Tweemaal per seizoen reiken wij de sportiviteitsprijs uit aan een team. Weet je, ik heb dan afscheid genomen als bestuurslid, maar het gaat niet om mij. Ik heb samengewerkt met een heel leuke groep mensen. Met z’n allen hebben we de afgelopen jaren best veel neergezet.”

 

Plezier in het spelletje blijft belangrijk voor Van den IJssel

Met de IJFC dames naar hoofdklasse is doel van coach

Marcel van  den IJssel wil altijd graag winnen, maar het mag niet ten koste van het plezier gaan. ,,Ik kies daarom nooit voor de sterkste elf spelers, maar laat iedereen aan de beurt komen om zo iedereen zoveel mogelijk gelijke speelminuten te geven.’’ De Benschopper(44) is met zijn derde seizoen bezig met het vrouwenvoetbal bij IJFC.

 INGEROLD
Van den IJssel, die de kost verdiend als zelfstandig calculator voor schilder en onderhoudswerken voetbalde zelf in de jeugd bij Benschop, VVIJ en later in de senioren bij Benschop. Hij raakte al vroeg in zijn loopbaan geblesseerd en koos toen voor het trainersvak in het damesvoetbal. ,,Ja, daar ben ik gewoon in gerold. Vrouwen zijn gedreven en willen graag samen leren. Dat paste goed bij mij. Het gaat mij erom iets te presteren met een groep die ervoor gaat en maakt het mij niet uit in welke klasse dat is. Maar er moet wel een drive in zitten en iedereen moet zijn grenzen opzoeken. Je speelt tenslotte om te winnen, want bij teveel plezier en te weinig prestaties gaat het bij mij wel wringen.’’

LANGE ADEM
Inmiddels heeft hij er al twintig jaar opzitten tussen het ‘zwakke geslacht’. De mentaliteit bevalt hem uitstekend ,,Bij de vrouwen maak je meer een groepsproces mee. Ze communiceren meer en willen alles weten. Als je dat kunt combineren, dan heb je een fantastische groep.’’ Hij krijgt daarbij hulp van teammanager Wilma Dorresteijn die zijn taken in de kleedkamer overneemt. ,,Er zijn altijd vrouwendingetjes, zoals niet lekker zijn of niet goed in de vel zitten. Dat soort dingen kunnen vrouwen maar beter onder elkaar bespreken.’’ De bevlogen oefenmeester is geen clubhopper. ,,Ik ben een man van de lange adem. Als ik het ergens naar mijn zin heb en ik denk dat we wat met elkaar kunnen bereiken, kan ik bij wijze van spreken zomaar tien jaar blijven.’’

HOOFDKLASSE
Van den IJssel roemt zijn pupillen, maar wil niemand uit de groep uitlichten. ,,Natuurlijk lopen er betere speelsters rond. Maar namen noem ik niet. Weet je, dit is een team wat het van het collectief moet hebben. De groep is hecht en we hebben weinig verloop ieder jaar. Dat zegt toch genoeg?’’ Hij heeft net een krachttraining achter de rug. Tijdens de winterstop houdt hij zijn pupillen fit in de zaal. ,,We moeten er klaar voor zijn. Nu spelen we in de eerste klas. Dat is best hoog, want alleen de hoofdklasse, topklasse en de eredivisie zitten daarboven. Momenteel draaien we goed mee. Het doel is hoofdklasser worden, misschien via de nacompetitie en wie weet wel door de titel te pakken.’’

RUSTIGE TRAINER
Aan enthousiasme ontbreekt het niet bij de Benschopper, die van zichzelf zegt een rustige trainer te zijn. ,,Ik ben geen schreeuwer langs de lijn. Ik ben zelflerend, want ik heb geen enkele cursus gevolgd. Dat was niet te combineren met mijn baan als zelfstandige. Maar ben wel ambitieus. Of het nou met een zesdeklasser of hoofdklasser is maakt me niet uit. Zolang de groep maar wil winnen en leren heb ik het naar mijn zin.’’

© Ton Zoeren

VoetbalJournaal Lekstroom – Voorjaar 2018

Lees de krant hier

CvdW: SC Gastel – Koen de Vos

Middenvelder Koen de Vos (21) begon op zijn vijfde met voetballen bij Sc Gastel en is momenteel een van de sterkhouders van de formatie van trainer Peter Kepers. Wij spraken Koen over zijn carrière tot nu toe, zijn mooiste moment, zijn ambities en zijn verwachtingen voor dit seizoen.

Carrière
Van zijn vijfde tot zijn dertiende heeft Koen de Vos verschillende elftallen doorlopen bij de dorpsclub, waarna hij Gastel verliet voor het grotere Alliance uit Roosendaal. De Vos: ‘’Ik voetbalde bij de KNVB en de trainer die ik daar had benaderde mij destijds om naar Alliance te komen. Er werd mij verteld dat bij Alliance de kans groter zou zijn om een stap te maken naar bijvoorbeeld RBC Roosendaal, destijds nog een profclub. Ik ging de uitdaging aan, maar ik werd te licht bevonden voor een BVO.’’

Na een jaar keerde de Vos terug naar zijn oude liefde om weer te gaan voetballen met zijn vrienden. Na de C1, B1 en A1 kwam de student financiële dienstverlening in het seizoen 2014/2015 vast bij het eerste elftal, dat toen onder leiding stond van voormalig profvoetballer Eric Hellemons. Hij maakte een promotie mee naar de derde klasse en speelt binnenkort zijn 100e wedstrijd voor de rood-zwarten. Koen heeft het erg naar zijn zin bij Sc Gastel. ‘’Sc Gastel is een echte volksclub waar bijna iedereen wel een band heeft met elkaar. Dat spreekt mij aan’’.

Mooiste moment
De promotie naar de derde klasse is voor de in Roosendaal woonachtige de Vos het mooiste moment tot nu toe bij Gastel. ‘’Het seizoen voor we promoveerde miste ik in de laatste beslissende nacompetitiewedstrijd tegen RCS een strafschop, mede daardoor moesten we nog een jaar in de vierde klasse spelen. Dat was een enorme teleurstelling. Een jaar later scoorde ik in de nacompetitiewedstrijd tegen mijn oude club Alliance de openingsgoal en wisten we eindelijk uit de vierde klasse te komen. Toen was de ontlading extra groot.’’

Toekomst
De Vos twijfelt op dit moment niet over zijn toekomst. ‘’We hebben een jonge, serieuze en gezellige groep. Ook spelen een aantal vrienden van mij in het eerste en dat maakt het extra leuk. Ik heb wel de ambitie om in de toekomst op een hoger niveau te spelen en ik geloof er in dat dit mogelijk is met de huidige groep, mits deze bij elkaar blijft. Ieder jaar stoppen er één of twee bepalende spelers en dat kunnen we niet gebruiken. Ik hoop dat we deze groep bij elkaar kunnen houden, want het liefste speel ik nog heel lang bij Sc Gastel. Mocht dit niet het geval zijn houd ik mijn ogen open voor andere clubs. Ik zie de derde klasse niet als mijn plafond’’.

Voorspelling
Sc Gastel gaat komend weekend op bezoek bij het Zeeuwse Hontenisse. Er wacht een lastige uitwedstrijd in de strijd om de bovenste plaatsen. ‘’Ik verwacht dat de ploegen uit de huidige top vier in onze klasse zullen gaan strijden om het kampioenschap. Wanneer we deze wedstrijd weten te winnen ben ik er van overtuigd dat we ook daadwerkelijk in de top 4 gaan eindigen. Dat zou een geweldige prestatie zijn voor ons, al willen we zo lang mogelijk mee blijven doen om het kampioenschap.’’ De Vos verwacht een pittige wedstrijd, maar wel een 1-2 overwinning voor zijn club.
Logo Sc Gastel Amateurvoetbal

 

Student, middenveldster én bestuurslid van SV Capelle

Manon de Rooij is met haar 21 jaar een opvallend frisse verschijning in het bestuur van SV Capelle. De speelster van het damesteam wordt gedreven door de wil om mee te beslissen over de toekomst van haar geliefde vereniging en de kans om ervaring op te doen als bestuurder.

De blonde middenveldster studeerde tot voor kort Bedrijfskunde in Rotterdam. “Ik wilde graag iets bestuurlijks doen in de praktijk en kon daar geen betere plek voor bedenken dan mijn eigen vereniging, SV Capelle. Ik voetbal hier al vanaf mijn achtste, vind het leuk om dingen te organiseren, als eerste te horen wat er speelt en krijg zo ook nog eens de kans om mee te beslissen over belangrijke zaken.”

Sinds een paar maanden is ze als bestuurslid verantwoordelijk voor activiteiten die georganiseerd worden binnen de vereniging. Daarnaast is ze nog altijd fanatiek speelster van het damesteam. “Ik speel al mijn hele leven samen met dezelfde meiden. Wij waren het eerste meisjesteam van de club en zijn een paar jaar geleden doorgestroomd naar de senioren. De dames van toen wilden eigenlijk eerder al stoppen met voetballen, maar hebben gewacht totdat wij oud genoeg waren om het stokje over te nemen.” Inmiddels heeft Capelle ook een MO13-1 en een MO15-1. “Het is lastig voor een club met nog geen vierhonderd leden om een volwaardige jeugdopleiding voor meisjes te realiseren.”

Dat heeft ook gevolgen voor het niveau. “Wij spelen in de vijfde klasse, hebben op sommige posities te weinig speelsters. De MO15-1 speelt in de tweede klasse en de MO13-1 in de derde klasse, dus dat ziet er wel goed uit.” De Rooij heeft goede hoop voor de toekomst van het damesvoetbal bij Capelle. De stijgende populariteit van het Nederlandse damesvoetbal dankzij de goede prestaties van het nationale vrouwenteam helpen mee. De Rooij denkt dat Capelle qua niveau wel hoger moet kunnen, maar dan zal de trainingsintensiteit ook opgehoogd moeten worden. “Dat lukt nu niet doordat veel dames druk zijn naast het voetbal.”

Zelf waardeert ze de combinatie tussen het spelletje en de gezelligheid bij Capelle. “Ik vind het voetballen heel erg leuk en geniet van de gezelligheid met de meiden. We kunnen het heel goed vinden, hebben ook naast het voetbal contact met elkaar. Het is in de kantine altijd een gezellige boel na een wedstrijd of training.” De dames staan bekend om de feestelijke avonden die zij organiseren in de kantine, waarvoor de hele club wordt uitgenodigd. “Capelle is gewoon een heel gezellige, gemoedelijke en hechte vereniging, waarbij sfeer en prestaties goed samengaan. Het niveau van opleiden zit ook in de lift, je ziet dat de jeugd steeds professioneler wordt getraind.”

De Rooij roept alle meiden uit Sprang-Capelle en omgeving op eens kennis te komen maken met het voetbal bij haar club. “Wij zijn altijd blij met nieuwe aanmeldingen, op de vriendinnendagen die wij organiseren kan iedereen eens komen ervaren hoe het is, maar gedurende het seizoen ben je ook van harte welkom.” Interesse? Voor meer informatie is Manon te bereiken via activiteitenbeheer@svcapelle.nl.

 

De Iniesta en Fischer van Rozenburg

De één verdeelt het spel, de ander raast langs de flanken. Joris van Driel en Floris van den Heuvel, beiden 22 jaar, zijn uitgegroeid tot belangrijke krachten bij derdeklasser Rozenburg, dat dit seizoen grote plannen heeft. “Dit moet hét seizoen worden.”

Joris van Driel is niet alleen creatief op het veld, maar ook daarbuiten. De jonge Rotterdammer is gitarist. “Ik ben onlangs op het conservatorium in Tilburg begonnen op de Rock Academie. Ik hoop er later mijn beroep van te maken. Ik heb altijd al gespeeld in bandjes. Nu doe ik dat even niet, de band waar ik in speelde is nog niet zo lang geleden uit elkaar gegaan.”

Van Driel en Van den Heuvel bewandelden op voetbalgebied dezelfde weg. Drie seizoenen geleden maakten zij de overstap van Brielle 2 naar Rozenburg. “We hadden een erg succesvol team bij Brielle. We werden kampioen in de eerste klasse, promoveerden naar de hoofdklasse, maar uiteindelijk wil je als voetballer in het eerste elftal spelen”, vertelt Van den Heuvel. “Die kwam echter niet. Daarom was het niet zo moeilijk om ja te zeggen toen Rozenburg aan de telefoon hing.”

Van Driel: “Wij zijn maatjes en met zijn tweeën was de drempel een stuk lager.”

Hun entree bij de ploeg van trainer Dennis Zaal verliep moeizaam. “Ze moesten allebei erg wennen aan fysiekere voetbal van de derde klasse”, zegt de oefenmeester. “Zeker Joris. Die had zijn postuur ook nog niet eens mee.”

De middenvelder, klein van stuk, kan dat slechts beamen. “Ik ben niet groot en moet het niet hebben van mijn duelkracht. Op het niveau van Brielle lag de nadruk op het voetballende deel, in de derde klasse werden we ineens geconfronteerd met ploegen die ook flink de beuk er ingooide. Daar moesten we ons tegen wapenen.”

“Joris was in die beginperiode allesbehalve goed genoeg”, weet Zaal nog. “Maar we zijn met hem hard aan de slag gegaan. Hij is nu onmisbaar.”

“Hij is een fantastische dribbelaar, erg balvast en soms lijkt het alsof de bal aan het touwtje zit bij hem. Hij draait makkelijk weg bij zijn tegenstander, op dit niveau is dat weinig spelers gegeven”, is Zaal vol lof over Van Driel. “Wij noemen hem de blonde Iniesta.”

Van Driel: “Is dat zo? Ze vergelijken mij wel eens met Modric van Real Madrid, maar Iniesta, die had ik nog niet eerder gehoord. Qua spel heb ik inderdaad wel wat weg van ze. Ik probeer ook het spel te verdelen. Ik ben ook veel slimmer geworden. Ik moet de duels ontwijken en niet de strijd aangaan met een gozer van twee meter. Dat win ik toch niet. Ik moet slim zijn in positie én ruimte kiezen.”

Is Van Driel het creatieve brein op het middenveld, Van den Heuvel is een echte buitenspeler. “Een klassieke nog”, zegt Van Driel over zijn maatje. “Hij is rap, kan nog een mannetje passeren en een goede voorzet geven. We voelen elkaar goed aan. Bij Brielle speelde ik eigenlijk iedere bal naar voren naar Floris. Hij heeft zo veel snelheid en diepgang.”

Van den Heuvel paste zich na zijn komst sneller aan, maar raakte aan het begin van  vorig seizoen wel zijn basisplaats kwijt. “We stapten over van een drie- naar een twee spitsensysteem. Daar werd ik de dupe van. Dat was geen makkelijke periode, omdat ik ervan overtuigd was dat ik in de basis hoorde.”

“Uiteindelijk heb ik me weer in de basis teruggeknokt en ben ik samen met Brian van der Laan met vijftien doelpunten nog topscorer van het team geworden.” Zaal: “Dat was wel knap hoe Floris zich terugvocht. En vijftien doelpunten is natuurlijk prima voor een buitenspeler.” en

“Ik wil die lijn dit seizoen doorzetten”, voegt Van den Heuvel toe. Zijn trainer vindt dat hij nog wel wat effectiever moet worden. “In aanname en afwerking.”

“Een echte spits ben ik natuurlijk niet”, is Van den Heuvel eerlijk. “Daar heb ik net te veel kansen voor nodig. Dat weet ik gewoon”, aldus de buitenspeler, die bij zijn oude club Brielle Fischer werd genoemd. “Die speelde toen bij Ajax. Ik ben voor Ajax en ook blond. Vandaar. Geen idee waar hij nu speelt. Hij is een beetje in de vergetelheid geraakt.”

Beiden hebben voor Rozenburg dit seizoen een hoofdrol in gedachten. “De lat ligt het allerhoogst”, geeft Van Driel de ambities weer. “Iedereen is gebleven en we hebben een paar goede spelers erbij gekregen. We zijn echt sterk.”

“Dit moet hét jaar worden”, zegt Van den Heuvel. “Dat gevoel heerst bij iedereen, technische staf en spelers. We willen oogsten.”

 

Wouter Lagraauw weet de juiste snaar te raken

Het is een ‘erelijst’ die er wezen mag. Wouter Lagraauw heeft volgens KMD-insiders het kampioenschap aan zijn ‘kont kleven’, want de 25-jarige trainer uit ’s-Gravenzande werd met drie verschillende JO11-1-teams (voorheen de E1) kampioen. “Je moet de juiste vragen stellen”, verklapt hij.

KMD-voorzitter Peter van den Berg zegt dat Wouter Lagraauw ‘iets’ heeft, maar hij weet dat ‘iets’ niet goed te benoemen. “Het is in ieder geval een bijzondere statistiek”, lacht de trainer zelf als hij wordt ‘geconfronteerd’ met zijn drie opeenvolgende titels. “De eer die ik krijg is leuk, maar het zijn wel de jongens die het doen. Als trainer in deze leeftijdscategorie ben je een hulpmiddel, je hebt een begeleidende rol. Het gaat erom de spelertjes er zo veel mogelijk bij te betrekken. Dat doe je door ze zelf oplossingen te laten aandragen. Door de juiste vragen te stellen kan je ze vervolgens krijgen waar je ze hebben wil. Ik hanteer daarbij het principe van de drie w-vragen: Wie? Wat? Waarom? Spelers van die leeftijd vinden het reuze interessant om met magneetjes op het tactiekbord te schuiven.”

Hij noemt zijn manier van werken zelf van een ‘trucje’, maar doet hij zichzelf daarmee niet tekort? “Noem het wat je wil, het gaat erom dat die jongens het idee hebben dat het geen eenrichtingsverkeer is. Dat zie je natuurlijk wel vaak. De trainer bepaalt hoe en wat en de spelers moeten dat maar uitvoeren. Mijn insteek is: laat ze meedenken over tactiek en speelwijze om uiteindelijk door het stellen van de juiste vragen uit te komen wat je als trainer al voor ogen had.”

Lagraauw, die zelf voetballer van KMD 3 is en ook actief is voor de Wateringse club in de zaal, was voordat hij bij KMD neerstreek, vier jaar als trainer werkzaam in de jeugdafdeling van FC ’s-Gravenzande. “Daar ben ik begonnen bij de A- en B-meiden. Ik was techniektrainer, passen, aannemen en trappen deed ik.”

Bij KMD is hij sinds vier jaar hoofdtrainer van de E-lijn. “In totaal zijn dat zes jongens- en een meisjesteam. Bij de F is het vooral lekker ballen. Ook bij ons, bij de E, kunnen ze gerust hun acties maken, maar het ontwikkelen van het tactische basisniveau hoort er ook bij. Dat is een vereiste als de overstap naar de D, naar een groter veld, wordt gemaakt.”

Lagraauw speelt altijd met een systeem. “Je hebt een aantal varianten, maar in principe komt het neer op met het puntje naar voren of naar achteren. Dit seizoen spelen we met een zuivere kerstboom: 1-3-2-1.”

In de training besteedt hij veel aandacht aan passen, trappen en aannemen. “Tactisch gezien probeer je spelers van die leeftijd bewust te maken van een actie. Een verdediger heeft als primaire taak verdedigen, maar als hij de bal na het verdedigen blind naar voren trapt, zal hij opnieuw moeten gaan verdedigen. In dat geval laat ik zien wat de andere oplossing is: de bal spelen naar de rechtsback die vrij staat. Je bent als trainer telkens bezig om te laten zien welke opties er zijn.”

Hij gelooft niet in goede en slechte lichtingen. “Dat zou betekenen dat je kampioen wordt met een goede lichting en laatste wordt met een slechte lichting. Dat is mij te makkelijk.”

Lagraauw heeft ambities als jeugdtrainer. Hij is bezig met zijn TC3-diploma. “Mijn droom? Als jeugdtrainer werken bij een bvo.”

 

 

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.