Home Blog Pagina 1362

Dominic van Oosterhout houdt eer van familie hoog bij Hoeven

 

De tribune bij het hoofdveld is vernoemd naar zijn opa en zijn vader was er jarenlang actief als speler en trainer. En Dominic van Oosterhout (21) zelf alweer voor het derde seizoen in het eerste team van VV Hoeven. “Ik voetbal bij een fantastische club.”

 

Dominic van Oosterhout is afkomstig uit Sint Willebrord en logischerwijs ging hij als klein jochie voetballen bij Rood-Wit. Bij die club doorliep hij de volledige jeugdopleiding en de rappe aanvaller sloot daarna aan bij de selectie. “Ik had het op zich goed naar mijn zin bij die club, maar een blessure gooide roet in het eten”, zo vertelt hij. “Toen ik weer fit was, viel ik in de selectie buiten de boot en dus ging ik op zoek naar een nieuwe club. Dat werd Hoeven.”

 

Van Oosterhout tribune

Helemaal verrassend was het niet dat juist VV Hoeven de nieuwe club werd van Van Oosterhout. Zijn vader Richard speelde bij die club jarenlang in het eerste team en later werd hij ook hoofdtrainer bij de blauw-witten. Ook zijn opa Bart van Oosterhout speelt een rol in de historie van Hoeven. Hij deed in de rol als terreinknecht enorm veel voor de dorpsclub en als dank voor al zijn inspanningen werd op sportpark Achter ’t Hof zelfs de tribune naar hem vernoemd. “Natuurlijk speelden deze aspecten wel mee in mijn keuze voor Hoeven”, licht de aanvaller toe. “Mijn familie heeft al erg lang een bijzondere band met de club en ik wist ook wel wat ik hier kon verwachten. De sfeer is goed, langs de lijn is het vaak erg druk en ik wist dat er in de spelersgroep veel kwaliteit zat.”

 

Kampioenschap

Bij Hoeven viel Van Oosterhout spreekwoordelijk gezien met zijn neus in de boter. In zijn eerste seizoen eindigde het team als tweede en liep de club in de nacompetitie promotie mis naar de tweede klasse. Vorig seizoen presteerde de ploeg van Eric Koenraads nog beter: voor het eerst in 25 jaar werd Hoeven toen kampioen. “Zondag 20 mei was echt een geweldige dag”, weet Van Oosterhout nog goed. “We wonnen met 2-0 en hebben daarna een gigantisch feest gevierd. Het was bizar hoeveel fans er langs de lijn stonden en door hun vuurwerk en gezang zorgden ze voor een fantastische sfeer.”

 

Voor het eerst in de historie komt Hoeven dit seizoen uit in de tweede klasse. Van Oosterhout is een van de jonkies in de blauw-witte kampioensploeg en de concurrentie voor een team in de basiself is hevig, zo ondervond de rappe aanvaller in zijn eerste seizoenen bij de club. “Ik heb mezelf helaas nog niet kunnen ontwikkelen tot vaste basisspeler, heb vorig seizoen vaak genoegen moeten nemen met invalbeurten. Dit komt mede omdat ik pech heb gehad met blessures, maar ook omdat we een goede spelersroep hebben. Soms werd ik opgesteld als rechtsback, maar liever speel ik als rechts-of linksbuiten.”

 

Wat verwacht Van Oosterhout van het debuut van Hoeven in de tweede klasse? “Ik vind dat een plek bij de eerste zeven ploegen het streven moet zijn. Het is sowieso een hele leuke competitie-indeling. Vooral naar de ontmoetingen met Cluzona kijk ik uit, want onze supportersgroepen zijn goed bevriend. Na onze thuiswedstrijden wordt er denk ik sowieso weer veel gefeest, daar hechten ze bij Hoeven namelijk ook veel waarde aan”, lacht hij.

Feest in Chaam: 60 jaar vol voetbalplezier

Voetbalvereniging Chaam bestaat alweer 60 jaar. Een leeftijd om trots op te zijn, maar vergis je niet: Chaam is eerder een energieke tiener dan een verzuurde pensionado.

Na 60 jaar bloeit en bruist Chaam nog altijd. Een grote groep vrijwilligers is de afgelopen tijd weer bezig geweest met het helpen bij de renovatie van de kleedkamers, het neerzetten van een tribune en het vervangen van het straatwerk rondom het al zo mooie complex. Daarnaast is de club inmiddels helemaal zelfvoorzienend qua energie, dankzij de zonnepanelen. “Chaam doet het net even anders. Wij houden ons handje niet op bij de gemeente, maar investeren zelf. Dankzij dit alles kunnen wij ook de komende jaren weer door als een gezonde vereniging.”

Daniël Elst (49) is sinds vier jaar voorzitter van de club. “Ik kwam binnen via mijn zoontje die ging voetballen. Ik werd eerst leider van zijn team, ging vervolgens in de sponsorcommissie, werd bestuurslid en ben nu dus al vier jaar voorzitter.” En hij is een trotse preses. “Chaam is echt een mooie dorpsclub, heel hecht en met een grote schare aan supporters. Iedereen in Chaam heeft ooit wel iets met de voetbalclub gehad.” Hij kan zijn geluk niet op met de vele vrijwilligers, mensen als terreinman Jack Kusters die de club zo hard nodig heeft. “Dankzij hem ligt ons hoofdveld er bijvoorbeeld echt op en top bij, terwijl het seizoen al voorbij is. Dat soort vrijwilligers zijn goud waard, zij zijn dag en nacht met de club bezig.”

Na zestig jaar draait het eerste elftal ook naar behoren. Na de promotie van een jaar eerder wist de club zich afgelopen seizoen te handhaven in de vierde klasse. “Met een jonge groep, waar we ook mee vooruit kunnen richting de toekomst. Alleen de keeper stopt, verder blijft iedereen en we krijgen er nog twee jongens bij die in Chaam zijn komen wonen. Wij doen het alleen met onze eigen jongens, dat hoort bij deze club.”

Ook het meisjesvoetbal mag niet vergeten worden, want Chaam heeft een imposante traditie wat dat betreft. Er wordt al veertig jaar meisjesvoetbal bij de club gespeeld. “Zij vormen een kwart van het ledenaantal. Dat is voor ons heel belangrijk, daar zijn we erg blij mee.”

Spirit ziet in meisjestak groeimodel

Een meisjesafdeling, daar zit muziek in dacht Spirit een paar jaar geleden. Inmiddels telt de meisjestak van de Ouderkerkse club vijf teams en als het aan jeugdcoördinator Ingrid Snijders ligt gaat de groei door. “We hebben de afgelopen jaren vol gas gegeven en dat blijven we doen.”

Dat Spirit de meisjestak – de club heeft ook nog één vrouwenelftal – serieus neemt, blijkt uit de organisatie. Die bestaat naast Snijders uit Bas Jonker, Frank van der Hoeven en wedstrijdsecretaris John den Boer. “En daarnaast hebben we nog veel enthousiaste trainers en leiders”, laat Snijders weten.

“Vijf jaar geleden zijn we begonnen met vijf meisjes”, vervolgt de 50-jarige Ouderkerkse, die moeder was van één van die meisjes, Fleur, die, inmiddels een stukje ouder en groter, bij Excelsior speelt. “Fleur en haar vriendinnen moesten toen in jongensteams spelen, maar dat was wel het begin van een enorme toeloop. Twee seizoenen geleden zijn we begonnen met een eigen meisjesafdeling, nu hebben we een MO9, twee MO11-teams, een MO13 en een MO17. Ons eerste doel is om minimaal één team in alle leeftijdsklassen te hebben. Dat hopen we voor komend seizoen te verwezenlijken.”

“Onze wens is om per leeftijdsklasse minimaal twee teams te hebben. Dan kun je ook gaan scheiden. Het kwaliteitsverschil in het team is nu vaak heel groot. Er spelen meiden in die ver zijn in de ontwikkeling, maar ook meiden die net begonnen zijn en de basis nog moeten leren.”

De KNVB adviseert clubs om meisjes zo lang mogelijk (tot de C) bij jongens te laten voetballen. Dat zou volgens de bond het beste zijn voor de ontwikkeling van de meisjes. “Wij laten dat open”, zegt Snijders. “De speelsters mogen zelf kiezen. De één vindt het prettig met jongens te voetballen, de ander geeft juist de voorkeur om in een meisjesteam te spelen. Voor talenten is er nog de mogelijkheid van de regiotraining.”

Inmiddels is Spirit ‘ingericht’ op een meisjestak. De club heeft er vier kleedkamers bijgekregen. “Niet alleen voor de meisjes, maar je zag dat bij veel clubs doordat meisjes gingen voetballen te maken kregen met praktische problemen. Als je drie meisjes hebt die met de jongens meespelen, dan kun je ze niet met die jongens in één kleedkamer stoppen. Dan heb je meer ruimte nodig. Ik weet nog dat onze meiden in het begin zo’n beetje overal werden weggestopt, van de bezemkast tot aan de wasruimte aan toe. Bij Spirit is dat inmiddels opgelost, zeker met de komst van de vier nieuwe kleedkamers”, lacht Snijders.

Ook op technisch gebied heeft Spirit stappen gezet. “Bas Jonker  heeft als Hoofd Jeugdopleiding een op de meisjes gericht plan gemaakt, Frank van der Hoeven begeleidt en ondersteunt trainers”, legt Snijders, zelf ook in het bezit van een trainersdiploma, uit. “We proberen zo veel mogelijk te werken met gediplomeerde trainers, zoals Spirit ook bij de jongens doet. Je ziet natuurlijk wel het verschil tussen meisjes die pas beginnen te voetballen op hun dertiende, veertiende en die al sinds hun achtste of negende jaar spelen. Ervaringsjaren zijn erg bepalend voor het niveau.”

Speciale vriendinnenmiddagen moeten ervoor zorgen dat de meisjestak blijft groeien. Snijders: “Het is belangrijk dat je het gezellig maakt voor die meiden. Nieuwe meisjes heb je heus niet zomaar binnen. Dat lijkt misschien zo, maar je moet voor nieuwe leden echt vechten. Ook toen de Oranje-vrouwen Europees kampioen werden kwamen ze niet aanwaaien.”

SJC FC Lisse De tweede zege is een feit

Het avontuur in de derde divisie lijkt nu pas echt begonnen. De bekerwedstrijd aan de Duinwetering en de bij voorbaat verloren strijd tegen DOVO op het vijfde veld achter de kantine kunnen we afvinken als onwenselijk en daarom maar heel snel vergeten. De geweldige entourage rondom de eerste wedstrijd op het hoofdveld tegen FC Lisse was er eindelijk weer eens een die past bij de club SJC. En waarover dus met heel veel plezier verslag kan worden gedaan.

Het begon met een heerlijke zomeravond waarop voetballen sowieso heel plezierig is. SJC begon de wedstrijd zoals van SJC verwacht kan worden. Fris en fruitig met de blik naar voren maar bepaald niet naïef. Hoewel FC Lisse via Siali de eerste kans kreeg toonde SJC zich vanaf minuut één, de minimaal gelijkwaardige tegenstander. Het was superspits Tom Duindam die na 12 minuten voor SJC een mogelijkheid kreeg. Maar zijn kopbal viel zomaar in de gelukkig grabbelende handen van Cummins.

In de 20e minuut was het dan ook Tom Duindam die de 1-0 liet aantekenen. Geweldige actie op rechts met een splijtende voorzet van Dario Lovechio. Waar Tom zomaar tegenaan kon lopen en het net liet bollen. Verrassend genoeg kwam er van de kant van FC Lisse nauwelijks zichtbare reactie. Kennelijk vertrouwde men toch wel op een goede afloop. SJC bleef waarschijnlijk mede daardoor de ploeg die het meest recht had op een voorsprong. Met enkele verrassende actie kwam Lisse wel een paar keer richting de 16 maar de SJC verdediging kwam nauwelijks in gevaar. En een enkel afstandsschot werd steeds een prooi voor Kevin Schelvis. De ruststand was dan ook 1-0.

Na rust aanvankelijk hetzelfde beeld. FC Lisse beschikt over een aantal balvaardige spelers maar als collectief staken de blauw-gelen schril af tegen de eenheid die de zwart-witten uitstraalden. De overtuiging waarmee bijvoorbeeld Baouchi een bijna kans afwisselde met een knal op het doel die maar net naast vloog, beloofde veel goeds. De 2-0 van alweer Tom Duindam, nu op aangeven van Mike van Toor, kwam nauwelijks onverwacht.

Maar dit bleek voor FC Lisse wel het sein om wat meer strijd te gaan leveren. Er kwamen voor hen ook een aantal mogelijkheden. Eerst kon Ayoub vrij aanleggen maar zijn schot was voor de uitstekend keepende Kevin Schelvis. Even later moest deze toch zwichten toen van der Putten een rebound verzilverde: 2-1.

Trainer Robbert de Ruiter, die vooraf meldde dat FC Lisse ambitieus wilde meedoen in de strijd om het kampioenschap, begreep dat er snel wat moest veranderen. Met een drietal wisselspelers probeerde hij de wedstrijd te laten kantelen. Ook Sjaak Polak reageerde en bracht Melvin van Stijn voor Demir Strojil. Het moet gezegd dat Lisse soms wel erg gevaarlijk door kwam. Maar verdedigend sloeg SJC, met Schelvis als betrouwbare sluitpost, er zich kranig doorheen. Op het allerlaatste moment dacht Lisse toch nog de gelijkmaker te kunnen noteren, maar een fantastische reactie van Kevin Schelvis voorkwam dit. Waardoor SJC 3 punten kan bijschrijven op het saldo wat nu op 6 uit 4 komt zodat de ploeg met veel vertrouwen de wedstrijd tegen AJAX tegemoet kan zien.

Marciano Aalders klaar voor Italiaans avontuur

Twee dagen na zijn laatste wedstrijd voor Rijnsburgse Boys tegen Koninklijke HFC stapte Marciano Aalders op het vliegtuig naar Bolzano. De 26-jarige Amsterdammer, opgegroeid in Barneveld, emigreert naar Italië.

Zijn voornaam doet een Italiaanse link vermoeden. “Klopt”, zegt hij, kort voordat hij naar zijn nieuwe vaderland afreist. “Ik heb Italiaanse roots. Mijn ouders – mijn vader is overleden – zijn  allebei Nederlands, maar verder weg is er wel Italiaans bloed.”

De belangrijkste reden om naar het Zuid-Europese land te verkassen is zijn broer Marinio. “Hij woont er al tien jaar en heeft het ontzettend naar zijn zin. Ik ben natuurlijk regelmatig bij hem en zijn gezin op bezoek geweest en op die manier ben ik het land steeds beter gaan leren kennen en waarderen. De zon schijnt bijna altijd, het leven verloopt wat rustiger dan hier.”

“Ik heb natuurlijk wat met het land en ik was ook toe aan iets anders. Niet dat ik in Nederland niet gelukkig ben, maar door mijn scooterongeluk vorig jaar ben ik wat anders tegen bepaalde zaken aan gaan kijken”, vertelt Aalders, die door dat ongeluk in kritieke toestand in het ziekenhuis lag.

“Daardoor ben ik gaan beseffen dat het zomaar over kan zijn en daarom doe ik zoveel mogelijk dingen die ik leuk vind. Dit is er één van. Ik kan me voorstellen dat mensen het zien als een reuzenstap, maar ik heb er een goed gevoel bij. Ik heb er ook echt zin in.”

Aalders emigreert niet alleen, hij maakt ook meteen een loopbaanswitch. Hij gaat wonen en werken in Lazise, een bekende badplaats aan het Gardameer, dat zomers wordt overstroomd door Nederlandse toeristen. “Ik ga werken op de receptie van een vakantiepark. Dat is heel wat anders dan wat ik in Nederland heb gedaan”, zegt de middenvelder, die als accountmanager werkte bij Sharp in Almere, een bedrijf in scan- en printapparatuur.

“Op 1 juni, vier dagen na mijn aankomst in Italië, ben ik al begonnen in mijn nieuwe baan. Het wordt aanpoten, dat is zeker. In het hoogseizoen zal ik veel uren maken.”

Daarnaast gaat hij zaalvoetballen met broer Marinio. “Bij een Serie B-club op ongeveer een uur afstand van Lazise. Zaalvoetballen staat in Italië op een wat hoger niveau dan bij ons. De Serie B is te vergelijken qua niveau met onze Eredivisie”, aldus Aalders, die in het verleden al eens een ‘blauwe maandag’ actief was op het veld in Italië. “In de Serie C, maar dat was geen succes.”

“Het zaalvoetbalseizoen is vrij kort en valt in een periode om de winter, als het werk in het vakantiepark stilligt, te overbruggen. Het overlapt maar een maand. De intensiteit is vergelijkbaar met die bij Rijnsburgse Boys. We trainen drie keer en spelen een wedstrijd.”

Met zijn broer heeft hij voor de toekomst ook andere plannen. “Het is een droom van ons allebei om een eigen vakantiepark te beginnen of een bed en breakfast te runnen. Maar eerst moet ik goed geacclimatiseerd zijn. Het werkt daar toch net iets anders dan in Nederland.”

Hij spreekt al een aardig woordje Italiaans. “De taal gaat me redelijk goed af, maar ik wil het straks wel vloeiend spreken. Dat duurt nog wel even, denk ik.”

Zijn avontuur bij Rijnsburgse Boys blijft door zijn verhuizing naar Italië beperkt tot één seizoen. “Ik had me natuurlijk een ander seizoen voorgesteld. Door het scooterongeluk is de eerste competitiehelft volledig in het water gevallen. Ik heb uiteindelijk toch nog aardig wat wedstrijden gespeeld na mijn revalidatie. Ik heb daardoor het gevoel dat ik heb bijgedragen aan de mooie vijfde plaats van dit seizoen.”

Rob Storm wijst Victoria’04 weg naar voren in 4e klasse

Rob Storm is dit seizoen teruggekeerd bij Victoria’04 (za). Storm was tien jaar speler van het eerste elftal, nu hoopt hij de Vlaardingers hogerop te helpen als trainer.

Met zijn 34 jaar is Storm de jongste trainer uit de Victoria’04-geschiedenis. Het is zijn eerste club als hoofdtrainer, de afgelopen vijf seizoenen was hij werkzaam in de jeugdopleiding van Barendrecht. “Ik heb er veel zin in”, zegt hij. “De club is een weg ingeslagen waarin het een prestatiegericht klimaat wil creëren. Het is aan mij om de eerste stap te zetten.”

Vorig seizoen speelde Victoria’04 bovenin mee in de vierde klasse. De Vlaardingers strandden in de tweede ronde van de nacompetitie. Dit seizoen hoopt Storm wel promotie te bewerkstelligen. “Het is geen must in de zin van ‘dat het geen ramp is als we niet promoveren’ maar promotie is wel ons uitgan punt. Dat heb ik tijdens de kick off begin augustus ook gezegd tegen de selectie. Victoria’04 heeft prachtige faciliteiten en daar hoort minimaal een derdeklasser bij.”

Makkelijk gaat het niet worden, weet Storm ook. “De concurren- tie is groot. FC Maense is vorig seizoen tweede geworden en wil kampioen worden, Hermes- DVS heeft een goede ploeg en VFC-zaterdag heeft ook niet stilgezeten. Ik verwacht dat wij vieren, met wellicht nog een verrassing, om de bovenste plekken gaan spelen.”

Volgens Storm is dat een reële doelstelling voor Victoria’04. “We zijn drie spelers kwijtgeraakt, maar we hebben ook spelers erbij gekregen. In de breedte zijn we sterker geworden.”

Winst hoopt de jonge oefen- meester vooral te halen uit een andere speelwijze. “Vorig seizoen werd er 4-4-2 gespeeld en werd er naar achteren gehangen. Die speelwijze zal worden ingewisseld voor een type voetbal waarin we meer aan de bal zijn. Dat proces van omschakelen kost tijd, maar ik ben ervan overtuigd dat het ons uiteindelijk wel meer gaat opleveren.”

Roy van der Sar volwassen terug bij Lyra

Hij vertrok als jongen, maar is deze zomer als man teruggekeerd bij Lyra. Kind van de club Roy van der Sar gaat voor zijn kans in de hoofdmacht van de zaterdagderdeklasser en heeft grote plannen. “Ik wil de clubtopscorer worden.”

Negentien jaar is hij nog maar, maar het Lierse talent heeft al een behoorlijke voetbalreis achter de rug. Als B-speler werd hij opgepikt door Westlandia, waar hij zich in de tweede divisie onder zeventien jaar in de kijker speelde van NEC. In de met TOP Oss gecombineerde jeugdopleiding van de Nijmeegse bvo maakte hij een jaar deel uit van de selectie van het hoogste jeugdelftal. “Ik heb er enorm veel geleerd”, zegt hij over die periode. “We speelden in de Eredivisie. Ik moest het doen vooral met invalbeurten en oefenwedstrijden, maar ik heb in dat ene jaar enorm veel geleerd. Ik woonde intern en ben daardoor veel zelfstandiger geworden. Als voetballer én mens ben ik gegroeid, volwassener geworden. Het was een mooie ervaring.”

Na dat seizoen was er echter geen plaats meer voor de aanvaller, die terugkeerde naar Westlandia, waar hij uitkwam in het hoogste jeugdelftal. Met de Naaldwijkse formatie haalde hij de nacompetitie voor promotie naar de eerste divisie. “We schakelden in de eerste ronde FC Dordrecht uit, maar in de tweede ronde was MVV Maastricht te sterk.”

Voor Van der Sar kreeg het nieuwe avontuur op sportpark De Hoge Bomen een mooi toetje. Hij maakte in de finale van de Haaglanden Cup zijn debuut voor Westlandia 1. “Vervolgens heb ik ook in de halve finale en finale van de Westland Cup meegedaan. Dat was wel coole.”

Zijn keuze om terug te keren naar Lyra is een bewuste. “Ik begin aan mijn TC3-opleiding. Ik train ook een team, de JO14-1. Om dat te combineren is het makkelijker om ook bij dezelfde club te voetballen. Daarnaast is Lyra de club waar ik ben opgegroeid. De gesprekken die ik heb gehad met trainer Pim van der Hoorn voelden ook goed.”

Hij hoopt een prominente rol te spelen in het nieuwe seizoen. “Ik wil clubtopscorer worden. Aan onze stand zijn we verplicht om bovenin mee te doen. Lyra hoort eigenlijk hoger te spelen dan de derde klasse.”

Een toekomst als prof heeft hij zeker nog niet uit het hoofd gezet. “Het kan altijd nog, via een omweg. Bram Wennekers is een goed voorbeeld. Die heeft deze zomer ook de stap van Lyra naar ADO gemaakt.”

 

 

Bjorn van der Horst: Er staat weer een kern met JSV’ers. Dat is leuk.

Na een jaar knokken voor lijfsbehoud hoopt Bjorn van der Horst (31) dit seizoen met JSV Nieuwegein mee te doen om de prijzen. Ondanks de leegloop van een jaar geleden overwoog hij nooit de club te verlaten. ,,Ik vond het belachelijk dat zoveel jongens vertrokken na de degradatie.” Liever bouwt de routinier onder leiding van Harry Buur mee aan nieuwe successen op sportpark Galecop in een seizoen dat mogelijk zijn laatste in de hoofdmacht wordt.

De accommodatie, de faciliteiten, de uitstraling. Buitenstaanders zien JSV Nieuwegein als een slapende reus, een potentiële hoofdklasser zelfs. Bjorn van der Horst, beginnend aan zijn zevende seizoen op sportpark Galecop, heeft een genuanceerder beeld. ,,Zolang de club niet betaalt, hebben we weinig te zoeken in de hoofdklasse. Dan kun je nog zo’n goede jeugd hebben, maar die jongens worden dan weggeplukt. Twee jaar geleden waren wij in de eerste klasse de enige club die niet betaalde. Als er dan verenigingen als DHSC voorbijkomen, dan hebben wij daar niets tegen in te brengen.”

Routinier Van der Horst, in oktober wordt hij 32 jaar, is allang blij dat hij met JSV de degradatieval kon breken. Ruim een jaar geleden viel het doek voor de Nieuwegeinse club in de eerste klasse. Een uittocht van spelers volgde. Van der Horst overwoog geen moment de club in de steek te laten. ,,Ik vond het belachelijk dat zoveel jongens vertrokken na de degradatie. Dan weet je dat je het seizoen erop geen hoge ogen gooit. Wij wilden in de tweede klasse blijven. Dat is gelukt. Heel knap, want zeven jongens hadden voor die tijd nog nooit in het eerste gespeeld. Er staat een kern met veel JSV’ers. Dat is leuk.”

De middenvelder was dan ook teleurgesteld dat trainer Jan Gaasbeek zijn contract inleverde en naar De Merino’s verhuisde. De klik tussen de coach en selectie was goed. ,,Het eerste jaar wilden we ons handhaven, om in het tweede jaar meer te richten op de opbouw. Dat de trainer wegging, was balen. Jan is een prima kerel van wie wij veel konden leren. Bovendien was het gezellig onder hem. Dat is ook belangrijk.” Van der Horst constateert dat zijn opvolger Harry Buur van de details is. ,,Vanaf het begin is hij tactisch bezig. Harry weet wat hij wil. Ik denk dat hij ook een geschikte trainer is voor ons tweede jaar.”

JSV zou het liefst een gooi doen naar de titel, maar Van der Horst trapt meteen op de rem. ,,We moeten realistisch zijn. Afgelopen seizoen speelden we ons in de laatste drie wedstrijden veilig. Dan kun je niet verwachten dat wij dit seizoen ineens meedoen om de titel. Natuurlijk, de jonge jongens ontwikkelen zich ook verder en we gaan volle bak voor een periode. En anders zou het mooi zijn om in de top vijf te eindigen en zo de nacompetitie te halen.” Het zou ook zo maar het laatste seizoen kunnen zijn voor Van der Horst in de Nieuwegeinse hoofdmacht. Deze maand wordt hij vader, afgelopen seizoen werd hij geregeld gekweld door blessures. ,,Ik denk nog wel twee jaar mee te kunnen, maar als ik weer last krijg van blessures, weet ik niet of ik nog wel achter die uitspraak sta.”

Sil de Veer: Van supporter naar basisspeler bij Uno Animo

Toen hij nog een kind was, stond Sil de Veer erg vaak langs de lijn bij duels van Uno Animo 1. Tegenwoordig heeft de 19-jarige middenvelder zelf een basisplaats bij de trots van Loon op Zand.

Stefan Brok noemt Sil de Veer ‘een aanstormend talent en een leuk manneke’. De hoofdtrainer van Uno Animo
heeft een hoge pet op van zijn pupil en stelt hem dit seizoen bijna altijd op in zijn basiselftal. “Erg leuk en ik had zelf niet verwacht dat mijn ontwikkeling zo snel zou gaan”, zegt De  Veer daarover. “Dit is mijn eerste seizoen in de selectie en ik had er ook niet van opgekeken als de trainer me eerst in het tweede liet rijpen. Maar aan de andere kant: vorig jaar trainde ik als speler van JO-19 1 vaak al mee met de selectie. Dus ik kon al wel wennen aan het niveau.”

Uno Animo spreekt al jaren een aardig woordje mee in de sterke tweede klasse. De club uit Loon op Zand speelt met alleen ‘eigen’ jongens en veel mensen uit het dorp hebben sowieso wel een band met ‘Uno’. “We mogen niet
klagen over de publieke belangstelling, maar een paar jaar gelden kwamen er wel meer mensen kijken bij onze thuiswedstrijden”, aldus De Veer. “Ik was er zelf ook vaak bij. Bij belangrijke wedstrijden stonden mijn vrienden en ik dan met fakkels langs de lijn en nu speel ik zelf in het team. Dat is erg leuk en ik ben er ook wel trots op om in het eerste te spelen.”

Dat is ook wel terecht, want niet veel oude ploeggenoten van De Veer hebben een plekje gekregen in het team van Brok. “Joris van de Langenberg is een vriend van me, ik ken hem van de peuterspeelzaal. Met zijn tweeën hebben we alle teams van ‘Uno’ doorlopen en nu staan we samen in het eerste. Dat is erg tof. Verder bestaat het team voornamelijk uit jongens die al wat langer in het eerste spelen. Ik heb het goed naar mijn zin, maar het is wel wennen aan het niveau. Het spel gaat veel sneller dan bij de junioren, maar dit is goed voor mijn ontwikkeling.”

Uno Animo speelt dit seizoenniet om de prijzen. “Het gaat niet zo fantastisch”, bevestigt De Veer, die de studie technische bedrijfskunde volgt op de universiteit van Eindhoven. “We staan lager dan verwacht en hadden naar mijn mening ook hoger moeten staan op de ranglijst. Ik weet niet zo goed hoe dat komt, soms geven we veel te
makkelijk doelpunten weg. Maar in oefenduels klopten we onlangs nog eersteklasser FC Tilburg en hoofdklasser
Nuenen. Uit die resultaten blijkt wel dat we erg goed kunnen voetballen.”

Doelpuntenfestijn bij FC Lienden tegen Spakenburg

Het duel tussen Lienden en Spakenburg betekende een confrontatie van trainer Hans van de Haar met zijn oude club (Spakenburg). Van de Haar kende er geen gelukkige periode, maar lijkt zich te hebben herpakt bij FC Lienden.

De thuisploeg kwam nog voor een kwartier te hebben gespeeld op een 1-0 voorsprong na een doelpunt van Justin de Vos. Lang konden ze er echter niet van genieten, want een minuut later lag de bal er aan de andere kant al weer in. 1-1 door middel van Jordi Bitter met zijn eerste doelpunt voor Spakenburg. Niet veel later greep Lienden opnieuw de voorsprong, een doelpunt van Niels Willems.

Vlak voor de rust ging de bal op de stip en werd Haris Memic van het veld gestuurd met een rode kaart. Dit ondanks de fel protesterende spelers van Lienden. De penalty werd benut door Jordi Bitter, waarmee hij de ruststand bepaalde op 2-2.

In de tweede helft complementeerde Bitter een hattrick door nog een doelpunt te maken. Mike Vreekamp benutte nog een penalty namens Spakenburg. Toch kon ook Lienden met tien man nog een doelpunt maken in de tweede helft, wat resulteerde in een eindstand van 3-4.

Trainer Hans van de Haar werd halverwege de tweede helft achter de boarding verwezen. De scheidsrechter was van mening dat Van de Haar te veel commentaar op hem had.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.