Home Blog Pagina 1210

De Ruiter: “De liefde voor NAC gaat ver”

Jasper de Ruiter (28) reist wekelijks 172 kilometer om NAC te zien voetballen. En soms komen daar nog enkele honderden kilometers bij, voor uitwedstrijden in Groningen of Limburg. De liefde voor de Parel van het Zuiden gaat diep bij de Zeeuw.

De route tussen Brouwer shaven en Breda kan Jasper de Ruiter inmiddels dromen. Het zijn 86 saaie kilometers heen en 86 saaie kilometers terug, maar de 28-jarige fan weet waar hij het voor doet. Als hij in het Rat Verlegh Stadion aankomt en zijn plekje opzoekt in Vak G, voelt hij zich thuis. Hij heeft inmiddels al 12 jaar een seizoenkaart en peinst er ook na de degradatie niet over om die op te zeggen. Het geel-zwarte bloed stroomt door zijn aderen.

LIEFDE
“De allereerste wedstrijd die ik bezocht, was met mijn oudste broer. De sfeer in het stadion greep mij toen dusdanig, dat is nooit meer weggegaan”, vertelt De Ruiter. “Die sfeer, daar heeft iedereen het natuurlijk over bij NAC. Dat de supporters er altijd achter blijven staan, ondanks de prestaties. Dat is iets wat je bijblijft, als je nu ook weer ziet hoe snel iedereen zijn seizoenkaart heeft verlengd na de degradatie. Dat is toch heel speciaal.”

Hij reed jaren op en neer met zijn oudste broer, inmiddels heeft een andere broer die seizoenkaart overgenomen. “Ik ben ook een tijdje alleen gegaan. De passie en liefde voor NAC heb je of heb je niet, daar maak je wel tijd voor.” Want De Ruiter gaat ook naar veel uitwedstrijden. “De sfeer is dan heel anders dan tijdens de duels in Breda. Als het thuis slecht is, dan duik je snel naar beneden, naar de biertap. De uitwedstrijden zijn spannender, de sfeer is grimmiger en tijdens de belangrijke duels tegen directe concurrenten merk je meer van de zenuwen. Dan draait het echt om de prestatie.”

De Ruiter kan NAC niet meer missen, hij overweegt in de toekomst zelfs een woning in Breda te zoeken. “Als ik kijk wat ik nu aan reistijd en -kosten kwijt ben, dan zou het weleens rendabel kunnen zijn.” Zijn vrienden probeert hij ook regelmatig mee te krijgen. “Maar verder dan een halve seizoenkaart zijn ze nog niet gekomen.” Hij heeft ook in Vak G al aardig wat vrienden gemaakt. “Je komt elkaar iedere twee weken tegen, de mensen van de supportersverenigingen die ook meegaan naar uitwedstrijden nog vaker. Dat schept toch al gauw een band, je knoopt makkelijk een praatje aan. We delen de liefde voor NAC.”

AJAX EN FEYENOORD
In de periode dat De Ruiter voor het eerst bij NAC kwam, keek hij naar spelers als John Karelse, Archil Arveladze en Rob Penders. “Het voetbal was toen gewoon goed.” De hoogtepunten waren de 4-2-bekerwinst op Ajax in 2008 en de 0-2-overwinning tegen Feyenoord in De Kuip van twee jaar terug. “Die avond tegen Ajax was echt geweldig. Ik stond op de B-side, tussen de fakkels, rook, de sfeer was echt geweldig.”

Het leven van een NAC-supporter gaat niet over rozen, zo werd afgelopen seizoen ook weer duidelijk. Maar een echte fan blijft altijd achter zijn club staan, zo ook de 28-jarige Zeeuw. “Het is fijn dat Ruud Brood blijft, echt iemand met een NAC-hart. Hopelijk kunnen we volgend jaar meedoen voor het kampioenschap, maar een plek in de top vijf lijkt me realistischer.” Hoe dan ook, De Ruijter zal weer vele honderden kilometers slijten tussen Breda en Brouwershaven. Vol verwachtingen richting het Rat Verlegh Stadion en met een prettige ervaring rijker terug naar huis.

DIA investeert in de toekomst op sportpark De Gouwen

Terwijl alle leden al waren uitgespeeld dit seizoen, boekte DIA in juni toch nog succes. Op de algemene ledenvergadering stemden de leden in met een contributieverhoging, zodat de vereniging een tweede kunstgrasveld kan aanleggen en de accommodatie kan verduurzamen.

DIA telt ongeveer 950 voetballende leden en dus is het al gauw druk bij de snelgroeiende dorpsclub. Door een structureel gebrek in veldcapaciteit tijdens trainingsdagen en op zaterdag moet er wat veranderen op het fraaie sportpark De Gouwen. Tijdens de algemene ledenvergadering (ALV) op 7 juni gingen de clubleden akkoord met een plan om te investeren in het voetbalcomplex. De contributie gaat iets omhoog, maar mede hierdoor kan de club een fonkelnieuw tweede kunstgrasveld aanleggen én starten met duurzaamheidsinvesteringen. “In tien jaar tijd is ons ledenaantal verdubbeld, maar de accommodatie is daar niet op aangepast en de leden hebben bij de aanstelling van dit bestuur in oktober 2017 gevraagd om daar wat aan te veranderen”, aldus voorzitter Edwin Provoost. “Er is nu onvoldoende ruimte om te trainen, de natuurvelden raken overbelast en tegenstander klagen terecht over de matige kwaliteit van de velden. Als we niets doen blijven deze problemen bestaan.”

NIEUW KUNSTGRAS
Maar bij DIA zit men niet stil. In de zomer van 2020 is het gras op veld 2 vervangen door nepsprieten, waardoor die mat voortaan 1.500 uur per jaar bespeelbaar is door de vele teams die de club telt. Bovendien wordt de toplaag van het huidige veld in 2020/2021 vervangen door de gemeente. Daarnaast wil de club veel energie gaan bezuinigen door de lichtmasten te voorzien van ledverlichting en door zonnecollectoren te plaatsen op het sportpark. “Vroeger kon je als club je hand opsteken bij de gemeente, nu moeten we met DIA zelf alle zeilen bijzetten om dit te realiseren, maar dat gaat ons zeker lukken”, aldus Provoost, die tijdens deALV kon rekenen op een ruime meerderheid die applaudisseerde voor de plannen. “We investeren flink en doen dit vanuit een mooie gedachte: ervoor zorgen dat iedereen met een grote glimlach rondloopt bij DIA en kan voetballen op goede velden. Zo willen we ervoor zorgen dat de basisbehoefte is geborgd: alle teams van DIA minimaal tweemaal in de week kunnen trainen. Teteringen blijft de komende jaren nog groeien en in het seizoen 2025/2026 heeft onze club naar schatting 1.200 spelende leden. We moeten klaar zijn voor de toekomst.”

In 2020 bestaat Duc In Altum, dat staat voor: wij zullen steeds hoger gaan, 75 jaar en Provoost kijkt hiernaar uit. “Ongetwijfeld gaan we dit heugelijke feit goed vieren, maar nog meer kijk ik uit naar de aanpassingen aan onze accommodatie. En als kers op de taart: we gaan starten met VoetbalTV. Camera’s op 3 van onze velden fi lmen in de toekomst live alle wedstrijden. Mensen kunnen live online meekijken met de duels, trainers en technische commissie kunnen spelmomenten met elkaar en spelers bespreken.” Provoost is daarnaast tevreden over de ontwikkeling die de diverse teams van DIA doormaken en uiteindelijk de voeding van de jeugd aan de selectie van DIA. “We zijn trots op de vereniging en op alle vrijwilligers die het allemaal mogelijk maken en daarom zijn het verder operationaliseren van het vrijwilligersbeleid en het uitbouwen van de sponsorcommissie en -beleid belangrijke speerpunten.”

OHVV met oude vertrouwelingen zaterdag in

0

“Voor OHVV is dit een revolutie”, zei voorzitter Karel van Suchtelen, kort nadat zijn club had besloten de zondag als speeldag in te ruilen voor de zaterdag. De enige club op zondag op Voorne-Putten is nu ook ‘om’.

“Het verdient allemaal geen schoonheidsprijs”, wijst hij op de handelwijze van de KNVB, die volgens hem het voetbal op zondag heeft doodgemaakt. “Ik kan er een boek over schrijven, maar dat doe ik niet. Dat is zonde van de energie. Die energie hebben we nodig om alles goed op poten te zetten op zaterdag.”

OHVV besloot dit seizoen al vroeg het besluit naar buiten te brengen dat zij in navolging van alle andere voormalige zondagclubs op het eiland om de zondag de rug toe te keren. “Hoe de laatste jaren de competitie was georganiseerd heeft het proces wel versneld,” geeft Van Suchtelen toe. “Dat laatste jaar was een drama. Twee competities. Drie weken op rij spelen, twee weken niet.”

Als gevolg van de overstap moest OHVV afscheid nemen van Mitchel van Gastel, die op zaterdag bij de jeugd van Sparta werkt. Mark van Os moet de club uit Oudenhoorn de nieuwe episode inloodsen. Hij doet dat met een groep talenten maar hij kan ook rekenen op oude vertrouwelingen. David Keijzerwaard (negende seizoen), Aaron van der Steen (zesde seizoen), die als penningmeester ook de financiën van de club in de gaten houdt, en Mico Milojevic (vijfde seizoenen) moeten de dragers van het nieuwe OHVV worden. Chris Peters, die na dertien jaar afscheid nam, bekleedt komend seizoen de rol van assistent-trainer. Jarno Huysman keerde terug op het oude nest als speler. De kampioen van 2015/2016 (derde klasse) ruilt het witte shirt in voor het gele van OHVV.

Gabriëls en Beek Vooruit houden elkaar klaarwakker

Het klikt tussen Arno Gabriëls en Beek Vooruit. De hoofdtrainer gaat zijn zesde seizoen in bij de trots van Prinsenbeek en ziet nog genoeg mogelijkheden om te groeien. Hij hoopt komend seizoen een periodetitel te pakken in de tweede klasse.

De spelers en trainer waren overtuigd: ze wilden samen ook een zesde seizoen in. Een dergelijke periode zie je niet vaak in het voetbal, maar Arno Gabriëls (52) is ervan overtuigd dat hij Beek Vooruit nog verder kan helpen. “Je moet ervoor zorgen dat je elkaar niet in slaap sust, dat doe je bijvoorbeeld door nieuwe trainingsstof- en methoden in te voeren of andere dingen aan te passen. Ik verwacht komend seizoen een professionalisering van mijzelf en de spelersgroep.”

Wat hij daarmee bedoelt? “Dat spelers zich niet voor elk wissewasje afmelden, een weekendje weg met familie of vrienden moet maar buiten het seizoen of in de vrije weekenden gepland worden. Daarnaast ga ik zelf meer op de details zitten. Als ik hoor dat Liverpool zestien varianten van een inworp kent, dan valt daar voor ons nog een wereld te winnen.”

ORGANISATIE
Ook verwacht hij van de vereniging een stap extra. “Alles om de selectie heen moet goed geregeld zijn. De spelers moeten zondag op de club komen en dan moet alles klaarliggen en georganiseerd zijn. We willen professioneler worden en steeds meer specialisten bij de selectie betrekken.”

Na vijf jaar treedt het gevaar op dat de spelers en trainer te dicht naar elkaar zijn gegroeid. Gabriëls is daar niet zo bang voor. “Ze weten wat ze aan mij hebben, wat ik van ze verwacht. Ik sta een overwinning met ze te vieren, maar eis op dinsdagavond weer volledige inzet. Als een speler slecht speelt, weet hij dat ik hem ernaast kan zetten. Ik ben degene die de beslissingen neemt. De rolverdeling is duidelijk.”

OVER-MIJN-LIJK
Het doel voor komend seizoen is een periodetitel. “Als ik zie hoe wij presteerden tegen de topploegen afgelopen jaren, dan deden we steeds tot de laatste minuut mee om de punten. We waren nooit kansloos, wonnen van Kruisland zelfs met 6-2. Het is alleen te wisselvallig, een week later kunnen we met 5-0 bij VOAB verliezen.” Hij wil dat zijn spelers uit een ander vaatje gaan tappen als het voetballend niet lukt. Dat miste hij afgelopen seizoen, hij is dan ook niet tevreden met de achtste plaats. “Dan zal het op strijd aankomen, moet je alles uit de kast halen om toch de punten binnen te slepen. Je moet die over-mijn-lijk-mentaliteit in je donder hebben.”

Het is duidelijk dat Gabriëls weet waar de winst te behalen valt. Hij voelt zich thuis in Prinsenbeek. De trainer woont inmiddels in het dorp, voetbalt zelf in het zaterdagteam met onder meer zijn broer en geniet nog elke training van de selectie. “De opkomst is echt heel goed, sommige jongens hebben afgelopen seizoen maar twee trainingen gemist. De motivatie is ook hoog, het zijn vrienden, maar ze zijn niet bang elkaar verrot te schelden als het niet loopt. Als je elkaar niets durft te zeggen, ga je nooit vooruit.”

Volgens Gabriëls blijft iedereen, daarnaast krijgt hij er wat krachten bij. “De spelers zijn op elkaar ingespeeld en gewend geraakt aan het niveau van de tweede klasse. Dit wordt een mooi jaar om te kijken waar onze grens ligt.”

Zwartewaal zit diep van binnen bij Peter Looij

0

Peter Looij staat erop om met het clublogo van voetbalvereniging Zwartewaal op de foto vereeuwigd te worden. “Deze club betekent heel veel voor mij”, zegt hij als zijn oog valt op de twee sterren in het logo.

Daar wil hij meer van weten en gelukkig zijn Jan Boers en Reyn Geilvoet, respectievelijk coördinator horeca en terrein/materiaalman, in de buurt. “Die twee sterren staan voor onze topscorer met twee doelpunten en die ene voor onze andere met één doelpunt”, lacht Boers zelf nog het hardst om zijn grap. “Nee joh”, valt Geilvoet hem in de rede. “Dat is voor het winnen van de Roteb Cup.”

Humor, jezelf niet al te serieus nemen, maar ook diepe verbondenheid. Dat is vv Zwartewaal. Looijs vader was in 1976 één van de twee oprichters van de club. “Ik zie hem nog binnen komen. Met tranen in zijn ogen, tranen van geluk. Zwartewaal heeft weer een voetbalclub, zei hij.”

In het clubhuis loopt Looij (63) naar een foto uit de jaren tachtig. “Kijk, dat kleine mannetje ben ik”, zegt hij als hij naar een elftalfoto van Zwartewaal 1 wijst. “Ik was rechtsback, een terriër. Echt goed voetballen kon ik niet, maar ik had wel een enorme inzet.”

Inzet is ook datgene wat hij van zijn spelertjes vraagt als coach en trainer van de JO13 van Zwartewaal. Hij staat bekend als iemand die altijd positief coacht. “Talent of niet, ik verlang van die gastjes wel dat ze hun best doen. Dat als ze de bal verliezen hun uiterste best doen om de bal weer terug te veroveren. Als ze dat niet doen, kan dat ze wel eens op een wissel komen te staan.”

Zelfs zijn eigen zoon ontkomt dat niet aan de toorn van zijn vader. “Ik maak geen uitzondering en al helemaal niet bij hem. Hij kan goed voetballer, maar niemand krijgt een voorkeursbehandeling.”

Volgens Looij kan dat ook niet bij Zwartewaal, waar ze blij zijn met één team per leeftijdscategorie. “Doordat wij klein zijn en altijd in deze situatie zitten beseffen wij als club altijd heel goed waar het echt om gaat: plezier. Dat staat ook voorop. Bij training en wedstrijden. Systemen? Nee joh. Ik zou niet willen om ze in een keurslijf te drukken.”

“Het gevolg van het feit dat we maar één team hebben in een leeftijdscategorie is dat je alle niveaus hebt. Je hebt spelers die aardig tegen een bal kunnen trappen en je hebt er die minder getalenteerd zijn.”

“Nou en!” geeft Looij zelf het antwoord. “Dan lopen de beteren maar wat harder voor de minderen. Zo werkt dat in de maatschappij ook.”
Hij geniet van de progressie van zijn jongens, die voor de winterstop kampioen werden van de zevende klasse en na de herindeling in de subtop spelen in de vijfde klasse. Volgend seizoen ‘groeit’ hij mee naar de JO15.

Hij moet er niet aan denken als Zwartewaal geen voetbalclub meer zou hebben. “De voetbalvereniging vertolkt een belangrijke sociale en maatschappelijke functie.” Hij kan het weten want hij is sinds een jaar of twaalf beheerder van dorpshuis De Gaffelaar in zijn geboorteplaats. “Er komt hiernaast een nieuwe wijk. Zeker tachtig woningen. Dat betekent ook nieuw en vers bloed voor de club.”

Ton de Peijper: ‘Beek Vooruit voelt als thuis’

Ton de Peijper is weer terug bij Beek Vooruit. Hij is nooit écht weggeweest, maar was in zijn tijd als secretaris van de BAK van Boemeldonck wel enige tijd verdwenen als vrijwilliger. De club zit altijd in zijn hart en de lokroep van het huidige bestuur was dan ook niet te weerstaan voor de Bekenaar.

Op zijn 10de werd de nu 58-jarige Ton de Peijper al lid van Beek Vooruit. Hij voetbalde er tot zijn 39ste, maar werd op zijn 15de ook al leider. Een geboren vrijwilliger, zo lijkt het. “Een vriend van me was net 18 en mocht leider worden, ik hielp hem daarbij. Het mooie aan vrijwilligerswerk is de waardering die je krijgt. En dan heb ik het niet over een vergoeding of medailles, maar over de persoonlijke waardering: mensen die naar me toe komen en vertellen hoe leuk ze het hebben gehad toen ik leider was.”

BAK
Tot zijn vijftigste vervulde De Peijper zo’n beetje alle denkbare vrijwilligersrollen op De Heikant. “Ik heb in de kantine gestaan, ben jeugdleider, trainer, leider van het eerste, bestuurslid en voorzitter van de technische commissie geweest. Noem maar iets op en ik heb het wel gedaan.” Tot hij negen jaar geleden gevraagd werd als secretaris van de BAK van Boemeldonck, de carnavalsstichting van Prinsenbeek. Wie uit de regio komt, weet dat carnaval in het dorp een ongekend groot feest is. “Als bestuurslid van die stichting hou je weinig tijd over, toen is mijn betrokkenheid bij Beek Vooruit wat minder geweest.” Vorig jaar stopte hij, waarna de voetbalvereniging hem al snel weer wist te strikken. “Ik heb ze geholpen bij het organiseren van een activiteit ter ere van het jubileum op het sportpark, Beek Vooruit zat vorig jaar een halve eeuw op De Heikant.”

DRUK, DRUKKER, DRUKST
De Peijper, wiens zoon bij Beek Vooruit voetbalt, werd vervolgens benaderd door het bestuur om eens mee te denken over de problemen waar een voetbalvereniging tegenwoordig mee te kampen heeft. “Veel mensen in Prinsenbeek zijn echt bereid om wat voor de club te doen, maar door het drukke leven willen ze minder taken tegelijk op zich nemen. Het gevolg is dat de klusjes die blijven liggen, bij een select groepje vrijwilligers op het bordje komen. Die mensen krijgen het dan nog drukker.”

Hij vertelde het bestuur een half jaar rond te willen kijken, om met leden in gesprek te gaan en te luisteren naar hoe zij denken over de gang van zaken. Dat heeft hij het afgelopen half jaar gedaan, waarna hij met een advies kwam. “Waarom zo star vasthouden aan de splitsing tussen senioren en jeugd? Als je bijvoorbeeld wedstrijdcoördinatoren hebt, moet je die niet zien als twee groepen, maar als één geheel. Een wedstrijdcoördinator die een keer liever op zondag bij de senioren zit dan op zaterdag bij de jeugd, dat moet toch kunnen? Ze doen in principe hetzelfde werk, die splitsing moet niet te stug zijn naar mijn idee.”

Om zijn plannen tot uitvoering te brengen, is De Peijper toegetreden tot het bestuur als secretaris. “We zijn nu bezig om het handjes en voetjes te geven. “ Hij vindt het ook van groot belang om vrijwilligers echt waardering te geven. “Ze moeten de aandacht krijgen die ze verdienen. De een heeft genoeg aan een schouderklopje, de ander aan een luisterend oor en weer een ander wil resultaat zien van zijn opmerkingen. De maatschappelijke carrière staat bij iedereen voorop, maar het vrijwilligerswerk kan een heel voldaan gevoel geven.”

THUIS
Hij hoopt een kettingreactie te creëren, waarbij het enthousiasme van de ene vrijwilliger, de ander aansteekt om ook wat te doen. “Als ik bij Beek Vooruit kom, voelt dat echt als thuis. Dat gevoel moet iedereen uit Prinsenbeek hebben, een dorp dat toch draait om al die verenigingen. Beek Vooruit moet niet alleen een plek zijn waar gevoetbald wordt, maar ook een plaats waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, gezellig samen kunnen zijn. Dan worden ze vanzelf ook enthousiast om iets voor de club te doen.” De Peijper is terug bij Beek Vooruit en vol enthousiasme. “Het is heerlijk om op zaterdagochtend met het fietsje naar de club te rijden en dan tussen al die velden door te lopen en al die activiteit en mensen te zien. Daarom kom ik graag naar De Heikant.”

Aartsen kersverse hoofdsponsor Beek Vooruit

Aartsen, voorheen Aartsenfruit, is de kersverse hoofdsponsor van voetbalclub Beek Vooruit in Prinsenbeek. Vanaf 1 augustus zal de selectie van Beek Vooruit nonstopfresh voetballen in het Aartsentenue. De beklonken sponsordeal heeft een looptijd van drie jaar, met de intentie om daarna nog twee jaar bij te tekenen.

Al jaren is Aartsen betrokken als subsponsor bij Beek Vooruit en het bedrijf zal vanaf nu als hoofdsponsor aan de club verbonden zijn. De internationale onderneming draagt lokale bedrijvigheid en -verenigingen een warm hart toe en gaat maar al te graag deze sportieve sponsoring aan. Een belangrijk onderdeel van de hoofdsponsoring is het nonstopfresh Aartsen-tenue. Zowel het eerste als het tweede herenelftal wordt door Aartsen gekleed, net als het eerste dameselftal, het eerste juniorelftal en het G-team.

AARTSEN KIDS FOUNDATION
Aartsen doet meer. Naast bovengenoemde sponsoring, houdt Aartsen zich met talloze projecten bezig, gericht op het welzijn van kinderen onder de naam Aartsen Kids Foundation (AKF). Met het concept ‘stoergelukkig’ geeft AKF het leven van kinderen een positieve draai en inspireert hen bewustere keuzes te maken op gebied van voeding, natuur, gezondheid en welzijn.

OVER AARTSEN
Recent onthulde het internationale bedrijf in Breda een nieuwe, maar vertrouwde naam: Aartsen (voorheen Aartsenfruit). Met de naam Aartsen gaat het bedrijf terug naar de wortels en de naam van oprichter Jan Aartsen. Hij startte in 1907 met een groente- en fruitkar voor versgoed in Breda. Als het om vers gaat, gaat Aartsen anno 2019 het verst van allemaal. Met vestigingen in Breda, Venlo, St. Katelijne-Waver en Hong Kong is Aartsen de gatewayvoor verse groenten en fruit. Ook als je kijkt naar de nonstopfresh facts. Zo vermarkt Aartsen 25 miljoen dozen groenten en fruit per jaar, waaronder 15.000 rijpdozen bananen per week voor 650 verschillende producenten wereldwijd. Er werken 200 mensen, verdeeld over 4 locaties, die samen goed zijn voor 3.500m2 kantoorruimte en 30.000m2 warehousing.

DROOMSPONSOR
Beek Vooruit is ‘erg trots op deze duurzame overeenkomst’, zo laat voorzitter Jan Hoppen weten. “Een geweldige creatieve inspanning van onze sponsorstichting heeft een voor Beek Vooruit gedroomde hoofdsponsor opgeleverd. Wij willen de naam Aartsen op sportieve, maar zeker ook ambitieuze manier uitdragen. Het past in de doelstelling van Beek Vooruit om als voetbalvereniging bij de beste 10 procent van Nederland te willen horen. Wij hebben als Beek Vooruit echter ook de verantwoordelijkheid om een echte meerwaarde te zijn voor onze sponsors. Bij Aartsen is er altijd plaats voor jonge en ambitieuze nieuwe medewerkers. Het is onze ambitie om als voetbalvereniging onze sponsors actief te helpen bij het vinden van die nieuwe medewerkers. Wij zullen daar proactief mee aan de slag gaan.”

Nieuwe trainer Nijs Kivits: ‘Het plezier voorop bij TVC Breda’

TVC Breda slaat een nieuwe weg in. Met een vernieuwde spelersgroep en opgefriste staf moet de club uit Tuinzigt komend seizoen weer plezier uitstralen. Nijs Kivits is aangesteld als nieuwe trainer en heeft zin in de uitdaging.

De 46-jarige Nijs Kivits neemt aardig wat ervaring mee naar Tuinzigt. Zo trainde hij talentvolle jeugdteams bij TSC en Uno Animo, was hij oefenmeester van het vlaggenschip van DVVC én is hij momenteel technisch coördinator van de voetbalschool van UVV’40. Hij is heel blij met het jeugdige enthousiasme van Kevin Faas en Johan Rijndorp, die hem komend seizoen assisteren bij TVC Breda. De secondanten van Kivits zijn ook nog eens echte clubjongens. “Die mix kan ons ver brengen”, denkt Kivits hardop.

Hij kent zelf ook aardig wat mensen bij TVC, heeft familie en vrienden in Tuinzigt wonen.Na een aantal gesprekken besloot de trainer akkoord te gaan met het voorstel van declub, hij zag wel heil in de plannen. “Ze hebben nieuwe ideeen, willen vanaf nul beginnen met een nieuwe selectie. Die is ingericht met een combinatie van talentvolle jeugdleden en oudgedienden die nu lager voetballen. Het plezier moet voorop komen te staan, mensen moeten weer zin krijgen om naar de Kwakkelhut te komen om een goed voetbalwedstrijdje te zien.” Aan Kivits, zijn neef Rijndorp en Faas de taak om één team te smeden vanal die nieuwe gezichten en het publiek naar de Kwakkelhut te trekken.

TALENT
De talenten die doorstromen uit de jeugd hebben veel potentieel, heeft de nieuwe oefenmeester van TVC gezien. “Andere clubs trokken aan hen, maar ze zijn de club trouw gebleven.” Toevoegingen als bijvoorbeeld Diego Theunissen, de keeper die overkomt van TSC, zorgen voor extra ervaring. “Het wordt een leuke mix tussen de oudere jongens en jeugdspelers.”

Discipline en spelplezier komen voorop te staan bij Kivits. “Gewoon normaal doen, met plezier trainen en voor elkaar willen gaan. Dat zijn de pijlers voor mij. We beginnen extra vroeg met de voorbereiding om wat extra activiteiten met de selectie te doen, zodat we tijd hebben om naar elkaar toe te groeien. Er is genoeg werk te doen.”

HARTELIJK
De Oosterhouter voelt zich thuis bij TVC. “Ik ben vorig seizoen al diverse keren komen kijken, ook voordat bekend was dat ik de nieuwe trainer zou worden. Iedereen heet je heel hartelijk welkom en er hangt een leuke, gezellige sfeer op het sportpark. De kantine is altijd vol, die club leeft wel. Hopelijk kunnen we komend seizoen voor een extra impuls zorgen.”

Aan uitspraken over een eindklassering waagt Kivits zich niet. “Vraag me dat in de winterstop nog eens, laten we eerst alles maar eens goed regelen en organiseren. Ik heb er in ieder geval heel veel zin in.”

Erbas is terug bij Dongen: ‘Cirkel is nu al rond’

De cirkel is rond voor Osman Erbas. En dat al op zijn 44ste. De Bredanaar keert als trainer terug bij ‘zijn’ Dongen. Bijna veertien jaar liep Erbas bij Dongen rond. Eerst ruim een decennium als speler, linksbuiten of in de spits, later nog drie jaar als assistent-trainer. Hij heeft altijd contact gehouden met de club. “Daar liggen zo veel fijne herinneringen. Ik ben twee keer kampioen geworden en heb de landelijke beker gewonnen met Dongen. Ik heb geen moment getwijfeld toen deze mogelijkheid zich voordeed.”

Na het ontslag van Ruud Kaiser ging het balletje rollen. “Er is geen sprake geweest van een sollicitatie. Ik heb mijn interesse kenbaar gemaakt bij wat bekende clubmensen, met wie ik nog regelmatig contact had. Ze hebben daarna geen andere kandidaten meer uitgenodigd.” Wat Erbas wel lastig vond, is de situatie bij Bavel. Hij had die club al zijn jawoord gegeven. “Dat vond ik heel vervelend, maar gelukkig gunden ze mij deze kans. Ik wist daarnaast ook wel dat er genoeg goede trainers op de markt waren om het bij Bavel over te nemen.”

Het wordt een pittige klus voor Erbas. De Dongense selectie is flink gerenoveerd en gaat een lastig seizoen tegemoet in de Derde Divisie. “Het wordt een moeilijk jaar, ik kom niet bepaald in een gespreid bedje terecht. Ik heb ook geen invloed gehad op de samenstelling van de selectie. De technische commissie heeft nieuwe spelers gehaald en jeugdspelers door laten stromen om de gaten van de vertrokken jongens in te vullen. De uitdaging is om van de grotendeels nieuwe groep een team te maken.” En dat het liefst met zo veel mogelijk eigen jongens. “Het belangrijkste wordt om de Dongense identiteit terug te krijgen, dat waar de club groot mee is geworden. We willen op termijn een bepaald percentage spelers uit de eigen opleiding in het eerste hebben staan, Dongen staat niet voor niets bekend om de goede jeugd.”
Het wordt hoe dan ook een mooie klus voor Erbas. “Sommigen denken zelfs dat ik uit Dongen kom, zo nauw is mijn naam aan deze club verbonden. Dat ik hier nu al de kans krijg om op dit niveau te trainen, maakt mij erg trots.”

Alkan Uzun will iets moois opbouwen bij WDS’19

Alkan Uzun zag met eigen ogen hoe zijn nieuwe club WDS’19 een spectaculair seizoensslot beleefde. De oudste club van Breda ging helaas voor hem in de finale van de nacompetitiereeks ten onder en speelt daardoor ook komend seizoen in de vierde klasse.

WDS’19 eindigde dit seizoen in de vierde klasse C op gepaste afstand van kampioen Be Ready en runner-up RFC als derde. De formatie van de vertrekkende coach Gijs Smulders mocht toch de nacompetitie in en zijn opvolger Alkan Uzun zag vanaf de zijlijn dat de club uit Haagse Beemden hierin een vreemde reeks afwerkte. WDS’19 versloeg GSBW na een 1-0 achterstand met 1-2 en tegen OVC’26 stonden de blauw-witten op uit de dood. In de 70ste minuut stond het nog 3-0 voor de Tilburgers, maar na een comeback tot 3-3 wonnen de Bredanaars via strafschoppen. In de finale verloor WDS’19 nipt van SC Emma, waardoor de club ook volgend seizoen in de vierde klasse speelt.

GOEDE KLIK
“Het is mooi om met deze groep te werken als coach van WDS’19”, zegt Alkan Uzun tevreden. “Ik constateerde in de nacompetitieduels dat de ploeg laat bij de les is, maar over enorm veel veerkracht beschikt. Dat stemde me uiteraard zeer tevreden en ik heb veel goede dingen gezien die me nog enthousiaster maken dan ik al was: ik kijk enorm uit naar de start van het seizoen.” De Dongenaar tekende halverwege het seizoen 2018/2019 een contract voor één jaar op sportpark Paradijs. “Ik heb in het verleden al gesprekken gevoerd met WDS’19, maar toen kwamen we er niet helemaal uit over een akkoord, nu was de goede klik er wel”, legt de gediplomeerde oefenmeester uit.

MOOI CV
Uzun begon zijn trainersloopbaan bij Barça, waarmee hij kampioen werd in de vijfde klasse. Na een periode bij DVVC, vertrok hij naar VCW en tijdelijk was hij tegelijkertijd ook nog coach van het zaterdagteam van Barça. “Ik ben een echte voetballiefhebber en wilde die jongens van Barça ook graag helpen”, zo blikt de coach terug op die periode. Hierna beleefde Uzun mooie jaren als assistent-coach van Baronie 1 en trainer van Baronie 2. Ook werkte hij bij Dosko als rechterhand van de hoofdtrainer. “Afgelopen seizoen had ik geen club, des te meer kijk ik uit naar het komende voetbaljaar”, zegt de Dongenaar. “Ik heb erg veel geleerd en ben er klaar voor om aan de slag te gaan bij WDS’19.”

PLEZIER
Bij WDS’19 hoopt de coach iets moois op te bouwen met zijn selectie, die grotendeels intact blijft. Uzun wil van het eerste en tweede team een hechte eenheid smeden en hij hoopt ook jeugdspelers ervaring op te laten doen bij het vlaggenschip van de club. “Ik wil zowel mezelf als de vereniging verder ontwikkelen en ik heb er erg veel vertrouwen in dat dit gaat lukken.” Uzun wil met zijn team er alles aan doen om wederom te strijden om promotie, maar volgens hem is dat niet het allerbelangrijkste. “Voetbal draait voornamelijk om plezier. Ik wil ervoor zorgen dat iedereen vrolijk naar de training komt en fluitend weer naar huis gaat. Ik doe de meeste oefeningen met de bal en wil dat iedereen zich vermaakt tijdens de trainingsuren. We blijven tenslotte amateurs.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.