Home Blog Pagina 1179

Witman van GSC ODS niet blij met verhuizing naar West II

Trainer Michael Witman (rechts op de foto) maakt zich met zijn selectie op voor een kennismaking met de competitie in het district West II. Na het behalen van de promotie in Zuid I zorgde de bekendmaking van de indeling voor de jaargang 2019-2020 voor een flinke schok aan de Krommedijk.

DORDRECHT – Bij het zien van de concept-indeling waren er al bange voorgevoelens en die werden uiteindelijk ook bewaarheid bij Witman en het bestuur van de amateurtak van FC Dordrecht. ,,We zijn gewoon als opvulling gebruikt, net als GSC/ODS’’, kan Witman zich nog steeds opwinden over de ‘uitleen’ aan een nieuwe voetbalomgeving. ,,We hebben toen we de indeling zagen ook contact opgenomen met GSC/ODS om te kijken of we iets aan de indeling konden doen, maar dat bleek niet mogelijk.’’

Witman en de zijnen hadden gehoopt en gerekend op een indeling in dezelfde poule als waar stadgenoot Emma vorig seizoen de promotie naar de derde klasse kon bewerkstelligen. ,,We zijn nog in gesprek gegaan met de KNVB, maar dat was een kansloze zaak.. We balen hier fl ink van, want we krijgen in de competitie fl inke afstanden die we moeten overbruggen. De opzet van de competitie is daarnaast ook nog eens dramatisch. We zitten in een poule met tien ploegen, waarna de bovenste vier gaan spelen voor promotie. Het is in theorie mogelijk dat je je eerste achttien wedstrijden wint en toch overal naast grijpt. Dat is een vreemde competitievorm, waar we niet blij mee zijn.’’

De amateurs van FC Dordrecht, die de competitie openden tegen stadgenoot GSC/ODS beleefden een moeizame aanloop naar de start van de competitie. De voorbereiding werd in het bekertoernooi afgesloten met een 3-3 gelijkspel tegen stadgenoot Dubbeldam (zondag), dat een niveau hoger speelt. ,,Het was lastig om van die wedstrijd nog een echte krachtmeting te maken’’, oordeelde Witman. ,,We hebben in de oefenperiode namelijk te veel last van blessures gehad, waardoor we ook niet op volle oorlogssterkte naar de start van het seizoen hebben kunnen toewerken. We zullen zien hoe het in de nieuwe competitie uit gaat pakken voor ons.’’

RBC-trainer Koos Waslander wil kampioen worden

RBC heeft met Koos Waslander (62) een kleurrijke trainer binnengehaald. De Rotterdammer heeft een verleden bij RBC, jarenlange ervaring opgedaan op allerlei niveaus en is enthousiast over de uitdaging die hem wacht in het Herstaco Stadion. “Wij moeten uitstralen dat hier niks te halen valt.”

Dat RBC leeft, werd vorig seizoen nog maar eens duidelijk. Voetbalminnend Roosendaal sprak over de club, na een voetbaljaar vol ups en downs. Het ging gedurende ruim driekwart seizoen geweldig, maar in de laatste maanden greep de derdeklasser toch overal naast. De nasmaak was bitter en de smacht naar een nieuw seizoen groot. Met Koos Waslander staat een nieuwe trainer voor de groep, die niet achterom wil kijken. “We zijn vorig jaar vergeten, richten ons op dit seizoen. Wij willen kampioen worden, niks minder.”

Waslander is het no-nonsense type. Je krijgt wat je ziet, hij draait niet om de hete brij heen. Hij heeft een imposante voetbalcarrière achter de rug. Als 17-jarige debuteerde hij bij Excelsior in zijn geboorte- en woonplaats Rotterdam. Hij is een Rotterdammer in hart en nieren, maar verliet de stad vanaf 1980 toch enkele jaren. Zo speelde hij in Amerika voor de Fort Lauderdale Strikers en vervolgens een paar jaar voor NAC. In 1984-1985 kwam hij nog een jaar uit voor PEC Zwolle, tussen twee periodes Excelsior in. Hij speelde ruim tweehonderd wedstrijden in het betaalde voetbal én heeft nog altijd een bijzonder record in handen: de oud-aanvaller maakte het snelste doelpunt ooit in de Eredivisie. Als speler van NAC maakte hij in 1982 na acht seconden een goal tegen PEC Zwolle, dat record staat 37 jaar later nog steeds. Van zijn bijnaam is nu overigens niet veel meer te zien: hij werd Rooie Koos genoemd.

ASSISTENT
Na zijn carrière begon Waslander al snel als trainer, zo was hij in het begin van deze eeuw assistent van Chris Dekker en Robert Maaskant bij RBC. Daar hield hij mooie herinneringen aan over. “Dit is een leuke vereniging, er lopen nog steeds oude bekenden rond.” Vervolgens ging hij het amateurvoetbal in en trainde hij teams van de Topklasse tot de vierde klasse. “Het is soms wel lastig schakelen: dingen die voor mij een abc’tje zijn, kunnen voor deze jongens als algebra klinken.”

Waslander heeft alle kanten van de voetballerij gezien en ‘schrikt niet zo gauw’. Dat is ook wel belangrijk voor de trainer van RBC, een club die regelmatig in vuur en vlam staat en altijd onder een vergrootglas ligt. “Ik ken het als een gemoedelijke vereniging, dit voelt voor mij dan ook echt als thuiskomen.” Hij houdt van het imago van RBC. “Iedereen wil van ons winnen, of we nu in een stadion spelen of op een achterafveldje. Dat vind ik wel leuk, we moeten ook uitstralen dat hier niks te halen valt.”

DAMMEN
Hij gelooft in de ambities van de club, geniet van die uitdaging. “Ze willen minstens doorstoten naar de Hoofdklasse en ik wil ze daar graag bij helpen.” Hij heeft een selectie vol kwaliteiten. “Maar mijn spelers moeten nog wel leren vanuit de organisatie te spelen, de restverdediging is heel belangrijk. Als controlerende middenvelder kun je niet in de spits gaan lopen.” Hij vindt de sfeer binnen het team tot nu toe goed. “Het is positief, de jongens trainen hard en vinden het leuk.” Maar daarvoor is Waslander niet gekomen. “Heel fi jn dat het gezellig en leuk is, maar het draait ook om discipline. Als ik geen prestaties lever, zeggen ze aan het einde van het seizoen: ‘Aardige gozer die Koos, maar hij heeft niets gepresteerd.’

Hij eist van zijn spelers sowieso wekelijks de volledige inzet. “Je kunt altijd een keer slecht spelen, maar als je niet in de organisatie speelt, ben ik in staat binnen een minuut te wisselen. Ik vind mezelf niet hard, maar ben gewoon duidelijk. Als ze dat afschrikt, horen ze niet op dit niveau. Dan kunnen ze beter gaan dammen.” De 62-jarige Rotterdammer omschrijft zichzelf als ‘een gedreven mannetje’, zo zal hij van zich laten horen als iets niet naar zijn zin verloopt tijdens een wedstrijd. Hij voetbalt graag aanvallend, maar de organisatie moet dan wel goed staan.

JEUGD
Waslander roemt de indeling van zijn staf en de jeugdopleiding van RBC. “Ik ben niet bang om jeugd spelers in te passen, debuteerde zelf ook op mijn zeventiende in het betaalde voetbal. Als een jongen van 16 of 17 goed genoeg is, zet ik hem er gewoon in. Als je goed kunt voetballen, kun je goed voetballen. De selectiespelers moeten dan maar laten zien dat ze beter zijn.”

De spelers beter maken en stappen omhoog zetten met RBC, dat zijn de doelen van Waslander. Hij traint nu twee keer per week hard, maar zou daar het liefst nog een derde oefensessie aan toevoegen. “Als je echt hogerop wilt, moet dat wel.” Hij is van plan voor een langere periode bij RBC te blijven. “Ik ben hier niet gekomen voor maar één seizoen.” De bekerwedstrijden in de voorbereiding op het seizoen zeggen hem niet zo veel. De competitie staat met afstand op één. De promotie is het belangrijkste doel, maar eigenlijk vindt de trainer van RBC dat zijn team kampioen moet worden. Zich aanpassen aan tegenstanders lijkt Waslander niet van plan. “We gaan van onze eigen kracht uit.” En wat nou als RBC naast de titel grijpt, maar wel promoveert via de nacompetitie? “Dan ben ik toch ook tevreden.”

De voorbeschouwing met Dennis Timmermans van RWB

Dennis Timmermans (25) begint dit seizoen aan zijn negende seizoen in de selectie van RWB. De verdedigende middenvelder begon op zijn vierde met voetballen bij RWB. Hier heeft hij alle elftallen doorlopen totdat hij op zijn 17zijn officiële debuut mocht maken voor het eerste elftal.

Dit jaar wilt Dennis ervoor zorgen dat er een leuk team op poten staat, die elkaar wat gunnen en voor elkaar door het vuur gaan. “Mijn persoonlijke doel is om samen met iedereen een team te creëren wat samenwerkt als een geoliede machine.”

De middenvelder denkt dit jaar met het team te eindigen in de top 3, met promotievoetbal in het achterhoofd. “Het liefste word ik kampioen, maar een aantal jaren geleden heb ik al ervaren hoe lastig het kan zijn om kampioen te worden in de 4klasse. De doelstelling die we zeker willen behalen is het veroveren van een periode, om zo promotie af te dwingen.”

Afgelopen zondag werd er thuis met 2-0 gewonnen van Berkdijk. Een verdiende overwinning vond Dennis. “De wedstrijd was vooral eenrichtingsverkeer naar het doel van Berkdijk en dat resulteerde in twee doelpunten, maar dat hadden er wel een paar meer mogen zijn.”

Kevin Remie was de beste man op het veld volgens Dennis. “Hij scoorde tweemaal en dan ben je al snel man of the match bij een eindstand van twee tegen nul.”

Volgende wedstrijd is tegen S.A.B. wat een spannende wedstrijd zal worden met veel doelpunten. “S.A.B. is na twee wedstrijden de koploper met zes punten uit twee wedstrijden en ze hebben een aanzienlijk doelsaldo doordat zij vorige week hebben gewonnen met 2-11 van Dussense Boys. Het zal een interessante wedstrijd worden en daarom denk ik dat er aan beide kanten gescoord gaat worden, maar uiteindelijk zullen wij met 1-2 winnen.”

Op sportpark de Gaard zal op 6 oktober om 14:30 scheidsrechter L.R.M. Geertsen de wedstrijd tussen R.W.B. en S.A.B. starten.

Eelco Jansen: ”discipline is sterke kant van amateurs FC Dordrecht”

De amateurs van FC Dordrecht bewerkstelligden in hun eerste jaar meteen promotie naar de vierde klasse van het zondagvoetbal. In het nieuwe seizoen probeert de Krommedijkclub een vervolg aan dit succes te geven, met opnieuw geboren Limburger Eelco Jansen tussen de palen.

DORDRECHT – Eelco Jansen werd in de zomer van 1992 geboren in het Noord-Limburgse Venlo. Hij begon daar met voetballen bij Sportclub Irene, een megaclub in Tegelen. Als doelman maakte hij de overstap naar VVV-Venlo en haalde het Nederlands militair voetbalteam. Na zijn verhuizing naar Dordrecht, vier jaar geleden, koos hij bewust voor OMC, dat inmiddels ruim een seizoen geleden omgedoopt werd tot de amateurs van FC Dordrecht. ,,Bij VVV heb ik één keer in het eerste gekeept, een bekerwedstrijd tegen Volendam,”

Vertelt Jansen, die bij OMC meteen een warm gevoel had. ,,Dat gevoel heb ik meegenomen naar het nieuwe FC Dordrecht-amateurs. Ik heb er heel even van mogen proeven om profvoetballer te worden en te zijn. Al snel kwam ik erachter dat die stap heel groot is. Ik haalde het betaalde voetbal, maar was bij VVV de vierde doelman. Toen de club de eredivisie haalde, kwamen er keepers met een grote naam bij. Ik moest het tegen oud-international Dennis Gentenaar opnemen. Daar kon ik als jong keepertje niet tegenop. Ik heb voor mijn maatschappelijke toekomst gekozen en werd militair.”

DISCIPLINE
Jansen werd ooit opgeleid tot coördinator sport en bewegen. ,,Ik heb tijdens mijn opleiding het UEFA C-diploma gehaald en een opleiding tot skileraar en fitnessinstructeur afgerond. In de zesenhalf jaar dat ik voor het Ministerie van Defensie werkte, heb ik op redelijk niveau ook aan kickboksen gedaan.”

Jansen vervolgt: ,,Bij VVV en bij Defensie heb ik geleerd wat discipline is. Dat probeer ik nu bij jongere gasten in het amateurvoetbal over te brengen. Ik vind dat wij er met een aantal wat oudere spelers bij dit FC Dordrecht vorig seizoen in geslaagd zijn. Hier staat echt een team. Je zag dat onlangs in de bekerwedstrijd tegen Dubbeldam in de tweede helft ook weer terug. Daar zat alles in: strijd en tackles. En een scheidsrechter die niet altijd de beste keuzes maakte. Ik vond het een heerlijke derby. Het 3-3 resultaat was goed. Vergeet niet dat vorig seizoen nog een gat van twee klassen tussen beide teams gaapte.”

Eelco Jansen liet in het duel met een aantal geweldige reflexen zien dat hij een goede opleiding heeft gehad. Bovendien heeft hij de naam van penaltykiller opgebouwd. FC Dordrecht ontsteeg vorig seizoen de vijfde klasse van het zondagamateurvoetbal en gaat het nu in die vermaledijde Rotterdams/Haagse vierde klasse in het district West II proberen waar een andere competitieopzet wordt gehanteerd. Jansen: ,,Dubbeldam heeft dat vorig seizoen ook meegemaakt.

De reguliere competitie stelt dan niet veel voor, want de prijzen worden tijdens de playoffs verdeeld. Ik ben er niet weg van. Geef mij maar een reguliere competitie met veertien ploegen.”

Eelco Jansen kan de kracht van de nieuwe competitie niet inschatten. ,,Vorig seizoen hebben wij meegedaan om de Rijnmond Cup, toen werd al duidelijk dat wij niet onder deden voor tweede- en derdeklassers in die regio. En wij zijn wel FC Dordrecht hè. Tegenstanders kijken toch een beetje tegen ons op. Ik vind het prachtig om onder die naam en in dat tenue te mogen spelen.”

Eelco Jansen: ”discipline is sterke kant van amateurs FC Dordrecht”

De amateurs van FC Dordrecht bewerkstelligden in hun eerste jaar meteen promotie naar de vierde klasse van het zondagvoetbal. In het nieuwe seizoen probeert de Krommedijkclub een vervolg aan dit succes te geven, met opnieuw geboren Limburger Eelco Jansen tussen de palen.

DORDRECHT – Eelco Jansen werd in de zomer van 1992 geboren in het Noord-Limburgse Venlo. Hij begon daar met voetballen bij Sportclub Irene, een megaclub in Tegelen. Als doelman maakte hij de overstap naar VVV-Venlo en haalde het Nederlands militair voetbalteam. Na zijn verhuizing naar Dordrecht, vier jaar geleden, koos hij bewust voor OMC, dat inmiddels ruim een seizoen geleden omgedoopt werd tot de amateurs van FC Dordrecht. ,,Bij VVV heb ik één keer in het eerste gekeept, een bekerwedstrijd tegen Volendam,”

Vertelt Jansen, die bij OMC meteen een warm gevoel had. ,,Dat gevoel heb ik meegenomen naar het nieuwe FC Dordrecht-amateurs. Ik heb er heel even van mogen proeven om profvoetballer te worden en te zijn. Al snel kwam ik erachter dat die stap heel groot is. Ik haalde het betaalde voetbal, maar was bij VVV de vierde doelman. Toen de club de eredivisie haalde, kwamen er keepers met een grote naam bij. Ik moest het tegen oud-international Dennis Gentenaar opnemen. Daar kon ik als jong keepertje niet tegenop. Ik heb voor mijn maatschappelijke toekomst gekozen en werd militair.”

DISCIPLINE
Jansen werd ooit opgeleid tot coördinator sport en bewegen. ,,Ik heb tijdens mijn opleiding het UEFA C-diploma gehaald en een opleiding tot skileraar en fitnessinstructeur afgerond. In de zesenhalf jaar dat ik voor het Ministerie van Defensie werkte, heb ik op redelijk niveau ook aan kickboksen gedaan.”

Jansen vervolgt: ,,Bij VVV en bij Defensie heb ik geleerd wat discipline is. Dat probeer ik nu bij jongere gasten in het amateurvoetbal over te brengen. Ik vind dat wij er met een aantal wat oudere spelers bij dit FC Dordrecht vorig seizoen in geslaagd zijn. Hier staat echt een team. Je zag dat onlangs in de bekerwedstrijd tegen Dubbeldam in de tweede helft ook weer terug. Daar zat alles in: strijd en tackles. En een scheidsrechter die niet altijd de beste keuzes maakte. Ik vond het een heerlijke derby. Het 3-3 resultaat was goed. Vergeet niet dat vorig seizoen nog een gat van twee klassen tussen beide teams gaapte.”

Eelco Jansen liet in het duel met een aantal geweldige reflexen zien dat hij een goede opleiding heeft gehad. Bovendien heeft hij de naam van penaltykiller opgebouwd. FC Dordrecht ontsteeg vorig seizoen de vijfde klasse van het zondagamateurvoetbal en gaat het nu in die vermaledijde Rotterdams/Haagse vierde klasse in het district West II proberen waar een andere competitieopzet wordt gehanteerd. Jansen: ,,Dubbeldam heeft dat vorig seizoen ook meegemaakt.

De reguliere competitie stelt dan niet veel voor, want de prijzen worden tijdens de playoffs verdeeld. Ik ben er niet weg van. Geef mij maar een reguliere competitie met veertien ploegen.”

Eelco Jansen kan de kracht van de nieuwe competitie niet inschatten. ,,Vorig seizoen hebben wij meegedaan om de Rijnmond Cup, toen werd al duidelijk dat wij niet onder deden voor tweede- en derdeklassers in die regio. En wij zijn wel FC Dordrecht hè. Tegenstanders kijken toch een beetje tegen ons op. Ik vind het prachtig om onder die naam en in dat tenue te mogen spelen.”

Verdedigingsduo Bart Wouda en Maarten Constandse kijkt weer omhoog met BSC

Bart Wouda en Maarten Constandse bewaken het fort dat BSC heet. Al jarenlang staan ze gebroederlijk naast elkaar in het hart van de groen-witte defensie. Of de donderwolken zich nou boven sportpark Vierhoeven samenpakken of het zonnetje gretig schijnt: hun clubliefde gaat nooit verloren.

Oké, toegegeven: Maarten Constandse stond één jaar in de defensie van RKVV Roosendaal. Drie seizoenen geleden was dat, maar hij wist niet hoe snel hij terug moest keren naar BSC. “Ik kon daar gewoon niet aarden, miste BSC gelijk. RKVV speelde toen in de eerste klasse, die overstap was puur op sportieve gronden. Maar bij BSC loop ik al vanaf mijn zesde rond, het voelde direct goed om weer terug te zijn.”

Bart Wouda heeft ook één keer getwijfeld, toen trainer Natalino Storelli hem vroeg mee te gaan naar Kruisland. “Ik heb heel veel van die man geleerd, ben onder hem vaste waarde geworden in het eerste elftal van BSC. Hij had mooie ambities met Kruisland, maar ik speel mijn hele leven al bij BSC en heb het hier zo erg naar mijn zin. Ik wist dat het een lastige tijd zou worden, maar deze club hoort gewoon in mijn leven thuis. Ik heb mijn hart gevolgd en Natalino bedankt. Dat is de juiste keuze geweest.”

Na een dieptepunt in de recente geschiedenis van de club, de strijd tegen degradatie uit de vierde klasse, was vorig jaar alweer het eerste zonnestraaltje te zien. BSC eindigde op de vijfde plek in de vierde klasse. “Dat was boven verwachting, zeker met een groep vol jeugdspelers”, vertelt Constandse. Wouda: “We zijn altijd strijdbaar geweest, dat brengt ons weer omhoog.” Constandse: “De sfeer is ook goed gebleven, of we nu om promotie naar de eerste klasse speelden of nu in de vierde. Ook afgelopen seizoenen was ik soms om 02.30 uur thuis na de training op donderdagavond, dat zegt wel genoeg volgens mij.”

VERSTERKINGEN
De zon begint zich steeds duidelijker te laten zien boven Vierhoeven, met een nieuwe groep vol teruggekeerde BSC’ers en veel kwaliteiten begint de club aan het nieuwe seizoen. “Het past goed bij elkaar, met een aantal heb ik in het verleden gevoetbald. We moeten uiteraard nog wel op elkaar ingespeeld raken”, aldus Wouda. Zijn compagnon achterin: “We mogen niet klagen, hebben er sowieso veel kwaliteit bij gekregen. Jonge jongens, maar ook ervaren spelers en oud-ploeggenoten als Huub Schuit, Freek Roovers, Mike Gloudemans en Ricardo Mannie.” Verder lopen Constandse en Wouda nog altijd wekelijks met clubiconen als Mark Deijkers en Steven van Ginderen het veld op.

Ook spelers als Yeidi Muurmans (RBC), Robin Geeraers en Quincy Rijpers (beiden RoodWit) zijn naar BSC gekomen. Kortom, een grote en sterke selectie. Constandse denkt dat de concurrentiestrijd binnen de groep opgevoerd zal worden en verwacht een positief effect van deze verandering. “Iedere training moeten we volle bak gaan. Waar we vorig jaar misschien af en toe rustig aan konden doen, is daar nu geen ruimte meer voor.” Ook bestuurlijk gezien zit BSC in de lift, met voorzitter Ad van Tilburg als enthousiaste motor. Rick Schimmel is de hoofdtrainer die een team mag smeden van de individuele kwaliteiten.

ZOMERSTOP
Constandse is inmiddels 28 jaar oud en Wouda 30, maar de mannen genieten nog steeds met volle teugen als ze op het veld staan. “Ik voetbal nog altijd voor mijn plezier. Die zomerstop duurt steeds weer veel te lang, zeker dit jaar. We hebben afgelopen seizoenen steeds in de nacompetitie gespeeld, maar nu waren we gewoon in mei al klaar.”

Hopelijk zijn ze in juni 2020 nog wel aan het voetballen. Constandse: “Ik ga niet roepen dat we kampioen moeten worden, want dan gaan onze tegenstanders zich al helemaal ingraven. We zullen zien waar het schip strandt.”

Wouda: “De doelstelling is voor mij de top drie. We moeten bovenin meedraaien en dan kan er wellicht iets moois uitkomen aan het einde van het seizoen. Maar eerst zullen we de juiste balans moeten vinden. Wie weet wat er dan kan gebeuren.”

De voorbeschouwing met Boyd de Jong van S.S.C.’55

Boyd de Jong (29) middenvelder van S.S.C.’55 1 speelt al heel zijn leven voor de club.
Op zijn vijfde werd hij lid, maar drie jaar later mocht hij wedstrijden spelen voor S.S.C.’55.
Toen Boyd 19 jaar was mocht hij aansluiten bij de hoofdmacht, maar pas op zijn 21e maakte hij zijn officiële debuut.

Helaas is Boyd sinds februari afgelopen seizoen geblesseerd en moet hij revalideren.
“Ik ben in februari geopereerd aan mijn knie vanwege flinke kraakbeenletsel, waardoor ik al ruim 7 maanden aan de kant sta. Nu heb ik voor dit seizoen maar één doel en dat is terugkeren in het eerste elftal. Ik train al wel mee, maar ben nog niet wedstrijdfit”.

S.S.C.’55 wilt graag promoveren, maar of dat via het kampioenschap gaat gebeuren is nog de vraag. “Het moet wel echt allemaal meezitten wil je kampioen worden. Daarbij zijn er ook behoorlijk wat sterke teams aanwezig in deze competitie. Maar promotie via de nacompetitie of via het kampioenschap maakt niet uit, we moeten gewoon naar de 3klasse”.

Afgelopen zaterdag werd er op Sportpark de Elskens met 5-1 verloren tegen S.C.O.
“We kregen vroeg een tegendoelpunt, maar scoorde snel daarna de 1-1. Vervolgens uit persoonlijke fouten werd het 5-1. Na rust schakelde S.C.O. twee tandjes terug, waardoor wij een aantal grote kansen kregen om te scoren. Helaas deden wij dit niet, waardoor de ruststand ook de einduitslag werd”.

Komend weekend kan S.S.C.’55 het goedmaken tegen RFC.
“R.F.C. is een bekende ploeg voor ons. Vorig jaar speelden ze voor het eerst onder de naam R.F.C. en wisten we niet van ze te winnen. We hebben dus wel het één en ander goed te maken deze wedstrijd. Als ik een gok moet maken voor de uitslag, denk ik dat het 2-0 wordt voor ons natuurlijk”.

Zaterdag zal S.S.C.’55 tegen R.F.C. gespeeld worden op sportpark van Wijlen, om 15:00.
C.J.M. Konings zal op veld 1 de wedstrijd in goede banen leiden. Ook de nieuwsgierige lezer is uiteraard welkom om de wedstrijd bij te wonen.

 

 

 

Club van de week: HVC’10 met Leopold van Dijk

Het clubicoon van HVC’10 is Leopold van Dijk (68). Ook wel gewoon Leo genoemd, is voor HVC’10 iemand die veel voor de club gedaan en betekend heeft. Leo is zelf ooit begonnen als speler bij de Hoekse Boys en heeft later toen de voetbalcarrière op zijn eind kwam zich voor de club ingezet als vrijwilliger en doet dit nog steeds met even veel passie als vroeger.

Vrijwilligerswerk
In 1967 is Leo verhuist naar Hoek van Holland. Daar is hij begonnen bij de toenmalig nog Hoekse Boys in de JO19-1 als laatste man. Aan de noodrem trekken was vaak niet de tactiek waar voor gekozen werd, samen met de voorstopper zorgde hij er wel voor dat de spitsen altijd buitenspel liepen. Buiten het voetbal om werkte Leo in Hotel Amerika als barkeeper. Hier heeft hij zijn interesse gekregen voor het horeca leven. Toen hij in 1980 door de club werd benaderd met de vraag of hij kantinebeheerder wilde zijn zei hij natuurlijk ja. Hier kwam hij er alleen achter dat de functie toch niet helemaal voor hem weggelegd was. ‘’Ik heb dit ongeveer drie jaar volgehouden, want ik kon eigenlijk niet goed delegeren. Zodra de mensen weg liepen dan ging ik alles toch weer even nalopen en schoonmaken. Uiteindelijk kon ik dit niet meer blijven doen in combinatie met mijn leven buiten de voetbal om.’’

Maar Leo is hierna zeker niet gestopt met zijn rol als vrijwilliger. ’’Ik ben door gegaan met helpen in de keuken eens in de paar weken. Tussendoor ook nog klusjes doen voor het onderhoud van het terrein en achter de bar staan. Hier ben ik tot het einde van Hoekse Boys eigenlijk altijd mee bezig geweest.’’

Hoogtepunt
In 2010 is Leo met pensioen gegaan en is toen van de één op de andere dag bij de bouwcommissie van HVC’10 terecht gekomen. Hierdoor is hij heel betrokken geweest bij de bouw van het nieuwe complex, met name de kantine. ‘’Ik ben hier met heel veel enthousiasme aan begonnen, zeker omdat ik ook vanuit mijn oude baan bij de Shell ook wel redelijk verstand van ontwerpen had. Ik heb ook heel vaak met de architect rond de tafel gezeten en geprobeerd mijn ideeën in het ontwerp te krijgen en veel daarvan zijn ook gelukt. Zeker de inrichting van de kantine heb ik samen met nog een groep dames iets moois van kunnen maken. Met de opening van het complex zei de architect nog tegen mijn: ‘’Joh Leo, je hebt echt helemaal gelijk gehad, wat is dit een schitterende kantine geworden.’’ Voor mij was dit ook misschien wel mijn hoogtepunt dat ik voor de club heb kunnen betekenen. Ik heb me hier heerlijk op uit kunnen leven en krijg er zelfs nu nog steeds complimenten voor.’’

Eerste elftal
HFC’10 staat weer aan het begin van het nieuwe seizoen en bij een nieuw seizoen komen ook nieuwe verwachtingen kijken. Leo hoopt toch dat de selectie een plek bovenaan de ranglijst kan behalen. ‘’De afgelopen twee wedstrijden gingen wat minder, maar dat komt vooral door een aantal blessures. Ik denk toch wel dat ze toch een derde plaats kunnen behalen als de blessures niet al te veel tegen gaan zitten.’’ Over de wedstrijd van aanstaande zaterdag tegen Kagia maakt hij zich geen zorgen. ‘’Een 2-1 dat moet zeker wel lukken.”

Boodschap
‘’Wat je nu overal wel ziet is dat er steeds minder vrijwilligers zich aanmelden. Dit maakt het voor de ‘die hard’ vrijwilligers om het zo maar te zeggen een stuk zwaarder, omdat zij steeds meer werk op zich krijgen. Ik zou graag willen zien dat de mensen die nog geen vrijwilliger zijn iets meer eigen initiatief nemen. Het is heel makkelijk om te zeggen dat iets beter kan, maar wanneer er dan daadwerkelijk actie ondernomen moet worden haken mensen toch af.’’

De voorbeschouwing met Mitchell de Rooij van The White Boys

Mitchell de Rooij (23) speelt als centrale middenvelder bij RKSV The White Boys 1.
Hij begon op zijn 6de met voetballen bij Veerse Boys in Raamsdonksveer. Er bleek talent aanwezig te zijn, want hij werd gescout door RBC. Daarna speelde hij een tijd in de jeugd van Willem II waar hij zich in de kijker speelde van PSV. Helaas liep dit op niks uit, waardoor hij terugkwam bij de O19 van Veerse Boys.

Bij Veerse Boys mocht de middenvelder zijn debuut maken op zijn 16de. Nu speelt Mitchell bij The White Boys, waar hij ook training geeft aan JO14-1, wat tot nu toe een goede stap blijkt te zijn voor zijn carrière. “Toen The White Boys op mijn pad kwam heb ik hiervoor gekozen. Het niveau op de trainingen met jongens die op een soortgelijk niveau hebben gespeeld als ik in de jeugd is voor mij een groot pluspunt. Ik ben zelf 23 en heb ook zo mijn ambities en doelstellingen, ik merkte dat ik dat bij mijn vorige clubs niet kon behalen”.

Dit seizoen wilt Mitchell zich verder ontwikkelen met behulp van zijn teamgenoten en coach. “Graag zou ik door de ervaring die jongens uit mijn team met zich mee nemen en een coach die bij iedereen bekend is, Theo Lucius, nog rustiger willen worden in mijn spel. Ik ben iemand die graag de aanval zoekt en veel drang naar voren heeft, soms misschien wat te gehaast. Ik denk dat ik dat dit jaar zeker kan gaan verbeteren”.

The White Boys heeft een uitgesproken ambitie en dat is hogerop gaan voetballen. Mitchell sluit zich ook volkomen aan bij deze gestelde doelstelling. “Iedereen kent inmiddels onze plannen, we willen hogerop. Met deze selectie zijn wij denk ik verplicht om kampioen te worden. De verwachtingen liggen hoog en heel de regio houdt ons in de gaten. Dit is voor ons als team een extra drive om deze doelstelling te behalen”.

Afgelopen wedstrijd werd er thuis met flinke cijfers gewonnen van Advendo. Toch vindt Mitchell dat er verbeterpunten zijn voor komende wedstrijd. “We begonnen slapjes, waren zoekende en we kregen de juiste mensen niet aan de bal. Bij de afronding waren we ook erg onrustig en niet geconcentreerd. Pas 10 á 15 minuten na rust begonnen we los te komen, de ene na de andere goal vloog in het netje. Waardoor er aan het eind 17-0 op het scorebord stond. Ik heb zelf ook nog drie keer gescoord wat ook persoonlijk lekker is natuurlijk”.

Mitchell vond Harrie Hesselberth de beste man op het veld. “Als je er 8 scoort lijkt het me logisch dat hij man of the match is. Echter vond ik onze laatste linie bestaande uit Ronnie, Stefan, Daan en Melvin ook erg sterk en zakelijk spelen”.

Aankomend weekend staat er een lastige uitwedstrijd tegen Neerlandia’31 op het programma. “Ik denk dat Neerlandia één van de sterkste teams uit de klasse is. Toch moeten wij met de ambitie die wij hebben ook deze wedstrijd winnen. We hebben een goede ploeg met erg veel kwaliteit. Daarbij beginnen we steeds beter op elkaar ingespeeld te raken en dit merk je terug in het spel. Ik verwacht een fit en gedreven Neerlandia. Het zal niet dezelfde wedstrijd worden zoals afgelopen weekend. Toch denk ik dat we met een 0-2 overwinning van het veld lopen”.

Als u benieuwd ben geworden kan u de wedstrijd komen kijken tussen The White Boys en Neerlandia’31. Deze zal plaatsvinden op sportpark Neerlandia’31. Daar zal scheidsrechter H. Van Rijswijk om 14:30 zijn fluitje laten horen voor de aftrap.

John van Aert: ‘Een club als DIOZ past goed bij me’

Vorig seizoen speelde hij nog tweemaal tegen DIOZ, maar vanaf dit seizoen is John van Aert de nieuwe trainer van de club uit Zegge. De oefenmeester met een liefde voor dorpsclubs voelde zich direct op zijn gemak bij de vereniging, die hij wil laten uitgroeien tot een stabiele middenmoter in de vierde klasse.

Na vier jaar trok Corné Willemsen de deur afgelopen zomer achter zich dicht bij DIOZ en dat betekende het einde van een tijdperk voor de club. Begin augustus wandelde zijn opvolger John van Aert door dezelfde poorten op sportpark De Linden om zich te melden voor de eerste training van de club. Dat was voor hem even wennen. Van Aert werkte daarvoor namelijk maar liefst vijf seizoenen bij VV Achtmaal. De oefenmeester leidde die club voor het eerst in zijn bestaan naar de vierde klasse, maar degradeerde afgelopen seizoen tot zijn teleurstelling na drie jaar uit die competitie. “De verschillen op de ranglijst waren klein en in de nacompetitie verloren we van de sterke amateurs van FC Dordrecht”, zo blikt de coach terug op vorig seizoen. “Het was ook een beetje ongelukkig allemaal. Na vijf jaar waren beide partijen toe aan iets anders, ik vond het mooi geweest bij Achtmaal. Ik koester de vele mooie momenten die ik daar heb beleefd en hoop dat ze direct terugkeren in de vierde klasse. Dat zit er ook gewoon in met de versterkingen in dat elftal.”

DORPSCLUBS
DIOZ bood Van Aert een nieuwe uitdaging. Door Inspanning Ontspanning Zegge verloor vorig seizoen weliswaar tweemaal van Achtmaal (0-3 en 1-0) maar handhaafde zich wel in de vierde klasse. “In mijn eerste teambespreking zei ik nog: aan jullie heeft het niet gelegen vorig jaar voor mijn team. Daar konden de jongens wel om lachen”, zegt Van Aert. In de winterstop van het seizoen 2018/2019 kwam hij tot overeenstemming met DIOZ. Van Aert trainde eerder Wernhout en DEVO en heeft met DIOZ wederom een club gevonden die aan zijn gewenste profi el voldoet. “Een club als DIOZ past goed bij me. Het is een leuke dorpsvereniging met vriendelijke mensen. De sfeer is uitstekend en de selectie bestaat uit kwalitatief goede spelers, die samen een hechte eenheid vormen. Ik werk sowieso graag bij dorpsclubs. En ook mooi meegenomen: DIOZ is niet te ver van mijn huis in Achtmaal.”

STABIELE VIERDEKLASSER
DIOZ eindigde achtereenvolgend op de tiende, tiende, negende en elfde in de vierde klasse. Het team van Willemsen eindigde vorig seizoen slechts één puntje boven Achtmaal en Van Aert wil er alles aan doen om een nieuwe degradatiestrijd te voorkomen met zijn team. “Ik ken DIOZ als een prettige club en de eerste weken zijn me goed bevallen. De organisatie staat goed, de spelers zijn ambitieus en ik bespeur genoeg potentie bij de jongens. Het bestuur is blij als we er opnieuw in blijven, maar ik hoop op iets meer. We spelen wederom in een pittige competitie, maar ik hoop dat we kunnen verrassen met een hoge klassering. We gaan er een mooi seizoen van maken.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.