Home Blog Pagina 507

Wat kan Alem van dit seizoen verwachten? Dat is heel ongewis

Elk seizoen begint met nieuwe verwachtingen. Zo ook bij derdeklasser Alem. Elftalleider Joost Stoof denkt dat het lastig zal worden. Daar zijn meerdere redenen voor.

Alem kan met een goed gevoel terugblikken op het vorige seizoen. Stoof: “Onze grote kracht was dat we nagenoeg geen blessures kenden. Dus kun je veel met dezelfde formatie spelen. Kwam nog bij dat het in de defensie goed stond. Tot mei deden we heel aardig mee, daarna was het kwakkelen.” Uiteindelijk eindigde de ploeg in de middenmoot. Da’s netjes.

In september gaat het spel weer op de wagen. Dan wordt het waarschijnlijk een heel ander verhaal. “De KNVB is gaan husselen met de indeling. En dat heeft voor ons niet zo goed uitgepakt. In de derde klasse C hadden we een gat geslagen van maar liefst vijftien punten met de nummer acht. Maar al die ploegen die onder ons zijn geëindigd, komen we niet meer tegen.” Komt nog wat bij: “Eerst ontmoetten we veel clubs in de regio Den Bosch, nu gaan we de andere kant op. Oss en omstreken, en dat spreekt niet meteen in ons voordeel. We denken dat die clubs, zoals Margriet en Schijndel, wel wat meer in hun mars hebben.” De derby tegen DSC – de enige voor Alem – blijft wel op de kalender staan. Op zondag 6 november vindt de burenruzie plaats.

En wat dit seizoen ook nog mee gaat tellen: de versterkte promotie- en degradatieregeling. In de laatste week van augustus, als dit artikel wordt geschreven, heeft Joost nog geen zicht op het hoe en wat. “Het lijkt me wel logisch dat we voordat de competitie begint van de KNVB horen hoe dat precies in elkaar steekt.”

Komend seizoen moet Alem het ook doen zonder Bart van Lent. “Bart was onze aanvoerder, sterkhouder. Hij vond het lastig om twee keer per week te trainen en op zondagmiddag te voetbalen, heeft de keus gemaakt voor zijn gezin.” Van Lent kwam maar liefst zeventien jaar in het eerste. Hem vervangen  wordt een lastig verhaal. “Hij was onze natuurlijke leider. Had zinnige teksten, zette de poppetjes op de juiste plaats en hield de groep bij elkaar. Nu zullen andere jongens die rol op zich moeten nemen.”

Namen noemt Joost niet. Maar dat je dan denkt aan de Mats of Jens Steenbekkers is logisch. Mats is jarenlang tweede aanvoerder geweest, hun voetbalkwaliteiten staan buiten kijf. Het is eigenlijk opvallend dat de neven nog altijd bij Alem spelen. Ze zouden best een stapje hoger kunnen zetten. “Dat is nou het voordeel van een dorpsclub”, zegt Joost, die ook de rol van keeperstrainer op zich neemt. “Alle spelers komen uit het dorp, daardoor creëer je een enorme saamhorigheid. Ze hebben allemaal een goot Alem-hart.”

Klik op V.V. Alem voor de laatste artikelen over de club.
Klik op V.V. Alem voor meer informatie over de club.

De erfenis van Piet Bezemer staat op het veld

De familie Bezemer speelt in de geschiedenis van VV Bergambacht een belangrijke rol. Piet Bezemer senior was tien jaar speler van het eerste elftal en zijn vader oprichter. Zijn zoons en kleinzoon volgden hem in het blauw en zwart in de hoofdmacht op. Voor de tweede keer is Bezemer voorzitter van de jubileumcommissie van zijn club die volgend jaar 90 jaar wordt.

De zaterdagen van Piet Bezemer (78) en zijn vrouw zijn vanaf ’s morgens vroeg tot laat in de middag gevuld met sport. Met vier sportende kleinkinderen hoppen ze van de ene naar de andere sportaccommodatie. “Mijn oudste kleinzoon, Rody, speelt in het eerste, maar de tweede komt eraan. Hij speelt in de JO19 en mijn derde kleinzoon speelt bij de JO12. En er voetbalt ook nog een kleindochter bij de club.” En dan is er ook nog een kleindochter die volleybalt bij Thor in Bergambacht. Ook zij wordt intens gevolgd door haar grootouders. “We zijn sportgek. We genieten met volle teugen.”

Dat hij enige tijd geleden door Bergambacht werd benoemd tot de voorzitter van de jubileumcommissie vindt hij een mooie geste. “Het is vooral een erebaantje. Ik denk en kijk vooral mee en hou mijn praatjes over de club.”

Bezemer was ook voorzitter van de jubileumcommissie toen Bergambacht in 1993 het zestigjarig bestaan vierde. Sindsdien is het voetballandmaatschap behoorlijk veranderd – Bergambacht had ooit een zaterdag- en zondagafdeling – maar de gemoedelijkheid van de vereniging is gebleven, tot voldoening van Bezemer. “We waren en zijn nog steeds een gezellige, leuke dorpsclub.”

Bezemers’ vader was in 1933 één van de oprichters. Zijn zoon bleek meer dan gemiddeld te kunnen voetballen. Piet maakte tien jaar deel uit van de hoofdmacht, dat destijds op een meer dan respectabel niveau actief was. Midden twintig riep de plicht van het nu inmiddels 109 oude bouwbedrijf dat door zijn eigen opa werd opgericht. “Mijn vader had mij nodig in het bedrijf en ik zag ook zelf in dat ik zware blessures moest verkopen. Dat risico kon ik niet dragen. Ik scheurde mijn enkelbanden bij een wedstrijd en niet snel daarna ben ik gestopt.”

Dat deed hij wel na een periode vol grote successen. Het Bergambacht van eind jaren vijftig begin jaren zestig bestond uit een verzameling uitstekende spelers. “We werkten hard en hadden daarnaast een paar goede voetballers.” Dat waren Hens van Lieshout en hijzelf. “Ik was snel en scoorde makkelijk.”

Bergambacht promoveerde in die tijd vanuit de Goudse voetbalbond naar de derde klasse op zondag. “Dat was het derde niveau, want hoofdklasse was er nog niet.”

De voetbalkunsten van Bezemer vielen ook op bij andere clubs. “Excelsior belde, ONA, dat toen in de tweede divisie belde ook. DCV, dat in de eerste klasse speelde bij de amateurs, wilde me ook hebben. Mijn vader zag dat niet zitten. Mijn toekomst lag in het bedrijf.”

De nalatenschap op het voetbalveld van Bezemer is groot, want zoons Henk-Peter en Arjen Bezemer haalden het eerste elftal, evenals kleinzoon Rody die afgelopen zomer met Bergambacht via de nacompetitie promotie naar de derde klasse wist te bewerkstelligen. “Het werd hoog tijd”, zegt ‘opa’ Piet. “Het was al zo vaak misgegaan. Ze waren er al een paar jaar aan toe en gelukkig is het nu eindelijk gebeurd.”

Klik op VV Bergambacht voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Bergambacht voor meer informatie over de club.

BZC’14 vervangt het elastiek voor hooggespannen verwachtingen

Na de onverwachte promotie naar de derde klasse, wat een kers op de taart was voor Zuilichem en Brakel toen ze fuseerden tot BZC’14, had de nieuwe club het buitengewoon lastig in de derde klasse D. Tot twee keer toe stak corona de helpende hand toe om een nakende degradatie te ontlopen. Afgelopen seizoen knapte het elastiek alsnog. Maar het probleem – te weinig kwaliteit – is getackeld: veel nieuwe spelers – eigenlijk oude bekenden – zijn de club komen versterken.

Lenard Weber was op zijn 23e al klaar met voetballen vanwege reuma. Maar het wereldje van bal en kalklijn vaarwel zeggen, wilde  de nu 37-jarige Rosmalenaar niet. Dus ging Weber, die onder meer bij RKJVV en, BVV en OJC Rosmalen heeft gespeeld, zich bekwamen in het trainersvak. En zoals het de meeste oefenmeester die net hun diploma hebben behaald, maakte hij meters bij jeugdelftallen. Jeugdtrainer bij OJC Rosmalen, hoofd jeugdopleiding bij DSC, een paar seizoenen de KNVB gediend. Zes jaar geleden de stap naar de senioren gemaakt: eerst met het tweede bij DSC, later op de bok bij het eerste van Achilles Reek.

Vorig seizoen streek hij neer bij BZC’14. Daarmee schuwde Weber de uitdaging niet. De club had het lastig, liep zeker niet over van kwaliteit. “Dat heeft ons uiteindelijk ook de kop gekost. Bovendien was de selectie veel  te smal. We kenden ook pech, zoals dat gaat als je in de hoek zit waar de klappen vallen. Al met al hebben we veel te weinig afgedwongen, vooral in aanvallend opzicht. Het gaat er uiteindelijk toch om dat je scoort.”

Het bestuur verweet Weber niks. Integendeel, het ging samen met de technische staf hard aan de slag om meer kwaliteit aan de selectie toe te voegen. “Daarbij hebben we verschillende sporen gevolgd”, zegt Weber. “Een ervan was shoppen in de eigen elftallen. Sommige spelers hadden kennelijk wat moeite met de fusie, gingen daarom lager voetballen. Nu zijn we een aantal jaren verder, die scherpe randjes zijn er bij de meesten van af. Die sluiten zich aan. En we zijn oud-spelers van Brakel en Zuilichem die in de regio voetballen gaan benaderen. En dat heeft ontzettend goed uitgepakt.” Zo keerden Maverick van Maaren (tweedeklasser Wilhelmina’26)  en Michel Kooijman (derdeklasser GVV’63) terug. Bonus: Robin Zonneveld Piek komt over van het naar de tweede klasse gedegradeerde GRC’14.

Ongekende weelde voor Weber. “Het is fantastisch. Vorig seizoen was het sprokkelen met spelers, nu zijn alle posities dubbel bezet.” Zo veel aanwas, dat kan maar één ding betekenen: BZC’14 wil zo snel mogelijk afscheid nemen van de kelder van het zaterdagvoetbal. “We gaan sowieso voor de prijzen, dat lijkt me logisch. Daarbij is het heel belangrijk dat we een team zijn. En blijven. Aan ons, mijn assistent Edwin van de Braak, en ik de taak om al die kikkers in de kruiwagen te houden. Dat ze blij zijn dat ze deel uitmaken van deze mooie club. Of ze nu elke week voetballen, of soms op de bank zitten.”

Klik op BZC’14 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op BZC’14 voor meer informatie over de club.

Remy trad in de voetsporen van zijn vader Roger

Ruim dertig jaar geleden begon Roger Schouwenaar zijn carrière als hoofdtrainer bij Well. Zijn zoon Remy volgde vorig seizoen exact hetzelfde traject.

Zo vader, zo zoon. In het geval van Roger en Remy Schouwenaar kan dat wel heel letterlijk worden genomen. Beiden op een heel aardig niveau gevoetbald, Roger werd trainer en zijn zoon maakte dit seizoen zijn debuut als oefenmeester. Wat het bijzonder maakt: Roger is als hoofdtrainer bij Well begonnen. En Remy pakte ook die draad op.

Zijn vader flikte het om in zijn allereerste seizoen te promoveren met de zaterdagvierdeklasser. Dat kon Remy niet evenaren, maar als debuterend coach bracht hij het er met zijn ploeg niet slecht af.

Trainer worden, het heeft er bij Remy altijd ingezeten. Thuis speelde hij op de  op de vloer met blokjes hele wedstrijden na. En hij is gezegend met tactisch inzicht. Noodzakelijk om als voetballer, onder meer bij NOAD’32, te slagen: van zijn snelheid moest hij het niet hebben. Remy had thuis een voorbeeld. “Ja, mijn vader heeft me geïnspireerd. Hij kon enthousiast over het vak vertellen. En hij heeft goed gepresteerd, hoor.” Zo promoveerde Roger, die in Vlijmen woont, binnen drie seizoenen drie keer met Haarsteeg.

Toen Roger bij Well aan de slag ging – 32 jaar geleden – waren het andere tijden. “Ik maakte het mee dat de jongens uit Nederhemert en Well met trainingen in een aparte kleedkamer zaten, zo groot was die tegenstelling tussen die dorpen. Maar op zaterdag gingen ze er helemaal voor. En ik was de baas, ze deden wat er werd gevraagd. Dat is tegenwoordig een heel ander verhaal.”

Vandaag de dag is voetballen slechts een onderdeel van het leven geworden, zeker niet meer de belangrijkste bijzaak. “Zelf”, zegt Remy, “heb ik nooit begrepen dat je er niet alles aan deed om er op zaterdag bij te zijn. Ik ben fanatiek, dat wil ik overdragen aan de groep. Dat zou moeten werken. En presteren, ook dat helpt. Dat ging in het begin van het seizoen behoorlijk goed. Daardoor groeide het zelfvertrouwen van de spelers naar mij toe, en omgekeerd.”

De meimaand was niet zo gelukkig. Well viel weg uit de subtop. “We hebben het toen laten liggen. Jammer, maar we kunnen ervan leren. Al met al was ik tevreden, zeker als je weet waar Well vandaan kwam.” Over komend seizoen kan Schouwenaar nog niet zo veel zeggen. “We hebben in de breedte meer mogelijkheden gekregen. De oefenpotjes zagen er aardig uit. Maar de competitie is sterker geworden. We zullen het zien.”

Klik op WSV Well voor de laatste artikel over de club.
Klik op WSV Well voor meer informatie over de club.

Nivo Sparta leert nog genoeg van meiden- en damesvoetbal

Zes jaar geleden, toen Nivo Sparta zich vestigde op een nieuw sportcomplex, werd ook het meiden- en damesvoetbal omarmd. “We kunnen nog genoeg leren”, zegt voorzitter Hans van den Bighelaar.

De club uit Zaltbommel had al veel eerder deze nieuwe bron aan leden willen aanboren. “Maar op ons oude sportcomplex hadden we daar geen ruimte voor”, zegt Hans. “Niet op de velden, niet in de kleedkamers. En dat merken we nu. Andere clubs in onze regio hadden daardoor een voorsprong opgebouwd. Nog altijd hebben we die nog niet ingehaald.”

Momenteel heeft Nivo ongeveer 65 voetballende meiden, sinds vorig seizoen is er ook een damesteam. “De aantallen zijn niet zo groot, daardoor moet je soms teams bij elkaar voegen. Komt nog bij dat we een paar heel talentvolle speelsters hadden, die deden mee aan Oranje Onder 15. De KNVB verplicht die meiden om mee te doen met de jongens, die uitkomen in de vierde divisie. Dus wordt de spoeling nog dunner.” Tegelijkertijd: “We waren er natuurlijk hartstikke trots op. Waren, want komend seizoen spelen ze voor PSV.”

Vorig seizoen kreeg Nivo Sparta ook een damesteam. De trainer is vertrokken. “Daar hebben we niet goed op geanticipeerd”, zegt Van den Bighelaar. “Het bestuur hoorde dat pas in juli. Heeft toch te maken met gewenning, groeipijnen. De afdeling meiden- en damesvoetbal moet zich dus nog meer ontwikkelen. Dit is in ieder geval een wake-up call geweest, gaat ons niet meer overkomen.” Overigens, de zoektocht naar een opvolger is buitengewoon lastig. “Genoeg trainers benaderd, ze zijn allemaal bezet. Weghalen doen we niet, dat is niet chique. Maar we doen er alles aan om dat op te lossen.”

Nivo Sparta heeft volgens Van den Bighelaar alle faciliteiten om deze tak uit te laten groeien. “Ons sportcomplex is fantastisch, de mooiste in de regio. Dat nodigt uit om er te komen voetballen. En we willen de komende jaren nog meer investeren in het meiden- en damesvoetbal. Dat zegt alles over onze ambities op dat vlak. ” Daar komt nog bij dat vrouwen de club zelf ook goed doen. “Het is geen mannenbolwerk meer. De diversiteit verandert de sfeer, het is zeker een verrijking in de kantine. Komt nog bij: sommige dames voelen zich sterk verbonden met Nivo Sparta, zijn bereid om in hun vrije tijd vrijwilligerswerk te verrichten.”

Klik op Nivo Sparta voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Nivo Sparta voor meer informatie over de club.

BVV Barendrecht 14 wil nog jaren samenspelen

Vandaag gaan we in gesprek met Dènan van Dalen van BVV Barendrecht 14. De 21-jarige  aanvoerder is al sinds zijn vijfde actief op de voetbalvelden. Zijn hele leven zit Van dalen al bij Barendrecht. Deze keuze was snel gemaakt omdat zijn broer hier ook al lid was. Vandaag vertelt hij meer over zijn elftal, BVV Barendrecht 14.

Het elftal is eigenlijk uit weinig mensen ontstaan vertelt Dènan. ‘’Er was een periode (toen ik er zelf nog niet bij zat) waarin het team te weinig spelers had om wedstrijden te spelen. Er kwamen gelukkig steeds meer spelers bij waardoor dit wel mogelijk werd. Zelf ben ik een aantal jaar geleden bij dit team gekomen. Ik zat in het tweede jaar van de A en speelde toen in de A3. Aan het einde van dat jaar viel de A3 uit elkaar. Dit is destijds gebeurd omdat er wrijving in de groep ontstond en daardoor veel spelers besloten om te vertrekken. Ik had me toen bij wat andere vrienden gevoegd in de A5. Sindsdien zijn wij bij elkaar gebleven en kwamen er steeds meer mensen bij. Hierdoor zitten wij nu op zeventien spelers en dat voor een vriendenteam! Volgens mij wordt dit mijn vijfde seizoen bij dit team.’’

Dit team is zo uniek, omdat er binnen het team een hele goede en sterke vriendschap heerst, zegt Van Dalen. ‘’We zijn allemaal vrienden van elkaar en gaan binnen en buiten het veld goed met elkaar om. Wij zijn allemaal gasten rond de 21 en kennen elkaar nu al een aantal jaar. Sommigen kennen elkaar zelfs al wel langer. Doordat er zo’n leuke sfeer heerst, is het altijd een feestje om weer te mogen voetballen.’’ Dènan geeft aan dat ze buiten het veld ook goed met elkaar omgaan. Wij wilden weten hoe dit er dan uitziet. ‘’We gaan weleens uiteten met het team en daarna de kroeg in. Het is dan altijd uitermate gezellig. Ook gaan we na de wedstrijd ook nog even de derde helft vieren, echter kan hier nog wel een tandje worden gezet. Tot slot hebben we ook altijd wel huisfeestjes waar we elkaar voor uitnodigen.’’

In het lange bestaan van dit elftal hebben zich vele hoogte- en dieptepunten afgespeeld. We lichten er een paar uit met de aanvoerder. ‘’Eerlijk gezegd hebben we geen echte dieptepunten meegemaakt. In andere teams was de sfeer niet altijd even goed. Dit zou je als een dieptepunt kunnen zien. In dit team is de sfeer top dus ik kan verder eigenlijk niks aanwijzen. Mijn hoogtepunt is toch wel het kampioenschap van vorig seizoen. Vorig jaar moesten terug naar de achtste klasse door corona, maar dat was een te kaag niveau het ging heel makkelijk. Toen gingen we naar de zevende klasse waar we na wat opstartproblemen een mooi seizoen hebben gedraaid en kampioen zijn geworden.’’

Kampioen wordt je niet zomaar. We vroegen daarom aan de mannen of zij zich goed voorbereiden op de trainingen. ‘’Voor een vriendenteam uit de zesde klasse zijn onze trainingen eigenlijk erg serieus. Wij hebben nu al zo’n acht seizoenen dezelfde trainer, namelijk de vader van een teamgenoot. Hij traint ons en is net zoals wij erg serieus. Uiteraard wordt er ook veel gelachen, maar uiteindelijk wordt er altijd wel serieus getraind. Vaak doen we iets van conditie in samenwerking met schieten op doel gevold door een rondo en een partijspel. Dit wisselt regelmatig. Helaas hebben wij van de club maar één uur per week training. Wij vinden dit te weinig, maar meer krijgen we helaas niet. We zouden er graag nog een uurtje achter plakken, maar dit is helaas niet mogelijk.’’

Tot slot heeft dit team nog een echte ambitie. ‘’De echte ambitie die ik zou willen noemen is dat ik hoop dat we nog jaren samen kunnen blijven voetballen. We willen met zijn alle blijven voetballen totdat we niet meer kunnen. Daarbij willen we zeker nog wat klassen hoger gaan spelen als dat mogelijk is. daarnaast willen we natuurlijk weer kampioen worden!’’

Klik op BVV Barendrecht voor de laatste artikelen over de club.
Klik op BVV Barendrecht voor meer informatie over de club.

Bij het mooiste decor hoort een prachtige kantine bij Jan van Arckel

Jan van Arckel had met zijn kasteel op de achtergrond al een fantastisch mooi decor. Maar ook het sportpark is daarin meegegaan. Werd een aantal jaren geleden de slechte grasmat vervangen door kunstgras, afgelopen seizoen onderging de kantine een metamorfose. “Misschien is het wel de beste kroeg van Ammerzoden geworden”, zegt bestuurslid Jack Rademakers.

Oubollig en gedateerd. Dat waren de woorden die naadloos pasten bij het clubgebouw van de vierdeklasser. Zo parachuteerden het meubilair en de gordijnen de bezoekers naar de jaren zeventig, tachtig. “Gezellig was het er wel altijd”, zegt Rademakers. “Desondanks: dit kon niet meer, dus hebben we het allemaal rigoureus aangepakt. En dat met tientallen vrijwilligers. Wat dat betreft is de saamhorigheid heel groot in onze club.”

De verbouwing leidde ertoe dat het een echte sportkantine is geworden. “De vloeren hebben eruit gegooid, tegels erin. Het plafond vervangen. En we hebben nu een duurzame  kantine, en energiezuinig. Want op het dak zijn zonnepanelen gelegd.” Het is een kantine van en voor Ammerzoden. “Dus hebben we bij het inkopen van materialen veel ingekocht bij lokale bedrijven. En onze sponsoren.”

Na de verbouwing moest de kantine opnieuw worden ingericht. Daar was extra voor nodig. Daarom werd er in mei een grote veilingactie van diensten en producten gehouden. Van een kappersbeurt tot zelfs een auto die bij opbod werd verkocht. “Een enorm succes, het leverde ons 22.000 euro op. Daarmee hebben we onze kantine dus aangekleed, ook werd er nieuwe bedrijfsapparatuur gekocht.”

Niet alleen in de opstallen is geïnvesteerd, Jan van Arckel heeft ook op sportief vlak de afgelopen seizoenen een paar stappen gezet. “We hebben met Giel Goesten een trainer voor het eerste aangesteld die uit Ammerzoden komt. Dat heeft heel goed uitgepakt, want we hebben de nacompetitie gehaald.” Jan van Arckel werd in de tweede ronde uitgeschakeld. “Toch een knappe prestatie dat we zover zijn gekomen. We zijn namelijk ook met de spelers een heel andere weg ingeslagen. We bouwen aan een eerste elftal met alleen maar eigen jeugd.” Volgens Rademakers is een deel van het succes ook te danken aan al die vrijwilligers die hun vrije tijd besteden aan het bijhouden van de velden.

Klik op Jan van Arckel voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Jan van Arckel voor meer informatie over de club.

Meisjespupillen vinden weg naar Lekkerkerk

Lekkerkerk hoopt dat het het begin is van een nieuw groeibriljantje, de meisjespupillen. In het eerste deel van de najaarsreeks komt de club uit met een MO13 en een MO11. “We hopen dat uit te bouwen.”

Aan het enthousiasme van Claudia den Hoed, Melissa Kuijf en Sharon Ritskes zal het niet liggen. Samen met een vader van één van de meisjes zijn zij de drijvende krachten achter de beginnende bloei van de meisjespupillen. “We zijn vorig seizoen begonnen met één team”, zegt Den Hoed. “Een groot team van veertien meisjes. Dat was net te weinig voor twee teams, maar weer te veel voor één team.”

De aanwas was daarna groot genoeg om voor de voorjaarsreeks twee teams in te schrijven. Nu komt Lekkerkerk uit met een MO12 en een MO10, dat overigens als JM10 door het leven gaat. “Ze spelen gewoon nog tussen de jongens”, vertelt Den Hoed. “Er zijn weinig clubs inde buurt die een MO10 hebben. Je krijgt daardoor al snel te maken met fikse reisafstanden. Je bent langer onderweg dan dat je op het voetbalveld staat.”

Stapje voor stapje ziet Den Hoed de Lekkerkerkse meisjes beter worden. “We zijn vooral bezig met het aanleren van basisdingen als bal stoppen, trappen en dribbelen. Bij de één gaat dat best aardig, bij de ander heeft het nog wat meer tijd nodig. Het belangrijkste is dat die meiden met plezier op het veld staan.”

Met dat plezier zit het wel snor, verduidelijkt Den Hoed aan de hand van een voorbeeld. “Vorig seizoen werd er veel verloren en vaak ook nog met forse cijfers. Als we dan een keer wisten te scoren, was het groot feest. Aan deze meisjes merk je in de kleedkamer niet of ze verloren of gewonnen hebben. Ze hebben altijd lol. Voor ons als trainers is dat natuurlijk heerlijk.”

Klik op vv Lekkerkerk voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Lekkerkerk voor meer informatie over de club.

Voor Heerewaarden staat er iets op het spel

Ook dit seizoen komt Heerewaarden uit in de reserveklasse. Voor de voetbaljaargang 2023/2024 kan dat helemaal anders liggen.

Elke wedstrijd was het weer prijsschieten bij vijfdeklasser Heerewaarden. Soms gingen ze met dubbele cijfers de bietenbrug op. De doelman had een abonnement op de bal uit het net vissen. Eindklassering in mei 2019: stijf onderaan, nul punten.

Dat het zo beroerd ging met Heerewaarden had alles te maken met een uittocht aan ervaren spelers het seizoen daarvoor. Aanvoerder Bas Lamers (26) deed daar niet aan mee: eens Heerewaarden, altijd Heerewaarden. “We moesten dat opvangen met gasten van een jaar of zestien. Dat lukte dus helemaal niet.”

De club telde zijn knopen: zoiets willen we niet nog eens meemaken. Laten we ons maar uitschrijven uit de standaardklasse en een tree lager gaan spelen. Vanuit de reserveklasse gaan we verder bouwen. In het eerste seizoen kwam daar niks van: in maart 2020 kwam vanwege corona de boel stil te liggen. Afgelopen seizoen was een betere graadmeter: Heerewaarden werd derde.

Een mooie prestatie, maar terugkeren naar de vijfde klasse was nog niet aan de orde. “Misschien dat het ‘m dit jaar wel gaat worden. Ligt eraan hoe we het doen. Wat mij betreft, gaan we voor het kampioenschap. Is realistisch, die jonkies zijn allemaal wat ouder geworden. Hebben meer ervaring opgedaan.” En als die titel wordt gepakt? “Dan lijkt het me logisch dat we weer naar een standaardklasse gaan.”

Spelen in de reserveklasse, het is wat anders. “Soms sta je op zondagmorgen al om tien uur op het veld. Beetje vroeg als je uit bent geweest, of een feestje hebt gehad. Maar het bevalt me wel. Je hebt meer gelijkwaardige tegenstanders, da’s wel fijn.”

En aan toeschouwers hoeft Heerewaarden niet veel in te leveren. De hondstrouwe supporters die er in de standaardklasse er al bij waren, zijn er dan ook. “En die drinken na afloop net zo goed een potje bier met ons mee. Wat gezelligheid betreft, hebben we niks ingeleverd. Daar draait het toch om: plezier hebben onder elkaar.” En dat gaat net wat makkelijker als je regelmatig een overwinning boekt dan telkens te worden afgedroogd.

Toch verandert er dit seizoen wel iets. Marien van Tussenbroek is als trainer gestopt, gaat in het tweede van Heerwaarden spelen. Zijn opvolger is Piet van Lent. “We kennen Piet een beetje, hij was ook trainer van Hurwenen. Afgelopen seizoen was dat bij MEC’07.”

Klik op Heerewaarden voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Heerewaarden voor meer informatie over de club.

Spirit heeft z’n grenzen bereikt

Een uit de kluiten gewassen dorpsclub, zo noemt voorzitter Henk Lammertse ‘zijn’ Spirit. Met twaalfhonderd leden op een beperkt gebied heeft de club qua ruimte zijn grenzen bereikt. “We zijn uit ons jasje gegroeid.”

Een willekeurig voetbalzaterdag laten de problemen van de club in een notendop zien. Om een parkeerplaatsje in de buurt van de Sportlaan in Ouderkerk te bemachtigen moet je zoeken en vooral geluk hebben.

Het voetbal zelf is een bedrijf dat van ’s ochtends vroeg tot ver in de avond in werking is. “Onze laatste wedstrijden beginnen inmiddels om half zeven ’s avonds”, zegt Lammertse. “Dat zijn ze misschien bij volleybal of waterpolo gewend, maar voor voetballers is dat natuurlijk geen gebruikelijk tijdstip. Het zorgt ook voor problemen in onze organisatie. Je hebt wel met vrijwilligers te maken en in de keuken en achter de bar willen ze op een gegeven moment – na een lange dag – de boel opruimen en naar huis. De keuken en bar tot een uur of zeven open houden is daarom wel het matje.”

Spirit probeert de lasten van de ‘avondwedstrijden’ te verdelen. “Dat niet steeds hetzelfde team aan de beurt is. De meeste elftallen voetballen bij ons voor de gezelligheid. De kantine is het tweede huis van die jongens.”

De druk op het speelschema geeft wel aan dat Spirit in ruimtenood verkeert. De oorzaken zijn volgens Lammertse positief. “We hebben de afgelopen jaren een enorme toeloop aan leden gekregen. Dat is natuurlijk mooi en daar zijn we ook trots op. Het geeft aan dat we het hier met elkaar ook goed voor elkaar hebben.”

Spirit is allang niet meer de club van inwoners van Ouderkerk alleen. Sterker, bijna twee derde van de leden woont elders in de Krimpenerwaard. Meer dan de helft van de leden heeft zijn woning staan in Krimpen aan den IJssel.

“We hebben er zes jaar geleden bewust voor gekozen om een meisjestak te beginnen. Dat wilden we serieus aanpakken en inmiddels hebben we bijna 250 meisjes”, zegt Lammertse. De groei zorgt er echter wel voor dat ook een trainingsschema in elkaar zetten een hels karwei is. “Op basis van de normen die de KNVB hanteert zouden we al zeven velden moeten hebben”, weet de voorzitter. “Wij hebben er vier, waarvan drie kunstgras. Het grasveld kan worden gebruikt in de zomer voor beperkte trainingen, maar zodra het winter is, is het niet meer te gebruiken.”

Daar zit een mogelijke oplossing van het probleem: ook kunstgras op het vierde veld. Lammertse heeft het inmiddels aangekaart bij de gemeente. “Andere opties zijn er in onze ogen niet. We kunnen niet uitbreiden. We grenzen weliswaar aan een weiland, maar daar zit ook een treksloot tussen. En onze voorkeur gaat beslist niet uit naar verhuizen. Ik vind dat een voetbalclub in de bebouwde omgeving moet zitten. Bij verplaatsing zie je vaak clubs aan de rand van de gemeente verdwijnen. De ziel gaat dan uit een club. Dat willen we niet.”

Een ledenstop vindt Lammertse moeilijk te verkopen. “Dat kan nooit de bedoeling zijn van een sportclub en dat mag niet de insteek zijn van een gemeente.”

“Het vierde kunstgrasveld zou ons op dit moment al flink lucht geven.”

Klik op vv Spirit voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Spirit voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.