Home Blog Pagina 454

Geboorte van dochtertje is volgende droom voor spits Yoeri Rombouts

Yoeri Rombouts trapte als jong ventje bij Meeuwenplaat in zijn eigen Hoogvliet voor het eerst tegen een bal. Toen al met zijn maatje Mitchell Ott, met wie hij vanaf zijn zesde jaar is bevriend. Het begon met straatvoetbal. De kans is groot dat ze samen hun voetbalcarrière zullen afsluiten.

Samen maakten zij een lange voetbalreis, die hen onder meer langs Heerjansdam bracht waar voormalig voorzitter Janus van Peenen Rombouts als goalgetter ontdekte. Daarna werd het Barendrecht, XerxesDZB, IFC en even weer naar Meeuwenplaat en terug naar IFC. Vervolgens, nadat de voormalig Jumbo-manager in Brabant als zzp’er in de jeugdzorg ging werken voor Stichting OpenDoor in Roosendaal, koos hij voor SC Kruisland. Zijn handelsmerk bleef het maken van doelpunten. In de Bredase regio won hij de befaamde zilveren schoen van BN De Stem. Met liefst 42 doelpunten in achttien gespeelde wedstrijden schoot hij SC Kruisland via de nacompetitie naar de eerste klasse. ,,Het is niet echt bijgehouden, maar ik schat, en ik wil echt niet naast mijn schoenen lopen, dat ik in alle wedstrijden die ik vanaf mijn zestiende jaar speelde richting de duizend doelpunten zal gaan. Dan tel ik wel alles mee hè, zoals vriendschappelijk, beker en competitie.” Bij IFC is Cees van Heeren de archivaris. Hij becijfert dat Rombouts voor Ido’s Football Club op weg is naar 150 competitiedoelpunten.

Na SC Kruisland stonden de clubs uiteraard in de rij. Iedere club zoekt een spits die goed is voor 25 tot 30 doelpunten per seizoen. ,,Ik had de keuze om op hoger amateurniveau te gaan voetballen. Die ambitie was er echt nog wel hoor, maar onze kinderwens en mijn leeftijd gaven de doorslag om voor een terugkeer naar IFC te kiezen. Hier hoef ik mij niet meer te bewijzen en mag ik gerust een training missen, hoewel ik dat zoveel mogelijk beperk. Ik rij de afgelopen jaren vol passie en energie naar mijn werk in Roosendaal. Een klein uurtje van Hoogvliet.”

Puzzelstukjes
Ongeveer drie jaar geleden werd de aanvaller getroffen door een TIA. Na een angstige en onzekere tijd van hartfilmpjes en hersenscans krabbelde hij snel op. Vervolgens was SC Kruisland geweldig, maar toen IFC-voorzitter Cees Bijl het plan lanceerde om bij de club de nu 32-jarige Rombouts met een deel van zijn oud-ploeggenoten bijeen te brengen en een project op zaterdag aan te gaan, was de keuze snel gemaakt. Mede door zijn privéomstandigheden thuis ,,Het lijkt op het plan dat eerder door IFC in 2013 is opgepakt. Toen gingen wij met gelouterde spelers als Nico Ramos, Danny Slingerland, Perry van Eijken, Ronnie Nouwen, Danny Versluis, Stephen Emelina, Brian Leons, Lorenzo van Trijp en mijn maatje Mitchell Ott in drie seizoenen van de tweede klasse naar de hoofdklasse. Nu is het plan om op zaterdag snel hogerop te komen. Met het kampioenschap in mei is de eerste stap gezet. Wij doen het nu met spelers die een IFC-verleden hebben. Dit is een vriendengroep, die heel goed is met elkaar. De stap naar de tweede klasse gaat gezet worden, maar op termijn moet de jongere generatie het van ons gaan overnemen. Ben benieuwd hoe de club dan gaat doorselecteren, want spelers als Perry van Eijken en Danny Slingerland zijn inmiddels rond de 35 jaar. Wij brengen nu nog onze ervaring aan de jongeren over, maar eens zullen zij het helemaal zelf moeten gaan doen.”

Om te vervolgen: ,,De puzzelstukjes vallen steeds beter in elkaar. Er groeit iets moois. De bekende spelpatronen en automatismen keren terug. Wij speelden de eerste wedstrijd gelijk, maar wonnen vervolgens alles. Doel is vooral genieten, veel scoren en weinig tegengoals incasseren. Met deze groep zou ik het niveau van het IFC uit 2015 weer aan willen tikken.”

Kwaliteiten
Rombouts kent de tegenstanders niet of nauwelijks. Omdat IFC wekelijks grote uitslagen neerzet, gaan ploegen steeds meer de bus in het eigen strafschopgebied parkeren. ,,Dat zal in de tweede helft van het seizoen nog erger worden, verwacht ik, maar dat is niet erg. Met onze kwaliteiten voetballen wij daar wel doorheen. Wij hebben nog steeds de slimheid van Danny Slingerland en Perry van Eijken, op de vleugel de ongelooflijke snelheid en doelgerichtheid van Mitchell Ott, de jonge getalenteerde spelers daaromheen en het scorend vermogen van mijn persoontje.”

IFC is nooit tevreden. De ploeg zal bij een ruime voorsprong niet achterover gaan leunen. ,,Wij gaan voor zo veel mogelijk doelpunten per wedstrijd”, weet Rombouts, die na vijf gespeelde wedstrijden alweer op acht goals staat. De selectie van IFC is niet breed. Er zijn door omstandigheden wat spelers gestopt. ,,Dat is ook de reden dat de trainer er niet voor kiest om door de week tegen hoger gekwalificeerde teams te oefenen. Wij trainen liever hard om zo fit mogelijk te blijven. Iedereen krijgt in de wedstrijden toch al voldoende speeltijd omdat de groep zo klein is. Wij kunnen geen drie spelers missen, dan ontstaat er een probleem. Gelukkig sluiten er wekelijks jeugdspelers aan, die de kans krijgen zich te laten zien. Dit hoort ook bij de huidige visie van IFC.”

Topprioriteit
Eén van de doelstellingen is om meer publiek naar sportpark Schildman te lokken. ,,Dat lukt al een beetje, hoor. De tegenstanders brengen supporters mee. De IFC-elftallen die gespeeld hebben komen bij ons kijken. De derde helft is gezellig. Kortom, het gaat al steeds meer leven. Het gaat mij niet alleen om presteren maar ook om sfeer en gezelligheid en die is er op dit moment zeker bij IFC. Dat doen wij samen met onze supportersgroep en de vele vrijwilligers, die hard werken om de club overeind te houden.”

Wat de toekomst betreft houdt Yoeri Rombouts een slag om de arm. Zijn vriendin is nu ruim vier maanden zwanger. Hij praat liever in de wij-vorm en stelt dat zij beiden zwanger zijn. ,,Eind april verwachten wij een dochtertje. Dan verandert mijn privésituatie volledig en ga ik erover nadenken wat voor ons thuis de juiste keuze zal zijn. Misschien is het dan wel verstandig om dichter bij huis in Hoogvliet te gaan voetballen, bij een club waar ik een keer kan trainen en zo thuis ben.” Meeuwenplaat? ,,Wie weet. Ik ga het bij IFC hoe dan ook netjes afronden aangezien ik hier de meeste jaren van mijn voetbalcarrière heb doorgebracht en de mensen al die jaren fantastisch zijn geweest voor mij. De geboorte van mijn dochter is voor mijn vriendin en mij topprioriteit.”

Foto gemaakt door: Jeroen van der Sman

Klik op IFC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op IFC voor meer informatie over de club.

Bas Kooiman heeft zijn draai bij de ‘Vogels’ gevonden

Geboren Ambachter Bas Kooiman kwam in 2018 over van ASWH, waar hij wel met het eerste elftal meetrainde maar zijn wedstrijden bij het tweede elftal afwerkte. Dat maakte de overstap naar VVGZ gemakkelijker.

De ‘Vogels’, in dat eerste seizoen van Kooiman nog getraind door Danny Mulder, kregen er opeens een betrouwbare linkspoot bij, die zijn plekje vooral als linkervleugelverdediger heeft gevonden. Indien nodig posteert trainer Fop Gouman hem links centraal in het hart van de verdediging. Dit seizoen speelt VVGZ weer in de vooral Rotterdams getinte tweede klasse. ,,Er zijn duidelijke verschillen met vorig seizoen toen wij veelal met Zeeuwse tegenstanders te maken hadden”, stelt Kooiman. ,,Toen moesten wij vooral zelf het spel maken. Dit seizoen zijn het meer voetballende tegenstanders en dat ligt ons toch wat beter.”

De grote derby tegen de ‘Peli’s’ is voor hem een  nieuwe gewaarwording. ,,Het is voor mij de eerste keer dat ik tegen Pelikaan in de competitie speel. Helemaal nieuw dus. Het leeft enorm in Zwijndrecht.” VVGZ won, in de extra tijd, met 2-1 door een doelpunt van voormalig ASWH’er Paul Scheurwater. Kooiman speelde een opvallende en degelijke wedstrijd, hoewel bij de thuisploeg het gevaar in de eerste helft met name vanaf de zijkant kwam. ,,Een mooie ervaring met een prima afloop.’’

Spanning
Bij VVGZ heeft men nog geen doelstelling voor dit seizoen geponeerd. Na de winst op Pelikaan staat de ploeg in het linkerrijtje en dat is niet verkeerd. Kooiman: ,,De verschillen zijn uiteraard nog klein, maar wij willen natuurlijk om een promotieplaats gaan spelen. Dat zit wel in deze ploeg.” Kooiman (25) weet uiteraard dat de KNVB de druk heeft opgevoerd door een zwaar versterkte degradatie toe te passen. Drie clubs degraderen rechtstreeks en nog eens drie moeten zich via een slopende nacompetitie zien te handhaven. ,,Het zal aan het einde van het seizoen best onrustig worden. Een stuk of acht ploegen zullen in die fase in de gevarenzone zitten. Ook voor de promotieplaatsen zullen meer dan vier gegadigden zijn. Het wordt een seizoen met heel veel spanning op alle fronten. Ik proef nu al dat het een competitie is waar iedereen van elkaar kan winnen, dat maakt het bepalen van een doelstelling lastig.” Bas Kooiman wist uiteraard al dat VVGZ bekend staat als een echte familieclub vol sfeer en gezelligheid. Spelers die na de wedstrijd een enveloppe met geld verwachten zijn op De Noord niet welkom. ,,De club faciliteert ons wel goed. Alles is rond de wedstrijden perfect geregeld. Zelfs naar Pelikaan reed er voor ons een bus. In januari gaan wij meestal naar de zon voor een trainingskamp. Lekker hoor.”

Klik op VVGZ voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VVGZ voor meer informatie over de club.

FC Lisse-sluitpost Erik Cummins: projectleider tussen de palen

Erik Cummins (34) verdedigde in zijn carrière de doelen op de vier hoogste voetbalniveaus van Nederland. Hij stond talloze wedstrijden in de Eredivisie en Keuken Kampioen Divisie onder de lat en vertrok vervolgens naar de Derde Divisie. Dit seizoen leert hij samen met FC Lisse de wetten van de Jack’s League. “Hier ben ik gewoon Erik.”

Het is even lastig om met Erik Cummins in contact te komen. De doelman is druk; hij werkt vijf dagen per week van zeven tot vier uur. Daarnaast staat hij ook nog eens vier keer per week op het voetbalveld. Uiteindelijk weet de doelman een gaatje in zijn agenda te vinden als hij voor zijn werk onderweg is. “Ik ben net vertrokken vanuit Rijnsburg. Ik had een zakelijk gesprek”, vertelt hij aan de telefoon. De keeper heeft geen goede herinneringen aan het voetbalgekke dorp in de Bollenstreek. Enkele dagen eerder kreeg hij daar nog vier treffers om de oren. “Daarom rijd ik hier nu weer snel weg”, klinkt het lachend.

Cummins vertelt dat hij een projectleider bij een asbestsaneringsbedrijf is. “Ik ben een beetje de spil in het web. Zelf saneer ik niks.” Een groot verschil met zijn vorige fulltimebaan. Toen stond hij onder de lat bij profclubs. Terwijl hij zijn auto de snelweg opstuurt, vertelt Cummins over zijn carrière. De doelman groeide op in Rotterdam en hij speelde in zijn jeugd voor DCV in Krimpen aan den IJssel. Daar belandde hij op het papiertje van de scouts van Feyenoord. Op jonge leeftijd vertrok hij naar de topclub en op zijn zestiende tekende hij een driejarig profcontract. Hij speelde samen met onder meer Georginio Wijnaldum en vertrok uiteindelijk naar FC Utrecht. In de Domstad debuteerde hij in de Eredivisie. Later speelde hij voor Go Ahead Eagles en SC Cambuur.

“Terugkijkend heb ik een mooie tijd gehad. Ik had het voor geen goud willen missen. Zo debuteerde ik in Deventer op mijn verjaardag en speelde ik in Leeuwarden tegen Ajax en in de kwartfinale van de KNVB Beker tegen FC Twente.” Toch zullen de meeste voetbalfans de goalie kennen van zijn enige profdoelpunt. “Ja inderdaad, nu je het zegt. Die was ik zelf bijna vergeten.” In een duel tegen Excelsior schiet de doelman een verre uittrap richting de één-op-één staande aanvaller Alex Schalk. De spits glijdt weg, maar de bal schiet door. Collegadoelman Jordy Deckers verkijkt zich totaal op de stuiterende bal. “Nog bijna wekelijks komt er iemand op terug. Dan kennen ze mijn naam en gaan ze googelen. Het blijft iets leuks. Ik had mijn tijd in het betaald voetbal nooit willen missen. Achteraf besef je pas hoe snel het ging. Als ik met mijn vriendin op zondagavond naar Studio Voetbal kijk, is het voor haar amper te beseffen dat ik daar enkele jaren tussen stond.”

Zijn laatste jaar op het hoogste niveau was ironisch genoeg één van zijn beste. “Ik speelde alles in Leeuwarden, maar kreeg helaas geen contractverlenging.” Doelman en fans begrepen er niks van. Hij was het hele seizoen een betrouwbare kracht en behaalde met het team de play-offs waarin de ploeg na strafschoppen werd uitgeschakeld door FC Dordrecht. “Ik had het naar mijn zin, alleen wilde Cambuur doorontwikkelen. Daar doe je niks aan.” Cummins hoopte op een nieuw avontuur, maar er kwam niks dat zijn aandacht trok. Hij zat vol twijfels. Tot de keeper plots een bericht op LinkedIn kreeg. “FC Lisse. Zij zochten snel een keeper en voor mij voelde het direct goed. Het was een mooi moment om terug naar de ‘echte wereld’ te gaan.” Bij Lisse wilde hij gaan werken aan zijn maatschappelijke carrière. Hij had niet meer de illusie dat zijn carrière een enorme vlucht zou nemen. “Ik verwachtte juist eerder een gestage daling. Ik ben blij met mijn besluit. Hier wordt er niet dagenlang over je gesproken door analisten. Bij Lisse ben ik een half uur na de wedstrijd gewoon weer Erik. Ongeacht het wedstrijdverloop.” In de Tweede Divisie staat de mens centraal. Iets dat volgens de doelman bij de profs weleens vergeten wordt. “Mede daardoor was het aanbod van Lisse perfect. Ik kon zonder druk van opkomende sociale media mijn werk met hobby gaan combineren en verder aan de toekomst werken. Dat was ideaal.”

Jaren eerder was Cummins al stilletjes begonnen met zijn toekomst. Als keeper van Go Ahead Eagles volgde hij naast het voetbal een hbo-opleiding. “Ik woonde in mijn eentje in Deventer en de hele dag series kijken is ook niks. Al die jonge spelers zijn van het gamen en de hele rattaplan. Ik besloot via de VVCS een opleiding te volgen. Het vergde enige intrinsieke motivatie, maar uiteindelijk slaagde hij met een 8.5 gemiddeld. “Na mijn profcarrière ben ik gaan solliciteren. Overal nodigden bedrijven me uit en overal hoorde ik dat ze liever iemand met meer werkervaring kozen. Uiteindelijk kon ik via via als rekruteerder aan de slag bij een uitzendbureau.” Werk en school zat altijd in hem. Als talentje van Feyenoord waste hij zomers de borden in een restaurant en in diezelfde jaren haalde hij zijn havo-diploma. Hij probeerde het zelfs nog op de Hogeschool van Rotterdam. Dat plan bleek uiteindelijk iets te ambitieus toen hij naar Utrecht vertrok.

Cummins, die in de zomer graag boeken leest, kwam in zijn eerste seizoen voor FC Lisse terecht in een overgangsjaar in de Derde Divisie. De twee jaar daarna wilde de ploeg promoveren. “Beide keren gooide corona roet in het eten terwijl we goed presteerden. Driemaal was gelukkig scheepsrecht.” Dit jaar maakt de club haar rentree op het derde niveau van Nederland. “We moeten zorgen dat we erin blijven en dan zien we aan het einde wel waar we staan.” Dat is geen formaliteit. Dat weet ook de doelman die soms verbaasd is over het hoge niveau in de Tweede Divisie. “Er lopen echt goede spelers rond en de sfeer op de vaak mooie accommodaties is beter dan bij sommige KKD-clubs.” Het spektakel in de derby tegen vv Noordwijk is wat anders dan de verre uitwedstrijd die hij met Cambuur tegen Helmond Sport speelde. “Eerst rijd je een paar uur vanuit Leeuwarden en dan speel je voor drie fans en een paardenkop. Ik maakte zelfs een keer drie uitwedstrijden tegen de meest zuidelijke clubs in één week mee. Dan is dit wel beter. Als het aan mij ligt komt er nog lang geen einde aan.” (TVS)

Klik op FC Lisse voor de laatste artikelen over de club.
Klik op FC Lisse voor meer informatie over de club.

Halim Aouladsaid kan niet zonder Quintus

Iedereen bij Quintus kent Halim Aouladsaid wel en andersom kent Halim ook bijna iedereen van Quintus. Voetballen is zijn grootste passie. Jarenlang was hij te vinden op de velden van VV Naaldwijk als selectiespeler van de zondag afdeling. Op vijftienjarige leeftijd rolde Halim het trainersvak in en nu bijna 30 jaar later doet hij dat nog steeds met veel liefde. ‘’Kampioen worden is leuk, maar ik ga puur voor de gezelligheid.’’

Naaldwijker Halim Aouladsaid (44) begon met voetballen bij VV Naaldwijk op zondag. ‘’Ik zat in de selectie maar speelde mijn meeste wedstrijden in het tweede elftal. Helaas stopte in 2012 de club met voetballen op zondag. Nu fluit ik bijna elk zondag nog een wedstrijd op het Sportpark De Hoge Bomen. Kan ik ook gelijk mijn conditie op pijl houden.’’ Op vijftienjarig leeftijd rolde hij het trainersvak in bij Naaldwijk. Daar trainde hij verschillende elftallen. Daarna vroeg Schipluiden mij om hoofdtrainer te worden van de A-junioren. Na vier jaar kreeg ik de kans bij Lyra. Daar werden we ongeslagen kampioen.

Daarna keerde ik weer terug bij Naaldwijk als trainer van het tweede elftal. Toen kwam ik Marcel Zaat van Quintus tegen en vroeg mij of ik trainer wilde worden van de A-junioren. Na een goed gesprek waren we er snel uit. Halim heeft dat drie jaar gedaan, maar is daarna niet vertrokken en een echte Quintus– -man geworden. De jaren daarna heeft hij training gegeven aan verschillende leeftijdscategorieen van de F tot de B junioren en was hij vaak bereidt om ergens in te stappen waar ze hem op dat moment goed konden gebruiken. Vorige jaar was hij leider van het tweede elftal en lid van de Technische Commissie. Daarnaast fluit hij al jaren bijna wekelijks wel een wedstrijd.
Dit seizoen heeft de club weer een nieuwe uitdaging voor Halim kunnen vinden. Omdat de selectie namelijk dusdanig groot is heeft Quintus besloten om sinds jaren weer drie elftallen te vormen. Clubman Aouladsaid was nog vrij en wilde heel graag het derde elftal onder zijn hoede nemen als trainer en coach.

,,Het is voor een club als Quintus supermooi dat we een grote selectie hebben en daardoor zelf drie elftallen hebben. Het derde elftal traint net als het eerste en tweede elftal twee keer per week. Er is wekelijks goed contact tussen de trainers van het eerst en het tweede. Richard Langeveld, de trainer van het eerste elftal, bepaald welke jongens hij nodig heeft. Wat overblijft wordt verdeeld over het tweede en derde elftal. Het derde elftal is echt een superleuke groep. De jongens gaan voor elkaar door het vuur.
Het is ook een mooie mix tussen jong en oud. De JO-19 kunnen zo ervaring op doen in het derde elftal, mochten we spelers te kort komen. Wij spelen vaak tegen elftallen waar spelers in zitten die jaren in het eerste elftal hebben gespeeld en nu een beetje afbouwen. Die trainen vaak één keer per week of helemaal niet. Plezier en gezelligheid staat bij ons voorop. Gezien vaak het grote leeftijd verschil en de fitheid van ons elftal moeten we dit seizoen mee kunnen spelen voor promotie.’’

Klik op vv Quintus voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Quintus voor meer informatie over de club.

NOAD’32 JO19-1 is echt naar elkaar toegegroeid

Vandaag gaan we in gesprek met de JO19-1 selectie van NOAD’32. We spreken met Noah Timmermans, hij is achttien jaar en speelt met sommige jongens al sinds de F-jes. Vandaag vertelt Noah Timmermans meer over zijn elftal.

‘’Wij zijn NOAD’32 JO19-1. We zien onszelf als een team dat bestaat uit een vriendengroep die openstaat voor de eerste, de tweede en derde helft. Wij hebben in een ver verleden een instagram account opgericht. Hier plaatsen wij destijds cynische en sarcastische foto’s en verhalen over de gebeurtenissen van ons team. Dit proberen we ook terug te brengen in de altijd amuserende wedstrijdverslagen. In dit team hebben ook veel jongens een bijnaam.’’

Dit team is een samenstelling van twee hechte teams, de O17 en de O19. ‘’Samen zijn wij een team geworden. We hebben vanaf dit seizoen een nieuwe trainer, Jan Hendriks. Een man met een duidelijke visie, om ons klaar te stomen voor de selectie. Met gedisciplineerde trainingen zet hij ons op scherp voor de wedstrijden op zaterdag. Het mooie van dit team is dat we voor elkaar willen werken, dit was in het verleden wel eens anders. Dit seizoen is speciaal en heeft de trainer ons bij elkaar gebracht. Dit seizoen is ook speciaal door de mensen die erbij zijn gekomen. Sem de Jong uit Sprang-Capelle heeft sinds dit seizoen de overstap gemaakt van Neo’25 naar ons gezellige elftal.
Ook oude bekende Dominik Biniak is sinds dit seizoen terug en maakte in de derby tegen Wilhelmina’26 de winnende, een fantastische rentree. Ook cultheld Rodney is sinds dit seizoen na drie jaar afwezigheid van de partij. Hij heeft voor nu de voetbalschoenen aan de wilgen gehangen, maar is nu onze vaste grensrechter.’’

Omdat dit team uit twee teams bestaat moesten de mannen erg naar elkaar groeien. In beide elftallen was de band niet sterk en bestonden de teams uit losse groepjes. ‘’In dit seizoen zijn wij een hechte vriendengroep geworden die voor elkaar vechten en in de derde helft samen gezellig een pilsje drinken. Op trainingen maken wij in de eerste gebruik van een gezellig lulpraatje, maar daarna gaan we serieus trainen.  Jan en zijn manager Edwin van wijk hebben dit seizoen hulp van een flinke staf. Corné en Corné, fenomenen van dit elftal. Samen hebben ze jaren in het eerste gestaan, nu staan ze wekelijks paraat om trainingen van een topniveau te geven. Wij voelen ons dit jaar ook gezien en dat komt door de professionele houding in dit elftal en de sponsoren die wij hebben. Die hebben dit seizoen gezorgd voor nieuwe tassen, jassen, polo’s en trainingsjacks.’’

We horen al verschillende namen. Daarom wilden we weten of er nog verschillende typetjes zijn ontstaan in dit team. ‘’Ins ons team vol bijnamen bestaan alleen maar kleurrijke figuren. Er is dit seizoen één man opgestaan. Lord James, deze man is net zestien en niet de grootste, maar heeft een schot in de benen daar is heel het land van Heusden en Altena bang voor. Hij verdiende de naam omdat hij ons altijd uit de brand helpt. Het liedje ‘My little lady’ wordt nu dus uit volle borst meegezongen: ‘My little Jamie’.
Wie we ook niet kunnen vergeten is Jesse de Poep, deze jongen is sympathiek buiten het veld, maar in het veld vreet hij je op. Zo kalm dat hij is, in de wedstrijd slaat hij om als het blad van de boom. Zeurpiet van het elftal is Leo. Hij is 90% van de tijd geblesseerd, maar als hij meedoet heeft hij wel een frisse haarband in. Jappie en Tatta, het duo waar je altijd om moet lachen, het mooiste van deze twee is dat ze zichzelf helemaal lam drinken maar op zaterdag hun steentje bijdragen. Als laatste onze Diesel, hij heeft altijd even wat tijd nodig om op te warmen maar wanneer deze vent warm is, zet hij tegenstanders op stelten door het druk zetten.’’

De mannen zijn erg veel naar elkaar toegegroeid. Wij vroegen of dit kwam door hoogte- en dieptepunten die ze hebben meegemaakt en of zij daar iets meer over konden vertellen. ‘’Het absolute dieptepunt zijn de jaren dat sommigen van ons getraind hebben onder de culthelden Manus en Barry. Zij namen ons volkomen terecht niet serieus. Wij speelden destijds vijfde klasse voetbal en ook hier werden geen successen behaald. En dat is nog zacht uitgedrukt. Hier ontstond Cultheld Drico Verhoeven, die sinds dit seizoen is vertrokken naar het fantastische Zeeland. Dit was een groot verlies, want sinds dit seizoen begint wonderbaarlijk genoeg te draaien.
Ook sinds het vertrek van routinier luuk is er eindelijk wat snelheid op de linkerflank. Het hoogtepunt van onze tijd in dit team is toch ook de tijd van Manus en Barry. Hier is ook ons account ontstaan, maar als we spreken over een absoluut hoogtepunt i dat misschien dit gehele seizoen. We hebben ons ontwikkeld tot een ploeg die voor elkaar wil werken en winnen. Dit seizoen heeft er ook voor gezorgd dat wij dichter bij elkaar zijn gekomen.’’

Tot slot wilden we het nog hebben over de ambities van dit team. ‘’Wij zijn een gretige ploeg en leggen de lat voor onszelf altijd hoog. Onze ambitie is dus ook om in de voorjaarscompetitie kampioen te worden. In de huidige tweede fase hadden wij hier kansen voor maar het balletje rolde de verkeerde kant op. Wij geloven erin dat wij kans maken op het kampioenschap in de derde fase. Daar gaan wij hard voor trainen’’, sluit Noah af.

Klik op NOAD’32 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op NOAD’32 voor meer informatie over de club.

Herman Kok van VFC beleeft nieuwe avonturen met de zondag

Als de hoofdmacht van VFC thuis speelt is Herman Kok (53) altijd als eerste op de club. “Dat vind ik heerlijk. Ik open alles, zet de cornervlagen erin, laat de koffie pruttelen. Dan ben ik helemaal in mijn hum.”

Zestien jaar is hij als teammanager betrokken bij het vlaggenschip van de Kwekkers op zondag. “Het hoort gewoon bij mijn leven. Ik werk op zaterdag, de zondag is voor VFC.”

Kok is zo’n teammanager die altijd klaar staat voor de spelers en trainers in de selectie. “Ik heb me altijd ondergeschikt gemaakt. Het gaat om die jongens. Ik probeer ervoor te zorgen dat ze alleen maar aan de wedstrijden hoeven te denken en niet over andere zaken als ‘heb ik mijn broekje of shirtje’ wel bij me.”

Als een speler voor de wedstrijd de kleedkamer instapt, ligt alles al klaar. Inloopshirt, shirt met het goede rugnummer en broekje. En ook over een natje en drankje hoeven ze zich, dankzij Kok, ook geen zorgen te maken. “Voor de sokken moeten ze zelf zorgen. Als ik aan het einde van de dag wat mis, weten ze dat ze een appje van mij krijgen.”

In die zestien jaar was hij één jaar geen teammanager. Kok hierover: “De toenmalige trainer vond de begeleidingsstaf te groot. Bas de Vos, met wie ik kon lezen en schrijven, moest weg. Dat vond ik heel erg. Uit solidariteit ben ik ook gestopt. Maar ik kon het niet loslaten. Ik was als toeschouwer bij alle wedstrijden. Na een goed gesprek ben ik na een jaar weer teruggekomen.”

VFC is in West II nog één van de weinige clubs die op zondag actief is. Het zorgt ervoor dat de tweedeklasser zijn wedstrijden dit seizoen vooral in het Brabantse speelt. “Het is een nieuw avontuur. Naar Den Haag was ook niet alles. We maken wat meer kilometers, maar qua reistijd valt het ook wel weer mee. Als je ergens midden in Den Haag moest spelen, was je ook zo driekwartier onderweg. We zitten nu weer nieuwe complexen en de sfeer en ambiance bij de Brabantse clubs bevallen me wel.”

Klik op VFC Vlaardingen voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VFC Vlaardingen voor meer informatie over de club.

‘Werken bij Excelsior Maassluis een genot’

Dogan Corneille maakt begin oktober bekend dat hij na het lopende seizoen stopt als hoofdtrainer van Excelsior Maassluis. De 48-jarige oefenmeester is momenteel bezig aan zijn vijfde seizoen als eindverantwoordelijke bij de tweededivisionist.

“Ondanks dat ik het nog altijd heel erg naar mij zin heb bij Excelsior Maassluis wordt het na vijf seizoenen tijd voor een nieuw hoofdstuk in mijn trainerscarrière”, zegt Corneille op de website van de club.

Corneille, die eerder trainer was bij RVVH, Alphense Boys, de jeugd van Feyenoord, Kozakken Boys, IJsselmeervogels, Noordwijk en Willem II (assistent), volgde in de zomer van 2018 Jeroen Rijsdijk op als hoofdtrainer bij de Tricolores.

“Ik kijk erg uit naar het restant van dit seizoen waarin we tot nu toe aardig meedraaien, maar zeker nog groeiende zijn. Hierna moeten er weer nieuwe impulsen komen van een andere trainer.”

Excelsior Maassluis is een geweldige vereniging die alles in staat stelt om op topniveau te acteren. Het is een waar genot om hier werkzaam te mogen zijn, maar ik vind het zelf belangrijk om ook weer op tijd plaats te maken voor een vervanger’, aldus Corneille, die zich in Maassluis als een vis in het water voelt. “Het opleiden van talentvolle jeugdspelers spreekt mij erg aan”, zei hij vorig seizoen nog.

Vanaf de eerste dag dat hij de Lavendelstraat inliep, omarmde Corneille die visie. Hij werkt met een ervaren groep basiskrachten die Excelsior al jaren trouw is en een grote bulk aan jeugdig talent, dat aan zijn lippen hangt en zijn voetballessen gretig opslurpt. “Het is natuurlijk een heel verschil of je traint met gearriveerde spelers of met jongens die net komen kijken. Over die eerste groep hoef ik me geen zorgen te maken, want die hebben we niet. Wij denken niet na of we talenten voor de leeuwen gooien, nee we gooien ze. In acht, negen van de tien gevallen komt er uit wat er in zit. Wat wij bij Excelsior Maassluis doen komt voort uit een groot pakket samenwerking. Dat proces vindt plaats in de jeugdopleiding, de technische commissie, de scouting en bij ons in de selectie.”

Dat Corneille zijn huidige werkgever tijdig laat weten na dit seizoen toe te zijn aan een nieuw hoofdstuk in zijn trainerscarrière, geeft Excelsior Maassluis tijd en ruimte genoeg om een waardig opvolger te zoeken. Volgens technisch directeur Niels Redert zoekt de club naar een trainer ‘met het Excelsior Maassluis– DNA.’

Klik op Excelsior Maassluis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Excelsior Maassluis voor meer informatie over de club.

Jager en pitbull kleuren CION-vrouwen

De één heeft een neusje voor goals, de ander moet je zeven keer voorbij op weg naar het doel. Lilian van Leeuwen en Destiny Rivas kleuren als jager en pitbull het vrouwenteam van CION. “Het blijven hangen na afloop is vaste prik.”

‘Twee gescoord, maar wel verloren’, laat Lilian van Leeuwen na de 3-2 nederlaag van CION in de uitwedstrijd tegen MVV’27 in Maasland weten. ‘Helaas’, voegt ze eraan toe.

Van Leeuwen is buiten het veld moeder van drie kinderen, waarvan de oudste tien en de jongste drie, maar eenmaal omgekleed in het CION-tenue verandert ze in een heel ander mens. Een jager op zoek naar doelpunten. “Dat spits zijn”, zegt ze bijna verontschuldigend, “zit gewoon in me. Als ik de bal heb, wil ik maar één ding: naar dat doel toe.”

Soms heeft ze oog voor een medespeelster, vaak ook besluit ze het ‘zelf’ te doen. Een verwijtende blik van een ploeggenoot krijgt ze niet snel. “Lil is onze beste speelster”, verklaart teamgenoot Destiny Rivas, Van Leeuwens’ maatje in het team. “Ze kan zó goed voetballen. Als je heel eerlijk bent, is ze veel te goed voor dit niveau. Ze kan makkelijk twee klassen hoger mee en dan blinkt ze nog uit.”

Van Leeuwen kreeg haar voetbalopleiding bij Zwaluwen en dat ze talent had viel ook RVVH op. De Ridderkerkse club, spelend in de topklasse, destijds het hoogste niveau, wilde de thuiszorgmedewerkster maar wat graag inlijven. “Ik trainde mee in de voorbereiding op het nieuwe seizoen, maar heb uiteindelijk niet gespeeld voor RVVH. Ik raakte zwanger van mijn eerste kindje.”

Ze speelde bij Excelsior Maassluis, maar verkaste drie seizoenen geleden naar CION waar ze vooral veel gezelligheid vindt. “We zijn hier met vriendinnen onder elkaar. Voetballen vinden we belangrijk, maar de gezelligheid erna ook. We blijven altijd lang hangen om na te praten.”

Dat was voor Destiny Rivas (22) ook de hoofdreden om bij CION te gaan spelen. “Ik heb inmiddels zo’n beetje alle Vlaardingse clubs geprobeerd, maar CION is het helemaal”, zegt ze stellig. Ook zij lijkt in een ander mens te veranderen als ze het veld is opgelopen en het eerste fluitsignaal klinkt. Waar Van Leeuwen negentig minuten op zoek gaat naar goals, bijt Rivas zich volledig vast in een tegenstander. “Ze is echt een pitbull”, reageert Van Leeuwen. Rivas zelf kan om die kwalificatie van haar vriendin wel lachen. “Haha. Het klopt wel dat je mij zeven keer voorbij moet. Sterker, ik laat het gewoon niet gebeuren.”

Het liefste speelt ze op het middenveld, maar trainer Mente Bruning kan haar niet missen op de linksback. Dat heeft niet alleen te maken met haar standvastigheid als verdedigster, maar ook met haar onuitputtelijke drang om de linkerkant te bestrijken. Ze is een moderne wingbacker. “Ik heb altijd veel energie.”

Zowel Van Leeuwen als Rivas voorspellen een seizoen van vallen en opstaan voor hun team, dat grotendeels nieuw is. “We spelen ook nog eens in de vierde klasse, omdat de vijfde klasse is opgeheven”, zegt Van Leeuwen. Rivas: “De nadruk ligt op de ontwikkeling van het team dit seizoen. Samen leren spelen is belangrijker dan onze positie in de eindrangschikking”, aldus Rivas, die met een opvallend rugnummer, 22, speelt. “Dat wilde ik graag. Dat is een zogenaamd engelennummer. Met dat nummer op mijn rug voel ik me het lekkerst. Er was geen shirt met 22, dus moest het apart gedrukt worden. Erg, hé?”

Klik op CION Vlaardingen voor de laatste artikelen over de club.
Klik op CION Vlaardingen voor meer informatie over de club.

Marco Groenendijk laat zijn club Deltasport niet vallen

Marco Groenendijk (54) leeft een veelzijdig leven. Hij behoorde in de jaren negentig tot de subtop van het Nederlandse darten en is inmiddels een verwoed sportvisser in een gesponsord team. Op zaterdagmiddag hanteert hij voor Deltasport de grensrechtersvlag.

Die vlag had hij eigenlijk al diep in een kast opgeborgen, maar toen niet één, twee, drie een vervanger was gevonden vervolgde Groenendijk zijn carrière aan de zijlijn bij Deltasport. “De vrijwilligers staan niet in de rij, zeker niet om wekelijks als grensrechter actief te zijn. Het is vaak een ondankbare taak. Het alternatief is dat er een speler vlagt, maar dat vind ik armoe.”

Groenendijks zoon speelt bij Deltasport in het zesde elftal. Hij was jaren geleden ook de reden om naar het veld te togen. Eerst bij DVO’32, later bij Victoria’04. Bij beide clubs stond Groenendijk ook als trainer op het veld. Toen zoonlief verkaste naar Deltasport kreeg de roodzwarte club er een extra kracht bij op het trainingsveld. “Ik heb een jaar de jongste jeugd getraind. Op een gegeven moment was er geen jeugd meer. Ton Pattinama heeft mij gevraagd of ik niet grensrechter wilde worden van het eerste elftal. Dat heb ik vijf seizoenen gedaan. Ik ben nu min of meer interim-grensrechter. Ik ben er, maar als er viswedstrijden zijn, gaat dat voor. Richting mijn sponsor, Wout van Leeuwen hengelsport, heb ik verplichtingen. Meestal zijn de wedstrijden op zondag, maar een enkele keer gaan we ook op zaterdag op stap. Wedstrijden duren doorgaans zes uur.”

In zijn jonge jaren deed hij een andere sport met passie: darten. De in Delft opgegroeide Groenendijk deed in het Haagse mee aan een clubcompetitie en kon meer dan een aardig pijltje gooien. “Ik heb in wedstrijden en toernooien regelmatig tegen Raymond van Barneveld en Co Stompé, de toppers van toen, gestaan. Ik heb ook wel eens van ze gewonnen. Het verschil was dat zij fulltimeprof werden en ik er een reguliere baan naast had. Daardoor kon ik veel minder uur trainen. En darten is vooral veel gooien en trainen.”

Als grensrechter is hij vaak het mikpunt van kritiek bij wedstrijden. Spelers, trainers en publiek: ze weten het allemaal beter. “Van trainers kan ik dat nog wel hebben, want dat is vaak ook een spel. Maar wat toeschouwers soms uitkramen, dat is ongelofelijk. Ik vind dat ook steeds erger worden. Acceptatie is ver te zoeken.”

“Ik denk dat ik één van de eerlijkste grensrechters ben van de regio. Als het geen buitenspel is, vlag ik ook niet. De jongens zeggen dan wel eens: steek die vlag nou omhoog, maar zo ben ik niet. Ik maak deel uit van het arbitrale trio en probeer die taak zo goed en eerlijk mogelijk uit te voeren. Ik ontvang ook bij de thuiswedstrijden ook de scheidsrechter en maak een praatje. Een scheidsrechter komt ook maar alleen. Het is ook enorm lastig voor zo’n man als je met grensrechters te maken hebt die te pas en te onpas hun vlag voor buitenspel omhoog houden.”

Klik op sv Deltasport voor de laatste artikelen over de club.
Klik op sv Deltasport voor meer informatie over de club.

Ben van Mil beschrijft bij MVV’27 het heden en archiveert het verleden

Supporters die een wedstrijd van de hoofdmacht van MVV’27 hebben gemist, hoeven nooit te wanhopen. Clubverslaggever Ben van Mil zorgt altijd dat er razendsnel een verslag staat op de website. De 65-jarige Maaslander beschrijft niet alleen het heden, maar bekommert zich ook om het archief van de club.

In de bestuurskamer van MVV’27 hangt een prachtige foto. Zwartwit en duidelijk uit andere tijden. “Dat is 1969”, zegt Van Mil die net de opstelling van MVV’27 voor de wedstrijd tegen SC Monster aan het doornemen is. “Die foto is gemaakt tijdens een bekerwedstrijd tegen CSVD Delft, de voorloper van Vitesse Delft. MVV’27 won het duel met 3-2 en dat was verrassend, omdat wij toen in de vierde klasse speelden en CSVD in de tweede klasse.”

Van Mil, die inmiddels mag genieten van zijn vervroegd pensioen, heeft verstand van het heden en verleden van de Maaslandse club. Zelf kwam hij nooit tot grootste daden bij zijn club, maar had wel een basisplaats in het achtste team. “Mijn sterkste helft speelde ik in de derde helft”, grinnikt hij.

Al zo’n elf jaar is Van Mil de vaste verslaggever van het eerste elftal van MVV’27. Door wind en weer volgt hij de verrichtingen van zijn club en ook toen door corona geen publiek welkom was, hield hij de aan huis gekluisterde aanhang op de hoogte van de prestaties van de Maaslandse jongens. “Ik mis af en toe eens een wedstrijdje vanwege vakantie”, zegt hij. “Maar 90, 95 procent van de wedstrijden ben ik er bij. Oefenwedstrijden wil ik nog wel eens laten lopen, maar bij beker- en competitieduels sta ik vrijwel altijd langs de kant.” En mocht ik toch niet aanwezig kunnen zijn dan neemt onze voorzitter Pieter van Rijs deze taak over.

Van Mil bevindt zich dan altijd tussen de dug-outs van beide trainers. “Dat doe ik bewust, omdat ik dan goed de aanwijzingen en commentaren van de trainers kan volgen. Sta je aan de andere kant, dan mis je dat allemaal. Ik wil een zo goed mogelijk verslag kunnen maken van de wedstrijd.”

Direct na de wedstrijd doet hij één drankje, daarna flitst hij naar huis. Dezelfde avond nog staat het concept van het verhaal klaar. “Zondagmorgen stuur ik het vervolgens naar Gerard Jordaan die de website beheert. Hij zorgt ook voor de foto’s en voor tien uur ’s morgens staat het complete verslag op de website.”

Van Mil begon ooit in 2011 bij de uitwedstrijd tegen NSVV. “Rob Zwaard, mijn voorganger, kon niet en hij vroeg mij om hem een keer te vervangen. Blijkbaar beviel het, want al snel daarna werd mij gevraagd of het ik voortaan altijd wilde doen.”

Hij raadpleegt zijn archief om de uitslag te achterhalen. “Ah, 2-3 winst, zie ik. Ik kan me de wedstrijd verder niet goed meer herinneren.”

Waar andere clubverslaggevers hun club soms met een nogal gekleurde bril op volgen, daar valt meteen de objectiviteit van Van Mils pennenstreken op. “Natuurlijk schrijf ik het vanuit MVV’27-kant, maar ik zie wel eens verslagen bij andere clubs waarin frustraties worden afgereageerd op scheidsrechter en/of tegenstander. Dat doe ik niet. Ik probeer de wedstrijd zonder vooroordeel te kijken. Zo beoordeel ik ook het spel van MVV’27. Goed is goed, slecht is slecht. Ik zal echter nooit spelers persoonlijk afvallen. Ik schrijf wel eens dat het een slechte teamprestatie is, maar ik noem geen namen. De jongens in het veld doen ook in hun best. Ze zijn geen profs, hé.”

Andere clubs nemen soms zijn verslagen van de website over. “Dat zie ik vooral als een compliment. Ik krijg eigenlijk maar heel zelden commentaar op een stuk en meestal is dat positief. Ik vind het belangrijk dat de trainer, spelers en toeschouwers zich enigszins kunnen herkennen in het stuk.”

Elk verslag, dat ook gestuurd wordt naar Waterwegsport.nl,  is ongeveer vijf- tot zeshonderd woorden lang. “Het ligt een beetje aan wat er in de wedstrijd gebeurt. Ik kort het verslag in tot vierhonderd woorden en dat stuur naar de lokale krant, de Midden Delfland Krant/De Schakel. Stuur je de lange versie naar deze krant, dan is de kans groot dat men het niet wil afdrukken vanwege plaatsgebrek.

Alle wedstrijden waar hij verslag van doet verdwijnen meteen in het archief wat hij namens MVV’27 bijhoudt. Twintig jaar geleden kon Van Mil het niet over zijn hart verkrijgen dat er wat oude boeken in een kast in de bestuurskamer lagen te verstoffen. “Er werd helemaal niks meegedaan. Als je trots bent als club op je geschiedenis, dan moet je dat ook goed bijhouden.”

Van Mil begon aan een klus die hem tot de dag van vandaag bezighoudt. Lachend: “En ik ben nog lang niet klaar en heb natuurlijk het voordeel dat ik nu niet meer werk. Dagelijks ben ik er wel zoet mee. In de beginjaren ben ik veel geweest op de archieven van de gemeenten Schiedam, Vlaardingen en Naaldwijk om kranten in te zien. Tegenwoordig zijn veel kranten online te bekijken, maar veel van die noodzakelijke kranten zijn van de laatste pakweg veertig jaar helaas nog niet in te zien.

Regelmatig krijgt hij van oud-leden foto’s en ander materiaal. “Ik heb een tijdje geleden weer een grote hoeveelheid clubbladen gehad. Daarmee hoop ik de verzameling compleet te krijgen”.

“In de eerste jaren van onze club was er niet of nauwelijks iets vastgelegd”, vervolgt Van Mil. “Wat er toen wel was, heb ik inmiddels verzameld. Onze club speelde toen, de jaren voor de tweede wereldoorlog, in de ZAC, de zaterdagmiddagcompetitie, een wilde competitie die vanuit Vlaardingen was opgezet.” Een gat in het archief zit er over de oorlogsjaren. “Dat komt omdat er een tijdje, vanaf 1943, niet meer werd gevoetbald. Veel mannen doken onder of waren afgevoerd  voor de Arbeitseinsatz in Duitsland. In 1946 heeft de club een doorstart gemaakt. In sportief opzicht hebben we goede en minder goede jaren gekend. Bij de doorstart begon MVV’27 op het laagste niveau en groeide eind zestiger jaren gestaag door naar de derde klasse van de KNVB. Dat was in de tijd dat de eerste klasse het hoogste amateurniveau was. Tot de zomer van 2015 speelden we in de tweede klasse en inmiddels dus al weer een paar jaar derde klasse. Als dorpsclub, die niet aan betalingen doet, ben je afhankelijk van een goede lichting om hogerop te komen. Bij MVV’27 maken we ons over het algemeen drukker over bijvoorbeeld het Oktoberfest dan over de resultaten.” Het credo van MVV’27 is dat men naast het sportieve aspect ook een belangrijke rol wil spelen in het sociaal-maatschappelijk leven van veel Maaslanders.”

Klik op MVV’27 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op MVV’27 voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.