Home Blog Pagina 433

Wesley Borsboom: ‘Dat opa trots zou zijn geweest, was de mooiste reactie’

Wesley Borsboom is een echte Dubbeldammer en dat zal hij ook altijd blijven. De wijze waarop hij op 23 oktober 2022 tegen TVC Breda een strafschop benutte, zal hij zijn hele leven bij zich dragen. Vanachter zijn standbeen joeg hij de bal in de kruising en bracht zo zijn Dubbeldam naar de derde ronde van het bekertoernooi.

Het is precies twee maanden na dat moment als Borsboom het nog maar eens terughaalt. ,,Wij zaten na een 2-2 gelijkspel tegen Breda in de strafschoppenserie. Ik stond niet op het lijstje. Twee van onze jonkies misten. Bij de tegenstander mislukte een ‘panenka’. Toen ik voor de zesde strafschop mocht opdraven had ik zoiets van ’als hij een panenka doet, haal ik voor die beslissende penalty mijn truc uit de kast: de trap vanachter het standbeen, die ik zo vaak op de training doe’. Ik ben 32 jaar en het is misschien een van de laatste keren dat ik het kan doen. Trainer Ries Fok riep nog ‘je doet het niet hoor’, maar ik was er in mijn hoofd niet meer vanaf te brengen.”

De penalty van Borsboom ging snoeihard in de kruising en ging binnen een uur viraal. ,,De strafschop was gelukkig gefilmd, anders had niemand het geloofd. Nu is hij inmiddels meer dan een miljoen keer bekeken.” Zijn telefoon stond roodgloeiend. Het AD belde en toen kwam Ziggo met de vraag of hij naar Hilversum kon komen. ,,Vond ik wel leuk. Ik hoopte dat Ruud Gullit en Marco van Basten in het programma zouden zitten, maar zij moesten naar Qatar. Jammer, want ik had die twee van wereldklasse graag ontmoet. Nu ontmoette ik Arthur Numan. Van Basten heeft de beelden wel gezien, daar ben ik dan weer trots op.” De mooiste reactie kwam van zijn 85-jarige oma. ,,Zij heeft het moment ook gezien. ‘Opa zou heel trots op je zijn geweest, jongen’. Dat vond ik het mooiste van allemaal. Mijn opa is zes jaar geleden overleden.”

Trainingskamp
Wesley Borsboom wordt nu vaker met dat moment van 23 oktober geconfronteerd. ,,In december kregen wij een strafschop, maar die nam Jordy Wouters. De tegenstanders vroegen of hij hem vanachter het standbeen ging nemen. Jordy vertelde dat hij dat niet was geweest. Ik stond niet op het veld. Bovendien neem ik eigenlijk nooit penalty’s.”                                          Dubbeldam (zo) draait niet naar verwachting. Hopelijk doet het trainingskamp in januari naar Spanje de groep goed. Borsboom: ,,Ik houd van de zon. Ik haat de kou, dan gaat mijn eerder gebroken teen weer opspelen. Het voetballen probeer ik nog even vol te houden. Ik zit immers al vanaf mijn vijftiende bij het eerste elftal. Volgens mij wordt er vanaf die tijd al over een nieuw sportcomplex gesproken, maar wij zitten nog steeds hier. Ik verwacht ook niet dat in 2023 het nieuwe gebouw klaar is. Ons hoofdveld is afschuwelijk slecht. Er wordt niets meer aan gedaan. Ik ga nog wel even door, maar er komt een moment dat de jonkies mij eruit werken.”

Klik op vv Dubbeldam voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Dubbeldam voor meer informatie over de club.

Eerst drie seizoenen als hoofdtrainer hebben Bakx al veel geleerd

Hoewel zijn eerste seizoen als hoofdtrainer slechts vier competitiewedstrijden duurde, waren ze bij SC Waarde overtuigd dat ze met Jeroen Bakx de juiste man hadden binnengehaald om hun doelstellingen voor de komende jaren na te streven. Inmiddels in de oefenmeester uit Krabbendijke bezig aan zijn derde jaar als hoofdtrainer en heeft hij al veel geleerd.

‘Hoofdtrainer zijn is iets wat ik graag wilde en is best veelomvattend, ongeacht het niveau waarop je acteert. Maar ik vind het geweldig. Na drie seizoenen trainer te zijn geweest van het tweede elftal bij Krabbendijke had ik het gevoel om écht op eigen benen te willen staan. Ik heb toen gesolliciteerd bij wat clubs en daar werd ik het niet vanwege het gebrek aan ervaring. SC Waarde durfde toen aan om me wel de kans te geven en daar ben ik ze eeuwig dankbaar voor.”

De club komt al jarenlang uit in de vierde klasse van het zaterdagvoetbal, maar wil daarin met een duidelijke visie vanuit het rechterrijtje verworden tot een ploeg die steevast zichzelf in de linkerrij ziet eindigen. “Ik heb de afgelopen seizoenen een andere speelwijze en spelopvatting erin gebracht en dat gaat soms met wisselende resultaten. Toch ben ik ervan overtuigd, dat we op deze manier met de club onze doelstellingen kunnen realiseren.”

In de afgelopen drie seizoenen kreeg Bakx bij zijn club te maken met het inpassen van spelers uit verschillende culturen. “Er kwamen van buitenaf jongens bij uit onder meer België en Roemenië, waardoor we meer dan geregeld ook Engels als voertaal hadden bij besprekingen en in de coaching. Het was zeker niet altijd makkelijk, maar voetbaltaal is gelukkig wel universeel.”

Toch besloot de club dat het voor de identiteit van de club beter was om daarmee niet verder te gaan en zijn ze inmiddels weer vertrokken. Het noopte de oefenmeester om opnieuw te gaan bouwen en werken aan speelstijl en systeem. “We zijn een achttal basiskrachten verloren en moeten het nu gewoon doen met de jongens die beschikbaar zijn. Voetbaltechnisch zijn we misschien wat teruggevallen, maar de spirit en teamgeest is in mijn ogen juist toegenomen. Dat is ook heel veel waard en zie je terug op trainingen en tijdens de wedstrijden. Al moeten we qua prestaties nog wel veel constanter worden.”

Op Sportpark Keizershoofd is Bakx met zijn selectie van zo’n achttien man ‘blanco’ aan dit seizoen begonnen en spelen ze een stuk compacter en meer op de counter dan de voorgaande jaren. “We zitten nu in een andere competitie en ook dat verschil is merkbaar. Hier is de middenmoot een stuk breder dan vorige seizoenen en kan iedereen van elkaar winnen of verliezen. Heb je een goeie dag dan stijg je, heb je een off-day dan kelder je ineens een paar plekken. Ik ben er van overtuigd, dat we wekelijks het onze tegenstanders moeilijk kunnen maken en ook in het vervolg nog de nodige punten gaan pakken.”

Een plek bovenin de middenmoot, dat is toch wel waar de ambitieuze trainer zelf op hoopt, terwijl hij met een schuin oog ook kijkt naar de verrichtingen van zijn oude club en buurman Krabbendijke. “Daar heb ik jarenlang in het eerste gespeeld, ben er begonnen als trainer bij het tweede en ken er veel mensen. Logisch dat je ze blijft volgen. Het zou ooit wel mooi zijn om daar nog eens al hoofdtrainer terug te keren. Maar dat is voorlopig niet aan de orde. Ik zit hier bij Waarde uitstekend op mijn plek en krijg kansen om mezelf te ontwikkelen. Qua trainingen, het in de lead zijn als trainer én in de coaching. Dus eerst hier de doelstellingen najagen met elkaar en dan kijken we ooit wel verder.”

Klik op SC Waarde voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SC Waarde voor meer informatie over de club.

Voetjebal zorgt bij Pernis voor prettige bijvangst

VV Pernis is in de jeugdafdeling weer aan het groeien. Dat is een prettige bijvangst van onder meer het ‘Voetjebal’, dat de club sinds dit jaar aanbiedt aan kinderen van vier en vijf jaar.

“We willen ons als club nadrukkelijk manifesteren van onze maatschappelijke kant”, zegt jeugdvoorzitter Tamara Hardenpol. “We willen er zijn voor iedereen in Pernis en onze deuren openen. Dat gebeurt nu al met de hondenschool, die bij ons traint, en de twee basisscholen die van ons complex gebruik maken voor de gymlessen.”

‘Nieuw’ dit jaar is het voetjebal voor kinderen van vier en vijf jaar. “Rotterdam Sport Support heeft aan ons gevraagd of wij als club iets konden betekenen om het sportaanbod in Pernis te vergroten. Voor kinderen van de leeftijd van vier, vijf jaar was er hier nog geen aanbod.”

“Het is geen gewone voetbaltraining”, zegt Hardenpol over voetjebal. “Het is sport en spel in allerlei vormen. Een deel daarvan is voetbal, maar het is zeker geen voetbaltraining alleen. Doel is om kinderen te laten kennismaken met allerlei soorten spel en vooral laat bewegen.”

De eerste reeks van acht trainingen werd voor de zomer aangeboden. “In totaal hebben we in een seizoen drie blokken van dus acht trainingen. Dat hebben we gedaan omdat dat goed te overzien is voor ouders. De bijdrage is ook met opzet laag gehouden – voor acht trainingen betalen ouders 25 euro – om het laagdrempelig en toegankelijk voor iedereen te houden, ongeacht hoe gevuld de portemonnee is.”

Hoewel het voetjebal niet bedoeld is als kweekvijver voor het reguliere voetbal is het voor Pernis wel een bijvangst. “Van de eerste groep kinderen is ongeveer de helft doorgestroomd naar de JO7. Dat is natuurlijk hartstikke mooi, maar geen doel van ons. Je weet nooit of die kinderen zonder voetjebal ook lid waren geworden. Het voordeel van voetjebal is dat voor de kinderen en de ouders ons complex vertrouwd terrein is.”

Hardenpol werd net voor de coronaperiode jeugdvoorzitter van Pernis. Inmiddels is de club sportplus-vereniging van Rotterdam. “Daardoor is er ondersteuning op allerlei gebied, van cursussen voor een vertrouwenspersoon tot andere opleidingen. Daar maken we als vereniging graag gebruik van.”

De jeugdafdeling is de laatste jaren fors gegroeid. “Ook in coronatijd hebben we veel georganiseerd voor onze jeugd. Dat is niet onopgemerkt gebleven en zeker in een kleine gemeenschap als Pernis wordt dat doorverteld. Vooral aan de onderkant groeien we behoorlijk. Voor de tweede fase van de competitie hebben we twee nieuwe teams ingeschreven. Dat lijkt misschien niet zo veel, maar voor een kleine vereniging als Pernis met elf jeugdteams is dat wel bijna twintig procent groei.”

Pernis pakt ook de trainingen anders aan dan vroeger. “In de onderbouw rouleren we op maandag van trainers. Dat doen we met opzet omdat ieder kind dezelfde trainers krijgt. De ene trainer heeft die bepaalde kwaliteiten, de andere is daar weer goed in. In het begin moesten de spelertjes daaraan wennen, maar nu dat is gebeurt, werkt het prima”, zegt Hardenpol. “Wij vinden het belangrijk dat de kinderen goede trainingen krijgen voorgeschoteld, maar ook dat er aandacht is voor de pedagogische kant.”

Klik op vv Pernis voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Pernis voor meer informatie over de club.

Ton Habermehl is ‘het oliemannetje’ van Smitshoek

Hij is al sinds 2009 als verenigingsmanager verbonden aan Smitshoek. Ton Habermehl (62) noemt zichzelf ‘het oliemannetje’, die zich in zijn rol op de achtergrond altijd dienstbaar opstelt. “Het voelt alsof ik mijn hobby aan het uitoefenen ben.”

Hij is op deze maandag net terug met Henk Ebben van de jacht op de bal. “Die lag in de sloot”, zegt Habermehl. “We moeten zuinig zijn op ons materiaal. Een bal kost al snel vijf tientjes. Dat is zonde.”

Voor Habermehl is er geen dag bij Smitshoek hetzelfde. Toen de oud-speler van het eerste elftal – hij hield het vol tot zijn 39ste – ruim dertien jaar geleden werd aangesteld als verenigingsmanager was hij uniek in zijn soort. En nog altijd zijn er maar weinig clubs die betaalde krachten in dienst hebben om de vereniging te runnen. “In 2009 hadden we al ruim duizend leden. Onze wedstrijdsecretaris groeide het werk boven zijn hoofd. Ik zat destijds ook in het bestuur en met dat bestuur kwamen we tot de conclusie dat we het met alleen vrijwilligers niet zouden redden. Voor één iemand was het niet meer te doen, en zelfs als de taken zouden worden verdeeld, was het lastig te organiseren. Smitshoek wist toen al dat er een nieuwe golf aan leden zou komen, want de Vinexlocatie zou gebouwd worden.”

Habermehl was na zijn actieve loopbaan bij de oranjehemden altijd een betrokken en actieve vrijwilliger. Hij gaf training, deed andere hand- en spandiensten en zat naar eigen zeggen ‘een blauwe maandag’ in het bestuur.

Voordat hij verenigingsmanager werd, was Habermehl deurwaarder. “Iets heel anders”, reageert hij. “Maar mijn hart lag altijd al bij Smitshoek. Wat is er dan mooier om deze functie uit te oefenen?”

Zes dagen per week is hij op de club. Hij is wedstrijdsecretaris, maar bekommert zich om heel veel zaken. “Ik onderhoud op dagelijkse basis de contacten met de gemeente en de KNVB. Daarnaast doe ik een stukje facilitair en wat klein onderhoud. Als het eten en drinken voor de kantine wordt gebracht, neem ik dat ook in ontvangst. Als er iets door een specialist gerepareerd moet worden, sta ik ‘m bij. Ik zit bijvoorbeeld nu weer te wachten op een mannetje voor het licht op het velden, want er is storing.”

Zonder hem zou het op zaterdag een organisatorische bende worden. Hij neem de veld- en kleedkamerindeling voor zijn rekening. “Dat is best een puzzel”, weet hij. “Met soms 44 wedstrijden thuis is een strakke planning vereist. We hebben 28 kleedkamers. Die zijn continu in gebruik, maar je moet wel rekening houden met het feit dat er ook meisjesteams en G-teams zijn. Die kan je niet bij de jongens plaatsen.”

Een acht- tot vijf-mentaliteit past niet bij de functie van verenigingsmanager, stelt Habermehl. “De club bestaat voornamelijk uit vrijwilligers, dus is het logisch dat er ook in de avond veel contact is met elkaar. Als je niet flexibel ben, ben je niet geschikt voor deze functie.”

Inmiddels heeft Smitshoek meer dan achttienhonderd leden en heeft het veel weg van een bedrijf. “Er ligt druk op het complex”, weet Habermehl. Vandaar dat de club nu inzet op kunstgras op het hoofdveld. Een vorig bestuur sneuvelde op de plannen waaraan het zijn lot had verbonden. “Je hebt altijd voorstanders van kunstgras en ook mensen die zweren bij gras”, laat Habermehl zich diplomatiek uit. “Het voordeel van kunstgras is de grotere belastbaarheid.”

“Voorlopig ligt dat veld er nog niet, hoor. Eerst moet er nog de weg met de gemeente bewandeld worden.”

Klik op Smitshoek voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Smitshoek voor meer informatie over de club.

‘Echte’ Kraai Kevin Versteeg terug op het oude nest bij Rijsoord

Negen jaar geleden, op 13-jarige leeftijd, vloog Kevin Versteeg vanuit Rijsoord uit naar Sportclub Feyenoord. Dit seizoen is de lange, ranke voetballer terug op het oude nest, met een schat aan ervaring.

Echt weggeweest was Versteeg niet, zegt hij. “Als ik in de jeugd bij Feyenoord had gespeeld, kwam ik na de wedstrijd bijna altijd naar Rijsoord. Mijn vrienden speelden hier. Vaak gingen we samen kijken naar het eerste elftal.”

Op Varkenoord, onder de rook van De Kuip, doorliep hij alle selectie-elftallen van de sportclub. “Spelen in dat mooie Feyenoord-shirt, daar droom je van. Ik heb een mooie periode gehad bij de SC. De afgelopen jaren maakte ik deel uit van de A-selectie. Ik zat tussen het eerste en tweede in. Ik heb regelmatig minuten mogen maken in het eerste.”

De lokroep van zijn oude club kon hij deze zomer niet weerstaan. In Rijsoord wordt gebouwd aan een nieuw team met een grotere inbreng van eigen opgeleide spelers. Het is een koers die Versteeg aanspreekt. “De club wil af van de jaarlijkse volksverhuizingen. Maar je hebt natuurlijk niet van de ene op de andere dag een selectie met veel Rijsoord-jongens”, zegt Versteeg. “Inmiddels hebben we al een aantal jongens van Rijsoord zelf in de ploeg, zoals Danny Haasdijk, waarmee ik nog in de jeugd hebt gevoetbald, en Stefan Havelaar.”

En niet te vergeten Timo Versteeg, het 18-jarige talent dat zich in rap tempo in de basis speelde. “Hij doet het hartstikke goed”, steekt Kevin de loftrompet over zijn jongere broertje. “Door het leeftijdsverschil hebben we in de jeugd nooit met elkaar samen gespeeld. Dat dat nu kan, vind ik hartstikke leuk.”

Ze zijn allebei het product van dezelfde ouders, maar in het veld verschillen ze wel duidelijk van elkaar. “Timo is een echte verdediger, die zich helemaal kan vastbijten in een tegenstander. Hij kan ook keihard zijn als het moet. Zelf zoek ik altijd de voetballende oplossing. Of ik sta centraal op het middenveld of in het centrum van de verdediging, inderdaad naast Timo.”

Dat Rijsoord een lastige start beleeft in de eerste klasse komt niet helemaal onverwacht, zegt de student sportkunde in Den Haag. “We hebben zeventien nieuwe spelers dit seizoen. De meeste zijn onder de 23 jaar. Het heeft tijd nodig om tot ontwikkeling te komen.”

In dat proces van vallen en opstaan zit het Rijsoord ook niet mee dat trainer Marco van Rijn vanwege privé-omstandigheden is afgehaakt. Versteeg wanhoopt echter niet. “We zijn zelden echt weggespeeld dit seizoen.  De wedstrijden hebben we wel terecht verloren, maar ook in andere wedstrijden te weinig gekregen. We hadden sommige echt niet hoeven te verliezen. Terneuzense Boys, die we met 1-0 verloren, was er zo’n eentje. Onze doelstelling is handhaving dit seizoen, maar we moeten ons niet te veel laten leiden door het klassement van de dag. We moeten ervoor zorgen dat we elke training en wedstrijd beter worden. En die progressie zie ik.”

Klik op Rijsoord voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rijsoord voor meer informatie over de club.

Titel voor RCD MO20-1

Het vrouwen-en meidenvoetbal bij RCD boekte een fraai succesje. De meiden van RCD MO20-1 pakten namelijk, in de decemberkou, op uiterst overtuigende wijze de titel. Met een geweldige overwinning van 8-1 op nummer 2, Madese Boys MO20-1, claimden zij op uiterst overtuigende wijze de eerste plek en daarmee het kampioenschap in hun poule.

In de kou van vorst en neerdalende mist bikkelden de meiden van trainer John Huismans en leider Leslie Engelen zich overtuigend door hun wedstrijd heen. Dat kostte aanvankelijk nog wat extra moeite, want het duel werd uitermate sfeervol omlijst door het afsteken van fakkels. Dat zorgde voor een zodanige extra mist op het terrein, dat de wedstrijd even stilgelegd moest worden aangezien niemand – inclusief de scheidsrechter – een hand voor ogen meer kon zien en het spel niet meer te volgen was. Nadat de mist was opgetrokken, was de uitkomst snel duidelijk: met een overtuigende zegepraal legden de meiden de laatste hand aan een fraaie titel. Onder luid gejuich van de toeschouwers, die hun handen warm klapten, werden zij gefeliciteerd met bloemen en na een heerlijke koude douche volgde uiteraard een patatje en een drankje. Een mooie beloning voor het werk dat John Huismans, Leslie Engelen en de meiden in de afgelopen maanden hebben geleverd en dat een grote stimulans is voor het vervolg van het seizoen straks in de voorjaarscompetitie.

Klik op RCD voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RCD voor meer informatie over de club.

Afscheid van Michel Sterrenberg

Bij een ander artikel over SSW staat een foto van de huidige SSW-trainer Pieterman van Kooten, die zich door weer en wind over het veld begeeft. De foto is niet alleen functioneel, omdat Van Kooten opnieuw voor de groep staat bij SSW dat tegenwoordig nog louter met de hoofdmacht op zaterdag uitkomt, maar ook omdat de foto een hommage is aan de op 27 oktober 2022 overleden fotograaf Michel Sterrenberg.

Wie VoetbalJournaal Dordrecht zegt, noemt eigenlijk in één adem twee namen die jarenlang voor de invulling van deze krant zorgden: Hans Boender en Michel Sterrenberg. Samen trokken zij op: Hans maakte de verhalen, die door Michel altijd treffend geïllustreerd werden. Het tweemanschap werd ruw uit elkaar gerukt door het veel te vroege overlijden van Hans, waarna de verantwoording voor de invulling van VoetbalJournaal Dordrecht op andere schouders gingen rusten.

Michel bleef als fotograaf zijn foto’s echter leveren voor de najaar 2022 editie van het VoetbalJournaal Dordrecht. In het weekeinde pedaleerde hij op de fiets van veld naar complex om de actiemomenten van de Dordtse clubs, die hem zo na aan het hart lagen, te schieten. Je kon hem uittekenen: in het stadion van FC Dordrecht, met een hesje, steevast achter de goal van de tegenstander van de Dordtse bvo die hij al tientallen jaren volgde met de camera in de hand. En in het weekeinde langs de lijn, gezellig en sociaal. Met altijd een woord voor een collega-fotograaf of een verslaggever die even bij hem kwam aanwaaien. Maar ondertussen wel oog houdend voor de gebeurtenissen op het veld. Die actiefoto’s vonden dan weer een weg naar diverse media, waarbij ook het VoetbalJournaal een etalage was waar de foto’s van Michel te zien waren.

Daaraan is ook abrupt een einde gekomen. Op 27 oktober 2022 overleed Michel, op 62-jarige leeftijd. Een sportfotograaf die altijd tijd had voor een praatje, interesse toonde, oog voor de Dordtse sport had en nooit te beroerd was om in zijn grote archief op zoek te gaan naar die ene foto ‘die hij toch ergens moest hebben’, is niet meer. En dat is een groot gemis voor familieleden, vrienden, bekenden, collega’s, maar ook voor VoetbalJournaal Dordrecht dat zijn bijdragen enorm gaat missen.

Klik op VoetbalJournaal Dordrecht voor de laatste artikelen over de regio.

Bram Lagendijk al tientallen jaren vrijwilliger bij Krabbendijke

Vrijwilligers vinden voor je evenement, club of vereniging is vandaag steeds moeilijker en moeilijker. Bij v.v. Krabbendijke is Bram Lagendijk er eentje met een echt Krabbendijke-hart, want als vrijwilliger is hij al tientallen jaren in diverse rollen actief binnen de club. Momenteel onder meer als trainer van het damesteam, dat uitkomt in de 7×7-competitie.

“Ik ben ooit bij de F’jes begonnen, toen mijn zoon ging voetballen. Je kent wel hoe het gaat. De eerste keer ben je aanwezig als toeschouwer, de tweede keer ben je al trainer of leider en de derde keer zit je ook in het clubbestuur. Zo ging het ongeveer bij mij ook wel een beetje haha.”

Naast jeugdtrainer, was Lagendijk ook jarenlang penningmeester bij de zaterdag vierdeklasser. “Daarbij hebben mijn vrouw en ik ook samen nog twaalf jaar lang het kantinebeheer voor onze rekening genomen, dus we lopen er al heel wat jaartjes met heel erg veel plezier rond.”

Nu is hij bij Krabbendijke alweer een jaartje of zes als trainer actief binnen het meisjes- en damesvoetbal. “Ik ben betrokken geweest bij de MO19, maar daar werd de spoeling steeds dunner en nu spelen we bij de senioren in het Vrouwen 18+ competitie. Dat is een zevental en dat werkt hier prima. Het pas ook goed bij de motivatie die de dames en meiden hebben. En het is gezien de aantallen die we bij de senioren beschikbaar hebben ook de beste keuze.”

De wedstrijden worden gespeeld op een half veld, en dat vergt voor Lagendijk toch ook de nodige aanpassingen, zeker ook qua trainingsaanpak en wedstrijdbeleving. “Het is anders dan met mannen, je moet veel geduldiger zijn, maar je krijgt er wel weer veel meer waardering voor terug. Tijdens de wedstrijden die we spelen doen ook geregeld meiden uit de MO19 mee, dat is wel prettig. Dan zie je ook dat het niveau stijgt ook op een training of tijdens een wedstrijd. Met trainingen is het met een zevental wel aanpassen. Je kunt veel minder op patronen en positiespel trainen. Daarbij is voor de dames op een half veld wel erg intensief, want je moet veel meer en sneller omschakelen.”

Het team komt uit in de zesde klasse, het laagste niveau. “Dat is prima, want het gaat de dames vooral om met elkaar wekelijks een balletje te trappen. Een keer per week trainen en een wedstrijd spelen. Het gaat vooral om gezellig met elkaar op een sportieve manier bezig zijn op het eigen dorp. En dat is meer dan prima, dat proberen we met z’n allen zo goed mogelijk in te vullen.”

Klik op vv Krabbendijke voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Krabbendijke voor meer informatie over de club.

Stefano Dijkstra blij dat hij is blijven ‘plakken’ bij Bevelanders

Hij kwam vier seizoenen geleden over van VC Vlissingen op het moment, dat zijn vader Renato hoofdtrainer was bij v.v. Bevelanders. Zijn vader vertrok, maar Stefano Dijkstra is in Kamperland blijven ‘plakken’ en is daar enorm blij mee. ‘Het gevoel is hier zo anders dan bij de vorige clubs waar ik heb gespeeld. Niet alleen op, maar zeker ook buiten het veld.’

Voordat Dijkstra bij de derdeklasser terecht kwam, speelde hij onder meer bij Zeeland Sport, Jong Ambon en VC Vlissingen. “Bij Vlissingen heb ik in het eerste ook nog onder mijn vader getraind, voordat hij ook bij Bevelanders mijn trainer werd. Toen hij vertrok had ik het hier dusdanig goed naar mijn zin, dat ik hier ben gebleven. Het is een club die prima bij me past en waar ik me op mijn gemak voel. Niet dat ik dat bij de vorige clubs niet had, maar hier is het gevoel gewoon anders. We zitten in een klein dorp en je merkt dat de club hier enorm leeft. Het is ook altijd druk, langs de lijn en ook na wedstrijden in de kantine. Ongeacht of we gewonnen of verloren hebben. Al is het bij winst natuurlijk altijd gezelliger binnenstappen haha.”

En dat winnen, dat heeft de middenvelder met zijn ploeg nog weinig gedaan. “Veel te weinig naar mijn gevoel. Maar het loopt nog niet zoals we zouden willen. Wat daarvan de reden is, daar zoeken we met z’n allen ook naar. De selectie is nagenoeg hetzelfde gebleven, alleen staat er nu een nieuwe trainer voor de groep. Maar diens visie is prima en de trainingen ook. Dus dat is het probleem zeer zeker niet. Waar het balletje vorig jaar na de winter vaak in ons voordeel viel, daar is dat nu totaal niet zo. We hebben ook een paar bepalende spelers die met zware blessures kampen. Het mag geen excuus zijn voor sommige resultaten, maar je merkt dat bij een relatief kleine vereniging zoals die van ons zeker wel.”

Vrijwel iedereen die er speelt komt uit Kamperland, behalve dan de 25-jarige Vlissinger Dijkstra. “Maar het past gewoon goed. Ik voel me vanaf het eerste moment gewaardeerd en denk ook wel dat ik met mijn inzet, mijn manier van spelen wat kan toevoegen aan het elftal. Ik speel nu als controleur op het middenveld en denk ook wel dat ik hier het beste tot mijn recht kom. Ik heb ook centraal achterin gespeeld, als links- en rechtshalf en rechtsback, maar daar voelde het toch minder dan nu in de as. Als centrale verdediger gaat het qua positie ook goed, maar ik kan me nu meer in het veldspel betrekken en dat ligt me gewoon beter.”

Hoewel de resultaten tegenvallen, heeft Dijkstra het enorm goed naar zijn zin. “Zonder meer! Het is een club die hier enorm leeft binnen de gemeenschap. Bij Vlissingen ging iedereen na een training of wedstrijd vaak direct naar huis, hier is dat anders. Bovendien wordt er ook buitenom het voetballen altijd heel veel georganiseerd en is het één en al gezelligheid. Voor en na wedstrijden is het hier qua gevoel veel hechter allemaal. Dat geef ik niet zo snel op voor een uitdaging ergens anders. Na trainingen en wedstrijden is het vaak tot laat heel erg gezellig. Dan rijd ik natuurlijk niet meer terug naar huis, maar dan blijf ik hier gewoon op Kamperland bij iemand slapen. Ik heb hier de afgelopen seizoenen voldoende vriendschappen opgebouwd, dat er altijd wel ergens een bed of bank beschikbaar is haha.”

Klik op vv Bevelanders voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Bevelanders voor meer informatie over de club.

‘Hier voetballen met vrienden is meer waard dan op hoger niveau’

Voetballen met vrienden bij zijn club Apollo’69 is voor Justin Schaalje (26) veel meer waard dan actief te zijn bij een club op een hoger niveau. Kansen om elders te gaan spelen heeft de centrale verdediger gehad, maar toch besloot hij altijd zijn club trouw te blijven. ‘En dat zal ook zo blijven, want hier weet ik wat ik heb en dat is me dus veel waard.’

Schaalje loopt al twee decennia rond op het sportpark in zijn woonplaats, waar hij al vanaf 2014 onderdeel uitmaakt van de hoofdselectie van Apollo’69. “Ik ben in 2014 gedebuteerd toen ik nog in de jeugd speelde. Vanaf 2016 zit ik er vast bij en heb ik vrijwel wekelijks in de basis gestaan. Ik heb daardoor al heel wat spelers zien komen en gaan en ook allerlei verschillende trainers, spelopvattingen en seizoenen meegemaakt.”

Dit seizoen staat er in de persoon van Joffrey Geldof een nieuwe trainer voor de groep. En een nieuwe trainer zorgt vaak ook voor nieuw elan en nieuwe spelinzichten. Dat is bij de vierdeklasser niet anders. “We hebben de selectie ook flink verjongd door vanuit de jeugd tal van jongens door te schuiven en in te passen. Bovendien spelen we nu, afhankelijk van de tegenstander, met twee of meestal drie spitsen. Dat blijkt prima bij deze groep te passen en bevalt mij als centrale verdediger in een viermans achterhoede prima. “

Waar hij in de jeugd vaak als spits en centrale middenvelder werd gebruikt, daar werd hij in de JO19 als centrale verdediger geposteerd. Op die positie of soms als vleugelverdediger is Schaalje nu al jarenlang basiskracht bij de zaterdag vierdeklasser. “Door de jaren heen heb ik de nodige ervaring opgedaan en probeer die nu te gebruiken om de jonge spelers te sturen. We trainen nu ook samen met het tweede elftal en daardoor zie je dat de spelers qua niveau steeds dichter bij elkaar komen. Voor de trainer is het ideaal omdat hij nu een bredere groep tot zijn beschikking heeft.”

Het zorgt ervoor, dat een tegenslag als het gaat om blessures of schorsingen makkelijker dan voorheen is op te vangen. Wellicht dat mede ook daardoor de ploeg meedoet in de top van de 4e Klasse A. “Als iedereen fit is, dan denk ik echt dat we ver kunnen komen, al moet dan wel écht alles meezitten een heel seizoen. We willen in de top-vijf eindigen, dat moet er in mijn ogen zeker inzitten. En wie weet wat er dan allemaal kan gebeuren. Ik speel hier met vrienden op een leuk niveau en het zo helemaal top zijn mochten we met elkaar nog stappen omhoog kunnen zetten.”

Klik op sv Apollo’69 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op sv Apollo’69 voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.