Home Blog Pagina 1438

Voetbalclub als tweede thuis, ploeggenoten als familie

Poger Mukoko speelde aan het begin van dit seizoen alweer zijn driehonderdste wedstrijd in het eerste team van voetbalvereniging Klundert. De 31-jarige flankspeler voelt zich helemaal thuis bij de dorpsclub, die hem als jong mannetje hielp bij de inburgering.

Mukoko is geboren in Congo, hij groeide op in Kinshasa, maar verhuisde op zijn achtste met zijn familie naar Nederland. Ze kregen een huis in Klundert, waar Mukoko lid werd van de plaatselijke vv. “Ik heb het hier altijd naar mijn zin gehad. Een voetbalvereniging is een plek waar je een taal en cultuur leert kennen, je maakt er vrienden. Het is de beste manier om sociaal in te burgeren, zo was dat ook voor mij.”

Hij speelde tot de B-jeugd in Klundert, maar verhuisde toen naar Dordrecht. Enkele jaren later keerde hij als volwassen man echter weer terug naar het Brabantse dorp, met zijn vriendin en kind. “We zochten een plek waar onze kinderen goed op konden groeien en ik ben hier zelf ook groot geworden.” Inmiddels heeft Mukoko ook een tweede telg.

De terugkeer gaf hem de kans zijn rentree te maken op het voetbalveld. “Klundert is mijn club, ik heb hier altijd met plezier gevoetbald en dat doe ik nog steeds. Ik heb hier vrienden gemaakt die ik als familie beschouw, de voetbalclub is een plek waar we samenkomen.”

Mukoko was altijd een snelle en explosieve linksbuiten, maar naarmate hij ouder werd, ging hij een linie naar achteren. “Als je ouder wordt, verlies je die explosiviteit. Je wilt nog even explosief zijn, maar dat zorgt alleen maar voor blessures. Dan is mijn huidige positie, rechts op het middenveld, een betere plek.” Mukoko zegt dat hij vroeger geen makkelijke speler was voor zijn ploeggenoten. “Ik liep altijd te zeuren, het lag nooit aan mij. Maar ik heb wel het idee dat ik minder mondig was dan de jeugd van nu.” Hij probeert het goede voorbeeld te geven. “Ik wil die jonge jongens helpen, het mag geen belemmering voor ons als team vormen dat er spelers tussen lopen die een te grote mond hebben. Ik leer ze dat een weerwoord hebben niet altijd goed is, probeer ze het voorbeeld te geven.”

Klundert presteert dit seizoen ondermaats, maar Mukoko heeft alle vertrouwen in een goede afloop. “De eerste seizoenshelft was dramatisch. Het klinkt misschien ongeloofwaardig, maar in negen van de tien wedstrijden die we verloren, hadden we echt heel veel pech. Een bal die op de paal gaat, een doelpunt dat onterecht wordt afgekeurd of een wereldgoal van de tegenstander: dat soort dingen. “Vrezen voor de toekomst van de zaterdag tweedeklasser doet hij niet. “Ons team zit vol kwaliteit.”

De Ram doet alles om te slagen bij TSC

Berry de Ram (23) is het type speler waar elke trainer dol op is. Hij werkt hard, doet er alles voor om het maximale uit zichzelf te halen en moppert nooit. Dit seizoen knokte hij zich in de basis bij TSC.

Vier keer per week staat de vleugelaanvaller op het voetbalveld en daarnaast is hij nog twee à drie keer te vinden in de sportschool. “Op bepaalde punten kan ik nog progressie boeken, ik kan er meer uit halen als mijn fysieke kracht toeneemt”, zegt De Ram. “Ik wil geen snelheid verliezen, maar je moet vooral weten waar je mee bezig bent in de sportschool. Veel herhalingen en focussen op explosiviteit, dat is belangrijk voor een buitenspeler.”

Hij kijkt graag naar Memphis Depay. “Dat soort types waardeer ik wel om hun werklust. Je hoort iedereen van alles zeggen over hem, maar hij heeft de laatste tijd een rendement waar je bang van wordt. Hij is een werkpaard binnen het veld. En hij weet echt wel waar hij in de sportschool mee bezig is hoor.” Hij is zelf ook zo’n type dat er alles uit wil halen. “Ik zie zo veel jongens die er echt meer uit kunnen halen als ze er net wat meer voor leven. Op zaterdagavond ga ik bijvoorbeeld nooit tot in de late uurtjes op stap, dat is ondenkbaar voor mij. Wie prestatievoetbal speelt, moet daar ook iets voor laten.”

De Ram voetbalt van jongs af aan al bij TSC, maar maakte in het seizoen 2015-2016 plotseling een opvallende uitstap. “Ik begon in 2013 bij de senioren van TSC, maar had het idee dat we in een negatieve spiraal terechtkwamen na twee degradaties op rij. Ik had echt behoefte aan een nieuwe omgeving, het plezier in het voetbal moest terugkomen. Ik ben één jaar gaan spelen bij het zaterdagteam van DIA, dat bestond uit veel jongens die bij TSC hadden gespeeld. Ik kreeg al snel heimwee naar de club waar ik uiteindelijk het liefst voor speel, dat is namelijk TSC. Dat wil overigens niet zeggen dat ik het seizoen bij DIA als een verloren jaargang beschouw, in tegendeel. Maar het jaar daarop ben ik weer teruggekeerd bij TSC. De organisatie stond veel beter, er was een nieuwe staf en die had een visie waar ik me goed bij voelde.”

Ad van Seeters en diens assistenten gingen drie keer per week trainen, wat De Ram sowieso al kon waarderen. “Daarnaast sloten de ideeën van de nieuwe trainers over het voetbal heel erg bij mij aan. Het voelde ook direct als een warm bad, terug bij TSC. Ik was weer thuis.”

En toch stond De Ram tot de afgelopen winterstop in het tweede. “Ik heb altijd tussen het eerste en tweede gehangen. Nu kreeg ik de aanvoerdersband in het tweede elftal. Wij stonden met dat team in de winterstop op de tweede plek, het ging goed. Na een evaluatie is besloten mij naar het eerste te halen voor de tweede seizoenshelft. Ik begon met wat invalbeurten, dat ging zo goed dat ik een basisplaats kreeg.” Hij merkt dat zijn positieve instelling zich nu uitbetaalt. “Ik geef niet snel op. Als ik denk iets te kunnen bereiken, doe ik daar alles voor.”

Hij vindt dat TSC dit seizoen moet promoveren, want de derde klasse is niets voor de ploeg uit Oosterhout. “Niet alleen qua spel, maar ook als je kijkt naar de ambitie die de hele club uitstraalt, horen wij eigenlijk in de eerste klasse thuis. De afgelopen twee seizoenen is het steeds net niet gelukt om te promoveren, waar dat aan ligt vind ik lastig te zeggen. We zijn er twee jaar zo dichtbij geweest, nu is het tijd om daadwerkelijk te gaan promoveren.”

Nieuwbouwplan voorlopig in de ijskast

Voetbalvereniging Dubbeldam, tafeltennisvereniging TTVD en korfbalvereniging Movado moeten vooralsnog wachten op de realisatie van hun nieuwbouwplannen op sportpark Schenkeldijk. De drie verenigingen, die samen het plan De Paraplu hebben ontwikkeld, hebben van de gemeente Dordrecht te horen gekregen dat bespreking en besluitvorming over de nieuwbouwplannen door het nieuwe college van burgemeester en wethouders zal worden gedaan.

De drie verenigingen willen gezamenlijk een multifunctioneel sportgebouw op sportpark Schenkeldijk realiseren en zijn daarover al geruime tijd met de gemeente in gesprek. Het college van burgemeester en wethouders ziet op dit moment echter geen financiële ruimte voor de inwilliging van het verzoek van de clubs. In de uitvoering van de toekomstvisie sportparken werken de drie verenigingen (Dubbeldam, tafeltennisvereniging Dordrecht en korfbalvereniging Movado) samen onder de naam ‘De Paraplu’. In november 2017 is er een principe-akkoord bereikt tussen de gemeente en De Paraplu over de hoogte van de gemeentelijke bijdrage, het ontwerp van het gebouw, de bijbehorende voorwaarden en het proces. De door de gemeente in het principe akkoord-aangekondigde (verhoogde) bijdrage aan De Paraplu bedraagt € 2,45 miljoen en een maximale garantstelling van € 1,0 miljoen. De Paraplu vraagt de gemeente nu  de bijdrage te verhogen tot € 3,45 miljoen en een garantstelling van € 600.000. ,,In de tussentijd zijn de prijzen in de bouw omhoog geschoten’’, liet voorzitter Arie in ’t Veld van Dubbeldam in een reactie weten.

Het verzoek om extra geld wordt dus geparkeerd tot na de gemeenteraadsverkiezingen op woensdag 21 maart en de aansluitende collegeonderhandelingen die dan zullen volgen. Voor de drie verenigingen zal het dus voorlopig geduld betrachten worden. En die tijd is duur voor Dubbeldam en de twee collega-clubs. Al zes jaar wordt er gepraat over een verandering van het complex van Dubbeldam. Eind 2014 leidde het zelfs tot een protestmars richting het stadskantoor. Arie in ’t Veld is ‘not amused’ over de gang van zaken: ,,De situatie is nijpend. Ik kan het mijn leden niet uitleggen dat de gemeente wel drie miljoen euro voor de aanleg van een burg wil uittrekken maar ons al jaren laat wachten.’’

Nieuwbouwplan voorlopig in de ijskast

0

Voetbalvereniging Dubbeldam, tafeltennisvereniging TTVD en korfbalvereniging Movado moeten vooralsnog wachten op de realisatie van hun nieuwbouwplannen op sportpark Schenkeldijk. De drie verenigingen, die samen het plan De Paraplu hebben ontwikkeld, hebben van de gemeente Dordrecht te horen gekregen dat bespreking en besluitvorming over de nieuwbouwplannen door het nieuwe college van burgemeester en wethouders zal worden gedaan.

De drie verenigingen willen gezamenlijk een multifunctioneel sportgebouw op sportpark Schenkeldijk realiseren en zijn daarover al geruime tijd met de gemeente in gesprek. Het college van burgemeester en wethouders ziet op dit moment echter geen financiële ruimte voor de inwilliging van het verzoek van de clubs. In de uitvoering van de toekomstvisie sportparken werken de drie verenigingen (Dubbeldam, tafeltennisvereniging Dordrecht en korfbalvereniging Movado) samen onder de naam ‘De Paraplu’. In november 2017 is er een principe-akkoord bereikt tussen de gemeente en De Paraplu over de hoogte van de gemeentelijke bijdrage, het ontwerp van het gebouw, de bijbehorende voorwaarden en het proces. De door de gemeente in het principe akkoord-aangekondigde (verhoogde) bijdrage aan De Paraplu bedraagt € 2,45 miljoen en een maximale garantstelling van € 1,0 miljoen. De Paraplu vraagt de gemeente nu  de bijdrage te verhogen tot € 3,45 miljoen en een garantstelling van € 600.000. ,,In de tussentijd zijn de prijzen in de bouw omhoog geschoten’’, liet voorzitter Arie in ’t Veld van Dubbeldam in een reactie weten.

Het verzoek om extra geld wordt dus geparkeerd tot na de gemeenteraadsverkiezingen op woensdag 21 maart en de aansluitende collegeonderhandelingen die dan zullen volgen. Voor de drie verenigingen zal het dus voorlopig geduld betrachten worden. En die tijd is duur voor Dubbeldam en de twee collega-clubs. Al zes jaar wordt er gepraat over een verandering van het complex van Dubbeldam. Eind 2014 leidde het zelfs tot een protestmars richting het stadskantoor. Arie in ’t Veld is ‘not amused’ over de gang van zaken: ,,De situatie is nijpend. Ik kan het mijn leden niet uitleggen dat de gemeente wel drie miljoen euro voor de aanleg van een burg wil uittrekken maar ons al jaren laat wachten.’’

Stabiele kracht in de defensie

Tim Frank (27) is al jaren een vaste waarde in de verdediging van RCD. Frank speelde jarenlang in de jeugd van Oranje Wit, maar besloot in de B1 te stoppen. ,,Ik was het plezier in het spelletje kwijt en heb daarna zo’n vijf jaar niet gevoetbald, maar ik ging het uiteindelijk toch missen.’’

DORDRECHT – En daarmee werd de overgang naar een andere club geboren. Frank: ,,Toen ben ik samen met Sven van der Geer en Lars Willems bij RCD terecht gekomen. Daar heb ik het nu in mijn achtste seizoen nog altijd uitstekend naar mijn zin. In de eerste jaren bij RCD hoorde ik nog bij de jongere gasten en hadden we een leuke groep met veel routiniers die de kar trokken, zowel op het veld als in het sfeer maken buiten het veld. Daar heb ik erg van genoten. De laatste jaren zijn al die routiniers allemaal gestopt of in lagere teams gaan voetballen bij RCD, waardoor ik nu de speler ben die al het langste vast bij het eerste zit. Dat is wel even vreemd. Ook Randy van Gulik, die een jaar na mij kwam, loopt al lang mee in de selectie. De dynamiek en de hiërarchie in de spelersgroep zijn dus flink veranderd, maar ik geniet nog steeds van het spelletje.”

Frank maakte zijn debuut voor RCD in 2010 zijn debuut onder trainer Frans Struis. Later was Frank als rechtsback, centrumverdediger, linksback of controlerende middenvelder ook een vaste kracht onder trainers Ron van Kooten en Frank Zwakhals. Sinds afgelopen zomer is Pippy Pruymboom de hoofdtrainer bij de Dordtse zondagderdeklasser. ,,Tim is een uitstekende voetballer en een jongen waar je altijd op kunt rekenen. Hij mag zich nog wel iets meer ontpoppen tot een van de leiders van het team, maar dat moet natuurlijk ook in je karakter zitten,” zegt Pruymboom. Frank: ,,Daar heeft hij wel een punt, maar ik ben geen speler die met holle kreten over het veld te horen is. Met termen als ‘tandje erbij’ of ‘schepje erbovenop’ heb ik helemaal niks, ik probeer gewoon de spelers om me heen goed positioneel te coachen en het voorbeeld te geven door hard m’n best te doen tijdens trainingen en wedstrijden. Daar voel ik me het prettigste bij.”

Broers Laros in nieuw bestuur

RCD heeft sinds december een nieuw achtkoppig bestuur. De nieuwe voorzitter Michaël Laros (51) en zijn broer Louis Laros (44) waren hiervan de kartrekkers.

DORDRECHT – RCD had voor het aantreden van het nieuwe bestuur een bewogen jaar achter de rug. In december 2016 stapte Sander van der Zee al na een jaar op als voorzitter en begin januari 2017 overleed erelid Walter Fortuin plotseling op 59-jarige leeftijd. Het eerste elftal liep via de nacompetitie een tweede promotie op rij mis, waarna hoofdtrainer Frank Zwakhals plaatsmaakte voor Pippy Pruymboom. Zijn team begon goed aan dit seizoen, maar zakte de laatste maanden terug naar de middenmoot.

,,Het liefst spelen we met zoveel mogelijk eigen jeugd, maar op dat vlak is RCD een flinke inhaalslag aan het maken. De laatste jaren gaat de jeugd enorm vooruit, zowel in kwaliteit als kwantiteit. De stap naar de selectie blijft echter groot, dat zie je overal. Daar ligt een mooie uitdaging voor de komende jaren. Dat proces proberen we zo goed mogelijk aan te sturen”, zegt Louis Laros, die zich bezighoudt met het technische beleid bij de club. ,,We komen uit een echte RCD-familie, waar er veel van zijn. RCD is een hechte club, maar mensen van buitenaf zijn altijd welkom. Je kunt ook RCD’er wórden,” zegt voorzitter Michaël Laros. ,,Onze vader heeft hier vroeger ook gevoetbald in lagere teams. Hij had meer talent als amateurbokser. Toen hij vijf jaar geleden overleed kwam onze moeder Ank nog vaker bij RCD. We doen dit ook voor haar. Ank en onze zus Monique hebben hier nog in het eerste vrouwenelftal van de club gespeeld.” De broers Laros speelden al jaren met de gedachten om toe te treden tot het bestuur. ,,Het was een kwestie van ‘nu of nooit’ om in te stappen. We hebben er vertrouwen in dat we met dit bestuur echt naar de toekomst van de club kunnen kijken.”

In het nieuwe bestuur zitten verder Jeroen Visser (vice-voorzitter), Merlin Rijlaarsdam (secretaris), Jacquot Odijk (penningmeester), Herman Odijk, Arnoud Haagsma en Theo de Grauw.

Emma wil groeien en heeft kunstgraswens

DORDRECHT – Continuïteit op technisch gebied, maar ook de wens om door te groeien en om een kunstgrasveld te kunnen bespelen. Voetbalvereniging SC Emma en voorzitter Leo Teunissen willen beleidsmatig stappen maken. Teunissen: ,,Ik  hoop de magische grens van 500 leden te slechten binnen twee jaar. Na de leegloop die vorig jaar heeft plaatsgevonden, met ongeveer 90 leden die de club hebben verlaten waarvan het grootste gedeelte junioren en pupillen waren, willen wij als hoofdbestuur met de jeugdcommissie de ontwikkeling van de junioren- en pupillenafdeling weer oppakken. ’Wij wisten dat we de eerste twee jaar, na de leegloop, voornamelijk achter de feiten aan zouden moeten lopen. Wij hopen dat wij het volgend jaar allemaal weer een beetje op de rit kunnen krijgen. Daarnaast proberen wij ook weer een voltallige jeugdcommissie op de been te krijgen, momenteel bestaat de jeugdcommissie namelijk uit te weinig mensen.’’                                                             Op voetbaltechnisch gebied is er sprake van een voortzetting van het beleid. Teunissen: ,,Wij hebben samen met Roy de Bruin, de trainer van het eerste team, gesproken en hij heeft aangegeven dat hij zich komend seizoen naast het eerste meer gaat bemoeien met de jeugdafdeling. Hij wil namelijk het basisniveau van de spelers omhoog brengen, zodat zij makkelijker kunnen aansluiten bij de selectie. De afgelopen jaren bestaat de selectie al grotendeels uit jongens die uit de eigen jeugd komen.’’ Daarnaast heeft Leo Teunissen ook een ander aspect aangegeven, wat volgens hem van groot belang is voor het aanvullen van de jeugdelftallen. ,,Als je kijkt naar Oranje Wit, barst die club uit zijn voegen. Ons probleem is dat wij, als club, vanuit Stadspolders en Oudelandsehoek moeilijker te bereiken zijn dan GSC/ODS en Oranje Wit. Bovendien moeten wij vanwege de slechte gesteldheid van ons veld soms uitwijken naar collega-clubs.’’ Emma is dan ook sinds kort een campagne voor een kunstgrasveld gestart.

Stabiele kracht in de defensie

0

Tim Frank (27) is al jaren een vaste waarde in de verdediging van RCD. Frank speelde jarenlang in de jeugd van Oranje Wit, maar besloot in de B1 te stoppen. ,,Ik was het plezier in het spelletje kwijt en heb daarna zo’n vijf jaar niet gevoetbald, maar ik ging het uiteindelijk toch missen.’’

DORDRECHT – En daarmee werd de overgang naar een andere club geboren. Frank: ,,Toen ben ik samen met Sven van der Geer en Lars Willems bij RCD terecht gekomen. Daar heb ik het nu in mijn achtste seizoen nog altijd uitstekend naar mijn zin. In de eerste jaren bij RCD hoorde ik nog bij de jongere gasten en hadden we een leuke groep met veel routiniers die de kar trokken, zowel op het veld als in het sfeer maken buiten het veld. Daar heb ik erg van genoten. De laatste jaren zijn al die routiniers allemaal gestopt of in lagere teams gaan voetballen bij RCD, waardoor ik nu de speler ben die al het langste vast bij het eerste zit. Dat is wel even vreemd. Ook Randy van Gulik, die een jaar na mij kwam, loopt al lang mee in de selectie. De dynamiek en de hiërarchie in de spelersgroep zijn dus flink veranderd, maar ik geniet nog steeds van het spelletje.”

Frank maakte zijn debuut voor RCD in 2010 zijn debuut onder trainer Frans Struis. Later was Frank als rechtsback, centrumverdediger, linksback of controlerende middenvelder ook een vaste kracht onder trainers Ron van Kooten en Frank Zwakhals. Sinds afgelopen zomer is Pippy Pruymboom de hoofdtrainer bij de Dordtse zondagderdeklasser. ,,Tim is een uitstekende voetballer en een jongen waar je altijd op kunt rekenen. Hij mag zich nog wel iets meer ontpoppen tot een van de leiders van het team, maar dat moet natuurlijk ook in je karakter zitten,” zegt Pruymboom. Frank: ,,Daar heeft hij wel een punt, maar ik ben geen speler die met holle kreten over het veld te horen is. Met termen als ‘tandje erbij’ of ‘schepje erbovenop’ heb ik helemaal niks, ik probeer gewoon de spelers om me heen goed positioneel te coachen en het voorbeeld te geven door hard m’n best te doen tijdens trainingen en wedstrijden. Daar voel ik me het prettigste bij.”

Broers Laros in nieuw bestuur

RCD heeft sinds december een nieuw achtkoppig bestuur. De nieuwe voorzitter Michaël Laros (51) en zijn broer Louis Laros (44) waren hiervan de kartrekkers.

DORDRECHT – RCD had voor het aantreden van het nieuwe bestuur een bewogen jaar achter de rug. In december 2016 stapte Sander van der Zee al na een jaar op als voorzitter en begin januari 2017 overleed erelid Walter Fortuin plotseling op 59-jarige leeftijd. Het eerste elftal liep via de nacompetitie een tweede promotie op rij mis, waarna hoofdtrainer Frank Zwakhals plaatsmaakte voor Pippy Pruymboom. Zijn team begon goed aan dit seizoen, maar zakte de laatste maanden terug naar de middenmoot.

,,Het liefst spelen we met zoveel mogelijk eigen jeugd, maar op dat vlak is RCD een flinke inhaalslag aan het maken. De laatste jaren gaat de jeugd enorm vooruit, zowel in kwaliteit als kwantiteit. De stap naar de selectie blijft echter groot, dat zie je overal. Daar ligt een mooie uitdaging voor de komende jaren. Dat proces proberen we zo goed mogelijk aan te sturen”, zegt Louis Laros, die zich bezighoudt met het technische beleid bij de club. ,,We komen uit een echte RCD-familie, waar er veel van zijn. RCD is een hechte club, maar mensen van buitenaf zijn altijd welkom. Je kunt ook RCD’er wórden,” zegt voorzitter Michaël Laros. ,,Onze vader heeft hier vroeger ook gevoetbald in lagere teams. Hij had meer talent als amateurbokser. Toen hij vijf jaar geleden overleed kwam onze moeder Ank nog vaker bij RCD. We doen dit ook voor haar. Ank en onze zus Monique hebben hier nog in het eerste vrouwenelftal van de club gespeeld.” De broers Laros speelden al jaren met de gedachten om toe te treden tot het bestuur. ,,Het was een kwestie van ‘nu of nooit’ om in te stappen. We hebben er vertrouwen in dat we met dit bestuur echt naar de toekomst van de club kunnen kijken.”

In het nieuwe bestuur zitten verder Jeroen Visser (vice-voorzitter), Merlin Rijlaarsdam (secretaris), Jacquot Odijk (penningmeester), Herman Odijk, Arnoud Haagsma en Theo de Grauw.

Emma wil groeien en heeft kunstgraswens

DORDRECHT – Continuïteit op technisch gebied, maar ook de wens om door te groeien en om een kunstgrasveld te kunnen bespelen. Voetbalvereniging SC Emma en voorzitter Leo Teunissen willen beleidsmatig stappen maken. Teunissen: ,,Ik  hoop de magische grens van 500 leden te slechten binnen twee jaar. Na de leegloop die vorig jaar heeft plaatsgevonden, met ongeveer 90 leden die de club hebben verlaten waarvan het grootste gedeelte junioren en pupillen waren, willen wij als hoofdbestuur met de jeugdcommissie de ontwikkeling van de junioren- en pupillenafdeling weer oppakken. ’Wij wisten dat we de eerste twee jaar, na de leegloop, voornamelijk achter de feiten aan zouden moeten lopen. Wij hopen dat wij het volgend jaar allemaal weer een beetje op de rit kunnen krijgen. Daarnaast proberen wij ook weer een voltallige jeugdcommissie op de been te krijgen, momenteel bestaat de jeugdcommissie namelijk uit te weinig mensen.’’                                                             Op voetbaltechnisch gebied is er sprake van een voortzetting van het beleid. Teunissen: ,,Wij hebben samen met Roy de Bruin, de trainer van het eerste team, gesproken en hij heeft aangegeven dat hij zich komend seizoen naast het eerste meer gaat bemoeien met de jeugdafdeling. Hij wil namelijk het basisniveau van de spelers omhoog brengen, zodat zij makkelijker kunnen aansluiten bij de selectie. De afgelopen jaren bestaat de selectie al grotendeels uit jongens die uit de eigen jeugd komen.’’ Daarnaast heeft Leo Teunissen ook een ander aspect aangegeven, wat volgens hem van groot belang is voor het aanvullen van de jeugdelftallen. ,,Als je kijkt naar Oranje Wit, barst die club uit zijn voegen. Ons probleem is dat wij, als club, vanuit Stadspolders en Oudelandsehoek moeilijker te bereiken zijn dan GSC/ODS en Oranje Wit. Bovendien moeten wij vanwege de slechte gesteldheid van ons veld soms uitwijken naar collega-clubs.’’ Emma is dan ook sinds kort een campagne voor een kunstgrasveld gestart.

CvdW Marjola Girls – Brian Haast

Brian Haast is samen met zijn vrienden Danny Heynen en Stefan Blommerde sinds dit jaar trainer van Marjola Girls MO-17. Waar de meisjes vorig jaar veel wedstrijden verloren met dubbele cijfers, zijn dit jaar de eerste successen geboekt. VoetbalJournaal sprak met hem over zijn start bij het team, het afgelopen seizoen, meisjesvoetbal en de toekomst van de club.

De 21-jarige Haast is woonachtig in Halsteren en voetbalt zelf bij Lepelstraatse Boys, wat het sportpark deelt met Marjola Girls. Vorig seizoen werd het trio gevraagd om trainers te worden van het enige jeugdteam van de club. ‘’Een aantal meiden van dat team vroegen  ons of wij interesse hadden om hun trainers te worden. We hadden nog nooit training gegeven maar hebben toch gekozen om voor het avontuur te gaan. Alles was nieuw dus op het begin was het even aankijken, maar het is echt heel goed bevallen.’’

Voordat het trio aan het roer stond van het team werd elke wedstrijd met dubbele cijfers verloren. Ook in de eerste maanden van dit seizoen werd alles nog heel dik verloren, maar aan het einde van het seizoen kwamen de eerste resultaten. ‘’Richting de winterstop werd het steeds beter en verloren we met minder grote cijfers. Nu aan het einde van het seizoen hebben we twee keer gewonnen, waarbij we zelfs een keer de nul hielden. Dat is natuurlijk een heel ander resultaat en daar zie je ook aan dat we groeiende zijn.’’

Haast verbaasd zich over het feit hoeveel plezier de meisjes hebben, ongeacht het resultaat van de wedstrijd. ‘’De meiden komen altijd met een glimlach naar de training toe en staan altijd met een glimlach op het veld. Elke wedstrijd blijven ze knokken, hoeveel het ook staat. Daarom is het ook extra leuk dat we aan het einde nog twee keer hebben kunnen winnen.’’ Aan de sfeer binnen het team ligt het in ieder geval niet en de trainers komen veel te weten als ze goed meeluisteren. ‘’Het is altijd heel gezellig en je hoort van alles, roddelen vinden ze allemaal heel leuk om te doen, haha.’’

Het trio staat als het goed is ook volgend jaar aan het roer van het team, maar dan bij de MO-19. ‘’Wij hebben drie of vier speelsters die te oud worden voor deze leeftijdscategorie. We proberen nog zoveel mogelijk meiden aan te trekken om een MO-15 of MO-17 erbij te krijgen voor volgend seizoen. We hebben meiden van 11 maar ook van 19, dat is gewoon een te groot verschil. Volgend seizoen gaan we proberen om nog meer te verbeteren en wat meer wedstrijden te winnen, dat zou leuk zijn. Ook hopen we dat we de komende jaren wat meiden kunnen klaarstomen voor ons dameselftal.’’

CvdW: Marjola Girls - Tessa van Egeraat

Aanvoerster Demi loopt al vanaf de start van meidenvoetbal rond bij JVOZ

Vanaf het eerste moment dat JVOZ aandacht ging besteden aan het meidenvoetbal is Demi Nas van de partij. Vijf jaar geleden maakte Demi, inmiddels 17 jaar, deel uit van het Highschool-project, dat in samenwerking met het Scheldemond College tot stand kwam. Nu is Demi aanvoerster van Sparta/JVOZ VR1.

,,Trouwens heel vet, om in het Sparta-shirt te spelen”, vertelt Demi middenin haar verhaal. Want het is het eerste seizoen dat de samenwerking tussen Sparta Rotterdam en JVOZ officieel is. En dus trainen en spelen de dames één keer per maand op Het Kasteel. In Sparta-tenue, mét het JVOZ- én Sparta Rotterdam-logo op de borst. Demi: ‘’Iedere maand krijgen we daar altijd training van een trainer vanuit de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam, al is Dolf Roks (betrokken bij JVOZ én hoofd-opleidingen bij Sparta, red.), vrijwel altijd aanwezig. En maandelijks spelen we in Rotterdam op Het Kasteel (stadion van Sparta Rotterdam, red.) een oefenwedstrijd. Dat is altijd tegen hoger spelende teams vanaf minimaal eerste klasse, en dat hebben we wel nodig ook, omdat we door de KNVB in de derde klasse zijn ingedeeld.”

Derde klasse
Demi doelt op het feit dat er in de competitie minder tegenstand is voor de dames van trainster Denise Versteeg. Het team moest dit seizoen van de KNVB dus in de derde klasse instromen. ,,Helaas is dat onder ons niveau. We scoren gemiddeld acht goals per wedstrijd. Ik moet wel zeggen dat we helaas ook een wedstrijd gelijk hebben gespeeld en verloren.. Als het lukt om te promoveren zal het anders worden en er moeten ook speelsters bijkomen gezien de krappe selectie en blessures. Om die reden werd er op 21 februari in het Sparta-stadion een Open Training georganiseerd, om nieuw talent met ambitie in actie te zien.”

Volgend seizoen
Demi, afkomstig uit Oostkapelle, is als jonge aanvoerster zeer begaan met haar team. Een team dat bestaat uit speelsters tussen de 16 en 24 jaar oud. ,,Ik ben iemand die veel coacht en m’n mond echt wel open durft te trekken. Ik loop hier al een tijdje rond, dus dat scheelt ook.” Volgend jaar zullen de speelsters in Niels Slager een nieuwe trainer aantreffen. De Vlissinger, onlangs opgestapt als hoofdtrainer bij GPC Vlissingen, keert daarmee terug bij het vrouwenvoetbal binnen JVOZ, waar hij eerder al actief was. Ook zal Niels algemeen coördinator blijven bij de jeugdopleiding. Jonneke Schuurbiers blijft de rol van Coördinator meiden- en vrouwenvoetbal vervullen voor Sparta/JVOZ, zoals ze dat ook het huidige seizoen heeft gedaan. Demi: ,,Verder is er over volgend seizoen nog niet veel bekend. Dit heeft te maken met meerdere factoren. Wel is er sprake van dat we vaker in Rotterdam gaan trainen en misschien wel spelen.  Dat zou leuk zijn!”

SSV’65 piekt op het juiste moment

©Foto’s: SSV’65

Zaterdag-tweedeklasser SSV’65 is twee duels verwijderd van promotie. De formatie uit Goes lijkt op het juiste moment in een flow te zitten. Middenvelder Perry Bek (22) heeft het volste vertrouwen.

De laatste zeven competitieduels leverden SSV’65 het maximale resultaat op: 21 punten. Daarmee raakte de ploeg van trainer Carlos de Jonge op tijd in vorm voor de nacompetitie om promotie. De eerste horde, Pelikaan, werd met 3-1 aan de kant geschoven. ,,We zijn de baas geweest’’, blikt Bek terug. ,,Na de 2-0 gingen zij pas voetballen. Ze hebben alleen een vrije trap gescoord.’’ De derde Zeeuwse treffer werd gemaakt door box-to-box middenvelder Bek. ,,Ik draai een goed seizoen’’, zegt de student Social Work. ,,Ik krijg het vertrouwen van de trainer en heb goede spelers om mij heen.’’

Bek is allang blij dat hij weer op het veld staat. Een kruisbandblessure hield de rechtspoot geruime tijd aan de kant. ,,Ik had ‘m ingescheurd, dus een operatie was niet nodig. Maar ik was vier maanden zoet. Dit is mijn eerste volledige seizoen bij SSV. Het gaat echt goed!’’ De opmars van SSV’65 verloopt synchroon met die van Bek. De 22-jarige middenvelder is uitgerekend in het seizoenstoetje dé man om op te letten. ,,Ik kom steeds meer in de zestien’’, analyseert Bek, die benadrukt dat het hele team in vorm is. ,,We maken de laatste tijd veel goals en er is vertrouwen in de ploeg.’’

Zaterdag gaan de blauwhemden op bezoek bij eersteklasser Woudenberg, dat Terneuzense Boys uitschakelde. Bij laatstgenoemde club speelt Wouter Duvekot, de zwager van Bek. ,,Wouter heeft verteld dat het een krachtig elftal is’’, aldus de uit ’s-Heerenhoek afkomstige Bek. ,,Maar ik acht de kans groot dat wij gewoon weer gaan winnen. Die gasten móéten voor eigen publiek, dat brengt misschien meer druk met zich mee. Wij kunnen vrijuit voetballen.’’ Een voorspelling? ,,Het wordt een gelijkspel en dan winnen wij na penalty’s. Laat ze maar komen.’’