Home Blog Pagina 1225

Doelman Kariem Amer wil spelen en kampioen worden

Voor Zeelandia Middelburg gaat er met de overstap naar het zaterdagvoetbal veel veranderen. Dat geldt echter niet alleen voor de club, maar ook voor de spelers. Doelman Kariem Amer is er zo één, hij heeft zijn positie onder de laat waarschijnlijk weer terug komend seizoen.

Vorig jaar zei toenmalig trainer Dennis de Nooijer het al. “We kunnen geen reeks neerzetten.” En ook dit jaar bleek dat een lastige opgave voor de groen-witten. Pas ver in de tweede seizoenshelft slaagde de ploeg erin om na een overwinning de daaropvolgende wedstrijd opnieuw te winnen, het leverde drie winstpartijen op rij op. Daarna volgden twee nederlagen, waardoor het seizoen, mede door de overstap naar zaterdag, uit ging als een nachtkaars. Amer, dit seizoen tweede doelman achter Matthew Lentink, bekeek het vanaf de bank. “We hadden een goede periode, maar daarna ook weer wat minder. We konden als het ware van de koploper winnen en vervolgens van de nummer laatst verliezen.”

CONCURRENTIE
Die wisselvallige prestaties leverden Zeelandia Middelburg uiteindelijk een zesde plaats op in de tweede klasse zondag, de 21-jarige doelman kijkt met gemengde gevoelens terug op dit seizoen. “Ik denk dat we zeker een periode wilden halen, zodat we een kans maakten om te promoveren. Dat is wat Zeelandia toch altijd wel wil, terugkeren in de eerste klasse. Dat zat er dit jaar niet in. Achteraf gezien kijk ik positief terug op afgelopen seizoen, ondanks dat onze doelstelling wel was om hoger te eindigen.”

Met de wetenschap van nu, een nieuwe start in de zaterdag vierde klasse, had spelen voor promotie dit jaar ook geen optie geweest en dus is het tijd om vooruit te kijken. Amer zag zijn concurrent Lentink vertrekken naar VC Vlissingen en dus lijkt hij komend jaar te kunnen rekenen op veel speelminuten. Ondanks zijn reserverol, was hij blij met de komst van zijn concurrent. “Concurrentie is altijd goed. Ik wist dat het een moeilijke strijd zou worden, maar het eerste jaar had ik een lange tijd geen concurrentie, dat kan effect hebben op je inzet op trainingen. Uiteindelijk heeft het voor mij niet goed uitgepakt qua speelminuten, maar heb ik wel hard gewerkt.”

Het gebrek aan speelminuten is de reden dat Amer twee jaar geleden de overstap van GOES naar Zeelandia Middelburg maakte, door het gebrek aan minuten is dit jaar dan ook niet geslaagd voor hem. Desondanks heeft hij nog geen spijt van die beslissing en blijft hij de club trouw, ondanks dat Terneuzense Boys in eerste instantie interesse toonde. Waar Amer heeft besloten om te blijven, zijn er ook een hoop spelers die vertrekken. Hij heeft begrip voor de keuze van die spelers, net als voor de keuze om op zaterdag te gaan voetballen. “Het is jammer dat dit relatief laat in het seizoen werd besloten.” Voor hem persoonlijk maakt het weinig uit. “Of ik op zaterdag of zondag speel maakt mij niet uit. Er blijft een leuk team over voor komend seizoen en iedereen wil natuurlijk graag snel hogerop. Het is jammer dat we laag starten, maar ik kom nu wel zeker aan speelminuten.”

PROMOVEREN
De selectie zal er volgend jaar dus heel anders uit zien, maar dat heeft geen invloed op het vertrouwen van de jonge doelman. De doelstelling is dan ook duidelijk. “Ik weet zelf niet zo goed wat je moet verwachten van de tegenstanders, maar we moeten voor het kampioenschap gaan. Iedereen is gemotiveerd om Zeelandia weer omhoog te brengen.” In de afgelopen jaren kwamen geregeld spelers van buitenaf naar de club om op een redelijk niveau te spelen, te ontwikkelen en zich in de kijker te spelen. Dat wordt een ander verhaal in de vierde klasse, dat moet snel veranderen. “Het is heel belangrijk voor de spelers en de club om snel weer in de tweede klasse te komen. Dat zal nog lastig genoeg worden, vooral in die derde klasse. Hoe langer je daarin blijft, hoe moeilijker het wordt. Hopelijk zijn we binnen twee of drie jaar terug waar we horen.”

Alyssa Dijkstra: Middelburgse zet de lijnen uit in Ridderkerk

Als bijrijdster tuft de 23-jarige Alyssa Dijkstra drie keer per week heen en weer tussen woonplaats Middelburg en Ridderkerk, waar ze uitkomt op het een na hoogste niveau van Nederland. Dijkstra verdedigt de kleuren van Topklasser RVVH, maar traint ook mee bij FC Dauwendaele.

120 kilometer heen, 120 kilometer terug. En dat 3 dagen in de week. ,,Om 17.30 uur rijden we weg, en rond 23.15 uur komen we weer thuis. Gelukkig is m’n vader er altijd bij”, vertelt de half Molukse. En vader, dat is Michael Dijkstra. Vroeger zelf uitkomend voor Middelburg en spelend op hoog zaalvoetbalniveau. Qua voetbalgenen mag de voetbalster zeker niet klagen, want ook met een gevestigde amateurtrainer als oom (Paul Telussa) en een oud-prof als neef (Björn Langeveld) is ze goed bedeeld. Daarnaast voetbalt broer Jeremy in het eerste elftal van Jong Ambon. ,,M’n ouders zijn echt mijn steun en toeverlaat.”

De familie Dijkstra-Telussa, een grote voetbalclan dus. Toch was Dijkstra vroeger als jong meisje heel stellig. ,,Ik ga nooit op voetbal, riep ik altijd heel hard. Nou ja, het bloed kroop toch waar het niet gaan kon en even later voetbalde ik bij Oostkapelle. Vier jaar geleden koos ik voor RVVH.”

In Zuid-Holland transformeerde de kleine Dijkstra de afgelopen seizoen van rechtsbuiten naar rechtsback. Ook haar positie in de hiërarchie veranderde, want sinds dit seizoen is de Zeeuwse zelfs aanvoerster. ,,Ik ben heel tevreden met m’n rol en heb ook echt een klik met de trainer. Dan zeg je ook niet zo makkelijk af voor een training.” Iets wat sommige teamgenoten in haar ogen wel iets te snel doen. ,,Dat vind ik wel teleurstellend ja, maar ik kan niet in ieders leven kijken. Zelf sta ik daar heel anders in. Er zijn teamgenoten die ook niet snappen dat ik bijvoorbeeld zo kan balen van een mindere training. Maar ik zit dan nog de hele terugweg te balen.”

De pubers van de JO17 van Dauwendaele keken Alyssa Dijkstra zo’n twee jaar geleden eens goed aan. Want wat moest die vrouw nou in hemelsnaam wekelijks bij hen op de training komen doen. Het team van trainer Finus Kuijs moest in het begin maar wennen aan de aanwezigheid van de speelster van RVVH. ,,Maar ik werd vrij snel geaccepteerd hoor. Al zijn ze wel wat terughoudender tegen me, zowel in als buiten het veld. Het zal een beetje de leeftijd zijn”, denkt Dijkstra, die in het dagelijks leven werkzaam is bij SportZeeland als consultent Sport & Bewegen. Onder andere begeleidt ze jong en oud, en mensen met een beperking, bij diverse beweegprogramma’s.

Dijkstra drukte de jongens van Dauwendaele direct op het hart om haar in de duels niet te ontzien. ,,Automatisch gebeurt dat toch wat. Maar ooit werd er een keer een overtreding op me gemaakt. ‘Want niemand pakt haar aan’, riep iemand toen.” Dijkstra kan er wel om lachen. ,,Had ik als jeugdspeelster ook maar tussen de jongens kunnen voetballen. Dit is goed voor m’n ontwikkeling.”

Ervaren Ruud van Dijk (37) neemt het voortouw bij Right-Oh

Hij is de oudste speler en probeert zijn ervaring over te brengen op de jongere gasten. Na vele mooie jaren op hoog niveau twijfelde Ruud van Dijk (37) drie jaar gelden over RightOh, maar de verdediger is blij met zijn keuze voor de club uit Geertruidenberg. “Ik ben nog altijd fit en gemotiveerd.”

Ruud van Dijk beleefde vele mooie jaren in zijn lange voetbalcarrière. Hij speelde heel wat seizoenen in de hoofdmacht van het Bredase Baronie en had daar behoorlijk wat succes. “Ik heb in de hoofd- en topklasse gespeeld. Die laatstgenoemde competitie was destijds de hoogste amateurklasse van Nederland. Bovendien deden we ook mee in de landelijke Amstel Cup, dat waren mooie wedstrijden”, zo haalt hij herinneringen op. “Ik speelde altijd op het middenveld en was een vaste waarde in het team. Het waren prachtige jaren.”

Van Dijk speelde ging hierna nog bij GVV Unitas en DESK en hierna stopte hij ermee. Tijdelijk, zo bleek later. De vader van Van Dijk komt uit Geertruidenberg en hij zei tegen zijn zoon: ‘Waarom kom je niet bij Right-Oh voetballen?’. De middenvelder miste het voetbal, maar twijfelde. “Ik dacht dat het niveau en beleving te ver af zou liggen van wat ik gewend was maar ik miste het presteren en het sociale van een vereniging. De twijfels waren snel weggenomen. Met een ambitieus team gingen we de derde klasse in, alleen helaas degradeerden we. Ondanks die teleurstelling had ik ondertussen mijn plek gevonden bij de club.”

LAATSTE MAN
De aanvoerder is van het middenveld ondertussen teruggezakt naar de positie van laatste man. “Dat scheelt qua loopvermogen”, zo grapt hij. En dan serieuzer: “Als laatste man heb ik veel overzicht, dat is fijn. In de opbouw kan ik hierdoor belangrijk zijn voor het team.” Van Dijk vindt het voetballen té leuk om te missen en ziet spelen in de krochten van het amateurvoetbal nog niet zitten. “Ik ben altijd aanwezig op de training: ik wil graag fit blijven en dat lukt op deze manier erg goed. Soms duurt het herstel na een zware wedstrijd wat langer en mijn lichaam is wat eerder verzuurd. Maar ik kan nog prima mee.”

ZESDE PLAATS
Dit seizoen hoopte Right-Oh onder leiding van trainer Leon Hutten mee te spelen om de prijzen, maar het liep anders. Door verschillende redenen haakte de ene na de andere speler af gedurende het seizoen, waardoor de selectie flink werd uitgedund. Dit had volgens Van Dijk invloed op de prestaties van de club uit Geertruidenberg. “We hadden een heel goed team, maar leverden veel kwaliteit in. De jeugdspelers en gasten uit het tweede en derde team hebben ons goed geholpen, maar ik ben niet tevreden over onze zesde plaats.”

Van Dijk hoopt op een beter seizoen 2019-2020 met Right-Oh. “Ik hoop op een plekje bij de eerste vijf en wellicht een periodetitel. Maar we zullen zien. Ik denk dat het een overbruggingsjaar gaat worden, er vinden weer wisselingen plaats in de selectie.”

Routinier Poelmans verlaat Dongen: ‘We hebben het maximale bereikt’

Veel spelers verlaten de selectie van Dongen deze zomer en middenvelder Daan Poelmans (29) is een van hen. De Dongenaar vindt het na negen seizoenen in het eerste van de Kanaries prettig om iets meer uurtjes over te hebben, maar kiest nog niet voor de kelderklasse. De routinier vertrekt naar derdeklasser Oosterhout.

Daan Poelmans begon ooit met voetballen bij DVVC, maar na zijn overstap in 2005 naar buurman Dongen, groeide hij daar uit tot een echte clubman. Hij was er al snel actief als onder meer jeugdtrainer en mede-organisatorvan de jeugdclinicic. En nog veel mooier en specialer: als speler van het eerste was de middenvelder onderdeel van de ‘gouden generatie’, die de successen in rap tempo aaneenreeg. Poelmans was er al bij toen Dongen 1 in 2010 kampioen werd in de eerste klasse en de landelijke KNVB Beker voor amateurs won. Zes jaar later schreven hij en zijn teamgenoten wederom geschiedenis door kampioen te worden in de hoofdklasse, de Provincie Brabant Cup staat op de erelijst van Poelmans en ook in de derde divisie stond de hardwerkende middenvelder de laatste drie seizoenen zijn mannetje.

MAXIMALE BEREIKT
“Je kunt wel stellen dat ik het maximale bereikt heb in al die jaren”, zegt Poelmans. “Kampioen worden bij de senioren is al speciaal, helemaal als dat lukt in zowel de eerste als de hoofdklasse. Het is uniek dat we met een hoop Dongense jongens het eerste team naar de derde divisie hebben geholpen. Bij elke club heb je jongens die jarenlang in het eerste elftal spelen, maar het is bijzonder dat de kern van clubjongens mee is gegroeid met het hoge niveau. Ik heb enorm genoten van alle jaren in Dongen 1. Ook in het afgelopen seizoen heb ik tot mijn grote tevredenheid veel wedstrijden in de basis gestaan.”

De laatste jaren verlieten steeds meer spelers van ‘de gouden generatie’ Dongen 1 en na negen jaar vindt ook Poelmans het tijd voor wat anders. “Ik wil meer tijd besteden aan studeren en dan vind ik drie keer trainen in de week te veel. Bovendien ben je vaak de hele zondag ‘kwijt’ door voetbal omdat we uitwedstrijden in het hele land spelen”, legt hij uit. “Dongen wil doorselecteren en verjongen en dat moet ook wel: van ‘mijn’ generatie is er volgend jaar niemand meer over, dat gegeven nam ik ook mee in mijn besluit om weg te gaan.” Poelmans wil nog niet in de kelderklasse gaan spelen en kiest daarom voor een overgang naar Oosterhout. Ook teamgenoot Tom Kolkert maakt de overstap naar die vereniging, die maar liefst vier niveaus lager speelt dan Dongen. Voelt dat stiekem toch een beetje als de kelderklasse? “Absoluut niet”, zegt Poelmans. “Ik ga daar niet heen om af te bouwen. Ik wilde graag in een eerste team blijven spelen en Oosterhout was de eerste die me belde met een goed verhaal. Ik heb een goed gevoel bij de club en ben nog ambitieus.”

De verdedigende middenvelder gaat Dongen missen, maar verwacht ooit terug te keren bij De Kanaries. “Ik zie mijn vertrek eerder als een tot ziens dan een vaarwel.”

Vriendenteam van HZ’75 grijpt nét naast eerste kampioenschap

Nog nooit in de hele clubhistorie werd een seniorenteam van HZ’75 kampioen. Dit jaar was het vlaggenschip van de vereniging uit Hooge Zwaluwe dichtbij ‘de dubbel’, maar het vriendenteam greep helaas naast de titel en de bekerwinst.

HZ’75 is een unieke club, want het eerste team van de blauw-gelen speelt in de reserve zesde klasse in plaats van in de standaard competities. “Vanaf mijn vijftiende speelde ik in het eerste team, maar dat was niet altijd een pretje”, zegt Bas van Dorst (26). “Als kleine club hadden we altijd moeite om een representatief team op de been te brengen, met als gevolg dat we vaak zware nederlagen leden. Niemand werd daar bij HZ’75 gelukkig van. Veel jongens vertrokken ook om die reden. Uiteindelijk besloten we om met het team in de reserve klasse te gaan spelen. Dat is een stuk leuker en de prestaties zijn sindsdien ook veel beter”, zegt de verdediger.

In het eerste team speelt Van Dorst samen met zijn vrienden al jarenlang in de zesde klasse. Jongens die de club in hun jeugd verlieten, keerden hierdoor weer terug naar HZ’75. Er staat een goed elftal, dat de laatste jaren bovenin meedraait in de competitie. Dit seizoen was zelfs uitzonderlijk goed: Dorst en zijn kameraden waren lang in de race voor de titel, maar BSC 7 bleef HZ’75 drie punten voor, waardoor het team tweede werd. “We hadden geschiedenis kunnen schrijven, want er is nog nooit een seniorenteam van onze club kampioen geworden”, zo zegt Dorst. “Helaas liepen we ook de bekerfinale mis, want in de halve fi nale bleek FC Bergen via penalty’s te sterk”, zo baalt hij.

JEUGDKAMP
Van Dorst is ook actief alsvrijwilliger bij de club die hem zo lief is. “Met een hele groep organiseren we altijd ons traditionele jeugdkamp. We gaan dan naar Den Hout en maken er een leuk weekend van voor de jeugd. We doen allerlei spelletjes en bezorgen de jeugd een leuke tijd. Vroeger als kind vond ik het jeugdkamp al erg leuk en het is mooi dat ik nu zelf mijn steentje kan bijdragen als senior.” Van Dorst zet zich niet alleen in voor het jeugdkamp, maar bemoeit zich ook met feestavonden en toernooitjes. Met het 45-jarig jubileum op komst, hebben Van Dorst en de overige leden van de activiteitencommissie weer een mooi project waarover ze kunnen brainstormen.

De centrale verdediger geniet van de eensgezindheid binnen de club en van de zondagochtenden bij HZ’75. “We hebben een goed elftal en het zijn allemaal toffe gasten. Op het veld wil iedereen graag winnen, maar daarna drinken we met z’n allen gezellig een biertje en dan is de wedstrijd weer vergeten.” En dat misgelopen kampioenschap, is dat ook al uit het geheugen gewist? “Helaas niet”, zegt Van Dorst. “Hopelijk kunnen we komend seizoen wel de titel grijpen, het wordt tijd dat we eens zo’n succes kunnen vieren.”

Talententeam Zwaluwe JO19 pakt overtuigend de titel in de vierde klasse

Met overmacht werd Zwaluwe JO19 kampioen van de voorjaarscompetitie in de vierde klasse. Het elftal vol talenten maakt komend seizoen als één geheel de overstap naar het seniorenvoetbal. Aan trainer Gerwin den Rooijen de taak om de jongens op te leiden voor het vlaggenschip van de zaterdagclub.

Het enige JO19-team van Zwaluwe verloor in de voorjaarscompetitie slechts één duel, de overige tien wedstrijden werden overtuigend gewonnen. “We gingen in de laatste wedstrijd ten onder tegen JEKA, maar de jongens hadden toen nog een mooi kampioensfeestje in de benen”, zo zegt Gerwin den Rooijen grinnikend. “We hebben een ontzettend leuk team en de sfeer was uiteraard top door de goede resultaten in de tweede seizoenshelft. Wel moet ik iets bekennen over de tegenstand: die was eerlijk gezegd niet al te zwaar. We hebben veel gewonnen en plezier gehad, maar voor de ontwikkeling van mijn spelers was het niet hun beste halfjaar”, zegt de trainer/coach van het team.

In het eerste halfjaar ging het minder goed met zijn team. In de derde klasse eindigde de JO19 bij de onderste ploegen. Maar het team van Den Rooijen ging versterkt de tweede competitiehelft in. In de winterstop schreef Zwaluwe het JO15-team en JO17-team niet in voor de voorjaarscompetitie wegens bezettingsproblemen. De jongste spelers vormden een JO16-team en wat oudere spelers schoven door naar de JO19, zodat er in de tweede seizoenshelft geen enkel team een tekort aan spelers had. “Dat is een goede zet geweest”, zegt Den Rooijen, die behalve trainer ook vice voorzitter is van het jeugdbestuur. “Als kleine club moet je zorgen dat de boel draaiende blijft en dat is goed gelukt.”

TWINTIG JAAR VRIJWILLIGER
De 36-jarige Den Rooijen is al twintig jaar vrijwilliger bij Zwaluwe, de club waar hij opgroeide. “Mijn ouders stonden altijd achter de bar, dus ik moest wel mee”, lacht hij. “Door een knieblessure moest ik zelf al op 16-jarige leeftijd stoppen met voetbal. Maar als jeugdtrainer heb ik gelukkig een leuke hobby gevonden. Ik begon bij de D’tjes, en schoof steeds een generatie door. Ook ben ik nog even KNVB-scheidsrechter geweest, maar dat was niet helemaal mijn ding. Het is veel mooier om met een jong team wekelijks op het veld te staan. Het contact en het plezier dat ik heb met die gasten is geweldig. Daar geniet ik het meeste van.”

Komend seizoen is Den Rooijen voor het eerst trainer van een seniorenteam. Samen met de hele JO19 wordt hij Zwaluwe 3, een elftal dat als opleidingsteam moet gaan fungeren bij de zaterdagclub. “De jongens schuiven versneld door, we hebben volgend seizoen geen JO19- team. Maar ook dit is een goede keuze: mijn spelers kunnen op vroege leeftijd wennen aan het fysieke voetbal. Mijn spelers zijn fanatiek en willen beter worden. Dat lukt in het seniorenvoetbal. De jongens zullen slim moeten spelen en ik ben zeer benieuwd hoe we gaan presteren.”

Wél Alpe d’HuZes, maar géén nacompetitie voor Alex Wagner

0

Hij had het nog zó uitgerekend: 1 juni met OVV de eerste ronde van de nacompetitie overleven, op donderdag 6 juni meedoen aan de sponsorfietstocht Alpe d’HuZes in Frankrijk en twee dagen later met OVV in de tweede ronde van de nacompetitie uitblinken. Alex(ander) Wagner kon zich, nadat de derde periodetitel op de laatste speeldag van de reguliere competitie naar Rhoon, dat notabene twee keer als kanonnenvlees voor OVV had gefungeerd, was gegaan, volledig concentreren op de beklimming van dé Nederlandse berg, bekend van de Tour de France.

“Ik had liever én gefietst én gevoetbald”, zegt de 29-jarige centrale verdediger van OVV. Het meedoen aan de Alpe d’HuZes, de jaarlijkse sponsorwandel- en fietstocht voor kankerfonds KWF, stond al een tijdje op zijn ‘bucketlist’. “Los van dat het een prachtige uitdaging is, die berg met de fiets bedwingen, moest ik dit gewoon doen. Die ziekte moet de wereld uit. Dat kan alleen als er nog meer onderzoek wordt gedaan.”

Hij reed die berg ook op voor zijn moeder, die tien jaar geleden overleed aan een progressieve vorm van longkanker. “Ze was pas 49 jaar. Belachelijk jong.”

Met een paar goede maten uit Oostvoorne vormde hij team 0181. “0181 is het kengetal van Oostvoorne. Toen we ons inschreven wisten we niet veel beters te verzinnen”, zegt Wagner. In de maanden voor dé dag haalden hij en zijn team voor meer dan zesduizend euro sponsorgeld op. Geld dus dat gebruikt gaat worden om allerlei vormen van kanker het hoofd te bieden.

Hij trainde hard en reed de recreantenvariant van de Amstel Gold Race. Op een indoortrainer beklom hij ‘virtueel’ de bekende berg in de Franse Alpen. “Met iedere bocht en iedere stijging nauwkeurig.”

In de praktijk genoot hij als klimgeit van de ambiance. “Het was een unieke ervaring. Die mensen, die sfeer. Het was ook heel emotioneel. Iedereen heeft zijn eigen verhaal bij die ziekte.”

Hij kwam er ook achter dat hij niet als klimmer geboren was. “Ach, dat wist ik natuurlijk wel. Ik ben meer van het doorstampen op de Hollandse wegen. Die zijn vooral vlak.”

Met twaalf kilometer bergop werden op al zijn klimkwaliteiten een beroep gedaan. Op sommige stukken was het stijgingspercentage twaalf, dertien procent. Wagner: “Soms had je het gevoel dat je stilstond.”

Meedoen aan Alpe d’’HuZes deed hem in ieder geval het deels mislukte seizoen bij OVV vergeten. “FC Binnenmaas was de terechte kampioen, maar met onze kwaliteiten hadden we zeker tweede kunnen worden”, is hij niet erg te spreken over de OVV-prestatie. “We kunnen niemand de schuld geven, alleen onszelf.”

“De vierde plaats was niet goed genoeg. We begonnen nog goed met een duidelijke overwinning op Rhoon. Misschien heeft die wedstrijd ons zand in de ogen gegooid. We dachten op dezelfde manier door te gaan als vorig seizoen. In de vierde klasse konden we ons dat permitteren, in de derde klasse duidelijk niet. Vooral oktober verliep dramatisch. We verloren in die maand alles. Tegen die achterstand hebben we het restant van het seizoen aangehikt. Uiteindelijk is dat ons ook opgebroken.”

Timo Lemmens wil geen minuut van Nova missen

0

Voor zijn laatste wedstrijd tegen Den Bommel kreeg Timo Lemmens van trouwe supporters van OVV 1 een fotoalbum in handen gedrukt. Het boek doorbladerend werd hij gepakt door de emotie. “Er staan foto’s in waarop mijn dochtertje voor het eerst op het voetbalveld was. Haar geboorte heeft heel veel met mij gedaan.”

De komst van de kleine Nova, een klein jaar geleden, veranderde het leven van de organisator van de Vaksportbeurs in Gorinchem, die dit jaar op 13 en 14 november wordt gehouden, voorgoed. Het gaf hem het zetje om met voetballen op niveau te stoppen. Volgend seizoen draagt hij niet het groen en wit van OVV, maar het blauw en zwart van een ‘vriendenteam’ bij fusieclub Poortugaal.

“Natuurlijk heb ik er goed over nagedacht”, zegt de controlerende middenvelder, die ‘pas’ 29 jaar is. “Ik ben ook niet over één nacht ijs gegaan. Mijn prioriteiten zijn de afgelopen jaar steeds meer bij andere zaken komen te liggen. Werk, gezin en daar komt ook bij dat ik ook op mijn zestigste fatsoenlijk uit mijn bed moet kunnen komen en een ommetje wil kunnen maken.”

De lange en ranke Lemmens werd in zijn carrière nogal eens getroffen door blessureleed. Als er iemand kan vertellen hoe het is om een knie-operatie te ondergaan, is het de inwoner van Schiedam wel. Vier keer moest één van zijn knieën onder het mes. Zijn laatste operatie was in 2012.

Het had een grote impact op zijn leven en zijn hobby. “Ik heb twee keer mijn kruisbanden afgescheurd van dezelfde knie. Ik had net een lange revalidatieperiode achter de rug toen het bij de eerste training weer mis ging.”

Zijn arts en fysiotherapeut legden hem geen voetbalverbod op, maar ze gaven wel aan dat hij zich in een risicogebied bevond. “Ik moest er voorzichtig aan gaan denken om te stoppen, was zo’n beetje de vertaling van hun advies.”

Lemmens hield zich daar, min of meer, half aan. De drang om meteen terug te keren op het veld was er niet, een nieuw revalidatieproces moest hij volgen of hij dat wilde of niet. “Na ruim anderhalf jaar begon het toch weer de kriebelen. Waarom ook niet, heb ik bij mezelf afgevraagd.”

Die gok leverde hem nog vijf mooie voetbaljaren op waarvan hij zegt dat hij ze nooit zou hebben willen missen. Zijn knie doet het nog best op wat ‘stijvigheid’ na. “Ik zal heel mijn leven thuis oefeningen moeten doen.”

De overstap van OVV van de zondag naar de zaterdag is wel een indirecte reden van zijn besluit. “Vooral omdat we in één klap werden teruggeworpen qua niveau. Vanuit de club was en is het een begrijpelijk besluit geweest, maar als speler streef je het hoogste na. We hadden twee fantastische jaren achter de rug. Kampioen in de tweede klasse en ons gehandhaafd in de eerste klasse.”

Even dacht hij erover om zijn heil elders te zoeken. “Er waren wat contacten met andere zondagclubs in de eerste klasse, maar ik heb het niet gedaan. OVV is mijn cluppie geworden. Bovendien ging praktisch het hele elftal naar de zaterdag mee.”

In de vierde klasse vonden Lemmens en zijn ploeggenoten weinig uitdaging. “Kampioen worden is altijd leuk, maar we zijn in dat jaar eerder slechter geworden dan beter”, concludeert hij. De optie om één keer te gaan trainen was er niet. “Omdat ik dat al deed”, gniffelt hij.

“Ach, iedereen bij OVV wist dat ik geen trainingsbeest was. Ik leefde puur voor de wedstrijden.”

Het nieuwe thuis van GHVV’13 is één met de polder

0

Na jaren van geduld uitoefenen krijgt GHVV’13 eindelijk zijn beloofde nieuwe accommodatie. In januari, drieënhalf jaar na de fusie van PFC uit Geervliet en HVV Bernisse uit Heenvliet, wordt sportpark Guldeland opgeleverd. Twee kunstgrasvelden, natuurgras op het hoofdveld en één gebouw. En alles is aangepast aan de omgeving.

Richard Ariens kan niet wachten op de oplevering van het nieuwe onderkomen van de fusieclub. De architect én directeur van Ziggurat uit Heenvliet maakte jaren geleden al het eerste ontwerp. “Ik heb diverse functies bekleed bij de club en heb ook in het bestuur gezeten”, zegt Ariens. “De plannen voor een nieuw sportpark waren er al heel lang. Volgens mij gaan die terug tot twaalf jaar geleden.”

Vijf jaar geleden deed het college van de gemeente Nissewaard een voorstel met de uitgangspunten voor het nieuwe complex. Door allerlei oorzaken liepen de ontwikkelingen vertraging op, maar eind vorig jaar kreeg GHVV’13 eindelijk groen licht. De club voelde zich, zo zei voorzitter Ad van der Bom, uit zijn lijden verlost. Ariens kan zich daar wel iets bij voorstellen. “Zowel het sportpark in Geervliet als dat in Heenvliet was compleet verouderd. Er mankeerde van alles. Onderhoud was niet meer te betalen.”

Veel langer dan gehoopt moest GHVV’13 werken met een constructie waarbij beide sportparken werden gebruikt. “Mét alle problemen van dien. Op twee parken voetballen betekent ook dat je faciliteiten moet organiseren. Alles moet twee keer. Ik was ook heel blij toen het definitieve jawoord van de gemeente kwam.”

Sportpark Guldepark is geen dertien in het dozijn-sportpark, zoals er tegenwoordig veel worden gerealiseerd. Door de unieke ligging in de Oude Guldelandpolder was de belangrijkste eis van de gemeente dat het een accommodatie zou worden dat zou passen bij de karakteristieke polder in de omgeving. Met andere woorden: het huis

van GHVV mocht het landschap geen geweld aan doen. “Met dat idee ben ik ook gaan tekenen”, geeft Ariens aan.

Een sportpark dus dat aansluit bij het typische landschap. Het betekende geen bovenmatig verenigingsgebouw met twee lagen. “We hebben maar één laag”, legt Ariens uit. “Het is een langgerekt gebouw, met alles erop en eraan wat een moderne voetbalvereniging nodig heeft. Aan twee kanten is een veranda waar je als toeschouwer onder een dak kan kijken naar twee velden. De noodzaak van een tribune wordt nu niet gezien. Los van het budget, dat ook zijn grenzen heeft, zal GHVV waarschijnlijk niet heel veel groter worden dan zes- misschien zevenhonderd leden. Een grotere maat is niet nodig. Eén van de eisen van de vereniging was dat het een gezellige kantine moest worden. Het moest vooral géén balzaal worden.”

Opvallend: het hoofdveld heeft straks ‘echt’ gras. “Daar is voor gekozen om een handreiking te doen naar de omwonenden. Gras is een natuurlijke invulling, kunstgras niet. Het hoofdveld is voor die omwonenden zichtbaar.” Op de twee andere velden komt een kunstgrasmat te liggen.

Afgelopen maand is een begin gemaakt met het bouwklaar maken van de grond en fundering van het verenigingsgebouw. Begin volgend jaar staat de oplevering gepland. Ariens: “Het gaat best snel. In september worden de velden aangelegd. Het enige spannende is wanneer het natuurgras is aangegroeid. In het ongunstigste geval kan er in de eerste weken alleen op kunstgras worden gespeeld.”

Nieuwe Raamsdonk-trainer Louis Roovers legt de lat hoog

Vanaf komend seizoen is Louis Roovers de nieuwe oefenmeester van Raamsdonk. Zijn opdracht is om degradatie uit de vierde klasse te voorkomen, maar de fanatieke coach is ambitieuzer. “We gaan voor een plek bovenin de middenmoot.”

Het voetbaljaar is afgelopen, maar Louis Roovers kijkt al enorm uit naar het seizoen 2019/2020. “Voetbal is alles wat de klok slaat”, zo zegt de man uit Raamsdonkveer, die in de regio niet alleen bekendstaat als trainer, maar ook door het indrukwekkende voetbalmuseum in zijn huis. Daarin is plaats voor onder meer vele wedstrijdprogramma’s, entreebewijzen en speldjes en het is dan ook niet vreemd dat de coach al veel informatie heeft verzameld over VV Raamsdonk, de club waar hij komende zomer onder contract staat. “Ik weet waar ik aan begin, heb mijn huiswerk gedaan. Ik kom uit de gemeente en volg deze club al erg lang. Het is een mooie en hechte vereniging, met een schitterend sportpark. Met veel passie en enthousiasme ga ik in augustus van start.”

VIJF NIEUWELINGEN
Louis Roovers had eerder Good Luck en RFC onder zijn hoede en was maar liefst twaalf jaar werkzaam bij Baronie, waar hij lange tijd technisch manager was en ook als trainer van het tweede en assistent van het eerste team fungeerde. Raamsdonk haalt dus een coach met een goed cv in huis en de man uit Raamsdonkveer wil zijn ervaring overbrengen op zijn selectie, die wordt versterkt met vijf nieuwe spelers. Het drietal Yordi Vissers, Frank van Wijk en Habbat Matte komt over van RFC Zaterdag 1 en Mike de Man ruilt SCO in voor Raamsdonk. Daarnaast keert ook Kees Schellekens terug op het oude nest. “Raamsdonk heeft geen JO19 en geen JO17 en het tweede team speelt op een laag niveau. Ik vind het daarom belangrijk dat ik een brede selectie heb van zeker achttien spelers, zodat er voldoende gezonde concurrentie is binnen de groep.”

MIDDENMOOT
Raamsdonk eindigde de afgelopen twee seizoenen als elfde in de vierde klasse en het jaar daarvoor werd de club tiende. De blauw-witten ontsnapten dus al drie keer op rij ternauwernood aan degradatie en daarom heeft Roovers een logische doelstelling meegekregen van het bestuur: degradatie naar de vijfde klasse voorkomen. Roovers neemt op voorhand echter geen genoegen met deze missie. Hij legt de lat direct een stuk hoger. “De club weet dat ik vol ambitie zit en altijd ga voor het hoogst haalbare. Ik wil daarom minimaal een mooie plek in de middenmoot behalen met Raamsdonk. Ook hoop ik jeugdspelers en hun ouders te betrekken bij de thuiswedstrijden van het eerste team, door telkens één team met ons de line-up te laten verzorgen. Hiermee wordt de binding tussen de selectie en de rest van de club verstevigd en dat zorgt hopelijk voor meer publiek langs de lijn.”

Roovers hoopt dat zijn spelers net zo gedreven zijn als hijzelf. “Als je op zondag van het veld stapt na een wedstrijd, moet je al alweer zin hebben in de training van dinsdag”, stelt hij. “Ik hoop dat we samen mooie dingen kunnen bereiken.”