Home Blog Pagina 1112

Nick Slotboom kind van ASWH voetbalt voor zijn plezier

Hij is een kind van de club. Vanaf zijn zesde speelt Nick Slotboom op een jaar na onafgebroken voor ASWH. De 24-jarige middenvelder tikt net na de jaarwisseling de honderdvijftig wedstrijden in het eerste elftal aan. “Ik voetbal nu voor mijn plezier.”

HENDRIK-IDO-AMBACHT – In een groot en hoog magazijn op een bedrijventerrein in Dordrecht, met uitzicht op de Merwede, liggen vele rollen zilver- en goudkleurige platen. Op andere plekken zijn de platen opgestapeld. “Allemaal vertind blik. Daar werken we uitsluitend mee. Zie je die vijf schuifdeuren daar? Acht keer per dag brengen vrachtwagens nieuwe materialen binnen. Overal zit een klein foutje in. In de bedrukking, in de afmeting. Het is afgekeurd. Leveranciers kunnen er niets mee. Wij kopen het op en geven het buiten Europa een nieuw leven.”

Het familiebedrijf Nicomet Tinplate exporteert het blik weer. “Over de hele wereld. In vele landen maakt het niet uit als het materiaal afwijkingen kent. De lage prijs is voor hen belangrijker en het arbeidsloon is laag in die landen. Vorig jaar ben ik met mijn vader Rob (directeur, red.) naar diverse landen in het Midden-Oosten geweest om klanten te bezoeken en te werven. Op 15 december ga ik een week alleen op pad naar een nieuw land waar ik kansen zie. Het is precies een dag nadat de winterstop ingaat. Normaal plan ik mijn reizen met een vertrek op woensdagochtend. Kom ik woensdagavond of donderdagmiddag weer terug, zodat ik donderdagavond op de training van ASWH aanwezig ben.”

Met de club uit zijn woonplaats Hendrik- Ido-Ambacht debuteert hij dit seizoen in de Tweede Divisie. “Promotie was geen must. We hoopten op top vijf. Halverwege het seizoen stonden we nog dertiende, maar plotseling vielen alle puzzelstukjes op zijn plek en raakten we in een ow. In de Play-Offs maakte ik in de extra tijd nog de beslissende treffer tegen OFC waardoor we de finale bereikten. Die wonnen we tegen FC Lienden dikverdiend. Ook in de verloren thuiswedstrijd waren wij de betere ploeg.”

BOVENAAN RECHTERRIJTJE
Op het hoogste amateurniveau kent ASWH een moeizame start. “De club sprak de doelstelling rechtstreekse handhaving uit. De trainer (Rogier Veenstra, red.) wil binnen het team iets creëren door de lat iets hoger te leggen: bovenaan rechterrijtje. Maar handhaven betekent dat we het goed hebben gedaan. We hebben kwalitatief een minder goede ploeg dan vorig seizoen en strijden tegen clubs met budgetten die vier tot vijf keer hoger liggen. In de afronding zijn we vaak ongelukkig. Ook dat moet beter om erin te blijven.”

Slotboom debuteerde op zijn zeventiende in het eerste elftal van de Ambachters met een doelpunt. “FC Dordrecht had zich gemeld. Ik kon daar in de Onder 19 komen. ASWH reageerde daarop om me als A-junior een jaar vervroegd door te schuiven naar het eerste elftal. Ik besloot te blijven. Spelen in de Hoofdklasse leek me beter voor mijn ontwikkeling.” In 2014 vertrok hij alsnog. Naar Leonidas uit Rotterdam, dat net de sprong naar de Topklasse had gemaakt. “Michel Langerak was trainer bij ASWH. Hij wilde jonge spelers eerst inzetten op de anken. Rechtsback, linksbuiten, dat werk. Dan kwamen ze minder vaak in balbezit en konden ze beter wennen aan het niveau. Ik moest rechtsbuiten spelen. Nooit eerder gestaan. Ik ben ook niet supersnel of moet het hebben van mijn één-op-één-passeerbeweging. Ik mocht niet naar binnen komen of me bemoeien met het spel tussen de linies. In het tweede scoorde ik 25 keer en gaf ik 25 assists. Daar leerde ik niets meer. Die situatie zou een jaar later niet veranderen. Bij Leonidas kreeg ik een kans op het hoogste amateurniveau.”

Een jaar waarin hij een vaste basisplaats bekleedde, maar werd afgesloten met degradatie. “ASWH vroeg me terug. De organisatie bij Leonidas was niet top. En ik speel liever op zaterdag dan op zondag. ASWH kwam op hetzelfde niveau uit. Ik hoefde niet lang na te denken. In Jack van den Berg was er ook een nieuwe trainer gekomen. ASWH is mijn club, twee minuten van mijn huis. Veel mensen kennen mij en andersom. Al heeft dat niet altijd positief uitgewerkt. Voor trainers was het vaak een gemakkelijk middel om mij op de bank te zetten en een aangetrokken speler op te stellen. Dat heb ik nooit begrepen. Voor het publiek en als voorbeeld richting je eigen jeugd zou ik altijd kiezen voor de zelf opgeleide speler als de kwaliteit hetzelfde is.”

FEYENOORD
Vader Rob was tot twee jaar geleden lid van de Raad van Commissarissen van Feyenoord en staat bekend als een van de oprichters van de Vrienden, die de Rotterdamse profclub in 2010 redde van een faillissement. “Ik ben met een Feyenoord-hart opgegroeid. Als ik kan, zit ik elke wedstrijd in De Kuip. Het was een droom ooit voor Feyenoord te voetballen. Op mijn achtste heeft een scout van de club mijn telefoonnummer gevraagd. Helaas heeft het belletje nooit plaatsgevonden. Nu zet ik de stap naar een betaald voetbalclub niet meer. FC Dordrecht heeft vorig jaar nog eens geïnformeerd. Maar ze zeiden ook: jij geeft je huidige baan niet op voor een carrière in de Eerste Divisie. Ben ik straks 34 jaar en moet ik nog starten met mijn maatschappelijke carrière.”

In juli 2017 besloot Slotboom het familiebedrijf in te stappen. Officieel als purchase- en salesmanager. “Ik werkte na mijn hbo-opleiding 2,5 jaar bij een bedrijf in stalen buizen, maar wist dat ik ooit de stap naar Nicomet Tinplate zou maken. Mijn vader vond dat de tijd rijp was om het familiebedrijf te versterken. Hij deed de in- en verkoop tot die tijd alleen. Een tweede frisse, jonge kracht was welkom. Ik kon hem nu bijstaan in de zoektocht naar nieuwe leveranciers, naar nieuwe afzetmarkten en met een fris gezicht naar klanten stappen waar we ooit zaken meededen, maar daarna afhaakten.”

Zijn werkplek bevindt zich bij de entree, waar ook de receptioniste zit. “We hebben zeven mensen in dienst. Groei was niet mogelijk toen mijn vader alleen aan het hoofd stond. Nu kunnen we verder kijken. Voetbal blijft uiteraard voor mij belangrijk, maar is niet meer het belangrijkst. Ik probeer alle trainingen van de partij te zijn en wil er alles aan doen om ASWH dit seizoen in de Tweede Divisie te houden. Gebeurt dat, hebben we het prima gedaan.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over ASWH? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over ASWH.

Marciano van Leijenhorst wil weer kampioen worden met Ijsselmeervogels

Het kampioenschap in de Derde Divisie, een negende plaats in het debuutseizoen in de Tweede Divisie en afgelopen jaar derde. Sinds zijn komst boekt Marciano van Leijenhorst telkens progressie met IJsselmeervogels. “Deze club hoort altijd voor de prijzen te gaan. Dit seizoen het kampioenschap.”  

BUNSCHOTEN-SPAKENBURG – In zijn trainingsfout neemt hij plaats in de Businessclub boven in de prachtige tribune van IJsselmeervogels. Natuurlijk prijkt het nummer 23 op zijn borst. “Het eerste jaar voetbalde ik hier nog met 16, maar ik wilde graag 23. Ik ben groot fan van Rafael van der Vaart. Ontstaan toen ik als kind tegen hem opkeek bij Ajax en bij Oranje. Hij was zo goed. Bij IJsselmeervogels droeg keeper Raymon van Emmerik dat nummer. Ik heb na het seizoen 2016/17 gevraagd of ik het nummer mocht overnemen. Hij stemde in en ging verder met 99. Of ik Van der Vaart ooit persoonlijk heb ontmoet? Nee, dat niet. Ik ben nog regelmatig in de Johan Cruijff Arena. Vind het leuk om voetbal op een hoog niveau te bekijken. Ik bezoek ook geregeld de Galgenwaard om een wedstrijd van FC Utrecht mee te pikken.”

Hij speelde zes jaar in de jeugdopleiding van FC Utrecht. “Als linkshalf. Net als Van der Vaart, haha. Ik ben pas in de Onder 19 van FC Groningen naar de positie van centrale verdediger verhuisd. Trainer Paul Raveneau vond dat een geschikte positie voor me. Ik kon me daar volgens hem beter ontwikkelen. Ik was niet direct om, maar volgde het advies. Achteraf had me het ook leuk geleken om middenvelder te blijven, dan kom je meer aan voetbal toe.”

Bij FC Utrecht maakte de nu 25-jarige linkspoot deel uit van een team met onder meer Sean Klaiber, Oussama Tannane en Yassin Ayoub. “Ik voelde me lekker. Van de C1 mocht ik direct door naar de B1. Daar speelde ik samen met mijn huidige teamgenoot Yannick Cortie. De B2 sloeg ik over. Daar bleef mijn ontwikkeling hangen. Het liep niet. In het laatste jaar kreeg ik ook nog een conflict met de trainer. Het was beter dat onze wegen scheidden.” FC Groningen luidde de nieuwe bestemming. “Ik zag het als een uitdaging. Mijn vmbo-tl had ik zojuist afgerond. Schoolverplichtingen kende ik niet. Het eerste jaar woonde ik in een gastgezin in Beilen. Daarna deelde ik een appartement met Ron Janzen (later Cambuur, RKC en Helmond Sport, red.).”


RKC WAALWIJK
Marciano van Leijenhorst vormde in de jeugd van FC Groningen een centraal verdedigingsduo met Hans Hateboer. “We stonden goed als blok. Terwijl Hans een kans kreeg in het eerste elftal, was die voor mij nooit weggelegd. Ik trainde als eerstejaars A-junior weleens mee als er een partijvorm werd gedaan. Stond Virgil van Dijk bij de basiself centraal achterin. Maar ik ben nooit opgenomen in de wedstrijdselectie. Toen ik besefte dat een vertrek dichtbij kwam, trainde ik mee bij RKC Waalwijk. Zij hadden serieuze belangstelling. Tijdens die stage verrekte ik al snel een binnenband. Lag ik er vijf maanden uit! Ik kreeg een herkansing bij RKC Waalwijk, maar was natuurlijk nog niet helemaal wedstrijd t. Dat liep op niets uit.”

Door een telefoontje van trainer Hans van de Haar belandde Van Leijenhorst bij FC Lienden. “Ruim een uur rijden, maar het werd een prachtig seizoen. We werden kampioen van de Topklasse en daarna ook Nederlands Amateurkampioen. IJsselmeervogels had al geïnformeerd en we zaten aan tafel. De overgang kwam niet rond, waardoor ik op zoek moest naar een andere club. Dat werd Hercules. Een heel jn jaar waarin ik helemaal ben opgeleefd. Trainer Eric Speelziek wist me op de juiste manier te prikkelen. Het had geen zin om mij in een groep af te vallen. We voerden daarom veel individuele gesprekken. Het plezier in het voetbal vond ik terug. Hercules wist dat ik maar een jaar zou blijven. Al in november kwam mijn transfer naar IJsselmeervogels voor de zomer daarna rond.”
In Hilversum pakte de blonde Soestenaar de studie Sport & Bewegen op. “Ik heb alle stages bij IJsselmeervogels kunnen lopen. Bij de Onder 8, 9 en 11. En tijdens de opleiding ook mijn diploma Trainer- Coach III onder docenten René Stoffels en Willem Romp behaald. Dit seizoen train ik geen team.” Sinds september werkt hij als salesmanager bij SkarpWear, de onderneming van ploeggenoot Jeffrey Buitenhuis in Bunschoten-Spakenburg gespecialiseerd in bedrijfskleding. “Na afloop van onze thuiswedstrijden loop ik altijd naar de Businessclub. Daar lopen potentiële klanten rond. Mijn eerste commerciële afspraak via die manier is al tot stand gekomen. We richten ons niet op een afgebakend gebied, maar de meeste klanten komen logischerwijs uit de regio Soest-Amersfoort.”


CLUB VAN 100
Begin september trad Marciano van Leijenhorst, die vastligt tot medio 2021, toe tot de Club van 100 bij IJsselmeervogels. Spelers die minimaal honderd officiële wedstrijden voor het voetbalbolwerk uit het vissersdorp hebben gespeeld. “Het bevalt me hier erg goed. De club wordt professioneel gerund. Wellicht nog beter dan menig Eerste Divisionist. Een club als IJsselmeervogels moet elk jaar meedoen om de prijzen, dus het kampioenschap.” Vorig jaar haakten de Vogels in de slotfase af in de titelrace. In de huidige jaargang gaan de roodwitten al vanaf de start aan kop. “De titel zou een mooie bekroning zijn. Ook richting de fans, die ons elke uitwedstrijd massaal achternareizen.”

“Van het vorige kampioenschap heb ik de medaille, het shirt en de ingelijste foto nog. Er is in mijn huis zeker ruimte voor uitbreiding. Het zou mooi zijn als we in mei weer een feestje kunnen vieren.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over Ijsselmeervogels? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over Ijsselmeervogels.

In gesprek met Arie van der Giessen vrijwilliger van Kogelvangers

Arie van der Giessen (70) is sinds zijn zesde betrokken bij de voetbal in het algemeen. Sinds 1975 is hij verbonden aan de club uit Willemstad, zelf heeft hij ook in het eerste van de club gespeeld. Tegenwoordig is hij vrijwilliger.

Zijn taak bij de club is de kantine beheren, dit doet hij dan ook al vijfendertig jaar. “Ik besteed er gemiddeld vijfentwintig tot dertig uur per week aan. Dit doe, en kan, ik niet alleen. Een jongedame helpt mij dan ook, wat ik zeer prettig vind. Het is het zevende jaar waar ik mezelf inzet als vrijwilliger als kantinebeheerder. Ik zit ook al vijfendertig ruim in de evenementen commissie van de club. Het is dan ook echt mijn club, de Kogelvangers.” Door zijn inzet als vrijwilliger heeft hij een aantal speldjes ontvangen van de KNVB, door zijn inzet voor de club. Naast het voetbal is hij ook daadwerkelijk maatschappelijk betrokken bij Willemstad. Hij zit zich mede door een vereniging voor de belangen van het dorp binnen de gemeente. Door zijn betrokkenheid voor zijn club en dorp is hij zo ook geridderd door de burgemeester.

Zelf heeft hij ook nog een hele periode bij NSVV in Numansdorp gevoetbald, waaronder ook zijn jeugd, hij begon op zijn zevende. Hij heeft het daar ook nog tot het eerste elftal kunnen schoppen, wat eerste klasse speelde. In 1975 verhuisde hij naar de overkant van het water en schreef zich daarin bij Kogelvangers. Zo heeft hij ook nog deel uitgemaakt van het vroegere Brabants-elftal en in zijn tijd bij NSVV van het Hoeksche Waard-elftal.

Het was wennen toen hij was verhuisd naar Noord-Brabant. “Als ik terugblik op de eerste twee jaar, zou ik graag op mijn knieën over de brug zijn gekropen. In Willemstad werd er vijfde klasse gevoetbald, dat was voor mij erg wennen. Al snel kwamen er jongens uit de randstad hier wonen, waardoor we ook wel redelijk snel een aardig elftal hadden ontwikkeld.”

Volgens Arie is het voetbal van nu niet meer te vergelijken met het voetbal in zijn tijd. “Tegenwoordig gaat het spelletje veel sneller, vroeger was het alleen technischer. De meeste kunnen vandaag de dag ook honderd meter in tien seconden lopen. Ik heb dan ook respect voor de arbiters van vandaag de dag, die gasten op het veld lopen zo hard. Ik ging vroeger bijvoorbeeld altijd met mijn tas met spullen naar de club, zelfs als ik niet hoefde te voetballen kwam ik kijken met mijn tas. Dit omdat ze er altijd wel een ergens konden gebruiken.”

Vaak kwam de vader van Arie naar zijn zoon kijken. “Mijn vader kwam ook weleens kijken naar onze wedstrijd. Hij zei dan altijd: Kogelvangers is geen voetbalclub, maar een feestclub. Het was dan altijd zo gezellig op de vereniging. Ik heb het hier dan ook altijd naar mijn zin gehad en er kwamen steeds meer jongens die wel op aardig niveau gevoetbald hadden.”

Vroeger ging hij en zijn team ook wel een stappen. “Je kreeg dan vijf gulden zakgeld en moest het daar het hele weekend mee doen, dus daarvan de entree betalen om te dansen. De oudere jongens van het eerste haalde dan een rondje, maar je kreeg geen limonade. Je kreeg alleen bier. De eerste vier waren niet zo lekker, maar dat went vanzelf. Het was een echte leuke tijd als ik daaraan terugdenk.”

Arie is tevreden over wat er momenteel in het eerste van de club staat. “Er zijn een aantal jongens die ook echt kunnen ballen. Nu Robert Braber is teruggekeerd is het plaatje een beetje compleet. Ik ga dan ook iedere zaterdag kijken. Toen ik met mijn vrouw ging, vertelde ik haar, dat als ze mij zaterdag van de voetbal zou weghouden, we een probleem hadden.”

Met de selectie van het eerste elftal is de vrijwilliger zeer tevreden. “Het eerste van de club zie ik zeker eindigen bij de eerste vijf, misschien mag ik wel zeggen bij de eerste drie. We hebben het geluk als kleine club, dat we vijftien spelers hebben, die allemaal een beetje gelijkwaardig zijn. Het leukste vind ik dan ook, dat het allemaal jongens uit Willemstad zijn. De terugkeer van Robert Braber doet me ook goed, uiteraard. Tuurlijk zijn er een paar die beter zijn dan de andere, maar als ze elkaar moeten vervangen door een schorsing, dan is het ongeveer van dezelfde kwaliteit. Dat is voor ons het belangrijkste. We hoeven dan ook niet te promoveren, maar een periode pakken zou leuk zijn.”

 

Jeroen Tesselaar op zijn plek bij Quick Boys

Hij speelde vier jaar in de Schotse Premiership en kende twee prachtige seizoenen in Israël. Afgelopen winter tekende Jeroen Tesselaar (30) een contract bij Quick Boys. Een ideale omgeving om volledig fit te geraken, dacht hij aanvankelijk. Nu vormt de club van Nieuw Zuid een uitstekende combinatie met zijn maatschappelijke carrière. “Quick Boys is het leukste team waarin ik tot nu toe heb gevoetbald.”

KATWIJK – Wognum, Paisley, het buiten gebied van Glasgow, het centrum van de Schotse stad, Doetinchem, Tel Aviv en Jeruzalem. Jeroen Tesselaar woonde er de afgelopen negen jaar. “Nu ben ik weer aan het verhuizen, haha. We gaan naar een tijdelijke woning in Wognum tot onze nieuwe woning in dezelfde plaats wordt opgeleverd.”

Dan is Jeroen Tesselaar met vrouw Brigit en zoontje Moos definitief gesetteld. Een nieuw profavontuur heeft hij uit zijn hoofd gezet. “Toen ik vorig jaar bij Quick Boys aansloot, was ik clubloos en herstel de van een kniepeesblessure. Ik wist niet of ik de belasting van vijf dagen trainen plus wedstrijd aankon. Quick Boys traint drie keer. Dat was ideaal. Zo kon ik mooi helemaal t worden.”

Met de Katwijkers promoveerde hij via de Play-Offs naar de Tweede Divisie en tekende hij aansluitend een verlengde verbintenis van twee jaar. “Tot 1 augustus kreeg ik de tijd om een nieuwe profclub te vinden. Ik wilde graag terug naar Israël waar ik twee prachtige jaren heb beleefd. Maar de regels in de eerste divisie zijn verscherpt. In plaats van drie buitenlanders in mijn eerste jaar, twee in het jaar daarna, mochten clubs slechts één buitenlander meer contracteren. Een club kiest dan sneller voor een spits of een nummer tien dan een linksback. Ik ging half juli nog op proef bij MVV, maar dat pakte niet helemaal lekker uit. Nu richt ik me volledig op Quick Boys. Sinds begin september werk ik voor Mindshare, het grootste mediabureau van Nederland, in Amsterdam. De combinatie is ideaal.”

BOVENIN MIDDENMOOT
Bij Quick Boys heeft de linkspoot, op Nieuw Zuid centrale verdediger, het goed naar zijn zin. “Heel goed. Een leuke club en een leuk team. Het leukste waarin ik tijdens mijn carrière heb gespeeld. Ik rijd vaak vanuit mijn werk met Dennis Kaars, sinds kort mijn collega, naar de training. Terug carpool ik met Bert Steltenpool. Hij woont in Wervershoof, komt daardoor toch voorbij Wognum. We begonnen het seizoen moeizaam. Kenden veel pech, maar in het najaar zetten we een mooie reeks neer. Onze primaire doelstelling dit seizoen is handhaving, maar ik denk dat we bovenin de middenmoot kunnen eindigen. Al zijn bijna alle ploegen aan el- kaar gewaagd. Dat had ik niet verwacht.” Zijn gedachten dwalen nog regelmatig af naar Israël waar hij de clubkleuren van Hapoel Ramat Gan en Hapoel Katamon verdedigde. “In de zomer van 2016 liep mijn contract bij De Graafschap af. In mijn zoektocht naar een nieuwe club kreeg ik een bericht van een Nederlandse zaakwaarnemer, die ik niet kende, of ik openstond voor een avontuur in Israël. Dat leek me een mooie uitdaging. Ik hoorde zes weken niets en gaf de moed al op toen een tweede contact volgde. Ik vloog naar Tel Aviv. Een dag later, op donderdag, zou ik meetrainen met het eerste elftal van Hapoel Ramat Gan, maar zij speelden weer een dag later een competitiewedstrijd. Trainde ik mee met de Onder 19, omdat de linksback van het eerste anders zenuwachtig kon worden. Op maandag speelde ik een bekerwedstrijd tussen clubs van het tweede niveau. Daar mochten stagiairs starten. Ik had vijf maanden geen duel gespeeld, maar moest door de verlenging direct honderdtwintig minuten aan de bak. Een dag later tekende ik. In Schotland was het keihard werken en de lange bal. In Israël is het voetbal juist technisch.”

Een seizoen later verhuisde hij naar Hapoel Katamon, een club opgericht en geleid door supporters. “Twaalf jaar geleden begonnen ze helemaal onderaan. De oprichters waren supporters van Hapoel Jeruzalem, maar het niet eens met het clubbeleid. Onder trainer Lior Zade waren ze diverse keren gepromoveerd. Zade was mijn trainer bij Hapoel Ramat Gan en keerde terug naar Katamon. Hij belde me, maar spreekt enkel Hebreeuws. Gelukkig gaf hij de telefoon snel door aan de directeur voetbalzaken die wel Engels sprak. Daarna vertelde Assaf Cohen, een Israëlische schrijver, me alles over de club. Hij had acht jaar in Amsterdam gewoond en spreekt vloeiend Nederlands. Het deed me goed dat een club zoveel moeite ondernam om mij binnen te halen.”

HULP SUPPORTERS
Met zijn vrouw betrok hij een spiksplinternieuw appartement in Pisgat Ze’ev, een oude onorthodoxe Joodse wijk net buiten de Israëlische hoofdstad. “We wilden graag twee slaapkamers. In Tel Aviv had ik er één. Als mijn ouders, vrienden of familie overkwamen, moesten zij overnachten in een hotel. Peperduur. In Tel Aviv was mijn appartement gemeubileerd. In Jeruzalem niet, maar binnen de kortste keren kreeg ik van supporters het volledige meubilair aangeboden. Een bank, een bed, tafel, stoelen, zoiets had ik nooit eerder meegemaakt. Vanaf het dakterras zag ik de muur die de scheiding met de Westbank, Palestina betekent. Ik ben enkele keren door de checkpoints gegaan. Zelfs een keer naar Ramallah. Toen ik daarvan een post op Facebook zette, kreeg ik van ploeggenoten reacties of ik dood wilde en wat ik daar in godsnaam deed. Ik voelde me niet onveilig. Hoogstens dat bewoners vroegen of ze met mijn vrouw, die blond is, op de foto mochten.”

Van bomaanslagen of andere onveilige situaties heeft Jeroen Tesselaar niets gemerkt. “Geen enkele keer is het luchtalarm afgegaan. Al ging het onlangs weer even mis. Jeruzalem is een klassieke oude stad. Tel Aviv is een Westerse bubbel. Erg modern. Ook druk. Ik kocht daar een elektrische step en ging zo naar de training.” Na de jeugd van AZ, twee jaar Eerste Divisie met Telstar, vier seizoenen met St. Mirren en Kilmarnock in de Schotse Premiership en een jaar Eredivisie met De Graafschap betekende Israël een mooie afsluiting van zijn betaald voetbalcarrière. “Met mijn keuzes ben ik achteraf heel tevreden. Inclusief mijn keuze nu voor Quick Boys.” (SB)

Voor de hele krant van de tweededivisiekrant. Klik hier
Meer informatie over Quick Boys? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de tweededivisiekrant.
Klik hier voor een ander artikel over Quick Boys.

Nieuwenhoorn gaat vol voor meidenvoetbal met Patrick Lagerwaard!

0

Dat het damesvoetbal in Nederland aan populariteit wint is geen nieuws en ook binnen v.v. Nieuwenhoorn groeit de meidenafdeling door. Dit seizoen spelen de meiden in een speciaal voor hen ontworpen tenue en is er achter de schermen hard gewerkt om deze afdeling vanuit een gedegen organisatie te versterken en klaar te maken voor de toekomst. Dit heeft al geresulteerd in een 3e meidenelftal (MO13) naast de MO17 en MO19, maar vv Nieuwenhoorn wil meer meiden een plaats bieden om te voetballen!

De technische commissie heeft afgelopen week overeenstemming bereikt met Patrick Lagerwaard. Hij zal als bestuurslid damesvoetbal gaan bouwen aan een kwalitatief hoogwaardige dames- en meisjesafdeling op alle fronten, zowel op- als buiten het veld, waarbij ook aandacht is voor goed verzorgde randzaken. Patrick zal nauw gaan samenwerken met de VTC en de jeugdcommissie. Uiteraard moet Patrick nog wel officieel door de ALV worden benoemd. Patrick zal in de komende periode steeds vaker bij Nieuwenhoorn te zien zijn, de nodige kennismakingsgesprekken zijn inmiddels al gestart.

We vroegen Patrick om zichzelf voor te stellen en de overstap naar Nieuwenhoorn toe te lichten.

Mag ik mij even aan u voorstellen?

Mijn naam is Patrick Lagerwaard en ik ben 45 jaar oud. Ik ben getrouwd en heb drie kinderen. In december, net voor de feestdagen, ben ik gevraagd om Nieuwenhoorn te komen versterken. Dit zou dan met name moeten gebeuren op het gebied van dames/meidenvoetbal. Het doel is om samen een goede en levensvatbare dames/meidenafdeling te organiseren met daarin per leeftijdsklasse meerdere teams die spelen op een zo hoog mogelijk niveau. Hierover zullen jullie de komende tijd meer gaan horen.

Mijn achtergrond met het voetbal is dat ikzelf heel wat jaren als kind heb gevoetbald tot een enkelblessure ervoor zorgde dat dit niet meer ging. Ik voetbalde bij FC Vlotbrug. Ik was geen hoogvlieger, maar haalde door inzet wel selectieteams. Dat is dan ook mijn stijl. Door inzet, samenwerking en optimaal gebruik van een ieders talenten een zo hoog mogelijk niveau halen. Heel belangrijk hierbij is dat ik de sfeer niet uit het oog verlies. Deze moet optimaal zijn en af en toe ontspannen is er dan ook bij. Meidenvoetbal is immers meer dan alleen voetbal!

n 2011 raakte ik weer verstrikt in het verenigingsvoetbal doordat mijn zoontje ging voetballen bij de ministars van VV Hellevoetsluis. Al vrij snel (2012) ging ik de ministars ook trainen en groeide samen met mijn zoon mee in diens voetbalcarrière. Selectieteams getraind, maar ook de laagst geklasseerde teams. In 2017 stopte mijn zoon met voetballen en werd het tijd om mijn dochter ook haar verdiende aandacht te schenken als trainer. In eerste instantie een gemengd team en vanaf 2018 op verzoek van de vele aanwezige meiden een meidenteam (MO13). Na het eerste toch wel succesvolle seizoen (ongeslagen, maar net geen kampioen in de 2de klasse) is daar dit seizoen een tweede team bijgekomen (MO15). Ik train MO15 en coördineer het meidenvoetbal in het algemeen.

Toen kwam daar zoals ik al stelde het verzoek van v.v. Nieuwenhoorn. Een aanbod te mooi om links te laten liggen. De mogelijkheid om een meidenafdeling op te zetten, met de beschikking over diverse middelen en faciliteiten. Vooral dat laatste vind ik heel belangrijk. Voetbalclubs die al wat langer bestaan en op wat oudere terreinen spelen beschikken in principe niet over de faciliteiten om het meidenvoetbal goed te faciliteren. De clubs zijn er simpelweg niet op gebouwd en dan is het toch altijd wat schipperen. Bij Nieuwenhoorn is in de huidige situatie wat meer ruimte en de wens om te investeren in een ruimer aanbod qua faciliteiten. Dit alles om zo het groeipotentieel van het dames/meidenvoetbal alle ruimte te bieden. Dat sprak mij erg aan en om die reden heb ik ja gezegd. Ik heb het meidenvoetbal namelijk erg hoog zitten en denk dat hier nog veel te bereiken is. Ik hoop dat de komende jaren samen met jullie en alle meiden die er al zijn en nog gaan komen te bereiken! Tot snel.

Wil je meer informatie over de club Nieuwenhoorn? Klik hier.
Lees hier de krant van Voorne-Putten.

Molendijk, Van der Lijn, De Bruijne en Winterberg verlengen ook bij V.V.Nieuwenhoorn

0

Na eerder al het positieve nieuws dat een zevental spelers komend seizoen ook weer in het zwart wit te bewonderen zijn, de terugkomst van oude bekenden als Delano a’Cohen, Ferani van Vugt en Yannick o’Callaghan en het verwelkomen van Tom den Boer, kunnen we weer mooi nieuws naar buiten brengen.

Komend seizoen zullen de ervaren rotten Frank Molendijk en Melvin Winterberg gewoon nog steeds te bewonderen zijn in het Bakker Bouw tenue. Frank, dit seizoen aanvoerder en leider van de achterhoede, gaat dan alweer zijn vierde seizoen in bij Nieuwenhoorn.

Melvin Winterberg, die na het seizoen 2017-2018 terugkwam op het oude nest, heeft ook aangegeven komend seizoen graag weer in het zwart wit te spelen. De betrokken stylist met heerlijke linkerbeen zal naast zijn activiteiten ook weer aan de gang gaan als assistent trainer van het JO19-1 team.

Naast de twee ervaren rotten blijven ook de fanatieke Tim van der Lijn en stabiele kracht Roeland de Bruijne komend jaar aan de Rijksstraatweg spelen. Tim kwam ook in het seizoen 2018-2019 terug in het zwart wit te spelen en dat bevalt goed. Daarnaast is hij meer dan betrokken bij de club. Want naast komend seizoen te proberen een onomstreden basisspeler te zijn, gaat hij zich wederom hard maken voor en in de Sponsorcommissie.

Roeland de Bruijne gaat ook al weer zijn derde seizoen in bij Nieuwenhoorn. Roeland, een stabiele kracht die zijn mannetje staat in de verdediging, heeft het enorm naar zijn zin en voelt zich helemaal op zijn plaats. Roeland, Melvin, Frank en Tim hopen ook komend seizoen een succesvol seizoen te hebben waarin sportiviteit en plezier hand in hand gaan.

Als Nieuwenhoorn zijnde zijn we uiteraard erg blij dat veel spelers aangeven te willen blijven komend seizoen. Daarnaast juichen we de ontwikkeling dat spelers van de selectie zich meer en meer betrokken voelen bij de club en rollen als (assistent) trainer of een plek in een commissie oppakken toe. Dit maakt dat alle lagen binnen de club meer en meer met elkaar verbonden zijn en blijven. Iets waar je als vereniging alleen maar positief over kunt zijn.

Foto: website V.V.Nieuwenhoorn.

Bron artikel: website V.V.Nieuwenhoorn.

Meer informatie over V.V. Nieuwenhoorn? Klik hier.
Klik hier voor een ander artikel over de V.V. Nieuwenhoorn.

 

Jeffrey Burger zorgt voor code rood bij Nieuwenhoorn

0

Als Jeffrey Burger zich in het strafschopgebied meldt, is het voor de tegenstanders in de tweede klasse code rood. De jonge aanvaller was dit seizoen al goed voor dertien competitietreffers voor Nieuwenhoorn 1. “Ze hoeven er niet mooi in, als ze er maar ingaan.”

Het beroemde ‘tunneltje’ van kleedkamers naar het hoofdveld van Nieuwhoorn: bijna iedere jeugdspeler hoopt er ooit de gang te maken tussen zijn ploeggenoten van het eerste elftal. Voor Burger liep dat pad via een omweg. Omdat zijn kansen uitbleven, week hij voor één seizoen uit naar toenmalig derdeklasser Rockanje. “Ik dacht dat dat beter was voor mijn ontwikkeling”, reageert Burger (24). “Ik kwam niet aan spelen toe bij Nieuwenhoorn. En als je niet speelt, sta je stil in je ontwikkeling.” Omdat hij dreigde te verpieteren in het tweede elftal liet hij zijn geliefde club even achter zich. In Rockanje vond hij wat hij zocht: een basisplaats. Het vertrouwen wat hij kreeg, betaalde hij terug in doelpunten. “Ik heb persoonlijk een prima jaar gehad. Ik scoorde bij de vleet.” Hij werd topscorer met vijftien doelpunten en dat was opvallend, omdat hij bij een degradatiekandidaat speelde.“ Dat we zijn gedegradeerd, daar baal ik wel van. De doelpunten krijgen een meerwaarde als ze geholpen hadden bij de handhaving.” Terug in Nieuwenhoorn lag er niet meteen een basisplaats voor hem te wachten. Onder trainer Ron van den Berg kreeg hij beetje bij beetje meer speelminuten. “Ergens in december heb ik een basisplaats gekregen.” “Door hard te werken”, voegt de Hellevoeter eraan toe. Een eigenschap die van toepassing is op zijn spel. Liever een meter te veel lopen en een persoonlijk duel meer dan van een afstandje toekijken. Burger is van het doorgaan en zeker niet van de feilloze techniek. “Ik geef altijd honderd procent.” En als het om doelpunten gaat, heeft hij een neusje voor de goal. “Ik maak veel goals omdat ik op de goede plek sta. Dat is intuïtie. Ik vind het ook helemaal niet belangrijk hoe de ballen erin gaan, als ze er maar ingaan.” Zijn missie dit seizoen met Nieuwenhoorn is duidelijk: kampioen worden. Vorig seizoen strandde Nieuwenhoorn in de nacompetitie. “Als de nacompetitie dit seizoen begint hoop ik andere dingen te doen”, zegt Burger, die het voor niets minder doet dan het kampioenschap. Na elf van de 26 wedstrijden liggen de aanvaller en zijn consorten op koers voor een feestje. De voorsprong op Oostkapelle bedraagt vijf punten. “Als we scherp blijven geven we de koppositie niet meer uit handen. Vooralsnog gaat alles naar wens. Vlak voor de winterstop wonnen we met 5-1 van Hellevoetsluis.” Nieuwenhoorn is in de tweede klasse E ingedeeld met veel Zeeuwse clubs. “Het niveau is minder dan vorig seizoen toen we in de Rotterdamse poule zaten, maar daar tegenover staat dat de beleving groter is. De clubs in Zeeland brengen allemaal een aardige aanhang op de been. Het is even reizen, maar het is altijd leuker om voor meer publiek te spelen.”

Wil je meer informatie over de club Nieuwenhoorn? Klik hier.
Lees hier de krant van Voorne-Putten.

Van Seventer moedigt aanvalslust Rozenburg aan

0

Rozenburg maakt in de tweede klasse als promovendus een sterke indruk. “Vorig seizoen heeft ons een hoop vertrouwen gegeven”, zegt Elroy van Seventer. De 28-jarige verdediger is al tien jaar lang een stabiele factor in de verdediging van de Rozenburgers.

Een minpuntje dit seizoen? “Zeker en vast het aantal tegengoals”, hoeft Van Seventer niet lang na te denken. “Dat mag wel wat minder.” En met een lach: “Toen we onlangs voor de eerste keer tegen CWO de nul hielden, ging bijkans de vlag uit.”

Heel erg druk om het aantal tegentreffers maakt Van Seventer zich niet. Het hoort volgens hem bij de aanvallende speelwijze die Rozenburg hanteert. “Ik vind het alleen maar goed dat de trainer ook in de tweede klasse vasthoudt aan zijn fi losofi e. Ook ik ben ervan overtuigd dat ons elftal meer actief dan reactief kan spelen. Die aanvalslust is prima zo. En ja, dat we dan wat meer doelpunten moeten slikken moet je dan op de koop toenemen. Je komt nou eenmaal vijf, zes keer per wedstrijd in een ondertalsituatie terecht als je zelf het initiatief hebt en de tegenstander een uitval heeft. Je geeft altijd ruimte weg als je aanvalt. Het is bijkomende schade. Zolang we meer doelpunten maken dan we tegen krijgen zal ik niet zeuren. Bovendien levert aanvallen veel meer plezier op dan verdedigen.”

Met zijn één meter 93 en 85 kilo is Van Seventer het prototype van een centrale verdediger. “Ook ik speel het liefst tegen statische spitsen. Ik schuw het duel niet. Die bewegelijke aanvallers liggen mij minder. Gelukkig ben ik die nog niet heel veel tegengekomen.”

De beste? “Die spits van Alexandria’66, Deekman, was wel heel slim. Die deed nauwelijks mee aan het spel, maar aan het einde van de rit had hij er wel mooi drie inliggen. Dat was minder.” Hij vindt dit seizoen meestal Michael den Ouden aan zijn zijde. “Michael is terug van een blessure. Ik sta meestal rechts in het centrum, maar dat kan nog wel eens verschillen. We spelen met twee rechtspoten. Dat gaat overigens prima.”

Handhaving was de logische doelstelling van Rozenburg aan het begin van het seizoen. Inmiddels is deze veranderd. “Veilig zijn we al, of we moeten alles gaan verliezen. Dat lijkt mij niet waarschijnlijk. We moeten kijken wat er nog meer te halen valt.”

Van Seventer komt uit een echte Rozenburg-familie. Zus Tara (24) speelt in het eerste vrouwenelftal, vader John is al tien jaar scheidsrechter bij thuiswedstrijden van dat team. Daarnaast is hij ook sponsor. “Ik ga wel eens kijken. Hij kan het nog prima bijbenen, Tara doet het niet onaardig. Ik heb nog een tweelingzus, Milon. Die voetbalt niet, maar volleybalt. Bij Volley Zuid in Rotterdam.”

Wil je meer informatie over de club Rozenburg? Klik hier.
Lees hier de krant van Voorne-Putten.

G-Toppers TSC debuteren met kampioenschap

In het debuutjaar gelijk het kampioenschap winnen: de G-Toppers van voetbalvereniging TSC flikten het. Zij grepen afgelopen seizoenshelft de titel, terwijl ze nog nooit competitie hadden gespeeld. Oprichter Hans den Exter is verguld van trots.

Hans den Exter kijkt met veel plezier terug op het eerste kampioensfeestje dat de G-Toppers van TSC mochten vieren, eind november. “De week voor het kampioenschap zaten sommigen al redelijk in de stress.

‘Stel dat we winnen, dan zijn we kampioen. Hoe moet dat dan?’, vroegen zij zich af. De een was stiknerveus, de ander dacht: ik schiet er wel vier in. Uiteindelijk wonnen we met 6-0”, vertelt de oprichter van het G-team van de Oosterhoutse voetbalclub trots. “Het feestje op het veld en daarna in de kantine was fantastisch.”

23 G-TOPPERS
Eind 2014 kreeg Den Exter een telefoontje van een bevriende trainer bij JEKA: kunnen wij met ons G-team eens tegen dat van jullie voetballen? ‘Als we er een zouden hebben wel’, was het onbevredigende antwoord dat de clubman zijn kennis moest geven. “Ik ben toen naar het bestuur van TSC gegaan en die zeiden dat het oprichten van een G-team al lang op de agenda stond. Ik heb affi niteit met deze doelgroep vanuit mijn werk en ben ermee gestart.” Eén oproepje op sociale media was genoeg om vijf jongens enthousiast te maken. “Daarmee begonnen we in een hoek van een van de velden te voetballen. We hebben een half seizoen lekker getraind.” Aan het begin van het daaropvolgende seizoen zag Den Exter al 23 G-Toppers op het voetbalveld verschijnen. “Die waren via anderen bij ons gekomen, kenden bijvoorbeeld jongens die al bij ons voetbalden.”

Competitie spelen was toen nog wat te vroeg, maar afgelopen mei werd besloten het team alsnog in te schrijven. Met succes en de eerste trofee in de prijzenkast als resultaat. “Bij ons is iedereen met een beperking welkom. We hebben een leuk en enthousiast team, met zo’n vijftien jongens en mannen van tussen de 10 en 32 jaar oud.” De competitie telde acht ploegen, waarvan de G-Toppers uit Oosterhout dus de besten bleken.

TRAINERS
Aangezien Hans den Exter vanwege zijn werk, hij is ambulant begeleider en coach van mensen met een licht verstandelijke beperking, niet altijd bij de trainingen kan zijn, heeft hij andere trainers gezocht. Die vond hij, in de vorm van twee ouders en een derde enthousiasteling. Jurgen, Richard en Bram vormen nu de driekoppige trainersstaf van de G-Toppers. “Ik ben er heel trots op dat we dit ooit hebben opgericht en het nu zo goed gaat. Het is ook leuk om het enthousiasme van de mensen binnen de club en de sponsoren te zien. Het G-voetbal bij TSC slaat echt aan.” Met een mooi kampioensfeest als eerste tastbare resultaat.

Wil je meer informatie over de club TSC? Klik hier.
Lees hier de krant van Oosterhout.

Foto: HermannOttoIsrael

TSC Dames weer een kampioenschap?

De dames van TSC hebben een geweldige eerste seizoenshelft beleefd in de vierde klasse. In het tweede jaar na hun promotie beleggen ze de koppositie. Een tweede kampioenschap in drie seizoenen tijd lonkt.

Het is alweer drie jaar geleden dat de trainerscarrière van Rob van Hooff (40) uit het niets begon. Op verzoek van zijn vriendin Avelon hielp Van Hooff, zelf als spits actief in Nederland en België, het damesteam van VV Oosterhout door de laatste periode van het seizoen te trainen en coachen. Hij kon jammer genoeg niet voorkomen dat de resterende drie wedstrijden verloren gingen. Het trainerschap beviel hem echter wel en hij besloot zich daarom in het daaropvolgende seizoen ook aan dit team te verbinden.

VECHTMACHINE
In de rumoerige zomer die volgde besloten de dames de gevoelige overstap te maken naar TSC. Daar werd het team warm ontvangen en kon het een nieuwe start maken. Het begin van het eerste seizoen bij TSC verliep erg moeizaam. Twijfel sloeg toe bij de nieuwbakken trainer, want Van Hooff wist niet of hij wel de juiste persoon was om dit team te begeleiden. Hij besloot om zich nog verder te verdiepen in het trainersvak, bekeek online vele trainingsoefeningen en stelde een trainingsprogramma op voor zijn vrouwen.

Het vertrouwen bij trainer en speelsters groeide. Van Hooff ontwikkelde zich en onder hem groeide het team uit tot een echte vechtmachine. De resultaten waren er ook naar: alles werd gewonnen, met het behaalde kampioenschap als de kroon op dit mooie seizoen.

In het tweede seizoen bij TSC sloot vriend Dirk-Jan van Gerwen aan als assistent om de hoofdtrainer werk uit handen te nemen. Zo kwam er meer tijd vrij om spelers persoonlijk te begeleiden en beter te maken. Aan het begin van het tweede seizoen is er veel arbeid geleverd door trainers en speelsters en de vruchten daarvan werden bij de start van het nieuwe voetbaljaar geplukt: de eerste zes wedstrijden werden allemaal gewonnen. In de daaropvolgende duels ging het echter niet zo makkelijk en kwam het team in een dipje terecht. Door hard werken en goed trainen hebben ze aan het einde van het voetbaljaar weer behoorlijk kunnen presteren, met een vierde plaats als resultaat.

FIER
Van Hooffs doelstelling voor het huidige seizoen was een plaats in de top drie van de vierde klasse. Rob, Dirk-Jan en de dames van TSC Vrouwen 1 zijn ervan overtuigd dat dit ook behaald gaat worden en gezien de stand op dit moment zijn ze goed op weg. Het team gaat fier aan kop door de 25 behaalde punten uit 9 wedstrijden. Ze scoren er lustig op los en hebben inmiddels al meer dan veertig doelpunten gemaakt. Het is natuurlijk nog veel te vroeg om over een kampioenschap te praten, maar staf en speelsters zitten in een goede flow en werken hard om elke week weer het beste uit zichzelf te halen.

Wil je meer informatie over de club TSC? Klik hier.
Lees hier de krant van Oosterhout.

Foto: HermannOttoIsrael