Home Blog Pagina 36

Stichting Kinderopvang Mariadonk: Waarom steeds meer ouders kiezen voor een gastouder

Wie de jeugd van DIOZ ziet spelen, kent de letters ‘SKM’ van de shirts. Stichting Kinderopvang Mariadonk is al jaren shirtsponsor van de Zegse jeugd en biedt kinderopvang in verschillende vormen – van kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang tot een eigen gastouderbureau. En juist dat laatste verdient volgens bemiddelingsmedewerker Ilona de Jong meer aandacht.

‘We merken dat steeds meer ouders bewust kiezen voor een gastouder,’ vertelt De Jong. ‘Niet iedereen voelt zich prettig bij een kinderdagverblijf met grote groepen kinderen. Een gastouder vangt maximaal vijf of zes kinderen op in een huiselijke omgeving. Dat betekent rust, overzicht en persoonlijke aandacht. Bovendien zijn gastouders vaak flexibeler. Ouders kunnen beter maatwerk afspreken en hoeven niet altijd vaste tijdsvakken af te nemen zoals bij een BSO.’

SKM onderscheidt zich van grote bureaus door kleinschaligheid en persoonlijke begeleiding. ‘Wij werken met elf gastouders in Roosendaal, Zegge, Oudenbosch en omgeving. Daardoor kennen we iedereen goed en hebben we korte lijnen,’ legt De Jong uit. ‘We zorgen voor de bemiddeling tussen vraagouders en gastouders, maken de contracten in orde en begeleiden nieuwe gastouders in het voldoen aan alle wettelijke eisen. Denk aan veiligheid, hygiëne, inschrijving in het Landelijk Register en een geldige Verklaring Omtrent Gedrag.’

Een van die gastouders is Collinda uit Roosendaal met haar opvang ‘t Rebelleke. Na jaren in de ouderenzorg gewerkt te hebben, maakte ze dertien jaar geleden de overstap naar gastouderopvang. ‘Ik bracht mijn zoontje destijds zelf naar een gastouder en had daar zo’n goede klik mee dat ik dacht: dit wil ik ook’, vertelt ze.

Een dagje mee met Collinda
Haar dagen beginnen vroeg. ‘Tussen zeven en half negen worden de kinderen gebracht. We starten rustig met vrij spelen in de speelkamer en daarna werken we met een maandelijks thema. We lezen boekjes, doen woordkaarten, zingen liedjes en knutselen. Het zijn peuters en kleuters, dus hun spanningsboog is kort – spelenderwijs leren werkt het beste. Daarna hebben we een fruitmoment en trekken we eropuit: naar het bos, de speeltuin of gewoon lekker de tuin in om te voetballen of te rennen. Beweging is belangrijk voor kinderen, en buiten zijn doet ze zichtbaar goed.’

Na de gezamenlijke lunch doen sommige kinderen een dutje en is er ruimte voor rustig spel of creatieve activiteiten. ‘’s Middags dansen we soms of houden we een mini-disco’, lacht Collinda.

Collinda merkt dat veel ouders de overstap naar gastouderopvang bewust maken. ‘Ze zeggen vaak: hadden we dit maar eerder gedaan. Je kunt de kinderen veel aandacht geven, ze voelen zich geborgen. Met goed weer zijn we altijd op pad. Ik heb een Kiddy Bus waarin de kinderen als prinsjes en prinsesjes zitten. Voor hen is het een avontuur en voor mij is het een mooie manier om ze de wereld te laten ontdekken.’

Volgens De Jong is dat precies wat gastouderopvang zo waardevol maakt. ‘Het is flexibel, persoonlijk en vertrouwd. En dankzij onze begeleiding weten ouders dat alles goed geregeld is. Ook voor nieuwe gastouders bieden wij begeleiding en scholing, zodat zij professioneel kunnen starten.’

Ouders die geïnteresseerd zijn in een plek bij een van de gastouders of mensen die zelf gastouder willen worden, kunnen contact opnemen via info@gob-skm.nl. ‘We nodigen iedereen uit om eens te komen kijken en kennis te maken’, besluit De Jong.

RKVV ontvangt komende vijf jaar internationale profclubs op trainingskamp

0

De afgelopen zomer was het een komen en gaan van internationale profclubs bij RKVV Roosendaal. Zo maakten Livingston – kampioen van het tweede niveau van Schotland – Rakow Czestochowa – nummer 2 van Polen – OFI Kreta – nummer 6 van Griekenland – en Lokomotiva Zagreb uit Kroatië gebruik van de faciliteiten van sportpark Hulsdonk. Iets wat we de komende jaren vaker gaan zien, onthult vicevoorzitter Tim Kerseboom: ‘Hiermee kunnen we de club mooier gaan maken.’

Eind september zette de club namelijk een handtekening onder een vijfjarig contract met PR Sport. Een bedrijf dat trainingskampen organiseert voor BVO’s in de voorbereiding. Het contact tussen deze partijen kwam tot stand via het Otium Welness Hotel aan De Stok. Dit hotel was eerder in zee gegaan met PR Sport, om in de zomer als onderkomen voor voetballers te fungeren. ‘Daar varen zij wel bij, om in een rustige maand vollebak bezetting te hebben’, legt Kerseboom uit. ‘Wij zijn na contact met Otium al vrij snel benaderd door Jacco Jansen van PR Sport. Hij stelde voor om deze driehoek te maken.’

En zo geschiedde. Maar, als je profclubs over de vloer krijgt, is het belangrijkste vereiste goede velden. Dus namen grasmeesters, die ook bij NAC in dienst zijn, de velden van Roosendaal een maand voor ontvangst van de clubs in beheer. Zij deden er alles aan om deze in optimale staat te krijgen. ‘Eerst begonnen ze met bemesten en prikken’, vertelt Kerseboom. ‘Daarna als het gras begint te groeien, nadat het zon en water heeft gehad, moet het iedere dag gemaaid worden. Anders groeit het gras omhoog en wordt het niet dicht genoeg, heb ik me laten vertellen. Ik kreeg op een gegeven moment iedere dag foto’s doorgestuurd van de grasmeesters, dus ik heb hier het een en ander over opgestoken de afgelopen maanden’, lacht de vicevoorzitter. ‘Als je de velden zag, kreeg je gewoon zin om je voetbalschoenen aan te trekken. Werkelijk de droom van iedere voetballer.’

Afgelopen zomer was een soort proefperiode, om te ontdekken of het project bij de RKVV zou bevallen. En dat deed het: ‘Het is een mooi verdienmodel voor ons als club’, zegt Kerseboom. ‘We ontvangen huur voor het gebruik van ons complex, delen mee in de recette en ontvangen horeca-inkomsten. Dat komt allemaal ten goede van onze club. Zo kunnen we bijvoorbeeld alle doelen vervangen.’

OFI Kreta heeft al toegezegd terug te keren komend jaar. De andere clubs worden waarschijnlijk pas in maart of april bekend, maar Kerseboom weet dat PR Sport goede connecties heeft in Griekenland: ‘Zo zitten bijvoorbeeld Olympiakos en AEK Athene in hun stal, maar wordt er ook gesproken met clubs als Chelsea en Anderlecht.’

Livingston werkte ook twee oefenwedstrijden af op sportpark Hulsdonk, tegen Patro Eisden en Lommel. Volgend seizoen zullen alle clubs een wedstrijd met publiek spelen: ‘Daar zullen dan tickets voor te koop zijn, waarvan een gedeelte van de inkomsten naar ons gaat.’

Om zulke wedstrijden, maar ook de trainingen, in goede banen te leiden, wil Roosendaal voor komende zomer een team aan vrijwilligers op de been krijgen: ‘We hebben al een fantastische groep met bereidwillige vrijwilligers. Maar hoe mooi zou het zijn als je als achttienjarige je nieuwe voetbalschoenen hiermee kunt verdienen, in plaats van met aardbeien plukken. We hopen dat de allure van die profclubs daar een rol in gaat spelen.’

Klik op Rkvv Roosendaal voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Rkvv Roosendaal voor meer informatie over de club.

“Van blessure naar comeback, OrthoMedic zet voetballers weer in het spel”

0

Blessures horen helaas bij het voetbal. Een misstap, een harde tackle of simpelweg overbelasting kan al genoeg zijn om weken langs de kant te staan. Gelukkig staat OrthoMedic klaar om spelers snel én verantwoord terug het veld op te helpen.

Bij OrthoMedic staat Aandacht, Actie en Advies centraal. Iedere sporter krijgt een behandelplan op maat, afgestemd op de blessure, maar ook op de persoon achter de blessure. Van een verrekte hamstring tot een gescheurde kruisband: met een gericht behandelplan en moderne behandelmethodes wordt gewerkt aan een sterk en duurzaam herstel.

Toch draait het bij OrthoMedic niet alleen om genezen. Preventie is minstens zo belangrijk. Veel voetbalblessures kunnen namelijk worden voorkomen door gerichte krachttraining, mobiliteitsoefeningen en looptechniek. Spelers leren hun lichaam beter kennen, waardoor de kans op terugval een stuk kleiner wordt. Hier wordt dan ook steeds vaker gebruik van gemaakt.

Voor wie een ernstige blessure oploopt en een operatie moet ondergaan, zoals bij een gescheurde kruisband of meniscus, biedt OrthoMedic gespecialiseerde post-operatieve zorg. Zo’n operatie is het begin van een intensief traject. Met een duidelijk plan en persoonlijke begeleiding helpen de therapeuten sporters veilig, verantwoord en gemotiveerd hun herstel door.

Daarbij maakt OrthoMedic gebruik van moderne meetapparatuur om iedere fase van het herstel nauwkeurig te monitoren. Zo worden onder meer force plates ingezet die de verschillen tussen links en rechts objectief in kaart brengen en kracht kunnen uitdrukken in cijfers. Door deze gegevens te analyseren, werken therapeuten gericht aan het minimaliseren van afwijkingen en zorgen ze ervoor dat sporters voldoen aan de normwaarden. Zo weet iedere speler zeker dat hij of zij veilig en volledig hersteld terug het veld op kan.

Eren zijn weg terug na een kruisbandoperatie

Eren (20), middenvelder bij RKVV Roosendaal O23, scheurde vorig seizoen zijn voorste kruisband tijdens een toernooi. “Het voelde alsof mijn seizoen én misschien wel mijn hele voetbalcarrière voorbij waren,” vertelt hij. “De eerste weken na de operatie waren zwaar, ik had nauwelijks kracht in mijn been en twijfelde of ik ooit weer op mijn oude niveau zou komen.”

Bij OrthoMedic vond Eren de juiste begeleiding. “Vanaf dag één kreeg ik een duidelijk plan. Eerst werkten we aan basisdingen zoals lopen en stabiliteit. Daarna werd het stap voor stap zwaarder, met krachttraining en uiteindelijk zelfs veldtraining. Het hielp enorm dat alles meetbaar werd gemaakt met de force plates. Zo zag ik letterlijk mijn vooruitgang, en dat gaf vertrouwen.”

Na maanden hard werken traint Eren nu weer mee met de ploeg. In de laatste fase van zijn herstel worden de speelminuten steeds verder opgebouwd. “We beginnen met situaties als vrije man en werken toe naar volledige fysieke duels,” legt Robin van Wensveen, fysiotherapeut bij OrthoMedic, uit. Eren voelt zich inmiddels sterker dan ooit en kan niet wachten om zijn eerste wedstrijdminuten te maken. “Voor mij was het belangrijk om niet te haasten, maar om op de best mogelijke manier terug te komen. De persoonlijke begeleiding bij OrthoMedic gaf me precies dat vertrouwen.”

Met passie voor sport, kennis van het lichaam, moderne technologie én oog voor de mens achter de voetballer, is OrthoMedic dé plek waar je niet alleen herstelt van een blessure, maar ook sterker terugkomt.

‘Er is nog veel te bereiken in het vrouwenvoetbal’

0

Stoppen of nog één keer zijn laatste kunstje uithalen? Het werd dat laatste. Want nadat Dirk van Akkeren benaderd werd door Achtmaal of hij trainer wilde worden van de dames, besloot hij na een aantal goede gesprekken toch met de club in zee te gaan. “We hebben twee uur lang met elkaar zitten praten en er was meteen een klik.”

Toch moet Van Akkeren (48) na periodes bij onder meer FC Bergen, BSC en als materiaalman en vertrouwenspersoon bij de FC Twente Vrouwen, wel even wennen, geeft hij eerlijk toe. “Het bevalt goed, maar het is een andere slag dan ik gewend was. Ze willen hier meer plezier hebben dan écht het serieuze.” Zijn speelsters trapten dan ook al snel op de rem, vertelt de inwoner van Bergen op Zoom. “Je merkt dat we tegen bepaalde dingen aanlopen. Te weinig meiden, of net genoeg. Dan moet je de jeugd de kans geven of dames vragen van de 30+.”

Niet te vergelijken

Al maakt Van Akkeren zich voorlopig, ook na 34 seizoenen als trainer, nog niet al te veel zorgen. “Uiteindelijk komt het goed! Die meiden willen hartstikke graag, dus het is ook een beetje van beide kanten aanpassen. Na al die jaren, leer ik zelf ook nog steeds.” Na zeventien jaar als trainer van verschillende damesteams, weet de oefenmeester, in het bezit van zijn VC2, dan ook wel waar hij over praat. “Een vereniging als Achtmaal, is natuurlijk niet te vergelijken met een BSC of FC Twente.” En ook niet met SC Gastel, zijn vorige club waar hij onderdeel was van de staf. “Daar zijn we uiteindelijk naar de eerste klasse gegaan.” Heel even, dacht Van Akkeren er dan ook over na om te stoppen op zijn hoogtepunt. “Of er moest iets leuks op mijn pad komen.

Toen belde Achtmaal.” Een aantal goede gesprekken later, besloot hij in te stappen bij de derdeklasser. “Ook het gesprek met de dames zelf, was heel erg leuk. Dat duurde twee uur en je merkte meteen dat we een klik hadden.” Tijd dus, om zijn naar eigen zeggen laatste kunstje uit te halen. “Ik ben begonnen als trainer toen ik vijftien was. Dan is het ook een keer mooi geweest en moet je gaan genieten van andere dingen dan op het veld staan.” Al zegt zijn trainershart wat anders, lacht Van Akkeren. “Die blijft maar doorgaan!” Ook de mensen in zijn omgeving, moedigden hem aan. “Pak die kans! En je moet doorgaan, anders word je chagrijnig. Zeggen ze dan.” Spijt om naar die goedbedoelde adviezen te luisteren, heeft hij vooralsnog niet. “De groep is heel gezellig, ook na de wedstrijd. Daarnaast zijn er voetbaltechnisch ook genoeg mogelijkheden.”

Andere aanpak

Mogelijkheden die Van Akkeren zelf als voetballer, helaas nooit helemaal heeft kunnen benutten. “Ik ben keeper geweest, bij FC Bergen en Borgvliet, tot ik geblesseerd raakte aan mijn knie.” Een scheur van een centimeter, noopte hem om op zijn 21ste te stoppen met voetballen. “Op die manier ben ik er ingerold als trainer, bij een D-team.” Dat beviel Van Akkeren zo goed, dat hij besloot om zijn trainerspapieren te gaan halen. “En sindsdien, is die passie alleen maar groter geworden.” Hoe dat komt? “Omgaan met jeugd en volwassen, blijft mooi om te mogen doen. Je bent ook een soort psycholoog én opvoeder. Alles om een speler op te laten bloeien.” Al vraagt het trainen van een vrouwenteam, een andere aanpak dan bij de mannen. “Bij mannen kun je hard zijn, ‘to the point’.

Bij vrouwen moet je het voorzichtig brengen. Er is nog een behoorlijke inhaalslag te maken. Eigenlijk staat het vrouwenvoetbal nog altijd op een laag pitje.” En dat is jammer, vindt Van Akkeren. “Veel trainers willen geen vrouwenelftal trainen, terwijl er nog heel veel te bereiken is.” Hoe probeert hij dat zelf voor elkaar te krijgen? “Ik kan wel streng zijn, op het moment dat het moet. Anders probeer ik de teugels zo veel mogelijk te laten vieren.”

Om dit seizoen uiteindelijk, minimaal in de middenmoot te eindigen. “Vorig jaar zijn ze laatste geworden, dus dat is een mooie doelstelling. In de derde klasse, valt voor ons nog genoeg te leren.” Zeker met het oog op de toekomst. “We moeten de jeugdige dames zoveel mogelijk proberen te ontwikkelen, zodat we daar later profijt van hebben.” Bij echt zijn laatste club. Toch? “Of er moet echt nog een héél mooie uitdaging komen.” Voorlopig, denkt Van Akkeren daar echter nog niet aan. “Ik wil zo lang mogelijk bij Achtmaal blijven. Het liefste een paar jaar.” Ook al is dat een klein stukje rijden, vanuit Bergen op Zoom. “Als het goed zit, maakt dat niks uit!”

Klik op VV Achtmaal voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Achtmaal voor meer informatie over de club.

Dobbe geniet bij Wernhout: ‘Voetbal zit in mijn hart en nieren’

Na een uitdagend seizoen als trainer van het tweede van Zundert, streek Edwin Dobbe afgelopen zomer neer bij Wernhout. Een nieuwe omgeving, waar het voetbaldier zich voorlopig helemaal thuis voelt. “Ik ben met open armen opgevangen.”

Een warm welkom, dat Dobbe (59) na een moeilijk seizoen als trainer van het tweede van Zundert, wel even kon gebruiken. Helemaal, nadat hij na jaren als jeugdtrainer en hoofdtrainer van het derde, de kans kreeg om zich verder te ontwikkelen. “In totaal heb ik 48 spelers gebruikt en soms stonden we te trainen met een mannetje of zeven. Moesten we voor zondag nog allemaal jongens zien te regelen.” De oefenmeester twijfelde dan ook, of hij wel moest blijven. “Heb ik er nog wel plezier in? Vroeg ik mezelf regelmatig af. Ik wilde niet nog zo’n seizoen hebben.”

Leerzaam

Toen ook de club uiteindelijk besloot een andere weg in te slaan, nam hij contact op met Wernhout. “Vervolgens heb meerdere gesprekken gevoerd, waaronder ook met Joost Anthonissen, de trainer van het eerste, en dat klikte meteen. Daar had ik een goed gevoel over.” En dat gevoel, bleek wederzijds. “Binnen twintig minuten werd ik gebeld: we gaan door met elkaar!” Een welkome boodschap, zo vertelt Dobbe. “Daar was ik natuurlijk heel blij mee. Ik vind het spelletje nog steeds ontzettend leuk. Voetbal zit in mijn hart en nieren.”

Gelukkiger dan op een voetbalveld, kun je de geboren Delftenaar dan ook eigenlijk niet maken. “Op dinsdag trainen we samen met het eerste en donderdags trainen we apart. Dat sprak me aan.” Onder meer, door het grote aantal spelers, waarmee ze daardoor kunnen werken. “We hebben 34 selectiespelers en juist daarom, is het zó fijn om samen te trainen. Zodat je ze allemaal goed kunt zien.” De samenwerking met Anthonissen, loopt dan ook soepel. “Een uur voor de training, nemen we altijd alles door. En op donderdag, bespreken we de selecties voor het weekend.”

Een leerzame ervaring, zo vertelt Dobbe. “Joost legt dingen heel goed uit en stuurt vaak al een dag van tevoren, zijn training door. Daar leer ik ontzettend veel van.” Onder meer, in zijn manier van werken. “Om de drie weken, wisselen we van blok. Van aanvallen en verdedigen tot omschakelen. Dat probeer ik ook steeds meer in mijn trainingen naar voren te laten komen.” En voorlopig, gaat dat steeds beter. “Ik heb minder moeite om mijn trainingen neer te zetten.”

Randvoorwaarden

Aan inzet bij Dobbe, die vanwege een blessure aan zijn knie zelf moest stoppen met voetballen, dan ook geen gebrek. “Het doel is om spelers die tussen het eerste en tweede in hangen, op een hoger niveau te krijgen. Zodat we voor aanvoer naar het eerste elftal kunnen zorgen.” Een rol, waar de trainer tot op heden enorm van geniet. “Het is precies wat ik had verwacht! Ik ga er iedere keer met veel plezier heen.” Aan de randvoorwaarden, ligt het dan ook niet. “Vanuit de overige senioren, zit er ook altijd iemand bij op donderdag en als het nodig is, kunnen we zelfs nog uit de JO19 putten. Dat is natuurlijk wel heel fijn.” Een iets andere situatie, dan vorig seizoen bij Zundert.

Al heeft Dobbe ook daar, het één en ander van geleerd. “Hoe je om moet gaan met teleurstellingen, maar ook dat je eerder aan de bel moet trekken. Zeker als bepaalde dingen beter geregeld moeten worden.” En als trainer? “Ik ben nu rustiger langs de lijn, tactisch sterker en oefeningen verzinnen gaat soepeler.” Het vertrouwen in een goed seizoen, is dan ook groot bij Dobbe. “Vorig jaar zijn ze vijfde geëindigd, dus ik wil nu ook weer graag bovenin meedoen. Ondanks dat we vanuit de club, niet echt een concrete doelstelling hebben.”

Al kan hij er zelf, op persoonlijk vlak wel eentje bedenken. “Mijn oudste zoon speelt bij Zundert 2 en we moeten tegen elkaar. Het zou natuurlijk wel leuk zijn om van hem te winnen.” Voetbal is in huize Dobbe, dan ook het onderwerp dat de klok slaat. “Mijn jongste zoon heeft onlangs zijn VC2 gehaald en is nu trainer van Moerse Boys JO13. Dus we sparren regelmatig met elkaar.” Ambities om zelf zijn trainerspapieren te halen, heeft Dobbe niet. “Ik hoef niet zo nodig een eerste elftal te doen. Het is prima zo. Dit vind ik hartstikke leuk!”

Klik op vv Wernhout voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Wernhout voor meer informatie over de club.

‘Ik vind het juist wel leuk om de jongste te zijn’

0

Hij is pas zestien jaar, maar maakt nu al onderdeel uit van het eerste elftal van vierdeklasser Kogelvangers. En ondanks dat Auke Kannekens daar in het begin best wel even aan moest wennen, begint de middelbare scholier zijn draai steeds meer te vinden. “Ik vind het juist wel leuk om de jongste te zijn.”

Al komt daar ook meteen wat extra druk bij kijken, lacht Kannekens. “Je wilt toch presteren én jezelf bewijzen.” Voorlopig, gaat dat goed, vertelt hij. “Het is gaaf, maar soms ook een beetje raar om tegen volwassen mannen te staan. Gelukkig wen ik er meer en meer aan.” Want leerzaam, is het zeker, heeft de inwoner van Willemstad gemerkt. “Doordat je natuurlijk niet sterker bent, moet je proberen om je lichaam op een slimme manier te gebruiken.” Bijvoorbeeld tijdens trainingen. “Dat gaat steeds beter, tussen de grote mensen.”

Met vrienden

Trainingen bij het eerste, waar Kannekens aan het begin van vorig seizoen al mee begon, zo memoreert hij. “Sindsdien train ik altijd mee.” Eerst nog in combinatie met wedstrijden bij de JO17, maar sinds dit jaar maakt de middenvelder annex aanvaller vast onderdeel uit van het vlaggenschip. Zonder zijn beste vriend, Thijn Heeren. “We kwamen afgelopen seizoen samen bij het eerste, daarna is hij naar Breda verhuisd en bij Baronie gaan voetballen. Dat vind ik wel heel jammer.” Desondanks, heeft de havo-student aan het Markland College in Zevenbergen, het uitstekend naar zijn zin bij Kogelvangers. “Ik voetbal hier al sinds mijn vierde. Het is een heel gezellige club en iedereen kent elkaar.” Toch maakte Kannekens tussendoor, nog even een uitstapje. Naar NSVV. “In de jeugd speelde ik altijd met mijn vrienden, tot ik in de JO11 ineens in een ander team werd gezet. Toen ben ik naar NSVV gegaan. Dat was ook een hoger niveau.” Na vier seizoenen, keerde hij als vijftienjarige terug op het oude nest. “Voetballen met je vrienden, is uiteindelijk toch het leukste wat er is.” Afgelopen seizoen, dus voornamelijk in de JO17. “Daar heb ik toen echt heel veel gescoord!” Bij het eerste, moet zijn teller voorlopig nog op gang komen. “Ik heb tot nu toe één doelpunt…”

Acties maken

En dat bleek, met negen punten achterstand op koploper Seolto, net niet genoeg voor het kampioenschap in de vierde klasse. Ook promotie via de nacompetitie, zat er uiteindelijk niet in voor de ploeg uit Willemstad. “Dat was echt heel erg zonde!” Toch was er van teleurstelling, nauwelijks sprake, legt Kannekens uit. “Al met al, waren we wel tevreden. We hebben een goed seizoen gehad, alleen hebben we onszelf niet beloond.” En dus, moet dat dit jaar gebeuren, vindt hij. “We willen nu écht kampioen worden.” Maar vanzelf, komt dat natuurlijk niet. “Als we met z’n allen hard blijven trainen, hebben we een goede selectie.” Een selectie, waar Kannekens graag zijn steentje aan bij wil dragen. “Mijn doel is om zoveel mogelijk te scoren.” Al is dat makkelijker gezegd, dan gedaan. “Meestal sta ik op het middenveld of voorin, maar soms speel ik ook als rechtsback.” Een voorkeur, heeft de jongeling nog niet echt. “Het maakt eigenlijk niet uit waar ik sta. Ik wil vooral spelen!” Toch passen zijn kwaliteiten meer bij een positie wat hoger op het veld. “Iemand die veel passes geeft en graag acties maakt.” Hoewel, begint hij te lachen. “Ik durf nu nog niet te veel acties te maken, omdat ik bang ben om balverlies te lijden.” De lat, legt Kannekens voor zichzelf voorlopig dan ook niet al te hoog. “Hopelijk kan ik twee of drie keer scoren en een paar assists geven.” Maar nog belangrijker: “Ik hoop zo snel mogelijk basisspeler te worden en vast in het eerste te staan.” Want plezier, is voor hem het belangrijkste. “Voetballen blijft het leukste wat er is.” Zeker, in een voor hem spannend jaar. “Ik moet ook examen gaan doen op school, maar dat komt vast goed!”

Klik op vv Kogelvangers voor de laatste artikelen over de club.
Klik op vv Kogelvangers voor meer informatie over de club.

‘Tussenpaus’ De Regt maakt zich op voor derde en ‘laatste’ bestuurstermijn bij Cluzona

Ere-voorzitter Eric de Regt (63) is deze zomer begonnen aan zijn derde – en als het aan hem ligt laatste – termijn als hoofd van het bestuur bij de Wouwse voetbalclub, die hem zo nauw aan het hart ligt. ‘Ik ga deze periode met al mijn passie en plezier aan.’

De Regt ging per 1 juni met vervroegd pensioen, na een decennialange carrière bij verschillende gemeenten. De Wouwenaar was van plan te gaan genieten van zijn vrije tijd samen met zijn partner, maar tot zijn verdriet, en die van zijn naasten, overleed zij diezelfde maand. ‘Ik kwam thuis te zitten met zeeën van tijd en ging op zoek naar een invulling daarvoor’, vertelt De Regt.

Een van zijn andere grote liefdes, Cluzona, klopte bij hem aan. De club was op zoek naar een vervanger van aftredend voorzitter Jan Theuns, die het stokje in 2015 van De Regt over had genomen. ‘Natuurlijk streelde dit verzoek mijn ego’, vertelt de nieuwe voorzitter. ‘Maar ik heb wel even de tijd genomen om het besluit te nemen. Ik wist niet of het goed zou zijn om de rol voor de derde keer op me te nemen, terwijl er – mijn inziens – competente, jonge mensen in het bestuur zitten die er ook voor in aanmerking kwamen.’

‘Die mensen gaven echter aan zich in de luwte verder te willen ontwikkelen’, vervolgt De Regt. ‘Dus heb ik – mede door de tijd die ik nu heb – besloten om het te doen. Wel met de kanttekening dat ik maximaal twee tot drie jaar aanblijf. Ik zie mezelf als een soort tussenpaus.’

Alhoewel De Regt dus even de tijd nam om de beslissing te nemen, twijfelde hij geen moment of hij het wel wilde. Cluzona en hij zijn onlosmakelijk verbonden: ‘Ik kwam hier voor het eerst toen ik vijf jaar oud was. In 1992 trad ik toe tot het bestuur en drie jaar later vertrok de toenmalige voorzitter. Er werd met een schuin oog naar mij gekeken, omdat ik jong en ambitieus was’, vertelt De Regt.

‘De focus in mijn eerste termijn lag bij de renovatie van ons complex en de hervorming van het bestuur’, vervolgt De Regt. ‘Dat is uiteindelijk goed gelukt en in 2002 vond ik het tijd om wat anders te doen. Vier jaar later stopte mijn opvolger en ben ik opnieuw voorzitter geworden. In die periode heb ik me met name bezig gehouden met het sportieve. We speelden al te lang in de vijfde klasse, wat Cluzona-onwaardig was.’

De komst van Mark Klippel, de huidige trainer van RBC, en zijn staf in 2009 hadden een groot aandeel in de opmars van Cluzona naar de tweede klasse. Daarmee was de doelstelling bestuur-De Regt II behaald. Daarnaast werd de voorzitter in 2010 actief in de lokale politiek, waardoor hij zijn functie bij de Wouwse club uiteindelijk in 2015 neerlegde omdat die combinatie te belastend werd.

Tien jaar later keert De Regt dus terug en heeft – hoewel hij zichzelf als tussenpaus ziet – een aantal ambities. ‘Onze kleedaccommodatie is verouderd en aan vervanging toe. Daarnaast hebben we sportieve ambities. We willen met eigen jeugd in de tweede klasse blijven spelen, maar we merken dat de kloof te groot is. We willen onze jeugdafdeling verder professionaliseren en kijken daarvoor naar een aanvulling op de bestaande organisatie. Daarnaast komt ons negentigjarig bestaan eraan en willen we de sponsorinkomsten verhogen.’

Klik op Cluzona voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Cluzona voor meer informatie over de club.

Impulsen in de selectie en op de trainersbank: Alliance zet zinnen op promotie

0

RSC Alliance gaat het komende seizoen in met een nieuwe hoofdtrainer. De Roosendaalse club kwam begin april tot een akkoord met André Maas (61), een ervaren coach uit Wouw: ‘We zijn in een sterke klasse ingedeeld, maar we ambiëren om mee te draaien in de top.’

 

Het liep in seizoen 2024/25 niet van een leien dakje bij Alliance 1. Een gevulde ziekenboeg zorgde voor een ineenstorting in de tweede seizoenshelft, waardoor er zelfs geen nacompetitie gespeeld werd op Sportpark Kortendijk. De clubleiding en toenmalig trainer René Breve gingen uit elkaar, dus werd er gezocht naar iemand die voor nieuw elan kon zorgen.

Door eerder contact kwam de naam van Maas uit de koker: ‘Vier seizoenen geleden, heb ik ook gesolliciteerd naar het hoofdtrainerschap. Uiteindelijk koos ik ervoor om bij VV Krabbendijke aan de slag te gaan’, vertelt Maas, die na zijn driejarige periode bij de Zeeuwse club tekende bij de zaterdag 1 van RKSV Halsteren. Dat dienstverband duurde korter dan verwacht: ‘Er bleek geen klik te zijn, wat natuurlijk kan gebeuren. Na de winterstop zijn we uit elkaar te gaan.’

In maart zat Maas nog zonder club – en dat was bekend bij Alliance. De Roosendalers knoopten het gesprek aan: ‘We bespraken wat voor trainer en wat voor mens ik ben’, vertelt Maas. Zelf omschrijft hij zich als een trainer die om toewijding vraagt – ‘Drie weken op vakantie in de voorbereiding? Liever niet’ – en de verantwoordelijkheid zo veel als mogelijk bij de spelers legt: ‘We hebben met elkaar duidelijke afspraken gemaakt, zodat wij als staf, maar ook spelers onderling, elkaar daarop kunnen aanspreken. Tactisch gezien ben ik flexibel. Uiteraard speelt de cultuur van de club een rol, maar het belangrijkste voor de speelwijze is toch je spelersmateriaal.’

‘Maar ook de doelen van de club en de staat van de selectie werden bij die gesprekken besproken’, vervolgt Maas. De selectie was namelijk te dun gebleken vorig seizoen. Zoals eerder gemeld kwamen het eerste en het tweede van Alliance in de problemen door de vele blessures: ‘De selectie moest breder en dat is aardig gelukt. We hebben nu namelijk 36 selectiespelers, waarvan er een paar aan het revalideren zijn. Het is voldoende als iedereen fit en beschikbaar is.’

Over kwaliteit heeft Maas echter niets te klagen, vindt hij: ‘Voetbaltechnisch is het een goede selectie voor de vierde klasse en we hebben een mooie verdeling over alle linies. In het tweede lopen ook een paar talenten, die nog wat stapjes moeten maken, maar zeker in aanmerking kunnen komen. Het enige wat we missen in de selectie is een echte killer. We hebben wel een aantal jongens die in een seizoen tien doelpunten kunnen maken, maar niet iemand die er 25 inlegt. Zo’n speler kan – bij wijze van – vijf gelijke spelen ombuigen in vijf nipte overwinningen.’

Na de voortvarende voorbereiding en bekerfase – een gelijkspel gevolgd door vijf overwinningen – waarin flink werd gerouleerd, wil Maas toewerken naar een vaste basiself. ‘We hebben met name tegen lager geklasseerde teams gespeeld, dus het is nog een beetje gissen waar we staan. Wel hebben we de ambitie om mee te doen om promotie.’

Klik op Alliance voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Alliance voor meer informatie over de club.

Cohen wil met Victoria’03 naar de tweede klasse

Na vier jaar als hoofdtrainer van SCO uit Oosterhout, vond Maikel Cohen het tijd voor een nieuwe uitdaging. En na gesprekken met verschillende clubs, vond hij die uiteindelijk bij derdeklasser Victoria’03. In Oudenbosch. “Ik wilde graag een stap maken.”

Op maximaal een half uur rijden van zijn woonplaats Oosterhout, begint de 43-jarige Cohen te vertellen. “En dat is Oudenbosch precies!” Eén plus één, was dan ook eigenlijk snel twee. “Vorig seizoen heb ik mijn VC3 gehaald, dus ik wilde graag een stap maken. Want zo’n cursus, doe je natuurlijk niet voor niks.” De oefenmeester voerde vervolgens met verschillende clubs gesprekken, maar kreeg bij Victoria’03 het beste gevoel, vertelt hij. “Ze willen graag met eigen jongens werken én sportief stappen maken. Richting die tweede klasse.”

Beetje dubbel

Een plan, dat bij Cohen klonk als muziek in zijn oren. “We hebben een heel jonge en leergierige groep. Die gasten zuigen alles op. Dat is heel positief en past goed bij me.” Al had de voormalig speler van onder meer SCO, OVV’67 en Oosterhout, er stiekem graag misschien toch nog wat meer ervaring bij gehad. “Vooral in de as.” En hij kan het weten. “Ik heb zelf altijd als spits of nummer tien gespeeld. Later kwam ik op zes of acht terecht. Steeds verder naar achter. Ik miste wel een beetje de pure snelheid.”

Hoe bevallen zijn eerste maanden bij zijn nieuwe club? “Heel goed! Ik ben goed ontvangen en we hebben een leuke groep. Dus daar ben ik heel blij mee.” Helemaal nieuw, was Victoria’03 dan ook niet voor hem. “Ik kende de club al wel, door jongens bij OVV’67, die hier vandaan kwamen. Daardoor heb ik het destijds, al wel een beetje gevolgd.”

En niet alleen daardoor, lacht Cohen. “Eigenlijk volg ik alles wel zo’n beetje in onze regio. Dat is een beetje een uit de hand gelopen hobby.” Dus zag hij Victoria’03 een goed seizoen draaien, een periodetitel winnen en uiteindelijk op een tweede plaats eindigen. Hoopte hij op promotie? “Dat is altijd een beetje dubbel. Aan de ene kant natuurlijk wel, om op een zo’n hoog mogelijk niveau te spelen. Maar aan de andere kant, wil je dat dan ook zelf als trainer bereiken. En waren we er wel aan toe, aan die tweede klasse?” Het antwoord op die vraag, is nu in ieder geval ‘ja’. “We willen opnieuw meedoen om promotie! De potentie is er, nu moeten we onszelf blijven ontwikkelen en steeds beter worden.”

Stappen maken

Zowel kwalitatief, als kwantitatief. “Vorig jaar had de club een smalle selectie, dat brak ze uiteindelijk op. Nu zijn we in aantallen breder geworden.” Al biedt dat geen garanties, weet ook Cohen. “De competitie is namelijk ook sterker geworden.” Zaak om dus volle bak aan de slag te gaan. Vanaf het begin. “Ik merkte dat het vooral ontbrak aan opdrachten en bepaalde teamfuncties. Waar zetten we druk en hoe bouwen we op? Daar moesten we als team eerst echt stappen in maken.” Met aanvallend, maar wel realistisch voetbal, tot gevolg, legt Cohen uit. “Daar moet je de hele ploeg bij gebruiken. Daarom heeft iedere training wel een doel. Hoe staan we, waar zetten we druk en hoe doen we dat? Maar ook: wat doen we aan de bal?”

Zo is het vrijspelen van de nummer zes, een belangrijk thema voor de trainer. “Waar lukt dat op het veld? Dat moeten we zien te gaan herkennen. Gelukkig maken we daar stappen in, maar we zijn er nog niet.” Eén ding is in ieder geval wel duidelijk, Cohen is gek van voetbal. “Ik lees en zie alles.” Onder andere van Arne Slot en Carl Hoefkens, de trainer van NAC Breda. “Die heeft voor iedere tegenstander een ander strijdplan, dat vind ik mooi om te zien.”

Ambities, heeft hij zelf dan ook genoeg. “Daarom heb ik bewust de stap van SCO gemaakt, omdat ik mezelf graag verder wil ontwikkelen. De VC3-cursus vond ik heel leuk om te volgen, dus ik hoop in de toekomst ook VC4 te kunnen gaan doen.” Al moet het dan, met een eigen schildersbedrijf, ook allemaal maar net passen. “Uiteindelijk wil ik trainer worden op een zo’n hoog mogelijk niveau. Minimaal eerste klasse, en de rest zal de toekomst uitwijzen.” Maar eerst, de volledige focus op zijn huidige club. “Hopelijk gaat Victoria’03 met mij naar de tweede klasse!”

Klik op Victoria’03 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Victoria’03 voor meer informatie over de club.

‘We waren steeds net niet goed genoeg’

0

Net niet goed genoeg. Dat was afgelopen seizoen eigenlijk een beetje het verhaal van VVR in de derde klasse. Tenminste, als we Renzo Roelands moeten geloven. Want ondanks dat de ploeg uit Rijsbergen zelden werd weggespeeld, degradeerde het als hekkensluiter wel naar een niveau lager. “We waren zeker niet kansloos, maar op een gegeven moment kom je in een negatieve flow…”

Een negatieve flow, waar ze bij de voormalig derdeklasser op een gegeven moment eigenlijk niet meer uit wisten te komen, vertelt Roelands (22). “Het liep gewoon niet lekker. En als je dan steeds net verliest, wordt het natuurlijk wel minder leuk.” Zelfs bij een club als VVR. “Het is bij ons eigenlijk altijd wel gezellig, ook als we verliezen, maar op een gegeven moment was dat afgelopen seizoen uiteraard ook niet meer zo.” Helemaal, omdat de inwoner van Rijsbergen het gevoel had dat er meer in had gezeten. “Ik denk dat we erin hadden kunnen blijven.”

Inzet tonen

Al is hij ook eerlijk. “We werden niet vaak weggespeeld of waren zelden kansloos, maar we waren de meeste wedstrijden steeds net niet goed genoeg.” Met uiteindelijk dus degradatie naar de vierde klasse tot gevolg. “Tijdens de tweede seizoenshelft stonden we ver onderaan, dan weet je dat het moeilijk gaat worden.” Maar veel tijd om bij de pakken neer te zetten, hebben ze bij VVR niet. Roelands kijkt liever vooruit. “We moeten nu gewoon een soort van opnieuw beginnen. Een groot deel van de JO19 is doorgeschoven, dus we hebben een brede selectie.” Een flinke verandering, ten opzichte van afgelopen seizoen, legt hij uit. “Toen was het regelmatig krap, qua aantal spelers.” Inmiddels hersteld van een ingescheurde enkelband, kan ook Roelands vol aan de bak. “Er is meer concurrentie, dus moet iedereen zijn stinkende best doen en inzet tonen. Want zonder inzet, spelen we een stuk minder.” Met genoeg inzet, wil hij graag naar boven kijken. “Lekker voetballen met die gasten en hopen op een periode en de nacompetitie. Dat zou mooi zijn!” Hoe ze dat voor elkaar willen gaan krijgen? “Door echt als een team te spelen. Dan hebben we genoeg goede spelers en gaan we vanzelf meer wedstrijden winnen.” Maar makkelijk, zal het zeker niet worden. “Ik verwacht in de vierde klasse meer vechtvoetbal en lange ballen. Teams die inzakken en duels willen spelen.” Iets wat VVR op voorhand niet zo goed ligt, is Roelands eerlijk. “Persoonlijk speel ik zelf ook liever tegen voetballende ploegen.”

Nummertje zingen

Gezien zijn manier van spelen, is dat ook niet zo gek. “Ik ben in principe een middenvelder, maar speel ook vaak als hangende buitenspeler. Iemand die veel loopacties maakt, de bal naar de juiste kleur speelt en dan doorloopt. Meer van het combinatievoetbal, dan van de acties maken.” Een kilometervreter met een neusje voor de goal. Kwaliteiten waar ze bij de Rijsbergse club al een flinke tijd van mogen genieten. “Ik voetbal al heel mijn leven bij VVR. In de F’jes begonnen en nooit meer weggegaan.” En dat is niet voor niks. “Het is een leuke vereniging, lekker dichtbij en het is vooral leuk om met je vrienden te voetballen.” Want wonend op nog geen twee minuten fietsen van het sportpark, voelt Roelands zich helemaal thuis bij VVR. Letterlijk en figuurlijk. “Als we winnen, wil ik nog wel eens een nummertje zingen in de kantine. In het jaar dat we kampioen werden, heb ik veel gezongen. Hopelijk dit jaar weer!” Aan de sfeer, zal het in ieder geval niet liggen. “Het eerste en tweede klikt heel goed samen en ook nieuwe spelers worden door iedereen altijd opgevangen.” Vertrekken, zal Roelands als kind van de club dan ook niet zo snel doen. “Voor nu zit ik hier prima. Ik hoef ook niet per se hogerop.”

Klik op VVR voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VVR voor meer informatie over de club.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.