Home Blog Pagina 315

Rowan Dorst kijkt met Stavenisse al uit naar het nieuwe seizoen

Roeien met de riemen die er in de krappe selectie beschikbaar zijn. Het is een gegeven dat dit seizoen meer dan ooit van toepassing is op SC Stavenisse. De ploeg van aanvaller Rowan Dorst (23) is hekkensluiter in de Zaterdag 4e Klasse B, waar het slechts één zege wist te boeken. ‘Een seizoen om snel te vergeten.’

Dorst voetbalt als sinds zijn vijfde en was in de jeugd ook een flink aantal seizoenen actief bij WHS uit Sint Annaland. Op zijn zeventiende keerde hij echter terug naar Stavenisse waar hij nu aan zijn tweede seizoen bij het eerste elftal bezig is. “Ik ben destijds naar WHS gegaan omdat we hier op het dorp geen jeugd hadden in mijn leeftijdsgroep. Toen bij WHS het team uit elkaar viel en men spelerstekort had bij Stavenisse, kreeg ik de vraag om terug te keren en dat heb ik gedaan. Het is hier nog altijd elk seizoen lastig qua spelen aantallen en als je dan ook nog sportief gezien zoals dit jaar in een periode zit waarin alles lijkt tegen te zitten…. Dat maakt het er niet leuker op allemaal.”

Tijdens dit seizoen nam bij de Thoolse zaterdag-vierdeklasser Toon Magielse noodgedwongen vervroegd afscheid en werd tijdelijk opgevolgd door speler Perry Potappel. Vanaf 1 maart werd hij weer opgevolgd door Frans Ceton, die ook komend seizoen aan de club verbonden blijft. “Dat was niet wat je zegt een ideale situatie. Gelukkig hebben we nu in elk geval een stukje continuïteit, maar het heeft allemaal wel de nodige sportieve impact gehad. Maar het feit dat je maar één overwinning weet te boeken op een heel seizoen dan heb je het natuurlijk ook over kwaliteit, instelling en kan je het niet alleen op pech steken. Zo eerlijk moeten we ook zijn.”

Een aantal jongens bij Stavenisse is  pas op hun achttiende begonnen met voetballen en dan mis je volgens Dorst toch altijd een belangrijk stuk voetbalbasis. “Dat is gewoon een gegeven en geen verwijt. We zijn hier bij Stavenisse blij met iedereen die beschikbaar is en dan is het soms logisch dat het ten koste gaat van prestaties en resultaat. De laatste maanden merk je wel dat er toch een bepaalde groei in zit en dat is positief. Veel jonge jongens in de selectie moeten nog een hoop leren dus dat geeft aan dat er zeker nog rek in zit. We moeten vooral proberen om iedereen bij elkaar te houden en waar het kan misschien nog wat mensen aan de selectie toe te voegen.”

Voor Dorst zelf begint hij ook meer en meer te wennen aan zijn nieuwe positie als spits, waar hij in het verleden vooral als middenvelder en zelfs als centrale verdediger speelde bij zijn club en daarvoor bij WHS.

“Het was voor mij allemaal nieuw en begin me steeds meer comfortabel te voelen in deze rol. Ik heb we al een reeks doelpunten en assists deze competitie, maar toch moet alles nog wel beter. Zeker als het gaat over de rust voor het doel en het koppen. We hebben zeker ook prima wedstrijden gespeeld alleen weten we de punten nog niet binnen te slepen. Als je tegen Herkingen 3-0 voor staat en 5-3 verliest… Of tegen SNS drie keer voorkomt en dan alsnog 4-3 verliest.. Dat is best zuur en helpt niet qua vertrouwen voor nu. Al zegt het me wel dat er toch ook meer in zit. Dus in dat kader: nieuw seizoen, nieuwe ronde, nieuwe kansen.” 

Klik op sc Stavenisse voor de laatste artikelen over de club.
Klik op sc Stavenisse voor meer informatie over de club.

DIOZ won dit seizoen alleen de derde helft

Degradatie, veel nederlagen, maar toch een gezellige sfeer. Ondanks dat DIOZ in de vierde klasse dit seizoen slechts één keer wist te winnen, probeert Jorrit Feijns toch vooral positief te blijven. “Misschien biedt dit juist weer perspectief om naar boven te kijken.”

In de vijfde klasse dus. “Ik had vooraf niet verwacht, dat het zó moeilijk zou worden. Toen gingen we toch wel echt voor handhaving.” Zó moeilijk werd het dus, met een laatste plaats, uiteindelijk wel. “Dat hadden we tijdens het seizoen toch al wel vroeg in de gaten. Na een wedstrijd of zes, hadden we één punt. Het zat ook allemaal tegen…” Weinig doelpunten, een aantal blessures, maar vooral veel vertrekkers, analyseert Feijns (19). “Ten opzichte van vorig jaar, zijn er vijf spelers vertrokken. Dat hebben we op moeten vangen met jeugd.” Ook zelf, kreeg hij te maken met een blessure. “Een gekneusd hielbot, vijf weken lang kon ik niet spelen. Het is echt niet fijn om iedereen te zien voetballen, maar niks te kunnen doen. Dan wil je helpen.”

Moeite
Hulp die hij in het begin zelf, ook best kon gebruiken. “De stap naar de senioren is gewoon groot. Ik heb eerst een half jaar in het tweede gespeeld, maar ook dat is een flink verschil. Hier gaat het allemaal veel sneller en heb je echt minder tijd.” Toch knokte de verdediger zich aan het einde van vorig jaar al in de basis. “Dat had ook te maken met blessures, maar fysiek ging het voor mij goed. Alleen het sneller handelen…” Maar in een gespreid bedje, kwam Feijns dus niet terecht. Ook dit seizoen niet. Al viel dat buiten de lijnen nog wel mee. “Eerst gewoon negentig minuten knallen en daarna was het, ondanks de nederlagen, toch vaak gezellig. Dat is ook wel een goed teken, we hebben een leuk team.” Al kostte, het soms toch wat moeite. “Op een gegeven moment, krijg je natuurlijk wel wat minder zin. We gaan toch wel weer verliezen, denk je dan bijna.” Bij een club die Feijns na inmiddels veertien jaar, meer dan goed kent. “Het echte dorpsgevoel; je kent iedereen en iedereen kent jou.” Eén iemand in het bijzonder, broer Guus. “Het is heel leuk om samen met hem te voetballen, helemaal omdat hij onze beste speler is. Waar mogelijk, probeert hij mij natuurlijk ook te helpen. Hoe ik moet staan bijvoorbeeld.” Voor ruzie, zorgt dat nooit. “Haha! We zijn wel kritisch op elkaar, maar geven allebei altijd 100%.” Ook thuis. “Dan gaat het toch altijd nog over de voetbal. Even analyseren.”

Perspectief
En dat viel er dit seizoen genoeg. Ook voor zichzelf. “Ik ben een beetje de sterke ‘cv’. Groot en fysiek, maar niet snel en technisch. Moet het vooral van de duels hebben.” Dat laatste gaat, ondanks de teleurstellende resultaten, steeds beter. “Ik merk wel, dat ik daarin ontwikkel. In het begin, toen ik echt net kwam kijken, won ik bijna geen duels. Wist niet waar ik moest staan, de tegenstander was gewoon beter dan ik. Dat is nu niet meer.” Het beste voorbeeld daarvan? “Beter weten hoe je met snelle spitsen om moet gaan, zodat je vaker je lichaam kunt gebruiken.” Dus, vervolgt hij. “Kan ik voor mezelf wel tevreden zijn. Alles gegeven en weinig fouten gemaakt.” Hoe lastig dat soms ook is, om positief te blijven. “Die punten probeer je er toch maar uit te halen. Iedereen zag de degradatie natuurlijk wel aankomen, toch deed het wel echt pijn, toen het officieel was…” Feijns herinnert het zich nog goed. “Roland (van Hooff) zei het in de kleedkamer, dan komt het wel even binnen.” Maar heel lang om bij de pakken neer te gaan zitten, hebben ze in Zegge ook weer niet. Tenminste de jongeling dan. “Die vijfde klasse, biedt ook weer perspectief om naar boven te kijken. Een nieuwe trainer (Jack Verlaar), hopelijk wat nieuwe spelers en een bredere selectie.” Met hem er op het fietsje, gewoon weer bij. “Ik wil de rest van mijn leven bij DIOZ blijven!”

Klik op VV DIOZ voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV DIOZ voor meer informatie over de club.

HHC’09 heeft vanaf komend seizoen weer een standaardteam in de vijfde klasse

HHC ‘09 heeft vanaf komend seizoen weer een standaardteam in de vijfde klasse. Bestuurslid en voorzitter van de technische commissie Bert Kops is blij dat hij met de vereniging weer een team op de been heeft kunnen krijgen om in een eerste elftal-competitie uit te kunnen komen.

De ambitie was er al langer, maar het leek niet realistisch om op korte termijn alweer een standaardteam in te schrijven. Twee jaar geleden speelde het eerste elftal van HHC ‘09 nog in de vierde klasse, maar nadat dat team uit elkaar viel werd besloten om de ploeg terug te trekken. “Het was geen doen meer”, aldus Kops. “We hebben besloten om twee seniorenteams te houden, maar op een lager niveau te gaan spelen.”

Kops verzamelde onlangs vijftien betrokken leden om op een avond eens te sparren over de toekomst van de club. “Eigenlijk helemaal niet met het idee om komend seizoen al weer in een standaardklasse in te stromen. We hebben een leuk jeugdteam met de Onder 18, daar zitten een paar goede spelers in. Eigenlijk wilden we nog een jaar wachten. Maar bij dat gesprek met die betrokken leden zat er een trainer in de zaal. Toen ging het balletje rollen.”

Want het was Gilbert de Fijter, al jarenlang coach van Elshout en lid van HHC ‘09, die meediscussieerde. “Hij had aangegeven dat hij zou stoppen bij Elshout en op zoek zou gaan naar een andere club. Ik heb hem op een gegeven moment gevraagd of hij misschien toekomst in onze club zag. Het leek hem tot mijn grote verrassing leuk om te doen. Het kwam vervolgens heel snel rond. Dat is natuurlijk geweldig. Voor ons is het heel mooi dat zo’n ervaren trainer ons wil helpen en wil gaan bouwen aan een jong team.”

En dus wacht De Fijter een uitdagende taak om snel een geheel te smeden van het kleine clubje in Heusden. “Hij kent ook veel spelers in de regio”, aldus Kops. “Er zijn een aantal jongens die in onze gemeente wonen, maar bij andere clubs spelen. Misschien is het wel een jaar te vroeg om weer te beginnen, maar als er een clubman is die trainer wil worden en ons wil helpen, moet je dat doen. Als we het nu niet hadden gedaan, had Gilbert waarschijnlijk ergens anders getekend. Dan had hij daar misschien weer een jaar of zes gezeten en hadden wij op hem moeten wachten.”

HHC ‘09 1 gaat komend seizoen voetballen in de vijfde klasse zondag. “We willen zo veel mogelijk jeugdspelers laten spelen en het plezier hervinden”, vertelt Kops. “En dan zou het natuurlijk mooi zijn om langzaam naar een hoger niveau toe te groeien. Maar we hebben voor nu totaal nog geen verwachtingen. Met zo’n jong team zal het best wennen worden. Maar ik weet zeker dat het niveau langzaam omhoog zal gaan.”

Leden van de club zijn enthousiast, weet kops. “De geluiden zijn heel positief. Mensen geven aan dat ze het wekelijkse loopje naar het sportpark echt hebben gemist. Ik ben blij dat we dat weer kunnen bieden.”

Wil je meer artikelen over de club HHC’09 klik hier.
Wil je meer informatie over de club HHC’09 klik hier.

In het eerste elftal van SSC gaan jong en oud dit seizoen uitstekend samen

In het eerste elftal van SSC gaan jong en oud dit seizoen uitstekend samen. Aanvoerder Rob van Kuijk zag zijn elftal dit seizoen flink verjongd worden en geniet van de frisse wind die door de selectie van de vierdeklasser waait. 

Of de jonkies de ouderen in de selectie aan het verdrijven zijn? Nee, allesbehalve. “Laatst kwamen die jonge gasten juist naar ons toe om te vragen of we alsjeblieft nog een jaar door wilden gaan. Ze merkten dat het voor hen nog te vroeg was om de leiding te nemen in de groep, dat ze nog veel van ons kunnen leren. Het is mooi om die gasten bij de hand te kunnen nemen en hen te helpen bij hun ontwikkeling. Dat doe ik heel graag.” 

Het is nodig ook voor SSC, want veel jonge spelers werden dit seizoen voor de leeuwen gegooid in het eerste elftal. “De afgelopen jaren zijn er heel veel selectieleden gestopt vanwege hun leeftijd”, vertelt Van Kuijk. “Gelukkig zijn er de laatste jaren wat jonge gasten naar de vereniging gekomen. Daarvan is een groot deel nu de selectie ingestroomd en aangehaakt bij het eerste elftal. Dat is een goede ontwikkeling.”

Natuurlijk was het voor de jonge spelers een grote stap. “In eerste instantie moesten ze wennen aan het seniorenvoetbal. Het gaat er net wat harder en sneller aan toe”, weet Van Kuijk. “Daar hadden we aan het begin van het seizoen nog moeite mee, ook al hadden ze in de jeugd best op een hoog niveau gespeeld. De laatste maanden hebben ze zich goed aangepast en doen ze het goed.”

Van Kuijk is als dertiger flink ouder dan een groot deel van zijn ploeggenoten. “Het houdt je jong, hè”, grijnst hij. “Dat is hartstikke leuk. Aan het beginners het nog wel even wennen, maar al snel werden we een team. De jongens kunnen het onderling goed met elkaar vinden. Die samensmelting van jong en oud is op een goede en gezonde manier gegaan.” De aanvoerder droeg daar zijn sterntje aan bij. “Ik probeer de jongens te helpen en bij elkaar te brengen. Het is heel knap dat we voor elkaar hebben gekregen dat we een hecht team zijn. Dat is ook iets waar SSC altijd voor heeft gestaan.”

Toch nadert Van Kuijk zijn voetbalseizoen. Hij plakt er nog één jaar aan vast en stopt na volgend seizoen met voetballen. “Dan ben ik 34, dan is het wel mooi geweest. Natuurlijk zal ik het best gaan missen. Ook al spelen we vierde klasse, het gaat toch ergens over. Samen zijn we continu bezig met presteren. Dat is mooi.”

Komend seizoen wil SSC de vruchten plukken van de verjonging. “Dit jaar stond volledig in het teken van opbouwen en een team creëren”, aldus Van Kuijk. “Dat hebben we inmiddels goed voor elkaar. Als we onze inzet en ons voetballend vermogen nog meer gaan belonen, dan kunnen we komend seizoen denk ik meestrijden om een plek in de top vijf. Daar hebben we echt de kwaliteiten voor.”

Klik op S.S.C. ’55 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op S.S.C. ’55 voor meer informatie over de club.

Stefan van den Boom roemt collectief bij historisch kampioenschap Vrederust

In het zicht van de haven leek het Vrederust-schip lastig het einddoel (de titel in de vierde klasse C) te kunnen bereiken. Een 4-4 gelijkspel tegen directe concurrent VVC’68 en ook de kampioenswedstrijd kwam de ploeg van assistent-trainer Stefan van den Boom nog eerst op achterstand. Twee snelle goals na rust zorgde voor een historisch kampioenschap. Komend seizoen mogen de mannen van assistent Van den Boom (34) en hoofdtrainer Wil Raats zich laten zien in de derde klasse.

“Het was de laatste weken inderdaad niet onze beste periode, maar sommigen hadden echt last van de spanning. We waren er in het verleden al een aantal keren dichtbij, maar nu helemaal. Tegen VVC’68 was ongekend. Het scoreverloop, meer dan zevenhonderd man publiek… Zij moésten, wij hadden graag gewild. Gelukkig is het tegen Alliance alsnog gelukt, al was het daar ook niet goed van onze kant. Maar dit kampioenschap is er echt eentje van het collectief. De spelersgroep is gretig en heeft kwaliteit, wij als technische staf hebben er altijd in geloofd en bovendien hebben we hier heel veel vrijwilligers die allemaal hun aandeel hebben in dit succes. En dat in het jaar dat we ook nog eens 90-jaar bestaan. Geweldig toch?!!”, zegt Van den Boom.

Van den Boom begon een aantal jaar geleden aan zijn rol als assistent-trainer samen met hoofdtrainer Eric van de Watering en toen was de weg omhoog als ploeg al danig ingezet. Jarenlang gingen teams naar Vrederust met de zekerheid dat ze met drie punten van het idyllisch gelegen voetbalveld in de Halsterse bossen zouden aflopen. “Die omslag hebben we de afgelopen seizoenen wel weten te maken. De laatste seizoenen waren we een ploeg om rekening mee te houden. Misschien niet de beste voetballers, maar wél een ongekend sterk collectief. Vanuit de club was en is er totaal geen druk om te moéten promoveren of presteren. Dat is heerlijk werken, al proberen we natuurlijk wel om de lat steeds wat hoger te leggen. En als ik kijk naar onze selectie, dan denk ik zeker dat we ook in de derde klasse ons prima moeten kunnen meten. In de voorbereiding en beker hebben we ook tegen derdeklassers gespeeld en zijn we nooit weggespeeld. Deze groep bij elkaar houden en misschien nog met een paar versterkingen, dan gaan we ons zeker laten zien.”

Zelf speelde Van den Boom in het verleden voor FC Bergen en MOC’17, maar na een blessure koos hij ervoor om in een vriendenelftal, de ‘Stiftboys’, te gaan spelen. “Dat was onder de vlag van Vrederust en zodoende kwam ik bij de vereniging terecht. Er werd toen ten tijde van Hans Derwort en later Jan Broeren een tienjarenplan gemaakt, waarbij de club stilaan structureel bovenin de vierde klasse wilde meedoen. Ik heb daarna Eric van de Watering getipt als trainer. Hij wilde wel komen, maar alleen als ik assistent werd. Dat heb ik toen gedaan en zo ben ik erbij betrokken geraakt. Toen Eric uiteindelijk dat ongeluk kreeg heb ik het daarna tijdelijk overgenomen. Dat beviel wederzijds en toen Wil Raats hoofdtrainer werd ben ik op verzoek van de spelers er als assistent bijgebleven.”

Dat de ‘cultclub’ Vrederust zichzelf tot kampioen mocht kronen in een ijzersterke competitie, daar is Van den Boom onverminderd trots op. “Zeker weten! Als je ziet dat er toch geduchte clubs als VVC’68, Alliance, Steenbergen, Baronie en Boeimeer in onze klasse zaten, dan maakt het misschien nog wel knapper dat wij daarin de beste zijn gebleken. De titel pakken tijdens dit jubileumjaar is de kers op de taart. En als je ziet hoe het ons is gegund, dat zegt ook dat we met deze kleine club ons prima op de kaart hebben gezet.”

Klik op v.v. Vrederust voor de laatste artikelen over de club.
Klik op v.v. Vrederust voor meer informatie over de club.

‘Er zijn ons al zoveel mensen ontvallen…’

Een soort jubileum, maar dan een paar jaar later. Want nadat het vieren van het 60-jarig bestaan vanwege corona in het water viel, konden ze bij DVO’60 nu echt niet meer langer wachten. En dus was het 27 mei, dan eindelijk zo ver. “Het was geweldig leuk!”

Noem het een reünie, begint de 71-jarige Piet van Osta met vertellen. “De mensen worden allemaal een dagje ouder én er zijn er ons al zoveel ontvallen… Daar wilden we niet langer mee wachten.” En dus werd eind december vorig jaar, de knoop doorgehakt. “Laten we het gewoon naar voren halen en een leuk feestje geven, dat hoort er toch bij?”

Eerbetoon
Zogezegd, zo gedaan. En dus was het 27 mei, één groot feest. Maar waar, was een speciale commissie al drie jaar lang mee bezig? “We hebben een wedstrijd gespeeld, van een vertegenwoordigend elftal van DVO’60 tegen een team van oud-spelers. Op het hoofdveld, gewoon lekker een partijtje.” Want bij een jubileum, hoort natuurlijk het eren van oude helden. Én niet alleen op het veld. “In de bestuurskamer hadden we een tentoonstelling ingericht, met de complete geschiedenis van DVO. Van de jaren ’60 tot nu. Met fotoboeken, oude shirts en natuurlijk bekers.” Een flinke klus, weet Van Osta. “De club had drie mensen voor het archief, maar Jan van den Oever is onlangs overleden. Nu doen Jan Aarts en ik het samen. We hebben allemaal boeken bijgehouden.” En dus was de tentoonstelling, ook meteen een soort eerbetoon, aan Jan. “De weduwe van Jan deed de opening, dat was heel mooi.” Vooral dus samen mooie herinneringen ophalen, ook al tijdens het organiseren vertelt clubman Van Osta. “Van sommige oud-leden wist je echt niet waar die waren gebleven. Twee leden waren er in 1960 tijdens de oprichting al bij, die hebben we proberen over te halen.” Met de animo, zat het sowieso wel goed, vertelt hij. “Bijna 200 man!”

Gegroeid
Een mooie en gezellige dag, schetst het manusje-van-alles van de club. “Het is gewoon leuk om oude verhalen te horen en elkaar weer te zien. DVO staat voor ‘Door Vrienden Opgericht’, dat is niet voor niks. Lekker buurten.” Maar ook, laten zien hoe mooi de club is. “Als leden van vroeger zien, hoe het hier gegroeid is. De kantine is misschien wel 40 keer zo groot, die schrokken zich kapot, haha!” Terwijl het voor hemzelf, de normaalste zaak van de wereld is. Geworden dan tenminste. “Ik ben er bijna elke dag nog. De JO17 trainen, zorgen voor het onderhoud, Walking Football en projectleider voor stages of werkzaamheden. Een beetje de sociale contacten.” Dus als iemand de vereniging kent, dan is hij het wel. “Het gaat heel goed met de club.

We hebben inmiddels elf senioren, de jeugd groeit, er komen steeds meer teams bij en ook de kantine leeft. Op vrijdagavond twee teams 35+, twee G-teams en dus Walking Football. Het is hier enorm gegroeid sinds 1960, kun je wel stellen!” En dat wil de trotse Roosendaler maar wat graag laten zien aan de mensen. “Het gaat erom, dat ze het hier naar hun zin hebben. DVO is altijd een aparte vereniging geweest, en dat zal het ook altijd blijven.” Maar in ieder geval met hem, aan het roer. “Volgend seizoen is mijn laatste jaar als trainer, de rest blijf ik lekker doen!”

Klik op DVO’60 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DVO’60 voor meer informatie over de club.

Zijlmans: ”Er is geen beter gevoel dan de bal lekker uit de hoek tikken”

Keepers zijn gek, zo luidt het cliché. Reinout Zijlmans, sluitpost van het eerste elftal van Waspik, is er vooral gek op. Zijlmans hoopt nog jarenlang het doel van zijn club VV Waspik te verdedigen. “Er is geen beter gevoel dan de bal lekker uit de hoek tikken.”

Een aantal jaar geleden verhuisde Zijlmans naar Utrecht, waar hij een nieuwe woning vond. Een transfer naar een andere club in de buurt van zijn nieuwe woonplaats lag voor de hand, maar Zijlmans besloot Waspik trouw te blijven. “Natuurlijk, er zijn echt wel nadelen. Het kost best veel reistijd. Het is soms best wel een opgave, maar ik vind het niet erg om te rijden. Ik zou het lastig vinden om ergens anders te gaan voetballen, want ik heb het echt naar mijn zin bij de club.”

Zijlmans behoort dan ook inmiddels tot het meubilair van de club. Vanaf zijn achttiende behoort de keeper al tot de eerste selectie. In zijn eerste seizoenen pendelde hij tussen de bank en de basis, maar de laatste vijf seizoenen is hij vaste waarde onder de lat. Daarmee doorliep hij met succes de route langs alle jeugdelftallen van Waspik naar het eerste elftal. “Maar ik heb nooit echt gedroomd van het eerste, daar ben ik niet echt mee bezig geweest. Ik was altijd wel fanatiek, maar heb het altijd van dag tot dag bekeken. Nu ik in het eerste sta, ben ik daar wel trots op.”

Zijlmans maakte de laatste jaren van alles mee tussen de palen van Waspik. “We hebben om promotie gestreden, maar ook tegen degradatie moeten vechten. Eigenlijk is Waspik in mijn ogen een klassieke middenmoter, met af en toe pieken en dalen. Ik denk dat wij gewoon thuishoren in de derde klasse. Daar moeten we de komende jaren blijven spelen, met misschien ooit nog eens een stapje omhoog.”

En dat moet dan gebeuren met Zijlmans op doel. “Ik heb van jongs af aan in het doel gestaan en ben er nooit meer uitgehaald. Vanaf het begin vind ik keepen echt geweldig. Het lekker zweven naar de bal, dat is voor mij het mooiste wat er is. Er is geen beter gevoel dan de bal lekker uit de hoek tikken. Dat is er de laatste jaren ingeslopen, inmiddels weet ik niet meer beter. Ik haal nog altijd evenveel voldoening uit de nul houden als vroeger.”

Wat dat betreft komt hij dit seizoen aan zijn trekken. Zijlmans hield nog nooit zo vaak zijn doel schoon als dit seizoen. “En dat in een lastige competitie. Het is gaaf dat je als keeper altijd aan moet staan, altijd alert moet blijven. Er kan een hele wedstrijd niets gebeuren, maar één moment kan bepalend zijn. Je moet iedere minuut scherp zijn om je ploeg op de been te houden. Dat is misschien wel het lastigste kunstje.”

Zijlmans merkt aan zichzelf dat zijn ervaring hem begint te helpen op doel. “Ik denk wel dat keepen toch een soort ervaringsvak is. Dat is op mij in ieder geval wel van toepassing. Ik zie nog steeds een stijgende lijn. Die wil ik de komende jaren voortzetten.”

Klik op VV Waspik voor de laatste artikelen over de club.
Klik op VV Waspik voor meer informatie over de club.

‘Gewoon even na schooltijd in een andere modus’

Jachtseizoen spelen, bubbelvoetbal doen of koekjes bakken. Het klinkt als een gemiddeld kinderfeestje, maar gaat in werkelijkheid over de Sport BSO in Zegge. Sinds inmiddels alweer bijna een jaar. “De kinderen vinden het geweldig.”

Was getekend, Janneke Veraart. En als pedagogisch coach, beleidsmedewerker én leidinggevende bij Stichting Kinderopvang Mariadonk, kan zij het natuurlijk weten. “Oudere kinderen zijn vaak een beetje het ondergeschoven kindje bij de opvang, bij ons niet. Wij richten ons daar juist op!” Want, zo vertelt ze. “Daardoor ligt het niveau hoger, dus kun je veel sneller naar de volgende stap: wat lukt er al?” Bijvoorbeeld bij de activiteiten zelf. “Op een groter veld of met bepaalde spelregels. Bij een reguliere BSO ben je meer afhankelijk van de samenstelling van de groep.”

Enthousiast
Meer beweging en kennismaken met sport en spel. Hét doel van de Sport BSO, sinds september vorig jaar. “We draaien nu twee middagen, op dinsdag en donderdag. Voor een stuk of twintig kinderen.” Met kinderen vanaf zeven jaar. “Gewoon even na schooltijd in een andere modus. Op school zijn ze vooral met zichzelf bezig om daar goede resultaten te kunnen halen, hier juist met elkaar.” En met succes. “De kinderen vinden het geweldig, maar de ouders ook. Als ze dan een foto zien van een blij kind, worden ze natuurlijk enthousiast.” Hoe ze dat voor elkaar krijgen? Vooral door heel veel verschillende dingen te doen, vertelt de 36-jarige Veraart. “Die variatie maakt het zo leuk. Van honkbal, hockey of voetbal, tot jachtseizoen of een speurtocht.” Maar ook als het minder weer is, zoals bijvoorbeeld in de wintermaanden, hebben ze natuurlijk een programma. “Laatst hebben we ‘Stratego’ gedaan, dat vinden ze dan toch ook stiekem wel heel erg leuk. Of schaken.”

Meer diversiteit
Wat ze bij Stichting Kinderopvang Mariadonk ook doen, Veraart is er op de velden van DIOZ negen van de tien keer bij. “Eén collega heeft een sportachtergrond, ik zorg voor de pedagogische ondersteuning.” Voor dus steeds meer enthousiaste kinderen. “De kinderen die straks aan mogen gaan sluiten, staan al te springen. Dat zijn nu vooral veel jongens, dus het aantal meiden mag wel omhoog. Dan krijg je meer diversiteit én dus ook ander soort spellen, dat komt de variatie weer ten goede.” Want dat blijft voor Veraart, na één jaar Sport BSO en acht jaar dienst bij Stichting Kinderopvang Mariadonk, toch het allermooiste. “Eigenlijk vind ik alles leuk. Maar als ik moet kiezen? Dan toch vooral lekker buiten; actieve spellen waar samenwerking belangrijk is!”

Nouri el Jilali ziet meer potentie bij SC Welberg dan er nu is uitgekomen

Zijn gehele jeugdopleiding genoot Nouri el Jilali (22) bij buurman v.v. Steenbergen. Maar toen de stap naar de senioren gemaakt moest worden, koos de Steenbergenaar samen met een groep vrienden voor de oversteek naar het naastgelegen Steenbergen. Eerst met z’n allen in Zaterdag3, maar sinds twee jaar is hij aanvoerder van het eerste elftal. Daar ziet hij nog altijd de nodige potentie voor de toekomst.

Want de resultaten zijn bij de zaterdag vierdeklasser dit seizoen zeker niet om de loftrompet over te steken. Eind februari was de ploeg zelfs nog puntloos en werd er besloten om per direct de samenwerking met trainer Koos Kortland te beëindigen. Tim van der Ree nam begin maart de rol van interim-trainer op zich tot eind van dit seizoen. “De komst van Tim als nieuwe trainer is zeker wel een impuls geweest voor ons als spelersgroep, al zit er in mijn ogen zeker nog veel meer potentie in onze selectie dan er tot op heden is uitgekomen. De trainerswisseling heeft zeker de nodige impact gehad op de ontwikkeling van de groep. Hopelijk dat we volgend seizoen weer een paar stappen voorwaarts kunnen zetten met z’n allen.”

El Jilali wilde een paar seizoenen geleden niet persé prestatief voetballen en koos daarom weloverwogen voor een overstap naar SC Welberg. “We zijn daar een vriendenteam begonnen bij Zaterdag3. Maar de situatie bij de club zorgde ervoor dat we vanuit het bestuur de vraag kregen of we niet wilden doorschuiven om van ons elftal, waarin toch veel jonge jongens speelden, het nieuwe eerste elftal te maken. Die handschoen hebben we toen opgepakt en sindsdien zijn we in het standaardvoetbal actief. Dat bevalt overigens heel goed, al zouden enkele klinkende resultaten zeker meer dan welkom zijn. Maar geduld is daarvoor een schone zaak, want ik ben overtuigd dat die absoluut zullen komen.”

De selectie van SC Welberg herbergt volgens de aanvoerder, die als centrale verdediger de lijnen uitzet en de boel probeert wekelijks op sleeptouw te nemen, zeker wel kwaliteit. Maar het is vooral de onervarenheid die binnen het seniorenvoetbal opbreekt. “Als je kijkt in welke klasse wij spelen tegen teams zoals Alliance, Steenbergen, VVC’68 en Vrederust… Die zijn van een totaal ander niveau dan wij natuurlijk. Het is vooral zaak om speelminuten op te doen en ‘vlieguren’ te maken voor iedereen. Want het is toch wel even anders om tegen de spitsen van Vrederust te spelen of tegen een willekeurige spits bij de JO17 of JO19.”

Bij Steenbergen was El Jilali onder meer centrale middenvelder, voorstopper en laatste man en had dus altijd wel een rol in de as van het elftal. “Ik ben van nature wel een speler die zich nadrukkelijk met het spel bemoeit en ook verbaal zichzelf wel laat horen. Dat we nu zo laag staan, dat hadden we eigenlijk ook weer niet verwacht. En al zeker niet gehoopt, maar soms lopen zaken nu eenmaal niet zoals je vooraf denkt en daar is dit seizoen een voorbeeld van.

We hadden de ambitie om richting het linkerrijtje op te schuiven en ik denk ook zeker dat dit realistisch is. We moeten proberen om de boel nu bij elkaar te houden en misschien nog links en rechts er wat jongens bij te halen. We scoren dit seizoen gewoon moeilijk en hebben ons niet altijd weten te belonen op de momenten dat het kon. Dus als we die elementen weten toe te voegen aan ons spel, dan denk ik zeker dat we in het nieuwe seizoen beter voor de dag gaan komen.”

Klik op SC Welberg voor de laatste artikelen over de club.
Klik op SC Welberg voor meer informatie over de club.

Unitasser in Oranje

Frank Wels kwam als voetballer van Unitas liefst 36 keer voor het Nederlands team uit. Opmerkelijk, want de Gorcumse club reikte in die periode nooit hoger dan de tweede klasse.

Anno 2023 is het ondenkbaar dat een speler die niet uitkomt in de toplaag van de (inter)nationale competitie(s) voor Oranje uitkomt, maar Frank Wels had wel die status. Wels probeerde het wel kort bij Feijenoord, maar het reizen naar Rotterdam beviel hem niet en hij keerde snel weer terug naar Unitas.

Wels speelde op de positie van rechtsbuiten. Met zijn lengte van 1,63 meter is hij op Manus Vrauwdeunt na de kleinste speler die ooit uitkwam voor Oranje. Wels maakte in 1931 zijn debuut als international in een met 2-0 gewonnen wedstrijd tegen Denemarken. Hij was tot in 1938 een vaste waarde voor het Nederlands elftal en speelde op het wereldkampioenschap van 1934 en 1938. In 1934 gaf hij in een wedstrijd tegen België een voorzet op Beb Bakhuys, die vervolgens met een vallende kopbal zijn beroemdste goal ooit maakte. Zelf scoorde Wels vijf keer voor Nederland.

Eigenlijk was het een kwestie van toeval dat Frank Wels ging voetballen en tussen 1931 en 1938 de beste rechtsbuiten van Nederland werd. Hij groeide namelijk op in een streng gereformeerd gezin. Vader Adriaan verbood zijn kinderen te voetballen. Via kleine partijtjes in Gorinchem was echter opgevallen dat Frank Wels veel talent voor het spel had. Slager Brobbel Dorsman, een vurig supporter van Unitas, had de kleine balgoochelaar aan het werk gezien en maakte hem warm voor zijn club. Adriaan Wels werkte in de winkel van Dorsman en toen de baas met ontslag dreigde wanneer de zestienjarige zoon van de knecht geen lid van Unitas mocht worden, werd de weg naar het voetbalveld geopend voor Frank Wels. Zes jaar later was de kleine aanvaller international en had hij zijn naam definitief aan de geschiedenis van Unitas verbonden. 

Klik op Unitas voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Unitas voor meer informatie over de club

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.