Home Blog Pagina 313

Café Scheffers en DFC hebben een warme band

Wie een bezoek brengt aan Café Scheffers op de Groenmarkt in Dordrecht loopt een grote kans om een DFC’er tegen het lijf te lopen of aan te treffen. Niet zo verwonderlijk, de horecaonderneming van Angela Stevense en de oudste club van Dordrecht onderhouden een warme band met elkaar.

DORDRECHT – Angela Stevense is inmiddels twee jaar hoofdverantwoordelijk voor het reilen en zeilen van Café Scheffers. Vanaf het moment dat zij aantrad als eigenaar, is er een goed contact met DFC ontstaan.

Hoe is dat contact tussen Café Scheffers en DFC eigenlijk gelegd?
Angela Stevense: ,,DFC’ers kwamen altijd al graag langs in het café, maar de sponsorband is eigenlijk ontstaan door het contact dat ik met Ton Lucas had. Ton loopt al heel lang rond bij de club, komt regelmatig in de zaak en stelde me voor of ik het niet leuk vond om iets meer voor de club te gaan betekenen. Uiteindelijk heb ik toegezegd om te gaan sponsoren.’’

Café Scheffers was de balsponsor van het laatste duel van DFC in het afgelopen seizoen tegen Internos. Krijgt dat een vervolg?
,,Als sponsor wilde ik iets extra’s doen en heb daarom toegezegd om de bal te sponsoren. Meteen na de wedstrijd kreeg ik berichtjes dat het geluk had gebracht, aangezien DFC met 6-0 gewonnen had en daardoor veilig was in de derde klasse. De kans is dus groot dat ik het verzoek krijg om dat nog eens te herhalen, haha.’’

Wat hebben Café Scheffers en sport in het algemeen en voetbal in het bijzonder met elkaar?
Sport is in ons café heel belangrijk. De races in de Formule 1 zijn bij ons altijd live te zien en het Formule 1-team, een groep liefhebbers van het racen dat in onze kroeg te vinden is, gaat regelmatig naar races in het buitenland. Daarnaast ben ik supporter van landskampioen Feyenoord. En mijn zoon Wesley Dijkstra is speler van het eerste team van ’s-Gravendeel.’’ 

Hoe ben jij zo in de horeca verzeild geraakt?
,,Ik had al wat ervaring in de horeca, maar het is eigenlijk toevallig op mijn pad gekomen. In 2021 had ik een autoverhuurbedrijfje en kreeg toen de vraag hoe ik erin zou staan om Café Scheffers te gaan runnen. Ik kreeg een kans om te gaan doen waar ik echt wel zin in had. Door de coronaperiode die toen gold, hebben we met elkaar – het team van Scheffers en ik – alles goed op een rijtje kunnen zetten en voorbereiden zodat we een goede start hebben gemaakt. Vanaf dag één dat ik in de zaak sta, heb ik het enorm naar mijn zin.’’

Wat staat er de komende periode allemaal op het programma?
,,Met elkaar hebben we verschrikkelijk veel leuke ideeën, maar het is niet altijd mogelijk om die te realiseren. Ik ben ook betrokken bij Big Rivers en dat komt er binnenkort weer aan. Daarnaast hebben we medio juni onze Hollandse avond met een hoog Hazes-gehalte en houden we ook regelmatig een open podium. We doen er alles aan om de gezelligheid erin te houden.’’

Klik op DFC voor de laatste artikelen over de club.
Klik op DFC voor meer informatie over de club.

Jeugdplan helpt Herovina het voetbal levend te houden

Hoe een rivierdorp als Herwijnen met nog geen 3000 inwoners een voetbalclub in leven houdt? Wij gaan erover in gesprek met Kees de Fockert, de drijvende kracht achter de jeugdafdeling van Herovina.

HERWIJNEN – Sinds anderhalf jaar maakt De Fockert deel uit van het hoofdbestuur, met jeugdzaken in zijn portefeuille. Meteen is het jeugdbeleid bij Herovina gestructureerd. ,,Wij hebben ervoor gekozen om met coördinatoren te gaan werken om structuur in de jeugdopleiding te krijgen”, vertelt De Fockert. ,,Drijvende kracht daarachter is eerste-elftalspeler Marthijn Hobo. Hij is jaren betrokken geweest bij een voetbalschool. Met een select clubje hebben wij een specifiek beleidsplan jeugdvoetbal voor onze club Herovina geschreven. De coördinatoren ondersteunen nu vanaf de winterstop de trainers.”

En het heeft succes, want de jeugdafdeling groeit enorm. In aantallen zijn de teams, met name na corona, verdubbeld. Omdat er nu in een aantal leeftijdsgroepen meerdere teams zijn, kan er geselecteerd worden en gaat het niveau snel omhoog. De groei is verklaarbaar, want Herovina is naast Badminton Herwijnen, de enige sportvereniging in het relatief kleine dorp. Er wordt door Herovina veel georganiseerd. Vorige maand waren er nog de voetbaldagen voor de jeugd, waar zestig kinderen aan meededen. Daarnaast zijn er de tentenkampen. De grote slotdag en volgend seizoen ook de startdag. ,,Vanuit het hoofdbestuur worden voldoende middelen beschikbaar gesteld om leuke dingen te doen. Het FIFA-toernooi komt eraan. Het is ook mogelijk om met een team een externe activiteit te organiseren.”

Kleedkamersessies
,,Wij houden eveneens kleedkamersessies met de ouders, waarbij wij uitleggen hoe wij de voetbaltoekomst van de kinderen ontwikkelen’’, vervolgt De Fockert. ,,Wij leggen de gedragsregels uit en vertellen waar wij uiteindelijk naartoe willen. Ook vragen wij om betrokkenheid. Bij een kleine club als de onze zijn er nooit genoeg vrijwilligers. In de bovenbouw, vanaf JO12, willen wij graag gediplomeerde trainers neerzetten. Voor de onderbouw is het goed dat jonge trainers van binnen de club zich daarvoor inzetten. Onze eerdergenoemde coördinatoren zorgen dan voor begeleiding.”

Intern wordt met alles rekening gehouden. ,,Wij beschikken nu over twee JO10-teams. Het eerste team, onder leiding van Marthijn Hobo, speelt eerste klasse en dat is gewoon een goed niveau. Spelers van JO10-2 zijn later ingestroomd. Zij worden door ons bewust lager ingedeeld zodat ook zij plezier in het voetbal houden.”

De ontwikkeling van het Herovina-beleidsplan voor de jeugdafdeling wordt straks geëvalueerd en waar nodig verbeterd. ,,Onze veldtrainers/coaches moeten er uiteraard wel achter staan”, is De Fockert duidelijk. Er is al gesproken over de teamindelingen voor het volgend seizoen. ,,Dat is weer een uitdaging. Natuurlijk kijken wij welke kinderen bij elkaar in de klas zitten, maar als voetbalclub kijk je ook naar kwaliteit. Dat moet wel in evenwicht zijn.” Na het gesprek rent Kees de Fockert naar veld twee. Hij is naast speler in het Herovina 7×7-team ook trainer van JO8.

Klik voor meer informatie op Herovina.
Klik voor andere artikel van de club op Herovina.

‘Als die kinderen plezier hebben is het goed’

Actief in het jeugdbestuur, trainer van de kabouters en waar nodig achter de bar. Maar ook het materiaal, valt onder zijn beheer. Kortom, als er bij Wilhelmina’26 wat moet gebeuren, weten ze Goof van de Nieuwegiessen te vinden. “Als er iets te klussen is, kom ik helpen!”

De ballen of de kleding klaarleggen voor het weekend? Van de Nieuwegiessen doet het. Kaartjes verkopen in het kassahokje bij het eerste? Bel hem maar op! Bij Wilhelmina’26 kunnen ze letterlijk en figuurlijk niet zonder ‘m, maar andersom eigenlijk ook niet. “Ik woon op loopafstand van de club. De gezelligheid onder elkaar, ondertussen heb je zoveel vrienden gemaakt. Op zaterdag ben ik er van zeven uur ‘s ochtends, tot acht uur ‘s avonds. Leuk toch?”

Genieten
Bijna net zo leuk, als zijn eigen actieve voetbalcarrière. “Vanaf mijn achtste, tot mijn 42ste heb ik gevoetbald. Bij de selectie gestopt toen ik dertig was. Daarna nog tussen de veteranen.” Een toch wel bijzonder verhaal. “Ik ben vroeger begonnen als keeper, dat heb ik een jaar of drie gedaan, daarna heb ik gevoetbald tot mijn dertigste. En vervolgens? Ben ik weer gaan keepen!” Linksback, linkshalf of doelman, het maakte Van de Nieuwegiessen, die puur links was, allemaal niks uit. “Voetballen of op doel, ik vond het allebei net zo leuk.” Slechte knieën dwongen hem uiteindelijk een punt achter het avontuur te zetten.  Maar tijd om niks te doen, had de 57-jarige clubman daarna natuurlijk niet. “Of ik wat wilde doen, vroegen ze… Uiteindelijk ben ik er zo ingerold.” Een understatement. Want na bijna veertig jaar als jeugdleider bij de F én de E, en vier seizoenen als trainer van de kabouters, kun je dat gerust wel stellen. “Het is gewoon leuk om met kinderen om te gaan. Als die plezier hebben, dan is het goed hè?” En plezier, dat hebben ze. “We trainen natuurlijk heel speelsgewijs. Op doel schieten en doelpunten maken, dan zie je ze zomaar genieten. Fleuren ze helemaal op!” En hijzelf, natuurlijk ook. “Iedere zaterdagmorgen, van tien tot elf. Dan is het feest.”

Trots
Het is onderdeel van een inmiddels vast ritueel. “Als de mannen van één thuis spelen, zit ik eerst in het kassahokje, om kaartjes voor de entree te verkopen. Daarna ga ik kijken.” Spelen ze uit? “Dan blijf ik bij Wilhelmina, om andere teams op te vangen.” Of om even te blijven hangen, met de veteranen. “Op zaterdags doen we altijd gezellig een biertje.” Van de Nieuwegiessen geniet er, ook als hij praat over zijn gekregen lintje, nog altijd zichtbaar van. “De Parel van Altena! Dat is toch een mooie waardering vanuit de club? Daar ben ik echt trots op.” En trots, is de vrijwilliger in hart en nieren sowieso wel. Ook op de club. “Ik hoop dat we over drie jaar ons 100-jarig bestaan mogen vieren. Maar dat moet wel lukken.” Van heel die periode, maakte Van de Nieuwegiessen zelf, dus een flink deel mee. Hij heeft in die tijd vooral de mentaliteit, behoorlijk zien veranderen. “Veel makkelijker afzeggen. Dat is niet meer zoals twintig jaar geleden. Dan had je een team van dertien of veertien man, die er gewoon altijd waren.” Toch blijft hij alles voorlopig, of het nou achter de bar staan, spullen klaarzetten of training geven is, nog wel even met net zoveel passie doen. “Het is gewoon veel te leuk!”

Klik op Wilhelmina ’26 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Wilhelmina ’26 voor meer informatie over de club.

Boudzra is bij RBC de motor op het middenveld

Het was na alle uitgesproken ambitie en het halen van versterkingen in Roosendaal niet meer de vraag óf, maar meer wanneer RBC kampioen zou worden. Dit jaar lukte het dan toch in de tweede klasse, mede te danken aan een sterk debuutseizoen van Rhomar Boudzra. “Het is heel goed bevallen!”

Met een kampioenschap op zak, is dat op zijn zachtst gezegd een aardig gevoel voor understatement. De middenvelder die deze zomer overkwam van Rood Wit uit Sint Willebrord, kan terugkijken op een meer dan geslaagde kennismaking. “Je komt na de degradatie daar toch een beetje binnen als ‘niemand’. Dan moet je jezelf maar gaan bewijzen.” En dat is aardig gelukt. “Ik heb alles gespeeld en we zijn kampioen geworden, dus wat dat betreft is het geslaagd. In het begin is het kijken hoe en wat, je bent nieuw, maar ik denk dat ik tevreden kan zijn.”

Veel de bal
Spijt van zijn overstap, heeft de 28-jarige Boudzra, spelend met rugnummer vijf, dan ook absoluut niet. “De club wil graag hogerop, dat merkte je wel tijdens de gesprekken. Die ambitie sprak mij meteen aan.” Een groot verschil met vorig jaar, toch had hij weinig tijd nodig om écht te wennen. “Bij Rood Wit was het vooral hard werken en knokken voor de winst, RBC heeft voetballend veel meer kwaliteit. Hier ben je vaak beter dan de tegenstander en heb je zelf juist veel de bal.” En als je beter bent dan je tegenstander, dan word je kampioen. Zo simpel is het. Toch? “Met onze selectie moest je kampioen worden, maar dan moet je het ook nog ‘even’ doen. Dan is het extra mooi als het lukt.” Teamgenoot Jay-Jay Meierdres zei het eerder al in deze krant: “Je kunt alleen verliezen van jezelf.” Gelukkig voor Boudzra en RBC, deden ze dat dit seizoen maar weinig. “Na de wedstrijd tegen Antibarbari (een knotsgekke 4-3-overwinning in de laatste seconde), gingen we er nog meer in geloven. Het verschil werd toen negen punten, anders komt de druk er nog vol op. Nu waren we heel blij dat we toch nog wonnen.”

Concurrentie
En niet alleen voor zichzelf, vertelt hij. “We wilden dit seizoen hoe dan ook kampioen worden. Het bestuur, de club, al die mensen willen zó graag. Die druk voel je wel.” Al maakte dat de ontlading, ook net weer een beetje groter. “Ik heb er enorm van genoten, het was een goed feestje!” Een verdiend feestje, zo vindt Boudzra. “Het beste team, met het meeste voetballende vermogen. Antibarbari was ook goed, maar wij net iets beter.” En niet alleen voetballend. “Iedereen blijft, dat zegt veel over deze groep.” Om samen, volgend jaar, opnieuw bovenin mee te doen. “Daar kijk ik nu al naar uit. We moeten geloven in die titel én ook gewoon in de eerste klasse kampioen willen worden.” Met versterkingen als Jens en Sander Wirix en Moustafa Mohammad (allen van Baronie) zit het qua selectie in ieder geval weer prima in elkaar. “Meer concurrentie, dat is alleen maar goed. Uiteindelijk word je daar beter van.”

Genieten
Want goed, is bij RBC al lange tijd niet meer goed genoeg. Barstend van de ambities, kijkt ook Boudzra al vol vertrouwen verder vooruit. “Ik zou hier graag divisievoetbal willen spelen, daar wil ik mijn steentje aan bijdragen.” Als voetballende middenvelder ‘op zes’ dus. “Dit seizoen heb ik echt weer lekker gevoetbald. De bal vragen, het spelletje verleggen en zorgen voor de opbouw. Bepalend proberen te zijn.” Toch blijft de Bredanaar bescheiden. “Ik spreek zelf niet zo snel uit, dat ik het goed heb gedaan. Dat moeten anderen maar doen.” Al zeggen de mensen op de tribune, wat dat betreft genoeg. “De kampioenswedstrijd in het stadion, met 1400 man… Dat was wel heel bijzonder en mooi om te ervaren.” En als het aan hem ligt, was dat geen eenmalig iets. “Je merkt dat RBC steeds meer gaat leven, ook bij sponsoren. Het kampioenschap, betekende echt veel voor ze.” Maar bescheiden als Boudzra is, gelukkig ook voor hem. “Ik ben nu echt aan het genieten van het voetbal!”

Klik op RBC Roosendaal voor de laatste artikelen over de club.
Klik op RBC Roosendaal voor meer informatie over de club.

Mitchel Jansen had zich heel ander seizoen voorgesteld bij Tholense Boys

‘Sportief gezien is het een dramatisch jaar. Voor de club vanwege de resultaten in de competitie en ook voor mij persoonlijk vanwege die vervelende enkelblessure’, zegt Mitchel Jansen. De verdediger ligt er al sinds de voorbereiding uit en speelde daardoor nog geen enkele officiële minuut in het huidige seizoen.

“We speelden een wedstrijdje tegen het tweede elftal en ging vol door mijn enkel heen. Uiteindelijk had ik wel direct het gevoel dat het fout zat. Dat bleek ook wel, want in het verleden had ik al eens eerder een gescheurde enkelband gehad. Toch voelde deze nog anders en na een aantal onderzoeken bleek dat er vocht zit tussen het spronggewricht en dat beperkt me nog altijd bij het lopen en bewegen. Dus voorlopig zit voetballen er nog niet echt in jammer genoeg.”

Rechtstreeks degraderen is niet meer het risico, maar de kans dat de ambitieuze Tholense club via de nacompetitie het vege lijf als derdeklasser moet zien te redden is erg groot. “Het is gewoon een ongekend slecht jaar. Het loopt niet en het zit ook niet mee. Heel veel spelers zijn ook met blessures afwezig en dan wordt het toch lastig. Zelf heb ik nog geen minuut gespeeld en dat knaagt wel. Zeker omdat ik vorig seizoen twijfelde of ik nog zou doorgaan. De trainer vroeg me om nog één seizoen door te gaan bij het eerste. Ik heb toen ‘ja’ gezegd en als je dan een heel seizoen al met een blessure aan de kant staat….”

Bezoekjes aan de orthopeed, verschillende scans en onderzoeken en een fysiotraject. Tot op heden nog altijd zonder het gewenste resultaat. “Ik merk eigenlijk nog altijd niet heel veel verbetering en dat is frustrerend. Want voetbal is het allerleukste wat er is en je wilt graag helpen, maar helaas zal dat dit seizoen niet meer het geval zijn. Als ik weer ga voetballen dan zal dat naar alle waarschijnlijk wel bij een lager elftal zijn, want ik merkte sowieso dat de laatste paar jaar de kleine pijntjes als toenamen. En zowel bij het eerste als tweede elftal heb ik de nodige vrienden spelen dus in beide teams voel ik me prima thuis.”

Zich thuis voelen dat doet de 32-jarige Jansen zich bij de club overigens al heel lang. Op zijn vijftiende streek de rechtsbenige verdediger met zijn ouders vanuit Krimpen aan de IJssel neer op Tholen en voelde zich direct geaccepteerd. “Het is een warme en gezellige familieclub. Inmiddels ben ik wel al aardig ingeburgerd en ga hier zeker ook niet meer weg, daarvoor voel ik me hier al teveel vastgeroest haha.”

Vorig seizoen eindigde Jansen met zijn ploeg nog in de middenmoot en speelde hij alles, zij het soms op wisselende posities.

“Ik ben van origine een rechtsbenige verdediger, maar speelde waar dat nodig was voor het elftal. Altijd in een dienende rol en me vooral heel goed bewust wat ik als voetballer niét kan, dat probeerde ik zoveel mogelijk ook over te laten aan anderen. Nu zie je dat er wat ervaren jongens missen door blessures en het erg jong is wat op het veld staat. Die moeten ervaring gaan krijgen en dat gaat altijd beter in een goed draaiende ploeg. Lukt dat niet dan krijg je het lastig en dat zie je nu gebeuren jammer genoeg. Vanuit een lager elftal zijn nu onder andere de gebroeders Hopmans teruggekeerd om de jonkies te ondersteunen. Hopelijk weten we het alsnog te redden, want ik ben zeker van mening dat een club als Tholense Boys minimaal thuishoort in de derde klasse.”

Klik op Tholense Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Tholense Boys voor meer informatie over de club.

Onderscheiden Jan de Bruijn blijft actief voor zijn ‘cluppie’ Schelluinen

Jan de Bruijn, inmiddels 76 jaar, werd door zijn vader Leen al op zeer jong leeftijd meegenomen naar sportpark Scalune. Het zal 1952 zijn geweest toen hij voor het eerst tegen een bal trapte. Voor Schelluinen-begrippen werd hij een prima speler en hij zou zijn deskundigheid daarna bij veel clubs als trainer overdragen.

SCHELLUINEN – Later werd De Bruijn, oud-voorzitter, een onmisbaar bestuurder bij zijn Schelluinen en nu nog is hij bijna dagelijks op het sportcomplex. Schelluinen is met ruim 1300 inwoners een van de kleinste kernen in de regio. ,,Daarom is het extra knap dat wij ons cluppie, dat door mijn opa Jan-Willem de Bruijn is opgericht, al ruim 77 jaar overeind houden. Het 75-jarig jubileum moeten wij vanwege corona nog vieren. De vereniging blijft klein. Het is elk jaar puzzelen, hoor. Gelukkig spelen wij dit seizoen de competitie met drie elftallen uit. Daarnaast hebben wij vijf jeugdteams in competitie.”

De Bruijn – hij is bij Schelluinen erevoorzitter en lid van verdienste – is vol lof over de nieuwe gemeente Molenlanden. ,,Ons mooie sportcomplex wordt verder gerenoveerd. Op dit moment ligt het tweede veld eruit en krijgt een nieuwe toplaag. Er komen nieuwe doelen en dug-outs. Volgend jaar is het trainingsveld aan de beurt, een jaar later volgt het hoofdveld.” Schelluinen heeft de ‘gouden pot’, ooit ontvangen van de voormalige gemeente Giessenlanden, nooit aangesproken. ,,Wij zijn daarom een kerngezonde club.”

Werkploeg
Doordeweeks maakt De Bruijn nog altijd deel uit van de werkploeg, die uit zes personen bestaat. ,,Op zaterdag ga ik bij mijn kleinkinderen kijken. Daarnaast speel ik nog mijn wekelijkse partijtje biljart.” Hij is uiteraard kleinzoon Frenkie de Jong niet uit het oog verloren. Onlangs was De Bruijn nog in Camp Nou voor de huldiging van Barcelona na het behalen van het kampioenschap van Spanje.

Natuurlijk houdt Jan de Bruijn het eerste elftal nauwlettend in de gaten. Na het pijnlijke verlies in de derby tegen GJS, moest de ploeg weer naar beneden kijken en was nog niet bekend of Schelluinen nacompetitie ging spelen. Schelluinen krijgt er komend seizoen met spits Nick Linnenbank (GVV’63), Jens van Baaren (Pelikaan), Emre Gulpinar (Heukelum), doelman Nick den Haan (Kozakken Boys) en Adem Kahraman (SVW) flink wat spelers bij. De ervaren Marcel van Steenis wordt de opvolger van trainer Richard van Gils. Bij Schelluinen staat de vierde generatie De Bruijn al klaar. Oud-speler Léon de Bruijn is nu assistent-trainer.

Onderscheiding
Uiteraard verdiende Jan de Bruijn voor al zijn werk voor de samenleving een koninklijke onderscheiding. Eind april is hij benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. Al jaren is hij vrijwilliger bij voetbalvereniging Schelluinen in verschillende functies. Hij was wedstrijdsecretaris en voorzitter en helpt nu als vrijwilliger bij het onderhoud, de kaartverkoop, bedient het scorebord tijdens wedstrijden, is gastheer, verslaggever voor de radio en ombudsman voor de club. Ook was hij voorzitter van Biljartvereniging Schelluinen en was de drijvende kracht als contactpersoon richting de gemeente en de KNBB. En dan wordt niet eens zijn inzet voor zijn kleinzoon Frenkie benoemd. Jarenlang bracht hij de huidige topspeler van Barcelona en het Nederlands elftal naar de trainingen bij Willem II.

Klik hier voor meer artikelen over VV Schelluinen.
Klik hier voor meer informatie over VV Schelluinen.

Colijn droomt stiekem nog altijd van meer

Lange tijd stond het onderin dichtbij elkaar. Maar zich echt zorgen maken om nacompetitie voor degradatie, deden ze bij Wilhelmina’26 dit seizoen eigenlijk niet. En dus hebben Willian Colijn en zijn ploeggenoten het abonnement op de tweede klasse weer met een jaartje verlengd. “Over het algemeen hadden we wel vertrouwen dat we het gingen halen.”

En dat is volgens de 30-jarige Colijn naar eigen zeggen maar goed ook. “Ik ben eigenlijk wel een beetje toe aan vakantie. Even rust, dan kunnen we weer!” Voordat het zo ver is, is het natuurlijk eerst tijd om terug te kijken. Op een toch degelijk seizoen. “In het begin waren we nog even bang dat het écht pittig zou worden. Toen hebben we te veel potjes weggegeven. Maar daarna werden we steeds stabieler.” En dus blijft de Waalwijker toch een klein beetje met een dubbel gevoel achter. “Uiteindelijk zijn we wel tevreden, toch hadden we misschien gehoopt op meer. Stiekem ergens een periode bijvoorbeeld.”

Eigen ding

Al is Colijn tegelijkertijd ook realistisch. “Veel andere ploegen in onze competitie, hebben meer te bieden dan wij. Wat dat betreft hebben we het gewoon goed gedaan.” Helemaal als je kijkt naar de vooraf gestelde doelstelling. “Wegblijven van die onderste plekken, veilig spelen en dan kijken naar meer. Dan had die periodetitel leuk geweest, dat was een beetje ons doel.” Dat laatste is dus niet gelukt, toch is Colijn allesbehalve ontevreden. “Ons samenspel en daarin dingen voor elkaar over hebben, is enorm gegroeid. Gedurende het seizoen werden we ook steeds fitter, dat heeft zeker meegespeeld.” Want, zo denkt hij. “Als iedereen fit is, wordt de concurrentie groter. Vanaf dat moment begon het te lopen.” Nadat ze bij Wilhelmina’26 eerst toch wel wat zoekende waren. “Wat past ons nou het beste? We wilden ons eigen spel spelen, voetballen van achteruit, en niet te veel aanpassen. Uiteindelijk vonden we daar een modus in.” Wat die was? Colijn legt het uit. “Afhankelijk van hoe het liep, konden we schakelen tussen 4-3-3 en 4-4-2, maar wel door ons eigen ding te blijven doen.” Onder leiding van Ömer Kaya dus. “Hij maakt niet alleen spelers beter, maar brengt ook sfeer in de groep. Dat is, zeker bij ons, wel een belangrijk dingetje.” Misschien ook wel meteen de reden dat Colijn er na al die jaren, nog altijd speelt. “Ik was een jaar of vijf, toen ik begon. Altijd hier gespeeld, op een uitstapje naar SV Capelle in 2017 na…” Dat avontuur was dan ook van korte duur. “Na één seizoen was ik weer terug in Wijk en Aalburg, miste het toch een beetje.”

Nieuwe positie

Desondanks, heeft de routinier geen spijt van zijn overstap toentertijd richting Sprang-Capelle. “Bij Wilhelmina sukkelde ik een tijdje tussen één en twee in, toen verloor ik het plezier. Dat was ik beu. Mijn ooms zaten bij Capelle en daar kreeg ik die kans in het eerste wel.” Plezier teruggevonden, missie geslaagd. Toch keerde hij dus alweer snel terug op bekend terrein. “Het is bij Wilhelmina gezelliger, dan bij menig club. Dat durf ik wel te zeggen.” Vooral ook buiten het veld. “De saamhorigheid, de sfeer en natuurlijk veel vrienden bij elkaar. De mensen zijn hier echt geïnteresseerd in je, ook over andere dingen dan de voetbal.” Al blijft dat onderwerp, stiekem natuurlijk altijd nog wel het leukste. Bijvoorbeeld om het te hebben over zijn nieuwe positie. “Eerst was ik altijd ‘back’, sinds dit seizoen sta ik vast centraal achterin.” En dat bevalt hem eigenlijk beter dan verwacht. “Het is wat eenvoudiger. Als het voetballend niet lukt, kun je in ieder geval je tegenstander gewoon uitschakelen.” Zijn sterke punten? “Voorop in de strijd, duels winnen én durven te voetballen.” Kwaliteiten die ze ook komend seizoen bij Wilhelmina maar wat goed kunnen gebruiken. “Hopelijk kunnen we het dan nog net iets beter doen dan die achtste plek.” Want aan ambitie bij Colijn geen gebrek. “Als er ooit nog eens een kans komt om hogerop te gaan, zou ik daar wel voor openstaan. Ik ben nog altijd zó fanatiek, dat ik wil gaan voor het hoogst haalbare. Maar je moet ook realistisch zijn, ik heb natuurlijk niet meer het eeuwige leven. Als het niet komt, zit ik ook helemaal prima hier!”

Klik op Wilhelmina ’26 voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Wilhelmina ’26 voor meer informatie over de club.

Jojo-jaar eindigt in terugval naar vierde klasse voor RKSV RCD

,,Ik ga pas huilen als het echt gebeurd is’’, liet trainer John de Wit optekenen na de 4-2 nederlaag bij stadgenoot Dubbeldam waardoor ‘zijn’ RCD nog dieper het degradatiemoeras in de derde klasse B in werd getrokken. Een week later ging de ‘Racing Club’, dankzij de 4-1 thuisnederlaag tegen DIA definitief kopje onder en was de degradatie naar de vierde klasse een feit.

DORDRECHT – ,,Het is overwegend jong en daardoor wisselvallig’’, had De Wit zich gedurende het seizoen al regelmatig laten ontvallen en dat bleek bij de eindafrekening één van de doorslaggevende waarden. In de spannende degradatiestrijd zat RCD in een jojo-jaar, waarin goede wedstrijden werden afgewisseld met zure nederlagen en het degradatiespook daardoor nooit ver van het terrein aan de Reeweg-Oost verwijderd was, uiteindelijk aan de verkeerde kant van de streep en zakte het samen met buurman FC Dordrecht amateurs een trede op de voetballadder.

RCD beleefde derhalve een enerverend seizoen, waarin opmerkelijke zaken gebeurden. Zo werd de 3-1 zege op broeder in nood en dus uiteindelijk lotgenoot FC Dordrecht (amateurs) behaald met een markante verschijning tussen de palen.  Omdat RCD’s vaste doelman Gianni van Buuringen moest in de stadsderbyverstek moest laten gaan, nadat hij in de dagen voorafgaande aan de stads- en sportparkderby een ongeval had gehad. Hij hield aan de klap klachten aan de rug over, waardoor het raadzaam was om niet in actie te komen in die ontmoeting en de krachten te sparen voor het uitspelen van het restant bij een andere stadgenoot, GSC/ODS.

‘Opa’
In de zoektocht naar een vervanger voor Van Buuringen moest RCD het oog laten vallen op de lagere teams.. Daardoor belandde uiteindelijk de 50-jarige veteraan Edward Schrijver in het doel van de ‘Racing Club’. Opmerkelijke statistiek: Schrijver was dus ouder dan RCD’s gewaardeerde krachten Leon Vroon en Wesley Schrauwen, bouwjaren respectievelijk 1999 en 2000, samen. ,,Behalve een pupil van de week hadden we vandaag dus ook een opa van de week’’, kon Schrijver na de gewonnen derby wel de lol inzien van zijn bijdrage aan de toen nog broodnodige overwinning van de brigade van John de Wit.

Met een paar prima ingrepen had de geroutineerde doelman Edward Schrijver een vooraanstaande  bijdrage aan de triomf van zijn club die daardoor weer even (ijdele) hoop op handhaving kreeg. Als back-up had De Wit ervoor gekozen om vleugelverdediger Nathan Heuser, die met een lichte blessure kampte ten tijde van de derby, als eventuele stand-in voor de keeper in de dug-out te laten plaatsnemen. De inzet van Heuser, die wel al wat keeperservaring had, bleek echter niet noodzakelijk.

Afkoelingsperiode
Maar er gebeurden meer opmerkelijke zaken tijdens het tweede deel van het seizoen. Zo werd de derby bij Dubbeldam onderbroken doordat de hond van speler Storm Peters opeens binnen de lijnen verscheen. Ploeggenoot Ralph Amperse bleek echter goed met de viervoeter op te kunnen schieten en zorgde ervoor dat het dier weer buiten de afrastering plaatsnam om zich bij zijn geschorste baasje te voegen.

En het duel tussen GSC/ODS en RCD moest uiteindelijk zonder publiek worden afgewerkt.
Althans, het restant van ruim een helft want bij de eerste poging eindigde de confrontatie na veertig minuten toen arbiter Wilco Visser na een afkoelingsperiode besloot om de wedstrijd definitief te staken. De aanleiding was een opstootje dat ontstond toen RCD-captain Oktay Karaca een doelpoging ondernam, waarbij hij tegenstander Marlon Kramer ongelukkig in het gezicht raakte. Kramer bleef liggen, zijn ploeggenoten wachtten op het fluitsignaal van Visser dat niet zou volgen en waarna RCD een goede kans kreeg om te scoren. De ophef die vervolgens ontstond, bleek niet meer controleerbaar voor de leidsman die liet inrukken. Zonder publiek werd de wedstrijd uiteindelijk toch uitgespeeld en werden twee treffers van Ismaïl Yildirim het bezoekende RCD fataal. De 2-1 nederlaag betekende dat het derdeklasserschap verder onder druk kwam te staan.

De afglijdende tendens kon vervolgens niet meer gekeerd worden: RCD slaagde er zelfs niet meer in om naar een nacompetitieplek te klimmen en moet volgend seizoen een niveautje lager gaan acteren. En dat deed spelers en trainer John de Wit zeer, heel zeer.

Klik hier voor meer informatie over RCD
Klik hier voor meer artikelen over RCD

Voor Van Biesen is het mooi geweest

Een moeilijke beslissing en één waar hij toch wel even over na moest denken. Maar na een tijdje wikken en wegen, hakte Wesley van Biesen rond de winterstop toch de knoop door. En dus is de doelman van vierdeklasser Dussense Boys, klaar voor zijn voetbalpensioen. “Het is een keer mooi geweest.”

Waarom stoppen? Het is waarschijnlijk de meest gestelde vraag, in de afgelopen maanden. En dus heeft de 30-jarige Van Biesen zijn antwoord inmiddels wel klaar. “Je wordt ouder, er is een kleine op komst en mijn vriendin werkt in de zorg. Dan is het ook lekker om een keer samen vrij te zijn.” Klinkt logisch en simpel, maar dat was het absoluut niet, vertelt hij. Want eenmaal de knoop doorgehakt, begon de inwoner van Dussen toch weer te twijfelen. “Iets daarna werd duidelijk dat Antoine Hoevenaren weer terugkwam, met hem zijn we toch kampioen geworden…”

Geen verplichting
Maar uiteindelijk bleken de minnetjes, toch groter dan de plusjes. “Als je jong bent, is het allemaal leuk. Daarna krijg je een baan, een eigen huis en heb je ‘s avonds minder tijd. En ook minder zin, om weer te gaan trainen.” Helemaal na zeven jaar in het eerste. “Ik ben hier in de F’jes begonnen, dus eigenlijk weet ik ook niet beter.” Genoten van mooie seizoenen, het kampioenschap voor promotie richting de vierde klasse en de nodige gestopte penalty’s in de derby’s met Be Ready, is Van Biesen voldaan. “Of ik het ga missen? Dat weet ik wel zeker! Maar aan de andere kant: het is straks geen verplichting meer. Dat is het vooral. In een lager elftal, móet je niet meer.” Al is dat laatste, nog maar de vraag. “Misschien ga ik dat doen, daar ben ik nog niet over uit.” Waar hij wel over uit is, is zijn liefde voor de vereniging. “Gewoon het eigen, dat dorpse gevoel. Alles is met eigen mensen, met Dussense jongens. Dat maakt het voor mij een heel mooie club.” Extra zonde is het daarom, dat het dit seizoen zo moeizaam draait. Want met een achtste plek, en dus nacompetitie, moeten ze nog altijd vrezen voor degradatie. “De jaren hiervoor, ging het veel beter. Konden we nog azen op periodetitels.” Dat is dan ook precies hetgeen, hij het meeste mist op zijn lijstje. “Dat had ik nog wel een keer mee willen maken, een periode. Tijdens corona stonden we bovenaan, moest er nog een wedstrijd voor vier minuten worden uitgespeeld, dan hadden we hem gehad. Maar dat duel is nooit meer gespeeld…”

Niet nadenken
Van een opwaartse lijn, toch wel even in een neerwaartse spiraal. Van Biesen weet wel hoe het komt. “Anders ingedeeld. In een competitie met zwaardere tegenstanders. Als je dan ook nog te maken krijgt met blessures en schorsingen, ben je niet vaak compleet. Het is eigenlijk een samenhang van die factoren.” Ook het geluk, hadden ze bij Dussense Boys niet echt mee. “Anders had het misschien heel anders gelopen.” Dat deed het dus, ondanks de wat betere resultaten op het einde, uiteindelijk niet. Tot teleurstelling ook van hem. “We hebben als team te veel doelpunten tegen gekregen. Wanneer ik tevreden ben? Als we erin blijven. Dan kan ik het pas goed afsluiten, anders zou het wel een heel zuur einde zijn.” De aanvoerder van de laatste maanden doet er zelf, in ieder geval alles aan. “Ik ben een degelijke keeper, geen uitblinker, maar gewoon niet nadenken en je ding doen.” Misschien wel precies, wat ze in slotfase van de nacompetitie allemaal zouden moeten doen. “We gaan het met vertrouwen tegemoet. En ik vind, als je naar ons complex kijkt, dat straalt vierde klasse uit. Zo’n club hoort niet in de vijfde klasse.” Genoeg motivatie, zou je zeggen. Toch is er één klein dingetje. Een best belangrijk dingetje. “Mijn vriendin staat op het punt van bevallen, dus het zou kunnen dat ik de wedstrijd moet missen…” Mede daarom, begint Van Biesen maar alvast aan zijn dankwoord. Voor keeperstrainer Dian de Ronde in het bijzonder. “Van hem heb ik het meeste geleerd!”

Klik op Dussense Boys voor de laatste artikelen over de club.
Klik op Dussense Boys voor meer informatie over de club.

Solange de Smit, de succesvolle aanvoerster van Kloetinge

Vandaag gaan we in gesprek met Solange de Smit, een getalenteerde speelster en aanvoerster van het vrouwenteam van Kloetinge. Op 29-jarige leeftijd heeft Solange een indrukwekkend voetbalverleden en een grote rol gespeeld in het recente succes van Kloetinge. We bespreken haar carrièreverloop, hoogtepunten en verwachtingen voor het komende seizoen.

Solange begon op jonge leeftijd met voetballen bij v.v. Goes, waar ze tussen de jongens speelde. Op haar negende werd ze gekroond tot Nederlands kampioene Panna Knock-out, wat haar eerste grote succes was. Daarnaast speelde ze ook bij district zuid 1, waar ze onder andere samen met Jackie Groenen speelde. Na haar periode bij Goes maakte Solange de overstap naar Oostkapelle en later naar KAA Gent Ladies. Ze maakte haar debuut in de Eredivisie met Excelsior Vrouwen. Na de geboorte van haar kind speelde ze even bij Ijzendijke, waarna ze in het seizoen 2021-2022 haar debuut maakte voor Kloetinge Vrouwen 1.

Solange speelt op de nummer 10 positie en heeft ook een belangrijke rol bij het genereren van leuke content voor de social media kanalen van het team. Ze draagt bij aan de promotie van het vrouwenvoetbal en het vergroten van de bekendheid van Kloetinge.

Het behalen van het kampioenschap betekent veel voor Solange en het team. Toen ze bij Kloetinge kwam, speelde het vrouwenteam nog in de middenmoot van de vierde klasse. Ze spraken ambitieuze doelstellingen uit en werkten samen om deze te realiseren. Het feit dat ze nu al twee jaar op rij kampioen zijn geworden, is fantastisch. Dit jaar wonnen ze ook de beker, waarmee ze de dubbel pakten en hun serieuze plannen en kwaliteit bewezen.

De beslissende wedstrijd voor het kampioenschap was spannend, maar uiteindelijk won Kloetinge met overtuigende cijfers van 8-0. De bekerfinale was ook een memorabel moment, waarbij ze met 2-0 wonnen na een spannende strijd. Solange genoot van de ambiance en het meereizen van de supporters.

Er waren uitdagingen tijdens het seizoen, zoals een rode kaart in de halve finale van de beker, waarbij ze met 10 man verder moesten. Desondanks wisten ze door strijdlust en teamgeest te overwinnen en de overwinning te behalen. Tijdens de kampioenswedstrijd liep de tegenstander van het veld zonder geldige reden, maar uiteindelijk werden ze op eigen kracht kampioen.

Het kampioenschap heeft Solange en het team gevormd. Ze hebben een jong en getalenteerd team, en door tegen ervaren ploegen te spelen, zijn ze snel volwassen geworden in hun spel. Het omgaan met tegenslagen en het versterken van de teamband heeft hen hechter gemaakt.

Solange geeft graag advies aan andere spelers of teams die streven naar het behalen van een kampioenschap. Ze benadrukt dat succes niet vanzelf komt, en adviseert om elke training en wedstrijd alles te geven, goed naar je lichaam te luisteren, voldoende rust te nemen en op voeding te letten. Werk samen als team en blijf geloven in jezelf.

Het kampioenschap werd uitbundig gevierd door het team. Ze gingen naar de kantine, waar ze samen met het herenteam van Kloetinge 5 een groot feest hadden. Later bezochten ze het Oranjeboom Festival, waar ze gratis toegang kregen en het succes nogmaals vierden. Ook werden ze gehuldigd op het Wesselopark, samen met andere kampioenen.

Voor het komende seizoen heeft het team opnieuw de ambitie om kampioen te worden in de tweede klasse. Met vier versterkingen en het vertrouwen dat ze kunnen winnen van hoger geklasseerde teams, geloven ze dat dit een realistisch doel is. Ze willen opnieuw de beker winnen en het vrouwenvoetbal in Zeeland op de kaart zetten. Het streven is om te promoveren naar de Topklasse.

We wensen Solange de Smit en het team van Kloetinge veel succes in het komende seizoen en blijven hun prestaties met interesse volgen.

Klik hier voor meer artikelen over VV Kloetinge
Klik hier voor meer informatie over VV Kloetinge

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang nu ook maandelijkse het laatste nieuws uit het amateurvoetbal in jouw regio.